5.4. zijn vermeld.5.7. Kunstmatige voeding mag alleen geschieden na de laatste honingwinningen tot 15 dagen voor het begin van de volgende periode waarin de nectarof honingdauw aangemaakt worden.
6. Ziektepreventie en diergeneeskundige behandelingen
6.1. De ziektepreventie in de bijenteelt moet gebaseerd worden op devolgende beginselen:a) het selecteren van passende resistente stammen;b) de toepassing van bepaalde praktijken ter bevordering van een groteresistentie tegen ziekten en ter voorkoming van infecties, zoals deregelmatige vervanging van de koninginnen, systematische inspectievan de bijenkasten om abnormale gezondheidssituaties op het spoorte komen, controle op de darren in de kasten, regelmatige ontsmettingvan materiaal en uitrusting, vernietiging van verontreinigd materiaalof verontreinigde bronnen, regelmatige vervanging van de bijenwasen het aanleggen van voldoende honing- en stuifmeelvoorraden in debijenkasten.6.2. Indien de kolonies, ondanks bovenstaande voorzorgsmaatregelen, tochziek worden of besmet raken, moeten zij onmiddellijk wordenbehandeld; de kolonies kunnen zo nodig in speciale bijenstallen wordenafgezonderd.6.3. Het gebruik van geneesmiddelen voor diergeneeskundig gebruik in debijenteelt overeenkomstig deze verordening moet aan de volgendebeginselen voldoen:a) de geneesmiddelen kunnen worden aangewend voorzover het gebruikervan in de betrokken lidstaat is toegestaan overeenkomstig debetreffende communautaire bepalingen of op grond van het Gemeenschapsrechtvastgestelde nationale bepalingen;b) fytotherapeutische en homeopathische producten moeten de voorkeurkrijgen boven chemisch gesynthetiseerde, allopathische producten,mits zij voor de behandeling een doeltreffend therapeutisch effecthebben;c) als bovengenoemde producten niet doeltreffend blijken of waarschijnlijkniet doeltreffend zijn om een ziekte of besmetting uit teroeien die een kolonie dreigt te vernietigen, mogen, onverminderd dein de punten a) en b) genoemde beginselen, onder de verantwoordelijkheidvan een dierenarts of van andere, door de lidstaten daartoegemachtigde personen chemisch gesynthetiseerde, allopathischegeneesmiddelen worden gebruikt;d) voor preventieve behandelingen mogen geen chemisch gesynthetiseerde,allopathische geneesmiddelen worden gebruikt;e) onverminderd het onder a) genoemde beginsel mag bij besmettingmet Varroa jacobsoni gebruik gemaakt worden van mierenzuur,melkzuur, azijnzuur en oxaalzuur, alsook van de volgende stoffen:menthol, thymol, eucalyptol en kamfer.6.4. In aanvulling op bovengenoemde beginselen is het toegestaandiergeneeskundigebehandelingen of behandelingen voor bijenkasten, raten,enz. toe te passen die door de nationale of communautaire regelgevingvoorgeschreven zijn.6.5. Gedurende de periode waarin een behandeling met chemischgesynthetiseerde,allopathische producten wordt toegepast, moeten de behandeldekolonies in speciale bijenstallen worden afgezonderd en moet alle
Leave a Comment