You are on page 1of 1

LC zaterdag 28 januari 2012 - economie@lc.

nl

werken^leven 33 ..........................................
gouweouwe
Niet elk product gaat de hippe en moderne toer op. Werken & Leven verklaart wekelijks een icoon uit het winkelschap.

logostiek
Walter Elias Disney kon niet bijzonder goed tekenen, maar hij was een bedenker en zakenman van jewelste. In 1923 richtte hij, 21 jaar oud, een animatiebedrijfje op dat films maakte rond een echt meisje, Alice, dat avonturen beleeft in een tekenfilmwereld. De rest gaan we hier niet navertellen: iedereen kent het Disney-imperium en de bijbehorende films, strips en pretparken. Is in de Verenigde Staten van al zijn scheppingen de bescheiden goeierik Mickey Mouse het populairst (getekend door zijn medewerker Ub Iwerks), in Europa is dat het opgewonden standje Donald Duck (gemaakt door medewerker Dick Lundy). Dat moet iets zeggen over beide continenten. De Nederlandse Donald Duck was deze week in Friesland roversgoed: overal was het blad uitverkocht en in elk geval één twaalfjarige Leeuwarder abonnee kreeg het niet, vermoedelijk omdat het onderweg naar de brievenbus is verdonkeremaand. Dat komt omdat het nummer volstaat met gezellige Friese clichés: skûtsjesilen, fierljeppen, de Oldehove. Op het blad prijkt, net als op alle Disneyproducten, de handtekening van Walt Disney, in herkenbare, zwierige letters. Weliswaar zag zijn echte handtekening er in elk decennium anders uit (ze leveren veel geld op veilingen op, hoed u voor namaak), maar het concern bewaakt deze gestileerde versie met zorg. Hij staat als logo op de strips, de tekenfilms, de televisieprogramma’s, de pretparken, de mokken, de poppen en de truien. Het is een van de weinige beroemde logo’s die gebaseerd is op een handtekening en dat is een slimme zet van het concern. Het is alsof Oom Walt (overleden in 1966) overal zelf zijn krabbel op heeft gezet, als persoonlijke garantie dat dit echt vermaak is voor het hele gezin. Natuurlijk is goed tekenen een hele kunst, maar een handtekening op de juiste plek zetten is minstens zo belangrijk. ASING WALTHAUS

1
2

TEKST RUTGER VAN DER MEIJ FOTO LC/SIEP VAN LINGEN

6 3

4

boeken&studies
Marianne van Leeuwen, Suzanne van der Erf, Yvonne de Mey van Streefkerk - Mag het ietsje minder roze?, De geheimen van vrouwenmarketing, AW Bruna, 328 blz, €29,95 Een knalroze boek met de titel ‘Mag het ietsje minder roze?’, dat is durven. Een beetje irritant wordt het als blijkt dat de blikken roze inkt ook binnenin enthousiast zijn leeggekieperd. Maar toch…prima boek. Als ik speciaal vrouwen wilde bereiken met een product of dienst, zou ik dit boek zeker voor het grijpen willen hebben. Het is namelijk heel handig te gebruiken als checklist en inspiratiebron. De schrijfsters (van professie marketeer, marktonderzoeker en designer) presenteren tien vuistregels en werken die uit voor verschillende productiegroepen, met benaderingen via verschillende platforms. Op het eerste gezicht voert de route door tien open deuren, met vuistregels als ‘ontdek wie ze is’ / ‘heb een goed verhaal’ / ‘neem haar serieus’. Totdat je je realiseert dat vrouwen gevoelig zijn voor andere type verhalen dan mannen, onder ‘in de watten gelegd worden’ iets anders verstaan dan mannen, en andere ideeën hebben dan mannen bij aantrekkelijk details of interessante contexten. Waardevol is het boek ook omdat het goed inzoomt op het online gedrag van vrouwen. Shoppen, gamen, filmpjes kijken, appjes downloaden, netwerken, vrouwen houden er eigen voorkeuren en stijlen op na. Goed om dat paraat te hebben. IRENE OVERDUIN

Naizena
Tot drie keer toe staat het op de voorkant van het doosje: Maizena is de enige originele maizena. Al vlot na de uitvinding van het maïszetmeel in 1856 rezen de verkopen de pan uit. Maizena won prijs na prijs op tentoonstellingen over de hele wereld. Dat wilden andere fabrikanten ook wel. Dus verschenen er merken als Naizena, of Maizharina. Maar de Duryea’s spanden rechtszaken aan en koopt advertentieruimte in kranten om huisvrouwen te behoeden voor ,,inferieure" kopieën. Al in 1873 plaatst het bedrijf een moddervette ‘Waarschuwing’ in de Leeuwarder Courant, om toch vooral te varen op het ,,gewaarborgde fabrieksmerk" Maizena. Inmiddels is de eigennaam maizena een soortnaam voor allerlei maïszetmeel geworden. In het Engels heet dat ‘genericide’: de lieve Nederlandse benaming is merkverwatering, maar eigenlijk vertaal je het als merken- of soortenmoord. Productnamen kunnen door ‘generiek gebruik’ in de volksmond namelijk hun wettelijke bescherming als geregistreerd handelsmerk verliezen. Bij Maizena is dat nooit gebeurd, omdat de fabrikant altijd aantoonbaar weerstand heeft geboden tegen vervalsingen.

1

Duits fabrikaat

5

Frans en protestants
De achternaam Duryea vindt zijn oorsprong in Noord-Frankrijk. Daar werd in de zeventiende eeuw Joost du Rieu geboren, een Hugenoot. Op jonge leeftijd vestigde hij zich in het Duitse - en protestantse - Mannheim, trouwde er en vertrok met vrouw in 1650 naar de kolonie Nieuw-Nederland aan de Amerikaanse oostkust. Daar veramerikaniseerde hij zijn naam tot Duryea.

Indianen
Volgens de officiële beschrijving van het Maizena-beeldmerk gaat het hier om ,,Indianen bezig met het cultiveren van maïs, het bereiden van maïsmeel en het koken van maïsmeel [achter in de tent]". Hiermee wilden de Duryea’s verwijzen naar de oorsprong van eetbare maïs, onstaan doordat Indianen uit Midden-Amerika zo’n 10.000 jaar geleden het gewas begonnen te veredelen.

Broer John
Het is zo goed als onleesbaar, maar dit is de handtekening van John M. Duryea. De tweede uit het gezin van zeven jongens en twee meisjes (Wright Duryea was de oudste) en een van de eerste directeuren. Alleen een doosje met een Duryeahandtekening bevat de échte Maizena, zo adverteerde het bedrijf in de negentiende eeuw. Alle broers Duryea werkten in de zetmeel.

Papje
Unilever verkoopt wereldwijd jaarlijks 1,7 miljoen pakjes. Dat betekent ,,veel gebruiksmomenten" aldus het concern, ,,want met één pakje doe je een tijdje’’. Maizena wordt gebruikt als bind- of verdikkingsmiddel voor sauzen en soepen en natuurlijk als papje op de bloemkool (‘witte groentesaus’ heet dat officieel volgens het etiket). En bij luieruitslag, meldt het Centrum voor Jeugd en Gezin: een beetje Maizena op de billetjes en de roodheid verdwijnt als sneeuw voor de zon.

Hotels: prijs kamer hoog door sites
LEEUWARDEN – Bookingssites houden kamerprijzen in hotels kunstmatig hoog, beweert de hotelbranche. Onzin, zeggen de sites. Tripadvisor, Expedia.com, Booking.com, Zoover.nl. Deze boekingssites bieden een ruim overzicht van de beschikbare hotelkamers en de tarieven zijn op het eerste oog meestal voordelig. Maar dat is schijn, beweert de branche: de sites laten de hotelgasten te veel betalen en strijken zo zelf veel geld op. Wereldwijd groeit de kritiek op de websites. Hoteliers voelen zich steeds meer onder druk gezet. Frans Hazen, voorzitter van de afdeling Hotels van Koninklijke Horeca Nederland, spreekt zelfs van een wurggreep. „De websites houden de prijzen van hotelkamers over onze ruggen hoog. Wij willen wel lagere prijzen bieden, maar dat laten de contracten niet toe.” Hazen, zelf exploitant van hotel De Draak aan de Grote Markt in Bergen op Zoom, erkent dat hij toch echt zelf de contracten met de boekingssites aangaat. „We kunnen er eenvoudigweg niet omheen. Daarvoor zijn ze veel te machtig geworden. Grote ketens slaan de handen ineen om samen boekingssites te zetten, maar dat kost heel veel geld. Voor kleine spelers op de markt is dat veel moeilijker.”. De boekingssites werpen de kritiek van de hotelbranche verre van zich. Directeur Rutger Prakke van Booking.com Nederland is zelfs laaiend. „Hazen gooit alle sites op één hoop en vertelt onwaarheden. De hotels zelf bepalen bij Booking.com de prijzen en wij brengen geen reserveringskosten in rekening. Dat boekers gemiddeld 30 procent te veel betalen, is pertinent onwaar. We willen juist voordeliger zijn dan de rest”, zegt hij. (GPD)

2

3

4

5

In 1842 lukte het de Amerikaan Thomas Kingsford om zetmeel uit maïskorrels te isoleren. Een paar jaar later bouwde hij er een fabriek voor in Oswego in de staat New York. Aanvankelijk werd het zetmeel alleen gebruikt als stijfsel voor wasserijen. Een jonge monteur in de Kingsford-fabriek zag meer potentieel. Deze Wright Duryea begon een eigen zetmeelfabriekje in Oswego, maar verhuisde al snel naar Glen Cove op Long Island. Daar bedacht hij in 1856 Maizena, een fijn en zuiver zetmeel in kleine verpakkingen en geschikt was voor consumptie. Met zijn broers bouwde hij in mum van tijd een bloeiende fabriek (zie hiernaast). Toen Wright Duryea in 1889 stierf, had hij 2 miljoen dollar op de bank. De export naar Europa was al in 1859 begonnen. Maar in 1906 ging Duryea op in het grotere maïsconcern CPC, dat stijfselfabrieken in Duitsland bezat. CPC verplaatste de productie. De Duitse dochter-bv van Maizena werd na de Tweede Wereldoorlog eigenaar van voedingsmiddelenfabrikant Knorr in Heilbronn. In die plaats wordt sinds 1987 alle Maizena gemaakt; de overname van het merk door Unilever in 2000 heeft daar niets aan veranderd.

6

groeimarktzzp

Ondernemersborrel wordt visitekaartje
Friesland telt duizenden zzp’ers. Allemaal minibedrijfjes met eigen wensen. Wie profiteert van dit groeiende leger zelfstandigen? Deel 5 (slot): losjes netwerken.
migen blijven daarna plakken voor de lunch,” De landelijke Coffeeclubs – online contact verloopt via Linkedin - zijn populair. In Friesland begon Leeuwarden in 2009 met de informele bijeenkomsten, maar datzelfde jaar volgden Heerenveen, Drachten en Sneek. Ook in kleinere plaatsen als Harlingen, Franeker en Lemmer zijn de clubs sindsdien opgedoken. De grootse vier hebben in drie jaar gezamenlijk zo’n 160 actieve leden, en dat aantal blijft groeien. Grofweg driekwart van de Coffee-deelnemers is zzp’er, melden de ‘clubvoorzitters’. Dat heeft alles te maken met de flexibiliteit – je ziet maar of je komt – en het informele karakter. ,,Echt zaken doen is er op zo’n ochtend niet echt bij”, zegt Fokje Ritsma van Open Coffee Drachten. ,,De bijeenkomsten hebben een sociale functie: elkaar advies geven, een klankbord zijn voor andere ondernemers.” En de kosten zijn minimaal: meer dan twee kopjes koffie zijn eenpitters er niet aan kwijt. De Drachtsters houden hun koffie-ochtend vaak in het plaatselijke Emjee Hotel. ,,Ook vanwege het gratis parkeren.” De zzp’er mag dan voordelig uit zijn, de horeca-ondernemer ,,krijgt er revenuen mee binnen”, zo zegt Henk Wolthuis in Heeren-

Faciliteer een netwerkclub en je café zingt rond op Twitter

RUTGER VAN DER MEIJ

ormaal gaat eetcafé De Buurman in Heerenveen om elf uur open. Maar elke laatste donderdag van de maand haalt eigenaar Henk Wolthuis de deur een uurtje eerder van het slot. Dan ontvangt hij de Open Coffee Club Heerenveen, een netwerk van lokale ondernemers die eens per maand zakelijkse tips en ervaringen uitwisselen. Meestal komen er ruim dertig ondernemers op af, maar deze donderdag wel vijftig, turft Wolthuis. En dat betekent vijftig maal twee keer koffie of thee, want de ‘netwerkborrel’ duurt zomaar twee uur ,,En som-

N

De Open Coffee Club Leeuwarden komt elke tweede woensdag van de maand bijeen in de brasserie van het WTC-hotel. FOTO HOGE NOORDEN/JAAP SCHAAF veen. ,,Nu gaat het om twee kopjes koffie per persoon, dat levert natuurlijk geen mega-omzetten op. Maar er komt wél af en toe een dinertje of zakenlunch achter weg. Bovendien is het is heel goed voor de naamsbekendheid: De Buurman wordt genoemd op Linkedin, ondernemers twitteren erover. Het scheelt als je dan van jezelf ook actief bent op de social media.” Ook Harry Steenkamer van brasserie The Globe ziet ze elke maand graag komen, de 70 Leeuwarder Coffeeclubbers in de lounge van het WTC-hotel. ,,Een grote markt is het niet, maar het is leuk om ze te hebben. Soms boekt een ondernemer ook een uurtje vergaderruimte voor een kleinschalige workshop. Maar we hebben hier veel echt grote zalen in de verhuur, en die kunnen de meeste zzp’ers niet opbrengen.” Het Jong Bedrijven Netwerk Fryslân (ook tweederde zzp, maar aangesloten ondernemers betalen een lidmaatschap) boekt nog wel eens een grote zaal voor een seminar. Zzp’ers komen in de eerste plaats voor kennisuitwisseling maar zijn ook op zoek naar wat aanspraak, zeggen de netwerkclubs. Alleen werken kan tenslot-

te eenzaam zijn. Reden voor Joris Hagting van het Sneker hotel De Daaldersplaats om de maandelijkse Open Coffee vanaf deze maand te verplaatsen van vrijdagmiddag naar maandagochtend. ,,Voor de vrijdagmiddag had de Coffee Club een iéts te formeel karakter. Het was een beetje statisch. Nu doen we op de vrijdag gewoon een informele borrel, met een wijntje of een pilsje.” Op maandagochtend past het koffiemoment beter, vindt Hagting. ,,Ik zie er weer meer mensen op afkomen. Het is een mooi moment om na te praten over het weekeinde en tegelijk de komende werkweek door te nemen.” Kleine ondernemers komen volgens hem graag op een plek waar ze nieuwe mensen kunnen ontmoeten en tegelijk een werkomgeving aantreffen. Daarom verdeelt Hagting zijn restaurant nu overdag met kamerschermen in drie stukken. Een ‘stil deel’ voor de concentratie, een ‘groepsdeel’ voor werkoverleg en een ‘rumoerdeel’ temidden van de gewone gasten. ,,Voor de reuring en het creatieve proces. Je moet je voorstellen, er staat hier een stamtafel met mannen vol levenservaring. Zitten ook oud-ondernemers tussen. Wellicht heb je daar nog wat aan, als starter of zzp’er.”