MODULEHANDLEIDING IT2 DAG – DAV – VO

Cursusjaar 2003 - 2004

1 Inhoudsopgave
1 Inhoudsopgave.................................................................................................................... ................1 2 Voorwoord................................................................................................................. ..........................2 3 Verantwoording............................................................................................................................... .....3 3.1 Startbekwaamheden leraar Primair Onderwijs; Paragraaf 2.5.5:............................................... ...3 3.2 Eindtermen Digitaal Rijbewijs Onderwijs:................................................................... ..................3 3.3 Kernkwaliteiten:............................................................................................................. ...............3 4 Modulebeschrijving IT2............................................................................................................... ........4 4.1 Inleiding............................................................................................................................ ............4 4.2 Doelen.............................................................................................................................. ............4 4.3 Beginsituatie......................................................................................................................... ........4 4.4 Werkvormen................................................................................................................. ................4 4.5 Verantwoording.................................................................................................. ..........................4 4.6 Middelen ............................................................................................................................... .......4 4.7 Studiepunt ................................................................................................................ ...................4 4.8 Tentamen................................................................................................................................... ...5 5 Computergebruik in het onderwijs............................................................................... .......................6 5.1 Invoering van de computer in de klas, achtergrondinformatie................................... ...................6 5.2 Evalueren van 6 educatieve programma’s......................................................... ..........................7 5.2.1 De programmamatrix.................................................................................. ..........................7 5.3 Evalueren van de 3 educatieve websites............................................................. ........................7 5.3.1 Kennisnet............................................................................................................. .................7 5.3.2 Zoeken op internet............................................................................................ ....................7 5.4 Formulieren voor het beoordelen van educatieve programmatuur en educatieve websites.........7 5.4.1 Formulier voor het beoordelen educatieve programmatuur..................................................8 5.4.2 Formulier voor het beoordelen van educatieve websites................................. .....................9 6 Aftekenlijst............................................................................................................... ..........................10

© HvU – FEO – Theo Thijssen Academie

Bladzijde 1

Draaiboek ICT

2 Voorwoord
Tijdens een bezoek aan een basisschool is je vast opgevallen dat door het hele gebouw heen werkplekken met computers zijn te vinden. En wanneer je de kerndoelen voor het basisonderwijs bekijkt wordt het duidelijk dat de computer niet meer uit het onderwijs weg is te denken. Er wordt van de basisschool verwacht dat zij aandacht besteedt aan het verantwoord en doelbewust gebruik van communicatiemiddelen. Je kunt hierbij denken aan het internet, aan e-mail, aan digitale leermiddelen, het werken met een tekstverwerker enzovoorts. Als leerkracht kun je de computer inzetten om je onderwijs zo goed mogelijk te organiseren. Dit vraagt om ICT vaardigheden van de leerkracht. In de modules IT1 en IT2 worden veel van deze vaardigheden geoefend. Dit oefenen doe je niet zomaar, maar in het kader van zogenaamde zinvolle productieve taken: − je communiceert electronisch met First Class en Studentenmail − je maakt een digitaal portfolio − je leert digitaal te presenteren − je gaat zoeken en publiceren op internet en − je leert educatieve software te beoordelen en gebruiken. Deze vaardigheden pas je toe en breidt je uit in de verschillende modules, taken en opdrachten, gedurende de gehele opleiding. Inhoudelijk wordt het digitaal portfolio aangestuurd door het mentoraat voor de DAG en de DAV en door de coach voor de VO. Het portfolio is een digitaal “verslag” waarin je je ontwikkelingen als aanstaand leerkracht bijhoudt en presenteert.

© HvU – FEO – Theo Thijssen Academie

Bladzijde 2

Draaiboek ICT

3 Verantwoording
Hieronder worden ten aanzien van de ICT-vaardigheden de meest relevante stukken genoemd. 3.1 Startbekwaamheden leraar Primair Onderwijs; Paragraaf 2.5.5: De beginnende leraar optimaliseert leerprocessen door de inzet van passende media en door leerlingen gebruik te laten maken van informatie- en communicatietechnologie Dat betekent dat de beginnende leraar 1. bekend is met de functies van uiteenlopende onderwijsmiddelen, materialen, moderne media en moderne communicatiemiddelen als Internet en e-mail; 2. vertrouwd is met het technisch gebruik van een aantal middelen; 3. voor het gebruik van onderwijsdoelen en het ontwikkelingsstadium van de leerlingen passende media inzet; 4. zo reflecteert op de inzet van middelen, dat hij opmerkingen vanuit zijn rol als gebruiker van die middelen aan derden kan geven over aan te passen of verder te ontwikkelen onderwijsmateriaal; 5. multimediaal werkt met een combinatie van tekst, beeld en geluid via een computersysteem Eindtermen Digitaal Rijbewijs Onderwijs: Voor het Primair en Voortgezet onderwijs zijn bovendien de Eindtermen voor het Digitaal Rijbewijs Onderwijs (DRO) geformuleerd. Het DRO is een combinatie van het Europees digitaal rijbewijs en onderwijskundige context. Het bestaat uit zeven modules. Deze hebben betrekking op algemene kennis over ict in het onderwijs, besturingssystemen, tekstverwerken, spreadsheets, databases, presentatieprogramma's en Internet en e-mail. Uitgangspunt op onze opleiding is, dat alle studenten die vaardigheden van het DRO aan het eind van hun opleiding grotendeels beheersen. Zowel genoemde paragraaf 2.5.5 uit de startbekwaamheden als de eindtermen voor het DRO vormen het kader waarbinnen de modulen IT1 en IT2 vorm en inhoud krijgen. 3.3 Kernkwaliteiten: Bij de werkvormen wordt gesproken over “zinvolle productieve taken”. Het zal duidelijk zijn, dat de kernkwaliteiten hiervoor richtinggevend zijn. Creativiteit, Vermogen tot reflectie, Samenwerking met medestudenten, Zelfstandig kunnen functioneren, Omgaan met snel wisselende informatiestromen Zelfstandig problemen kunnen oplossen en Verantwoordelijkheid kunnen dragen en aanvaarden voor gestelde taken spelen hierin een belangrijke rol.

3.2

© HvU – FEO – Theo Thijssen Academie

Bladzijde 3

Draaiboek ICT

4

Modulebeschrijving IT2

4.1 Inleiding Veel informatie is tegenwoordig via de computer beschikbaar, maar ook voor de dagelijkse werkzaamheden in de basisschool wordt vaardigheid op de computer steeds meer een vereiste. Uit contacten met de stagescholen blijkt dat juist van beginnende leraren en studenten verwacht wordt, dat ze professioneel met de computer kunnen omgaan, zowel voor eigen gebruik als voor inzet tijdens de les. Het ligt dus voor de hand, dat de student wordt geschoold in ICT. In onze opleiding zien we die ICT-scholing niet als een apart onderdeel, maar als een vanzelfsprekend geïntegreerd middel. In de module IT1 ligt het accent op het verwerven van de ICT-vaardigheden benodigd voor het ontwikkelen van het eigen digitaal portfolio. In IT2 wordt met name het (begeleiden van) ICT-gebruik voor en door kinderen daaraan toegevoegd. 4.2 Doelen Studenten hebben bij het afsluiten van de module IT1 elementaire vaardigheid bereikt met: computers in het algemeen, Besturingssysteem Windows, Tekstverwerken en Digitaal Communiceren. Sommigen hebben ook reeds gewerkt met PowerPoint (Digitaal Presenteren) In de module IT2 zullen studenten deze kennis en vaardigheid toepassen en uitbouwen tot het niveau van de DRO-modulen 1, 2, 3, 6 en 7. De studenten zullen een eigen website publiceren (iedere student kan daarvoor een eigen website ter beschikking krijgen. Deze website kun je aanvragen bij Jacques van der Meer). Op deze website toont de student(e): 1. een PowerPoint presentatie; 2. de beoordeling van een zestal educatieve programma’s; 3. de beoordeling van een drietal educatieve websites en 4. een aantal pagina’s naar eigen ontwerp t.b.v. het primair onderwijs. Een uitgebreide beschrijving van deze doelen kun je vinden op htt://pabo.feo.hvu.nl/ict. 4.3 Beginsituatie De beginsituatie van de studenten zal sterk verschillend zijn. De student dient de doelen van IT1 in ieder geval bereikt te hebben. 4.4 Werkvormen Voor de DAG-opleiding en de DAV zullen lessen gegeven worden. Voor de Verkorte Opleiding is IT2 een zelfstudiemodule 4.5 Verantwoording Zie hoofdstuk 3 4.6 − − − − Middelen De handleiding portfolio Raadpleeg bovendien regelmatig FCC en http://pabo.feo.hvu.nl/ict Voor de studenten zijn digitale foto- en videocamera’s, laptops en beamers beschikbaar. Deze kunnen gereserveerd worden op de website (http://pabo.feo.hvu.nl/apparatuur). Tevens staan in de OWP een Apple IMac en twee Windows machines t.b.v. videomontage. Voor het uitvoeren van de opdrachten binnen de modulen is het noodzakelijk dat studenten gebruik kunnen maken van een computer liefst minimaal voorzien van het Microsoft Office 2000 Premium pakket. Studenten kunnen voor een zeer gering bedrag privé gebruikmaken van de licenties voor verschillende software pakketten welke de Hogeschool van Utrecht heeft afgesloten. Deze software pakketten zijn verkrijgbaar bij het Leer Middelen Centrum van de FEO.

4.7 Studiepunt Voor deze module ontvangt de student één studiepunt.

© HvU – FEO – Theo Thijssen Academie

Bladzijde 4

Draaiboek ICT

4.8 Tentamen Om het studiepunt te verkrijgen, vult de student de aftekenlijst, welke te vinden is op http://pabo.feo.hvu.nl/ict, in. Deze aftekenlijst wordt digitaal verwerkt. Vervolgens wordt door de docent ICT van iedere student de gepubliceerde website beoordeeld.

© HvU – FEO – Theo Thijssen Academie

Bladzijde 5

Draaiboek ICT

5

Computergebruik in het onderwijs

5.1 Invoering van de computer in de klas, achtergrondinformatie Invoeren van de computer in de dagelijkse praktijk van het onderwijs vergt over het algemeen een behoorlijke investering van de zijde van de betrokken leerkrachten. Velen zullen eerst zelf de computer nog "in de vingers" moeten krijgen. Maar daarnaast vraagt een zinvolle inzet van de computer een goede doordenking van het eigen onderwijs, zowel in didactische, pedagogische als onderwijskundige zin. Dit is alleen verantwoord als men ook de overtuiging heeft, dat de computer een bepaalde meerwaarde aan het onderwijs toevoegt. Mogelijke meerwaarde van de computer Bij meerwaarde van de computer kan gedacht worden aan onder andere de volgende punten: − − − − − − − goede computer programma's zijn interactief en leveren directe feedback ook bestaat er de mogelijkheid van combinatie van beweging en geluid verwerking van resultaten en het verkrijgen van een overzicht gaat veel sneller motivatie-aspect bij kinderen mag niet onderschat worden de computer kan een goed hulpmiddel bij differentiatie zijn multimedia toepassingen (combinatie met geluid, foto’s, video, CD-ROM, DVD e.d.) zijn inmiddels gemeengoed

Toepassing van educatieve programmatuur in de klas Als men dan al - op basis van de hierboven genoemde veronderstelde meerwaarde van computers gemotiveerd is om educatieve programmatuur in de klas te gaan gebruiken, dan zal men op een aantal vragen toch een antwoord willen hebben. Vragen die in dat licht gesteld kunnen worden zijn: 1. Bij welke leerdoelen kan ik educatieve programmatuur gebruiken? − cognitieve − motorische − affectieve 2. Bij welke leerfasen is educatieve programmatuur toepasbaar? − automatiseringsfase − alle leerfasen 3. Is educatieve programmatuur bij iedere leertheorie toepasbaar? 4. Voor welke kinderen ga ik educatieve programmatuur gebruiken? − zwakke kinderen − intelligente kinderen − faalangstige kinderen 5. Wat waren de resultaten bij educatief gebruik van de computer? − hebben de kinderen meer geleerd? − hebben de kinderen sneller geleerd? − hebben de kinderen met meer plezier geleerd? − zijn doelen die anders bijna niet te halen waren nu wel behaald? − zijn de kinderen geconcentreerder aan het werk geweest? − heeft het computergebruik tot meer differentiatie geleid? Het zal duidelijk zijn, dat het onderwijs niet aangepast moet worden aan de mogelijke toepassing van de computer, maar dat de computer moet passen in het onderwijs. Men moet het eigen onderwijs daarvoor goed kennen en doordenken. Pas als men weet aan welke soort programmatuur behoefte
© HvU – FEO – Theo Thijssen Academie Bladzijde 6 Draaiboek ICT

bestaat, dan kan men gericht gaan zoeken of dergelijke programmatuur ook verkrijgbaar is. Daarvoor moet ook gedacht worden aan de volgende functies die educatieve programmatuur kan vervullen: 5.2 Evalueren van 6 educatieve programma’s

Voor het beoordelen van deze negen programma’s komen alle programma’s in aanmerking die dienstbaar zijn aan de ontwikkeling van kinderen. Zowel programma’s die speifiek voor het onderwijs ontwikkeld zijn als programma’s, die geschreven zijn voor de thuismarkt. Beschrijvingen van deze programma’s kun je vinden op de programmamatrix. 5.2.1 De programmamatrix De programmatrix is een database met actuele informatie over de educatieve software die op dit moment in Nederland en Vlaanderen wordt aangeboden. Bovendien bevat het naast de beschrijvingen ook veel links naar uitgeverijen. Daar zijn veel demo’s van programma’s te downloaden. De programmamatrix kun je vinden op www.programmamatrix.nl. 5.3 Evalueren van de 3 educatieve websites In toenemende mate verschijnen er websites op Internet, die interessante informatie voor het primair onderwijs te bieden hebben. 5.3.1 Kennisnet Alle scholen zijn aangesloten op Kennisnet. Op de website www.kennisnet.nl is veel informatie te vinden voor scholen, leerlingen en ouders. Deze website moet in ieder geval geëvalueerd worden. 5.3.2 • Zoeken op internet

• • •

Naast bovengenoemde website van Kennisnet evalueer je nog twee educatieve websites, die je zelf kunt kiezen. Om te zoeken kun je bijvoorbeeld gebruik maken van www.startpagina.nl/. Je kunt dan verder zoeken op de onderwijspagina van deze site. Ook kun je zoekcriteria opgeven. Denk daarbij aan b.v. educatieve <and> software. N.B. de logische koppeling <and> zorgt ervoor dat educatieve software als een geheel beschouwd wordt en niet als twee aparte criteria. Ook ken je natuurlijk een aantal namen van educatieve uitgeverijen. Die hebben vaak een eigen website. B.v. uitgeverij Zwijsen heeft een eigen website met als adres http://www.zwijsen.nl/. Een andere mogelijkheid is b.v. http://www.leerkracht.nl/. Voor het vakgebied Rekenen en Wiskunde is de site van het Freudenthal Instituut interessant: http://www.fi.uu.nl . Met name het Rekenweb is de moeite waard.

5.4 Formulieren voor het beoordelen van educatieve programmatuur en educatieve websites Op de volgende pagina’s vind je standaardformulieren welke je kunt gebruiken voor het beoordelen van programmatuur en websites. Deze formulieren kun je ook downloaden van http://pabo.feo.hvu.nl/ict.

© HvU – FEO – Theo Thijssen Academie

Bladzijde 7

Draaiboek ICT

5.4.1

Formulier voor het beoordelen educatieve programmatuur

Naam van het programma: City walk. Indruk / beoordeling: Uitgever: LPC-It groep Prijs:? ( voor ZML) A. Programma gebonden criteria
• de mate van interactie Zeer interactief

• uiterlijk van het programma, zoals: schermindeling gebruik van illustraties / animaties • technische werking van het programma gebruikersvriendelijkheid snelheid geluid, kleur en bewegende beelden B.

Duidelijk en overzichtelijk.

. Het programma Is erg gebruiksvriendelijk.Speciaal gemaakt voor de ZML leerlingen. Overzichtelijk, niet te snel, instructie is verbaal. Het beeld is rustig, niet te veel onnodig bewegende dingen en flitsende kleuren.

Leerling gebonden criteria
Het gaat steeds een graadje moeilijker, wanneer de leerling de opdrachten goed heeft gedaan, wordt het niveau hoger.

• flexibiliteit; tempo en moeilijkheidsgraad instelbaar of zelfinstellend • aard van de feedback: taalgebruik extra uitleg evt. verwijzingen

Duidelijk! Wanneer de leerling een foutje maakt krijgt hij de kans het over te doen. Na een aantal fouten ga je weer even een niveau omlaag. Opdrachten zijn duidelijk verwoord.

• resultaten overzicht aan het eind Leerling gegevens en resultaten worden opgeslagen en kunnen of tussentijds en hoe worden de worden nagekeken.worden desgewenst om de week tot 26 weken gewist. resultaten opgeslagen

C. Onderwijskundige criteria
• plaats in de eigen situatie, zoals: Gemaakt voor ZML leerlingen door ZML leerkrachten. doelgroep / leeftijdsgroep werkwijze gebruikte methode / stroming • mogelijkheid voor de leerkracht het programma aan te passen aan de eigen situatie • kwaliteit van: handleidingen (leerkracht en leerling), werkbladen uitleg
© HvU – FEO – Theo Thijssen Academie

niet

Zeer helder en duidelijk. Ik werk er veel mee in mijn klas.

Bladzijde 8

Draaiboek ICT

5.4.2

Formulier voor het beoordelen van educatieve websites

Welke site heb je bezocht?

Beschrijf hier je indruk van deze site.

Is deze site bruikbaar in relatie tot gestelde leerdoelen/gehanteerde methode

Is deze site uitnodigend/stimulerend voor de doelgroep

Is deze site inhoudelijk betrouwbaar en objectief

Werkt deze site technisch betrouwbaar

© HvU – FEO – Theo Thijssen Academie

Bladzijde 9

Draaiboek ICT

6 Aftekenlijst
De aftekenlijst voor IT2 en de procedure kun je vinden op http://pabo.feo.hvu.nl/ict.

© HvU – FEO – Theo Thijssen Academie

Bladzijde 10

Draaiboek ICT