• Embed Doc
  • Readcast
  • Collections
  • CommentGo Back
 
 1 
De grenzen van Europa - Thomas von der Dunk
Wat is Europa? Wat verbindt de landen van dit continent? Waarin onderscheidt Europa zichvan de rest? Deze vraag, mij voor vandaag voorgelegd, zal de leidraad vormen voor de restvan mijn betoog, waarbij ik mij met het oog op de tijd vooral op het Oosten zal richten, envan het onderscheid bínnen het Westen - tussen Europa en Amerika - af zal zien.Het is een zeer actuele vraag sinds de Europese Unie wordt overstelpt met verzoeken vanallerlei landen om ook bij de club te mogen horen, vanzelfsprekend-Europese en minder-vanzelfsprekend Europese. Die grote hoeveelheid aanzoeken confronteert Brussel met devraag: hoe te bepalen wie er in beginsel wel en niet bij een Europese club behoren -kortom: waar houdt Europa op. Het is daarmee van een theoretisch-academische dus ookeen zeer praktisch-politieke vraag geworden. De vraag wat Europa in wezen is valt zosteeds minder los te koppelen van de vraag wat de EU moet zijn.Ook aan mij als cultuurhistoricus is zo indirect die vraag voorgelegd, en mijn antwoord zaldan ook een sterk cultuurhistorisch karakter dragen, wat in Nederland voor ditdiscussiethema weinig gangbaar is, omdat die zich zeker in Den Haag heeft verengd tot eensterk juridisch-instrumenteel en economisch-financieel discours. Waar liggen dus degrenzen van Europa, en hoe bepalen we die? Die zo lange tijd vermeden vraag dringt zichimmers steeds meer op sinds de EU de afgelopen paar jaar met twaalf lidstaten isuitgebreid, en inmiddels weer nieuwe gegadigden begerig op de Uniedrempel staan tedringen. Wie zou tegen zoveel avances nee durven zeggen?Europese politici in elk geval lange tijd niet - en daarmee durfden zij ook niet over deuiteindelijke grenzen van een unie te reppen die nog hanteerbaar zou zijn, zowel organisa-torisch als politiek. Die vraag naar de ultieme omvang van Europa wordt door veelonbegrensde eurofielen behendig ontweken: Europa heet bij hen "een proces". Kortom: wezien wel waar het schip strandt - en inderdaad: het schip strandt nu, althans: het zit inmid-dels tussen heel wat niet op Brusselse routekaarten ingetekende zandbanken vast.Europa wachtte namelijk van oudsher af, wie er bij haar aan tafel schuift. En zij was daarvast eindeloos mee doorgegaan, als dit niet bij de eigen bevolking op toenemendebezwaren was gestuit. Dat zijn die zandbanken: niet op de routekaart ingetekend, traden zijonder de kabbelende golfjes van de diplomatieke wateroppervlakte toch steeds onher-roepelijker aan het licht. Het referendumdebacle is deels terug te voeren op deonuitgesproken vraag: wie eten er straks nog allemaal ongevraagd met ons mee? Iedereendie uiterlijk aan de tafelmanieren van de Kopenhagencriteria voldoet, ook wanneer zijninnerlijke normen en waarden resulteren in een niet-Europees gerecht? Hoeveel exotischespijzen kan Europa aan zonder last van electorale buikkrampen te krijgen? Omdat deEuropese burger niet langer met die grenzeloosheid genoegen neemt, worden eveneens deEuropese politici, met hoeveel tegenzin ook, gaandeweg gedwongen zich over de uitein-delijke begrenzing te buigen. Tenslotte zijn er elk jaar wel ergens verkiezingen die de rege-ring door een Wilders in zetelnood kunnen brengen als deze de verontruste geluiden vanuitde eigen samenleving teveel negeert.Dat maakt de vraag naar de grenzen van Europa dringend, en dan vooral de vraag naar diein het oosten. Daarmee doet zich dat probleem ook pas sinds 1989 in volle omvang voor.Tot dat moment immers regelde het IJzeren Gordijn wel waar de EU noodgedwongenophouden moest; pas het einde van het Warschaupact maakte het oosten van Europa voorexpansie 'vrij' - en riep dus direct de vraag op, hoe ver de EU reiken moest.Waar gaat Europa in Azië over? Voor de katholieke Rijnlander Konrad Adenauer was dat ooital achter het Teutoburgerwoud, weshalve hij in de trein naar Berlijn de gordijntjes dichttrokzodra hij bij Magdeburg de Elbe overreed omdat hij die Aziatische steppen niet wilde zien.Maar de meeste cartografen zijn toch wat ruimhartiger. Puur topografisch gelden de Oeral,
 
 2 
de Kaukasus en de Bosporus vanouds als de grens. Een dergelijk criterium levert echtermeteen twee politieke problemen op, en mede daarom houdt Brussel zich vanouds zoangstvallig stil. Ten eerste, dat men dan bijvoorbeeld Turkije, dat men ooit toezeggingenheeft gedaan die men nooit heeft durven herroepen, alsnog van de lijst zou moeten schrap-pen. En ten tweede, dat zo'n puur fysisch-geografisch criterium eigenlijk niets zegt.Punt is immers dat de EU zich op gemeenschappelijke, 'Europese', normen en waardenberoept. En de grenzen van een dergelijk normgebied sporen niet automatisch met fysisch-geografische grenzen. Een cultureel Europa hoeft niet samen te vallen met het topografi-sche Europa: het kan in beginsel kleiner zijn, het kan groter zijn, er kunnen er zelfs tweevan zijn. Om dat te bepalen heeft men criteria nodig - en het is voor het vaststellen vanzulke criteria dat Brussel tot dusverre is teruggeschrokken.Natuurlijk: er zijn - en daar verwijst dan ook iedere politicus plichtmatig naar - deKopenhagenvoorwaarden, die voor de aspirantleden de ordeningsmechanismes van eendemocratie en rechtsstaat moeten garanderen. Maar hoe belangrijk op zich ook, die zijnvoor het bepalen van die culturele grenzen in feite irrelevant. Zij zijn namelijk puurinstrumenteel, het zijn spelregels die het politiek-bestuurlijke proces van macht en rechtvolgens een bepaald geordend patroon moeten doen verlopen. Over de
uitkomst
van datproces zeggen zij weinig. En op die uitkomst komt het aan, wil een juridisch legaal besluitdoor de daaraan onderworpen Europeanen ook als een moreel legitiem besluit wordengeaccepteerd.Democratie betekent: iedereen heeft één gelijke stem, en er is sprake van vrije, geheimeen eerlijke verkiezingen. En een rechtsstaat impliceert dat het recht bij iedereen in gelijkegevallen gelijk wordt toegepast door een onkreukbare, onafhankelijke rechterlijke macht.Over hoe dat recht er vervolgens uitziet, over wat er toegestaan en wat er verboden is,over wat er hoe bestraft wordt, over wat eigenlijk gelijke gevallen zijn, zegt het in beginselevenwel niets.Ik kan moeiteloos een land schetsen dat aan die algemene eisen van democratie enrechtsstaat voldoet, waarin de meesten van ons voor geen goud zullen willen leven.Bijvoorbeeld een streng-islamitisch Iran, indien daar aan wat ontluisterende martelprak-tijken een einde is gemaakt: het is immers mogelijk om op volledige democratische wijze desharia in te voeren, en deze volgens alle zoëven genoemde abstracte normen van derechtsstaat te praktizeren. U zult het intuïtief met mij eens zijn: zo'n land is misschien heeldemocratisch, maar daarmee nog niet Europees. Laten wij daarom eens pogen om dezeintuïtie te beredeneren, ook al geldt voor een Europees land, wat de achttiende-eeuwseencyclopedist Samuel Johnson ooit zei over een olifant: een sluitende definitie ervan gevenis moeilijk, maar je zult hem meestal wel herkennen als je er eentje tegenkomt.Toch maakt het bovenstaande duidelijk waarom het gaat. Dat is niet, dat men rechtsregelskeurig toepast en langs democratische weg vaststelt. En dat is nog veel minder eenzorgvuldige milieupolitiek, de hoogte van de visquota, of de controle op de veiligheid vanvlees. Dat is natuurlijk 'best belangrijk', maar oninteressant. Deze zaken raken niet aan deaard van de Europese identiteit. Ook Iraniërs willen niet graag vergiftigd worden.De Kopenhagencriteria zijn wel noodzakelijk om lid van een democratische unie te worden,maar zij zijn niet afdoende om dat ook van een democratische
Europese
unie te worden. Indie unie wordt immers ook op centraal niveau onvermijdelijk het een en ander in concretewetten vastgelegd. Die wetten moeten, willen zij door de burgers gedragen worden, methun morele opvattingen sporen. Dat dat relevant is, bleek wel uit de rel rond beoogdeurocommissaris Buttiglione, wiens ideeën zozeer afweken van wat de grote meerderheidder Europarlementariërs vandaag acceptabel acht, dat hij meteen zijn biezen kon pakken.De grote meerderheid van
deze
Europarlementariërs althans, waarbij hun opvattingen nietlos te zien zijn van wat in ieders eigen land acceptabel wordt geacht. Dat zal van land tot
 
 3 
land soms fors verschillen - tussen landen namelijk die geenszins dezelfde normen enwaarden delen, ook al hanteren zij voor het wetgevings- en besluitvormingsproces hetzelfdedemocratische instrumentarium. Dat morele verschil vertaalt zich vervolgens in een deelsafwijkende definitie van Goed en Kwaad, zoals die zich ook onvermijdelijk in wetgevingweerspiegelt.Dat dan menige wet er anders komt uit te zien wanneer daarover door twintig afge-vaardigden uit Nederland wordt beslist, dan wanneer daarover door twintig afgevaardigdenuit Turkije wordt beslist, is evident. Als dat niet zo was, dan was het wetboek in Den Haagnu al aan dat in Ankara identiek. Zo kan er ook weinig twijfel over bestaan dat, wanneer ophet moment van het aantreden van de commissie-Barroso ook de hele Balkan, Oekraïne enTurkije, of zelfs Rusland, al tot de EU toegetreden waren en dus door vele tientallenparlementariërs in Brussel vertegenwoordigd waren geweest, Buttiglione er nu gewoon nogzat, omdat men voorbij de Karpaten onze verlichte opvattingen over vrouwen, homo's ennog zowat als halfzacht geneuzel beschouwt, zo niet als ziekelijke decadentie en afwijkingvan de Goddelijke Norm ten strengste veroordeelt.Daarmee zijn we bij een kernwaarde van het hedendaagse Europa aangeland - eenkernwaarde die de bevolking van elk kandidaat-land in grote meerderheid zal moetenonderschrijven: het principiële zelfbeschikkingsrecht van het individu om het eigen levennaar eigen smaak in te richten en zich daarbij niet door de conventies van welk geloof of welke traditie ook te laten storen - iedereen moet op zijn manier zalig worden, om de be-faamde woorden van Frederik de Grote aan te halen. Met die kernwaarde van hetindividuele zelfbeschikkingsrecht hangt vrijwel alles samen wat wij als essentieel ervaren.Zij wordt zichtbaar in de meest intieme delen van het wetboek, in die delen die het diepst inde huiskamer van mensen doordringen, te weten in het familierecht.Wat raakt ons het meest, wanneer lopen de emoties het hoogst op? Bij alles wat betrekkingheeft op politieke bemoeienis met de persoonlijke levenssfeer, op zaken die de verhoudingtussen man en vrouw, ouders en kinderen bepalen. Kortom: op de verhouding tussenindividu en collectief, het collectief daarbij niet opgevat als de abstracte staat maar als deconcrete familie. In hoeverre ben ik verantwoordelijk, moreel en juridisch, voor het doen enlaten van mijn vrouw of man, broer of zus, ouders, kinderen - of zelfs ooms, tantes enachterneef? Tot welke leeftijd van het nageslacht strekt de zorgplicht van het voorgeslachtzich uit - en omgekeerd?Drie concrete voorbeelden van heikele politieke hangijzers uit het recente Nederlandseverleden, vol morele dilemma's als het gaat om de reikwijdte van de wederzijdseverantwoordelijkheidsplicht, mogen dit verduidelijken. Ten eerste de studiebeurs: vooriedereen, zodat ook kinderen van rijke ouders meeprofiteren - of alleen voor degenen metouders die het niet kunnen betalen? Met alle onverkwikkelijke gevolgen voor studenten dieals volwassenen moeten aanjagen achter betalingsonwillige vaders? Ten tweede deberoemde kwestie van de tandenborstels in de bijstand: wie is de staat om zich met mijnslaappatroon en samenlevingsvorm te bemoeien? Krijg ik minder als ik één, twee of driemaal per week het bed met mijn nieuwste geliefde deel die wel een baan bezit? En tenderde de alimentatieplicht: wanneer en voor hoe lang? Ook als mijn vrouw de hoofdschuldaan de echtscheiding draagt? Ook als zij er intussen met een ander vandoor is of toen alwas? Ook als zij inmiddels een aardige baan heeft gevonden - of had kunnen vinden? Ookals ik door haar toedoen mijn kinderen nauwelijks meer te zien krijg?Bij alledrie de voorbeelden komt het aan op de vraag: in hoeverre is iemand geheel voorzichzelf verantwoordelijk en in hoeverre zijn wij verantwoordelijk voor elkaar. En als iemandhet niet redt, bij wie moet die dan aankloppen, bij de eigen familie of bij de staat? Het zalduidelijk zijn dat de antwoorden op die vragen naar plaats en tijd grondig verschillen - entegelijk zo'n verschil voor de betrokkenen zeer pijnlijk in de persoonlijkeleefomstandigheden ingrijpen kan. Want juist dat antwoord, dat zich onvermijdelijk in
of 00

Leave a Comment

You must be to leave a comment.
Submit
Characters: ...
You must be to leave a comment.
Submit
Characters: ...