You are on page 1of 5

Sarah-Jane Earle REN - Kleuters

Nationaal Onderwijsmuseum 07/04/2009

REN bijeenkomst dinsdag 07 april 2009 - Kleuters

Presentatie Truus Vermaas

Truus Vermaas heeft 36 jaar in het kleuter- en basisonderwijs gewerkt. Zij vertelde over
kleuters vanuit haar ervaring.

De basisontwikkeling van het jonge kind:


Wanneer een kind vier jaar is heeft het al leren lopen, praten en eten. Het is echter nog
steeds voortdurend in ontwikkeling. Deze ontwikkeling volgt geen vast patroon waardoor er
tussen kleuters van dezelfde leeftijd (grote) verschillen kunnen zijn.

Lichamelijke ontwikkeling:
De ogen van kleuters bevinden zich op heuphoogte van volwassen. Hierdoor hebben zij een
compleet andere belevingswereld. In hun beleving is de hele omgeving / wereld enorm veel
groter dan in die van volwassenen.
Kleuters zijn zeer zintuiglijk ingesteld. Zij leren net kijken, horen en voelen.
De motoriek van kleuters is nog volop in ontwikkeling. De ontwikkeling van motoriek gaat van
grof naar fijn, van schouders naar vingers.
Omdat kleuters nog klein zijn en hun motoriek nog niet volledig ontwikkeld is worden zij snel
moe. Houd hier dus rekening mee met educatieve programma’s – niet te ver lopen! Ook zijn
zij nog niet of pas net zindelijk. Er moeten dus altijd kinderen plassen.

Sociale emoties:
De kleuters komen wel in groepen en kunnen zich daar ook deels naar gedragen, maar het
blijven allemaal “kleine ik-jes”. Ze zijn veel met zichzelf bezig.
Sommige kleuters zijn al sterk empathisch, maar zij moeten allemaal nog leren hun emoties
te beheersen. Zij beleven snel angst of boosheid en moeten nog leren zelfvertrouwen op te
bouwen.

Taalontwikkeling:
Kleuters moeten nog veel over taal leren. Zij spreken een soort “kleutertaal”.
Het is goed om veel met versjes, liedjes en letters te werken.

Cognitie:
Voor kleuters is het bevorderlijk wanneer denken en handelen of bewegen en taal
gecombineerd worden. Daar leren zij veel van en spreekt tot hun verbeelding. Voorbeeld: er
is een boekje over een berenjacht. De juf kan dan dat boek “meespelen” met de kleuters
door te gaan lopen, stampen en liedjes zingen.
Kleuters moeten nog veel begrippen leren, zoals opzij, boven, onder…
Spelen is leren bij kleuters. Veel beweging en fantasie werkt het beste.
Fantasie en werkelijkheid liggen bij kleuters heel dicht bij elkaar. Zij hebben zelf ook een
sterke fantasie.
De kleuters zijn veelal sterk betrokken en enthousiast. Volwassenen kunnen hen dan ook
vaak “overtuigen”. Zo ook om dingen te doen die een volwassene leuk vindt; een engelse les
bijvoorbeeld. De kleuters zijn dus altijd gevoelig voor jouw enthousiasme, maar daarbij moet
je wel blijven oppassen met negatieve gedachten – het moet voor de kleuters leuk blijven.

Wat werkt goed bij kleuters:


Er moet gewerkt worden vanuit de belangstelling van de kleuters, wat hen boeit. Daar
moeten programma’s op afgestemd worden.
Voorbeelden: Rupsje Nooitgenoeg in het Naturalis, de doe-dingen in het Boijmans en
Kunstenaar in de Klas vanuit Kunstgebouw. Truus heeft zelf succesvolle ervaring in het
Nationaal Onderwijsmuseum wanneer zij voor kleuters Flip de Beer meeneemt. Met een
dergelijke handpop heb je de volledige aandacht van de kleuters.
Sarah-Jane Earle REN - Kleuters
Nationaal Onderwijsmuseum 07/04/2009

Wat werkt verder goed; verhalend vertellen (wel chronologisch), verkleden, prentenboeken,
een koffer met spullen, bewegen, werken met tegenstellingen, humor en grapjes in een
verhaal verwerken, symbolen (zoals de Nijntje borden op het strand in Scheveningen) leuke
en spannende opdrachten en werken vanuit een vraag (willen jullie ons helpen met…).

Waar moet je verder op letten:


De concentratie van kleuters is zeer beperkt.
Kleuters denken concreet – een rondleiding is voor hen lopen in rondjes. Ze nemen alles wat
je zegt letterlijk.
Stem programma’s af op hun niveau.
Kleuters hebben geen tijdsbesef. Ze weten niet of het morgen of middag is. Vaak kennen ze
ook de dagen van de week niet. Ze leven in het NU.
Ga uit van vertrouwde situaties / dingen en werk zo naar iets nieuws. Dus eerst iets wat ze al
kennen of weten en daarna een stap verder door nieuwe dingen te introduceren.

Discussie kleuters

* Docenten zijn vaak niet goed voorbereid op een bezoek. Dat moet verbeteren. Docenten
komen namelijk blanco binnen en dat heeft effect op hoe de groep reageert.
Er zijn instellingen die een voorbereidende les hebben voor de groepen. Het is echter vaak
zo dat daar geen gebruik van wordt gemaakt door de docent.
Dit kan echter wel verschillen per school en docent. Het blijkt uit ervaring vaker te zijn dat
docenten van hogere klassen (5/6) zich niet voorbereiden dan docenten van kleuterklassen.

* In het Boijmans komen veel kleuterklassen. Hun best lopende programma is “Nieuw
vriendje in de klas”. (uitleg verder in dit verslag). Bij dit programma is een voorbereiding voor
op school (die ook nodig is), maar het gebeurt regelmatig dat de docenten hier om
verschillende redenen geen gebruik van hebben gemaakt.

* Ook de Kunsthal (bij sommige tentoonstellingen) en het Maritiem Museum (niet alleen voor
Professor Plons) krijgen veel kleuter bezoek. Het CBK krijgt niet veel kleuters maar doen nu
mee aan een project waarbij drie kleutergroepen aan verbonden zijn. Het Schielandhuis krijgt
vrijwel gene kleuterbezoek maar de Dubbele Palmboom juist weer wel (vaak uit de wijk zelf).

* Discussie over openbaar vervoer en de OV-Chipkaart:


Het komt bij meerdere instellingen voor dat groepen afzeggen of niet kunnen komen door
problemen met het reizen.
Bussen zijn vaak te duur om te huren. Deze kosten zo rond de €220,- voor een klas voor
anderhalf uur. In het verleden zijn wel instellingen geweest die bij bepaalde projecten
busvervoer geregeld hadden. Dit hebben zij kunnen realiseren door subsidies. Dergelijke
subsidies worden alleen steeds moeilijker om te krijgen.
Ondertussen krijgt het SKVR ook geen subsidie meer voor busvervoer.
In Limburg zijn er overeenkomsten gemaakt tussen culturele instellingen, scholen en het
streekvervoer. Het Groningermuseum werkt wel met bussen omdat zij gesponsord worden
door een reisbureau.
Het is wellicht handig om als Rotterdamse Musea na één jaar te concluderen dat
groepsbezoek / kleuterbezoek sterk is gedaald in dat jaar wegens problemen met het OV.
Met die conclusie kunnen we dan de politiek benaderen en hopen dat zij het probleem inzien
en actie willen ondernemen.
Sarah-Jane Earle REN - Kleuters
Nationaal Onderwijsmuseum 07/04/2009

Kleuter programma Boijmans

Nieuw vriendje in de klas is met meest geboekte BO programma in het Boijmans. Het
programma gaat over de leeuw Benny. Benny woont in het museum maar is de weg kwijt. De
kleuters moeten Benny helpen naar huis komen en komen onderweg veel van zijn vriendjes
tegen. Deze vriendjes zijn allemaal figuren die op schilderijen van het Boijmans voorkomen.
De kleuters wordt namelijk verteld dat figuren op schilderijen ’s nachts weer tot leven komen.
Deze schilderijen zullen de kleuters allemaal zien tijdens het bezoek aan het museum.
Het programma bestaat uit twee delen. Eerst is er een voorbereidende les op school. De
scholen krijgen dan een lespakker opgestuurd met een handpop van een leeuw (Benny),
muziek, plaatjes van de vriendjes van Benny en een verhaal. De docent kan het verhaal
vertellen en ondertussen plaatjes van de vriendjes laten zien. Bij de meeste vriendjes hoort
ook een liedje die de klas kan luisteren of zelfs leren.
Vervolgens komen de kleuters naar het museum. De kleuters beginnen in een educatieve
ruimte waarin verteld wordt dat ze Benny naar huis gaan brengen en ze alle liedjes
nogmaals beluisteren. Daarna neemt de museumdocent de kleuters mee op reis langs
allerlei schilderijen waar zij de vriendjes van Benny weer terug zien. Uiteindelijk vinden ze
dan de plek waar Benny zelf woont.

Dit programma sluit goed aan op de beleving en de fantasie van de kleuters. Soms zo sterk
dat kleuters bang kunnen zijn om een bepaald figuur uit het verhaal tegen te komen, namelijk
de strenge Aletta Zuur (een portret door Rembrandt).

Het programma in het museum duurt circa een uur. De kleuters doen ook veel aan
beweging. Wanneer zij door het museum lopen zullen zij bijvoorbeeld sluipen en bij bepaalde
liedjes zullen ze een gitaar of vlinder nadoen. Zo wordt het museumbezoek een soort
ontdekkingstocht.

De museumdocenten krijgen trainingen speciaal voor kleuters. Zij kunnen ook direct ingrijpen
en het verhaal / programma aanpassen wanneer bij aankomst blijkt dat de groep de
voorbereidende les niet heeft gedaan (of niet bij de goede persoon is aangekomen).

Het Boijmans heeft ondervonden dat het ‘doe’ aspect erg belangrijk is en goed werkt.
Verder plannen zij de route door het museum zodat ze wel langs redelijk wat toiletten lopen.
Het museum heeft aparte karren voor alle jassen / spullen van de groep.

Het programma is door het Boijmans zelf ontwikkeld, maar zij hebben wel verschillende
kleuterdocenten geraadpleegd.

Tip: tijdschrift “De wereld van het jonge kind”. Is erg handig voor instellingen die nog een
kleuterprogramma willen ontwikkelen.

Overige discussie

* het is belangrijk ruimte in je programma te maken voor de eigen associaties van kleuters.
Zij zien zelf andere dingen en verzinnen vaak zelf dingen erbij. Je kunt dan reageren en
inspelen op waar de kinderen zelf mee komen.

* leerlijnen: docenten hebben vaak zelf geen idee van de leerlijnen / kerndoelen die voor hun
groep gelden. De fondsen willen dit echter wel terug zien in je programmering. Voor kleuters
is het echter belangrijk dat er vanuit fantasie naar concretere dingen wordt gewerkt.
Sarah-Jane Earle REN - Kleuters
Nationaal Onderwijsmuseum 07/04/2009

* In kleuterprogramma’s moet rekening worden gehouden met de soms grote verschillen in


taal en motoriek tussen verschillende scholen en kleuters.

* Het is handig zelf programma’s te kijken als Flip de Beer, Koekeloere en School / Kleutertv
wanneer je een educatief programma voor kleuters wilt ontwikkelen.

* Het is handig kleutergroepen in de ochtend te laten komen. In de middag zijn ze vaak al


moe en hebben ze minder aandacht. Ook kan het beter zijn groepen 1 en 2 pas in het
voorjaar te laten komen omdat, vooral bij groep 1, kleuters eerst alleen al overdonderd zijn
door de beleving van het naar school gaan.

* Combinatie klassen zijn goed: de oudere trekken de jongere mee.

* Kleuters vooral laten plassen!

* Regels van te voren opsturen naar de docent. Wat vaak beter werkt is een positieve
benadering: Wat mag wel in het museum, i.p.v. wat mag niet.

* Neem een vast aantal begeleiders per groep. Bijvoorbeeld 1 begeleider op 4 kleuters.

* Kleuters zijn gewend om de hele dag (op school) hand in hand te moeten lopen. Daar kan
je in jouw museum of bij je programma gebruik van maken.

* Laat de kleuters bewegingen maken. Voorbeeld: In het Wereldmuseum moesten kleuters


roeibewegingen maken als ze naar een zaal met kano’s gingen en bewegingen van een
kameel als de Marokko zaal bezochten.

* Kleuters zijn gevoelig voor rituelen.

* Kinderen positief benaderen – “Wat goed dat jullie je jas op hebben gehangen”.

* Instrumenten werken goed bij kleuters. Het leukst is wanneer zij allemaal een eigen
instrument(je) kunnen bespelen.

* Kleuters zijn NIET te klein of jong om musea te bezoeken. Juist op die jonge leeftijd is een
museumbezoek een enorme (spannende) beleving en zal daarom lang in het geheugen
blijven hangen.

* Besef dat de reis naar het museum voor de kleuters ook al een hele beleving is.

* Alles kost veel tijd; zoals jassen uit trekken.

* Ruilen werkt vaak goed. Voorbeeld: In het Wereldmuseum kregen de kleuters een badge
op. Die wilden ze vaak houden. Dit kan je voorkomen door de badge te ruilen met
bijvoorbeeld een doosje rozijnen.

Instellingen met leuke kleuter programma’s

- Museum voor Communicatie in Den Haag: Rijk van Heen en Weer


- Rijksmuseum te Amsterdam: Bert en Ernie rondleiding
- Amsterdams Historisch: Boekenworm
- Cité des Sciences et de L’Industrie, in Parc de la Villette, Parijs (leuk REN uitje?)
Sarah-Jane Earle REN - Kleuters
Nationaal Onderwijsmuseum 07/04/2009

- Maritiem Museum te Rotterdam: Professor Plons


- Wereldmuseum te Rotterdam: Reispaleis
- Madurodam te Den Haag: Sesamstraat tentoonstelling
- Boijmans: Kunstluiers

REN Blog

Corina van Digital Playground heeft na de afgelopen REN een weblog voor het REN
gemaakt.
Er is geconstateerd dat er nog niet veel mee gedaan wordt en mensen weten vaak ook niet
hoe.

Wellicht is het een idee om na iederen REN bijeenkomst de informatie op het blog te zetten
zodat het voor iedereen gemakkelijk en centraal terug te vinden is. Er kunnen dan zelfs
discussies op ontstaan of verdergaan. Ook kunnen er tips op gezet worden. Nu zouden REN
leden bijvoorbeeld een tip van een leuk kleuterprogramma kunnen geven als ze dit ergens
tegenkomen.

Nogmaals de mail die Corina had gestuurd over de blog:

Een blog is een sociaal netwerk, het stelt je in staat om op een laagdrempelige manier
informatie uit te wisselen, ideeën te genereren en elkaar te inspireren en tips te geven.
Kortom, een mogelijkheid om ervaringen en kennis te delen en gezamenlijk te leren.

Natuurlijk hangt het succes van een blog af van de participatie van de lezers van
diezelfde blog, als niemand iets post, dan valt er weinig te lezen, en als er weinig te lezen
valt, heb je weinig reden om de blog te volgen.

Het zou interessant zijn als de REN blog een virtuele plek wordt waarbinnen de leden
elkaar gemakkelijk vaker kunnen ontmoeten. Een plek waar je je vraag kunt stellen, een
discussie kunt starten of een nieuw educatief product kunt presenteren.

Ik heb een blog aangemaakt voor het REN: http://ren.posterous.com Deze blogsite is
zeer gemakkelijk in gebruik. Je hoeft alleen je E-mailadres aan te melden. Vervolgens
kun je reageren op bestaande onderwerpen, of een nieuw onderwerp aanmaken door een
mailtje te sturen met je gewenste tekst naar: post@ren.posterous.com. Je kunt foto’s en
filmpjes toevoegen door de URL (de link in de adresbalk van je Webbrouwser) te plakken
in de E-mail. Alles in de blog is openbaar, en dus voor iedereen te lezen. Maar, je kunt
alleen reageren en onderwerpen starten als REN lid.

Ik nodig alle REN leden uit om eens te kijken naar de nieuwe REN blog. Ik hoop dat jullie
enthousiast worden en actief zullen participeren. Mocht je vragen hebben, dan ben ik
jullie graag van dienst als “helpdesk”. Natuurlijk is de REN blog een experiment, daarom
ben ik benieuwd naar alle ervaringen en reacties.