You are on page 1of 1

1. Credit Card gebruik Schotte en R. Bos.

Achtergrond Eind 1996 heeft R.Bos bij een lokale bank een verzoek gedaan om een credit card. Schotte was aangemerkt als co-applicant, hetgeen inhoudt dat hij ook gebruik mag maken van de credit card. De bank heeft de credit card met nummer 4557-0601-2515-6151 uitgegeven aan Bos, met Schotte als co-applicant. De persoon die echter bevoegd is om ten opzichte van de bank handelingen te verrichjten met betrekking tot de credit card is de aanvrager, in casu de heer Bos. De limiet van de credit card was USD 1.500. Op 22 februari 1997 heeft Bos aan de bank verzocht om de limiet van de credit card te verhogen tot USD 5.000. De bank heeft aan dit verzoek gevolg gegeven. Schotte heeft echter zonder medeweten van Bos verschillende malen aan de bank verzocht de limiet van de credit card te verhogen. De bank heeft aan dit verzoek voldaan. Per 13 mei 1998 is de debetsaldo op de credit card opgelopen tot USD 23.655,29 door betalingen door Schotte. Schotte heeft deze nimmer terugbetaald en is daartoe veroordeeld door het Gerecht in Eerste Aanleg Zittingsplaats Curacao. Schotte heeft onbevoegd (zonder medeweten van Bos, de credit card aanvrager) opdrachten gegeven aan de bank tot verhoging van de credit card limiet en heeft zijn schuld niet betaald.