You are on page 1of 6

Les 1, 17/02/2011: De middeleeuwen (ca.

500-1400)

Comentarii de Bello Gallico (jaren 50 of 40 v.C.) van Julius Caesar is n bron die we kunnen raadplegen als we meer willen weten over de Germanen. Een andere bron is Germania (98) van Tacitus, maar daarover later meer. In De Bello Gallico geeft Caesar niet zozeer een beschrijving van de Germanen, maar wel van de Galliers, waarbij hij onderscheid maakt tussen de Helvetirs, Belgae enz. De eerste paragraaf van De oorlog in Gallia samengevat: de Belgen zijn van alle Gallirs de dappersten omdat ze: ver van alle beschaving zijn, en (vooral) omdat ze het dichtste bij de Germanen wonen. De Gallirs behoorden tot het Romeinse Rijk; de Germanen niet, al liep de grens tussen het R.R. en Germani helemaal niet zo strak en vast als in de schoolboeken wordt weergegeven. De wachttorens, die zich in het grensgebied bevonden, weerhielden de Germanen er bijvoorbeeld niet van de zgn. grens over te steken. Twee belangrijke Germaanse steden: Germania Inf. en Germania sup. lagen bovendien volledig in het zgn. Romeinse gebied. Denk vooral niet dat de Germanen n grote eenheid vormden die een groot leger op de been kon brengen: het ging in Germani vooral om verschillende stammen: Vandalen, Langobarden enz., met elk een eigen identiteit. Een zekere Arminius had in het jaar 9 tegen de Romeinen onder leiding van Varus opgenomen en de Romeinen zo een nederlaag bezorgd. Dit is een belangrijke gebeurtenis, vooral omdat de 19de eeuwse geschiedschrijving dit feit heeft opgepikt om te zeggen: hier is de Duitse geschiedenis begonnen! In de 19de eeuw zagen Duitsers de Fransen als afstammelingen van de Romeinen, en zichzelf als afstammelingen van de Germanen onder leiding van Arminius Toen hebben we de Fransen kunnen verslaan; nu zal dat ons ook lukken, dachten ze. Deze Arminius je hoort het al aan zijn geromaniseerde naam was echter gn barbaar. Om zijn naam echter Duitser te laten klinken, werd hij in de 19de eeuw omgedoopt tot Hermann. Er is een groot Hermannsdenkmal terug te vinden in het Duitse Detmold.

___ 1

Wat we over de Germanen weten, hebben we voornamelijk uit de geschriften van Publius Cornelius Tacitus, namelijk uit zijn Germania. Wat Tacitus met dit werk wilde, was kritiek geven op de Romeinse beschaving door de Germanen voor te stellen als een volk dat een hechte band onderhoudt met elkaar, met de natuur, een vredige samenleving onderhield enz. Zo konden de Romeinen en de Germanen tegenover elkaar gesteld worden als evenwaardige beschavingen. Men mocht zelfs een voorbeeld nemen aan deze Germanen, volgens Tacitus. De verhoudingen tussen Romeinen en Germanen veranderde na verloop van tijd. Germanen werden gezien als goede vechters, daarom wilde men hen opnemen in de Romeinse samenleving, opdat ze ook zouden meevechten. Echter: rond deze tijd verzwakte ook het R.R.; Rome viel van binnenuit. Wanneer de geschiedschrijving zegt dat Rome overgenomen werd door de Germanen, mag dat dan ook met een korreltje zout genomen worden: deze Germanen waren nog maar weinig Germaans meer, wel al verregaand geromaniseerd, en Rome was gewoon niet meer zo sterk als ervoor. De Frankische periode wordt onderverdeeld in twee periodes: de periode van de merovingen (5de 8ste eeuw) en de periode van de karolingen (8ste 10de eeuw). Clovis I, de eerste Frankische koning, is natuurlijk bekend vanwege het feit dat hij de basis legde voor het Frankische rijk dat later West- en Midden-Europa zou domineren, maar daarnaast is hij ook zo bekend omdat hij zich bekeerde tot het christendom omstreeks het jaar 500. Dat hij zich liet dopen, had 3 redenen: Er waren veel christenen in zijn rijk: hij kon deze tevreden stellen, hun steun verlenen en er daardoor op rekenen, ook door hen gesteund te worden. De kerk was al heel machtig zijn rijk kon nu door het instituut de kerk gesteund worden. Het gaf hem een identiteit.

De erfwetten onder de Franken hielden in dat elk kind precies evenveel erft. Stierf de koning, dan werd zijn land verdeeld in zoveel afzonderlijke rijken als hij zonen had. Langzaamaan zal de eenheid van de Franken zo echter verdwijnen: tussen de rijken die nu verschillend bestuurd worden (bijv. Austrasi en Neutrasi ca. 7de eeuw), met verschillende hoofdsteden en wetten, gaan op de duur steeds meer ook culturele verschillen ontstaan. Ook een taalgrens ontstaat tussen de verschillende rijken. Karel de Grote (midden 8ste eeuw eerste helft 19de eeuw) bracht de verschillende rijken opnieuw tot n rijk en veroverde bovendien ook Itali overwon de Saksen. Wat de legendevorming over Karel De Grote weergeeft, kan heel verschillend zijn. Zo wordt hij op de Duitse Wikipedia beschreven als een Sachsenschlchter heel negatief dus terwijl hij op de Engelse Wikipediapagina wordt voorgesteld alsof hij verschillende rijken met elkaar verzoend heeft veel positiever dus. De veroveringen van het Karolingische Rijk stoppen na de dood van Karel de Grote. De erfdeling van vroeger bestaat nog steeds wanneer Karel de Grote sterft, en dus wordt het hele rijk opnieuw opgesplitst in drie rijken: het West-Frankische Rijk, Oost-Frankische Rijk en daartussenin het Midden-Frankische Rijk, met onder andere het gebied van de Lotharingen. Dit laatste Lotharingsgebied dit Rijnland zou lang een gebied van permanente strijd zijn.

___ 2

Gaat deze geschiedenis, zoals we ze tot nu toe zagen, nu over Duitsland? Ja en nee: NEE: er was toen geen sprake van n natie, die kon gelijklopen met de natie van de Duitsers vandaag, maar het ging om verschillende stammen die zich niet eens echt met elkaar verwant voelden. NEE: de geschiedenis die we gezien hebben, kon net zo goed de geschiedenis van de Nederlanden zijn. NEE: het woord Duitsland bestond ten tijde van Karel de Grote nog niet eens (het bestaat maar sinds de 15de eeuw). JA: er was wel, al sinds de tijd van Karel de Grote, een taalgrens met een ander rijk dat Frankrijk zou worden. Dat gegeven maakt dat ze toch ergens al een bepaalde eenheid vormden. JA: ook de Italianen zagen de volkeren aan die kant van de Rijn als n volk: zij noemden deze volkeren de Teutonici (heel pejoratief).

Het woord dat de Germanen voor volkstaal hadden, was theodisk. Het pejoratieve woord dat de Italianen hadden, teutonicus ging met dit woord voor volkstaal versmelten, en aangezien de volkstaal van de ene Germanen na verloop van tijd steeds minder ging lijken op de volkstaal van andere Germanen; kwam voor het eerst iets als Duits als naam voor hun taal. Het Heilige Roomse Rijk: wat? Heilig = katholiek. Rooms = het ging om een soort van voortzetting van het Romeinse Rijk. Rijk = geeft de suggestie van een eenheid.

Voltaire zou later over het Heilige Roomse Rijk poneren: Het Heilige Roomse Rijk was niet Romeins, niet heilig en het was ook geen Rijk. Het Heilige Roomse Rijk was een politiek conglomeraat van landen dat ontstond in 962 uit het OostFrankische Rijk. Aan het hoofd van het Oost-Frankische Rijk stond aanvankelijk een koning, maar bij de omvorming van het Oost-Frankische Rijk naar het Heilige Roomse Rijk, stelde men dat aan het hoofd van dit rijk een keizer zou regeren. Bijgevolg werd het Heilige Roomse Rijk bestuurd door een koning n een keizer, al ging het meestal om n en dezelfde persoon. De erfdeling van vroeger houdt op. Het Rijk gaat nu over van de keizer op zijn oudste zoon, op diens oudste zoon enz. De naam van de eerste dynastie die het Rijk regeerde, was Otto (m.a.w., het Rijk ging van Otto I over op Otto II, op Otto III enz.). Daarom duiden we hun dynastie aan als de Ottoonse (ook Saksische) dynastie. De tweede en derde dynastie die het Rijk bestuurden, waren respectievelijk de dynastien van de Saliers en de Staufen. Gebeurt het dat de keizer enkel een dochter heeft, dan wordt haar echtgenoot keizer. Doordat deze een andere familienaam heeft, spreken we van een nieuwe dynastie die het Rijk regeert. In het feodale systeem heb je een versmelting van de geestelijke en wereldlijke macht; veel sterker dan er al een versmelting van kerk en staat was in de Karolingische periode. Bij een zo sterke eenheid van kerk en staat spreken we van een Reichskirche. ___ 3

De periode van het Heilige Roomse Rijk, is een sterk gemythologiseerde periode. Een mythologische figuur uit deze tijd is Frederik I Barbarossa, een van de keizers van het Heilige Roomse Rijk uit de 12de eeuw. Frederik Barbarossa was zon inspirerende figuur om 4 redenen: Hij benadrukte de eenheid van het Heilige Roomse Rijk. Hij had een gezin. Hij had veel gebiedsveroveringen op zijn naam staan. Uiteraard essentieel om tot zon gemythologiseerde figuur uit te groeien: hij stierf een bizarre dood: hij stierf op een kruistocht naar Palestina, in een draaikolk in het water. Op een bepaald moment ontstaat overigens het verhaal dat Barbarossa nooit echt gestorven is, maar in een grot wacht om het heilige Duitse Rijk te redden wanneer dat nodig is.

Frederik II is de kleinzoon van Barbarossa. In de mythe zijn deze twee Frederiks die eigenlijk niet met elkaar verward mogen worden vaak versmolten tot een heldhaftige Frederik. De Pruzzen waren een heidens volk in het oosten van het huidige Duitsland waartegen de Teutoonse orde een kruistocht wou maken. Deze Pruzzen werden in de loop van de 13de eeuw overhaald zich te bekeren, en in dit Pruzzische (later Pruisische) gebied werd een staat opgebouwd die sterk militaristisch onderbouwd is. Het Heilige Roomse Rijk was, als je de kaart bekijkt, gn n rijk, maar sterk versnipperd, n chaos eigenlijk. Wat Frederik Barbarossa dus geprobeerd heeft n eenheid creren was eigenlijk onbegonnen werk. Schiller zou later spreken van die Kaisarlose Zeit, wat eigenlijk ook zo genterpreteerd kon worden, als dat er te vl keizers waren. Immers, elk land dat het Heilige Roomse Rijk omvatte, werd op zichzelf nog eens bestuurd door een eigen staatshoofd. Enkele historici beweren dat het feit dat Frankrijk alsook de meeste andere grote naties in Europa rond die tijd al vorm had gekregen, terwijl Duitsland nog zon chaotisch gebied was, er mee aanleiding toe heeft gegeven dat het bewind van Hitler ooit mogelijk was. Een afbeelding die aantoont hoe belangrijk de eenheid kerkstaat en dus de Reichskirche was, is deze:

___ 4

Deze afbeelding stelt Sint-Amandus voor de zgn. apostel van de Belgen die door een bisschop links en door de keizer rechts zelf tot bisschop wordt gemaakt. Je ziet hoe Amandus lichaam zich in het vlak van de keizer bevindt, terwijl slechts zijn hoofd zich in het vlak van de bisschop bevindt. Dit wil zoveel zeggen als dat deze vorming tot bisschop voor het grootste deel aanhorig is aan de keizer, en slechts voor een klein deel aahorig is aan de kerk. Omdat kerk en staat zo in elkaar vervlochten waren, hoeft het niet te verbazen dat geestelijke leiders ook politieke macht hadden en omgekeerd: dat politieke figuren een belangrijke rol speelden in het religieuze leven. Verder hoeft het ook niet te verbazen dat geestelijke en politieke leiders, precies omdat de Reichskirche of dus die eenheid kerkstaat zo belangrijk was, het vaak oneens waren over dingen. Het gevolg van die onenigheid is dat de investituurstrijd (11de 12de eeuw) uitbrak. Investituur betekent letterlijk bekleden. Bij de ambtsaanvaarding ontving een bisschop in de middeleeuwen de investituur (bekleding). De investituurstrijd is de strijd over wie een kerkelijke ambt mag bekleden. Er volgt een decennialange discussie tussen keizers en pausen, over dit onderwerp. Zo poneren de pausen dat de paus de hoogste macht op aarde is, zodat alleen de paus beslissingen kan nemen of althans het hoogste woord heeft in de zaak wie een kerkelijke ambt mag bekleden. De keizer verzet zich daar natuurlijk tegen. De investituurstrijd leidt er o.a. toe dat de paus Canossa de keizer Hendrik excommuniceert. (Word je ge-excommuniceerd, dan word je bent buiten de kerk gezet en mag je niets meer te maken hebben met christenen, mag je bijgevolg niet meer spreken met, geen brood kopen van, iem. die christelijk is.) Keizer Hendrik zal echter boete doen bij de paus, hij zal zichzelf totaal vernederen, onderwerpen. Ze zullen vrede sluiten, een compromis sluiten. Heeft de keizer hiermee de investituurstrijd verloren? Misschien niet, misschien kan je zelfs stellen dat de paus bij het compromis, dat gesloten werd, verloren heeft, want het compromis was zeker niet in het nadeel van Keizer Hendrik. Deze afbeelding, ten slotte, toont aan hoezeer de wetten van de investituur waren veranderd. Op deze afbeelding is immers opnieuw Amandus afgebeeld, die tot bisschop gevormd wordt, maar in tegenstelling tot de vorige afbeelding, is hier nergens nog de keizer te zien:

___ 5

Simonie is het verhandelen door middel van koop, verkoop of ruilhandel van geestelijke zaken. In enge zin gaat het voornamelijk over geestelijke ambten de investituurstrijd was dus ook een discussie over simonie ; in bredere zin is simonie ook het verkopen van heilige zaken. Bekijken we nu opnieuw de quote van Voltaire, dan moeten we hem gelijk geven: Het Heilige Roomse Rijk is geen Rijk, want er is geen eenheid te vinden kijk bijvoorbeeld naar de kaart. Het Heilige Roomse Rijk is ook niet Rooms, omdat het niet rechtsreeks is gegroeid uit het Romeinse Rijk; er is m.a.w. geen rechte lijn tussen de twee te trekken. In de plaats daarvan is het Heilige Roomse Rijk ontstaan uit de karolingsiche tijd. Heilig was het rijk ten slotte ook niet alleen al de investituurstrijd kan dat aantonen.

___ 6