• Embed Doc
  • Readcast
  • Collections
  • 1
    CommentGo Back
 
 1
 Voortgangsrapportage e-overheid | najaar 2008
Hoofdstuk 1 Inleiding 2Hoofdstuk 2 Voorbeeldprojecten NUP 4Hoofdstuk 3 Regie op de e-overheid 9 
Financiën 9
Hoofdstuk 4 Realisatie van de basisvoorzieningen 12
Elektronische toegang tot de overheid 12Elektronische authenticatie 17Stelsel van Basisregistraties 18Elektronische informatieuitwisseling 23
Hoofdstuk 5 Aansluiting op en gebruik van de basisvoorzieningen 26
 
Ondersteuning van de Implementatie 31
Hoofdstuk 6 Beheer van de basisvoorzieningen 34Bijlage I: Planningsoverzicht losBijlage II: Toelichting ‘mijlpalen’ los 
Inhoud
 
23
 Voortgangsrapportagee-overheid| najaar2008
Hoodstuk 1Inleiding
De overheid werkt aan het verbeteren van de dienstverlening met minder administratievelasten voor burgers en bedrijven door de inzet van slimme en betrouwbareICT-oplossingen. Burgers en bedrijven hebben de mogelijkheid om via internet veel inormatie te vinden over de dienstverlening van de overheid. Ook is het mogelijk omdirect via internet diensten aan te vragen, zoals voor het aanvragen van voorzieningen voor chronisch zieken, gehandicapten en ouderen via www.regelhulp.nl o eenbelastingaangite via een elektronisch ormulier. Waar mogelijk en gewenst wordt gebruik gemaakt van digitale mogelijkheden, daar waar het elektronische kanaal niet het juiste kanaal blijkt te zijn is het mogelijk om andere kanalen te gebruiken(bijvoorbeeld balie o teleonie).
en in gebruik zijn, kunnen uit het NUP gaan en nieuweprojecten kunnen aan het NUP worden toegevoegd.Dat geldt zowel voor de basisvoorzieningen uitde basisinfrastructuur als de voorbeeldprojecten.Op 1 januari 2011 zijn alle voorzieningen uit debasisinfrastructuur ontwikkeld en in gebruik genomen.Deze najaarsvoortgangsrapportage e-overheid startmet een weergave van 5 NUP- voorbeeldprojecten.Met de komst van het NUP is ook de regie van dee-overheid veranderd, daarover vindt u een korte uitlegin hoofdstuk 3 Regie op de e-overheid. Daarnaastbrengt rapportage de belangrijkste ontwikkelingenvan de voortgang van de bouw, implementatie en hetgebruik van de basisvoorzieningen van de e-overheidper 1 oktober 2008. In de totstandkoming van dezerapportage hebben verschillende departementensamengewerkt, de samenstelling is gedaan door hetministerie van BZK. In de rapportage is aangegevenwelk departement politiek verantwoordelijk is voor debasisvoorzieningen en de juistheden en volledigheidvan de geleverde teksten.Een voorbeeld van een telefonisch kanaal is het14+netnummer van project
 Antwoord 
©. Inmiddelskunnen ongeveer 2,1 miljoen burgers hun gemeentebellen via het herkenbare 14+netnummer. Naast deinzet van verschillende kanalen werkt de overheid ookaan het beter bereikbaar en toegankelijker maken vanoverheidsinformatie via het elektronische kanaal voorburgers en bedrijven.Het Burgerservicenummer (BSN) is eind vorig jaarsuccesvol ingevoerd. Sinds kort wordt het BSN, incombinatie met DigiD, gebruikt voor het Donorregister.Ook elektronische dossiers, zoals het Elektronischkinddossier en het Elektronisch patiëntendossier,maken succesvol gebruik van het BSN. Het gebruikvan DigiD voor Burgers is toegenomen, nu hebbenongeveer 7 miljoen mensen een actieve DigiD. Ookgebruiken steeds meer overheidsorganisaties DigiD,waaronder 360 gemeenten.Internationaal gezien blijkt dat Nederlanders veelgebruik maken van het elektronische kanaal omin contact te komen met de overheid. In de cijfersvan Eurostat van april 2008 blijkt dat 55% van deNederlandse burgers via een elektronisch kanaalgebruikt maakt van overheidsvoorzieningen. HetNederlandse bedrijfsleven doet dat maar liefst met81%. Voornamelijk het verzenden van elektronischeformulieren via websites wordt door Nederlanders veelgebruikt.Het kabinet heeft zich ten doel gesteld dat de over-heidsdienstverlening naar het oordeel van burgersminimaal een 7 moet scoren. Uit de eerste metingblijkt we op de goede weg zijn. Een groot verbeterpuntis de dienstverlening waarbij burgers afhankelijkzijn van een keten van verschillende overheidsor-ganisaties. Om dit te verbeteren moeten overheden(nog) meer samenwerken, hun bedrijfsvoering engegevenshuishouding op elkaar afstemmen enaansluiten op reeds ontwikkelde en nog te ontwikkelenbasisvoorzieningen. Om deze samenwerking terealiseren is 1 december 2008 het Nationaal Uitvoe-ringsprogramma Betere Dienstverlening en e-overheid(NUP) ondertekend. Daarin worden afsprakengemaakt tussen Rijk, provincies, gemeenten enwaterschappen om de potentie van de inmiddelsbestaande infrastructuur van de e-overheid gericht tebenutten voor betere dienstverlening. Zo werken hetRijk en decentrale overheden samen aan een optimaledienstverlening aan de samenleving. Daarnaastlevert dit programma een belangrijke bijdrage aan dedoelstellingen voor de vermindering van administratievelasten voor burgers en bedrijven. Het NUP is eendynamisch programma: basisvoorzieningen die gereed
 
45
 Voortgangsrapportagee-overheid| najaar2008
de EU-lidstaten voldoen aan alle verplichtingen dieuit de dienstenrichtlijn voortvloeien. Zo moet eendienstverlener alle procedures en formaliteiten inverband met de toegang tot en de uitoefening vaneen dienst via een centraal Dienstenloket kunnenafwikkelen. Dit loket wordt binnen Antwoord voorbedrijven vormgegeven. Dit raakt ook centraleen decentrale overheden, toezichthouders, hand-havingsautoriteiten, bedrijf- en productschappenen beroepsorganisaties. Dit zijn de organisaties diede informatie en procedures via het Dienstenloketelektronisch mogelijk moeten maken. In Nederlandis het ministerie van Economische Zaken hetbeleidsverantwoordelijke ministerie voor deimplementatie van de Dienstenrichtlijn. EZ werktin een interdepartementale projectgroep samenmet de ministeries van Binnenlandse Zaken enKoninkrijksrelaties en Justitie. Het Dienstenloket maaktin de beoogde eindsituatie gebruik van een groot aantalbasisvoorzieningen uit de infrastructuur vande e-overheid. Dit is weergegeven in figuur 1.
 V
oortgang
:
Het project Dienstenloket verloopt volgensplanning.
E
ffEct
:
Dienstverleners uit Europese lidstaten kunnendankzij het loket gemakkelijker en op afstand zakenregelen bij de Nederlandse overheid. Ook Nederlandsedienstverleners kunnen gebruikmaken van het loket.Het Dienstenloket wordt ondergebracht bij Antwoordvoor bedrijven. Met een speciale berichtenbox isbeveiligd berichtenverkeer mogelijk. Via dit kanaalkan de dienstverlener vragen stellen en transactiesverrichten.
Digitaal klantdossier werk en inkomen (DKD)
Politiek opdrachtgever: SZW
D
oEl
:
De realisatie van één digitaal klantdossiervoor werk en inkomen. Werkzoekenden kunnen ineerste aanleg een drietal elektronische dienstenverkrijgen; inschrijven voor werk en het aanvragenvaeen uitkering WW of WWB. Daarnaast kunnen zij eengroot deel van hun gegevens raadplegen. De gegevensdie de ketenpartners hebben vastgelegd, worden inhet dossier opgeslagen en kunnen door zowel deprofessionals als klanten worden ingezien en gebruikt.Burgers hoeven dan maar één keer hun gegevens opte geven. De voordelen voor de overheidsprofessio-nal zijn de uitbreiding van het aantal gegevensbronnen,de hogere gegevenskwaliteit, minder noodzaak totverificatie, minder administratieve handelingen, meertijd voor kwalitatieve klantbenadering en het is daarmeeeen impuls voor procesoptimalisatie. Uitvoerders vandit programma zijn de gezamenlijke ketenpartners CWI,UWV en gemeenten. Het DKD is sinds 3 januari 2008landelijk opengesteld. Sinds die datum kunnen WWen WWB-klanten van de keten van werk en inkomenhun eigen gegevens raadplegen via internet. Hetbeschikbaar stellen van gegevens gebeurt via eengroeimodel. Medewerkers in de keten van werk eninkomen kunnen via SUWI-net de gegevens vanklanten oproepen.
 V
oortgang
:
In het voorjaar van 2008 is het DKDfase I afgerond. De Staatssecretaris heeft deSUWI-partijen vervolgens verzocht om te komenmet een plan van aanpak voor de doorontwikkelingvan het DKD binnen het domein van werk eninkomen. Van de SUWI-partijen is deze zomer eenvoorstel op hoofdlijnen ontvangen. Naar verwachting
 1 loket voor verzuim en voortijdig schoolverlaten
Politiek opdrachtgever: OCW
D
oEl
:
Het ministerie van OCW heeft samen met deIB-Groep en een aantal pilotgemeenten een digitaalloket voor verzuim en voortijdig schoolverlatenontwikkeld. Scholen melden hun verzuimgegevens bijéén digitaal loket, dat vervolgens de juiste gemeenteop de hoogte stelt; dat scheelt scholen veel werk énlevert betrouwbare gegevens. Een aantal gemeentenen scholen hebben het loket in het kader van een pilotin de praktijk getest van november 2007 tot mei 2008.Op basis van de positieve evaluatie van de pilot is inaugustus 2008 gestart met de landelijke uitrol van hetloket. De planning is om het loket in de periode vanaugustus 2008 tot augustus 2009 landelijk in te voeren.Het loket voortijdig schoolverlaten maakt gebruik vaneen aantal basisvoorzieningen uit de infrastructuur vande e-overheid, namelijk de overheidsservicebus, hetBSN en de basisregistratie Personen.
 V
oortgang
:
Het loket wordt gefaseerd, per RMC-regio’singevoerd. Volgens planning zijn begin septemberde drie RMC-regio’s in de provincie Groningenaangesloten op het loket.
E
ffEct
:
Scholen leveren op het verzuim op één centraleplaats, op uniforme wijze. Gemeenten ontvangen hetverzuim van één centrale plaats, op uniforme wijze.
Dienstenloket Dienstenrichtlijn
Politiek opdrachtgever: EZ
D
oEl
:
De dienstenrichtlijn
1
bevordert het vrije verkeervan diensten en de vrije vestiging van dienstverlenersbinnen de Europese Unie. Nu moeten ondernemersdie over de grens hun diensten willen aanbieden, aanallerlei extra en dubbele vereisten voldoen, bijvoorbeeldm.b.t. vergunningen en registraties. Door diebelemmeringen weg te nemen, moet dienstverleningover de grens makkelijker worden. De richtlijn is op28 december 2006 in werking getreden. De implemen-tatietermijn is 3 jaar. Op 28 december 2009 moeten
Hoodstuk 2 Voorbeeldprojecten NUP
Met een aantal voorbeeldprojecten uit lopendebeleidsprioriteiten willen de overheden zichtbaar maken hoe de samenhang van rijksinitiatieven met de inormatiehuishouding van de andere overhedenis en op welke wijze de basisinrastructuur van dee-overheid kan helpen om efciënte elektronischedienstverlening te realiseren.
1
 
EG/2006/123
--------------
 1 1ii in ruiii in ntilinrvinciLV -nltn= rui (11=)= nit nn (22 = 51)= ntilin (25 = )= miml cr (1 = )= vltn richtlijnn ( = )= h cr ( = 2)= l cr (2 = 5)= rlij cr (1 = )= rl cr (1 =2)= rui (2 = 5)= nit nn (1 =)= ntilin (1 = )= rui (15 = 2)= nit nn (1 = 2)= rui (2 = 5)= rui ( = )= nit nn (1=)= ntilin (52 = 12)= rui (5 = 1)= nit nn (12 = 2)= ntilin (1 =)=nnmnt(2=)= nit nn (5 = 1)=nnnmnt( =1)= nnmnt(2 = )= nit nn (5 = 1)=nnnmnt(21 = 52)
-
= nltn ( =1)= nit nn ( =)
-
= rlitilnr (11 = 2)=nnrtunin ( =1)= nrtunin lt(2 =)= nit (1 = )= gebruik (25 = 6%)= niets/onbekend(418=94%)= rui (5 = )= nit nn ( = 22)= nltn (1 =2)= nitnltn ( = )= rui ( = 1)= ntilin (21 = 5)= ntilin (1 = )= rui ( = 1)= nit nn (2 = )= ntilin ( = 2)
2
-
2
-------------
rvinci= rui (11=)= nit nn (22 = 51)= ntilin (25 = )= miml cr (1 = )= vltn richtlijnn ( = )= h cr ( = 2)= l cr (2 = 5)= rlij cr (1 = )= rl cr (1 =2)= rui (2 = 5)= nit nn (1 =)= ntilin (1 = )= rui (15 = 2)= nit nn (1 = 2)= rui (2 = 5)
--
= nit (1 = )= rui (25 = )= nit nn (1 =)= nltn (1 =2)= nitnltn ( = )= gebruik (443= 100%)= ntilin (21 = 5)= ntilin (1 = )= rui ( = 1)= nit nn (2 = )= ntilin ( = 2)
-
Gemeenten aangesloten op1 loketvoortijdigschoolverlatersGemeenten aangesloten opDKD
of 00

Leave a Comment

You must be to leave a comment.
Submit
Characters: ...
You must be to leave a comment.
Submit
Characters: ...