1

GEBRUIKERSINSTRUCTIES
Beste lezer, Deze PDF is interactief; op pagina 2 en 3 staan de functies uitgelegd. De Ambassade.

KERMIS 365
Geurt Grosfeld

De Ambassade voor Creatieve Zaken

Buttons in de inhoudsopgave zijn interactief en gaan naar het betreffende hoofdstuk.

Alle links zijn met een roze lijn onderstreept

GEURT GROSFELD

1.

KERMIS 365

Alle namen in de auteursopgave zijn interactief en gaan naar het betreffende hoofdstuk van de schrijver(s).

Alle titels in de literatuuropgave zijn interactief en gaan naar het betreffende hoofdstuk.

Terug naar de inhoudsopgave

Naar informatie betreffende auteur(s) Naar literatuur (indien aanwezig) Naar bijlagen (indien aanwezig)

Terug naar de inhoudsopgave

2

3

1
VOORWOORD
Geurt Grosfeld

2
KERMIS ALS PROEFTUIN VOOR SOCIAL INNOVATION
Peter Horsten, Ger Pepels, Simon de Wijs en Kristel Zegers

3
TILBURG IS KERMIS
Merle Rodenburg

KERMIS 365
Geurt Grosfeld

INHOUDSOPGAVE

4
KUNST EN KERMIS?
Atty Bax

5
HET KERMISLEVEN
Kokkie Kroon

6
TILBURGSE KERMIS, MÉÉR DAN KERMIS ALLEEN
Lauran Wijffels

7
HET GEHEUGEN VAN EEN KERMISSTAD
Ronald Peeters

8
BRABANTSE KERMISPRENTEN: TER LERING EN VERMAAK
Emy Thorissen

9
EEN VISIE GEBASEERD OP HET VERLEDEN
Alex Boonmann

10
FAIRFEST, VERNIEUWING VAN DE TILBURGSE KERMIS
Ankie Joos en Joline Vriens

BIJLAGEN

Maak uw keuze en klik op een hoofdstuk om er naar toe te gaan. Verder scrollen kan natuurlijk ook!

AUTEURS

LITERATUUR

COLOFON

M

et het project Tilburg, The Performing Society zette gemeente Tilburg medio 2012 koers naar culturele hoofdstad 2018. FairFest was onderdeel van dat project. De gemeente wilde een culturele dimensie toevoegen aan de Tilburgse Kermis, een van de grootste publieksevenementen van Nederland. Samen met een keur aan partijen uit de stad werd gewerkt om de kermis als volksfeest programmatisch te verrijken. Het is echte liefde tussen de Tilburger en zijn kermis. Vanaf 1998 staat een bronzen carrouselpaard op het NS-Plein. Het ‘kermispèrd’ staat symbool voor de bijzondere relatie tussen de kermis en de Tilburgse samenleving. Het is een hommage aan de kermisexploitant en de kermisvierder. Paul Spapens was een van de initiatiefnemers. De Tilburgse Kermis is een evenement waar veel creatievelingen zich graag mee verbinden. Dat was al eerder gebleken. Bij Kunst Kitsch Camp & Kermis bijvoorbeeld, een evenement dat Ernest Potters in 1999 voor het eerst organiseerde. Net als Ernest Potters maakt ook kunstenaar Paul Bogaers jaarlijks foto’s van de Tilburgse kermis. Dit jaar maakten ze samen het boekje ‘Een Jongensdroom’, een visuele ode aan de kermis. Het staat voor de manier waarop creatievelingen in de stad kunnen samenwerken. Toen op 6 september 2013 duidelijk werd dat de inspanningen rond culturele hoofdstad van Europa niet tot succes hadden geleid, was de teleurstelling groot. Maar als we eerlijk zijn en kijken naar de plaats van de Tilburgse kermis in de samenleving, is niets van onze inspanning verlo-

ren. Ze komt in een ander perspectief te staan, evenzo relevant. De Spoorzone is inmiddels ontsloten en biedt nieuwe perspectieven, ook voor groei van de kermis. Ondernemers, kunstenaars, onderwijs- en culturele instellingen waren betrokken bij het interdisciplinair activiteitenprogramma voor de Tilburgse Kermis. Er waren experimenten met nieuwe vormen. En er zijn concrete plannen voor de komende jaren. Er is door velen hard gewerkt aan een visie op de toekomst van de Tilburgse kermis. De resultaten daarvan zijn zichtbaar in deze publicatie. Voor een stadsbestuur dat daarnaar op zoek is, biedt het inspiratie, concrete aanknopingspunten voor beleid, handvatten voor keuzes. Tilburg heeft een vruchtbare bodem om de kermis te laten uitgroeien tot een onderscheidend evenement, met aantrekkingskracht tot ver over de grenzen. De proeftuin is opgezet. Bloei vraagt om compost, onderhoud en water. Wie zijn de tuinmannen?

VOORWOORD
Het is echte liefde tussen de Tilburger en zijn kermis

projectleider FairFest

6

7

1 KERMIS 365

Met het project FairFest werd een impuls gegeven aan de Tilburgse Kermis voor creatief en onderscheidend aanbod. De Ambassade kon doorbouwen op wat anderen al eerder hadden gedaan en daar nieuwe elementen aan toevoegen. Er werd onderzocht hoe kunst en kermiscultuur elkaar over en weer kunnen inspireren. Hoe lange-termijn-effect voor Tilburg is te bereiken. De Tilburgse Kermis is een enorm volksfeest dat zich bij uitstek leent voor innovatie en cultureel ondernemerschap. FairFest maakte als kermiscultuurfestival nieuwe verbindingen tussen volkscultuur en kunst, ondernemers, kermisexploitanten en studenten. Dat gaat niet vanzelf. Ook niet in de kermisperiode. Het gebeurt in een klimaat waar geëxperimenteerd wordt, waar ruimte is voor nieuwe ideeën en waar resultaten met elkaar gedeeld worden. In een proeftuin dus. De lange traditie en populariteit van de kermis stimuleert de proeftuin om tot verrassende presentatievormen van kermiskunst in de stad te komen. Samen met een reflectiegroep werd verdieping gezocht in de achtergronden en archetypen van de kermis en werd haar worteling in Tilburg benoemd. Er is in multidisciplinaire teams samengewerkt. Om ideeën met elkaar te delen, elkaar te ontmoeten, en elkaar te inspireren is FairFest eind 2012 begonnen met een internationaal symposium. Door Tilburgse kunststudenten, wetenschappers en cultureel ondernemers werden inspirerende voorzetten gedaan. Een deel ervan is uitgewerkt in 2013, andere wachten nog op realisatie in 2014 of later. Tijdens de kermis is de Tilburgse binnenstad 10 dagen lang ondergedompeld in feestgedruis. Een lange sliert van kermisattacties kronkelt door de stad. Het zwaartepunt van FairFest lag in de Tilburgse Spoorzone met daaromheen een verschedenheid aan buiten- en binnenexposities. Er vond een vanzelfsprekende kruisbestuiving plaats tussen het kermispubliek en FairFest. Een speelveld voor sociale innovatie, talentontwikkeling en cultureel ondernemerschap in de regio. De organisatie was in handen van De Ambassade voor Creatieve Zaken.

DISCOURS
We hebben aan de invulling van FairFest een paar ontwerpvoorwaarden verbonden: • de kermis is het vertrekpunt van denken; • publiek en verscheidenheid in publieksgroepen is belangrijk; • het programma moet spelen met uitkomsten van het symposium FairFest; • activiteiten dragen experimenteel karakter en zijn gericht op ontwikkeling. Kritische reflectie was essentieel, net zoals het gesprek met stakeholders. Dit gesprek is op verschillende niveau’s gevoerd. Met de gemeente over de rol van het stadsbestuur, over aansluiting bij de kermis, ontwikkelbaarheid en betekenis voor de stad. De gemeente meer als partner dan als subsidiënt. Met Fontys over mogelijkheden, kaders en ambities bij het werken met kunstvakonderwijs en het creëren van kansen voor talent. Met Max Horeca over de manier waarop een kwalitatieve investering in de kermis kan leiden tot versterking van commerciële én culturele doelen, met name over het diversificeren van horeca.

auteur: Geurt Grosfeld functie: connector bij De Ambassade voor Creatieve Zaken; projectleider FairFest

8

9

Met kermisexploitanten over vernieuwing op de kermis. Met makers over nieuwe relaties met het publiek, over artistieke vormen, kruisbestuiving en over het specifieke van kermiskunst. Het discours begon met een symposium (85 deelnemers) in december 2012. Het werd in samenwerking met Fontys Hogeschool van de Kunsten georganiseerd en daarna binnen afzonderlijke groepen verder gebracht. Op 20 maart 2013 was er bij Vrijetijdshuis Brabant een bijeenkomst (12 deelnemers) in het kader van FairFest. Er werd inzicht gegeven in de voorlopige resultaten van het onderzoek FairFest van Vrijetijdshuis Brabant. Centrale vragen waren: In hoeverre is de verbinding tussen kermissen, cultuur en Europa in het verleden al gelegd? (bijvoorbeeld tijdens eerdere edities van de Tilburgse Kermis en bij andere Europese kermissen) Wat is er al bekend over het profiel van kermisbezoekers? (bijvoorbeeld leefstijl, vrijetijdsgedrag en specifiek interesse in kunst en cultuur) In hoeverre bestaan er kansen om door middel van cultuur nieuwe doelgroepen aan te trekken? CAST, tenslotte, organiseerde in samenwerking met bkkc en De Ambassade op woensdag 26 juni een lezingenavond met dabat over de kermis (ca 60 deelnemers) als tijdelijke nomadische stedelijke ruimte. Historisch persfectief werd door Paul Spapens geleverd, Frank van Vliet vertelde over de stedelijke inrichting van het centrum van Tilburg, Kokkie Kroon over het leven van kermisexploitanten en Geurt Grosfeld gaf zijn visioen over de Tilburgse Kermis.

ding. Ze komen ook niet uit de lucht vallen, maar hebben voorlopers. Daarom is resultaatbeschrijving zo belangrijk. Door onderzoek weten we op welke manier FairFest een bijdrage levert aan de verbinding tussen volkscultuur en kunsten. Vrijetijdshuis Brabant heeft hier met het onderzoek ‘The Tilburg fair, renewing a popular celebration?’ een aanzet voor gegeven. Vanuit het verleden is weinig informatie beschikbaar over de effecten van verschillende initiatieven. Kostbare kennis en ervaring gaan dan verloren. En die informatie is nodig om van te leren, om te verbeteren. FairFest investeerde daarom in verslaglegging en documentatie.

KERMISICOON
In 2012 bezochten naar schatting 1,5 tot 1,6 miljoen mensen het spektakel van de Tilburgse Kermis. Het Draaiende huis en d’n Ophef van John Körmeling geven bezoekers 365 dagen per jaar een klein beetje het ‘kermisgevoel’ mee, maar een écht icoon waarmee de kermisstad zich profileert ontbreekt nog. Tijd om daar verandering in te brengen? Om de innige band tussen Tilburg en zijn kermis op een nieuwe manier vorm te geven, te versterken en te visualiseren is het voor de hand liggend om een icoon voor de kermis te ontwikkelen. Dit icoon kan een gebouw zijn, een kunstwerk, of alles wat daar tussen in zit. Met de Ontwerpmarathon van CAST hebben we daarvoor een mooie methode in huis. De Ontwerpmarathon om een ruimtelijke bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van Tilburg Kermisstad. Wegens gebrek aan belangstelling kon de marathon in 2013 niet doorgaan. Dat maakt het initiatief echter niet minder relevant. Wij stellen dat een kermisstad meer moet zijn dan een stad die jaarlijks 10 dagen kermis viert.

Kermisopening. Foto: Jimke Joling.

BETROKKENHEID
Er zijn weinig evenementen waarvoor de stad zo ingrijpend wordt aangepast als voor de kermis. Het maatschappelijk draagvlak voor de kermis is enorm. We buigen daar diep voor. Je kunt dan ook alleen voor de kermis werken als deze zelf het vertrekpunt is. Draagvlak is ook een voorwaarde voor duurzaamheid van het initiatief. Aan de realisatie van FairFest hebben dan ook veel partijen meegewerkt: Fontys Hogeschool voor de Kunsten, MaxHoreca, gemeente Tilburg, Universiteit van Tilburg-Brabant Collectie, CAST, BKKC, EYE filminstituut, Geheugen van Tilburg, Kunstmaan, Stichting Kermiscultuur, Kroon kermisexploitanten, Amarant dagbesteding, Luycks Gallery, Kunstpodium-T, teleXpress en onafhankelijke kunstenaars waaronder uit een lange lijst: Paul Bogaers, Sander van Bussel, Simon Haen, John Körmeling, Jeroen de Leijer, Coen van Rooij en Antoine Timmermans. En niet te vergeten de auteurs van deze publicatie, naast een grote groep van mensen die zich belangeloos inzetten uit passie voor de Tilburgse kermis. Alleen met hun betrokkenheid was het mogelijk om FairFest van de grond te krijgen. Deze groep van early adopters was de motor voor het project en is de stepping stone naar de toekomst.

ONDERZOEK

Innovaties ontstaan niet vanzelf maar vragen om een stevige aanpak en volhar-

10

11

EMOTIONS

HISTORY

Afb. Simon de Wijs n.a.v. Symposium FairFest 11 en 13 december 2013

IDENTITY
INCLUSIVENESS DNA

CITIZENS PLAY SOCIAL INNOVATION LEADERSHIP
COLLECTIVITY

EXPERIENCE
NOSTALGIA

speed, sex and scare

latie van Chop, Chop, Chop van Coen van Rooij. Ook is het denkbaar dat vraagstukken rond onderwijs of sociale cohesie een plek krijgen binnen FairFest. Voor kinderen die niet op vakantie kunnen, activiteiten opzetten die met de kermis te maken hebben?

EXPERIMENT
Op de hedendaagse kermis staat veel ‘ijzer’; draai- slinger- en snelheidsmachines met behoorlijke impact het lichaam. Naast klassiekers als spookhuizen, goken schiettenten, zijn andere vormen van vermaak er minder gemakkelijk te vinden. Vormen van acrobatiek, revue, varieté, burlesque, acrobatiek, komedie, kunst of – beter nog – mengvormen daarvan. We keken naar kernbegrippen die ons vanuit het symposium zijn meegegeven: circus, magic, ‘speed, sex and scare’, nostalgie, saamhorigheid, zintuiglijkheid en grensoverschrijding, verleiding, tijdelijk landschap. Deze inspireerden ons tot het zgn. kermislab waarin het ontwikkelen van creatieve programma’s en performances voor de kermis centraal staat. Samen met Kunstmaan en Theater De NWE Vorst organiseerde De Ambassade op 4 april 2013 het eerste kermislab: KermisTheater Calypso (80 bezoekers). Gastprogrammeur Wim Verhoeven tekende voor een divers programma met acrobatiek, revue, muziek en burlesque. In de hoofdrol figureerden onder meer Le Cirque du Platzak, Jeroen de Leijer, Sander van Bussel, Hans d’Olivat, Maya de Buikdanseres, Boy Jonkergouw en Iksperiment. Tijdens de Meimarkt (ca 6000 passanten) op 18 en19 mei 2013 was Sander van Bussel gastprogrammeur voor kermisgerelateerde activiteiten. Hij onderzocht samen met collega artiesten het effect van creatieve interventies tijdens een groot publieksevenement als de Meimarkt.

EVENTFULNESS

REINVENTION

Van oudsher is de kermis een podium voor vermaak, acrobatiek, uitvindingen, misgeboorten, excessen en gekkigheid. Het had z’n serieuze kanten maar was ook een uitlaatklep voor spotzieken, lolbroeken en waaghalzen. De kermis was altijd de kraamkamer voor entertainment. Het speelveld voor flirt en liefde. Kermis kanaliseert oerdriften. Het is een nomadische ontmoetingsplaats voor een veelkleurig palet aan bezoekers. Mensen uit alle maatschappelijke lagen en culturen vinden er vermaak en ontmoeten elkaar. Sociale relaties worden er opnieuw gedefinieerd. De Roze Maandag gaf homo’s een podium en droeg bij aan de homo-emancipatie. Inmiddels worden

SOCIAL INNOVATION

uitingsvormen van de homobeweging op grote schaal gekopieerd door de gewone man en vrouw. De pluriformiteit van het biotoop maakt dat we de kermis kunnen zien als een laboratorium voor social innovation. Social innovation ontstaat immers vaak op lokaal niveau. De gelaagde structuur tussen overheden, ondernemers, onderwijs en burgers biedt ongekende mogelijkheden. Kunnen we in de context van de kermis denken over toegankelijkheid voor ouderen? Voor dementerenden? Voor werkzoekenden? Met werk voor mensen met een geestelijke beperking? In FairFest hebben we een begin gemaakt met de laatstgenoemde groep. Mannen van Woodworks Amarant hebben gebouwd aan de instal-

12

13

Het open karakter van het kermislab werd gewaarborgd door met verschillende gastprogrammeurs te werken. Het experimentele karakter ervan is essentieel. Dan werkt het als een kraamkamer voor nieuwe activiteiten en performances.

PROGRAMMA

Vanzelfsprekend is er ook programma voor de kermisperiode zelf ontwikkeld. Er is ingezet op de korte termijn (praktisch haalbaar in juli 2013) en op de langere termijn (gericht op meer participatie van studenten van Fontys, performance, creatieve horeca, nieuwe Spoorzone). Tijdens de kermis 2013 werden gerealiseerd: ‘CHOP, CHOP, CHOP… altijd prijs!’ (ca 300 bezoekers) In het Brabants Kennisentrum Kunst en Cultuur (bkkc), dat op de loopt ligt van het station naar de kermis, was voor en tijdens de kermis te zien welke ruim 200 attracties er op de kermis zijn en welke families deze attracties exploiteren. Je hoorde ervaringen van kermisbezoekers. Kunstenaar Coen van Rooij nam dit voor zijn rekening. Er was ook een touwtrekkraam met kermisgeluiden van Peter Hofland en de expositie ‘Een Jongensdroom’ van fotograaf Paul Bogaers.
 ‘Miracle Garden - funfair wonderland’ (ca. 3000 bezoekers) Deze attractie was als een binnentuin voor de verbeelding, te vinden naast de kermis. Miracle Garden werd ingericht door kunstenaars Simon Haen en Antoine Timmermans aka Cybersissy. Simon Haen tekende voor de ‘architectuur’ van Miracle Garden, het vormgeven van de droomwereld. Het werk van Antoine Timmermans voltooide deze we-

Muizenstad. Foto: Jimke Joling.

Kermistheater. Foto: Jimke Joling.

Miracle Garden. Foto: Jimke Joling.

reld. Zijn unieke collectie van keramieke beelden, pruiken, kostuums, schilderijen, fotowerk en films is nooit eerder zo samengebracht. Voor het eerst dus op de Tilburgse Kermis! Ook was er een voetenlezer. En bezoekers konden hun kermisverhaal vertellen aan Tilly Tell. Deze verhalen zijn ondergebracht in het ‘Geheugen van Tilburg’. De Miracle Garden was een inspirerend rustpunt in het geweld van de Tilburgse Kermis. ‘Tussen kunst en kermis’ (ca. 5500 bezoekers) De beroemde attractie Muizenstad uit 1964 van de familie Kroon onderging een transformatie onder leiding van kunstenaar/architect John Körmeling. Muizenstad 2013 bestond uit een aantal beeldbepalende gebouwen van Tilburg waarin de muizen verblijven. De muizen leefden onder andere in het station, de Stadsschouwburg, Westpoint, de AaBe fabrieken en het Draaiend huis ontworpen door John Körmeling zelf. De kijkattractie was te zien op de nostalgische kermis. Jeroen de Leijer maakte er een kleurplaat bij. Deze werd in wedstrijdvorm uitgezet en leverde ruim 80 inzendingen van kinderen en evenzoveel bewoners van zorginstellingen! ‘Kunstzinnig rondje Kermis’ Een route langs kermis-kunst tijdens de Tilburgse Kermis. Naast bovengenoemde activiteiten, waren opgenomen: Zien en Gezien Worden. Jimke Joling is een jonge, getalenteerde fotografe met veel gevoel voor de kleur. Jimke laat haar objecten schitteren, zij signaleert feilloos het moment van de foto. Een lust voor oog, een spectakel van licht en kleur. De XXL expositie in de open-

bare ruimte bracht Roze Maandag prachtig in beeld. Kunstpodium T / Wiersma & Smeets Zabawa betekent ‘spelen’ in het Pools. Het was de naam van de tentoonstelling in Kunstpodium T met lichtinstallatie Lumopark en Videotouwtjetrekmachine De Filmjukebox van Moniek Smeets. Lumopark was te zien vanaf de straat. Liep je het Kunstpodium in, dan was daar nostalgische kermis met de Jukebox, de SteileWand-Krachtpatsarm van Arek Laskowski, en Lichttraject VIII van Bram Wiersma. Luycks Gallery ‘Jongen gevraagd om mee te reizen’ vertelde een beeldend kermisverhaal. Met een zorgvuldig gekozen gezelschap van kunstenaars liet Ingrid Luycks zien dat kunst en kermis elkaar dicht kunnen naderen. De kunst was een voltreffer voor het kermishart! Er waren werken van Paul Bogaers, Marcel Dingemanse, Marjolein Landman, Ivo van Leeuwen, Jeroen de Leijer, Annette Paulsen, Ernest Potters, Chantal Rens, Paul van Rijswijk, Goof Salimans, Antoine Timmermans en S. Lloyd Trumpstein. teleXpress bracht het fotoboekje ‘Een Jongensdroom’ van kunstenaar Paul Bogaers uit. Tenslotte werkte De Ambassade mee aan de culturele invulling op het NS-plein (Kraud-fun-ding) en aan de Kermisprocessie tijdens de begrafenis van de kermis door Stichting T-Parade, Stichting Dabbawalla en gemeente Tilburg.

Symposium. Foto: Jimke Joling.

14

15

zo’n stad ademt kermis, de kermis is er zichtbaar, 365 dagen per jaar
16 17

TOTAALCONCEPT

De vraag om innovatie van de Tilburgse kermis is een serieuze. Het upgraden van bestaande elementen is dan onvoldoende antwoord. Ook door het imiteren van bijvoorbeeld Duitse concepten, ontstaat geen innovatie. FairFest blijft daarom weg van de gebruikelijke paradigma’s en brengt een aanvullend totaalconcept voor de Tilburgse Kermis. Uitgangspunt daarbij is dat het aantrekkelijk moet zijn voor nieuwe publieksgroepen zonder het bestaande publiek af te stoten. Creatievelingen, cultuurminnaars en ouderen zouden zich ook aangetrokken moeten voelen. Dat kan als het aanbod op de kermis meer divers wordt, zowel programmatisch als kwalitatief: creatieve horeca, pop-up kermishotels, lounge plekken, doeateliers, revue en theater, muziek en burlesque. Met podia voor jong talent van Fontys. De Spoorzone zien we als ontwikkellocatie voor een dergelijk totaalconcept. Voor succes echter zal de gemeente er gedurende een aantal jaren met partijen uit de stad richting aan moeten geven. De verblijfskwaliteit in de stad vraagt om aandacht. Momenteel zijn er weinig redenen voor een meerdaags bezoek aan Tilburg. Een totaalconcept rond de kermis zal bezoekers vaker verleiden tot meerdaags bezoek. Dan moeten er voldoende betaalbare overnachtingsmogelijkheden zijn.

KERMIS 365

Velen zijn het erover eens: Tilburg is een kermisstad. Toch, enkel met tien dagen kermis wordt de titel kermisstad niet sterk geladen. Een kermisstad heeft een eigen visie op het evenement, die zich onderscheidt van andere steden. In een kermisstad voelen exploitanten zich welkom. In de aanwezige theater- musical- en circusopleidingen wordt de kermis vervlochten. Creatievelingen roeren zich. Jong talent experimenteert. Ondernemers worden geprikkeld om zich ermee te verbinden. De detailhandel weet er meer mee te doen dan elders. Misschien is er een kermisbeurs. De kermis is ook een vanzelfsprekend onderdeel van city branding. Zo’n stad ademt kermis. De kermis is er zichtbaar, 365 dagen per jaar. Is dat Tilburg?

VERBINDING
De ervaringen met FairFest hebben laten zien dat het relatief eenvoudig is om een betrokken ‘community’ op te bouwen, in real life, maar ook digitaal. Zo kan de kermis zich nog beter verbinden met de Tilburgse samenleving; door discussie te voeren, inspiratie te delen en door mensen te betrekken bij keuzes en activiteiten. Er is een begin gemaakt met een actief netwerk. Dit kan uitgebouwd worden met bijvoorbeeld theaters, bioscopen, culturele gezelschappen, onderwijs, galeries en musea. Ook zijn er raakvlakken met wat Circo Circolo deed in de wijken ‘De wijk als Piste’. Bij doorvertaling van het project FairFest lijkt verbinding met Circo Circolo ons zinvol. Tenslotte is ook geïnvesteerd in externe verbindingen. Met de Sheffield Universitiy, prof. dr. Vanessa Toulmin en met de stad Blackpool. Deze contacten zien we als waardevol in de zoektocht naar vernieuwing op de kermis.

HOE VERDER?

De Tilburgse kermis leeft onder een brede lagen van de bevolking. Ook onder de creatievelingen in de stad. Evenzeer bij ondernemers, en met name bij horeca. Voor de kermis laten mensen zich graag mobiliseren. Conclusies FairFest 2013 • mits culturele en kunstzinnige activiteiten de taal van de kermis spreken, is het goed mogelijk om deze te integreren in de kermis als geheel; • het lijkt verrijkend om ‘oases’ te creëren: stillere plekken, lounge plekken, voorstellingsplekken, vertoningsplekken, bouwplekken; • publiek werven op de kermis vraagt om een actieve communicatieve houding; • horeca heeft een belangrijke meerwaarde, maar moet zich voegen naar de activiteit; • ligging aan de kermisroute is cruciaal voor succes; publiek gaat niet dwalen door de stad; • het is belangrijk om een integrale visie op de kermis te hebben en die mee te nemen in de marketing; • discours levert veel op: ideeën, activiteiten, kennis, betrokkenheid; • het concept kermislab is een generator voor nieuwe activiteiten en performances (innovatie); • verantwoordelijkheden en rollen dienen helder belegd te zijn; • het kermispubliek wil best ‘proeven’ van alternatief programma, maar heeft een geringe bereidheid om daarvoor te betalen; • het concept Miracle Garden werd goed ontvangen en heeft ontwikkelpotentie; Aanbevelingen voor de toekomst: • meten is weten; breng de effecten en publiekswaardering van de verschillende projecten in beeld, kijk naar het onderzoek van Vrijetijdshuis Brabant; • zet het discours voort: hoe zien we de toekomstige betekenis van de kermis voor de stad? Wat zijn de belangrijkste actoren voor het verder brengen van het concept? • werk aan community opbouw, bij de Tilburger en bij de makers / ondernemers en exploitanten; • bouw het concept van Miracle Garden verder uit; • leg meer accent op performance en muziek, zonder het beeldende te verliezen; • ga tijdig in gesprek met Fontys over de wijze waarop studenten kunnen participeren; • verbeter de tijdelijke verblijfskwaliteit in de stad, bijvoorbeeld met creatieve overnachtingen, pop-up hotels; • vraag aan de gevestigde culturele instellingen hoe zij behulpzaam kunnen zijn bij het ontwikkelen van het kermisprofiel van de stad; • ‘give what you want’ beloning voor acts kan goed werken, maar er moet nagedacht worden over hoe om te gaan met het vragen van entreegelden op de kermis (concurrentie); • benut de Ontwerpmarathon als generator van ruimtelijke concepten; • benut de kracht van l’Avventura om kermispubliek bij alternatief programma te betrekken; • geef ruimte aan community projecten (social innovation); • Single Friday lijkt kansrijk, maar heeft een overkoepelende visie en regie nodig; • focus tijdens de kermis op highlights: Opening, Roze Maandag, Single Friday, Begrafenis; • geeft gestalte aan Kermis 365; • maak keuzes voor enkele jaren.

18

19

2 KERMIS ALS PROEFTUIN VOOR SOCIAL INNOVATION
auteurs: Peter Horsten, Ger Pepels, Simon de Wijs en Kristel Zegers functies: onderzoeker-docent NHTV internationaal hoger onderwijs te Breda.

“Tien dagen lang de grootste kermis van de Benelux! Een lint van maar liefst drie kilometer door de binnenstad van Tilburg met ruim 230 attracties en ruim 1,5 miljoen bezoekers.” De website van de Tilburgse kermis hanteert cijfers om de betekenis van de kermis te duiden. De kermis is van belang voor Tilburg: het levert inkomsten en naamsbekendheid en is een belangrijke bron van vermaak voor inwoners en bezoekers. Het is een kroonjuweel van Tilburg, waarvoor de stad dertien dagen op slot gaat. En toch knaagt er iets. De discussies rondom de kermis gaan over stagelden, vergunningen, opbrengsten in termen van geld en hoeveelheid bezoekers. Van oudsher is de kermis echter de kraamkamer van bijna alle vormen van entertainment. Deze culturele betekenis lijkt aan relevantie te hebben verloren. De focus ligt op massavermaak, spektakel, met ieder jaar grotere, hogere en snellere attracties en een bijbehorende consumptiecultuur. Om een betekenisvolle visie op de toekomst van de kermis te kunnen formuleren is het zinvol om in bredere bewoordingen dan een economische te praten over de kermis. Welke sociale, culturele en ruimtelijke betekenis heeft de kermis voor Tilburg? Hoe geeft de kermis mede invulling aan Tilburg als performing arts stad? Hoe kan je de kermis laten schakelen met de kunstopleidingen, de podia, het absurde, de architectuur van Körmeling? Hoe daagt de kermis burgers uit tot het aangaan van nieuwe relaties? Wat is eigenlijk het verhaal van de kermis? En hoe kan dit een inspiratiebron zijn voor nieuwe ontwikkelingsrichtingen, zodat de kermis onderdeel van het leven in de stad is in plaats van een tiendaags spektakel dat daarna weer wegtrekt. Het antwoord op deze vragen zoeken we in het brede thema ‘social innovation’, logisch ook als je bedenkt dat de regio een ‘region of social innovation’ wil zijn.

SOCIAL INNOVATION

Waar hebben we het eigenlijk over als we praten over social innovation? En waarom is er vandaag de dag zoveel aandacht voor? Om met die laatste vraag te beginnen: onze systemen lopen vast. Of het nu gaat om economie, milieu, zorg, onderwijs, vergrijzing, toerisme, veiligheid, de samenleving kampt met een crisis. Diezelfde samenleving kan niet langer gezien worden als een machine die gerepareerd kan worden door het vervangen van een onderdeel. De samenleving is een levend organisme dat in netwerkverband opereert. Systeem veranderingen zijn nodig om de complexe (wicked) vraagstukken van vandaag de dag het hoofd te kunnen bieden. Josephine Green (2009), voormalig directeur Philips Design, heeft het over de shift van ‘piramidedenken naar een pannenkoekstructuur’: het doorbreken van de traditionele machtsverhoudingen leidt tot oplossingen voor onze maatschappelijke vraagstukken. Er zijn nieuwe helden nodig in de vorm van ‘change agents’ en die staan niet bovenaan een piramide. Jan Rotmans (2012) verwoordt het mooi door te stellen dat we ‘vooruit naar structuren van vroeger moeten’. Terug kan niet meer, maar stiekem hadden we het vroeger zo slecht niet geregeld. Er is behoefte aan een andere manier van organiseren waarbij andere kwaliteiten om de hoek komen kijken. Rotmans geeft aan dat er behoefte is aan andersdenkers, friskijkers, creatieven en social innovators. Dit zijn niet de CEO’s en politici, maar juist lokale helden zoals kleine zelfstandigen, vrijwilligers of burgers. In de rap veranderende omgeving is een nieuwe ‘mindset’ nodig op tal van vlakken. Een kanteling is nodig om een beweging te laten ontstaan die naar onverwachte oplossingen zoekt. Deze beweging is bekend onder de noemer social innovation.

20

21

Pionier The Young Foundation (2012) definieert social innovation als volgt: “Social innovations are new solutions (products, services, models, markets, processes etc.) that simultaneously meet a social need (more effectively than existing solutions) and lead to new or improved capabilities and relationships and better use of assets and resources. In other words, social innovations are both good for society and enhance society’s capacity to act.” In deze definitie wordt zowel aandacht besteed aan het product (tegemoet komen aan sociale behoeften), als aan het proces (verbeteren van relaties en mogelijkheden, het gebruik van bronnen op een nieuwe manier) en aan ‘empowerment’ (het vergroten van het vermogen tot handelen). Diverse auteurs benadrukken dat social innovation te maken heeft met andere manieren van organiseren: een horizontalisering van de verhoudingen, waardoor gebruik gemaakt kan worden van de energie van diverse partijen en burgers. Charles Leadbeater (2009) spreekt in dit verband van een verschuiving van een ‘to’ en ‘for’ gedachte naar een ‘with’ en ‘by’: niet langer voor de ander maar met de ander. Social innovation zorgt voor een hernieuwde waardebepaling voor directe sociale verbanden in familie, buurt of stad; een andere kijk op vrijwilligers, werk en actief burgerschap; en een toenemende nadruk op eigen verantwoordelijkheid en betrokkenheid. Nieuwe relaties tussen overheden, ondernemers, onderwijs en burgers ontstaan. Bij het analyseren valt ook op dat aspecten van creativiteit en vrijetijd van essentieel belang zijn voor het slagen van nieuwe initiatieven. Zo is bij veel social innovation initiatieven aandacht voor de kwaliteit van leven, sociale betrokkenheid en elementen van spel en plezier.

INSPIRERENDE VOORBEELDEN VAN SOCIAL INNOVATION

Initiatieven op het gebied van social innovation zijn steevast gekoppeld aan grote maatschappelijke uitdagingen zoals milieu, zorg, arbeidsmarkt, onderwijs of sociale cohesie. En toch is het kenmerkend dat het ontstaan en de uitvoering vaak plaatsvindt op een lokaal niveau. Denk aan initiatieven rondom duurzame voedselontwikkeling en aandacht voor onze natuur. Of denk aan projecten rond zorggerelateerde vraagstukken zoals de groeiende vergrijzing, aandacht voor en omgang met dementie of zorg in de wijk. Denk aan voorbeelden rond openbare veiligheid, wijkontwikkeling of infrastructuur. Er is daadwerkelijk een verandering gaande. Daar zit het teken van hoop. We zijn reeds begonnen onze samenleving anders te organiseren. Ook in de culturele sector is dit goed te zien. We zetten een aantal inspirerende voorbeelden op een rij. Granny’s Finest Granny’s Finest legt originele verbindingen tussen mode, ondernemerschap en sociale contacten door diverse groepen in onze samenleving te verenigen. Eenzame ouderen die graag breien worden succesvol gekoppeld aan jonge designers die een springplank voor hun loopbaan zoeken. Ouderen en jongeren werken samen aan het ontwerp en de productie van een collectie gebreide mutsen, sjaals, sierhoezen, wanten, tassen en andere accessoires. Allemaal eerlijk handgemaakte kwaliteitsproducten van 100% natuurlijke garens. De kledingmakers zijn de zestig gepasseerd en leveren expertise in handwerken. De jonge ambitieuze designers, met kennis van het huidige modebeeld, bedenken de nieuwe ontwerpen. Dit leidt tot een mix van gezellig samen zijn, leren en on-

Owned by the people. For the people.
23

22

dernemen. Gemiddeld komen de koppels wekelijks samen. Rondom Rotterdam zijn diverse groepen actief, maar men hoopt uiteindelijk een (wereldwijde) beweging op gang te brengen. Zo wordt op een innovatieve duurzame wijze eenzaamheid tegengegaan onder de groeiende groep ouderen. Pig Chase Op het snijvlak van gaming en veeteelt ontwierpen Hubbub, Hogeschool voor de Kunsten in Utrecht en Wageningen University het spel Pig Chase. Pig Chase is een aansprekend voorbeeld dat gaat om persoonlijke betrokkenheid en bewustzijn van personen, maar tegelijkertijd het maatschappelijke vraagstuk van de omstandigheden in de bio-industrie aandacht geeft. Varkens zijn intelligente wezens en blijken gevoelig voor lichtprikkels. In Pig Chase besturen mensen via iPads geprojecteerde lichtstippen op een muur van een varkensstal. De stippen knipperen zodra een varken contact maakt. De iPadbediener wordt beloond met punten in het spel en het varken krijgt een positieve opwinding door de lichtsensatie. Fun en spel voor beide. Hiermee wordt gezocht naar verbetering van de verblijfsomgeving van (stal)varkens. Vraag is of klanten in de toekomst bereid zijn meer te betalen voor een stukje vlees waarvan men weet dat het hun geluk vergroot. Een spel als Pig Chase geeft inzicht in hoe je als agrarisch ondernemer kunt zoeken naar nieuwe producten voor en relaties met je vrijetijdsconsumenten. Pig Chase kreeg veel positieve respons in vakbladen en is bij de ‘Wereld leert door’ op televisie behandeld. Een innovatief experiment met een bijzondere koppeling van mens, dier, techniek en maatschappij. Het initiatief diende daardoor reeds als voorbeeld en inspiratiebron voor velen.

Repair Café Repair Cafés zijn ontmoetingsplaatsen met experts en reparateurs uit de buurt waar je met je kapotte stoel, disfunctionerende broodrooster, haperende fiets of kleding met mottengaatjes naar toe kunt. Veelal gooien we spullen weg, die eigenlijk nog eenvoudig te herstellen zijn. Repareren zit echter niet meer in ons systeem. Opvallend is bijvoorbeeld dat mensen die de ‘repair’ kennis en vaardigheden bezitten vaak minder hoog gewaardeerd worden. De Repair Cafés drijven juist op deze deskundigheid van (lokale) elektriciens, naaisters, timmerlieden en fietsenmakers. Geen oude ambachtslui, maar nieuwe helden. Op de gratis toegankelijke bijeenkomsten wordt voor gereedschap en reparatiematerialen gezorgd. De ontmoetingen draaien in de kern om (gezellig) samen repareren. Maar ook waardevolle praktische kennis over repareren wordt overgedragen en de CO-2 uitstoot van afvalverwerking of nieuwe productie wordt verkleind. Ondertussen zijn er internationaal al meer dan 100 lokale Repair Cafés. Van België, Duitsland, Frankrijk tot aan VS en Brazilië. The People’s Supermarket

Kermis opening. Foto: Jimke Joling.

tegengegaan en bewustzijn gecreëerd over (de herkomst van) voedsel. The People’s Supermarket is tevens een initiatief dat zich richt op de versterking van gemeenschapsbanden. Buurtbewoners worden gestimuleerd aandeel te nemen in ‘hun eigen’ supermarkt. ‘Aandeelhouders’ krijgen ook een onmiddellijke winstuitkering. Iedereen die minimaal 4 uur in de maand werkt voor de lokale supermarkt krijgt 20% korting. Fun Theorie

Kermis opening. Foto: Jimke Joling.

‘Owned by the people. For the people. By the people’. The People’s Supermarket is een commercieel, sociale keten van elf lokale supermarkten die opereren vanuit het beginsel van duurzame voedselproductie. Er wordt gebruik gemaakt van de lokale landbouwgemeenschap als toeleverancier. Betrouwbare producten worden tegen eerlijke prijzen verkocht. Daarnaast worden producten die in de eigen supermarkt niet verkocht zijn, verwerkt in de kant en klare maaltijden die The People’s Kitchen produceert en verkoopt. Op deze wijze wordt verspilling van voedsel

Hoe stimuleer je mensen de trap te nemen? Simpelweg door het leuk te maken. Volkswagen ondernam op basis van ‘fun’ een serie experimenten binnen een merkcampagne. Door een trap in de openbare ruimte te voorzien van pianotoetsen, waarmee daadwerkelijk muziek gemaakt kan worden, veranderde het gedrag van passanten. Aanzienlijke meer mensen kozen voor ‘gezond en leuk’ boven ‘lui en gemak’ en namen de trap in plaats van de naastgelegen roltrappen. Op eenzelfde wijze werden mensen aangezet afval te deponeren in vuilnisbakken. Geluidseffecten creëerden het idee van een oneindig diepe afvalbak. De door Volkswagen in een spel omgebouwde flessencontainer bleek ook succesvol. Absolute topper was de wijze waarop een loterij verbonden werd aan een snelheidscontrole. Wie zich aan de snelheid hield maakte kans op geldprijzen. De prijzenpot bestond uit de optelsom van bekeuringen van overtreders. Er werd liefst 22% snelheidsreductie gerealiseerd. De stem van ons geheugen

In België is in 2013 de Sociale InnovatieFabriek opgericht die zich ten doel stelt door te informeren, enthousiasmeren, activeren en begeleiden, een cultuur rond-

24

25

Miracle Garden. Foto: Jimke Joling.

Kermis opening. Foto: Jimke Joling.

om sociale innovatie in Vlaanderen te scheppen. Minister van Innovatie, Ingrid Lieten, haalde tijdens de openingsspeech enkele best cases aan. Een van die best cases was ‘de stem van ons geheugen’. Dit project is gericht op zingen met mensen met dementie waarbij de mens centraal staat en niet de dementie. In de praktijk betekent het dat mensen met dementie samen liederen zingen waarbij vaak familieleden en mantelzorgers meedoen. Het geeft mensen met dementie letterlijk een positieve stem, waar doorgaans vooral veel negatieve aspecten rondom dementie naar voren komen. Zingen speelt in op de kwaliteiten en vermogens van de betrokkenen en maakt mensen met dementie actiever en toegankelijker. Het project heeft ook als doel om betrokkenen nieuwe contacten op te laten doen en het dagelijks leven een stukje aangenamer te maken. Er is speciaal materiaal ontwikkeld zoals een tekstbundel en een cd met trage versies van de liedjes. De organisatie wil dit materiaal graag delen en overdragen waardoor het voor iedereen mogelijk is om dit concept in de praktijk te brengen. Steeds meer organisaties maken er gebruik van. Zo was zingen met dementie onder de titel ‘Zilver Tilburg Zingt’ een van de absolute hoogtepunten tijdens de European Social Innovation Week die in september 2013 voor het eerst in Tilburg werd georganiseerd. Performatory

matory. In Performatory (samenvoeging van Performance en Laboratory) is een unieke omgeving gecreëerd waar studenten, docenten, onderzoekers, overheden en ondernemers nauw samenwerken aan projecten waarbij ‘more you for a better world’ als credo geldt. Maatschappelijke meerwaarde leveren is voor elk project van groot belang. De Performatory, in de kern in een onderwijsomgeving ontwikkeld en gevestigd, is ingericht als een ‘seats 2 meet’ danwel ‘The Hub’ achtige omgeving. Er zijn geen klaslokalen of vaste werkplekken voor docenten, maar iedereen werkt en ontmoet elkaar in de bijpassende nieuwe werken omgeving met verschillende ruimtes (Garden, Fireplace, Studio, Lab) voor verschillende functies (overleg, stiltewerk, workshops, creatieve sessies). Dagelijks wordt gezamenlijk geluncht en er zijn wekelijks (netwerk)activiteiten. Performatory is te zien als ‘entrepreneurial driver in social innovation’ wat ook duidelijk zichtbaar in de ruimte op de muur geschreven staat. In Performatory is veel aandacht voor betekenisgeving, proces design, creativiteit en persoonlijke talentontwikkeling. Een van de sterke kanten is dat ondernemers en opdrachtgevers veelvuldig ook in Performatory aanwezig zijn en er zelfs regelmatig hele dagen komen werken. Een mooi voorbeeld van onderwijs 3.0 waarbij bestaande structuren veranderd worden. Social circus

Tilburg Cowboys. Foto: Jimke Joling.

NHTV Internationale Hogeschool Breda experimenteert al langere tijd met vernieuwende onderwijsvormen, vormen waarbij zo dicht mogelijk tegen de praktijk geopereerd wordt. Zo zijn creatief netwerk Colin en het bijzondere opleidingstraject Imaginheroes rond 2006 ontstaan. Beide initiatieven maken tegenwoordig onderdeel uit van een nieuw concept: Perfor-

Wiki leert ons: “social circus seeks to expand the opportunities and teach valuable skills to all kinds of marginalized groups.” Het is een fenomeen dat overal in de wereld opduikt. Van Afghanistan, Ethiopië en El Salvador tot Australië, Nigeria en USA. Alleen al het bekende Cirque de Soleil heeft met ‘Cirque du Monde’ in tientallen landen programma’s lopen.

26

27

Sociale interventieprojecten via de inzet van kunst, cultuur en design
Circus wordt bijvoorbeeld ingezet om multiculturele groepen met elkaar samen te laten werken, kinderen uit straatbendes weg te houden of om alcohol en drugsgebruik tegen te gaan. Via social circus kan aan discipline, weerbaarheid, verbinding, trots, vertrouwen, creativiteit, persoonlijke ontwikkeling en zelfontplooiing van betrokkenen gewerkt worden. Niet alleen door kwetsbare groepen te betrekken, maar ook door maatschappelijke thema’s te behandelen in de gegeven performances kan het circus als instrument werken om sociale doelen te bereiken. In Brabant is circustheaterfestival Circo Circolo bezig geweest om social circus op de kaart te zetten. Onder de titel ‘perspectief in de piste’ heeft Circo Circolo diverse stakeholders, zoals ambtenaren cultuur, beleidsmakers van welzijnsorganisaties, woningcoöperaties, zorg, zorgverzekeraars en jeugdbelangenorganisaties, maar ook makers en trainers uit het circus en studenten CMV, zorg en podiumkunstopleidingen, op weg geholpen om met social circus aan de slag te gaan. Op dit moment worden onder de titel ‘de wijk als piste’ verschillende wijkvoorstellingen gemaakt door buurtgenoten, die daarmee direct aan de leefbaarheid en sociale cohesie in hun eigen wijk werken. Social label

zorgconcepten en nieuwe samenwerkingen. Die zijn nodig vanwege veranderingen in het zorgstelsel. Social label is niet zomaar een tijdelijk concept, maar beoogt een systeemverandering die meer variatie, doorstroommogelijkheden, samenhang en vernieuwing in de zorg kan bieden. Hernieuwde duurzame economische, sociale en culturele verbindingen moeten het gevolg zijn. Met social label ontstaat een aansprekende omgeving met nieuwe kansen en inkomsten voor een groep die niet snel in het reguliere arbeidsproces in kan stromen. De initiatiefnemers duiden dit aan als ‘socio economics’. Human Rights Tattoo

Kermis opening. Foto: Jimke Joling.

Social label is een initiatief van Amarant en Articipate (C-Mone en Studio Boot). Het draait om de samenwerking van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en gerenommeerde ontwerpers. Die samenwerking leidt tot mooie en zinvolle producten en daarmee tot een social label. De producten, die het verhaal van ‘de makers’ vertellen, worden in werkplaatsen voor dagbesteding gemaakt. Binnen social label wordt ruimte gecreëerd voor plezier en ontwikkeling van het vakmanschap van de makers. Zij doen nieuwe contacten en vaardigheden op, er is sprake van een groeiende trots en er wordt enig arbeidsmarktperspectief gecreëerd. Op dit moment zijn er twee labels: 1) label WOOD met ontwerper Piet Hein Eek en werkplaatsen Woodworks en Jobdone 2) label VAAS met ontwerper Roderick Vos en werkplaats Artenzo. Het lijkt erop dat door de succesvolle methode meer labels snel gaan volgen. Social label sluit namelijk slim getimed aan bij de snel groeiende behoefte aan innovatieve

‘Een vierkante centimeter van je huid voor de mensenrechten.’ Deze uitspraak, te vinden op de website van Tilburg Cowboys, geeft kernachtig aan waar Human Rights Tattoo om draait. Tilburg Cowboys zijn de initiatiefnemers van dit project en zij staan bekend om hun sociale interventieprojecten via de inzet van kunst, cultuur en design. Het Human Rights Tattoo project wil het belang van het bewustzijn over de mensenrechten benadrukken. Het project onderstreept dat mensenrechten zonder uitzondering gelden voor ieder individu, en benadrukt dat kennis van de dertig rechten, die de Universele Verklaring voor de Rechten van de Mens telt, essentieel is voor de naleving ervan. Door een letter van de verklaring op je lichaam te laten tatoeëren doe je mee. De dertig artikelen tellen samen 6773 letters dus er zijn 6773 mensen nodig. Samen vertegenwoordigen de 6773 deelnemers de rechten van de mens. Het idee is afkomstig van Sander van Bussel, kunstenaar en lid van Tilburg Cowboys. De moord op collega kunstenaar en mensenrechtenactivist Steven ‘Nyash’ Nygah in Nairobi, Kenia vorig jaar motiveerde hem om dit idee verder uit te werken. Tilburg Cowboys en Festival Mundial, die samen het project uitvoeren, trekken rond om letter voor letter de tatoeages te zetten. De eerste letters werden in 2012 tijdens Festival Mundial gezet. Overigens kun je niet zelf je letter kiezen, dat is afhankelijk van de volgorde van de tekst van het verdrag. Lettertype, lettergrootte, kleur en plaats op je lichaam mag je wel zelf kiezen. Op de website wordt bijgehouden hoeveel mensen al een letter op hun lichaam hebben en waar de volgende Human Rights Tattoo’s worden gezet.

Nieuwe verbindingen tussen oorspronkelijk gescheiden werelden

28

29

Wat kunnen we leren uit voorgaande voorbeelden? Wanneer we de enorme hoeveelheid aan social innovation initiatieven in ogenschouw nemen, dan zien we een aantal veelvuldig terugkerende principes: • Het draait, naast mogelijke economische of andere opbrengst, ook altijd om maatschappelijke meerwaarde. De initiatieven dragen bij aan een betere, mooiere of gezondere wereld. • Oplossingen voor mondiale maatschappelijke vraagstukken gaan samen met lokale kracht. Er is sprake van een vertaalslag van lange termijndoelstellingen op macroniveau naar een korte termijn realisatie in de eigen gemeenschap met een lokaal initiatief. Vele kleine stapjes dragen bij aan een allesomvattend resultaat. • Het betreft meestal projecten die bottom-up geïnitieerd worden vanuit hoge intrinsieke betrokkenheid van individuen. Iemand heeft hart voor een zaak, bouwt een hobby uit of herkent een oplossing voor een persoonlijk probleem en breidt van daaruit zijn netwerk en werkwijze uit. • Nieuwe verbindingen tussen oorspronkelijk gescheiden werelden worden gevonden. De methodieken zijn gericht op snijvlakken van sectoren en kiezen een multistakeholderperspectief, waarbij ondernemers, overheden, onderwijsinstellingen en burgers gezamenlijk optrekken. • Om tot beter passende oplossingen te komen is het dan ook van essentieel belang om ook de eindgebruiker, bijvoorbeeld patiënt, burger, consument of wijkbewoner, in het samenwerkingsproces te betrekken. • Door in cocreatie te werken wordt bewustzijn over en participatie in de samenleving aangemoedigd. Hiervoor worden ontmoetingen met andere groepen en het creëren van trots regelmatig ingezet als methodiek. • Een belangrijke rol is weggelegd voor zogenaamde change agents, makelaars, facilitatoren of friskijkers. Zij zijn in staat de verschillende talen te spreken, processen te sturen of andere wegen in te slaan. • Veel initiatieven komen voort uit omdenken. Problemen worden positief geherformuleerd. Noodzakelijkerwijs worden daarvoor nieuwe talen en systemen ontwikkeld om tot oplossingen te komen. • Positivisme, creativiteit en een open mind zijn basiscompetenties die verwacht worden. Het geloof in verbetering en vooruitgang en het gebruik van grondbeginselen uit de vrijetijd zoals fun en play. • Als onderlegger ontstaat een systeem van nieuwe ruilstructuren waarin geld niet langer leidend kapitaal is. Juist de inbreng van kennis, competenties, netwerk, materiaal en tijd leiden tot win-win situaties en nieuwe duurzame coöperaties. Deze nieuwe uitwisselingen vormen een uitweg voor de samenleving in multicrises. • Het belangrijkste ruilmiddel is vertrouwen. Het vertrouwen in de initiatiefnemer van een vernieuwing. Het vertrouwen in dat kleinschalige initiatieven bijdragen aan een groter geheel. En het vertrouwen in elkanders kwaliteiten en goede bedoelingen. • Initiatieven en concepten kenmerken zich vaak door het ‘open source’ format. De oorspronkelijk spontaan ontstane verbindingen en werkwijzen zijn beschikbaar om in andere contexten toe te passen. Geen bescherming van eigenaarschap, maar gericht op vooruitgang en vermenigvuldiging.

WERKENDE PRINCIPES

TERUG NAAR DE KERMIS

Wat betekent dit nu voor de kermis? Voor het denken over de toekomst van de kermis? De Tilburgse Kermis is een onomstotelijk fenomeen voor de stad. Het kan ingezet worden om allerlei stedelijke doelen te bewerkstelligen en niet alleen, of vooral, korte termijn opbrengsten. Juist het kapitaal van het merk maakt innovatie mogelijk. In deze tijd staat niet langer het product of de dienst centraal, maar draait het om de waarde en betekenis die mede door mensen zelf vormgegeven wordt, zoals bovenstaande voorbeelden hebben laten zien. Vanuit die intrinsieke kwaliteit van de kermis is doorontwikkeling mogelijk. Daarbij is het van belang om te doen. Eerst doen, dan denken, dan weer doen, zo komt beweging op gang. In dit kader juichen we de ideeën en initiatieven die in het kader van FairFest ontwikkeld zijn dan ook toe en hopen we dat deze verder doorontwikkeld worden. In een kermisstad als Tilburg is het hele jaar kermis te vinden. Kermis die verder gaat dan fysieke attracties. Kermis die een proeftuin is voor nieuwe vormen van vermaak, waar geëxperimenteerd wordt met performance, circus, absurditeit, waar verbindingen naar communities gelegd worden, waar aandacht is voor de mens achter de attractie, waar kermis inspiratiebron is voor stedelijke architectuur, waar onderwijs betrokken is, waar ‘attracties’ ontwikkeld worden die leiden tot bewustwording, die het maatschappelijke ‘fun’ maken. Geen kinderkorting op de woensdagmiddag maar korting als je de bejaarde buurvrouw een middagje mee uit neemt. Kortom, kermis als een betekenisvol platform, dat het hele jaar door leeft en niet alleen de tien dagen dat de attracties draaien. Door kernelementen zoals fun en spel in te zetten en op zoek te gaan naar nieuwe ruilstructuren kun je zelf het verschil maken en social innovation processen in gang zetten. Vandaar ook tot besluit een oproep aan de diversiteit aan kermisstakeholders om hiermee aan de slag te gaan. Waar ligt jouw passie? Welke sociale, culturele, ruimtelijke en economische meerwaarde en betekenis heeft dit voor het verhaal van de kermis? Welk verhaal wil jij vertellen over de kermis? Neem de gepresenteerde werkende principes eens goed in jezelf op en bepaal waar jij als ‘lokale held’ het verschil kunt maken, voor jezelf, je bedrijf, je omgeving, de regio of voor de samenleving. Door te denken vanuit de intrinsieke waarde en betekenis die de kermis heeft (of kan hebben) kan daadwerkelijk invulling gegeven worden aan een kermis als proeftuin voor social innovation.

30

31

3 TILBURG IS KERMIS

auteur: Merle Rodenburg functies: programmamaker bij CAST, Centrum voor Architectuur en Stedebouw Tilburg

Als kind wist ik precies wat kermis was. Die zag ik op die kostbare momenten dat ik in het donker mee mocht rijden in de auto naar het einde van de straat. Daar stond, in het water, een kantoor uit de jaren ’70 met in knalroze schreeuwende neonletters de bedrijfsnaam. Het gebeurde niet vaak dat we er ‘s avonds langsreden, maar iedere keer zat ik al minuten van te voren met mijn neus tegen de autoruit aangeplakt te wachten op dat ene moment. Vol spanning, of de letters op dat anders zo saaie gebouw nog net zo roze zouden zijn, en bang dat ik net met mijn ogen zou knipperen en ik het spektakel zou missen. Hoewel dat ene reclamebord op het eerste oog niets weg heeft van de gigantische Tilburgse kermis, raakt het voor mij nog steeds de kracht van het festijn. De kermis weet een normale binnenstad om te toveren tot een bijzondere beleving, vol spanning, passie, snelheid, absurdisme en kinderlijke onbevangenheid. Het is een wonderbaarlijke explosie die tien dagen duurt en dan breekt het lange wachten aan op het nieuwe jaar. De kermis van 2013 trok ondanks de hittegolf 1,5 miljoen bezoekers. De stad stroomde in slechts tien dagen tijd vol, met maar liefst 7,5 keer het aantal inwoners dat Tilburg rijk is. Even is Tilburg geen gewone Brabantse stad, maar straten en plein veranderen in een groot attractiepark waar iedereen welkom is. De kermis is een merkwaardig gegeven. Hoewel het een van de meest aansprekende evenementen is van de stad, lijkt het soms ook een van de meest lastige om volledig te begrijpen. Van wie is de kermis? Van de Tilburgers die het hele jaar sparen om tien dagen te kunnen genieten? Van de niet-Tilburgse kermisbezoekers, die in grote getallen afkomen op het evenement? Van de gemeente die de organisatie voor haar rekening neemt? Of van de kermisexploitanten, die met bijna

driehonderd attracties de kermis tot de grootste van de Benelux maakt? En wat betekent dit voor de stad Tilburg, voor de andere 355 dagen van het jaar? Om de Tilburgse kermis beter te begrijpen, organiseerde CAST voorafgaand aan de kermis een lezingenavond. Deze avond vormde onderdeel van het totale FairFest programma en werd in samenwerking met het bkkc en De Ambassade georganiseerd. Vanuit vier invalshoeken werd gesproken en gediscussieerd over de kermis. De avond startte met een inleiding over de historie van de Tilburgse Kermis door schrijver en ‘cultuuractivist’ Paul Spapens. Hij vertelde hoe de Tilburgse kermis de grootste heeft kunnen worden en hoe belangrijk de kermis voor de stad is. Hij hield een vurig betoog met als uitgangspunt dat de Tilburgse kermis uniek is in zijn historie. Het is geen oogstfeest of kerkfeest, maar de kermis heeft de oorsprong bij de Tilburgers zelf. Deze boerenkermis stamt uit de middeleeuwen en is nog altijd mateloos populair, dankzij het sociaal-culturele karakter van de Tilburger. Geurt Grosfeld, gespecialiseerd in culturele veranderingsprocessen, droomde vervolgens hardop over zijn visioen voor de Tilburg kermishoofdstad. Geurt is projectleider van FairFest, en werkte aan Tilburg als Kermisstad waar cultuur, podiumkunsten en vrije experimenten met elkaar vervlochten werden. Om het hele jaar op verrassende plekken in de stad spontaan te ontpoppen als voorbode op de kermis. Wat veel mensen zich niet realiseren, is dat de stad rekening houdt met de kermis. Om de kermis in de Tilburgse binnenstad mogelijk te maken zijn straten en pleinen aangepast. Ontwerper van buitenruimte Frank van Vliet vertelde over de vele grote en kleine aanpassingen die gemaakt zijn in de Tilburgse binnenstad. Vaak zonder dat iemand het door heeft. Het straatpro-

32

33

Van wie is de kermis?
34 35

Bijeenkomst Tilburg is Kermis. Foto’s: Willie Jan Staps.

fiel van de Tilburgse kermisstraten is net iets anders, de bomen staan verder uit elkaar, de blokhagen zijn anders gepositioneerd en (bijna) al het straatmeubilair is verplaatsbaar. Ook als de kermis er niet staat, laat zij haar handtekening na. Dat maakt de Tilburgse straten uniek, typisch Tilburgs, ook als het geen kermis is. Na drie lokale sprekers, werd de avond afgesloten door kermisexploitant Kokkie Kroon. Zij kent als geen ander het dagelijkse leven op de (Tilburgse) kermis, en gaf het publiek een bijzondere blik achter de schermen van de kermis. Het leven onderweg, maar ook onderwijs, het wonen, de cultuur, collega’s en de relatie met verschillende steden kwamen aan bod. De lezingavond ‘Tilburg is Kermis’ had als doel om bij te dragen aan de kennisontwikkeling over de Tilburgse kermis. Niet alleen de gastsprekers gaven hun blik op de historische, toekomstig en culturele kermis, ook het publiek mengde zich in een levendige discussie. Uit deze gesprekken kwam een kernvraag naar voren: Wat moet Tilburg ruimtelijk doen en laten om de kermis optimaal tot bloei te laten komen? De conclusie van de discussie onder de opgekomen kermisliefhebbers was helder: Tilburg is op z’n best met de kermis, het is de meest interessante tijd van het jaar. Alle mensen, van verschillende afkomst, genieten samen in de openbare ruimte van dat wat Tilburg hen te bieden heeft. Kokkie durfde zelfs voor een volle zaal Tilburgers te zeggen, dat Tilburg zonder kermis veel minder mooi is. Scherper gesteld, Tilburg zonder kermis is helemaal geen Tilburg. Tilburg hééft geen kermis, Tilburg ís kermis. De overige 355 dagen in het jaar, is Tilburg zichzelf niet en is er sprake van een hele lange tussentijd waarin we wachten op de volgende kermis. Hoe absurd het ook moge klinken, absurdisme past bij een kermisstad als Til-

burg. Het maakt de stad bijzonder om van te houden. In Tilburg wordt de laatste jaren bewust op strategischer plaatsen gekozen voor een herkenbare kermisbeeldtaal in de openbare ruimte. Denk hierbij aan het Draaiend Huis of Piushavenbrug ‘Dn Ophef (beide ontworpen door een overigens Eindhovense architect en kunstenaar John Körmeling). Kunst, architectuur, stedenbouw en de kermis komen op een bijzonder prachtige wijze bij elkaar, daar mag je als Tilburg trots op zijn. Deze projecten dragen bij aan het beeld om de kermis niet als tijdelijk evenement te zien, maar als Tilburgse identiteit. De Tilburgse kermis is al eeuwen juweeltje, maar in de lange tussentijd van de ene naar de andere kermis liggen nog volop kansen. Kansen om Tilburg 365 dagen per jaar kermisstad te maken.

37 37

4 KUNST EN KERMIS?

Deze zomer organiseerde bkkc met De Ambassade drie projecten om te onderzoeken of kunst en kermis met elkaar verbonden kunnen worden. Dit experiment dat leidde tot de expositie “Chop chop chop… Altijd prijs!” bij bkkc, Spoorlaan 21, voor tijdens en na de kermis. Tijdens de kermis de attractie “Tussen kunst en kermis” en de installatie “Miracle Garden” in het leegstaande pand Spoorlaan 19, naast de kermis. De kermis is een krachtig cultureel fenomeen. Je moet het niet wagen daar een cultureel evenement tegenover te stellen. Je verliest altijd. Maar toch, de kermis maakt al sinds de Middeleeuwen een ontwikkeling door. Waarom proberen we niet om aan de Tilburgse kermis een artistieke dimensie toe te voegen? Of het te verrijken met een cultureel nevenprogramma? Een prachtige ambitie.

huizen deels te vervangen door beeldbepalende gebouwen in Tilburg. Kokkie Kroon en Jan Lamberink over de samenwerking met John: “Met John is het altijd leuk. Wij probeerden nog een informatief tintje aan het geheel mee te geven, maar dat werd resoluut van tafel geveegd. De kermis is geen plek voor droge architectuurhistorische informatie; je moet kijken naar de lichtjes en de absurditeit van de muizen.”

CHOP, CHOP, CHOP... ALTIJD PRIJS!

TUSSEN KUNST EN KERMIS

auteur: Atty Bax redactie: Daniëlle van Dosselaar functie: projectmedewerker bij bkkc, brabants kenniscentrum kunst en cultuur

Al eerder zijn er vele pogingen gedaan. Denk aan de reeks kermisexposities van Ernest Potters en zijn Ruimte-X, georganiseerde met lokale kunstenaars. bkkc is dat idee gaan doorontwikkelen. Daarvoor is John Körmeling (beeldend kunstenaar en architect) gevraagd. Körmeling is in Tilburg vooral bekend van het draaiende rijtjeshuis op de Hasseltrotonde, dat tot op heden interessante discussies oplevert. Is het kunstwerk een toevoeging aan de stad of is het een onzinnig kunstwerk? Ook werkte Körmeling al eerder samen met de familie Kroon, kermisexploitant op de Tilburgse kermis. Dat resulteerde in 2000 in zijn reuzenrad voor auto’s ‘Drive-in-wheel’.

De expositieruimte van bkkc werd in het kader de kermis ook omgetoverd tot een zuurstokroze paradijs, compleet met grote cirkels van kermislampen van theaterdecorkunstenaar Simon Haen. Voorbijsnellende bezoekers konden de expositieruimte daarom niet missen. Binnen in de ruimte gaf Coen van Rooij, Eindhovenaar en aan het begin van zijn carrière, zijn interpretatie van de kermis weer in de vorm felroze touwtrekkraam, compleet met kermisgeluiden van de Tilburgse geluidskunstenaar Peter Hofland. In de kraam verwerkte hij de ervaringen van kermisbezoekers. En hij bedacht hij een fotohokje zoals je op stations ziet. Niet voor lollige pasfoto’s, maar voor het bekijken van een fascinerende reeks kermisfoto’s van de Tilburgse fotograaf Paul Bogaers.

RAFELRANDEN VAN DE KERMIS

TILBURGSE MUIZENSTAD

Zijn opdracht was deze keer: geef de attractie Muizenstad van de familie Kroon een ander gezicht. Dat deed hij door de

Bogaers bezit een archief met duizenden foto’s van de kermis. Vanaf de opbouwfase legt hij alles vast wat er bij een kermis komt kijken. Hij is gefascineerd door de rafelranden van de kermis. Het vormt de basis voor zijn boekje ‘Een Jongensdroom,’ een kleurrijk kermisfo-

38

39

toboek-op-zakformaat (teleXpress). Daarnaast waren zijn beelden te zien in de expositie ‘Jongen gevraagd om mee te reizen’. Naast het materiaal van Bogaers werd ook het verleden van de Tilburgse kermis belicht met foto’s uit de Brabant Collectie. Zo waren er kermisbeelden te zien van de inmiddels overleden fotografen Rees Diepen en Martien Coppens.

MIRACLE GARDEN

Een paar deuren verder stapte men binnen in Miracle Garden van Cybersissy, een alter-ego van de Tilburgse kunstenaar Antoine Timmermans. Miracle Garden trekt je mee in de wereld van de travestie, en sluit aan op Roze Maandag. Dat is dag die in het teken staat uitgedoste homo’s, hetero’s en alles tussenin; de drukste dag van de Tilburgse kermis. Miracle Garden werd kundig vormgegeven door Simon Haen en als extra toevoeging interactieve acts van Boy Jonkergouw en Moniek Broekman. Jongergouw daagde de bezoeker uit als ‘soul-reader’. Broekman ging intieme interviews aan met bezoekers en vroeg ze naar hun belangrijkste kermiservaringen.

Timmermans creëerde Cybersissy om zijn kunstzinnige en politieke standpunten gestalte te geven. En om geld te verdienen als kunstprostituee
Miracle Garden. Foto: Jimke Joling.

KUNSTPROSTITUTIE

Cybersissy is geen enkelvoudige travestie. Timmermans creëerde Cybersissy om zijn kunstzinnige en politieke standpunten gestalte te geven. En om geld te verdienen als kunstprostituee, waarmee hij zijn kunst kan financieren. Timmermans is een fenomeen in de wereld van de genderbenders. Het gaat hem er om dat je juist níet gedefinieerd wordt door je seksualiteit. Dat stelt hij aan de orde met zijn uitbundige maskers, hoofddeksels, kleding, schilderijen en keramiek, allen glamoureus maar gemaakt van goedkope en gevonden materialen uit de kringloopwinkel. Zijn leven als Cybersissy is hartverscheurend gedocumenteerd in de prijswinnende documentaire ‘One Zero One’ van de Duitser Tim Lienhard. De film is een aangrijpend portret van Timmersmans en zijn Baby Jane, een Marrokaanse man met dwerggroei. Baby Jane is inmiddels een fenomeen op Ibiza dankzij het geloof in zichzelf dat Timmermans hem gegeven heeft.
Muizenstad. Foto: Jimke Joling.

ChopChopChop. Foto: Jimke Joling.

40

41

ChopChopChop Foto: Jimke Joling.

Wat betreft de samenwerking met kermisexploitanten zegt Körmeling:

EN NU?

Met een gevarieerd programma is er gekeken wat wel en wat niet werkt als je kunst en kermis met elkaar verbindt. bkkc heeft hieraan bijgedragen om de professionele kunsten in Noord-Brabant te ondersteunen en om makers stimuleren zich te verbinden met andere vakgebieden, met als doel: innovatie bewerkstelligen en ondernemerschap bevorderen. Deze experimenten leren dat de grootste kansen liggen in het samenwerking met kermisexploitanten, zoals de transformatie van Muizenstad door John Körmeling. Ook de Miracle Garden was een groot succes dankzij het werk van Timmermans, de thematiek en de uitbundige kostuums, fotowerken en keramiek die de bezoekers verleidde naar binnen te gaan. Daarentegen, een expositie bij een kunstinstelling is een grote drempel en het bouwen van een kunstzinnige attractie slaat de plank net mis.

“Ik vond Tilburg Muizenstad supergoed en zou Tilburg Muizenstad in de Tilburgse kermis houden en uitbreiden. Jullie kermisproject is de eerste stap om de kermis op één lijn zetten met de internationaal erkende kunst. Dus geen aparte kunst bij de kermis maar de kermis zelf is kunst en niet alleen folklore of cultuur. Kermis, een straat met spookhuis, zweefmolen, achtbaan, reuzenrad, zal op dezelfde manier gezien en gewaardeerd worden zoals het nu genieten is van de mooiste beelden en bouwwerken, de beste schilderijen, gedichten, de mooiste auto’s ooit, kleding, ruimtestations, concerten, bruggen, tekeningen en de allernieuwste proeven.”

LOCATIE
De locatie is erg belangrijk. Wil je iets met kunst en kermis dan moet je op de kermis gaan staan; in de publieksstroom of in een pand waar deze stroom langskomt. En je moet het publiek letterlijk naar binnen praten, zoals de kermisexploitanten doen. Het vervreemdende verleidelijke theatrale aspect van Timmermans zou verder ontwikkeld kunnen worden tot een permanent huis van Cybersissy op de kermis waar zij/hij resideert gedurende 10 dagen.

42

43

5 HET KERMISLEVEN

Kokkie Kroon is kermisexploitant, onder meer van het reuzenrad en van de Muizenstad. Met de befaamde muizenstad is familie Kroon een oudgediende op de Tilburgse kermis. Traditiegetrouw staat hij op de nostalgische kermis, letterlijk op de stoep van het Paleis Raadhuis. De muizenstad: wie heeft de attractie als klein kind - aan de hand van pa en moe - niet gezien? Al enkele generaties achtereen reist familie Kroon met de muizenstad. In 2000 werkte familie Kroon samen met kunstenaar John Körmeling, met als resultaat het succesvolle reuzenrad voor auto’s, het ‘Drive in Wheel’! Voor Tilburg is de samenwerking hernieuwd. Körmeling bedacht dat iconische gebouwen van Tilburg maar eens door muizen bewoond moesten worden. Dus bestelde Kroon bij een modelbouwer miniaturen van de Tilburgse ‘landmarks’. Naast ‘het Paleis’, de Koepelhal en woontoren Westpoint mogen de muizen ook los in het kloostergebouw van de broeders in Berkel-Enschot. En ze zijn alleen op de Tilburgse kermis te zien. Dit typeert Kokkie Kroon en echtgenoot Jan Lamberink; het zijn kermisexploitanten die houden van een goed idee en er dan voor gaan. Zonder de zaak uit het oog te verliezen. Voor De Ambassade was de samenwerking met Kroon een inspirerend. Tijdens de lezingenavond ‘Tilburg is Kermis’ vertelde Kokkie over het leven van kermisexploitanten en hoe zij de stad ervaren.

De rijdende school. Foto: Kokkie Kroon

auteur: Kokkie Kroon functie: kermisexploitant, gezinsbedrijf Lamberink Amusementsbedrijf

Boven: Uitgeklapt, maar niet uitgepakt. Onder: Uitgepakt, gelukkig! Foto’s: Kokkie Kroon

44

45

6 TILBURGSE KERMIS, MÉÉR DAN KERMIS ALLEEN
auteur: Lauran Wijffels functie: publicist en eindredacteur bij het Brabants Dagblad

EENVOUD VAN RANDACTIVITEIT ZEGT NIETS OVER MOGELIJKE SUCCES

‘Samenstelling van de arbeidersbevolking, voor wie de kermis honderden jaren de enige bron van vermaak was, vormt de belangrijkste reden waarom de Tilburgse kermis kon uitgroeien tot de grootste van de Benelux. Er kon van alles gebeuren, ziekte, armoede, zelfs honger en oorlogen, maar de Tilburger moest en zou zijn kermis hebben. Die wil om kermis te vieren was – parallel lopend aan het monotone (textiel)arbeidersbestaan - zo sterk, dat noch lokale overheid noch geestelijkheid het ooit heeft aangedurfd de kermis af te schaffen. De Tilburgse traditie om eenmaal per jaar kermis te vieren, is onuitroeibaar gebleken.’ Zo verklaart het boek ‘Veel vermaak en weinig wol; de geschiedenis van de Tilburgse kermis’ uit 1986 de ogenschijnlijk onverwoestbare populariteit van dit jaarlijkse evenement. Die populariteit was er ook niet zomaar; daar ging een eeuwenlange historie aan vooraf. ‘Tilburg’, zo schrijven de auteurs, ‘ontbeert een historisch centrum. Tilburgers missen daarom – in tegenstelling tot inwoners van Breda en Den Bosch – het gevoel trots te zijn op hun stad. De niet-zichtbare geschiedenis van Tilburg is dermate indrukwekkend dat iedere Tilburger zich daar gerust op mag beroemen.’

PROMOTIONELE ACTIES (1975)

Met dit gegeven in het achterhoofd is het niet vreemd dat de gemeente Tilburg, sinds jaar en dag de organisator van de kermis, zich aanvankelijk ook niet zo bar druk heeft gemaakt over die populariteit, laat staan over maatregelen om die populariteit te vergroten. Tot 1975 werd er niet of nauwelijks aan publiciteit gedaan: de Tilburgse kermis stond er in de laatste volle week van juli weer aan te komen en iedereen wist dat. Punt uit. Volgens Eric Tulfer, voormalig hoofd voorlichting van de gemeente Tilburg en VVV, de man die de kermispubliciteit gestalte gaf, de promotie van de Tilburgse kermis professionaliseerde en tot over de landsgrenzen uitdroeg, waren het de kermisexploitanten zelf die met het promoten van de kermis begonnen. Zij adverteerden - met en zonder reductiebonnen - in lokale dag- en weekbladen om hun attractie in dat grote aanbod van die grote kermis onder de aandacht te brengen. De gemeente zocht aanvankelijk samenwerking met de winkeliersverenigingen in kleine promotionele acties, zoals reclamevliegtuigjes, feestelijke opening met dansmariekes. ‘Maar van een gecoördineerde aanpak was geen sprake. We zijn toen met winkeliers, VVV, horeca en kermisbonden aan tafel gaan zitten om tot promotieacties te komen,’ aldus Tulfer. Het bleek een lange spiraal omhoog voor wat betreft bekendheid en gerelateerde populariteit van de Tilburgse kermis. Vraag een gemiddelde Nederlander naar zijn eerste associatie met de stad Tilburg en vier van vijf komen met de kermis op de proppen. De wens om de Tilburgse kermis te onderscheiden van andere grote stadskermissen – ‘Tilburgse kermis, meer dan kermis alleen’ – kreeg vorm in kleurwedstrijden, horecaconsumpties, een kermistentoonstelling in het gemeentelijk informatiecentrum, kermisvlag, oplaten van ballons, de komst van de TROS-radio en stickers, tasjes, T-shirts, pullen en petjes, maar genoot nog geen bovenregionale belangstelling.

46

47

De nostalgische kermis in Tilburg, een enclave van rust
NOSTALGISCHE KERMIS (1990)
Dat veranderde in 1990 toen Tilburg de nostalgische kermis presenteerde. Aanvankelijk was het idee om het Besterdplein daarvoor aan te wijzen. Bedoeling was daar eenmalig een kermis neer te zetten conform de opstelling van beginjaren zestig met rupsbaan, Swing-Mill, bobsleebaantje, Hobbelende Geit (golfbaantje), cake-walk, kiosk met levende muziek en bootjesmolen. Vanwege derving van pachtgelden mocht het Besterdplein voor de reguliere kermis niet vervallen. Gezien

het meer historische karakter van het Willemsplein met het oude paleis-raadhuis en Heikese Kerk koos de gemeente hiervoor. Sindsdien vormt de nostalgische kermis in Tilburg een enclave van rust en ouderwets genieten binnen het turbo-geweld van de reguliere kermis. Mede door de lage ritprijzen bezoeken vele gezinnetjes, vergezeld door opa en oma, het rustieke Willemsplein. Met een spandoek en aparte kraampjes, zoals bijvoorbeeld met een schminkdame of ouderwetse fotograaf, weet de gemeente Tilburg dit onderdeel een iets andere opzet te geven. De nostalgische kermis groeide doordat de ruimte voor de attracties werd uitgebreid met de Stadhuisstraat en een gedeelte van het Stadhuisplein. Hierdoor ontstond er een ‘rondje om het stadhuis’. Op de Tilburgse kermis stond in 2010 een recordaantal van dertig nostalgische attracties, waarvan enkele buiten het Willemsplein: bijna 12 procent! De nostalgische kermis is een niet meer weg te denken onderdeel van de Tilburgse kermis. Kermisexploitanten staan op een wachtlijst.

De stijle want. Foto: Lauran Wijffels.

ROZE MAANDAG (1990)
De meest succesvolle nevenactiviteit van de Tilburgse kermis kreeg het gemeentebestuur gratis en voor niets in de schoot geworpen: de Roze Maandag. Wat in 1990 begon als een grap van de Gay Krant-redactie is uitgegroeid tot de drukste dag van de tiendaagse. Grap? Op de teletekstpagina’s van de Gay Krant was er op die hete juli-maandag in 1990 niets te vermelden. Redacteur Emiel Bootsma plaatste – omdat hij wist dat de ouders van Henk Krol aan het Tilburgse kermisterrein woonden - als grap: ‘Roze Maandag op de Tilburgse kermis’ zoals Keulen dat jaarlijks doet op carnavalsmaandag. Een paar uur

later wemelde het van de nichten en potten op de Paleisring. In 1990 bezochten zo’n 30.000 mensen de eerste editie van de roze kermis, in 2005 waren dat er meer dan 300.000. Henk Krol, voormalig hoofdredacteur van De Gay Krant, reageerde enthousiast op de vraag of Roze Maandag in Tilburg nog leeft: ‘In korte tijd groeide de maandag op de Tilburgse kermis van een soort rustdag na het weekeinde uit tot het grootste geïntegreerde blije evenement in de Benelux. Homoseksuele mannen en vrouwen waarderen Roze Maandag vanwege de bijzondere sfeer en de bijna tastbare tolerantie en vrolijkheid. Roze Maandag in Tilburg is net als Koninginnedag in Amsterdam. Het is één grote reünie. Het geïntegreerde karakter van de kermismaandag is leuk, al wordt er toch wel even opgekeken als je met een hele groep mannen aan komt zetten. Vooral op de terrassen kun je goed

merken dat iedereen gezellig met elkaar omgaat op zo’n dag. Homo’s en hetero’s zitten door elkaar en iedereen heeft lol.’

THEATERGROEP ‘DE STIJLE, WANT...’ (1991)

Het Bossche Theaterfestival Boulevard komt voort uit de Boulevard of Broken Dreams in 1985. Dit is een rondreizend festivalgezelschap, dat aanvankelijk ook diverse theaterkermistentjes in de vaste opstelling kende, zoals dat van de Tilburgse (straat)theatergroep ‘De Stijle, Want…’, een naam die niet toevallig knipoogt naar de kermiskijkattractie De Steile Wand. In paradezaken deden zij een-minuut-showtjes, nadat zij buiten, op een podiumpje, een kolderieke parade hadden opgevoerd. Van een straatfestival met enkele voorstellingen op vaste podiumlocaties

48

49

groeide Theaterfestival Boulevard uit tot een trendsettend (inter)nationaal georiënteerd podiumkunstenfestival waar premières van jonge en gerenommeerde makers en gezelschappen, producties voor podia, een toegankelijk programma op het festivalplein in Den Bosch samenkomen. Toen ‘De Stijle, Want…’ in 1990 via via vernam dat het laatste kermisvariététheater Studio 7 ophield te bestaan, nam zij contact op met de exploitant, huurde zijn theater en maakte haar opwachting op de Tilburgse kermis van 1991 en 1992. Speciaal voor kermis - voor de groep een nieuwe, luidruchtige biotoop - schreef zij de nieuwe show ‘Tropical Cruise’ waarin het publiek finaal op het verkeerde been werd gezet. Het werd zo’n daverend succes – elke avond rijen wachtenden voor de tent - dat de gemeente haar de ‘Kermisprijs 1991’ toekende…
Huudjesdag. Foto: Lauran Wijffels.

van de Stichting Kermis-Cultuur. In 1994 verscheen een keurige bioscooptent met zitplaatsen op het Piusplein waarin veelal stomme zwartwit-films werden vertoond, soms – conform de historie - ingeleid en verduidelijkt door een explicateur en verluchtigd door een pianist. Het festival flopte. De enthousiaste organisatie had zich niet afgevraagd wie er op een warme juli-avond tegen betaling in een tent zou willen plaatsnemen om daar naar zeer gedateerde bioscoopfilms te kijken, terwijl op een paar meter afstand een grote moderne kermis draaide…

JUNGLE LIFE (1995)
Op de kermis staan jaarlijks magnifieke spookhuizen, maar voor het echte griezelwerk moet je sinds 1995 in de parkeergarage van Heuvelpoort zijn. Omdat deze toch niet gebruikt kan worden, heeft dierenpark De Oliemeulen de autostalling ingericht als kermisattractie ‘Jungle Life’. ‘Zonder deze bron van inkomsten zouden we het nauwelijks redden’, zeggen de vrijwilligers Dave van Boxtel en Rob van de Snepscheut over het waarom van De Oliemeulen op de kermis. ‘Jungle Life’ bleek een verrassing; in het tot een jungle omgetoverde betonnen staketsel van de garage scharrelen meer dan dertig dieren rond, waaronder vogelspinnen, schorpioenen, ratelslangen, krokodillen en een 4,5 meter lange python die zijn lange lijf in leven houdt met Vlaamse reuzen. In 1995 begon De Oliemeulen in het naastgelegen pand van een slager, die met zijn nering was gestopt. Alleen vogelspinnen werden getoond en daarmee werd op een nieuwe manier ingehaakt op het griezelelement dat de bezoeker op de kermis verwacht: levende dieren.

FILMFESTIVAL (1994)
Maar het kan ook fout gaan. Een initiatief om de kermis te verrijken met een filmfestival in 1994 strandde jammerlijk. Dat jaar was het bijna 90 jaar geleden dat Tilburgers zich op hun eigen kermis in de bioscooptent van Karel Benner, ‘Neerlands grootste en succesvolste exploitatie’, voor de eerste keer konden vergapen aan ‘levende photografieën’, zoals de annonce betitelde. Klapstuk van Benner’s voorstelling in 1905 was een door hemzelf opgenomen film van de Militaire Muziekwedstrijden op 19 juni dat jaar in Tilburg. De Tilburgse heemkundekenner Paul Spapens opperde het idee de film eenmalig op de kermis te laten terugkeren; hij kreeg begrip en medewerking van het gemeentebestuur. Zelf schreef Spapens een fraai boekje: ‘De geschiedenis van de film op de Tilburgse kermis’, een uitgave
Expo schouwburg. Foto: Lauran Wijffels.

Bert van Houten. Foto: Lauran Wijffels.

50

51

bewonderen. In de oude raadzaal van de gemeente Tilburg worden films vertoond over het kermisleven. De expo scoort jaar na jaar erg goed, maar dat komt mede omdat het rechtstreeks een nostalgisch verlengstuk van de kermis zelf is, en prima gelokaliseerd. Jaarlijks schommelt de belangstelling tussen de 15 en 20.000 bezoekers.

TILBURG COWBOYS (2005)
Op de Tilburgse kermis werden bezoekers in 2005 uitgenodigd hun gewonnen kermisprijzen te ruilen voor andere. De ruilbeambten van de Ruilpost zagen toe op een eerlijke ruil; ruilen uit hebzucht werd niet toegestaan; het ruilen was bedoeld om tevredenheid te bevorderen. De Ruilpost was in 2005 een idee van multidisciplinair kunstenaarscollectief Tilburg CowBoys. Een formulier dat moest worden ingevuld, attendeerde ruilers op hun gevoelens van ontevredenheid, maar ook op de alsmaar doorrollende geldeconomie, hebzucht vs. eerlijke ruil, ruilen als levensverbeterende activiteit.
 De ingevulde formulieren werden verwerkt: van de 1.400 ruilers ging 92 procent blijer naar huis! In 2011 doken de Tilburg CowBoys met het project ‘Schieten op Kunst’ opnieuw op de kermis op; er kon met scherp geschoten worden op kunst. Bij de schietsalon van Ropers op de Heuvel konden deelnemers niet schieten op klassieke kermiskaarten, maar op speciaal gemaakte kunstkaarten. ‘Door op de kunstkaart te schieten, maakt u gewoon kans op een prijs. U krijgt het kunstwerkje, met uw eigen kogelgaten, er gratis bij’, aldus TC. Er waren kaarten van de kunstenaars Jeroen de Leijer en Nick J. Swarth, Ivo van Leeuwen, Erik Kessels, S. Lloyd Trumpstein, en Sander van Bussel. Die werden in een beperkte oplage van 500 gemaakt. De ludieke acties zorgden voor extra lokale publiciteit; ze zullen geen extra kermisbezoekers hebben aangetrokken.

Variétédorp. Foto: Lauran Wijffels.

KUNST, KITSCH, CAMP & KERMIS (1999)

KERMIS-CULTUUR (1999)
Kijkwerk is goeddeels een tentoonstellingsonderwerp geworden, zoals het boek ‘De kermis achterna; terugblik op een kwarteeuw attractieredactie’ uit 2005 aantoont. De Stichting KermisCultuur, die sinds 1999 jaarlijks in het voormalig gebouw van de Generale Bank aan de Heuvel en later in het klassieke paleis-raadhuis aan het Willemsplein een grote kermisexpositie organiseert, onderschrijft dit verschijnsel door middel van foto’s en voorwerpen van onder meer reizende bioscopen, panoptica, circussen, reizende schouwburgen, poppenkasten en tal van onderwerpen meer. Hiertoe behoorden ook het vlooientheater en de Dikke Dame. Tilburgse Annie van Wanrooy, geboren in Kaatsheuvel, stelde zichzelf ooit te kijk. Deels samen met haar zoon Henk verdiende ze vele jaren de kost als ‘Dikste Dames ter Wereld’. Ook in Tilburg. De kermisexpositie omvat twee etages en kent diverse thema’s die voor elk wat wils biedt. Het vrijwilligersteam van Stichting Kermis-Cultuur zet jaarlijks alles op alles om er een fantastische kermisexpo van te maken. Er zijn tientallen foto’s, draaiende miniatuurkermisattracties in fraaie decors en kermisattributen, zoals van de Belgische firma l’Autopède te

‘Kunst, Kitsch, Camp & Kermis’, waarbij beeldende kunstenaars op eigentijdse wijze inspeelden op de Tilburgse kermis, werd in 1999 voor de eerste keer georganiseerd in en door RUIMTE-X, een initiatief van de Tilburgse fotograaf Ernest Potters. Bij latere edities werden de kunstobjecten, bewegende installaties, tekeningen, films en foto’s aan het publiek getoond in de voormalige Generale Bank op de hoek van de Tuinstraat en de Heuvel, in een pand op het NS-Plein, in de vroegere winkel van Bristol (Nieuwlandstraat) en in de vroegere fabriek van de Tilburgsche Stoomketel- en Machinefabriek Gebrs. Deprez. Het kermisproject trok jaarlijks vele bezoekers, maar wegens geldgebrek kon de editie 2008 niet doorgaan. Vanwege het experimentele karakter trok ‘Kunst, Kitsch, Camp & Kermis’ de eerste jaren nog een marginale belangstelling, veelal van louter nieuwsgierige passanten, culturele vrienden van Ernest Potters, kunstenaars en andere subsidieontvangers van de gemeente Tilburg. Vergeleken met de gelikte kermis buiten oogde de randactiviteit wat ongeordend, rauw, alsof het in korte tijd in mekaar was gezet. Potters zelf was elk jaar enthousiast en men moet hem nageven dat hij er telkens weer in slaagde een curieuze link te leggen tussen het commerciële kermisbedrijf en lokale kunst.

zien. Het Tilburgse Persbureau Van Eijndhoven had daartoe - net als Stadsmuseum Tilburg - zijn archieven doorzocht. De tentoonstelling begon met souvenirfoto’s van rond 1900 en maakte een reis door de tijd tot aan de hedendaagse kermis. Nostalgische kermisbeelden die bij velen herinneringen opriepen, bezoekers toen en nu, flitsende attracties, suikerspinnen en travestieten op Roze Maandag; alle aspecten van de Tilburgse Kermis kwamen aan bod en ook de verhalen bij de foto’s ontbraken niet. Ondanks de vele tropisch warme dagen trok de tentoonstelling halverwege al net zoveel bezoekers naar de Concertzaal als de volledige tentoonstelling ’De Zilveren Camera’ een jaar eerder op dezelfde locatie deed. De tentoonstelling in de Concertzaal in 2006 was uitermate ruim en professioneel opgezet, maar trok naar verhouding toch te weinig volk, ondanks veel publiciteit via Theaters Tilburg en een zeer fraaie extra bijlage bij het Brabants Dagblad. Er was in 2006 sprake van een hittegolf, die veel bezoekers letterlijk buiten hield. Naar aanleiding van de expositie verscheen in 2007 het fraaie fotoboek ‘Tilburgse Kermis 1950-2000; een halve eeuw vermaak in beeld’. Een tweede kermisfototentoonstelling van dat kaliber is er nooit meer geweest.

VARIÉTÉDORP (2008)
De Tilburgse kermis verrijken met echt cabaret, theater, circus, muzikale voorstellingen en ouderwets variété. Niet in een tentje, of twee. Daartoe verrees in 2008 aan de Spoorlaan, nabij het kruispunt bij de ABN-Amrobank, een heus Variétédorp. Poffertjesexploitant Henk Beekvelt van ACES Catering uit Lelystad en directeur Wilmar Hendriks van het evenementenpromotiebedrijf It’s Magic Pro-

FOTOTENTOONSTELLING (2006)
In 2006 was in Concertzaal Tilburg de bijzondere fototentoonstelling ‘Tilburgse Kermis: een eeuw vermaak in beeld’ te

52

53

motions uit Amsterdam waren de initiatiefnemers van dit voor het kermisbedrijf unieke project. Grootste trekker moest muziektheatertent De Opera worden, bekend van Theaterfestival Boulevard in Den Bosch. In deze mobiele schouwburg met balkon, waarin 600 toeschouwers kunnen plaatsnemen, zouden thema-avonden plaatsvinden. Circusacts zouden verzorgd worden door winnaars van het Internationale Circusfestival in Monaco. Voor het cabaret waren twee Berlijnse groepen aangetrokken. Ook zouden er de halve-finalisten van ‘Holland’s got Talent’ te zien zijn, alsmede de ‘koning en koningin van de komische illusie’, Scott & Muriel. In De Opera stonden ook de Brits-Spaanse cabaretière Ursula Martinez en Danny Malando & Het Malando Orkest op het affiche. Op het Spoorplein bouwde het duo naast De Opera De Eenhoorn, een tent voor 160 bezoekers, en de Cavalho met 150 zitplaatsen op, en een draaiende bar. Daarnaast kwam de ‘Stille Disco’ naar de Tilburgse kermis. Er verscheen in 2008 een fraai tentendorp op de Tilburgse kermis, met entreepoort, pinautomaten, publiekssluizen, boniseurs, vuurspuwers, mafkezen en wat niet meer. Maar het publiek liet het van meet af aan afweten en liep het Variétédorp massaal voorbij. Beide initiatiefnemers, van wie de Amsterdammer een extra hypotheek op zijn woonhuis had moeten nemen om garant te staan voor zijn mede-exploitatie, bleven met negatieve saldi achter…

KERMISACADEMIE (2008)
Naast ‘kermisstad’ moet Tilburg in de toekomst ook de ‘kermis-kennis-stad’ van de Benelux worden. Tilburg moet de grote dosis kermiskennis die nu al aan-

wezig is, uitdiepen en uitdragen. Het idee is om een aantal activiteiten te labelen onder ‘Kermisacademie Tilburg’. Deze activiteiten kunnen technisch zijn voor specifieke doelgroepen, maar ook breed en publieksgericht voor het grote (kermis)publiek. Frans-Jan Lathouwers, voormalig hoofd Stadspromotie en VVV van de gemeente Tilburg, benaderde in 2008 mogelijke participanten voor de oprichting van zo’n academie. Lathouwers zat zelf jarenlang in de Tilburgse kermisjury; dus hij kende de turbulente kermisbranche wel. ‘Wij denken aan presentaties en discussies onder journalisten of mediaredacties over publieksbereik en volkse evenementen. Maar ook aan het organiseren van congressen, exposities en kunstprojecten rondom kermis. Bedrijfsmatig kun je denken aan kwaliteitstesten en keurmerken voor de beste poffertjes of suikerspinnen, ontwikkelingen en trends op kermisgebied of aan de uitleg van keurmeesters over technische kwalificaties van attracties.’ Als mogelijke participanten ziet Lathouwers, naast de (lokale) media, de Universiteit van Tilburg, die jaarlijks een toevoer van jonge studenten kent, de Stichting Kermis-Cultuur, die zich vooral in de geschiedenis verdiept, of de kermisbonden. ‘Ik denk aan lectoraten, het doceren van vakgebieden, over veiligheid en massa-evenementen over trendwatching van volksvermaak, of wedstrijden attractiebouw, munten ontwerpen, mooiste winkeletalages, noem maar op. Op het gebied van discussies biedt kermis tal van thema’s: integratie en acceptatie met betrekking tot Roze Maandag, bijvoorbeeld.’ De ‘Kermisacademie Tilburg’ organiseerde in 2008 en 2009 een kermisquiz; later is er niets meer van vernomen.

54

Trio Hooggaatie. Foto: Lauran Wijffels.

55

CARIBISCHE DONDERDAG/ CARIBBEAN NIGHT (2003)

Waarom slaat het ene initiatief wel aan en het andere niet? Zonder enige voorbereiding werd de Roze Maandag een doorslaand succes. De gemeente Tilburg wilde daarom een andere themadag benoemen en bombardeerde de wat lauw bezochte donderdag in 2003 tot Caribische Donderdag, inclusief Caribische muziek, danseressen, slagwerkgroepen en kleurige bloemslingers voor passanten. Kermisexploitanten werd – conform Roze Maandag - verzocht op dit thema in te haken. Jaar na jaar stak de gemeente geld en energie in de nieuwe themadag, maar het idee kwam niet van de grond. Wat achter een bureau – toch redelijk creatief - was bedacht, bleek niet massaal aan te slaan, het zonnige jaargetijde ten spijt. In 2009 werd voor het eerst een Caribbean Night op het Pieter Vreedeplein georganiseerd. Swingen op salsa, bachata en merengue, lachen met comedians en genieten van de heerlijkste cocktails. Het evenement trok zo’n 500 bezoekers; na drie jaar was het bezoekersaantal verdriedubbeld. Roze Maandag wist zich omarmd door een vaste doelgroep, iets wat de Caribische Donderdag niet lukte. Met de Caribbean Night kreeg de dag uit onvermoede hoek een vervolg.

Het megafestijn Tilburgse kermis duldt geen halfslachtige evenementen in haar schaduw

DE PARADE

SINGLE FRIDAY (2012)

De in 2012 gestarte Single Friday en het in 2013 geopperde initiatief tot invoering van de kermisthemadag ‘Huudjesdag’ hebben beide goede kans van slagen. Single Friday kan met singles, in feite lotgenoten net als bij Roze Maandag, rekenen op een schier eindeloze doelgroep, die zich in de even vrolijke als neutrale context van de kermis kan ontmoeten. Zien en gezien worden; de grootste en gratis attractie van de kermis, het publiek, bestaat ervan. Uit enquêtes blijkt dat dit een van de belangrijkste redenen is kermis te bezoeken: de kermis als alibi. Vaak wordt als reden ‘het terras’ gegeven, maar een terras is niets anders dan de tribune vanwaar het ene deel van het publiek het andere gadeslaat. Op ‘Huudjesdag’, gestoeld op de informele hoedjestraditie die Tilburg ooit kende - bij het op zondag pontificaal verlaten van de kerk - wordt van kermisbezoekers niets anders gevraagd dan een (mal) hoofddeksel te dragen. Een jury maakt fotootjes en deelt gratis kermiskaartjes uit. Later worden de winnaars via de media bekendgemaakt; zij ontvangen een prijs. Zaak is dat ook deze themadag vooraf wordt gegaan door publiciteit. Via een hoedje kan de bezoeker een punt van zijn anonimiteitsluier oplichten. Verenigingen presenteren zich; het bedrijfsleven slaat toe.

Een rechtstreekse verbinding tussen de Tilburgse kermis en - beeldende - kunst heeft in het recente verleden maar moeizaam iets structureels opgeleverd, omdat de twee zich op verschillende doelgroepen richten, die schijnbaar op krampachtige voet met elkaar staan. Waar de kermisbezoeker afreist naar het Tilburgse centrum om zich te laven aan sensatie, herrie, drukte en spanning, daar zoekt de cultuurliefhebber de betrekkelijke rust van een Waddeneiland als Texel met het Oeral-festival, of voor het verfijnde programma op Theaterfestival Boulevard. Voor het reguliere kermisvermaak haalt de cultuurliefhebber in de regel zijn neus op. Willen kermis en cultuur samensmelten dan moeten beide elementen van een gelijkwaardig kaliber zijn cq. gelijke aantrekkingskracht hebben om met elkaar te ‘concurreren’. Het mega-festijn Tilburgse kermis duldt geen halfslachtige evenementen in haar schaduw. Randactiviteiten van kermissen elders, zoals intochten of het aanslaan van vaten bier, naar Tilburg kopiëren is zinloos, omdat ook die activiteiten geworteld zijn in de lokale, historische, volksculturele kalender. Ook de eenvoud van de activiteit – iedereen kan gay of single zijn of een hoedje dragen - zo leert de ervaring, zegt niets over het mogelijke succes ervan. Dat blijkt telkens volstrekt onvoorspelbaar. Tel succespunten uit het voorgaande op om te bezien of de bestaande nostalgische kermis uitgebreid kan worden met een paradeachtig plein op de kop van de Schouwburgring (met een doorsteek naar de Muzentuin?). Interessant is te kijken of samenwerking met het professionele theaterfestival De Parade (www.deparade. nl) noodzakelijk is. Dit mobiele kunstfestival uit Amersfoort herbergt 90 theater-, dans- en muziekvoorstellingen en 45 mu-

ziekacts. Elke middag biedt het een programma voor kinderen. Dit festival slaat tijdens de Tilburgse kermis jaarlijks zijn tenten op in Utrecht, maar het aanbod van dit evenement is zeer groot.

‘STADSPORTRET TILBURG’

Op de beoogde nieuwe opstelling van de Tilburgse kermis (met Spoorlaan) kan dit een aanvulling blijken, die doublures met de reguliere kermis sowieso mist en zorgt voor een amicaal ‘eindpunt’ van het lange, turbulente kermislint. Waak er voor dat het paradeplein een aparte, ‘stille’, enclave wordt die het publiek – om welke reden ook - links laat liggen, juist ook omdat dit plein op doordeweekse middagen wellicht maar deels wordt benut. Door een professioneel (muziek)programma kan dit voorkomen worden. In ‘Stadsportret Tilburg’, een full colourbijlage van het Brabants Dagblad uit 2006, heb ik geopperd de geluidsarme en familievriendelijke nostalgische kermis, maar dan uitgebreider, te verplaatsen naar de Heuvel. Raar? De nostalgische kermis heeft zich in de loop der jaren – mede dankzij lage entreeprijzen – ontwikkeld tot het meest populaire stukje kermis. Waarom dit onderdeel niet de beste plek geven?! Laat de terrassen daar uitdijen en de nostalgische kermis als een warme deken omsluiten….

56

57

7 HET GEHEUGEN VAN EEN KERMISSTAD
KERMIS EN DE STADSCOLLECTIE TILBURG

De oudste vermelding van een ´kermisse van Tilborgh´ stamt uit 1570. De Tilburgse kermis was toen al ingeburgerd en zal al langere tijd bestaan moeten hebben.1 De Tilburgse kermis is uitgegroeid tot het grootste Tilburgse volksfeest en het behoort ontegenzeglijk tot de identiteit van de stad. Maar moet de Tilburgse kermis als onderdeel van ons collectieve geheugen ook niet letterlijk worden vastgelegd om de historische ontwikkelingen van dit fenomeen voor het nageslacht te bewaren?

STADSCOLLECTIE TILBURG

auteur: Ronald Peeters functie: publicist en Hoofd Stadsmuseum Tilburg

De gemeente Tilburg is in het bezit van een bescheiden cultuurhistorische collectie. Al vanaf 1916 is er sprake van de oprichting van een Tilburgsch Museum, en vanaf die tijd heeft de stad, in dit geval de gemeente Tilburg, op ad hoc basis objecten verzameld met betrekking tot de geschiedenis van Tilburg. Vooral schilderijen spraken tot de verbeelding. In 2004 is uiteindelijk, na een aantal vergeefse pogingen in de twintigste eeuw, Stadsmuseum Tilburg2 opgericht, een erfgoed projectorganisatie met de locatievestigingen, zeg maar herinneringsplekken, Peerke Donders Paviljoen en Vincents Tekenlokaal.3 Een traditioneel museum waar de geschiedenis van Tilburg wordt getoond, met natuurlijk de kermis als onderdeel, is er tot op heden nog niet gekomen. De vergevorderde plannen om tot oprichting daarvan te komen in de voormalige textielfabriek van Dröge naast het TextielMuseum, zijn niet verwezenlijkt. De tijd zit ons blijkbaar niet mee. Maar in 2016 kunnen we in ieder geval vieren dat we een eeuw lang de zogenaamde Stadscollectie Tilburg hebben gevormd. Maar wat verstaan we nu eigenlijk onder de Stadscollectie Tilburg? Dit begrip kan door iedereen anders worden geïnterpreteerd. Is het alleen de cultuurhistorische collectie voorwerpen die eigendom is van de gemeente Tilburg, of gaat het ook over andere openbare collecties, collecties die min of meer van ons allemaal zijn? Er is zoals boven opgemerkt geen Stadsmuseum in fysieke zin, waarin alles getoond kan worden, er is geen museumdepot. Er is ook geen samenhangend beeld van het roerend erfgoed Tilburg. De voorwerpen, al dan niet van museaal belang, zijn ad hoc verzameld, bevinden zich op diverse locaties en ze zijn van verschillende eigenaren. Naast de gemeente Tilburg zijn er ook andere instellingen of particuliere verzamelaars die objecten in

Fons Plevoets, ´De Tilburgse kermis vóór 1900´, in: Hennie van Oers e.a., Veel vermaak en weinig wol, p. 9-39. >> 2 Aanvankelijk een gemeentelijk onderdeel, maar sinds 2007 verzelfstandigd tot Stichting Mommerskwartier, waarvan ook TextielMuseum en Regionaal Archief Tilburg onderdelen zijn. Zie: www.stadsmuseumtilburg.nl >> 3 In september 2013 is een derde permanente tentoonstelling ingericht in MFA De Poorten, Hasseltstraat, onder de titel: Het kasteel van Tilburg en zijn bewoners.
>> 1

58

59

bezit hebben die een onmiskenbaar betekenis hebben voor de geschiedenis van Tilburg. Enkele voorbeelden: De gildeschatten, de collectie muziekinstrumenten van de firma Kessels, kerkschatten bij verschillende parochies, archeologische vondsten, portretten van Tilburgers uit de 18e en 19e eeuw, etc. Het is niet eenvoudig een eenduidige definitie te geven van de Stadscollectie Tilburg. Het is geen systematisch aangelegde collectie met een duidelijk thema. Hoe kunnen we de Stadscollectie Tilburg dan wel omschrijven? De Stadscollectie Tilburg: • bestaat uit voorwerpen (materieel erfgoed) waarmee Het Verhaal van Tilburg kan worden verteld; • de collectie vertelt iets over personen, zaken, gebeurtenissen, gebruiken, ontwikkelingen in, van of over Tilburg: • de voorwerpen kunnen van kunsthistorische, historische, volkskundige, archeologische betekenis zijn of hebben een herinneringswaarde; • de collectie moet ´levend´ erfgoed zijn, dat wil zeggen bij voorkeur dynamisch gepresenteerd worden aan het publiek en door nieuwe ordeningen een of meerdere betekenissen geven c.q. verhalen vertellen; • de collectie speelt een rol in educatieve activiteiten; • de collectie zegt iets over de identiteit van Tilburg en moet daarom behouden blijven voor toekomstige generaties. Bij iedere uitbreiding van de Stadscollectie worden deze uitgangspunten, of enkele daarvan, als criteria gehanteerd. In de Stadscollectie Tilburg is echter maar één object te vinden over de kermis, namelijk een promotioneel kermisvaantje uit 1989. Dat is verbazingwekkend. Wellicht heeft het te maken met het feit dat Stadsmuseum Tilburg pas sinds 2004 bestaat en in feite nog geen fysiek onderkomen heeft. Voordien verzamelden opeenvolgende Tilburgse archivarissen bijvoorbeeld uitsluitend documentair materiaal zoals foto’s en films. Als wij in de buurt van Tilburg iets meer over het fenomeen kermis te weten willen komen, dan moeten we er voor naar Bergen op Zoom. Sinds 2002 heeft museum Het Markiezenhof aldaar een permanente kermistentoonstelling (´kermismuseum´). Het museum heeft met betrekking tot de kermiscultuur een gericht collectiebeleid. 60 61

In de stadscollectie Tilburg is maar één object te vinden over de kermis
DE STADSCOLLECTIE TILBURG VIRTUEEL
Al enkele jaren beheert en exploiteert Stadsmuseum Tilburg het virtuele Geheugen van Tilburg: een interactieve verhalenbank waar de Tilburgers zélf hun verhalen vastleggen, gebaseerd op hun persoonlijke herinneringen. In ongeveer 120 verhalen komt de Tilburgse kermis aan bod. De Tilburg Wiki, die in 2011 werd gerealiseerd in samenwerking met Regionaal Archief Tilburg, is daarentegen meer een objectieve databank waarin eveneens door de Tilburgers zelf, lemma’s aan worden toegevoegd. Deze twee digitale geheugens dienen als podia van de stad waarop gebruikers en virtuele bezoekers hun kennis, kunde en herinneringen kunnen delen.4 Regionaal Archief Tilburg gaat samen met Stadsmuseum Tilburg een digitale bronnenbank maken, gericht op het onderwijs. Het thema kermis gaat daar zeker een plaats in krijgen.

www.geheugenvantilburg.nl en www. regionaalarchieftilburg.nl/wiki/ Hoofdpagina
>> 4

DE TILBURGSE KERMIS, EEN INVENTARISATIE
Zoals hiervoor opgemerkt, is er geen sprake van verzamelde voorwerpen over de Tilburgse kermis. Er is wel een documentaire collectie die beheerd wordt door Regionaal Archief Tilburg.5 Deze collectie bestaat uit documentatiemappen, foto´s, dia´s, affiches, films en geluidsbanden. Gemakshalve hanteren we hier het begrip Stadscollectie Tilburg voor zowel voorwerpen, archieven en (virtuele) documentaire collecties. Het gaat immers over het cultureel erfgoed van Tilburg en het is niet van belang in welke verschijningsvorm zich dit erfgoed uit. Wat hebben we over de kermis in de Stadscollectie Tilburg? BeeldOnline, de digitale database met foto´s van Regionaal Archief Tilburg, levert 147 treffers op, en het betreffen nog niet eens allemaal foto´s van de Tilburgse kermis. Er zijn bovendien ook nog eens zo’n 1.000 foto´s in de collectie aanwezig die niet gedigitaliseerd zijn. Het betreffen honderden foto´s van attracties (met name vanaf jaren dertig tot zestig van de vorige eeuw), ingezonden door exploitanten naar de gemeente Tilburg in verband met verkrijgen pachtvergunning. Deze foto´s zijn aangetroffen in het zogenaamde secretariearchief 1938-1985. Verder vele honderden foto´s en (ongesorteerde en niet beschreven) dia’s uit met name de jaren tachtig en negentig van de vorige eeuw. Deze zijn door persfotografen in opdracht van de gemeente Tilburg (gemeentelijk informatiecentrum / VVV) gemaakt. Het is zeker de verdienste van de toenmalig directeur van de VVV Eric Tufer geweest, die oog had voor het vastleggen van de Tilburgse kermis. Hij organiseerde in het gemeentelijke informatiecentrum ook vele kermistentoonstellingen. Het was de beheerder van de fotocollectie van het archief niet ontgaan dat er in deze collectie weinig of geen foto´s meer van de kermis uit de 21e eeuw aanwezig waren. In 2011 werd de actie ´Het archief gaat kermisfoto’s van nu bewaren voor later´ gestart.6 Er werd gesteld dat er wel tienduizenden foto’s gemaakt moeten zijn van de Tilburgse Kermis. Websites als tilburg.com, kermistilburg.nl, Flickr, Picasa en tilburgsekermis.nl staan en stonden immers vol met foto’s van de grootste kermis van de Benelux. Het archief wilde de fotocollectie voor het nageslacht uitbreiden met digitale opnamen, omdat vele websites zijn ingespeeld op actualiteiten, voortdurend worden vernieuwd en amper oud materiaal archiveren. En digitaal ligt in deze tijd voor de hand. Via de media kwamen er oproepen om foto´s in te sturen via flickr.com.7

Zie: www.regionaalarchieftilburg.nl >> 6 Zie: www.regionaalarchieftilburg.nl/ component/content/ article/1128 >> 7 Zie: www.flickr. com/groups/1650036 @N20
>> 5

Shake & Roll. Foto: Pix4Profs Maurice van der Steen

Muziekstuk ‘Kermismarsch’ door M.J.H. Kessels, jaren twintig. (Collectie Regionaal Archief Tilburg)

Kermisaffiche 1990. (Collectie Regionaal Archief Tilburg)

Kermisaffiche jaren dertig. (Collectie Regionaal Archief Tilburg)

62

63

Na afloop van de kermis van 2011 maakte Regionaal Archief Tilburg een selectie van 38 foto’s die het beste de sfeer weergaven. Ze zijn opgeslagen in het digitaal depot, de fotodatabank BeeldOnline. Het is de bedoeling om deze actie jaarlijks te herhalen. Het archief bezit ook een collectie films, videobanden en DVD’s. Impressies van de Tilburgse kermis van 1938, 1956 en 1986 zijn te zien via YouTube.8 Verder zijn er nog filmfragmenten op DVD (1942) en films op vijftien videobanden (1955-2011). In de collectie bevindt zich ook een geluidsband uit 1986 met daarop een Tilburgs kermislied gezongen door het Koninklijk Tilburgs Mannenkoor St. Cecilia en begeleid door het draaiorgel van Th. Heesbeen. De videobanden en de geluidsband kunnen niet geraadpleegd worden door het publiek omdat ze (nog) niet gedigitaliseerd zijn. Tot slot vermelden we de collectie affiches, waarin zich zes fraaie gelithografeerde (algemene) kermisaffiches uit de jaren twintig en dertig bevinden.

Ria stond symbool voor het kermisvermaak in Tilburg

PUBLICATIES
Over de Tilburgse kermis zijn vele (foto)boeken verschenen. De geschiedenis is voor de eerste keer pas goed vastgelegd in het boek Veel vermaak en weinig wol (1986) onder redactie van kermiskenners Hennie van Oers, Paul Spapens en Lauran Wijffels. De voorgeschiedenis tot de 20e eeuw wordt in dit boek uit de doeken gedaan door historicus Fons Plevoets. In alle geschiedkundige werken na 1986 wordt dit boek steeds als voornaamste bron gebruikt. Over de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw schreef G.H. Jansen het hoofdstuk ´Tilburg kermisstad´ in het boek Een roes van vrijheid. Kermis in Nederland (1987). Over een belangrijk vroeg twintigste-eeuwse fenomeen, De geschiedenis van de film op de Tilburgse kermis, schreef Paul Sappens in een special van Euro-Kermis Magazine (1994). De laatste jaren verschenen er ook fraaie fotoboeken, verzorgd door Dolph Cantrijn, Linda Popma, Jeroen van Eijndhoven, Lauran Wijffels, Paul Spapens, Ernest Potters, Paul Bogaers, Erik Kessels en Joep Eijkens.

TENTOONSTELLINGEN
In het gemeentelijk Informatiecentrum zijn eind vorige eeuw vele fototentoonstellingen over de Tilburgse kermis georganiseerd. De meest omvangrijke en mooiste tentoonstelling vond in de zomer van 2006 plaats in de Concertzaal van Theaters Tilburg, onder de titel ´Tilburgse kermis. Een eeuw vermaak in beeld´. De organisatie Stadsmuseum Tilburg, Theaters Tilburg, Brabants Dagblad en Persbureau Van Eijnhoven, kon putten uit de

rijke fotocollecties van Regionaal Archief Tilburg en Persbureau Van Eijndhoven. Drie generaties van dit Tilburgse persbureau legden sinds 1945 jaarlijks de kermis fotografisch vast en het bedrijf beschikt zodoende nu over duizenden opnamen. Tijdens de opening van de tentoonstelling op 22 juni 2006 was er nog een bijzondere act. In een door een kunstenaar gebouwde schiettent werd de tentoonstelling door Ria van Dijk ´opengeschoten´. Ria stond symbool voor het kermisvermaak in Tilburg. Wat was daar zo speciaal aan? Een persbericht zegt daarover het volgende: ´Op 5 september 1936 legt de dan 16-jarige Ria van Dijk aan voor haar eerste kermisfoto. Zeker in die tijd was het ongebruikelijk dat meisjes met een geweer om konden gaan, dus ze trekt nogal wat bekijks. Ria blijft echter onverstoorbaar. En schiet raak. Doordat ze het doel raakt, wordt een camera met flitslicht geactiveerd die Ria in haar schiethouding vastlegt. De foto krijgt ze als trofee mee naar huis. Deze trofee vormt de eerste van een lange reeks zelfportretten. Elk jaar bezocht Ria de kermis in Tilburg en enkele kermissen in de buurt om zichzelf vast te leggen. Haar schiethouding blijft door de jaren heen onveranderd: zelfverzekerd, één oog dichtgeknepen, geweer tegen de schouder, doelbewust. Als een standbeeld waar de jaren aan voorbij trekken, staat Ria onbewogen in een steeds veranderende omgeving. Een zekerheid in roerige tijden. Met slechts één naargeestige uitzondering: in de fotoserie ontbreekt de periode 1939-1945.´ De foto’s van Ria van Dijk (Tilburg, 1920) vormen een bijzonder document over de Tilburgse kermis. In 2008 werd haar fotoserie in boekvorm uitgegeven. Samenstellers Erik Kessels en Joep Eijkens vertellen in het boek In almost every picture #7 een verhaal vanuit het standpunt van een schiettentcamera. Het omvat een periode van ruim zeventig jaar. We zien kapsels veranderen, mensen ouder worden, kermissen hectischer, tijden voor gaan in een wereld die van zwart/wit naar kleur gaat, maar steeds één vast middelpunt houdt: Ria van Dijk. Een deel van de andere tentoongestelde foto´s in de Concertzaal werd gebruikt voor het fotoboek Tilburgse kermis 1950-2000. Een halve eeuw vermaak in beeld (2007). De foto´s in het boek komen allemaal van Persbureau Van Eijndhoven.

Zie:www.youtube. com/user/RATilburg >> 9 Een particuliere verzamelaar met een grote documentaire (m.n. foto)collectie over de Tilburgse kermis is Hennie van Oers uit Waalwijk. Hij is een van de verzamelaars die zich hebben verenigd in de Stichting Kermiscultuur; zie: www.kermiscultuur.nl
>>8

HOE VERDER MET HET GEHEUGEN VAN DE KERMISSTAD?

De geschiedenis van de Tilburgse kermis is redelijk gedocumenteerd, maar een duidelijk collectiebeleid, bijvoorbeeld bij Regionaal Archief Tilburg of Stadsmuseum Tilburg is er

64

65

over dit onderwerp niet. Bij particuliere verzamelaars bevindt zich wellicht het meeste materiaal, maar dit is voor het grote publiek niet goed bereikbaar. Enkele verzamelaars hebben zich aangesloten bij de Stichting Kermiscultuur, die al enkele jaren op een rij tijdens de Tilburgse kermis uitgebreide tentoonstellingen organiseert en ook regelmatig boeken over kermisthema’s in het algemeen uitgeeft.9 Tilburg wil zich met het thema kermis nadrukkelijk gaan profileren als The Performing Society in een opmaat naar 2018 culturele hoofdstad. Maar wat blijft er daarvan nog overeind, nu die titel onlangs aan Leeuwarden werd toegekend? De gemeente Tilburg wil ook dat de Tilburgse kermis op de lijst immaterieel erfgoed van de UNESCO geplaatst wordt. Of hoort dit laatste eigenlijk niet meer thuis bij de citymarketing van Tilburg? Want kermis is toch geen unieke Tilburgse aangelegenheid? Dit alles geeft natuurlijk wel het belang aan om het fenomeen Tilburgse kermis in een historisch perspectief te plaatsen, vast te leggen en het onderdeel te laten uitmaken van de Stadscollectie Tilburg. Maar hoe zou dat dan moeten? Moeten we zoveel mogelijk, zoals de verzamelaars van Stichting Volkscultuur dat blijkbaar doen, gaan verzamelen en vastleggen in het geheugen van de stad? Moet dat dan op een of kan dat ook op meerdere plaatsen, fysiek of digitaal? De jaarlijkse actie van het Regionaal Archief Tilburg om het publiek op te roepen om kermisfoto’s op www.Flickr.com te plaatsen, vind ik al een geweldig initiatief om selectief de jaarlijkse kermis te documenteren. Misschien kan een oproep ook geplaatst worden om oude foto’s in te zenden. Dergelijke selecties kunnen eveneens gemaakt worden uit de collecties van particulieren en persfotografen. De ontwikkeling van de kermis wordt hiermee mooi gedocumenteerd. Dus: niet alles verzamelen, maar selecties maken door de jaren heen en plaatsen in één centrale database (bv. als themaonderdeel van Beeldonline op de website van het archief). Hetzelfde geldt ook voor documenten en affiches. Het medium YouTube leent zich uitstekend om alle Tilburgse kermisfilms bij elkaar te zetten. Het Regionaal Archief Tilburg, de Stichting Kermiscultuur en de Brabant Collectie zouden hierin bijvoorbeeld al kunnen samenwerken. Niet gedigitaliseerde films zouden gedigitaliseerd moeten worden om de toegankelijkheid ervan te vergroten. En ook hier weer kan het publiek worden ingeschakeld om filmpjes in te sturen. Stadsmuseum Tilburg moet geen objecten over de Tilburgse kermis gaan verzamelen, want er zou binnen de provincie Noord-Brabant geen tweede kermismuseum moeten gaan ontstaan. Het Markiezenhof te Bergen op Zoom is er in gespecialiseerd. Rest nog de oral history. Het is moeilijk daarin keuzes te maken. Welke verhalen bewaren we wel en welke niet? Het principe van bijvoorbeeld Het Geheugen van Tilburg is dat het publiek zelf verhalen op deze website plaatst.10 Er is geen redactie die de verhalen selecteert of beoordeelt. En zo moeten we het maar houden.

Kermissouvenir uit 1928. Men liet zich graag fotograferen op de Tilburgse kermis. (Collectie Regionaal Archief Tilburg)

Op de kermis van 1925 werden 52 wassen beelden in het Nederlands Panopticum tentoongesteld, zoals keizer Napoleon te paard, de paus en een zeemeermin. (Collectie Regionaal Archief Tilburg)

Deze dames wagen zich aan een ‘autorace’ op de Tilburgse kermis in 1950. (Collectie Regionaal Archief Tilburg)

66

>> 10

Zie: www.geheugenvantilburg.nl

67

8 BRABANTSE KERMISPRENTEN: TER LERING EN VERMAAK
auteur: Emy Thorissen functie: Conservator Brabant-Collectie / Bibliotheek Universiteit van Tilburg

Gedurende bijna drie eeuwen was de centsprent – voorloper van het prentenboek en stripverhaal – het goedkoopste geïllustreerde drukwerk in Nederland en België en vooral bestemd voor de onderste lagen van de samenleving én voor de kinderen. Tientallen drukkers en uitgevers verspreidden miljoenen exemplaren. Daarvan is maar een klein deel overgebleven, waardoor de centsprent in de vergetelheid is geraakt. In de Topografisch-Historische Atlas van de Brabant-Collectie 1, gehuisvest in de Universiteitsbibliotheek Tilburg, bevinden zich ongeveer 300 Brabantse centsprenten uit de 18e eeuw en vooral uit de 19e eeuw. Deze prachtige verzameling bevat ook enkele kermisprenten. Dit historisch beeldmateriaal geeft een goed inzicht in de eigenheid en de beleving van de kermis van toen.

Voorheen het Prentenkabinet van het Provinciaal Genootschap van Kunsten en Wetenschappen Noord-Brabant. Het Genootschap was opgericht in 1837 te ’s-Hertogenbosch. >>2 De Meyer 1962, p. 20-21. >>3 De Meyer 1962, p.18-19.
>>1

CENTSPRENTEN

Centsprenten zijn ook wel bekend als volks- en kinderprenten, maar ook andere benamingen voor dit soort prenten worden gebruikt. In Friesland heten ze ‘hilgen of heyligen’. Sinds het ontstaan van de prentkunst werden er in de 15e eeuw heiligenprenten in Nederland vervaardigd. Deze naam bleef tot in de 19e eeuw voor alle volksprenten, zowel profane als Bijbelprenten, bestaan. De Noord-Brabantse benaming ‘beeldekens papier’ hangt samen met de Vlaamse ‘mannekesblaren of mannekespapieren’, maar werden ook ’sanctje-wales of walezantjes’ genoemd.2 De benamingen ‘oortjesprent’ en ‘centsprent’ duiden natuurlijk op de vroegere prijs van deze prenten (een ‘oortje’ = een kwart stuiver of 1 ¼ cent). Overigens kan de zo bekende ‘schoolprent’ als een opvolger van de centsprent worden gezien. De schoolprent, ook wel ‘nutsprenten’ genaamd, dankt zijn ontstaan vermoedelijk aan de propaganda die door de Maatschappij tot Nut van het Algemeen gemaakt werd in het onderwijs om de opvoedkundige kinderprenten te gebruiken als beloning voor de vlijtige leerlingen. Zulke prenten dienden in de eerste plaats om bekeken en gelezen te worden. Doch de kinderen werden ook aangezet om de plaatjes uit te knippen om een schilderijtje te maken óf voor een plakboek óf voor het versieren van een vlieger. 3 De kopers van de centsprenten waren vaak mensen met een kleine beurs, laag geletterden en kinderen. Deze prent deed dienst als krant, als illustratie en als beeldverhaal. De dagelijkse krant of het aanschaffen van een

68

69

boek konden ze zich niet veroorloven, maar vanwege de geringe prijs konden ze wel eens ’n prent kopen, die informatie in woord en beeld bood. Centsprenten werden en masse geproduceerd en waren interessant voor iedereen. Het doel van de prenten was lering en vermaak. De volks- of kinderprent is een cultuurverschijnsel op zichzelf. Centsprenten zijn een onuitputtelijke bron voor onderzoek en geven ons een beter zicht op het dagelijks leven dan schilderijen. Volksvermaken zijn realistisch weergegeven en ook erg herkenbaar voor kinderen, ondanks de moraliserende en vermanende teksten bij het beeld. Ze geven een beeld van de normen en waarden en pedagogische opvattingen van hun tijd. Denk aan onderwerpen als (verdwenen) ambachten en beroepen, kinderspelen, volksgebruiken en -feesten, vervoer, landbouw, rolpatronen, wonen en huishouden. Het formaat van deze bladen is ca. 30 x 40 cm en is in de regel met houtblokken eenzijdig bedrukt. Maar meestal werden de onderschriften onder de voorstelling gedrukt met losse drukletters. Omstreeks 1850 ging men over op steendruk. De industrialisatie van het bedrijf betekende het einde van de ambachtskunst. De prenten werden gekleurd of zwart/wit verkocht. Het kleuren gebeurde meestal door vrouwen en kinderen thuis tegen een hongerloon: een paar vegen in felle kleuren (meestal rood, blauw en geel) die nauwelijks rekening hielden met de afbeelding, werden met een tampon of penseel of duim op de prent gezet. Het werken met sjablonen (ook wel ‘brillen’ genaamd) leverde meestal een veel fraaier resultaat op. De prijs van de prenten hing natuurlijk af van de kwaliteit van het gebruikte papier en de wijze van uitvoering, ongekleurde prenten waren vanzelfsprekend goedkoper dan gekleurde. De verspreiding van de centspren-

ten verliep langs verschillende kanalen. Drukkers tot 1850 waren ook uitgever en boekhandelaar. Ze verkochten de prenten in hun eigen winkel en drukten hun adres onderaan de prenten, zodat iedereen wist waar ze te koop waren. Daarnaast bouwden ze een netwerk van wederverkopers op: collega-drukkers en boekhandelaren verspreid door over het hele land. Als een drukker zijn werkzaamheden beëindigde, betekende dat niet dat de prenten niet meer gedrukt werden. De houtblokken werden doorverkocht en de nieuwe eigenaar drukte er weer prenten mee. Het product was immers niet aan tijd of actualiteit gebonden en verkocht altijd wel. Belangrijke uitgevers hadden op z’n minst een honderdtal verschillende prenten in hun fonds, en werkten ook met regionale grossiers, die de prenten bedrukt kregen met hun firmanaam. Enigszins vergelijkbaar met de prentbriefkaarten rond het begin van de 20e eeuw.

Iedereen deed mee aan de kermis
71

70

‹ – De Aapen–Kermis nr.8 Te Breda, by W. van Bergen, van der Sande en van Kempen, 1805. 24 afbeeldingen op een blad; onder iedere voorstelling een versje van 2 regels Houtsnede, niet gekleurd 39.2 x 28.7cm. Bron: Brabant-Collectie / Bibliotheek Universiteit van Tilburg

BRABANTSE KERMISPRENTEN

In de verzameling van de Brabant-Collectie bevinden zich zes verschillende kermisprenten: op ongevouwen vellen papier (plano’s) zijn houtsneden met onderschriften gedrukt. Breda kende in het begin van de 19e eeuw maar liefst vier uitgevers van deze prenten: W. van Bergen, W.G. van de Sande, F.B. Hollingers Pypers en P.R. Broese. In ’s-Hertogenbosch was uitgever Lutkie en Cranenburg gevestigd. 4 Een voorbeeld van een satirische prent is ‘De Aapen– Kermis nr.8’ (1805). Waarschijnlijk heeft de Bredase uitgever W. van Bergen het 17e eeuwse houtblok uit het fonds Jacobus van Egmond overgenomen. 5 Door apen af te beelden in plaats van mensen wordt de moraliserende strekking van deze prent versterkt: deze voorstellingen maken duidelijk wat als ongewenst gedrag gezien wordt, juist door zulk gedrag af te beelden. Naast de verspreiding van de boekhandels waren er op de markt en de kermis vaak prentkramen te vinden. Op het platteland werden de centsprenten verkocht door marskramers. Na 1840 werden deze prenten ook verspreid door scholen. 6

De Meyer 1962, p. 47. >>5 De Meyer 1962, p. 78. >>6 Borms 2010, p. 14-16
>>4

72

73

‹ – Kermis-print No. 13. Te Breda, by W. van Bergen, Boekdrukker en Boekverkooper 1809. 1 afbeelding op een blad met daaronder ’n versje in 4 regels: Houtsnede, niet gekleurd 40 x 33.5 cm. Bron: Brabant-Collectie / Bibliotheek Universiteit van Tilburg

Het gebruik om elkaar van huis tot huis kermis te wensen werd eerst beoefend door de burgerwacht en later door de jeugd, verkleed als leden van de burgerwacht. Al dan niet met getrommel werd aan de deuren de kermisprent overhandigd en werden fooien geïnd. De prenten verschenen ter gelegenheid van een kermis of jaarmarkt. Deze prent was voorzien van een toepasselijk gedicht. Op het blad onder de voorstelling stond een vers. 7 De kermis is weliswaar geen echt kalenderfeest, maar toch een jaarlijks terugkerend volkfeest. Reeds in de 16e eeuw werden er al kermistaferelen afgebeeld op prenten en schilderijen door Pieter Breugel, bijvoorbeeld ‘De Boere-Kermis’ . Tijdens de kermis, die enkele dagen tot drie weken kon duren, was er vrede en vrije handel mogelijk. Duizenden bezoekers stroomden toe, waaronder ook kermisklanten (muzikanten, acrobaten, goochelaars, kwakzalvers en andere artiesten) 8, marskramers en bedelaars probeerden hun inkomen op straat te verdienen, maar ook mensen die inkopen kwamen doen bij de vele kramen (gebak- en wafelkraam, snoepkraam, palingkraam, loterijkraam, galanterieënkraam met potten, pannen en snuisterijen en stoffenkraam). Iedereen deed mee aan de kermis: jong en oud, arm en rijk konden hun hart op halen aan optredens en kunstjes van de gedresseerde dieren. Tussen al het kermisgewoel klonk op meer dan een plaats muziek. Een van de meest simpele attracties was de liedjeszanger. Al dan niet voorzien van verschillende instrumenten (toeter, viool, trekzak, trommel of zgn. buikorgeltje). De zanger moest met deze instrumenten de strijd aangaan met ander muziekjes van een groot en niet verrijdbaar draaiorgel. Voor kinderen was de poppenkast van Jan Klaassen natuurlijk aantrekkelijk en voor een paar centen kon je in de rarekiek of kijkkast zien hoe de wereld elders eruit zag. Op de centsprenten zijn deze verschillende kermisattracties. Een uitnodiging om dit spektakel eens nader te bekijken vormde de bekende kermiskreet “Komt dat zien, komt dat zien”.

De Meyer 1962, p. 586. >>8 Borms 2010, p. 38-40.
>>7

74

75

‹ – Kermisvermaken. Nr. 59. Waarschijnlijk uitgegeven te ’s-Hertogenbosch bij Lutkie en Cranenburg. 16 afbeeldingen op een blad; onder iedere afbeelding een vierregelig versje Datering: tussen 1848 - 1881 Houtsnede, gekleurd 34 x 32 cm. Bron: Brabant-Collectie / Bibliotheek Universiteit van Tilburg

KERMISATTRACTIES
Wat was er zoal op de kermis te zien? Als je de centsprent ‘Kermisvermaken nr. 59’ van de Bossche uitgever Lutkie & Cranenburg bekijkt, dan zie je een kraam met ‘van alles’, een tent waar ‘toeren’ worden voorgesteld, draaimolen, koorddanser, een stel kermisgangers, wafelbakkerij, tent met plaatkoeken, een kraam waar men koek slaat of hakt, een boekverkoper met een bord waarop te lezen is dat 88 moorden door een booswicht zijn gepleegd, een Savoyaard met marmotje, muzikanten, een menagerie, acrobaat Hansworst, poppenkast, een rarekiek en een goochelaar. Deze tamelijk primitieve houtsnede laat 16 taferelen zien en iedere voorstelling is voorzien van een vierregelig rijmend onderschrift. Enkele opmerkelijke rondreizende kermisklanten en spel:

1. RAREKIEK
Een rondtrekkende reiziger met een rarekiek op zijn rug kwam het volk verhalen vertellen en hen tegen betaling een blik te gunnen op gebeurtenissen die ver van hun wereld verwijderd waren. De kast op een standaard was voorzien van ronde gaten met vergrootglazen. Hierin werden prenten vertoond met taferelen uit andere landen en culturen, rariteiten als een draak of een kalf met twee koppen, maar ook sterfbedden van vorsten. Rarekieken stonden zeer in de belangstelling en gaven informatie over wereldnieuws.

76

77

Kermis-Prent nr. 9 – › Te Breda bij Broese & Comp, Boekdrukkers en Boekverkoopers. 12 afbeeldingen op een blad; onder iedere afbeelding vers in 4 regels. Datering: tussen 1828 - 1853 Houtsnede, niet gekleurd 42,5 x 34 cm. Bron: Brabant-Collectie / Bibliotheek Universiteit van Tilburg

2. SAVOYAARD
Een jongeling, helemaal afkomstig uit de bergen Haute Savoie, zorgde ook vermaak op straat met zijn aapje of marmotje en met goocheltrucjes en acrobatiek.

3. KOEKHAKKEN
Tijdens de kermis werd het spel koekhakken gespeeld. Voor dit behendigheidsspel werden speciale koeken gebakken. De kunst was de dunne, platte en zeer taaie koeken door middel van een paar goedgemikte slagen met een bijl in stukken te slaan. De winnaar van het koekhakken mocht de koekdelen hebben. Dit oude volksvermaak is de loop der eeuwen vaak verboden vanwege de ernstige lichamelijke ongelukken, bijvoorbeeld het afhakken van een been. Soortgelijke vormen van volksvermaak zijn ook op ‘Kermis-Prent nr. 9’ van de Bredase uitgever Broese te zien, zoals menagerie, ‘drie kroonen spel’, koorddanseres, snelle diligence, poppenkast van Jan Klaassen, mallemolen, muzikanten, kunstenaars, beer temmen, kwakzalver, linnenkraam en poffertjeskraam. Deze houtsnede laat 12 taferelen zien en iedere voorstelling is voorzien van een vierregelig rijm.

78

79

Onderstaande attracties worden heden ten dage niet meer gedoogd op de kermis:

4. KWAKZALVER / KIEZENTREKKER
Evenals de goochelaar wordt de kwakzalver gezien als een bedrieger. Hij lokt met mooie praatjes de bezoekers naar zijn paard en wagen toe. Hij probeert zijn kunsten te verkopen als redder van de pijn: door ‘kwade’ kiezen te trekken.

Dieren werden gepest, verminkt of gedood
6. DANSENDE BEER MET AAP
De verzorger trok door stad en land met een bruine beer, die meestal gemuilkorfd en door kettingen in toom gehouden werd. Het dier deed zijn dressuur act, met name dansend op zijn achterpoten en werd vaak vergezeld van een aap. Het is een attractie of volksvermaak, dat tegenwoordig niet meer getolereerd wordt. In ieder geval zijn spelletjes, waarbij dieren werden gepest, verminkt of gedood, verdwenen door verandering van normen op dat gebied. Momenteel wordt het dresseren van dieren gezien als dierenmishandeling, zoals in het circus.

Jacobs 2002, p. 58-74 (artikel van Florence Pieters)
>>9

5. MENAGERIE
Een zeer belangrijke attractie op de kermis was de vertoning van dieren. Inheemse wilde dieren, exotische dieren, huisdieren en parasieten (denk ook aan het vlooientheater) waren er te zien. De bloeiperiode van rondtrekkende menagerieën vond plaats in de periode 1750-1850. Oorspronkelijk werden de dieren alleen tentoongesteld en vanaf 1815 werden eenvoudige dressuren getoond. Uiteindelijk ontwikkelden zich hieruit het circus en de openbaar toegankelijke dierentuin. Gewone huisdieren als honden, paarden, ezels en konijnen trokken op de kermis alleen publiek als ze heel bijzondere kunstjes konden vertonen. 9

80

81

‹ – Diertemmersprent nr. 81 Waarschijnlijk uitgegeven te ’s-Hertogenbosch bij Lutkie en Cranenburg 8 afbeeldingen op een blad; onder iedere afbeelding een onderschrift Datering: tussen 1848 - 1881 Houtsnede, gekleurd 40 x 32 cm. Bron: Brabant-Collectie / Bibliotheek Universiteit van Tilburg

7. DIERENTEMMERS MET GEDRESSEERDE DIEREN

Op de ‘Diertemmersprent nr. 81’ zien we acht verschillende voorstellingen van mensen met gedresseerde dieren. De prent bevat korte onderschriften: Fenix het geleerde paard (knielend), een dinerende olifant Baba, de aangeklede aap Jocko, de geleerde ezel (kan klokkijken), de leeuw van Martin, de gedresseerde beer, de wolven- of hondendans en het onverschrokken konijn (schietend).

Miljoenen centsprenten zijn in een periode van ruim 250 jaar in ons land verspreid.

82

83

8. POPPENSPEL JAN KLAASSEN
Voor de jeugd was het poppenspel van Jan Klaassen een ware trekpleister. De vermoedelijk Bossche ‘Poppenspel Jan Klaassen nr. 4’ centsprent bevat 16 houtsneden met vierregelige rijmende onderschriften. Afbeeldingen van Jan Klaassen, die door bijen wordt gestoken, die de dood wegjaagt, die de buurvrouw schopt en op klompen danst. Hij wordt neergelegd door zwarte Moren, maar jaagt de dokter weg. Hij danst met zijn kinderen en met een Moorse koningin met castagnetten. Hij verwelkomt een neef uit ‘Oost-Inje’ en laat zijn mes scherpen. Tot slot komt er een draak die samen met Jan Klaassen verdwijnt. Teloorgang rond 1900 in Nederland: de volks- en kinderprenten werden door massaal geproduceerde prentenboeken, jeugdtijdschriften en stripverhalen verdrongen. Miljoenen centsprenten zijn in een periode van ruim 250 jaar in ons land verspreid en slechts een fractie is ervan overgebleven. Voor efemeer drukwerk zoals centsprenten geldt over het algemeen: hoe groter de oplage, hoe minder ervan bewaard blijft. 10

Poppenspel Jan Klaassen nr.4 – › Waarschijnlijk uitgegeven te ’s-Hertogenbosch door Lutkie en Cranenburg 16 afbeeldingen op een blad; onder ieder afbeelding vers in 4 regels Datering: tussen 1848 -1881 Houtsnede, gekleurd 39,5 x 33 cm. Bron: Brabant-Collectie / Bibliotheek Universiteit van Tilburg

Borms 2010, p. 84.
>>10

84

85

9 EEN VISIE GEBASEERD OP HET VERLEDEN

auteur: Alex Boonmann functie: voorzitter Koninklijke Horeca Nederland (KHN), Afdeling Tilburg

Horecabelang < Kermisbelang < Horecabelang: een eindeloze discussie van de afgelopen jaren. In mijn opinie is het zo dat Kermisbelang = Horecabelang = Kermisbelang. Als voorzitter van Koninklijke Horeca Nederland, afdeling Tilburg, sta ik voor de belangen van de Horeca in Tilburg. KHN streeft naar een gemeente die samenwerkt met lokale ondernemers en die zorgt voor een gezond en veilig uitgaansklimaat. Wat heeft dat nu te maken met een visie over kermis en horeca? Alles verzeker ik u. De belangen van de horeca worden namelijk het beste gediend als het goed gaat met Tilburg. Bovendien is het algemeen bekend dat men door samen te werken meer kan bereiken dan alleen. Samenwerking is essentieel bij één van Nederlands grootste jaarlijks terugkerende evenementen: De Tilburgse Kermis. Van oudsher gaan de kermis en de horeca samen. Vaak was de kermis de enige grootschalige bron van vermaak voor de arbeiders die daar een heel jaar lang voor spaarden in de dubbeltjespotten in de cafés. Zo ook in Tilburg. Men kwam toen al niet ‘slechts’ voor de mallemolen of de koekkraam, maar zocht ook vermaak in dansen, bier en jenever drinken. Tot op heden is daar in mijn ogen niks aan veranderd. De attracties zijn weliswaar groter, sneller, anders geworden, het doel is nog steeds hetzelfde: de mensen voor een bepaalde beleving naar de kermis trekken. Dat geldt ook voor de horeca: het bier vloeit nog steeds en alhoewel de jenever in veel gevallen is veranderd in een bepaald mixed-drankje, wordt er nog steeds gedanst. Wat is er dan anders? Het antwoord daarop is

EEN VISIE VERLEDEN, HEDEN EN TOEKOMST VAN DE TILBURGSE KERMIS.

net zo eenvoudig als dat het complex is. De Tilburgse Kermis is een groot evenement geworden. Het is voor een individuele partij nauwelijks te overzien. De gemeente is de regisseur, maar is afhankelijk van de markt hoe ‘haar’ kermis zich ontwikkelt. Zoals zo vaak krijg je op een gegeven moment last van de remmende voorsprong, wordt stilstand achteruitgang, althans in beleving. Dan dien je jezelf opnieuw uit te vinden. In mijn ogen zijn we momenteel op zo’n punt beland. Wat moet je als regisseur dan doen? Samenwerken! Zorg dat elkanders belangen helder zijn en mogelijk ook erkend worden. Heb vertrouwen in elkaar, maar maak vooral gebruik van elkaars talenten en krachten. Samenwerking is niet alleen gewenst, maar ook noodzakelijk vanwege de grootsheid van het evenement. Denk aan zaken als openbare orde en veiligheid, gezondheid etc. Wellicht is het u ook opgevallen dat ik spreek over één evenement. Het afgelopen decennium heeft er een gigantisch ontwikkeling plaatsgevonden op het gebied van festivals. Meerdere area’s met elk een andere beleving is eerder regel dan uitzondering tijdens een evenement. Ook het aanbod is tegenwoordig zeer divers. De tijd dat men nog maar één keer per jaar vertier zocht, ligt al helemaal decennia achter ons. Men is iets gewend of beter gezegd: is verwend. In je eentje is het onmogelijk om al dat buitensporige te overklassen. Immers, we zitten met ons evenement in de binnenstad van de zesde grootste stad van het land. Een ieder met zijn eigen belangen. Daar komen de belangen van meer dan 240 kermisexploitanten gedurende tien dagen nog eens bij. Dat zorgt voor een gigantische complexiteit. Tegelijkertijd zijn we door de grootte van het evenement uniek. In plaats dat we daar gebruik van maken blijven we op micro denkniveau hangen.

86

87

Geografisch heeft Tilburg het geluk dat we reeds beschikken over diverse concentraties in straten en pleinen. Eenieder met zijn eigen karakter. De daaromheen gevestigde horeca vult de behoeften in of zo nodig aan waar nodig. Opmerkelijk is dat er vaak wordt gesproken over beperkingen of het afvangen van elkaars omzet, terwijl we tegelijkertijd allemaal kijken, onder de noemer van crowdmanagement naar de toegenomen drukte van de afgelopen jaren. We maken nu bij lange na nog niet gebruik van alle beschikbare openbare ruimtes. Is het is nu wel of niet dringen bij de spreekwoordelijke ruif? Wat gebeurt er als we de ruif groter maken? Wie komt er nu al naar de Tilburgse Kermis? Wie willen we nog meer naar Tilburg laten komen? Wat zouden we die nieuwe doelgroep(en) dan willen bieden? Waar willen we dat laten plaatsvinden? Fairfest heeft ons daar afgelopen jaar veel

Opening kermis. Foto: Jimke Joling.

inzichten in gegeven. De ene keer waren het open deuren, de andere keer bracht het voor mij vernieuwing, verfrissing, bijna een verademing. Er liggen voor Tilburg gigantisch veel kansen voor het oprapen. Kansen die relatief snel te realiseren zouden zijn als we de talloze talenten en krachten van onze stad weet te bundelen. Mijn hoop is daarop gevestigd. Wij hebben meer te bieden dan datgene wat wij nu laten zien. Verbreding, evenals verdieping zorgen voor de broodnodige vernieuwing van de Tilburgse Kermis. Praat niet over, maar mét elkaar.

88

89

10 FAIRFEST, VERNIEUWING VAN DE TILBURGSE KERMIS
auteurs: Ankie Joos en Joline Vriens functie: onderzoekers bij Vrijetijdshuis Brabant

SAMENVATTING
De provincie Noord-Brabant vroeg De Ambassade voor Creatieve Zaken om eind 2012 en in 2013 het impulstraject FairFest uit te voeren. Tijdens het FairFest-symposium in 2012 bleek dat bij de verschillende betrokkenen (onderwijs, ondernemers, culturele sector en overheid) behoefte was aan meer kennis over de verbinding tussen de Tilburgse Kermis, cultuur en Europa. Vrijetijdshuis Brabant voerde in opdracht van De Ambassade voor Creatieve Zaken daarom voorliggende analyse uit met als doelstelling:

Inzichtelijk maken of en zo ja, op welke manier FairFest een bijdrage kan leveren aan de verbinding tussen de Tilburgse Kermis, cultuur en Europa.

Voor de analyse bestudeerde Vrijetijdshuis Brabant bestaande onderzoeken en zijn experts en betrokkenen geraadpleegd.

90

91

ivto.org Wensen potentiële (rode) kermisbezoeker: eigenheid, aparte ervaring, cultureel programma

RANDVOORWAARDEN
Naast de strategische opties wordt de aanbeveling gedaan te voldoen aan de volgende randvoorwaarden: • In het verleden zijn verschillende initiatieven ontwikkeld die de verbinding legden tussen cultuur en de kermis. Deze zijn echter niet geëvalueerd. Initiatieven die onder de paraplu van FairFest worden ontwikkeld, dienen daarom concrete doelstellingen te hebben en evaluatie dient een vast onderdeel van de initiatieven te zijn. • Vanuit FairFest is de ambitie uitgesproken om een verbinding te maken tussen kermis, cultuur en Europa, maar allereerst moet duidelijk zijn wat wat voor soort verbinding er te maken is (bijvoorbeeld kennisuitwisseling, kermis van Europees niveau, intensieve samenwerking etc.).

MARKT ONTWIKKELING

DIVERSIFICATIE

Wensen huidige (gele) doelgroep: laagdrempelige populaire cultuur

bestaand

MARKT PENETRATIE

PRODUCT ONTWIKKELING
Succesvolle andere Europese kermissen: culturele elementen door link lokale tradities

Ansoff model voor groeistrategieën, ook wel ‘product-marktmatrix model van Ansoff’ 2 In de analyse zijn de belevingswerelden van de RECRON InnovatieCampagne gebruikt om (bestaande en potentiële) doelgroepen voor de kermis te omschrijven. Kijk voor meer informatie op www.recroninnovatiecampagne. nl. 3 Ibid.
1

MARKT

nieuw

bestaand

nieuw

PRODUCT

DRIE STRATEGISCHE OPTIES

Vrijetijdshuis Brabant is tot drie strategische opties gekomen, die kunnen worden ingezet als groeistrategie voor de Tilburgse Kermis middels FairFest. Deze staan weergegeven in bovenstaand model1. Deze drie mogelijke strategieën kunnen als volgt worden omschreven: 1. Inzetten op de wensen van de huidige (voornamelijk Uitbundig Gele2) doelgroep, om het aantal bezoekers uit deze doelgroep verder te vergroten. Dit kan door laagdrempelige vormen van cultuur aan te bieden. 2. Inzetten op culturele elementen die gebaseerd zijn op lokale verankering. Zo kan bijvoorbeeld de link met lokale tradities, muziek, performance en eet- en drinkcultuur sterker worden gelegd. Ook de betrokkenheid van lokale ondernemers, burgers en onderwijs kan worden vergroot. 3. Inzetten op de wensen van de nieuwe doelgroep Creatief en Inspirerend Rood3. Dit is de doelgroep die op zoek is naar eigenzinnigheid, verrassing en aparte ervaringen. Deze recreant houdt zowel van de kermis als van allerlei culturele activiteiten.

92

93

10.1 INLEIDING 10.1.1 AANLEIDING

10.1.2 DOELSTELLING ANALYSE

De provincie Noord-Brabant vroeg De Ambassade voor Creatieve Zaken om eind 2012 en in 2013 een impulstraject uit te voeren. Dit impulstraject heeft de naam FairFest gekregen en is een zogenaamd opmaatproject voor 2018Eindhoven I Brabant. Op de website van 2018Eindhoven I Brabant wordt hierover het volgende gesteld: “De Tilburgse Kermis is een gigantisch volksfeest dat zich bij uitstek leent voor innovatie. FairFest maakt een spannende verbinding tussen volkscultuur en kunst. Gebruikmakend van de lange traditie en populariteit van dit volksevenement stimuleert deze proeftuin de zoektocht naar verrassende presentatievormen van kunst in de stad. Samen met een reflectiegroep van Europese wetenschappers wordt verdieping gezocht in de achtergronden en archetypen van de kermisbezoeker en wordt haar worteling in Tilburg gedefinieerd. Door Tilburgse kunststudenten, wetenschappers en cultureel ondernemers worden inspirerende voorzetten gedaan.4 De spannendste ideeën worden geselecteerd voor de Kermis van 2013. FairFest vindt plaats in de Spoorzone en de Koepelhal. Zo wordt de Tilburgse Kermis nog groter en vindt een vanzelfsprekende kruisbestuiving plaats tussen het kermispubliek en FairFest.”5 FairFest dient een impuls te geven aan het meerjarentraject The Performing society, waar The Tilburg fair, renewing a popular celebration6 onderdeel van uit maakt. In het bidbook werd hierover het volgende gesteld: “In 2018 we want to use this powerful tradition – one that is so central to the identity of Brabant – to connect locally and internationally, as well as giving a new impulse to the development of these popular events. (…) In 2018 we will tap into the funfair’s rich and multifaceted potential by integrating it with the performing arts. The performing society is a collaboration between cultural organisations in Tilburg. It will explore ways in which the performing arts could feed into funfair culture (…).” Samengevat kan de doelstelling van FairFest als volgt worden geformuleerd:

Voorliggende beschrijvende analyse is het eerste deelresultaat van de bijdrage van Vrijetijdshuis Brabant aan FairFest 20137. De doelstelling van deze analyse kan als volgt worden omschreven:

Inzichtelijk maken of en zo ja, op welke manier FairFest een bijdrage kan leveren aan de verbinding tussen de Tilburgse Kermis, cultuur en Europa.
Het begrip ‘cultuur’ is door UNESCO als volgt gedefinieerd8: “Een ruime betekenis van cultuur is: alles wat mensen maken en doen. In een meer sociologische betekenis is cultuur de leefstijl van een samenleving, samengesteld uit een mix van subculturen met hun geloven, gewoonten en gebruiken. Aan de leefstijl van een groep of gemeenschap ontlenen mensen hun identiteit. Voor inzicht in de leefstijlen van het verleden kunnen we teruggrijpen op tradities, overleveringen en het materiële cultureel erfgoed. In de klassieke definitie omvat cultuur de kunsten, cultureel erfgoed en de media.” In deze analyse wordt bovenstaande klassieke definitie van cultuur gehanteerd: de kunsten, cultureel erfgoed en de media.

10.1.3 ONDERZOEKSVRAGEN

FairFest is een impulstraject waarbij verkenning en onderzoek wordt verricht om waarde toe te voegen aan de Tilburgse Kermis. FairFest maakt een verbinding tussen de Tilburgse Kermis, cultuur en Europa. FairFest wil nieuwe elementen op het vlak van cultuur toevoegen aan de Tilburgse Kermis om uiteindelijk de aantrekkelijkheid voor bezoekers uit heel Europa te vergroten.
De Ambassade voor Creatieve Zaken vroeg Vrijetijdshuis Brabant een inhoudelijke bijdrage te leveren aan het project FairFest. Dit past bij de ambitie van Vrijetijdshuis Brabant, omdat zij een bijdrage wil leveren aan een innovatieslag in en de internationale aantrekkelijkheid van de Brabantse vrijetijdssector om zo meer bezoekers en bestedingen te genereren. FairFest kan hier mogelijk een rol in spelen.

In deze analyse wordt antwoord gegeven op de volgende onderzoeksvragen 1. In hoeverre is de verbinding tussen kermissen, cultuur en Europa in het verleden al gelegd (tijdens eerdere edities van de Tilburgse Kermis en bij andere Europese kermissen)? 2. Wat is er al bekend over het profiel van kermisbezoekers (leefstijl, vrijetijdsgedrag en specifiek hun interesse in kunst en cultuur)? 3. In hoeverre bestaan er kansen om door middel van cultuur nieuwe doelgroepen aan te trekken voor de Tilburgse Kermis? De antwoorden op de onderzoeksvragen worden vervolgens gebruikt om de conclusies en aanbevelingen te formuleren voor de kwalitatieve opschaling van de Tilburgse Kermis in de toekomst.

Hiervoor is in december 2012 een tweedaags symposium georganiseerd. Doel was om met de symposiumdeelnemers te komen tot verdieping van inzichten over de kermis als basis voor vernieuwende initiatieven en een betere verbinding van de Tilburgse Kermis met Europa (www.sonax. org). 5 2018Eindhoven I Brabant (2013). Projecten 2013: Fairfest. www.2018Eindhoven. eu. 6 2018Eindhoven I Brabant (2012). Imagination designs Europe. The city of Eindhoven’s bid for the title of European capital of culture 2018. p.51. 7 Joos, A. & Vriens, J. (februari 2012). Projectplan FairFest 2013, Bijdrage Vrijetijdshuis Brabant. Tilburg: Vrijetijdshuis Brabant. 8 Landelijk Kennisinstituut Cultuureducatie en Amateurkunst (2013). Begrippen en definities. Utrecht: LKCA.
4

94

95

10.1.4 METHODE

De werkzaamheden die zijn uitgevoerd door Vrijetijdshuis Brabant bestonden uit het bestuderen van documenten en voeren van telefoon- en face-to-face-gesprekken. De bestudeerde schriftelijke bronnen zijn terug te vinden in de literatuurlijst. Voor deze beschrijvende analyse is gesproken met de volgende gesprekspartners: • Jet van Baast, medewerker Kermissen Gemeente Tilburg • Martine Sarneel, teammanager Economie en Arbeidsmarkt Gemeente Tilburg • Hanneke Wiersma, projectleider culturele hoofdstad Gemeente Tilburg Daarnaast is per e-mail informatie ingewonnen bij: • Lauran Wijffels, journalist van het Brabants Dagblad, kermisexpert • Verschillende organisatoren van kermissen in Europa Tijdens het onderzoek bleek dat er tijdens de Tilburgse Kermis 2012 postcodes van bezoekers verzameld zijn. Deze zijn door SmartAgent verrijkt met de profielen uit de RECRON InnovatieCampagne. In hoofdstuk 3 wordt dit verder toegelicht. Daarnaast organiseerden De Ambassade voor Creatieve Zaken en Vrijetijdshuis Brabant op 20 maart 2013 een bijeenkomst voor bij FairFest betrokken partijen. Tijdens deze bijeenkomst presenteerde Vrijetijdshuis Brabant de belangrijkste resultaten uit de analyse en is hierover gediscussieerd. De uitkomsten van deze bijeenkomst zijn meegenomen in deze beschrijvende analyse.

Tilburgse kermis. Foto: Vrijetijdshuis Brabant

10.1.5 LEESWIJZER

Ieder hoofdstuk behandelt één onderzoeksvraag. Hoofdstuk 2 gaat in op de bestaande verbindingen tussen de (Tilburgse) kermis, cultuur en Europa. In hoofdstuk 3 staat het profiel van de bestaande kermisbezoeker centraal, met daarin nadruk op de belevingswerelden van de RECRON InnovatieCampagne. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op de kansen die bestaan om door middel van cultuur nieuwe doelgroepen aan te trekken voor de Tilburgse Kermis. Vervolgens worden in hoofdstuk 5 de conclusies en aanbevelingen gepresenteerd.

Opening kermis. Foto: Jimke Joling

96

97

10.2 ERVARINGEN MET DE VERBINDING TUSSEN KERMISSEN, CULTUUR EN EUROPA
In dit hoofdstuk wordt beschreven in hoeverre de verbinding tussen kermissen, cultuur en Europa in het verleden gelegd is. Allereerst wordt ingegaan op de verbinding met cultuur bij eerdere edities van de Tilburgse Kermis en andere kermissen in Europa. Vervolgens wordt de link met Europa beschreven.

Brabants Dagblad – te weinig bezoekers. Een verklaring hiervoor was een hittegolf, die veel mensen buiten hield. In 2008 organiseerde de Tilburgse Kermis een Variétédorp. Dit was een theaterdorp aan de Spoorlaan (grenzend aan de kermisroute), met shows in operatent, Cavalho en De Eenhoorn. De entreeprijzen voor optredens waren vanaf eerste dag afgeschaft, vanwege te weinig belangstelling. Het publiek spendeerde zijn geld niet in het Variétédorp. Het initiatief is niet geëvalueerd in een onderzoek, maar Jet van Baast geeft wel twee mogelijke verklaringen voor het falen. In de eerste plaats was het Variétédorp afgezet met hekken, wat niet uitnodigde om naar binnen te gaan. Daarnaast gaf Van Baast als verklaring dat “de kermisgast niet voor cultuur naar de kermis komt”. Jaarlijks organiseert de Stichting Kermis-Cultuur in het Paleis-Raadhuis een kermisexpositie. Deze scoort jaar na jaar goed. Dat komt volgens Wijffels omdat het rechtstreeks een nostalgisch verlengstuk van de kermis zelf is en daarnaast is het goed gelokaliseerd (op de kermisroute). Ook worden de kermisexploitanten hierbij betrokken. In 2009 werd voor het eerst de Caribbean night op het Pieter Vreedeplein georganiseerd. De donderdagavond staat dan in het teken van Caribische warmte en gezelligheid10. Het evenement trok in 2009 circa 500 bezoekers en in 2011 zo’n 1.500 bezoekers, waarbij de verwachting van de Vereniging Pieter Vreedeplein is dat de groei door zal zetten. Deze vereniging verkondigt het initiatief als een succes, terwijl Wijffels spreekt van een mislukking.11 In 2012 was er straattheater op verschillende locaties op de kermisroute. Deze

initiatieven waren volgens Van Baast echter te klein en vielen weg tussen alle grote attracties. De kermis wordt ieder jaar op de laatste avond begraven. De attracties sluiten en er is een begrafenisstoet met muzikale begeleiding. De stoet gaat van de Heuvelse kerk naar de Piushaven, waar de kermis begraven wordt door de Tilburgse brandweer. Er wordt vervolgens een vijftien minuten durend vuurwerk gepresenteerd. De begrafenis trekt jaarlijks veel belangstelling. Dit is volgens de geïnterviewden van de gemeente Tilburg de enige link met tradities. Volgens Wijffels heeft “de verbinding tussen de Tilburgse kermis en beeldende kunst in het verleden zelden iets structureels opgeleverd, eenvoudigweg omdat de twee zich op totaal verschillende doelgroepen richten, die ook nog op krampachtige voet met mekaar staan”. Opvallend is dat bij geen van de initiatieven een evaluatie is uitgevoerd. Het is hierdoor lastig kritische succesfactoren te bepalen voor het al dan niet slagen van de initiatieven. De volgende factoren zijn door respondenten en tijdens het symposium van FairFest in 2012 genoemd: • De locatie van het initiatief; • De grootte van het initiatief (moet bepaalde omvang hebben, om niet weg te vallen tussen overige attracties); • Betrokkenheid van exploitanten; • Inhoudelijke verbinding met de kermis: het initiatief moet niet concurreren met de kermis, maar erin opgaan. • Betrokkenheid van burgers.

10.2.1 DE KERMIS EN CULTUUR TILBURGSE KERMIS EN CULTUUR
Tijdens verschillende edities van de Tilburgse kermis is de verbinding gelegd tussen de kermis en cultuur. In 1999 ontstond Ernest Potters’ initiatief Kunst, Camp, Kitsch en Kermis, een jaarlijks evenement waarbij beeldende kunstenaars op eigentijds wijze inspeelden op de Tilburgse kermis. Dit initiatief werd georganiseerd in en door RUIMTE-X. Bij latere edities werden de kunstobjecten, bewegende installaties, tekeningen, films en foto’s aan het publiek getoond op verschillende plaatsen in de stad. Wegens geldgebrek kon de editie in 2008 niet doorgaan9, Volgens kermisexpert Wijffels trok het initiatief “marginale belangstelling“. In 2006 werd de fototentoonstelling Tilburgse Kermis: een eeuw vermaak in beeld georganiseerd in de Concertzaal. Stadsmuseum Tilburg coördineerde deze tentoonstelling. De tentoonstelling maakte een reis door de tijd tot aan de hedendaagse kermis. Volgens Wijffels was de tentoonstelling goed opgezet, maar trok deze – ondanks een extra bijlage bij het

Regionaal Archief Tilburg, www.regionaalarchieftilburg.nl, geraadpleegd op 26 februari 2013. 10 Vereniging Pieter Vreedeplein, www.evenemententilburgsekermis.nl/evenementen/caribbean-night, geraadpleegd op 26 februari 2013. 11 Ambassade voor Creatieve Zaken (2012). Notulen Symposium Tilburgse Kermis 11-12-2012, p. 5.
9

EUROPESE KERMISSEN EN CULTUUR

In bijlage 1 is een korte beschrijving van enkele andere kermissen in Europa opgenomen. Deze kermissen zijn geselecteerd op aanraden van Wijffels en de geïnterviewden van de gemeente Tilburg. De volgende kermissen zijn onderzocht: • Soester Allerheiligenkirmes (Duitsland) • Größte Kirmes am Rhein Düsseldorf (Duitsland) • Feria de Sevilla (Spanje) • Schueberfouer Luxemburg • Oktoberfest München (Duitsland) • Cranger Kirmes (Duitsland)

98

99

De onderzochte kermissen hebben enkele overeenkomsten in de manier waarop de verbinding met cultuur wordt gelegd. Opvallend is dat de grote Europese kermissen veelal traditioneel zijn opgezet en lokaal geworteld zijn. De kermis vertelt als het ware het verhaal van de regio.

KERMIS VERSUS CARNAVAL

ICOON/SYMBOOLFIGUUR

Er zijn verschillende kermissen die een icoon of symboolfiguur benoemen voor de kermis. Zo kiest de Soester Allerheiligenkirmes elk jaar een nieuwe jager (Jägerken von Soest) die gedurende het hele jaar de stad vertegenwoordigt tijdens officiële gelegenheden. De Größte Kirmes am Rhein Düsseldorf kiest jaarlijks een schutterskoning die symbool mag staan voor het evenement. Om schutterskoning te worden moet je tijdens de kermis als eerste de kunstvogel van een schietschijf afschieten.

Opvallend is dat de Europese kermissen veel gelijkenissen vertonen met de manier waarop carnaval wordt gevierd (icoon, optochten/parades, kledij en blaaskapellen). Tijdens de bijeenkomst op 20 maart 2013 werd de vraag gesteld of deze twee evenementen concurrerend zijn. Uit aanvullende deskresearch blijkt dat in vrijwel alle grote Europese kermissteden ook carnaval wordt gevierd. Het ene evenement sluit het andere niet uit.12

Zie literatuurlijst voor overzicht gehanteerde bronnen.
12

10.2.2 DE KERMIS EN EUROPA TILBURGSE KERMIS EN EUROPA

OPTOCHTEN/PARADES
Naast de aanwezige attracties worden er op de Europese kermissen ook optochten en parades ingezet om de bezoeker te vermaken. Deze optochten hebben veelal te maken met de lokale historie. Zo sluit Feria de Sevilla aan bij de Spaanse tradities door een grote parade met rijtuigen naar de arena te leiden waar stierenvechters bijeenkomen. Tijdens het wereldberoemde Oktoberfest krijgt ook de traditie bijzondere aandacht. Jaarlijks vindt er een zondagse Parade plaats met karren van paarden, blaaskapellen en loopgroepen in traditionele kostuums.

Volgens de respondenten is er tot op heden geen link tussen de Tilburgse Kermis en Europa. Een respondent gaf aan dat deze verbinding de komende jaren sterker tot stand moet komen, zeker als opmaat voor 2018IEindhoven. Hierbij dienen enkele stappen te worden doorlopen, waar in het hoofdstuk conclusies en aanbevelingen een voorstel voor wordt gedaan.

LOKALE EET- EN DRINKCULTUUR

EUROPESE KERMISSEN EN EUROPA

Kraampjes met lokaal eten en drinken komen ook vaak voor op de grotere kermissen in Europa. Op de Soester Allerheiligenkirmes worden landbouwartikelen aangeboden op kraampjes en wordt er een speciale kermisdrank geschonken. Ook op de Schueberfouer in Luxemburg Stad worden lokale traditionele gerechten geserveerd. Tijdens de Oktoberfest mag alleen in München gebrouwen bier worden geschonken.

TRADITIONELE KLEDIJ

De grote Europese kermissen maken vaak een link met de historie en dit wordt ook regelmatig in de kleding doorgevoerd. Van flamencojurken tijdens Feria de Sevilla in Spanje tot lederhosen tijdens Oktoberfest in Duitsland.

Of de onderzochte Europese kermissen samenwerken is niet bekend. Kermisexpert Wijffels denkt dat de Duitse Top 5 kermissen elkaar mogelijk incidenteel treffen in verband met data en verpachtingen. Eén initiatief is het Europäisches Dorf (Cranger Kirmes), een consumptiedorpje waar eettentjes van 15 verschillende nationaliteiten staan. Er lijkt weinig samenwerking en/of verbinding tussen Europese kermissen te zijn. Nader onderzoek naar de Europese kermissen is wenselijk om een gedegen antwoord te kunnen geven op de vraagstelling.

MUZIEK EN PERFORMANCE

Blaaskapellen voegen over het algemeen sfeer toe aan de grote Duitse kermissen. Tijdens de Cranger Kirmes wordt ieder jaar de Revierkönig bekend gemaakt, een talentenjacht waarbij de winnaar zich de koning op muziekgebied van het Ruhrgebied mag noemen. Dit kan op het gebied van Muziek, Dans of Comedy en de deelnemers mogen hun kunsten vertonen in de Beierse biertent. Tijdens de Feria de Sevilla zingen de Sevillianen ‘sevillans’: vierstemmige liederen met bijbehorende dansen, die de Sevillianen van kinds af aan geleerd krijgen.

100

101

De Tilburgse Kermis is niet zo verbonden met tradities
102 103

10.3 HET PROFIEL VAN KERMISBEZOEKERS

In dit hoofdstuk wordt nagegaan wat al bekend is over het profiel van bezoekers van de (Tilburgse) kermis (paragraaf 3.1) en tot welke belevingswerelden zij behoren (3.2).

10.3.1 ACHTERGRONDKENMERKEN VAN DE (TILBURGSE) KERMISBEZOEKER
Uit bestaande onderzoeken is het volgende bekend over kermisbezoekers13: • Een groter gedeelte van de Brabanders gaat naar de kermis in vergelijking met de gemiddelde Nederlander. Het sterke aanbod is hiervoor een mogelijke verklaring. • Kermisbezoekers zijn vaak midden of hoog opgeleid en relatief weinig laagopgeleid. • De Tilburgse Kermis trekt relatief veel bezoekers in de leeftijdscategorie t/m 40 jaar (veel gezinnen met jonge kinderen) en relatief weinig 55-plussers.
3%

Tilburg Overig Brabant
51%

NBTC-NIPO Research (2011). ContinuVrijeTijdsOnderzoek 2010-2011. Leidschendam: NBTCNIPO Research; Dimensus (2012). Bezoekers van de Tilburgse kermis 2012. Breda: Dimensus; Raters, L. & Schendel, A. van (2011). Effecten van de Tilburgse kermis 2011. Breda: NTHV.
13

22%

24%

Overig Nederland Buitenland

• Veel bezoekers van de Tilburgse Kermis komen uit de regio (zie onderstaande figuur). • Volgens de gemeente Tilburg komt 90% van de buitenlandse bezoekers uit België. • Één op de vijf bezoekers was in 2012 voor het eerst op de Tilburgse Kermis. Er is dus veelal sprake van herhalingsbezoek. • De Tilburgse Kermis wordt gemiddeld met 3.5 personen bezocht. • 7% van de niet in Tilburg woonachtigen blijft overnachten ten gevolge van de Tilburgse Kermis. • Er is veel draagvlak en commitment voor de Tilburgse Kermis. Gemiddeld geeft men een 8 als rapportcijfer voor de Tilburgse Kermis. Bezoekers geven een 8,2, bewoners een 7,5. Dit is relatief hoog, vergeleken met andere Nederlandse evenementen.

10.3.2 DE BELEVINGSWERELDEN VAN KERMISBEZOEKERS

In de hierna volgende analyse is de methodiek van de RECRON InnovatieCampagne (hierna: RIC) gehanteerd. In bijlage 2 wordt RIC verder toegelicht. De RIC-methodiek kan worden gebruikt om de belevingswerelden van kermisbezoekers te beschrijven. Hierin wordt niet volstaan met demografische aspecten als leeftijd, gezinsfase of inkomen, maar wordt ook gekeken naar wensen, motieven en interesses met betrekking tot dagrecreatie. Hieronder wordt het model met de zeven belevingswerelden voor dagrecreatie weergegeven. De Nederlandse kermisbezoekers en de bezoekers van de Tilburgse Kermis zijn als volgt verdeeld over de zeven belevingswerelden:

• Uitbundig Geel en Gezellig Lime zijn samen goed voor bijna de helft van alle kermisbezoekers in Nederland; • De belevingswereld Uitbundig Geel is oververtegenwoordigd onder Nederlandse kermisbezoekers. • De belevingswereld Gezellig Lime is oververtegenwoordigd onder de bezoekers van de Tilburgse Kermis15. • De belevingswereld Ingetogen Aqua is sterk ondervertegenwoordigd onder kermisbezoekers, ten opzichte van de gemiddelde Nederlandse bevolking. • Kermisbezoekers bevinden zich vooral in Gele kwadrant (harmonie), op grensvlak Rood (vitaliteit). Zij zoeken inspannende activiteiten, meer gericht op het gezelschap dan op de activiteit (zie 9 pagina 12). Hierna worden de Gele en Lime zeven belevingswereld kort omschreven.

Belevingswereld Nederlandse kermisbezoeker
Creatief en Inspirerend Rood Uitbundig Geel Gezellig Lime Rustig Groen Ingetogen Aqua Stijlvol en Luxe Blauw Ondernemend Paars 7% 25% 23% 12% 14% 10% 9% 100%

Bezoeker Tilburgse Kermis14
7% 18% 27% 17% 14% 9% 8% 100%

Gemiddelde Nederlander
6% 18% 24% 16% 17% 9% 9% 100%

Deze verdeling over de belevingswerelden is gebaseerd op een analyse door SmartAgent met als basis ruim 700 postcodes van bezoekers van de Tilburgse Kermis in 2012. Deze postcodes heeft Vrijetijdshuis Brabant verkregen bij de Gemeente Tilburg. 15 Een mogelijke verklaring is de oververtegenwoordiging van Brabantse bezoekers van de Tilburgse Kermis (74% is Brabander). Brabanders behoren namelijk bovengemiddeld vaak tot de belevingswereld Gezellig lime.
14

Totaal

Affiche FairFest.

104

105

UITBUNDIG GEEL

10.4 BEREIK NIEUWE DOELGROEPEN

16 - 17

Ibid.

Recreanten in de gele belevingswereld zijn echte levensgenieters die graag samen met anderen actief en sportief recreëren. Recreatie is voor deze groep genieten, uitgaan en lekker eten. Actief, sportief, gezellig en verrassend zijn de kernwoorden bij de vormen van recreatie die zij kiezen. Contact met anderen – familie, vrienden of kennissen – is belangrijk. Zij gaan ook regelmatig met een grotere groep dan alleen het eigen gezin op pad. Ze zijn energiek en enthousiast en letten er bij het uitkiezen van een activiteit op dat iedereen het ook naar de zin kan hebben. Recreatief winkelen behoort zeker ook tot hun favoriete bezigheden. En ze beschikken over iets meer budget dan gemiddeld.16
• Uitbundig Geel is de belangrijkste belevingswereld voor kermisbezoek. • De Gele recreant vindt een grote mate van inspanning belangrijker dan de Lime recreant. • De Gele recreant houdt meer van verrassing, avontuur en afwisseling dan de Lime recreant. • De communicatie richting deze belevingswereld: gezellig en enthousiasmerend, spontaan en informeel. Aanspreken met ‘jij’. Gezellig Lime

In het vorige hoofdstuk werd duidelijk dat kermisbezoekers zich vooral in de Gele en Lime belevingswereld bevinden. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de vraag: In hoeverre bestaan er kansen om door middel van cultuur nieuwe doelgroepen aan te trekken voor de Tilburgse Kermis? In paragraaf 4.1 worden de bevindingen per belevingswereld omschreven. Paragraaf 4.2 zoomt specifiek in op senioren.

10.4.1 KERMIS- EN CULTUURBEZOEK DOOR RECREANTEN UIT DE BELEVINGSWERELDEN UITBUNDIG GEEL
• Zie de omschrijving van de gele belevingswereld op pagina 12. • Deze recreanten bezoeken graag laagdrempelige culturele activiteiten, zoals een muziek- of cultureel evenement/ -festival, concert en musical. Toneel is voor deze doelgroep minder geschikt. • Slechts 22% van deze belevingswereld wil genieten van cultuur en historie. Vooral het inzetten op laagdrempelige, uitbundige culturele activiteiten sluit aan bij deze doelgroep.

GEZELLIG LIME

Gezellig Lime Recreanten zijn gewone, gezellige mensen die recreëren om zo even weg te zijn van de dagelijkse beslommeringen. Recreëren is “even lekker weg met elkaar”. Daarbij staat samen zijn, gezelligheid en (sportieve) ontspanning centraal. De Lime recreant stelt daarbij niet van die bijzondere eisen. Een braderie of rommelmarkt is heel gezellig, je komt er altijd wel iemand tegen! Lekker vrij zijn, rust en doen waar je op dat moment zin in hebt, dat telt voor de recreanten uit de Lime belevingswereld. Daarbij wordt wel een beetje op de kosten gelet, je kunt tenslotte je geld maar één keer uitgeven. 17
• De belevingswereld Gezellig Lime omvat bijna een kwart van de kermisbezoekers. Dit is ongeveer vergelijkbaar met de verdeling van alle Nederlandse dagrecreanten over de belevingswerelden. • De doelgroep wil gezelligheid, vermaak en met vrienden op pad, maar let meer op het budget dan de gele belevingswereld. • De communicatie richting deze belevingswereld: alledaags vriendelijk, familiair en informeel. Aanspreken met ‘jij’.

GEZELLIG LIME
• Zie de omschrijving van de Lime belevingswereld op pagina 13. • Deze recreanten zijn niet geïnteresseerd in culturele activiteiten. Alle soorten culturele activiteiten worden door de Lime doelgroep minder ondernomen dan door de gemiddelde Nederlander. • Hoewel een groot aandeel kermisbezoekers binnen dit segment valt, lijkt de Lime doelgroep niet de meest kansrijke groep om middels de verbinding met cultuur meer bezoekers naar de Tilburgse Kermis te trekken.

106

107

RUSTIG GROEN Recreanten uit de groene belevingswereld zijn kalm en serieus. Recreëren is voor hun niets anders dan uitrusten, ontspannen en tijd hebben voor je hobby’s. Even rust nemen in eigen omgeving en niets aan je hoofd hebben. In eigen omgeving is genoeg moois te zien en te ontdekken, je hoeft er niet ver voor te reizen. Lekker tijd hebben voor je hobby en omgaan met bekenden die dezelfde hobby hebben. Groene recreanten omschrijven zichzelf relatief vaker als gewoon, nuchter, bedachtzaam en kalm. Zij gaan graag hun eigen gang en vinden dat de maatschappij van vandaag toch wel erg hard aan het veranderen is. Hun gevoel is dat het “vroeger vaak beter was”. De dagrecreatieactiviteiten die zij kiezen, passen vaak goed bij deze beleving. Eén- en tweepersoonshuishoudens in de oudere leeftijdsklassen zijn in deze groep relatief oververtegenwoordigd. 18
• Onder deze recreanten is kermisbezoek minder populair dan onder de gemiddelde Nederlander. • Recreanten uit deze belevingswereld willen drukte, attracties en evenementen vermijden. Dit sluit niet goed aan bij de waarden van de Tilburgse Kermis. • Bezoekers uit de belevingswereld Rustig Groen zijn minder dan gemiddeld geïnteresseerd in populaire vormen van cultuur waaronder cabaret, muziekfestival, toneel en een concert. De overige culturele activiteiten onderneemt de groene recreant even frequent als de gemiddelde Nederlander. • Deze doelgroep lijkt niet geschikt om middels cultuur nieuwe bezoekers naar de Tilburgse Kermis te trekken, aangezien zowel kermisals cultuurbezoek deze doelgroep niet aanspreken. Daarnaast wil de doelgroep geen massale en grootschalige voorzieningen, maar een rustige, huiselijke sfeer. • De communicatie richting deze belevingswereld: begrijpelijke taal, gewoon Hollands, geen superlatieven of Engelse termen. Aanspreken met ‘u’.

18 - 20

• Onder deze recreanten is kermisbezoek minder populair dan onder de gemiddelde Nederlander. • Recreanten uit de Aqua belevingswereld willen drukte, attracties en evenementen vermijden. • Aqua recreanten willen zich graag verdiepen in kunst en cultuur. Toneel- en galerie-/ atelierbezoek zijn geliefde activiteiten. • Deze doelgroep lijkt niet geschikt om middels cultuur nieuwe bezoekers naar de Tilburgse Kermis te trekken, aangezien kermisbezoek deze doelgroep niet aanspreekt. Daarnaast wil de doelgroep niet te grootschalige voorzieningen en rust en ontspanning. • De communicatie richting deze belevingswereld: uitgebreide beschrijvingen, informatief, verdieping in informatie. Aanspreken met ‘u’.

Ibid.

STIJLVOL EN LUXE BLAUW Recreanten uit de blauwe belevingswereld zijn zelfverzekerd en vinden dat ze in hun vrije tijd wel wat luxe en stijlvol ontspannen verdienen. Ze zijn zakelijk en intelligent. Ze houden van stijl en klasse, zijn wat meer gericht op de exclusievere vormen van recreatie. Recreëren betekent voor hen zich even ontspannen en afstand nemen van de dynamiek van alledag. Dit doen zij door actief te sporten maar= ook door aandacht te besteden aan het ‘social network’. In hun vrije tijd zoeken zij graag “ons soort mensen”. Meer exclusieve vrijetijdsbestedingen als wellness en ook bijeenkomsten met VIP arrangementen, zijn populair bij deze belevingswereld. 20
• Blauwe recreanten gaan er wel graag op uit om attracties en evenementen te bezoeken, maar vooral in een luxe omgeving. • Ze gaan even vaak als de gemiddelde Nederlander naar de kermis. • Recreanten uit deze belevingswereld willen zich niet verdiepen in andere culturen

INGETOGEN AQUA

Recreanten uit de Aqua belevingswereld zijn bedachtzaam en geïnteresseerd in cultuur en wat zij kunnen betekenen voor de maatschappij. Ze beschrijven zichzelf als ruimdenkend, rustig, geïnteresseerd in anderen en serieus. In deze groep vinden= we relatief vaker empty nesters, die weer tijd hebben voor hun eigen interesses. Inspirerende maar ook vaak rustige activiteiten horen daar bij. Zij verdiepen zich graag in kunst en cultuur, willen nog volop meedoen met de maatschappij van vandaag en alle veranderingen die zij daarin zien. Deze recreanten houden ook wel van sportieve activiteiten. Wandelen, fietsen, nordic walking: dat houdt je fit! 19

108

109

of in cultuur en historie in het algemeen. • De Blauwe recreanten hebben geen sterke voorkeur voor bepaalde culturele uitstapjes. Zij komen in cultuurbezoek overeen met de gemiddelde Nederlander. • Deze doelgroep lijkt niet geschikt om middels cultuur nieuwe bezoekers naar de Tilburgse Kermis te trekken, aangezien zowel kermis- als cultuurbezoek deze doelgroep niet bijzonder aanspreken. Bovendien is de doelgroep op zoek naar exclusievere vormen van recreatie. • De communicatie richting deze belevingswereld: gericht op interesses, stijlvol en formeel taalgebruik. Aanspreken met ‘u’.

lijk, intelligent, zelfbewust, artistiek en ruimdenkend passen goed bij deze recreanten. Het onbekende is juist spannend en prikkelend. Recreatie betekent naast sportiviteit en ontspanning ook het zoeken naar vernieuwende stromingen, moderne kunst en andere culturen. 22
• Deze belevingswereld gaat vaker dan de gemiddelde Nederlander naar een kermis. • Deze recreanten houden van attracties, evenementen en drukte. Verrassing, inspiratie, avontuur en afwisseling zijn voor deze doelgroep erg belangrijk. Dit sluit goed aan bij de eigenschappen van de Tilburgse kermis. • Onder de inwoners van de gemeente Tilburg is deze belevingswereld oververtegenwoordigd. • Bezoekers uit deze belevingswereld bezoeken meer dan gemiddeld een galerie/ atelier, cultureel evenement, muziekevenement of -festival en een concert. • Deze doelgroep lijkt het meest geschikt om middels culturele elementen nieuwe bezoekers naar de Tilburgse Kermis te trekken, aangezien deze zowel geïnteresseerd is in cultuur- als kermisbezoek. • De communicatie richting deze belevingswereld: inspirerend en creatief taalgebruik, nadruk op prikkelende en aparte ervaringen. Aanspreken met ‘jij’.

21 - 22

Ibid.

ONDERNEMEND PAARS

Recreanten uit de Paarse belevingswereld laten zich graag verrassen en inspireren, met name door cultuur. Nieuwe dingen zien, ontdekken en beleven. Het gewone is vaak niet goed genoeg voor de Ondernemend Paars ingestelde recreant. Zij zijn op zoek naar een bijzondere ervaring. Met name cultuur, maar ook activiteit en sportiviteit staan daarbij vaak centraal. Toch zien we na een drukke (werk)periode dat deze recreanten ook erg kunnen genieten van een sauna of wellness arrangement. Het zijn relatief veel jonge één- of tweepersoonshuishoudens. 21
• Bij de Paarse recreant is kermisbezoek even populair dan onder de gemiddelde Nederlander. • De doelgroep houdt van een ander type vrijetijdsactiviteiten dan de kermisbezoeker. • Paarse recreanten houden erg van cultuurbezoek in bijna alle vormen. Alleen musical- en toneelbezoek zijn bij de gemiddelde Nederlander even populair. • Recreanten uit deze doelgroep willen graag genieten van cultuur en historie. Ze zijn meer dan gemiddeld geïnteresseerd in cabaret en een cultureel evenement of -festival. • Deze doelgroep lijkt minder geschikt om middels cultuur nieuwe bezoekers naar de Tilburgse Kermis te trekken, aangezien kermisbezoek deze doelgroep niet aanspreekt. Daarnaast heeft deze doelgroep een voorkeur voor kleinschalige voorzieningen. • De communicatie richting deze belevingswereld: eigentijds vlot en trendy, nadruk op de bijzondere ervaring, maak gebruik van social media. Aanspreken met ‘jij’.

CREATIEF EN INSPIREREND ROOD

Recreanten uit de rode belevingswereld zijn in het algemeen erg creatief, op zoek naar uitdagingen en inspirerende ervaringen. Ze gaan graag buiten de gebaande paden. Karakterkenmerken als onafhanke-

Senioren zijn een steeds belangrijkere doelgroep
111

110

10.4.2 KERMISBEZOEK DOOR SENIOREN

In deze paragraaf wordt nagegaan welke inzichten de RIC-belevingswerelden geven in het bereiken van 55-plussers door de verbinding van cultuur met de Tilburgse Kermis. Door de vergrijzing neemt het aantal senioren de komende jaren explosief toe23. Senioren zijn ook een steeds belangrijkere doelgroep voor de vrijetijdssector. De gemeente Tilburg houdt graag rekening met deze doelgroep. Zo stelt de kermiswethouder Joost Möller van de gemeente Tilburg tijdens het FairFest symposium eind 2012: “Ik wil dat over twintig jaar de kermis toegankelijker is voor meer mensen. De oudere mensen voelen zich tot nu toe nog niet echt welkom op de kermis.”24 Historicus en archivaris Van der Maden stelde: “Je krijgt geen ouderen op een plek met zoveel mensen.”25 In de volgende tabel wordt het aandeel 55-plussers per belevingswereld weergegeven26.

Leesvoorbeeld: 10% van de Rode belevingswereld is 55 t/m 64 jaar. Dit betekent dat deze leeftijdscategorie binnen de rode belevingswereld ondervertegenwoordigd is; onder de totale Nederlandse bevolking valt 16% binnen deze leeftijdscategorie. De Aqua en Groene belevingswereld zijn vanuit deze benadering gezien de meest interessante doelgroep om meer 55-plussers te bereiken, aangezien de hogere leeftijdscategorieën binnen deze belevingswerelden oververtegenwoordigd zijn. Groene en Aqua recreanten zijn echter minder frequente kermisbezoekers. Deze doelgroepen zijn veelal op zoek naar privacy en willen graag drukte vermijden. Het lijkt daarom minder logisch om deze doelgroep door de combinatie kermis en cultuur aan te spreken. Het verdient de aanbeveling om niet zozeer uit te gaan van 55-plussers als gewenste doelgroep. De kans op een succesvolle verbinding tussen kermis en cultuur is groter, wanneer gekeken wordt hoe kan worden aangesloten op de wensen en behoeften van 55-plussers uit de meest kansrijke belevingswerelden (Geel en Rood). Een voorbeeld hiervan is om het FairFest initiatief aan de Uitbundig Gele 55-plusser aan te bieden als driegeneratie uitstapje of groepsactiviteit voor senioren.

55 t/m 64 jaar
Creatief en Inspirerend Rood Uitbundig Geel Gezellig Lime Rustig Groen Ingetogen Aqua Stijlvol en Luxe Blauw Ondernemend Paars

65 t/m 75 jaar

75 jaar en ouder

CBS (2012). Prognose bevolking (statline). Den Haag: CBS. 24 Ambassade voor Creatieve Zaken (2012). Notulen Symposium Tilburgse Kermis 11-12-2012, p. 1. 25 Ambassade voor Creatieve Zaken (2012). Notulen Symposium Tilburgse Kermis 11-12-2012, p. 3. 26 De vetgedrukte cijfers zijn positief significant afwijkend ten opzichte van het gemiddelde onder de Nederlandse bevolking. De cursief gedrukte cijfers zijn negatief significant afwijkend ten opzichte van het gemiddelde onder de Nederlandse bevolking.
23

10% 12% 18% 20% 20% 13% 12% 16%

5% 8% 11% 11% 16% 8% 6% 10%

4% 3% 10% 10% 12% 6% 5% 8%

10.4.3 KERMISBEZOEK DOOR BUITENLANDERS
Uit onderzoek is gebleken dat 3% van de bezoekers uit het buitenland afkomstig is. Dit zijn volgens de gemeente Tilburg voornamelijk Belgen. Om als Tilburgse Kermis in de toekomst meer buitenlandse bezoekers naar het evenement te trekken is het aan te raden om nader onderzoek te verrichten naar het recreatiegedrag van de Belgen. Wat doen zij in hun vrije tijd? Hoe is deze doelgroep het beste te bereiken?

Totaal

112

113

10.5 CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
In dit hoofdstuk wordt antwoord gegeven op de onderzoeksvragen 1 t/m 4.

10.5.1 ONDERZOEKSVRAAG 1 In hoeverre is de verbinding tussen kermissen, cultuur en Europa in het verleden al gelegd (tijdens eerdere edities van de Tilburgse Kermis en bij andere Europese kermissen)?

Tijdens verschillende edities van de Tilburgse Kermis is de verbinding gelegd tussen de kermis en cultuur. In hoeverre deze initiatieven daadwerkelijk succesvol waren is lastig te bepalen, vanwege het ontbreken van i) duidelijke vooraf geformuleerde doelstellingen en indicatoren voor het bepalen van het succes ii) evaluatie van de initiatieven.
FairFest presentatie Vrijetijdshuis Brabant. Foto: Joline Vriens

In vergelijking met de Tilburgse Kermis, zijn andere grootschalige kermissen in Europa veelal gestoeld op tradities en sterk lokaal verankerd. Tijdens deze kermissen wordt vaak gebruik gemaakt van een icoon, vertegenwoordiger of symbool, vinden optochten en parades plaats, is veel ruimte voor lokaal eten, drinken en klederdracht en vinden live performances met muziek plaats. Lokale ondernemers zijn sterk vertegenwoordigd op enkele kermissen. Tijdens de Tilburgse Kermis zijn zowel de link met tradities en de lokale verankering minder aanwezig. Zowel tijdens de Tilburgse Kermis als tijdens andere Europese kermissen lijkt de link met Europa beperkt, behalve incidentele afstemming tussen exploitanten in Duitsland in verband met data en verpachtingen en het aanbieden van eten en drinken. Daarnaast heeft de Cranger Kirmes een Europaïsches Dorf waar een link wordt gelegd met Europa.

114

115

AANBEVELINGEN
• Bepaal wanneer de verbinding van de Tilburgse kermis aan culturele initiatieven een succes is. Mogelijke indicatoren: publieksbereik, publieksbeleving, betrokkenheid inwoners/onderwijs/ondernemers en vergroting economische impact. • Evalueer nieuwe initiatieven die tijdens de Tilburgse Kermis worden geïmplementeerd. • Zet in op een sterkere lokale verankering van de Tilburgse Kermis. Door de link te leggen met lokale tradities, muziek en performance, eet- en drinkcultuur, ondernemers en onderwijs, kan het Tilburgse kermisconcept verder worden versterkt. • Voor de link tussen de Tilburgse Kermis en Europa moeten de volgende stappen worden ondernomen: 1. Bepaal welke linken er te maken zijn tussen kermissen in Europa Bijvoorbeeld kennisuitwisseling, inspireren, intensieve samenwerking. 2. Concretiseer Europa: met welke Europese kermissen wil de Tilburgse Kermis een link leggen en waarom juist met deze? 3. Leg contact en ga na in hoeverre er sprake is van een manifeste vraag: Is er bij de Europese kermissen behoefte aan samenwerking en zo ja, op welke manier? 4. Denk na over de latente vraag naar samenwerking: kan de behoefte aan samenwerking worden aangewakkerd? Denk hierbij na over het mogelijke doel van samenwerking (bijvoorbeeld innovatie, kennisuitwisseling, publieksuitwisseling) en thema’s (bijvoorbeeld vergrijzing, beleving en nieuwe media).

AANBEVELINGEN
• Uitbreiding van de bestaande Lime doelgroep middels cultuur lijkt minder kansrijk, omdat de Lime recreant niet geïnteresseerd is in cultuur. Ga voor uitbreiding van de bestaande doelgroep dan ook uit van de Gele belevingswereld. De verbinding tussen kermis en cultuur kan het beste worden gelegd door het aanbieden van populaire culturele activiteiten, zoals een muziekevenement of -festival, bioscoop, filmhuis of musical. Deze cultuurvormen sluiten het beste aan bij de belevingswereld van de Gele kermisbezoeker. • Ga bij de uitvoering en communicatie van de FairFest initiatieven voor het uitbreiden van de bestaande doelgroep uit van de waarden, wensen en tone of voice van de Uitbundig Gele belevingswereld.

10.5.3 ONDERZOEKSVRAAG 3

In hoeverre bestaan er kansen om door middel van cultuur nieuwe doelgroepen aan te trekken voor de Tilburgse Kermis?
De belevingswereld Creatief en Inspirerend Rood is de interessantste nieuwe doelgroep voor de Tilburgse Kermis, aangezien deze zowel geïnteresseerd is in cultuur- als kermisbezoek. De Rode recreanten houden van attracties, evenementen en drukte. Verrassing, inspiratie, avontuur en afwisseling zijn voor deze doelgroep erg belangrijk. Dit sluit goed aan bij de eigenschappen van de Tilburgse kermis. Vanwege de vergrijzing is de doelgroep 55-plus een potentiële nieuwe doelgroep. Senioren zijn oververtegenwoordigd in de belevingswereld Ingetogen Aqua, een doelgroep die vooral op zoek is naar rust en privacy. De Aqua belevingswereld houdt van ‘hogere’ cultuurvormen, maar is ondervertegenwoordigd onder kermisbezoekers. Zij willen drukte attracties en evenementen vermijden. Deze doelgroep lijkt dan ook niet kansrijk om via cultuur naar de Tilburgse Kermis te trekken.

10.5.2 ONDERZOEKSVRAAG 2 Wat is er al bekend over het profiel van kermisbezoekers (leefstijl, vrijetijdsgedrag en specifiek hun interesse in kunst en cultuur)?
De Tilburgse kermis trekt relatief veel personen uit de leeftijdscategorie t/m 35 jaar en relatief weinig 55-plussers. De bezoekers komen vooral uit de regio Tilburg en uit de provincie Noord-Brabant. De gemiddelde kermisbezoeker onderneemt relatief weinig culturele activiteiten, vergeleken met de gemiddelde Nederlander. De meest ondernomen activiteit is het bezoek aan een muziekevenement/-festival. Veel kermisbezoekers bevinden zich in de belevingswereld Uitbundig Geel of Gezellig Lime. Recreanten uit de Gele belevingswereld zijn levensgenieters die graag samen met anderen actief en sportief recreëren. Deze groep is minder dan de gemiddelde Nederlander geïnteresseerd in cultuur en historie. Wel bezoekt deze doelgroep populaire cultuurvormen, zoals bioscoop, filmhuis of musical. Recreanten uit de Lime belevingswereld zijn gewone, gezellige mensen die vooral even weg willen zijn van de dagelijkse beslommeringen. Zij ondernemen weinig culturele activiteiten.

AANBEVELINGEN
• Gerichtheid via de traditionele segmentatie zoals leeftijd lijkt niet het juiste uitgangspunt. Beter is uitgaan van de vraag: “Hoe kunnen we 55-plussers uit de Uitbundig gele belevingswereld bereiken?”. Een voorbeeld hiervan is een initiatief te ontwikkelen dat aantrekkelijk is voor de driegeneratie doelgroep (opa/oma, kinderen en kleinkinderen). • De Rode doelgroep biedt kansen voor de verbinding cultuur en Tilburgse Kermis. Ga bij de uitvoering en communicatie van de FairFest initiatieven voor het bereiken van nieuwe doelgroepen uit van de waarden, wensen en tone of voice van de Creatief en Inspirerend Rode belevingswereld.

116

117

10.5.4 OVERALL CONCLUSIES EEN AANBEVELINGEN

Voorgaande conclusies en aanbevelingen leiden tot drie mogelijke strategische opties, die in onderstaand model zijn weergegeven.
ivto.org Wensen potentiële (rode) kermisbezoeker: eigenheid, aparte ervaring, cultureel programma

nieuw

MARKT ONTWIKKELING

DIVERSIFICATIE

MARKT

Wensen huidige (gele) doelgroep: laagdrempelige populaire cultuur

bestaand

MARKT PENETRATIE

PRODUCT ONTWIKKELING
Succesvolle andere Europese kermissen: culturele elementen door link lokale tradities

bestaand

nieuw

PRODUCT
• Het verdient aanbeveling om een bewuste keuze te maken voor één of meerdere groeistrategieën. • Bij het uitwerken van deze strategie middels één of meerdere initiatieven is het belangrijk de Tilburgse bevolking, bestuurders, onderwijs en kermisexploitanten te betrekken. • Er zijn wel kansen om nieuwe doelgroepen aan te spreken, maar te sterke focus op andere dan bestaande doelgroepen / activiteiten kan ervoor zorgen dat het concept verzwakt en minder toegankelijk wordt voor oorspronkelijke doelgroep.

118

119

FairFest. Foto: Jimke Joling

BIJLAGE 1: OMSCHRIJVING KERMISSEN IN EUROPA SOEST ALLERHEILIGENKERMIS

FAIRFEST, VERNIEUWING VAN DE TILBURGSE KERMIS / BIJLAGEN
120 121

De Soester Allerheiligenkermis vindt plaats vanaf de eerste woensdag na Allerheiligen en duurt vijf dagen. De totale kermisoppervlakte is 50.000m2 met daarop 400 attracties. De Allerheiligenkermis trekt jaarlijks 1 miljoen bezoekers. De opening wordt verricht door de burgemeester en de voorzitter van de Duitse toneelvereniging waarbij een voorstelling wordt gegeven die gaat over de symboolfiguur van de kermis ‘Jägerken von Soest’. Ieder jaar wordt een nieuwe ‘Jager’ gekozen door de Westfalenpost die gedurende het jaar in jagerkostuum de stad vertegenwoordigt tijdens officiële gelegenheden. Deze figuur komt uit een roman van Hans Jakob Christoph von Grimmelshausen. De hele week is er een foto tentoonstelling over de Allerheiligenkermis en op zondag zijn er vertellingen en een thematische weergave van de geschiedenis van de Allerheiligenkermis. Op donderdagmorgen vindt de paardenmarkt plaats met allerlei kraampjes waar landbouwartikelen worden aangeboden. Er wordt ook een rondleiding gegeven over het kermisterrein waar de deelnemer een kijkje kan nemen achter de schermen van de attracties en er is een seniorenmiddag op de vrijdag van de kermis met op vrijdagavond een groots vuurwerk. De kermisdrank van de Allerheiligenkermis in Soest is Bullenauge, een mokkalikeur met slagroom.

DÜSSELDORF: GRÖSSTE KIRMES AM RHEIN

FERIA DE SEVILLA

De Größste Kirmes am Rhein of Rheinkirmes in Düsseldorf vindt jaarlijks plaats in de derde week van juli en duurt 10 dagen. De kermis trekt rond de 4 miljoen bezoekers waarmee het na de Oktoberfest en de Cranger Kermis de derde kermis van Duitsland is.

Het jaarlijkse Feria de Abril of Feria de Sevilla is een groot festival waarmee het begin van de lente wordt gevierd. Er komen jaarlijks 1 miljoen mensen op af tijdens de 6 dagen van het festival. Het festival gaat van start met een grote parade van rijtuigen die op weg gaan naar de arena waar stierenvechters bijeen komen. Tijdens het festival gaat het vooral om eten, drinken en dansen met de hele familie waarbij het festivalterrein wordt opgebouwd als een soort dorp met verschillende tenten (‘casetas’) en straten die de naam dragen van een beroemde stierenvechter. De vrouwen dragen traditionele flamencojurken en de mannen dragen ook traditionele kledij.

SCHUEBERFOUER LUXEMBURG

De Schueberfouer in Luxemburg Stad duurt twintig dagen en start rond St. Bartolomeusdag op 24 augustus en eindigt rond 12 september. Er zijn 200 attracties en er komen jaarlijks 2 miljoen mensen op af. De Schueberfouer begon al in 1340 en nog steeds wordt het festival gelinkt aan de heilige Bartolomeus. Het begon als een veemarkt en pas in de 20e eeuw werd het meer en meer een kermis met attracties. Er worden lokale traditionele gerechten geserveerd zoals de Gromperkichelcher en Gebakene Fësch en op het terrein is ook een bioscoop tent met nostalgische films over onder andere kermisattracties uit het begin van de 20e eeuw. Tijdens het festival worden bezoekers via Fouer Science op de hoogte gebracht van allerlei feitjes over de Schueberfouer en weetjes over achtbanen en kermissen. Daarnaast is er een braderie met 400 standjes. Als bezoekers een speciale Schueberfouer eend als souvenir kopen steunen ze daarmee de strijd van kinderen tegen kanker.

Er staan 350 attracties, 12.000 biertentjes, cafés en kroegen in Oostenrijkse sfeer en 8.000 tuinen en paviljoens waaronder het 3.000m2 grote Franse dorp. De kermis wordt gevierd vanwege twee historische gebeurtenissen, namelijk het feest van de beschermheilige van Düsseldorf en de kerkwijding van de katholieke Basiliek van St. Lambertus. Hieruit volgt ook de traditie van het Vogelschießen (vogelschieten). De kermis wordt georganiseerd door de bijna 700 jaar oude St. Sebastianus Schuttersvereniging. Zij schieten ieder jaar tijdens de kermis op een kunstvogel die aan een hoog opgestelde schietschijf is bevestigd. De schutter die de vogel het eerst eraf schiet mag zich een jaar lang de schutterskoning noemen. Tijdens de kermis vindt de jaarlijkse historische optocht plaats met meer dan 3.000 geüniformeerde schutters, muziekkapellen, paarden en koetsen.

122

123

OKTOBERFEST
De wereldberoemde Oktoberfest vinden jaarlijks plaats op de Theresienwiese in München van de eerste zaterdag na 15 september tot eerste zondag in oktober (16 tot 18 dagen). Oktoberfest is de grootste kermis ter wereld met 6.4 miljoen bezoekers in 2012.

CRANGER KIRMES

De Cranger Kermis is met 4.5 miljoen bezoekers de tweede kermis van Duitsland en de grootste van Nordrhein-Westfalen. De kermis duurt van 2 tot 11 augustus en gedurende deze dagen staan er 450 attracties op het 111.000m2 grote terrein.

Traditie staat hoog in het vaandel getuige de volgende initiatieven: • • • • • Frau Bavaria: groot bronzen beeld van de godin van Beieren De Oberbürgemeister slaat het eerste vat bier aan, waarna het feest begint Traditionele klederdracht (lederhose, dirndl) Muziek komt enkel van live spelende blaaskapellen Het is wettelijk vastgelegd dat alleen in München gebrouwen bier mag worden geschonken • Bier wordt alleen per liter geserveerd • Op de eerste zondag wonen de burgemeester en wethouders de mis bij, waarna de zondagse Parade plaatsvindt: karren met paarden, blaaskapellen en loopgroepen in traditionele kostuums Op het terrein staan 14 grote tenten, waarvan de grootste plaats biedt aan 10.000 personen. Daaromheen bevinden zich de Biergarten (biertuinen). Twee tenten zijn wijntenten. Afgelopen jaar werd er maar liefst 6.9 miljoen liter bier geconsumeerd. Op het terrein bevindt zich de Oktoberfest School waar jonge bezoekers aan de Oktoberfest kunnen deelnemen in een wetenschapsquiz waarin ze meer te weten komen over de geschiedenis van de Oktoberfest. Op het Familie Plein komt men verder een mooi en exotisch instrument tegen uit de jaren ’50: een DECAP orgel met een repertoire van 500 liedjes. 124 125

Naast de attracties zijn er ook 85 braderie achtige stands die bemand worden door lokale ondernemers. De Cranger Kermis gaat van start met een Paardenmarkt wat ook de oorspronkelijke functie was. De Kermis vindt van oudsher plaats rond de dag van Laurentius op 10 augustus. Tijdens de kermis wordt ieder jaar de Revierkönig 2012 bekend gemaakt, een talentenjacht waarbij de winnaar zich de koning op muziekgebied van het Ruhrgebied mag noemen. Dit kan op het gebied van Muziek, Dans of Comedy en de deelnemers mogen hun kunsten vertonen in de Beierse biertent.

BIJLAGE 2: INFORMATIE OVER RIC EN CVTO RECRON INNOVATIECAMPAGNE: ONDERZOEK DAGRECREATIE

BIJLAGE 3: FACTSHEET BELEVINGSWERELD TILBURGSE KERMISBEZOEKERS

In deze analyse is onder meer gebruik gemaakt van de regionale leefstijlatlas dagrecreatie Regio Zuidoost-Brabant, die SmartAgent Company samenstelde in opdracht van Vrijetijdshuis Brabant. De gegevens uit dat rapport zijn gebaseerd op de resultaten uit het Gastvrij Nederland doelgroepenonderzoek Dagrecreatie en de SmartGIS geografische database van SmartAgent. Uitgangspunt van het Gastvrij Nederland doelgroepenonderzoek is het Brand Strategy Research model (ook wel BSR-model). De sociologische dimensie (horizontale as) geeft aan in welke mate men op zichzelf (individu of ego) of op zijn/haar omgeving (groep) is gericht. Mensen aan de egokant zijn meer individualistisch: de eigen doelen en ambities worden als het belangrijkste gezien, en zijn de leidraad voor hun gedrag. Ze hebben behoefte aan waardering, erkenning of goedkeuring door anderen. Mensen aan de groep kant passen zich makkelijker aan en richten zich op de sociale omgeving. Erbij horen geeft voldoening. Met de psychologische dimensie (de verticale as) wordt onderscheid gemaakt tussen een meer extraverte of open houding naar de samenleving en een meer introverte of afsluitende houding. Kijk op www.recroninnovatiecampagne.nl en www.smartagent.nl voor meer informatie.

CONTINUVRIJETIJDSONDERZOEK (CVTO)

Het ContinuVrijeTijdsOnderzoek (CVTO) is een grootschalig onderzoek naar het vrijetijdsgedrag van Nederlanders. Gedurende een jaar worden 350 Nederlanders per week geënquêteerd over de kenmerken van hun vrijetijdsactiviteiten (weekmeting), aan het einde van dit jaar worden 5.000 Nederlanders nog eens gevraagd welke vrijetijdsactiviteiten zij hoe vaak per jaar ondernemen (jaarmeting). Het panel is representatief voor de Nederlandse bevolking. Het CVTO wordt tweejaarlijks uitgevoerd. De meest recente meting is van 2010 en heeft gelopen van mei 2010 tot en met mei 2011. Vrije tijd wordt in het CVTO gedefinieerd als: alle (dag)recreatieve activiteiten die worden ondernomen buiten de eigen woning en waarbij men minimaal één uur (inclusief reistijd) van huis is. De volgende activiteiten vallen niet onder de definitie: • Activiteiten die gepaard gaan met een overnachting • Activiteiten ondernomen tijdens een vakantie • Bezoek aan familie, vrienden en kennissen Kijk voor meer informatie op www.nbtcniporesearch.nl.

126

127

GEURT GROSFELD
In 1990 richtte hij cultureel adviesbureau Sonax op. Grosfeld is gespecialiseerd in culturele veranderingsprocessen. Hij adviseert overheden en particuliere instellingen bij vraagstukken rond samenleving, cultuur, erfgoed en kunst. De laatste jaren hebben stedelijke en regionale ontwikkeling zijn bijzondere belangstelling. Geurt stond aan de wieg van De Ambassade voor Creatieve Zaken, een onafhankelijk platform dat creativiteit en cross-over verbanden ziet als motor voor maatschappelijke groei. De Ambassade, regisseur van o.m. FairFest, verbindt nieuwe initiatieven met internationale instituties en stakeholders. www.deambassade.net

AUTEURS

PETER HORSTEN, GER PEPELS, SIMON DE WIJS EN KRISTEL ZEGERS
Peter, Ger, Simon en Kristel zijn allen werkzaam als docent en onderzoeker bij NHTV internationaal hoger onderwijs te Breda. Ze zijn betrokken bij de ontwikkeling van de innovatieve leeromgevingen COLIN (Creative Organisations Linked In Networks) en Performatory (entrepreneurial driver in social innovation), waar studenten, docenten, ondernemers en overheden nauw samenwerken aan projecten die maatschappelijke meerwaarde leveren. Hun onderzoekslijn kent de naam UNCOVER, waaronder zij verslag doen van hun ervaringen en van de zoektocht naar werkende principes in cultuur, creatieve economie en social innovation. Eerder publiceerden ze over creatieve hotspots, culturele netwerken, creatief toerisme, social design, culturele hoofdstad van Europa en social innovation. www.nhtv.nl | www.academyforleisure.nl | www.performatory.nl | www.colin.nl

MERLE RODENBURG
Werkt als programmamaker bij CAST, het Centrum voor Architectuur en Stedebouw Tilburg e.o.. Merle studeerde architectuur aan de Technische Universiteit Eindhoven. In haar afstudeeronderzoek richtte zij zich zowel op de Tilburgse Spoorzone als op de effecten van tijdelijk ruimtegebruik in de tussentijd. Als programmamaker van het Tilburgse architectuurcentrum schenkt ze aandacht aan lokale vraagstukken die leven in de stad Tilburg en de regio Midden-Brabant en verbindt deze met (inter)nationale thema’s binnen architectuur, stedenbouw, kunst, cultuur en creatieve industrie. www.castonline.nl

ATTY BAX
Adviseur en curator bij bkkc (Brabants Kenniscentrum Kunst en Cultuur). Van 2002 tot 2009 projectleider en onafhankelijk adviseur voor de gemeente Tilburg inzake KORT (kunst in de openbare ruimte Tilburg) met als kroon op het werk de realisatie van het Draaiend huis van John Körmeling. Werkt daarnaast sinds 1988 gestaag aan haar eigen oeuvre: www.attybax.com www.bkkc.nl

128

129

KOKKIE KROON
Op een bijzondere manier is Kokkie Kroon betrokken geraakt bij het FairFest project. Zij is van beroep kermisexploitant en staat al een aantal jaren met haar kermis attractie, de muizenstad, op de Tilburgse nostalgie kermis. Toen zij gevraagd werd door bkkc en De Ambassade om iets met kunst en kermis te doen samen met John Körmeling was er geen enkele twijfel en was er een volmondig ja. Om kunst en kermis dichter bij elkaar te brengen, of eigenlijk met elkaar te verbinden, hebben Kokkie en John samen de muizenstad omgetoverd tot Tilburg Muizenstad. Om de cultuur van de kermis van binnen uit te vertellen heeft Kokkie ook nog een lezing gegeven voor belangstellende. Kokkie staat voor ontmoeten en verbinden, van haar kermisbestaan met die van anderen. www.reuzenrad.nl

EMY THORISSEN
Van huis uit is Emy Thorisen (1972) kunsthistorica. Van 1997 werkzaam als assistentconservator in Universiteitsbibliotheek Nijmegen. Vanaf eind 1999 werkt ze in de bibliotheek Universiteit van Tilburg, eerst als informatiespecialist Rechtsgeleerdheid en vanaf 2003 als conservator van de Brabant-Collectie. Tevens is ze samensteller, organisator van exposities & evenementen en beeldresearcher voor diverse boekuitgaven op het gebied van (Brabantse) cultuur , erfgoed, fotografie en natuur. Nevenactiviteiten: redactielid van tijdschriften In Brabant (2008) en Brabants Landschap (juni 2013) en bestuurslid Brabants Landschap. www.tilburguniversity.edu/nl/brabantcollectie/

LAURAN WIJFFELS
Tilburger Lauran Wijffels (57) schreef vanaf 1979 honderden kermisverhalen en -verslagen, interviews, columns en cursiefjes voor het Brabants en Eindhovens Dagblad. Onder zijn redactie verschenen tussen 1980 en 1995 voor het Nieuwsblad (van het Zuiden) de Tilburgse kermiskranten en werd de traditionele rubriek ‘Carrousel’ door hem voortgezet. De Tilburger bracht in 1986 het boek ‘Veel vermaak en weinig wol; de geschiedenis van de Tilburgse kermis’ uit, in 1993 ‘Hoog-gaat-ie; fotoboek over de Tilburgse kermis’, in 2002 ‘Draaiboek van een kermisgek; de Tilburgse kermis in de jaren zestig’ en in 2004 ‘De kermis achterna; terugblik op een kwarteeuw attractieredactie’. In 2007 bracht hij samen met persfotograaf Jeroen van Eijndhoven het fotoboek ‘Tilburgse Kermis 1950-2000; een halve eeuw vermaak in beeld’ uit. Lauran Wijffels was bedenker van de nostalgische kermis in Tilburg (1990); behield met theatergroep ‘De Stijle, Want...’ variététheater Studio 7 twee jaar langer voor Tilburgse kermis (1991-1992); was zeven jaar lid van de gemeentelijke kermisjury Tilburg (2001-2007); bedenker van het kermis-informatiechalet in Tilburg (2008); winnaar van de eerste quiz van Kermisacademie Tilburg (2008); kreeg lemma als kermisauteur in eerste ‘Encyclopedie van Tilburg’ (2009); en ontving van de Stichting Kermis-Cultuur de Piet Maes Prijs in 2009. www.bd.nl

ALEX BOONMANN
Zelfstandig ondernemer sinds 2007. In het verleden verbonden, als medeoprichter, aan Studio Tilburg, maar ook zijnde de voormalig exploitant van Café Philip. Nu op het Piusplein ondernemer van Café Bolle en Café Brandpunt alsmede Slagroom Eten & Drinken. Tevens actief op het gebied van evenementen variërend van de organisatie van het Oktoberfest Tilburg tot de barexploitatie van festival Mundial. Daarnaast bestuurlijk actief in o.a. het Hcg, Koninklijke Horeca Nederland en Binnenstadsmanagement Tilburg. Zowel als ondernemer als bestuurder altijd op zoek naar verbindingen. www.khn.nl

ANKIE JOOS
Na de opleidingen Vrijetijdsmanagement (NHTV) en Leisure Studies (Tilburg University) werkt Joos sinds 2009 bij Vrijetijdshuis Brabant. Deze organisatie richt zich – in opdracht van de provincie Noord-Brabant - op de marketing en promotie van de Brabantse vrijetijdssector met als doel om het economisch rendement te verhogen. Joos’ werkzaamheden bij Vrijetijdshuis Brabant zijn onderzoeksgerelateerd. Zo is ze betrokken bij de opzet van een onderzoeksinstrumentarium voor het provinciaal beleid vrijetijdseconomie en verzorgt zij onder meer publicaties en presentaties voor ondernemers, overheden en organisaties uit de Brabantse vrijetijdssector. www.vrijetijdshuis.nl

RONALD PEETERS
Ronald Peeters (1953) is hoofd Stadsmuseum Tilburg. Hij was samensteller of werkte mee aan een zestigtal boeken over de geschiedenis van Tilburg. Als urban curator coördineert hij of is partner van vele erfgoedprojecten in Tilburg. Stadsmuseum Tilburg werkt de komende jaren aan Het Verhaal van Tilburg: manifestaties en tentoonstellingen op wisselende plekken, o.a. in 2014 in de Spoorzone. www.stadsmuseumtilburg.nl

JOLINE VRIENS
Na de opleiding Management Toerisme (specialisatie Imagineering) op de NHTV is zij sinds 2009 werkzaam bij Vrijetijdshuis Brabant als projectmanager. Naast projecten binnen het domein van de vrijetijdssector is Vriens ook betrokken bij de verzameling en ontsluiting van kennis op het gebied van vrije tijd. Het gaat hierbij met name om het adviseren van overheden, ondernemers en onderwijs op het gebied van trends en ontwikkelingen binnen de Brabantse vrijetijdseconomie. www.vrijetijdshuis.nl

130

131

1. KERMIS 365
- - - - http://www.fairfest.nl http://www.2018eindhoven.eu/cultuur/fairfest http://www.slideshare.net/2018EindhovenBrabant/fairfest http://www.omroepbrabant.nl/?news/1909671273/Fairfest+Tilburg se+theatermakers+verzinnen+nieuwe+acts+voor+de+kermis+.aspx http://www.vrijetijdshuis.nl/fairfest-de-verbinding-tussen-de-tilburgse-kermis-cultuur-en-europa/ http://www.vrijetijdshuis.nl/verslag-bijeenkomst-fairfest-de-verbinding-tussen-de-tilburgse-kermis-cultuur-en-europa/ http://www.geheugenvantilburg.nl/verhalen?user_id=1717 http://www.castonline.nl/agenda/2/1226/tilburg-is-kermis. htm?ref=agenda http://www.flickr.com/photos/castonline/ sets/72157634427982372/ http://www.vvvtilburg.nl/1/1412/nieuws/detail/wordt-wereldberoemd-met-kermis-kleurplaat.aspx http://kermis.tv/nl/tilburgs-kermis-nieuws-2013/307-10-dagen-cultuurkermis-op-het-ns-plein http://vimeo.com/71561285 (resultaat van de kleurwedstrijd) http://www.omroeptilburg.nl/tilburgse-kermis-2013-in-teken-vancultuur http://kermis.wordpress.com/tag/kokkie-kroon/

LITERATUUR

- - - - - - - - - -

2. KERMIS ALS PROEFTUIN VOOR SOCIAL INNOVATION
- Green, J. (2010). From pyramid to pancake. Presentation at LEAP woman event, 4th of March, 2010. Available via http://vimeo.com/10056864 - Leadbeater, Ch. (2009). The art of with. An orginal essay for Cornerhouse Manchester. Available via: http://www.charlesleadbeater.net/cms/ xstandard/The%20Art%20of%20With%20PDF.pdf - Rotmans, J. (2012). In het oog van de orkaan. Nederland in transitie. Boxtel: Aeneas. - The Young Foundation (2012). Social Innovation Overview: A deliverable of the project: “The theoretical, empirical and policy foundations for building social innovation in Europe” (TEPSIE), European Commission – 7th Framework Programme, Brussels: European Commission, DG Research

132

133

6. ‘TILBURGSE KERMIS, MÉÉR DAN KERMIS ALLEEN’
- - - - - - - - - - - - - - - Het Nieuwsblad (v/h Zuiden), Tilburg, Het Brabants Dagblad, ’s-Hertogenbosch en Tilburg, De Kermisgids (Bureau De Kermisgids), Alphen a/d Rijn, Euro-Kermis Magazine (Stichting Kermis-Cultuur), Oosterhout, Veel vermaak en weinig wol; de geschiedenis van de Tilburgse kermis (uitgave Gemeente Tilburg), Hoog-gaat-ie; fotoboek over de Tilburgse kermis (uitgave Gemeente Tilburg), Grossieren in volksvermaak (uitgave Esquire), Amsterdam, De geschiedenis van de film op de Tilburgse kermis, (uitgave Stichting Kermis-Cultuur), Oosterhout, Draaiboek van een kermisgek; de Tilburgse kermis in de jaren zestig (uitgave Europese Bibliotheek), Zaltbommel, De kermis achterna; terugblik op een kwarteeuw attractieredactie (uitgave Europese Bibliotheek), Zaltbommel, Tilburgse Kermis 1950-2000; een halve eeuw vermaak in beeld (uitgave Nieuwland), Tilburg, Foorwaarts; Michel Follet keurt kermissen (uitgave Dedalus), Antwerpen, Foorwaarts; het leven van 3 kermisfamilies (uitgave Magic), Mechelen, Dikke Dame (uitgave De Bezige Bij), Amsterdam, Draaiboek van een kermisgek (2); de Tilburgse kermis in de 21-ste eeuw (steun van Stichting Jacques de Leeuw; nog in de maak).

-

7. HET GEHEUGEN VAN EEN KERMISSTAD KERMIS EN DE STADSCOLLECTIE TILBURG
- Piet de Boer, Ineke Strouken en Albert van der Zeijden, Kermis, een volksvermaak in de schijnwerpers (Utrecht, 1988), 136 p. Reeks Volkscultuur, jrg. 5, nr. 2. - Paul Bogaers en Esther Porcelijn, Een jongensdroom (Tilburg, 2013), 74 p. - Dolph Cantrijn en Lindy Popma, Tilburg: de schoônste stad van het laand (Tilburg, 2007) - Henk van Doremalen, Kermis en carnaval. De kleine geschiedenis van Tilburg 11 (Zwolle, 2009), 96 p. - Jeroen van Eijndhoven en Lauran Wijffels, Tilburgse kermis 1950-2000. Een halve eeuw vermaak in beeld (Tilburg, 2007), 192 p. - Ga je mee naar de Tilburgse kermis (Tilburg, 2008). [kinderboek tot 4 jaar] - Hanneke Groenteman, Dikke dame (2006). [o.a. over Henk van Beurden, die als ‘dikke dame’ optrad op kermissen] - H.L. Hoogendijk, Om den vrijen tijd nuttig te doen besteden. Hoe er in Tilburg werd gereageerd op de drooglegging van de kermis 1919-1936 (Tilburg, 2011), 45 p. [Masterscriptie Cultuurgeschiedenis, aanwezig in Regionaal Archief Tilburg, bibliotheek F TILB MAP 1462] - G.H. Jansen, ´Tilburg kermisstad´, in: Een roes van vrijheid. Kermis in Nederland (Meppel/Amsterdam, 1987), p. 298-347. - Erik Kessels en Joep Eijkens, In almost every picture #7 (Amsterdam, 2008), 128 p. 134 135

Willem van Mook en Antoon van den Bogaard, Folklore-boek van de Brabantse kermissen in de geschiedenis van Circus Pigge (Tilburg, ca. 1978), 133 p. - Willem van Mook, Amusementsboek van Tilburg: De grootste kermis van ’t land; Het wereldrepertoire van Carnaval (Tilburg, 1980), 35 p. - Hennie van Oers, Paul Spapens, Lauran Wijffels (red.), Veel vermaak en weinig wol. De geschiedenis van de Tilburgse kermis (Tilburg, 1986), 308 p. - Ernest Potters, Paul Spapens en Lauran Wijffels, Hoog-gaat-ie: een fotoboek van de Tilburgse kermis (Tilburg, 1993), 143 p. - Sociëteit Nieuwe Koninklijke Harmonie, Tilburg: programma der Kermisfeesten 1899 (Tilburg, 1899), 16 p. - Paul Spapens, De geschiedenis van de film op de Tilburgse kermis (Tilburg, 1994), special Euro-Kermis Magazine, 27 p. - Paul Spapens, ´De boeiende historie van Tilburg, de Tilburgers en hun kermis en uitgaansleven´, in: Ach Lieve Tijd 10 (Zwolle, 1994), p. 221-244. - Paul Spapens, ´De kermiszin der Tilburgers. Hoe een dorpskermis uitgroeide tot een van de grootste kermissen van Europa´, in: Johanna Jacobs (red.), Kennis, kunstjes en kunnen. Kermis: de wondere wereld van glans en glitter (Amsterdam, 2022), p. 105-121. [gebaseerd op Van Oers, Veel vermaak] - Nick J. Swart, Het pikkie met de kale wup. 15 jaar roze maandag Tilburgse kermis 2005 (Tilburg, 2005), 72 p. - Ernest Verhelst, Kermis: het kermiswezen, kermisinrichtingen en kermisexploitanten (Tilburg, 1979), 73 p. - Luc Verschuuren en Noël Ummels, Het geheim van de Tilburgse kermis (Tilburg, 1991), 52 p. [stripverhaal] - Ton Vialle, Een rijke ervaring. Twintig jaar attracties op de Tilburgse kermis (Tilburg, 1999), 260 p. - Lauran Wijffels, Draaiboek van een kermisgek: de Tilburgse kermis in de jaren zestig (Tilburg, 2002), 131 p.

8. BRABANTSE KERMISPRENTEN: TER LERING EN VERMAAK
- Aernout Borms, Centsprenten: massaproduct tussen heiligenprent en stripverhaal, Zwolle en Den Haag: d’Jonge Hond en Koninklijke Bibliotheek, 2010. - P.J. Buijnsters, Het verzamelen van boeken: een handleiding, Utrecht: HES, 1992. Hfd. 12: Kinderboeken. - P.J. Buijnsters en L. Buijnsters-Smets, Lust en Leering. Geschiedenis van het kinderboek in de negentiende eeuw, Zwolle, 2001. - Johanna Jacobs (red), Kennis, kunstjes en kunnen. Kermis: de wondere wereld van glans en glitter, Amsterdam: SUN, 2002. - Maurits de Meyer, De volks- en kinderprent in de Nederlanden van de 15e tot de 20e eeuw, Antwerpen en Amsterdam, 1962. - C.F. van Veen, Centsprenten: Nederlandse Volks- en kinderprenten (tentoonstellingscatalogus), Amsterdam: Rijksprentenkabinet / Rijksmuseum, 1976.

10. FAIRFEST, VERNIEUWING VAN DE TILBURGSE KERMIS
- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - 1.Herner Karnevalsgesellschaft (2013). Herzlich Willkommen bei der HeKaGe. Geraadpleegd op 21 maart 2013, http://www.herner-karneval.de/ 2018Eindhoven I Brabant (2012). Imagination designs Europe. The city of Eindhoven’s bid for the title of European capital of culture 2018. p.51. 2018Eindhoven (2012). Projecten 2013: Fairfest. Geraadpleegd op 11 februari 2013, http://www.2018eindhoven.eu/kandidatuur/projecten2013/fairfest Allerheiligen Kirmes (2013). Soester Allerheiligenkimes. Geraadpleegd op 27 februari 2013, http://www.allerheiligenkirmes.de/ Ambassade voor Creatieve Zaken (2012). Notulen Symposium Tilburgse Kermis 11-12-2012. Tilburg: Ambassade voor Creatieve Zaken Andalucia (2013). Seville Feria. Geraadpleegd op 27 februari 2013, http://www.andalucia.com/festival/seville-feria.htm CBS (2012). Prognose bevolking (statline). Den Haag: CBS. Carnaval Sevilla (2013). Carnaval Sevilla. Geraadpleegd op 21 maart 2013, http://carnavalsevilla.com/ Cranger Kirmes (2013). Cranger Kirmes. Geraadpleegd op 27 februari 2013, http://www.cranger-kirmes.de/ck/index.php Dimensus (2012). Bezoekers van de Tilburgse kermis 2012. Breda: Dimensus Explore Seville (2013). Insider’s guide: Feria de Abril in Sevilla. Geraadpleegd op 27 februari 2013, http://www.exploreseville.com/events/feriadeabril.htm Fouer (2013). Schueberfouer. Geraadpleegd op 27 februari 2013, http://www.fouer.lu/ Joos, A. & Vriens, J. (februari 2013). Projectplan FairFest 2013, Bijdrage Vrijetijdshuis Brabant. Tilburg: Vrijetijdshuis Brabant. Karneval in Düsseldorf (2013). Karneval in Düsseldorf. Geraadpleegd op 21 maart 2013, http://www.karneval-in-duesseldorf.de/ Landelijk Kennisinstituut Cultuureducatie en Amateurkunst (2013). Begrippen en definities. Utrecht: LKCA Lokalkompass.de (2013). Herne: Karneval. Geraadpleegd op 21 maart 2013, http://www.lokalkompass.de/herne/themen/karneval.html Muenche.de. Das offizielle Stadtportal (2013). Fasching in München. Geraadpleegd op 21 maart 2013, http://www.muenchen.de/veranstaltungen/fasching.html NBTC-NIPO Research (2011). ContinuVrijeTijdsOnderzoek 20102011. Leidschendam: NBTC-NIPO Research Oktoberfest (2013). Oktoberfest. Geraadpleegd op 27 februari 2013, http://www.oktoberfest.de/de Raters, L. & Schendel, A. van (2011). Effecten van de Tilburgse kermis 2011. Breda: NTHV. RECRON (2013). RECRON InnovatieCampagne (RIC). Geraadpleegd op 27 februari 2013, http://www.recron.nl/recroninnovatiecampagne Regionaal Archief Tilburg (2013). Kunst, Kitsch, Camp & Kermis. Geraadpleegd op 26 februari 2013, http://www.regionaalarchieftilburg.nl/wiki/Kunst,_Kitsch,_Camp_%26_Kermis

-

Rheinkirmes (2013). Rheinkirmes. Geraadpleegd op 27 februari 2013, http://www.rheinkirmes.com/index.php?id=85 - Sonax (2013). FairFest. Geraadpleegd op 11 februari 2013, http:// www.sonax.org/index.php?ID=16012&groep=2 - St. Sebastianus Schützenverein Düsseldorf (2013). St. Sebastianus Schützenverein Düsseldorf 1316 a.V. Geraadpleegd op 27 februari 2013, http://www.schuetzen-1316-duesseldorf.de/ - Surprise Tickets (2013). Evenementen Luxemburg. Geraadpleegd op 21 maart 2013, http://surprisetickets.nl/reizen/ evenementen-luxemburg - The SmartAgent Company(2013). Postcodeverrijking Tilburgse Kermis. Amersfoort: SmartAgent. - Vakantiewoning-Möhnesee (2013). Allerheiligenkermis Soest. Geraadpleegd op 27 februari 2013, http://www.vakantiewoning-moehnesee.nl/dagtochten/allerheiligenkermis-soest.html - Vereniging Pieter Vreedeplein (2013). Caribbean night. Geraadpleegd op 26 februari 2013, http://www.evenemententilburgsekermis.nl/ evenementen/caribbean-night/ - Wijfels, L (2004). De kermis achterna: terugblik op een kwarteeuw attractieredactie. Zaltbommel: Europese Bibliotheek. - Wikipedia (2013). Carnaval. Geraadpleegd op 21 maart 2013, http:// nl.wikipedia.org/wiki/Carnaval#Carnaval_in_Duitsland_en_Zwitserland - Wikipedia (2013). Cranger Kirmes. Geraadpleegd op 27 februari 2013, http://de.wikipedia.org/wiki/Cranger_Kirmes

136

COLOFON
Uitgave: Jaar: Redactie: Eindredactie: Foto’s: Grafisch ontwerp: Lettertypes: De Ambassade voor Creatieve Zaken november 2013 Isabelle Leijser, Geurt Grosfeld Geurt Grosfeld Jimke Joling, Willie Jan Staps, Lauran Wijffels, Kokkie Kroon, Regionaal Archief Tilburg Attak Monitor, AT Dienstuhr, Replica, Message, Gill

138

WWW.DEAMBASSADE.NET
139