/  3
 
 
De arbeidsmarkt: van trapveldje naar primera división.
 Een beschouwing door Nus Waleson (nr. 4 op lijst 10 D66 Boxtel)
1. De personeelsfunctionaris als voetbalmakelaar.
 Voetbalclubs die spelers op een goede manier naar een
andere
club begeleiden zijn op despelersmarkt populair. Deze clubs profiteren ook 
nadat 
spelers bij hen zijn vertrokken van detalenten die ooit bij hen gespeeld hebben: als scout, als (jeugd) trainer, als adviseur, alstechnisch directeur of als ambassadeur. Vroeg of laat keert een talent terug naar de plek waarvan hij het gevoel heeft dat daar zijn talent is erkend. Clubs met de reputatie dat zetalenten ontwikkelen zijn aantrekkelijk voor talentvolle spelers. De kans goede spelers op demarkt te vinden wordt daardoor aanmerkelijk groter.Uit demografische gegevens blijkt dat de arbeidsmarkt -ondanks de lichte rimpeling die doorde huidige economische crisis wordt veroorzaakt- onverminderd krap zal blijven. Dezeblijvende krapte gecombineerd met een sterk wijzigende “culturele setting” ten opzichte van(de plaats en het belang van) arbeid zal er toe leiden dat de arbeidsmarkt gaat lijken op eenspelersmarkt. De personeelsfunctie zal zich ontwikkelen tot een met die van devoetbalmakelaar vergelijkbaar functie: begeleider en ontwikkelaar van talent.Arbeidsmarktcommunicatie zal zich niet op de stoel richten -de taken die samen een functievormen - maar op kernwaarden en mogelijkheden talenten te ontwikkelen in en buiten deorganisatie waarvoor men werkt.De arbeidsmarkt zal zich ontwikkelen van een “vraag naar competentie”-markt naar een“aanbod van talenten” markt.De volgende observaties illustreren deze ontwikkeling:
 
Het aantal geheel of gedeeltelijke zzp’ers (zelfstandigen zonder personeel) is in kortetijd ruim boven het miljoen uitgekomen.
 
De aard van werkzaamheden voor – vooral hoger opgeleiden- verandert. Steeds meerwerk wordt in – per definitie eindige- projecten uitgevoerd. Het is maar zeer de vraagof projectleider met talent voor project A, veel interesse heeft in project B bij de zelfdewerkgever. Niet uitgesloten is dat hij of zij liever op zoek gaat naar een
ander 
projectA bij een
andere
werkgever / opdrachtgever.
 
Veel belangrijker nog: een “talentmarkt” past bij de culturele setting die zich bij jongeren ontwikkelt en zich dus steeds nadrukkelijker op de arbeidsmarkt zalmanifesteren.1
 
2. Culturele setting:
Van de ontwikkelingen die de aard en werking van de arbeidsmarkt gaan bepalen is deveranderende culturele setting ten opzichte van aard en positie van arbeid de belangrijkste.Drie kenmerken van deze culturele setting wil ik even aanstippen:1.
 
Ontschotting tussen levensdomeinen2.
 
Wijzigende sociale interactie3.
 
Concentrische probleemoplossingsstrategie.1. Ontschotting levensdomeinen:Mensen van mijn generatie hebben, in meer of mindere mate, de neiging het leven in te delenin drie domeinen:
 
het professionele domein,
 
het privé domein en
 
het maatschappelijke domein.Ook wel aangeduid als de 8-8-8 cultuur: 8 uur werken, 8 uur slapen, 8 uur andere dingendoen. Bij jongeren zien we de denkbeeldige schotten die mijn generatie tussen de domeinenaanbrengt, vervallen: werk, sport, sociale interactie en -veelal
tenslotte
- studie, lijkt invoortdurende afwisseling, maar vaak ook tegelijkertijd door jongeren beleefd te worden.2. Wijzigende sociale interactie:Vroeger was een kring van ca. vijf vrienden waar men alles mee deed en deelde gebruikelijk.Jongeren hebben 336 vrienden, gesegmenteerd in “interestgroups”: vrienden om mee tesporten, vrienden om mee uit te gaan, vrienden om huiswerk mee te doen en vrienden om meeover andere vrienden te praten. In weerwil van de toegeslagen “ontvriending” is hetgebruikelijk vrienden te hebben die elkaar niet kennen. Toen ik 16 jaar was, was datonbestaanbaar. Al mijn (5) vrienden kenden elkaar.3. Associatieve probleem oplossingsstrategieën:De in mijn generatie gebruikelijke probleemoplossingsstrategie bestaat uit een causale reeks,waarin strak gestructureerde gedachtestappen wordt gezet voordat een uitvoeringshandelingwordt verricht.Deze causale oplossingsstrategie lijkt steeds minder te werken in een maatschappij waarbij deinformatiesnelheid zodanig snel toeneemt, dat data gewijzigd zijn op het moment dat deafweging van informatie plaatsvindt.Er lijkt zich onder jongeren – mede onder invloed communicatie technologie, in het bijzonderzoekmachines - een associatief probleemoplossingmodel te ontwikkelen.Met de ontwikkeling van
deze
culturele setting neemt het belang van de arbeidsorganisatie alscentrum van professionele ontwikkeling sterk af.
 Aanbod 
van talent, niet vraag naar competenties zal kenmerkend voor de arbeidsmarktworden.2

Share & Embed

More from this user

Add a Comment

Characters: ...