/  58
Project Gutenberg's Sprotje heeft een dienst, by M. Scharten-Antink

This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with
almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or
re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included
with this eBook or online at www.gutenberg.org

Title: Sprotje heeft een dienst
Author: M. Scharten-Antink
Release Date: January 16, 2006 [EBook #17526]
Language: Dutch
Character set encoding: ISO-8859-1
*** START OF THIS PROJECT GUTENBERG EBOOK SPROTJE HEEFT EEN DIENST ***

Produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed
Proofreading Team at http://www.pgdp.net/
M. Scharten-Antink
Sprotje heeft een dienst
(Vervolg op "Sprotje")

"En hoe oud is ze?" vroeg de dokter, even van terzijde de moeder
aanziende, en dan weer met een wat moeizame oplettendheid--hij was
lichtelijk doof--luisterend naar zijn langzaam bekloppen van de
magere kinderborst; regelmatig dof tikte kneukel op kneukel, waarna
hij telkens de vlakke hand even verder lei.

"Dertien," zei de vrouw, zacht-kortaf, bang dat haar antwoord
storen zou.
Zij stond bij de deur van de dokters-spreekkamer, een groote,
breedgebouwde vrouw met aderig-roode koonen op een geel gezicht;

onder de groote, wat ingevallen slapen strekten de lange, vale
zijstukken der wangen, en haar dicht, zwart kriphaar, in vele, grove
droge draadjes uitspringend, was op de kruin gedekt door het donker
wollen frommeltje van een gehaakte muts.

De dokter kwam achter zijn schrijftafel zich neerzetten.

En midden op de leege vlakte van het cocoskleed, in de zeer ruime
kamer, stond, alleen, het kind, bevend haar hoofd gebogen boven de
ontredderdheid der open kleeren. Als iets zielig mismaakts was haar
tanig, ingevallen halsje en het ongezond grauw-bleeke vel-over-botjes
van haar bedrongen borst in het hel-herfstig middaglicht, dat door
de twee hooge tuinramen naar binnen stond.

Plotseling vertrok het gezicht van het kind in een krampachtige
mondsperring van moeilijk en mal onderdrukt gelach. Schuw had zij
opgeloensd in haar verlegenheid; zij had gezien, dat de dokter

n
��
grijs oog had en
n bruin.... Dit leek haar zoo buitengewoon komiek,
��
dat over al haar narigheid en ziekvoelen heen, dat zenuwachtige,
zotte lachertje toch uitgebroken was.

"Je kunt dichtmaken," zei de dokter voor de tweede maal, wat ongeduldig
en militair-gebiedend, maar toch niet barsch, want hij was een beetje
verlegen van aard, en dat verzachtte al zijn uitingen.

Nog beschaamder door het lachen, dat ze weer gedaan had, en dat
ze raar wist van zichzelf, toog gejaagd het kind te frutselen
aan de bandjes van haar geelkatoenen hemd, dat stug en schurend
saamtrok boven de donkere schaduwen der halsholte, en terwijl zij
haar armelijk borstrokje dichtknoopte en het lijf van haar mooie,
waterblauw-katoenen jurk met de witte klaverblaadjes, stond haar
gezichtje ouwelijk gespannen, in luistering naar wat de dokter nu
praatte en wat haar moeder dan antwoordde en vroeg.

"Ze mankeert nog niks, h...." zei gedempt de weifelend-nadenkende
doktersstem; "maar 't is geen sterk kind.... dat hoesten zegt niet
veel.... wat vatbaar, h.... anemie.... ze is bloedarm, begrijp

je....? daar komen die duizelingen en die rugpijn vandaan.... En erg
min voor 'r jaren.... in die lange jurk lijkt het wel wat.... maar
smal gebouwd.... En...."

Zijn gezichtsmimiek vroeg iets, dat voor de moeder alleen bestemd was,

maar het kind had begrepen en kleurde hevig.
Toen informeerde hij naar den vader.
--Zoo.... een ongeluk bij 't spoor.... en nog tien jaar

meegegaan.... de maag.... geen tering dus.... nee, deze hier ook,
geen aanleg bepaald.... een taai gestel wel....
"Maar er zijn meer ziekten dan tering in de wereld," kwam hij dadelijk
daarop; "ze moet ontzien worden en goed gevoed."
"'t Is een weduwkind, meneer, en die motte vooruit," zei de moeder
met een gelatenheid, die bijna hard was.
"Ik zou je toch raden, vrouw........ Plas, om dat kind bij Hoogeboom
weg te doen.... een fabriek deugt niet voor 'r.... Ze is nou al
een week thuis, zeg je? Waarom laat je ze geen kindermeid worden of

zoo iets?"
"Ja...." zei de vrouw verdrietig, "maar 't werk leit niet opgeschept."
De kleine, grijze kinderoogen boven de pipsche sproetenwangetjes

hadden plotseling, in schrik van blijdschap, open naar den dokter
heengekeken; dan werd het een angstvraag, fel naar de moeder op.
De dokter zag haar welwillender aan; 't was toch misschien niet zoo'n
stiekem schaap als hij gedacht had.
"Ga je niet graag naar de fabriek?" vroeg hij. Toen keek het kind nog
eens naar de moeder, schokte even in de schouders, sloeg de oogen neer,

en zei kortaf: "nee."
De dokter schreef een recept.
"Drie maal daags twee pillen," zei hij.
Hij zocht in een boek, schreef nog een ander papiertje--daar kon ze

iederen dag een liter melk op halen.... hier stond het adres.
En hij stuurde haar naar de wachtkamer, hield nog een oogenblik de
moeder bij zich.
De groote, lichte wachtkamer zat vol menschen, en het kind bleef
talmen in de gang.
"Enfin, zie wat je doen kunt, vrouw Plas," hoorde zij den dokter
zeggen, als even later de spreekkamerdeur weer open ging.
Een werkman, die aan de beurt was, kwam haastig langs gestapt; het
knechtje liet hen de voordeur uit.

"'k Zal er met je zusters over praten, Merie," zei de moeder
alleen, toen zij den Singel afliepen naar de Buitenkant, waar hun
Dijkje begon. Haar zorgelijke, inzichzelf gekeerde gezicht stond nog
afgetrokkener en zorgelijker dan altijd en tusschen de als nog langer
gezakte, vale onderwangen neep strak weg de verweerde verdrietmond. Zij
zuchtte, en nog eens, diep en zwaar.

Dien avond, in beraad met Ant--Sien was uit en kwam pas na tienen thuis--werd er besloten: dat Merie het toch nog 'ns probeeren zou, bij Hoogeboom....

--Ze kreeg nou pillen en melk, vond Ant.... je kon 'r geen
juffershondje van maken, en geen sulletje rozewater.... om 'r eigen
bestwil niet.... ze most toch de wereld door....

"Ja...." aarzelde de moeder, "ze mot vooruit, h ?.... 't is een
weduwkind...."

Aan het achterhek van hun erfje, in den schemeravond met beginnenden
maneschijn, stond het kind hartstochtelijk te huilen:--ze lieten
'r nog liever d dgaan dan dat ze wat voor 'r deden!....

��
Een duister-broeiende vijandelijkheid was in haar hart tegen de twee

Share & Embed

More from this user

Add a Comment

Characters: ...