• Embed Doc
  • Readcast
  • Collections
  • CommentGo Back
Download
 
CM YK
LDN202LDN
C
C
Y
Y
A
A
A
A
N
N
M
M
A
A
G
G
E
E
N
N
T
T
A
A
Y
Y
E
E
L
L
L
L
O
O
W
W
B
B
L
L
A
A
C
C
K
K
L
L
D
D
N
N
2
2
0
0
2
2
í
DINSDAG 15 AUGUSTUS 2006 REDACTIE@LEIDSCHDAGBLAD.NL
Regio
LDN202
SCHRIJVENDE LEZERS
’En God zag dat het goed was’Toen zei God: ’Het water moet volleven zijn, laat het krioelen van die-ren! En boven de aarde, langs de he-melkoepel, moeten vogels vliegen’.God schiep de grote zeedieren en al-les wat er maar in het water leeft:het krioelde van de dieren. Ookschiep hij de vogels. En God zag hoemooi het was. God gaf hun zijn ze- gen en zei: ’Breng veel jongen voort,laat het van de zee vol leven zijn enhet land vol vogels’. Het werd avonden het werd ochtend, de vijfde dag was voorbij.Genesis 1: 20-23.
Flippo en Bleijie keken na dewanhopige telefoontjes van kla-gende meeuwenhaters eersteens even op de kalender in defractiekamer en toen naar el-kaar. De verkiezingen komen erweer aan en we hebben watgoed te maken in Leiden. Danroepen we maar dat de meeu-wen dood moeten, zullen zehebben gedacht.Bovendien was de meeuwtoch als verstekeling bij Noachaan boord geslopen.En CDA, komen hierna dekraaien aan de beurt, of de kat-ten? Of toch de bromfietsers dieeen boel herrie maken en men-sen ’s nachts wakker houden?Hou toch op en ga er eersteens voor zorgen dat de vuilnis-zakken in een behoorlijke bakworden aangeboden, voordat jullie gaan aanzetten tot hetvermoorden van deze prachtigebeesten.En ik zie dat het nog langniet goed is.
HARRE VAN DER NAT, VOORSCHOTEN.
Een zilvermeeuw boven Leiden.
FOTO FRANS ROOMER
 Wie zijn na meeuwen aande beurt, de bromfietsers?
ANNO 1956, woensdag 15 augustusLEIDEN - Zes glaasjes citroenjenever had een koopman uit Lei-den in Den Haag bij zijn jarige dochter gedronken. Hij was toenper trein naar huis gegaan. In Leiden aangekomen was hij echternog niet erg helder, want per fiets was hij zigzaggend over deSteenstraat gereden tot hij werd aangehouden. ,,Ik dacht dat hetnog wel kon. Het was koud en ik was aangeslagen", zei hij voor deHaagse Politierechter. Hij had nog een blanco strafregister. De Offi-cier van Justitie had het idee, dat het niet veel meer zou voorkomenen vorderde f. 30,- boete of 15 dagen. Het werd tenslotte f. 10,- boeteof vijf dagen.
ANNO 1981, zaterdag 15 augustusZOETERWOUDE - Onder grote belangstelling is gisteravond het eerstegedeelte van het Zoeterwouds wielerkampioenschap verreden. 73Renners namen deel aan een tijdrit van 11,5 kilometer. Piet van Teylin-gen eindigde bij de heren als eerste in 16.43 minuten, gevolgd door Pe-ter Berg in 16.55 minuten Kees Janmaat in 16.58 minuten. Bij de dameswerd Marian de Jong eerste in 20.31 minuten. Nel Vink tweede in 20.34minuten en Anneke de Jong derde in 20.35 minuten.
FOTO ARCHIEF LEIDSCH DAGBLAD
UIT DE ARCHIEVEN 
In het Leidsch Dagblad van za-teradg 12 augustus stonden eenpaar artikelen over de ’meeu-wenplaag’ in Leiden. Leiden isin last. Het is bijna onmogelijkde stad te verlossen (te ontzet-ten) van meeuwen.De maatregelen die de laatste jaren zijn uitgevoerd haddenslecht een marginaal effect.Daarom klinkt nu de oproepom de meeuwen te doden onderanderen door CDA-politici.Het afschieten van meeuwenbiedt echter geen oplossingvoor het probleem. In de omge-ving van Leiden is een hele gro-te meeuwenpopulatie, dat zijnhoofdzakelijk mantelmeeuwenen zilvermeeuwen. Als er in Lei-den vogels worden afgeschotenzullen andere uit de omgevinghun plaats innemen. ’Op de be-grafenis van één afgeschoten vo-gel komen als het ware tien an-dere’.De meeuwen staan volgens deflora- en faunawet op de lijstvan beschermde vogels. Ik ver-wacht niet dat de gemeente veelkans heeft op een ontheffingvan die wet. In Nederland gaathet helemaal niet goed met dezilvermeeuwen en het aantalgaat zelfs achteruit. Hoe lastigook, uit een oogpunt van be-scherming moeten we mis-schien zelfs blij zijn met deLeidse populatie.Het enige wat iets helpt is tezorgen dat de meeuwen in destad niet worden gevoerd. He-laas is ook dat slechts een mar-ginale oplossing van het pro-bleem. Vaak halen de vogelshun voer op grote afstand vanhun nestelplaats. Daarnaast kanmen zorgen dat er geen plaats isom een nest te bouwen. Duskan men draden spannen opplatte daken of andere voorzie-ningen aanleggen. Ook kanmen zorgen dat alle nieuwe ge-bouwen geen platte daken meerhebben. Over dat laatste puntheeft er in april al een ingezon-den stuk van mijn hand in hetLeidsch Dagblad gestaan. Ikraad daarom de CDA-politiciaan om met name dat puntmaar naar voren te halen als zijde bestrijding van meeuwen inde stad willen aanpakken. Op jacht gaan met het geweer heeftgeen enkele zin.
RINNY E. KOOI,LEIDEN.
Meeuwen doden mag nietmaar heeft ook geen zin
De laatste ritten op de Haarlem-mermeerlijn, tijdens de jaarwis-seling van 1935 op 1936, gingenvrij stilletjes voorbij. In een en-kele plaats, zoals Alphen aanden Rijn, was er een burgemees-ter langs gekomen om afscheidte nemen van ’Bello’, zoals hetboemeltje in de volksmondheette. Maar in veel andereplaatsen vertrok de laatste treinzonder veel plichtplegingen. Erspeelden geen muziekkorpsenen er waren geen afscheidsre-des. Als er al volk naar de per-rons waren gekomen, waren hetoud- en nieuwvierders die nogsnel een van de laatste trein-kaartjes probeerden te bemach-tigen; als aandenken. De trei-nen bleven die avond echterleeg. De conducteur was vaak deenige passagier. De Haarlem-mermeerlijnen verdwenen ze-ventig jaar geleden roemloos,als een schim in de nacht.Dit spoornet is eigenlijk eenhopeloze financiële mislukkinggeweest. Vrijwel vanaf de aller-eerste rit in 1912, moet de be-heerder, Hollandsche Electri-sche Spoorweg Maatschappij(HESM), er geld op toeleggen.De reizigersaantallen blijvenveel te laag, terwijl de kosten jaar in, jaar uit de pan uitrijzen.Het stuk tussen Hoofddorp enLeiden vestigt in zijn nadagennog het twijfelachtige recordom de meest verliesgevende lijnvan Europa te zijn. De grootsteprestatie van het spoornet ismisschien wel dat het het nog23 jaar heeft uitgehouden.En de behoefte aan een spoor-lijn tussen Amsterdam en Lei-den, dwars door de Haarlem-mermeer, leek nog wel zo groot.Al in 1844, vijf jaar nadat de eer-ste trein door Nederland rijdten op een moment dat de plasnog moet worden drooggema-len, komt er een plan op tafelvoor een rechtstreekse verbin-ding tussen de beide steden. DeSchiphollijn avant la lettre, opeen moment dat Schiphol nogeen punt was waar schepen ver-gingen. Na de droogmaking, alsde polder een nagenoeg onbe-reikbaar oord blijkt, met veel tedrassige en veel te smalle we-gen, lanceert de Haarlemmer-meerse burgemeester Amers-foordt een nieuw plan. Hij wildirecte verbindingen tussenAmsterdam en Leiden langsHoofddorp en Nieuw-Vennep.Het plan lijkt in 1864 veel kanste maken, het krijgt zelfs steunvan de koning, maar het wordtdoor de minister van binnen-landse zaken om onduidelijkeredenen het moeras ingewerkt.Vijfentwintig jaar later, rond1889, komt de spoorlijn op-nieuw om de hoek kijken. DeHollandsche Electrische Spoor-weg Maatschappij wil de grote,witte vlek op de kaart tussenAmsterdam, Haarlem, Leidenen Utrecht opvullen met eenwijdvertakt net. Hoewel dat inde jaren ’90 van de negentiendeeeuw al min of meer zijn defini-tieve vorm krijgt, kan het dooreen lange reeks moeilijkhedenpas rond 1912 worden geopend.Zelfs dan is een belangrijk deelvan de lijnen nog niet klaar. Hetduurt nog eens drie jaar voordathet hele net is aangelegd.De naam van dit spinnenwebaan treinverbindingen is Haar-lemmermeerlijnen, hoewel zever buiten de polder uitwaai-eren. Het spoor gaat naar Haar-lem, maar heeft ook uitlopersnaar Alphen aan den Rijn, TerAar, en zelfs Vinkeveen en Nieu-wersluis. Er rijden louterstoomtreinen, hoewel de naamvan de exploitant, HollandscheElectrische Spoorweg Maat-schappij, anders doet vermoe-den. De HESM heeft echter alheel snel door dat elektrischeaandrijving te duur is voor delijnen.Waar de maatschappij niet opbeknibbelt, zijn haar stations enspoorgebouwen. Langs de 110kilometer van de Haarlemmer-meerlijnen verrijzen niet min-der dan 27 stationsgebouwen en66 spoorhuizen. Bij zo ongeveeralle belangrijke overgangen enbruggen staan wachtershuizen,van waar uit het personeel despoorbomen sluit en de brugophaalt. Nabij de stations zijnspoorwoningen neergezet omhet overige personeel te huis-vesten.De toeloop op het spoor is deeerste paar weken stormachtig.De allereerste treinen trekkenongelooflijk veel bekijks en ie-dereen wil een ritje maken indit wonder van techniek. De be-langstelling zakt daarna echtersnel in. De Haarlemmermeerlij-nen blijken niet meer dan eenlokaal boemeltje. Op sommigedagen, als er kermis is in Haar-lem, of wanneer schaatsliefheb-bers uit Amsterdam de dichtge-vroren meren opzoeken, puilende treinen uit, maar meestal ishet aantal reizigers niet omover naar huis te schrijven. Alsin de jaren ’30 de crisis uit-breekt en bovendien de autobusopkomt, die veel frequenterrijdt, goedkoper is en een veeluitgebreider netwerk onder-houdt, is het snel gedaan metde trein. Op het laatste momentkomen er nog wat reddingsac-ties, want de bevolking protes-teert massaal tegen de sluiting.Een paar gemeenten biedt nogaan om de verliezen bij te pas-sen. Ze trekken hun aanbodsnel weer in als ze horen dat zehet voor die tijd astronomischebedrag van 700.000 gulden optafel moeten leggen, voor één jaar.Per januari 1936, zeventig jaargeleden dus, worden de belang-rijkste delen van de Haarlem-mermeerlijnen opgeheven.Daaronder zijn de tracés tussenHaarlem en Hoofddorp, en tus-sen Hoofddorp en Leiden. Opsommige stukken houdt detrein nog een aantal jarenstand: in Leiden is er tot 1972 opeen heel klein stukje goederen-vervoer: de aansluiting tussenhet emplacement Leiden-Hee-rensingel en station Leiden Cen-traal. Tussen Aalsmeer en Uit-hoorn houdt het goederen ver-voer het zelfs een jaartje langeruit. Maar voor het overgrotedeel van de lijnen valt in 1936het doek.De trein verdwijnt in de mist,maar de resten van het spoorzijn, zeventig jaar na de ophef-fing, nog altijd terug te vindenin de regio. Soms nauwelijksherkenbaar, soms minuscuul of in een totaal onverwachte vorm,maar ze zijn er wel. De komen-de weken trekt het Leidsch Dag-blad langs de lijn Hoofddorp-Leiden om die sporen in kaartte brengen.
WIM WEGMAN
Reacties: w.wegman@hdcmedia.nl
Het emplacement achter station Herensingel in Leiden. Dit stukje spoor is nog lang na de sluiting van de Haarlemmermeerlijnen in gebruik geweest.
FOTO’S UIT ’DE HAARLEMMERMEERSPOORLIJNEN IN OUDE ANSICHTEN’
Serie over spoorlijn Hoofddorp-Leiden, de meest verliesgevende lijn van Europa
In het spoor van een verdwenen trein
Op 1 januari 1936 sloot hetgrootste deel van de Haar-lemmermeerlijn. Zeventig jaar later trekt deze trein nogaltijd zijn spoor door hetlandschap. Het Leidsch Dag-blad ging op zoek naar tast-bare herinneringen aan delijn Hoofddorp-Leiden.
Twee wachtende stoomlocomotieven bij station Herensingel.
Voor de verhalen in deze serie zijn ge-gevens geput uit:
’Sporen door de Haarlemmermeer’ vanG.A. Russer’De Haarlemmermeerspoorlijnen in oudeansichten’ van A.W. de JongeArchief Leidsch Dagblad/Haarlems Dag-bladwww.stationsweb.nl van W. Bramer’De Spoorwegarchitectuur in Nederland’van H. Romers’Op de Rails’ I en II 1974 van de NVBSDe Meer van Weleer’ van J. van AndelGemeente-archief HaarlemmermeerGemeentearchief LeidenArchief Stichting Oud-AlkemadeArchief Cor WiesArchief Dick de Waal MalefijtDe Hoofddorpsche Courant
Bronnen
Grijnzend keken ze me aan, demannen op de veranda van heteerste strandhuisje bij WillyZuid. ’Vriend Onno, jij daar?’,stamelde ik. ’Jazeker en het ishier in één woord geweldig. Ikheb voor volgend jaar ook al ge-boekt.’ ’En wij ook’, deden deandere mannen, Leidenaarsook, er nog een schep bovenop.Of ik nog van plan was een ver-snapering te gaan halen in hetstrandpaviljoen, wilden ze we-ten. ’Hoezo?’ ’Dat je nietschrikt als je daar je foto ziethangen. Die gebruiken ze alsdartboard.’ Lachen.Eerder deze zomer had ik in dekrant de draak gestoken methet huizenrijtje op het Katwijk-se strand. Na een paar uurtjeszon leek het me al niet meer teharden in die houten hokkenlangs de loopplank tussen destrandafgang en Willy Zuid.Broeinesten moesten het zijn Je kunt gewoon doorwerken.Alleen ga je ’s avonds niet naarhuis, maar op vakantie. Kost jegeen vrije dagen. Mooier kun je’t niet verzinnen.’Dat jullie moeten doorwerken,begrijp ik. ’t Kost een paar cen-ten hier.’Schei nou toch uit man. Ga jijeens met je gezin een weekjenaar Center Parcs.’Naar Center Parcs? Daar ga iknog niet heen als ze me geldtoegeven.’Precies. Dan zijn we er toch?En daarom hebben wij voor vol-gend jaar al weer gereserveerd.En die en die en die komenook. Alle huisjes vol.’Laantje Zonder Zorgen? DeLeidse Straat zullen ze bedoe-len.
JAAP VISSER
www.visserindestad.nl
lezen hoor. Hilarisch. Zelden ie-mand de plank zo mis zienslaan.’Maar als de zon de boel hieraan het geselen is?’Dan is het binnen prima uit tehouden.’Ook bij dertig plus?’Juist bij dertig plus.’Maar ’s nachts dan? Die hitteblijf toch zeker wel hangen?’Heerlijk geslapen. Met de deu-ren open.’En al die badgasten de hele dagvoor je deur?’Wen je aan. Gezellig soms enals je ze zat bent, trek je de gor-dijnen dicht.’Maar die huisjes liggen tochverkeerd? Precies in de loop vande massa. Hadden ze niet aande andere kant van Willy Zuidmoeten liggen?’Ze liggen prima zo. In een wipzit je op de boulevard. Hup deauto in en naar ’t werk. Ideaal.stranddag sinds de grote hitte-golf. ’We hebben je stukkie ge-naar Spanje was gegaan. Maardaar was ik dan, op de eersteen prijzig bovendien. Dik 120euro voor een slapeloze nacht.Vriend Onno en zijn Leidse bu-ren lazen mijn stukje terwijl zevoor hun zomerpaleisjes aan deochtendkoffie zaten. De kinde-ren rollebolden door het zandvan een nog vrijwel leeg strand.Een lauw windje van zee woel-de aangenaam door hun haren.En kijk, daar in de kalme bran-ding dansten hun schitterendevrouwen. De mannen vondendat er even voorbij de reddings-post een straatnaambordjemoest komen: Laantje ZonderZorgen. Toen sloeg er één hetLeidsch Dagblad open en begonaan Visser in de Stad. ’Moet jehoren wat hier staat.’De krant ging rond en toen allemannen het gelezen hadden,konden ze niet wachten tot ikmijn opwachting aan de kustzou maken. Dat duurde evenaangezien ik net op vakantie
Visser
in de
stad
 
CM YK
LDN202LDN
C
C
Y
Y
A
A
A
A
N
N
M
M
A
A
G
G
E
E
N
N
T
T
A
A
Y
Y
E
E
L
L
L
L
O
O
W
W
B
B
L
L
A
A
C
C
K
K
L
L
D
D
N
N
2
2
0
0
2
2
í
DINSDAG 22 AUGUSTUS 2006 REDACTIE@LEIDSCHDAGBLAD.NL
Regio
LDN202
Het begin van de lijn Hoofd-dorp-Leiden ziet er, wat over-blijfselen betreft, veelbelovenduit. Het oude station Hoofddorpstaat er in zijn volle glorie. Het isnu weliswaar gevuld met kleineappartementen, maar van buitenlijkt het onaangetast. En ookbinnen zijn nog allerlei authen-tieke details terug te vinden, zo-als het oude loket en een magni-fieke, prachtig betegeldeschouw. Ze zien er een beetje pot-sierlijk uit in de piepkleine wo-ningen, dat wel, maar ze zijn be-waard gebleven.Een eindje verderop staat dewoning van de wisselwachter,die tot 70 jaar geleden de wisselsop het emplacement bediende.Het is een van de meest authen-tieke huisjes die nog langs hetspoor staan. Behalve een aan-bouwtje voor de keuken is allesin dit huis nog origineel, enpuntgaaf.De weg waarlangs het stationen de wisselwachterswoningstaan, de Pabstlaan, is eigenlijkook een restant van het spoor. Deweg volgt exact het tracé van detrein, inclusief de voor het auto-verkeer feitelijk veel te ruimebocht waarmee de lijn naar hetzuiden afboog. Na de Pabstlaan,bij de Kruisweg, is het nog steedsniet gedaan met tastbare herin-neringen. De betonnen door-gang door de Geniedijk en detwee bruggenhoofden bij hetvaartje daarachter zijn eveneensbewaard gebleven. De omschrij-ving ’in hun volle glorie’ dringtzich hier echter wat minder op.Betonrot heeft de drie bouwwer-ken hevig verminkt. De door-gang door de Geniedijk valt, eer-lijk gezegd, zelfs van ellende uitelkaar.Na het poortje en de resten vande brug, lijkt het even gedaanmet concrete overblijfselen vande lijn. Bij het Kaj Munk college,achter de Geniedijk, is op de plekvan het spoor weliswaar nog eenolijk kunstwerk neergezet – eensoort gestileerde spoortunnel –maar dat is een eerbetoon en nietiets waar de trein ook echt door-heen heeft getuft.Langs de Nieuwerkerkertocht,waar de lijn destijds door eenkaal en leeg landschap reed, zijnde afgelopen decennia de nieuw-bouwwijken Pax, Bornholm,Toolenburg en Getsewoud verre-zen. De spoordijk is al lang gele-den afgegraven. Toch is de routevan de trein, met wat fantasie,nog altijd terug te vinden. Langereeksen achtertuintjes, een wan-delpad en een ecologische oeverliggen precies op de plek waar destoomtrein ooit reed.Wellicht is dat straks ook hetgeval in de nieuwe wijk Toolen-bug-Zuid die binnenkort aan derand van Hoofddorp verrijst. Jammer genoeg moest voor dezewijk uitgerekend het enige over-gebleven haltehuisje in Hoofd-dorp hiervoor sneuvelen. Despoorwoning aan de Bennebroe-kerweg, die inmiddels ernstigwas vervallen, is in juni van dit jaar gesloopt.Na de Bennebroekerweg is hetlandschap enkele kilometerslang ouderwets leeg en weids.Zelfs met heel veel verbeeldings-kracht is daar niets meer terug tezien van de Haarlemmermeer-lijn. Dat geldt tot op zekerehoogte ook voor het stuk inNieuw-Vennep waar het tracéonderdeel is geworden van be-drijventerrein Pionier. Hier endaar ligt er een straat of eenstrookje groen op de route vanhet spoor, maar dat lijkt meertoeval dan eerbetoon.Des te grappiger is het wandel-bruggetje tussen het pad langsde Nieuwerkerkertocht en hetbedrijventerrein achter de Kop-straat. Het ding bestaat voor dehelft uit spoorbielzen. Zwarehouten balken die destijds ondereen dubbelspoor moeten hebbengelegen. De gaten voor de bou-ten zitten er twee aan twee nogin.Erg stevig ogen de balken nietmeer, wat het aannemelijkermaakt dat dit originele Haarlem-mermeerlijn-bielzen zijn. Hieren daar groeit er gras tussen hetverweerde hout. Op sommigeplaatsen beginnen de bielzenaan de zijkant al een beetje te ver-kruimelen.Een groot probleem zal hetniet zijn, als het bruggetje hetbegeeft, want het wekt niet de in-druk dat het een onmisbare scha-kel is tussen twee routes. Het isevenmin een sieraad voor hetdorp. Om eerlijk te zijn, het oogtzelfs behoorlijk armoedig.Toch heeft dit plompe, lelijke,vervallen bruggetje wel wat. Hetnodigt uit om er een paar keeroverheen te lopen. Dichter bij deHaarlemmermeerlijn kan eenmens immers bijna niet komen.
WIM WEGMAN
Reacties: w.wegman@hdcmedia.nl
Op veel plaatsen werd het spoor al vrij snel na de opheffing opgeruimd, zoals hier tussen Hoofddorp en Haarlem.
FOTO ARCHIEF COR WIES
Tussen Hoofddorp en Nieuw-Vennep herinnert niet veel meer aan de spoorlijn Hoofddorp-Leiden
 Volle glorie en vage sporen in de polder
Het oude station Hoofddorp, van binnen verbouwd tot appartementencomplex, maar van buiten nog onaangetast.
ARCHIEFFOTO UNITED PHOTOS BV
Op 1 januari 1936 sloot hetgrootste deel van de Haar-lemmermeerlijn. Zeventig jaar later trekt deze trein nogaltijd zijn spoor door hetlandschap. Het Leidsch Dag-blad ging op zoek naar detastbare herinneringen aande lijn Hoofddorp-Leiden.Vandaag aflevering 1: hetspoor tussen Hoofddorp enNieuw-Vennep.
SPOREN SCHRIJVENDE LEZERS
’Een tijgerspin in mijn tuin’,vertelt fotograaf Rob Bruijn inhet Leidsch Dagblad van don-derdag 31augustusbij een fotovan eenspin die eenvlieg heeftgevangen.Ik denk datveel lezersde spin di-rect her-kend heb-ben. Wantde spin iseen soortdie al vanoudsherhier voor-komt,meestalrondom hethuis, en dievan vroegin het voorjaar tot in de herfstte vinden is.Het is het zebraspinnetje, datzich bovendien opvallend ge-draagt: hij maakt verre spron-gen, ook op muren en andereverticale vlakken. Hij looptdwars als een kreeft of scheef achteruit, als je een vinger voorhem houdt. En hij lijkt je somsgrappig schuin aan te kijken.Hij heeft dan ook een tweedeNederlandse naam: harlekijn.Dit geeft al aan hoe bekend hijbij velen is, want vroeger had-den de meeste spinnensoortenhelemaal geen Nederlandsenaam.Overigens, er bestaan enkeleverwante soorten zebraspinnen.Vermoedelijk toont de foto eenhuiszebraspin. Alle zebraspin-nen behoren tot de springspin-nen, die hun prooi bemachtigendoor hem onverhoeds te be-springen. Met een pincetje kanmen hem zelfs een luisje aan-bieden, al-dus de Spin-nengids van J. Roberts,in het Ne-derlandsvertaald enbewerktdoor Leide-naar AartNoordam.De tijger-spin is eensoort diesinds kort inWest-Neder-land voor-komt. Ikmeen dat dekrant daaral eens aan-dacht aanheeft be-steed, met een kop als: ’Tijger-spin rukt op’. Ook deze soortheeft een tweede naam: wesp-spin. Het vrouwtje ervan ziet erimmers uit als een wesp. Ze isongeveer drie maal zo groot alshet mannetje, en is ongeveer 25maal zo zwaar! Haar prooivangt ze met een wielweb, netzoals onze bekendste spin: dekruisspin. De geelzwarte wesp-achtige tekening zal vogels enandere spinneneters er vermoe-delijk van weerhouden hem opte eten, hoewel hij natuurlijkniet kan stekenOverigens, de zebraspin isniet veel groter dan een milli-meter of zes, terwijl de tijger-spinvrouw de vijftien millime-ter haalt.
PETER VAN DEN BERG,NOORDWIJK.
Dit is wél een tijgerspin.
FOTO KEES BLOKKER
Geen tijgerspin maarzebraspin in de krant
ANNO 1956, woensdag 22 augustus
VOORSCHOTEN
-A.s zaterdag herdenkt de heer P. v.d. Zijde hetfeit dat hij een kwart eeuw in dienst is bij de heer Van Velzen. Al die ja-ren heeft de jubilaris – oorspronkelijk afkomstig uit Stompwijk –mensen, dieren en voertuigen bij ’De Knip’ over de Vliet gezet. En datoverzetten gebeurde in een onverstoorbaar kalm tempo. Een veel-prater is Piet v.d. Zijde niet en als hij praat pleegt hij dat te doen innog al gepeperde termen. Overigens heeft hij vele goed eigenschap-pen. Daar kan de familie Van Velzen, waar de vrijgezel van 73 jaarkind aan huis is, van meepraten. Want behalve dat hij de overzet-pontaltijd onberispelijk heeft bediend, heeft hij onmiskenbare capacitei-ten als huisknecht en verricht talloze karweitjes zoals koper- enschoenenpoetsen. Sinds jaar en dag wekt hij elke morgen de gehelefamilie. Zaterdagmiddag van half 5 tot 6 uur is er in ’De Knip’ gele-genheid om de krasse jubilaris te complimenteren, van welke gele-genheid velen – en niet alleen uit Voorschoten – ongetwijfeld gebruikzullen maken.
ANNO 1981, zaterdag 22 augustus
leiderdorp
-In de Hoofdstraat en de Eikenlaan is gisteren de jaarlijksebraderie gehouden. Ongeveer zestig winkeliers en enkele verenigin-gen namen deel. Het evenement mocht zich verheugen in een grotebelangstelling.
FOTO ARCHIEF LEIDSCH DAGBLAD
UIT DE ARCHIEVEN 
’Kerkenkruis’ noemt Marc La-man in het Leidsch Dagblad van29 juli jl. het kruis dat ontstaatals je enerzijds een lijn trekt vande Pieterskerk naar de Hoog-landse Kerk en anderzijds vande Lodewijkskerk naar de Mare-kerk. Dat kruis is in 1638 ont-staan toen Jacob van Brouckho-ven de Marekerk liet bouwen.Het raadhuis ligt op de krui-sing. Dat kan allemaal geen toe-val zijn, zegt Laman, dat heeftVan Brouckhoven opzettelijk zogedaan. Daar heeft hij een ge-heime boodschap mee willenoverbrengen. Welke, dat is nogde vraag.In dit verband heb ik eennieuwtje voor Laman dat hij,naar ik aanneem, zal opvattenals nader bewijs voor het ker-kenkruis. Als je namelijk de ver-ticale balk van het kruis innoordelijke richting doortrekt,bereik je op een gegeven mo-ment het terrein van kasteelAbtspoel in Oegstgeest. Dat noguit de Middeleeuwen daterendekasteel was het zomerverblijf van de familie Van Brouckho-ven. Als Jacob van Brouckhoven’s zomers van het raadhuis naarhuis ging, ging hij zonder twij-fel via de Maredijk, zodat hij alvanaf de bouw elke keer langszijn Marekerk kwam. Als deMaredijk niet zo kronkelig wasgeweest, had hij op die manierprecies de verticale balk van hetkerkenkruis naar het noordengevolgd. Om aan de voet vanhet kruis de geneugten van hetlandleven te genieten.Maar, om met Ingrid Moer-man te spreken (LD 5-8-06), watbewijzen we hier nu eigenlijkmee? Dat de basis van het Leid-se Kerkenkruis in Abtspoel inOegstgeest ligt? Daar zou nogwat voor te zeggen zijn als nietAbtspoel maar Kerkwerve de ba-sis was, maar dan zou de Vrou-wekerk weer node in het kruisworden gemist. Of dat Jacobvan Brouckhoven voor een zoefficiënt mogelijk woon-werk-en woon-kerkverkeer de Mare-kerk liet bouwen op de rechtelijn van zijn werk naar zijnhuis? Onzin, natuurlijk. Hetenige dat hiermee wordt bewe-zen is dat als je, zoals Lamandoet, toeval behandelt als opzet, je een heel mooi verhaal kunthouden.Er zijn nog veel wildere mo-gelijkheden dan de twee ge-noemde uit de mouw te schud-den. Men leze Dan Brown ermaar op na.
FREEK LUGT,OEGSTGEEST.
Basis kerkenkruisligt in Oegstgeest
Visser
in de
stad
Leiderdorp is gered. Jeff Garde-niers zal de uitgaven en inkom-sten van de gemeente met el-kaar in balans brengen. Dat geef ik u op een briefje. Ik ken Jeff uit een paar levens terug. Sinds-dien heb ik ’m dan wel nooitmeer gezien, het schijnt dat hijgrotendeels dezelfde is geble-ven: op het eerste gezicht losjes,maar uitgerust met een ijzerendiscipline. In wezen een PietjePrecies tot en met drie cijfersachter de komma. Een vriende-lijk hoofd waarop zich een do-delijk ernstige frons kan ont-vouwen. Als wethouder van definanciën zal hij orde scheppenin de zakelijke chaos die Leider-dorp in last heeft gebracht.Begin jaren tachtig was Jeff Gardeniers het financiële breinvan horecabaas Leo Kamphues,uitbater van onder meer deKoets-o-theek, voorloper van InCasa. De Koets was
the place to be
voor rijpe tieners en dorstigetwintigers met hormonale on-rust. In de Koets was het drin-ken geblazen, dansen en versie-ren. De tent liep als een tiere-lier. Om een beetje grip op deopgewonden klandizie te hou-den, hadden Kamphues en Gar-deniers er een besloten club vangemaakt. Je kwam er alleen inmet een soort van studenten-pasje, de fel begeerde Koets-kaart. Met zo’n pasje was je ie-mand en op weg naar de Narm-straat, in het doolhofje achterde bioscopen aan de Steenstraat,klampten de leuke meisjes zichaan je vast. Per kaart lietenKamphues en Gardeniers éénintroducé binnen en in desteegjes rond de Koets wemeldehet van de lifters.Ook ik was aanvankelijk eenlifter, maar ineens had ik eenkaart en dat kwam door Jeff.Het ging zo. Als jonge stadsver-slaggever liep ik een dagje meemet de Leidse bierwacht. Diesjouwde van restaurant naar ca-fé om met een kritisch oog naarbierpompen te kijken en doorleidingen te koekeloeren. Oponze kroegentocht deden wijook de Koets aan en terwijl ikbezig was om de tapcontroleurte interviewen werd er op deachterdeur geklopt. Het was eenleverancier met een steekwagen.Daarop stonden een paar flinke jerrycans die naar de bar wer-den gereden. De leverancierdook op de sterke drankvoor-raad, draaide de doppen van de jeneverflessen, zette er eentrechter op en begon te schen-ken. Overal werd hetzelfde wit-te vocht ingeklokt, ongeachtwelke merknaam er op de flesstond.De bierwacht zag de verbijste-ring op mijn gezicht en zei datik daar verder geen aandachtaan moest schenken. ’Zo gaatdat in de meeste horecagelegen-heden’, verzekerde hij. ’ Maardit is pure oplichting’, stameldeik. ’ Welnee joh’, besloot debierwacht, ’dit is efficiëntie.’Dat was Jeff Gardeniers vanharte met de bierwacht eens.Namens de directie van deKoets kwam hij mij een voorlo-pige koetskaart overhandigen.En die kon tegen een definitieveworden omgezet als ik het ver-dachte bezoek van de leveran-cier onvermeld zou laten. Tik-keltje corrupt van Jeff. Maarach, zo’n jeugdzonde gaan wede wethouder niet meer aanre-kenen. Jeff zou iets dergelijksnu natuurlijk nooit meer doen.En ja, dat pasje heb ik geaccep-teerd. Ik ging meteen door deknieën, maar uitsluitend, zo zeiik er bij, omdat een Koetskaartmij bij mijn werkzaamheden alsstadsverslaggever wel eens vanpas kon komen. Daar kon Jeff helemaal inkomen.
JAAP VISSER
www.visserindestad.nl
 
Visser
in de
stad
CM YK
LDN202LDN
C
C
Y
Y
A
A
A
A
N
N
M
M
A
A
G
G
E
E
N
N
T
T
A
A
Y
Y
E
E
L
L
L
L
O
O
W
W
B
B
L
L
A
A
C
C
K
K
L
L
D
D
N
N
2
2
0
0
2
2
í
DINSDAG 29 AUGUSTUS 2006 REDACTIE@LEIDSCHDAGBLAD.NL
Regio
LDN202
ANNO 1956, woensdag 29 augustusLEIDEN - Zaterdag a.s. wordt in Leiden gecol-lecteerd voor de kankerbestrijding. Een doel dat,blijkens de ervaringen in het verleden, zeer velensympathiek is. Gezien de goodwill van het Konin-gin Wilhelmina Fonds zal de hopelijk royale op-brengst zeker niet gedrukt worden door een on-wil tot geven. Eerder zou het mogelijk zijn dateen gebrek aan collectanten de opbrengst nadeligbeïnvloedt. Het zou jammer zijn, indien vele ga-ven, waartoe de Leidenaren bereid zijn , ongege-ven zouden blijven, doordat te weinigen als ver-zamelaars optraden. Het bestuur van het KWFdoet een dringend beroep op allen, die gelegen-heid tot collecteren hebben, om zich als collectantaan te melden bij de Geneeskundige Dienst aande Nieuwe Mare.
ANNO 1981,zaterdag 29 augustusWASSENAAR - D besturen vande St. Willibrordusparochie ende gemeente Wassenaar heb-ben nog steeds geen overeen-stemming bereikt over eeneventuele overname door de ge-meente van het Jeroenhuis. Datwordt sinds 1 januari 1980 be-heerd en geëxploiteerd door dezakenman Ginter. Door diens in-vesteringen was er afgelopen jaar een exploitatietekort. Voor1 november hoop te gemeentede onderhandelingen af te ron-den.
FOTO ARCHIEFLEIDSCH DAGBLAD
UIT DE ARCHIEVEN 
 Jan Onos kreeg zijn spoorhuisnummer 17 begin jaren ’90 alseen soort extraatje. Hij was sa-men met zijn broer op zoeknaar een nieuwe plek voor hungarage annex plaatwerkerij. Opeen gegeven moment stuittenze op het spoorhuis aan de Ven-neperweg, langs de Nieuwer-kerkertocht. ,,Op het terreinachter dat huis was meer danvoldoende plaats voor ons be-drijf. Het huis zelf, tja, dat wasmooi meegenomen.’’In 1992 trok Jan Onos erin –zijn broer bleef in Lisserbroekwonen – en een paar jaar laterknapte hij het huis op. ,,De vo-rige eigenaar had het weliswaaral stevig onder handen geno-men. Het was flink uitgebreid,maar sommige onderdelenvond ik niet erg fraai. Hij had erbijvoorbeeld een dakkapel opgezet die absoluut niet bij derest van het huis hoorde. Een le-lijk rechttoe-rechtaan ding, eenvierkante bak die er maar raaruitstak. Om het beeld watmooier te maken, heb ik om diedakkapel een speciale goot aan-gebracht met dezelfde soorthouten steunbalkjes die je ookvindt onder de dakgoot van hethuis. Kijk: ik heb er een zelfdesoort krul in laten maken. Datlijkt toch sprekend, niet?’’Ook bij andere onderdelenvan zijn opknapbeurt in de ja-ren ’90 probeerde hij de oudeuitstraling van het gebouw zoveel mogelijk terug te brengenof te behouden. ,,Ik vind dat ikhet dak mooi heb aangepakt’’,zegt Onos trots. ,,De oude pan-nen waren helemaal op. Overalwaren kleine stukjes vanaf.Daar kon ik niet veel meer mee.Ik heb ze daarom allemaal ver-vangen, maar wel door dezelfdesoort geglazuurde, glinsterendepannen. Dat hoort gewoon bijdit gebouw.’’Ook binnen heeft Onos hethuis aangepast aan de eisen vande tijd, al kon hij niet alles doenwat hij wilde. ,,Het is, naar onzesmaak, een beetje onlogisch in-gedeeld. Alles is toe gebouwdnaar de haarden en de schoor-steen die midden in het huisstaan. Ik had het graag hele-maal opnieuw ingedeeld, maardie schoorsteen blijkt dan eenenorme sta-in-de-weg.’’Spoorhuis 17 is destijds ge-bouwd als een soort dienstwo-ning bij haltegebouw 18, enkeletientallen meters verderop aande Venneperweg - dat trouwensook nog steeds bestaat. Beide la-gen ooit aan de rand vanNieuw-Vennep, een behoorlijkeind buiten de bebouwing. Datis nu wel anders. De huizen zijneerst ingehaald door bedrijven-terrein de Pionier en vervolgensruimschoots overvleugeld doorde wijk Getsewoud.Onos heeft de nieuwbouwaan de andere kant van de Nieu-werkerkertocht met zeer ge-mengde gevoelens zien verrij-zen. ,,Voordeel is dat je nu opeen steenworp afstand een pri-ma winkelcentrum heb gekre-gen’’, geeft hij toe. ,,Maar je uit-zicht is weg. We hebben nu eengroot donker gebouw tegenoverons staan. Volgens de architectkomen daar de vormen van eenboerderij in terug. Heb jij ooitzo’n boerderij gezien? En het isook heel veel drukker hier in debuurt. Naar mijn idee te druk.’’In zijn ruime, fraai aangeleg-de tuin is er van het rumoer vanGetsewoud echter ook weer nietzo veel te merken. Een bredeweg, een busbaan, een flinkesingel en een klein wandelpark- je scheppen een afstand tot deoverburen waar menig Randste-deling stinkend jaloers op zalzijn. De zware, smeedijzerenhekken om het huis houdenpassanten, mochten die het ter-rein al opwillen, bovendienmoeiteloos buiten.Van het oude spoor, waaropde tuin is aangelegd, is vanzelf-sprekend niets meer te zien.Toch dicteren de oude restenvan de lijn de inrichting, zij hetop een heel subtiele manier.,,Die lindeboompjes daar had-den we aanvankelijk op een heelandere plek willen zetten. Maardaar kwamen we de grond nietin. Waarschijnlijk lagen daarnog bielzen, of zo. Er was in elkgeval geen beginnen aan. Toenhebben we ze maar een paarmeter verder gezet.’’
WIM WEGMAN
Reacties: w.wegman@hdcmedia.nl
De voormalige spoorwoning aan de Venneperweg 685 in Nieuw-Vennep.
FOTO UNITED PHOTOS/MARCO DE SWART
Mooi meegenomen, zo’n spoorhuis
Op 1 januari 1936 sloot hetgrootste deel van de Haar-lemmermeerlijn. Zeventig jaar later trekt deze trein nogaltijd zijn spoor door hetlandschap. Het Leidsch Dag-blad ging op zoek naar tast-bare herinneringen aan delijn Hoofddorp-Leiden. Van-daag aflevering 2: het spoor-huis aan de Venneperweg 685in Nieuw-Vennep.
SPOREN 
Post van de politie. Altijdschrikken. Paniekerig denk ikachteruit. Ben ik ergens de foutingegaan? Als ik te veel gas opde A4 heb gegeven, krijg ikdoorgaans post van het justiti-eel incassobureau. Da’s balen,maar daar schrik ik verder nietvan. Dat komt er van als je ge-hoor geeft aan dat stemmetje in je hoofd: ’t kan wel wat harderhoor. Maar post van de PolitieHollands Midden is eng. Heb ikiets op mijn geweten?Een brief met als aanhef: Ge-achte heer/mevrouw. Opluch-ting, het is zelfs maar de vraagof ze mij moeten hebben. ’Wijzijn op zoek naar gemotiveerdepolitievrijwilligers. Dit zijnmensen die in hun vrije tijd po-litiewerk uitvoeren. Dat doet usamen met beroepscollega’s...’Ho, ho, ho eens even. Datdoet u. Ik doe helemaal niets.Agentje spelen, deed ik toen 5was, 6 misschien, maar toen ikbegon te voetballen was hetover. Want toen werd de politiede vijand. Die joeg op je bal als je een partijtje aan het doen wasin een Leiderdorps plantsoen.’De juut jongens, wegwezen.’Liep doorgaans goed af, totdatwe een keer zo in ons spel op-gingen dat we geen erg in denaderbij sluipende diender had-den. Bal pleite en nooit meer te-ruggezien. Van de weeromstuithebben we toen met oud ennieuw rotjes lopen gooien in devoortuin van de woning aan deAcacialaan waar de rijkspolitiekantoor hield.Daar ben ik nog eens ver-hoord vanwege het fabricerenén het ontsteken van een zelf verzonnen rookbom. Vijf sterre-tjes in een stukje pvc-buis, deijzerdraadjes ombuigen zodatde boel een beetje bleef zittenen er dan van de andere kanteen brandend sterretje insteken.Rookte als de neten. Het Leider-dorpse gezag maakte daar zo’npunt van dat het zelfs mijn ver-re van lichtzinnige moeder tegortig werd. Op hoge potentoog ze naar de Acacialaan omde vrijlating van haar 12-jarigerookopwekker te eisen.’Na een gedegen opleidingworden politievrijwilligers in-gezet om samen met beroeps-functionarissen te surveilleren.’Er moet dus ook nog voor naarschool worden gegaan. Eersteen gedegen opleiding en daar-na de straat op, in uniform,platte pet op de kop en dan fiet-sers met een haperend achter-licht bekeuren. Ook nog eenblaffertje op zak misschien?Daarover zegt de brief niets.Wel dat de politie voor een be-scheiden jaarlijkse uitkering eneen kledingtoelage zorgt. Be-scheiden? Een paar cadeaubon-nen zeker? Toelage? Je moet datuniform dus ook nog gedeelte-lijk zelf betalen. Wat een armoe.Politievrijwilliger, dat zoietsbestaat. Wie krijg je zo gek? Of betreft het hier de nieuwerwet-se benaming voor de reservepo-litie? Dat rare fenomeen kendeik wel. Bij mijn weten was hetnooit zo’n punt om dat korpsop sterkte te houden. Genoegmislukkingen van de politieaca-demie die er toch nog een beetjebij wilden horen. Maar kenne-lijk is de personele nood zohoog opgelopen dat er nu in hetwilde weg wordt geronseld. Zezijn zelfs bij mij terecht geko-men. Maar ja, uit de aanhef bleek al dat ze geen idee had-den bij wie ze die brief in debus stopten. Om reservejuut tekunnen worden, moet je tussende 18 en 45 zijn. Met mijn 47 jaar maak ik niet eens kans enda’s maar goed ook. Voor allebetrokkenen. Er is in mijn jon-ge jaren nu eenmaal te veel ge-beurd.
JAAP VISSER
www.visserindestad.nl
Het begon eigenlijk al met deeerste schep grond, die de graaf-machine omhoog bracht. Daarstak pardoes het schild van eenreuzenschildpad uit en te zienwaren nog meer dierlijke res-ten. ,,We moesten gelijk beslis-sen dat we anders - voorzichti-ger dan gepland - te werk zou-den gaan. Nu moest elke schep,die de kraan maakte, met kleinetroffeltjes en borsteltjes en gie-tertjes water worden ontleed’’,aldus Rijsdijk.Hij was wel wat gewend, nade eerste expeditie vorig jaaroktober waarbij hij en zijn col-lega Frans Bunnik per toeval opde bottenrijke laag in de bodemvan Mare aux Songes stuitte.Maar toch, de nieuwe opgravingbracht onverwachte schattennaar boven. ,,Ik schrok er van,we haalden scheppen vol bottennaar boven. Julian Hume, depaleontholoog in ons gezel-schap, heb ik zien stuiteren.’’De laatste, één van de bekendstedodo-experts ter wereld, is vanmening dat Rijsdijk en Bunnik,,goud hebben gevonden’’.Een beetje gevoelig lag de ex-peditie - gefinancierd door on-der meer Naturalis - wèl. In eenMauritiaanse krant verscheeneerder dit jaar een cartoon: tweeHollanders die op het rennendeskelet van een dodo jagen. ,,Jul-lie hebben mijn vlees al opgege-ten, kunnen jullie mijn bottenniet met rust laten?’’, moppertde dodo.Kenneth Rijsdijk: ,,Waar wijmee bezig zijn, is voor Mauriti-us van nationaal belang. Wemoesten heel voorzichtig zijnen het was belangrijk dat wenieuws over de expeditie mét deMauritiaanse autoriteitenbrachten. De expeditie is opge-zet om Mauritiaans erfgoed inkaart te brengen en daaromhebben de Mauritianen hetrecht om het nieuws in eigenland naar buiten te brengen.’’Er gingen op het eiland in deIndische Oceaan allerlei geruch-ten sinds in oktober vorig jaarde dodo onverwacht het padkruiste van Rijsdijk en zijn col-lega Frans Bunnik. Zij waren opMauritius op uitnodiging vande archeoloog Pieter Floore dieal jaren onderzoek doet naarhet leven, dat de Nederlandersin vroeger tijden leidden op heteiland. Rijsdijk en Bunnik de-den grondboringen op het ter-rein van de suikerrietplantageMon Trésor et Mon Désert opzoek naar fossiele stuifmeelres-ten. Twee dagen voordat zeweer naar Nederland vertrok-ken, stuitten ze eigenlijk puurtoevallig op een ’massagraf’ metresten van reuzenschildpaddenen dodo’s. ,,Daar gingen opMauritius veel geruchten over,en ook over het feit dat we tweedagen na onze vondst van heteiland verdwenen’’, zegt Rijs-dijk. De vervolgexpeditie dezezomer lag dus ’politiek’ gevoe-lig. ,,Dat hoort bij zo’n projecten ik vind het eerlijk gezegdook heel intrigerend.’’De meeste vondsten die deonderzoekers uit de bodemhaalden, zijn nog in Mauritius.,,We konden de kennis van dearcheologen goed gebruikenwant zij hebben een feilloos re-gistratiesysteem voor vondsten.Meer dan 4000 monsters heb-ben we verzameld. Soms indivi-duele botten, andere keren weerverzamelingen botten, maarook zakken met zaden en ande-re materialen’’, aldus Rijsdijk.,,Uiteindelijk hebben we maareen klein plastic zakje vol mate-riaal mee terug genomen.’’Gevonden werden onder an-dere de botten van de Hollandseduif, ook een uitgestorven vogeldie een rood-wit-blauwe veren-tooi had. En ook de resten vande reuzenskink Didosaurus, eenreuzenpapegaai, schilden vanreuzenschildpadden en flinkwat dodobotten. ,,We hebbendodobotten meegenomen voorDNA onderzoek en voor boton-derzoek. We gaan kijken naaronder andere groeiringen’’, zegtRijsdijk.Hij en zijn collega-onderzoe-kers discussiëren nog steedsover de vraag of er in Mare auxSonges een (natuur-)ramp ver-antwoordelijk is geweest vooreen massagraf, of dat de dikkelaag botten over een periodevan vele jaren in de valei is te-rechtgekomen.Meer dan twintig weten-schappelijke instituten wereld-wijd zijn er inmiddels betrok-ken bij het dodo-project, enzo’n vijftig wetenschappers. ,,Ikvind het heel gaaf dat ik als fy-sisch geograaf zo veel discipli-nes bij elkaar heb kunnen bren-gen’’, zegt Rijsdijk. Het echteveldwerk zit er voorlopig voorhem niet meer in. ,,Tijdens deexpeditie afgelopen zomerhield ik me ook vooral bezigmet de logistiek. En waar ik menu mee bezig houd is in de ga-ten houden wie zich met welkonderwerp bezig houdt en waarbepaalde onderzoeksmaterialennaar toe gaan. Verder ben ikdruk met het werven van fond-sen en de voorbereidingen voorhet veldwerk volgend jaar. Hetziet er nu naar uit dat we nogeen aantal jaren terug zullengaan naar Mare aux Songes.’’Wat dat betreft hebben de expe-ditieleden een prima gastheergevonden in de vorm van desuikerrietplantage Mon Trésoret Mon Désert en directeurChristian Foo Kune. ,,Hij denktaan de lange termijn, heeft onsenorm geholpen met allerleimiddelen en is uitermate geïn-teresseerd.’’De eerste resultaten van de af-gelopen expeditie worden inOxford gepresenteerd, eind sep-tember. Naturalis krijgt komen-de winter een expositie met detopvondsten.
 ANNET VAN AARSEN
Kenneth Rijsdijk wil graag weer terug naar Mare aux Songes
 Voor jaren werk aan dodo-expeditie
Het schild van een reuzenschild-pad steekt uit de aarde.In deze schep is de gelaagdheidvan de bodem goed te zien.Onderzoekers aan het werk bij de zeef.Heupbeen, bovenbeen, onderbeen en voetbeen van de dodo.Kenneth Rijsdijk.
ARCHIEFFOTO HIELCO KUIPERS
Het eiland Mauritius met in het zuidoosten Mare aux Songes.Een gigantische hoeveelheid botten.
FOTO’S RANJITH JAYASENA
De onderzoekers, die deze zo-mer een maand lang op heteiland Mauritius groevennaar resten van de uitgestor-ven dodo, zijn inmiddels langen breed terug. Maar het ech-te werk moet nu beginnen,zegt expeditieleider KennethRijsdijk, verbonden aan Na-turalis en TNO. De interna-tionale groep paleontologen,geologen, biologen, archeolo-gen en palynologen heeft ineen paar weken tijd voor velemaanden - misschien zelfs ja-ren - onderzoeksmateriaaluit de bodem van het vroege-re moeras Mare aux Songesopgegraven: ruim 4000 mon-sters werden geregistreerd.Rijsdijk: ,,De expeditie heeftons gebracht wat we hooptenen zelfs meer.’’
of 00

Leave a Comment

You must be to leave a comment.
Submit
Characters: ...
You must be to leave a comment.
Submit
Characters: ...