Het verschil tussen een tastbaar product en een dienst.

Een product kan vele vormen aannemen. Laat ons even stilstaan bij de belangrijkste verschillen en beginnen bij de tastbare producten. We leven tussen en met tastbare producten. Een pen, een boekentas, kledij. En als we het wat groter schetsen: een auto, een caravan, een huis. Zo kan het jouw droom zijn om zelfgebakken taarten te verkopen. Of mooi in elkaar gezette vogelhuisjes, omdat je een hart hebt voor dieren. Of je geeft een boek uit over de geschiedenis van je favoriete jeugdhuis. Schilderijen, foto’s. Allemaal voorbeelden van tastbare producten. Maar je kan ook een dienst aanbieden. Boodschappen doen voor oudere of zieke mensen. Natuurliefhebbers door een bos gidsen. Culturele uitstappen naar een stad organiseren. Haar knippen van kansarme gezinnen. Sporten met jongeren die zelden of nooit aan sport doen. Voor de klant Een klant kan die boekentas bekijken, aanraken, testen, op zoek gaan naar de voor en nadelen. Met andere woorden: de klant kan zich een idee vormen over de kwaliteit van dat product en zich zo laten leiden tot een aankoop of juist niet. Bij een dienst ligt dat anders. Laten we ervan uitgaan dat de klant zich inschrijft voor een begeleide wandeling langsheen de historische gebouwen van een stad. In dat geval kan hij zich moeilijk, soms zelfs onmogelijk, een idee vormen over de kwaliteit. Pas na de rondleiding weet hij of het interessant was. Dat het prettig gebracht was. Dat er voldoende voorbeelden gegeven werden. Dat er ruimte was voor vragen. Kortom: de klant kan pas achteraf de kwaliteit inschatten. Dus wanneer hij de dienst al heeft gekocht. Om de klant te overtuigen en aan te zetten tot een aankoop, zal je bij een dienst op een andere manier te werk moeten gaan. Voor de aanbieder Ook voor de aanbieder is er een groot verschil tussen tastbare producten en diensten. Een maker van een tastbaar product, een meubel, een foto, een taart, kan bij de productie wel eens een fout maken. Of een mindere dag hebben. Stel dat je kledingstuk maakt en je hebt de naden scheef aan elkaar gestikt. Dan kan je als maker van dat product beslissen om het niet in de winkel te hangen en het de volgende dag uit elkaar te halen en het opnieuw keurig in elkaar te zetten. Maar een maker van een dienst kan dit niet. Je knipt bijvoorbeeld iemand zijn haar. Als je dan een minder moment hebt en je knipt compleet fout, dan is dat haast niet meer te herstellen. De conclusie is dat een maker van een dienst altijd in topvorm moet zijn.