You are on page 1of 41

EEN BESCHRIJVING VAN DE REGELMATIGE EEN MANIER OM JOUW HUIS IN HET PARADIJS TE BOUWEN DOOR SHAIKH MUHAMMAD UMAR

BAZMOEL Professor van de Umm al-Quraa universiteit in Makkah Vertaald van het Arabisch naar het Engels door: Abu Abdillaah Hasan as-Somalie Vertaald van het Engels naar het Nederlands door: um Sadjaad Een huis zal in het Paradijs worden gebouwd voor iedere moslim die in een dag en een nacht twaalf rakah verricht van de vrijwillige gebeden. Voorwoord: In de Naam van Allaah, de Meest Barmhartige, de Meest Genadevolle Alle lof en dank is aan Allaah, we smeken Hem om Zijn hulp en we smeken Hem om Zijn vergeving. We zoeken toevlucht bij Hem tegen het slechte in onszelf en het slechte in onze daden. Degene die door Allaah is geleid, kan door niemand misleid worden en degene die misleid is door Allaah kan door niemand geleid worden. Ik getuig dat niemand het recht heeft om aanbeden te worden, behalve Allaah Alleen en ik getuig dat Muhammad -salla-llaahu alaihi wa-sallam- Zijn dienaar en Boodschapper is.

O mensen, vrees jullie Heer Die jullie uit een enkele ziel schiep. En Die daaruit zijn echtgenote schiep en uit hen beiden vele mannen en vrouwen deed voort komen. En vrees Allaah in Wiens naam jullie elkaar (om hulp) vragen. En onderhoud de familiebanden. Voorwaar, Allaah is de Waker over jullie. (soerah An-Nisaa 4: 1) O jullie die geloven, vrees Allaah vol ware godsvrees voor Hem, en sterf niet anders dan als moslims. (soerah Aal-Imraan 3: 102) O jullie die geloven! Vrees Allaah en spreek (altijd) de waarheid. Hij zal jullie aansporen tot het verrichten van goede daden en jullie zonden vergeven. En wie Allaah en Zijn Boodschapper gehoorzaamt; waarlijk, die heeft een geweldige triomf behaald. (soerah Al-Ahzaab 33: 70-71) De meest waarachtige spraak is die van Allaahs Boek (de Quraan) en de beste leiding is die van Muhammad -salla-llaahu alaihi wa-sallam-. Het ergste kwaad zijn toevoegingen en iedere toevoeging (in religie) is een bidah en iedere bidah is een misleiding en iedere misleiding en iedere vorm van misleiding is in het vuur. Wij zijn vreugdevol om de nobele lezer een boek te presenteren dat een dergelijk veel betekenend onderwerp bevat als de regels en voorschriften van de regelmatige gewenste (vrijwillige) gebeden. Vooral omdat, volgens onze kennis, er geen boek in de Engelse taal beschikbaar is dat dit onderwerp zo gedetailleerd aanpakt. Deze gebeden zijn zo waardevol omdat de Profeet heeft gezegd: Een huis zal in het Paradijs worden gebouwd voor iedere moslim die in een dag en een nacht twaalf rakah verricht van de vrijwillige gebeden. Overgeleverd door Muslim (nr. 728). Boek (deel): The prayer of the travelers. Hoofdstuk: The excellence of the regular sunnah prayers before and after the obligatory prayers. Wanneer sommige van de Vrome Voorgangers deze ene hadieth hoorden, had het een blijvend effect op hun levens. Kijk maar naar wat sommige overleveraars zeiden: Umm Habiebah zei: Ik liet deze rakah nooit achterwege sinds ik deze woorden had gehoord van de Boodschapper van Allaah. Anbasah zei: Ik liet deze rakah nooit achterwege sinds ik deze hadieth had gehoord van Umm Habiebah.

Amr ibn Aws zei: Ik liet deze rakah nooit achterwege sinds ik deze hadieth had gehoord van Anbasah . An-Numaan ibn Saalim zei: Ik liet deze rakah nooit achterwege sinds ik deze hadieth had gehoord van Amr ibn Aws . Iemaam an-Nawaawie in: Sharh Muslim (6/ 252) Moge Allaah ons vergeven voor onze tekortkomingen en ons toestaan om in hun voetstappen te treden. Een andere hadieth die de uitmuntendheid van de gewenste gebeden aan het licht brengt is de hadieth die is overgeleverd door Rabieah ibn Kab. Dit toont aan dat het passend is voor de geleerde en degene die zijn voetstappen volgt, om dit soort dingen te noemen. Hoe dan ook, dient hij hiermee niet zichzelf te prijzen, maar zijn enige intentie dient het aanmoedigen van de luisteraar te zijn om hem wat dit betreft te volgen en hem tot standvastigheid aan te sporen en deze daad actief te verrichten. De Profeet zei: Vraag mij, o Rabieah en ik zal het aan jou geven. Ik zei: O Boodschapper van Allaah, sta mij toe om hierover na te denken en ik laat u over mijn beslissing weten. Ik dacht bij mijzelf; deze wereld zal vergaan en ik vind er genoeg voorzieningen in om in mijn behoeften te voorzien. Dus ik besloot de Boodschapper van Allaah om iets te vragen wat mij voordeel zou schenken in mijn Hiernamaals. Want waarlijk, hij heeft een unieke positie bij Allaah. Dus ging ik naar hem toe en hij zei: Wat heb je besloten, o Rabieah? Ik antwoordde: Bemiddel voor mij bij uw Heer. In de overlevering in Sahieh Muslim hadiethnr. 489 staat: Ik vraag u om uw gezelschap in het Paradijs. Hij zei: Is er iets ander? Ik zei: Dit is wat ik wens. Hij zei: Help mij dan om dit voor jou te bereiken door vaak te buigen. In deze hadieth verwijst buigen naar het gebed, en het gebed verwijst naar vrijwillige gebeden. Zie: Tawdiehul-Ahkaam (2/ 377) en zie ook: Subulus-Salaam (2/ 6)

Dit boek is uit een waardevol stuk werk gehaald, geschreven door shaikh Muhammad ibn Umar Baazmoel (moge Allaah hem behouden) dat Bughyatul Mutatawwie fis Salaatit-Tatawwu heet. Toevoegingen van de vertaler zijn gemarkeerd met: *Notitie van de vertaler Alle inhoudsopgaven zijn door de vertaler toegevoegd. Om het boek zoveel mogelijk voor de Engelse lezer te vereenvoudigen, hebben we enige voetnoten toegevoegd en volstaan met het aanhalen van alleen een paar van de bronvermeldingen die de shaikh heeft bepaald, want de ahaadieth die op plaatsen in het boek worden genoemd kunnen heel gedetailleerd zijn. Moge Allaah, de Meest Hoge, deze nederige inspanning van ons accepteren. Inleiding: O moslim, wees consequent met de regelmatige, sterk aanbevolen vrijwillige gebeden, het excellente voorbeeld van de Profeet volgend, zoals Allaah in soerah Al-Ahzaab 33: 21 zegt: Waarlijk, in de Boodschapper van Allaah hebben jullie een goed voorbeeld om te volgen, voor degene die op (de ontmoeting met) Allaah en de Laatste Dag hoopt en voor degene die Allaah veel herdenkt. Standvastig zijn met de sterk aanbevolen gebeden, is ook een manier om een fout of tekortkoming in de verplichte gebeden recht te zetten. De mens is geneigd naar tekortkomingen en faalt erin om perfectie te verkrijgen en daarom heeft hij het nodig om zijn nalatigheid te compenseren. Vanwege deze reden, o moslim, kun je het je niet permitteren om de geregelde sterk aanbevolen vrijwillige gebeden na te laten, want deze geven jou extra beloningen, die je bij jouw Heer zult aantreffen. Samen met iedere verplichte daad; het verplichte gebed is, verplicht vasten, verplichte zakaah of verplichte hadj; is een overeenkomstig sterk aanbevolen vrijwillige daad voorgeschreven. Al deze verplichtingen gaan samen met gelijksoortige sterk aanbevolen vrijwillige daden die voorgeschreven zijn om enig gebrek te compenseren en om enige afwijking recht te zetten.* *Notitie van de vertaler: De Profeet zei: Het eerste van de daden waar een dienaar op de Dag des Oordeels verantwoording voor moet afleggen zullen zijn gebeden zijn. Als zij correct zijn, dan zal hij succesvol zijn. Hoe dan ook, als zij gebrekkig zijn, dan zal hij gefaald en verloren hebben. Als er een tekortkoming in zijn verplichte gebeden is, zal Allaah zeggen: Kijk of Mijn dienaar enige vrijwillige gebeden heeft om de gebrekkigheid van zijn verplichte gebeden mee te compenseren. Vervolgens zullen de rest van zijn daden soortgelijk worden

beoordeeld. Overgeleverd door iemaam At-Tirmidhie en anderen. Zie: Sahiehut-Targhieb watTarhieb. (nr. 538) van al-Albaanie Het feit dat Allaah verschillende daden van aanbidding heeft voorgeschreven, om Zijn dienaren in niveaus te verheffen en hen van hun zonden te zuiveren, is een zegening die Hij aan hen schenkt. Verder, mijn beste broeders, dienen jullie te weten dat het verrichten van de sterk aanbevolen vrijwillige gebeden sterk benadrukt is en het is afkeurenswaardig om ze achterwege te laten. Degene die voortdurend deze gebeden achterwege laat, wordt als zondig gezien*, en volgens sommige iemaams is een dergelijk persoon onbetrouwbaar, want het voortdurend achterwege laten van deze gebeden toont een zwakte in zijn religie aan en nalatigheid van zijn kant. *Ibn Taymiyyah (d.728H) werd gevraagd (in:) Madjmoe ul-Fataawaa (23/ 127): Wat is er gezegd over een persoon die niet standvastig is met de sterk aanbevolen gebeden? Hij antwoordde: Degene die doorgaat met het nalaten van de soennahgebeden, laat een zwakte in zijn religie zien. In de madhhab van Ahmad (d. 241H) ash-Shafiie (d. 204H) en anderen wordt zijn getuige verworpen. Definitie De geregeld sterk aanbevolen vrijwillige gebeden* zijn die gebeden die de Boodschapper van Allaah bad of die hij de mensen aanmoedigde om samen met de vijf dagelijkse gebeden te bidden, voor of na het verplichte gebed. Dit boek zal gaan over: - De excellentie van de sterk aanbevolen vrijwillige gebeden. - De beschrijving en regels die betrekking hebben op deze gebeden. Een gedetailleerde uitleg hiervan zal volgen. *Notitie van de vertaler: In het Arabisch worden deze gebeden as-soennatur-raatibah genoemd. Raatibah betekent letterlijk: iets dat voortduurt en vaak plaats vindt. Zie: Ash-Sharhul-Mumti (4/ 93) van Ibnul-Uthaymien. Dit legt uit waarom het woord geregeld wordt gebruikt om deze gebeden te beschrijven. De excellentie van de geregelde vrijwillige gebeden Er zijn veel ahaadieth* overgeleverd die de verheven status van de soennahgebeden aantonen.

Er zijn sommige overleveringen die de globale verdienste van deze gebeden benadrukken en er zijn anderen die specifiek de excellentie van een paar aan het licht brengen. *Notitie van de vertaler: Het meervoud van hadieth in het Arabisch. Een hadieth is een tekst die wordt toegeschreven aan de Profeet welke zijn spraak, daden, stilzwijgend goedkeuren en beschrijvingen overbrengt. Zie: At-Talieqaat al-Athariyyah ala al-Mandhoemah Al-Bayqoeniyyah p. 29. Tot die overleveringen behoort wat is overgeleverd door Umm Habiebah, de echtgenote van de Profeet, dat zij zei: Ik hoorde de Boodschapper van Allaah zeggen: Als een moslimdienaar iedere dag twaalf rakah bidt van de sterk aanbevolen gebeden, oprecht omwille van Allaah, zal Allaah voor hem een huis in het Paradijs bouwen (of een huis zal voor hem in het Paradijs worden gebouwd). Verzameld door Muslim (nr. 728), Ad-Daarimie in zijn Sunan (1/ 335) en Abu Daawuud (nr. 1250) De overlevering die verzameld is door At-Tirmidhie (d. 274H) en An-Nasaaie (d. 303H) legt deze rakah uit: Vier rakah voor dhuhr en twee rakah na dhuhr, twee rakah na maghrib, twee rakah na ishaa en twee rakah voor fadjr. Hadieth-Sahieh, verzameld door An-Nasaaie (3/ 262), At-Tirmidhie (nr. 415) en Al-Haakim (1/ 311) die het authentiek heeft verklaard Ik zeg: Deze hadieth bewijst dat het sterk aanbevolen is om iedere dag consequent twaalf sterk aanbevolen rakah te bidden. Degene die het volhoudt om alle sterk aanbevolen soennah gebeden te bidden, zal zeker de geweldige beloning verkrijgen die in deze hadieth wordt genoemd, want diegene zal zeker iedere dag twaalf of meer rakah bidden. Deze hadieth toont de excellentie aan van consequent zijn met de sterk aanbevolen gebeden, vooral met die gebeden die in de hadieth worden genoemd. En Allaah weet het het beste. Het is ook betrouwbaar overgeleverd dat de Boodschapper van Allaah de sterk aanbevolen soennah gebeden verrichtte. Dus hij sprak expliciet over deze gebeden en gaf zelf het voorbeeld via zijn daden. Het is overgeleverd door Ibn Umar dat hij zei:

Ik herinner me dat de Boodschapper van Allaah twee rakah voor dhuhr verrichtte en twee erna, twee na maghrib in zijn huis, twee rakah na ishaa in zijn huis en twee rakah voor het fadjrgebed. Tijdens dat uur (de tijd van fadjr) kwam niemand het huis van de Profeet binnen, maar Hafsah liet mij weten dat de Profeet twee rakah verrichtte nadat de muadhdhin* de oproep tot het gebed had verricht. Al-Bukhaarie (nr. 1180) en Muslim (nr. 729) *Notitie van de vertaler: Degene die de oproep tot het gebed verricht. In een overlevering overgeleverd door Al-Bukhaarie en Muslim, die soortgelijke woorden bevat, is een toegevoegd stukje informatie: En hij verrichtte twee paar neerbuigingen (twee rakah) na djumuah. Al-Bukhaarie (nr. 1172) en Muslim (nr. 729) Muslim (d. 261H) heeft overgeleverd: Wat maghrib, ishaa, en djumuah betreft; deze bad ik met de Boodschapper van Allaah in zijn huis. Muslim (nr. 729) In een overlevering van At-Tirmidhie staat: Ik herinner me dat de Boodschapper van Allaah tijdens de dag en de nacht bad. Deze hadieth is betrouwbaar en is verzameld door At-Tirmidhie (nr. 434) Een beschrijving van de sterk aanbevolen gebeden en de regels in verband ermee Dit hoofdstuk bevat een uitleg van de geregelde sterk aanbevolen gebeden die samen met de vijf dagelijkse verplichte gebeden verricht dienen te worden. Er zullen vijf verschillende discussies zijn en een specifiek deel zal worden gewijd aan het sterk aanbevolen vrijwillige gebed van ieder verplichte gebed. Het sterk aanbevolen gebed van fadjr Zaken die besproken zullen worden:

- De regel van dit gebed. - Haar beschrijving en voordeel. - De korte duur van dit gebed. - Wat dient er gereciteerd te worden tijdens dit gebed. - Liggen na het verrichten van dit gebed. - Wat dient men te doen als men dit gebed mist. 1.De regel Het sterk aanbevolen soennah gebed van fadjr wordt als een van de meest belangrijke, sterk aanbevolen gebeden gezien, want de Profeet verrichtte het altijd en liet het nooit achterwege, of hij nu op reis was of niet. Hoe dan ook, is er niets betrouwbaar door de Profeet overgeleverd dat gebruikt kan worden om te beweren dat dit gebed verplicht is.* *Wat de hadieth betreft die Abu Hurairah heeft overgeleverd, waarin beweerd wordt dat de Profeet heeft gezegd: Laat nooit het sterk aanbevolen gebed van fadjr achterwege, zelfs al zou je van de rug van je paard worden gegooid, die is zwak (daief). Dit is overgeleverd door Abu Daawuud (1/ 487) en At-Tahaawie in: Sharh Mushkilul-Aathaar (1/ 299). In de overleveringsketen van de hadieth is: Abdur-Rahmaan ibn Ishaaq al-Madanie, die zwak is en Ibn Saylaan wiens ware staat onbekend is. *Notitie van de vertaler: Een zwakke (daief) hadieth is een die erin faalt om aan de vereisten van de hasan hadieth te voldoen. Deze vereisten zijn genoemd op pagina 29 van zijn boek. (Zie: AtTalieqaatul-Athariyyah alal-Mandhoematil-Bayqoeniyah, pagina 33) Het bewijs dat de Boodschapper de twee rakah soennah van het fadjrgebed bad, terwijl hij op reis was, is de hadieth die betrouwbaar is overgeleverd door Abu Maryam, die zei: Tijdens een gelegenheid waren wij s nachts met de Boodschapper van Allaah op reis. Voordat fadjr aanbrak, steeg de Boodschapper van Allaah af en sliep en de mensen sliepen ook. We werden niet wakker totdat de zon gerezen was en op ons scheen. De Profeet droeg de muaddhin op om de oproep tot het gebed te verrichten, en vervolgens bad hij twee rakah voor fadr. Toen verzocht hij dat de iqaamah werd omgeroepen. Vervolgens leidde hij de mensen in gebed. (Na het gebed) liet hij ons weten wat er zal gaan gebeuren totdat het Uur gevestigd zal worden. Deze hadieth is betrouwbaar overgeleverd omdat het verder gesteund wordt door andere overleveringen. Verzameld dor An-Nasaaie (nr. 605)

Deze hadieth bewijst dat de Profeet de sterk aanbevolen gebeden van het fadjrgebed bad, zelfs wanneer hij op reis was. Het laat ook zien dat het is toegestaan om het sterk aanbevolen gebed van fadjr nog te bidden (als men het gemist heeft) al is de tijd ervoor verstreken. Onder deze omstandigheden dient iemand eerst het sterk aanbevolen gebed te verrichten en dit vervolgens op te volgen met het bidden van het fadjrgebed, zoals gepraktiseerd werd door de Profeet. 1.De beschrijving en verdienste van dit gebed Het sterk aanbevolen gebed van fadjr bestaat uit twee rakah, en zij dienen voor het fadjrgebed verricht te worden. Ontelbare ahaadieth die de excellentie van dit gebed aantonen zijn overgeleverd, waaronder de hadieth van Aaishah die heeft overgeleverd dat de Profeet zei: De twee rakah van fadjr zijn beter dan deze wereld en wat het bevat (of meer geliefd bij mij dan de hele wereld). Verzameld door Muslim (nr. 725) Deze hadieth toont aan dat het sterk wordt aanbevolen om de twee rakah voor fadjr te bidden. Aaishah zei: De Profeet was niet zo kieskeurig met het verrichten van sterk aanbevolen rakah, als hij was met de twee rakah van het fadjrgebed. Verzameld door Sahieh Al-Bukhaarie (nr. 1169) en Sahieh Muslim (nr. 724). Via zijn woorden moedigde de Profeet (de mensen) expliciet aan om dit gebed te verrichten en hij benadrukte dit met zijn daden want hij verrichtte dit gebed consequent. Aaishah zei: De Profeet miste nooit vier rakah voor het dhuhrgebed en twee rakah voor het fadjrgebed. Verzameld door Sahieh Al-Bukharie (nr. 1182) en An-Nasaaie (3/ 252) Al deze ahaadieth tonen de excellentie en het belang aan van de twee rakah van het fadjr-raatibah (geregeld, sterk aanbevolen) gebed en dat dit gebed tot de gebeden behoort met de meeste prestige en het grootste belang van de sterk aanbevolen gebeden. 1.De korte duur van dit gebed 1

Tot de leiding van de Profeet behoorde dat hij de twee sterk aanbevolen gebeden van fadjr kort hield en hij verlengde zijn recitatie niet in deze rakah. Hier zijn sommige van de ahaadieth die dit bewijzen: 1.De moeder van de gelovigen, Hafsah zei: Wanneer de muadhdhin stil werd na het verrichten van de oproep voor het ochtendgebed en de tijd voor fadjr was begonnen, verrichtte de Boodschapper van Allaah twee korte rakah voor het verrichten van het (verplichte) gebed. Al-Bukhaarie (nr. 618) en Muslim, met zijn woorden (nr. 723) 2.Aaishah zei: De Boodschapper van Allaah verrichtte twee rakah voor het fadjrgebed en hij verkorte ze (tot de duur) dat ik vroeg: Reciteerde hij alleen soerah Al-Faatihah erin? Al-Bukhaarie en Muslim Deze twee ahaadieth tonen aan dat het is toegestaan om de twee rakah van het sterk aanbevolen gebed van fadjr te verkorten. Sommige van de mensen van kennis gebruiken de hadieth die door Aaishah is overgeleverd om te beweren dat het voldoende is om bij het aanbevolen gebed van salaatul-fadjr de recitatie van soerah Al-Faatihah alleen te reciteren. Er is geen bewijs in deze hadieth waarmee deze bewering gesteund kan worden. Het enige dat kan worden afgeleid is dat de Profeet zijn recitatie tijdens deze rakah verkorte. Dit uitgangspunt wordt gesteund door datgene wat in de volgende discussie wordt genoemd. 1.Wat dien je te reciteren in deze twee rakah? 1.Abu Hurairah zei: De Boodschapper van Allaah reciteerde in de twee (sterk aanbevolen) rakah van het fadjr (gebed): Qoel yaa ayoehaal kaafiroen. (Zeg: O ongelovigen.) (soerah Al-Kaafiroen: 109: 1) En: Qoel Huwa Allaahu ahad. (Zeg: Hij is Allaah, de Ene.) (soerah Al-Ikhlaas: 112: 1) Muslim (nr. 726)

2.Ibn Abbaas zei: De Boodschapper van Allaah was gewend om in de eerste van de twee sterk aanbevolen rakah van fadjr te reciteren: Qoewloew aamannaa billaahi wa maa oenzila ilainaa. (Zeg: Wij geloven in Allaah en dat wat aan ons is geopenbaard.) De aayah van soeratul-Baqarah (nr. 136) En in de tweede rakah: Aamannaa billaahi wa ashad bi annaa muslimoen. (Wij geloven in Allaah en getuigen dat wij moslims zijn.) Er staat in een overlevering: In de twee (sterk aanbevolen) rakah van het fadjrgebed was de Boodschapper van Alaah gewend te zeggen: Qoewloew aamannaa billaahi wa maa oenzila ilainaa. (Zeg: Wij geloven in Allaah en dat wat aan ons is geopenbaard.) (soeratul-Baqarah 2: 136) En dat wat er in soerah Aal-Imraan wordt gevonden: Taaaloe ilaa kalimatin sawaai baynanaa wa baynakoem. (Kom tot een woord wat tussen jullie en ons normaal is.) (soerah Aal-Imraan 3: 64) Sahieh Muslim (nr. 727) *Deze hadieth bevat vele voordelen: De toestemming om alleen een aayah in een rakah te reciteren (anders dan Al-Faatihah), de toestemming om uit het midden van een soerah te reciteren en de toestemming om naar een soerah te verwijzen zonder te zeggen welke soerah het is, daarvoor in de plaats kan eerder gezegd worden: De aayah in Al-Baqarah of de aayah in An-Nisaa. Deze twee ahaadieth bewijzen dat het is aanbevolen om soeratul-Ikhlaas in de tweede rakah te reciteren en soerah Qoel yaa ayoehal kaafiroen (Zeg: O ongelovigen.soerah Al-Kaafiroen) in de eerste rakah van het sterk aanbevolen gebed van fadjr. Tegelijkertijd bewijst het dat het is aanbevolen om de verzen van soeratul-Baqarah en soerah AalImraan te reciteren. De moslim dient deze twee mogelijkheden af te wisselen, door soms de verzen die in de ene hadieth worden genoemd te reciteren en andere keren de verzen uit de andere hadieth, waarbij alle variaties die in de soennah worden gevonden worden uitgevoerd. 1.Liggen na het verrichten van de twee sterk aanbevolen rakah voor het fadjrgebed 1

Wanneer de moslim de twee rakah van het sterk aanbevolen gebed van fadjr in zijn huis heeft verricht, is het gewenst voor hem om op zijn rechterzij te liggen. Dit is op de volgende ahaadieth gebaseerd: 1.Abu Hurairah zei: Wanneer iemand van jullie de twee (sterk aanbevolen) rakah van fadjr heeft verricht, dient hij op zijn rechterzij te gaan liggen. Deze hadieth is Sahieh en is verzameld door At-Tirmidhie (nr. 420) Deze hadieth bewijst dat het is toegestaan om na het verrichten van de twee rakah van het sterk aanbevolen gebed van fadjr te gaan liggen. Het bevel in deze hadieth toont aan dat liggen een verplichting is. (Dit werd gezegd door Ibn Hazm in Al-Mahallaa (3/ 196) en ash-Shawkanie in Naylul-Awtaar (3/ 29). Hoe dan ook toont de volgende hadieth aan dat het een daad is die sterk aanbevolen is en niet verplicht. 2. Aaishah zei: Na het verrichten van de soennah van het fadjrgebed, was de Profeet gewend om tegen mij te praten wanneer ik wakker was, anders lag hij totdat de iqaamah werd geroepen (voor het fadjrgebed). Al-Bukhaarie (nr. 1161) Deze hadieth laat zien dat de Boodschapper soms afzag van het liggen op zijn rechter zij na het verrichten van het sterk aanbevolen soennahgebed van fadjr. Als het een verplichting was zou hij deze handeling nooit hebben nagelaten. De bewering dat deze daad specifiek voor de Profeet was (en niet toepasselijk op de rest van zijn gemeenschap) is niet acceptabel tenzij er een vorm van bewijs is dat deze conclusie rechtvaardigt. In het algemeen gesproken is de basisregel dat teksten zoals deze gezien dienen te worden als van toepassing op de hele gemeenschap. Handelen volgens al datgene wat (betrouwbaar) is overgeleverd door de Profeet is beter dan delen accepteren en andere delen verwerpen. Dus, deze hadieth bewijst dat het is toegestaan om op de rechter kant van het lichaam te liggen. Dient dit in het huis of in de moskee te worden uitgevoerd?

De hadieth van Abu Hurairah geeft geen plek aan voor deze handeling. Daarom mag worden aangenomen dat de Profeet wanneer hij in de moskee was (op zijn rechter zij) ging liggen en dat hij hetzelfde deed wanneer hij in het huis was. Er is niet overgeleverd dat de Profeet of zijn metgezellen deze handeling in de moskee verrichtten.* *Al-Allaamah al-Albaanie (d. 1421 H) zei: Wij zijn ons niet bewust van enige van de metgezellen die dit deden; liggen na het sterk aanbevolen gebed van fadjr, in de moskee. In feite bekritiseerden sommigen van hen dit gedrag. Dus het dient alleen in het huis gedaan te worden, zoals zijn soennah was. Zie: Salaatut-Taraawieh. (p. 90) van al-Albaanie 1.Wat dient men te doen als men dit gebed mist? Het is toegestaan voor degene die de twee sterk aanbevolen rakah van fadjr mist om ze direct na het fadjrgebed of nadat de zon is opgekomen te verrichten. Hoe dan ook gaat de voorkeur ernaar uit om ze te bidden nadat de zon is opgekomen. Abu Hurairah heeft overgeleverd dat de Boodschapper van Allaah zei: Degene die de twee sterk aanbevolen soennah rakah van fadjr niet bidt, dient ze te bidden zodra de zon is opgekomen. At-Tirmidhie Ik zeg: Van deze hadieth kan aanvankelijk begrepen worden dat het voor degene die het sterk aanbevolen gebed van fadjr gemist heeft verplicht is om het te verrichten nadat de zon is opgekomen. Het wordt niet als een verplichting gezien vanwege de volgende hadieth die aantoont dat het een sterk aanbevolen daad is: Qays ibn Qahd heeft ons laten weten: Hij bad het ochtendgebed met de Boodschapper van Allaah, maar hij had de twee sterk aanbevolen rakah van fadjr niet verricht. Dus toen de Boodschapper van Allaah het gebed beindigde door de tasliem (vredesgroet) te verrichten, stond hij op en bad de twee sterk aanbevolen rakah van fadjr terwijl de Boodschapper van Allaah naar hem keek, en hij bekritiseerde hem niet voor deze daad. Deze hadieth is hasan (goed) vanwege ondersteunende overleveringen. Het is verzameld door At-Tirmidhie (nr. 422) en Abu Daawuud (nr. 1267).

Een van de voordelen die uit deze hadieth kan worden gehaald, is dat het acceptabel is om gemiste gebeden in te halen op momenten wanneer het gebed normaal gesproken verboden is. *Notitie van de vertaler: Een goede (hasan) hadieth is waar de keten van de overlevering doorgaand is, de overleveraars betrouwbaar zijn, de precisie van een of meer van de overleveraars komt tekort wat betreft de voorwaarden voor de hadieth om Sahieh te zijn, de hadieth kan geen afwijking (shudhuudh) bevatten, de hadieth dient geen verborgen defect (illah) te hebben. Zie: AtTalieqaatul-Athariyyah alal-Mandhoematil-Bayqoeniyyah (p. 32-33) Deze hadieth toont aan dat het toegestaan is voor iemand die het sterk aanbevolen gebed van fadjr niet heeft gebeden om het direct na het verplichte gebed te verrichten. Het sterk aanbevolen gebed van dhuhr Zaken die besproken dienen te worden: - De regel van dit gebed. - Haar beschrijving en voordeel. - Wat iemand dient te doen als hij de vier rakah voor dhuhr mist. - Wat iemand dient te doen als hij de twee rakah na dhuhr mist. 1.De regel ervan De sterk aanbevolen gebeden van dhuhr behoren tot de aanbevolen daden waarover de Boodschapper sprak en die hij verrichtte, zoals betrouwbaar is overgeleverd in de soennah. Er bestaat geen bewijs om aan te tonen dat zij verplicht zijn. 2. Haar beschrijving en voordeel De sterk aanbevolen gebeden van dhuhr kunnen als vier rakah voor het dhuhrgebed worden gebeden en vier rakah erna, vier rakah voor het dhuhrgebed en twee erna of twee rakah voor het dhuhrgebed en twee erna. Als de moslim ervoor kiest om dit gebed op een van de hierboven genoemde manieren te verrichten, met de intentie om het sterk aanbevolen gebed van dhuhr te verrichten, dan zal hij de toegekende beloning ontvangen en dan zal diegene op de juiste manier dit soennahgebed hebben vervuld. De geldigheid van deze methodes wordt in de volgende ahaadieth gevonden: 1.Umm Habiebah heeft overgeleverd dat zij de Boodschapper van Allaah hoorde zeggen:

Allaah zal degene die consequent vier rakah voor dhuhr verricht en vier rakah erna tegen het Vuur beschermen. Deze hadieth is Sahieh. Het is verzameld door At-Tirmidhie (nr. 428), Ibn Maadjah (nr. 1160), Abu Daawuud (nr. 1269) en An-Nasaaie (3/ 265) Deze hadieth bewijst dat het aanbevolen is om consequent vier rakah voor dhuhr en vier rakah na dhuhr te bidden. 2.Abdullaah ibn Shaqieq zei dat hij Aaishah vroeg over de vrijwillige gebeden van de Boodschapper van Allaah en zij reageerde door te zeggen: Hij was gewend om in mijn huis vier rakah voor dhuhr te verrichten. Daarna ging hij naar buiten en leidde de mensen in gebed, waarna hij terug keerde en twee rakah bad. Hij leidde dan de mensen voor maghrib; keerde dan terug en bad twee rakah. Vervolgens leidde hij de mensen in het ishaagebed en ging vervolgens mijn huis binnen en bad twee rakah. Hij bad negen rakah tijdens de nacht, inclusief witr. s Nachts bad hij soms lange tijd staande en soms lange tijd zittend en wanneer hij de Quraan staand reciteerde, boog hij en wierp zichzelf neer vanuit de staande positie en wanneer hij zittend reciteerde, boog hij en wierp hij zichzelf neer vanuit de zittende positie. Wanneer het fadjr was bad hij twee rakah. Muslim (nr. 730) Ik zeg: Deze hadieth toont aan dat het is toegestaan om vier rakah voor dhuhr te bidden en twee erna. Wat zichtbaar is, is dat de Profeet vier rakah aaneengesloten bad (als een gebed) met twee tashahhud, zonder ze te scheiden door de tasliem te verrichten (na de eerste tashahhud). Dus hij verrichtte dit gebed zoals de andere gebeden die uit vier rakah bestaan (dhuhr en asr). Dus dit is een uitzondering van de algemene regel die uit de hadieth komt: De gebeden van de nacht en dag dienen in paren (van rakah) te worden gebeden. Deze hadieth is betrouwbaar overgeleverd door Ibn Umar. Het is verzameld door An-Nasaaie (3/ 227) en Ibn Maadjah (1322) Abu Isaa at-Tirmidhie (d.274 H) zei: De meerderheid van de mensen met kennis, van onder de metgezellen van de Profeet en degenen die hen volgden, hadden het uitgangspunt dat een persoon vier rakah dient te bidden (als een gebed) voor dhuhr. Sufyaan ath-Thawrie (d. 167H), Ibnul-Mubaarak (d. 181H), Ishaaq (d. 238H) en de mensen van al-Koefah hadden dit uitgangspunt. Aan de andere kant, beweerden

sommige van de mensen van kennis, dat de gebeden die tijdens de dag en de nacht gebeden worden, verricht dienen te worden met twee rakah per keer. Zij geloofden dat ieder paar van rakah apart gebeden dient te worden (na twee rakah wordt de tashahhud gezegd en vervolgens wordt de tasliem gemaakt). Dit was de houding van ash-Shaafiie en Ahmad. Zie: Sunanut-Tirmidhie (2/ 289-290) 3.De hadieth overgeleverd door Umm Habiebah is al genoemd: Ik hoorde de Boodschapper van Allaah zeggen: Als een moslimdienaar iedere dag twaalf rakah bidt van de sterk aanbevolen gebeden, oprecht omwille van Allaah, zal Allaah voor hem een huis in het Paradijs bouwen (of een huis zal voor hem in het Paradijs worden gebouwd). Verzameld door Muslim (nr. 728), Ad-Daarimie in zijn Sunan (1/ 335) en Abu Daawuud (nr. 1250) 4.De hadieth overgeleverd door Aaishah is al genoemd: De Profeet miste nooit vier rakah voor het dhuhrgebed. 5. De hadieth overgeleverd door Ibn Umar is al eerder genoemd: Ik hoorde dat de Boodschapper van Allaah tien rakah verrichtte: twee rakah voor dhuhr en twee erna 3. Wat iemand dient te doen als hij de vier rakah voor dhuhr mist In sommige overleveringen staat dat wanneer de Boodschapper van Allaah de vier rakah voor dhuhr miste, hij ze bad nadat hij het dhuhrgebed had beindigd. Aaishah zei: Wanneer de Profeet de vier rakah voor dhuhr niet had verricht, bad hij ze erna. Deze hadieth is betrouwbaar. At-Tirmidhie (nr. 426) en Ibn Maadjah (nr. 1158) Deze hadieth toont aan dat degene die de vier rakah voor dhuhr mist ze op ieder moment na het verplichte dhuhrgebed kan bidden. 4. Wat iemand dient te doen als hij de twee rakah na dhuhr mist

Kurayb, de bevrijde slaaf van Ibn Abbaas heeft overgeleverd dat Abdullaah ibn Abbaas, AbdurRahmaan ibn Azhar en al-Miswar ibn Makhramah hem naar Aaishah, de vrouw van de Boodschapper van Allaah stuurde, waarbij zij hem de opdracht gaven om haar hun groeten over te brengen en haar over de twee rakah na het asrgebed te vragen. Zij zeiden: Zeg tegen haar: Wij hebben gehoord dat u ze verricht, terwijl het aan ons is verteld dat de Boodschapper van Allaah deze daad verbood. Ibn Abbaas zei: Ik en Umar ibnul-Khattaab raadden de mensen af om dit te doen (twee rakah gebed te verrichten op deze manier). Kurayb zei: Ik ging naar haar (Aaishah) en bracht de boodschap waarmee ik gestuurd was aan haar over. Zij zei: Vraag Umm Salamah. Dus ging ik naar hen en informeerde hen over wat zij gezegd had. Zij stuurden mij terug naar Umm Salamah met datgene waarmee ik naar Aaishah was gestuurd. Umm Salamah zei: Ik hoorde de Boodschapper van Allaah ze verbieden en later zag ik hem ze verrichten. En wanneer hij ze verrichtte, had hij het asrgebed al verricht. Hij kwam op een tijd aan waarin er vrouwen bij mij waren van Baanu Haram, een stam van de Ansaar, en hij verrichte deze twee rakah. Dus ik stuurde een dienstmeisje naar hem toe, haar vragende om aan zijn zijde te gaan staan en tegen hem te zeggen dat Umm Salamah zegt: O Boodschapper van Allaah, ik hoorde u deze twee rakah verbieden, terwijl ik u ze zag verrichten, en als hij een gebaar met zijn hand maakt wacht dan. Het dienstmeisje deed wat haar was opgedragen. Hij gebaarde met zijn hand en zij ging aan de kant en wachtte. Nadat hij (het gebed) had beindigd zei hij: O dochter van Abu Umayyah, je hebt mij over de twee rakah na het asrgebed gevraagd. Sommige mensen van Abul-Qays kwamen mij bezoeken nadat zij de islaam hadden omarmd en zij hielden mij bezig, waardoor ik de twee rakah die na het dhuhrgebed komen niet kon uitvoeren. Dus dat waren die twee rakah. AlBukhaarie (nr. 1233) en Muslim (nr. 834) Ik zeg: Deze hadieth bewijst dat het is toegestaan om het sterk aanbevolen soennahgebed, dat oorspronkelijk bedoeld is om na het verplichte dhuhrgebed te verrichten, in te halen, als men het gemist heeft. Als er beweerd wordt dat het verboden is om deze twee rakah te bidden omdat Umm Salamah in de hadieth zei: Ik hoorde u deze twee rakah verbieden, terwijl ik zag dat u ze verrichtte dan is het antwoord: Wat uit de hadieth blijkt, is dat het verbod van het bidden van deze twee rakah na asr, van toepassing is op degene die dit consequent doet omdat hij gelooft dat het een soennah is. Wat het voortdurend verrichten van dit gebed van de Profeet betreft, dit geldt exclusief voor hem. Aaishah zei: Wanneer hij een gebed verrichtte, ging hij ermee door om het te verrichten. Muslim (835)

Zie je niet dat in deze hadieth genoemd wordt dat Aaishah de twee rakah na asr verrichtte: waarbij hij hem de opdracht gaf om haar hun groeten (salaam) over te brengen en haar over de twee rakah na het asrgebed te vragen. Als het verbod om twee rakah na asr te verrichten naar alle gebeden zou verwijzen, zonder enige uitzondering, dan zou Aaishah ze niet hebben verricht. En Allaah weet het het beste. Er is een andere aannemelijke uitleg: het verbod om twee rakah na asr te bidden is van toepassing op degene die dit gebed verricht en de zon is niet wit en helder, want de Boodschapper verbood het bidden na asr, tenzij de zon hoog in de lucht is en niet onder gaat. Dat is de reden waarom de Profeet de vraag van Umm Salamah beantwoordde door haar de reden duidelijk te maken waarom hij dit gebed verrichtte en door haar te laten weten dat zij de twee rakah waren die hij gewoonlijk na dhuhr verrichtte. Daarom bewijst deze hadieth dat het is toegestaan om het vrijwillige gebed na dhuhr, wat gewoonlijk na dhuhr wordt verricht, in te halen op een moment waarin gebed verboden is. Dit wordt verder versterkt door het feit dat Ibn Abbaas in de hadieth zei: Ik en Umar ibnul-Khattaab raadden de mensen af om dit te doen (twee rakah gebed verrichten in deze tijd). Dit betekent dat hij gewend was om de mensen te verbieden om enig gebed na asr te verrichten. Het lijkt dat Aaishah hierover hoorde en dat dat de reden is waarom ze zei: Umar begreep deze zaak. De Boodschapper van Allaah verbood alleen om te bidden wanneer de zon opkomt en wanneer de zon onder gaat. Ze zei in een andere overlevering: De Boodschapper van Allaah verliet nooit het verrichten van twee rakah na het asr. En in een andere overlevering zei ze dat de Boodschapper van Allaah zei: Neem niet vrijwillig de moeite om op het moment dat de zon opkomt en de zon onder gaat te bidden. Verzameld door Muslim

Dit bewijst dat het verbod om te bidden naar de tijd verwijst waarin de zon onder gaat en er wordt begrepen dat bidden na asr terwijl de zon helder en wit is niet verboden is. Deze bewering is mondeling overgeleverd door Alie ibn Abie Taalib in een hadieth: De Profeet verbood het bidden na asr, tenzij de zon hoog in de lucht is en niet onder gaat. Abu Daawuud en An-Nasaaie In een overlevering overgeleverd door Ahmad: Bid niet na asr, tenzij de zon hoog in de lucht is en niet onder gaat. Deze hadieth is Sahieh. Het is verzameld door Ahmad in Al-Musnad (1/ 130), Abu Daawuud en de hadieth zijn de woorden door hem overgeleverd (nr. 1274) en An-Nisaaie (2/ 280) De sterk aanbevolen soennahgebeden van asr Zaken die besproken zullen worden: -De regel van dit gebed -De gunsten ervan -Haar beschrijving 1.De regel ervan Het sterk aanbevolen gebed van asr is een van de sterk aanbevolen soennahgebeden* waar de Boodschapper bemoedigend over heeft gesproken en die hij uitvoerde, zoals betrouwbaar in de soennah is overgeleverd. Het is sterk aanbevolen om standvastig met dit gebed te zijn. *Zie ook: Al-Madjmoe Sharhul-Muhadhdhab (4/ 8) van An-Nawaawie 2.De gunsten van dit gebed De volgende hadieth is overgeleverd over de excellentie van dit sterk aanbevolen gebed van asr: Ibn Umar heeft gezegd dat de Boodschapper van Allaah zei: Moge Allaah rahmah (genade) schenken aan degene die vier rakah voor asr bidt. Deze hadieth is hasan (goed). Verzameld door Ahmad in Al-Musnad (4/ 203), At-Tirmidhie (nr. 430) en Abu Daawuud (nr. 1271)

De hadieth laat zien dat het sterk aanbevolen is om deze rakah te verrichten en er standvastig in te zijn en hopelijk zal diegene behoren tot degenen die de Boodschapper van Allaah in zijn duaa noemde. 3.De beschrijving ervan Het vrijwillige gebed van asr dient als vier rakah te worden gebeden met twee tashahhud zoals de andere gebeden die uit vier rakah bestaan (zoals dhuhr). Tasliem dient na het volbrengen van vier rakah te worden verricht. Dit gebed dient voor het asrgebed te worden verricht. Aasim ibn Damrah as-Saloelie heeft gezegd: Wij vroegen Alie over de sterk aanbevolen gebeden van Allaahs Boodschapper tijdens de dag, dus hij zei: Jullie zullen er niet toe in staat zijn om het uit te voeren. Dus wij zeiden: Informeer ons erover zodat wij ervan kunnen nemen wat wij kunnen. Hij zei: Wanneer Allaahs Boodschapper het fadjrgebed had gebeden wachtte hij een tijdje, totdat de zon op een afstand was als van hier (van het Oosten) als van daar (het Westen), wanneer het asrgebed wordt gebeden stond hij en bad twee rakah. Dan wachtte hij tot de zon op dezelfde afstand was in de richting van het Oosten, zoals het was bij het dhuhrgebed (in de richting van het Westen) (*Notitie van de vertaler: Tahfatul-Ahwadhie), dan bad hij vier rakah en vier rakah voor het dhuhrgebed wanneer de zon weg neigde van het hoogtepunt, en twee rakah erna en vier voor asr. Hij scheidde iedere twee rakah met een tasliem voor de dichtbij gekomen engelen, de profeten en boodschappers en degenen die hen volgen van onder de moslims en gelovigen. Alie zei: Dit zijn de zestien sterk aanbevolen gebeden die de Boodschapper van Allaah op en dag verrichtte en heel weinig mensen kunnen er standvastig me zijn. At-Tirmidhie en Ibn Maadjah In een overlevering verzameld door An-Nisaaie staat: Allaahs Boodschapper was gewend om twee rakah te bidden wanneer de zon glooide en vier rakah voor het midden van de dag, de tasliem aan het einde makend. (*Notitie van de vertaler: Tahfatul-Ahwadhie) Abu Iesaa at-Tirmidhie (d. 274H) zei: De hadieth die overgeleverd is door Alie is hasan (goed). Ishaaq ibn Ibraahiem nam de positie dat de vier rakah voor asr als een gebed verricht dienen te worden, zonder ze in paren te verdelen en hij

gebruikte deze hadieth als een bewijs. Ishaaq zei: Hij verrichtte tasliem na ieder paar rakah verwijst naar de tasahhud. Terwijl Ash-Shaafiie en Ahmad geloofden dat de gebeden in de dag en nacht in paren verricht dienen te worden. Zij vonden dat de vier rakah voor asr in paren gebeden dienen te worden en tasliem dient na ieder paar te worden verricht. Zie: Sunanut-Tirmidhie (2/ 294-295) Ik zeg: Het sterkste argument is wat Ishaaq heeft en het wordt gesteund door de overlevering die AnNisaaie heeft overgeleverd: Hij zei de tasliem aan het einde van het gebed. Als van de tasliem in de overlevering: Hij scheidde iedere twee rakah met een tasliem voor de dichtbij gekomen engelen, de profeten en boodschappers wordt begrepen dat het betekent dat hij het gebed afsloot, dan zou het verplicht zijn voor degene die bidt, bij dit punt het gebed af te sluiten en het is nooit overgeleverd in een van de islamitische teksten dat het gebed op deze manier wordt beindigd. Dit bewijst dat de zin Hij scheidde iedere twee rakah met een tasliem voor de dichtbij gekomen engelen, de profeten en boodschappers naar de tashahhud verwijst, vooral wanneer het betrouwbaar is overgeleverd over de Profeet dat hij tijdens de tashahhud vredesgroeten stuurde naar iedere rechtvaardige dienaar die op de aarde en in de hemelen leeft.* *Notitie van de vertaler: De Boodschapper van Allaah zei: Wanneer een van jullie in het gebed zit, laat hem dan zeggen: Alle lofuitingen, gebeden en pure woorden zijn aan Allaah, vrede zij met u, o Profeet en de rahmah van Allaah en Zijn zegeningen. Vrede zij met ons en met de rechtschapen dienaren van Allaah, want wanneer iemand dat zegt, omvat het iedere rechtschapen dienaar in de hemelen en de aarde Al-Bukhaarie (2/ 3110) en Muslim (1/ 298) De sterk aanbevolen gebeden van maghrib Zaken die besproken zullen worden: -De regel van dit gebed -De gunst ervan en beschrijving -De nadruk die erop gelegd is om dit gebed in het huis te verrichten

1.De regel van dit gebed Het vrijwillige gebed van maghrib wordt beschouwd als een van de sterk aanbevolen soennahgebeden. Het wordt de moslim sterk aanbevolen om hier standvastig mee te zijn. Het is betrouwbaar overgeleverd dat de Profeet over deze soennah sprak en het uitvoerde. 2.De gunst ervan en beschrijving Het geregelde sterk aanbevolen gebed van maghrib bestaat uit twee rakah. Zij dienen na het verplichte gebed van maghrib verricht te worden zoals bewezen is door de ahaadieth die eerder werden genoemd. Umm Habiebah heeft overgeleverd dat zij de Boodschapper van Allaah hoorde zeggen: Allaah zal een huis bouwen voor iedere moslim die iedere dag twaalf rakah van de vrijwillige gebeden verricht, oprecht omwille van Allaah. Vier rakah voor dhuhr en twee rakah na dhuhr, twee rakah na maghrib. Ibn Umar zei: Ik vernam dat de Boodschapper van Allaah twee rakah voor dhuhr en twee erna verrichtte, en twee rakah na maghrib in zijn huis Abdullaah ibn Shaqieq zei dat hij Aaishah vroeg over de vrijwillige gebeden van de Boodschapper van Allaah en zij reageerde door te zeggen: Hij verrichtte vier rakah voor dhuhr in mijn huis. Daarna ging hij naar buiten en leidde de mensen in gebed, keerde terug en bad twee rakah. Hij leidde dan de mensen voor maghrib, kwam dan terug en bad twee rakah 3.De nadruk die erop gelegd is om dit gebed in het huis te verrichten Het was de leiding van de Profeet om de vrijwillige gebeden in het huis te verrichten tenzij iets ertussen kwam om dit te praktiseren. Er zijn ahaadieth waarin de Profeet het belang van het verrichten van het vrijwillige gebed van maghrib in het huis benadrukte. Mahmoed ibn Labied zei:

Baanu Abdul-Ashhal bezocht de Boodschapper van Allaah. Hij leidde hen in het maghribgebed en toen hij klaar was zei hij: Bid deze twee rakah in jullie huizen. Deze hadieth is hasan. Verzameld door Ahmad in Al-Musnad (5/ 428) en Ibn Khuzaymah (nr. 1200) Kab ibn Adjzah zei: De Boodschapper van Allaah bad het maghribgebed met Baanu Abdul-Ashhal. Toen hij het gebed had beindigd, begonnen de mensen de vrijwillige gebeden te verrichten, dus zei de Profeet: Jullie dienen dit gebed in jullie huizen te verrichten. Abu Daawuud en An-Nasaaie Ik zeg: Deze twee ahaadieth bewijzen dat het sterk aangeraden is om het vrijwillige soennahgebed van maghrib in het huis te verrichten. De sterk aanbevolen soennahgebeden van ishaa Zaken die besproken zullen worden: -De regel van dit gebed -De beschrijving en gunst ervan 1.De regel van dit gebed Het vrijwillige gebed van ishaa wordt als een van de sterk aanbevolen soennahgebeden gezien. Het wordt de moslims sterk aanbevolen om dit gebed standvastig, consequent te verrichten, omdat het betrouwbaar is overgeleverd dat de Profeet bemoedigend over dit gebed sprak en het uitvoerde. 2.De beschrijving en gunst ervan De hadieth van Ibn Umar is genoemd: Ik vernam dat de Boodschapper van Allaah tien rakah verrichtte. Hij bad twee rakah na ishaa in zijn huis.

De hadieth van Abdullaah ibn Shaqieq is genoemd: Hij leidde de mensen in het ishaa gebed en keerde dan terug naar huis en bad twee rakah. De hadieth van Umm Habiebah is ook genoemd: Als een moslimdienaar iedere dag twaalf rakah van sterk aanbevolen gebeden bidt, oprecht omwille van Allaah, zal Allaah voor hem een huis in het Paradijs bouwen Ik zeg: Deze ahaadieth tonen duidelijk dat het sterk aanbevolen soennahgebed twee rakah is, die na het ishaa gebed verricht dienen te worden. Regels en voorschriften wat betreft de vrijwillige gebeden Zaken die besproken zullen worden: - De verhevenheid van het verrichten van de vrijwillige gebeden in het huis. - Consequent zijn met de vrijwillige gebeden zelfs als je alleen een paar ervan verricht. - De vrijwillige gebeden zittend verrichten. - De vrijwillige gebeden tijdens een reis verrichten. - De regel van het direct verrichten van het vrijwillige gebed na het verplichte, zonder te spreken of te bewegen. - Het gezamenlijk verrichten van het vrijwillige gebed. - Het inhalen van de geregelde vrijwillige gebeden samen met het verplichte gebed dat gemist werd. - Het beste gebed is die met de langste recitatie. 1.De verhevenheid van het verrichten van de vrijwillige gebeden in het huis. Zayd ibn Thaabit zei: De Boodschapper van Allaah bouwde in de maand Ramadhaan een kleine gesoleerde ruimte (in de moskee). De overleveraar zei: Ik denk dat Zayd ibn Thaabit zei dat het slaaphoekje was gemaakt door een mat te gebruiken. Hij bad daar voor een paar nachten en dus baden sommige van zijn metgezellen met hem. Toen hij merkte dat zij aanwezig waren, bleef hij zitten. Naderhand ging hij naar buiten, naar hen toe en zei: Ik heb gezien en volledig herkend wat jullie hebben gedaan. O mensen, jullie dienen in jullie huizen te bidden* want het beste gebed van iemand is dat wat hij thuis bidt, op de verplichte gebeden na. Al-Bukhaarie en Muslim

*Notitie van de vertaler: Ibn Hadjr (d. 852H) zegt in Fathul-Baarie (2/ 264), An-Nawaawie (d. 676H) zei: Hij moedigde het aan om de sterk aanbevolen gebeden in huis te verrichten, want het is gemakkelijker om iemands daden te verbergen en dus minder waarschijnlijk dat men uiterlijk vertoon zal hebben. Bovendien zal het huis gezegend zijn als gevolg van deze gebeden en er zal rahmah op neer dalen. Dit zal ervoor zorgen dat de duivels wegvliegen. Deze hadieth toont de verhevenheid van het bidden van de vrijwillige gebeden in het huis aan en deze (regel) is niet van toepassing op de verplichte gebeden. Het is duidelijk in deze hadieth dat het beter is om alle vrijwillige gebeden in het huis te verrichten, ongeacht of het is wel of niet is toegestaan om dat gebed gezamenlijk in de moskee te verrichten. Ibn Umar, Saalim en Nafie hebben allen overgeleverd dat zij deze mening volgen. Dit is ook de mening van Maalik (d. 179H), Abu Yuusuf (d. 182H) en Ash-Shaafiie (d. 204H). Zie: Al-Hawaadith wal-Bida (p. 136-137) van At-Tartoeshie 2.Het is beter om consequent te zijn met de vrijwillige gebeden, zelfs als het er maar een paar zijn. Aaishah zei: De Boodschapper van Allaah had een mat die hij gebruikte om een gescheiden ruimte voor het gebed tijdens de nacht te maken. De mensen begonnen met hem te bidden en hij spreidde de mat tijdens de dag. De mensen verzamelden zich op een nacht om hem heen. Hij zei: O mensen, verricht daden waar jullie toe in staat zijn, want Allaah wordt niet moe, maar jullie zullen moe worden. De daden waar Allaah het meeste van houdt zijn de daden die voortdurend verricht worden, zelfs als zij klein zijn. En het was de gewoonte van de leden van Muhammad zijn huishouding dat wanneer zij een daad verrichtten zij dit voortdurend deden. Al-Bukhaarie (nr. 43) en Muslim (nr. 782) Ik zeg: Deze hadieth bewijst dat de moslim met daden van aanbidding dient te volstaan waar hij toe in staat is en uit deze hadieth wordt begrepen dat het verboden is om jezelf over te belasten met daden van aanbidding die je niet kunt vervullen. 3.De vrijwillige gebeden zittend verrichten Imraan ibn Husayn, die toen aan aambeien leed, zei: Ik vroeg de Boodschapper van Allaah over het gebed van iemand die zit. Hij zei: Als diegene staand bidt is het beter. Degene die zittend bidt krijgt de helft aan beloning

van degene die staand bidt en degene die liggend bidt krijgt de helft aan beloning van degene die zittend bidt. Al-Bukhaarie (nr. 1115) At-Tirmidhie zei na het overleveren van deze hadieth: Sommige van de mensen van kennis geloven dat deze hadieth naar het vrijwillige gebed verwijst. Toe noemde hij al-Hasan (na zijn overleveringsketen genoemd te hebben) die zei: Als iemand wil, kan hij het vrijwillige gebed staand, zittend of liggend bidden. De mensen van kennis verschillen over het gebed van een zieke die er niet toe in staat is om zittend te bidden. Sommige van de mensen van kennis hebben uitgelegd dat de persoon in deze situatie liggend op zijn rechterzij dient te bidden, terwijl anderen hebben gezegd dat hij op zijn rug dient te bidden met zijn voeten richting de qiblah. Wat de hadieth betreft: Degene die zittend bidt krijgt de helft aan beloning van degene die staand bidt, dan zei Sufyaan ath-Thawrie (d. 167H) dat dit van toepassing is op een gezond persoon die geen geldig excuus heeft dat hem ervan weerhoudt om in het vrijwillige gebed te staan. Hoe dan ook, zal degene die een geldig excuus heeft, zoals een ziekte of iets anders dan dat, en daarom zittend bidt, dezelfde beloning ontvangen als degene die staand bidt. Er zijn verschillende versies van deze hadieth die soort gelijke woorden bevat als die Sufyaan heeft gezegd. (zie: Sunanat-Tirmidhie (2/ 209-210) Aaishah zei toen Abdullaah ibn Shaqieq al-Uqaylie haar over de Profeets nachtgebed vroeg: s Nachts bad hij soms lange tijd staand en soms lange tijd zittend. Wanneer hij reciteerde terwijl hij stond, boog hij en wierp zichzelf neer vanuit de staande positie en wanneer hij reciteerde terwijl hij zat, boog hij en wierp hij zichzelf neer vanuit de zittende positie. Al-Bukhaarie (nr. 118) en Muslim (nr. 730-732) 4.Het vrijwillige gebed op reis bidden Het was de gewoonte van de Boodschapper om zichzelf tot het bidden van verplichte gebeden te beperken wanneer hij reisde. Het is niet overgeleverd dat hij enig sterk aanbevolen vrijwillig gebed met ze verrichtte, noch ervoor, noch erna, behalve witr en het sterk aanbevolen gebed van fadjr, want hij liet deze gebeden niet achterwege wanneer hij een inwoner of een reiziger was.

Het is betrouwbaar overgeleverd over de Profeet dat hij het duhaa gebed verrichte, terwijl hij op reis was en het is betrouwbaar overgeleverd dat hij vrijwillige gebeden bad (in paren van rakah) die geen vastgestelde tijd of beschrijving hadden. Dit is bewezen met de volgende ahaadieth: Ibn Umar zei: Ik vergezelde de Boodschapper van Allaah tijdens een reis, maar ik zag hem geen van de sterk aanbevolen gebeden verrichten. Allaah zei in soerah Al-Ahzaab 33: 21: Waarlijk, de Boodschapper van Allaah is het beste voorbeeld voor jullie. In een andere overlevering: Ik vergezelde de Boodschapper van Allaah tijdens een reis, maar ik zag hem niet de geregelde sterk aanbevolen gebeden verrichten. Als ik de sterk aanbevolen soennahgebeden ging verrichten, diende ik de verplichte gebeden te volbrengen (in plaats van ze in te korten). Allaah zei in soerah Al-Ahzaab 33: 21: Waarlijk, de Boodschapper van Allaah is het beste voorbeeld voor jullie. AlBukhaarie en Muslim Ibnul-Qayyim (d. 751H) zei: Dit is een voorbeeld van het inzicht van (Ibn Umar), want Allaah had de vier rakah van het verplichte gebed voor de reiziger verlicht in alleen twee rakah. Dus als Allaah twee vrijwillige rakah voor of na het verplichte gebed had voorgeschreven, dan zou het volbrengen van het aantal rakah in een verplicht gebed passender zijn. Zie: Zaadul-Maaad (1/ 473) van Ibnul-Qayyim De hadieth overgeleverd door Umm Haanie is eerder genoemd, waar zij overleverde dat de Profeet het duhaagebed tijdens de verovering van Makkah in haar aanwezigheid verrichtte. Ibn Umar zei: De Boodschapper van Allaah verrichtte de vrijwillige gebeden op de rug van zijn rijdier in iedere richting waar het hem nam. Hij verrichtte het witrgebed terwijl hij reed, maar hij verrichtte de verplichte gebeden niet op deze manier. Al-Bukhaarie (nr. 1098) en Muslim (nr. 700)

Ik zeg: Deze hadieth overgeleverd door Ibn Umar legt de vorige hadieth uit toen hij zei: Ik zag hem geen enkele van de soennahgebeden bidden. Het maakt duidelijk dat de bedoeling bij soennahgebeden de geregelde sterk aanbevolen gebeden zijn. Aamir ibn Rabieah zei: De Boodschapper van Allaah verrichtte de vrijwillige gebeden op zijn rijdier, ongeacht welke richting het opging, maar hij verrichtte het verplichte gebed niet terwijl hij reed. Al-Bukhaarie (nr. 1097) en Muslim (nr. 701) 5. De regel van het direct verrichten van het vrijwillige gebed na het verplichte gebed zonder te praten of te bewegen Umar ibn Ataa ibn Abie Khuwaar zei: Naafie ibn Djubayr stuurde hem naar As-Saaib, de zoon van Namirs zus, om hem te vragen over wat hij had bemerkt bij het gebed van Muaawiyyah. Hij zei: Ja, ik verrichtte het djumuah gebed samen met hem in Maqsoerah en wanneer de iemaam de tasliem verrichte stond ik op mijn plek en bad. Toen hij binnen kwam stuurde hij naar mij en zei: Herhaal niet wat jij gedaan hebt. Wanneer je het djumuahgebed hebt verricht, verricht het vrijwillige gebed niet totdat je hebt gesproken of bewogen. Want waarlijk, de Boodschapper van Allaah had ons bevolen om niet twee gebeden te bidden; een direct na de ander, zonder praten of bewegen. Muslim (nr. 883) Ik zeg: Deze hadieth bewijst dat het niet is toegestaan om een gebed direct na een ander gebed te verrichten, tenzij we praten of bewegen. Zie: Sharh Muslim (6/ 170-171) van An-Nawaawie en Fathul-Baarie (2/ 335) van Ibn Hadjr 6.Bidden op een rijdend dier De Profeet verrichtte vrijwillige gebeden terwijl hij op zijn rijdier was op een reis; biddend in iedere richting waar zijn rijdier naartoe ging. Soms, wanneer hij reisde en de vrijwillige gebeden verlangde te verrichten, liet hij zijn kameel richting de Qiblah staan en sprak de takbier uit. Dan bad hij in de richting waar zijn rijdier hem nam. Dit is bevestigd in de volgende ahaadieth:

Ibn Umar zei: De Boodschapper van Allaah verrichtte vrijwillige gebeden op de rug van zijn rijdier, in iedere richting waar het hem nam. Hij verrichte het witrgebed terwijl hij reed, maar hij verrichtte de verplichte gebeden niet op deze manier. Al-Bukhaarie (nr. 1098) en Muslim (nr. 700) Aamir ibn Rabieah zei: De Boodschapper van Allaah verrichtte vrijwillige gebeden op zijn rijdier, ongeacht de richting waar het zich naar toe wendde, maar verrichtte de verplichte gebeden er niet op. Al-Bukhaarie (nr. 1097) en Muslim (nr. 701) Anas ibn Maalik zei: Wanneer de Boodschapper van Allaah van plan was om de vrijwillige gebeden te verrichten terwijl hij op zijn rijdier was, keerde hij naar de Qiblah en zei dan de takbier voor het gebed. Hij liet dan de teugels van zijn rijdier los en bad in de richting waar hij hem mee naartoe nam. Deze hadieth is hasan. Het is verzameld door Ahmad in Al-Musnad (3/ 203) en Abu Daawuud (nr. 1225) Ik zeg: Al is het in deze ahaadieth aangehaald dat deze gebeurtenissen tijdens een reis plaats vonden, sommige van de mensen van kennis zien dit niet als iets dat bepaald is. In plaats daarvan zien zij dit meer als het opnieuw vertellen van een verhaal, zonder wetgevend te zijn. De hadieth van Anas kan mogelijkerwijze als een bewijs voor deze benadering worden gebruikt omdat de zichtbare woorden laten zien dat het is toegestaan is om de vrijwillige gebeden op een rijdier te verrichten, ongeacht of iemand op reis is of niet. Dit uitgangpunt is toegeschreven aan Anas ibn Maalik, Abu Yuusuf (d. 182H), de metgezel van Abu Haniefah (d. 150H), Abu Saied al-Istakharie, die tot de Shaafiieschool en anderen. Zie: Sharh Muslim (5/ 211) van An-Nawaawie en Fathul-Baarie (2/ 575) van Ibn Hadjr. 7.De vrijwillige gebeden gezamenlijk verrichten Het is toegestaan om de vrijwillige gebeden gezamenlijk te verrichten onder de voorwaarde dat dit niet als een voortdurende gewoonte wordt gedaan. Het is beter om het thuis te verrichten. Dit is met de volgende ahaadieth bewezen:

De hadieth die is overgeleverd door Anas ibn Maalik waarin hij heeft overgeleverd dat: Zijn grootmoeder; Mulaykah nodigde de Boodschapper van Allaah uit voor een avondmaal dat zij voor hem had klaar gemaakt. Hij at een deel ervan en zei toen: Sta op zodat ik jullie kan leiden in gebed. Anas zei: Ik stond op onze mat die na langdurig gebruik zwart geworden was en sprenkelde water erover. De Boodschapper van Allaah stond en ikzelf en een wees vormden een rij achter hem en de oudere vrouw was achter ons. De Boodschapper van Allaah leidde ons in twee rakah van het gebed en ging toen weg. Al-Bukhaarie (nr. 380) en Muslim (nr. 658) Ibn Hadjr (d. 852H) zei: Deze hadieth bevat veel voordelen. Een ervan is dat de vrijwillige gebeden gezamenlijk in het huis verricht kunnen worden. Het is alsof de Profeet de intentie had om hen de handelingen van het gebed te onderwijzen, door hen er getuige van te laten zijn, wat in voordeel van de vrouw was, omdat de moeilijke details van het gebed voor de vrouw verborgen kunnen zijn, omdat de vrouw verder weg staat. Zie: Fathul-Baarie (1/ 490) van Ibn Hadjr Mahmud ibnur-Rabie al-Ansaarie zei dat hij Itbaan ibn Maalik al-Ansaarie had gehoord, die bij de Boodschapper van Allaah aanwezig waren in de slag van Badr, zeggende: Ik leidde mijn mensen bij Baanie Saalim in het gebed en toen het regende werd er een vallei (gevuld met water) tussen mij en deze mensen gevormd en het was moeilijk voor mij om het over te steken om bij hun masdjid te komen. Dus ging ik naar de Boodschapper van Allaah en zei: Ik heb slechte ogen en de vallei tussen mij en mijn mensen stroomt vol en het wordt moeilijk voor mij om het over te steken. Ik hoopte dat u naar mijn huis kon komen en bidden zodat ik die plek als gebedsruimte kon gebruiken. De Boodschapper van Allaah zei: Ik zal komen. In de ochtend nadat de zon was gerezen, kwamen de Boodschapper van Allaah en Abu Bakr naar mijn huis. De Boodschapper van Allaah vroeg mijn toestemming om binnen te komen en ik stond het hem toe. Hij zat niet voordat hij zei: Waar wens je dat we het gebed in jouw huis verrichten? Dus wees ik naar de plek waar ik wou dat hij zou bidden. Toen stond de Boodschapper van Allaah op voor het gebed en riep de takbier en wij maakten rijen achter hem. Hij verrichtte twee rakah en beindigde ze met tasliem en wij deden hem na en zeiden de tasliem. Ik verzocht hem te blijven en een maaltijd te eten, khazier* genoemd, dat ik voor hem had klaar gemaakt. Al-Bukhaarie (nr. 1185)

*Khazier is een maaltijd gemaakt van tarwemeel en gestoofd vlees Al-Bukhaarie noemde een hoofdstuk in deze betrouwbare collectie Het gezamenlijke verrichten van de vrijwillige gebeden. Dit was overgeleverd over de Profeet door Anas en Aaishah. Toen noemde hij met de hele overleveringsketen de hele hadieth van Mahmud ibnur-Rabie. Ik zeg: Wat de hadieth van Anas betreft, hij verwijst naar degene die ik eerder heb genoemd, waarin Anas zei: Ik en een wees vormden een rij achter hem Wat de hadieth van Aaishah betreft, verwijst hij naar het gezamenlijk bidden van de Profeet van het nachtgebed in de moskee. Ibn Taymiyyah (d. 728H) zei: Samen komen om een vrijwillig gebed gezamenlijk te verrichten wordt soms aanbevolen, zolang het niet als een voortdurende gewoonte wordt genomen en er is een voordeel in, zoals wanneer iemand er niet goed toe in staat is om alleen te bidden of hij heeft zelf niet de wilskracht. In deze situaties is het beter om gezamenlijk te bidden zolang het geen gewoonte wordt. Soortgelijk wordt er de voorkeur aan gegeven om dit in het huis te doen tenzij er een groter voordeel in is om het ergens anders te doen. Zie: Mukhtasirul-Fataawaa al-Misriyyah (p. 81) van Ibn Taymiyyah 8.De sterk aanbevolen soennahgebeden samen met de verplichte gebeden inhalen die gemist zijn Abu Hurairah zei: Wij stopten om te rusten met de Boodschapper en werden niet wakker totdat de zon was gerezen. De Boodschapper van Allaah vertelde ons toen dat ieder van ons zijn rijdier diende vast te houden en dit was een plek waar de duivel ons had bezocht. Wij deden dit. Hij vroeg toen om water en verrichte wudhuu en verrichtte twee paar sudjuuds. In een andere overlevering: Toen bad hij twee paar sudjuuds. De iqaamah werd voor het gebed gemaakt en toen verrichtte hij het ochtendgebed. Sahieh Muslim

Ibnul-Qayyim (d. 751H) zei toen hij de fiqh van deze overlevering besprak: Deze overlevering toont aan dat de geregelde vrijwillige gebeden net zoals de verplichte gebeden ingehaald worden. De Boodschapper van Allaah haalde het geregelde sterk aanbevolen gebed van fadjr samen met het verplichte gebed in en hij verrichtte het sterk aanbevolen gebed van dhuhr alleen. Het was zijn gewoonte om de sterk aanbevolen soennahgebeden samen met de verplichte gebeden in te halen. Zie: Zaadul-Maaad (1/ 358) van Ibnul-Qayyim 9.Het beste gebed is die met de langste recitatie Djaabir zei dat de Boodschapper van Allaah zei: Het meest excellente gebed is die waarin het staan het langste is. Muslim (nr. 756) Ik zeg: Deze hadieth bewijst de verhevenheid van langdurig in gebed staan en reciteren en dit is van toepassing op zowel de vrijwillige als verplichte gebeden. En Allaah is Degene Die succes schenkt. Hoofdstuk 2: Het vrijwillige gebed verrichten nadat de iqaamah is omgeroepen Abdullaah ibn Maalik Buhaynah heeft gezegd: De Boodschapper van Allaah kwam langs een man die twee rakah bad nadat de iqaamah was omgeroepen. Hij zei iets tegen hem maar wij wisten niet precies wat. Toen de Boodschapper van Allaah vertrok, verzamelden de mensen zich om hem heen en zeiden: Wat zei de Boodschapper van Allaah tegen jou? Hij informeerde hen dat hij zei: Bestaat fadjr uit vier rakah? Bestaat fadjr uit vier rakah? Al-Bukhaarie (nr. 663) en Muslim (nr. 711), met iets verschillende woorden. Abu Hurairah zei da de Profeet zei: Wanneer het gebed begint, is er geen gebed (geldig) behalve het verplichte gebed. Muslim (nr. 710)

Abu Hurairah zei dat de Profeet zei: Wanneer de muadhdhin de iqaamah begint te roepen, is er geen gebed behalve het verplichte gebed. Ibn Hibbaan (nr. 2190) en anderen. Sahieh verklaard door al-Albaanie (At-TalieqaatulHisaan alaa Ibn Hibbaan (4/ 61) Deze ahaadieth bewijzen dat het niet is toegestaan om een soennahgebed te gaan bidden als de iqaamah eenmaal is omgeroepen, ongeacht of het het soennahgebed van fadjr is of een ander soennahgebed. Dit is de houding van de meerderheid van de geleerden. Zie: Ath-ThamrulMustataab (1/ 226) Als de iqaamah omgeroepen is terwijl iemand een vrijwillig gebed bidt en hij vreest dat hij de openingstakbier zal missen als hij door gaat, dan dient hij het gebed te beindigen, anders zal hij voorrang geven aan de vrijwillige gebeden boven de verplichte. Zie: Sharh Adabul-Mashiyy ilasSalaah van Abdul-Muhsin al-Abbaad (p. 112) Er zijn veel meningen over dit onderwerp zoals belicht werd door Ash-Shawkaanie in Naylul-Awtaar. Hoe dan ook, zoals Ibn Abdul-Barr zei: Het bewijs in gebieden van geschil is de soennah en degene die (zijn beslissing) erop baseert zal succesvol zijn. Zie: Fathul-Baarie (2/ 186) van Ibn Hadjr Hoofdstuk 2: Verbod op eten en drinken in het vrijwillige gebed Wanneer iemand met intentie kleine hoeveelheden eten en drinkt onder het verrichten van het vrijwillige gebed dan doet dit het gebed teniet. Ibn Qudaamah (rahimahullaah) zei: Als iemand dit doet (kleine hoeveelheden eten of drinken) onder het verrichten van het vrijwillige gebed, dan doet dit het gebed teniet. Dit is de sterkste mening van de (Hanbalie) madhhab en het is het standpunt van de vaste meerderheid van fuqahaa (rechters), want datgene wat het verplichte gebed teniet doet, doet het vrijwillige gebed teniet. Wat de overlevering betreft die is overgeleverd door Ibnul-Mundhir:* Ik zag Ibnuz-Zubayr water drinken terwijl hij bad, door Zakariyyah Ghulaam Qaadir al-Baakistaanie* verklaarde het zwak. *Zie: Tanqiehul-Kalaam fil-Ahaadiethid-Daiefah fie Masaailil-Ahkaam (p. 366)

Ibnul-Mundhir zei: Wanneer degene die bidt met intentie drinkt terwijl hij het vrijwillige gebed bidt, dan dient hij het gebed te herhalen. Alles wat over bepaalde personen is overgeleverd, dat is als de overleveringen betrouwbaar zijn, dient in de context begrepen te worden dat zij dronken uit vergeetachtigheid. Hoofdstuk 3: Oordelen van de geleerden 1.Dient de iqaamah vooraf aan de vrijwillige gebeden geroepen te worden? Vraag: Dienen de sterk aanbevolen gebeden zonder enige iqaamah verricht te worden, dient at-tahiyyaat in hun gelezen te worden en is de soennah van fadjr hetzelfde als de andere sterk aanbevolen gebeden? Antwoord: Het is niet toegestaan om de iqaamah om te roepen voor de sterk aanbevolen gebeden. De iqaamah dient alleen voor de vijf dagelijkse gebeden te worden omgeroepen. Wat de attahiyyaat betreft, dan is het verplicht om dit in ieder gebed te reciteren; zowel de verplichte als de sterk aanbevolen. Het soennahgebed van fadjr is hetzelfde als andere sterk aanbevolen gebeden, behalve dat het de meest benadrukte onder hen is vanwege de uitspraak van Aaishah: De Profeet was niet zo consequent met het verrichten van enige sterk aanbevolen rakah als hij was met de twee rakah van het fadjrgebed. Al-Bukhaarie en Muslim Succes ligt bij Allaah en moge de vrede en zegeningen van Allaah op onze Profeet neerdalen, zijn familie en zijn metgezellen. Zie: fatwaa (nr. 11284), (7/ 232) Het permanente comit van geleerden van onderzoek en fatwaa. President: Abdul-Aziez ibn Baaz. Vicepresident: Abur-Razzaaq Afiefie. Lid: Abdullaah al-Ghudayyaan. 2.Zittend bidden Vraag:

Wat is de regel van degene die de sterk aanbevolen gebeden zittend bidt, zoals de soennah na het verplichte gebed, zonder een geldig excuus? Antwoord: Het is toegestaan om de sterk aanbevolen gebeden zittend te bidden, maar de beloning is de helft minder dan voor staan, als hij kan staan. De beloning voor degene die niet kan staan vanwege ziekte of een andere reden is volledig, gebaseerd op de uitsprak van de Profeet: Als de dienaar ziek wordt of reist, zal Allaah voor hem de daden schrijven die hij normaal zou doen wanneer hij gezond was. Al-Bukhaarie Succes ligt bij Allaah en moge de vrede en zegeningen van Allaah op onze Profeet neerdalen, zijn familie en zijn metgezellen. Zie: fatwaa (nr. 6434), (2/ 236) Het permanente comit van geleerden van onderzoek en fatwaa. President: Abdul-Aziez ibn Baaz. Vicepresident: Abur-Razzaaq Afiefie. Lid: Abdullaah al-Ghudayyaan. Lid: Abdullaah al-Quoed. 3.Wat dient men in de sterk aanbevolen gebeden te reciteren? Vraag: Is het verplicht om een korte soerah na Al-Faatihah te reciteren of zoveel mogelijk als iemand kan van de nobele Quraan wanneer men de twee rakah van het sterk aanbevolen gebed van fadjr, dhuhr en maghrib verricht, of het is voldoende om Al-Faatihah in de soennahgebeden te reciteren? Wat de regel hiervoor betreft bij de verplichte gebeden, dan is dit wel bekend. Antwoord: Het is toegestaan om een soerah of sommige verzen van de Quraan samen met Al-Faatihah te reciteren wanneer men de sterk aanbevolen gebeden verricht. In deze handeling volgt iemand de Profeet en handelt men volgens de betrouwbare ahaadieth. Hoe dan ook; als hij alleen Al-Faatihah reciteert, dan is zijn gebed correct.

Succes ligt bij Allaah en moge de vrede en zegeningen van Allaah op onze Profeet neerdalen, zijn familie en zijn metgezellen. Zie: fatwaa (nr. 3769), (7/ 237) Het permanente comit van geleerden van onderzoek en fatwaa. President: Abdul-Aziez ibn Baaz. Vicepresident: Abur-Razzaaq Afiefie. 4.Het gebed stoppen als de iqaamah wordt omgeroepen, terwijl men midden in het gebed is. Vraag: Ik zie sommige mensen hun gebed stoppen als de iqaamah wordt omgeroepen terwijl zij midden in het gebed zijn. Is dit toegestaan? Antwoord: Als de iqaamah omgeroepen wordt, is het niet toegestaan om te beginnen met het bidden van een vrijwillig gebed, gebaseerd op zijn uitspraak: Wanneer het gebed begint is er geen gebed, behalve het verplichte gebed. Deze hadieth is door Muslim en anderen overgeleverd Als de iqaamah wordt omgeroepen en hij bidt het sterk aanbevolen gebed, dan dient hij het te stoppen vanwege de hiervoor genoemde hadieth en omdat het verplichte gebed belangrijker is dan het andere gebed. Succes ligt bij Allaah en moge de vrede en zegeningen van Allaah op onze Profeet neerdalen, zijn familie en zijn metgezellen. Zie: fatwaa (nr. 5107), (7/ 239-240) Het permanente comit van geleerden van onderzoek en fatwaa. President: Abdul-Aziez ibn Baaz. Vice-president: Abur-Razzaaq Afiefie. 5.Alleen twee rakah van het soennahgebed van wudhuu bidden, de soennah van dhuhr voor tahiyyatul-masdjid Vraag: Is het voor iemand toegestaan om het soennahgebed van wudhuu, het soennahgebed van dhuhr en het soennahgebed van tahiyyatul-masdjid te combineren (door twee rakah voor al deze gebeden te

bidden) wanneer hij haast heeft, met in gedachten dat hij wanneer hij geen haast heeft ieder gebed apart bidt? Antwoord: Als de moslim wudhuu verricht en de moskee binnentreedt nadat de Adhaan voor dhuhr is omgeroepen en twee rakah verricht met de intentie om tahiyyatul-masdjid, de soennah van wudhuu en het soennahgebed van dhuhr te bidden, dan zal dit voldoende voor die drie zijn, gebaseerd op de uitspraak van de Profeet: Daden worden beoordeeld volgens de intenties en iedere persoon zal krijgen wat hij als intentie had. Succes ligt bij Allaah en moge de vrede en zegeningen van Allaah op onze Profeet neerdalen, zijn familie en zijn metgezellen. Zie: fatwaa (nr. 7466), (7/ 248-249) Het permanente comit van geleerden van onderzoek en fatwaa. President: Abdul-Aziez ibn Baaz. Vicepresident: Abur-Razzaaq Afiefie. Lid: Abdullaah al-Ghudayyaan. Lid: Abdullaah al-Quoed. Iemaam An-Nawawie zei in Al-Madjmoe (1/ 325-326): Al onze metgezellen (de Shaafiiegeleerden) zijn het erover eens dat het acceptabel is om het verplichte gebed en tahiyyatul-masdjid (als een gebed) te verrichten. Zij hebben duidelijk gezegd dat er geen meningsverschil is over het bidden ervan als een (gebed). Jaren lang heb ik deze zaak onderzocht en ik heb geen enkel meningsverschil gevonden. Overgeleverd door shaikh Masshoer Hasan Salmaan in Akhtaaul-Musallien (p. 196) 6.Zes rakah na maghrib bidden Vraag: Ik las een hadieth waarin de Boodschapper zei: Degene die zes rakah na maghrib bidt, zonder enige slechte taal ertussen te uiten, het is alsof hij aanbidding heeft verricht voor twaalf jaar lang. (*Notitie van de vertaler: Zie: Ad-daiefah (nr. 468) van al-Albaanie) Is deze hadieth betrouwbaar en hoe dienen deze zes rakah verricht te worden, ik ben me ervan bewust dat het van de soennah is om twee rakah na maghrib te bidden?

Antwoord: De hadieth is niet betrouwbaar want in de overleveringsketen is Umar ibn Abie Khatham. AlBukhaarie (d. 256H) zei over deze persoon Munkarul-hadieth, hem extreem zwak verklarend. Succes ligt bij Allaah en moge de vrede en zegeningen van Allaah op onze Profeet neerdalen, zijn familie en zijn metgezellen. Zie: fatwaa (nr. 12009), (7/ 254-255) Het permanente comit van geleerden van onderzoek en fatwaa. President: Abdul-Aziez ibn Baaz. Vicepresident: Abur-Razzaaq Afiefie. Lid: Abdullaah al-Ghudayyaan. 7.Nalatig zijn met de soennahgebeden Vraag: Ik was gewend om tijdens de nacht te bidden en de soennahgebeden te verrichten. Stap voor stap begon ik er nalatig mee te worden, totdat ik ermee stopte om nog enige van de soennahgebeden te verrichten. Ik begon kleine zonden te verrichten en verviel herhaaldelijk in daden van ongehoorzaamheid. Wat moet ik doen? Antwoord: Zonder twijfel probeert de duivel de moslim weg te lokken van het gehoorzamen van zijn Heer en hij tracht hem bezig te houden met ongehoorzaamheid. Het is aan jou om berouw te tonen en naar die goede daden terug te keren en toevlucht te zoeken tegen de duivel want verwerping van witr en verwerping van de geregelde sterk aanbevolen gebeden maakt een persoon onbetrouwbaar en leidt ertoe dat zijn getuigenis verworpen zal worden. Het is aan jou om consequent te zijn met jouw goede daden en met het nachtgebed dat jij gewend was te verrichten. Je dient jezelf niet toe te staan dat je jezelf neerlegt bij jouw nafs (ego) en de duivel. (Zie: Al-Muntaqaa (3/ 74) van Saalih al-Fawzaan) Saalih al-Fawzaan Onze oproep naar de ummah Deze uitleg van onze oproep is samengevat uit Tardjumah Abie Abdur-Rahmaan Muqbil ibn Haadie al-Waadiie (p. 135-142) van Muqbil ibn Haadie met kleine toevoegingen van andere bronnen.

1: Wij geloven in Allaah en Zijn Namen en Eigenschappen, zoals zij genoemd zijn in het Boek van Allaah en de soennah van de Boodschapper van Allaah, zonder tahrief (zonder verdraaiing), noch tawiel (figuurlijke interpretatie), noch tamtiel (een vergelijking maken), noch tashbieh (vergelijking), noch tatiel (ontkenning). 2: Wij houden van de Metgezellen van de Boodschapper en wij haten degenen die tegen hen spreken. Wij geloven dat slecht spreken over hen slecht spreken over de religie is, want zij zijn degenen die het aan ons hebben overgedragen. En wij houden van de familie van de Profeet met liefde die door de Sharieah is toegestaan. Imraan ibn Husayn zei: O mensen! Leer de kennis van de religie van ons, als jullie dat niet doen, dan zullen jullie zeker misleid worden. (Zie: Al-Kifaayah (p.15) van Al-Khaatieb al-Baghdaadie) 3: Wij houden van de Mensen van hadieth en alle Salaf van de ummah van Ahlus-soennah. Iemaam Shatibie (d. 790H) (rahimahullaah) zei: De Salafus-Saalih; de Metgezellen, de Taabiien en hun volgelingen kenden de Quraan, haar wetenschappen en haar betekenissen het beste. (Zie: AlMuwaafiqaat (2/ 79) van Ash-Shaatibie) 4: Wij verachten ilmul-kalaam (kennis van theologische welsprekendheid) en wij zien het als de grootste oorzaken van verdeeldheid in de ummah. 5: Wij accepteren niets van de boeken van fiqh (rechtsleer), noch van de boeken van tafsier (uitleg van de Quraan), noch van de vroegere verhalen, noch van de Sierah (biografie) van de Profeet, behalve dat wat overgeleverd is door Allaah en door Zijn Boodschapper. Wij bedoelen niet dat wij ze verwerpen, noch beweren wij dat we geen behoefte eraan hebben. Wij hebben eerder baat bij de bevindingen van onze geleerden en de rechtsgeleerden en anderen dan hen. Hoe dan ook accepteren wij geen regel tenzij het met bewijs is. 6: Wij schrijven niet in onze boeken, noch bedekken wij in onze lessen, noch geven wij lezingen met iets behalve de Quraan of de betrouwbare en goedgekeurde overleveringen. En wij verafschuwen datgene wat vele boeken bevatten op het gebied van valse verhalen en zwakke en bedachte ahaadieth. Abdullaah ibnul-Mubaarak (d. 181H) (rahimahullaah) zei: De betrouwbare ahaadieth zijn voldoende en de zwakke ahaadieth zijn niet nodig. (Zie: Al-Djaamie li-Akhlaqir-Raawie (2/ 159) van As-Suyuutie) 7: Wij spreken geen takfier uit over enige moslim (beweren dat hij kaafir is) vanwege een zonde, behalve shirkbillaah, of het verwerpen van het gebed, of afvalligheid. Wij zoeken daartegen toevlucht bij Allaah. 8: Wij geloven dat de Quraan de spraak van Allaah is; het is niet geschapen. 9: Wij geloven dat het onze plicht is om samen te werken met de groep die de geloofsleer van het Boek en de soennah en datgene waar de Salaf van de ummah op waren volgt; in termen van oproepen naar Allaah de Geerde en om oprecht in aanbidding van Hem te zijn en voor shirk, bidah (vernieuwingen) en ongehoorzaamheid te waarschuwen en om alle groepen die hieraan tegenovergesteld zijn te adviseren. (Fatwaa van het Comit van Grote Geleerden: 1/ 16/ 1417 (nr. 18870.) Dus samenwerking gebaseerd op vroomheid en taqwaa en wederzijds adviseren

maakt het nodig om tegen het kwaad te waarschuwen en niet samen te werken met de slechte. (Van de woorden van shaikh Bin Baaz in Al-Furqaan magazine (nr. 14, p. 15) 10: Wij vinden het niet correct om afkerig van moslimleiders te zijn zolang zij moslims zijn, noch vinden wij dat revoluties vereniging teweeg brengen. Zij maken eerder de gemeenschap corrupt. 11: Wij vinden dat deze verscheidenheid aan groeperingen van tegenwoordig een reden van verdeeldheid zijn van de moslims en hun zwakte. Dus daarom beginnen wij met het bevrijden van de geest uit de boeien van het blindelings volgen van de donkerte van sektevorming en de geest van verdeeldheid. (Uit: Fiqhul-Waaqie (p. 49) van al-Albaanie) 12: Wij beperken ons begrip van het Boek van Allaah en de soennah van de Boodschapper van Allaah tot het begrip van de Salaf van de ummah van de geleerden van de hadieth, niet de blinde volgelingen van hun individuen. Wij nemen eerder de waarheid van war het ook komt. En wij weten dat er degenen zijn die Salafiyyah claimen, maar Salafiyyah is vrij van hen, want zij brengen aan de gemeenschap datgene wat Allaah verboden heeft. Wij geloven in het opvoeden met goed manieren van de jonge generatie op deze islaam, gezuiverd van alles wat hij hebben genoemd, hen correct islamitische onderwijs gevend vanaf het begin, zonder enige invloed van het westerse onderwijs. (van Fiqhul-Waaqie (p. 51) van al-Albaanie) 13: Wij geloven dat politiek en onderdeel van de religie is en degenen die de religie proberen te scheiden van politiek trachten slechts de religie te vernietigen en chaos te verspreiden. 14: Wij geloven dat er geen eer of overwinning voor de moslims zal zijn totdat zij terugkeren naar het Boek van Allaah en naar de soennah van de Boodschapper van Allaah. 15: Wij zijn tegenovergesteld aan degenen die de religie onderverdelen in onbelangrijke en belangrijke zaken. En wij weten dat dit een vernietigende dawah is. 16: Wij zijn tegenovergesteld aan degenen die de kennis van de soennah vernederen en zeggen dat dit niet de tijd daarvoor is. Soortgelijk zijn wij tegenovergesteld aan degenen die het handelen volgens de soennah van de Boodschapper van Allaah vernederen. 17: Onze dawah en onze aqiedah zijn ons meer geliefd dan onszelf, onze bezittingen en onze nakomelingen. Dus wij zijn noch voor goud, noch voor zilver bereid om ervan te scheiden. Wij zeggen dit zodat niemand de hoop zal hebben om onze dawah om te kopen, noch zal denken dat het voor hem mogelijk is om het voor een dinaar of dirham van ons te kopen. 18: Wij houden van de huidige geleerden en hopen baat bij hen te hebben en hebben verdriet om de vele van onder hen die er niet meer zijn. Iemaam Maalik (d. 179H) (rahimahullaah) zei: De kennis van hadieth is jullie vlees en bloed en jullie zullen erover worden gevraagd op de Dag des Oordeels, dus kijk van wie jullie het nemen. (Zie: Al-Muhaddithul-Faasil (p. 416) en Al-Kifayah (p. 21) van AlKhaatieb) 19: Wij accepteren geen fatwaa behalve van het Boek van Alaah en de soennah van de Boodschapper van Allaah.

Dit zijn glimpen van onze aqiedah en onze dawah. Dus als iemand enig bezwaar hiertegen heeft, zijn we bereid om advies te accepteren als het waarachtig is en om te weerleggen als het niet correct is en het te laten als het eigenwijs verwerpen is. En Allaah weet het het beste. Soebhaanaka llaahoemma wa biehamdieka, Ash-hadoe allaa iellaha iellaa ant, Astaghfieroeka wa atoeboe ielayk. Ik smeek Allaah om dit werk tot een van de zaken te laten behoren die mijn weegschaal zwaarder zullen maken met goede daden en dat dit werk tot een van mijn sadaqaat djaariyah mag behoren, wanneer ik straks in mijn graf lig. Ik vraag Allaah om al onze daden zuiver voor Zijn Aangezicht te maken, overeenkomstig aan Zijn welbehagen, aamien. Soebhaanaka llaahoemma wa biehamdieka, Ash-hadoe allaa iellaha iellaa ant, Astaghfieroeka wa atoeboe ielayk.