Toedracht ongeluk dd 10-01-2012.

Zie bijgevoegde tekening voor schets ter verduidelijking. In de tekening is A – ik, B – de gene die mij aanreed en C – de gene waar ik als gevolg van de aanrijding tegenaan werd geduwd.

Ik kwam rond 8:10 aanrijden bij de voorrangsweg. Het verkeer in de richting van links naar rechts stond stil. Het verkeer in de richting van rechts naar links, de rijbaan waar ik ook naar toe wou, liep vlot door en daar stond ik netjes op te wachten(zie schets 1). De bestuurster in auto C wuifde mij vervolgens toe dat ik voor haar langs mocht. Ik ben toen op haar rijbaan gaan staan en heb gewacht totdat ik meende te zien dat de weg vrij was(zie schets 2). Het was nog iets schemerig en bovendien slecht weer. Dit wetende heb ik extra lang gewacht tot er een hele stoet voorbij was. Ik heb eveneens via het gebouw aan de overzijde, waar ik zeg maar tegenaan zou rijden als ik rechtdoor zou zijn gereden, proberen vast te stellen of er niet als nog een auto aan kwam. Toen ik meende zeker te weten dat er geen auto aan kwam(zie schets 3) ben ik voorzichtig wezen optrekken. Voor ik er erg in had hoorde ik banden slippen en kwam er uit het ogenschijnlijke niets een zwarte auto aanrijden(auto B). Zover ik mij dat kan herinneren had de bestuurder geen verlichting aan omdat ik ervan overtuigd ben dat als hij deze wel aanhad, ik hem zeker had gezien, al dan niet direct, al dan niet via de ramen van het gebouw. Ik weet echter niet of de bestuurder van auto B te hard reed of niet. Vervolgens(zie schets 4) is auto B tegen mijn rechter voorkant aangereden en ben ik als gevolg daarvan tegen de linker voorkant van auto C aan gekomen met de deur aan bestuurderskant, ofwel de linker kant. Auto C stond de gehele tijd stil.

Sign up to vote on this title
UsefulNot useful