Welcome to Scribd, the world's digital library. Read, publish, and share books and documents. See more ➡
Download
Standard view
Full view
of .
Add note
Save to My Library
Sync to mobile
Look up keyword
Like this
1Activity
×
0 of .
Results for:
No results containing your search query
P. 1
Insektenvriendelijk beheer van wegbermen

Insektenvriendelijk beheer van wegbermen

Ratings: (0)|Views: 333|Likes:
publicatiedatum: 1992
auteur: red. G.W. Jansen;[met voorw. van P.J.M. Beemsterboer, cursusleider J.G. Bekker;Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Dienst Weg- en Waterbouwkunde]
publicatiedatum: 1992
auteur: red. G.W. Jansen;[met voorw. van P.J.M. Beemsterboer, cursusleider J.G. Bekker;Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Rijkswaterstaat, Dienst Weg- en Waterbouwkunde]

More info:

Published by: Ministerie van Infrastructuur en Milieu on Aug 16, 2011
Copyright:Public Domain

Availability:

Read on Scribd mobile: iPhone, iPad and Android.
download as PDF, TXT or read online from Scribd
See More
See less

10/10/2013

pdf

text

original

 
drs.
B. BruggeInhoudPlaats in systematiek / Kenmerken / Geografische verspreiding / Status / Levenswijze /Voedsel en bloembezoek / Habitat / Predatoren / Bedreigingen / Beheer en inrichting / Literatuur
Plaats in systematiek
Orde:
Hymenoptera
(vliesvleugeligen)Familie:
Apidae
(honingbijen, hommels)KenmerkenBijen behoren tot de vliesvleugelige insekten,een orde die gekenmerkt wordt door het bezit vantwee paar doorzichtige vleugels en een volledigegedaanteverwisseling. De bijen behoren tot deangeldragende vliesvleugeligen, hebben eeningesnoerd achterlijf (wespetaille) en een antennebestaande uit ten hoogste 12-13 leedjes. De angel isniet zichtbaar doordat deze in het achterlijf isopgenomen. Tot de angeldragenden behoren verdernog de mieren, de hommels en de roofwespenwaaronder graafwespen, limonadewespen,metselwespen, spinnendoders, mierwespen,goudwespen. Bijen variëren in grootte van 3-30 mm.In figuur 2.22. is de morfologie van de Hommelweergegeven.Geografische verspreidingDe wilde bijen hebben een wereldwijdeverspreiding. In Nederland zijn wilde bijen lang nietoveral te vinden; in grote delen van ons cultuurlandzijn vrijwel geen bijen aanwezig. Veel soorten inNederland zijn beperkt tot het oosten en zuiden vanhet
land,
de Veluwe en de duinen. De soortenrijkstebijenterreinen liggen in Midden- en Zuid-Limburg.StatusOver de gehele wereld komen zo'n 20.000soorten wilde bijen voor, uit Europa zijn er ca. 1500bekend waarvan er ongeveer 320 in Nederland zijnaangetroffen.
Levenswijze
Wilde bijen zijn doorgaans solitair levendebijen die soms een nestingang kunnen delen, maarverder selfsupporting
zijn.
De vrouwelijke dierenzorgen voor het graafwerk en verzamelen voedsel enonderhouden het nest. De mannelijke dieren hebbenuitsluitend de funktie om voor de bevruchting vande vrouwelijke dieren te zorgen. Er zijn dus geenwerksters.Veel mensen realiseren zich niet dat honingbijen niettot de oorspronkelijke inheemse fauna van Europaen Nederland behoren. Wilde bijen worden dan ookvaak verward met 'in het wild levende honingbijen'.Dat is een fenomeen dat tijdelijk enige weken ofmaanden kan voorkomen als een volk ontsnapt.Zonder menselijk ingrijpen en hulp zouden in onsklimaat de sociale en in volken levende honingbijenverdwijnen.Tot de wilde bijen behoren ook de hommels, dezeleven wel als volk met een vrouwtje als koningin enongeslachtelijke werksters die het nest verzorgen enstuifmeel verzamelen. De nieuwe koninginnenoverwinteren (net als bij de limonadewespen), derest van de nesten en dieren gaat dood. Hommelszelf graven geen gangen in de grond, maargebruiken muizengangen, kuiltjes onder stenen,planken of boomholtes (nestkasten).Naar levenswijze kunnen de groefbijen gesplitstworden in grondbewoners en 'bovengrondse'soorten die in stengels, hout en muren hun nestbouwen.De levensduur van ei tot volwassen insekt isdoorgaans één jaar. Een klein aantal soorten heeft inNederland twee tot zelfs drie generaties per jaar. Demeeste voorjaarssoorten overwinteren als volwassen
43
 
insekt nog in hun pop, in de grond. De echtezomerbijen overwinteren meestal als volgroeide larvein de grond.Voedsel en bloembezoekBijen zijn vooral bekend omdat ze stuifmeelverzamelen en op deze manier planten, bomen enstruiken bevruchten. Wilde bijen en hommels blijkenzeer effectieve bestuivers te zijn in boomgaarden.Voor de wilde flora zijn ze eveneens erg belangrijkmaar ook in de zaadteelt worden hommels algeëxploiteerd met behulp van kweekkastjes.Het stuifmeel verzamelen wilde bijen voorhun nakomelingen. Ze maken er balletjes van,leggen er een ei op, en sluiten vervolgens de cel omaan een volgende te beginnen (zie ook predatoren).Bekende vliegplanten voor bijen zijn wilgen in hetvoorjaar (Kruipwilg, Grauwe wilg en Geoorde wilg),later gevolgd door het hele scala van kruiden (metname composieten), struiken en bomen. Een naar
Figuur
2.22.
Morfologie van de hommel (v.d. Blom, 1989).
Kop Borststuk Achterlijf VleugelsSegment 1
/vHw^
Segmerjt 2Spriet
^
-^
:>egrnem
D
"'^ -S
Segment
6
*Y!^
'
Tong Poot 1 Poot 2 Poot 3DijOcelliVlag
^
tt
//^~\
~
Scharnier
Sporen
-
Kopschild
Segment
3
Segment
4
Segment
5
\—
AchteriijfspuntKaakborstelsKakenScheenKorfjesharenVerzamelapparaatMetatarsusTarsleedjesKlauwtjes
44
 
verhouding groot aantal soorten is gespecialiseerd opbepaalde planten of typen van bloeiwijzen; ook zijner ubiquisten die op alles vliegen dat voorhanden is.HabitatBinnen het cultuurland zijn wilde bijen alleennog in overhóekjes, in bermen, langs dijken en inafgravingen te vinden. Veel soorten zijn nog welaanwezig in natuurgebieden, met name de open,drogere terreinen. Op sommige plaatsen waargroefbijen voorkomen, is eigenlijk sprake vansecundaire biotopen, zoals bijvoorbeeld de stedelijkeomgeving waar sommige soorten nestelen intuinhout en muren. Oorspronkelijk leefden dezesoorten langs beken en rivieren, waar ze inzandduinen, oeverwallen, randen van droogdalen enkreekruggen nestelden (een dynamisch landschapmet redelijk veel veranderingen). De in houtnestelende soorten komen uit het bos waar zij indode, half vergane bomen nestelden.Naast voedsel is ook nestgelegenheidbelangrijk voor wilde bijen. Voor bijen die nestelen inde grond moet die grond niet volledig bedekt zijndoor planten. De meeste soorten verlangen zelfszonlicht op de bodem, de warmte hebben ze nodigom zich in de grond te kunnen ontwikkelen. Ook degrondsoort waarin ze leven is voor veel soortenverschillend. Het liefst in iets lemig zand, leem of kleien in zand tussen plantenwortels of in verkitteaardlagen. In los zand leven slechts weinig soorten.
Pluimvoetgroefbij. (Foto
P.
Zonderwijk)
In hout nestelende soorten doen dit in dode bomenen takken waar oude boorgaten van kevers(boktoren) of scheuren in zitten. Deze bomenmoeten ook weer in de volle zon staan. Houtenhekpalen zijn voor deze groep een goed alternatief.Muren waar stukjes mortel uitgevallen zijn of waargaatjes in het beton of steen zitten worden ook dooreen aantal soorten gebruikt, maar ook alleen als ervoldoende zonnewarmte op deze muren komt.
Predatoren
Naast de bijen zijn er zogenaamdekoekoeksbijen; deze leggen eieren op destuifmeelballetjes van andere insekten en de larve diehier uitkomt consumeert eerst de oorspronkelijkeeigenaar en daarna het stuifmeel. Daarnaast hebbende bijen last van parasietvliegen die in de nestenleven en sluipwespen die op de eieren parasiteren.Ook de hommels hebben koekoekshommels die helenesten overnemen en naar hun hand zetten.BedreigingenDe aanwezigheid van honingbijen kan eenbedreiging vormen voor wilde bijen-populaties. Dehoningbijen zijn (voedsel)concurrenten voor de wildebijen en kunnen voedselspecialisten onder de wildebijen verdringen, maar ook minder gespecialiseerdebijenpopulaties ontwikkelen zich minder goed.Een sterke bedreiging voor de wilde bijen wordtgevormd door de veelal nivellerende menselijke
hand.
Afgravingen worden gladgeschoven enhellingen bebost, ruderale vegetaties wordengemaaid,bemest of beweid, dode bomen wordenweggehaald. Kortom, vele oorspronkelijke natuurlijkebiotopen maar ook goede, kunstmatige (door hetmenselijk handelen ontstane) biotopen zijnverdwenen en dat vormt de grootste bedreigingvoorde wilde bijen.Beheer
en
inrichtingWegbermen, mits extensief beheerd, biedenveel bijensoorten grote mogelijkheden, omdat zevaak zandig zijn en een redelijke variatie en rijkdomaan bloeiende planten en struiken kunnenherbergen. Door hun hogere ligging in het land zijnwegbermen vaak ook iets droger en warmer.
45

You're Reading a Free Preview

Download
/*********** DO NOT ALTER ANYTHING BELOW THIS LINE ! ************/ var s_code=s.t();if(s_code)document.write(s_code)//-->