You are on page 1of 21

SSR

SSR
Secundary Surveillance Radar SSR is een systeem waarmee de nadelen van klassieke radar ondervangen kunnen worden. Deze nadelen zijn:
Geen hoogte-informatie van de targets. Geen identificatie. Zwakke echos van verre objecten.

Principe
Secundary Surveillance Radar SSR stuurt tegelijk met het signaal van de primaire radar een radiosignaal in de zelfde richting. Dit signaal heet de ondervraging. Een vliegtuig met de juiste apparatuur aan boord ontvangt dit signaal en geeft antwoord. Deze apparatuur heet de transponder en het antwoord heet het antwoord oftwel the reply.

Frequenties
Ondervraging 1030 MHz Antwoord 1090 MHz

Hoppie.nl

Modes
SSR kent een aantal modes: Mode Beschrijving A Ident ATC en militair B Reserve ATC C Altitude reporting D Reserve S Datacommunicatie De modes onstaan door pulsmodulatie.

Mode A
Ondervraging
8 s P1 20,3 s F1 F2 P3 4,35 s Ident

Antwoord

Mode A - Antwoordcode
Mode A kan antoord geven met een pulstrein tussen F1 en F2.
12 Datapulsen A1 t/m D4

F1

F2

Ident

Mode A - Antwoordcode
Met 12 bits kun je 212 = 4096 getallen maken. 4096 getallen = 0 t/m 4095. Binair 111 = Octaal 7 Binair 111 111 = Octaal 7 7

F1

F2

Ident

Mode C
Ondervraging
21 s P1 P3

Antwoord zit tussen dezelfde F1 en F2


20,3 s F1 F2

Problemen SSR
Mode C kent een aantal problemen. Deze zijn:
Overlappen van antwoorden van verschillende vliegtuigen. Friendly Replies Unsynchronised In Time. FRUIT. Antwoord geven op sidelobes van de ondervraging.

Oplossingen
De oplossingen voor de SSR problemen. Oplossen van fruit:
Defruiting Dit gebeurt met een defruiter.

Oplossen van sidelobe antwoorden:


Sidelobe surpression system.

Sidelobe surpression system


Omni signaal met P2 puls P1 P2 P3

Sidelobe surpression system


Omni signaal met P2 puls P1 P2 P3

Binnen de cirkel is P2 sterker dan P1 en P3. De transponder ziet dan een ongeldige ondervraging en geeft geen antwoord.

Mode S
Mode S is een uitbreiding op Mode C. Mode S is Mode C met extra datavelden. Deze datavelden kunnen selectief worden geadresseerd aan een vliegtuig. Bovendien is het mogelijk om met een speciale antenne de richting van het ontvangen signaal te bepalen. Dat geeft interessante mogelijkheden.

Mode S
MODE S is downwards compatible met mode A en C. De datavelden kunnen in beide richtingen worden gebruikt. Hierdoor kan allerlei (korte) informatie worden doorgegeven. Voorbeelden: Pilot reports over meteo condities, positie rapporten, clearances, boodschappen voor TCAS. Het datablok is 112 bits groot.

Selective addressing
Het adresveld is 24 bits groot. Dit geeft 224 mogelijkheden. Dat zijn ongeveer 16 miljoen adressen. Genoeg voor alle vliegtuigen in de wereld, ieder mode S vliegtuig heeft zijn eigen unieke adres. Een grondstation kan tegen alle vliegtuigen tegelijk praten met een All call. Is een enkel bitje, de P4 puls. Met All call heb je dus eigenlijk een gewone transponder. Het is mogelijk alleen oude of alleen nieuwe xponders op te roepen met verschillende All calls.

Uitgebreide data comm


Mode S kent dus een 112 bit dataveld. Standard Light Message Maar daar bovenop is er ook nog een extra dataveld dat los verzonden kan worden. Extended Light Message. Die kan bovendien net zo vaak worden gebruikt als nodig, waardoor flinke berichten mogelijk zijn.

Uitgebreide data comm


Deze datavelden maken uitwisseling van gegevens air-to-air mogelijk. Dat maakt weer TCAS mogelijk. TCAS en Mode S zijn al verplicht voor verkeersvluchten met turbinemotoren, >5700 kg of 19 pax stoelen. Binnen een paar jaar is Mode S ook verplicht in de general aviation.