3
Een activiteit zonder negatief effect krijgt de kleur groen. Een activiteit met negatief effect (klein of groot)krijgt de rode kleur. Oranje activiteiten zijn activiteiten waarvan de invloed nog niet zeker is (beperktmogelijk effect). Deze activiteiten worden nader onderzocht. De uitkomst van dat onderzoek kan zijn dater nog een toets, een cumulatietoets moet worden uitgevoerd. Dat houdt in dat moet worden gekekenof veel van die activiteit verstorend is, maar weinig niet. Een voorbeeld daarvan is fietsen of wandelen.Een wandelaar geeft voor bijvoorbeeld een broedende grauwe klauwier niet of nauwelijks verstoring, 10ook niet echt, maar 100 wandelaars bijvoorbeeld wel.Dan kan een activiteit ook nog onder bepaalde voorwaarden wel worden toegelaten. Die maatregelennoemen we mitigerende, verzachtende maatregelen. Bijvoorbeeld afspreken dat in de periode dat degrauwe klauwier broedt, in dat gebied niet in grote groepen wordt gewandeld.Uiteindelijk komen in het beheerplan alleen nog groene en rode activiteiten terug. De activiteitenwaarover twijfel blijft bestaan, krijgen eerst voor zes jaar (looptijd van het beheerplan) een groene kleur,daarna wordt gekeken wat verder met die activiteit moet worden gedaan.
Nader te onderzoeken activiteiten
Enkele activiteiten blijven rood, zoals de huidige bemaling van de Grevema. De Grevema is het laagstepunt van het gebied. Door bemalen wordt water uit het hele gebied onttrokken. Gevolg is dat,bijvoorbeeld in de Reitma, te weinig water is. Het waterbeheer in de Reitma is nu niet optimaal voor degewenste habitattypen. Destijds is hier uit twee kwaden, de minst kwade gekozen, namelijk het gebied telaten verdrogen in plaats van het inlaten van gebiedsvreemd (voedselrijk) water.Maar er zijn in het gebied meer watergerelateerde activiteiten, zoals bosbouw. Bos onttrekt ook wateraan het gebied, meer dan bijvoorbeeld natte heide. Ook de drainage in het gebied (uitgaande van desituatie in oktober 2005) wordt bekeken. Het gaat, bij de toetsing van de activiteit drainage, om hetgebied binnen de begrenzing en voor een deel buiten de begrenzing.Ook de stikstofdepositie en -emissie moeten nog worden onderzocht. Daarvoor is het toetsingskaderammoniak nodig. Daarnaast is er ook geringe invloed van de luchtvaart (ballonnen, laagvliegen etc). Ook die moeten nader op hun invloed worden onderzocht.
Tenslotte
Alle, hiervoor beschreven, zaken zijn en worden meegenomen in het beheerplan. De bedoeling was dathet beheerplan inmiddels zou zijn afgerond. Een groot deel is ook klaar. De maatregelen voor hetrealiseren van de gewenste habitattypen en het uitvoeringsprogramma worden nog geschreven. Ook wordt nog gewerkt aan de bijlagen en de inleiding. De inleiding, wordt als laatste, volgens een landelijk model, opgesteld. De lijst met bestaand gebruik geeft duidelijkheid en laat gelukkig zien, dat er toch ook een hoop wel kan in het gebied.
Vragen
Na een korte pauze en een voorstelronde van de mensen achter de tafel, krijgen de aanwezigen degelegenheid vragen te stellen.
Gevraagd wordt, wat er gebeurt, wanneer achteraf, na vaststelling van het beheerplan door deminister, blijkt dat er toch een activiteit in het gebied is vergeten.
Christina Schipper (DLG) merkt op dat de lijst kan worden aangevuld en bijgesteld tot de vaststellingvan het plan door de minister. Als mensen nog activiteiten missen, dan moeten ze dat vooral blijvenmelden.Zodra het beheerplan definitief is vastgesteld door de minister, kan een nieuwe activiteit alleen maarworden ingebracht door een vergunning voor die activiteit in het Natura 2000-gebied aan te vragenmet alle eisen die daarbij horen, zoals aantonen dat de activiteit niet verstorend werkt voor hetgewenste habitattype.
Een van de mensen vraagt wat er met de termen “haalbaar en betaalbaar” is gebeurd. Deze werdenin de vorige publieksbijeenkomst regelmatig gebruikt en zijn vanavond helemaal niet meergenoemd. Hij vraagt zich af hoe reëel het plan, financieel, is, zeker waar het gaat om schade bij deboeren door de ammoniakproblematiek.
Leave a Comment