• Embed Doc
  • Readcast
  • Collections
  • CommentGo Back
Download
 
29 628 Politie
Nr. 127 LIJST VAN VRAGEN EN ANTWOORDEN
Vastgesteld 12 mei 2009De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties
1
,heeft een aantal vragen voorgelegd aan de ministers van BinnenlandseZaken en Koninkrijksrelaties en van Justitie over de brief van 19 december2008 inzake over de visie op de gewenste ontwikkeling (Kamerstuk 29 628,nr. 110).De ministers hebben deze vragen beantwoord bij brief van 11 mei 2009.Vragen en antwoorden zijn hierna afgedrukt.De voorzitter van de commissie,LeerdamAdjunct-griffier van de commissie,Van Doorn
1
Samenstelling:Leden: Van Beek (VVD), Halsema (GL), Van derStaaij (SGP), De Pater-van der Meer (CDA),Van Bochove (CDA), Gerkens (SP), Sterk(CDA), Leerdam (PvdA), Voorzitter, De Krom(VVD), Ondervoorzitter, Griffith (VVD), Boel-houwer (PvdA), Irrgang (SP), Kalma (PvdA),Schinkelshoek (CDA), Van der Burg (VVD),Brinkman (PVV), Pechtold (D66), Van Raak(SP), Thieme (PvdD), Kuiken (PvdA), Leijten(SP), Heijnen (PvdA), Bilder (CDA), Anker (CU)en Vacature (CDA).Plv. leden: Teeven (VVD), Heemelaar (GL), Vander Vlies (SGP), Van de Camp (CDA), Smilde(CDA), Polderman (SP), Spies (CDA), Wolbert(PvdA), Aptroot (VVD), Zijlstra (VVD), Vermeij(PvdA), Van Gerven (SP), Heerts (PvdA), C
q
örüz(CDA), Remkes (VVD), De Roon (PVV), Van derHam (D66), Van Bommel (SP), Ouwehand(PvdD), Timmer (PvdA), De Wit (SP),Kraneveldt-van der Veen (PvdA), Van HaersmaBuma (CDA), Cramer (CU) en Knops (CDA).
Tweede Kamer der Staten-Generaal
2
Vergaderjaar 2008–2009
KST1310250809tkkst29628-127ISSN 0921 - 7371Sdu Uitgevers’s-Gravenhage 2009
Tweede Kamer, vergaderjaar 20082009, 29 628, nr. 127 1
 
1
Bent ubereid te onderzoeken of en in hoeverre er ook daadwerkelijk beter onderling wordt samengewerkt nu de Inspectie Openbare Orde en Veilig- heid (IOOV) wel onderzocht heeft of de samenwerkingsafspraken zijnnagekomen, maar niet of er ook echt beter wordt samengewerkt? 
De voortgang op de samenwerkingsafspraken geeft een goed beeld vande verbetering van het gemeenschappelijk functioneren en de samenwer-king bij de politie. De afspraken zijn immers alleen te behalen door depolitie als de korpsen goed samenwerken. Het uitvoeren van extra onder-zoek zoals bedoeld in de vraagstelling zal naar onze mening weinigtoevoegen, terwijl zo’n onderzoek wel een toename van administratievelasten voor de korpsen betekent. Dat gaat ten koste van de daadwerkelijketaakuitvoering en daarom past terughoudendheid hierbij. Een motieaangaande extra onderzoek is bovendien vorig jaar al door uw Kamerverworpen (Kamerstukken 29 628, nr. 83). Wel zal de Inspectie OOV begin2010 een onderzoek instellen en rapporteren over het resultaat op diesamenwerkingsafspraken die nu nog niet volledig gerealiseerd zijn.Daarnaast is samenwerking geen doel op zich maar gaat om de effectenop efficiency en effectiviteit en daarmee het presterend vermogen. Deontwikkeling daarvan zal door ons nauwlettend worden gevolgd.2
Waarom is ervoor gekozen de samenwerkingsafspraken in een zodanig korte tijd door te voeren
De op te lossen problematiek van de politie is al sinds het rapport van destuurgroep Evaluatie Politieorganisatie (de commissie Leemhuis) helder.De problematiek vereist een krachtdadige aanpak.In het Coalitieakkoord van 7 februari 2007 is de afspraak opgenomen omde samenwerking en het gemeenschappelijk functioneren van de politie teverbeteren. Daarbij is onder meer gesteld dat de behandeling van hetwetsvoorstel tot invoering van een landelijke politieorganisatie wordtopgeschort. Indien met samenwerking onvoldoende voortgang en resul-taat wordt behaald, wordt de behandeling, herijkt op basis van de danontstane situatie, voortgezet. In het Coalitieakkoord is afgesproken dat hetkabinet daar voor eind 2008 over zou beslissen. Deze afspraak is inoverleg met de korpsbeheerders geoperationaliseerd in de vorm van desamenwerkingsafspraken. Bij de daarbij afgesproken termijnen is reke-ning gehouden met het feit dat het kabinet eind 2008 ook in de gelegen-heid zou moeten zijn om te beoordelen of er voldoende voortgang enresultaat is behaald. Een deel van de samenwerkingsafspraken looptoverigens nog door in 2009.3
Zijn er gedachten om het beheer van de Rijksrecherche wettelijk onder te brengen bij het College van procureurs-generaal en in de Politiewet op te nemen dat de minister van Justitie goedkeuring moet geven aan de beleidsen beheersstukken van de Rijksrecherche? Zo nee, waarom niet? 
Het beheer van de Rijksrecherche berust sinds 1998 reeds feitelijk, krach-tens mandaat van de Minister van Justitie, bij het College van procureurs-generaal. Wij hebben geen voornemen hierin verandering te brengendoor het beheer door het College van procureurs-generaal formeel wette-lijk te regelen en daarbij te voorzien in een regeling voor de goedkeuringvan de beleids- en beheersstukken. De bestaande situatie functioneertnaar tevredenheid en van wijziging daarvan zien wij vooralsnog geenmeerwaarde.Tweede Kamer, vergaderjaar 20082009, 29 628, nr. 127 2
 
4
Hoe verhoudt de herziening van het politiebestel met een zekere nationali- sering van bepaalde politietaken zich tot de vorming van de veiligheids- regio’s waarin decentrale uitvoering voorop staat? Hoe wordt voorkomendat deze voorstellen de regionale aansturing doorbreken? 
De voorgestelde wijziging van het politiebestel voorziet in een landelijkeafstemmings- en besluitvormingsstructuur en de bundeling van bedrijfs-voeringstaken op landelijk niveau. De daadwerkelijke uitvoering van deoperationele politietaken blijft decentraal bepaald. Dit is geheel in lijn metde vorming van de veiligheidsregio’s.5
Bent u van oordeel dat de lokale invloed op bijvoorbeeld het aantal (wijk-) agenten door deze wijziging van het politiebestel groter of kleiner wordt? Op welke manier wilt u blijven waarborgen dat er daadwerkelijk lokale invloed is op de beschikbaarheid van agenten? 
De lokale invloed op het aantal (wijk)agenten zal door onderhavige wijzi-ging van het politiebestel niet veranderen. Het bestuur van het regionalepolitiekorps is en blijft in handen van dit regionale college. Daarnaast blijftde lokale driehoek de inzet van de politie voor de handhaving van deopenbare orde bepalen.6
Hoe gaan de voorliggende plannen voor het versterken van het gemeenschappelijk functioneren van de politie bijdragen aan de operationele samenwerking en gegevensuitwisseling tussen politiekorpsen? 
In de toekomst zal het Korpsbeheerdersberaad als wettelijke taak hetopstellen van gemeenschappelijk beleid op het terrein van beheer entaakuitvoering opgedragen krijgen. Hiermee worden de korpsbeheerdersen de voorzitter van het College van procureurs generaal onder meergezamenlijk verantwoordelijk voor het harmoniseren en standaardiserenvan de processen en producten van de politie en kunnen wij het Korps-beheerdersberaad hier ook op aanspreken. Het Korpsbeheerdersberaadkan hiertoe eisen en standaarden vaststellen. Door gemeenschappelijkbeleid, harmonisering en standaardisatie van processen en producten zalde operationele samenwerking en gegevensuitwisseling tussen dekorpsen naar verwachting beter verlopen. Daarnaast zullen korpsen opbovenregionaal niveau op aan te wijzen onderwerpen verplicht samen-werken in vaste clusters. Het gaat hierbij om samenwerking op ondersteu-nende of specialistische executieve taken. Ook langs deze wijze wordt deoperationele samenwerking tussen de korpsen versterkt en verder gepro-fessionaliseerd.7
Waarom zijn agenten soms nog huiverig om informatie te delen in de Basisvoorziening Opsporing (BVO)? 
Uit het IOOV rapport blijkt dat korpsen in meer of mindere mate terughou-dend zijn in het beschikbaar stellen van opsporingsinformatie aan elkaar.Ten aanzien van de invoer van gegevens in BVO worden de aanwezigefunctionaliteiten (startmutaties, Melding Recherche Onderzoek enafsprakenmutaties), zo stelt het IOOV, niet volledig benut.De oorzaken hiervan moeten enerzijds worden gezocht in de noodzakelijkegewenning aan de nieuwe systemen en het krijgen van vertrouwendaarin. Het gebruik van BVO in de praktijk kost in aanvang bijvoorbeeldmeer tijd dan het verwerken van gegevens in bijvoorbeeld «Word».Tweede Kamer, vergaderjaar 20082009, 29 628, nr. 127 3
of 00

Leave a Comment

You must be to leave a comment.
Submit
Characters: ...
You must be to leave a comment.
Submit
Characters: ...