Maandag 5 augustus: Ivan Wolffers: Kiezen voor 10 jaar langer leven Ik ben Ivan Wolffers.

Ik wil u uitleggen waarom wij wel langer leven dan onze ouders, maar niet gezonder zijn dan onze ouders. Meer chronische ziektes hebben is een van de problemen van deze tijd. En ik wil u uitleggen hoe wij daar samen iets aan kunnen doen. We worden steeds ouder. De afgelopen 132 jaar is onze leeftijd geleidelijk aan toegenomen en er is eigenlijk geen reden om aan te nemen dat dat minder gaat worden. Er zijn zelfs voorspellingen dat van alle meisjes die momenteel geboren worden één op de twee de honderd zullen halen. Dat is natuurlijk wel ongelooflijk mooi zo’n voorspelling, maar dat gaat gepaard met een toename van chronische ziekten. We zien bijvoorbeeld diabetes enorm toenemen. Ik weet niet of je wel eens iemand hebt gezien met een behoorlijk diabetes waar dan de voeten van af moeten. Ik bedoel, het heeft een enorme impact op de kwaliteit van leven. Er zijn nu 800.000 Nederlanders met diabetes 2. Er zijn nog 250.00 waarvan wij vrij zeker weten dat ze het moeten hebben, maar we weten nog niet wie het zijn dus die moeten nog getest worden. En dan ontdekken ze dat ook. Diabetes type 2 dat was een aandoening die heette vroeger ouderdomssuiker. Dat wordt nu vaak al op de tienerleeftijd vastgesteld. Een rare paradox, we worden ouder aan de ene kant en aan de andere kant zitten we met een toename in chronische aandoeningen met een enorme zorg die daar ook voor nodig is. Met mensen die lange perioden van hun leven met allerlei handicaps zullen leven. Nou, hoe is dat nou mogelijk? Daarvoor moeten wij even nadenken over wie wij zijn en hoe we in elkaar zitten. Wij zijn helemaal niet gemaakt voor deze wereld. Wij zijn gemaakt voor een wereld waarin wij in de loop van de geschiedenis ontstonden, waarin dus onze erfelijke aanleg gevormd is. En dat was een tijd met heel veel schaarste, met seizoenen, seizoensgebonden voeding. Dus in de zomer was er veel, dan aten we ook veel, in de winter was er niets, dan hadden we een reserve voorraadje opgebouwd, waardoor we de winter door kwamen. En dat zit gewoon in ons lichaam, dus dat betekent dat wij bij het energierijke voeding ook graag dat gaan eten. Dat zit in onze hersenen, dat gaat over dopamine, het hormoon dat wij prettig vinden, omdat wij ons daar lekker bij voelen. Dat komt vrij bij seks, dat komt vrij bij gokken. Dus het beloont de mens. Dat komt dan net vrij ook bij energierijke voeding. En wat zijn die energierijke voedingsmiddelen? Dan praat je over vet, dan praat je over suiker. Dus vandaar dat die primaire aanleg nog altijd in ons zit. En ons dus voortdurend verleidt dat te eten, wat eigenlijk in de tijd van overvloed zoals we die nu hebben ongezond voor ons is. Kijk, op alles wat we hier in een winkel kopen daar moet automatisch netjes opstaan wat er in zit en hoeveel energie er in zit. En als ik hier nou naar kijk, dan zie ik dat als je dit lekker vindt en je hebt er drie achter elkaar opgegeten van die reepjes, dat je dan een kwart van je dagelijkse behoefte aan energie alweer binnen hebt. Als je dit hele pak in je gulzigheid op eet dan heb je je volledige behoefte aan energie voor een dag binnen. Dit geven we onze kinderen mee voor een hapje tussendoor, maar ook één zo’n plak - dat zet aardig aan natuurlijk. Ik denk dus dat we daar mensen met een beroerde genetische aanleg - en dat is nog een groot deel van de bevolking - die een

ongunstig mozaïek hebben, dat we die daar geen gunst mee bewijzen. En het zal toch veel leuker voor de consument zijn als daar gewoon een soort stoplicht op stond. Een stoplicht, dat is duidelijk, als je aankomt en hij staat op rood, dan rij je niet door. Want dat is riskant. Zou je nou zo’n dergelijk systeem niet ook voor onze voeding kunnen maken? Een stoplicht systeem daarop, rood: dan weet je, daar zitten alleen energiestoffen in; teveel zout: heeft geen voedingswaarde. Oranje: kan er mee door. Groen: daar is geen probleem mee, als je er maar niet teveel van eet. En dan zouden mensen wat dat betreft op die manier weer echte consumenten zijn. Zelf echt goed kunnen beslissen op basis van zo’n stoplicht systeem, van dit wil ik niet, dit is niet goed voor mij, dit is niet goed voor mijn kinderen, laat ik dat maar niet doen. Energiedrankjes bijvoorbeeld, daar zit ongelooflijk veel suiker in. Dat hebben kinderen maar ook hun ouders vaak niet door. En dan denk je van: nou dat is lang zo erg niet als gewone frisdrank, maar het is rommel. In sommige landen is het inmiddels al verboden. Het past ook niet echt in een opvoeding waarin je kinderen leert om gezond te worden. 60 cent denk je? 16 cent!? Nou dan krijg je een hoop suiker voor 16 cent. De mens heeft ongeveer 35000 genen. Daarin verschillen wij niet zo heel veel van een fruitvliegje overigens, dus niet meteen arrogant worden. 5000 daarvan die hebben te maken met dat metabolisme en dat regelen van onze energie en de energiebalans. Bij elke keer dat er kinderen komen, krijg je een herschikking van de genen van vader en moeder en krijg je een ander pakket. Een mozaïek noemen we dat. Nou kan de combinatie van genen voor veel mensen heel ongelukkig uitvallen. Dus die kunnen daar bijna niet tegenop. Het kan ook heel gunstig uitvallen en mensen, wat ze ook eten, wat ze ook doen, blijven altijd mager. Dat zijn mazzelaars, die hebben dan ook altijd wel een grote mond over wilskracht naar die andere mensen, zonder dat ze weten wat er onder zit. Je kunt aan die genen zo weinig veranderen. Ik bedoel: dat is uitgesloten. Ja, misschien over 100 jaar, ik heb geen idee. Maar nu zullen we iets moeten doen aan onze leefstijl. En er zijn eigenlijk vijf belangrijke dingen waarop we moeten letten. BRAVO. B R A V O Bewegen, roken, alcohol, voeding, ontspannen. En dan zijn er heel veel mensen die mij dan vragen van: “Wat vind je nou het belangrijkst?” En dan zeg ik altijd: bewegen, bewegen, bewegen en dan nog een keer bewegen. Want zolang het beweegt leeft het denk ik altijd maar. Bewegen is ongelooflijk belangrijk en de hoeveelheid beweging die wij in een dag hebben is erg gering. We zijn een zittende diersoort geworden. En zitten moet je beschouwen als een ziekte. En daar krijg je dus een hele hoop verschijnselen van. Waarom zit ik hier nou zo stoer met die schommel? Dat is omdat kinderen en jongeren al vroeg moeten leren bewegen, dan houden ze het veel langer vol als ze ouder worden. Maar nu wordt onze wereld zo anders dat een heleboel van de gebruikelijke uitdagingen, waar kinderen op klimmen, waar kinderen op kunnen schommelen, die verdwijnen. En dat is vreselijk belangrijk: het willen spelen. Zomaar je jas neerleggen, een partijtje voetballen. Dat is eigenlijk een van de belangrijkste redenen waarom kinderen vroeger ook veel meer bewogen dan nu. Nu zie je al kinderen van drie die nog maar 40% ongeveer bewegen van wat kinderen ongeveer 40-50 jaar geleden bewogen. En daar kunnen we iets aan doen. Dat doen we samen door die wereld meer uitdagingen te geven voor kinderen. Dat ze dus ook echt hier en daar iets hebben om op te klimmen. Dat het je niet verboden wordt van: nee daar moet je van af, dat is gevaarlijk. Nee, bewegen, bewegen, bewegen en dan nog een keer

bewegen. Nou is dat vooral hartstikke moeilijk. Want we denken dan nou ja, een beetje wilskracht en dan ga je toch anders doen, dan ga je toch voortaan een keer per dag een beetje rennen. Nou hoeveel moet je dan rennen om dat te doen? Dat is nogal vrij veel. Ik bedoel men heeft uitgerekend, je moet ongeveer een marathon in de week rennen om daar iets aan te doen. Het is dus veel belangrijker dat je op een heleboel punten dingen gaat wijzigen in je leven. Dus dat wil zeggen dat je overal waar je kunt de trap maar eens neemt, dat je vaker je fiets pakt. Dus dat het ook natuurlijker gebeurt. Stress is ongelooflijk onderschat als oorzaak van een heleboel gezondheidsklachten. Maar stress is er voortdurend en dat kan heel negatieve effecten hebben. Die hormonen die met stress te maken hebben die zetten namelijk alles op spanning, op je bloedvaten, het heeft invloed op je bloeddruk, die gaat omhoog. En op die manier slijt het je lichaam als het ware. Je raakt nooit meer in een rusttoestand. En dan zijn er in het leven steeds minder situaties waar je lekker gemakkelijk kan ontspannen. Dat kan je dan ook het beste in een groene omgeving. Dat is heel erg interessant, daar is onderzoek naar gedaan, maar als je in een groene omgeving beweegt dan is dat heel erg geruststellend. Dat geeft werkelijke ontspanning. Terwijl in een omgeving met druk verkeer - dan blijft die spanning eigenlijk altijd. Dan kun je wel gezellig wandelen en lopen, maar dan werkt dat niet bepaald ontspannend. Hetzelfde geldt voor gewoontes die we opgepakt hebben: roken. Nou daar zijn wij helemaal niet op gemaakt hoor. Ik bedoel, dat is zo’n gekke gewoonte. Wat zijn we gaan doen? Er is een industrie gekomen die die producten heeft weten te verkopen. Enorm effectief hebben weten te marketen. We zijn er niet met ons lichaam klaar voor en daar zullen we ook nooit klaar voor zijn. 26% procent van de Nederlandse volwassen bevolking rookt. En dat is een gewoonte waar een van de twee rokers uiteindelijk vroeger door overlijdt dan normaal gesproken het geval zou zijn. 22000 doden per jaar in Nederland. Zes miljoen doden per jaar wereldwijd. En dat neemt alleen maar toe. En dan denk ik 22000? Mijn hemel, bij een klein ongevalletje ergens met een onbewaakte overgang maken wij al zo’n heisa. Dat moet meteen allemaal veiliger, dan moeten hekken langs de spoorwegen, dat mensen geen zelfmoord plegen. Dat gaat niet om 22000, ik bedoel dat gaat om veel minder mensen. Dus we mogen ons daar best druk over maken. Nou is dat al een probleem dat er mensen zijn die roken, maar het is nog veel erger eigenlijk dat er steeds weer nieuwe aanwas is, dat steeds weer nieuwe jonge mensen beginnen met roken. En daarom is er een beleid nodig om mensen te ontmoedigen daarmee te beginnen, het moeilijk te maken. Het niet zo normaal te laten zijn. Het pijnlijke is dat de producenten van dat soort producten natuurlijk altijd wegen vinden om de potentiële gebruikers te vinden. Dus als je kijkt naar de populairste film van vorig jaar, Skyfall, dat blijkt dan ook de film waarin het meest gerookt word. Ja, rara hoe dat kan. Ik bedoel: daar hebben de producenten aardig aan meegefinancierd natuurlijk aan zo’n product. Pijnlijk, jammer, maar zo zou het niet moeten. Jongeren hebben op dat soort moment helemaal gaan keus meer. Als ze voortdurend in verleiding gebracht worden als die producten ook nog met avontuurlijk, rebels geassocieerd kunnen worden. We hebben echt een probleem. Je kunt dan waarschuwen, maar daar is een hele grote rol voor de overheid bijvoorbeeld. Om te zeggen van: “Oké, wij willen een vanzelfsprekend gezonde wereld, die uitdaging zou er op jongere leeftijd nog helemaal niet hoeven te zijn. Wij gaan om te beginnen die pakjes veel duurder maken.” En dan zeggen die rokers altijd: “Dat is onzin. Weet je, ik rook toch. Ik ga dat dan niet meer opgeven. Het gaat me

alleen maar meer geld kosten”. Nee, het gaat om die jongeren die nog nooit gerookt hebben. En die een veel grotere barrière hebben om daar niet mee te beginnen. B van bewegen, R van roken, A voor alcoholgebruik, V voor voeding, O voor ontspanning. Alcoholgebruik. Alcohol dat is een product dat kennen we al eeuwen. En dat is door miljoenen mensen gedronken. Dat hoeft in principe helemaal geen probleem te zijn, maar het is iets anders als het een hele sterke industrie is die het gebruik bevordert. En die er inmiddels voor gezorgd heeft dat veel mensen veel te veel drinken. Het advies is twee glaasjes per dag per man maximaal, één glaasje per dag voor een vrouw. En dan voor jongeren, dat is het veel grotere probleem. Jongeren die hebben nog hersenen die in ontwikkeling zijn. Ze denken soms dat ze met 13-14 alvast moeten proberen te gaan drinken, maar dat is zeker niet zo. We zijn in Europa top wat betreft comazuipen. We zijn hier in een supermarkt en ik vind hier van verschillende merken kratjes bier. En zo’n kratje kun je voor ongeveer 10 tot 13 euro kopen. Daarin zitten 24 flesjes met 30 cl daarin. Dat betekent 7,2 liter bij elkaar. Als je beseft dat een meisje van 14 aan drie van die flesjes genoeg heeft om zich in coma te zuipen, dan bedenk ik mij dat klas havo 2a dat alle meisjes daarvan met een kratje toe kunnen om hun hersenen te beschadigen door zo’n eenmalig grapje. Zo kun je bij alle vijf die velden dus gaan kijken naar: wat gaan we doen? Op individueel niveau en ook op samenlevingsniveau. Eten, voeding, zo belangrijk. Dat doen wij elke dag, dat doen we drie keer en sommige van ons zijn eraan gewend geraakt dat een snack tussendoor daar ook bij hoort. Dus dan hebben wij zes maaltijden bijna. Wat eten we? En hoe worden wij gevoed? Het belangrijkste wat je in de supermarkt vindt is verse groente en fruit. We eten dat te weinig, een derde van de Nederlandse bevolking haalt maar die 200 gram die minimaal noodzakelijk is om gezond te eten. Maar een ander probleem is dat wij heel snel willen eten. En in 15 minuten klaar. Maar dat kan niet. Kijk, daarvoor heb je dan voorgeproduceerde voedingsmiddelen nodig, waarbij je dan een beetje water moet toe voegen. Nee, koken, dat kost wat meer werk. En verschillende soorten groenten, variatie is belangrijk. Daar komen wij bijna niet meer aan toe. Wat noodzakelijk is, is dat wij opnieuw leren koken. Wij zijn dat een beetje verleerd. Ondanks al die kookboeken die er steeds meer uitkomen. We redden het niet op deze manier. We zullen echt opnieuw naar onze manier van eten en ook het produceren van voedsel moeten kijken. Dat betekent dat wij heel erg op moeten letten wat voor soort koolhydraten we eten. Koolhydraten dat zijn die dingen die in brood, in cake zitten en die afgebroken worden in onze darmen, in onze maag: tot suikers. Een gewone witte boterham… als je dat omrekent wat daar aan suiker dus vervolgens uit komt en opgenomen wordt, dat is ongeveer een eetlepel suiker. Zitten wij neurotisch te doen over geen suiker in de thee bijvoorbeeld, in de koffie, en dan eten wij wit brood en dan krijgen wij twee keer zoveel binnen als wij in dat kopje bespaard hebben. Dus wij zijn niet eet-wijs. We zijn vaak heel verkeerde dingen aan het doen. Wij moeten gaan opletten: welke koolhydraten eten we? Want volkoren producten bijvoorbeeld, die bevatten meer zemelen, vezels, daarvoor is het wat moeilijker voor het lichaam, dat kost meer tijd. Dat betekent dat er niet ineens zo’n hele grote stoot suiker komt omdat het snel vrijkomt. Dus we moeten gaan letten op goede koolhydraten, slechte koolhydraten “tussen aanhalingstekens”. Want er is niks goed of slecht. Het is de manier natuurlijk waarop je het eet die gezond of ongezond is. Sinaasappels, kijk dat zijn in principe heel gezonde producten, maar we hebben toch soms dat we ons daar

een klein beetje in vergissen. Het aardige is dat… kijk één zo’n sinaasappel, ja het suiker dat er in zit dat kunnen we wel aan. Dan denk ik: nou weet je, we gaan ze persen. We gaan sinaasappelsap maken. Twee? Ik denk dat je twee en een half moet persen voordat je je glaasje vol hebt. Dan krijg je in principe eigenlijk al net zoveel suiker binnen als in een of andere frisdrank waar suiker aan toegevoegd is en waarover we ons soms zo druk maken. Je ziet eigenlijk dat wij onvoldoende afweten van wat we binnen krijgen, dat we ons niet zo bewust zijn van wat we altijd doen bij dat eten en dat het dus wel handig is als je die dingen beseft. Want natuurlijk kan je zo’n glaasje sinaasappelsap ook best aan. Dat zou het probleem niet zijn, maar het gaat natuurlijk wel weer om de combinatie met alles wat je de rest van de dag weer eet. En daar denken we ook al niet zo bar veel over na. En dus zijn er grote bevolkingsgroepen die een eetpatroon hebben waar ze wel wat aan kunnen veranderen, iets aan kunnen wijzigen. En dat zouden ze zeker moeten doen. In veel fastfoodketens is dat al het geval, in Japan bijvoorbeeld, in New York, in Californië. En dan zeggen mensen, want daar is ook onderzoek naar gedaan, als mensen binnen komen dan kijken ze naar die kaart en daar staat boven: een dubbele hamburger 900 calorieën. Dat is ongeveer de helft van wat een vrouw op een dag mag consumeren. En dat geeft wel aan dat een beetje awareness, een beetje bewustheid van wat je naar binnen gaat werken, wel handig zou zijn. 900 en daaronder tracking camera’s, dus camera’s die de ogen in de gaten houden. Die mensen die kijken ook daarvan weg, dat willen ze helemaal niet weten. Ik bedoel je moet geen ideale oplossingen verwachten, maar het helpt allemaal een beetje. Want als ik bij zo’n koffiegigant binnen kom voor een kopje koffie en het is een dubbel latte met 700 calorieën voor zo’n kopje koffie dat ik hier nou ga drinken. Ik bedoel dat is een derde van wat je dan zo mag hebben op een dag. Dat is nou fijn als je dat weet. We zijn ook de hele dag bezig met ons zelf te onderhandelen. Er zijn onderzoeken gedaan. Er is gekeken bijvoorbeeld als je naar een koffiewinkel gaat, wat er gebeurt. Kom je binnen en eigenlijk denk je: ik moet wat gezonder. En wat blijkt uit die onderzoeken? Dan nemen we een koffie met magere melk. En dan ben je met die man en die zegt: “Nou weet je zullen we er een beetje slagroom op doen?” Nou dat is wel lekker. En dan net voor ze weg gaan: ”Doe er ook maar een chocolade koekje bij”. Van die grote met die dingen er in. De slotsom is: je hebt eigenlijk iets gezonds gedaan, denk je, en nu heb je recht op iets om je zelf te verwennen. En dat is altijd meer dan dat je bespaart in eerste instantie met die eerste keuze. En daarom is dat onderhandelen een beetje dom eigenlijk en je moet leren om daar bewust mee om te gaan. Ik denk dat als je van het leven houdt en je hebt er zo’n lol in, waarom zou je daar dan niet op letten? Je bent het waard. Dat is een van de belangrijkste dingen ook als je nadenkt over gedragsverandering. Heel veel mensen vinden het moeilijk. En het is ook niet makkelijk altijd. Want nogmaals, die omgeving die is zo dat die voortdurend verleidt en je trapt er steeds in. En je moet wel van hele goeie huize komen om dat steeds goed door te hebben en je daartegen te kunnen verzetten. En een beetje rebels en te zeggen van: “Ik wil me niet erin laten luizen. Ik wil gewoon wat goed voor mij is”. Nou dan blijkt als je onderzoek doet - er is veel onderzoek naar gedaan, bijvoorbeeld mensen die gewicht willen kwijtraken, maar niet daarin slagen - dan blijkt dat de belangrijkste factor daarbij is niet hoe je dat gaat doen, maar het belangrijkste is: ben ik de moeite waard om dat te doen?

Ik ben geen moralist. Iedereen leeft op zijn eigen manier, maar als wij allemaal praten over gezondheid en we willen gezonder zijn en we willen langer leven, dan zul je daar ook consequenties aan moeten verbinden. Dat betekent dat je je lot in eigen handen moet nemen. En dat hoef je niet in je eentje, dat kunnen we met meer mensen samen. We zullen een manier van leven moeten oppakken die beter past bij onze aanleg. En die een beetje afstand neemt van de omgeving waarin wij leven en die ons een heleboel ongezonde gewoonten opdringt. Dit is een transcriptie van het tv-programma - © NTR - 2013

Sign up to vote on this title
UsefulNot useful