© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 ONTWIKKELINGEN VERBINTENISSENRECHT 2000-2012 Prof. Matthias E. Storme KORTE INHOUD I.

 RECHTSHANDELINGEN  ..............................................................................................  4   1.  PRECONTRACTUELE  PLICHTEN  ..................................................................................  4   2.  TOTSTANDKOMING  VAN  OVEREENKOMSTEN  EN  ANDERE  RECHTSHANDELINGEN  ....  6   3.  VERTEGENWOORDIGING  ..........................................................................................  9   4.  ONTSTAAN  RECHTEN  VAN  EEN  DERDE  UIT  OVEREENKOMST  ..................................  11   5.  NIETIGHEDEN  .........................................................................................................  12   6.  NIETIGHEDEN  EN  NIET-­‐TEGENWERPELIJKHEDEN  TER  BESCHERMING  VAN  DERDEN   21   7.  UITLEGGING  ...........................................................................................................  22   II.  ONRECHTMATIGE  DAAD   .........................................................................................  24   1.  FOUT  ......................................................................................................................  24   2.  SCHADE  EN  CAUSALITEIT  ........................................................................................  26   3.  BIJZONDERE  REGELING  PROCESAANSPRAKELIJKHEID  (GERECHTSKOSTEN  EN   RECHTSPLEGINGSVERGOEDING)  .................................................................................  34   4.  AANSPRAKELIJKHEID  VOOR  ZAKEN  EN  DIEREN  .......................................................  36   5.  AANSPRAKELIJKHEID  VOOR  ANDERE  PERSONEN  ....................................................  36   6.  FOUTLOZE  AANSPRAKELIJKHEID  .............................................................................  37   III.  ONGERECHTVAARDIGDE  VERRIJKING  ....................................................................  38   1.  ONGERECHTVAARDIGDE  VERRIJKING  IN  HET  ALGEMEEN   ........................................  38   3.  REGRES-­‐  OF  VERHAALSRECHTEN  (RÜCKGRIFFSKONDIKTION)  ..................................  43   4.  VERGOEDING  VOOR  GEMAAKTE  KOSTEN  E.D.  ........................................................  44  

1

5.  ANDERE  BIJZONDERE  REGELS  .................................................................................  44   6.  VOORDEELSAFDRACHT  ...........................................................................................  45   IV.  ANDERE  BRONNEN  VAN  VERBINTENIS  ..................................................................  45   1.  ZAAKWAARNEMING  ...............................................................................................  46   2.  NATUURLIJKE  VERBINTENIS  ....................................................................................  46   3.  ANDERE  GEVALLEN  .................................................................................................  46   IV.  RECHTSTREEKSE  RECHTSBESCHERMING  VAN  SOMMIGE  SUBJECTIEVE  RECHTEN  ...  46   V.  VERBINTENISSEN  IN  HET  ALGEMEEN  ......................................................................  47   1.  BEPALING  VAN  DE  INHOUD  VAN  DE  VERBINTENIS  ..................................................  47   2.  MODALITEITEN  VAN  NAKOMING   ............................................................................  51   3.  PLURALITEIT  VAN  SCHULDENAARS  .........................................................................  52   3.  PLURALITEIT  VAN  SCHULDEISERS   ............................................................................  56   4.  BEËINDIGING  EN  WIJZIGING  VAN  OBLIGATOIRE  RECHTSVERHOUDINGEN  ..............  56   5.  NIET-­‐NAKOMING  EN  SANCTIES  BIJ  NIET-­‐NAKOMING  IN  HET  ALGEMEEN   .................  60   6.  SANCTIES  BIJ  NIET-­‐NAKOMING:  GEDWONGEN  UITVOERING  IN  NATURA  ................  64   7.  OPSCHORTINGSRECHTEN  EN  VERGELIJKBARE  REMEDIES  ........................................  65   8.  SANCTIES  BIJ  NIET-­‐NAKOMING  VAN  WEDERKERIGE  CONTRACTUELE   VERBINTENISSEN:  ONTBINDING  EN  UITDRUKKELIJK  ONTBINDEND  BEDING  ................  67   9.    GELDSCHULDEN  EN  RENTE;  BEPERKING  SCHADEVERGOEDING  WEGENS  STILZITTEN   (VNL.  INTEREST)  .........................................................................................................  70   10.  SCHADEVERGOEDING  WEGENS  NIET-­‐NAKOMING  .................................................  73   11.  SCHULDVERGELIJKING  ..........................................................................................  77   12.  VERJARING  ...........................................................................................................  79  

2

© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 13.  VERHAALSRECHTEN  VAN  SCHULDEISERS  ..............................................................  87   VI.  WIJZIGING  VAN  PARTIJEN  BIJ  EEN  VERBINTENIS  ...................................................  89   1.  OVERGANG  VAN  SCHULDVORDERINGEN  (ACTIEFZIJDE)  ..........................................  89   2.  OVERNAME  VAN  SCHULD  .......................................................................................  95   1.  ALGEMEEN  .............................................................................................................  95   2.  DELEGATIE   ..............................................................................................................  96  

3

maar is ook toegestaan aan notarissen voor zover de activiteit accessoir blijft aan hun hoofdopdracht (akten verlijden). 55/2011 van 6 april 2011.wanneer dit volgt uit de regels van mededingingsrecht. b) Marktpraktijken WMPC 2010 . 7 oktober 2011. D.065 van 6 mei 2009.be/public/n/2011/2011-055n. MERTENS “Mag de vrije beroepsbeoefenaar eindelijk gewoon onderneming heten ?”. 19 december 2005 Precontractuele informatie bij commerciële 2 samenwerkingsovereenkomsten .s.0027. 442). http://www. GwH 15 december 2011.juridat. 758 2 Voor een overzicht van de rechtspraak in toepassing van deze wet. 5 Cass. Immers.F.Bij bepaalde praktijken is de sanctie dat consument goed of dienst mag houden zonder te betalen (reeds sinds 2007).be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20100611-2 = JT 2010. gegevens die men tijdens onderhandelingen heeft verkregen. zijn vatbaar voor rechtsmisbruik. "Notariat et courtage immobilier: soleil à l'horizon" = NjW 2010. http://jure.I.a.10. zie B. 162.F. JLMB 2011. zie de W. 193. een partij op kosten jagen en aan het lijntje houden en dan plots onderhandelingen afbreken kan een fout uitmaken (bv. RECHTSHANDELINGEN 1. 1 JT 2008.const-court. Precontractuele plichten a) Onderhandelingen en goede-trouw-eis De goede-trouw-eis speelt ook in de contractuele faze (o. Parallel onderhandelen mag zolang men tegenpartij niet op het verkeerde been zet (bv.pdf. ook Raad van State nr. http://jure. 4 . 903 n.juridat. 536 en bijbehorend artikel van B.pdf = RW 20112012. niet enkel subjectieve rechten s. ook de vrijheid om al dan niet te contracteren is dat. .fgov.0525.V. 11 juni 20104: onroerende makelaardij is weliswaar in beginsel een daad van koophandel. 786 noot K. Vgl. voor een wettelijk geregeld voorbeeld.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20111007-1.just.const-court.wanneer er een bestaande verbintenis is tot contracteren (meestal een contractuele). 7 oktober 2011)5.09. .just. Hof Luik 26 juni 2008.in geval van rechtsmisbruik. 3 GwH nr. Vaak gelden er confidentialiteitsplichten m. c) Contractsweigering Contractsweigering is onwettig in een drietal gevallen: . Hof Bergen 14 oktober 20081).t. PONET. KOHL.b. http://www. 192/20113) Relevant voor precontractuele verhoudingen: . C.Cass. contractsweigering kan dus in bepaalde gevallen abusief zijn (Cass.fgov.be/public/n/2011/2011-192n. 4 C.Algemeen: uitsluiting van vrije beroepen uit toepassingsgebied is in beginsel ongrondwettig (GwH nr. . RW 2012-13. “De wet betreffende de precontractuele informatie bij commerciële samenwerkingsovereenkomsten: zes jaar toepassing in de praktijk”. Cass. 4 september 2000).

11. 18-22 en 25-27 . Indien die plicht met nietigheid gesanctioneerd wordt. 5 . voor de verplichte informatie van het bodemattest. enz. 3 november 20118). afgedwongen aankopen) zie art. 4 WMPC (over belangrijkste kenmerken product of dienst en over de verkoopsvoorwaarden. T.enerzijds ervoor zorgen dat een partij niet contracteert in dwaling – zie de bespreking verder.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20120504-4. C. 24 juni 2010. 45 I WMPC bij overeenkomsten op afstand). voor de informatieplicht over stedenbouwkundige vergunningen van het verkochte goed: Cass.a. bv. is de nietigheid in de meeste gevallen een relatieve nietigheid ten gunste van enkel de informatiegerechtigde (bij koop-verkoop omzeggens altijd de koper) (bv. onder meer verkoop vastgoed. . C.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 d) Precontractuele informatieplichten .just. Dat geldt bv.fgov. 1130 n.in WMPC voor consumentenovereenkomsten: art.anderzijds kan het zijn dat een partij gewoon recht heeft op de informatie. 19 december 2005 Precontractuele informatie bij commerciële samenwerkingsovereenkomsten.algemene informatieplicht door de rechtspraak ontwikkeld . kan die ook gelden wanneer er geen dwaling is7. In andere gevallen dient een document slechts in uitvoering van de overeenkomst te worden afgeleverd.fgov. hier is nietigverklaring maar mogelijk indien er inderdaad een dwaling is.F.juridat. . maar om het nadeel van de onzekerheid weg te nemen. C. http://jure. Waar de informatieplicht met nietigheid wordt gesanctioneerd.11.juridat. nr.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20111103-4). 94 ten 6° en 98 WMPC. W. http://jure.09. KERKSTOEL. Wet betalingsdiensten. http://jure.dubbele functie * Bepalingen inzake precontractuele informatieplichten: .informatieplichten kunnen ook als functie hebben een partij precontractueel kosten te besparen (en in die zin schade te vermijden).be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20100624-3 = RABG 2010.fgov.juridat.0065.7 Wet 11 juni 2004 ter bestrijding kilometerfraude). rekening houdende met de door de consument uitgedrukte behoefte aan informatie en met het door de consument meegedeelde of redelijk voorzienbare gebruik) en enkele bijzondere bepalingen (art. niet om dwaling te vermijden.just. 4 mei 2012. 8 Cass. e) Verbod betaling te vragen voor ongevraagde producten (Zgn.in Dienstenwet 26 maart 2010 met o.N. de Car-Pass bij tweedehandswagens (art. MALFAIT & L. precontractuele informatieplichten in art.0680. 6 Zo Cass. 3 november 2011.just.N. * Functies van informatieplichten Informatieplichten kunnen meerdere functies hebben: .bijzondere informatieplichten in bijzondere wetten en decreten.0060. dit sluit natuurlijk niet uit dat de overeenkomst nog kan worden nietig verklaard op grond van bedrog (maar dus niet op grond van het loutere feit van de niet-afgifte van het document6). 41. . "Nietigheid van de verkoopovereenkomst wegens ontbrekende bodemattest: mind the gap!". 7 Cass.

d. 15 april 20119). VAN DEN BERGH. enz. Verder geschiedt de uitoefening van een wilsrecht in beginsel steeds door middel van een eenzijdige rechtshandeling (bv.geldig is gebeurd). C. 9 Cass.just. overeenkomsten (vgl.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20091224-3.2. B. 606.N. 11 Cass. 24 december 200910: een betalingsbelofte is bindend en houdt afstand in van een verweermiddel dat tegen de aanspraak op betaling kon worden ingeroepen (in casu verhaalsrecht van een verzekeraar dat niet tijdig was ingeroepen.).i. Andere bijzondere vormen van eenzijdige rechtshandelingen zijn de oprichting van een rechtspersoon (meestal meerzijdig. 24 december 2009. http://jure. RW 2011-2012. 6 . 8 oktober 2009. doordat het alle elementen bevat die noodzakelijk zijn opdat door de aanvaarding een overeenkomst tot stand kan komen (voldoende inhoud). Zo ook heeft een eenzijdige afstand van recht in beginsel bindende kracht en is daartoe geen aanvaarding vereist (Cass.09.fgov.0206.juridat. C.08. gedurende een redelijke termijn (onder meer Cass. Totstandkoming van overeenkomsten en andere rechtshandelingen a) Bindende kracht van een aanbod Een aanbod verschilt van een voorstel of uitnodiging om een aanbod te doen. Men kan ook denken aan de aanvaarding van een nalatenschap. zoals bij een EBVBA en vaak bij een stichting) en het testament. de bekrachtiging.0024. het inroepen van de verjaring. http://jure. of bij gebreke daarvan. 24 december 200911).fgov. enz.just. C.N. aanvaarding is niet vereist. nr. voorkooprecht of naastingsrecht. zal volgens een opvatting de rechter een constitutief vonnis uitspreken. b) Bindende kracht van een eenzijdige rechtshandeling Toepassingen Cass. maar een rechtshandeling waarvoor in beginsel dezelfde bewijsregels gelden als voor meerzijdige rechtshandelingen. de ontbinding en de nietigverklaring12. de actio pauliana.0316. volgens een andere opvatting echter een declaratoir vonnis waarin hij vaststelt dat de uitoefening van het wilsrecht door de gerechtigde – mogelijks door het instellen van de eis . 8 oktober 2009)13.10. nr. maar waarop een betalingsbelofte volgde). 24 december 2009. 12 Waar er een rechterlijke beslissing vereist is.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20091008-1 = RW 2011-2012. Deze regel geldt niet bij de internationale koop (Weens kooprecht).N. 15 april 2011.juridat. 10 Cass. soms eenzijidg. Een aanbod is in regel bindend gedurende de in het aanbod gepreciseerde termijn.. 13 Cass. de uitoefening van een optie. Toepasselijke rechtsregels Een eenzijdige belofte is geen "quasi-contract". 1033 n. Cass. nr.

2 april 201022. Cass.0028.juridat. S. 23 januari 2012.10. C. http://jure. 6 juni 2011. Voor de vertrouwensleer.08. Deze geldt enkel in burgerlijke zaken. Zie bv. http://jure. 23 januari 201221). in casu van een minnelijke beëindiging van een huurovereenkomst. 25 mei 2009.11. http://jure. 20 Cass. C. maar uit een “omstandig” stilzwijgen kan een toestemming worden afgeleid (d. 6 juni 201114.just. http://jure.0137.juridat. C.0052.juridat.F. afgeleid uit de gedraging van partijen: Cass. 16 februari 2012. De vertrouwensleer vindt ook meer en meer toepassing tussen partijen. 2044 BW is geen vormvereiste.just.elektronische handtekening.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20110606-3. 16 Cass.N. 758. niet in handelszaken16. Zo is een lastgeving “uitdrukkelijk” van zodra er geen twijfel bestaat over de wil van de lastgever om de handelingen. kaderwet: Wet certificatiedienstverleners) 2° De gedraging als stilzwijgende bekentenis . Bv. 25 mei 200920.juridat. Arbeidshof Gent 12 januari 200718 (legt de verbinding met de bewijsregels van art.just. 373. 20-10-2000. Hof Bergen 14 oktober 200817).fgov. een stilzwijgen in omstandigheden waar men had moeten spreken). Ook het geschriftvereiste bij dading in art. 21 Cass.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20120319-2. .0645.11.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20090525-4. in werking 1-1-2001. voor een bekrachtiging Cass. nr.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20120216-11. is dat geen vormvereiste. 14 Cass.0186.F. 1341 iz. 7 .i.F. Bewijs tegen een geschrift). aan de lastgever op te dragen15. verruiming van "schriftelijkheid" (W.just.fgov. maar een bewijsregel. 15 Cass. 19 Justel F-20080429-7. Wanneer de wet vereist dat een toestemming “uitdrukkelijk moet zijn”. 18 RW 2008-09. 19 maart 2012.Voor een voorbeeld van een buitengerechtelijke bekentenis.een buitengerechtelijke bekentenis vereist niet dat het document is opgemaakt met de bedoeling als bekentenis te dienen (Cass. zie ook Hof Luik 29 april 200819 (bank wekt foutief de schijn jegens de schuldeisers dat de schuldenaar betaald heeft) e) Bewijs rechtshandeling Capita selecta: 1° Wat is schriftelijk ? . nr. F.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 c) Vorm van de toestemming Louter stilzwijgen vormt geen toestemming. 17 JT 2008.10.fgov.F. d) Wilsovereenstemming en vertrouwensleer De overeenkomst is niet gesloten zolang er punten open zijn waarvan de invulling voor een der partijen een voorwaarde is voor sluiting (bv. zelfs van beschikking.

maar als regel kan men stellen dat een omstandig stilzwijgen een aanvaarding inhoudt – of het stilzwijgen omstandig is hangt ervan af of er een protestlast bestaat. RW 2011-2012.N. en dat dit juist niet algemeen geldt bij een ingebrekestelling tot betaling van een schadevergoeding24.0080. RABG 2008.juridat. dit wordt – m. Voor een kennisgeving gelden in beginsel geen vormvereisten. – zo Cass. RW 2012-2013.rechtspraak inzake stilzwijgen bij ontvangst factuur en vergelijkbare schriftelijke aanspraken blijft incoherent. 25 II WvKh. 931. 8 . de regel wordt nog verder uitgehold – terecht – doordat de overhandiging ook kan geschieden in de vorm van een schuldvernieuwing (een schuldvordering op een nog niet betaalde koopprijs omzetten in een lening)26. 26 Cass. f) Zgn. het testament) geldt dat een rechtshandeling maar uitwerking heeft bij ontvangst (ontvangstbehoevende rechtshandelingen).0206.09. nr. 788. maar niet nadat eerst is vastgesteld dat er wel degelijk een aanvaarding is geweest. 23 Incoherent is dat een deel van de rechtspraak daarbij een onderscheid maakt tussen de factuur voor leveringen uit koop-verkoop en andere facturen. 232. dan is dat het tijdstip en de plaats waarop de aanbieder van de aanvaarding door de wederpartij kennis neemt of daarvan redelijkerwijze kennis had kunnen nemen (Cass. 2 april 2010.i.3° Stilzwijgen als aanvaarding wanneer men diende te protesteren: . C. http://jure.N. Indien schriftelijkheid door de wet of de overeenkomst wordt voorgeschreven. Hof Gent 22 september 2010. Incoherent is wel de rechtspraak die stelt dat tegen een aanvaarde factuur tegenbewijs mogelijk is25 – logisch is er enkele tegenbewijs mogelijk tegen een vermoede aanvaarding. ten onrechte – gegrond op de letter van art. zijn partijen of hun vertegenwoordigers in de tijd of in de ruimte van elkaar verwijderd. In die zin veronderstelt een rechtshandeling een kennisgeving. in hoofde van professionelen en overheden wordt aanvaard dat er in beginsel een protestlast bestaat bij ontvangst van een factuur23. h) Tijdstip van totstandkoming van de overeenkomst De overeenkomst komt tot stand op het tijdstip van aanvaarding. g) Ontvangstvereiste – vormvereisten voor kennisgevingen Op enkele uitzonderingen na (bv. in die zin dat de kennisgeving kan gebeurden op elke wijze die in de gegeven omstandigheden passend is. 15 april 201127). NjW 2010. 15 april 2011. nog Hof Antwerpen 4 januari 2010. de relevantie hiervan is erg beperkt aangezien ook de overeenkomst om geld uit te lenen een bindende overeenkomst is (ook al het die dan leningsbelofte).just.fgov. geldt art.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20101015-4 (weliswaar in een fiscale zaak) 27 Cass. 24 Bv. F. 2281 BW (verruiming van het begrip “schriftelijk”). 15 oktober 2010. zakelijke overeenkomst Traditioneel wordt gesteld dat de geldlening een “zakelijke” overeenkomst is die eerst door de overhandiging tot stand komt. 24 januari 2008. 271. 25 Bv.10. 22 Cass.

vormvereisten .minnelijke ontbinding fiscaal quasi neutraal . komt er een overeenkomst tot stand met de vertegenwoordigde indien de vertegenwoordigde of diens nieuwe vertegenwoordiger van de aanvaarding kennis heeft genomen of hiervan redelijkerwijze kennis kon nemen (Cass.47 WMPC.be/ZCRverbruikers.h. .N. 15 april 2011. 2. 60 en 46 . niet van borgtocht voor toekomstige termijnen uit een bestaande rechtshandeling.bijkomende nietigheidsgrond. i) Totstandkoming van een koop-verkoop van onroerend goed Praktijk van de gekruiste optie (artikel H.Gebondenheid De persoon in wiens naam wordt gehandeld is daaraan gebonden bij: a) bevoegdheid van de handelende persoon volgens de interne verhouding of b) “schijnvertegenwoordiging” (of liever : echte vertegenwoordiging gegrond op een toerekenbaar vertrouwen op bevoegdheidsverlening). Cass. . 20 januari 2000. Cass. zie verder. j) Totstandkoming (kosteloze) borgtocht Wet kosteloze borgtocht 2007: . maar die aanvaarding verkeerdelijk richt aan de op dat ogenblik niet langer bevoegde vertegenwoordiger. 3. 29 RW 2006-07. en in een aantal bijzondere wetten (bv.b. art.pdf. Vertegenwoordiging a) Gewone vertegenwoordiging De gewone vertegenwoordiging betreft het handelen die in naam van iemand anders. Wet-Breyne: zie mijn syllabus (versie oktober 2010) op http://storme. 959 persoonlijke zekerheden op 9 . Resultaat: wordt nauwelijks nog gebruikt in de praktijk. k) Wettelijke herroepingsrechten Deze vinden we bijna uitsluitend in het consumentenrecht. 2 september 201030. 25 juni 200429.10.termijn commandverklaring voor particulieren verlengd naar 5 dagen. art. i. nr.0206.deze impliceren onmogelijkheid van alle-sommen-borgtocht. Algemeen: zie mijn syllabus http://storme. 11° KB 12 januari 2007 vastgoedmakelaars).© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 Wanneer een partij die een aanbod dat bevoegdelijk gedaan is door een vertegenwoordiger aanvaardt.be/PersoonlijkeZekerheden. zie daarvoor Cass. NFM 2008. C. DE DECKER.pdf. Cass. 20 juni 1988. 15 april 201128). 28 Cass. 285) Van belang in het Vlaams gewest: .

Zomergem 12 december 2008. 976 32 Bv.K. JLMB 2012. Verbintenisrechtelijk is er in beginsel geen rechtstreekse rechtsverhouding tussen principaal en derde-wederpartij.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20100902-3 31 een arrest van 30 maart 2011 (P. zie hoger. aanvaardde het Hof van cassatie dat een auteursrechtenvereniging tegenover derden zijn vertegenwoordigingsbevoegdheid kan bewijzen door middel van de lijst van lastgevers die de vereniging krachtens art. toestemming wederpartij is niet vereist voor het niet verbonden zijn van de vertegenwoordiger32.98/0311. I.Bijzondere regels (“Prokura-systeem”) bij bepaalde gepubliceerde mandaten van organen van vennootschappen (niet-tegenwerpelijkheid van interne beperkingen behoudens effectieve kennis door derde). b) Optreden in naam van te noemen of op te richten derde In deze gevallen verdwijnt de vertegenwoordiger uit de rechtsverhouding indien aan de voorwaarde van vervanging is voldaan. 1739.Not.b. RW 2009-10.Legitimatie: wat het omgekeerde probleem betreft. Een interessant arrest is Cass. RW 2009-2010. Venn (voorheen 13bis VennW) bevat een specifieke regeling met termijnen voor de oprichting en overname van de verbintenissen door de vennootschap: . Wat de eigenaar betreft was dat in casu misschien terecht. C. 60 Wb. 2008. de legitimatie wordt door de wederpartij betwist. 14 september 2000.fgov.juridat. vergelijkbaar bijzodner is ook de regel inzsake het mandaat ad litem advocaat. 45. zodat beiden in solidum aansprakelijk waren voor de terugbetaling. Het moet ons dus aanzetten tot 30 C.10.N. .F.F). 34 nr. C. SAMOY. Het verwart wel enkele zaken . 66quater § 2 Auteurswet permanent moet bijhouden (en jaarlijkse aan de controlediensten moet overmaken). c) Middellijke vertegenwoordiging Middellijke vertegenwoordiging betreft de tussenpersoon die in eigen naam optreedt voor andermans rekening (openlijk dan wel verborgen). 69 n. maar in zijn algemeenheid is dat onjuist. http://jure. Wat de verkoper betreft is dat zeker terecht. "Bekrachtiging en rechtstreekse aanspraken tussen lastgever en wederpartij na ene optreden van een onbevoegde lasthebber in eigen naam".1668. . commandverklaring bij onroerende verkoop.F.0065. Vred. en het mandaat van de gerechtsdeurwaarder die over de uitgfite van de uitvoerbare titel beschikt.08.. 606 n. nl. en die consulteerbaar is31.10. Optreden in naam van een rechtspersoon in oprichting: art.. . B. 33 Cass. 2009.. jaarverslag Cass. W.volgens het arrest was de eigenaar door de bekrachtiging toegetreden tot de overeenkomst.0014. nr. T.anderzijds geeft het ook een recht aan de oprichter om zich op die bepaling te beroepen33. Sabam t.just.. Ruud JANSEN. 24 oktober 200834 over de bekrachtiging van de verkoop door iemand die in eigen naam andermans goed verkocht.enerzijds geeft het de wederpartij een aanspraak op de vertegenwoordiger als er geen tijdige overname is. 10 .

F. 11 . b) Derdenbeding Het recht van de derde ontstaat rechtstreeks in zijnen hoofde en passeert niet langs het vermogen van de bedinger: Cass. en is naar gemeen recht dus aan geen bijzondere beperkingen onderworpen (althans wanneer het recht binnen een redelijke termijn na aanbod moet worden uitgeoefend).0302. 35 Het kan om een voorkooprecht in enge zin gaan. bij overeenkomst wordt dan aan de gerechtigde een recht toegekend dat in de meeste gevallen een zgn. dat enkel bij verkoop speelt.fgov.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 voorzichtigheid bij het formuleren van verklaringen die een bekrachtiging inhouden: het is best uitdrukkelijk te bepalen dat men enkel de onbevoegdheid van de verkoper wil helen maar niet toetreedt tot de overeenkomst of diens verbintenissen. 863. maar ook animo solvendi. Het derdenbeding kan in hoofde van de bedinger animo donandi zijn. Cass.juridat.Venn. in die zin hebben ze geen zakelijke werking. C.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20090330-10 = RW 2011-2012. Bij miskenning van een wettelijk voorkooprecht heeft de voorkoopgerechtigde een naastingsrecht (recht van indeplaatsstelling). of om een ruimer voorkeurrecht. “eventueel recht” (preciezer: eventueel wilsrecht) op het voorwerp ervan inhoudt.fgov.juridat. Bij vennootschapseffecten gelden wel voor de geldigheid van de verbintenis de beperkende regels van het Wb. Conventionele voorkeurrechten worden niet gesanctioneerd met een naastingsrecht maar enkel met contractuele remedies tussen partijen. 4. De specifieke regels verschillen ten dele van geval tot geval. zie voor het laatste bv. zoals de gerechtigde informeren enz. 30 maart 200937: in een overname-overeenkomst bedingt de verkoper dat de koper de door de verkoper aan een tussenpersoon verschuldigde commissie zal betalen. 16 januari 200636. Het Vlaams decreet harmonisatie voorkooprechten van 25 mei 2007 is op 1 oktober 2012 in werking getreden (met het elektronisch loket voorkooprechten). Een conventioneel voorkooprecht beperkt de verhandelbaarheid van een goed niet.just. * Conventionele voorkeurrechten35 zijn mogelijk.04.just. Ook in een aantal andere gevallen bestaat er een wettelijk naastingsrecht. in het bijzonder dat ten gunste van de pachter en een reeks voorkooprechten ten gunste van de overheden. http://jure. actueel is het recht de keerzijde van een verbintenis van de wederpartij om niet te doen (gepaard aan bijkomende verplichtingen te doen. Ontstaan rechten van een derde uit overeenkomst a) Voorkooprechten en naastingsrechten * Er zijn een reeks wettelijke voorkooprechten. 36 nr.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20060116-8 37 http://jure.).

Anders Hof Bergen 26 januari 2010. DUPONT. MOREAU-MARGREVE & P. 711 n. Nietigheden W. 8 april 1999 (onwettige woning brandt af) en 15 mei 2000 (“van openbare orde” sluit niet altijd uit dat erover een overeenkomst .Causa stipulandi bedinger derdebegunstigde dekkingsverhouding: oorspronkelijke overeenkomst (causa promittendi) resultante rechtsverhouding belover 5. . 1041 kritisch n. zie hoger. 18 maart 1988.0443F. JLMB 2009.06.a. JLMB 2010. 387 n. a) Absolute nietigheden – ongeoorloofdheid voorwerp of oorzaak38 . zie A. 103 n. . de sanctie van vormvereisten.b. 1355 v. TPR 2011. I 868 = RW 1988-89. 1989. maar de gedissimuleerde verkoop zelf is geldig40. B. Met hetzelfde resultaat. Hof Luik 30 november 2006. 12 . TBBR 2008. 29 september 200839: overeenkomst met als doel de vrije beroepsuitoefening te beletten is absoluut nietig. I. 44 40 Bv.Verkoop met prijsbewimpeling: het beding van prijsbewimpeling is nietig.Voorwerp ? Zie voor een geval van ongeoorloofd voorwerp Cass. E. KOHL. DIRIX = Ann.Lg.Cass.. DELNOY. dading -mogelijk is) 38 Voor een recente overzichtsstudie. Pas. “De nietigheid van overeenkomsten wegens strijdigheid met de openbare orde of de goede zeden: algemene beginselen en een grondslagenonderzoek”. De geldigheid of nietigheid van een rechtshandeling moet in beginsel beoordeeld worden op grond van de feiten bij het stellen van die rechtshandeling (en wordt dus niet bepaald door latere feiten).c. maar dubbelzinniger Cass. VAN OEVELEN e. C. 2008. 1100. 39 nr. Jaarverslag cass.i.

Hof Gent 29 mei 2009.36/web/pdf/075_290509_0743. b) De verschoonbaarheid van de dwaling Dit wordt bepaald door de vraag of de dwalende een onderzoeksplicht had en/of de tegenpartij een informatieplicht of verkeerde informatie gegeven heeft onverschoonbare dwaling. http://jure. b) Wilsgebreken .fgov. dus 2 elementen: . kh.09.subjectief doorslaggevend voor de toestemming . deze sanctie lijkt me niet de juiste te zijn43. 743 (http://80. Volgens cassatie 2001 is de overeenkomst maar nietig indien ze strekt tot behoud van een wederrechtelijke toestand. RABG 2007. 5 maart 2012.36/web/pdf/073_240907_1735. 45 Cass.pdf) n. 28 juni 1996). is nietig volgens Hof Gent 200441. ingevolge een nietigverklaring van een beslissing van de gemeente door de toezichthoudende overheid45. 24 september 2007)46. zie vorige voetnoot.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20120305-2.65. HAENTJENS. Sommige rechtspraak gaat een stuk verder en beschouwt de aanspraak op betaling van de aannemingssom door de aannemer in geval van misdrijf als een onrechtmatig voordeel42.pdf.0069. Beide aspecten staan vandaag in de sleutel van informatieplichten (zie al Cass. bv. HAENTJENS. RW 2011-2012. F. 46 RW 2009-2010.129.F.Bij stedebouwmisdrijven: een aannemingsovereenkomst voor vergunningsplichtige werken waarvoor geen vergunning is.65. Betreffende wat dwalende zelf moest weten is er geen informatieplicht (Vb. nr. a) Het "substantieel" karakter van de dwaling (het BW spreekt van "de zelfstandigheid van de zaak") Substantieel "is elk gegeven dat doorslaggevend is geweest voor de partij om de overeenkomst aan te gaan. dit is een vorm verbeurdverklaring.juridat.dwaling 1° Dwaling algemeen Dwaling draait in hoofdzaak rond 2 elementen: het substantieel karakter van het voorwerp van de dwaling en de verschoonbaarheid van de dwaling zelf.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 .kenbaarheid daarvan voor de wederpartij. 41 Hof Gent 26 november 2004. 13 .just. 43 Terecht kritisch F. S. 42 Bv. 23 maart 200644). 1735 = http://80. 189.en informatieplichten van beide partijen (in het arrest van 24 september 2007 werd een beslissing verbroken die enkel had vastgesteld dat de dwalende de wederpartij niet geïnformeerd had). Conversie ? Vervanging van nietig beding door een ander kan niet indien dat niet berust op de toestemming van de partijen (Cass. 627.129. Dat laatste beoordelen houdt een afweging in van onderzoeks. “(Geen) vergoeding voor de aannemer voor werken uitgevoerd zonder of in strijd met een stedenbouwkundige vergunning?”. De overeenkomst met een overheid is ook nietig indien de beslisisng tot het sluiten ervan nietig is. 44 JT 2007. waarvan de wederpartij op de hoogte hoorde te zijn en zonder hetwelk de overeenkomst niet zou zijn gesloten" (Cass.

Anders is het wanneer de wet uitdrukkelijk een informatieplicht oplegt (bv.11. Met name geldt de dwaling daar indien de dwalende gehandeld heeft ingevolge een door de bevoegde overheid verleende vergunning die regelmatig lijkt te zijn54. 28 maart 2012. Het feit dat de overeenkomst niet nietig wordt verklaard omdat de dwaling niet verschoonbaar was . 473.d. Cass. Hof Brussel 17 november 2009.juridat.F. nl.Not. de notaris die tekortgeschoten is in zijn informatieplicht .F. maar sluit niet uit dat iemand een rechtshandeling kan vernietigen wegens rechtsdwaling die aan de andere vereisten voldoet. dat de dwaling daar in beginsel onoverwinnelijk moet zijn – maar de recente rechtspraak aanvaardt de dwaling reeds indien elk redelijk en zorgvuldig persoon in dezelfde omstandigheden ze zou hebben begaan53. c) Rechtsdwaling ? Naar gemeen recht kan de dwaling zowel de feiten als het recht betreffen. Dat iedereen geacht wordt de wet te kennen. in casu omtrent het bestaan van een verkavelingsvergunning die later werd nietig verklaard door de Raad van State. koper bijgestaan door een expert-landmeter50). 53 Cass. Maar het feit dat bv. http://jure. 2000.F 52 RW 2007-2008. in de Codex Ruimtelijke ordening e.0478. 6 februari 2009. 48 RW 2007-8. zie Hof Brussel 12 januari 200452. 49 Bv. sluit het beroep op dwaling (gebaseerd op de vooronderstelling van geldigheid van die rechtshandeling) niet uit55. 1601.fgov.11.Brussel 10 september 200747). Hof Antwerpen 1 maart 2010. C. 14 .F en C. In het strafrecht is de maatstaf traditioneel iets strenger. ook al gebeurde dat niet bedrieglijk49. 54 Cass. http://jure. 72. P.fgov. Dit geldt dan ook evenzeer voor de dwaling als wilsgebrek. koper bijgestaan door een notaris. 23 oktober 200851).gegeven het feit dat de dwalende werd bijgestaan door een professionele raadgever. Toepassing bv. 579 betreffende de aankoop van een appartement waarvan in de verkoopovereenkomst foutief was bepaald dat het stedenbouwkundig in orde was.juridat.2083.just. RW 2010-2011.06. 279.zie bv. Cass. 50 Bv. NjW 2011. de nietigheid van een andere rechtshandeling pas later retroactief komt vast te staan. De informatieplicht van de wederpartij en de onderzoeksplicht van de dwalende zelf worden mede gewaardeerd aan de hand van hun positie en de bijstand van derden waarover ze beschikten of waarin ze hadden moeten voorzien (bv.0158.). d) Dwaling over toekomstige feiten ? Dwaling heeft altijd betrekking op een verkeerde voorstelling van een element op het ogenblik van het stellen van de rechtshandeling. Voor een vergelijkbaar geval van aansprakelijkheid van de notaris. P. betekent dat gebrek aan kennis in beginsel niet vrijstelt van de naleving ervan en noch minder van de toepasselijkheid ervan. 47 RW 2007-8.m.06. T. sluit niet uit dat in de interne verhouding tussen de dwalende en diens raadgever deze laatste aansprakelijk kan zijn (bv. nr. nr. 28 maart 2012.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20120328-3. Ook is er in beginsel geen onderzoeksplicht ten aanzien van foute informatie die door de wederpartij is gegeven. 51 nrs. 1559.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20120328-3. hof Antwerpen 12 juni 200648.2083. 55 Bv.just.

just.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20100318-5.bedrog. 23 september 197761. met concl.10. wat allicht het verschil verklaart. men ontsnapt hieraan niet door de nietigheid te gronden op de afwezigheid van oorzaak of valse oorzaak (zie Cass.08. en de regel dat de nietigheidsgrond kan worden aangetoond op grond van latere gegevens: er is immers maar een wilsgebrek zoals dwaling of bedrog wanneer die dwaling of dat bedrog na de sluiting aan het licht komt (maar reeds aanwezig was bij de sluiting).08. Cass.N. 1641 n.0380. evenwel werd hier het gebrek aan oorzaak aangevoerd en niet de dwaling (wellicht precies omdat het om een dading ging). 162 n.0461. 57 C. 22 oktober 200960: geen nietigheidsgrond indien de partij kennis had of kon hebben van die titel) c) Wilsgebreken . 25 op grond van ‘fraus omnia corrumpit’. 62 TBH 2008.just. 2011 over oorzaak dwaling (+ later arrest GwH) 3° Dwaling bij dading Bij dading zijn er enkele bijzondere bepalingen inzake dwaling als nietigheidsgrond: .v. DE CORDT 63 C.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20091022-5 61 Arr. In de meeste geschillen over de oorzaak gaat het om een vorm van dwaling. Hof Luik 14 november 200662. 1978. 107. 62. "Des effets de la négligence ou de l'imprudence de la victime du dol". http://jure. waarbij nl.geen nietigheid wegens rechtsdwaling (2052 II BW).0506. adv. MATTHYS. 18 maart 201063 (ook bij eigen zware fout kan men vernietigen bij bedrog door de wederpartij). Jaarverslag cassatie 2010.06. 58 Cass. Zie echter Cass. . 24 september 200757).0502. De nietigheid kan ook ingeroepen door een partij bij de dading die geen partij was bij die uitspraak (Cass. Er is natuurlijk geen tegenstrijdigheid tussen de regel dat de geldigheid moet worden beoordeeld op het tijdstip van het sluiten van de overeenkomst. "De invloed van de nalatigheid van de bedrogene op de vordering tot nietigverklaring en/of op de vordering tot schadeloosstelling". 1183 e.F.0427.fgov. RW 2010-2011.08. Qua resultaat lijkt dit arrest strijdig met het arrest van 6 februari 2009. 59 C. DE BONDT. achteraf ontdekt wordt dat die beweegreden reeds onjuist was op het tijdstip van het sluiten van de overeenkomst (vgl. RW 2010-2011.juridat.fgov.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 2° Dwaling en "valse oorzaak" De “Oorzaak” is het “geheel van de beweegredenen” volgens Cass. geweld Bij bedrog is er geen vereiste van verschoonbaarheid van de dwaling: Cass. 14 maart 200856 (dat arrest zegt overigens niet veel).onwetendheid dat er reeds een in kracht van gewijsde gegane uitspraak is over het geschil (2056 I BW).juridat.05. 15 . Y. 22 september 2011. Cass. ook verder inzake gedeelde aansprakelijkheid.N. KRINGS = RCJB 1980. Cass. . RW 2009-2010.latere ontdekking van een titel die het recht betreft waarover de dading gaat en aantoont dat een van de partijen dat recht niet had (2057 II BW. 60 C. 22 september 201158). Vgl. W. NORDIN "Het bewijs van het bestaan van een (on)geoorloofde oorzaak van een overeenkomst op grond van feiten die zich na het sluiten van die overeenkomst hebben voorgedaan". 56 C. C. 15 mei 200959). 21.N. (32) noot J. E.-gen. TPR 1986.0107. http://jure.N.

nietigheden bij kosteloze borgtocht e. nr.F.juridat. 16 . die klaarblijkelijk de normale interest en de dekking van het risico van de lening overschrijden.Bedrog vereist anderzijds wel zowel kunstgrepen (al kan het ook door verzwijging zijn) én bedrieglijk opzet. C. van de hartstochten of van de onwetendheid van de lener.12.WCK: ook beoordeling terugbetalingsmogelijkheden vereist bij sluiten overeenkomst. met name het opzet om bij de tegenpartij een dwaling te veroorzaken (een verkeerde voorstelling van zaken op te wekken)64. De leer van de gekwalificeerde benadeling kent enkele wettelijke toepassingen. 1599 BW 64 Bv. zoals art.juridat. Zo is er art.09.06. 742 = NjW 2010.Nietigheid wegens benadeling bij verdeling (887 BW): geldt elke handeling die ten doel heeft de onverdeeldheid onder de mede-erfgenamen te doen ophouden. 31 maart 2011.0051. d) Wilsgebreken: gekwalificeerde benadeling . voor zichzelf of voor anderen. Bij verzekeringsovereenkomsten wordt het bedrog nader geregeld in art.h. e) Initiële onmogelijkheid – i. Nieuwe WCK in 2010 (BS 21 juni 2010). diens verplichtingen tot de terugbetaling van het geleende kapitaal en de betaling van de wettelijke interest”. VERLOOY "De vernietiging van een dading wegens benadeling" = RW 2010-2011. e) Wilsgebreken . een interest of andere voordelen heeft doen beloven. indien de uitlener. 28 januari 2010. C. 1907 ter BW. noot 'Toepassing van artikel 88 lid 1 BW op een transactionele verdeling'. C. 7 januari 200865).benadeling . 887 BW.Nietigheid enkel in de wettelijk bepaalde gevallen.0637F 66 Cass.b. http://jure. van de zwakheden. Cass. Daarbuiten is het een algemeen leerstuk. dat bv.just.0510.just. http://jure. zelfs al mocht die handeling koop. Bij een koppel kredietnemers mogen die beoordeeld worden op grond van mogelijkheden van beiden (Cass. art. op vordering van de lener. 7 januari 2008. B. waarvan de inhoud sterk oevreenkomt met het leerstuk in het algemeen: “Onverminderd de toepassing van de bepalingen tot bescherming der onbekwamen of betreffende de geldigheid der overeenkomsten.N.N 67 Cass. In enkele andere gevallen zijn de vereisten versoepeld en wordt het misbruik als het ware vermoed: Wet kosteloze borgtocht 2007: nietigheid bij disproportie met terugbetalingsmogelijkheden (begroot bij het aangaan borgschuld). C. 9 november 2012. .be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20110331-2. vermindert de rechter. 325.09. ook geldt bij een regelingsakte voorafgaand aan echtscheiding door onderlinge toestemming (Cass.d.fgov. zich.0036. . maar is daar niet toe beperkt. 755 n.fgov. 6 LVO. ruil en dading of anders genoemd zijn67. 9 november 201266).be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20100128-3 = RABG 2010. met misbruik van de behoeften. nr. 65 Cass.

© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 De nietigheid van de verkoop van andermans goed (art. Cass. 3° Handelingsonbekwaamheid lastgever Bij conventionele vertegenwoordiging (lastgeving) moet de lastgever handelingsbekwaam zijn voor de door de lasthebber gestelde rechtshandeling op het ogenblik waarop deze wordt gesteld (eveneens ex art/ 20003 III BW).b.N . onder meer w.fr.08. VAN DEN BERGH.just. http://jure. 383. De handelingsonbekwame kan immers enkel vertegenwoordigd worden op de door de wet bepaalde wijze. B. 70 Cass. 1935 II 20. f) Nietigheid als sanctie van een informatierecht Zie de bespreking hoger. maar niet bij het stellen van de handeling. 71 Dat de regel algemeen is vinden we onder meer bij DE PAGE & DEKKERS.0569. 1515 afkeurende noot N. (in de veronderstelling dat uitvoering in natura niet mogelijk is) ontbinding dan wel uitvoering bij equivalent Nochtans is het feit dat de nakoming van de overeenkomst reeds vanaf het begin onmogelijk was in beginsel géén nietigheidsgrond en belet dit niet dat de belover van die verbintenis contractueel aansprakelijk is.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20100107-2 = RW 2011-2012.0402. Verliest de lasthebber nadien zijn handelingsonbekwaamheid.N. 7 januari 201070). 86. is de handeling nietig (Cass.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20100208-1 = RW 2011-12. 17 . Traité V (1975) nr. het bodemattest. 1990 BW71).juridat. 8 februari 2010. 2° Handelings(on)bekwaamheid lasthebber en vertegenwoordiging Evenwel is de vertegenwoordiging wél geldig wanneer een onbekwame tot lasthebber wordt aangesteld (argument ex art.just. 2003 III BW). 1593 n. C. VAN LOOCK “De feitelijke bekwaamheid en de handelingsbekwaamheid van een lasthebber”.fgov. 68 Cass. kan de koper de nietigheid inroepen68.fgov. C. http://jure. g) Handelingsonbekwaamheid en feitelijke onbekwamaheid 1° Feitelijke (on)bekwaamheid bij vertegenwoordiging De persoon die de rechtshandeling stelt moet feitelijk bekwaam zijn om toestemming te kunnen geven. VAN HIMME “Verkoop van andermans zaak: een kwestie van geldigheid of van wanprestatie”. Wanneer de lasthebber bij zijn aanstelling bekwaam was. RW 2011-2012.0594. Bij vertegenwoordiging is het de vertegenwoordiger die die bekwaamheid moet hebben. S. Pas. TILLEMAN.10. B. nr. 7 januari 2010. C.08. 1599 BW) is een relatieve nietigheid ten gunste van de koper. dan verliest hij ook zijn vertegenwoordigingsbevoegdheid (argument ex art. In een arrest van 15 september 201169 oordeelt het hof van Cassatie evenwel dat de koper niet de keuze zou hebben om in plaats van de nietigheid te kiezen voor de sancties voor niet-nakoming.juridat. Lastgeving (1997) nr. die niet meer kan ingeroepen worden eenmaal de koper definitief beschermd is. 5 december 1933. Dit arrest dient dan ook te worden bekritiseerd. 15 september 2011. Zolang dat evenwel niet vaststaat. 69 Cass. 1466 n. nl.

A. 18 .raadvst-consetat. besproken door H. 25. die nietigheidsgrond vervalt eenmaal de lastgeving is beëindigd. http://jure. Century 21-Primogest.art. CASIER. N. De nietigheid kan worden ingeroepen door de partijen bij de overeenkomst. RvS nr. 2° Andere gevallen Onder meer: . p. 202. 126 v. Smets 74 RvS 23 maart 2010 nr. 31 oktober 2008. 18 maart 200473.pdf = RW 2010-2011.C.11.0730. h) Nietigheid wegens belangenconflict Rechtshandelingen door een vertegenwoordiger gesteld in strijd met de regels inzake belangenconflicten zijn nietig.juridat. SCHERMANS & B. i) Nietigheid wegens beperking van verbintenissen betreffende de toekomst 1° Nietigheid van een beding over een niet opengevallen nalatenschap Art. Het gaat in beginsel om een relatieve nietigheid in te roepen door de lastgever. 75 Cass. beëindigt hij impliciet de lastgeving en kan hij dus die nietigheid niet meer inroepen75.fgov.w. d. Volgens art. . VERDICKT. . zij het op termijn of onder opschortende voorwaarde worden toegekend. TEP 2010. GEELHAND de MERXEM.Een gemeenteraadslid die als advocaat optreedt tegen zijn gemeente: strijdig met de openbare orde. 13 september 2012. “De erfovereenkomst is niet langer strijdig met de openbare orde”. 1130 BW houdt de nietigheid in van overeenkomsten over een niet opengevallen nalatenschap.be/Arresten/202000/200/202240. eventuele rechten. Traditioneel werd dit verbod van openbare orde geacht. de persoon over wiens nalatenschap het gaat en diens erfgenamen.F. 303 n. http://www.Een lasthebber die “twee heren dient” stelt een nietige rechtshandeling: Cass. 1596 BW mag de lasthebber niet zelf tegenpartij worden in de verkoop waarvoor hij mandaat heeft (zgn. 943 BW: schenking van toekomstige goederen is nietig. niet om rechten die daadwerkelijk. 202.24074. 76 Cass. 22 mei 2009 (in casu een dading door een minderjarige gesloten)72. Selbsteintritt). In sommige gevallen echter is het verbod van openbare orde en de nietigheid dus absoluut.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20120913-2. 72 RW 2010-2011. 2417. 202. nr.240.z. Het gaat dus om zgn. I. 73 RW 2004-05. Wanneer de opdrachtgever persoonlijk instemt met de verkoop.4° Rechtsgevolgen De nietigheid is relatief en de handeling kan dus bekrachtigd worden nadat de onbekwaamheid is weggevallen: Cass. Pas.just. waarbij afspraken worden gemaakt over het lot van goederen voor zover die zich in de nalatenschap van een nog levende persoon zouden bevinden bij zijn overlijden. de meeste auteurs leiden evenwel uit het cassatie-arrest van 31 oktober 2008 dat de regel slechts met een relatieve nietigheid wordt gesanctioneerd76.

2. maar betreffen enkel de publiekrechtelijke functie van de overheid: terecht zo Cass. 80 Cass. Art. l) Gevolgen nietigheid rechtshandeling * van een relatieve nietigheid kan afstand worden gedaan. Veel teleurstellender in dit opzicht is overweging B. randnr. 24 LVO. 1174 BW). 1382 BW).0639. 10 en 11 GW houden géén rechtstreekse verplichtingen in voor burgers onderling en dus géén horizontaal discriminatieverbod. 3 § 1 IV Auteurswet: beperking aan de mogelijkheid overdracht te bedingen van auteursrecht op toekomstige werken.pdf. betreffende art.0147.09. maar de regel geldt algemeen: Cass.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20110325-3.juridat. C. waarin een eenzijdig optioneel arbitragebeding op die grond nietig werd verklaard77. ADW 2007. zie verder.art. heeft ze wel terugwerkende kracht: de prestaties worden geacht nooit verschuldigd te zijn geweest en de onverschuldigde prestaties of verrijking kunnen dus worden teruggevorderd.juridat. 21 mei 2007.grondwettelijkhof.N.just.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20070521-3. j) Potestatieve voorwaarde Een verbintenis is nietig indien ze is aangegaan onder de potetstaive voorwaarde van de zijde van degene die zich verbindt (art.blogspot. Er bestaat evenwel buiten concrete rechtsregels om géén algemeen discriminatieverbod tussen burgers onderling. Eenmaal de nietigheid is ingetreden. Wet gelijkheid mannen en vrouwen 2007). 78 S.be/public/n/2009/2009-017n.com/2009/02/grondwettelijk-hof-en-de.08. Het Franse Hof van cassatie maakte hiervan een wel bijzondere toepassing in een arrest van 26 oktober 2012.fr/fr/jp/j/c/civ/1ere/2012/9/26/11-26022/.7. 29 maart 201078.html.N 79 http://www.fgov. Een cassatie-arrest van 25 maart 2011 oordeelt dat van de nietigheid wegens het ontbreken van een bodemattest afstand kan worden gedaan ook buiten een verzaking in de authentieke akte om80.fgov. Voor de regels inzake onverschuldigde betaling en ongegronde verrijking. nr. maar wel op vele punten een inperking van de wet". http://jure.just. RW 2009-2010. 81 Bv. Zie mijn commentaar "Grondwettelijk Hof en de antidiscriminatiewetten: gebrek aan moed. k) Nietigheden wegens discriminatie Zie de drie Antidiscriminatiewetten (ARW 1993. * vanaf het tijdstip van de nietigverklaring geldt er terugwerking: Alvast bij een relatieve nietigheid bestaat de overeenkomst zolang de nietigverklaring niet door de rechter is uitgesproken81 (tenzij de nietigheid door partijen is aanvaard). 1432 = http://jure. http://vlaamseconservatieven. 77 http://legimobile. volgens dewelke elke ongelijke behandeling in de verhoudingen tussen burgers waarvoor geen verantwoording kan worden gegeven een fout uitmaakt (art. 25 maart 2011.14. 19 . van arrest 17/2009 van het Grondwettelijk Hof79.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 .

* mogelijke schadevergoedingsplicht: Cass. 24 september 2009: mogelijke in solidum aansprakelijkheid notaris voor terugbetaling van de prijs aan de koper bij een nietig gebleken verkoop82.fgov. Daarbovenop is er de bijkomende toetsing in consumentenovereenkomsten. 1352. m) Onrechtmatige bedingen 1° Criteria van onrechtmatigheid . 83 Indien de notaris betrokken is bij het verkoopcompromis geldt enkel het gemeen contractenrecht. zie Cass. 203. STEENNOT (het laatste arrest betreft art.in de WMPC: -.en informatieplichten (zie art.definitie en algemeen criterium in art.08. 2009. het voorschot toekomt aan de verkoper. C. 84 C. de rechter kan ze dus ambtshalve toepassen. Hetzelfde geldt wanneer de koper in plaats van de nietigverklaring schadevergoeding vordert .van belang is vooral de behandeling van aanverwante bedingen zoals opzeggingsbedingen. 17 juli 002 betreffende transacties uitgevoerd met 20 .Not. http://jure. NjW 2012. 23 november 2008. KB van 12 januari 2007 inzake vastgoedmakelaardij).0158.fgov.juridat. voor zijn optreden bij het verlijden van authentieke akten gelden er daarbuiten ook specifieke wettelijk bepaalde advies. 70. ook dit komt infra aan bod naar gemeen recht.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20090924-2 = RW 2009-2010. NjW 2012. .B.F.juridat. Zie verder infra de bespreking van strafbedingen. R.fgov.just. een arrest cassatie 21 december 2009: een beding in een onroerende verkoop bepaalde dat wanneer de opschortende voorwaarde van het vinden van een financiering niet vervuld werd binnen de bepaalde termijn. 2. 82 http://jure. 143 v. 2° Aard van de sanctie Het gaat om een relatieve nietigheid. 28 WMPC. en de voorziening in cassatie werd verworpen84.zwarte lijst in art.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20091221-9 = JLMB 2010. 9 Notariswet)83. De grondslag van de aansprakelijkheid van de notaris is in beginsel het gemeen contractenrecht.juridat. 74 WMPC. -.06. GOEMAERE p. Daarnaast zijn er bijzondere regels in bijzondere wetten en besluiten (bv. zij het dat er wel afstand van kan worden gedaan85. 197 en bespreking J.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20081023-1 = R. die evenwel verschilt van bepaalde relatieve nietigheden (met name de wilsgebreken) doordat de beschermde partij zich niet op de nietigheid moet beroepen. Hof Brussel 20 april 2012.just. 8 W. 85 Bv.F. 549 n. http://jure.just. Dit sluit aan de bij de rechtspraak van het Hof van Justitie over de Richtlijn onrechtmatige bedingen86. . Hof Gent 4 januari 2012.0499.al is dit wel betwistbaar in geval de notaris enkel lasthebber van de verkoper en niet van de koper is (dan geldt in beginsel de regel van de niet-samenloop). zo bv. het werd nietig verklaard omdat dit gold ongeacht de toerekenbaarheid aan de koper.De belangrijkste regeling is nu te vinden in de WMPC 2010.

juridat. http://eurlex.a.N.europa.0613. I 1260 concl. November 2011.eu/LexUriServ/LexUriServ. Bibby Line. Betalingsdiensten). is niet voldoende niet om de arbitrage-overeenkomst nietig te maken. Ingmar. Wel zal een arbitrage-overeenkomst gepaard aan een keuze van een buitenlands recht in materies waar er regels zijn van bijzonder dwingend recht met voorrang op het toepasselijke recht. tenzij deze geldig is onder Europees of internationaal recht met voorrang op het interne recht).com/sol3/papers.do?uri=CELEX:62010CJ0472:NL:HTML. 90 Cass.N. 37 § 1 lid 3 W. in beginsel de nietigheid van de op voorhand (d. 6. over de conformiteit met het EU-recht van de verplichting de Belgische agentuurwet toe te passen bij keuze van het recht van een andere lidstaat die ook de Agentuurrichtlijn heeft omgezet. http://jure. Dat de agentuurrichtlijn zelf ook van bijzonder dwingend recht is.11. werd overigens wel beslist door het HvJ in C-381/98.just. RW 2010-2011. heeft het Hof van cassatie een prejudiciële vraag gesteld89. mededingingsrecht). MERTENS “Over de arbitreerbaarheid van concessiegeschillen” = RABG 2011. MERTENS. http://jure.europa. RW 2008-09. Pas. nr. Hetzelfde geldt voor een agentuurovereenkomst88.fgov. KLEINHEISTERKAMP. Zie algemeen en rechtsvergelijkend over deze vraag J. 1646 n. 1344 = TBH 2007.do?uri=CELEX:61998CJ0381:NL:HTML.fgov. 3 november 2011. KRINGS = RW 1980-81. 28 juni 1979. Unamar. L. VANDER ELST.eu/LexUriServ/LexUriServ. I 634. 539 = JT 1979. 626 = RCJB 1981.eu/LexUriServ/LexUriServ. Nemzeti Fogyasztovedelmi Hatosag t.i. Pas. Invitel. 88 Cass. 889 n. 87 Cass. voor het rijzen van het geschil) gesloten arbitrage-overeenkomst meebrengen (idem voor een bevoegdheidsovereenkomst.10. http://eur-lex. 21 .just.europa. Dat zien we met name bij arbitrage-plusrechtskeuzebedingen in concessie-overeenkomsten die onder de wet van 1961 vallen: volgens de cassatierechtspraak is de arbitrage-overeenkomst geldig voor zover de arbiters verplicht worden die Belgische wet toe te passen87. Audi NSU t. 91 Cass. Van Hopplynus. “Handelsagentuur en arbitrage”.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20120405-2. Cass. 1087 n. 14 januari 2010. Adelin Petit NV. 2 februari 1979. C.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20111103-3 = RW 2011-2012. nr. An HANSEBOUT. 86 O.0430. 16 november 2006. D. intussen vervangen door art.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 n) Niet-arbitreerbaarheid Een arbitrage-overeenkomst is niet werkzaam als het geschil niet vatbaar is voor arbitrage. MERTENS. R." The Impact of Internationally Mandatory Laws on the Enforceability of Arbitration Agreements" (2009): http://papers.ssrn. 303 n. 89 Cass. Sebastian. Dat er in het kader van het geschil ook regels van openbare orde relevant zijn (bv. Nietigheden en niet-tegenwerpelijkheden ter bescherming van derden a) Actio pauliana instrumenten voor elektronische overmaking van gelden.juridat.cfm?abstract_id=1496923. D. C. HvJ C-168/05.do?uri=CELEX:62005CJ0168:NL:HTML. in casu een bevoegdheidsbeding met keuze voor forum in Zweden. 5 april 2012. http://eurlex. Eerder Cass. HvJ 26 april 2012 in C472/10. Mostaza Claro. Het beding is wel geldig wanneer voldoende waarschijnlijk is dat de Belgische regels wel zullen worden toegepast90 en welicht ook wanneer wordt vastgesteld dat het toe te passen vreemde recht een gelijkwaardige bescherming biedt als het Belgische recht91. 332 n.

De pauliana in het arrest van 9 februari 2006”.a. noot J. maar wel met grenzen aan de uitlegmogelijkheden. http://storme. De rechter die aan de overeenkomst de gevolgen toekent die deze volgens hun uitlegging ervan heeft.q. Deze stelling kan m.html b) Nietigheid ingevolge derde-medeplichtigheid ? Bij vervreemdingen in strijd met een geldig bedongen conventionele onvervreemdbaarheid gaat het niet om een dergelijke nietigheid. andere schuldeisers van de derde).n.W.be/071_090206_1496. BW). 1382 BW en leidt uitsluitend tot een obligatoire aanspraak tot herstel. 7. I.v. Deze leer verhindert de rechter niet om conform art. bewijskracht van akten (foi due aux actes). 93 RW 2009-2010. De uitleg wordt wel beperkt door de leer van de zgn. een tweede koper die weet heeft dat het goed eerder aan een eerste koper is verkocht) de vorm zou kunnen aannemen van een nietigverklaring van de overdracht aan de derde-medeplichtige. Wel kan de derde een onrechtmatige daad begaan (derde-medeplichtigheid aan wanprestatie) en veroordeeld worden tot herstel in natura92. 30 januari 1965. de gevolgen : zie mijn bijdrage “Een aanvechtbare constructie. dat het herstel in natura van de onrechtmatige daad van de derde-medeplichtige (bv. Uitlegging a) Algemeen De bepaling van de inhoud en gevolgen van de overeenkomst geschiedt aan de hand van art. 1965. RW 1964-65. de vereisten. 1156 BW voorrang te geven aan de gemeenschappelijke bedoeling van partijen boven de letterlijke bewoordingen van een document – zij het dat die gemeenschappelijke bedoeling in beginsel in die akte moet gezocht worden en niet daarbuiten (behoudens wanneer bewijs tegen akten mogelijk is volgens art. 236 22 . maar niet kan leiden tot een automatisch terugkeer van de goederen met miskenning van mogelijke rechten van anderen. Verdere uitwerking in Deel II van mijn syylabus op http://storme. Het arrest is met name problematisch voor vierden wiens rechten afgeleid zijn van de derde-medeplichtige (bv. anterioriteitsvereiste van schuldvordering t. die weliswaar tot teruggave verplicht. bv. aansprakelijkheid voordien is ontstaan. 92 Zie reeds Cass. Maar het herstel in natura is nog altijd een verbintenisrechtelijke sanctie. die strikt genomen met bewijskracht (force probante) niets te maken heeft. Nochtans stelt een arrest Cass. m. DABIN. 1341 BW). 27 april 200693. 1135 en de uitlegregels (1156 en v. 538 = RCJB 1966.b.be/insolventierecht. 20 maart 2008. aansprakelijkheid wegens medeplichtigheid aan fiscaal misdrijf – Cass. 77. ook als is ze nog niet vastgesteld. niet gevolgd worden.pdf. wegens bestuurdersfout – Cass.i. schendt de verbindende kracht van de overeenkomst niet (vaste cassatierechtspraak). wel kan in beginsel herstel in natura worden gevorderd en zal bij toekenning daarvan de daartoe veroordeelde derde het goed terug moeten overdragen aan de eerste koper. aangevochten handeling: het is voldoende dat de schuld c. De derde-medeplichtigheid is immers een toepassing van art. 5 januari 2006. de kredietverlener van de derde die een hypotheek heeft genomen op het goed. W.b. 1554 = Pas.

6 februari 2012: een dading om een vochtprobleem in een appartementsgebouw in 1985 te regelen dekt niet ook een vochtprobleem dat in 1996 opduikt95.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20120206-3. http://jure.Dading: art. zo uitleggen dat ze niet in strijd is met het mededingingsrecht94.F. zie Cass.fgov.W. 6 februari 2012.M. 95 Cass.10.Overdracht van of verlening van licentie op auteursrechten (Art. C.just. . Bv. Voor een toepassing.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 Een van de uitlegregels is “potius ut valeat”: de rechtshandeling veeleer uitleggen in een zin waarin ze geldig is. 23 . 3 § 1 III Auteurwet).0693. nr. 2048 en 2049 B.juridat. V.E.Borgtocht . les Roses. b) Beperkende uitleg bij sommige overeenkomsten Bij sommige overeenkomsten geldt een beperkende interpretatie: . 94 Hof Antwerpen 27 oktober 2008. 491. RW 2011-2012.

fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20120105-5. Fout a) Foutbegrip algemeen: rechtvaardigingsgronden Men onderscheidt het aspect “onrechtmatigheid” van de daad en het aspect schuld of toerekenbaarheid. All Car Rent t. 5 januari 201296).II. Overmacht geldt niet als rechtvaardiging voor omstandigheden die binnen de eigen risicosfeer vallen (Cass.just.juridat. opnieuw behoudens rechtvaardigingsgrond waaronder overmacht (bewijs van gebrek aan schuld). 8 februari 2008. 98 Cass. C. C.fgov. 583. Maar eigenlijk is er ook een derde vorm: . Monte dei Paschi. behoudens rechtvaardigingsgrond waaronder overmacht (bewijs van gebrek aan schuld). . Banca http://jure. 96 Cass.schending van een subjectief recht. 1. ONRECHTMATIGE DAAD Wie schade veroorzaakt (zie 2°) door een fout (1°) of bepaalde activiteiten of gedragingen (3° tot 5°) is ertoe gehouden de schade te herstellen. zelfs indien het om een (onoverkomelijke) rechtsdwaling gaat (Cass. 97 Cass. tenzij er afwezigheid van schuld is wegens leeftijd of geestestoestand van de dader of wegens overmacht. 5 januari 2012. RW 2011-12.just.N.11. Wat de onrechtmatigheid betreft is er in beginsel een fout vereist. b) Schuldopheffingsgronden Er is geen schuld bij onoverkomelijke dwaling.11. 8 februari 200897). De schuldgraad kan opzet zijn of nalatigheid. welke dus in de genoemde gevallen in beginsel aanwezig is. We bespreken hier enkel het ontstaan (en de inhoud) van de verbintenis tot herstel. 24 . de nakoming en niet-nakoming ervan volgt in het algemeen deel onder V.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20120105-5.1025. erop te vertrouwen dat de verschafte informatie juist is (Cass.schending van de algemene zorgvuldigheidsplicht.juridat.schending van een rechtsnorm die een rechtsplicht (inbegrepen een verbod) inhoudt (in beginsel een wettelijke verplichting of verbod). gelet op de bijzondere hoedanigheid van de informatieverschaffer.N. c) Waardering van de algemene zorgvuldigheidsplicht * Informatieplichten ? Volgens het Hof van cassatie maakt het verschaffen van onjuiste inlichtingen in beginsel een fout uit indien diegene die de inlichtingen heeft gevraagd. All Car Rent t. gerechtigd was. waarbij er traditioneel twee basiscategorieën genoemd worden: . Banca http://jure. Monte dei Paschi.1025. 5 januari 201298). 5 januari 2012.

F. 21 december 2007.courdecassation. 102 Cass. 1003. nu is het genuanceerder. 99 C. BOONE = RW 2011-2012. Een toepassing van art. 1 juni 2012.11. . * Derde-medeplichtigheid aan wanprestatie. Financiën t.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20120629-2.0197. 101 Cass. http://jure.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20100319-3. maar dit werd gecasseerd omdat de vierde niet medeplichtig was aan een wanprestatie van de derde. 1382 BW. * Schutzwirkung für Dritte ? Cass.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20120601-5. http://www. http://jure. het cassatieberoep werd verworpen op 19 maart 2010102. 100 Cass. 21 december 2007101. 29 juni 2012.juridat.11.F.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 * Vormt "discriminatie" een fout buiten de wettelijke discriminatieverboden om ? Zie hoger. 1689. M.0457.F.A. die immers geen contractspartij was van de leverancier100.06. 103 Cass.toepassen door de uitvoerende macht van een pas nadien door het GWH ongrondwettig verklaarde wet is geen fout in de zin van art.just.N.).omgekeerd kan de overheid een fout begaan door geen gepaste maatregelen te nemen nadat een wet ongrondwettig is verklaard door het GWH – in casu door de afwezigheid van elke informatie aan de belastingplichtigen die een ongrondwettig verklaarde belasting hebben betaald (Cass.fgov.juridat.fgov. in een ander geval had het bestreden arrest wel de fout aangenomen maar beslist dat er geen causaal verband was.F. indien dit in hoofde van de derde niet gaat om een contractuele schade uit een overeenkomst tussen B en C is A buitencontractueel aansprakelijk jegens C schade is (het gaat hier niet om het geval waar de tekortschietende partij de uitvoeringsagent is van zijn schuldeiser bij de nakoming van een verbintenis jegens die derde.just. http://jure.juridat. waarbij een vierde eveneens aansprakelijk werd gesteld. die aangesproken wordt omdat de huurder door de schuld van de verhuurder in financiële problemen is geraakt. C. http://jure.08.0546.fr/jurisprudence_2/assemblee_pleniere_22/arret_no_9364. De formulering gelijk sterk op die van het Franse Hof van cassatie in het arrest Myr'ho van 6 oktober 2006 (Ass.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20071221-3 = RW 2009-2010. nr. Het betrof een zaak waarin de verbonden contractspartij in strijd met een kettingbeding zijn handelszaak had overgelaten aan een derde zonder de exclusiviteitsverbintenis te bedingen waartoe hij zelf gehouden was. 1 juni 2012103).just. zowel de derde als de vierde werden aansprakelijk gesteld. 22 juni 200999: de niet-nakoming van een contractuele verbintenis door A jegens B kan ook een fout zijn jegens een derde C die erdoor schade lijdt.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20090622-12 = NjW 2009.juridat. nr. die derde sluit een overeenkomst met een concurrerende leverancier. F.fgov. .. d) Bijzonderheden overheidsaansprakelijkheid 1° voor fouten van de uitvoerende macht Foutcriteria zijn in beginsel die van het gemeen recht. in dat geval gaat het in hoofde van die derde immers meestal om contractuele schade).0082.05.fgov. NB. In een arrest van 29 juni 2012 werd een beslissing gecasseerd.just. 724 n. In casu de borg van de huurder. 25 .plén.fgov. 1382 BW: Cass.just. In oudere rechtspraak werd vereist dat de gedraging ook los van het contract een fout uitmaakt. I.juridat. http://jure.0522. C. 19 maart 2010.html. C. nr.

106 Jaarverslag cass. http://jure.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20100910-4 = RW 20102011. . D.fgov. 108 Bv.beginsel van aansprakelijkheid voor fouten van de wetgever: Cass. 296/2011 van 25 maart 2011) betreffende betreffende beperkende maatregelen in verband met de situatie in Libië.R. (EU) nr. Bepaalde Europese regelingen.2° voor fouten van de rechterlijke macht .just.M.juridat.08.0073. 105 C. 4bis Besluit 2011/273/GBVB van 9 mei 2011 betreffende beperkende maatregelen tegen Syrië.Cass. een ervan op http://jure. 5 juni 2008104 iz. 1726 kritische noot P. het Comité van ministers van de Raad van Europa in een beslissing heeft vastgesteld dat de litigieuze handeling een schending inhoudt van het E. dan kan men de staat ook aansprakelijk stellen voor een andere fout van de rechter dan degene die tot de intrekking.N en C. nr. door het Elfde Protocol. Daarmee gelijkgesteld worden: . bevatten een soort immuniteitsbeding krachtens hetwelk de geviseerde “entiteiten” die door sancties getroffen worden daarvoor geen aanspraak op enige vergoeding hebben108. enz. A. 2008. 25 maart 2010105 : de toestand waarin. 800 n.V.09. gewijzigd. heeft geleid: Cass.N.0314. 3° voor fouten van de wetgevende macht .V. Schade en causaliteit a) Tijdstip en wijze van vaststelling en begroting van de schade 104 2 arresten nrs. is de Staat in de regel alleen voor diens fout aansprakelijk als de litigieuze handeling door een in kracht van gewijsde gegane beslissing is ingetrokken.: de toestand waarin de benadeelde buiten zijn toedoen tegen de litigieuze handeling geen rechtsmiddel kan aanwenden omdat de beslissing zelf ingetrokken is en de gelaedeerde juridisch geen aantoonbaar belang meer heeft om nog te vragen dat de litigieuze beslissing zou worden opzij geschoven. 2.just. 10 september 2010107. Heeft de beslissing zijn gezag van gewijsde verloren. C.0403. wijziging.volgens het Hof van cassatie is de vaststelling door een arrest van het Grondwettelijk Hof in een prejudiciële procedure dat een wetsbepaling ongrondwettig is op zichzelf nog geen bewijs van de fout van de wetgever: Cass. 28 september 2006.07.fgov. Art.06. 12 Vo. 107 C.juridat. NB. art.just. 26 . RENDERS.fgov. in het bijzonder betreffende economische sancties. 227 n. 204/2011 (zoals gewijzigd door Vo.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20080605-2 = RW 2008-9.juridat.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20100325-4 = NjW 2011. POPELIER “De zorgvuldige wetgever en de gekwalificeerde fout: een overvloedig respect voor de beleidsvrijheid van de wetgever”. VAN OEVELEN. vernietigd of herroepen wegens schending van een gevestigde rechtsnorm". 1 juni 2006 en Cass. 183 n. http://jure. of van de toegevoegde protocollen.B.N. 31 = RCJB 2010.voorwaarden voor aansprakelijkheid van de Staat voor fouten van de rechterlijke macht: "wanneer de betwiste handeling van een magistraat het rechtstreeks voorwerp is van de rechtsprekende functie.Cass.M. 27 juni 2008106. voor de wijziging van het E. I.N. .R.0366.

C.N.. De SWAEF. een vergoeding kreeg toegewezen (althans de verzekeraar).09. A.just.1089.C.. AR C.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 We behandelen dit zowel voor de verplichting tot schadevergoeding uit onrechtmatige daad als voor die tot schadevergoeding wegens niet-nakoming van een verbintenis. 114 C.05.juridat. 14 dec.0494..N. De vraag is dus of dit een ommekeer in de rechtspraak inhoudt ? 2° Begroting van de schade in geld De begroting ervan gebeurt naar het tijdstip dat dit van het effectieve herstel ervan zo dicht mogelijk benadert. nr. 112 Cass. maar toch de economische waarde van het slachtoffer en derhalve de schade die het slachtoffer lijdt ingevolge zijn arbeidsongeschiktheid. A. AR C. aangezien die weliswaar niet belet dat het slachtoffer een economische waarde behoudt en derhalve niet verhindert dat hij schade lijdt ingevolge zijn arbeidsongeschiktheid. Cass.just..0963.11.F. de hierdoor veroorzaakte schade beïnvloeden”113 – in casu een brugpensionering die het afsluiten van de beroepsloopbaan van het slachtoffer met zich meebrengt. RW 2011-2012. C. nr.09.C. 2 feb. In dat arrest werd een beslissing verbroken waarin een persoon met handicap die gratis hulp ontving van zijn zuster. http://jure. 1996.00. AR 7100.05. 143.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20120525-3. dit is praktisch naar het tijdstip van de uitspraak ‘Cass. nr..F. die verongelukte. Bij de beoordeling van de schade mag de rechter geen rekening houden met gebeurtenissen die na de fout hebben plaatsgehad en geen betrekking hebben op deze fout en de schade. omdat de rechter daarmee niet wettig had beslist dat die persoon persoonlijk schade had geleden (over eventuele schade van de zuster is geen uitspraak gedaan).11.just. eerder Cass. 522.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-2005112210 = Arr. 15 mei 2008. 110 P. beïnvloedt.0173. 23 april 2012. 1397. P.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20100304-4.N.N..F.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20100304-4 = RW 201213. P. 2322 concl. 2001.0274.fgov.juridat. http://jure. 1993. http://jure. In een arrest van 23 april 2012 evenwel beslist het hof van cassatie dat de rechter bij de bepaling van de schade wel “rekening moet houden met gebeurtenissen die.juridat.0478. 247. http://jure. 25 mei 2012. A. hoewel zij vreemd zijn aan de onrechtmatige daad. Eerder Cass. 22 juni 1988. 4 maart 2010114). A.. Cass..fgov. 139. Toepassing op de uitwinningsvergoeding van de handelsagent: Cass. 1993. 1987-88. 15 feb. 22 november 2005.10.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20120423-2. 96 111 Zie ook Cass. Cass. 70.fgov. nr. 113 Cass. http://jure.F. Vgl. 27 .just. http://jure. en vervolgens gratis hulp ontving van zijn andere zuster.juridat.fgov. 1° Vaststelling van de schade(-elementen) De vaststelling van het bestaan en de elementen van deze schade dient te gebeuren op het ogenblik van de niet-uitvoering van de verbintenis (Onder meer Cass.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110215-6. 2007.1703.juridat.0173. AR P. 2007.C. 15 mei 2008112: deze dient te worden beoordeeld volgens het tijdstip van beëindiging van de handelsagentuur: latere feiten mogen in beginsel niet in aanmerking worden genomen.0092. 4 maart 2010109).95. 2 mei 2001. Cass. 109 C. nr. 15 februari 2011110) (in casu verbetering van de toestand van de weduwe door het inkomen van de nieuwe partner)111.. waardoor de toestand van de benadeelde zou verbeterd of verergerd zijn (Cass.just.fgov.g.just. A. 1996.C.C. AR 6582..N.juridat.

Eerder Cass.juridat.just.N. nr. zoals Cass. http://jure.1314. C. C.fgov. 115 Cass.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20051122-10 = Arr.juridat. Het hof van cassatie ziet erop toe dat de rechter daarbij de vergelijking niet maakt met een niet-foutieve situatie die in enig ander opzicht verschilt van de concrete gebeurtenis zoals ze zich heeft voorgedaan118 . De rechter mag de schade naar billijkheid ramen. Cass. en Cass.Tenzij de beslissing op dat punt uitgesteld wordt moet de rechter op dat ogenblik ook de toekomstige schade begroten. 18 december 2008 nr. behalve wat de gevolgen betreft die zich hoe dan ook.just. http://jure.i. http://jure.F. . Aldus sluit het feit dat de pathologische aanleg van de schadelijder tot de schade heeft bijgedragen.juridat. van de schadegebeurtenis. P. het ongeval is een voldoende doch geen noodzakelijke voorwaarde voor het overlijden. 22 november 2005.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20091023-2 = RW 2011-2012.05. RW 2012-2013.O8. http://jure.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20071219-14 = JLMB 2010. http://jure.just.0226. d.juridat. P. daarvoor bv.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-2008121811 = JLMB 2010.F. de verplichting niet uit om die schade volledig te vergoeden.F. P.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20080528-8 = RW 2011-2012.0638.1601. 117 Cass. 2006 n. “INUS”) (bv. 2322 concl. 28 mei 2008.10. de zgn. mits hij de reden aangeeft waarom hij de door de schadelijder voorgestelde berekeningswijze niet kan aannemen en tevens vaststelt dat de schade onmogelijk anders kan worden bepaald116.g. C. I 161 (alternatief aanvaard) en Cass. voor zover dit door de partij wordt gevorderd.juridat. d.just. Cass. http://jure.just. Pas. Daarbij gaat men uit van de schade zoals ze zich heeft voorgedaan.just. De SWAEF.0963.07. 2005 (alternatief aanvaard) met arresten waarin het alternatief werd verworpen. zelfs zonder de fout.0018. Meestal komt het er wel op neer dat de fout een noodzakelijke zij het onvoldoende voorwaarde moet zijn voor de schadeverwekkende gebeurtenis (die een voldoende zij het niet noodzakelijke oorzaak is van de concrete schade) (zgn. B.F. C. 116 I.de verleden schade moet begroot worden op het ogenblik van de uitspraak (en kan niet door kapitalisatie bepaald worden).just. Cl.a. met name doordat precies dezelfde gedraging ook niet foutief kon plaatsvinden en dan toch dezelfde gevolgen zou hebben gedaan.F.fgov. 19 december 2007.0744.fgov. 530. P.F.fgov. 2 februari 2011.fgov. de schade die nog zal geleden worden ten gevolge van de onrechtmatige daad.07. 1669.juridat.de toekomstige schade kan door middel van kapitalisatie begroot worden. Parmentier. 118 Vgl.i.fgov. 119 Cass. 28 .juridat. P. 23 oktober 2009. nr. Het causaal verband kan ontkracht worden door aan te tonen dat zonder de fout de schade zich ook in concreto zou hebben voorgedaan. 300 n.fgov. http://jure.0451.07. leer van het rechtmatig alternatief117 . 17 februari 2012.10. b) Criteria causaal verband Zoals bekend huldigt de Belgische rechtspraak de leer van de “equivalentie van alle oorzaken”: een foutieve gedraging of ander feit is oorzaak van de schade indien zonder de fout de schade zich niet zou hebben voorgedaan.F.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110923-2. zouden hebben voorgedaan119 . WEYTS “Het leerstuk van de voorbeschiktheid tot schade als loutere toepassing van de regel van integrale schadeloosstelling”.11. Hij moet daarbij echter wel het volgende eerbiedigen115: . 25 maart 1997.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20120217-5. 23 september 2011. nr. en de fout een noodzakelijke zij het onvoldoende voorwaarde voor het ongeval).

120 RW 2007-08. nr.08.F. nr.just.0113. C.juridat.of invaliditeitsverlof aan een personeelslid125. 62. . 18. 126 Cass. 12 november 2008. nr. C. AR C.07. 2 maart 2012. andersluidende conclusie A. 1209.just.de uitkeringen van zgn.fgov.F. Voorbeelden van niet-vergoedbare schade: .0007. 987 = RW 2010-2011. 125 Cass.i. NB. Jaarverslag Cassatie 2010.0105. 122 RW 2009-2010. 30 juni 2009.juridat. 30 juni 2009123) (zie eerder al de gevallen van Cass.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20120302-3. 14 februari 2011.08.juridat. .fgov. geen vraag van bewijs: Cass. 123 Cass. nr.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20100319-5. nr. 1382 BW die leidt tot gelijkschakeling van situaties van werkgevers uit privésector en overheidssector. nr.05. Communauté française. C. Antwerpen 26 april 2011. 9 januari 2006 en 12 november 2008.09. brengt dat laatste niet met zich mee dat het causaal verband met de fout zou doorbroken zijn. tenzij de ratio van de rechtsregel die de genoemde verplichting oplegt erin bestaat dat die kost definitief ten laste te blijven van de aldus verplichte persoon. 22. 997. sommenverzekeringen. E. Dat laatste is een rechtsvraag. eerste middel. ook Cass. 2006. S. DE KEZEL.just. Juristenkrant nr. in het bijzonder de uitkering van levensverzekering bij overlijden van de verzekerde. p.juridat. de foutloze aansprakelijkheid voor zwakke weggebruikers krachtens art. tot toepassing van de cassatie-arresten van 2001 ook in de privésector.1773.fgov. 26 mei 2009122 en Cass.1531.N. 18 september 2007120. 22. 710. P. http://jure.09.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20120514-7. ..be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20090630-5 = RW 2010-2011. RW 2012-13. iemand moet overgaan tot de nakoming van een wettelijke of contractuele verplichting. Cass. t. dergelijke schade is in beginsel vergoedbare schade. het invaliditeitspensioen dat een werkgever uitkeert na vervroegde pensionering van een werknemer die ten gevolge van de fout van een derde arbeidsongeschikt is geworden (Cass. nr. Arr. 29bis WAM)121. 29 . Arr. 124 Cass. C. De Swaef.just. 622. http://jure.0318.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 c) “Doorbraak” causaal verband door juridische oorzaak Sinds de cassatie-arresten van 19 en 20 februari 2001 ("loondoorbetalingsarresten") zit het Hof van cassatie terecht op het spoor van de schade: wanneer ingevolge de fout van een ander. P. 7 februari 2011.0332.N. L.F. Hetzelfde geldt wanneer de schade niet door een fout wordt veroorzaakt. 14 mei 2012.de rente die de openbare werkgever wegens gedeeltelijke invaliditeit betaalt naast het loon (loon waarvoor men tegenprestatie ontvangt)127.10. 19 maart 2010. 19 maart 2010124).0569. Zie ook Cass. http://jure.fgov.. 121 Cass. 137/2007 van het GwH 7 november 2007 geeft een grondwetsconforme interpretatie van art. d. Arrest nr.10.de kosten die de overheid lijdt door de toekenning van ziekte. in casu over het decreet van 5 juli 2000 van de Franse Gemeenschap houdende de regeling inzake verlof en disponibiliteit wegens ziekte of invaliditeit van sommige personeelsleden uit het onderwijs. 2008.F.F.de niet door arbeidsprestaties gecompenseerde kost van de doorbetaling van een invaliditeitsuitkering aan een contractueel personeelslid wat betreft de periode na de beëindiging van de contractuele duur126.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N- 20110207-4.g. 9 januari 2006. Cass.fgov.juridat.N. Rb. nr. 204 = Jaarverslag cassatie 2009. vgl. http://jure. http://jure. maar een andere aansprakelijkheidsgrond (bv.just.

zo een bewaarnemer krachtens de bewaarnemingsovereenkomst de bewaargever moet vergoeden. 127 Cass. precies omdat dat recht een eigen rechtsgrond heeft.de kosten voor de vaststelling van de schade gemaakt door de rechtsbijstandsverzekeraar. 30 .10. 722.just.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20120302-3.). RW 2012-13. NB. VAN OEVELEN.schade geleden door de uitoefening van bepaalde taken van openbare dienst blijven in beginsel ten laste van die overheid. 710. brandweer. Het arrest concentreert zich enkel nog op de afwezigheid van contractuele schade en vereist geen afwezigheid van een contractuele fout meer.N. wanneer een derde de in bewaring gegeven goederen bedrieglijk verkrijgt. Hier is omgekeerd de mogelijkheid van subrogatie een indicatie dat het om een vergoedbare schade gaat (ook al vallen de suborgatoire vordering en de aanspraak uit vgeroeiding niet samen). http://jure.10. 2008. 130 Cass. nr. 128 Cass.juridat. nr..be/pdfapp/download_blob?idpdf=N- 20120302-3. http://jure. . 2 maart 2012. AC. C.de schade ingevolge arbeidsongeschiktheid van een personeelslid voor zover die door de eigen schuld van het slachtoffer werd veroorzaakt.fgov. 12 november 2008.De schade die erin bestaat dat de werkgever tijdens het doorbetalen van de arbeidsongeschikte werknemer diens arbeidsprestaties moet missen.F. BOCKEN in NjW 2007. 627.1531.just. Rb. 1717 n. Zie de bespreking bij voordeelsafdracht infra. is daarentegen in beginsel wél een vergoedbare schade130. C. RW 2012-13. 129 Pol. RW 2010-2011. besproken door H.juridat. is dit voor de bewaarnemer een vergoedbare schade131. meer bepaald kosten van de deskundige aangesteld door die verzekeraar129. 2 maart 2012. Antwerpen 26 april 2011. Voorbeelden van vergoedbare schade: . blijft definitief ten laste van de werkgever (Cass. 27 november 2007. Veurne 11 april 2011. 132 RW 2006-07.0245.juridat. C. . 29 september 2006132.F. nr. d) Samenloop en co-existentie: beperking buitencontractuele aanspraak voor contractuele schade 1° De beperking van de samenloop en co-existentie Dit handelt over de vraag of men schadevergoeding wegens onrechtmatige daad kan vorderen van een contractspartij of een persoon die door de contractspartij voor de uitvoering is ingeschakeld. 23. 437. 131 Cass. argument uit beperking van de subrogatie cassatie neigt naar parallellie). Bv.0569. .fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20090921-1 = Jaarverslag cassatie 2009.fgov.07. Cass. http://jure. nr. In het IPR is dit een vraagstuk van buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht (toepassing van de conflictregel uit de Rome-II-Vo.just.F. 21 september 2009128. 741. niet moeten worden aangerekend (in mindering gebracht) op de schadevergoeding.08. Omgekeerd zal een pensioen of levensverzekeringsvergoeding uitgekeerd naar aanleiding van een schadegeval. 21 september 2009. Huidige stand van de rechtspraak wat de samenloop tussen dezelfde partijen betreft: Cass. AR P.0569.

* Geen beperking van passieve coëxistentie (schuldenaar jegens meerdere schuldeisers) Op de eerste plaats speelt de beperking natuurlijk niet ten aanzien van een derde die geen contractuele band heeft met de opdrachtgever van de nalatige partij – zo kan een lasthebber zich voor fouten die hij in de uitvoering van de lastgevingsovereenkomst zou hebben begaan. http://jure. De juiste omvang van die categorie is niet zo duidelijk bepaald. PHANG “Over de rechtsverhouding tussen elektriciteits. 1257 n. en de daaraan verbonden rechtsgevolgen op het vlak van de aansprakelijkheid”.. maar enkel nog die met de distributienetbeheerder bij aansluiting op het laagspanningsnet134. 316 n. ook mogelijk zijn voor contractuele schade. T. wat dan wel de toestemming van beide partijen vereist). is het enkel een terechte kleine herformulering. 8 maart 2012.Vred. 134 Zie behalve de aangehaalde annotatie van L. NV Lappland / Trevi 31 . bouwheer géén buitencontractuele aanspraak op de wederpartij van zijn wederpartij (zelfs al zou die niet gelden als uitvoeringsagent) omdat hij een contractuele aanspraak heeft verworven (zie de bespreking van die gevallen verder infra bij overgang van schuldvorderingen)136.fgov.q.M. dan heeft de koper c.Vred. Wanneer de koper van een zaak met de eigendom ook een aanspraak verwerft op de contractspartij van de verkoper (diens leverancier. maar niet door middel van een louter reglement135 (wel door middel van een afwijkende overeenkomst. 2427 = NjW 2908. 135 Vred.s. 2012. Rl. Sinds de liberalisering van de elektriciteitsmarkt betreft dat niet meer de rechtsverhouding met de elektriciteitsleverancier s. Traditioneel geldt dat aanspraken uit onrechtmatige daden die tevens een strafbaar feit uitmaken. VANHELMONT.juridat. of een bestuurder van een rechtspersoon niet voor 133 Arr.cass.) alsook wanneer de bouwheer de eigendom verwerft van zaken geleverd door de leverancier van de aannemer en daarmee ook diens aanspraken op de leverancier. niet op die “immuniteit” beroepen ten aanzien van een derde die geen contractuele band heeft met de lastgever137. VAN OEVELEN.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20120308-13. 2012.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 Sommigen spreken van een koerswijziging. In een dergelijke reglementaire rechtsverhouding gelden de regels van de buitencontractuele aansprakelijkheid: volgens sommige rechtspraak kan daarvan bovendien weliswaar bij wetskrachtige norm worden afgeweken. 27 november 2006133 (Gaselwest) a contrario: de regel van uitsluiting van buitencontractuele aansprakelijkheid wegens samenloop geldt niet voor “reglementaire” rechtsverhoudingen. maar ook jegens diens ‘uitvoeringsagenten”.: Cass. BOONE = RABG 2007. en bij aansluiting op het hoogspanningsnet.i. 323 v.m A. L. 136 Zie bv. Roeselare 18 februari 2010.11. T. 2012. Hof Antwerpen 18 mei 2009.just. Zie ook Cass. PHANG o. M. waartegen de voorziening in cassatie verworpen werd door Cass. VAN OEVELEN. 137 Voor een toepassing op een syndicus van een V. P. “Het reglementair karakter van de rechtsverhouding tussen de distributienetbeheerder voor elektriciteit en de afnemer. 16 n. nr. I. 21 oktober 2010.0027. 29 n.E. Limb. 2° Toepassing bij derden (geen coëxistentie) en gevallen die buiten die beperking vallen (wel coëxistentie) De uitsluiting van een buitencontractuele aanspraak in de genoemde gevallen geldt niet enkel voor aanspraken jegens de contractuele wederpartij.maatschappijen en hun afnemers en het samenloopverbod in deze verhouding”.N. C. A. aannemer enz.

“Derde-medeplichtigheid aan andermans contractbreuk”. In die gevallen kan er een aanspraak uit onrechtmatige daad zijn ook al is de schade tevens een contractuele schade.just. http://jure.fgov.fgov.12. zolang het geen louter contractuele schade is143. 25 oktober 2012. L. Cass. C.0692.fgov. is die onderaannemer geen uitvoeringsagent vlg.0459. 12 oktober 2012. e) Weerkaatsingsschade Een vennootschap is gerechtigd om schadevergoeding te vorderen van een derde door wiens fout het vennootschapsvermogen werd aangetast. LMABRECHT. De contractuele schuldenaar kan zich ook niet op die immuniteit voor buitencontractuele aansprakelijkheid beroepen jegens de bestuurders van de vennootschap waarmee de overeenkomst is gesloten. p. 142 Cass. 1184 n. C.fgov.08. C. Verder houdt de regel ook niet in dat een schuldeiser die een contractuele aanspraak heeft jegens zijn wederpartij wegens contractuele wanprestatie. voor zover die een eigen schade hebben geleden139.09. DAOR nr. 140 RW 2009-2010. STIJNS & F. nr. In bepaalde gevallen kunnen zij wel namens de vennootschap vorderen ten bate van de vennootschap. 78 v. 144 Cass.juridat. in V.N.11.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20101004-1. nr. Voor deze schade aan het vennootschapsvermogen komt aan de aandeelhouders geen zelfstandig vorderingsrecht toe144. Hof Gent 24 januari 2008140. Actuele ontwikkelingen inzake verbintenissenrecht.N. 23 februari 2012.just. http://jure.juridat. f) Verlies van een kans services.0079.0558/F.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20121012-3. 143 Zie verder S. SAGAERT & D. WERMOES 141 Bv. 139 Cass. Wanneer de verhuurder van een gebrekkige zaak aangesproken wordt door een derde op grond van art. 138 Hof Gent 13 febriari 2012. VANANROYE “Aandeelhouders hebben geen zelfstandig vorderingsrecht voor afgeleide schade”.just. 1384 BW. 319 n.N. 206.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F- 20121025-9. 1658 n. 4 oktober 2010. J. * beperking van actieve coëxistentie (schuldeiser met aanspraken jegens meerdere schuldenaars) – wanneer speelt die niet Wanneer een verkoper na verkoop een onderaannemer inschakelt om de goederen te verpakken in kleinere hoeveelheden (en deze daarbij fouten maakt). VAN LIEMPT.0632. http://jure.11. http://jure.F.juridat. F. kan hij het exoneratiebeding in de overeenkomst met de huurder niet tegenwerpen aan een derde-schadelijder (in de veronderstelling dat diens schade nietcontractueel is)141.juridat.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20120223-5 = RW 2011-2012. C. niet voor dezelfde schade een aanspraak zou kunnen hebben uit onrechtmatige daad jegens de derde die medeplichtig is aan die wanprestatie142 (tenzij die derde een uitvoeringsagent is).precontractuele aansprakelijkheid138. 102. Deze beperking geldt niet voor andere schade die de aandeelhouders zouden lijden.just. nr. J&T Autolease. 2009. een buitencontractuele aanspraak is dus mogelijk (een "rechtstreekse" contractuele niet). C. PARREIN = TRV 2012. 32 .

RW 2008-9. .juridat. C. 153 P.0145. http://jure.0121.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 Na twijfels door het “zwavelzuurarrest” van Cass. I. Zie verder onder meer R.Une exigence illégitime? ». 147 C. 152 P. maakt evenwel nog niet elke schade tot onrechtmatig voordeel151. BOONE = RW 2011-2012. Het leerstuk is aansprakelijkheid. i) Beperking tot voorzienbare schade ? Bij buitencontractuele schade is de voorzienbaarheid niet enkel geen vereiste.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20091217-7 en nr. 535. 17 december 2009146 alsook Cass.fgov. 150 Cass. 660 n. Lierman 146 2 arresten van dezelfde datum.09. 1713. Een andere vraag is of de houder van het auteursrecht een recht heeft op voordeelsafdracht – zie art. 314.juridat. TBH 2012. http://jure. 1382 BW. 1 april 2004 is er terug duidelijkheid door de arresten Cass.. 253 et s. 530.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20100315-3 = NjW 2010.08. toepasselijk zowel bij contractuele149 als buitencontractuele g) Onrechtmatig voordeel Geen vergoeding is verschuldigd voor schade die bestaat uit het wegvallen van een onrechtmatig voordeel150. JT 2012. BOONE.0199N.fgov.just. 148 Voor toepassingen zie onder meer Hof Brussel 20 december 2011.juridat.hangt ervan af wat men vordert ! Vergoeding eisen voor verlies van een kans veroorzaakt door de fout is iets anders dan vergoeding vorderen voor een schade die met een bepaalde graad van waarschijnlijkheid is veroorzaakt door de fout . http://jure. j) Eigen fout schadelijder – beperking aansprakelijkheid wederpartij 145 nr.gaat nog steeds niet zover als een volwaardige proportionele aansprakelijkheid (d. 13 mei 2009. maar zelfs geen relevant element voor de vaststelling van het causaal verband (Cass. Het loutere feit dat de schadelijder zich in de onwettigheid bevindt. 151 Cass. RW 2012-13.just. 795 n.fgov. dit kan niet op grond van art. want er is geen bewijs van dergelijke schade in causaal verband met de fout. p. Hof Luik 25 oktober 2011.juridat.just.F.09. 4 november 2011.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20091217-8.09. Pas op: . JAFFERALI..be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20090513-2 = RW 20112012. 1466.N. 257 inzake een tekortkoming door een advocaat. http://jure.0433. 4 november 2011. C. JT 2012. 530.just. JT 2012. h) Bij inbreuken intellectuele rechten Cass. JT 2012. I.juridat. http://jure. « L’intérêt légitime à agir en réparation . 86ter Auteurswet en analoge bepalingen voor andere rechten (bespreking infra).fgov. C. proportionele causaliteit).fgov. SABAM152: verbreking van arrest dat bovenop de gederfde inkomsten (normaal tarief”) ook nog het extra-tarief van 25 % had toegekend. 15 maart 2010147.07. NjW 2010.0190. 13 januari 2010153). Zie bv.09. Hof Antwerpen 28 september 2009.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20100113-1 33 .F.N . 5 juni 2008145 en Cass.just.0705. 660 n. nr.148.N.i. 149 Bv.

nr. AR P..F. RW 2011-2012. Indien het slachtoffer mee aansprakelijk is. http://jure. pathologische aanleg) evenwel niet tot een vermindering van aansprakelijkheid. 384..07. Arr.10. Anders dan de fout van het slachtoffer die tot de schade heeft bijgedragen leidt een nietfoutieve voorbestemdheid tot schade (zelfs een zgn. 155 Cass. zie hieronder) ten laste gelegd van de in het ongelijk gestelde partij. Vervanginkomsten wegens arbeidsongeschiktheid worden in beginsel wel toegerekend. 15 februari 2011. Dat geldt niet voor voordelen die geacht worden een zelfstandige rechtsgrond te hebben. voor wat betreft een overlevingspensioen. en worden vervolgens de door het slachtoffer ontvangen uitkeringen op zijn aandeel toegerekend (Cass.. P.fgov. nr. 2004.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110215-7. 156 Onder meer Cass. http://jure. Arr2007. 2006. zo worden overlevingspensioenen en uitkeringen van sommenverzekeringen (andere dan schadeverzekeringen) niet aangerekend156 (en leidt de uitbetaling ervan ook niet tot subrogatie). Arr. 1903.De "eigen fout" leidt tot een verdeling van aansprakelijkheid. P. 4 sept.0426. dient eerst de aansprakelijkheidsverdeling te worden toegepast.1232.just. AR C. http://jure.N. Cass. worden in mindering gebracht op de schade.just.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20110202-2. 386.fgov. tenzij de schade zich ook zonder de fout zou hebben voorgedaan155. Voor de criteria voor de inperking/verdeling van de aansprakelijkheid.10.04. nr.juridat. 2 december 2009157).0315. 157 Cass. P.1601.juridat.N.1244. Cass. zie infra de bespreking van de verdeling van de draagplicht. k) Voordeelstoerekening Voordelen die de schadelijder door de onrechtmatige daad verkrijgt.N. 154 Cass.05.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20110216-7. 16 februari 2011154).F. Bijzondere regeling rechtsplegingsvergoeding) a) Tenlastelegging procesaansprakelijkheid (gerechtskosten en Volgens art. 3. 16 februari 2011. nr. 16 maart 2006. 34 . 2004. 156. 2007. De eigen fout van de primaire schadelijder heeft ook gevolgen voor de aansprakelijkheid jegens een secundaire schadelijder voor “weerslagschade” in het bijzonder familieleden): de aansprakelijkheid van de aansprakelijke is jegens hen evenzeer beperkt als jegens het medeschuldige primaire slachtoffer zelf (Cass. behoudens bijzondere wetten.10.juridat.fgov. 2 februari 2011. 1017 I GerW worden de gerechtskosten (inbegrepen de rechtsplegingsvergoeding. Cass. 7 sept. De eigen fout kan ook bestaan uit het niet beperken van de schade (maar het niet beperken is niet per se foutief). 2 december 2009.just.0299. AR P.N.

1382 BW een eiser tot alle kosten. Cass. niet behandeld door GW Hof. 35 . 2° kosten advocaten: procesrechtelijke regel voor alle geschillen. b) Begroting De verhaalbaarheid van het ereloon van de advocaat werd voor het eerst ingevoerd in art. Die vereisen immers een in beginsel volledige verhaalbaarheid. 6 van de W.. 946 v. strafrechtelijk vervolgde.07. http://jure. 159 Zie bv. Een arrest van Hof Antwerpen ging – terecht – een stap verder. 160 nr. die evenwel nog niet in werking is getreden) en dus losgekoppeld van het gemene aansprakelijkheidsrecht.b. Hint van het GW Hof .© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 Deze bepaling maakt het mogelijk de kosten om te slaan indien een partij gedeeltelijk ongelijk krijgt. 2 september 2004 dat de verhaalbaarheid op materieelrechtelijke grondslag uitbreidde. RW 2010-2011.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20091218-3. met wijzigingen onder meer bij Wet van 21 februari 2010. Logischerwijze zou bij verbreking in cassatie er wel een schadeclaim op de Staat moeten zijn. hij kan maar moet niet verdelen wanneer beide partijen gedeeltelijk in het ongelijk zijn gesteld159). De aansprakelijkheid voor proceskosten werd dus autonoom geregeld in het GerW (Wet van 21 april 2007 en het uitvoeringsbesluit RPV. RW 2011-12.. 161 Zie voor het laatste J.0073. Vulex. zoals met name . “De rechtsplegingsvergoeding in procedures inzake intellectuele rechten: een sui generis-regime?”. DEENE. deel van de schade bij contractuele of buitencontractuele aansprakelijkheid. C. C. onder meer ook wanneer de eis slechts ten dele wordt toegekend.de Richtlijn Betalingsachterstand. in het bijzonder de Handhavingsrichtlijn van nr. die de Richtlijn Betalingsachterstand omzette. De wetgever koos met de Wet van 21 april 2007 en het uitvoeringsbesluit RPV echter voor een zuiver procesrechtelijke grondslag. Resultaat is dat er wel een opdeling blijft: 1° kosten technische adviseurs: gemeen recht (materieel recht). 5 juni 2008160.F. . 2004/48161. 4° verworpen voor de cassatieprocedure.juridat.0334. 3° lacune in de wet w.fgov. Dit werd gevolgd door het arrest Cass.08. 182/2008 van 18 december 2008 over de Wet 21 april 2007 verhaalbaarheid erelonen en kosten: de Regeling bleef overeind.i. 158 Hof Antwerpen 31 maart 2010. omdat de toegekende aanspraak (na deskundig onderzoek) lager lag dan het bedrag dar verweerder minnelijk had voorgesteld voor de dagvaarding158. RW 2008-9.de regels inzake schadevergoeding bij inbreuken op intellectuele rechten. Het is echter de vraag of deze regeling niet strijdig is met supranationale normen in een aantal bijzondere gevallen. De vergoedingen zijn forfaitair en wat de aansprakelijkheid betreft heeft de rechter een ruime marge (bv. 572. 800 n.N iz. Wat dat laatste betreft: verfijning van de cassatierechtspraak in arrest Cass.just. d. Betalingsachterstand van 2 augustus 2002 voor de wanbetaling bij handelstransacties binnen het toepassingsgebied van die wet. 18 december 2009. en veroordeelde op grond van art. VAN OEVELEN. Het Grondwettelijk hof oordeelde in arrest nr.

met name zgn. 163 Cass.pdf). voor zover de arbitrage-overeenkomst het niet regelt165 kan hier toepassing gemaakt worden van het gemeen aansprakelijkheidsrecht166.v. 706. houdt art. 7601.be/public/n/2012/2012-096n.be/nl/juridisch/domeinnaamgeschillen/adr-procedure. Er is evenwel geen aansprakelijkheid bij gebrek aan oorzakelijk verband “wanneer het dier zich niet abnormaal noch onvoorzienbaar heeft gedragen en een fout van het slachtoffer de schade heeft veroorzaakt. 96/2012)164.dns. nr. succes fees (EHRM 18 januari 2011 in MGN Ltd. 10k van de algemene voorwaarden van DNS inzake domeinnaamgeschillen. . Wat dieren betreft. Cass. 6 januari 2012.10. 1 maart 2012163). Arr. waardoor elke mogelijke fout van de eigenaar of bewaarder als oorzaak van de schade wordt uitgeschakeld”169. 383. 68-1 (http://www. Pas.bailii. Aansprakelijkheid voor zaken en dieren De rechtspraak heeft sedert lang uit de eerste zin van art. dat de overheid die als verweerder gelijk krijgt voor de Rad van State slechts vergoeding kan vorderen bij tergend en roekeloos beroep.fgov.arbitrageprocedures. Daily Mirror / Campbell-zaak162). 164 http://www. http://jure. art.i. c) Buiten het toepassingsgebied van art. 1385 BW volgens de rechtspraak een niet weerlegbaar vermoeden van schuld aan de door een dier veroorzaakte schade door de eigenaar van dat dier of ten laste van degene die zich ervan bedient terwijl hij het in gebruik heeft. schadevergoeding kan eisen m. 26 februari 1978.org/eu/cases/ECHR/2011/66. Cepina Nieuwsbrief nr. C. . 1382 BW) blijft intact voor kosten die buiten het toepassingsgebied vallen: .const-court. 36 . 1384 een objectieve aansprakelijkheid afgeleid van de bewaker van een gebrekkige zaak jegens de schadelijder. Pas. nr. d) Opeisbaarheid gerechtskosten De gerechtskosten zijn slechts opeisbaar vanaf de veroordeling (uitspraak)167. is niet ongrondwettig (GwH nr. 167 Cass. / UK. 169 Cass.be/upload/files/newsletter68-1.html. 166 Zo Hof Gent 26 maart 2012.cepina. I 856. 5. 168 Kh.kosten technische adviseurs (supra en Cass. 22 maart 1960.N. 4. 165 Zie bv. 1 maart 2012. 1022 GerW Het gemeen recht (art.kosten voor procedures voor de Raad van State: de uitsluiting van een RPV aldaar is niet ongrondwettig.Omgekeerd stelt het EVRM grenzen aan de verhaalbaarheid van buitensporige erelonen. rolnr.pdf.F. Cass. Aansprakelijkheid voor andere personen 162 http://www. Brussel 20 juni 2008. zie http://www.just. advocatenkosten (GwH nr.11. 1986-87. aldus kan een eerdere betaling niet eerst op de kosten worden toegerekend168. C.juridat.0025. vermits de eiser die vernietiging bekomt.0425. 24 september 1953. 1954 I 36. 118/2009 van 16 juli 2009). RW 2011-12.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20120106-4.

2000.just. 84. RW 2011-2012. http://jure. 171 C. noot J. 1828. verzuim of enige gedraging van de eigenaar van een goed die een naburige eigenaar een hinder berokkent die de gewone ongemakken van het nabuurschap te boven gaat". Cass. 953 n.0354. 25 juni 2009171: Dat de schade aan de buur veroorzaakt wordt door de fout van een derde sluit deze aansprakelijkheid niet uit. http://jure. DE BIE “Precisering van de compensatie als sanctie in het geval van een bovenmatige burenhinder”. 4 juni 2012. 981 = TBBR 2009. 23 november 2000. kan de rechter het rooien ervan bevelen (wat vervanging door niet bovenmatig hinderende bomen niet verbiedt)174.0627. 3° Sanctie De vergoeding kan ook een herstel in natura inhouden. 2° Aanspraakgerechtigde De aanspraak wegens burenhinder komt toe aan eenieder die een zakelijke of persoonlijk recht heeft op een erf dat naburig is aan het erf dat de hinder veroorzaakt.juridat. T. Bij hinder door overhangende bomen waarbij het snoeien van overhangende takken geen oplossing is. ROGGE.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 6.Cass. noot C. DE BIE “Relaas van een verdere afbrokkeling van de evenwichtsleer als objectieve aansprakelijkheidsgrond”.2010. C. Vergoeding of verbod kunnen enkel de bovenmatige hinder betreffen. T.just. 2009.F.10. maar er moet wel nog steeds aan de net genoemde vereisten voldaan zijn. Verz. voor zover het om onderscheiden erven gaat172.N.fgov. Foutloze aansprakelijkheid a) Nabuurhinder 1° Vereisten Cass. 3 april 2009170: De foutloze aansprakelijkheid wegens nabuurhinder vereist wel steeds "een daad. 469. en dus niet de volledige hinder173.fgov. 37 .be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20090625-6 = RW 20102011. 174 Cass. b) Nieuwe risico-aansprakelijkheden Onder meer de Wet van 13 november 2011 betreffende de vergoeding van de lichamelijke en morele schade ingevolge een technologisch ongeval. c) Aansprakelijkheid wegens rechtmatige overheidsdaad Bij gerechtvaardigd optreden van de uitvoerende macht: 170 Arr. 173 Cass.07.juridat. 1645 n.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20120604-4. 8 februari 2010. BAEKELAND = T. 172 Cass. omdat de bomen toch zouden sterven. Dat beide erven aan dezelfde eigenaar toebehoren sluit de aanspraak niet uit. louter bewaarderschap volstaat niet. Arr.

toegepast bv.W.juridat. (nog) niet absoluut”.just. http://jure. LIERMAN “Gelijkheid van de burgers voor de openbare lasten: wel fundamenteel. maar dit zit reeds vervat in de vereiste van verarming en gebrek aan rechtsgrond. http://jure. 1385. 1398 II Ger.06. 8 maart 2010176).schadeplicht bij afslachten van dieren wegens besmettingsgevaar: vereiste evenwicht van de burgers voor de lasten is verbroken wanneer de betrokkene een bijzondere en buitensporige last dient te ondergaan. 38 . de onverschuldigd geworden prestaties moeten terugbetaald worden mét interest (waar art.W. Met name is er geen restitutieaanspraak wanneer de verarming en verrijking het gevolg zijn van de toepassing van regels 175 C. ONGERECHTVAARDIGDE VERRIJKING 1. 1934 BW. RW 2007-2008. Traditioneel voegt men er als vijfde vereiste aan toe dat de condictio (aanspraak op restitutie) een subsidiaire remedie is (subsidiariteitsdogma). RW 2008-2009. 176 C. Daarnaast zijn er andere toepassingen van het “verrijkingsbeginsel”. III. zoals bepaalde regels van contractenrecht (bv. restitutieplicht bij ontbinding alsmede bij uitoefening eigendomsvoorbehoud).fgov. S.juridat. in casu werd echter beslist dat het plafonneren van de vergoeding op 2500 Euro per afgeslacht dier geen onevenredige last is (Cass.0415.fgov. bezettingsvergoeding na beëindiging van een huurovereenkomst.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20100624-1 = RW 20102011.. maar geldt minstens voor alle gevallen onevenredige aantasting van eigendomsrechten . 24 juni 2010175: de vergoedingsplicht is niet beperkt tot die gevallen waarin de wetgever een bijzondere regeling heeft ingevoerd.08. d) Risico-aansprakelijkheid wegens voorlopige tenuitvoerlegging De tenuitvoerlegging van een nog niet in kracht van gewijsde gegaan vonnis gebeurt op eigen risico (art. 1217 n. Ongerechtvaardigde verrijking in het algemeen Hier bespreken we de zelfstandige aanspraken wegens ongerechtvaardigde verrijking.F. in art. 177 Cass. Die risicoaansprakelijkheid geldt niet bij tenuitvoerlegging van een beslissing waartegen cassatie is ingesteld177.). dat recht op interest in het algemeen slechts laat lopen vanaf het ogenblik waarop de accipiens te kwader trouw is).N. a) Vereisten Een aanspraak op restitutie bestaat in het algemeen in het geval van 1° een verarming 2° gepaard aan een verrijking van de aangesprokene 3° bij oorzakelijk verband tussen beiden en 4° afwezigheid van een rechtsgrond die dit rechtvaardigt. Hof Antwerpen 5 februari 2008. 1378 B. voordeelstoerekening bij bepaling van contractuele schadevergoeding.schadeplicht wegens schade veroorzaakt bij huiszoekingen aan de eigendom van een onschuldige eigenaar (niet-beklaagde): Cass.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20100308-6. dit betekent ook dat bij een vernietiging van de titel ingevolge verzet of hoger beroep. 1221. 17 februari 2005.just.0261.

1994 I 305 = RW 1996-97. BAECK. Echter kan bij een ongevraagde dienst enkel als verrijking worden beschouwd de kosten die de dienstverkrijger heeft bespaard (men kan echter ook argumenteren dat hier wel een verrijking is. DCFR VII-5:102)181. is er evenwel een rechtvaardiging voor de verarming wanneer men die verarming in ruil voor een tegenprestatie heeft uitgevoerd of er aanspraak op tegenprestatie door ontstaat. 307 = Pas. 25 maart 1994 (Arr. .belangrijkste toepassing: ontvangen als prestatie: dan onverschuldigde betaling (condictio indebiti. Leistungskondiktion). 180 Dit kan ook een aanspraak uit onrechtmatige daad zijn. In de enge opvatting is er geen verarming wanneer er een tegenprestatie tegenover staat. in de ruime opvatting is die er wel (zoals bij de pauliana). Sommige gevallen hiervan zijn wel in het bijzonder wettelijk geregeld (zie met name art. 555 v. de werkelijke schuldeiser heeft een aanspraak op de ontvanger180. bb) het ontvangen of genieten van een dienst (inbegrepen de verrichting van een werk en besparing van kosten) .© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 van contractenrecht178. 45 noot A. RW 2011-2012. MERTENS “Verrijking zonder oorzaak kan geen substituut zijn voor een wettelijke of conventionele cliënteelvergoeding“. BW bij onroerende natrekking). “Multi-inzetbaar in het Belgisch privaatrecht: de vordering uit ongerechtvaardigde verrijking”. Wel is de algemene actio de in rem verso subsidiair aan de bijzondere condictiones. In de ruime opvatting. Cass. . inbegrepen kosten gedaan aan het goed van een derde (Verwendungskondiktion).ander geval: inning van andermans schuldvordering door een schijnschuldeiser: de schuldenaar is bevrijd. is de verarming niet ongegrond179. nr. 1994. (199) 204 v. 179 Geval door Cass. infra. cfr. in Preadviezen 2012 Vereniging voor de vergelijkende studie van het recht in België en Nederland. die te verkiezen is.dienst geleverd aan de verrijkte (ook een soort toepassing van de onverschuldigde betaling). 39 . D. dan is er nog de verrijkingsaanspraak. in die zin dat er bijzondere regels gelden voor een aantal gevallen die hieronder nader worden besproken. 233 n. Hof Antwerpen 7 januari 2010. 181 Zie de bespreking bij J. cc) de vermindering van een schuld 178 Bv. ook wanneer de eiser beschikte over een contractuele aanspraak. Ad 2° verrijking De verrijking kan met name bestaan uit: aa) het ontvangen van een goed of recht op een goed (actiefbestanddeel) . maar er geen vergoedingsplicht is. VAN OEVELEN) verklaard op grond van het subsidiair karakter van de ongegronde verrijkingsvordering. maar deze heeft laten verjaren. zaaksvorming. is er geen onrechtmatige daad. zij het dat de verrijking maar ongerechtvaardigd is wanneer er geen verbintenisrechtelijke rechtsgrond is voor die verrijking (zoals bv. een contractuele verhouding tussen partijen)(zie onder 4°). 9 v.eigendomsverwerving krachtens natrekking. zoals de onverschuldigde betaling en de regresaanspraken (lex specialis derogat generali). of vermenging. Ad 1° verarming Er zijn 2 visies op het begrip verarming: een enge en een ruime opvatting. bv.

Wanneer de rechter uitstel van teruggave van het gehuurde goed verleent aan de huurder. C.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20120628-14 = RW 2012-13. 10 mei 2012)183 en in dat geval gaat het om een verrijkingsaanspraak. 183 Cass.just.fgov.juridat. 2 april 2009. kan de rechter aan de verhuurder (die de ontvangen huur dan moet terugbetalen) een bezttingsvergoeding toekennen (Cass. 22. 953. een (verbintenis uit) onrechtmatige daad.fgov. Ad 4° Afwezigheid van een rechtvaardigende rechtsgrond Er is een aanspraak op restitutie wanneer noch de verrijking noch de verrijking een rechtsgrond hebben185.0707. 185 Cass. Rechtsgronden die de verarming en/of verrijking kunnen rechtvaardigen en daardoor de verrijkingsaanspraak uitsluiten zijn: . Er is echter ook een aanspraak indien er wel een rechtsgrond is.just.0723.10. nr. een (verbintenis uit een) wettelijke bepaling. Preadviezen 2012. is de verschuldigde vergoeding ook een bezettingsvergoeding en geen huur182. er is tenslotte géén aanspraak indien de verrijking en/of de verarming een rechtsgrond heeft. dd) het gebruik (genot) van een goed. 10 mei 2012. BAECK.juridat. Voorbeelden van deze “Eingriffskondiktion”: . Meer algemeen strekken regels van zakenrecht er in het algemeen niet toe om een verrijking te rechtvaardigen. een verbintenis rechterlijke beslissing. http://jure. zie Cass. 182 Cass.11. 40 . 28 juni 2012. Bij aanwezigheid van een rechtsgrond hangt het er dus nog van af of de rechtsgrond van de verrijking er juist toe strekt dat de verrijkte daardoor verrijkt wordt. http://jure. C.N. nv Multimodal Logistics Platform t nv Schenker.juridat. maar dan gaat het wel om een contractuele aanspraak.bezettingsvergoeding verschuldigd door wie een goed bezet zonder recht of titel. die die verrijking en/of verarming wél rechtvaardigt. RW 2011-2012.10. 59. Ad 3° Causaal verband Het causaal verband kan ook onrechtstreeks zijn.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20120510-9. Wanneer de huur nietig verklaard is wegens overtreding van de woonkwaliteitsnormen. een bankgarantie uitbetaald hoewel de valutaverhouding niet bestaat of nietig is.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20120510-9. in de valuatverhouding is er aldus een verrijking van de persoon aan wie de garantie werd uitbetaald ten koste van de opdrachtgever van de garantie)184.. nr.normaal gezien een verbintenis van de verarmde. of een natuurlijke verbintenis. en sluit natrekking dus een verrijkingsaanspraak niet uit (de verrijking heeft wel een rechtsgrond maar is niet gerechtvaardigd)186.N. p. zij het uit overeenkomst of eenzijdige belofte (contractuele verbintenis).0707. strekken de regels inzake natrekking er niet toe om de eigenaar van de hoofdzaak te verrijken noch om de eigenaar van de door natrekking verloren gegane eigendom te verarmen. (199) 213 nr. in die zin dat de verrijking via een derde tot stand komt (bv. http://jure. 184 Voor een toepassing.just. maar deze de verrijking/verarming niet rechtvaardigt.belangrijkste toepassing: regres. C. Zo bv. 186 J.of verhaalsrechten (Rückgriffskondiktion).fgov.N. infra 3. 10 mei 2012.

d. c) Betaald aan of door een vertegenwoordiger 187 Cass.juridat.fgov.0707.i.N. kan ook het gebruik van een algemene vrijheid (libertas) een rechtvaardiging vormen.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20120510-9. . een tegenprestatie als voorwaarde voor een toezegging (in conditione. maar het is niet omdat een prestatie vrijwillig gebeurt dat zij een regresvordering uitsluit187 (zie de bespreking hieronder). De restitutieplicht omvat ook de vruchten. zonder dat aan nadere vereisten moet zijn voldaan. offer calling for an act) . b) Gevolgen Zoals bij verbintenissen in het algemeen (zie infra) kan in beginsel restitutie in natura worden gevorderd. http://jure.De wil van de verarmde kan maken dat de verrijking gerechtvaardigd is. tenzij deze onmogelijk is e. 188 Cass. in het bijzonder niet bij een pluraliteit van schuldenaars. maar daarom niet niet van een derde. Een contractuele verbintenis vormt in beginsel wel een rechtvaardiging voor de verrijking van een schuldeiser..s.just. b) Zonder rechtsgrond . C. 41 . maar het adagium “in pari causa turpitudinis cessat repetitio” is geen algemeen geldende regel.07. Het kan zowel gaan om een prestatie die nooit verschuldigd is geweest (condictio indebiti s. van een onverschuldigde prestatie is ook de geleverde huurwaarborg bij nietigverklaring van de huurovereenkomst (Cass. 19 januari 2009. in welk geval ze bij equivalent (in waarde) dient te gebeuren. Vb.10.). Zo bv. strekt de solidaire aansprakelijkheid van meerdere schuldenaars er niet toe om de persoon die eerst betaald heeft of tot betaling gedwongen is.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20090119-1. voor de gehele schuld draagplichtig te maken (vandaar een regresrecht). 16 mei 2002. 10 mei 2012)188. 2.M.juridat.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 In beginsel ook een tegenprestatie die niet in obligatione is. 10 mei 2012. zoals bv.0575.just. C. http://jure.N.fgov. als een waarvan de rechtsgrond later is weggevallen door retroactieve nietigverklaring (condictio sine causa) of een andere retroactieve tenietdoening (condictio causa finita). nr.m. Er is geen restitutieplicht wanneer het belang van de openbare orde vereist dat men niet kan terugvorderen.Betaling krachtens een vonnis is niet onverschuldigd: Cass. Onverschuldigde betaling (1376 BW) a) Verrijking door een prestatie In beginsel geldt de ontvangst van een prestatie zonder rechtsgrond als een verrijking.

bv. 24 juni 2011. De terugvordering is wel niet beperkt tot het geval dat het voordeel nog aanwezig is op het tijdstip van de terugvordering192. S. is de terugvordering maar mogelijk in de mate waarin de prestatie hem tot voordeel heeft gestrekt (art. d) Onverschuldigde betaling aan een handelingsonbekwame Indien de overeenkomst nietig is en de schuldeiser tevens onbekwaam is om de prestatie te “ontvangen. Omgekeerd kan een onverschuldigde betaling door een lasthebber door diens opdrachtgever wordne teruggevorderd190. RW 2012-13. voor een voorschot betaald aan een makelaar. (14) 17 nr. Bij een ontvanger te geoder 189 Zo bv. Verbintenissenrecht (2010) p. Gent 23 maart 2010. 192 VAN GERVEN & COVEMAEKER. C. Omgekeerd is een ontvanger te kwader trouw niet enkel terugbetaling verschuldigd. VAN DEN BERGH. p. HEEB. 190 Zie E. Hof Brussel 21 februari 2005193: huurder blijft huur betalen aan de hypothecaire schuldeisers ook nadat de huur is beëindigd door de curator van de kredietnemer-verhuurder en zonder dat de hypothecaire schuldeiser dat wist. B. maar ook de vruchten en interest op de som vanav de ontvangst. terwijl de overeenkomst nietig is: Rb. TBO 2012. nietigheid. Dit beginsel geldt voor sociale zekerheidsuitkeringen volgens art. Verder zijn er een aantal regels die bepalen dat een onverschuldigde betaling die het gevolg is van een vergissing door de solvens en de ontvanger niet wist of moest weten dat het om een vergissing ging. werd discriminerend geacht door het GwH194. VAN DEN BERGH “Over de betaling aan onbekwamen. 17 van het Handvest van de sociaal verzekerde (Wet 11 april 1995). 75 n. De betaling nr. Hoewel de beoordeling hiervan in beginsel tot de bevoegdheid van de feitenrechter behoort. 1312 BW). die terugvordering mogelijk maakte gedurende een jaar. 1241 BW en art.De onverschuldigde betaling gedaan aan een vertegenwoordiger die die betaling bevoegdelijk heeft ontvangen. restitutie en het begrip «voordeel» als bedoeld in art. 7 193 RW 2007-08. een veroordeling tot terugbetaling van een geldsom uit een nietige lening. RW 2012-13. 1312 BW”. SWAENEPOEL. e) Wegvallen van de verrijking en andere beperkingen op de condictio indebiti De prestatie geldt niet (langer) als een verrijking en de condictio indebiti gaat teniet wanneer de ontvanger van het geld intussen in vertrouwen op de betaling zijn titel op de ware schuldenaar heeft vernietigd (1377 II BW). 13 n. onder Hof Antwerpen 11 oktober 2004. 605. RUTTEN. 103. 174 Ziekteverzekeringswet inzake invaliditeitsuitkeringen. maar er zijn afwijkende bepalingen in sommige takken van de sociale zekerheid. B. die door de onbekwame ontlener gebruikt is om zijn kinderen te begiftigen (Cass. 1221 194 GwH 113/2012 van 20 september 2012. “Over onerschuldigde betaling en vertegenwoordiging”. n. moet in beginsel worden teruggevorderd van de vertegenwoordigde189. Dit wordt ruim geïnterpreteerd. 42 . TBBR 2005. 518 191 Cass. De afwijkende bepaling van art. verbreekt cassatie bv. Over de betaling aan onbekwamen. 24 juni 2011191).

Bv. Indien er tussen partijen een contractuele rechtsverhouding bestaat.ook indien er nog geen verrijking is doordat een derde gesubrogeerd is in de oorspronkelijke schuldvordering. 195 Cass. is de regresaanspraak een contractuele aanspraak (er is dus geen wettelijke regresaanspraak naast de contractuele aanspraak). 2007.0529. 80. persoonlijke zowel als zakelijke borg).of verhaalsrechten (Rückgriffskondiktion) Hier moet men onderscheiden tussen de regresaanspraken die afzonderlijk geregeld zijn in ons recht en de op de algemene regel inzake ongerechtvaardigde verrijking gegronde regresaanspraak. zodat er slechts interest verschuldigd is vanaf de ingebrekestelling zoals bij andere verbintenissen (art. Deze regresaanspraken wijken af van de algemene regel inzake ongegronde verrijking doordat niet steeds aan de vereiste van verrijking van aangesprokene moet zijn voldaan: .fgov. JOCQUE = Pas.F. en dus niet veroordeeld is jegens het slachtoffer195. schuldenaars in solidum (onvolmaakte hoofdelijkheid) of borg en hoofdschuldenaar (al dan niet hoofdelijke borg. zie infra Deel V. de regresaanspraak kan ook bijkomende kosten omvatten waarmee de regresgerechtigde verarmd is. Indien er meer dan 2 aansprakelijke personen zijn.juridat. is het verhaal van degene die meer betaald heeft dan zijn schuld jegens elk van de andere beperkt tot het aandeel van die andere afzonderlijk. a) Bijzonder geregelde regresaanspraken Deze vinden we met name wanneer meerdere schuldenaars gehouden zijn voor dezelfde schuld. sluit dit niet uit dat er een regresaanspraak geldt. We vinden ze ook in bepaalde gevallen waarin meerdere personen gehouden zijn ook al gaat het strikt genomen niet om dezelfde schuld. C.05. . In het eerste geval wordt het regresrecht verzekerd door de bijkomende toekenning van een subrogatoire aanspraak (waarover infra). in het andere geval zou men het als een bijzondere vorm van ongegronde verrijking kunnen zien. en niet naar keuze van een van hen 80. 144. Verhaal heeft diegene die een betaling heeft verricht waarvoor hij niet draagplichtig is in de interne verhouding (of meer dan zijn "aandeel" heeft betaald). 43 . 18 januari 2007. de subrogatie is immers accessoir aan het regresrecht. http://jure.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20070118-1 = NJW 2008. Voor de criteria van draagplicht bij aansprakelijkheid van meerdere personen.just.de regresaanspraak is anders dan de subrogatoire aanspraak niet noodzakelijk beperkt tot de omvang van de oorspronkelijke schuld. in het tweede geval is er in beginsel geen subrogatoire aanspraak. 3. doch door die afwijkende regeling ziet men hierin soms veeleer een toepassing van de zaakwaarneming of doet men een beroep op de algemene notie van verbintenis quasi ex contractu. A die tot 120 is veroordeeld kan van B en C elk 40 terugvorderen. Regres.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 trouw betreft de aanspraak op terugbetaling enkel de som zelf. met name als hoofdelijke schuldenaars. Dit geldt ook wanneer een van de medeschuldenaars geen partij was in het geding. noot G. 1378 BW). 93 = RW 2010-11.

14 januari 1994. Andere bijzondere regels a) Onroerende natrekking Bij onroerende natrekking is er een bijzondere regeling in art. Cass. De persoon die een eigen schuld heeft betaald. In dat geval heeft de solvens wel een actio de in rem verso jegens de oorspronkelijke schuldenaar. 35. onder meer bij diverse bepalingen inzake bezit. Vergoeding voor gemaakte kosten e. BW.W. wat men ook soms "verhaal" noemt". 1382 BW (Zie hierboven Cass. 5. 19 januari 2009. D'HOORE = RW 1994-95. kan men geen beroep doen op de algemene verrijkingsaanspraak198. GwH 1 november 2007 geeft een grondwetsconforme interpretatie om het onderscheid werknemer/ambtenaar op te heffen).0575.NB. VAN 20090119-1. 45 noot A. 51. Zijn de opstallen aangebracht door een derde die geen bezitter te goeder trouw is.just. met name in het geval van art. zij het daar verklaard op grond van het subsidiair karakter van de ongegronde verrijkingsvordering. Arr. b) Regresaanspraak krachtens de algemene regel inzake ongegronde verrijking Deze vinden we wanneer een derde die niet mee gehouden was tot de schuld. is er een verhaalsrecht krachtens de algemene regel van de ongegronde verrijking . De aanspraak 196 Zie bijvoorbeeld Cass. ook aanspraak van de derde-verkrijger te goeder trouw van een verloren of gestolen zaak op terugbetaling van de prijs in de gevallen van art. Bv.07. 1377 BW (supra). OEVELEN. schadevergoeding vorderen van die derde. die evenwel mee werd veroorzaakt door de fout van een derde. kan onder bepaalde voorwaarden krachtens art. 1382 B.N.d.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N198 Cass. die immers verrijkt is196. maar om een toepassing van art. 555 v. Wanneer men de bijzondere regresaanspraak heeft laten verjaren. noch om een schuld jegens die ander te betalen. Zoals gezegd is de natrekking een rechsgrond maar nog geen rechtvaardiging van de verrijking. 1994. Cass. 4.juridat. 197 Cass. Deze aanspraak vinden we verspreid over diverse bepalingen in ons recht. maar zonder animus donandi. http://jure. 25 maart 1994. 307 = Pas. 2280 BW. en dus met de bedoeling de som terug te krijgen. concl. Ook wanneer iemand andermans schuld betaalt om behulpzaam te zijn. Het gaat hier evenwel niet om een eigenlijke regresvordering. 1994 I 305 = RW 1996-97. of 2° behoud mits terugbetaling van de waarde van materialen en arbeidsloon. dan heeft de grondeigenaar de keuze tussen 1° derde te verplichten tot wegname of diens kosten.het is niet omdat een prestatie vrijwillig gebeurt dat zij een regresvordering uitsluit197. Arr.fgov. 44 . terwijl het eerder gaat om een toepassing van lex specialis derogat generali. deze heeft betaald (onverschuldigd dus) maar er noch subrogatie is noch condictio indebiti is van de solvens jegens de accipiens. 1994. C. 19 februari 2001 (5 arresten).

6. 549 BW). 122.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110203-7. 315 n. R. TPR 2011.N. Arr. 19 september 2011.N.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110919-2 = RABG 2012. "De principiële vergoedingsverplichting voor het exclusieve gebruik van een onverdeeld goed (woonstvergoeding) en het declaratief karakter van de uiteindelijke verdeling" 203 Cass. 6 mei 2010. noot S. 202 Cass. Dat het aandeel van de vergoedingsgerechtigde mede-eigenaar bij een verdeling retroactief zou wegvallen.a.09. noch tegen een rechtsvoorganger die eigenaar was op het ogenblik van de werken201. 23 april 1965.J. BAECK.0430.0430. nr.de voordeelsafdracht van de vruchten door de bezitter te kwader trouw (zie art.juridat. zie ook. 3 februari 2011200). C. IV.. noot S. ANDERE BRONNEN VAN VERBINTENIS 199 Cass. Voordeelsafdracht In ons recht zijn er een aantal bepalingen die de houder van een subjectief recht een schuldvordering geven tot voordeelsafdracht jegens degene die te kwader trouw van dat recht gebruik heeft gemaakt. 577-2 §§ 3 en 5 BW (hoewel dat strikt genomen daarin niet te lezen is) en het gaat niet om een schadevergoeding wegens (contractuele of buitencontractuele) fout203 maar om een variante op de hoger besproken Eingriffskondiktion.10.N. en niet tegen een eventuele rechtsopvolger onder bijzondere titel (indien het goed intussen doorverkocht is) (Cass. Dit wordt afgeleid uit art.N. RCJB 1966. 51 n. 122. Strikt genomen gata het dus om een andere bron van verbintenis (en meer specifiek een uitbreiding van een aanspraak uit onrechtmatige daad tot meer dan enkel de veroorzaakte schade). p. maar desondanks vergoeding verschuldigd is. Zo bv.fgov.J.fgov. 204 Zie hiervoor Cass.juridat.).0647. C. 200 http://jure. art.N. C. 13 v. Eerder Cass.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20120531-6. 86 bis § 3 Auteurswet. KRUITHOF. 4 mei 2001.just. 201 Cass. 45 .. ze verschilt van de normale regels inzake ongerechtvaardigde verrijking omdat de mede-eigenaar hier natuurlijk wel een titel heeft voor zijn genot. 2001/8. 254 = E. b) Genotsvergoeding tussen mede-eigenaars Onder mede-eigenaars is diegene die een groter aandeel heeft gehad in gebruik en genot dan zijn aandeel in de mede-eigendom is in beginsel een vergoeding verschuldigd202. Anders dan bij de andere verrijkingsvorderingen is deze aanspraak niet beperkt tot de verarming van de aanspraakgerechtigde205. 254 = E.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 op wegname geldt jegens de persoon die op dat ogenblik eigenaar is. 52 § 6 Octrooiwet e. (199) 207 v. 6 mei 2010.fgov. nr.just. VERLOOY.just. "De principiële vergoedingsverplichting voor het exclusieve gebruik van een onverdeeld goed (woonstvergoeding) en het declaratief karakter van de uiteindelijke verdeling". MOSSELMANS.0095. C. C.97. nr.0278.de voordeelsafdracht door de inbreukmaker op een intellectueel recht (art. http://jure. 2001 nr. Eerder Cass.juridat.97. MOSSELMANS. De restitutievordering van de derde anderzijds ontstaat wanneer die keuze wordt gemaakt en moet dus gericht worden tegen de partij die op dat ogenblik eigenaar was.: . doet geen afbreuk aan deze vergoedingsplicht voor de periode voordien204. C. http://jure. B.N. . ook als heeft hij de opstallen niet aangebracht199. Preadviezen 2012. J. 4 mei 2001.10. 2001 nr. 2001/8. 205 Zie voor een algemeen overzicht M.0095. Arr.09. 31 mei 2012. KRUITHOF.

38. Bv.0391. RW 2012-13. parkeerreglement206. 206 Cass.09. bv. dan spreekt men van een stakingsvordering c. onrechtmatige daad). . Voor de sanctionering van schuldvorderingen. 87 § 1 Auteurswet de staking te bevelen208. 698. Bij deze remedies speelt er géén samenloopverbod met contractuele wanprestatie: wanneer een inbreuk op een auteursrecht tevens een contractuele wanprestatie vormt. een Zie over de toepasselijkheid van de regels inzake buitencontractuele aansprakelijkheid in dergelijke rechtsverhoudingen de bespreking supra. C. stakingsbevel. Zaakwaarneming 2. Bij dreigende schade is een rechterlijk verbod of gebod mogelijk. RECHTSTREEKSE SUBJECTIEVE RECHTEN RECHTSBESCHERMING VAN SOMMIGE Subjectieve rechten worden beschermd doordat de persoon die schade veroorzaakt door een inbreuk erop vergoedingsplichtig is. Natuurlijke verbintenis Deze is géén aanspraak. maar om een rechtstreekse bescherming van het subjectief recht209. Vb. Andere gevallen Er zijn nog een hele reeks gevallen van verbintenissen die niet aangegaan zijn door middel van een rechtshandeling van de schuldenaar en in die zin uit de wet voortvloeien. meer enkel een verweermiddel tegen een terugvordering na vrijwillige uitvoering en een rechtsgrond (titel) voor eigendomsverwerving (eveneens bij vrijwillige uitvoering). # 1231 BW inzake schadebedingen hierop niet ven toepassin gis 207 Zo ook Th. Zie meer algemeen over de sanctie 46 . 3 juni 2010. Maar vele subjectieve rechten worden ook rechtstreeks beschermd en niet slechts bij schadeveroorzaking. “Pour une théorie de l’acte de concurrence illicite affranchie des articles 1382 et 1383 du Code civil”.q.verbintenissen voortvloeiend uit verordeningen van de overheid. Bij obligatoire rechten is de draagwijdte van die rechtstreekse rechtsbescherming meer betwist. Nog ruimer is een verbod mogelijk wanneer er reeds een overtreding is. Dit is bv. 208 Cass. Jaarverslag cassatie 2010.F. 563 v. sluit dit niet de bevoegdheid uit van de ‘stakingsrechter’ om op grond van art. LEONARD.verbintenissen van erfgenamen die de nalatenschap hebben aanvaard. althans zo onrechtmatig is en toerekenbaar (zie deel II. 3. Het betreft hier geen remedie van schadeloosstelling wegens onrechtmatige daad.1. duidelijk het geval bij intellectuele rechten en zakelijke rechten. . Het gaat hier niet om een toepassing van art. zie Deel V. 1382 maar om een vorm van rechtstreekse rechtsbescherming207. verjaarde schuld (infra). 7 oktober 2010. IV.belastingschulden . TBH 2010. dat hieruit adfleidt dat de bepaling van art.

209 Zie over dit onderscheid mijn bijdrage "De uitwendige rechtsgevolgen van verbintenissen uit overeenkomst en andere persoonlijke rechten : zgn. http://jure.fgov. Conflits entre droits subjectifs. C.juridat. RW 20102011.0608. VERSCHELDEN. zie met name: van intellectuele rechten Th. rechtsverwerking et sanctions de l’abus de droit'. 210 Vgl. HvJ 26 april 2012. p.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20110909-1. niet-contractuele rechten (Cass. V. nr. S. BAZIER 'Abus de droit.09.Toetsing aan de goede trouw bij bindende derdenbeslissing: Cass. 139 v. C-472/10. “La réparation en nature du dommage en matière de responsabilité extracontractuelle”. http://jure. 9 september 2011211). dit is vooral van belang voor overeenkomsten gesloten voor 1 september 2007.W.De inperking van het recht kan ook spelen bij een recht dat door een bepaling van dwingend recht (of openbare orde) wordt verleend: Cass. rechtsmisbruik. derde-medeplichtigheid aan wanprestatie.0565. 1288. 8 februari 2010.tes aux droits subjectifs et responsabilité civile: réflexions suite à l’adoption de la loi du 10 mai 2007 relative aux aspects civils de la protection des droits de propriété intellectuelle”.10.F. Cass. 1 oktober 2010. Cass.just. Zie verder Th. C. Attei. 3 Ger.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20100208-4. 212 Cass. P. 14 oktober 2010212. verwerping.0416. 393. Jeune Barreau Brussel 1995. http://jure. CUP vol. . C. 1345.juridat. 1209 n. C. de onevenredigheid van de keuze van wijze van uitoefening wordt gezien als een toepassingsgeval van die algemene maatstaf213. Juristenkrant 20 april 2011 = RW 2010-2011. 47 . 9 september 2011. pauliana en aanverwante leerstukken".F. LEONARD. Invitel. . in Droit des obligations: développements récents et pistes nouvelles.just. JANSEN = TBBR 2012/8. 96. Larcier Brussel 2005. .Rechtsmisbruik is ook mogelijk bij een alimentatie-overeenkomst bij echtscheiding door onderlinge toestemming. rechtsverwerking Toepassingsgebied .just.0158. LEONARD.juridat. 142a ERPL meedelen n. VERBINTENISSEN IN HET ALGEMEEN 1. Criteria . in Overeenkomsten en derden : De externe gevolgen van overeenkomsten en de derde-medeplichtigheid. 211 Cass. libertés civiles et intérêts légitimes.N.Algemeen: maatstaf is de normale uitoefening door een normaal persoon kennelijk te buiten gaan. WERY.Onder de noemer rechtsmisbruik worden ook gevallen van rechtsverwerking aanvaard. (249) 256. maken dat ook in reeds door derden (andere dan de eiser op stakingsvordering) gesloten consumentenovereenkomsten dit beding onverbindend is210. 111-189. besproken door G.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20101001-4.F. brouwerij Haacht. Vlaams Pleitgenootschap.fgov.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 Zo ook kan een verbod van de stakingsrechter die een bepaald beding onrechtmatig verklaart. BVBJ.) door de rechter in bepaalde gevallen kunnen worden gewijzigd. noot P. 14 oktober 2010. RW 2011-2012. 21 januari 1999. 22 september 2008.fgov. 213 Cass. STIJNS & S. TBBR 2012. ook voor “wettelijke”. Bepaling van de inhoud van de verbintenis a) Goede trouw. aangezien diegene die nadien gesloten is krachtens de wet (art. Anthémis Luik 2007. Nemzeti Fogyasztovedelmi Hatosag t.09.09.

778 n. 1 oktober 2010 (2 noten supra). om zich dan pas erop te beroepen om de overeenkomst onmiddellijk te beëindigen.Goede trouw als uitlegfactor ? Ja. volgens Cass. Post v.0525. Het betrof een geval waarin de WAM-verzekeraar regres uitoefende op 214 Cass.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20120113-3 220 RW 2001-2002. * ook de ratio van een subjectief recht is van belang: het wegvallen van de ratio van een beding kan leiden tot strijdigheid met goede trouw van beroep erop. Leuven 1 maart 2011: een recht van wederinkoop bij wanprestatie (eigenlijk een uitdrukkelijk ontbindend beding) inroepen na 20 jaar terwijl men zich eerder nooit bekommerd heeft over de vraag of die verplichting werd nageleefd (in casu de verkoop van nijverheidsgrond met de verplichting een tewerkstelling van minstens 15 personeelsleden te bereiken binnen de 5 jaar)218.* Cass.a. * Zie ook Hof Gent 16 januari 2009216. C. 21 september 1989. 30 september 2010. 48 . 451.0135. . * Cass.juridat. 963. VAN OEVELEN 222 Cass. RW 2008-2009. * Hof Gent 6 september 2010217: een verzonden factuur meer dan 10 jaar niet invorderen. 221 RW 2006-07.dekking weigeren c.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20100930-5. Leuven 1 maart 2011. door de bezwaren die die partij zelf had geuit)219. RW 2011-2012. Cass. 30 september 2010222. 219 Cass.08.F. C. * Kh. 216 TGR-TWVR 2009. maar wanneer de abusieve uitoefening betrekking heeft op een bepaald beding kan de inperking erin bestaan dat de enige uitoefeningsmogelijkheid verboden wordt: Cass. 215 Cass. . VAN OEVELEN. en werd de termijn overschreden o. 8 februari 2001220.fgov. maar geen grondslag om daarmee verplichtingen op te leggen die onverenigbaar zijn met de aard en strekking van de overeenkomst (Cass. kan nadien geen schadevergoeding eisen wegens een tekort aan afname. 217 RW 2011-2012.draagwijdte van het verbod van rechtsmisbruik (Cass. http://jure. 1681.fgov. 23 maart 2006221) Voorbeelden Vb. 20 oktober 2006214: gedurende 10 jaar duldt een schuldeiser wanbetalingen door de wederpartij. In een recent arrest werd rechtsmisbruik afgeleid uit het gebruiken van een recht voor een ander doel dan dat waarvoor het is verleend (in casu bepaalde een arrest dat na 4 maanden een partij de openbare verkoop kon eisen om uit onverdeeldheid te treden. regres uitoefenen wegens afwezigheid van rijbewijs terwijl de bestuurder aan alle vereisten voor een rijbewijs voldeed maar het enkel administratief nog niet bekomen had. geen verval noch herziening recht. 218 Kh. uit het verzekeringsrecht: . 20 oktober 2006. nr. Locabel. A. http://jure. 86.just.q.verzekeraar die elke medewerking weigert en zich achteraf beroept op de niettegenwerpelijkheid van zonder zijn akkoord afgesloten dadingen: Cass. 13 januari 2012. 874 n.juridat.11. Rechtsgevolgen en functies . dat recht heeft men echter verwerkt. 1 oktober 2010215: brouwerij die in een brouwerij-overeenkomst gedurende 10 jaar geen enkele kennisgeving deed aan de wederpartij dat deze te weinig afnam.F. 1 februari 1996.just. 4 september 2000): beperking. A.

57 W. "Gewijzigde omstandigheden in internationale koopcontracten: het Hof van cassatie als pionier" = DAOR n. van rechtsmisbruik in het procesrecht: .10.F 229 P&B 2007. . (aangevuld met Cass. 17 februari 2012. architect. 10 oktober 2003227 en Cass. C. http://jure.N. 19 juni 2009231 heeft de imprevisieleer aanvaard in een internationale koop onder CISG (als interpretatie van de onderliggende beginsel van CISG (Weens kooprecht) door verwijzing naar de Unidroit PICC). Hof Gent 21 december 2006229 en Hof Brussel 11 juni 2012230 (beiden inzake ereloon advocaat). 224 Cass. dat de wijziging tot een doorrekenen van maximum 80 % en voor zover ze verwijzen naar parameters die de reële kosten vertegenwoordigen.0201.juridat.misbruik van het recht om te concluderen: conclusie kan geweerd worden (Cass.just.0118. VAN OEVELEN "De bepaling van de koopprijs door een derde: een bindende derdenbeslisisng".fgov.09. 19 februari 2010. A.pdf.08. maar de rechter dit kwalificeerde als rechtsmisbruik omdat “de tekortkoming louter een formaliteit” betrof. volgens cassatie kon de rechter hieruit rechtsmisbruik afleiden223.juridat. 226 nr.0324.07.juridat. 227 RW 2006-07.0651. partijbeslissing Zie mijn bijdrage “Vaststellings. 147. Fortis.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20100219-1 225 C. C. nr. bv.fgov. 49 . openlaten betekent niet dat voorwerp niet bepaalbaar is).juridat. 31 oktober 2008226: rechter mag niet zelf beslissen na onverbindendverklaring) Inzake bepaalbaarheid van het voorwerp (prijs) bij vrije beroepen. Marginaal toetsingsrecht van de rechter. 306 230 Hof Brussel 11 juni 2012. b) Vaststellingsovereenkomsten.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20120217-3.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20100304-2. “aangezien vast staat dat hij aan alle voorwaarden voldeed om zonder enige beperking de afgifte van zijn rijbewijs te verkrijgen”.fgov. Dat 223 Cass.a. Maar Cass. http://jure. RW 2012-13. zie onder meer Cass. Ook een onvoorzienbare wijziging doet geen afbreuk aan het overeengekomene. Federale participatiemaatschappij. 4 november 2004228 (beide arresten iz. 1258 n. 744 en artikel K.be/vaststellingsovereenkomsten.F e.02.just. C.fgov. http://jure.en geschillenbeslechtingsovereenkomsten”. 19 februari 2010224.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 de bestuurder omdat die geen rijbewijs had. Vb. D.0623. C.just. d) Beperkingen aan wijzigingsbedingen Bij bepaalde bijzondere overeenkomsten zijn sommige wijzigingsbedingen verboden. Voor prijswijzigingsbedingen geldt nog steeds art. http://storme.abusieve intrekking van een woonstkeuze: Cass. 231 http://jure.N = RW 2009-2010. PHILIPPE.. c) Gewijzigde omstandigheden Wijzigt de inhoud van de overeenkomst bij gewijzigde omstandigheden ? In beginsel niet. COX. 30 maart 1976 betreffende economische herstelmaatregelen.just. 4 maart 2010225).be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20090619-4 = RW 2009-2010.F. 442 228 nr. BNP Paribas.

1° bij de beëindiging van bv.: . Volgens een cassatie-arrest van 10 november 2011 is een verbintenis onder ontbindende voorwaarde zonder tijdsbepaling een verbintenis van onbepaalde duur232 – en dus als dusdanig opzegbaar. enz. terwijl het nu juist de bedoeling is dat de overeenkomst dan niet eenzijdig kan worden opgezegd. 423 n. de wederpartij een mogelijkheid heeft tot koteloze opzegging van de lopende overeenkomst. Schulz.laatste impliceert dat diegene die een prijsaanpassing wil doorvoeren desgevraagd transparantie informatie moet geven over die reële kosten. bij vastgoedmakelaardij behandelt art. onder het oude Bodemsaneringsdecreet 1995 bij de beëindiging van een handelshuur de verplichting tot bodemonderzoek door de huurder en ev. 233 Zie hierover Cass. e) Duur van de verbintenis. B. het betreft wel een merkwaardige beslissing.). 7 KB Vastgoedmakelaars de vergoedingsplicht wanneer de opdrachtgever binnen de 6 maanden na beëindiging van de opdracht verkoopt aan een door de makelaar aangebrachte wederpartij waarover de makelaar precieze informatie heeft verschaft). Zo bv. http://jure. aangezien ze steeds kan beëindigd worden door het akkoord van alle partijen. In bepaalde gevallen kan deze gepaard gaan met een bijkomende verplichting. C-359/11. zullen in bepaalde rechtsverhoudingen wel nog andere verbintenissen gelden 1° op dat tijdstip of 2° na dat tijdstip doorlopen. Maar dit kan men natuurlijk vermijden door naast de voorwaarde ook een tijdsbepaling op te nemen.just.N. . C.10. 2° Men spreekt ietwat misleidend van “post-contractuele” verbintenissen (beter ware te spreken van “overlevende” verbintenissen).vergoedingsplicht voor zonder bemiddeling van de opgezegde persoon gesloten overeenkomsten (specifieke regels in die zin bij handelsagentuur en bij vastgoedmakelaardij.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20111110-14. ofwel een bepaalde duur ofwel een onbepaalde duur. Park Atlantis.0438. zoals bv. “post-contractuele verbintenissen” Een verbintenis heeft ofwel een bepaald voorwerp. 50 .niet-concurrentieverplichtingen (steeds in tijd beperkt). RW 2012-13. VAN DEN BERGH. Ook bij ontbinding van een overeenkomst zijn er verbintenissen die die ontbinding “overleven”. Wanneer de hoofdverbintenis beëindigd is door het verstrijken van de duur voor die verbintenis (van rechtswege of ingevolge een beëindiging ex nunc door opzegging enz. een huurovereenkomst is er een teruggaveverplichting.juridat. 2. Over prijsherziening bij energieleveringsovereenkomsten is een zaak aanhangig bij het HvJ onder nr. In bepaalde bijzondere overeenkomsten gelden specifieke beperkingen aan dergelijke bedingen (huurovereenkomsten.).fgov. want de ontbindende voorwaarde was eigenlijk niets anders dan een nieuw akkoord tussen partijen – als men die redenering doortrekt is elke overeenkomst van onbepaalde duur. 15 april 2011. zie de bespreking bij ontbinding. In andere gevallen geldt dat in geval van (toegelaten) eenzijdige wijziging. f) Andere soorten inhoud dan schuldvorderingen 232 Cass. 10 november 2011. sanering233.

supra). 1239. 1239 II BW). 6 mei 2011. De schuldeiser is niet ontvangstbevoegd wanneer derden rechten op de schuldvordering hebben verkregen zoals een pandrecht. en die hij rechtstreeks aan zijn dochter heeft betaald.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 De overeenkomst kan ook rechten en plichten van een andere aard inhouden. 2° Indien de schuldeiser onbekwaam is om de prestatie te “ontvangen” (zie over het rechtskarakter van de betaling infra). 51 .. aan wie. is de betaling niet bevrijdend. C. Zie daarvoor de werken goederenrecht en/of insolventierecht. 1416. regels inzake de modaliteiten van de nakoming die moeten vervuld zijn opdat de prestatie conform de verbintenis zou zijn: wanneer. 235 Cass. Modaliteiten van nakoming Het B. kritische noot S. in het bijzonder kan een overeenkomst ook wilsrechten toekennen zoals bv. aslook infra de bespreking van de cessie en subrogatie. e.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20110506-1 = RW 2011-2012.m. a) Aan wie moet nagekomen worden Om bevrijdend te zijn.juridat. 6 mei 2011235: onderhoudsbijdragen die de vader verschuldigd is aan de moeder ten behoeve van zijn dochter. waar. 1241 BW) (ook is de terugvordering in geval van nietigheid van de titel ook maar mogelijk in dezelfde mate. Ook bij dergelijke inhoud gelden er aanvullende verplichtingen. maar dit woord wordt gebruikt in de ruimere betekenis van nakoming en niet enkel van nakoming van een geldschuld (betaling van een geldsom). 2.). behalve in de mate waarin de prestatie hem tot voordeel heeft gestrekt (art. 790. I). .W.0385.. of de schuldvordering in beslag is genomen (derdenbeslag.10. MOSSELMANS “Rechtstreekse betaling van alimentatie aan het kind in plaats van aan de ouder”. Een voorbeeld van het laatste in Cass. opties. Sommige daarvan werden hoger reeds besproken. niettemin is de betaling aan een ander bevrijdend indien de schuldeiser de betaling bekrachtigt of indien hij er voordeel uit getrokken heeft (art. bevat de suppletieve regels betreffende de modaliteiten van de nakoming (voor zover uit de bepaling van de inhoud van de overeenkomst niets anders volgt).just. faillissement. bij een voorkeurrecht de verplichting om de gerechtigde tijdig en voldoende te informeren over de voorgenomen verkoop234.d. moet de prestatie in beginsel gebeuren aan een handelingsbekwame (2°) en ontvangstbevoegde (1°): 1° Ontvangsbevoegd is in beginsel de schuldeiser of aan iemand die volmacht van hem heeft. of die door de rechter of door de wet gemachtigd is om voor hem te ontvangen (inningsbevoegdheid) (art. Het betreft vnl. voorkeurrechten. b) Door wie kan nagekomen worden Krachtens artikel 1237 Burgerlijk Wetboek kan de schuldeiser de nakoming door een derde weigeren indien hij een wettige reden heeft die kan gelegen zijn in het belang dat de 234 Hof Luik 1 februari 2011. door wie.N = http://jure. bv. JLMB 2012. Het BW spreekt over betaling.

door de schuldenaar zelf wordt voldaan of het belang dat de schuldeiser heeft bij de niet-nakoming door een bepaalde derde. nr. http://jure.just. c) Tijdstip van nakoming .fgov.just. Dit geldt niet voor een door niet-handelaars gezamenlijk aangegane overeenkomst: bij niet-handelaars volstaat het feit dat meerdere personen zich tot eenzelfde zaka hebben verbonden niet om te besluiten tot hoofdelijkheid (Cass.juridat. gelet op zijn aard.: in een verkoopcompromis wordt bedongen dat de akte moet verleden worden binnen 4 maanden. http://jure.0335. C.juridat. Bij aansprakelijkheidsverzekeringen: .be/nl/bibliotheek/vennootschapsrecht/artikelen/BUR-R-482. 239 nr.ontstaat de aanspraak van de verzekerde tot dekking (wegens het voorvallen van de schade die in de overeenkomst is beschreven) wanneer de benadeelde aanspraak maakt op schadevergoeding .fgov.0014.mdseminars. 29 september 2011.09.N.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20120202-8. Vb. 7 november 2008239). 3. C.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110929-4.N.fgov. 236 2012. .De basisregel bij meerdere schuldenaars is: de schuld wordt gedeeld. dan loopt die termijn in beginsel slechts vanaf het vervullen van de voorwaarden. http://www.verbintenis.N. C. Marechal.juridat. 238 Hof Brussel 6 februari 2012.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20081107-4 52 . maar er is tevens een opschortende voorwaarde van het bekomen van een blanco bodemattest238 (dit los van de vraag of zo’n verkoopcompromis geldig is). Smulders t. Dit moet onderscheiden worden van de termijn die aan de voorwaarde zou worden gekoppeld (termijn waarbinnen de voorwaarde voor vervuld wordt gehouden of omgekeerd).11. Pluraliteit van schuldenaars a) Kwalificatie . Justel N-20120206-1. In een arrest van het Hof van cassatie van 2 februari 2012 is beslist dat dit belang eigen moet zijn aan de schuldeiser.afwijkende regel bij handelaars: samen aangegane verbintenissen zijn in beginsel hoofdelijk.pdf.07.0567. en gebreken die de verhouding tussen de derde-betaler en de schuldenaar betreffen (in casu de vraag of de schuldenaar de solvens niet bedroog). 2° Uitlegging overeengekomen termijn Wanneer een overeenkomst naast een uitvoeringstermijn ook opschortende voorwaarden bevat. dus geen belang opleveren voor de schuldeiser om de betaling door de derde te weigeren236.opeisbaarheid 1° Wettelijke concretisering Bij handelsovereenkomsten bepaalt de Wet Betalingsachterstand enkele regels inzake de opeisbaarheid van de prijs.just.is de aanspraak op terugbetaling van de vergoeding die de verzekerde zelf aan de benadeelde heeft betaald pas opeisbaar vanaf de datum waarop de verzekerde de benadeelde heeft betaald237. http://jure. 237 Allebei Cass.

fgov. Bank Degroof. . 450/2008 van 23 april 2008. Gemeenschappelijke of niet persoonlijke verweermiddelen Gemeen zijn de nakoming en de meeste wijzen van beëindiging van de schuld. behalve voor het aandeel van de bevrijde schuldenaar (art. belet de schuldvergelijking niet (vgl. http://jure. art. maar eens ingeroepen strekt ze allen tot voordeel.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110929-2. 1675/7 § 2 III GerW).de schuldvernieuwing241. 10. 240 nr. dading en schuldvermenging zijn persoonlijk. b) Gevolgen van volmaakte en onvolmaakte hoofdelijkheid Een hoofdelijke schuldenaar kan zich beroepen op verweermiddelen uit de externe verhouding van een van zijn medeschuldenaars die eigen zijn aan de schuld (en dus "gemeen" aan de medeschuldenaars) en niet beroepen op de verweermiddelen die persoonlijk zijn aan die medeschuldenaar. Bérel e. 29 september 2011.N 241 Cass. . bij borgtocht). idem de beherende vennoten van een commanditaire handelsvennootschap. maar het werd ook reeds zo uitgelegd door het HvJ. Nakoming door één schuldenaar bevrijdt de anderen dus in verhouding tot de schuldeiser(s ) (onder voorbehoud voor subrogatie en regres in de interne verhouding).de kwijtschelding van een andere schuldenaar waarbij geen voorbehoud is gemaakt (art.juridat.bij een commerciële VOF zijn de vennoten louter door hun lidmaatschap handelaars (Cass. zie de discussie hierover hoger.a. C. gaat de wetgever ervan uit dat de regel van art.0702. 1285 I BW). 243 Zo ook DCFR III-4:108 (2° voor schuldvermenging en DCFR III-4:109 (1° voor kwijtschelding en dading. Het feit dat de schuld maar voor een deel een eigen schuld is. III-4:109 (3).just. inbegrepen: . 1285 BW ook geldt voor kwijtschelding in het kader van een minnelijke aanzuiveringsregeling. Vo. d. 53 .i. Beperkt gemeenschappelijke verweermiddelen Kwijtschelding mét voorbehoud242. 86/4 CDW (Communautair douanewetboek). Relatief persoonlijk/gemeenschappelijke verweermiddelen De schuldvergelijking is "relatief persoonlijk": enkel de schuldeiser of de betrokken medeschuldenaar kan ze inroepen. arrest van 17 februari 2011 in C-78/10. In de DCFR wordt de regel in belangrijke mate ingeperkt bij hoofdelijke aansprakelijkheid voor eenzelfde schade.N. 242 Aangezien de vervolging van persoonlijke zekerheden wordt opgeschort vanaf de beschikking van toelaatbaarheid van een collectieve schuldenregeling en zolang nog een minnelijke aanzuiveringsregeling nog tot de mogelijkheden behoort (art.07. 19 december 2008240). 1285 II BW)243 en behoudens afwijkende wetsbepaling244. zie art. In het oude CDW was dit niet uitdrukkelijk bepaald. 244 Bv.0281.de betaling.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 .C.

. 4 februari 2008.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20100520-6.het gevolg van stuiting van de verjaring jegens één schuldenaar op de schuldvordering jegens een andere (art. nl.de toepassing van art. met name respijttermijnen. . (1698) 1703 nr. verdeling draagplicht Ook wanneer meerdere personen volmaakt of onvolmaakt hoofdelijk gehouden zijn (zij het contractueel aansprakelijk dan wel buitencontractueel). 246 Ingebrekestelling van één in solidum gehouden schuldenaar doet de interest niet lopen jegens de andere: Cass. 129. Cass. VANDEPUTTE. 249 Cass.het gezag van gewijsde248. waarvoor die secundaire gevolgen niet gelden. . 247 Net bij aansprakelijkheid in solidum: R.Zuiver persoonlijke verweermiddelen Persoonlijk zijn met name de excepties die ook persoonlijk zijn bij borgtocht (deze werden besproken bij borgtocht). . WEYTS "De verdeelsleutel bij een samenloop van aansprakelijkheden: zijn alle knopen doorgehakt ?". 20 mei 2010. http://jure. B. 9. 1306. RW 2010-2011. 248 In DCFR III-4:110 een persoonlijke exceptie. gerechtelijke reorganisatie of collectieve schuldenregeling van de medeschuldenaar. hoger werd ook de uitzondering daarop besproken ten gunste van de echtgenoot van de verschoonbaar verklaarde gefailleerde. wordt de draagplicht (contributio) “verdeeld”.09.het gevolg van de ingebrekestelling van één schuldenaar op de verbintenis van de andere (1207 BW)246. “secundaire gevolgen” maakt ons recht een onderscheid tussen enerzijds de volmaakte hoofdelijkheid (traditioneel gedefinieerd als een meerderheid van verbintenissen met hetzelfde voorwerp) en anderzijds de onvolmaakte hoofdelijkheid of verbintenissen “in solidum” (traditioneel gedefinieerd als een meerderheid van verbintenissen met verschillende. doch overlappende voorwerpen).N. in de mate waarin ieders fout heeft bijgedragen tot het veroorzaken van de schade (Cass. VAN DEN BROECK. Bij volmaakte hoofdelijkheid geldt het omgekeerde (art. RW 2009-2010. 1205 BW. 1206)245. Ook de nietigheid wegens handelingsonbekwaamheid is een persoonlijke exceptie. De overeenkomst. hebben zij onder meer in de interne verhouding elk slechts een bepaald “aandeel” in de schuld. 84 FaillW. Secundaire gevolgen – verschillend naargelang soort hoofdelijkheid Wat betreft de zgn.fgov. F.juridat. c) Bepaling aandeel. 30 april 2007. Dit betreft onder meer: . 1° Verdeling draagplicht bij meerdere fouten in causaal verband In beginsel gebeurt dit uitsluitend op grond van de causaliteit. d. 54 .de toepassing van art. 1207 BW).i. 4 februari 2008249 en 2 245 Bv. 1561. A. verschoonbaarheid gefailleerde medeschuldenaar. met name wat betreft de loop van de interest.just. n.0043. RW 2009-2010. volgens welke iedere schuldenaar aansprakelijk is wanneer de verschuldigde prestatie onmogelijk wordt door de fout van een van de schuldenaars of terwijl ze allen in gebreke waren247.

08. Zo voor de aansprakelijkheid van de bewaker van een gebrekkige zaak255. 474.98. nr.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20071106-1 = RW 2007-8. S. 1981-82 nr. m. 4 februari 2011. http://jure.N.juridat. RGAR 2010.F. de vergoedingsplicht van de dader van een opzettelijk misdrijf. Arr. P. "Le recours contributoire entre coobligés in solidum et l'influence de la faute intentionnelle: fraus omnia corrumpit?". 2007. Zijn meerdere verzekeraars tot vergoeding van een zwakke weggebruiker verplicht krachtens art.0242.07. In de rechtspraak voor 1988 werd ook de ernst van de fout als criterium vermeld. http://jure.0627. 4 december 2000. RW 2010-2011. 252 Cass.just. B. C. Zie ook een tweede arrest van 2 september 2011..fgov.juridat. Cass.K.. 339.m. 1629 n. nr.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 oktober 2009250). 250 C.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20091002-4. dan wordt de draagplicht gelijkelijk onder allen verdeeld (en heeft degene die meer betaald heeft verhaal jegens de anderen)257. P. “De verdeling van de schadelast bij samenloop van een opzettelijk en een onopzettelijke fout”.C. http://jure. GUILIAMS.0643.t.F. Minister mobiliteit en openbare werken t.0604. 6 november 2007.juridat.fgov. 663.just. http://jure. 9 oktober 2007. Zo ook kan de persoon die instaat voor een dader die een opzettelijke fout heeft begaan.N.N.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20071009-4 = A. 14671 = RABG 2010. maar in de recente rechtspraak wordt dit in beginsel uitgesloten als criterium.fgov.F. C. eerder ook cass. 255 Cass.juridat.10. op dit punt bekritiseerd door A.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110902-2 = RW 2012-13.07.0168.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20091002-4 = RW 20102011.juridat. WEYTS. 1287. geldt er een foutvermoeden jegens de schadelijder. I 2103 = JT 2003. 26 september 2012.fgov. In het zopas genoemde arrest van 2 oktober 2009253 evenwel werd deze leer uitdrukkelijk verworpen voor de verdeling van de draagplicht tussen meerdere daders.juridat.F. 465..just.N. toch regres uitoefenen jegens een mededader256. 1384 B.just. Nr. 2° Bij foutvermoedens en objectieve aansprakelijkheden Bij de kwalitatieve aansprakelijkheden van art.0168.fgov. 6 november 2002. 55 .be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20110516-2. 254 Zie o. 310 = R 2002-2003. 1716 n.0214.just.10.fgov. AR C. http://jure.F. Dit vermoeden kan niet ingeroepen worden tegen de kwalitatief aansprakelijke partij die regres uitoefent jegens een mede-aansprakelijke persoon.W.12. dat laatste adagium wordt anderzijds ook meermaals te onpas gebruikt . http://jure. 2000 nr. 9 oktober 2007 en 6 november 2007252). Deze arresten werden gemotiveerd met “fraus omnia corrumpit”. nr.0236.10. Een belangrijke uitzondering op de causaliteitsregel was tot voor kort dat de aansprakelijkheid voor een opzettelijke fout niet verminderd wordt in geval van (onopzettelijke) fout van de schadelijder (Cass.0377. Eerder Cass 10 september 1981. 16 mei 2011.0330.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20120926-6. 2 september 2011. 740. P. WEYTS""Fraus omnia corrumpit in het buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht: geen aansprakelijkheidsverdeling in geval van opzet". C. 487. Bremcon. De rechter kan de ernst van de fout wel inoverweging nemen voor zover de ernst een aanwijzing in voor de mate waarin de fout de schade zou hebben veroorzaakt251. http://jure.just.10. 26. 253 C. B.juridat.08. waarvan de ene een opzettelijke fout beging en de andere(n) niet. 256 Cass. Dit heeft opnieuw tot debatten geleid in de doctrine254.fgov.just. Cass. 29bis WAM (en geen van hen wegens de fout van hun verzekerde). 257 Cass.N. 251 Cass. http://jure.juridat.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20110902-3 = RW 2012-13.just. C.fgov. Pas.b. Arr. LENAERTS.

684. 10 juni 2010. tenzij dat feit zich niet voordoet zolang de schuldeiser het niet aanvaard heeft.). .just. DIEUX. p. Bij sommige soorten overeenkomsten van onbepaalde duur bepaalt de wet dwingende opzegtermijnen (huur.zowel over de vordering van de schuldeiser waarin hij tot beloop van de betaling wettelijk gesubrogeerd is (art. in Liber amicorum Jan Ronse.14 nr.just. beschikt jegens de andere medeschuldenaars: . onder meer B. is er in beginsel géén actieve hoofdelijkheid259. p. maar voor het materiële feit van de nakoming zou het bewijs vrij moeten zijn. in X. VAN DEN BERGH. 260 Vgl.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20090323-3 262 RW 2008-9 nr. over de grondslag daarvan is er discussie (zie L. b) Wijzigende overeenkomst. 1251 BW). Ten onrechte wordt door de rechtspraak vereist dat de betaling zelf in het algemeen bewezen wordt zoals een rechtshandeling (in beginsel schriftelijk bewijs). regres (supra) 3. 4. 623 v.juridat. Mons 1882.juridat. De opzegging is onrechtmatig indien de termijn te kort is en dit in strijd komt met de eisen van de goede trouw (Vb. enz.d) Gevolgen: subrogatie en verhaal tussen medeschuldenaren De medeschuldenaar die betaald heeft. CORNELIS. RCJB 1986. zie verder.fgov. RW 2012-2013. Hof Brussel 25 mei 2005262). Pluraliteit van schuldeisers Wanneer meerdere personen schade lijden door eenzelfde onrechtmatige daad. http://jure. 259 Cass. Zie de bespreking bij subrogatie (infra) c. 23 maart 2009261: de rechter kan de bedoeling tot schuldvernieuwing afleiden uit het feit dat partijen een wezenlijk element van de overeenkomst hebben gewijzigd (in casu een kredietovereenkomst). Beëindiging en wijziging van obligatoire rechtsverhoudingen a) Nakoming / betaling De verbintenis gaat teniet door de nakoming of "betaling".fgov. 20. KRUITHOF. L. novatie Cass. De rechtspraak aanvaardt echter ook bij in solidum aansprakelijkheid en bij niet-contractuele hoofdelijkheid een regresvordering. Voor de betaling door schuldvergelijking.q. arbeidsovereenkomst. – welke natuurlijk niet van toepassing zijn bij 258 Deze bepalingen gelden als dusdanig enkel voor de contractuelevolmaakte hoofdelijkheid. c) Opzegging van contractuele verhoudingen van onbepaalde duur Basisregel Opzegbaarheid is van dwingend recht bij contractuele verhoudingen van onbepaalde duur. La subrogation.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20100610-10. pacht. R. 2. 1213-1214 BW258). “L’obligation “in solidum” et le recours entre co-obligés”. goedkeuring of kwijting is wel een rechtshandeling260. 261 http://jure.als over een verhaalsrecht (regresrecht) uit de interne verhouding tussen de medeschuldenaars (zie art. de aanvaarding van de betaling. 1 56 . CORNELIS.

3 december 2007. Lambrecht).b.in kort geding? Cass. 1431 n.h. 57 . Formulering van het voorwerp van de eis is dus belangrijk. maar een vonnis ten gronde daartoe zal men niet tijdig krijgen. V. RW 2010-2011. de verhuurder die zorgt voor registratie daarentegen heeft recht op een opzeggingstermijn van 3 maanden door de huurder (alsook bij 263 Dit volgt onder meer uit Cass. kan de opzeggende partij ook niet eenzijdig terugkomen op de opzegging. enkel bij akkoord van beide partijen kan de opzegging dan ongedaan worden gemaakt c. 6 november 1987: uitvoering opleggen van een beëindigde overeenkomst kan niet. . 3 § 5 lid 3 Woninghuurwet)265.op bepaalde gronden zonder vergoeding.9 KB van 12 januari 2007 vastgoedmakelaars). 2. in art.een ontijdige opzegging (inbegrepen een opzegging met een te korte opzeggingstermijn) wordt gesanctioneerd met schadevergoeding.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 beëindiging op andere gronden) en eventueel ook vergoedingsplichten ter vermijding van ongegronde verrijking (bv. Sagaert & D. Als wettige reden geldt op de eerste plaats een ernstige tekortkoming. (2009). (159) 207 v. Bij sommige overeenkomsten wordt het begrip “wettige reden” wel ruimer begrepen.q. Sanctie van tijdigheidsvereiste . bv. p. mandaat van gemeenschappelijk belang.of zonder motiveringsplicht maar tegen een vergoeding: bij vastgoedmakelaardij met een consument (art. 264 RW 2008-9. behalve bij een zgn. de overeenkomst terug in werking treden263. Men kan in theorie nakoming vorderen. “Contract en kort geding”. i. in welk geval de opzegging eigenlijk neerkomt op een ontbinding wegens wanprestatie (zie verder) zonder terugwerkende kracht. 182/2011 van 1 december 2011. Bij een lastgeving is er altijd een opzegbaarheid. in Actuele ontwikkelingen inzake verbintenissenrecht (red.) Uitwerking Eenmaal de opzegging regelmatig is gebeurd. bij overeenkomsten om niet. TAELMAN. A. Maar Cass. Zie verder I. http://www.const-court. . VAN OEVELEN “Het definitief en onherroepelijk karakter van de regelmatig gegeven opzegging van een overeenkomst”.d. d) Opzegging bij overeenkomsten niet van onbepaalde duur Deze zijn slechts opzegbaar indien dit volgt uit: . Bij sommige overeenkomsten van bepaalde duur voorziet de wet een tussentijdse opzegmogelijkheid: . pacht e. 607. maar wel de uitwerking van de opzegging opschorten.dan wel uit de wet (die voor bepaalde soorten bijzondere overeenkomsten een opzegbaarheid voorziet in geval van ”wettige reden” ook al is er een bepaalde duur of voorwerp). CLAEYS & P. Bij woninghuur kan de huurder ten allen tijde opzeggen indien de huur niet geregistreerd is (art. 3 Woninghuurwet en art. 12 januari 2007264 nuanceert: rechter in kort geding kan de opzegging zelf niet ongedaan maken. .be/public/n/2011/2011-182n.pdf.de overeenkomst. waar dezelfde regels gelden als bij overeenkomsten in het algemeen. 265 Dit geldt ook wanneer de huurovereenkomst mondeling is: GwH nr. 6 en 7 Pachtwet). bij handelsagentuur.

595 BW voor beëindiging van een huur toegestaan door een vruchtgebruiker266. moet niet worden gelicht!" 58 . 46 enkel relevant bij overeenkomsten die kwalitatieve werking hebben zoals huur.html).art. 2.d. de regel van art.m. 46 FaillW) Na het verwarrende cassatie-arrest van 24 juni 2004 heeft het arrest-Batiloc van Cass. Net zoals bij overeenkomsten van onbepaalde duur zijn er ook bij overeenkomsten van bepaalde duur eventueel ook vergoedingsplichten ter vermijding van ongegronde verrijking (bv. is art. 10 april 2008 al wat meer duidelijkheid gebracht: . http://jure. waarvoor dan de regels inzake opzegging niet gelden. conventionele vervreemdingsverboden.). Dat geldt ook voor bv. Bij overeenkomsten van bepaalde duur kan de rechter de opzegging toetsen aan de contractuele of wettelijke voorwaarden ervoor.houdt nog geen beëindiging van de overeenkomst in: andere remedies blijven bestaan . alsook beslissen dat er geen geldige opzegging is gebeurd indien die vereisten niet zijn vervuld of er sprake is van rechtsmisbruik. Daardoor wordt de overeenkomst na de oorspronkelijke verlenging een overeenkomst van onbepaalde duur. 82 WMPC inzake dienstenovereenkomsten (ten gunste van de consument): 2 maanden. Naast de opzegging zijn er andere gevallen van beëindiging van overeenkomsten van onbepaalde duur. en bij arbeidsovereenkomsten.en insolventierecht (te vinden via http://www. M. .curator heeft de mogelijkheid om niet na te komen. (zie evenwel specieus onderscheid in Hof Gent 16 april 2009267) .fgov. nr. Bij andere is er een dwingende opzegmogelijkheid in geval van stilzwijgende verlenging na de oorspronkelijke contractsduur. bij handelsagentuur. "Tegenwerpelijke verbintenissen bij samenloop? Wat niet bezwaart.opzegging tijdens de eerste periode van 3 jaar een vergoeding conform art.juridat. bv. pacht e. Verdere uitwerking in mijn syllabus Zekerheden. C.Uitzondering: effectieve beëindiging mogelijk indien “noodzakelijk” voor de vereffening van de boedel. f) Niet-realisatie voorwaarde 266 Zie onder meer Cass.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20120503-11. Dus huur opzeggen en huurder uitzetten om duurder te realiseren kan nog steeds niet. e.0397.storme. 1479 met n.just. maar dat blijft wanprestatie.lex specialis in art.11. voorkooprechten. tenzij goed totaal onrealiseerbaar is zolang verhuurd.be/insolventierecht. 3 § 5 lid 2 Woninghuurwet). Bij andere overeenkomsten komt men aan de bijzondere regel niet toe. bv. STORME. R.N.i.E. 3 mei 2012. 267 RW 2009-2010. e) Beëindiging door de curator ? (art.: . NB. 4 ° KB van 12 januari 2007 vastgoedmakelaars (ten gunste van beide partijen): één maand. JANSEN & M.d.

2008270. 587 n. 1176 BW: verkoop onder opschortende voorwaarde van bouwvergunning.just. 21 januari 2000 bij testament.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20110124-2. volstaat om te beslissen dat de verbintenis "zonder voorwerp" en dus "caduque" geworden is. 1034 269 Cass. 24 januari 2011. partijen zitten 5 jaar stil: de rechter kan oordelen dat redelijkerwijze vaststaat dat de vervulling van de voorwaarde niet meer zal plaatsvinden. maar enkel om de opschorting van de opeisbaarheid van een afzonderlijk verbintenis. gemeente Pont-a-Celles t. . .wegvallen ratio van een beding kan leiden tot strijdigheid met goede trouw van beroep erop: Cass. i) Bevrijding borg 268 RW 2007-8. Cass. 21 september 1989.F. 953.07. 4 februari 2005271.0094.0332. De ontbindende voorwaarde werkt in beginsel retroactief. Vgl. Post v.06. ook de rechtspraak inzake rechtsmisbruik. . betreft in beginsel enkel de aanspraak op uitvoering in natura. 270 Nr. S. 2 april 2009. Dat heeft bv.zakenrechtelijk eigendom die zou zijn overgedragen op grond van de ontbonden verbintenis. MOSSELMANS 272 Cass. 329. Stad Charleroi. tenietgaan verkochte zaak). 25 juni 2010. 1244 BW) Bij uitstel van betaling gaat het niet om een verlenging van de overeenkomst.09. . waaruit de rechter afleidde dat de verbintenis om aan de gemeente Pont-a-Celles leidingwater te leveren materieel onmogelijk was geworden. in die zaak werd wel nog geen uitspraak gedaan over de subsidiaire eis tot schadevergoeding ingesteld door de schuldeiser van de tenietgegane verbintenis.verbintenisrechtelijk een restitutieplicht ontstaat (in beginsel in natura. Dit betekent dat: . geacht wordt nooit te zijn overgegaan269. tot gevolg dat wanneer de rechter uitstel van teruggave van het gehuurde goed verleent aan de huurder. 271 RW 2005-06. http://jure.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 Zie Cass. 25 mei 2007268 over uitleg van art. De overige verbintenissen blijven in beginsel bestaan (Cass. 16 november 1989 is achterhaald: voor schenkingen theorie omzeggens geheel overbood gegooid door Cass. de verschuldigde vergoeding geen huur is maar een bezettingsvergoeding273. De stad Charleroi had jegens de gemeente Pont-a-Celles een verbintenis om aan de inwoners van een deelgemeente kosteloos een hoeveelheid leidingwater te leveren. Locabel. h) Uitstel van betaling (art.wegvallen voorwerp: nauwkeurige analyse verbintenis vereist. RW 2011-2012.N. C.m. 273 Cass. C.v. C. dat besliste dat de rechter die vaststelt dat de materiële uitvoering van een verbintenis die moet worden uitgevoerd in natura onmogelijk is geworden. RCJB 2011/3.juridat.N. Nogal verwarrend is het arrest van 25 juni 2010272. i. en Pont-a-Celles had zijn distributienet overgedragen aan de SWDE. zoniet in waarde).fgov.0446.wegvallen oorzaak: Cass. g) “Caducité” ? . 59 .

06. 12 oktober 2000..0488.Bevrijding voor echtgenoten bij verschoonbaar verklaarde gefailleerde bij wet uitgebreid naar ex-echtgenoot voor schulden tijdens het huwelijk aangegaan en door GwH naar de wettelijke samenwonende partner.93.just.fgov. Vanwalleghem. besproken in de Juristenkrant nr. 21 oktober 2010. C.eerste vraag is draagwijdte verbintenis bepalen. 1993. maar mag niet overroepen worden. P.en resultaatsverbintenissen. kan de fout van de lasthebber wel degelijk overmacht uitmaken279. C. Een traditioneel onderscheid dat men maakt is dat tussen inspannings. 1993 nr. Dat omvat bv. 5.10. 6 mei 2011.just.en inspanningsverbintenis dus veeleer kwestie van bewijslast dan inhoudelijk verschil. vgl. 335 279 Cass. http://jure. .09.F.overmacht: soepel uitgelegd in Cass. 583.F. toegerekend aan de lastgever (Cass. Cass. 8 sept. 276 Cass. http://jure. . C. Wanneer de lasthebber evenwel een openbaar ambtenaar is zoals een gerechtsdeurwaarder. geldig tenzij het wezen van de verbintenis is wegbedongen of voor opzettelijke fout.F. Onderscheid tussen resultaats.0494. 7 maart 2008275 (autodiefstal uit bewaakte parking).11. Cass.juridat. 25 mei 2012277).0557.. 275 Nr. 277 Cass. 25 mei 2012.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20120525-2.imprevisieleer: zie hoger .i. . http://jure.09. en er sprake is van een monopolie.N. .0582.juridat.exoneratiebedingen: worden restrictief uitgelegd.1027. tijdelijk in het gebouw wordt gelaten opdat het niet zou verkommeren: deze persoon wordt daarmee ingezet voor de nakoming van de onderhoudsplicht (Cass. Aansprakelijkheid voor hulppersonen: de schuldenaar is niet bevrijd indien de tekortkoming de fout is van een hulppersoon.just. 9 november 2010. P. ook het geval waar na faillissement de bestuurder die een reeds verkochte eigendom van de gefailleerde vennootschap bewoont. C/10.juridat. het is nuttig. nr.F. Niet-nakoming en sancties bij niet-nakoming in het algemeen a) Toerekenbaar / niet-toerekenbaar/ afstand . Dat belet niet dat bij kwalificatie als resultaatsverbintenis men dus niet enkel voor fouten van zichzelf of hulppersonen instaat.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20111109-6.N. 6 mei 2011 sluit ook de bevrijding uit voor zakelijke zekerheden gesteld door een derde (incl. 241 door P. in casu: een sleutelklare woning leveren276). 21 oktober 2010. Arr. de verzekerde verbintenis) voor de na die ontbinding verder bestaande of daaruit ontstane verbintenissen: Cass.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20110506-3. AR P.fgov.verbintenissen borg blijven in stand na ontbinding van de hoofdovereenkomst (d.1847. maar voor alles wat niet aan een vreemde oorzaak te wijten is (Cass. 60 . Zo ook worden de fouten of nalatigheden van de lasthebber begaan binnen de perken van de lastgeving. die gesteld door een borg)274.0379F.Cassatie-arresten van 26 juni 2008 definiëren kosteloos erg restrictief. 274 Cass. 27 april 2010278). nr. RW 2011-2012. 278 Nr. Waartoe men niet verbonden is kan men ook geen tekortkoming plegen.

784 n. waardoor dit artikel over de leveringsplicht nu ook bepaalt: "De verkoper moet aan de koper een zaak leveren die met de overeenkomst in overeenstemming is". 1649bis BW: Cass. 9 oktober 2006282). “De Wet Consumentenkoop: enkele beschouwingen”. 21 januari 2010. 1604 BW in 2004. 05.is de regeling versnipperd in 3 verschillende regimes: a. S. a. H. GLANSDORFF 282 RW 2009-2010. Cass.d. Weens kooprecht (internationale roerende handelskoop) b. 738. DCCR 2010. gaan uit van de unitaire categorie non-conformiteit. En “hobbykweker” is geen verkoper in de zin van art. 19 oktober 2007281).Nadere regels voor de tijdigheid van de eis tot vrijwaring inzake verborgen gebreken . 284 Deze geldt enkel voor “professionele” verkopers. 26 oktober 2006280) b) Regime van niet-conforme en gebrekkige levering bij koop. indien die met de eigendom van de zaak op de koper zijn overgegaan (zie voor die overgang de bespreking verder). RW 2011-2012. Bij koop . van een exclusieve tweedeling in niet-(conforme-)levering en verborgen gebreken.wat betreft de aanvaarding van de zaak die zichtbare gebreken dekt. Na het verstrijken van 2 jaar valt de koper terug op het gemeen recht en kan hij de remedies van het gemeen recht inroepen voor zover aan de vereisten daartoe is voldaan (art. 283 Voor de discussie of de consument die de vervanging of herstelling weigert. MARYSSE. 9 oktober 2006) * oplevering bouwwerken e. . huur 1. 280 C. 61 . . Quid stilzwijgende goedkeuring (afwezigheid van protest) ? * koop: onderzoeksplicht koper bij levering (Cass. 80 n. RW 2010-2011. DE WULF = RCJB 2010. F.: veeleer feitelijke waardering (Cass.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 Afstand van recht uit wanprestatie . en b. (roerende) consumentenkoop c. houdt vast aan het exclusief karakter van het vrijwaringsregime (Cass. Cass. aanneming. 285 Hof Luik 5 november 2009. c. zie Hof Gent 27 mei 2009.verhouding consumentenkoop / gemeen recht De bijzondere regeling inzake remedies bij consumentenkoop (met een zekere hiërarchie van remedies283) geldt voor alle gevallen van non-conformiteit die binnen de regeling consumentenkoop284 vallen.verlies van beroep op niet-nakoming of gebrek na goedkeuring.0329F 281 TBH 2008. HOSTENS "De rechtstreekse aanspraak van de consument: een nieuw pijnpunt in ons dualistisch kooprecht ?". De bijzondere regeling inzake de aanspraken van de consument-koper jegens zijn verkoper sluit niét uit dat de consument daarnaast ook de aanspraken kan uitoefenen jegens de leverancier van zijn verkoper285. MARYSSE. 1649 quater § 5 BW). nog een beroep kan doen op de andere remedies. en meer bepaald voor diegene die zichtbaar worden binnen de 2 jaar na levering. 152 n. gemeen recht (inbegrepen onroerend goed). 540 met gedeeltelijk afwijzende noot S. Het is echter zeer de vraag of het exclusief karakter van de vrijwaringsregeling bij verborgen gebreken nog opgaat sinds de wijziging van art. bij zichtbare gebreken bij levering geldt wel het gemeen contractenrecht en niet het bijzondere regime (bv. is de rechtspraak relatief streng bij koop: er geldt een onderzoeksplicht voor de professionele koper. 5 n. M.

N. http://jure. 265.just.0491. 29 januari 2004287 en Cass. Maar anders in de internationale koop (Verdrag New York bij Weens kooprecht) ! 2. .fgov. http://jure. 289 RW 2007-2008. TBO 2010. nr.juridat.just. die termijn wordt traditioneel gekwalificeerd als een vervaltermijn .W. dit althans indien de aanspraak jegens de leverancier is overgegaan op de opdrachtgever van de aannemer .Cass.de hoofdaannemer kan niet wachten om zijn onderaannemer aan te spreken tot hij zelf door de opdrachtgever wordt aangesproken: Cass. die ook nog geldt voor zichtbare gebreken. nr. http://jure. Wel geldt omgekeerd de korte-termijn-vereiste niet voor de aansprakelijkheid voor zware gebreken ex art..N. 2004 nr. .N 62 . Arr.04.zie Hof Brussel 9 november 2004289. T. is de rechtspraak bij aanneming minder streng dan bij koop (t. TBO 2010. nr.uitgangspunt: korte termijn vanaf de ontdekking of zichtbaarheid. 2000. VANHOVE.fgov. 294 http://jure. maar de rechtspraak is wel geneigd om een dagvaarding ten gronde tijdig te verklaren wanneer ze wordt ingesteld kort na de resultaten van de expertise286. hof Brussel 8 juni 2006290. Arr. Hof Antwerpen 5 juni 2000291) . .i. ook bij aanneming (bv. 14 november 2008.N. A-g. 2 februari 2006295). 52 concl.Cass. RW 2011-2012. maar aanvaardbaar voor zover inderdaad de vrijwaring voor verborgen gebreken er niet door geregeld wordt.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110527-3.09. 290 JT 2007. Verder ook Cass.0529. de "korte termijn": . 1792 BW (Cass. 27 mei 2011. 2008 nr. onderzoeksplicht koper): stilzwijgende oplevering iets minder snel aanvaard. dagvaarding in kort geding volstaat niet.e. C. 14 november 2008292 (bouwpromotor die zijn leverancier niet in discussie betrekt en wacht tot hij zelf gedagvaard wordt – aanspraak op vrijwaring laattijdig geacht). (Cass.anderzijds staat 10-jarige termijn de analogie niet in de weg: Art. 288 C. 152. 1648 B.0634. nr.juridat. 431.juridat. RW 2004-05. C.fgov. 265.rechten van een aangesproken doorverkoper jegens de eigen leverancier: korte termijn voor doorverkoper loopt pas wanneer doorverkoper is aangesproken (Cass.F. 633 = RW 2009-2010 n. VANHOVE = RABG 2010.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20100625-2. 29 januari 2004.10.0178. C. zie bv. 463 = RW 2012-13. 1792 B. 286 Zie bv. 606. hetzelfde geldt voor de aannemer jegens zijn leverancier: de aangesproken aannemer kan wachten om zijn leverancier aan te spreken tot hij zelf wordt aangesproken. Voor een ander voorbeeld.Cass.m. Arr. Eerder al Cass. zie de bespreking verder293). Cass.just. 10 oktober 2003294). 382 291 AR 1994/872 292 Cass. 25 juni 2010288. 293 Zie overzichtelijk K. Hof Brussel 30 maart 2010. Maar dat geldt niet wanneer de aanspraak jegens de onderaannemer wel is overgegaan (bij koop na aanneming of bij aanneming na koop. 431. “De ‘action directe’ wegens verborgen koopgebreken in (onder)aannemingsgeschillen”.juridat.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20081114-4 = Arr. voor onroerende goederen kan ingaan na het verstrijken van de termijn van de tienjarige vrijwaring die is voorgeschreven bij art. 1680 v. Bovendien is er geen volledige parallellie tussen koop en aanneming w. Hof Brussel 30 maart 2010.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20031010-1 295 nr. 251.Not. Hof Brussel 17 november 2009.W. sluit niet uit dat de korte termijn waarbinnen de rechtsvordering tot vrijwaring tegen een verborgen gebrek moet worden ingesteld. zowel bij koop (1648 BW) als bij aanneming.deze kwalificatie is m. 473.wat betreft de aanvaarding van de zaak die zichtbare gebreken dekt. 287 nr.0085. 357. Thijs = RW 2004-2005.just.fgov. Stu-Wahr.b.vertrekpunt voor de termijn bij verborgen gebreken: korte termijn vanaf de ontdekking of zichtbaarheid. C.01.07. K.

.fgov.06. 24 januari 2011. tijdstip: ingebrekestelling kan ook reeds voor de dag van de opeisbaarheid geschieden (ad futurum) (Cass. c) Gebrek aan eigendomsoverdracht Wanneer de verkoper na de verkoop en levering retroactief zijn eigendomsrecht verliest.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20100325-2.juridat. dan is dat natuurlijk een niet-nakoming door de verkoper. http://jure.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20090416-3 = JLMB 2010. zie onder meer Cass. 301 zie over die beiden mijn tekst "De verhouding tussen de Europese verordening inzake geringe vorderingen en het interne Belgische procesrecht".F 300 Bv. 297 Cass.. is de verhuurder ontslagen van zijn vrijwaringsplicht. met absurde vormvereisten die aldus ertoe aanzetten om dadelijk te dagvaarden (of gebruikmakend van de EU-Verordeningen een geringe vordering in te dienen of een betalingsbevel te vragen301) relevantie: zie ontbinding.en teruggaveplicht te voldoen (zelfde arrest). 1. Dit risico is niet op de koper overgegaan. en de koper niet beschermd wordt als derde-verkrijger.09. vorm: .storme. ook op http://www.just.07. dit geldt ook indien de schuld betwist is (Cass.just.just. 19-40.juridat. C.pdf 63 .N.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 3. 25 februari 1993). 298 nr.ingebrekestelling van een consument : zie Wet minnelijke invordering schulden van een consument . de huurder wordt in die omstandigheden geacht het gehuurde goed te hebben aanvaard in de staat waarin het zich bevindt". C.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20110124-2. risico verspringt.0293. voor een tegeneis Arbhof Brussel 18 maart 2011.be/euinvordering. in Ius & Actores 2009 nr. verzoekschrift of conclusie geldt als ingebrekestelling300. Bij huur Bij huur geldt in beginsel evenzeer dat zichtbare gebreken gedekt worden door de aanvaarding. http://jure. d) Ingebrekestelling belang: lopen verwijlinterest (zie bespreking onder 9..W. zie de discussie bij de bespreking van art. 19 juni 1989. 20 november 2008299). 25 maart 2010296: " Indien het verhuurde goed bij de totstandkoming van de huur een gebrek vertoont dat duidelijk zichtbaar is en de huurder zich ervan rekenschap heeft kunnen en moeten geven.fgov. 16 april 2009298). 1599 B.. rente. in beginsel vereist voor bepaalde remedies. p.0117.0604. 622. bv. 1304.).09. door de ontbinding van de titel krachtens dewelke de verkoper zelf verkreeg. zodat de verkoper geen recht heeft op betaling van de prijs297 (althans als de koper kiest voor ontbinding).minstens in handelszaken moet dit niet noodzakelijk schriftelijk gebeuren (Cass. . Cass. kan de huurder het gebrek in de zaak ook niet (meer) inroepen om zelf niet aan zijn onderhouds.N = http://jure. RW 2012-13. 299 C. Vermits in dat geval er géén tekortkoming is van de verhuurder.F. 296 C. Dat arrest lijkt ten onrechte te impliceren dat de verkoop noodzakelijkerwijze ontbonden of vernietigd is.0446.juridat. De formulering van een eis of tegeneis in een dagvaarding.

Cass.fgov. RW 2011-2012.e) Remedies bij wederkerige overeenkomsten in het algemeen: keuzerecht uitvoering / ontbinding Voor zover aan de vereisten voor beide remedies voor tekortkoming is voldaan (zie hieronder) heeft de schuldeiser de keuze tussen uitvoering en ontbinding.just.juridat. Hof Antwerpen 27 oktober 2008. 302 http://jure.93. en mogelijks schadevergoeding daarbovenop.nakoming is onwettig. beter tegen verminking bestand zou zijn. 173 307 http://jure.juridat. . 1993-94.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20030130-18 = Arr. Mogelijke vormen van herstel in natura304 . indien de inspecteur of het college aanpassingswerken dan wel behoud mits betaling van meerwaarde vorderen.juridat. 64 .w.F)307.F. herstel in natura kan vorderen306. Sancties bij niet-nakoming: gedwongen uitvoering in natura De uitvoering in natura primeert in beginsel in ons recht. Uitvoering vorderen sluit niet uit dat men later toch voor ontbinding kiest303. nr. 69 = RW 200520065. p. nr. 306 Zie Cass.just. 1994. Arr. die een inbreuk vormt op het morele recht van de auteur.Cass. 80. 304 Zie verder voor een kritische bespreking P. Stad Namen. 6.0496.10. Er vloeit wel een mogelijke beperking voort uit art.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110505-13. wanneer het oorspronkelijke werk niet kan worden hersteld (Cass. . 303 Bv. 31 januari 2008305. m. P. WERY. “La réparation en nature du dommage en matière de responsabilité extracontractuelle”.m.0225.Bij niet-nakoming verbintenis tot geven van onroerend goed: het vonnis kan gelden als titel voor levering van onroerend goed en kan worden neergelegd ter overschrijving: Cass. 249 v. bij onrechtmatige daad of ongegronde verrijking heeft herstel in natura in beginsel eveneens voorrang indien de schadelijder dat vordert).fgov. 1219. 20 januari 1993. 5 mei 2011. 492. 150 VCRO: “Indien de herstelvordering van de burgerlijke partij enerzijds en die van stedebouwkundige inspecteur of het college van burgemeester en schepenen anderzijds niet overeenstemmen.a.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20080131-5. kan bestaan in de verplichting een nieuw exemplaar van het kunstwerk te laten reproduceren.fgov.Herstel in natura van een verminking van een kunstwerk. 30 januari 2003302. Beperkingen van het recht op uitvoering in natura: . Toepassingsgebied Dit geldt niet alleen voor contractuele verbintenissen maar ook voor verbintenissen uit andere bron (bv.Cass. nu dit niet moeilijker te vervaardigen was en minder onderhoud vergt en.ook bij inbreuken op de wetgeving inzake ruimtelijke ordening geldt in beginsel dat wie daardoor schade lijdt. Zie o. De herstelmaatregel in het Vlaamse Decreet Ruimtelijke Ordening. Cass. In casu werd de eis toegekend om het nieuw exemplaar in brons in plaats van steen te laten maken en tentoon te stellen. C.just. bepaalt de rechtbank de gevorderde herstelmaatregel die ze passend acht”. TBBR 2012. Kluwer 2006. 21 april 1994. C. 305 http://jure. Arr. 392. zal de rechter oordelen welke maatregel het meest passend is. Een afwijkende regeling geldt onder meer bij consumentenkoop (zie hoger). VANSANT.

fgov. Arr. 7. .be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110106-4.just. 65 . RW 2000-2001.) 1° vereist volkomen of onvolkomen wederkerigheid Dat vinden we niet enkel bij contractuele verbintenissen. Photolinea t. 26 juni 1980.fgov.just. TBBR 2012/8. vgl. noot P.F. I 1341 = RCJB 1983.just. 1646.0407.nakoming is strijdig met de persoonlijke vrijheid.0624.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20091221-6.c.F.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20091221-5.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20091221-7. 3° mag nakoming niet definitief onmogelijk maken 308 Bv.fgov. maar het is niet omdat deze laatste niet alle verbintenissen stipt heeft uitgevoerd dat hij daardoor de exceptie zou verliezen (Cass.07. Cass. Het geldt ook bij een teruggaveplicht van een zaak en een schuldvordering die in nauw verband staat met die zaak (aanspraak op vergoeding van gemaakte kosten bv.er is geen opschortingsrecht wanneer de wanprestatie van de wederpartij veroorzaakt is door de excipiendus zelf. een huurder weigerde en vordert nakoming plus schadevergoeding voor de hinder door de werken.07. 309 Cass.0328. 1979-80 nr.de overeenkomst is een dienstenovereenkomst die door de opdrachtgever verbroken is (art.een arrest dat een nuance aanbrengt op de eerder. rechtsverwerking et sanctions de l’abus de droit': een verhuurder wenste een winkelgalerij te sluiten wegens een renovatieproject van de overheid en bood een vergoeding aan om de handelshuur te beëindigen. C.just.immuniteit van overheden en internationale organisaties: geldt maar voor zover niet strijdig met EVRM. bloedproef). en S. 4 februari 2000.04.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20091023-1 = RW 2011-2012.fgov.0521. .juridat. BAZIER 'Abus de droit. 1195 noot S. Opschortingsrechten en vergelijkbare remedies a) Verbintenisrechtelijk: opschortingsrecht (e.).© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 .juridat. BRIJS "De absolute uitvoeringsimmuniteit thans ook doorbroken bij reële executie" . 23 oktober 2009312). 312 Cass. 17 december 1998.juridat. 310 Arresten nr. hoger bij kort geding en beëindiging overeenkomst.bij in het gedrang brengen van continuïteit van de openbare dienst309. 23 oktober 2009. . . C.0129.nakoming is rechtsmisbruik want een de wederpartij onevenredig bezwarende keuze308. In dat geval is er geen dwang mogelijk (Cass.juridat. http://jure.03. 2° niet-nakoming van wederpartij die men niet zelf heeft veroorzaakt.n. 173 noot DELPEREE. 24 april 1998.F. 4 februari 2000311: de facto uitvoering opleggen van een beweerdelijk nietige overeenkomst kan. .a. dit werd als misbruik gekwalificeerd door de bodemrechter. 1661 = Pas.09. striktere rechtspraak zoals Cass.just. In kort geding ? veel hangt af van de verwoording van de maatregel (zie Cass. http://jure. 393. http://jure.juridat. 686 = RW 1980-81. . http://jure.F. 1794 BW: geen nakoming mogelijk.F. 311 Cass. C. 6 januari 2011. C. http://jure. 92. Galeries Anspach. Drie cassatie-arresten van 21 december 2009 beslissen dat de immuniteit terzijde kan worden gesteld indien er geen verhaalsmogelijkheden zijn voor de schuldeiser310. Arr. enkel uitvoering bij equivalent = schadevergoeding)..nakoming is onmogelijk.

0072.N. 2005.fgov. 1974. 246 = RW 2006-2007. Ibens.0303. 998 = JT 1973. 15 september 2011321. enz. 319 Cass. http://jure.0035N.F 317 Cass. Vgl.zie o. 631 = RW 2005-2006. nr. 4 december 2009.0392.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20090924-1 = TBH 2010. 315 nr. 15 september 2011.0206. b) Zakelijke werking ? Dit is een vraag van “retentierecht”. 36 = RW 1973-74. 828. 27 september 1984. C. Cass. 665 n. C. 2005.m. na overgang van een kwalitatief recht319. 6° de exceptie kan ook tegengeworpen worden aan de verkrijger van de aanspraak (bv. Zie voor de verkrijging te goeder trouw a non domino van het retentierecht mijn annotatie onder Cass.F.pdf 321 Cass. door een omstandig stilzwijgen bij navraag door de cessionaris). “De exceptie van niet-uitvoering in een driepartijenverhouding”.be/071_270406_1541Retentierecht. 1346 n. 29 november 2007. ernstige wanprestatie) . na cessie318. DE BAERE. 1541-15. 61 W. 249 = RW 2010-2011. 4° moet evenredig blijven. Cass. 5° wanneer de wederpartij vervolgens toch nakomt op een tijdstip waarop de overeenkomst nog niet is ontbonden. 29 februari 2008.06.10. 1039 = RABG 2006. zie Cass.09. J.Opschorting vereist niet dat aan de voorwaarden voor ontbinding is voldaan.fgov. houdt ook het opschortingsrecht op voor de toekomst (d. http://jure. Cass. De Weggheleire. 316 C. 14 mei 2010316: tekortkomingen van de huurder die niet grof genoeg zijn om de ontbinding van de huur te wettigen kunnen niettemin krachtens die bepaling beschouwd worden als een reden om de huurhernieuwing te weigeren (in casu bij handelshuur).be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20080229-3 = RABG 2010.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20091204-3. “Het conventioneel uitgebreid retentierecht en de tegenwerpbaarheid ervan aan de eigenaar van de in bewaring gegeven zaak”320 en recenter Cass.). 320 RW 2007-2008.juridat.08. in het bijzonder of men dit recht ook kan inroepen indien de wederpartij niet de eigenaar is van de zaak. Cass. 712 = JLMB 2005. RW 1984-85.L. 476. http://storme.04. 634 = RCJB 1974.Opschorting wegens niet-nakoming door de wederpartij mag in beginsel ook door nutsbedrijven worden toegepast: Cass. 7° de exceptie blijft ook gelden na samenloop en na opschorting op grond van de WCO. 1052. tenzij wanneer de excipiendus er afstand van heeft gedaan of ze heeft verwerkt (bv. 28 januari 2005.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110915-3. 66 . 25 maart 2005.N. Cass. dat de opschorting die reeds heeft plaatsgevonden niet geldt als een tekortkoming (zie bv.F. E. ook Cass. 24 september 2009315.just.juridat.just. C. RW 2010-2011. 13 september 1973.0346. 314 Bv. STENGERS. 63.w.08. 12 februari 2004313 . 29 november 2007317).juridat.just. Arr.fgov. . Arr. http://jure. nr. ABB. 2699. C. 352 noot M. VTB-VAB t. http://jure.juridat. ze moet wel in verhouding staan tot de wanprestatie van de andere partij (voor ontbinding is meer vereist. nl.z. art. C. 27 april 2006.fgov.behalve wanneer de wet dit uitsluit of beperkt314 of het contractueel geldig wordt uitgesloten. 318 Onder meer Cass. 313 RW 2006-07. Arr. 13 juni 2005 op de elektronische communicatie.just.

Sancties bij niet-nakoming van wederkerige contractuele verbintenissen: ontbinding en uitdrukkelijk ontbindend beding a) Voorwaarden voor en wijze van ontbinding . 1184 BW vereist in beginsel dat de ontbinding in rechte wordt gevorderd 1° De tekst van de wet vereist een rechterlijke tussenkomst. bv. de contractspartij geen fout heeft begaan door eenzijdig de 322 Kh. ten gunste van de consument in overeenkomsten op afstand (zie art. 9 mei 1986. de vaststelling van het budget van de bouwwerken. Dendermonde 18 juni 2009.m. Indien beide partijen een ernstige tekortkoming begaan. 324 Cass. 2° Art.9666. TALLON. Soms wordt ook een ontbinding aanvaard op grond van een gedraging die eigenlijk veeleer een grond voor nietigheid vormt. 67 . Hier lijkt geen verbod van samenloop te gelden. . 10. precontractueel bedrog323.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 8. Freyria: 1994).Concessiewet 1961. 19 Handelsagentuurwet.17. kan de overeenkomst ten laste van beide partijen ontbonden worden324. niet is nagekomen met de bedoeling de verzekeraar te misleiden (art. en de tekortkoming van de tweede niet reeds gerechtvaardigd is door een opschortingsrecht wegens die van de eerste. impliciet Cassation (F. RW 2011-2012. . TGR 2010. bv.art. 19 handelsagentuurwet). nr. 31 LVO: opzegging na een schadegeval: naast de algemeen regel geldt er ook een bijzondere regel met verkorte uitwerking indien de verzekeringnemer. In het Franse recht D. dat gelet op de wanprestatie van haar wederpartij. Van een voldoende ernstige wanprestatie: bij een architect belast met o. p. La résolution du contrat aux torts réciproques (Et. 2 mei 2002: “vermag te oordelen. Zie onder meer: . de verzekerde of de begunstigde één van zijn verplichtingen. de cassatierechtspraak blijft dubbelzinnig betreffende de mogelijkheid van “buitengerechtelijke” ontbinding: * Cass.) 6 september 2011. TBH 1987.stilzwijgend ontbindend beding 1° De ontbinding vereist een voldoende ernstige wanprestatie. Bij sommige bijzondere overeenkomsten zijn er bijzondere bepalingen die een opzegging of verbreking of beëindiging mogelijk maken bij bepaalde ernstige wanprestaties of gelijkaardige gevallen. 31 § 1. Vb. Ook in 1649 quinquies § 3 BW wordt bij consumentenkoop het ontbindingsrecht toegekend bij een niet-conformiteit die niet louter “gering” is. de ernstige onderschatting van de kostprijs322. ontstaan door het schadegeval. evenwel pas nadat de consument de verkoper eerst de kans tot herstelling of vervanging heeft gegeven. zoals te dezen. Hof Antwerpen 7 januari 2010. 48 § 1 WMPC). Chambre commerciale. III LVO). maar de rechtspraak oordeelt dat daarnaast steeds ook een beroep kan worden gedaan op het gemeen recht. 323 Bv. In sommige overeenkomsten is het ontbindingsrecht verruimd. 233 (in casu aanvaard als een ernstige tekortkoming in de zin van art. n. 413. 180410.art. 322. Vgl.

0416. en . tegenwerpelijk is aan de samenloop.juridat.Is ook vatbaar voor rechtsmisbruik.Vaak ten onrechte als een ontbindende voorwaarde geformuleerd. Een voorbeeld.juridat. ope iudicis) of declaratief (de ontbinding gaat in door de inleiding van de eis mits de rechter de eis gegrond verklaart. geen recht meer hebben op ontbinding met schadevergoeding. http://jure. c) Omvang van de ontbinding tgo.”).overeenkomst als beëindigd te beschouwen. 8 februari 2010329 en Hof Brussel 15 september 2009330.0043. M. verwerping voorziening tegen Hof Brussel 18 februari 2009: het betrof een beperkte achterstal in de betaling van een schijf van de koopprijs van een appartement. http://jure. tijdstip van ingaan van de ontbinding . zie Cass. Nr.Omvang ontbinding: geheel of gedeeltelijk naargelang de overeenkomst ondeelbaar is of niet331.fgov. in de loop van de procedure zegt de verhuurder bovendien op wegens eigen gebruik: dit verhindert de ontbinding ten laste van de huurder niet (al zal qua omvang de ontbinding beperkt blijven tot de periode vanaf de datum waartegen was opgezegd – zie hieronder). J. quod non.de wederpartij in gebreke werd gesteld inzake de door haar begane wanprestatie indien een ingebrekestelling nog een nuttig gevolg kon hebben. Voor enkele gevallen waarin het rechtsmisbruik niet werd aanvaard. hoewel onduidelijk gemotiveerd. 331 Zie mijn bijdrage in TBBR 1991.0645. zou de eisende partij die intussen zelf de verdere uitvoering van de overeenkomst onmogelijk heeft gemaakt.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20100208-4. 2° Betwist is of de rechterlijke beslissing constitutief is (de rechter ontbindt en de ontbinding gaat pas in door het vonnis.just. . Meeste rechtspraak en rechtsleer interpreteert het vrij ruim.just.fgov. C. STIJNS.uitdrukkelijk ontbindend beding . 8 februari 2010.just. 328 C.F.08. * Cass. DUPONT "La résolution unilatérale : (encore) une occasion manquée pour la Cour de cassation" = RW 2011-2012.F. p. GERMAIN “Le contrôle de la gravité du manquement en présence d’une clause résolutoire expresse”.fgov. zoals hieronder besproken). 329 Cass. Een kansovereenkomst is in beginsel ondeelbaar en wordt dus volledig getroffen door de ontbinding (zij het ook hier met restitutie. 327 Cass. over het strafbeding in deze zaak (verlies betaalde voorschotten) was wel nog geen uitspraak gedaan.N.i. 133 n.0331. Indien de ontbinding slechts zou ingaan door het vonnis.juridat. 245 = JT 2010.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20110519-1. RCJB 1990. FONTAINE. 330 NjW 2010.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20090216-5 = TBOG 2009.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20090309-9 = TBBR 2010. S. C. BAECK. http://jure. J.08. 352 n. en het is dus de inleiding van de eis die constitutief is326). 19 mei 2011327: verhuurder had de ontbinding wegens wanprestatie van de huurder gevorderd. zelfs indien bedongen is dat de ontbinding "van rechtswege" plaatsvindt: Cass. 114. is de laatste opvatting de juiste. m. in Cass. b) Voorwaarden voor en wijze van ontbinding . De rechtmatigheid van deze eenzijdige beslissing vereist dat: .09.just. 325 C.fgov.09. 285. “(R)evolutie in ontbindingsland?” 326 Dit blijkt onder meer daaruit dat een ontbinding die voor de samenloop gevorderd wordt maar pas na de samenloop uitgesproken. 9 maart 2009328. Vgl. http://jure.juridat.de wanprestatie van aard was een gerechtelijke ontbinding te rechtvaardigen. (378) 398. 1843 n. 16 februari 2009325 spreekt over de mogelijkheid voor een partij om op eigen gezag en eigen risico kennis te geven aan de wederpartij dat zij de overeenkomst als beëindigd beschouwt. 68 . 19 mei 2011. M.F.

© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 - Maar bij een ondeelbare meerpartijenovereenkomst kan een partij niet ontbinden wegens wanprestatie van een andere zonder akkoord van de verdere partijen (zie Cass. 17 oktober 2008332). - De ontbinding laat ook bedingen die ertoe strekken ook na ontbinding te gelden intact (bv. beding inzake schadevergoeding ingeval van ontbinding). De rechtspraak blijft moeite hebben bij duurovereenkomsten en overeenkomsten met opeenvolgende prestaties *het ingaan van de ontbinding (bij gerechtelijke ontbinding in beginsel op de datum van dagvaarding) en **de omvang ervan te onderscheiden333 - zie bv. voor een niet voldoende onderscheidend arrest Cass. 5 juni 2009334 - in casu correct maar in te algemene bewoordingen. In Cass. 19 november 2009335 werd het ingaan van de ontbinding – nl. op datum van dagvaarding – wel onderscheiden van de gevolgen van de ontbinding: een arrest dat de ontbinding van de huur uitwerking gaf voor de periode vanaf de dagvaarding, hoewel de huurder die ontbinding vorderde het goed nog een tijd nadien bleef gebruiken, werd verbroken. Voor de omvang van de ontbinding gebruikt Cass. wel het betwistbare criterium van de mogelijkheid van restitutie in natura. Dat bepaalde prestaties niet kunnen worden teruggegeven in natura, betekent niet noodzakelijk dat de ontbinding niet eerder kan reiken – maar het is wel een element dat een rol kan spelen om de ontbinding te beperken tot de periode na die prestaties. Door die nuancering kan de contradictie in de cassatierechtspraak opgelost worden336. d) Verbintenisrechtelijke gevolgen van de ontbinding (binnen de perken van de omvang ervan) 1° vanaf het ingaan van de ontbinding is elke partij bevrijd van de ontbonden verbintenissen (voor zover nog niet uitgevoerd, anders bestaan ze al niet meer). Men kan niet tegelijk bevrijding willen van de eigen verbintenis en uitvoering bij equivalent van de tegenprestatie (zie in dit verband Cass. 15 mei 2009337). 2° restitutie van de in uitvoering van ontbonden verbintenissen gedane prestaties, in natura dan wel bij equivalent. Dezelfde restitutieplicht geldt ook bij het ingaan van een ontbindende voorwaarde338. Ook de partij die de ontbinding verkrijgt moet restitueren339.
Leerboek Verbintenissenrecht, I, nr. 290. 332 nr. C.06.672.N 333 Duidelijk het onderscheid maken doet bv. wel B. VAN DEN BERGH, RW 2011-2012, (648) nr. 6. 334 http://jure.juridat.just.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20090605-1 335 Cass. 19 nocvember 2009, C.08.0459.N, http://jure.juridat.just.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20091119-2, TBH 2010, 494. 336 Zo stelt Cass. 23 juni 2006, Brasserie du Grand Enclos, C.05.0215.F, RW 2009-10, dat de ontbinding van een huurovereenkomst de periode treft vanaf de inleiding van de eis tot ontbinding, tenzij er nadien prestaties werden verricht “die niet voor teruggave in aanmerking kwamen”, terwijl andere arresten precies verwerpen dat de teruggeefbaarheid een criterium kan zijn om de ontbinding in te perken. 337 C.08.0531.N, http://jure.juridat.just.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20090515-1. 338 Cass. 24 januari 2011, C.09.0446.N, http://jure.juridat.just.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20110124-2. De verkoop van aandelen werd ontbonden door de faillietverklaring van de vennootschap waarin de aandelen verkocht werden (die als ontbindende voorwaarde was bedongen); het arrest lijkt in te houden dat alsdan de restitutie in natura niet meer mogelijk is en dus moet geschieden in waarde aan de waarde die de aandelen hadden ten tijde van de verkoop. 339 Cass. 8 februari 2010, C.09.0244.F, http://jure.juridat.just.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-

69

Dit geldt ook bij een levenslange huur tegen een éénmalige huurprijs (die een kanscontract vormt): Cass. 8 februari 2010340. M.i. is de restitutieplicht contractueel: de overeenkomst wordt immers niet nietig verklaard, maar de verbintenissen uit die overeenkomst worden ontbonden341. Ook de schadevergoeding bovenop ontbinding is evident een contractuele en geen buitencontractuele aanspraak. 3° voor zover dit niet alle schade van de ontbindende partij dekt, bijkomende schadevergoeding. Het gaat om de vergelijking met de situatie die er zou geweest zijn bij correcte nakoming van de overeenkomst (positief contractsbelang342). De schade moet wel begroot worden op het tijdstip van de tekortkoming: Cass. 26 januari 2007, 2 arresten343. Maar de aansprakelijke partij heeft wel recht op restitutie van de prestaties die zij geleverd heeft, gecompenseerd met hetgeen zij zelf moet restitueren plus de eventuele schadevergoeding (Cass. 8 februari 2010344). e) Zakenrechtelijke gevolgen van de ontbinding (binnen de perken van de omvang ervan) Wanneer een verbintenis tot eigendomsoverdracht door de ontbinding wordt getroffen, is ook de overdracht retroactief ongedaan gemaakt. Daarbij is de vorige eigenaar aan wie het goed (opnieuw) toekomt geen rechtsopvolger van de voormalige verkrijger, en dus in beginsel ook niet gehouden tot de verbintenissen die deze laatste m.b.t het goed is aangegaan, ook al zouden die kwalitatief zijn 345. 9. Geldschulden en rente; beperking schadevergoeding wegens stilzitten (vnl. interest) Schadevergoeding bij geldschulden s.s. (sommenschulden) bestaat uit verwijlinterest (moratoire interest). Toepassingsgebied: - aanspraak op herstel schade is géén geldschuld vooraleer de omvang van de schade is vastgesteld.

20100208-3 = RW 2011-2012, 646 n. B. VAN DEN BERGH. 340 vorige noot 341 Zo ook J. DE CONINCK, De voorwaarde in het contractenrecht, p. 292 nr. 239. 342 Voor het beginsel: Cass. 13 oktober 2011, nr. C.10.0642.N, http://jure.juridat.just.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20111013-15.. 343 nr. C.06.0232.N, http://jure.juridat.just.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20070126-4 en C.05.0374.N, RW 2009-2010, 1468. In dezelfde zin inzake buitencontractuele aansprakelijkheid Cass. 14 december 1993, RW 1995-96, 337; Cass. 2 februari 1996, Arr. Cass. 1996, 147. 344 C.09.0244.F, tweede middel, hoger aangehaald. 345 Zie bv. Cass. 6 december 2007, RW 2008-2009 n. J. DE CONINCK "Retroactieve toebedeling van het eigendomsrecht en gehoudenheid tot verbintenissen in verband met de eigendom" = TBBR 2009, 359 n. J. BAECK; het betrof de verbintenis van de eigenaar-verhuurder die zijn akkoord heeft gegeven met een aansluiting op het drinkwaternet en daardoor volgens art. 3 van de Brusselse ordonnantie tot regeling van de drinkwatervoorziening hoofdelijk en ondeelbaar verbonden is met de abonnee.

70

© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 - Hetzelfde geldt voor de aanspraak op een verzekeringsvergoeding (bij aansprakelijkheidsverzekering en bij schadeverzekering andere dan sommenverzekering) (Cass. 11 juni 2009346). Dient er geen evaluatie te gebeuren door de rechter omdat de berekeningswijze op voorhand vastligt, is het echter wel een geldschuld en geen waardeschuld. Het regime van de “waardeschulden” wordt onder 10. besproken. Ook bij een aanspraak wegens onverschuldigde betaling is er bij goede trouw van de ontvanger geen vergoedende rente verschuldigd vanaf de datum van de oorspronkelijke betaling, maar slechts rente verschuldigd vanaf de ingebrekestelling (art. 1378 BW). Dat geldt ook voor een verplichting tot restitutie van een betaalde geldsom na nietigverklaring van een overeenkomst (Cass. 5 januari 2012347). a) Begindatum In beginsel vanaf de ingebrekestelling. Dit geldt ook voor sommenschulden die uit de wet voortvloeien (bv. Cass. 8 mei 2009348: verplichting van de staat om gemeentebelastingen door te storten aan de gemeenten). De ingebrekestelling kan reeds geschieden vooraleer de schuld opeisbaar is (ingebrekestelling ad futurum), zie hoger. De rente kan evenwel maar lopen vanaf het tijdstip van opeisbaarheid. b) Rentevoet * Behoudens geldige contractuele bedingen geldt de "wettelijke rentevoet", zoals bepaald door de Wet van 5 mei 1865. Deze bepaling werd gewijzigd door de programmawetten van 27 december 2006 en 8 juni 2008: - in fiscale en sociale-zekerheidsschulden rechtstreeks door de wet bepaald: 7 % - in andere zaken jaarlijks in januari aangepast aan de gemiddelde Euribor-rentevoet van december, verhoogd met 2% en afgerond naar het hoger gelegen kwart, en gepubliceerd in het B.S. Voor aanspraken op betaling van de prijs van goederen of diensten door ondernemingen en overheden gelden de bijzondere bepalingen van de wetgeving inzake bestrijding van betalingsachterstand bij handelstransacties (Wet 2 augustus 2002 bestrijding van betalingsachterstand bij handelstransacties, te wijzigen ingevolge de nieuwe Richtlijn Betalingsachterstand) - vnl. van belang voor verwijlrente: dies pro homine bij verstrijken van wettelijk bepaalde termijn van achterstand; hogere wettelijke rentevoet (herfinancieringsrentevoet van de ECBB_ + 8 %); invorderingskosten (in de nieuwe RL met een minimum van 40 Euro); eigendomsvoorbehoud tot levering mogelijk; - geldt enkel voor de vergoeding voor de levering van goederen of diensten, niet voor andere geldschulden. Bv. niet van toepassing op de uitwinningsvergoeding van een handelsagent: Cass. 29 oktober 2009349.
346 http://jure.juridat.just.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20090611-2 = TBH 2009, 884 347 Cass. 5 januari 2012, C.10.0712.N, http://jure.juridat.just.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20120105-3. 348 nr. F.08.0012.N, http://jure.juridat.just.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20090508-3

71

DELANOTE met andersluidende concl. Vred.* Voor de vraag of een hogere interest kan worden bedongen. 3 = RW 2010-2011.0214. 1800 354 Justel F-20080226-8 355 RW 2007-08. RW 2011-12. 2008/AR/1030. 800. 1293 356 Hof Gent 16 januari 2009.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20091029-10 350 ipr. 18 juni 2010360) maar niet bij interest op een schadevergoeding uit onrechtmatige daad361. 17 oktober 2008359 (m. 349 C.g.fgov. 18 juni 2010. muntontwaarding. Brussel 20 juni 2008. ook voor de periode na het vonnis (Cass.i. 357 Hpf Antwerpen 9 december 2009. bv. 1154 B.07. schorsen interest gemotiveerd met schadebeperkibgsplicht357. 320 353 TBH 2008. Volledige afwijzing vordering bij 11 jaar stilzitten na dagvaarding: Cass. Contractuele interest blijft contractueel. ten onrechte als procesrechtelijk misbruik gekwalificeerd).d. 86. behalve in geval van bedrog351.a. Antwerpen 8 maart 2007355). d) Inperking bij stilzitten * Inperking interest is vrij frequent in rechtspraak.na provisioneel vonnis lang stilzitten (kh.18 jaar stilzitten in een procedure (in casu een waardeschuld). de schuldeiser heeft geen aanspraak op een hogere vergoeding bij bv.stilzitten t.0448.v. . RW 2010-2011. conform art.juridat. Anderzijds Hof Brussel 28 november 2003: 5 jaar stilzitten is nog geen afstand van onbetaalde facturen. id.08. 418 WIB 1992 (Volgens Cass. Ook interest na ontbinding is een contractuele interest. RW 2011-2012.just. 351 Kh. specifiek voor kredietinstelling: Hof Luik 26 februari 2008354. TGR 2009. na deskundig verslag (Hof Gent 16 januari 2009356). M. solidaire medeschuldenaar (in casu studentenkamers). F-20110104-2. * Kwalificatie van de interest: “gerechtelijke interest” bestaat eigenlijk niet. zie onder strafbedingen. C. . . 23 april 2007350). 706.N. . 1303. Justel nr.N 360 Cass. Kapitalisatie is uitgesloten bij interest wegens terugbetaling van belastingen e. c) Bijkomende schade Behoudens andersluidende overeenkomst wort de schade door laattijdige betaling forfaitair vergoed door de verwijlrente. 808 = JLMB 2008. Elsene 18 maart 2008352. . 72 . 352 JT 2008. en een procedure die door stilzitten 25 jaar aansleept voor 2 aanleggen: helft van de interest verwerkt358.W.vordering tot inkorting ingesteld meer dan 4 jaar na overlijden. 1393 n. 359 nr.be 2007 nr. http://jure.langdurig stilzitten: Hof Luik 8 oktober 2007353. e) Kapitalisatie (“anatocisme”) Basisregel = art. 358 Hof Brussel 4 januari 2011. Adv.

© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012

Kapitalisatie vereist een ingebrekestelling; een conclusie kan ook gelden als ingebrekestelling, mits daarin de aandacht wordt gevestigd op de kapitalisatie362. In sommige gevallen werd de kapitalisatie verworpen omdat de aanmaning niet duidelijk genoeg was (maar enkel in vage termen van kapitalisatie sprak363). 10. Schadevergoeding wegens niet-nakoming a) Rol van de schadevergoeding. 1° Op de eerste plaats kan de verplichting tot schadevergoeding in de plaats komen van de primaire verbintenis tot nakoming of herstel. Het gaat hier dan om een uitvoering bij equivalent (in tegenwaarde). Een variante daarvan is de schadevergoeding wegens minwaarde bij verborgen gebreken krachtens art. 1644 BW (die volgens die bepaling door een deskundige wordt bepaald, wat evenwel conform de algemene regel inzake deskundig onderzoek enkel een advies aan de rechter inhoudt364). Deze regel is niet beperkt tot contractuele verbintenissen. Zo heeft elke schuldenaar van een zaak de verplichting de tegenwaarde ervan te betalen indien hij toerekenbaar tekortkomt aan de verplichting de zaak te leveren; in Cass. 15 februari 2011 werd dit toegepast op de niet-voorbrenging van verbeurdverklaarde goederen365. Ook bij onverschuldigde betaling is er een verplichting tot betaling van de tegenwaarde van de prestatie indien deze niet in natura kan worden teruggegeven. Omgekeerd kan bij een vergoedingsplicht uit onrechtmatige daad het herstel in natura gevorderd worden eerder dan een vergoeding in geld (zie hoger). 2° Ten tweede kan vergoeding gevorderd worden voor de schade die bijkomend door de toerekenbare niet-nakoming van een verbintenis is veroorzaakt, naast de primaire prestatie of het equivalent daarvan in waarde. 3° Een contractspartij die noch uitvoering vordert (en zelf nakomt) noch ontbinding eist heeft daarentegen géén rechtsgrond voor een eis tot schadevergoeding366.

HENKES. 361 Cass. 30 april 2012, nr. S.10.0051.F, faill. Pompes Funèbres M., http://jure.juridat.just.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20120430-1. 362 Cass. 7 oktober 2011, nr. C.10.0227.F, http://jure.juridat.just.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20111007-1. 363 Kh. Brussel 20 juni 2008, RW 2011-12, 706. 364 Zie voor het laatste Cass. 20 april 2012, Barchon Metal Vannerum t. Sofintra, nr. C.11.0608.F, http://jure.juridat.just.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20120420-5. Het zou anders zijn indien partijen aan de expert de bevoegdheid geven een beslissing te nemen als derde-beslisser. 365 Cass. 15 februari 2011, nr. P.09.1566.N, http://jure.juridat.just.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110215-4. De verbeurdverklaring zelf heeft in beginsel een “zakelijk” karakter, maar de verplichting om de goederen voor te brengen rust enkel op de veroordeelde. Het is dus ook enkel die schuldenaar die gehouden akn zijn tot vergoeding van de verbeurdverklaarde goederen in waarde. 366 Cass. 15 mei 2009, RW 2009-2010, 1432 n. K. VANHOVE = http://jure.juridat.just.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20090515-1. Zo ook Hof Antwerpen 28 juni 2004:, NjW 2005, 1056

73

b) Schade en causaliteit bij gevolgschade 1° Algemeen Zie de bespreking bij onrechtmatige daad mut.mut. De bespreking bij onrechtmatige daad handelt wel over het ontstaan van een verbintenis tot herstel wegens niet-naleving van een zorgvuldigheidsplicht of andere plicht ook als die nog geen verbintenis inhoudt, terwijl het hier op de eerste plaats gaat om de schade veroorzaakt door de niet-nakoming van een reeds geldende verbintenis, doch ook kan gaan om de de schade veroorzaakt door de overtreding van een nevenplicht die geen zelfstandige verbintenis zou zijn. 2° Beperking contractuele aansprakelijkheid tot voorzienbare schade (art. 1150 BW) Bv. Cass. 4 februari 2010367: de voorzienbaarheid betreft enkel de oorzaak van de schade, niet de omvang ervan. 3° Miskenning nevenplichten bij verlening wilsrechten Wanneer er een voorkeurrecht in geval van verkoop wordt verleend, dan houdt dit in dat men de gerechtigde tijdig en voldoende informeert over de voorgenomen verkoop; omgekeerd moet de gerechtigde wel aantonen dat hij het recht zou hebben uitgeoefend indien die verplichtingen waren nagekomen – vb. In Hof Luik 1 februari 2011368. c) Schadebeperkingsplicht schadelijder De schadebeperkingsplicht geldt ook bij contractuele aansprakelijkheid, bv. Cass. 17 mei 2001369: “niettemin gebiedt in een geest van loyaliteit de redelijke maatregelen te treffen die zijn schade kunnen matigen of binnen zekere grenzen houden”). d) Straf- en schadebedingen 1° Toepasselijke regels in het algemeen * Voor de wet van 1998 had de rechtspraak 2 toetsingsniveaus ingebouwd: a) enerzijds nietigverklaring van het beding indien het a priori punitief is, d.w.z. groter dan de bij contractsluiting potentiële schade (sedert Cass. 17 april 1970370); Cass. 29 februari 1996371 voegde eraan toe dat de werkelijke schade een element mag vormen in de beoordeling van wat bij de contractsluiting potentiële schade was. b) anderzijds beperking indien post factum onevenredig met werkelijke schade (Cass. 18 februari 1988372);

367 Cass. 4 februari 2010, C.09.0246, http://jure.juridat.just.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20100204-8, Jaarverslag cassatie 2010, 17. 368 Hof Luik 1 februari 2011, JLMB 2012, 1416. 369 http://jure.juridat.just.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20010517-8 370 Cass. 17 april 1979, Arr. 1970, 764, “biljartarrest”. 371 Cass. 29 februari 1996, Arr. 1996, 208. 372 Cass. 18 februari 1988, RW 1988-89, 1226.

74

© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 * Bij Wet van 23 november 1998 werd in art. 1231 § 1 een matigingsbevoegdheid voor de rechter ingevoerd “wanneer de som kennelijk het bedrag te boven gaat dat de partijen konden vaststellen om de schade wegens de niet-uitvoering van de overeenkomst te vergoeden”. Welk gevolg heeft dat voor de 2 daarvoor bestaande toetsingsniveaus ? a) Cass. 6 december 2002373: een schadebeding groter dan de potentiële schade kan op die grond niet nietig verklaard worden, enkel verminderd. Dat is anders in consumentenovereenkomsten, waar art. 74, 24° (iuncto 75) WMPC de nietigverklaring voorschrijft. Daarbuiten kan nietigverklaring in plaats van vermindering wel nog voor “zuivere” strafbedingen (louter punitieve functie, niet gemengd vergoedend-punitief). b) Ook de inperking wegens rechtsmisbruik blijft nog mogelijk. Zie bv. Hof Brussel 10 november 2005374. Bij toepassing van art. 1231 BW moet de rechter het beding matigen tot het bedrag van de bij contractsluiting voorzienbare potentiële schade, voor zover die niet minder bedraagt dan de werkelijke schade (Cass. 22 oktober 2004)375. * De matigingsbevoegdheid van art. 1231 BW is van dwingend recht, en kan dus niet bij overeenkomst worden uitgesloten; deze uitsluiting wordt voor ongeschreven gehouden maar maakt het schadebeding zelf nog niet nietig (Cass. 5 maart 2007)376. * Schadebedingen bij leasing: Cass. 8 november 2001. In casu werd aanvaard dat de bewoordingen toerekening van de realisatiewaarde van het goed op het schadebeding uitsloten en zulks geldig was. 2° Toepassingsgebied - getroffen bedingen - opzeggingsbedingen Zgn. opzeg- of verbrekingsbedingen die een partij een “recht” geven om de overeenkomst te berekenen tegen betaling van een vergoeding zouden geen strafbedingen zijn en dus niet aan de toetsing van strafbedingen onderworpen zijn: Cass. 22 oktober 1999377, Cass. 30 maart 2001378, Cass. 6 september 2002379; dit lijkt m.i. erg op “ceci n’est pas une pipe”... tenzij er een daadwerkelijke en geen illusoire optie is voor de opdrachtgever. * Kwalificatie van het beding Hof Brussel 15 september 2009380 oordeelde dat een wederbeleggingsvergoeding bij vervroegde terugbetaling van een krediet geen strafbeding is. Maar Hof Brussel 18 juni
373 Cass. 6 november 2002, RABG 2003, 645 n. J. BAECK. 374 RW 2006-07, 790 n. I. SAMOY & K. VANDERSCHOT 375 Cass. 22 oktober 2004, RW 2005-2006, 460 n. D. MERTENS. 376 Cass. 5 maart 2007, http://jure.juridat.just.fgov.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20070305-4 = RW 2010-2011, 321. 377 Pas. 1999, 1373. 378 Arr. 2011, 566. Het ging in casu nochtans om een toepassing van art. 1794 B.W. wat wil zeggen dat de opdrachtgever dat opzeggingsrecht sowieso had, ook zonder dat het bedongen was en zonder dat hij er een prijs voor moest betalen (andere dan vergoeding van de werkelijke schade). 379 Pas. 2002, 1546. 380 NjW 2010, 285.

75

80. 28 april 2011381.en in consumentenovereenkomsten ook de algemene toetsingsnorm van art. TERRYN (eds. 77. BAECK.0117. Hof Gent 7 januari 2008. . 382 Hof Brussel 18 januari 2007. Cassatie oordeelde “Il appartient au juge du fond d’apprécier si la somme dont cet acte stipule le paiement constitue la réparation d’un dommage ou est la contrepartie d’une faculté de résiliation unilatérale. 2009. bv. 27 WMPC (dat volgens de letter ervan echter enkel geldt voor het behoud van reeds betaalde sommen en niet voor nog te betalen vergoedingen). 29 oktober 2004. 183. 358.). Beëindiging van overeenkomsten met handelstussenpersonen. R. waartegen de voorziening werd verworpen door Cass. SAGAERT. 4 van het KB van 12 januari 2007. Men kan dat niet omzeilen door een 381 Cass.juridat. C.alsook art. ‘Contractuele bedingen over opzegging. in P. RW 1996-97. JT 2007. DCCR 2008. 1017. NjW 2005. Rb.5 % op het verschuldigd gebleven kapitaal per jaar.: .fgov. 3° Bijzondere wetsbepalingen Bij sommige overeenkomsten heeft de wet schadebedingen ook nog specifiek beperkt.just.Normaal moet ook het speculatieverbod gelden net zoals voor strafbedingen: indien de schuldeiser een groter voordeel haalt bij de verbreking dan bij nakoming van de overeenkomst. KN VAN RAEMDONCK. maar wel beperkt door het verbod van rechtsmisbruik (in casu echter niet bewezen). die Keure. 985 n.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20110428-6 = JLMB 2011. oordeelde dat een forfaitaire vergoeding wegens het niet-opnemen van een toegestaan krediet wel een strafbeding vormt. 74.10. zijn in een vastgoedmakelaarsovereenkomst met een consument nietig volgens art. J.STEENNOT 384 RW 2008-09. is het beding nietig naar analogie van Cass. n. verlenging en vernieuwing: een analyse naar gemeen recht’. DEL CORRAL en V. 1770 385 Zo STIJNS. 631 noot R. 17 april 1970385. nr. Gent.” Bedingen die verwarring scheppen tussen beide soorten. TBBR 2002. Hasselt 28 mei 2001. 28 WMPC. STEENNOT 383 NjW 2010. NAEYAERT en E. . 17 en 24 WMPC zijn niet van toepassing. 75 § 1 iuncto art. 435 76 . Rb. Hof Brussel 1 december 2009383 beschouwde een opzegbeding evenmin als een schadebeding.bij de lening mag de verwijlrente bovenop de basisrente nooit meer bedragen dan 0.In ieder geval geldt het verbod van rechtsmisbruik ook voor deze bedingen382. Hof Brussel 12 december 1995.2009. 243. . Verbintenissennrecht I (2005). maar het gemeen recht is wel van toepassing: . 2. RABG 2004. 28 april 2011. J. Hof Antwerpen 27 november 2006384: geen strafbeding. 74. * Controle op rechtsmisbruik Art. maar besliste tevens dat het in een consumentenovereenkomst wel te toetsen is aan de regels inzake onrechtmatige bedingen ("kennelijk onevenwicht"). “Over strafbedingen en straffe opzegbedingen”. 1231 BW en de bijzondere bepalingen van art. 456. http://jure.F. Brugge.

Bovendien kan in vele gevallen een derde andermans schuld betalen (art. 386 Cass 9 maart 2012.fgov.just. Buiten de WMPC om kan de rechter evenwel niet op grond van de billijkheid hetzelfde beslissen387.juridat.just. 198 389 Cass. 4° KB 12 januari 2007 vastgoedmakelaars. Dit arrest doet meer vragen rijzen dan het beantwoordt. 17° WMPC (voorheen 32.11. RRD 2010.0330.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 “korting” toe te kennen bij tijdige betaling: de maximale verhoging dient in vergelijking met de werkelijk overeengekomen interest te worden bepaald – Cass. Voor een meer specifieke regeling. 4° Reciprociteitsvereiste bij consumentenovereenkomsten Art.0630. R.10.be/SyllabusInsolventierecht.17° nietig indien ze niet wederkerig zijn (boomerangbepaling) en een gelijkwaardige (niet noodzakelijk identieke) schadevergoeding inhouden.W. 7 september 2012.F. C. . In overeenkomsten onder de WMPC zijn schadebedingen volgens art. 9 maart 2012386.just. 387 Cass. 77 . http://jure. 11.fgov. 1236 B.N. 2034 B.in het KB Vastgoedmakelaardij van 12 januari 2007 tot max. zie http://storme.N = http://jure. 17 december 2010. 181 n.10. http://jure. “De wederkerigheidsvoorwaarde voor schuldvergelijking”.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20101217-3 = RW 2011-2012. Reciprociteit veronderstelt niet dat de bedinger ook tot het schadebeding moet gehouden zijn voor alle wanprestaties van dezelfde graad. 74. nr.juridat. Schuldvergelijking a) Wettelijke schuldvergelijking Voor een uitvoerige bespreking.juridat.pdf. zie Art.C. in welk geval het een conventionele schuldvergelijking is).fgov. waarin zowel de wederkerigheid als de gelijkwaardigheid van de sanctie nader omschreven worden.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N- de syllabus Insolventierecht: 20120309-5. 74. mits die derde in naam en tot kwijting van de schuldenaar handelt of mits hij. 3. 75 % van de overeengekomen commissie. * Algemeen: wederkerigheidsvereiste Volgens een arrest van het Hof van cassatie van 17 december 2010 kan een schuldeiser zijn eigen schuldvordering op een wederpartij niet verrekenen met een schuldvordering die die wederpartij op een derde heeft389 (behoudens met instemming van de schuldeiser.1046.W. zo is het duidelijk dat men wel een eigen schuldvordering kan verrekenen met andermans schuld waarvoor men als borg gehouden is (dit volgt uit art. men kan dus wel een verschil maken in het foutcriterium . 15° WHPC) eis reciprociteit bij schadebedingen.zo Hof Bergen 16 maart 2010388. C. HOUBEN.: “De verbintenis kan zelfs voldaan worden door een derde die daarbij geen belang heeft. “De verbintenis uit borgtocht gaat teniet door dezelfde oorzaken als de overige verbintenissen“). nr.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20120907-1 388 Hof Bergen 16 maart 2010.

0487F. JT 2006. Bespreking van beide arresten door T.05. C. Want eigenlijk geldt hetzelfde al zonder die bepaling. 813 = NjW 2006. 1561 n. Cass. 1998. R. BASF t. HURNER.d. 2006. GW Hof 167/2008 van 27 november 2008: uitbreiding van de WFZ naar natuurlijke personen niet-handelaars is ongrondwettig want onvoldoende gemotiveerd. 393 Cass.just. niet in de rechten van de schuldeiser gesteld wordt“). 25 september 2006. 391 Cass. beperkt.fgov.juridat. 391 n. JLMB 2006. Eerder reeds o. RW 2006-2007. zie Cass. United Real Estate t. beiden in een fiscale zaak maar principieel verwoord. is toch vereist dat een van de partijen er zich op beroept. 565 n. in Faillissement en gerechtelijk akkoord: het nieuwe recht.verdergaande uitzondering in de oude procedure gerechtelijk akkoord. * Schuldvergelijking na samenloop: . ENGEBAT. HOUBEN "Schuldvergelijking: opeisbaarheid. 1101 = TBH 2005. op voorhand bedongen schuldvergelijking – art.0424. 488 n.F. Cavenaille en Bodeus q. zie twee principiële cassatie-arresten van 24 juni 2010391).q. P. . daarbij rijst onder meer de vraag of een volstortingsplicht samenhangt met schulden aan de vennootschap. E.N. * Hoewel men traditioneel stelt dat schuldvergelijking van rechtswege intreedt. SAGAERT "Schuldvergelijking en gerechtelijk akkoord: continuïteit schept connexiteit".handelende in zijn eigen naam.10. nr. 78 . nr. nr. en zou dat dus ook moeten kunnen door middel van schuldvergelijking. Achtergrond: schuldvorderingen hebben slechts statuut zoals ze 390 Cass.juridat. 4 februari 2011.fgov.0443.. West-Konstrukt. VAN GERVEN. vaststaand en opeisbaar waren).wel kan de schuldeiser van een boedelvordering/boedelschuld verrekenen met een schuld in de boedel390.i.i.05.juridat. 7 april 2006. 24 juni 2010. Jammer genoeg besliste het parlement om het GwH te volgen en de WFZ in 2011 aan te passen . 1451. C. DIRIX.gevolgen m. H. alleen minder rechtszekerheid. http://jure. http://jure. adde Cass. nr.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110204-6 = RW 2011-2012.J.0029. verwerping voorziening tegen Hof Bergen 28 juni 2004..m. http://jure. E. JLMB 2004. Kluwer. nr. d. 14 en 15 WFZ. COUSSEMENT = TBH 2006. In ons recht heeft zo’n beroep wel terugwerkende kracht tot op het tijdstip waarop aan de vereisten voor wettelijke schuldvergelijking was voldaan (beide schulden wederkerig.N. Antwerpen. 392 Cass. VAN DEN HAUTE. HOUBEN. F.just.0085. t. 944 n. rolnr.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20100624-2 en cass. mits beiden ontstaan voor de samenloop (voor dat laatste. verbreking Hof Gent 26 april 2004. 16. C.N.just. Durobor. ten onrechte én slag in ’t water: . NJW 2004.i. . 810 n. D. 7 april 2006. 645 = Pas. 1 juni 2006.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20100624-7.in beginsel niet meer mogelijk indien niet reeds aan de vereisten is voldaan op het tijdstip van de samenloop . V. C.fgov. C. 276. Euroftal = RW 2006-2007. 4 februari 2011392). Faill. R. "Posities van schuldeisers en hun zekerheidsrechten». van nettingovereenkomsten. Durobor en Cass. want het arrest m.gronden voor die beslissing zijn een miskleun .. 633 v. b) Conventionele schuldvergelijking Effectiviteit na samenloop e. 24 juni 2010. 546 = JLMB 2007.N.0365.09. 896 = JT 2006. “L’hypothèse de la compensation après concordat et en cas de concours successifs”. 948 = TRV 2008.wel mogelijk bij samenhang tussen de schulden. samenloop en volstorting" = JT 2007.09. curatoren faill. 1 juni 2006393.09.

wanneer een benadeelde de verjaring stuit door burgerlijke partijstelling. 397 Cass. na 10 jaar en niet na 5 jaar. C. wanneer er naast of in plaats van de pauliana een aanspraak tot schadevergoeding tegen de wederpartij wordt ingesteld.nietigverklaring van rechtshandelingen (art. ook voor precontractuele aansprakelijkheid inbegrepen wegens incidenteel bedrog396. iz. RW 2012-2013. 395 Hof Luik 17 oktober 2011. 2 februari 2007. . zie hieronder) (2262bis. Dat laatste ligt in lijn van Cass. NjW 2011.just. .© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 gelden in de rechtsverhouding tussen partijen – als partijen bedongen hebben dat ze een ondeelbaar geheel vormen (bv.q. 1436. bij bedrog wanneer het effectief werd ontdekt. rekening-courant). 20. ook een aanspraak op nakoming in natura van een voorkeurrecht blijft een obligatoire aanspraak en geen zakelijke aanspraak395.09. Maar volgens cassatie geldt ook voor de pauliana de termijn van (2262bis. werkt dat sowieso erga omnes. I. Bv.0306. ook voor objectieve aansprakelijkheden. geldt die stuiting ook voor bij afzodnelrijkee eis geldend gemaakte aanspraak van de gesubrogeerde (die immers dezelfde aanspraak is als de subrogant)394.08. I 1 BW). Verjaring De verjaring is een materieelrechtelijke en geen procesrechtelijke vraag. 1156. 544 BW397. Eerder Hof Luik 30 maart 2009. 20 januari 2011.juridat.F. 2 oktober 2009. 2 BW).aanspraken tot schadevergoeding of herstel uit onrechtmatige daad: 5 jaar (c. 1304 BW): 10 jaar. Voorwerp van de verjaring is de aanspraak.maar een aanspraak op schadevergoeding wegens incidenteel bedrog verjaart als buitencontractuele aanspraak (zie hieronder).schuldvorderingen andere dan buitencontractuele aansprakelijkheid: 10 jaar (2262bis. Datafer. 396 Cass.fgov. minnelijk kantonnement. I.i.juridat. 12. 79 .be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20091002-5 = RW 2011-2012. Hof Antwerpen 27 oktober 2010.just. het vertrekpunt van de termijn van 10 jaar voor de pauliana kan gedefinieerd worden zoals bij nietigverklaring: wanneer het gebrek diende te worden ontdekt. 1141.F. JLMB 2011.fgov.. 304 noot JdC. JLMB 2012. maar zelfde ratio. In arrest 150/2012 besliste het GwH dat de verjaring van de aansprakelijkheid van een notaris dezelfde moet zijn bij een onderhandse en een authentieke akte. Weliswaar een andere casus. C. Zo verjaart de pauliana als een aanvechting m. a) Vertrekpunt en termijnen 1° Termijn en vertrekpunt voor verjaring van obligatoire aanspraken algemeen en van bevoegdheden tot nietigverklaring . . 1713. 2 BW) (5/20 jaar).0118. en dat zo men in het 394 Cass. 12. inbegrepen de aansprakelijkheid wegens nabuurhinder – al wordt die gegrond op art. verjaart die wel na 5 jaar.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20110120-3 = JLMB 2011. Het onderscheid in verjaringsregels tussen contractuele en buitencontractuele aansprakelijkheid blijft vanuit het grondwettelijk gelijkheidsgebod problematisch. http://jure. 14 april 2010.Het is anderzijds niet evident dat die termijn (5/20) ook geldt voor aanspraken op rechtstreekse rechtsbescherming van subjectieve rechten. http://jure.

zo blijkt uit een arrest van 26 april 2012: de overschrijving in de hypotheekregisters van een akte die een schuldeiser zou benadelen is niet voldoende om de termijn van 5 jaar te doen lopen400.08.F.juridat. http://www. . http://jure. http://jure.0237.just. 403 Hof Antwerpen 8 april 2010. behalve (art. dit discriminerend is398.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20100203-2. DELWICHE. . 209. P.fgov. 462 n. Van Oevelen 402 Cass. de interest op de principale veroordeling blijft wel verjaren na 5 jaar bij toepassing van art. nr. C.N. C.just. 114) een vijfjarige verjaring voor terugvordering van onterecht uitbetaalde wedden e.fgov. zie hoger). http://jure. 134 lid 3 zoals bepaald door de Programmawet 398 GH nr.fgov. 20 jaar vanaf feit. 25 maart 2010.0539. 5 juni 2008401) of het gelijkgestelde feit waardoor aansprakelijkheid mogelijk wordt (Cass.juridat.fgov.0306. http://jure. T.be/public/n/2012/2012-150n.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20120426-3. 400 Cass. 401 nr.N. 31 mei 2012. C.fgov.N. 150/2012 van 13 december 2012. 2277 BW403. 31 mei 2012.juridat.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20080605-4 = RW 2008-09. 405 Cass. 9 december 2010.just. 399 Cass. d. Lenaerts t. 374. toe leiden dat bv.10.N.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20101209-11 = i 2012.bij aansprakelijkheid van de Staat voor fouten van de rechterlijke macht loopt verjaring pas wanneer het foutieve vonnis is ingetrokken (Cass.juridat.juridat.just.verjaart in beginsel na 10 jaar. ter perse in RW.just.wanneer jaren na een strafrechtelijke veroordeling de rechter aan de burgerlijke partij een schadevergoeding toekent onder "medisch en fiscaal voorbehoud".0539. 3 februari 2010.const-court.07.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20120531-5.i. 113 tot 116 Wet 22 mei 2003): gemeen recht.voor alle federale en programmatorische overheidsdiensten van het algemeen bestuur in werking getreden op 1 januari 2010 (Art.algemeen: dubbele termijn 5 / 20 jaar. C.juridat.tweede geval de termijnen inzake buitencontractuele aansprakelijkheid zou toepassen.10. Vulex.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20100218-9. 5 jaar vanaf de kennis van de schade (of verzwaring ervan) en identiteit aansprakelijke.ook bij provisionele veroordeling door de strafrechter: 10 jaar vanaf dat vonnis404. 80 .d. Keirens. C.i. Kennis van de schade vereist geen kennis van de omvang van de schade399. http://jure. C.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20120531-5 = RW 2012-13. 3° Actio iudicati .0143.09.just. 26 april 2012. http://jure. voorziening in cassatie verworpen bij arrest Cass.fgov. ook de aansprakelijkheid van een arts niet anders kan verjaren naargelang die contractueel of buitencontractueel is. 18 februari 2010. 2° Termijn en vertrekpunt verjaring aanspraken uit buitencontractuele aansprakelijkheid . 800 n.pdf. Dezelfde redenering moet er m. . ook indien de aanspraak waarop de veroordeling gegrond is na een kortere termijn verjaart402.N iz.0073.fgov.11.10. . “Gerechtelijke moratoire interest verjaart na vijf jaar” 404 Cass.juridat. RW 2011-2012.just. De kenbaarheid wordt subjectief ingevuld. 4° Verjaringen voor en tegen de overheid Nieuwe regeling inzake verjaring vorderingen voor en tegen de Staat (Art. kunnen de aanspraken uit dit voorbehoud uitgeoefend worden gedurende 20 jaar vanaf die uitspraak (en niet vanaf de eerdere veroordeling)405. http://jure.1771.

16) een vijfjarige verjaring voor terugvordering van onterecht uitbetaalde wedden e. 684 n. nr. 'De verjaring van de eis tot terugbetaling van onterecht geïnde belastingschulden: species van het genus schuldvordering ten aanzien van de overheid?' = NjW 2011. de rest treedt pas in werking op 1 januari 2014 voor die diensten).0052.arrest 15/2005408 inzake waterleveringen. 408 http://grondwettelijkhof.N. 1711 n.09. noot CL “Toepassingsgebied artikel 2277 BW: het Grondwettelijk Hof zet de trend verder”. RW 2010-2011. F. RW 2011-2012.. S. eerste lid. 2277 BW: Cass. .fgov. ook voor de syndicus bij het invorderen van schulden met betrekking tot de gemeenschappelijke lasten van medeeigendom” = NjW 2011. noot Bart VAN DEN BERGH. waaronder de verjaringsregels.just. dit laatste gevolgd door Cass.0063. In fiscale zaken geldt het gemeen recht voor zover de fiscale wet er niet van afwijkt406. .Voor de deelstaten: algemene bepalingenwet van 16 mei 2003: gemeen recht.d.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 23 december 2009.10. ..fgov.arrest 13/2007409 voor telefoonkosten. behalve (art.just. 81 .just. De regel geldt niet wanneer de gehele schuld op voorhand vaststaat. noot SDR 'Verjaring van vorderingen tegen de overheid in fiscale zaken'.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20100125-3 = 2010. Wanneer de interest van rechtswege loopt. deze data gelden niet noodzakelijk voor andere hoofdstukken dan de verjaringsregels). http://jure. administratieve openbare instellingen met rechtspersoonlijkheid en administraties met beheersautonomie maar zonder rechtspersoonlijkheid is dit gebeurd op 1 januari 2012 (enkel Titel V.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20110609-2 = RW 2011-12. 6/2011411 voor bijdragen in de gemeenschappelijke lasten van een medeeigendom. nr. 2277 Wb de vijfjarige verjaring van art.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20100910-3. 115 en 116). C.0307.0410. 6/2011. http://jure. De bepaling kreeg een ruime uitleg ingevolge grondwetsconforme interpretatie door het GwH: . voor terugvordering van geldelijke tegoeden geldt de termijn van 30 jaar zoals voor revindicaties (zie art.in werking voor het Brussels Gewest (1 januari 2007). gemeenschap. 6° Andere bijzondere verjaringen 406 Cass. F.arrest GwH nr. RW 2007-2008. . LEBON. Dossche Mills t. 461. van de gecoördineerde wetten op de Rijkscomptabiliteit blijft van toepassing op de schuldvorderingen op de federale Staat die vóór de inwerkingtreding van de wet van 22 mei 2003 zijn ontstaan (artikel 131 II W. BOULY “Time flies.be/public/n/2007/2007-013n. zoals in een leasingovereenkomst van bepaalde duur412. C. het Waals Gewest en de Franse Gemeenschap. . 1307.juridat.09.pdf. -. 16 november 2001.juridat.fgov. 10 september 2010. 411 GwH 13 januari 2011. 335.pdf 409 http://grondwettelijkhof.be/public/n/2005/2005-015n.10. 410 C.Artikel 100. 1651. begin deze verjaringstermijn te lopen zodra de interest loopt en niet eerst vanaf de aanmaning tot betaling ervan407. 22 mei 2003). 407 Cass. Vlaamse rechtspersonen). 412 Hof Antwerpen 6 september 2010. http://jure.N. Zie eerder reeds Cass. 25 januari 2010410.Voor staatsbedrijven zonder rechtspersoonlijkheid. Ook de interest op een aanspraak uit veroordeling (actio judicati) verjaart na 5 jaar (zie hoger).juridat.F. 9 juni 2011. 1335. Financiën. de Duitstalige Gemeenschap (1-12010) en sinds 1 januari 2012 voor Vlaanderen (gewest.F. 22 september 2011. 5° Art.

Het kan zowel om een Belgische als een buitenlandse rechter gaan417.10.F.0125.09. Ook de inleiding van een (incidentele) eis bij conclusie stuit de verjaring (maar een conclusie stuit de verjaring niet als er geen eis in wordt verwoord)419. http://jure. C. nr. . 18 november 2010.W.pdf 415 RW 2011-2012.juridat. 82 . 30 november 2009415.) Vorm van de stuiting “Dagvaarding” in deze bepaling wordt uitgelegd als elke inleiding van een eis416. Ook een nietige dagvaarding stuit de verjaring sedert de wijziging van art. 2247 BW bij W.just. C.just. nr.F.juridat. 418 Cass. Dit is een algemene regel volgens Cass. 12 juni 2009413). 2277 ter ingevoegd in 2007. Bij betekening van een dagvaardingsexploot stuit de betekening de verjaring.0125.0579. 2277bis. 16 juli 2012 (in werking 13 augustus 2012).09. en van rechtstreekse aanspraken van schadelijder jegens verzekeraar (art. 18 november 2010. 2° termijn loopt voor elke afzonderlijke prestatie vanaf de eerste dag van de maand na verstrekking (en dus niet pas vanaf het einde van de behandeling) (Cass.Ook daarbuiten veel rechtspraak Grondwettelijk Hof. 15 juni 1935). Cass. .in de verzekeringswetgeving geregeld is de verjaring van contractuele aanspraken tussen partijen. .F. http://jure. en het betrokken recht voor de inwerkingtreding van de nieuwe wet is ontstaan. Er blijft wel de lex specialis van art.fgov. 13 oktober 2011. zij het dat dit een eerder ingetreden verjaring overeenkomstig de oude regel niet zal verhinderen. 577. 417 Cass.be/public/n/2001/2001-137n. begint de nieuwe verjaringstermijn ten vroegste met de inwerkingtreding van de nieuwe wet te lopen. b) Stuiting 1° Stuiting door inleiding van de eis (art. 149/2012 van 6 december 2012 slechts grondwettig indien zo uitgelegd dat de stuiting pas op het ogenblik van de kennisgeving per gerechtsbrief een einde neemt). verjaring geneeskundige verstrekkingen: 1° geldt niet voor diergeneeskunde. 2244 B.fgov. 416 Bv.fgov. 25 oktober 2010. 414 http://grondwettelijkhof.voor milieuschade.just. op voorwaarde dat de zaak op de rol is gezet voor de inleidingszitting – zoniet is er geen stuiting418. 7° Overgangsrecht bij wijziging verjaringsregels Wanneer in burgerlijke zaken een wet voor de verjaring van de vordering een kortere termijn bepaalt dan die bepaald door de vorige wet. F. Zo is de bijzondere verjaringsregeling voor de aansprakelijkheid van advocaten niet ongrondwettig (arrest 137/2001414).. 267.art. 1084. zie het art. 419 Bv.09. F.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20101025-1 = RW 2012-13. GwH nr. 413 http://jure. een einde neemt door de uitspraak van de rechterlijke beslissing dienaangaande (vlg. 40 III Taalwet gerechtszaken (W.juridat. volgens hetwelk de stuiting van een akte die nietig is vanwege een miskenning van die Taalwet.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20101118-6. Cass.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20090612-1 = RW 2011-2012.N. nr. nr.0615. 35 LVO).

juridat.dekamer.a. LEBON "Dagvaarding en bevrijdende verjaring: omvang van de stuiting”).be/pdfapp/download_blob?idpdf=N- 20100316-4. bv. 16 maart 2010. 22 september 2011. RW 2012-13. Dit geldt enkel indien de rechter de eis definitief heeft willen afwijzen en niet indien hij aan de afgewezen eiser de mogelijkheid laat in een later stadium en onder bepaalde omstandigheden dezelfde eis opnieuw voor te brengen422.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110922-8. F. Wanneer evenwel de burgerlijke rechtsvordering tijdig voor de strafrechter is ingesteld en er daarover nog geen in kracht van gewijsde gegane beslissing is. 422 Cass. Wanneer de strafrechter de op het bestaan van een misdrijf gebaseerde vordering van de burgerlijke partij definitief afwijst (door gebrek aan bewijs van het misdrijf dan wel gebrek aan oorzakelijk verband tussen het misdrijf en den aangevoerde schade).09. stuit de verjaring t. 425 Cass.just. Een vordering ingesteld tot vergoeding van een deel van de schade.v. een ander deel van de schade. P. Omvang van de stuiting ratione materiae Het instellen van een eis stuit de verjaring voor die eis alsmede de eisen die er virtueel in begrepen zijn.10.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 Sinds de wijziging van art.just.be/FLWB/PDF/53/1498/53K1498005. 27 mei 2010. 371. 27 mei 2010. In de Kamercommissie is een wetsvoorstel goedgekeurd tot invoering van een stuiting door advocatenakte. 371. 421 Zie http://www. RW 2012-13. RW 2012-13.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20101118-6. 2244 § 2).juridat.juridat. bv. 12 januari 2010.1266. de vordering tot herstel van de schade veroorzaakt door de vernietigde administratieve handeling als een dagvaarding voor het gerecht. De burgerlijke-partijstelling voor de onderzoeksrechter geldt als een wijze waarop de burgerlijke rechtsvordering in de zin van artikel 2244 BW wordt ingesteld en stuit dus ook de verjaring420. 423 Cass.fgov. dan is de stuiting ongedaan gemaakt.pdf.1519. http://jure..fgov. 424 Cass. blijft de strafrechter bevoegd om de burgerlijke rechtsvordering ook als de strafvordering verjaard is424. ook als dat niet onmiddellijk het voorwerp van de eis425. correcter een verlenging van de verjaringstermijn met 1 jaar (in te voegen als art. de materiële schade. 2247 BW wordt de stuiting van de verjaring voor niet bestaande gehouden indien de eis wordt afgewezen. 233 noot C. http://jure. 12 januari 2010. met als motivering dat “De oorzaak van een 83 .N.just. 103. De stuiting strekt zich niet uit tot een eis met een andere oorzaak in de zin van het geheel van feiten en http://jure.N. 2244 BW in 2008 heeft een beroep tot vernietiging van een administratieve handeling bij de Raad van State dezelfde gevolgen t. Cass. en kan de instelling van de eis gegrond op dat misdrijf ook niet meer gelden als stuiting voor een eventuele aanspraak gegrond op een door de beklaagde begane quasi-delictuele fout423. P. de ingebrekestelling moet daartoe wel aangetekend met ontvangstbewijs verzonden worden en gedetailleerde informatie bevatten over schuldeiser. 420 Cass.09. 103. schuldenaar en schuld421. de morele schade die door het misdrijf is veroorzaakt. RW 2012-13.fgov. maar niet voor andere eisen (Cass. 5 mei 2001 (Recente cassatie 2001. Ongedaanmaking stuiting bij afwijzing eis Krachtens art.N.o.v.0071.

juridat. 101 gewijzigd werd bij W. de inningsinstellingen sociale zekerheid. 428 Cass. Indien de solvens alles betaalt wat hij meent verschuldigd te zijn.art.0043. Dit belet niet dat ten gunste van de overheid of van bv. 1 oktober 2010428). RW 2012-13. alsook door daden van onderzoek of daden van vervolging). 100 W. 20 mei 2010. Maar de schorsing van de verjaring tijdens de procedure (gerechtelijke procedure. 83 Programmawet-I van 29 maart 2012: door de instelling of de uitoefening van de strafvordering. krachtens hetwelk een dwangbevel worden geïnterpreteerd als een verjaringstuitende akte in de zin van art. 4° Stuiting bij verjaring schuldvorderingen jegens de overheid Stuiting wordt in beginsel geregeld door het gemeen recht.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20111107-1. geldt niet jegens de medeschuldenaar (daar loopt de verjaring door. . 2° Stuiting door beslag Bij derdenbeslag wordt de verjaring van de beslagen schuldvordering gestuit door het beslag onder de derde. houdt die betaling geen betrekking in noch afstand van verjaring voor het overige427. anders wat bv. 4° Werking ratione personae van de stuiting aan de passiefzijde Art.0192. 1206 BW: stuiting stuit ook jegens hoofdelijke medeschuldenaars. 84 . er bijkomende stuitingsgronden kunnen gelden. zowel bij overheden waar reeds de nieuwe regels gelden van de Wet van 22 mei 2003 als bij overheden waar de oude wet Rijkscomptabiliteit van 1991 nog geldt (waarvan art. zelfs indien de belastingschuld geen zeker en vaststaand karakter heeft (Cass. http://jure. maar dat is niet noodzakelijk zo. zie met name: . 42 RSZ-Wet (wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders) zoals gewijzigd door art. C/06. Maar waar de wet van 1991 nog geldt. faillissementsprocedure).just.fgov.juridat.handelingen waarop een partij haar eis baseert (idem). De stuiting van een virtueel inbegrepen eis helpt natuurlijk maar voor zover de stuiting niet ingedaan wordt gemaakt door de afwijzing van de ingestelde eis. de burgerlijke rechtsvordering volgend uit een misdrijf is aldus het schadeverwekkend misdrijf waarop de burgerlijke partijstelling is gebaseerd”. 1991).fgov. http://jure. 426 Cass.just. 1 oktober 1010. maar de verjaring van de verzekerde schuldvordering wordt slechts gestuit door de aanzegging of betekening aan de beslagen schuldenaar zelf426. 3° Stuiting door erkenning of door afstand van (het verkregen deel) van de verjaring Een gedeeltelijke betaling kan een erkenning van schuld inhouden.art.F. 7 november 2011. 25 juli 2008). F. 427 Zie bv. 49 van de Programmawet van 9 juli 2004. 2244 BW.N.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20100520-6.09. Nr. Cass. is er ook geen verjaring indien de schuldvordering binnen het 5e jaar wordt overlegd in de voorgeschreven vormen (art. 500.

28. 434 Cass. 85 . 436 Bv.09. 433 De brief moet ook een volwaardige beslissing van de verzekeraar inhouden. 1010.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20100520-6. behoudens hoofdelijkheid.09. 5° Werking ratione personae van de stuiting aan de actiefzijde De stuiting geldt ook niet ten voordele van een medeschuldeiser (behoudens actieve hoofdelijkheid): Cass.fgov.08.08.fgov.0043. In het gemeen recht is deze schorsingsgrond niet bepaald. RW 2011-2012.fgov.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 gefailleerde persoonlijk betreft bij stuiting door aangifte van schuldvordering: Cass. http://jure. 20 mei 2010. http://jure.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F20091221-10. RW 2010-2011. Idem bij medeverzekeraars. c. nr.0106. moet er zorg voor dragen de verjaring ook te stuiten jegens de beslagen schuldenaar. 27 mei 2010.0245. 1650. http://jure. 21 december 2009)434.just. aangezien de dagvaarding van de derde de verjaring niet stuit jegens de beslagene430.11.N = Jaarverslag cassatie 2009. 10 WAM. 2° Schorsing bij minderjarigheid Minderjarigen worden in beginsel geacht in de onmogelijkheid te verkeren de verjaring te stuiten. C. evenwel kan de kennisgeving ook gebeuren door middel van een conclusie in een geding waarin de verzekeringnemer partij is en die hem is meegedeeld435.F.juridat. zoals normaal het geval is (behalve in geval van belangeconflict 429 S. 431 Apruzzzese t. http://jure.0103.fgov.F . F. 18 juni 2012.just.just. nr. SRWL. art. andere vormen van kennisgeving hebben dit effect niet (Cass. C. c) Schorsing en verlenging 1° Schorsing wegens onderhandelingen Deze is geregeld in o.0098.juridat. 9 juni 2009431 (stuiting van de verjaring door de hoofdaannemer komt niet automatisch ten goede komt aan de opdrachtgever die jaren later een vordering instelt tegen de hoofdaannemer).be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20100527-17.m.N. ook bij stuiting door de leidende verzekeraar. De schorsing (en stuiting) door die bepaling eindigt slechts wanneer de verzekeraar een aangetekende brief zendt (of exploot laat betekenen)433.N. 430 Voor een toepassing. gezien de beperkte draagwijdte van het mandaat van de leidende verzekeraar432. 21 december 2009.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20120618-3. maar deze regel komt onder druk wanneer de minderjarige een wettelijke vertegenwoordiger heeft. is de schorsing niet beëindigd: Cass. 19 januari 2009429). wanneer die brief stelt dat de verzekeraar nog terugkomt op de zaak. De solidariteit van de stuiting bij hoofdelijke schuldenaars geldt niet bij gehoudenheid in solidum.juridat.just.04. maar moet de verjaring wel verlengd worden in geval van rechtsmisbruik door de partij die onderhandelingen rekt om de verjaring te bereiken436. Voorbeeld: de beslaglegger die de derde-beslagene aanspreekt wegens het niet afleggen van een schuldenaarsverklaring.F 432 Hof Gent 20 maart 2008. zie Cass. 435 Cass. kh. C.0399. Brussel 27 nov 2007.juridat.

4° Geen eigenlijke schorsing tijdens strafproces De burgerlijke vordering voortspruitend uit een misdrijf kan niet verjaren voor de strafvordering (art. 3° Schorsing wegens onmogelijkheid tot rechtsuitoefening Evenwel kan men uit recente rechtspraak afleiden dat de verjaring geschorst wordt telkens wanneer de schuldeiser op grond van de wet of door een wettelijke regeling verhinderd wordt de betaling van zijn schuldvordering te verkrijgen (expliciet Cass. § 1 KB 11 juli 2003 genomen in uitvoering van art.0573. Financiën 440 RW 2010-2011.10. 2 januari 1969. Reeds zo in Cass. nr.0052. SWENNEN. Cass. RW 1995-96. 441 Cass. 22 september 2011441 aanvaardde anderzijds dat de fiscus ingevolge art. a contrario uit Cass..W. C. http://jure. België. 410 WIB wettelijk verhinderd is om betaling te verkrijgen van een betwiste belastingschuld (behalve voor het vaststaande deel) en de verjaring dus geschorst is (intussen heeft de wetgever in 2003 de regel ingevoerd dat de verjaring in fiscale zaken tijdens het rechtsgeding geschorst is. 760 samengevat door F. nr. 30 juni 2006. Pas. I. Stagno t. 5 december 2008440).be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20120924-1.F. 22 september 2011.0052. zoals dat in burgerlijke zaken altijd al het geval was.04. 24 september 2012443. Het instellen van een vordering tot uitlegging of verbetering van een vonnis als bedoeld (art. C. 25. onder meer in RW 2011-2012.F. de driejarige verjaring inzake verzekeringen437. art.met die vertegenwoordiger). Dossche Mills t. F.04.0573. zoals bv.. 26 Voorafg.) heeft niet tot gevolg dat de uitvoerbare kracht van de uit te leggen of de te verbeteren beslissing wordt geschorst (idem). 438 eveneens Cass. in casu betreffende de termijn van 5 jaar om het Gemeenschappelijk Motorwaarborgfonds aan te spreken. 2252 BW voorgeschreven schorsing van de verjaring tegen minderjarigen niet in het geval van art. 611. 30 juni 2006.N. De beperking tot gevallen van wettelijke onmogelijkheid lijkt in strijd met hogere rechtsnormen.F.10. In het geval van verzekeringen volstaat volgens de rechtspraak de mogelijkheid om een bewindvoerder aan te stellen opdat de verjaring niet zou geschorst zijn438. 86 . Niet vereist is dat die wettelijke regeling ook de stuiting onmogelijk maakt.juridat.just. 22 september 2011.T.). Omgekeerd speelt de door art. 443ter § 1 WIB). 2278 BW en in andere gevallen waarin dit expliciet of impliciet uit een bijzondere wetsbepaling (inzake verjaring) volgt. De vraag luidt of dat voldoende is in het licht van het arrest-Stagno. 21 april 1961. art. 1775. 1 juni 1995.0676. 896 en Cass. Zie eerder reeds Cass.Sv. 6 EVRM wanneer er in feite een praktische onmogelijkheid is van rechtsuitoefening (zie arrest-Stagno442).fgov. 443 Cass. C. . 22 september 2011439. 439 Cass. Bij een vervaltermijn gaat het niét om een schorsing voor de duur van de verhindering. Dossche Mills t. dit betekent niet dat de verjaring van de burgerlijke 437 Cass. 80 Controlewet verzekeringen). 793 en 794 Ger. Financiën 442 EHRM 7 juli 2009. met name art. F. maar enkel om een verlenging van de termijn met de tijd nodig om de handeling te verrichten (Cass. 24 september 2012.10.N. nr.

0505. moet hij ervoor zorgen de verjaring te stuiten door zijn burgerlijke vordering aanhangig te maken voor de burgerlijke rechter (wat hij kan) voor de uitspraak op strafgebied valt444. 830 n.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110922-8. dat er beroep op moet worden gedaan. als vereiste voor herstel in eer en rechten dient de schade te worden hersteld.m. 223 BW) (evenmin als een relatieve nietigheid). Dit verhaalsrecht vindt ook uitdrukking – behalve in goederenrechtelijke regels en executieprocedures – in enkele rechtsfiguren die veeleer verbintenisrechtelijk zijn.just. boedelbeschrijving.d. 1167. http://jure. http://jure. niet meegaat in beroep.juridat. verzet tegen teruggave e. 444 Cass. d. voorlopig bewind. 445 C. F. geldt die ook voor reeds voordien ontstane aanspraken (in casu invoering door de LVO van de schorsing tgv minderjarigen bij de verjaring van verzekeringsaanspraken) d) Uitwerking van de verjaring Men kan de verjaring best zien als een wilsrecht. perpetua ad excipiendum). 13. Een verjaarde schuld kan ook nog in andere opzichten relevant zijn447.0071.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 rechtsvordering die niet of niet meer voor de strafrechter aanhangig is. Toepassing: indien de burgerlijke partij na een beslissing in de strafzaak waarbij over zijn aanspraak nog geen uitspraak is gedaan.fgov. RW 2011-2012. 6 maart 2006446). Een verjaarde schuld blijft een natuurlijke verbintenis.juridat.N. 87 .be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20091204-5 = RW 20112012.F. ook al is de aanspraak daarop verjaard: Cass. 8 december 2010. A. Omgekeerd kan een verjaarde schuld nog bij wijze van verweer worden ingeroepen (quae temporalia sunt ad agendum. maar waartegen de beklaagde in beroep gaat. Dat verklaart dat de rechter de verjaring niet ambtshalve kan inroepen (art. behoudens cassatie. "tenzij de betaling niet kan worden opgevat als de voldoening van een door de betaler erkende schuld" (Cass. 446 RW 2009-20.z. 149 447 Bv. 4 december 2009445: wanneer de wet een nieuwe schorsingsgrond invoert. 5° Overgangsrecht inzake schorsing bij wetswijziging Cass. maar enkel dat het eindpunt van de verjaringstermijn van de burgerlijke rechtsvordering zich niet kan situeren vóór het tijdstip waarop de strafvordering verjaart of vóór het tijdstip waarop de eindbeslissing over de strafvordering een einde maakt aan die strafvordering. verzegeling. VANDEPLAS. behalve wanneer het om een regel van openbare orde gaat.10. a) Preventieve en bewarende maatregelen Onder meer bewarend beslag. sekwester. geschorst blijft gedurende de hele duur van de strafvordering en pas opnieuw begint te lopen na de eindbeslissing op strafgebied. Vrijwillige betaling daarvan kan niet worden teruggevorderd.08. Het beroep kan ook gebeuren bij wijze van verweer.just. 22 september 2011. Verhaalsrechten van schuldeisers De schuldeiser heeft in beginsel een verhaalsrecht op alle goederen van de schuldenaar.fgov.w.

RW 2011-2012. in geval van simulatie (d. 1809 (geveinsde handgift door ex-echtgenoot aan zijn zuster). 317. 1321 BW volgt dat derden. 448 Rb. Brussel 8 december 2011.i. TBH 2012. de andere niet. bewuste veinzing van een rechtshandeling) kunnen kiezen of ze zich op de gesimuleerde (geveinsde) handeling beroepen. De vennoot roept in dat dit een wanprestatie uitmaakt van de medevennoten.b) Actio pauliana zie hoger c) Keuzerecht bij simulatie Uit art. 88 . 1166 BW) Een interessante toepassing in een zaak van een Tijdelijke vennootschap448: een van de vennoten wilde een aanspraak op schadevergoeding geldendmaken jegens een opdrachtgever. dan wel op de gedissimuleerde (werkelijke) handeling. Voor een toepassing: Hof Antwerpen 20 oktober 2010. d) Zijdelingse vordering (art. Zo kunnen schuldeisers meer bepaald verhaal nemen op goederen die volgens de geveinsde handeling aan hun schuldenaar toekomen. waardoor zij schuldeiser is en oefent zijdelings de aanspraak op schadeloosstelling van de medevennoten uit jegens de opdrachtgever. waaronder ook schuldeisers. ook al behoren ze in werkelijkheid aan een derde.

© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 VI. Arr. Een ander voorbeeld betreft de schuldvorderingen wegens aansprakelijkheid voor gebreken jegens een aannemer en/of architect. die overgaan wanneer de opdrachtgever de zaak overdraagt aan een koper450. .rechten van de verhuurder uit een huurovereenkomst. wel buitencontractuele aanspraak van koper tegen die aannemer.juridat. 22 maart 1990.just. Pas. nr.juridat. 89 . en vergelijkbaar op schadevergoeding wegens waardevermindering door bescherming als duingebied (art. Hof Luik 4 april 1996. Restrictief wel Hof Gent 24 januari 2008. 230 n. die dit contamineerde. . .rechten van een mede-eigenaar jegens de vereniging van mede-eigenaars. 451 Cass. RW 2009-2010. nr.0494. 8 juli 1886. voor zover deze schuldvorderingen niet krachtens dat recht onoverdraagbaar zijn.buitencontractuele aansprakelijkheidsvorderingen voor schade aan de zaak.rechten uit een zaakverzekering.fgov. http://jure.08. 1184 kritische n. CARETTE “”Kwalitatieve rechten” van een onderkoper bij internationale koop en het Weens Koopverdrag”. 15 december 2006. 452 Cass. L. bij overdracht van een kavel.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20080229-3= Arr. 942. bij overdracht van het verhuurde goed. 7 september 2009. Zie Cass. 450 Cass. 1615 BW is ook van toepassing op vrijwaringsvorderingen uit een vorige verkoop die beheerst wordt door een rechtsstelsel dat een dergelijke “rechtstreekse vordering” niet kent. C. JLMB 1530. . 1669. en dit ongeacht of het gaat om: 449 Art.N. Andere voorbeelden: . WERMOES.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20090907-5 = RW 2011-2012. RW 20082009. 54 Wet 12 juli 1973 Natuurbehoud (Vlaams Gewest))451. .recht op schadevergoeding wegens planschade.fgov.06.just. 302 met concl. WIJZIGING VAN PARTIJEN BIJ EEN VERBINTENIS 1. geen rechtstreekse contractuele aanspraak).rechten van de verkoper van een kunstwerk jegens de expert die een authenticiteitscertificaat heeft afgeleverd. A-g Mesdach de ter Kiele. N. http://jure.F. 2008 nr. Zie reeds Cass. C. "Rechtstreekse (contractuele) aanspraken van onderverkrijgers: pleidooi voor een algemene erkenning van de accessoriumtheorie" (verkoop liet na verkoop product herverpakken door onderaannemer. . 147.0303.een recht op schadevergoeding krachtens de Wet van 12 juli 1976 Wet betreffende het herstel van zekere schade veroorzaakt aan private goederen door natuurrampen zou volgens de rechtspraak echter niet kwalitatief zijn452. Overgang van schuldvorderingen (actiefzijde) a) Accessorium sequitur principale of oneigenlijke natrekking 1° Overzicht De belangrijkste toepassing hiervan betreft schuldvorderingen jegens een verkoper tot vrijwaring voor gebreken aan de verkochte zaak449 en tot vrijwaring wegens uitwinning. 29 februari 2008.Cass. 2° Vereisten voor overgang – toepassingsgebied van de regel De kwalitatieve schuldvordering gaat over met de eigendom van de zaak.

886.rl. Cass.N. n. nr. TBO 2010. C. WERMOES 456 RW 2007-8. 895.juridat. verkoper) niet kan worden aangesproken wegens een geldige exoneratie. 20. http://jure. CARETTE. II nr. A. 23 april 2007.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20110915-6. Hof Brussel 30 maart 2010. 265. Hof Brussel 9 november 2004. C. Aquafin. RW 2009-2010.616. 18 juni 1997. Dat de contractspartij zelf (bv. Limb.04. nr.de aanspraak gaat niet mee over wanneer partijen anders overeenkomen. In het andere geval kunnen beiden contractueel in solidum aansprakelijk is462.0456. 265. J. Dubrulle. 459 Zie bv. Anders op het laatste punt (ten onrechte) Hof Antwerpen 18 mei 2009. minstens wanneer de tussenschakel zelf reeds zijn voorganger heeft aangesproken463. TBO 2010. Vgl. Fr. Hof Brussel 30 maart 2010. 7 februari 1986. D. 1207 457 Bv.N. C. 1980-81 nr. BENABENT = JCP 1986. of ze effectief is overgegaan een vraag van Belgisch contractenrecht. 5 december 1980. De verklaring is dat er bij onderaanneming normaal geen dubbele eigendomsoverdracht plaatsvindt. .10. MALINVAUD.juridat.Cass. Of de aanspraak kan overgaan is een vraag van Nederlands recht. Men kan hetzelfde afleiden uit de Franse cassatierechtspraak: Cass.. 15 september 2011. Dit blijft zo zelfs indien de eigendom rechtstreeks overgaat van de onderaannemer op de bouwheer. http://jure. RW 2007-2008.fgov. Niet: aanneming na aanneming (wel omgekeerd rechtstreekse vordering van de onderaannemer op de hoofdopdrachtgever).een eigendomsoverdracht van de hoofdzaak ingevolge doorverkoop (NB. Arr. zoals aanneming457. 2007. 15 september 2011460). zie Cass. voor zover dit binnen het kader van de hoofdaannemingsovereenkomst valt. 458 Cass. Voor het IPRaspect. 800. TBO 2010.06. 502 n. Gevolg in een complexe zaak: de bouwheer kan op grond van art. VANHELMONT. 463 Zie bv. 212 = RW 1981-82. 18 mei 2006.of zelfs een eigendomsovergang van de hoofdzaak ingevolge natrekking (Cass.juridat. 293 n. L.fgov. verwerping voorziening tegen Hof Antwerpen 16 juni 2003 Wanneer een aanspraak naar Nederlands recht jegens een leverancier door doorverkoop krachtens belgisch recht overgaat. is de oplossing dus wel anders in het geval er toch dubbele eigendomsoverdracht plaatsvindt. . 1986. 29 februari 2008455 . 18 mei 2006)458. RTDCiv 1997. Nuance: .just. P. 23 april 2007) 453. blijft het een aanspraak naar Nederlands recht. 852 = RW 2010-11. HERBOTS = RW 1989-90. E. P. I 65 = RCJB 1992. N. DIRIX. Hof Brussel 30 maart 2010.0137.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20070423-1 = Arr. 15 september 1989.dus ook bij koop na aanneming na koop459. Hof Brussel 30 maart 2010. 453 Cass. 265. A.g.F. 152. Deckx Algemene Ondernemingen. 461 Zie bv. 25 januari 90 . Cass. In dezelfde zin de Franse rechtspraak: Cass. 2012. zowel het klassieke geval van verkoop na verkoop454 als na aannemingsovereenkomst een verkoop (bv. . 462 Zie bv. http://jure. C. 70 = Pas. met concl.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20080229-3.just.i.fgov. ass. Cass. 460 Cass. 455 nr. 147 n. 776 = TBH 1990. 1184 kritische n. Restrictief wel Hof Gent 24 januari 2008.bv. 1641 BW niét de onderaannemer aanspreken. Fr.0303. 387 n. architect – bouwpromotor koper: Rb Antwerpen 15 januari 2004456).just. RW 2007-2008. wat vermoed wordt voor schade die reeds zichtbaar is op het ogenblik van de doorverkoop. 16 n. maar wel de leverancier van de onderaannemer (Cass.050097N. Arr. TBO 2010. verhindert de aanspraak jegens de leverancier van die wederpartij niet461. plén. 454 Cass. Fonderies Lecomte t. m. 265.een eigendomsoverdracht van de hoofdzaak in het kader van een andere overeenkomst.

geldige overeenkomst tot cessie). verbintenisrechtelijke gevolgen 1° Vereisten voor cessie Dit is eigenlijk een vraag van “goederenrecht”.just. zijn contract met zijn afnemer). 17 november 2004. HOSTENS "De rechtstreekse aanspraak van de consument: een nieuw pijnpunt in ons dualistisch kooprecht ?".wanneer de eigendom van een zaak is overgegaan en daarmee ook de vrijwaringsaanspraak op de eerdere schakel.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 Een bijzonder voorbeeld vinden we ook wanneer een leasingmaatschappij een auto koopt en in leasing geeft met een exoneratie in ruil voor overdracht van de rechten jegens de verkoper op de huurder.de schuldenaar (leverancier) behoudt alle excepties uit de valutaverhouding (d.0103. Correcter: hij heeft de hoedanigheid om de leverancier in vrijwaring op te roepen: een eventuele vergoeding zal hij echter maar kunnen innen indien hij zelf zijn afnemer/koper heeft betaald (op dat ogenblik wordt de aanspraak die op de koper is overgegaan terug eigendom van de tussenschakel). DCCR 2010. M. kan de leverancier zich jegens de onderverkrijger beroepen op een arbitragebeding. . de modaliteiten van de zgn. rechtstreeks aanspraak: . waarbij afwijkende regels unnen gelden (zaak aanhangig bij het HvJ). kan de tussenschakel in beginsel zelf de aanspraak jegens de leverancier niet meer uitoefenen. inbegrepen de “e. VANHELMONT. . 20 april 2012.fgov. Rl. 2012. de rechten van de tussenschakel: . 2004. Fr. In die zaak werd een arrest verbroken dat de eis in vrijwaring door verkoper jegens onder meer de architect onontvankelijk had verklaard wegens gebrek aan hoedanigheid. 464 Vgl.wanneer de aanspraak die overgaat van B naar C een aanspraak onder het Weens kooprecht is. Cass. maar binnen het toepassingsgebied van de Brussel-I-Vo.a.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20120420-3. Bull. C. III.n. 87 v. Civ. http://jure. W. Bull.b. vereisten van de eigendomsoverdracht van een schuldvordering – ook al is een van die vereisten dat de cessionaris een verbintenisrechtelijk geldige titel heeft (vnl. nl. P. 20. 465 Zie in dit verband Cass. 4 december 2002. Civ. In beginsel geldt dit ook voor een forumbeding. JCP 2003 II 669. is de verjaring evenwel niet op dezelfde wijze opgeschort. wanneer na de huurtermijn de auto terugverkocht wordt aan de verkoper verliest de huurder daardoor nog niet de aanspraken die hij verkregen had op de verkoper464. b) Cessie. Cass. 1983. 91 . 1983. 152.10.i. 466 Voor een overzicht van de diverse theorieën hierover. natuurlijk enkel voor zover het gaat om de aanspraak die de onderverkrijger door natrekking heeft verkregen. in de verhouding tussen die eindkoper en zijn leverancier niet tot rechtsverwerking moet leiden (naar analogie van 1377 II BW).b. zodra hij aangesproken is kan hij dat echter wel opnieuw465. Limb. gaat het om een vraag van EU-recht.”: er is weliswaar geen contract A-C maar wel een contractuele rechtsverhouding.F. Hof Brussel 9 november 2004. RW 2007-2008.zo bv. III. Men kan daar m. 3° Gevolgen van de overgang W.juridat.i. 186. 467 Bv.c. 16 n. op dit punt Hof Antwerpen 18 mei 2009. 466 (dat verklaart dat de korte termijn voor hem pas op dat ogenblik begint te lopen467). de vraag stellen of de niet-uitoefening van de rechtstreekse aanspraak door de eindkoper vooraleer die verjaard is. Fr.

zie rechtspraak Hoven van Beroep).10.fgov.juridat. West-Konstrukt. http://jure. http://jure.Omvang van de cessie: De accessoria gaan mee over met de schuldvordering.i.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20120920-5.0093N. C. 27 april 2006.just. 470 Cass.N. nr. 4 februari 2011469) (voor verlies ervan door instemming of omstandig stilzwijgen. 27 april 2006470. 92 .fgov.11. Fortis Commercial Finance t.a. http://jure. is ze ondeelbaar dan kunnen de oude en nieuwe deelschuldeisers enkel gezamenlijk ontbinden. paris Express Service. C 04. 4 februari 2011. als het ontbindingsrecht zijn “inherent” en dus ontstaan tezamen met de verbintenis zelf (voor de ontbinding. C.F.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20060427-6 = Jaarverslag cassatie 2006. Tegenwerpelijkheid excepties: 1° cessus kan zich beroepen op alle excepties uit de dekkingsverhouding die ontstaan zijn voor de kennisgeving van de cessie Zowel de e. Faill.0443. dan heeft de cessionaris m. 50. 2° cessus kan zich niet beroepen op verweermiddelen uit de interne verhouding (valutaverhouding) tussen cedent en cessionaris: Cass.2° Verbintenisrechtelijke gevolgen van cessie .be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110204-6 = RW 2011-2012. 20 september 2012. Cass. nr.juridat. valutaverhouding (titel) + eigendomsoverdracht cedent cessionaris (vervangende schuldeiser) dekkingsverhouding (oorspronkelijke obligatoire verhouding) resultante rechtsverhouding debitor cessus 468 Cass.0662.juridat. vgl. HOUBEN. daaronder ook het recht om de overeenkomst te ontbinden wegens wanprestatie aan die schuldvordering468.fgov. United Real Estate t.c. Parfip / Aramex. R. 488 n.just. maar een ontbindingsbevoegdheid indien de contractuele verhouding deelbaar is.n.just. nr. Worden niet het geheel van schuldvorderingen uit een overeenkomst overgedragen. 469 Cass.

). 307. 617. 48ter AOW 1971 en 14bis AOW overheidssector 1967. C. 475 Hof Antwerpen 8 september 2010.0114. of “quasi-subrogatie”. 41 LVO (schadeverzekeraar e. DE CONINCK “De betaling door een niet-belanghebbende derde en de toelaatbaarheid van de conventionele subrogatie ex parte creditoris” 474 RW 2010-2011.en geldt enkel . c) Subrogatie (indeplaatsstelling) Voorwaarden en soorten: .d. . RW 2006-7 473 C. 15 juni 2007471) . .F. 472 nr.l.subrogatie geldt . vinden we onder meer wanneer iemand een schuld heeft betaald waartoe hij samen met een ander is gehouden of voor een ander is gehouden (art. In arrest nr. 93 .Cass.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20070615-2. in het bijzonder art. 108/2011 werd evenwel geoordeeld dat het niet ongrondwettig is dat de wettelijke (quasi-)subrogatie van art.juridat. ook niet voor het deel dat de cessionaris nog aan de cedent moest (Cass. Jaarverslag cass. de overheidssector kent een getrapte subrogatie. inzake cessie met bedrieglijk oogmerk (vgl.s. RW 2012-13.conventionele subrogatie is ook mogelijk bij betaling door een derde die bij de verbintenis geen belang heeft (Cass. 40 = RW 2008-2009. Omvang: . 1251. 3° BW) en in enkele andere gevallen. 136 ZIV-Wet (ziekteverzekeraar) en in 48ter AOW 1971 v. 1258 kritische noot J.03. .de cedent betalen na kennisgeving van de cessie bevrijdt de schuldenaar niet. RW 2010-2011. GwH nr.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 . Deze wordt door wet toegekend buiten de gemeenrechtelijke voorwaarden om.07. 190/2009474 bespreekt het verschil tussen art. Deka-arrest van het HJEG): de cessus kan nog steeds bevrijdend betalen aan de cedent of aan de schuldeiser van de cedent in geval van derdenbeslag onder de cessus ten laste van de cedent.0078. 41 LVO enkel subrogatie in rechten jegens een aansprakelijke derde omvat en niet ook rechten ex art.binnen de perken van zowel : 1° de betaalde sommen of prestaties. i.just.h.Cessie van prijsvorderingen uit internationale koop: België heeft in 2010 de Unidroit Conventie internationale factoring geratificeerd. omdat de schuldenaar van de vordering van het slachtoffer de overheid is en niet diens arbeidsongevallenverzekeraar. Ook bij quasi-subrogatie gaat de schuldvordering in de door de wet bepaalde mate wel degelijk over en is het recht van de gesubrogeerde geen ander recht dan dat van de subrogant475. 29bis WAM. 99. 14bis AOW overheidssector 3 juli 1967 (arbeidsongevallenverzekeraar).F. ten gunste van diverse soorten verzekeraars.wettelijke subrogatie s.fgov. De leemte in de wet is intrinsiek en dus zelfherstellend (zonder wetgevende tussenkomst). 21 januari 2008473).b. 19 maart 2004472. . en nog ruimer in art. maar het is ongrondwettig dat die getrapte subrogatie niet ook subrogatie omvat in de rechten ex art. 471 http://jure. 29bis WAM.wettelijke subrogatie s. 2008.

Ook de subrogatie krachtens art. Cass 11 oktober 1999.N. 16 januari 2012. 2 maart 2011.10.fgov. 2009. http://jure.juridat. C.fgov.juridat.juridat. Ad 2°: . nr.0256. C.juridat.09. http://jure. 477 Cass. http://jure.10.just. I 522. Axa Belgium t.N. 21 februari 2011.N.wanneer een schade vergoed wordt door periodieke betalingen (bv.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N20120116-1. Cass. http://jure. Het recht gaat over in de staat waarin het zich op dat ogenblik bevindt (met name ook w. nr.N. Cass.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110221-3.N.just. http://jure. 307.10.als 2° hetgeen door de schuldenaar verschuldigd is jegens de subrogant (o. Ad 1°: . 11 oktober 1999476. nr.b. C. 16 november 2009.fgov.F. 483 Hof Antwerpen 8 september 2010. Cass.be/pdfapp/download_blob?idpdf=F-20120514-7.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20120116-1 481 Cass. overeenstemmen met de lasten op het loon dat het slachtoffer ingevolge het ongeval heeft moeten derven481.juridat.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20091116-6 = Arr. 22 september 2010. 14 mei 2012. 307. C. 16 november 2009477) .m. Gevolgen na subrogatie: 1. 2009. Ook bij quasi-subrogatie gaat de schuldvordering in de door de wet bepaalde mate wel degelijk over en is het recht van de gesubrogeerde geen ander recht dan dat van de subrogant483.just. 522 = Pas.0520. invaliditeitsuitkering) geldt he kapitaal van die vergoedingen als betaalde som478. nr. RW 2012-13. C. Axa t. RW 2012-13. 16 november 2009. 1999.De gemeenrechtelijke aanspraak mag alleen op basis van het brutoloon berekend worden indien de rechter vaststelt dat de lasten die erop zouden rusten.0256.09.fgov. .juridat.just.fgov. http://jure. 667. 94 .0256. nr.N. 21 februari 2011.Wanneer het slachtoffer een invaliditeitspercentage van 26 % heeft kan de rechter niet zomaar met het motief dat de persoon halftijds werkte. 16 januari 2012. Bij quasi-subrogatie kunnen andere regels gelden op dit punt. nr.fgov.0698. n.11.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110221-3 480 Cass. Stad Chimay.juridat. Cass. P. 476 Bv. Mensura. C. http://jure. de verjaring484).F.0318.0520. http://jure. nr. . Dit betekent ook dat bij een verdeling van aansprakelijkheid de subrogatie niet bijkomend beperkt wordt tot een overeenstemmend aandeel in de door de gesubrogeerde betaalde prestaties480. Mensura. 47 AOW blijft beperkt tot hetgeen waarop de subrogant aanspraak had jegens zijn schuldenaar479.just.just.juridat. 482 Cass.fgov.09. In alle gevallen van subrogatie oefent de gesubrogeerde geen ander recht uit dan dat van de subrogant. beslissen dat de werkgever een subrogatoire aanspraak heeft ter grootte van de helft van het uitbetaalde loon482. 667 478 Cass. 479 Cass. Nr. Axa t.fgov.0256.just.just.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20110302-2. Cass.11.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20091116-6 = Arr. C. nr. Arr. 484 Hof Antwerpen 8 september 2010.

Wanneer de gesubrogeerde in een hangend geding tussenkomt. Hof Antwerpen 6 december 2011. Dat is anders wanneer de schuldenaar de subrogatie niet diende te kennen (betaling aan de schijnschuldeiser).just. 807 GerW dus niet485).486 2. 95 . 1252 tweede zinsdeel BW en art.fgov. Cass.N. Bijzondere regels zijn onder meer te vinden in art. 16 december 2004). Overname van schuld 1. nr. Bij gedeeltelijke betaling en dus gedeeltelijke subrogatie heeft de saldo-aanspraak van de subrogant voorrang op de aanspraak van de gesubrogeerde (nemo contra se subrogasse censetur) (art. Algemeen In het algemeen zijn er drie mogelijke situaties van schuldovername: 485 Bv. RW 2012-13. Wanneer de schuldenaar na de subrogatie nog betaalt aan de oorspronkelijke schuldeiser en niet aan de gesubrogeerde. houdt dat als dusdanig geen nieuwe vordering in (en speelt art.be/pdfapp/download_blob?idpdf=N-20091116-5. 486 Voor een toepassing daarvan zie bv. 16 november 2009. 2.0135. http://jure. 41 III LVO). betaalt hij in beginsel aan de verkeerde partij en kan hij door de gesubrogeerde tot een tweede betaling worden aangesproken. C. 136 Ziekteverzekeringswet. 388. 3.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 zekerheidsstelling (valutaverhouding) + betaling subrogerende schuldeiser (subrogant) gesubrogeerde zekerheidssteller dekkingsverhouding: oorspronkelijke schuld resultante rechtsverhouding hoofdschuldenaar Na subrogatie is subrogant geen titularis meer van de schuldvordering.juridat. een stuiting in verhouding met de subrogant na tijdstip van subrogatie stuit de verjaring van de schuldvordering van de gesubrogeerde niet (Cass.09.

Venn. 1242 BW: Hof Brussel 17 september 2002 (delegatie die onvoldoende aanduidingen geeft over de delegataris. Verder gelden er bijzodnere rgels in een aantal gevallen waarin de contractuele verhouding overgaat in het kader van een overgang van een ruimer geheel van activa en passiva (zie bv. 7 en 8 CAO 32bis. Voor bijzondere wetsbepalingen inzake contractsoverdracht. 96 . zie bij de diverse vormen van huur (art. peut le moins: de schuldeiser kan natuurlijk ook akkoord gaan dat de nieuwe schuldenaar dezelfde schuld aangaat vooraleer hij de oude bevrijdt..een schuldovername waarbij de schuldeiser ermee instemt dat de oude schuldenaar enkel nog subsidiair gehouden is. Maar qui peut le plus. art. 3° Wb. als het aangaan van een autonome schuld.. 9 CAO 102. 1743 BW. 487 Uit Cass. waarbij de nieuwe schuldenaar en de oude hoofdelijk gehouden zijn.Art. daar dat arrest enkel de mogelijkheid zou openlaten van ofwel een toetreding tot een bestaande schuld dan wel (mits het akkoord van de schuldeiser) het aangaan van een nieuwe schuld. Dit vereist een toestemming van de schuldeiser behalve in de gevallen waarin de wet bij de regeling van de contractsoverdracht anders bepaalt. art. art. 682. of enkel nog als subsidiaire schuldenaar houdt. art. Delegatie schuldeiser delegataris valuta verhouding delegant dekkingsverhouding gedelegeerde . 30 en 34 pachtwet). 61 WCO en art. belangrijkste toepassing daarvan is de delegatieovereenkomst (waarbij het enerzijds kan gaan om de overname van dezelfde schuld. art. art. art. aangezien de rechten van de schuldeiser daardoor niet verminderen. 25-27 WCK en art. 1717 BW. is zijn toestemming niet nodig . accesoire delegatie. 4 Woninghuurwet. gedelegeerde betaalt oude schuldeiser). 10 en 11 Handelshuurwet. 55 Pachtwet. 12 Wet Reisovereenkomst. 26 september 2003 leiden sommigen af dat dit niet mogelijk is. onafhankelijke delegatie) – zie 2. art. art.een eenvoudige schuldtoetreding. 2. . Art.een bevrijdende schuldovername waarbij de oude schuldenaar bevrijd is487. 74 tot 77 Controlewet verzekeringen).

6 mei 2010. 176.N.0423.© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 . 97 . RW 2012-13. 488 Cass.De delegatie is maar bevrijdend voor de delegant (oorspronkelijke schuldenaar) wanneer de schuldeiser met die bevrijding heeft ingestemd. voor die instemming gelden dezelfde uitlegregels als voor een afstand (uitdrukkelijk dan wel een gedraging die voor geen andere uitleg vatbaar is488).09. C.

.....................................   4   d)  Precontractuele  informatieplichten  -­‐  dubbele  functie  .................................................  11   a)  Voorkooprechten  en  naastingsrechten  ....................................................................................................................  10   4...........................................................................................................  11   b)  Derdenbeding  ...........................................................................   4   c)  Contractsweigering  ................  PRECONTRACTUELE  PLICHTEN  ...................................................................................................   7   e)  Bewijs  rechtshandeling   ........   6   b)  Bindende  kracht  van  een  eenzijdige  rechtshandeling  ..................................................................   9   b)  Optreden  in  naam  van  te  noemen  of  op  te  richten  derde  .....................................   5   2........................................  ONTSTAAN  RECHTEN  VAN  EEN  DERDE  UIT  OVEREENKOMST  .................................................................................................................................................................  RECHTSHANDELINGEN  ................  11   98 .............................................................................   8   h)  Tijdstip  van  totstandkoming  van  de  overeenkomst  .............................................   7   d)  Wilsovereenstemming  en  vertrouwensleer  ...............................................................................................................................  4   a)  Onderhandelingen  en  goede-­‐trouw-­‐eis   ..........................................................................  10   c)  Middellijke  vertegenwoordiging  ..............................................................................................................................................   8   i)  Totstandkoming  van  een  koop-­‐verkoop  van  onroerend  goed  ...............................................................  6   a)    Bindende  kracht  van  een  aanbod  ...................................................................................................................................................   9   k)  Wettelijke  herroepingsrechten  ........................   8   g)  Ontvangstvereiste  –  vormvereisten  voor  kennisgevingen  ..............I.............................................................................................................................................   9   j)  Totstandkoming  (kosteloze)    borgtocht  ...............................................................................................................   4   b)  Marktpraktijken   ...........................................................  TOTSTANDKOMING  VAN  OVEREENKOMSTEN  EN  ANDERE  RECHTSHANDELINGEN  ......  zakelijke  overeenkomst  ....................................................   9   3................   7   f)  Zgn..............................................   6   c)  Vorm  van  de  toestemming  .................................................  4   1........................................................................................  9   a)  Gewone  vertegenwoordiging  ...............................................................................................................................................................................................  VERTEGENWOORDIGING  .................................................................................................................

..............  17   1°  Feitelijke  (on)bekwaamheid  bij  vertegenwoordiging   ............  20   n)  Niet-­‐arbitreerbaarheid  ...............................  22   b)  Beperkende  uitleg  bij  sommige  overeenkomsten  ..........................................  17   3°  Handelingsonbekwaamheid lastgever  .........................................................................................................................................................................................  13   2°  Dwaling  en  "valse  oorzaak"  .......................................................................  13   1°  Dwaling  algemeen  .................................................................................h...................................................................................................................................................  23   99 ...............  21   6.  15   c)  Wilsgebreken  -­‐  bedrog....................  18   h)  Nietigheid  wegens  belangenconflict  ..............................................................................................................  17   4°  Rechtsgevolgen  .........................................................................................................................................................b..............................................................................................................................................................................  17   2°  Handelings(on)bekwaamheid lasthebber en vertegenwoordiging  .......................................................................................................................................................................................................d.......................................................................................................................................................................................................................  16   e)  Wilsgebreken  -­‐  benadeling  ......................................................................................................................................  19   l)  Gevolgen  nietigheid  rechtshandeling  ................  19   k)  Nietigheden  wegens  discriminatie  ............................................................................................................................................................................................................  .........................................................  NIETIGHEDEN  ..................................................  16   e)  Initiële  onmogelijkheid  –  i...........................  art..............................................  17   g)  Handelingsonbekwaamheid  en  feitelijke  onbekwamaheid  .................  22   a)  Algemeen  ..........................................................................  18   1°  Nietigheid  van  een  beding  over  een  niet  opengevallen  nalatenschap  ..........................................................................................................  12   a)  Absolute  nietigheden  –  ongeoorloofdheid  voorwerp  of  oorzaak  .....................................................................................................  15   3°  Dwaling  bij  dading  ........  NIETIGHEDEN  EN  NIET-­‐TEGENWERPELIJKHEDEN  TER  BESCHERMING  VAN  DERDEN   21   a)  Actio  pauliana  ...........................  18   2°  Andere  gevallen  ...........................................................................  UITLEGGING  ..................................  18   i)  Nietigheid  wegens  beperking  van  verbintenissen  betreffende  de  toekomst  ..................................................................  16   f)  Nietigheid  als  sanctie  van  een  informatierecht  ............................................  1599  BW  ......  18   j)    Potestatieve  voorwaarde  .............  22   7..........................................................................................................................................................................................................................................................................................................................................................................  12   b)  Wilsgebreken  -­‐  dwaling  ..................................................................................................................................  geweld  ...............................  15   d)  Wilsgebreken:  gekwalificeerde  benadeling  -­‐  nietigheden  bij  kosteloze  borgtocht  e..............© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 5......................................................  19   m)  Onrechtmatige  bedingen  .  21   b)  Nietigheid  ingevolge  derde-­‐medeplichtigheid  ?  .......

..............................................................................................................  26   b)  Criteria  causaal  verband  ....................................................................................................................................................................................  33   k)  Voordeelstoerekening  ...................................................................................................................................................................................................................................................................................................................................  33   h)  Bij  inbreuken  intellectuele  rechten  ......................................................................................  36   100 ................................  26   a)  Tijdstip  en  wijze  van    vaststelling  en  begroting  van  de  schade  ..........  BIJZONDERE  REGELING  PROCESAANSPRAKELIJKHEID  (GERECHTSKOSTEN  EN   RECHTSPLEGINGSVERGOEDING)  .........................................  AANSPRAKELIJKHEID  VOOR  ANDERE  PERSONEN  .........................................................  24   a)  Foutbegrip  algemeen:  rechtvaardigingsgronden  ..........................................................................................................................  36   4......................................................  ONRECHTMATIGE  DAAD   ............................................................................................................................................................................  24   c)  Waardering  van  de  algemene  zorgvuldigheidsplicht  ...........  SCHADE  EN  CAUSALITEIT  .....  33   j)  Eigen  fout  schadelijder  –  beperking  aansprakelijkheid  wederpartij  ..  FOUT  ...................................................................................  AANSPRAKELIJKHEID  VOOR  ZAKEN  EN  DIEREN  ......  33   i)  Beperking  tot  voorzienbare  schade  ?   ..........................................................  34   3...........................  36   d)  Opeisbaarheid  gerechtskosten  .............  34   b)  Begroting  ...........................................................................  28   c)  “Doorbraak”  causaal  verband  door  juridische  oorzaak  .................................................................................  29   d)  Samenloop  en  co-­‐existentie:  beperking  buitencontractuele  aanspraak  voor  contractuele   schade  ....................................  32   g)  Onrechtmatig  voordeel  ................................................................  34   a)  Tenlastelegging   .................................................................................  24   d)  Bijzonderheden  overheidsaansprakelijkheid  .......................................................................................................................................................................................................................................................  32   f)  Verlies  van  een  kans  ...........................................................................  35   c)  Buiten  het  toepassingsgebied  van  art.....  25   2.............................................................II..........................................................................................................................................  24   1.....................................................................................  36   5............................  30   e)  Weerkaatsingsschade  .......  24   b)  Schuldopheffingsgronden  ..................................................  1022  GerW  .....................................................................................................................................

.............................................  ONGERECHTVAARDIGDE  VERRIJKING  .................................................................  46   IV.....................................  Onverschuldigde  betaling  (1376  BW)   .....................  44   6............  45   1............................  41   b)  Zonder  rechtsgrond  ....................................  VERBINTENISSEN  IN  HET  ALGEMEEN  ................................  ANDERE  BRONNEN  VAN  VERBINTENIS  ..............................................................  REGRES-­‐  OF  VERHAALSRECHTEN  (RÜCKGRIFFSKONDIKTION)  .................  ANDERE  GEVALLEN  ......................................  43   b)  Regresaanspraak  krachtens  de  algemene  regel  inzake  ongegronde  verrijking  .........................................................  ANDERE  BIJZONDERE  REGELS  .................................  38   III....................  37   a)  Nabuurhinder  ...........................................................................................................................................................  VERGOEDING  VOOR  GEMAAKTE  KOSTEN  E...................................................  41   a)  Verrijking  door  een  prestatie  .............................  ZAAKWAARNEMING  ........................................  VOORDEELSAFDRACHT  .............................................................  41   3.................................................................................................................................................................................  46   V.........© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 6...................................................................................................................  FOUTLOZE  AANSPRAKELIJKHEID  ..............................................................................................  38   b)  Gevolgen  ..................  44   4........................  46   2....................................................................................  43   a)  Bijzonder  geregelde  regresaanspraken  .....................................................  46   3.............................  47   101 ..............  37   c)  Aansprakelijkheid  wegens  rechtmatige  overheidsdaad  .....................................................................................................  .........................................  ONGERECHTVAARDIGDE  VERRIJKING  IN  HET  ALGEMEEN   ...................  37   b)  Nieuwe  risico-­‐aansprakelijkheden   .......  NATUURLIJKE  VERBINTENIS  .....................  41   2.....................................................................................................................  44   5........  37   d)    Risico-­‐aansprakelijkheid  wegens  voorlopige  tenuitvoerlegging  ............................................................................................................D..............................................  38   1.............................................  RECHTSTREEKSE  RECHTSBESCHERMING  VAN  SOMMIGE  SUBJECTIEVE  RECHTEN  ......................  38   a)  Vereisten  ...............................................................  45   IV...

.........................  46  FaillW)  ..............  56   4.......................................................................................  verdeling  draagplicht  ...........................................................................................................  49   c)  Gewijzigde  omstandigheden  ..............................................................................................  BEPALING  VAN  DE  INHOUD  VAN  DE  VERBINTENIS  .............................  57   e)  Beëindiging  door  de  curator  ?  (art.......................................................................................................................  54   d)  Gevolgen:  subrogatie  en  verhaal  tussen  medeschuldenaren  ..............................  58   f)  Niet-­‐realisatie  voorwaarde  ............  51   b)  Door  wie  kan  nagekomen  worden  ................................................................  1244  BW)  ......  47   b)  Vaststellingsovereenkomsten...................................  50   2.......................................  BEËINDIGING  EN  WIJZIGING  VAN  OBLIGATOIRE  RECHTSVERHOUDINGEN  .........................  52   3..................................................................................................................................................  novatie  .....1.............................................................................................................  rechtsverwerking  ....  52   b)  Gevolgen  van  volmaakte  en  onvolmaakte  hoofdelijkheid  ...............................................................................................................................  PLURALITEIT  VAN  SCHULDEISERS   .......................................................  51   a)  Aan  wie  moet  nagekomen  worden  ..................  58   g)  “Caducité”  ?   ..............  53   c)  Bepaling  aandeel........................  PLURALITEIT  VAN  SCHULDENAARS  ..................................  52   a)  Kwalificatie  ........  47   a)  Goede  trouw............  59   h)  Uitstel  van  betaling  (art...........................................................................................................  59   102 ....................................................................................................................  partijbeslissing  ...............  MODALITEITEN  VAN  NAKOMING   .......................................  56   3......................................................................................  56   c)  Opzegging  van  contractuele  verhoudingen  van  onbepaalde  duur  ................................  50   f)  Andere  soorten  inhoud  dan  schuldvorderingen  ................................................  56   b)  Wijzigende  overeenkomst....................................................................................  51   c)  Tijdstip  van  nakoming  -­‐  opeisbaarheid  .............................................................................................................................................................................................................................  49   e)  Duur  van  de  verbintenis..  56   d)  Opzegging  bij  overeenkomsten  niet  van  onbepaalde  duur  .............................................................................................................................................................................................................  rechtsmisbruik.........  49   d)  Beperkingen  aan  wijzigingsbedingen   .............................................  56   a)  Nakoming  /  betaling  .............................................  “post-­‐contractuele  verbintenissen”  ...................................................

...................................................................................................  63   d)  Ingebrekestelling  ...............................  BEPERKING  SCHADEVERGOEDING  WEGENS  STILZITTEN   (VNL.................  SANCTIES  BIJ  NIET-­‐NAKOMING:  GEDWONGEN  UITVOERING  IN  NATURA  .......  70   9....................................  73   103 .............................................  70   a)  Begindatum  ...........................................................................  .........  72   e)  Kapitalisatie  (“anatocisme”)  .....................................  63   e)  Remedies  bij  wederkerige  overeenkomsten  in  het  algemeen:  keuzerecht  uitvoering  /   ontbinding  ..................  71   b)  Rentevoet   ...............................................................................................................................................................  67   a)  Voorwaarden  voor  en  wijze  van  ontbinding  -­‐  stilzwijgend  ontbindend  beding  .................................................................................................................................  68   d)  Verbintenisrechtelijke  gevolgen  van  de  ontbinding  (binnen  de  perken  van  de  omvang   ervan)  ...................................................................  72   10............................................................................  69   e)  Zakenrechtelijke  gevolgen  van  de  ontbinding  (binnen de perken van de omvang ervan)  .............  OPSCHORTINGSRECHTEN  EN  VERGELIJKBARE  REMEDIES  ....  64   6..........................................................................................................................................................................................................................................................  61   c)  Gebrek  aan  eigendomsoverdracht  ...............................................................© Matthias Storme Gent-Mariakerke 2012 i)  Bevrijding  borg  .......................  INTEREST)  ..........................................  huur  .............................................................................  SCHADEVERGOEDING  WEGENS  NIET-­‐NAKOMING  ...............................................................................  NIET-­‐NAKOMING  EN  SANCTIES  BIJ  NIET-­‐NAKOMING  IN  HET  ALGEMEEN   ..........................................  60   b)  Regime  van  niet-­‐conforme  en  gebrekkige  levering  bij  koop.............  tijdstip  van  ingaan  van  de  ontbinding  ...........................  67   b)  Voorwaarden  voor  en  wijze  van  ontbinding  -­‐  uitdrukkelijk  ontbindend  beding  ........................................................................................................................................................................................................................................................................  73   a)  Rol  van  de  schadevergoeding....................................................  aanneming...  60   a)  Toerekenbaar  /  niet-­‐toerekenbaar/  afstand  ............................................  SANCTIES  BIJ  NIET-­‐NAKOMING  VAN  WEDERKERIGE  CONTRACTUELE   VERBINTENISSEN:  ONTBINDING  EN  UITDRUKKELIJK  ONTBINDEND  BEDING  ................................................  65   8.........  68   c)  Omvang  van  de  ontbinding  tgo....................  59   5............  71   c)  Bijkomende  schade   .......  72   d)  Inperking  bij  stilzitten  ..................................................  64   7..............    GELDSCHULDEN  EN  RENTE.........................................

.................................................................  WIJZIGING  VAN  PARTIJEN  BIJ  EEN  VERBINTENIS  ...........................................................................................................b)  Schade  en  causaliteit  bij  gevolgschade  ..............................................................................................................  91   c)  Subrogatie  (indeplaatsstelling)  ................  74   c)  Schadebeperkingsplicht  schadelijder  .......................................................................................................  88   d)  Zijdelingse  vordering  (art..................................  74   11.....................................  87   b)  Actio  pauliana  ...............  89   b)  Cessie.................................................................................................  95   2...................................................................................................................................................................  SCHULDVERGELIJKING  .................................................  79   a)  Vertrekpunt  en  termijnen  ..................................................................  77   b)  Conventionele  schuldvergelijking  ..............................................................................  OVERGANG  VAN  SCHULDVORDERINGEN  (ACTIEFZIJDE)  .........................................................  79   b)  Stuiting  .........................................................................................................  1166  BW)  .......................................................................................................................................  ALGEMEEN  .........................................................................................  88   VI.................................................................................................  VERHAALSRECHTEN  VAN  SCHULDEISERS  ...............................................................  96   104 ...................................................................................................................................................................................................................................  89   a)  Accessorium  sequitur  principale  of  oneigenlijke  natrekking  ....  95   1................................  VERJARING  ..................  verbintenisrechtelijke  gevolgen  ........................................................................................................  82   c)  Schorsing  en  verlenging  ................  89   1..........  OVERNAME  VAN  SCHULD  ................................................................................................................  88   c)  Keuzerecht  bij  simulatie  .........................................................................................................................................................................................................................  87   a)  Preventieve  en  bewarende  maatregelen  ..................................  87   13..................................................................................................................  93   2.........................  85   d)  Uitwerking  van  de  verjaring  .  74   d)  Straf-­‐  en  schadebedingen  ..........  DELEGATIE   ........................................................  77   a)  Wettelijke  schuldvergelijking  ...........  78   12............................

Sign up to vote on this title
UsefulNot useful