You are on page 1of 2

Op basis van de uitslag van de Pabotool schrijf ik een verantwoording over

mijn eigen ICT-vaardigheid. Uiteraard komen hierbij mijn sterkte en


zwakke punten aan bod.

Op de afbeelding hierboven zie je de uitslag van mijn Pabotool. Allereerst


zal ik even benoemen waar de staven 1 t/m 7 voor staan:

1. Interpersoonlijk competent
2. Pedagogisch competent
3. Vakinhoudelijk & didactisch competent
4. Organisatorisch competent
5. Competent in het samenwerken met collega's
6. Competent in samenwerken met omgeving
7. Competent in reflectie en ontwikkeling

Op competentie 3 scoor ik het laagst. Tijdens mijn stages heb ik nog niet
gezien dat het ICT optimaal in de klas wordt benut. Ik hoop door de
opdrachten van ICT uit te voeren, ideeën op te doen die ik didactisch in
kan zetten in mijn lessen.
Als ik eenmaal inspiratie heb om ICT te kunnen toepassen in mijn klas vind
ik het niet moeilijk om te differentiëren zodat ik tegemoetkom aan de
verschillen van de leerlingen.
De uitslag geeft ook aan dat ik niet heel hoog scoor op competentie 7.
Deze uitslag viel mij echter op omdat ik met de computer ben opgegroeid
en ik best actief ben op het internet. Internettools zijn voor mij makkelijk
te begrijpen. Het is nog niet voorgekomen dat ik mijn internetgedrag moet
evalueren. Dit heb ik onbewust ontwikkeld.

Aangezien ik 25 jaar oud ben en met de computer groot ben gebracht, ben
ik mij er wel van bewust welke invloed ICT heeft op de leefwereld van het
kind. Het op een juiste manier leren omgaan met een computer en ook het
aanleren van omgangsnormen vind ik daarom ook zeer belangrijk.
Zoals ik al had verteld ben ik bekend met veel programma’s op een
computer en tools op het internet. Het gebruiken van alle ICT-
toepassingen en programma’s gaat mij makkelijk af. Hierdoor heb ik hoog
gescoord op competentie 5.