S
TELLINGEN
behorende bij het proefschrift
E
XTRACTION OF AROMATICS FROM NAPHTHA WITH IONIC LIQUIDS
F
ROM SOLVENT DEVELOPMENT TO PILOT
RDC
EVALUATION
Geert Wytze Meindersma, Universiteit Twente (09-09-2005)
1.
Het gebruik van activiteitscoëfficiënten bij oneindige verdunning om deverdelingscoefficiënt en de selectiviteit voor extractie te bepalen, geeft bij normaleconcentraties geen exact beeld van de waarden van deze parameters, hooguit een indicatie.
Dit proefschrift, hoofdstuk 4.
2.
Door de bijna oneindige variatie in kat- en anionen van ionische vloeistoffen zouden ertheoretisch 10
18
verschillende ionische vloeistoffen zijn. Deze enorme verscheidenheidheeft echter in de praktijk weinig nut.
Dit proefschrift, hoofdstuk 4.
3.
Aan het begin van elk project in toegepast onderzoek dient een ruwe economische evaluatievan mogelijke procesroutes plaats te vinden om aan te geven in welke richting hetonderzoek dient te gaan.
Dit proefschrift, hoofdstukken 1, 2 en 7.
4.
Veel onderzoekers gaan uit van een “me-too” houding, zo ook bij onderzoek op het gebiedvan ionische vloeistoffen, waar velen nog steeds werken met PF
6-
-houdende ionischevloeistoffen, terwijl aangetoond is dat hiermee HF-vorming kan plaatsvinden.
Dit proefschrift, hoofdstuk 4.
5.
Bij de selectie van een ionische vloeistof als extractant voor de aromaat/alifaat scheiding isde verdelingscoefficiënt van de aromaat veel belangrijker dan de aromaat/alifaat selectiviteitom tot redelijke apparaatdimensies te komen.
Dit proefschrift, hoofdstuk 7.
6.
Onderzoekers presenteren de resultaten van hun onderzoek naar nieuwe methoden dikwijlsals positief, waar conventionele methoden betere, hetzij effectievere, hetzij economischinteressantere, resultaten opleveren.
Dit proefschrift, hoofdstukken 4 en 6.
7.
“Papier is geduldig” is een uitdrukking die ook in de wetenschap van toepassing is.8.
Veel Nederlandse politici hebben zich niet gerealiseerd dat de in de Londense Undergroundhoorbare waarschuwing “mind the gap between the train and the platform” volledig op henvan toepassing is.
Opgetekend op 2 juni 2005, na de uitslag van het Europese Referendum.
9.
Een minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, die terecht opmerkt dat met dehuidige stand van de wetenschap niet alle vragen beantwoord kunnen worden, dientonafhankelijk fundamenteel onderzoek te bevorderen en geen populistisch debat over“intelligent design” aan te zwengelen.
Opgetekend in mei 2005.