You are on page 1of 9

Improvising2

24/03/08 10:47

In's & Out's of Improvising 2
Oorspronkelijk was het niet de bedoeling om een vervolg te maken op mijn vorig Summerschool artikel. Vooral omdat je met voorgaande “truuken”, ook al lijken ze eenvoudig, toch een gans leven lang kan bezig zijn, en elke dag nieuwe ontdekkingen doet. Iets wat ik trouwens ook elke dag opnieuw beleef. Groot was echter mijn verwondering, toen ik zoveel positieve reacties kreeg, dat ik toch besloten heb om nog even dieper in te gaan op de “In’s en Out’s of Improvising, dit op algemene aanvraag van een heleboel lezers. Tevens ga ik hierin proberen om de meeste gestelde vragen te beantwoorden. Samengevat komen de meeste vragen op het volgende gemeenschappelijk probleem neer: bij anderen klinkt dat allemaal goed, maar ikzelf slaag er niet in om mooi klinkende “lijnen” te maken. Dit deed me nadenken over het hoe en waarom, met als resultaat dit artikel. Diegenen die mij iets beter kennen, weten reeds dat ik niet hou van ingewikkelde theroieën, t.t.z. ik ken de meeste wel, maar ik hou er niet van om erover na te denken terwijl ik speel. (ik neem ook geen grammatica-boek ter hand terwijl ik dit schrijf). We gaan het dus weer hebben over de eenvoud zelve, maar net zoals vorige keer : je kan er je hele leven lang mee bezig zijn, dus onderschat het niet! Ook wil ik toch nog even benadrukken, dat ik niets nieuws uitgevonden heb, noch wil beweren de wijsheid in pacht te hebben. Ik heb enkel en alleen door bijna dertig jaar studie, en het doorworstelen van een tweehonderdtal cursussen, het inzicht verworven dat heel veel “geheimen” op oneindig veel verschillende manieren uitgelegd worden, maar uiteindelijk toch bijna altijd op hetzelfde neerkomen, en dus kunnen vereenvoudigd worden. En het is dit “AHA-erlebnis”, deze vereenvoudigde kennis, die ik graag met jullie wil delen. Het geheim van goede noten. We beginnen uiteraard weer met het goede nieuws, namelijk de stelling : ER BESTAAN GEEN VERKEERDE NOTEN. Nu hoor ik bijna iedereen denken : dit is gemakkelijk gezegd, maar bij mij klinkt het niet. Deze opmerking doet me telkens weer opnieuw denken, aan het feit dat ik me soms laat verleiden om op een of andere doe-het-zelf beurs iets te kopen, wat achteraf bij thuiskomst helemaal niet zo gemakkelijkt lijkt te werken als op de beurs. Daar leek het allemaal een fluitje van een cent. Dikwijls schuilt het geheim echter in een klein hoekje, meestal iets wat je over het hoofd gezien hebt, en dus niet op lette. En zoals we reeds weten, zijn het dikwijls juist de kleine details die het verschil maken. Zo ook in de muziek: de noot die je speelt is niet altijd even belangrijk, WEL de noot die er op volgt. Met andere woorden : er bestaan geen foute noten, maar wel verkeerde oplossingen. En uiteraard speelt ook de plaatsing binnen de maat , de timing, een heel grote rol.

http://users.skynet.be/peter.verbraken/In%20&%20Out%27s%20of%20Improvising%202.htm

Pagina 1 van 9

Improvising2

24/03/08 10:47

De ervaring leert ons dus, dat het totaal geen zin heeft om “foutloos” te leren spelen. Dan krijg je meestal, wat ik noem, “steriele” solo’s. Bovendien ken ik niemand die erin slaagt om altijd foutloos te spelen. De beste muzikanten zijn echter diegenen, die erin slagen om hun fouten "op te lossen" zodat de toehoorder niets foutief hoort of ervaart. Deze oplossing is dus van het allergrootste belang, omdat je een "verkeerde" noot niet meer kan goedmaken tijdens een live-optreden. In de studio kan je fouten herstellen, maar live kan je niet terugkeren in de tijd, waardoor een oplossing de enige mogelijkhied is om er alsnog het beste van te maken. Wat is nu juist, en wat is fout ? We hebben allemaal waarschijnlijk geleerd, welke toonladders we moeten of kunnen spelen op welk akkoord, en diegenen die mijn vorig artikel bestudeert hebben, weten nu ook hoe je op eenvoudige wijze “outside” kunt spelen.We weten dus nu, dat we elk akkoord kunnen vervangen door 1 of meerdere mineurakkoorden. Nog even ter opfrissing: C Majeur kan vervangen worden door Am of Em Zowel C7 als Cm7 kunnen vervangen worden door Gm C Altered kan vervangen worden door bvb. Ebm Aangezien dus het mineur akkoord blijkbaar (volgens mij en vele anderen) het belangrijkste akkoord is, nemen we dit dus best als voorbeeld om bovenstaande bewering te staven. Wat spelen we zoal op een mineur akkoord ? Laat ons als voorbeeld nemen : de mineur pentatonische toonladder. Op Am7 zijn dat dus de noten a, c, d, e, g. Voeg daar eventueel nog enkele “mooie” noten bij zoals de 9 en de 6 (respectievelijk de si en de fa#), en je krijgt wat men noemt : een dorische toonladder, bestaande uit de de volgende noten : a, b, c, d, e, f# en g. Zie Vb. 1

Dit geeft ons een totaal van 7 noten die in principe nooit “fout” kunnen klinken. Bij gelijk welk akkoord hoort meestal een toonladder, bestaande uit 7 “juiste” noten. Bvb op Cmaj 7 is dit gewoon de toonladder van C, en op C7 dezelfde toonladder, maar met een Bb i.p.v. een B (men noemt dit de myxolydische toonladder) Zie Vb.2

http://users.skynet.be/peter.verbraken/In%20&%20Out%27s%20of%20Improvising%202.htm

Pagina 2 van 9

Improvising2

24/03/08 10:47

Let op , zelfs in deze “juiste” toonladder zit altijd een vreemde eend in de bijt, een noot die toch niet ideaal is. Bij C majeur is dit duidelijk de 4, dus de f. Ook op C7 klinkt deze f niet zo mooi. Daarom wordt ze ook dikwijls vervangen door de 4de verhoogd, dus de f#. Of je dus de 4 of de #4 gebruikt hangt volledig van je eigen smaak af, maar het levert ons in totaal nog steeds maar 7 bruikbare noten op. Veel musici blijven een groot deel van hun leven blijkbaar vastgeroest aan deze 7 noten, en durven de andere overblijvende noten nauwelijks spelen. (Tenzij ze “mis” zijn, volgens hun) Aangezien we weten dat er in totaal slechts 12 noten bestaan (de chromatische toonladder dus), betekent dit dat we 5 noten niet mogen spelen ?? Op het Am7 akkoord zouden dat de noten a#, c#, d#, f en g# zijn. Zie Vb. 3

Wel, we gaan nu proberen om deze 5 “vreemde” noten toch in te lassen, en er creatief mee om te gaan. Maar alles hangt nu af van 2 belangrijke factoren: Timing en oplossing. Stel, je speelt op het akkoord Am7 ineens een c#. “Valser” kan bijna niet want je speelt de grote terts op een kleine terts akkoord. Hoe kan je die grote terts nu toch mooi laten klinken? Eerst en vooral: ze moet oplossen naar de dichtst bijzijnde “juiste” noot. Hoera, alweer goed nieuws : Je bent NOOIT meer dan een halve toon (1 vakje op de gitaar !) verwijderd van een goed klinkende (juiste) noot. Op gitaar kan je dit makkelijk oplossen door middel van een slide, een hammer-on, een bend enz. In ons geval betekent dit dus dat de c# onmiddellijk moet gevolgd worden door de ernaast liggende oplossing. Je kan in beide richtingen werken, dus dat geeft ons een c (de kleine terts, en dus een gewone akkoordnoot) ofwel een d (de 11 en dus een hele mooie noot, die trouwens ook deel uitmaakt van de mineur pentatonische toonladder ). Zie Vb. 4

Goed, we weten nu de juiste noot om naar op te lossen, maar minstens even belangrijk is de plaats in de maat, de “timing”.
http://users.skynet.be/peter.verbraken/In%20&%20Out%27s%20of%20Improvising%202.htm Pagina 3 van 9

Improvising2

24/03/08 10:47

Het beste is om ervoor te zorgen dat de “verkeerde” noot op een “zwakke” plaats komt, en de juiste noot op een “sterke” tijd. Met deze sterke tijd bedoelen we steeds de noot die exact OP de tijd neerkomt, en dit mag evengoed op de eerste als op de tweede, derde of vierde tijd zijn. De zogezegde verkeerde noot (in dit geval de c#) komt dus het beste “tussen” te tijden terecht, en heeft liefst een korte waarde zoals een achtse of een zestiende noot. Omdat deze noot dus een korte waarde heeft, wordt ze dikwijl benaderingsnoot genoemd, ofwel in het Engels : approach note. Zie Vb.5

Kort samengevat betekent dit dus : laat op Am7 de c# een ganse of zelfs maar een halve maat (zelfs slechts een hele tijd) doorklinken, en het klinkt afschuwelijk. Blijf je er integendeel niet op hangen, maar laat je ze zo snel mogelijk oplossen naar de dichtstbijzijnde juiste noot (in gelijk welke richting, zowel langs onder als langs boven), dan kan je de schade beperken, en als dan bovendien ook nog de timing goed zit, dan kan het zelfs heel mooi zijn. Camouflage technieken. Nu is het de kunst om zoveel mogelijk manieren te vinden om valse noten op te lossen . (Vanaf nu ga ik spreken over dissonante noten, want vals bestaat eigenlijk alleen maar als je instrument vals gestemd staat, en dit is met niks anders op te lossen dan door te stemmen) In hoeverre je een noot dissonant vind of niet hangt in heel grote mate ook af van de rijpheid van je gehoor. De eerste maal dat je een gealtereerd akkoord hoorde, als was het maar een E7#9, dan vond je dit misschien niet erg mooi, maar naarmate je je gehoor meer en meer traint, worden een aantal alteraties ineens zelfs mooi, en stoort een #11 bijvoorbeeld ons helemaal niet meer. Terug naar de “benaderingstechnieken”. We weten dus nu dat we elke juiste noot nu per halve toon langs boven of langs onder mogen benaderen. Maar er zijn natuurlijk nog veel meer mogelijkheden. Niets of niemand houdt ons tegen om 2 of zelfs 3 halve tonen na elkaar te gebruiken als “chromatische benadering” Zie Vb.6

Je moet alleen maar rekening houden met de plaats van de oplossing: liefst op de tijd. Maar wat nu als je aan het spelen bent, en in het vuur van het spel speel je een heel dissonante noot (de c# van hierboven) vlak op de zware tijd ? Wel, alweer een geruststelling: ook dan zijn er een aantal mogelijkheden om dit op een
http://users.skynet.be/peter.verbraken/In%20&%20Out%27s%20of%20Improvising%202.htm Pagina 4 van 9

Improvising2

24/03/08 10:47

mooie manier op te lossen. Eén van de vele mogelijkheden is namelijk de uitgestelde oplossing , waarover straks nog wat meer uitleg. Je kan bijvoorbeeld je “juiste noot” (soms noem ik ze ook “target note” of gewoon “doel”) van de 2 kanten tegelijk benaderen, vooraleer je de oplossing geeft. Zie Vb. 7

Op deze wijze komt de oplossing toch weer OP de tijd terecht. Je zou zelfs dit systeem enkele tijden kunnen volhouden, zodat het publiek denkt dat dit de bedoeling was. Zie Vb. 8

Zoals je ziet worden respectievelijk de kwint, de terts, de grondnoot en de septiem (elke akkoordnoot dus, maar dat is uiteraard niet echt noodzakelijk) om beurt benaderd zowel door een halve toon langs boven als langs onder. Ons gehoor heeft de wonderbaarlijke eigenschap om iets wat we al eerder gehoord hebben als het ware te aanvaarden als verzachtende omstandigheden. De moraal van het verhaal is dus : als je "mis" bent, stop dan niet direkt met spelen, of doe zeker niet alsof je verschiet van die vreemde noot, maar hou de fout nog even vol. Leer ermee spelen, zowel letterlijk als figuurlijk, en maak er muziek mee. Ik zou zelfs durven aanraden: terwijl je studeert, speel bewust af en toe eens een dissonante noot, en probeer er iets mee te doen, zoek oplossingen (vergeet niet, deze zijn nooit ver weg ). De bekende gitarist Jimmy Bruno heeft zelfs een systeem, waarbij hij zijn studenten aanraadt om per week bewust 1 dissonante noot uit te kiezen, en deze zo dikwijls mogelijk te gebruiken, to ze in het gehoor verankert zit. Op deze manier kom je dus na welgeteld vijf weken al een heel stuk vooruit. Even een voorbeeld van zijn systeem. We blijven op Am7 , en we weten uit het bovenstaande welke de 5 dissonante noten zijn. Nu ga je dus een hele week lang de A dorische toonladder spelen, met de noot a# erin. Uiteraard mag je dit in alle 12 toonaarden doen. Het komt er op neer dat je uitsluitend dus deze verlaagde tweede graad speelt, en dus ook leert horen. De bedoeling van al deze oefeningen is, dat je na verloop van tijd een noot kunt "horen" voordat je ze gespeeld hebt, want elke graad heeft zijn eigen typische sound.
http://users.skynet.be/peter.verbraken/In%20&%20Out%27s%20of%20Improvising%202.htm Pagina 5 van 9

Improvising2

24/03/08 10:47

De tweede week neem je op Am7 de c# (ofwel de grote terts op gelijk welk m7-akkoord. De derde week de d# (de verminderde kwint). Nogmaals benadrukken bij dit laatste : het akkoord is wel degelijk Am7, en geen Am7b5. Het gaat dus echt wel om de noten die zeker NIET in het akkoord zitten. Week 4 besteden we aan de f, zijnde de verhoogde 5de graad (of verlaagde zesde als je dit liever hebt). Dan nog de 5vijfde week de g#, en klaar is Kees.

Vb. 9 toont de vijf dissonante noten, en ik heb ook per week een kort voorbeeld gegeven, maar het is natuurlijk de bedoeling dat je zelf gaat experimenteren. Let er vooral op dat, net zoals bij de voorbeelden, alles steeds netjes oplost naar een "mooie" nooit, en dat deze oplossing liefst op de tijd komt. In het voorbeeld van week 2 zie je dat bij een riff in zestienden, de oplossing ook op de achtste noot kan terechtkomen. De regel voor zestienden is dus : zet de benaderingsnoten
http://users.skynet.be/peter.verbraken/In%20&%20Out%27s%20of%20Improvising%202.htm Pagina 6 van 9

Improvising2

24/03/08 10:47

op de 2de of 4de zestiende, en de oplossing op de 1ste of 3de. Of je kan het ook als volgt zien: ontdubbel de riff, en maak dat alle noten weer op de juiste tijd vallen. Na de vijf weken volgens het "Jimmy Bruno systeem" heb je dus alle noten gehad, en staan we dus zover dat we alle 12 noten kunnen spelen op gelijk welk akkoord. Nu is dan het moment gekomen om de resultaten van de vijf voorbije weken te gaan combineren, en dus 2 of meer dissonante ( of outside )noten tegelijk te gebruiken. Indien je ze alle vijf gebruikt, heb je dus de chromatische toonladder. Een dergelijke mengelmoes vind je terug in voorbeeld 10, waarbij alle omcirkelde benaderingsnoten netjes tussen de tijden vallen.

Na verloop van tijd klinken deze systemen zo natuurlijk voor ons gehoor, dat we ons steeds verder durven wagen, en dat we sommige noten al eens langer durven spelen, en soms zelfs al eens op de tijd. Laat gewoon je gehoor oordelen. Op deze manier krijg je soms zelfs een voorkeur voor bepaalde dissonante noten, en kweek je wel een veel solidere basis, dan dat iemand zou zeggen : speel gewoon gelijk welke noot uit de chromatische toonladder en vroeg of laat komt het wel goed. Het enige waar je voor op moet letten, is dat je solo's op deze manier niet te veel beginnen te "zagen", want teveel is teveel (zoals in alles), en een te regelmatig gebruik van chromatiek zorgt nu niet bepaald voor veel afwisseling. Daarom is dit geen systeem om uitsluitend toe te passen, maar het opent toch alweer een hoop nieuwe "deurtjes". Uitstellen is niet altijd zo slecht. Tot nu toe hebben we alle dissonante noten vrijwel onmiddelijk laten oplossen, maar dit is niet altijd noodzakelijk. We hadden het namelijk reeds over een methode die men "de uitgestelde oplossing" noemt, ofwel in het Engels : Delayed Resolution. Het komt eenvoudigweg hierop neer: in plaats van onmiddelijk op te lossen, speel je NOG een dissonante noot, en de oplossing, die daarna gespeeld wordt, is meestal de oplossing van beide dissonanten. Dit zagen we reeds in voorbeelden zeven en acht, maar we kunnen ook dit alweer uitbreiden, en nog een stapje verder gaan. We kunnen zelfs twee riffen combineren. Stel je namelijk voor dat je de c# wil laten oplossen naar de d (het kon natuurlijk evengoed naar de c, maar laat het ons voor deze toepassing op de d houden). De akkoordnoot e (remember, we blijven nog steeds op het Am7 akkoord experimenteren) willen we via een "dubbele chromatische benadering" eveneens laten oplossen naar de d (dit is de 11 en dus een heel mooie noot, vind ik). Als je nu beide oplossingen combineert, maar de oplossing pas geeft op het einde van de riff, dan klinkt deze d heel goed, want ze is ineens de oplossing van al het voorgaande. Je laat de toehoorder dus als het ware op zijn honger zitten, door de c# niet direkt op te lossen. Dit houdt een zekere
http://users.skynet.be/peter.verbraken/In%20&%20Out%27s%20of%20Improvising%202.htm Pagina 7 van 9

Improvising2

24/03/08 10:47

spanning in, wat het juist zo mooi maakt. Zie Vb. 11

In voorbeeld 12 heb ik het nog wat bonter gemaakt door de oplossing nog wat langer uit te stellen. Zoals je ziet, heb ik de dissonante noot zelfs op de tijd laten beginnen, wat normaal gezien heel gewaagd is, omdat daardoor een natuurlijk accent op deze noot komt. Daarom heb ik dan ook deze zelfde c# nogmaals gespeeld, om de luisteraar wat te laten wennen, en uiteindelijk komt dan toch de langverwachte oplossing. Het is ook zo, dat hoe sneller je speelt, hoe verder je daarin kan gaan, maar dat laat ik aan uw gehoor over.

Het belangrijkste wat je voor ogen moet houden is, dat er uiteindelijk toch een oplossing is, waardoor de muziek als het ware "vooruit" gaat. De meesten onder ons hebben veel te veel geleerd om "vertikaal" te denken. Daarmee bedoel ik : welke toonladder past op welk akkoord. Persoonlijk vind ik dit echter te beperkend, want wat ik in dit artikel probeer uit te leggen heeft veel meer te maken met "horizontaal" denken. Dus niet : "klinkt datgene wat ik speel wel degelijk juist op het begeleidend akkoord" ? Maar eerder : ontwikkelt mijn lijn zich op een mooie manier, gaat ze vooruit naar een welbepaald doel , en bereikt ze dit doel, deze oplossing, op een mooie manier? Je kan de mooiste riff spelen, maar als de laatste noot niet klopt, dan valt al het voorgaande in duigen. Daarom is het beter om vooruit te kijken en te denken, zodat je je geen zorgen meer hoeft te maken waar je wil eindigen, je weet het al. Persoonlijk vind ik deze manier van denken schitterend, als je veel akkoorden op korte
http://users.skynet.be/peter.verbraken/In%20&%20Out%27s%20of%20Improvising%202.htm Pagina 8 van 9

Improvising2

24/03/08 10:47

tijd moet spelen. Sommige nummers hebben vier of zelfs meer akkoorden per maat. Bijna al mijn studenten zitten dan met hun handen in hun haar, en na een zware zucht hoor ik meestal de opmerking : ik krijg al die toonladders nooit gespeeld op zo een korte tijdsspanne. En inderdaad, dit is bijna onmogelijk, zeker als het stuk dan ook nog eens in een snel tempo staat, kan je onmogelijk vier of meer toonladders per maat "aframmelen". De meesten beperken zich dan maar tot nietszeggend gebrabbel, anderen weer zijn zo slim om tijdens die maat zo goed als niets te spelen. Iedereen vind er zo een beetje zijn eigen oplossing voor, waar de meesten echter zelf helemaal niet tevreden mee zijn. Vanaf nu kan je dus al deze toonladders aan flitsendsnelle tempi even uit je hoofd zetten, omdat je je geen zorgen meer hoeft te maken of vertikaal alles klopt. Zolang de oplossing maar een "mooie noot" is. Je kan de riff van Vb. 11 of 12 dus niet alleen spelen op Am7, maar evengoed op gelijk welk akkoord of zelfs akkoordenschema, waar d een mooie noot is, bijvoorbeeld op Cm7 (d is de 9), op Dm7 (d is de grondnoot), op Bbmaj7 of Bb7 (d is de terts) op B7#9 (d is de verhoogde negen) en zo kunnen we nog heel lang doorgaan. Om af te sluiten toch nog een klein voorbeeldje, helemaal gebaseerd op het voorgaande. Alleen staan er nu enkele akkoorden meer boven. In plaats van aan drie verschillende toonladders te denken, denken we enkel en alleen aan de eindnoot, en de keuze viel alweer op d, hier de terts van het laatste akkoord, en dus een redelijke oplossing. (Je kan evengoed deze zelfde riff transponeren, bijvoorbeeld een kleine terts hoger, zodat hij uitkomt op de noot f, de kwint, het blijft mooi klinken) Of je kan dezelfde riff alweer transponeren zodat hij eindigt op bijvoorbeeld een a (de Maj7), of op een c (de 9), een g (de 6 en dus eveneens bruikbaar) en zo kunnen we volgens bovenstaande theorien zeker al op zeven bruikbare noten eindigen. Het is dus nu de kunst om zoveel mogelijk variaties te zoeken om op een korte of langere manier naar een bepaalde noot naartoe te gaan. Dit geeft ons een enorm arsenaal aan extra mogelijkheden, welke we alweer kunnen combineren met alle andere dingen die we kennen, zodat er weer een welkome afwisseling is in onze ideëen. Het belangrijkste is echter, dat je door deze manier van denken ook een zekere dosis zelfvertrouwen krijgt, omdat je je in principe niet meer echt kan misspelen, omdat je je toch altijd weet te redden door 1 of andere benaderingsmethode. Ziezo, alweer een oneindig aantal mogelijkheden, met slechts zo weinig theorie. Blijf lekker verder experimenteren, en laat je gehoor de rest doen. Good Luck !! Terug / Vervolg

http://users.skynet.be/peter.verbraken/In%20&%20Out%27s%20of%20Improvising%202.htm

Pagina 9 van 9