Beperken van de greep van multinationale ondernemingen op de landbouw.
Ook landbouw en voedselproductie ontsnappen niet aan toenemende concentratie en degroeiende greep van de handel in productiemiddelen (zaden, pesticiden, krediet, …), van detussenhandel, de verwerkende industrie en de grootdistributie. Deze trend gaat gepaard meteen toenemende industrialisering en verticale integratie van de landbouw, exportgerichtelandbouwproductie en de teloorgang van kleine autonome bedrijven. Hij wordt versterktdoor nieuwe technologieën en eraan verbonden intellectuele eigendomsrechten. Dezegroeiende industrialisering hee bovendien belangrijke sociale en ecologische gevolgen.Diverse maatregelen zijn nodig, enerzijds om de macht van multinationals te beperkenen anderzijds om de positie van de landbouwers te versterken: anti-trustmaatregelen, eengrotere transparantie en aansprakelijkheid van bedrijven, een verbod op octrooien oplevende organismen en hun onderdelen (inclusie zaden), het versterken van boeren- enboerinnencoöperaties en het ondersteunen van de directe verkoop aan de consument.
2. Een rechtvaardig en solidair landbouwbeleid
Voorrang aan
lokale en regionale markten
om het recht op voedsel veilig te stellen. Eenagro-ecologisch model van landbouw moet in de eerste plaats gericht zijn op ondersteuning van lokale en regionale markten. Dit moet ook borg staan voor kwaliteitsvolle producten.We pleiten voor een bescherming van de lokale en regionale markten, en niet enkel voor deEuropese regio. Alle regio’s dienen het recht te krijgen om hun lokale en regionale markten tebeschermen tegen goedkope import, in de eerste plaats ontwikkelingslanden.Maatregelen die
lonende en stabiele prijzen
voor de producenten garanderen;maatregelen ter ondersteuning van duurzame productie, ook in gemarginaliseerde zones.In ontwikkelingslanden is het landbouwinkomen cruciaal voor het waarborgen van voedselzekerheid. Marktreguleringsinstrumenten kunnen ingezet worden om deze prijzenzowel op de lokale en regionale markten als op de internationale markten te stabiliseren.
Markten beschermen
tegen de import van voedselproducten aan lage prijzen.Tegenover de marktbescherming bestaat de noodzaak om
dumpingpraktijken stop tezetten.
Dumping kan te maken hebben met subsidies, maar net zo goed met de verkoop van ondermaatse producten o (delen van) producten die binnenlands minder gegeerd zijn;o met agressieve technieken om markten te veroveren, en soms ook met voedselhulp. Hetsubsidiëren van de landbouw hoe op zich voor derde landen geen probleem te zijn. Maardirecte steun aan de export (via subsidies, kredieten, enz) en het exporteren van producten diedankzij directe o indirecte subsidies, onder kostprijs kunnen aangeboden worden, kunneneconomische schade berokkenen aan derden. Dit dient tegengegaan te worden.
B. Een ecologisch duurzaam landbouwbeleid
Een duurzaam landbouwmodel houdt rekening met de draagkracht van het milieu. Milieudiensten zoalsbodemvruchtbaarheid, biodiversiteit en zuiver water zijn essentieel voor een productieve en duurzamelandbouw en moeten dus prioritair beschermd worden. Het Europese landbouwbeleid dient daartoe volgende doelstellingen na te streven.
Behoud en verbetering van milieukwaliteit.
Intensicatie en opschaling hebben geleid totaname van de bodemvruchtbaarheid, vervuiling door meststoen en pesticiden, watertekorten broeikasgasemissies. In de hele sector moeten deze negatieve eecten teruggedrongen en waarmogelijk omgeeerd worden.
Naar een duurzaam
Europees landbouwbeleid
Memorandum van de landbouw werkgroep van het Vlaams Overleg Duurzame Ontwikkeling (VODO)
Leave a Comment