Boeken in de wereld om ons heen Van onze verslaggever Gerard Dummer - Utrecht Boeken bestaan nu zo’n 50 jaar.

In die tijd is er veel veranderd in de wereld. Tijd om in een overzichtsartikel terug te kijken op deze periode. We blikken ook vooruit. Speciale aandacht in dit artikel gaat uit naar de plek die boeken innemen in ons onderwijs. Daar moet namelijk nog veel gebeuren. We beginnen het artikel met hoe boeken zo’n 50 jaar geleden zijn ontstaan. Daarna kijken we hoe boeken de wereld precies veranderd hebben. We laten natuurlijk ook de tegenstanders van boeken aan het woord. Wat zijn hun bezwaren? Welke medische klachten veroorzaken boeken? Tot slot staan we stil bij boeken in het onderwijs. Hoe gebruiken leraren het? En wat zegt onderzoek over het gebruik van boeken? Bij het behandelen van zo’n nieuw onderwerp is het jammer genoeg onvermijdelijk dat we soms onbegrijpelijk jargon gebruiken. Onder aan het artikel is daarom een verklarende woordenlijst opgenomen waarin woorden zijn toegelicht. Verklaarde woorden kunt u herkennen een het *-teken achter het desbetreffende woord. Het ontstaan Net zoals veel grote uitvindingen (denk aan de uitvinding van het vuur en het wiel) zijn er verschillende versies hoe het boek is ontstaan. We beschrijven de twee versies die het meest wijdverspreid zijn. Van oorsprong militair In de eerste versie zou het boek zijn ontstaan in militaire kringen. Daar werden al lange tijd dummies gebruikt. Een dummie (*) is een stapel leeg papier, bij elkaar gehouden door een rug (*) en kaft (*). In een dummie tekent een leidinggevende het slagveld en hoe de soldaten zich daarover moeten bewegen. Omdat er bij de soldaten verwarring ontstond welke groep precies waar moest zijn, spraken ze tekens af. Die tekens kennen we nu als letters (*). Zo werd aan elke pijl een teken gekoppeld. Zo wist de A-compagnie dat ze linksom het slachtveld op moesten. B-compagnie dat ze rechtdoor moesten en C-compagnie dat ze rechtsom moesten. Omdat de legerleiding merkte dat de tekens goed werden onthouden hebben ze dit systeem uitgebreid naar 26 tekens. Ze noemden dit systeem het ABC (*), naar de eerste drie tekens.

Van oorsprong kunstzinnig Een andere versie beweert dat het ontstaan van boeken op de kunstacademie is ontstaan. Daar werden schetsblokken gebruikt. Tijdens een tekenmiddag waar tweelingen werden geportretteerd voelden zowel kunstenaars als tweelingen de sterke behoefte om met tekens duidelijk te maken wie op de tekening precies wie was. Er ontstond een systeem van tekens waarmee de namen van de verschillende tweelingen kon worden weergegeven. Bijzondere aandacht was er hierbij voor de koppeling van de klank aan het teken. Met de 26 tekens werden de namen op papier gevormd. Dit proces werd als snel schrijven (*) genoemd. De kunstenaars noemden hun verzameling van 26 tekens het alfabet (*). De tekens kregen de naam letters (*). Het vervolg Wie het eerst was, militairen of de kunstenaars zal niet zo snel duidelijk worden. Wel duidelijk werd dat de ontwikkelingen binnen het leger, door een groter budget, sneller verliepen. Eerst schreven de leidinggevende nog met potlood. Al snel werd de balpen uitgevonden. Tekens kwamen zo veel duidelijker op papier te staan. Omdat men niet afhankelijk wilde zijn van de handvaardigheid (*) van de leidinggevende deed als snel een typemachine (*) zijn intrede. En na de typemachine kwam de drukpers (*). Een machine waarmee voorgetypte bladzijden werden vermenigvuldigd. Binnen het leger kwamen er specialisten die zich uitsluitend gingen bezig houden met het uitgeven van boeken. Dit werden de zogenaamde uitgevers (*) genoemd.

Uitgeverijen Al snel zagen mensen buiten het leger de mogelijkheid van de boeken en ontstonden er verschillende uitgeverijen. Een paar uitgevers spelen inmiddels de hoofdrol binnen de boekenwereld. De grootste is MacroHart. Ze leveren betaalbare boeken af. De kwaliteit van de bladzijden (*) is niet altijd even goed (scheurt makkelijk, ezelsoren). Iedere schrijver mag teksten (*) af leveren die in het boek gedrukt worden. Een tweede belangrijke speler is Banana. Deze uitgever is bekend om zijn stijlvolle boeken. De boeken zijn iets duurder maar zijn bijna niet kapot te krijgen. Banana heeft de GUI (*) vervolmaakt. Ook de vaste en mobiele boekenlegger (*) is een uitvinding van Banana. Een derde, kleinere uitgever, is Pinguin. Zijn geven vooral lijntjesschriften (*) uit. Lezers (*) en schrijvers (*) hebben hiermee de mogelijkheid om zelf boeken te schrijven. Geven ook handleidingen (*) uit. Deze uitgever is vooral populair onder de berds (*). De wereld verandert Nadat het boek het leger en de kunstwereld heeft veranderd, heeft het ook de rest van de wereld veroverd. Zo zijn bedrijven bijvoorbeeld jaarverslagen gaan maken. Boeken vergroten hiermee de transparantie van het zakendoen. Er zijn nu schrijvers die verhalen, die normaal mondeling werden doorverteld, opschrijven. Deze romans (*) maken het mogelijk om de verhalen onder een groter publiek bekend te maken. Het blijkt dat mensen ook graag willen praten over boeken. Overal zie je dat boekenclubs worden opgericht. Boeken maken de wereld socialer. Gespecialiseerde uitgeverijen richten zich op het verspreiden van nieuws. Hiervoor gebruiken ze de kranten (*). Gevolg hiervan is dat er minder mensen roddelen omdat ze nu zien dat het zwart op wit staat (*). Een andere groep uitgevers vindt het belangrijk dat mensen zich ook kunnen ontspannen. Ze geven daarom de tijdschriften (*) uit. De wereld van het kind verandert Kinderen van nu groeien op met boeken. De Engelse term hiervoor is bookies (*). De Amerikaanse onderzoeker Pressie spreekt in dit verband over bookies en nookies (*) (mensen die niet zijn opgegroeid met boeken). In de meeste huishoudens zijn boeken inmiddels aanwezig. Veelal zijn deze boeken gericht op

volwassenen. Maar er verschijnen steeds meer boeken gericht op kinderen. Verschillende belangenverenigingen houden zich hier mee bezig. Zo laat de vereniging Mijn Kind Leest (MKL) zien hoe je als ouder geschikte boeken uit kunt kiezen voor kinderen. Ouders hadden namelijk geen idee wat kinderen zouden kunnen lezen en wat ze precies lazen. De vereniging MKL neemt ouders bijvoorbeeld mee naar de bibliotheek (*). Ze laten hen bijvoorbeeld zien dat er een aparte kinderafdeling is met kinderboeken (*). Er zijn ook ouders die fel gekant zijn tegen het lezen van boeken door kinderen. Deze groep, verenigt in de ABC (Anti Boeken Club), waarschuwt voor vereenzaming en verslaving. Kinderen die boeken lezen zouden niet meer in contact komen met andere kinderen. Ze halen onderzoek aan dat laat zien dat boeken verslavend kunnen zijn. Sommige schrijvers zijn zo boeiend dat het kind de wereld om zich heen helemaal vergeet. Ab Slootspringer, voorzitter van ABC zegt hier bijvoorbeeld over dat er daardoor veel minder geluisterd wordt naar de ouders. Boeken, zo is zijn opvatting, zorgen voor opvoedingsproblemen. Tegenstanders Zijn er ook mensen die het boek niets vinden? Ja vanuit verschillende kanten is er forse kritiek op het boek en alles wat hier mee samenhangt. De ABC noemden we al even. Zij zijn het samen met de Verenigde Vereniging van Spreekscholen (VVSS) het er over eens dat een belangrijke vaardigheid (het uit je hoofd leren van kennis) verloren gaat. Voorzitter van VVSS, mevrouw Keelflap, zegt: de jeugd wordt dommer. Wie niets meer hoeft te onthouden, vergeet het verleden. Wij van VVSS zijn voor nadruk op mondelinge taalvaardigheden. Ab Slootspringer, voert verder aan dat het belangrijk is dat je kennis overdraagt. Spreekscholen hebben bewezen dat ze dit goed kunnen. Als iets goed werkt moet je daar niets aan veranderen. We mogen leraren hier niet mee laten experimenteren. Dat gaat ten koste van de jeugd. Wij willen alleen evidence based te werk gaan. Slootspringer is bang dat we straks leven in een opzoekcultuur. Vanuit medische hoek is ook bezwaar tegen het teveel lezen van boeken. Huisartsen zien de laatste jaren veel meer mensen met lichamelijke klachten. Zo zijn klachten over een bladerduim (*),leesnek (*) en bladerrug (*) flink toegenomen. Verder is het zo dat uit onderzoek blijkt dat de jeugd veel minder sportief is geworden. Tijdens het lezen kun je namelijk niet bewegen. De jeugd zit vaker stil. Er zijn sportscholen die het lezen van boeken om die reden dan ook afraden. Uit cijfers van de eerste hulp in ziekenhuizen blijkt dat het aantal snijwonden als gevolg van lezen is toegenomen. Vooral tijdschriften zijn hiervan de oorzaak. Boeken in het onderwijs

Hoe worden boeken in het onderwijs gebruikt? Nu de wereld vol met boeken is mag het onderwijs natuurlijk niet achter blijven. Helaas beschikt nog lang niet elke school over de benodigde hoeveelheid boeken. En scholen die boeken hebben aangeschaft, gebruiken ze nog maar mondjesmaat. Stichting Boekennet heeft onderzoek gedaan naar boeken in de school. Ze hebben hierbij gekeken naar de infrastructuur voor het gebruik van boeken, de boeken zelf, de vaardigheid van de leraar om met boeken aan de slag te gaan en de visie van de school op het gebruik van boeken. Ze hebben ook gekeken naar het leiderschap van het management op het gebied van boeken en hoe scholen kunnen samenwerken bij de aanschaf en het gebruik van boeken. Uit het onderzoek blijkt dat de infrastructuur op scholen grotendeels op orde is. Er zijn in elke school boekenkasten aanwezig. Ze worden echter nog niet op elke school op de juiste manier ingezet. Zo blijkt uit het onderzoek dat er verschillende scholen zijn die op de planken bloemetjes neerzetten. Andere scholen melden problemen met de planken zelf. Er zijn planken die het begeven als er boeken op worden gezet. Veelal is dit wijten aan het feit dat hierbij gaat om tweedehands boekenplanken uit het bedrijfsleven. Uit het onderzoek van Stichting Boekennet blijkt dat er steeds meer educatieve boeken verschijnen. Nog lang niet elke school is hiervan op de hoogte. Veel scholen gebruiken vooral boeken die geschreven zijn voor het bedrijfsleven. Scholen vinden het ook lastig om de kwaliteit van educatieve boeken te bepalen. In de meeste klassen zijn maximaal 3 tot 4 boeken aanwezig. Schrijfschriften (*) vind je bijna niet in het onderwijs. Een enkele school heeft een zogenaamde schoolbibliotheek (*). Daar kunnen meerdere kinderen tegelijkertijd lezen. Uit het onderzoek van Stichting Boekennet blijkt dat leraren niet vaardig zijn in het werken met boeken. Een groot deel van de leraren kan niet lezen en is thuis ook niet opgevoed met boeken. Veel leraren geven er nog steeds de voorkeur aan om kennis over te brengen door het voor te dragen. Leerlingen moeten hen dan zo goed mogelijk nazeggen. Leraren die leerlingen aan het werk zetten met een boek in de klas vragen niet na wat die leerling daar precies van heeft geleerd. Er wordt ook niet gekeken welke leerling met welk boek aan de slag gaat en of een leerling al kan lezen. Per klas is er een boek dat elke leerling moet doorlopen. Na tien minuten gaat een wekker en moet de volgende leerling in het boek lezen. Steeds meer directeuren zien het nut in van boeken. Zij geven aan dat boeken geen doel op zich zijn maar een middel. Een citaat uit het rapport van een directeur: “We leiden onze leerlingen niet op om schrijvers, letterontwerpers, papiermakers of uitgevers te worden. We leiden onze leerlingen op om in een wereld vol met boeken zichzelf staande te houden.”

Op verschillende plekken in het land ontstaan zogenaamde 1:1 scholen. Dat zijn scholen waar elke leerling zijn eigen boek heeft en zijn eigen schrift. Het zal duidelijk zijn dat de rol van de leraar hierbij verandert. Hij draagt niet alleen maar kennis over maar begeleidt leerlingen ook die met de boeken en schriften aan het werk zijn. Leraren moeten beschikken over voldoende schrijf- en leesvaardigheden om leerlingen hierin te bewerken. De overheid stimuleert het boekgebruik met zogenaamde grassrootsprojecten. Dat zijn laagdrempelige manieren om met boeken aan de slag te gaan. Voorbeelden van dit soort projecten zijn: een boek klassikaal voorlezen en daar vragen over stellen; leerlingen een boek aan elkaar laten voorlezen en een mondelinge presentatie houden over het gelezen boek. Dat stimuleringsprojecten nodig zijn blijkt wel uit het onderzoek van Stichting Boekennet. Een deel van de leraren is niet vaardig, heeft te weinig kennis van de didactische mogelijkheden en willen alleen evidence based les gaan geven. Stichting Boekennet doet daarom onderzoek naar de meerwaarde van boeken voor het onderwijs. Uit het onderzoek blijkt steeds vaker dat boeken een meerwaarde kunnen hebben. Uit het onderzoek blijkt ook dat de rol van de leraar hierin cruciaal is. Pas toe of leg uit, zegt daarom Ton Reijn, directeur van Stichting Boekennet. Leraren moeten boeken gebruiken omdat het het onderwijs effectiever, efficiënter en aantrekkelijker maakt. Pas boeken toe en leg uit wanneer je ze niet gebruikt. Ton van Reijn geeft een paar voorbeelden uit de praktijk. Zo was er een leraar Nederlands die zijn leerlingen gedichten (*) liet lezen en leerlingen daarna in een schrift zelf gedichten liet schrijven. Prima toepassing! Een andere leraar, vertelt Ton Reijn, gaf aan heel bewust niet te kiezen voor een boek tijdens zijn les. Dat was een gymdocent die met zijn leerlingen ging korfballen. Hij gaf de voorkeur aan een mondelinge instructie, samen met de leerlingen het voordoen en hen dan te laten spelen. Uit onderzoek blijkt namelijk dat praatje-plaatje-daadje het beste werkt bij gymnastiek. Steeds meer scholen werken samen om aan de slag te gaan met boeken. Scholenstichtingen hebben bovenschoolsboekcoördinatoren (BBC’er) in dienst om het boek een plek te geven in de aangesloten scholen. De BBC’er zorgt voor nascholing (leraren leren lezen en schrijven) en denkt samen met teams na over de inzet van boeken in het onderwijs. Op steeds meer scholen zelf heb je de bCoach. Deze bCoach is gespecialiseerd in boeken. Hij ondersteunt collega’s bij alles wat met boeken te maken heeft. In de beginjaren was dit vooral heel basaal. Hoe sla ik een boek open, wat doe ik met een kapotte kaft en wat moet je doen als een boek nat is geworden. De laatste jaren zie je dat bCoaches zich veel meer kunnen richten op de

inhoud van de boeken. Hoe gebruik je ze in de klas en hoe zet je leerlingen er mee aan het werk? Lerarenopleidingen De vooruitstrevende boekenscholen klagen er over dat de lerarenopleidingen nog steeds leraren afleveren die niet met boeken om kunnen gaan. Aanstaande leraren kunnen niet lezen en schrijven. Ze weten ook niet waarvoor ze het kunnen inzetten en zijn niet gemotiveerd zich in het lezen en schrijven te verdiepen. Uit onderzoek van Stichting Boekennet blijkt dat lerarenopleidingen op heel veel verschillende manieren met boeken omgaan. Een groot deel van de lerarenopleidingen laat het gebruik van boeken over aan de verschillende vaksecties. In die lerarenopleidingen hangt het van de welwillendheid van de lerarenopleiders af of er iets met boeken wordt gedaan. Probleem hierbij is dat veel van deze lerarenopleiders zelf niet met boeken zijn grootgebracht en niet kunnen lezen of schrijven. Op andere lerarenopleidingen kunnen studenten in een specialisatie kiezen of ze willen leren lezen en schrijven. Deze zogenaamde Boekenminor is maar bij een klein aantal studenten populair omdat op de meeste scholen nog weinig met boeken wordt gewerkt. Op een paar lerarenopleidingen is er apart aanbod voor schrijven en lezen en wordt lezen en schrijven geïntegreerd in andere vakken. De mening van die lerarenopleidingen is dat boeken belangrijk zijn. Studenten moeten weten hoe ze moeten lezen en schrijven en moeten weten hoe ze dat kunnen toepassen bij andere vakken. Die lerarenopleidingen hebben dan ook stagescholen geselecteerd waar boeken een belangrijke rol spelen. Studenten komen niet meer op scholen waar vooral de mondelinge overdracht leidend is. Onderzoek Uit het onderzoek van Misstap, Koeling en Dunner (2012) komt een nieuw model naar voren. Het zogenaamde BPACK-model: books in the pedagogical knowledge and content knowledge. In het BPACK-model gaat het er om dat een leraar in staat is om boeken in zetten in zijn onderwijs. Misstap, Koeling en Dunner geven aan dat boeken de didactiek en vakinhoud veranderen. Je moet als leraar in staat zijn om boeken ter verrijking van je vakdidactiek in te zetten om de vakinhoud beter over te dragen. Bijvoorbeeld een plaatjesboek met ondersteunende teksten gebruiken om er voor te zorgen dat jonge

kinderen begrippen die horen bij de boerderij beter onthouden. Een boek met alleen maar tekst werkt bij deze leerlingen niet. De opkomst van boeken verandert ook wat er moet worden geleerd (de vakinhoud). Denk bijvoorbeeld aan het uitbreiden van de mondelinge taalvaardigheden (luisteren en spreken) naar de schriftelijke taalvaardigheid (lezen en schrijven). Speciale aandacht in het onderzoek gaat uit naar de motivatie van leraren om te lezen en te schrijven. De onderzoekers geven aan dat het voor leraren duidelijk moet zijn waarom ze leerlingen zouden leren lezen en schrijven. Alleen dan zijn leraren bereid om hun tijd en energie hierin te investeren. De toekomst Hoe de toekomst van het boek er precies uit zal zien is lastig te voorspellen. Een paar trends vallen wel op. Boeken worden steeds mobieler en dunner. Mobiele boeken zijn gemakkelijk mee te nemen op reis. Dit in tegenstelling tot bijvoorbeeld de encyclopedie (*) of een kookboek (*). Een nieuwe term voor mobiele boeken is pocket book (*). De Engelse term geeft aan dat dit formaat boek past in je broekzak. Dunne boeken zijn snel uit. De spanningsboog van de jeugd is steeds kleiner. Slootspringer en Keelflap wijzen hierbij nog een keer op het geval van boeken. Tot slot hoor je de uitdrukking there’s a book for that steeds meer. Dit geeft aan dat over bijna ieder onderwerp wel een boek te vinden is. Nu is het zaak dat onze scholen en lerarenopleidingen de jeugd gaan voorbereiden op deze nieuwe toekomst. Verklarende woordenlijst ABC: systeem ontwikkeld door het leger om communicatie tussen troepen duidelijk te maken. Alfabet: verzameling van 26 letters die zijn gekoppeld aan bepaalde klank. Berds: Een berd is iemand die alles van boeken weet. Zijn er dag en nacht mee bezig. Je hebt berds die alles lezen wat los en vast zit. Er zijn ook berds die juist alleen maar schrijven. Bibliothecarissen: mensen die houden van boeken en anderen daarmee kennis willen laten maken. Werken meestal in een bibliotheek (zie bibliotheek) Bibliotheek: plek waar bibliothecarissen boeken hebben verzameld om uit te lenen. Blad: boek met een slappe kaft Bladerduim: te lang en te snel omslaan van bladzijden. Belangrijkste symptoom: langdurige kramp in je duim. Bladerrug: Veel lezers hangen onderuitgezakt op de bank om een boek te lezen. Gevolg is een kromme rug. Belangrijkste symptoom: bijna onmogelijk om de rug nog te rechten. Bladzijde: pagina in een boek of tijdschrift met tekens er op. Boekenbubbel: periode dat kleine uitgevers elk boekidee uit wilden geven. De boekenbubbel barstte toen er te veel slechte boekideeën werden uitgegeven. Niemand wilde ze kopen. Uitgevers bleven met onverkoopbare boeken achter. Boekenkast: kast waarin je boeken zet. Boeken kun je recht op zetten in een boekenkast of plat neerleggen. Boekenlegger: verwarrend woord. Houdt namelijk niet in dat je ergens een boek op kunt leggen (is boekenplank of -kast) maar een instrument om duidelijk te maken op

welke bladzijde in het boek je bent gebleven. Een mobiele boekenlegger kun je meenemen van je ene boek naar het andere boek. Is niet gebonden aan een boek. Boekenplank: plank waar je boeken op zet. Kan deel uitmaken van boekenkast (zie boekenkast) Bookies: kinderen die zijn opgegroeid met boeken Dummie: leeg pak papier met een kaft (zie kaft) er om heen. Drukken: proces van vermenigvuldigen van voorgetypte bladzijden. Drukpers: machine waarmee voorgetype bladzijden kunnen worden gedrukt. Gedichten: teksten waarin over elk woord is nagedacht GUI: afkorting van Graphic User Interface. Boeken die plaatjes gebruiken om iets uit te leggen. Handleiding: heeft niets te maken met je hand of met leidingen. Zijn boeken die uitleggen hoe je iets moet maken of doen. Handschrift: met de hand opgeschreven tekst Handvaardigheid: geeft aan hoe leesbaar het handschrift is. Kaft: beschermt een stapel papier aan drie kanten (bovenkant, onderkant en een van de zijkanten. Kinderboeken: boeken voor kinderen geschreven. Niet te verwarren met boeken die over kinderen zijn geschreven. Deze laatste categorie noem je opvoedboeken. Krant: boek zonder kaft waarin vooral nieuws staat. Leesnek: boeken zorgen er voor dat de lezer lange tijd achter elkaar naar beneden kijkt om te lezen. Belangrijkste symptoom: uitgerekte nek en hoofd dat daardoor niet meer stabiel op de romp staat. Letter: teken dat is gekoppeld aan een bepaalde klank. Lezen: het ontcijferen van tekens naar gesproken woorden. Lezer: iemand die teksten leest. Lijntjesschriften: een soort dummy bedoeld om in te schrijven Nookies: volwassenen die niet zijn opgegroeid met boeken. Roman: verhalen die door schrijvers (zie schrijver) zijn opgeschreven (zie schrijven) Rug: Is het onderdeel zijkant van de kaft. Schrijfschrift: boek waarin je zelf kunt schrijven. Schrijven: het op papier zetten van tekens zodat iemand anders het weer kan lezen. Schrijver: iemand die zijn beroep heeft gemaakt van het op papier zetten van tekens. Teksten: verzameling tekens om een bepaalde boodschap over te dragen. Tijdschrift: heeft niets te maken met de tijd. Is een boek met een slappe kaft (zie blad) waarin verhalen staan die bedoeld zijn ter ontspanning. Typemachine: een machine waarop voorgedrukte letters staan. In de typemachine stop je papier. Met toetsen sla je de letters op papier. Typen: met voorgedrukte letters schrijven. Uitgevers: bedrijf dat boeken maakt. Anders dan het woord doet geloven geven uitgevers boeken niet zomaar weg. Uitgevers vragen geld voor de gedrukte boeken. In het begin waren er uitgevers die boeken gratis wilden weggeven. Deze zijn met de uiteenspatten van de boekenbubbel verdwenen. Zwart op wit: uitdrukking om aan te geven dat iets is gedrukt. Kan ook blauw op geel zijn (is minder voorkomende combinatie).

Gebruikte afbeeldingen Boekenkast van http://en.wikipedia.org/wiki/File:Polish_sci_fi_fantasy_books.JPG gemaakt door Piotrus. Leger: http://commons.wikimedia.org/wiki/File:Dutch_Bushmaster_with_remote_turret_2008 .jpg door http://www.flickr.com/people/29456680@N06. Kunstenaars: http://en.wikipedia.org/wiki/File:Life_Drawing_Lyme_Fine_Arts_College.jpg door Vassel Typemachine: http://commons.wikimedia.org/wiki/File:Typemachine_binnenkant.JPG door http://nl.wikipedia.org/wiki/User:Homeros_29. Kranten: http://commons.wikimedia.org/wiki/File:Buitenlandsekranten.JPG door http://commons.wikimedia.org/wiki/User:Luctor_IV.

Sign up to vote on this title
UsefulNot useful