You are on page 1of 10

DE BEELDENAAR

JANUARI/FEBRUARI 2009, 33e JAARGANG NR. 1

1858-08_Beeldenaar_2009_1_kaft.indd 1

17-12-2008 09:08:47

Een muntschat die tot de verbeelding spreekt…
Stormstraat, Brussel 1908
In de zomer van 1908 ontdekten arbeiders die in de ondergrond van de
Stormstraat (Rue d’Assaut) te Brussel
een muur uitbraken een muntschat
waarvan later zou blijken dat deze de
grootste muntschat ooit was. De grootste zowel in termen van aantal stukken,
als in termen van waarde in het middeleeuwse Brabant. De schat bevatte circa
145.000 zilveren stukken uit de dertiende
eeuw en werd in de grond gestopt rond
1267. Over dit jaartal bestond enige
discussie tussen experts, waarbij sommigen het hielden bij 1264 of 1265.
In EGMP-jaarboek 2005 gaat Svein
Gullbekk in op het verhaal achter de
muntschat, waarbij hij het accent legt op
de 80.927 Engelse, Schotse en Ierse
sterlings die in deze middeleeuwse
muntschat aanwezig waren en samen
ongeveer 75 % van de totale (zilver)waarde vertegenwoordigden.1 Deze bijdrage is een compilatie van de meest
saillante feiten in verband met de vondst
en met de nadruk op de deniers uit onze
gewesten waarvan er een aantal worden
beschreven en afgebeeld.
Tijdens de jaren 1909, 1910 en 1911
hebben een aantal gereputeerde numismaten zoals C. Rutten, A. De Witte,
V. Tourneur, L. Théry en B. de Jonghe
artikelen gepubliceerd in de Revue belge
de Numismatique waarin zij ieder op hun
gebied hun bevindingen naar voren
brengen.2 Ook Aimé Haeck gebruikt
deze bronnen in zijn werk Middeleeuwse
muntschatten gevonden in België (7501433).3 Met uitzondering van de 80.927
Engelse, Schotse en Ierse sterlings inventariseert hij daarin alle stukken uit
de vondst.
Hoe belangrijk de analyses van Rutten,
De Witte, Tourneur en anderen waren,

blijkt uit het feit dat Rutten 49.266 munten in handen heeft gehad en ‘bekeken’,
terwijl De Witte circa 10.000 (Brabantse)
munten toegespeeld heeft gekregen en
Tourneur circa 600 (Vlaamse). Telkens
werden deze munten ter analyse voorgelegd door numismaat en veilinghouder
Charles Dupriez.

WILLY GEETS

Samenstelling
Het cijfermateriaal met betrekking tot
de inhoud van de deniers uit de schat op
een rij gezet, geeft het volgende resultaat:
- Circa 58.300 Brabantse deniers van
Hendrik I (1190-1235), Hendrik II
(1235-1248), Hendrik III (12481261) en Aleydis van Bourgondië
(1261-1268), verspreid over verschillende muntateliers zoals Brussel,
Leuven, Antwerpen, Nijvel, waarvan
15.661 deniers alleen al van Aleydis van
Bourgondië, weduwe van Hendrik III;
- Circa 1200 Vlaamse deniers eveneens
verspreid over verschillende ateliers
zoals Aalst, Brugge, Gent, Diksmuide,
Ieper, Rijsel, Kortrijk;
- Circa 2700 Henegouwse deniers (atelier Valencijn, vandaag Valenciennes in
Frankrijk);
- Circa 430 Luikse deniers;
- Verder nog kleine aantallen deniers
uit de graafschappen Loon, Holland,
Gelre, uit het bisdom Utrecht enz.,
tezamen met enkele Brabantse obolen
(waarde ½ denier). Vlaamse obolen
waren niet aanwezig in de vondst.
In totaal gaat het hier over 63.370 stukken
waarvan de best bewaarde opnieuw de
deniers zijn van Aleydis van Bourgondië.
Voor een systematisch en gedetailleerd
overzicht van de inhoud van deze muntschat verwijs ik naar Haeck.4

DE BEELDENAAR 2009-1
39

1858-08_Beeldenaar_2009-1.indd 39

17-12-2008 09:13:43

Opmerkelijk is ook de relatief grote
aanwezigheid van (opzettelijk) gehalveerde deniers die dienst deden als
obool vanwege een tekort aan klinkende
munt.
Verblijfplaats
Wat is er van deze munten en specifiek
van de deniers geworden? Het volledige
verhaal is niet meer te achterhalen maar
met stelligheid kan men zeggen dat de
80.927 sterlings als één enkel lot werden
verkocht in 1909 aan het huis Baldwin,
gereputeerd Brits numismaat. Volgens
Haeck zouden deze munten rond 1996
nog steeds bewaard worden in de
kluizen van het numismatische huis
Baldwin. Toch zijn al ‘long crosspennies’ (lees sterlings) aangeboden door
gerenormeerde Engelse numismaten die
schriftelijk certificeren dat deze pennies
via het huis Baldwin uit de ‘Brussels
Hoard’ komen.
Charles Dupriez veilde 28 oktober
1909 een beperkt deel van de stukken
uit onze gewesten. In de inleiding van

zijn catalogus schrijft hij: ‘Cette trouvaille contenait, outre 80.927 esterlins
anglais que nous avons vendus à notre
excellent confrère M. Baldwin, environ
60.000 pièces des Pays-Bas dont près de
55.000, de conservation médiocre, ont
été fondues à la suite d’un triage minutieux que nous en avons fait’.Vrij vertaald blijkt dus dat het overgrote deel
(91,7%) van de munten uit onze gewesten opnieuw werd gesmolten vanwege
de middelmatige kwaliteit van de stukken. Toch zouden de zeldzame stukken
ontsnapt zijn aan deze (brutale) actie.
In zijn veilingcatalogus no. 100 biedt
Dupriez 615 loten te koop aan die op
30 stukken na, allen uit de Brusselse
muntvondst komen. De gemiddelde inzetprijs per lot schommelde tussen 1 en
3 Belgische franken anno 1909. Cijfers
die doen dromen… Wat er met de overige
deniers is gebeurd blijft in het duister.
De catalogus van Dupriez toont geen
enkele afbeelding, maar verwijst wat betreft de muntidentificatie naar de referentienumismaten zoals De Witte voor

DE BEELDENAAR 2009-1
40

1858-08_Beeldenaar_2009-1.indd 40

17-12-2008 09:13:43

dan antwoorden’.7 Hierin gaat hij dieper
in op de Brabantse geschiedenis achter
de munten van met name de hertogelijke Munt en het ontstaan van de stedeOpvallend
lijke muntslag waarvan voorbeelden legio
Wat valt op, afgaande op dit cijfermate- hierna.
riaal? Brabant is zeer sterk aanwezig in
Wat betreft Vlaanderen en Henegouwen
de muntschat; Vlaanderen echter biedt
start de periode met Johanna van Conslechts 1.200 munten aan. Dit zou kun- stantinopel. Zij werd geboren te Valennen wijzen op de troebelen in Vlaande- ciennes (Valencijn) omstreeks 1200 en
ren onder Johanna van Constantinopel
overleed te Marquette op 5 december
(1206-1244) en dus op een economische 1244. Zij was de dochter van graaf
activiteitverschuiving van Vlaanderen
Boudewijn IX van Vlaanderen en
naar Brabant. De munten, inclusief de
Henegouwen (als Boudewijn VI) die in
Engelse sterlings, overspannen een
mei 1204 keizer van Constantinopel
periode van ongeveer honderd jaar.
werd en van Maria van Champagne. Na
Munten van Jan I van Brabant (1268het overlijden van haar moeder in 1204
1294) ontbreken in de muntschat, teren het spoorloos verdwijnen van haar
wijl Aleydis van Bourgondië (weduwe
vader in 1205 liet de Franse koning
van Hendrik III) (1261-1268) de meest
Filips II Augustus, in 1208, haar met
recente vorstin is die in de muntschat
haar twee jaar jongere zuster overbrenvoorkomt. Het blijkt trouwens dat begen naar zijn hof in Parijs om haar te
paalde munten van Aleydis in FDC kwali- onttrekken aan niet-Franse invloeden.
teit aanwezig waren in de vondst.6 Dit
Zij huwde twee maal en overleed kindoet vermoeden dat de sluitmunt van
derloos. Zij werd opgevolgd door haar
1267 dateert, hoewel Rutten en Tourneur zuster Margareta die in 1212 vanuit
daar een levendig debat over voerden.
Parijs terugkeerde naar Henegouwen
waar zij in 1215 huwde met de HeneToenmalige vorsten
gouwse ridder Burchard van Avesnes.
Wie waren de vorsten die toen over
Na een klacht van haar zus Johanna verBrabant, Vlaanderen, Henegouwen en
klaarde paus Innocentius III het huwedergelijke regeerden? De periode vangt lijk ongeldig op grond van het feit dat
aan voor wat betreft Brabant met
Burchard subdiaken was gewijd en dus tot
Hendrik I (1190- 1235) of Hendrik de
de geestelijke stand behoorde. Pas in 1222
Strijdlustige (le Guerroyeur) met een
verliet Margareta haar echtgenoot en
passie voor wapens. Hij was de laatste
hertrouwde met Willem van Dampierre.
van de Brabantse hertogen die zich naar Op 29 december 1278 deed Margareta
Palestina begaven om de ‘Sarrazijnen’ te van Constantinopel troonsafstand ten
bestrijden; hij bleef er slechts enkele
gunste van haar zoon Gwijde III van
maanden. Hendrik II de Grootmoedige Dampierre. In Henegouwen bleef zijzelf
(1235-1248) was reeds oud toen hij van
aan de macht tot haar dood in 1280.
zijn vader het bestuur overnam. HenHaar lichaam werd bijgezet in de door
drik III de Goede, (1248-1261) zorgde
haar gestichte abdij van Flines-lez-Raches
voor een relatief vreedzame periode in
(Dowaai of Douai).
Brabant en overleed te Leuven. Zijn
weduwe Aleydis van Bourgondië reOorspronkelijke eigenaar
geerde tot haar dood in 1268.
Wie was de eigenaar en waarom deze
Verdere achtergrondinformatie ver- grote geldhoeveelheid nooit is opgestrekt Harry Dewit in het artikel ‘Dena- haald blijven intrigerende vragen, maar
rius met de brug, 1230-1270: meer vragen het antwoord is pure speculatie en valt
de Brabantse munten, Gaillard voor de
Vlaamse munten en Chalon voor de
Henegouwse munten.5

DE BEELDENAAR 2009-1
41

1858-08_Beeldenaar_2009-1.indd 41

17-12-2008 09:13:43

buiten het bestek van deze compilatie.
In zijn artikel ontwikkelde Gullbekk
hierover en over de samenstelling van
de muntschat enkele denkpistes.8
NOTEN
1 GULLBEKK 2005.
2 DE JONGHE 1910, RUTTEN 1910, DE WITTE
1911, RUTTEN 1911, THÉRY 1911.
3. HAECK 1996.
4. HAECK 1996.
5. DE WITTE 1804, GAILLARD 1852, CHALON
1848, GHYSSENS 1971.
6. HAECK 1996.
7. DEWIT 2001.
8. GULBEKK 2005.
LITERATUUR
RENIER CHALON Recherches sur les monnaies des
comtes de Hainaut (Brussel, 1848).
‘Denarius met de brug, 1230-1270:
meer vragen dan antwoorden’ Muntklapper 30
(april 2001) 1- 6.

S. GULLBEKK

‘The Brussels Hoard – The largest
medieval coin hoard in Europe’ EGMP - jaarboek
(2005) 81-97.
AIMÉ HAECK Middeleeuwse muntschatten gevonden
in België. Trésors médiévaux trouvés en Belgique
(750-1433) (Brussel, 1996).
B. DE JONGHE

‘Deux deniers lossains frappés à
Hasselt’ Revue belge de numismatique (1910) 5-11.

C . RUTTEN ‘La trouvaille de la rue d’Assaut, à
Bruxelles’ Revue belge de numismatique (1910) 252280.
C . RUTTEN ‘De la date d’enfouissement de la trouvaille de Bruxelles et celle de l’émission des deniers attribués à Ostende’ Revue belge de numismatique (1911) 158-164.
C . RUTTEN ‘Notes sur quelques monnaies anglaises de la trouvaille de la rue d’Assaut, à Bruxelles’
Revue belge de numismatique (1910) 166-175.

HARRY DEWIT

Catalogue no. 100, Deniers des
XIIème et XIIIème siècles des Pays-Bas Méridionaux
Brabant-Flandre-Hainaut-Liège-Luxembourg
(Brussel, s.a.).

L . THÉRY ‘Les monnaies lilloises de la trouvaille
de la rue d’Assaut à Bruxelles’ Revue belge de numismatique (1911) 5-7.

CHARLES DUPRIEZ

VICTOR GAILLARD Recherches sur les monnaies des
comtes de Flandre, depuis les temps les plus reculés,
jusqu’au règne de Robert de Béthune inclusivement
(Gent, 1852).

Les petits deniers de Flandre des
XIIème et XIIIème siècles (Brussel, 1971).

JOSEPH GHYSSENS

V. TOURNEUR ‘Les monnaies de Flandre de la
trouvaille de Bruxelles’ Revue belge de numismatique (1911) 49-60.

Histoire monétaire des comtes
de Louvain, ducs de Brabant et marquis du Saint
Empire Romain (Antwerpen, 1804).

ALPHONSE DE WITTE

A . DE WITTE

‘Les monnaies brabançonnes de la
trouvaille de la rue d’Assaut à Bruxelles’ Revue
belge de numismatique (1911) 19-48.

Beschrijving van de deniers
Een overzicht van vaak voorkomende
munten in de muntschat van 1908 wordt
hierna gegeven. Zonder de pretentie te
hebben dat dit overzicht een representatieve staal vormt van deze muntschat, is

een poging gedaan een aantal van de
munten op tweemaal ware grootte af te
beelden. Tegenwoordig worden deze deniers nog steeds aangeboden op ruildagen
en muntbeurzen aan een ‘schappelijke’ prijs.

Kleine denier, Aalst 1205-1244 (Gaillard 44)
Vz.: Krijger half afgebeeld naar links,
Kz.: Lang kruis. Binnen middelste parelbanier in de rechterhand, linkerhand op cirkel in elk kwartier een punt. Tussen
de heup. Rechts boven schouder ring
middelste en buitenste parelcirkel in de
met punt.
kwartieren afwisselend een ster tussen

DE BEELDENAAR 2009-1
42

1858-08_Beeldenaar_2009-1.indd 42

17-12-2008 09:13:44

twee punten en een ring tussen twee
punten.
Diameter: 11 mm, gewicht: 0,33 g, zilver.

Hiervan bevatte de muntvondst 151
exemplaren.

Kleine denier, Brugge 1253-1259 (Ghyssens 419)
Vz.: Gehelmde krijger voorzien van
Kz.: Gebloemd kruis binnen parelcirkel
sporen binnen parelcirkel naar rechts,
Diameter: 10 mm, gewicht: 0,38 g, zilver.
Hiervan bevatte de muntvondst 22 gemet in de rechterhand een geheven
zwaard, in de linkerhand een schild met halveerde exemplaren, zijnde 11 deniers.
dwarsbalken.

Kleine denier, Gent 1259-1300 (Gaillard 85)
Vz.: Gehelmd hoofd naar links. In de
Kz.: Lang dubbel ankerkruis binnen pahelm drie ringen en boven de helm een
relcirkel.
kuif. Achter het hoofd vier (of twee?)
Diameter: 10 mm, gewicht: 0,39 g, zilver.
puntjes in kruisvorm.
Hiervan bevatte de muntvondst 50 exemplaren.

Kleine denier, Ieper 1244-1280 (Gaillard 120)
Vz.: Twee overlappende driehoeken,
parelcirkel en daarbinnen afwisselend
waarvan één op de hoeken is voorzien
een ring en een punt.
van lelies en de andere van ringetjes met Diameter: 11 mm, gewicht: 0,38 g, zilver.
punt. Tussen de hoeken zes ringetjes en Hiervan bevatte de muntvondst één
zes bolletjes. In het centrum een punt.
exemplaar.
Kz.: Lang gevoet kruis binnen parelcirkel;
in de kwartieren I-P-R-A staand op een

DE BEELDENAAR 2009-1
43

1858-08_Beeldenaar_2009-1.indd 43

17-12-2008 09:13:44

Kleine denier, Rijsel 1220-1259 (Gaillard 92)
Vz.: Lelie binnen parelcirkel. Binnen
sikkel staand op een kleine parelcirkel
een grotere parelcirkel boven en onder
met in elk kwartier een punt.
de lelie een ster en links en rechts een
Diameter: 11 mm, gewicht: 0,40 g,
sikkel. Hiertussen vier ringetjes.
zilver.
Kz.: Lang gevoet kruis binnen parelcirkel. Hiervan bevatte de muntvondst 221
In de kwartieren afwisselend L-sikkel-I- exemplaren.

Kleine denier, Rijsel 1253-1259 (Gaillard 107 variant)
Vz.: Wapenschild met lelie binnen paDiameter: 10 mm, gewicht: 0,21 g, zilver.
relcirkel. Aan elke zijde van het driehoe- Hiervan bevatte de muntvondst 22 gekige schild een ringetje.
halveerde exemplaren, zijnde 11 deniers.
Kz.: Lang gevoet kruis binnen parelcirkel. In de kwartieren L-I-L-A staand op
een kleinere parelcirkel.

Denier, Valencijn 1205-1244 (Chalon 10)
Vz.: Monogram van Henegouwen met
Diameter: 12 mm, gewicht: 0,40 g, zilver.
boven en onder een ster. In de kwartieHiervan bevatte de muntvondst 2709
ren VA-LE-CE-NE.
exemplaren.
Kz.: Gevoet kruis binnen parelcirkel. In
elk van de kwartieren een sikkel.

DE BEELDENAAR 2009-1
44

1858-08_Beeldenaar_2009-1.indd 44

17-12-2008 09:13:44

Hendrik III, denier, Leuven 1248-1261 (De Witte 68)
Vz.: Leeuweschild met H.DV rechts van
Diameter: 12 mm, gewicht: 0,52 g, zilver.
het schild en CIS links van het schild.
Hiervan bevatte de muntvondst 1.215
Drie punten boven het schild.
(versleten) exemplaren.
Kz.: Brabants kruis met in de kwartieren
B-A-S-T.

Hendrik II en III, denier, Leuven 1235-1261 (De Witte 158)
Vz.: Klimmende leeuw naar links in
De muntvondst bevatte 7772 exemplavolle veld binnen parelcirkel.
ren van de denier met klimmende leeuw
Kz.: Brabants kruis met in de kwartieren
uit de ateliers van Leuven, Brussel en
T-I-B-A.
Antwerpen.
Diameter: 11 mm, gewicht: 0,54 g, zilver.

Denier, Brussel 1235-1261 (De Witte 126)
Vz.: Horizontale projectie van een brug Kz.: Brabants kruis met in tegenovergemet tussen de uiteinden een boog (of
stelde kwartieren T-I; in elk ander kwarsikkel) en links en rechts een vierarmig
tier twee strepen en twee bollen.
bloemvormig ornament met boven en
Diameter: 11 mm, gewicht: 0,55 g, zilver.
onder een bolletje.
Hiervan bevatte de muntvondst 1192
exemplaren (inclusief de varianten).

DE BEELDENAAR 2009-1
45

1858-08_Beeldenaar_2009-1.indd 45

17-12-2008 09:13:45

Denier, Antwerpen of Halen 1235-1261 (De Witte 138)
Vz.: Tweekoppige arend.
Hiervan bevatte de muntvondst 650 exemKz.: Brabants kruis met in de kwartieren plaren.
G-O-L-I.
Diameter: 12 mm, gewicht: 0,58 g, zilver.

Denier, Brussel? 1235-1261 (De Witte 185)
Vz.: Eenkoppige arend naar links met
Diameter: 12 mm, gewicht: 0,55 g, zilver.
bovenaan rechts een sikkel.
Hiervan bevatte de muntvondst 2296
Kz.: Brabants kruis met in de kwartieren
exemplaren inclusief de varianten.
T-E-N-I.

Aleydis van Bourgondië, denier, Leuven 1261-1267 (De Witte 74 variant)
Vz.: Klimmende leeuw naar links op
Diameter: 12 mm, gewicht: 0,48 g, zilver.
schild; gespiegelde N links en gespieHiervan bevatte de muntvondst 15.661
gelde V rechts van schild.
exemplaren (inclusief de varianten).
Kz.: Brabants kruis met in de kwartieren
B-A-S-T.

DE BEELDENAAR 2009-1
46

1858-08_Beeldenaar_2009-1.indd 46

17-12-2008 09:13:45