You are on page 1of 1

13 november 2010 , pag.

10

Zo oneerlijk
Het was half december vorig jaar, toen hij de aanzegging kreeg. Gerrit Ybema, oud-staatssecretaris en nog een heleboel meer, heeft kanker. Een ongeneeslijke vorm.

Gerrit Ybema: ,,Ik ben geen tobber. Maar ik lig heus wel eens wakker van wat mij nu overkomt.’’
SASKIA VAN WESTHREENEN FOTO SIEP VAN LINGEN

H

ij zit in een goede periode. Zo noemt hij dat. Gerrit Ybema (65) heeft geen pijn en ziet er uit zoals we hem kennen: gesoigneerd. Toch is hij ongeneeslijk ziek. Een Groninger professor gaf hem vorig jaar nog dertien maanden te leven, als hij zonder medicatie of kuren verder wilde. Ybema ging onder behandeling. Natuurlijk. Hij grijpt de mogelijkheid aan. En hij is er nog, bijna een jaar later. Pasgetrouwd en wel. ,,Het geeft een vertekend beeld’’, zegt hij over zijn uiterlijk. ,,Maar de werkelijke situatie is nogal ernstig.’’ Gerrit Ybema heeft mesothelioom. Dat is longvlieskanker. De ziekte komt niet vaak voor. ,,Volgens mijn specialist in Groningen maakt hij het sporadisch mee.’’ Dat zijn twintig gevallen per jaar. Van de mesothelioompatiënten werkte 80 procent vroeger met as-

best. Werknemers van de Eternitfabriek in Goor bijvoorbeeld. Dat was ook de eerste vraag van zijn huisarts, toen hij de aanzegging kreeg. ,,Hij vroeg: heb jij ooit in een asbestomgeving gewerkt?’’ Nee dus. ,,Ik kom van het Friese platteland. Heb altijd gewerkt in een vergaderomgeving.’’ Hij was beleidsadviseur bij de provincie. Kamerlid. Staatssecretaris. ,,Het blijft moeilijk te accepteren. Ik kan mezelf niks verwijten. Ik heb in die zin niet verkeerd geleefd. Ik ben nooit een zware roker geweest. Dit is de categorie domme pech.’’ Het ‘waarom’ is het grote raadsel. ,,Getroffen door het noodlot. Dat is heel bitter. Heel wrang. Je wilt het niet accepteren. Je vindt het zo oneerlijk.’’

Kriebelhoest
Het begon met een kriebelhoest, eind vorig jaar. Die had hij vaker, maar dit keer ging het niet over. ‘We gaan even bloed prikken’, zei

de dokter. Er werd een ontsteking geconstateerd. Er kwam een echo van de buik en een scan van de longen. Een longontsteking, dachten ze. Nooit vergeet Ybema het moment bij longarts Evers in Sneek. Hij wilde weten wat de dokter vreesde. ,,Toen bleef hij even stil. Hij zei: wilt u het echt weten? Ik zei: ‘Ja.’ Hij zei: ik denk dat het longvlieskanker is.’’ Direct werd Ybema doorverwezen naar oncoloog Harry Groen in Groningen. ,,Een kundig man. En ontzettend aardig.’’ Hij lacht erbij. Ybema is niet een man om verstoppertje mee te spelen. ,,Ik wil graag alles weten.’’ Ook professor Groen was duidelijk. ,,Hij zei direct: Ik moet zeggen dat ik u niet kan genezen.’’ Bats! Die boodschap kwam aan. Net als de daaropvolgende mededeling. ,,Als u niks doet, is de gemiddelde levensduur nog dertien maanden.’’ De terugreis in de auto met zijn vrouw Jelske naar huis in Uitwel-

lingerga was lang. ,,Alsof je in een film zit. Alsof het iemand anders betreft.’’ De acceptatie is er nog steeds niet. ,,En het ergste is dat je leven op slag zo radicaal verandert.’’

Wonderboy
Hij gold als de Friese wonderboy. Was een graag geziene gast op recepties. Is lid van de Heeren Zeventien, het exclusieve gezelschap van mannen die er in Friesland toe doen. Had tot december vorig jaar zestien bijbanen. ,,Ik leefde tot dat moment vrij onbezorgd. Onbekommerd’’, zegt hij zelf. Groot onheil in de persoonlijke sfeer had hem nooit getroffen. ,,En dan dit? Duizend vragen bestormen je.’’ Toch heeft het ook zijn mooie kanten. Hij besloot in de nabije kring direct open te zijn over zijn ziekte. En verdraaid, wat kreeg hij daar veel voor terug. Bloemen, kaartjes. ,,On-voor-stel-baar.’’ Zo leerde dit wonderlijke jaar hem

’Ik leefde tot dat moment vrij onbekommerd’

ook een hele hoop. ,,Je wordt je veel bewuster van het belang van waardevolle contacten. De aanleiding is heel bitter en heel wreed. Maar er zit ook verrijking in.’’ Op 6 januari begon de eerste chemokuur. Op 5 januari trouwde hij met zijn Jelske. Hij weet niet eens meer precies wie nou wie ten huwelijk vroeg. ,,Ik denk dat het Jelske was.’’ Het moest op stel en sprong. Ze durfden de zomer niet af te wachten. Het leven kon immers zomaar afgelopen zijn. Eind december meldden ze zich op het gemeentehuis van Wymbritseradiel in IJlst. ,,We vroegen of we voor 6 januari konden trouwen. Het kon alleen op de vijfde. Dat was een dinsdag. En wat denk je? Op dinsdagmorgen is het in IJlst gratis trouwen!’’ Daar hebben ze hartelijk om gelachen. ,,De ambtenaar waarschuwde wel dat het een sobere plechtigheid zou worden. En dat het maar twintig minuten mocht duren.’’ Trouwambtenaar Hannie Mulder (,,Een schat van een vrouw’’) maak-

te er alsnog een uur van. ,,En het was schitterend.’’ Op 4 juni volgde het grote feest op Epema State in Ysbrechtum. ,,Die dag trouwden we voor de liefde.’’ Vriend Hayo Apotheker kwam met een alternatieve Akte voor de Huwelijksbevestiging en het mooie feest in groot gezelschap duurde tot middernacht.

Vakantie
,,Ik leef bij de dag’’, zegt hij eerlijk. Een vakantie plannen voor volgend jaar, dat zit er niet in. ,,En die ziekte speelt voortdurend door je hoofd. Ook omdat het zo vervelend is voor je vrouw. Je kinderen.’’ Ybema heeft er vijf; drie uit zijn eerste huwelijk (dochter van 34 jaar en zonen van 31 en 29) en Nils (17) en Lisa (15) van Jelske. Acht chemokuren verder worden de effecten van iedere volgende kuur steeds heftiger. En met iedere kuur van drie weken is hij ,,tien dagen van de kaart’’. Zo lang het gaat, werkt hij door. Hij

is officieel zelfstandige en heeft het bedrijf Ybema Economy Solutions. ,,Afgekort YES. Dat vond ik mooi. Dat is precies het gevoel dat ik altijd had als ik ergens aan iets begon: Yes!’’ Na de aanzegging van professor Groen ging hij al zijn betaalde en onbetaalde, zijn grote en kleine functies langs. Door acht ervan ging onmiddellijk een streep. ,,Ik had met die dertien maanden ineens een andere horizon. Bovendien: zo’n ziekte slokt heel veel tijd op.’’ Ybema heeft nog acht banen over. Twee commissariaten (Arcadis en Alliander), drie toezichtschappen (Zorggroep Noorderbreedte, NHL en ROC Friese Poort), twee bestuurlijke functies (bioscoopbranche en Zorg Innovatieforum) en het Konsultyf Orgaan Frysk. Hij doet dingen waar hij van geniet. Zoon Nils is een getalenteerd schaatser. Vijf keer per week traint hij op Thialf. Iedere keer als Ybema daar komt, kijkt hij zijn ogen uit. ,,Hoe veel jongens en meisjes daar

vreselijk goed bezig zijn. Dat is fantas-tisch!’’ Hij sloeg ook amper een voetbalwedstrijd over van SC Heerenveen, waar hij na zijn staatssecretariaat twee stoeltjes kocht. Als ‘stas’ maakte hij zich sterk voor de financiële overheidsbijdrage voor het Sportstad-complex. Nu kijkt hij er voetbal. Ook als het minder gaat. ,,Dan zegt mijn vrouw: zou je wel gaan? Maar dan ga ik toch, met Nils. Die buitenlucht is goed voor me. Die zuurstof.’’ Iedere keer komt Ybema gelukzalig thuis. ,,Al was de wedstrijd nog zo beroerd.’’

Knipsels
Zijn oudste broer Jan uit Borculo kwam eind oktober, toen hij 65 werd, met een bijzonder cadeau. Jan bleek jarenlang krantenknipsels over Gerrit te hebben ingeplakt. Hij had ze laten inbinden in twee boekwerkjes. ‘Bloemlezing uit de loopbaan van drs. G. Ybema’ stond erop. ‘Deel 1: kamerlidmaat-

schap. Deel 2: staatssecretariaat’. Hij glimt. Nooit wist hij wat broer Jan al die jaren had verzameld. Het tekent de rijkdom waar hij eerder over praatte. Gerrit was thuis het nakomertje. Een echte babyboomer, geboren in oktober1945. De jongste uit een gezin van acht kinderen. Moeder werd 95 jaar, vader werd 85. Het gezin was liberaal gereformeerd. Gerrit volgde de catechisatie. Hij deed nooit belijdenis. De grote levensvragen spoken tegenwoordig geregeld door zijn hoofd. ,,Ik ben geen tobber. Maar ik lig heus wel eens wakker van wat mij nu overkomt.’’ En ja, dan duikt het geloof van vroeger op. ,,Zo eerlijk moet ik zijn. Je grijpt alles aan om houvast te hebben.’’ Hij is even stil. ,,Ik roep hem wel eens aan. Zo is het wel. Wie of wat het dan ook is.’’