Brazzaville

poètes dans la cité I zuId-afrIka verlIest op het wk voetbal I afrikaanse homo’s als kop van jut I wangechI Mutu: feMMe avenue patrice vIleIne I de tv-rechtbank van Guinee lumumba

Guy Tillim

JAARGANG 13 | NR. 2 | m 6,95

Meschac Gaba, Diamant Indigènes (2008). Courtesy Lumen Travo Gallery. Foto Gert Jan van Rooij

(advertentie)

Meschac Gaba Museum of Contemporary African Art & More 25 april – 9 augustus 2009 Museum De Paviljoens, Almere

Museum De Paviljoens Odeonstraat 3 NL – 1325 AL Almere +31 (0)36 545 04 00 www.depaviljoens.nl

29 augustus – 15 november 2009 Kunsthalle Fridericianum, Kassel l

www. museumofcontemporaryafricanart.com Museum De Paviljoens toont Meschac chac Gaba: Museum of Contemporary African Art & More, de eerste museale seale overzichtstentoonstelling in Nederland rland and van het werk van de kunstenaar Meschac Gaba (Cotonou, Benin, 1961). Cotonou, Beni otonou,

Meschac Gaba presenteerde de eerste resenteerde esenteerde zaal van zijn Museum of Contemporary seum African Art, de Salle Esquisse of Draft Room, in 1997 op de Rijksakademie in e Rijksak Amsterdam. In 2002 toonde hij de laat002 manist ste zaal – de Humanist Space – op de Documenta11 in Kassel. Zijn museum bestaat in totaal uit twaalf zalen, die in t verschillende instituten in verschillende tituten landen te zien zijn geweest. In Museum n weest. Muse De Paviljoens is Gaba’s Museum of ba’s Contemporary African Art voor het eerst rican in zijn geheel te bezoeken.
Open k ma en di op afspraak 7.00 wo t/m zat 12.00 – 17.00 uur r zon 10.00 – 17.00 uur

Zondag 10 – 17 uur gratis rondleidingen It’s an ongoing process!

Meschac Gaba Museum of Contemporary African Art & More 25 april – 9 augustus Museum De Paviljoens

2009 Kunsthalle Fridericianum, Kassel (Duitsland) – Meschac Gaba: Museum of Contemporary African Art & More – Draft Room, Museum Shop, Summer Collection, Music Room, Marriage Room, Salon, Architecture of the Museum, Game Room, Museum Restaurant, Art and Religion, Library, Humanist Space Museum De Paviljoens, Almere – Meschac Gaba: Museum of Contemporary African Art & More – Draft Room, Museum Shop, Summer Collection, Music Room, Marriage Room, Salon, Architecture of the Museum, Game Room, Museum Restaurant, Art and Religion, Library, Humanist Space 2006 Sao Paolo Biennale, Sao Paulo (Brazilië) – Museum Shop 2005 BiblioNova, Geleen – Library of the Museum 2002 Falaki Gallery, American Univerisity of Cairo (Egypte) – Library of the Museum Galleria Artra, Milaan en Genua (Italië) – Museum Shop for Sale and Museum Living Room SBK Tramremise, Amsterdam – Le Discothèque du Musée Palais de Tokyo, Parijs (Frankrijk) – Le Salon du Musée Kassel (Duitsland) Documenta11 – Library of the Museum, Museum Shop, Humanist Space Schweizerische Nationalbank, Biel (Zwitserland), Geld undWert / Das letzte Tabu – Museum Shop 2001 INOVA, Milwaukee,Wisconsin (Verenigde Staten) – Marriage Room Witte de With, Rotterdam – Library of the Museum Tramway, Glasgow (Schotland) Mirror’s Edge – Architecture of the Museum 2000 S.M.A.K. Gent (België) – Salle de Jeux Crown Gallery, Brussel (België) – Game Room Castello di Rivoli,Turijn (Italië) Mirror’s Edge – Architecture of the Museum Stedelijk Museum, Amsterdam For Real – Marriage Room Norwich Gallery, Norwich (Engeland) East/International – Draft Room Witte de With, Rotterdam Play-use – Game Room Cittadellarte/Fondazione Pistoletto, Biella (Italië) A Casa Di – Art and Religion Room Bonnefantenmuseum, Maastricht, Continental Shift.A voyage between cultures – Le Discothèque du Musée ARCO, Art fair, Madrid (Spanje) Lumen Travo Gallery (Amsterdam): Dialogues – Museum Shop Moderna Galerija, Ljubljana (Slovenië) Worthless (invaluable).The concept of value in contemporary art – Draft Room Vancouver Art Gallery,Vancouver (Canada) Mirror’s Edge – Architecture of the Museum 1999 Vrije Universiteit, Amsterdam – Summer Collection Le Pavé Dans La Mare, Besançon (Frankrijk) – Salle de Jeux W139, Amsterdam – Museum Restaurant Bildmuseet, Umeå (Zweden) Mirror’s Edge – Architecture of the Museum National Museum of Ghana, Accra (Ghana) South MeetsWest – Museum Shop De Nieuwe Vide, Haarlem Waardige Zaken.Wonderkamers – Summer Collection NICC and MUHKA, Antwerpen (België) TroubleSpot.Painting – Draft Room S.M.A.K. extra muros, Gent (België) Trafique – Museum Shop Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam – Architecture of the Museum De Appel, Amsterdam Unlimited.nl-2 – Architecture of the Museum 1998 Praterinsel, München (Duitsland) – Draft Room De Nederlandsche Bank, Amsterdam – Draft Room Gate Foundation, Amsterdam – Architecture of the Museum 1997 Rijksmuseum Het Koninklijk Penningkabinet, Leiden – Draft Room Rijksakademie van beeldende kunsten, Amsterdam Open Ateliers – Draft Room

Met dank aan: Gemeente Almere, Provincie Flevoland, Ministerie van OCW Bijzondere Begunstigers: Heijmans Vastgoed BV, ING Almere,Ymere Projectbegunstigers:Totaalservice, Scope Bouwmanagement, Koldijk Kunsthalle Fridericianum, Lumen Travo Gallery, Galleria Continua, Artra Gallery, Michael Stevenson Gallery, Rabo Kunstcollectie, Museum voor Moderne Kunst Arnhem, Marijke Michel.

(advertenties)

IS er licht in de duisternis? IS de aarde plat? IS 2015 al in zicht? IS ongelijkheid verleden tijd? IS er leven na de dood? IS de vakantieliefde duurzaam? IS Jemen toe aan de pil? IS er geld genoeg? IS er een dokter in de zaal? IS iedereen van de wereld? IS het lot b epaald? IS de wereldverbeteraar nog levensvat baar? IS er nog wat van te maken? IS de lunch gratis? IS de boer vogelvrij? IS de toerist welkom? IS de migrant nodig? IS microkrediet de oplossing? IS er hoop op verzoening? IS het leven oneerlijk verdeeld? IS Afrika nog te redden? IS de mens verwend? IS het klimaat neutraal? IS er licht in de duisternis? IS de aarde plat? IS 2015 al in zicht? IS ongelijkheid verleden tijd? IS er leven na de dood? IS de geld genoeg? IS er een dokter in de zaal? IS iedereen van de wereld? IS het lot bepaald? IS de wereldverbeteraar nog levensvat baar? IS er nog wat van te maken? IS de lunch gratis? IS de boer vogelvrij? IS de toerist welkom? IS de migrant nodig? IS microkre diet de oplossing? IS er hoop op verzoening? IS het leven oneerlijk verdeeld? IS Afrika nog te redden? IS de mens verwend? IS het klimaat neutraal? IS er licht in de duisternis? IS de aarde plat? IS 2015 al in zicht? IS on gelijkheid verleden tijd? IS er leven na de dood? IS de geld genoeg? IS er een dokter in de zaal? IS iedereen van de wereld? IS het lot bepaald? IS de IS is hét maandblad over internationale samenwerking. wereld verbeteraar Het staat boordevol bijzondere initiatieven in ont wikkenog levensvat baar? IS de lunch gratis? IS lingslanden. IS is een uitgave van NCDO, de Nationale de boer vogelvrij? IS Commissie voor Internationale Samenwerking en Duurzame de toerist welkom? IS er nog wat van te Ontwikkeling. Nieuwsgierig? Kijk op www.isonline.nl maken? IS de wereld- en meld je aan voor een gratis abonnement.

Word gratis abonnee!

internationale samenwerking

link naar de wereld

editorial

Oranjelegioen
Nog een jaar speculeren dat de stadions nooit op tijd afkomen, dat zich straks achter elke boom een crimineel schuilhoudt, dat de openingsceremonie niet doorgaat omdat de stroom uitvalt en dan is het zover: het WK Voetbal in Zuid-Afrika! In dit nummer werpen we een onthullende blik vooruit.. Nu al staat vast dat het WK gewonnen wordt door de FIFA (zie pagina 12). Maar wie wordt de grote verliezer? De goedbedoelde campagnes om respectievelijk kindsoldaten van hun oorlogstrauma’s te verlossen en aidswezen aan nieuwe ouders te helpen? Je zou het haast geloven als je de plannen leest om voetbal tijdens het WK op te voeren als een panacae voor al het leed dat Afrika heet. Of zijn het de fans die straks massaal naar Johannesburg vliegen? Waar ze opgewacht worden door peletons criminelen die hen tussen de wedstrijden door van huurauto, portefeuille en laptop beroven? Ik hoop zo dat het gerucht niet klopt dat Pauw & Witteman voorlichtingsfilmpjes in voorbereiding hebben die de argeloze fan moeten waarschuwen voor Johannesburg. Maar ik houd mijn hart vast: na de moord op een Nederlands echtpaar in april riep Witteman al op tot een ‘negatief reisadvies.’ Ze waren, aldus de presentator, ‘vermoord om een mobiele telefoon’. Maar het intrigerende was nu juist dat juwelen, vuurwapens en geld onaangeraakt waren... Adriaan van Dis ging moedig tegen Witteman’s suggestie in: blijven reizen. Al hield hij wel een beetje zijn hart vast voor het ‘oranjelegioen’, dat met zijn duizenden alle aandacht opeist. Ik kan de schrijver geruststellen: oranje is in het Zuid-Afrikaanse straatbeeld volkomen normaal. Het is de mode, constructiewerkers dragen het, net als buurtwachten en gevangenen die voor straf, en onder bewaking, de parken aanharken. Zelfs het personeel van Primi Piatti, mijn favoriete restaurant, is geheel in oranje gestoken. Misschien kunnen de Nederlandse voetbalfans zich in roze steken?
Bart Luirink, Johannesburg ziJn dageliJkse blog is te volgen op www.zam-magazine.nl/blog

Inhoud
18

12 oor een dubbeltje V op de eerste rang 1 A 8 venue Patrice Lumumba 2 8 De Dadis-show 3 0 Traject

Zuid-Afrika en het WK voetbal

Vergane glorie van Guy Tillim

De TV-rechtbank van Guinee

Van Abidjan naar Ouagadougou

48

3 5 Stemmen

Het opiniekatern van ZAM: – Het einde van het Duizendjarig Regenboogrijk – Handel is geen wondermiddel – Zimbabwe vandaag: verveling alom – Onderzoek naar censuur moordboek – De tweede vrouw – Torero Cafe, Kigali

4 4 Feest

Vamba Sherif op filmfestival FESPACO

62

4 E 8 en buitengewone obsessie 5 H 4 iphop/Sapologie
CV Baudouin Mouanda

Afrikaanse homo’s als kop van jut

7 4 Zwerfhond

Column Adriaan van Dis

En verder 7 De Kaart van Afrika 16 Woorden: Knollen voor citroenen 26 Geluiden: Amadou en Mariam 43 Column Prudence Mbewu 52 Aanbiedingen

zam africa magazine 02/2009 5

(advertenties)

AFRIKAANS

FAMILIE
SPEKTAKEL
Naast 9 Ubuntu-voorstellingen is er op het festivalterrein o.a. een Afrikaanse Markt.

10 JULI
ZATERDAG

VRIJDAG

11 JULI
12 JULI

ZONDAG
VRIJDAG
ZATERDAG

Locatie: Waterstad Goese Schans in Goes (Zeeland)

GRATIS TOEGA
NG
Het programma vindt u op

17 JULI

18 JULI
ZONDAG

www.goesafrika.nl

19 JULI

TE GAST IN
De leukste voorbereiding op je Afrika reis!

Prijs € 8,95

Voor alle 40 uitgaven, kijk op: www.tegastin.nl

De kaart van afrika
onder redactie van anton stolwijk

Udongo

Over Afrika doen allerlei verhalen de ronde. De mensen wonen er in lemen hutjes, beschieten elkaar voortdurend en slaan graag op trommels. De Nederlandse fotograaf Jasper de Beijer had hooggespannen verwachtingen toen hij voor het eerst naar Afrika ging. Eindelijk zou hij al dit spannends zelf gaan meemaken! De werkelijkheid viel een beetje tegen. Mensen in Afrika bleken hele gewone, banale levens te leiden. Er was eigenlijk maar één plek om de exotische foto’s te maken die De Beijer voor ogen had: zijn eigen atelier. Hier schiep hij een eigen Afrikaans landje, dat hij Udongo noemde. Het resultaat is tot eind augustus te zien in het Fotomuseum Den Haag. www.fotomuseumdenhaag.nl

zam africa magazine 02/2009 7

FOtO: JAspEr DE BEiJEr

Mensen
• De jonge Keniaanse regisseuse Wanuri kahiu is in april de grote winnaar geworden van de Africa Movie Academy Awards. Met haar film ‘From a Whisper’ nam ze vijf prijzen mee naar huis, waaronder die voor Beste Film en Beste regisseur. De film gaat over de bomaanslagen op de Amerikaanse ambassade in Nairobi. Bekijk de trailer op www. youtube.com/zammagazine • Voormalig directeur van het Afrika studie Centrum Gerti hesselinG is 24 maart op 62-jarige leeftijd overleden. Hesseling stond bekend als één van de meest vooraanstaande juridisch-antropologen van Nederland en was bijzonder hoogleraar Vredesopbouw en de rechtstaat aan de Universiteit van Utrecht. • Begin mei vonden in sun City de jaarlijkse south African Music Awards plaats. Oudgediende Abdullah ibrahim kreeg de prijs voor beste artiest, terwijl de nieuwe danssensatie GoldFish, bestaande uit de jazzmuzikanten Dominic peters en DaviD poole (foto), er met de prijs voor beste dansplaat vandoor ging. • Zeven Zuid-Afrikanen hebben een stukje Nederland gekregen van het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Onder andere mike van Graan, pallo JorDan en mamphela ramphele krijgen hun eigen plekje op een bank aan het Amsterdamse iJ vanwege hun bijzondere band met ons land. Zie www.spacetotakeplace. nl voor meer info.
FOtO: rOss HilliEr

De kaart van afrika

8 zam africa magazine 02/2009

Obama in Afrika

Mandela, de Musical
Op 24 oktober gaat in Carré een musical over het leven van Nelson Mandela in premiere. De musical is in Nederland geschreven en geproduceerd, maar er doen ook Zuid-Afrikaanse muzikanten en dansers mee. De hoofdrol wordt vertolkt door Kenneth Herdigein, bekend van Zeg ‘ns Aaa. Zie voor meer info www.mandelademusical.nl

Beeld uit de nieuwe Keniaanse satirische poppenshow XYZ. Zie voor een trailer www.youtube. com/zammagazine

Marlene Dumas: Barack Obama, The times before the election, 2008 Courtesy the artist and David Zwirner, New York

FOtO: OptiMAl ENErGY

Auto of Africa

(advertentie)

In Toubab! tref je verhalen van mensen die hun hart aan Afrika hebben verpand en zich verbazen over dit continent.
Met bijdragen van onder anderen Asis Aynan, Peter Delpeut, Adriaan van Dis, Renske de Greef, Arthur Japin, Lieve Joris, Frank Westerman en Tommy Wieringa.

De ineenstorting van de Amerikaanse autoindustrie maakt nog maar eens duidelijk dat niemand tegenwoordig meer zit te wachten op dure benzineslurpers. Zuinige elektrische auto’s hebben de toekomst. Voor iedereen die een elektrische auto nog associeert met een lelijk klein golfkarretje dat om de haverklap moet worden opgeladen is er nu de Joule. Deze nieuwe elektrische auto is groot, snel, comfortabel en kan maar liefst 400km rijden op een volle batterij. Made in Africa door een team Kaapse bollebozen. De Joule is vanaf 2010 te zien op de Zuid-Afrikaanse wegen, en komt als het goed is in 2012 op de internationale markt. Hij gaat zo’n $25.000 kosten en inschrijven (ook voor een proefritje!) kan via www.optimalenergy. co.za. Een filmpje van de Joule in actie is te zien op www.youtube. com/zammagazine

www.augustus.nl
zam africa magazine 02/2009 9

FOtO: BOs tHEAtErprODUCtiEs

“ ymotherwasakitchengirl, M myfatherwasagardenboy,that’s whyhe’smypresident”
liED VAN ANC-AANHANGErs NA DE OVErWiNNiNG VAN JACOB ZUMA

soundbite

De kaart van afrika
FOtO: BAltHAZAr FAYE

African Living Room
tot 24 juli te zien in galerie Jean Marc patras in parijs: the African living room, een lounge gevuld met de nieuwste Afrikaanse kunst. Niet alleen voor kunstliefhebbers die op de hoogte willen blijven van de laatste ontwikkelingen ook verdwaalde toeristen zijn van harte uitgenodigd. Eten en drinken wordt verzorgd. Kijk voor meer info op www.jeanmarcpatras.com

10 zam africa magazine 02/2009

Haile
FOtO: BArBArA KErKHOF

voetnoot
Het Franse leger kampte aan het begin van de twintigste eeuw met een chronisch personeelstekort. Bezorgde generaals vonden een oplossing voor dit probleem in het invoeren van een gedeeltelijke dienstplicht in de West-Afrikaanse koloniën. Aanvankelijk werden deze rekruten, bekend als Les Tirailleurs Sénégalais, alleen ingezet tijdens lokale conflicten. tijdens de Eerste Wereldoorlog was er echter zo’n behoefte aan mankracht, dat honderdduizenden Afrikaanse soldaten naar Europa werden verscheept. Ook tijdens de tweede Wereldoorlog en in het Algerijnse conflict speelden de tirailleurs een belangrijke rol. Duizenden lieten in de loop der jaren het leven op het slagveld. De slechte behandeling van Afrikaanse veteranen door de Franse autoriteiten is al jaren onderwerp van discussie. Zo trok president Chirac, onder grote publieke druk, pas in 2006 de pensioenen van Afrikaanse en Franse veteranen gelijk. tot die tijd moesten de tirailleurs het doen met een bedrag dat sinds 1959 niet meer veranderd was. Onlangs bracht de BBC een nieuw schandaal aan het licht. Uit briefwisselingen van de geallieerde legerleiding blijkt dat men in 1944 alles in het werk stelde om van de bevrijding van parijs een volledig blanke aangelegenheid te maken. Het Franse bevrijdingsleger bestond tegen het einde van de tweede Wereldoorlog voor zo’n 65% uit Afrikaanse soldaten. Er was slechts één geheel blanke divisie, maar die was in Noord-Afrika gelegerd. toen parijs in zicht kwam, kreeg generaal De Gaulle het spaans benauwd bij de gedachte dat hij aan het hoofd van een leger zwarte Afrikanen de hoofdstad in moest marcheren. in allerijl werden er spaanse en Marokkaanse soldaten opgetrommeld die, verkleed als Fransen, met De Gaulle door parijs mochten paraderen. De tirailleurs verdwenen door de achterdeur.

Les Tirailleurs Sénégalais

Haile Gebrselassie wordt beschouwd als één van de beste langeafstandslopers aller tijden. Al vijftien jaar lang rijgt hij de wereldrecords aan elkaar. recentelijk was hij de eerste die de marathon in minder dan twee uur en vier minuten liep. Daarnaast is hij zeer succesvol als maatschappelijk verantwoord ondernemer in zijn geboorteland Ethiopië. De atletiekbaan van Hengelo loopt als een rode draad door de carriere van Gebrselassie. Onlangs verscheen een boek met interviews en foto’s, gebaseerd op de vele ontmoetingen in Hengelo die de auteur had met deze bijzondere sportman. Vijftien jaar HAILE in Hengelo, door Cors van den Brink. te bestellen via www.sportenkennis.nl

(advertentie)

GD Amsterdam The Netherlands

GD Amsterdam The Netherlands

E-mail: info@numaair.com URL: www.numaair.com

E-mail: info@numaair.com

Nujuma Fictoor-AhmedURL: www.numaair.com
Travel Consultant

E-mail: nujuma@numaair.com

Nujuma Fictoor-Ahmed
Travel Consultant

E-mail: nujuma@numaair.com

tirailleurs maken zich klaar om in te schepen. Fotograaf, tijd en plaats onbekend. Eigendom van Niels Nielsen, www.forloren.dk

zam africa magazine 02/2009 11

Voor een dubbeltje op de eerste rang

Zuid-Afrika en het WK voetbal

12 zam africa magazine 02/2009

In de zomer van 2010 zijn alle ogen vier weken lang gericht op Zuid-Afrika, gastheer van het WK voetbal. Het zal de eerste keer zijn dat het miljardencircus van de FIFA neerstrijkt in het Afrikaanse continent. Dat schept hoge verwachtingen aan beide kanten.
TeksT: floor milikowski en evelien HoeksTra, foTo: cHarles Heiman

zam africa magazine 02/2009 13

tiecomité vormt Johannesburg het hart van het aanstaande voetbalspektakel. Een logisch gevolg van de historische band tussen de stad en de voetbalsport. Orlando Pirates en Kaizer Chiefs uit Soweto zijn veruit de grootste en populairste clubs van het land en trekken altijd volle stadions.

verbroedering
mei 2004 was een moment van euforie. Terwijl heel Zuid-Afrika aan de buis zat gekluisterd, maakte FIFAvoorzitter Sepp Blatter bekend dat het land was verkozen als gastland van het WK. Vier jaar eerder was de verkiezing nog op een debacle uitgelopen. Het WK ging toen aan Zuid-Afrika’s neus voorbij omdat de beslissende stem van Nieuw-Zeeland onverwacht naar concurrent Duitsland ging. Dit keer was het wel raak en was het feest. Van Kaapstad tot Johannesburg werd op straat, in shebeens en cafés de overwinning gevierd en geproost op de toekomst. Inmiddels is het bijna vijf jaar later en kan het aftellen beginnen. Maar hoe staat het eigenlijk met de voorbereidingen? Kunnen de grote verwachtingen worden ingelost?

gevaarlijk

‘Ik zie het al helemaal voor me. Hier in de tuin bouw ik een overdekte barbecue, op de oprit komt een lange tafel voor alle gasten en daar, tegen het huis aan, leg ik een zwembad aan met een groot scherm erboven. Daarop kunnen we alle wedstrijden zien. Het wordt een groot feest!’ Aan het woord is Lungi Madi, een vrolijke veertiger in een van de betere buurten van het township Soweto. Maakt hij zich wel eens zorgen om de veiligheid van zijn gasten? ‘Ja, die Engelse hooligans schijnen heel gevaarlijk te zijn. Die wil ik hier niet hebben’, zegt hij bloedserieus. Op een steenworp afstand van zijn woning verrijst het splinternieuwe Soccer City, een voetbaltempel die plaats zal bieden aan bijna 95.000 toeschouwers en waar de openingswedstrijd en de finale van het WK worden gespeeld. Met veertien wedstrijden, het internationale perscentrum, het kantoor van de wereldvoetbalbond FIFA en dat van het lokale organisa14 zam africa magazine 02/2009

Het wereldkampioenschap voetbal is een evenement dat zijn gelijke nauwelijks kent. De organisatie van het WK is een prestigieuze aangelegenheid en Zuid-Afrikanen beschouwen het als een grote eer het om de eerste Afrikaanse gastheer ooit te zijn. Bovendien is er hoop dat het toernooi een rol kan spelen bij de verbroedering van de verschillende Zuid-Afrikaanse bevolkingsgroepen. Het WK Rugby van 1995 is wat dat betreft het grote voorbeeld. De Springbokken, het nationale rugbyteam, werden toen in eigen land wereldkampioen. Decennia lang werden de blanke rugbysport en de Springbokken gehaat door zwart en gekleurd Zuid-Afrika. Na de gewonnen finale gingen blank, zwart en gekleurd echter samen de straten op om de overwinning te vieren. ‘Ik kan het me nog herinneren als de dag van gisteren’, vertelt Lebo. ‘Rugby interesseerde me nooit iets, hier in Soweto had iedereen een hekel aan de sport. Maar die dag zat ik met de hele familie voor de televisie. Dat was daarvoor echt ondenkbaar. Na het laatste fluitsignaal ging iedereen in de buurt de straat op. Het was één groot feest. Misschien zorgt een goede prestatie van ons voetbalelftal, Bafana Bafana, er wel voor dat we opnieuw samen feest kunnen vieren.’

kosten noch moeite

Politici en organisatoren benadrukken dat het WK ook een impuls zal geven aan de economie. Veel studies wijzen echter eerder het tegendeel aan. Hypermoderne stadions, dure transportvoorzieningen en luxe hotels schieten als paddestoelen uit de grond. In Kaapstad wordt gewerkt aan het prachtige nieuwe Greenpoint-stadion, naar Duits ontwerp Johannesburg bouwt aan de Gautrain, een verbinding tussen het vliegveld van Johannesburg en Sandton. In Durban verrijst een sportcomplex dat de stad meteen in de race moet brengen voor het binnenhalen van de Olympische Spelen. In totaal wordt door de overheid ruim een miljard euro geïnvesteerd in tien stadions, verspreid over de negen

speelsteden. Om de infrastructuur op het juiste niveau te krijgen is bijna €1,6 miljard begroot. De Zuid-Afrikaanse overheid draait op voor 95% van de kosten. In Duitsland was dat tijdens het WK 2006 maar 40%. De rest werd betaald door voetbalclubs en externe investeerders. Omdat het overgrote deel van de sponsor- en televisieinkomsten (ongeveer 2,5 miljard euro) naar de FIFA gaan, blijven de directe inkomsten voor Zuid-Afrika echter beperkt tot enige honderden miljoenen uit de kaartverkoop en kleine sponsordeals.

Volgens de FIFA hebben voetbalsupporters geen zin in de confrontatie met armoede
dat de wensen van de FIFA nogal eens afwijken van die van het gastland en haar inwoners zelf. Zo worden de plannen van Lungi gehinderd door het FIFA gerelateerde bedrijf Match, dat namens de voetbalbond verantwoordelijk is voor de accommodatie van de supporters. Om te verzekeren dat de supporters goed terechtkomen, worden toegangskaartjes dit keer verkocht in combinatie met vliegreis, lokaal vervoer, toeristische uitstapjes en accommodatie. Alle vormen van gastenopvang moeten zich daarom aansluiten bij Match. Maar in het contract dat Match aanbiedt, worden eigenaars van hotels en hostels niet alleen gedwongen de prijs tijdens het WK laag te houden, ook staat erin vastgelegd dat het bedrijf recht heeft op 30% van de inkomsten. Bovendien mag Match kamers waarvoor geen interesse is kort voor het toernooi zonder vergoeding teruggeven aan de eigenaar. Uit woede over deze werkwijze besloot South Africa Tourism zich in november terug te trekken uit de adviesraad van Match. Vergelijkbare problemen zijn er voor straathandelaars, die in een straal van een kilometer rond de stadions en in grote delen van de binnenstad van de speelsteden geen waar aan de man mogen brengen. ‘We strijden om te voorkomen dat onze mensen door dit evenement worden gemarginaliseerd’, verkondigde Cheche Selepe, woordvoerder van de Johannesburger Trader Association. Ook Laurine Platzky, namens de provincie Westkaap verantwoordelijk voor de organisatie van het WK, bevestigt dat de samenwerking met de FIFA niet altijd even makkelijk is. ‘Hun belangen en die onze gaan niet altijd makkelijk samen. De FIFA denkt alleen maar aan die vieren-een-halve week tussen 11 juni en 11 juli. Zij willen alleen dat het WK een groot succes is. Wij moeten ook nadenken over wat er na het WK gebeurt, want dan moet het land gewoon weer verder.’

lange termijn

Dollartekens

Kleine ondernemers zien het WK als een unieke mogelijkheid om een financiële klapper te maken. De een begint een guesthouse, een ander wil petjes verkopen. Zelfs prostituees zien het WK met dollartekens in de ogen tegemoet. Op verzoek van een vriend die een backpacker hostel in Soweto heeft, kiest Lungi ervoor zijn huis open te stellen voor supporters. ‘Ik ga kamers verhuren’, vertelt hij met een grote glimlach. Er volgt een rondleiding door zijn woning. Een krappe woonkamer, een keuken en twee slaapkamers. ‘Dit wordt een familiekamer’, legt hij uit, wijzend op zijn eigen slaapkamer, voorzien van tweepersoons bed en met een extra ruimte waar hij een stapelbed heeft gepland. ‘Daar kunnen dan de kinderen slapen.’ Dan opent Lungi de deur van een kleine tweede kamer, die nu nog volstaat met rommel. ‘Dit wordt een ‘dorm’ met allemaal stapelbedden. Drie denk ik. Dan kunnen er dus zes mensen slapen.’ Het zal krap worden, maar moet met enig pas- en meetwerk inderdaad passen. Inclusief twee kleine kamertjes in een uitbouw en de ruimte voor tenten op zijn aangeharkte gazon schat hij ongeveer zestien gasten tegelijkertijd te kunnen ontvangen. Ze moeten wel samendoen met één douche.

regels

Maar hoe mooi het vooruitzicht van de grote stroom supporters uit alle werelddelen ook is, de strenge regels van de FIFA maken de weg naar financieel succes haast onmogelijk. Het WK is eigendom van de wereldvoetbalbond en de wil van de FIFA is wet. Van de grootte van de stadions, de capaciteit van de wegen en de omvang van de beveiliging tot de rechten van de sponsors, het aantal beschikbare hotels en de televisiekabels, de FIFA bepaalt. Inmiddels is duidelijk

Onduidelijkheid is er bijvoorbeeld over het gebruik van de stadions. Op dwingend advies van de FIFA besloot Kaapstad bijvoorbeeld een nieuw stadion voor 68.000 toeschouwers te bouwen in de luxe wijk Greenpoint, aan de voet van de Tafelberg en op een steenworp afstand van de Atlantische Oceaan en het Waterfront, het toeristische hart van de stad. De stad had zelf een voorkeur voor een stadion dichtbij de townships, waar de voetbalminnende zwarte bevolking woont, maar volgens de FIFA hebben de supporters thuis en in het stadion geen zin in de confrontatie met schrijnende armoede. Het verhaal van Greenpoint Stadium is typerend voor de spagaat waarin Zuid-Afrika als gastland van het WK in verkeert. Enerzijds is er de belofte om het evenement aan te grijpen voor sociale en economische vooruitgang, anderzijds wil het land aan de wereld laten zien dat het in staat is om mooie stadions te bouwen en een vlekkeloos toernooi te organiseren. De FIFA heeft weinig interesse in de sociale aspecten van het evenement. Martin de Wijk, een zwarte vuilnisman uit een arme plattelandsgemeente enkele tientallen kilometers ten noorden van Kaapstad, heeft de hoop inmiddels opgegeven dat het WK zijn leven kan veranderen. ‘Het wordt een mooi WK, voor jullie. Met mooie stadions en een geweldige sfeer. Of ik er iets van meekrijg? Ik kan niet eens een kaartje betalen. En in mijn buurt gebeurt ook helemaal niets rondom het toernooi. Geen projecten, geen voetbalveldjes, niets. Ooit dacht ik dat ze het WK zouden gebruiken om onze omstandigheden te verbeteren, maar dat geloof ik al lang niet meer.’

EvEliEn HoEkstra en Floor Milikowski werken aan het boek ‘De Droom van ZuiD-afrika; achter De schermen bij het Wk 2010’, dat in november uitkomt bij uitgeverij carrera. deze publicatie werd mede mogelijk gemaakt door het fonds bijzondere journalistieke projecten. zie ook WWW.DroomvanZuiDafrika.nl

zam africa magazine 02/2009 15

Knollen voor citroenen
Woorden
Onder redactie van ingebOrg van beekum

The Politician
This donkey is a politician It don’t care It kicks it owner Who voted for it! Toils hard to get kickbacks From every deal At the expense of its owner The voter This politician is a donkey It don’t care ... This politician is a praying mantis It prays and teases To mate with the male! But soon as it sucks life’s juices It snaps off the life of its lover This praying mantis is a politician
uche nduka
Poëzie | Op 26 april overleed poëet Bantu Mwaura. De gedichten van de Keniaanse artiest, activist en academicus verschenen in verschillende bladen in Engels, Kiswahili en Gikuyu. In zijn werk stelde hij vooral politieke en sociale issues aan de kaak. ot oktober 2003 weigert de regeringmbeki hiv/aidsremmers toe te dienen aan patienten. tot december 2006 bestrijdt de minister van volksgezondheid aids met knoflook, suikerbiet, kruiden, vitaminen en een niet werkend middeltje van eigen bodem dat virodine heette. de rest van de wereld keek verbijsterd toe. effectieve en allengs betaalbare virusremmers waren immers beschikbaar (een bruikbaar preventief vaccin is er overigens ook heden nog niet).

t

hoe is de koppigheid van de regering mbeki te verklaren? dertien goed ingevoerde auteurs stellen zich deze vraag in The Virus, Vitamins & Vegetables. ze laten zien hoe een combinatie van raciale obsessie, zwarte trots, afschuw van westerse hegemonie, nepotisme, angst voor de farmaceutische industrie, seksueel moralisme en gebrek aan kritiek binnen het anc, heeft geleid tot wat wel een ‘interne volkerenmoord’ genoemd is . is het anc ooit ingegaan op belofte van 6% aandeelhouderschap van de fabrikant

16 zam africa magazine 02/2009

van het nepmiddel virodine, dat als afrikaanse oplossing van aids het continent zou gaan veroveren? heeft de regeringmbeki koffers met geld in handen gespeeld van mensen die de zaak bewust tilden? de documentatie over deze onderwerpen is diepgaand genoeg om er serieus rekening mee te houden dat ook corruptie tot het rampzalige aidsbeleid heeft bijgedragen. acht jaar lang hebben mbeki en zijn minister van volksgezondheid manto tshabalala-msimang ontkend dat aids wordt veroorzaakt door een virus dat hiv heet. dat leidde tot een geschatte 330.000 onnodige slachtoffers gedurende mbeki’s regeringsperiode. inmiddels is Jacob zuma is de nieuwe president. hij behoort niet tot de hiv-ontkenners zoals mbeki, maar zijn beroemde uitspraak dat hij zich tegen hiv beschermt door goed te douchen stelt niet bepaald gerust. zijn zeer competente minister van volksgezondheid barbara hogan is inmiddels al weer vervangen door aaron motsoaledi, een oude ‘broeder in de strijd’ ten tijde van de rellen rond de dood van Steve biko in een politie cel. motsoaledi heeft de gigantische taak het ‘nationale Strategische Plan voor hiv/aidS 2007-2011’ uit te voeren. van de invloedrijke treatment action campaign (opgericht door hiv/aidS-patiënt en activist zackie achmat) krijgt hij het voordeel van de twijfel. de reconstructie vanuit dertien invalshoeken levert bruikbare documentatie voor een aids- Waarheidscommissie, waarop wordt aangedrongen. Onder zuma komt het daar misschien van. voor de toekomst van een democratisch zuid afrika zou een nauwkeurige analyse van het rampzalige aidsbeleid leerzaam kunnen zijn. (Janhuib blans) Kerry Cullinan & Anso Thom (red), The Virus, Vitamins & Vegetables, The South African HIV/AIDS mystery (Jacana, ISBN 9781770096912)

Verhalen | Twaalf prachtige verhalen van de auteur van het prijswinnende Half of a Yellow Sun. Simpele, maar mooie vertellingen over de band tussen vrouwen en mannen, ouders en kinderen en Nigeria en het Westen. Chimamanda Ngozi Adichie, The Thing Around Your Neck (HarperCollins Publishers, ISBN 9780007305988) crime | Lemmer is een freelance bodyguard. Gewelddadig, white trash en ex-gedetineerde met een ernstig agressieprobleem. Als hij en zijn cliente Emma bijna worden vernoord, is Lemmer boos. Hij besluit zijn belagers achterna te gaan. Tegen beter weten in. Ware pageturner met een ijzersterk hoofdpersonage. Deon Meyer, Blood safari (Hodder & Stoughton, ISBN 9780307356628) check-liT | Angel Tungaraza is professioneel taartenbakster, amateurkoppelaarster en luisterend oor. Voor Kigali’s inwoners bakt zij voor elke feestelijke gelegenheid een taart. Maar boven iedere hoopvolle viering hangt de schaduw van het verschrikkelijke verleden. Indringende, maar ook humoristische roman over het leven na een grote tragedie. Gaile Parkin, Taarten bakken in Kigali (Artemis & Co, ISBN 9789047200833) Verhalen | Veertien buiten Nederland geboren auteurs houden hun nieuwe thuisland een spiegel voor. Ontroerende verhalen over hun ervaringen, vol verbazing en soms verontwaardiging. Met bijdragen van ondermeer Babah Tarawally, Jamila Amadou, Raouf Mousaad Basta en Ahmed al-Malik. Diverse auteurs, Een dansje in de regen - 14 verhalen over Nederland (Uitgeverij Passage, ISBN 9789054521914)

leesladder

shortlist

Uwem akpan wint commonwealth prize
De Nigeriaan Uwem Akpan heeft de 2009 Commonwealth writers’ prize for het beste Afrikaanse debuut gewonnen. Akpan’s won met zijn boek Say You’re One of Them, een verzameling van vijf lange verhalen. Akpan was de enige Nigeriaan op de shortlist, die verder werd beheersd door Zuid-Afrikanen. Mandla Langa won in de categorie beste boek met de titel The Lost Colours of the Chameleon.

zam afrIca MaGazInE 02/2009 17

In de jaren zestig ontworstelden de meeste Afrikaanse landen zich aan hun koloniale over opriep, toont zich in de moderne architectuur van overheidsgebouwen, luxe hotels en scho heeft Guy Tillim (1962, Zuid-Afrika) deze bouwwerken in landen als Mozambique, Congo, verlaten gebouwen herinneren aan de inmddels vervlogen dromen, zoals de vele naar Lu

heersing. De hooggespannen verwachtingen, die de gedachte aan een toekomst in vrijheid len. In Avenue Patrice Lumumba, de expositie die eind mei in het Amsterdamse FOAM opende, Madagascar, Angola en Benin gefotografeerd. Het resultaat is een etalage vol verval. De veelal mumba vernoemde straten en pleinen in Afrikaanse steden dat doen.

Guy Tillim – Avenue PATrice lumumbA is vAn 29 mei T/m 30 AuGusTus 2009 Te zien in FoAm– FoToGrAFiemuseum AmsTerdAm. meT dAnk AAn: michAel sTevenson GAllery, cAPe Town

zam africa magazine 02/2009 19

administration office, Department of commerce, antsiranana, madagascar, 2007

zam africa magazine 02/2009 21

High school, Lubumbashi, Dr congo, 2007

zam africa magazine 02/2009 23

Lubumbashi city Hall, Dr congo, 2007

25

ge lu i de n
Onder redactie van Bram POsthumus

amadou & mariam
Foto: Strut recordS

Mulatu astatke/the heliocentrics: inspiration inforMation strut Weinig mensen hadden ooit gehoord van de Ethiopische componist, arrangeur en bandleider Mulatu Astatke totdat de Amerikaanse cineast Jim Jarmusch besloot het ultracoole Yèkèrmo Sèw te gebruiken voor zijn film Broken Flowers. Cool is deze nieuwe van Astatke ook – maar verwacht geen onderkoelde jazz hier. Inspiration Information staat vol met onverwachte breaks, uit de lucht geplukte associaties en plotselinge muziekwendingen. Met als basis die onvervreemdbare Ethiopische toonladder, de vibrafoon van Astatke en een Londens jazzensemble dat met hoorbaar plezier alle conventies (jazz en andere) aan de collectieve laars lapt. Uiterst spannend!

26 zam africamagazine 02/2009

rock’n roll, Mali style Jonge man met prachtige staat van dienst in de muziek ontmoet jonge vrouw met mooie stem. verliefd – verloofd – getrouwd – 30 jaar bij elkaar en inmiddels een wereldwijd succes. Waar gebeurd? Jawel: het is een ultrakorte samenvatting van het verhaal van amadou Bagayoko en mariam doumbia. amadou was in de jaren 70 gitarist van Les ambassadeurs, het orkest van salif Keita en geduchte concurrent van dat àndere grote malinese orkest: de rail Band. amadou: ‘We hebben ooit een keer een muziekwedstrijd gespeeld in het nationale stadion, elk van ons aan één kant van het veld. het was net een voetbalwedstrijd...’ niet lang daarna ontmoette hij mariam, in het nationaal Blindeninstituut (zij was blind sinds haar vijfde, hij sinds zijn zestiende). daar begonnen ze aan hun eigen repertoire te werken. ‘zo werden we vrienden en uiteindelijk zijn we in 1980 getrouwd,’ vat amadou samen. maar je eigen repertoire maken – dat was geen sinecure. ‘de orkesten waren eigendom van de staat’, weet amadou nog. ‘We moesten de loftrompet steken over het regime. Pas toen de democratie kwam, in 1991, konden we onze eigen muziek gaan maken.’ die muziek heeft stevige wortels in mali met een flinke schep invloed van elders. hoe kwamen ze daaraan? amadou legt uit: ‘de malinese radio speelde altijd veel muziek uit cuba. Weer later kwam daar James Brown, en nog veel meer. uiteindelijk ontdekten we zelfs de rock: Led zeppelin was een favoriet – maar dan wel onder vrienden...’ ‘terug naar de rock’. dat is het idee achter hun nieuwe cd Welcome to Mali. na een mooie hit met de frans/spaanse muziekgoochelaar manu chao (wie van de lezers heeft Dimanche à Bamako niet in de kast staan?) vonden ze het tijd de touwtjes weer in eigen handen te nemen. de nieuweling is wat minder gevariëerd dan Dimanche... maar het plezier spat weer uit de cd speler. na hun nederlandse optreden in de amsterdamse poptempel Paradiso ging de reis naar de vs en vervolgens weer terug naar mali voor een project met het nationaal Blindeninstituut, waar het allemaal begon. mooi verhaal toch? daar kan geen ‘feel good movie’ tegenop.

sara tavares: Xinti World ConneCtion De Kaapverdische Sara Tavares maakte drie jaar geleden het mooie en veelzijdige Balancê. Met Nederland als enthousiast bruggenhoofd heeft ze inmiddels de halve wereld veroverd. Nu is er een nieuwe CD: Xinti. Gebleven is de gitaar en haar glasheldere stem. Het spel is nog subtieler geworden. Een percussieaccent hier, een opduikende viool daar. Tavares’ melodielijnen lijmen zih vast in je hoofd. Voor het laatste nummer liep ze een dag door Lissabon om straatgeluiden op te nemen en speelde daar vervolgens een gitaarpartij bij. Prachtig! staff Benda Bilili: très très fort Crammed Een groep polioslachtoffers in zelfgebouwde rolstoelen besluit een orkest op te richten. Ze wonen een tijdje bij een rotonde in de Congolese hoofdstad Kinshasa. Nu repeteren ze nabij de dierentuin, waar ook deze plaat opgenomen is. En wat spelen ze? Rumba natuurlijk (Mwana), en Afrobeat (Staff Benda Bilili), prachtige ballades (Sala Keba), reggae (Sala Mosala) en een James Brown imitatie op Je t’aime. Spannend verhaal – uiterst aangename muziek. lura: eclipse lusafriCa Er komt een nieuwe Kaapverdiaanse vedette aan. Ze is nog jong maar heeft al een berg podiumcharisma en een fraaie stem. Op haar nieuwe CD Eclipse staan vooral prettig in het gehoor liggende stukken, een mooie traditionele morna van thuis (titelnummer), een paar vlotte liedjes (Na Nha Rubera, Tabanka) en een hele fraaie afsluiter. Geen grote verrassingen dus, maar wat zou het? Deze CD is bedoeld voor een breed publiek: er zullen weinig mensen zijn die zich bij het beluisteren van Eclipse onprettig zullen voelen. En mogen we ook nog even zeggen dat Lura adembenemend mooi is?

Foto: Warner muSic

zam aFrica magazine 02/2009 27

de tvrechtbank van Guinee
Vergeet Beauty en de Nerd, X-factor of GTST. Voor echt spannende televisie stem je af op de staatszender van Guinee. Waargebeurde verhalen over de presidentiële garde die cocaïne helpt uitladen, drugsdeals in het huis van de first lady en coke die per diplomatieke post wordt doorgevoerd naar Europa.
TeksT: rukmini callimachi, VerTaling: richard hengeVeld

Dadis show
Heel Guinee zit aan het scherm gekluisterd als de ene na de andere overheidsfunctionaris voor de televisie zijn rol opbiecht in de cocaïnebusiness die de schakel vormt tussen de plantages van Zuid-Amerika en de disco’s van Europa. De bekentenissen zijn een initiatief van de militaire junta die afgelopen december de macht greep. Ze bieden een nog niet eerder vertoond inkijkje in de explosief groeiende drugshandel van West-Afrika. Uit de tv-bekentenissen komt het beeld naar voren van een straffeloos bedreven sluikhandel, met een actieve rol voor staatsambtenaren, leden van de presidentiële familie en de ordestrijdkrachten. Ze laten ook de grote rol zien die Guinee en andere West-Afrikaanse landen spelen als knooppunt voor de drugshandel. Volgens een recent rapport van de Verenigde Naties is er op de route naar Europa via WestAfrika sinds 2005 minstens 46 ton cocaïne onderschept; de hiermee gemoeide winsten overtreffen soms de gehele politiebegroting van het doorvoerland. In de periode daarvoor werd per jaar minder dan een ton in beslag genomen in heel Afrika. Jarenlang vormde de drugshandel in Guinee een publiek geheim. De kring rond de vroegere dictator Lansana Conté, die tot zijn dood Guinee 24 jaar lang regeerde, was corrupt tot op het bot. Overheidsfunctionarissen reden rond in dikke SUV’s, terwijl de meeste mensen in de hoofdstad nog niet eens elektriciteit hebben. Conté overleed in december. Een dag later greep kapitein Moussa Dadis Camara, een lagere legerofficier, in een staatsgreep de macht. Hij beloofde met harde hand tegen de corruptie en de drugshandel op te treden. Tot

de

28 zam africa magazine 02/2009

dusver zijn zo’n vijftien mensen gearresteerd, maar leden uit Dadis’ eigen militaire junta van wie wordt vermoed dat ze in drugs handelen blijven ongemoeid.

show

De drugsbestrijdingeenheid verwierf zo’n reputatie als toegangspoort tot het grote geld, dat iedereen er wilde werken
die ze bij zich hadden. De politieman stopte in de verwarring een zakje cocaïne in zijn uniform, en verkocht dat later in de haven voor 15.000 dollar. Daarvan kocht hij een tweedehands auto, een tv, een nieuwe telefoon en een reisje voor zijn islamitische moeder naar Mekka. Hij wijst erop dat zijn diefstal in het niet valt bij die van zijn meerderen. De drugsbestrijdingeenheid verwierf op den duur zo’n reputatie als toegangspoort tot het grote geld, dat alle politiemensen ernaar wilden worden overgeplaatst. Moussa Camara, de nieuwe directeur van de drugsbestrijdingseenheid, vertelt dat veel politiemensen in auto’s rijden waarvoor ze met hun maandsalaris van honderd dollar meer dan vijftig jaar zouden moeten sparen. afkomstig uit Guinee, volgens het VN-rapport het hoogste aantal uit één land binnen de regio.

De bekentenissen begonnen eind februari op de staatstelevisie. In Guinee wordt gesproken van de ‘Dadis-show’. De uitzendingen halen ongekend hoge kijkcijfers en iedereen heeft het erover bij de lunch en de koffie. De eerste die aantrad was Ousmane Conté, de gevreesde, onder het vorige regime onschendbare oudste zoon van de overleden dictator. Hij gaf toe wat iedereen in Guinee wist, maar nooit iemand durfde te zeggen. Een vriend, zo vertelde hij, voerde ‘medicijnen’ in voor zijn humanitaire stichting, waarvoor hij een vliegtuig gebruikte van het Rode Kruis. Dat landde ‘s nachts in de hoofdstad Conakry. Conté haalde vervolgens, vergezeld door de presidentiële garde, de lading uit het vliegtuig. Conté beweert dat hij aanvankelijk niet in de gaten had dat er cocaïne in zat. Zijn vriend vertelde dat pas achteraf, waarop Conté zich voor 300.000 dollar liet omkopen. Andere functionarissen hebben vergelijkbare daden toegegeven. De zwager van de overleden president vertelde van zijn ontmoeting met Latijns-Amerikaanse drugshandelaars in een villa van zijn zuster, de vroegere presidentsvrouw. Het hoofd van de nationale inlichtingendienst vertelde dat hij persoonlijk een konvooi van vrachtwagens naar de hoofdstad heeft begeleid dat drugs vervoerde. Het vroegere hoofd van de politie moest uitleggen waar hij het geld vandaan heeft voor de universiteit die hij aan het bouwen is.

zinloos

Toename

recycling

Zelfs de vroegere chef van de drugsbestrijdingseenheid van het land is op de staatstelevisie ondervraagd. Door hem in beslag genomen drugs werden gewoonlijk niet vernietigd, maar ‘gerecycled’ en doorverkocht. Een lager geplaatste politieman vertelt dat hij bij een inval een container ontdekte vol cocaïne in plastic zakjes. Het was zo veel, dat de politie niet alles kwijt kon in de twee pick-up trucks

De Guineese drugshandel vormt een schakel in de uitgebreide handel van cocaïne uit ZuidAmerika naar de bloeiende Europese markt. Naarmate de cocaïnemarkt in de Verenigde Staten verzadigd raakte, verlegden de drugshandelaars hun aandacht naar Europa. Een kilo cocaïne doet in Europa vandaag twee keer zo veel als in de Verenigde Staten, aldus het Bureau voor Drugs en Criminaliteit van de VN. Om de cocaïne naar Europa te krijgen, smokkelen de handelaars deze eerst de oceaan over naar de Afrikaanse westkust, recht tegenover Colombia, Peru en Bolivia, waar de hele wereldoogst aan cocabladeren wordt verbouwd. Eenmaal overgebracht worden de ladingen noordwaarts gesmokkeld in boten, vliegtuigen en magen van koeriers. De landen langs de Atlantische kust van Afrika zijn zo arm, dat de verleiding om zich met drugshandel in te laten groot is. Van de sinds 2006 onderschepte drugskoeriers waren 221

Het valt nog te bezien of het hardhandige optreden in Guinee de kartels zal weten te verjagen. Deskundigen denken dat zelfs als dat inderdaad lukt, de handel zich eenvoudig zal verplaatsen naar buurlanden. In Sierra Leone werd vorig jaar juni een Cessna met een driekoppige Latijns-Amerikaanse bemanning onderschept met 700 kilo cocaïne aan boord. Vanuit Guinee-Bissau vloog in 2006 een vlucht naar Schiphol met het recordaantal van 32 cocainesmokkelaars aan boord. De inwoners van Guinee merken hoe sterk hun economie afhankelijk is van de drugs. De rijke Nigeriaanse tussenpersonen zijn er nu niet meer. Voor de disco’s in de hoofdstad is het een slappe tijd. Een fles champagne kost de inwoners van Guinee zelf een kwartaalsalaris, maar de Nigerianen gaven aan de lopende band rondjes. Dat ze nu zijn vertrokken merkt ook de veertienjarige verkoper van telefoonkaarten op een kruispunt in de binnenstad. ‘De Nigerianen kochten er meestal tien tegelijk,’ vertelt hij. ‘Nu raak ik er nauwelijks nog een kwijt.’ Mensen met drugsgeld weten zich gewaarschuwd. De politieman die toegaf dat hij cocaïne heeft gestolen, reist inmiddels met het openbaar vervoer naar zijn werk. Hij belt met een gehavend Nokia-mobieltje. ‘Iedereen weet dat iemand in Guinee zich geen nieuwe kan veroorloven’, legt hij uit, terwijl zijn benen onder de tafel zenuwachtig op en neer gaan. ‘Iedereen is bang. Niemand had kunnen denken dat ze die lui zouden arresteren.’
RUKMINI CALLIMACHI is journaliste voor associated Press. sinds 2006 werkt ze vanuit west-afrika. daarvoor verwierf ze bekendheid met haar verhalen over de nasleeP van de orkaan katrina in new orleans.

29

Iedere dag rijdt een handvol treinen over een enkel spoor van 1145 kilometer, tussen de Ivoriaanse metropool Abidjan en Ouagadougou, de hoofdstad van Burkina Faso. Dat moet niet moeilijk zijn, denk je dan. Totdat je het bedrijf induikt dat de spoorweg beheert.
TeksT: Bram PosThumus foTo’s: marTin WaalBoer

RAJECT TRAJECT TRAJECT
abidjan » ouagadougou
ie onderneming heet Sitarail (Société Internationale de Transport Africain par RAIL). Er werken ruim 1500 mensen. De spoorlijn was 105 jaar geleden een Frans koloniaal project dat met heel veel bloed, zweet en tranen is uitgevoerd. Afrikaans bloed, zweet en tranen. Soms viel er wel eens een Franse dode, zoals de heer Rubino die in 1910 bij een arbeidersopstand om het leven kwam. Naar Rubino is een stadje genoemd. In de gouden jaren 70 had de spoorweg twee eigenaren: de regeringen van Ivoorkust en (toen nog) Opper Volta. Onder de vlag van de RAN (Régie Abidjan-Niger) vervoerde het bedrijf toen miljoenen passagiers per jaar. Er stonden luxe hotels naast alle grote stations, duizenden mensen hadden er werk, men vestigde zelfs een snelheidsrecord van 160 kilometer per uur. Wie dat nu probeert, pleegt zelfmoord. Staatseigendom komt met kwalen. Politieke benoemingen. Instabiliteit. Uitbaten maar niet investeren. Een onstuitbare neergang en uiteindelijk de gedwongen privatisering van een bijna onbruikbare boedel. En nu is

D

het spoor weer in Franse handen. Transportgigant Bolloré (jaaromzet in 2008: ruim 7,3 miljard euro) is hoofdaandeelhouder van Sitarail met 67% van de aandelen. De beide regeringen hebben 15% en het personeel 3%. Het grootkapitale spel zal de meeste werknemers een zorg zijn. Treinen moeten rijden en dat doen ze al ruim een eeuw. Ondanks de heftige politieke woelingen in beide landen, ondanks de korte burgeroorlog in Ivoorkust, ondanks de slechte staat van het spoor – smalspoor, kleiner dan het overal gebruikte standaardspoor. Dankzij die ellendige Franse erfenis moet bijna iedere aangekochte wagon eerst aan de spoorbreedte worden aangepast voordat hij kan rijden. U ziet: zo makkelijk is dat allemaal niet. De mensen van Sitarail werken verspreid over een enorm gebied. In de gigantische hoofdwerkplaats in Abidjan. Langs het spoor ergens tussen hier en daar en op kantoren in de steden. Meest mannen en meer dan de helft is rond de 50. Veel werk is buiten, zwaar en vuil. Hier zijn ze, de mannen van Sitarail. Gewoon aan het werk, aan een Afrikaanse spoorlijn.

30 zam africa magazine 02/2009

onderweg, dimbokro: de machinist ‘Doly Sie Tilika is de naam. Ik ben 54, getrouwd, heb zeven kinderen en ben inmiddels grootvader, bij de gratie Gods. Dertig jaar werk ik op de trein. Tijdens de gebeurtenissen van 2002 heeft het even stilgelegen maar nu rijden rijden we weer. Onderweg moet ik voortdurend op de toestand van het spoor letten.

Doodvermoeiend. Ik kan je zo de trajecten vertellen waar we 40 kilometer per uur kunnen rijden. Straks na Dimbokro, het stuk naar Bouaké, daar kun je 60 rijden. Maar het gaat allang niet meer zo snel als vroeger. Wat ik nog wil? Ach, als ik me netjes gedraag en God is me gunstig gezind, dan werk ik nog een paar jaar door.’ zam africa magazine 02/2009 31

abidjan: de brandstoftechnicus ‘Ik ben Etienne Daipo, 50 jaar, getrouwd en heb drie dochters en één zoon. Het gaat goed met de familie. Ik ga over de brandstof. Onze locomotieven rijden op DDO, Destillaat Dieselolie. Als dat bij ons binnenkomt moet het worden opgeschoond in een separator, en die staat hier. Als het gezuiverd is, slaan we het op in tanks. Voilà, dat is mijn werk. 32 zam africa magazine 02/2009

De RAN, de voorganger van Sitarail, was mijn eerste werkgever. Ik ben daar in de jaren 80 begonnen. Er was toen heel veel mogelijk: voorschotten op je salaris, gratis gezondheidszorg. Ook vervoer was gratis – maar ik ga nooit met de trein, want mijn dorp ligt hier vlakbij.’

onderweg: tussen abidjan en bouaké: de treinchef ‘Mijn naam is Joseph Gnaboto Louo. Ik ben 49 jaar, getrouwd, vijf kinderen. Vroeger was ik treinsamensteller, daarna opzichter treincirculatie en nu zorg ik voor de veiligheid van mijn passagiers. U bent bij mijn in goede handen. Ik ben tevreden. Ik heb een inkomen, mijn gezin heeft te eten, de kinderen gaan naar school. Als het aan mij ligt blijf ik tot mijn pensioen.’ zam africa magazine 02/2009 33

bobo diolassou: directeur vaste installaties ‘Veertig miljoen euro heb ik nodig, alleen al voor wat er nu moet gebeuren. Hier op mijn bureau liggen alle projecten. Mijn prioriteiten? Eerst: de rails. We moeten dat versleten staal vervangen. Dan: het spoorbed. Vroeger allemaal met de hand aangelegd en het zakt in. Tenslotte: communicatie. De verkeersleiding gebruikt de 34 zam africa magazine 02/2009

telefoon: “Heb je een trein staan... nee? Dan stuur ik je er één.” We zijn dat aan het digitaliseren. Ik heb eer van mijn werk – maar geld is er niet. Ik maak van oude stalen bielzen een beweegbaar hek voor een spoorwegovergang. Of van twee oude bruggetjes één nieuwe voetgangersbrug. Wil je het zien?’

Stemmen
het opiniek atern van ZaM
Het einde van het Duizendjarig Regenboogrijk Handel is geen wondermiddel zimbabwe vandaag: verveling alom Onderzoek naar censuur moordboek De tweede vrouw zoek de journalist (2) Torero Café, Kigali 3 5 3 7 3 8 3 9 4 0 4 1 4 2

Het einde van het Duizendjarig Regenboogrijk

na de nodige controverse is Jacob Zuma als winnaar uit de Zuid-afrikaanse verkiezingen gekomen. veel mensen schreeuwen moord en brand, maar evelien Groenink is vooral opgelucht dat het tijdperk-Mbeki nu voorbij is.

I

n 1994 hadden zuid-afrikaanse inwonenden met de buitenlandse nationaliteit ineens even stemrecht en ik stemde toen natuurlijk - mandela for president! - op het anc. maar als ik in 2004 had mogen stemmen - hetgeen toen niet meer mocht - zou ik alleen naar het stembureau gegaan zijn om daar als protest mijn stembriefje ongeldig te maken. Door er een gek poppetje op te tekenen, met een baardje en een pijp en een pijltje ernaast, dat zou wijzen naar de daar weer naast gekrabbelde naam ‘Thabo’. mijn god, wat was Thabo erg. en niet alleen om die 350 000 aidsdoden die gered hadden kunnen worden, of om zijn warme relatie met mugabe, of om zijn regime van incompetente jaknikkers die de gezondheidszorg, het onderwijs, de politie en de algehele uitvoering van beleidsplannen die op papier zo mooi klonken, verziekten. Thabo was vooral zo gemeen. Wie tegen hem was - wat vaak neerkwam op laten merken dat je hersens had - die werd ontslagen, zwartgemaakt in de pers, of justitieel

vervolgd. Vaak alledrie. zelfs mensen die best braaf wilden doen wat Thabo wou overkwam het, meestal nadat ze per ongeluk iets slims of kritisch hadden gezegd. Het werd zo erg dat ik geen zin meer had in dit land. zelfs het grijze, saaie, vervelende nederland leek ineens warm en inspirerend vergeleken met de geestdodende terrreursfeer van mbeki’s zuid-afrika.

Hoe een beschaafd diplomatiek talent als Thabo mbeki zich ontpopte als een paranoide Keizer caligula - u weet wel, die met alle elitevrouwen naar bed ging, zijn tegenstanders vergiftigde, niets om het volk gaf en zijn paard benoemde tot senator - valt te lezen in de psychologisch diepgravende mbeki-biografie door mark gevisser. De prangendste vraag voor mij op dit moment is echter waarom de intelligentsia van linkse blanken, zowel in zuid-afrika als in het westen, Thabo zo lang zo geweldig vond. Velen in de nieuwe zwarte zam africa magazine 02/2009 35

Verbijsterend

Stemmen

elite, de mercedes-bezittende Wa Benzi, hielden ook erg van Thabo, maar die hadden daarvoor een goede reden: Thabo had hen immers aan zich gebonden door het uitdelen van staatscontracten en posities. Het was in de afgelopen jaren verbijsterend om te zien hoe progressive blanke journalisten, advocaten, cartoonisten en ngO-ers, die zich vroeger stuk voor stuk met de anti-apartheidsbeweging hadden geassocieerd, in de ban van Thabo leken te zijn. Dat de arms deal bijvoorbeeld alleen maar onderzocht werd voor zover het de (nog steeds niet bewezen) corruptie-kruimel van zuma betrof, leek niemand gek te vinden. en ook niet dat de Schorpioenen (leden van het anticorruptie-agentschap) steeds vaker mensen ‘onderzochten’ die eerder als moedig en integer bekend hadden gestaan. Dat ‘viel dan tegen’ van die mensen, zo heette het in het grootste deel van de pers, die zich trots als ‘anti-corruptie’ opstelde en dus graag meedeed met het aan de schandpaal nagelen van vroegere ‘comrades’. in de ogen van het westen, de ngO’s en de kranten, vooral de kranten met een blankliberale achtergrond, waren de Schorpioenen lichtende voorbeelden van moed en integriteit. Ook feministische activisten met een westerse achtergrond bleven Thabo toejuichen, simpelweg omdat hij veel zwarte vrouwen aanstelde op belangrijke posities. men was zo onder de indruk van Thabo’s speeches - hij sprak inderdaad altijd in termen van nonseksisme en non-racialisme, in zinnen die wel uit de prachtige zuid-afrikaanse grondwet afkomstig leken te zijn - dat zijn genocidale aids-beleid werd afgedaan als een ‘smet’ op een verder lichtend voorbeeld van afrikaans leiderschap. Dat de vrouwen die Thabo aanstelde, net als de mannen, voornamelijk van 36 zam africa magazine 02/2009

het soort ‘incompetente jaknikker’ waren, werd ook al over het hoofd gezien.

Lichtend voorbeeld

‘We wilden geloven in een beschaafde zwarte president’, verzucht een vriendin. ‘een president die de corruptie - het probleem van afrika - zou gaan aanpakken. een vrouwvriendelijke president die voor traditionele afrikaanse leiders een lichtend voorbeeld was. een president die een hele afrikaanse renaissance beloofde.’ Progressieve activisten met een westerse achtergrond hadden zich vereenzelvigd met alle moderne ideeën waar de zuid-afrikaanse grondwet, die perfecte

ren. Wie in zuid-afrika niemand kent die aids heeft, agressieve misdaad bedrijft (‘de statistieken zijn overdreven’) of ongelukkig is met de regering (‘straks word ik weer president’) wordt beheersd door een illusie. Thabo was de baas van zijn eigen regenboogplaneet, die bewoond werd door zielsgelukkige, pijprokende, Shakespeare-citerende zwarten. en wie de hallucinaties van de leider verstoorde kreeg de Schorpioenen achter zich aan.

Mensen die per ongeluk iets slims zeiden, werden ontslagen, zwartgemaakt of vervolgd.
blauwdruk voor een nonpraciaal en non-seksistisch Utopia, voor stond. en waar Thabo als leider voor leek te staan . ze waren dus als de dood voor Jacob zuma. ‘zo’n typische ongeschoolde primitieveling, met seksistische en homofobische opvattingen’, geeft mijn vriending grif toe. ‘We hoopten maar dat hij niet aan de macht zou komen.’ en daarna, fluisterend: ‘dat hoop ik eigenlijk nog steeds.’ intussen heeft zij - en met haar vele andere vertegenwoordigers van westerse moderniteit in zuid-afrika - zich wel gerealiseerd dat Thabo mbeki, op de rand van de grootheidswaanzin, een totaal verknipt beeld van zijn land had, laat staan dat hij erover kon rege-

mijn vriendin is inmiddels verzoend met het idee dat de nieuwe President een ouderwetse zulu is die gezellig ronddanst met dorps- en townshipbewoners. Haar angst is ietwat verzacht nu dat zuma duidelijk heeft gemaakt dat de capabele en feministische Barbara Hogan minister van gezondheidszorg zal blijven, en de international gerespecteerde minister van financien, Trevor manuel, de planning van de nieuwe regering zal overzien. ‘ik weet dat ik weinig scholing heb gehad, daarom heb ik zulke goeie mensen nodig’, is zuma’s houding in deze. Voor zijn seksitische en homofobische uitspraken heeft hij al een paar keer zijn excuses aangeboden. Wat niet wegneemt dat hij zulke opvattingen -vergelijkbaar met heersende opvattingen in het nederland van 1950 - nu eenmaal nog steeds heeft. net als zijn volgelingen, trouwens. Wat door de westerse intelligentsia vaak wordt vergeten is dat afrikanen, en ook zuid-afrikanen, over het algemeen jaren 50-achtig conservatief zijn. geen seks voor het huwelijk, abortus is moord, als je een minirok draagt vraag je erom en homo’s zijn pervers. mooi is anders, maar het zijn de opvattingen van de meerderheid en met de verkiezing van zuma is wel degelijk een democratische overwinning voor die meerderheid geboekt. in zuma heeft zuid-

gezellig

Stemmen

Handel is geen wondermiddel
afrika nu in elk geval een gewoon mens als president; een bestuurder die tegen kritiek kan, advies accepteert, en geen last heeft van Duizendjarig regenboogrijk-achtige hallucinaties. Of er nu aan rechten van vrouwen en homo’s gaat worden getornd waag ik overigens te betwijfelen. De meeste zuidafrikanen en zuma zelf zijn gepokt en gemazeld in de anc-traditie, die doordesemd is van het respect voor mensenrechten. Het luisteren naar iedereen, het bemiddelen en vredestichten zijn anc-tradities, en zuma heeft in zijn politieke carriere als anc-leider, als vredestichter in Kwazulu natal, en ook elders in afrika, wel bewezen in die traditie te passen. ‘zuma luistert’ zeggen, in koor, zowel mijn huishoudster als voormalig Da oppositieleider Tony Leon, die in een recent opiniestuk blijk gaf van grote opluchting met de wisseling van de wacht in de partij van de meerderheid. nu hebben we in zuid-afrika ineens, na jaren van stilte, weer luidruchtige, vrolijke vergaderingen, met muziek en dansen na. Waar mensen over de plaatselijke boevenbestrijding en de school voor hun kinderen praten, in plaats van over winstgevende gemeentecontracten. en ik realiseerde me dat ik tijdens de recente zuid-afrikaanse verkiezingen, als ik hier stemrecht zou hebben, weer op het anc zou hebben gestemd. Om binnen die beweging vervolgens wel de strijd tegen het seksisme en de homofobie door te zetten. ik ben weer thuis.

investeren is het nieuwe toverwoord bij internationale donoren. Geld dat eerst naar hulp ging, gaat de laatste tijd steeds vaker naar ondernemers. ‘trade, not aid’ moet afrika redden. alex Duval Smith vraagt zich af of dat wel zo’n goede gedachte is.

D

e zambiaanse econome Dambisa moyo schreef een bestseller, Dead Aid, over de slechte invloed van westerse hulp op ontwikkelingslanden. Volgens moyo, een voormalig strateeg bij goldman Sachs, maakt hulp afrikaanse landen alleen maar slap en afhankelijk. Haar boodschap werd woedend ontvangen door ontwikkelingsorganisaties, maar moyo werd deze maand door het tijdschrift Time wel opgenomen in de lijst van 100 meest invloedrijke mensen ter wereld. Waarmee moet hulp worden vervangen? De africa commission, een initiatief van de Deense regering, maakte onlangs bekend drie miljard dollar te reserveren voor kleine ondernemers in afrika. Het gaat hierbij vooral om mensen die niet bij lokale banken kunnen aankloppen en die meer dan een microkrediet nodig hebben. met geld van de africa commission kunnen bijvoorbeeld straatverkopers een eigen winkel beginnen. Volgens Donald Kaberuka, president van de african Development Bank, is dit ‘het meest innovatieve plan dat afrika in jaren gezien heeft’, en zullen er miljoenen prima banen gecreëerd worden.

de beste motivatie. in afrika hebben we ook investeerders nodig die winst voor ogen hebben, geen organisaties met goede bedoelingen. Volgens mij loopt de africa commission het gevaar zo’n organisatie te worden.’ Ook Duncan green, onderzoeker bij Oxfam, ziet de nieuwe plannen niet als wondermiddel: ‘mensen hebben ineens allerlei verwachtingen van afrikaanse ondernemers, die natuurlijk nooit worden waargemaakt. Uiteindelijk is het plan van de africa commission gewoon oude wijn in nieuwe zakken.’ Sommige ontwikkelingsorganisaties vrezen dat alle aandacht voor ondernemerschap een verkapte vorm van privatisering is. Vuyiseka Dabula van de South african Treatment action campaign waarschuwt dat niet al het geld naar ondernemers moet gaan: ‘Het aantal mensen met HiV wordt niet minder door de recessie, en wij zijn geen bedrijf. 80% van ons geld komt van internationale donoren, en nu zij minder geld geven, kunnen wij minder mensen behandelen.’ copyright 2009 the guardian

Scepsis

evelien groenink is journalist en publicist en woont in centurion, zuid-afrika. ze is coordinator van het forum for african investigative journalism.

Veel afrikaanse zakenlieden verwelkomen het nieuwe plan. er is echter ook scepsis. Waarschuwingen komen bijvoorbeeld van de SoedaneesBritse zakenman mo ibrahim, die een fortuin maakte met het telefoniebedrijf celtel. Volgens ibrahim kan de afrikaanse economie alleen stappen maken als er geld uit afrika zelf komt: ‘er is in afrika totaal geen investeringscultuur. in amerika stopten lokale investeerders ooit hun geld in google en microsoft, met als enige doel: winst. Dat is uiteindelijk voor iedereen

Alex DuvAl Smith is afrikacorresponent voor de engelse krant the observer. ze schrijft ook voor the independent en the guardian.

zam africa magazine 02/2009 37

Stemmen

Zimbabwe vandaag: verveling alom

Wat is het saai geworden in harare, klaagt Jason Moyo. Sinds iedereen besloot om aardig tegen elkaar te gaan doen, valt er niets meer te beleven.

p een dinsdagavond eind maart bracht Daves guzha een groep van zo’n vijfig theaterliefhebbers bijeen in zijn onlangs heropende Theatre in the Park in het centrum van Harare, voor de première van het stuk waarmee dit jaar het hoofdstedelijk theaterseizoen werd geopend. De hoera’s waren niet van de lucht toen het doek viel. Het publiek leek even enthousiast over het feit dat ze in het theater waren als over het nieuwe stuk van de plaatselijk beroemde toneelschrijver Steven chifunyise, Dependence – een drama met een vleugje komedie over een uit de rails gelopen zimbabwaanse familie. De jarenlange crisis in de samenleving was een uitkomst voor allerlei mensenrechtengroepen, journalisten, advocaten. Ook de kunstsector profiteerde, in de vorm van bijtende politieke satire; opvoeringen werden verboden, artiesten gearresteerd. maar waar moeten we vandaag de dag nog naartoe, in deze nieuwe tijd van nationale eenheid, geknuffel en getortel?

O

adembenemende inflatie. in die ellende had het land zijn weg gevonden – het was de norm geworden. Deze nieuwe tijd is simpelweg niet ‘normaal’. Het kostte de natie de nodige tijd om bij te komen van de aanblik van grace mugabe, die in maart huilend aan het ziekenhuisbed van de gewonde morgan Tsvangirai stond. een paar dagen later hield robert mugabe zelf een ontroerende lofrede op de begrafenis van Susan Tsvangirai. zijn oude vijand – die ooit werd afgetuigd tot hij bijna dood neerviel en beschuldigd werd van hoogverraad – heette nu ‘een van ons’. Voor een gehoor van duizenden geschokte mDc-aanhangers werd mugabe voor zijn mooie woorden bedankt

het geweld op de boerderijen. maar er is domweg te weinig vijandschap over om de verveling te verdrijven. Opgetekend uit de mond van comrade fatso bij een van zijn optredens in de mannenberg Jazzclub: ‘Jammer dat er nog maar zo weinig crimineel geweld is.’ De geldhervormingen betekenden het einde voor de bloeiende dealercultuur van Harare. Honderden geldwisselaars beheersten de straten, maar ze zijn allemaal verdwenen. Weg zijn de talloze taferelen van politie die op straat achter wisselaars aan zit – en weg is de stoot adrenaline als je geld moest wisselen ergens in een sjofel steegje. De kick van het nachtleven van Harare is ook voor een deel verdwenen, nu de diamantdealers failliet zijn. Die slijten hun dagen op automarkten in een wanhopige poging hun luxe wagens en verdere bling te verpatsen, en moeten op zoek naar een reguliere baan. Supermarkten staan stikvol koopwaar, garages vechten onderling om klanten; weg is de spanning van het onderhandelen in achterafstraatjes over brood of benzine.

Waar moeten we naartoe, in deze nieuwe tijd van nationale eenheid, geknuffel en getortel?
door Tsvangirai’s eigen zoon, die zei dat hij mugabe nu ‘veel beter begreep’. Het volgende tafereel was een ontmoeting van de twee machtigste vrouwen van zimbabwe, Tsvangirai’s plaatsvervangster, Thokozani Khupe, en mugabe’s nummer twee, Joice mujuru, die eind maart in een stadion partijinsignes uitwisselden.

Keerpunt

‘alles wat vóór dit tijdperk van nationale eenheid is geschreven doet er niet meer toe. Vandaar dat we een tijd geen nieuwe toneelstukken hebben gehad. er is behoefte aan nieuwe stof’, aldus guzha. Volgens guzha zijn de kunstenaars van zimbabwe wel vaker gesmoord geweest in onderlinge aanhankelijkheid, bijvoorbeeld toen het land in 1980 onafhankelijk werd en nogmaals na de val van de apartheid in zuid-afrika. De huidige crisis is nog lang niet voorbij, maar zimbabwe neemt schoorvoetend afscheid van tien jaar mishandelingen, moord, haat en 38 zam africa magazine 02/2009

einde

De staatsmedia lopen wat verloren rond. Staatsomroep zBc grossiert niet meer in komische complottheorieën. The Herald zingt een toontje lager. zelfs columnist nathaniel manheru, die elke zaterdag in chauceriaans engels tekeer ging tegen tegenstanders, is de wacht aangezegd. Velen haatten hem, iedereen las hem. Tegenwoordig staan er bespiegelingen in The Herald over het ‘samen optrekken’. De krant noemde de leider van de mDc zelfs ‘kameraad Tsvangirai’! en premier Tsvangirai zelf? Die gaf een verslaggever ervan langs die vroeg waarom hij ‘mugabe vertrouwt’. De premier, als door een wesp gestoken: ‘Het is president mugabe’, met de nadruk op ‘president’. en zo is het precies.

President

er blijft nog genoeg om op te kankeren: de omvang van de nieuwe regering, de voorliefde van regeringsleden voor luxe SUV’s en glanzende italiaanse pakken, het voortduren van

JASon moyo is journalist voor de zuid-afrikaanse Mail & guardian. hij koMt uit ziMbabwe en bericht voornaMelijk over zijn vaderland.

Stemmen

Onderzoek naar censuur moordboek

O

Waarom mocht een boek van een nederlandse journalist met onthullingen over politieke moorden op vrijheidsstrijders in Zuid-afrika niet verschijnen? De uitgever zelf gaat nu op onderzoek uit. ‘this is a very dangerous world.’ DOOr: BarT LUirinK
de weg’, aldus groenink, die tot de conclusie is gekomen dat al voor de overgang naar democratie de miljarden verslindende aankoop van wapens tijdens het bewind van president mbeki werd voorbereid. De weerslag van haar onderzoek, Dulcie, een vrouw die haar mond moest houden verscheen in 2001 bij atlas.

p 29 maart 1988 werd in Parijs ancvertegenwoordiger Dulcie September vermoord. anderhalf jaar later werd de namibische vrijheidsstrijder anton Lubowski om het leven gebracht. in 1993, tenslotte, werd anc-leider chris Hani op de stoep van zijn huis doodgeschoten. naar de achtergronden van deze moorden deed de nederlandse journalist en zam-medewerker evelien groenink ruim tien jaar onderzoek. groenink ontdekte dat de drie moorden niet simpelweg kunnen worden toegeschreven aan doodseskaders in dienst van het toenmalige blanke minderheidsbewind. Volgens groenink leidt het spoor in alle drie de gevallen naar de internationale wapenhandel. ‘mensen als Hani, September en Lubowski stonden lucratieve contracten tussen mafiosi en aankomende regeringen in zuidelijk afrika in

De zuid-afrikaanse uitgeverij Jacana toonde na publicatie al snel grote interesse in een engelstalige editie van het boek. na vertaling en een actualisering van de inhoud besloot Jacana echter om het boek niet uit te brengen. inmiddels neemt in zuid-afrika de roep om onderzoek naar de achtergronden van de ‘arms Deal’ toe. Ook is er onvrede over het feit dat de ware toedracht bij de moord op September nooit is

Onvrede

vastgesteld en grote twijfel of de vermeende rechts-extremistische moordenaars van chris Hani wel de volledige waarheid hebben verteld. Jacana-redacteur maggie Davey van Jacana, tenslotte, vraagt zich nu af waarom haar uitgeverij enkele jaren geleden besloot om het boek niet uit te brengen. Davey en groenink hadden vier jaar lang aan de zuid-afrikaanse editie van het boek gewerkt. in die periode werden beiden geconfronteerd met gewelddadige bedreigingen door medewerkers van de inlichtingendienst en politici. advocaten van wapenbedrijven dreigden met kostbare juridische procedures. Oud-minister Pik Botha, die door groenink met de wapenaankoop in verband wordt gebracht, gaf Davey telefonisch te verstaan: ‘This is a very dangerous world, you know.’ WiSer, een onderzoeksinstituut aan de Witwatersrand Universiteit in Johannesburg, heeft haar inmiddels de zgn. ruth first fellowship toegekend, vernoemd naar de onderzoeksjournaliste die in de jaren tachtig door zuidafrikaanse doodseskaders werd omgebracht in maputo (mozambique). Davey zal op 17 augustus a.s. haar conclusies bekendmaken tijdens een lezing.
BArt luirink is hoofdredacteur van zam africa magazine

In Kenia woedt ook een discussie over de pensioengerechtigde leeftijd, volgens cartoonist James Kamawira.

zam africa magazine 02/2009 39

Stemmen

De tweede vrouw

het polygame huwelijk lijkt bezig aan een opmars in Zuid-afrika. nikiwe Bikitsha vraagt zich af hoe dit komt.

I

k kon de uitnodiging van een vriendin voor haar bruiloft in de Oost-Kaap moeilijk afslaan. De verbazing was groot geweest: een polygaam huwelijk! Dit speelde toch alleen op het platteland en in vorstelijke kringen? De emoties waren hoog opgelopen: ‘Hoe komt ze erbij?’ maar ook: ‘ach, ze gaat in ieder geval trouwen.’ na de nodige heftige en kwaaie discussies in onze kring waren de gemoederen wat bedaard. Wat me wel trof was hoever het hele gebeuren buiten mijn gezichtsveld lag. ik had niet gedacht dat ik in mijn leven ooit verzeild zou raken in zo’n discussie over een moderne, hoog opgeleide stadse vrouw. als we het ooit al over polygamie hadden, dan ging het over anc-president Jacob zuma met zijn voorliefde voor meer dan één echtgenote. Honend commentaar, daar kon de leider van de regeringspartij op rekenen tijdens etentjes in onze welbespraakte kringen. maar inmiddels werden we geconfronteerd met de werkelijke gevolgen van zo’n polygaam partnerschap, want het huwelijk van onze vriendin naderde met rasse schreden. We gingen erheen, maar dat betekende niet dat we het eens waren met haar besluit. We zouden haar alleen maar ondersteunen op de grote dag. Overigens waren we best nieuwsgierig naar de gang van zaken bij zo’n ceremonie. en zo sleepten we ons naar de Oost-Kaap, een tien uur lange rit. Het feest had aanvankelijk alles weg van een bruiloft in de beste kringen ter plaatse – we vermaakten ons geweldig, en we waren blij dat we erbij waren om onze vriendin te feliciteren. maar na een paar uur sloeg de stemming volledig om door een plotse-

ling opstekende storm, die de feesttenten volledig vernielde. Het was geen gezicht, zoals we het feest ontvluchtten alsof ons leven ervan afhing, ons vastklampend aan onze lange rokken terwijl onze borden met overheerlijke maïspap en pens alle kanten op vlogen. als het niet zo angstaanjagend was, zouden we er hard om hebben moeten lachen. zodra de aanwezigen zich in veiligheid gesteld

ik denk (helaas) van wel. en wel om vermoedelijk heel klinische redenen. Uiteindelijk draait het allemaal om de getallen. De huwelijksstatistieken voor heel afrika zijn glashelder: onder zwarte zuid-afrikanen is het huwelijk niet populair. Volgens cijfers uit 2005 was in dat jaar 67 procent van alle blanken tussen de 25 en 34 jaar getrouwd of samenwonend; voor de zwarte bevolking was dat niet meer dan 31 procent. ik heb bergen recent onderzoek doorgenomen, maar kan geen antwoord vinden op de vraag hoe dit komt. Volgens een artikel in de Washington Post geniet het huwelijk binnen de afro-amerikaanse gemeenschap ook ook bepaald geen grote populariteit. De auteur, Joy Jones, kwam tot de conclusie dat mannen zich over het algemeen pas veel later in hun leven willen settelen; zolang ze twintigers en dertigers zijn houden ze liever met niets en niemand rekening. Tegen de tijd dat mannen zich wel willen binden, zijn de vrouwen van dezelfde leeftijdsgroep inmiddels zo gewend aan hun onafhankelijkheid en financiële zekerheid, dat ze liever alleen blijven. Jonge mannen die willen trouwen zijn moeilijk te vinden. Vrouwen die graag in het huwelijksbootje willen stappen, komen er in toenemende mate achter dat ze niet ‘die ene’ zijn, maar nummer twee of drie. ik respecteer dat dit een volkomen wettige en acceptabele culturele praktijk is, maar ik word soms wel wanhopig. niet alleen vanwege de wijdverbreide bezorgdheid over hiv-infecties in ons land, maar ook omdat ik niets terugzie van de vooruitgang en het gelijkheidsideaal waarvan we allemaal hebben gedroomd en waarvoor onze voorouders zo hard hebben gevochten.

Zodra de wanordelijke kapsels en pruiken rechtgezet waren, begon het gefluister.

hadden, hun kalmte hadden herwonnen en hun wanordelijke kapsels en pruiken weer hadden goedgezet, klonk overal hetzelfde – zachtjes gefluisterd door de dikdoeners uit de stad, hardop geroepen door de plattelanders – dit was een teken dat de eerste vrouw niet blij was! Wat heerlijk om zwart te zijn: alles kan altijd aan hekserij worden toegeschreven, zelfs het weer. Sinds deze dag stel ik me geregeld de vraag: begint polygamie, door de middenklasse vaak van de hand gewezen als boers en achterlijk, soms voet aan de grond te krijgen in stedelijke kringen?

nikiwe BikitShA is een bekende talkshowhost in zuidafrika. ze werkt onder andere voor sabc en cnbc. ook is ze coluMniste voor de mail & guardian.

40 zam africa magazine 02/2009

Stemmen

Zoek de journalist (2)

in de oproep van Gerard Guèdègbé (Zam jaargang 13, no. 1) om te waken voor een te groot vertrouwen in het modieuze citizen journalism in afrika, noemt hij africanews.com als voorbeeld van een nieuwsagentschap van amateurs. pieter van twisk, directeur van africanews.com, reageert.
gevuld met professionele journalisten, die hun meer kritische bijdragen niet in de eigen afrikaanse media kwijt kunnen. gerard guèdègbé staat nota bene zelf sinds geruime tijd ingeschreven in onze database. africanews.com roept zowel geschoolde als beginnende journalisten uit afrika op om misstanden aan de kaak te stellen en als reporter toe te treden tot onze gelederen. niet omdat we per se geloven in citizen journalism, maar gewoon omdat afrika gebaat is bij meer eigen broek ophouden. Wat meer steun voor zo’n initiatief zou dan ook gepast zijn. Naschrift Gerard Guèdègbé: Juist omdat zij de hoogste kwaliteit willen leveren, gaan Afrikaanse journalisten de uitdaging van hun moeilijke werkomstandigheden aan. Journalistiek is een vak dat gewaardeerd en gehonoreerd moet worden, ook in Afrika. Op verslaggeving door ‘burgers’ is niets tegen zolang dit maar vermeld wordt. Daar heb je geen subsidie voor nodig.

chte journalisten streven, volgens guèdègbé, waarheidsgetrouwheid, accuratesse en transparantie na en deze standaarden zouden niet gelden voor burgerjournalisten. Uit angst voor journalistiek dilettantisme roept hij waarnemers van media in afrika op om vooral verschil te maken tussen ‘aardig bloggende one-man shows en echte journalistiek’. Op zichzelf is zijn pleidooi lovenswaardig, ware het niet dat hij voorbijgaat aan een paar belangrijke zaken. Objectieve journalistiek is in afrika zeker broodnodig, maar helaas allesbehalve vanzelfsprekend. Hoewel guèdègbé blij verkondigt dat het allemaal zoveel beter gaat met de journalistiek in afrika, meldt het laatste rapport van reporters Without Borders (2008) onomwonden dat het bergafwaarts gaat met de persvrijheid in afrika. De meeste persdiensten zijn in overheidshanden en allesbehalve objectief of betrouwbaar. afrikaanse journalisten krijgen bedroevend slecht betaald, en corruptie en commerciële lippendienst zijn schering en inslag. Daarnaast heeft de toenemende invloed van china, volgens reporters Without Borders, een weinig positieve uitwerking op de persvrijheid.

E

Het gaat bergafwaarts met de persvrijheid in Afrika

in dit licht komt africanews.com er heel wat minder slecht vanaf dan in guèdègbé’s pleidooi. anders dan hij suggereert is de site niet per se een platform voor citizen journalism. De site maakt gebruik van een vaste redactie in accra en heeft een aantal professionele betaalde journalisten die dagelijks artikelen aanleveren. De database met reporters van africanews.com is voor het overgrote deel

Kritisch

openheid en transparantie en dus bij meer goede journalistiek. en anders dan guèdègbé schrijft, afficheren we ons nergens als nieuwsdienst van citizen journalist. Weliswaar kan iedere afrikaan een bijdrage leveren aan africanews.com, maar alleen de beste artikelen worden door de redactie geselecteerd voor de meest prominente pagina’s. er wordt gewerkt aan een trainingsprogramma en er is een gelieerde stichting die jonge afrikanen opleidt tot camjo (de Stichting Voices of africa media foundation). Dat het allemaal nog niet perfect is moge duidelijk zijn. We zitten in een opbouwfase en de middelen ontbreken vooralsnog om al onze doelstellingen in één keer te verwezenlijken. maar hé, wij worden dan ook niet geholpen met vaste subsidiegelden en moeten onze

Pieter vAn twiSk is directeur van de stichting africa interactive. daarvoor was hij onder andere hoofdredacteur van planet internet. zie www. africanews.coM, www.africa-interactive.coM en www.voaMf.org

zam africa magazine 02/2009 41

Paula akugizibwe
Column Torero Café, Kigali
ooit was de belegen countryzanger kenny rogers het idool van kigali, maar paula akugizibwe ontdekte dat de rwandese hoofdstad snel aansluiting weet te vinden bij de 21ste eeuw.
en jaar geleden verhuisde ik voor een nieuwe baan van Kigali naar Kaapstad. als ik terugkom vraag ik mijn vrienden: ‘en, nog wat nieuws te melden?’ De blik heft zich dan ten hemel, de stem zakt weloverwogen naar verveeld: ‘niks, uiteraard.’ maar dat klopt nooit. eind vorig jaar ging ging hier bijvoorbeeld de eerste supermarkt open waar je 24 uur per dag terecht kunt. Dat leidde tot nieuwe taferelen in deze kleine stad: een stelletje ongeregeld voor de winkeldeur, twintigers die om drie uur ‘s nachts na een feestje de stad afgrazen op iets te knabbelen. nog meer nieuws? zeker. De economie groeit als kool in Kigali. eindelijk krijgt het internationale bankwezen er voet aan de grond, er zijn nieuwe scholen, nieuwe winkels, nieuwe clubs en nieuwe wegen. Kigali is nog steeds mijlenver verwijderd van het kosmopolitische Kaapstad. Waar Kaapstad elke paar weken een plastisch-chirurgische transformatie ondergaat, krijgt Kigali net de smaak te pakken van het gebruik van make-up. Dat heeft iets ongelooflijk opwindends. er verandert van alles en er zitten nog veel meer veranderingen aan te komen, en ze arriveren in hoog tempo – veranderingen ten goede of ten kwade. Liever niet ten kwade, natuurlijk. naarmate er meer met modder wordt gegooid tussen de rwandese en franse regering, naarmate er meer aanwijzingen komen voor de betrokkenheid van rwanda bij het conflict in het oosten van de Democratische republiek congo en donors zich uit het land terugtrekken, bekruipt je een akelig voorgevoel dat je maar moeilijk van je af kunt schudden, in weerwil van de standvastigheid die president Paul Kagame uitstraalt. 42 zam africa magazine 02/2009

sen – een revolutie zonder drama, maar eentje die een brug slaat naar een opener geest, een breder perspectief en een diverser cultuur. natuurlijk baart deze culturele revolutie ook minder subtiele kinderen, zoals je aan mijn jongere broers en zussen kunt zien. Verslaafd aan mTV laten ze zich opzuigen in de wereldwijde draaikolk van populaire cultuur. Die cultuur neemt langzaam bezit van Kigali, een onvermijdelijk effect van de economische ontwikkeling. Kort geleden was de Jamaicaanse muzikant Sean Paul in de stad, dankzij rwandatel, een van de twee nationale mobiele netwerken. Om niet achter te blijven haalde het concurrerende mTn het weekeinde daarna ‘mr. Boombastic’ Shaggy naar de stad – voor zijn concert werd het hele stadion geel geverfd. Ooit was Kenny rogers hèt idool. Hij paste op het eerste gezicht totaal niet in de plaatselijke cultuur, maar bizar genoeg hield iedereen van zijn songs. Waar je ook kwam in Kigali, overal klonken flarden rogers. zijn populariteit lijkt door alle nieuwe ontwikkelingen plotsklaps voorbij. mij bekruipt een licht gevoel van heimwee. arme Kenny. Wij waren zijn laatste kans op een come-back. Verandering, verandering, verandering. Daar zitten we dan bij Torero, nippend aan onze wijn, jong, interessant en geïnteresseerd te zijn. We zitten vol ideeën. Uren en uren zitten we te praten. feminisme, traditionalisme, import, export, Kenny rogers, Sean Paul, afro-pessimisme, afro-optimisme, revolutie, voetbal, supermarkten voor dag en nacht, het strand van Bujumbura, de Democratische republiek congo, frankrijk, Duitsland, gele stadions, de lapjesmarkt, meren, vrijheid voor de media, het verleden, de toekomst, nieuwe plaatsen, nieuwe gezichten, verandering, verandering, verandering. een wereld te verliezen en een wereld te winnen. Onmogelijk te zeggen welke kant het op zal gaan, maar op dit ogenblik voelt het goed om thuis te zijn.

E

De dagelijkse demonstraties van groei en veranderingen stemmen me op dit ogenblik echter hoopvol. Dat vrouwen 56 procent van de zetels in het vorig jaar verkozen parlement bezetten, vervult me met trots. De veranderingen roepen fascinatie op, maar ook het gevoel dat ik iets mis – omdat ik er niet bij ben. Dat ik al zo veel gemist heb. Dat voel ik bijvoorbeeld heel duidelijk op de avonden die ik doorbreng in het Torero café – rwanda’s eerste kunstenaarscafé. Toen ik in

Voor het concert van Shaggy werd het hele stadion geel geverfd.
januari vorig jaar wegging, bestond Torero grotendeels alleen nog maar in het hoofd van mijn vriend Daddy ruhorahoza, een rwandese filmer met een afkeer van alles wat conservatief en conventioneel is. zijn droom is nu werkelijkheid geworden. Weggestopt, letterlijk ondergronds, midden in Kigali, is het Torero café het zoveelste symbool van de ontwikkeling van een samenleving waarin voorheen weinig plaats was voor kunst en cultuur. De uitstraling is vrijzinnig, sympathiek, intellectueel en divers, en dat zijn ook de kenmerken van het jonge publiek dat het café weet te trekken. Het Torero café biedt het uitgaansleven van Kigali welkome nieuwigheden zoals quizavonden, sofa’s, een kleine kunstgalerie, gratis draadloos internet, verschillende soorten muziek en een ongebruikelijke keuken. Het is jammer dat ik deze revolutie moet mis-

PAulA AkugiziBwe werd geboren in nigeria; haar ouders waren afkoMstig uit rwanda en oeganda. ze woont nu in kaapstad.

column

Prudence mbewu Auto
Onze mannen en zonen hebben zo’n fragiel ego dat ze alsmaar indruk moeten maken op de rest van de wereld. Vanaf hun twaalfde lopen ze al met hun handen diep in de zakken van hun baggy pants. ze willen graag de flinke Vent zijn, maar ze weten niet hoe. zwarte mannen willen een luxe leven leiden ook al hebben ze er niet hard voor gewerkt. ze willen rondrijden in dure auto’s die ze nooit kunnen betalen. een vriend van mij is een politieman. ik vroeg hem hoe hij met corruptie omgaat, bijvoorbeeld als hij dronken automobilisten aanhoudt op straat. Laat hij ze gaan in ruil voor een paar bankbiljetten? ‘natuurlijk, zeker weten’, riep mijn vriend lachend. zijn huis stond vol met dure apparaten, die hij van zijn salaris nooit had kunnen aanschaffen. zelfs mijn eigen zoon wil de blits maken met dingen die hem niet toekomen. Themba raakte daardoor bijna zijn baan kwijt. Hij werkt sinds kort met gehandicapten en ik vind dat mooi, want zo ziet zo’n jongen tenminste dat er ook mensen zijn die het een stuk moeilijker hebben dan hij. maar op een ongelukkige dag leende de baas hem een bedrijfsauto, omdat hij de dag erna heel vroeg met iemand naar een vergadering in een andere stad moest rijden. ik hield mijn hart vast, want auto’s zijn mijn zoons’ zwakke plek. en inderdaad, die avond zag ik Themba met de auto wegrijden. niet naar een vergadering, maar ‘even naar een vriend’, riep hij. zo is Themba. Hij was vertrokken voor ik zelfs maar ‘nee’ kon roepen. Om acht uur die avond begon ik me zorgen te maken. ik stuurde SmSjes, ik belde, geen antwoord. ik deed die nacht geen oog dicht. ‘s Ochtends belde de baas, waar Themba was, want de passagier had geklaagd dat niemand hem op was komen halen. ik was inmiddels helemaal misselijk van ellende, maar ik wilde Themba toch nog beschermen. ik zei dat ik de stad uit was geweest en dat ik van niets wist. De volgende dag kwam hij schaapachtig aansjokken. Hij had, met een hoeveelheid alcohol in zijn lijf waar een stokerij trots op zou zijn, de auto in de prak gereden en de nacht in het ziekenhuis doorgebracht. Hij had een hersenschudding en hij had dood kunnen zijn, of hij had, god verhoede, iemand anders gedood kunnen hebben, alleen maar omdat hij indruk wilde maken op zijn vrienden met een glimmend rode auto die de zijne niet was. gelukkig werd hij net niet ontslagen, maar ik heb er weer een paar grijze haren bij. misschien voelen zwarte mannen, inclusief mijn zoon, zich nog steeds achtergesteld bij blanken. Per slot van rekening hebben blanken twee, drie auto’s per familie en zitten ze altijd in restaurants op gewone werkdagen. in ons leven hebben we blanken altijd alleen maar zien luieren en genieten terwijl het werk door ons werd gedaan. ik kan als moeder nog zo vaak roepen: ‘Je moet hard werken voordat je je een auto kunt veroorloven’, maar blanken steken geen vinger uit en toch wordt alles hen op een dienblaadje aangereikt. misschien is het wel logisch dat onze zonen ook dingen willen waar ze niet voor hebben gewerkt. maar alles verklaren betekent nog niet alles vergeven. Themba moet nu toch eindelijk zijn lesje eens geleerd hebben, want ik heb nu wel genoeg slapeloze nachten gehad. zam africa magazine 02/2009 43

Ik was inmiddels helemaal misselijk van ellende, maar wilde mijn zoon toch nog beschermen

Feest!
Vamba Sherif op feSpaCo
44 zam africa magazine 02/2009

Eind februari ging de schrijver Vamba Sherif naar Burkina Faso om het grootste filmfestival van Afrika te bezoeken. Zijn leven zou nooit meer hetzelfde zijn.

TeksT: Vamba sherif, fOTO’s: fabian hickeThier/WWW.bar-m.De

zam africa magazine 02/2009 45

Voor het hotel zaten jongens in uniform: de bewakers van het hotel. Met eentje knoopte ik een gesprek aan, het begin van een reeks gesprekken waarin hij uiteindelijk zijn hele levensverhaal aan mij zou vertellen. Hij verdiende vijftig euro per maand, en van dat geld moest hij niet alleen zelf zien te overleven, maar ook zijn twee kinderen bij twee verschillende vrouwen onderhouden. Ik zou in de loop van de week zo geïnteresseerd in zijn verhaal raken, dat ik met hem meeging om zijn leven van dichtbij te beleven: zijn twee jonge vrouwen woonden niet bij elkaar, en zijn twee kinderen waren nog heel jong. Wat hij per maand verdiende, was hetzelfde bedrag dat wij, de buitenlandse bezoekers aan FESPACO, per dag uitgaven. Dit was zijn realiteit, die ook de mijne had kunnen zijn als ik in zijn wereld was opgegroeid.

Opwinding

e eerste film die ik ooit zag kwam uit China. Ik was acht en woonde bij mijn oma. De verhalen uit de donkere kamer, waar mijn leeftijdgenoten in verdwenen om later weer te verschijnen, boeiden me zozeer dat ik op een dag stiekem de bioscoop binnen sloop. Midden in mijn eerste film, net toen de held op het punt stond revanche te nemen vanwege de moord op zijn ouders, hoorde ik mijn naam in het donker klinken: ‘Naamgenoot van mijn man, waar ben je?’ Het was mijn oma. Ik werd berispt omdat ik, een Sherif, een nakomeling van de profeet, niet in een bioscoop thuishoorde. Mijn liefde voor films was echter al ontbrand. Voortaan maakte het me niet uit wat voor film ik zag, zolang ik maar in een andere, bijzondere wereld terechtkwam. Mijn specifieke liefde voor Afrikaanse films ontstond pas later, toen ik als volwassene geconfronteerd werd met de uitdagingen van het leven in Nederland. In feite was deze liefde een poging om mijn verleden met mijn heden te verenigen, een strijd die nog steeds gaande is. Elke liefde kent een hoogtepunt, en het mijne was dit jaar een bezoek aan het grootste filmfestival van Afrika, FESPACO, in Ouagadougou, de hoofdstad van Burkina Faso.

Afrika

Het hart van het festival was een imposant gebouw van leem, net zo rood als de stof dat mijn taxi achtervolgde. Daar bruiste het van de energie. Aan de voorzijde werden souvenirs en T-shirts met afbeeldingen van mijn filmheld Sembene Ousmane verkocht. Ousmane, die twee jaar geleden was gestorven, werd op dit festival geëerd. De energie die uit het gebouw sidderde zoog me als het ware naar binnen, en ik zag prachtige portretten van winnaars van vorige edities van het festival. Het feit dat het oneindig lang duurde voordat ik mijn toegangspasje kreeg vond ik niet eens betreurenswaardig. Ik genoot met volle teugen van de aanblik van de prachtig geklede mannen en vrouwen die overal rondliepen. Ik vroeg mij af of ik door Nederland niet zodanig was veranderd dat ik met andere ogen naar Afrika keek. Alles wees er op dat dat het geval was. Ik had een fles mineraalwater bij me, ik slikte malariapillen, het liefste zou ik een klamboe in mijn hotelkamer hebben, en het straateten probeerde ik te vermijden. Ik was tenslotte in Afrika, waar alles mis kan gaan. Verdomme, dacht ik toen bij mezelf, ik ben hier vlakbij geboren. Dit zijn mijn mensen. Hun taal is de mijne! Waarom zo’n buitensporige zorg? Met dat besef gaf ik me over aan het festivalgedruis. Het verbaasde me hoeveel belangstelling er van de Burkinezen was voor Afrikaanse films. Rijen mensen stonden voor de bioscopen. De organisatie van het festival had de films over de hele stad verspreid, met de bedoeling dat bewoners en bezoekers met elkaar in contact konden komen, en ook om verre wijken niet buiten te sluiten.

Met steun van dit tijdschrift reisde ik naar Burkina Faso. Vooraf was ik bezorgd dat ik het met mijn beperkte Frans moeilijk zou krijgen in een Franstalig land, maar die zorg verdween snel toen ik er achterkwam dat velen in Ouagadougou Dyulah spraken, een variant van mijn moedertaal Mandingo. Bovendien bleek het Frans dat in Burkina Faso gesproken wordt makkelijk op te pakken. Door de inspanning van de reis en de opwinding over de komende dagen kon ik de eerste nacht niet slapen. De volgende ochtend was ik een van de eersten die in de sierlijke tuin achter het hotel zat te ontbijten, op zijn Frans. Afrika moest ik nog beleven, en het ontvouwde zich voor me toen ik buiten de volle lading van de hitte in mijn gezicht kreeg.

Films

Een van de films die ik de eerste dagen zag was de vakkundig gemaakte documentaire Mere-Bi van de Senegalese filmmaker Ousmane William Mbaye. Het was een eerbetoon aan zijn moeder, de eerste vrouwelijke journaliste van Senegal. In de documentaire werd haar geschiedenis gekoppeld aan de politieke geschiedenis van het land. Dankzij deze film raakte ik in de ban van de documentaires, die ik interessanter vond dan veel speelfilms op het festival. Ik zag ook de documentaire Ahmad Babah and the Manuscripts of Timbuktou, van de Zuid-Afrikaan Zola Maseko. Dit vond ik de mooiste documentaire van het festival, maar dat kwam misschien ook door mijn interesse in het onderwerp.

46 zam africa magazine 02/2009

Ramata, een speelfilm van de Congolese filmmaker Leandre AlainBaker trok ook mijn aandacht. Het alles vernietigende verlangen van een vrouw voor een jongeman werd indrukwekkend gespeeld door het vorig jaar overleden Guinese model Katoucha Niane. Maar de kroon op mijn filmervaring was zonder twijfel Camp de Thiaroye, een film van Sembène Ousmane en Thierno Faty Sow uit 1987, een meesterwerk. Het verhaal over de rol van Afrikaanse soldaten in de Tweede Wereldoorlog is bekend, maar niet de tragedie van de soldaten die na afloop naar hun eigen land terugkeerden. Sembène maakte van dat stukje Afrikaanse geschiedenis een aangrijpende film die boven alles uitsteeg wat ik op FESPACO zag.

Magie

van de magie van FESPACO. Zo kwam ik een groep Zweden tegen met wie ik de liefde voor literatuur deelde. Er was een Pools meisje met onuitputbare energie die in Leiden was gepromoveerd. Ik kwam een aantal jonge acteurs en muzikanten tegen die zich zorgen maakten over de toekomst van de Afrikaanse films: ze beschreven hoe ze het anders zouden doen mochten ze ooit de kans krijgen. Ik bracht enkele avonden bij La Fôret door, een chique restaurant met live muziek en heerlijk eten. Daar ontmoette ik Manthia Diarawa, een bekende intellectueel van Malinese afkomst die op New York University doceerde. Het bleek dat we een gemeenschappelijk vriend hadden, Ngugi Wa Thion’go, de grote Keniaanse schrijver. De volgende dag kwam ik Manthia ook tegen in Hotel Independance, de ontmoetingsplek bij uitstek voor festivalbezoekers. Terwijl we in de zon zaten, in het gezelschap van zijn mooie Senegalese vrouw, praatten we over Afrikaanse film, literatuur en geschiedenis. Hij had het over de roman die hij aan het schrijven was, en ik over de mijne. Als twee zielverwanten bogen we ons over onze uitdagingen.

FESPACO is meer dan alleen films. Eigenlijk gaat het om de mensen, en ik heb er alles aan gedaan om er in een korte tijd zoveel mogelijk te ontmoeten. Het vergde weinig inspanning. Ik hoefde alleen maar naar het terras voor de bioscoop te gaan en binnen de kortste keren zat ik tussen de mensen met bijzondere levens en verhalen, allen in de ban

Onbeschoft

Op een dag werd ik, toen ik de straat overstak na een bezoek aan het festivalgebouw, letterlijk aangevallen door een jongeman. Ik had hem eerder gezien, hij probeerde DVD’s en boeken over de vroegere president Thomas Sankara te verkopen. Het verbaasde me enigszins dat de huidige president Compaoré toeliet dat er mensen rondliepen met souvenirs van de man die hij had laten vermoorden. Omdat de jongeman niet de eerste was die spullen aan me probeerde te verkopen, had ik de vorige dag geen aandacht aan hem geschonken. ‘Het was onacceptabel wat je gisteren deed, onacceptabel. Onbeschoft. Hoe durf je mij zo te beledigen?’ Ik stond met mijn mond vol tanden. Ik had een van de grootste zonden in dit deel van de wereld begaan: geen respect voor de medemens getoond. ‘De mensen in Burkina Faso zijn zeer gevoelig’, vertelde een vriend van mij later. ‘Ook al wil je hun spullen niet kopen, dan moet je dat beleefd zeggen, en niet doen alsof ze een kwelling in je bestaan zijn.’ Mij was een les in beleefdheid geleerd. Naarmate de dagen vorderden begon ik me thuis te voelen in de hitte en het stof, en mijn nachten werden, net als die van veel festivalbezoekers, langer. Elk avond verspreidden zich verhalen over feesten in de stad. Op een nacht vond ik mijzelf op een feest waar ik niemand kende; het was er zo heerlijk, tussen mensen die allemaal de festivalgeest met mij deelden, dat ik besloot om voortaan alle FESPACO’s te bezoeken. Hier ging het om: feesten, genieten en kletsen over van alles en nog wat. De nacht ging door en het kon me niet schelen of ik slaap nodig had of niet, het ging mij om het moment. Mijn leven was voorgoed veranderd. Dat is wat FESPACO bijzonder maakt.

Op een nacht vOnd ik mijzelf Op een feest waar ik niemand kende; het was er zO heerlijk!

Vamba Sherif is schrijver. hij werd geboren in Liberia, groeide op in het middenoosten en woont sinds 1993 in nederLand. hij debuteerde met Het land van de vaders. daarna verscheen van zijn hand Het koninkrijk van sebaH en ZwijgplicHt.

zam africa magazine 02/2009 47

Een buitengewone obsessie
Als God van homo’s hield, had hij wel Adam en Steve geschapen, schamperen orthodoxe bisschoppen in Afrika. Maak je liever druk over de armoede en aids, reageren hun critici. De Anglicaanse kerk in Afrika wordt verscheurd door interne strijd.

AfrikAAnse homo’s Als kop vAn jut in kerkelijke mAchtsstrijd

TeksT: madeleine maurick foTo: nic BoThma/ePa

48 zam africa magazine 02/2009

zam africa magazine 02/2009 49

H
50 zam africa magazine 02/2009

et Evangelie volgens de Nigeriaanse bisschop Peter Akinola: homoseksualiteit tast de fundamenten van het geloof aan, het is onverenigbaar met de Schrift en huwelijken tussen mensen van hetzelfde geslacht ondermijnen Gods gebouw. Homoseksuele bisschoppen vergelijkt hij met kakkerlakken. ‘Als het fundament scheurtjes vertoont, is de kans groot dat er van alles binnenkruipt’, aldus de bisschop. Met de benoeming in 2003 van Gene Robinson tot bisschop in de Amerikaanse Anglicaanse kerk kroop de eerste openlijk homoseksuele bisschop de kansel op. De geest was uit de fles in deze bijna 500 honderd jaar oude, 77 miljoen leden tellende gemeenschap. Afrikaanse kerkleiders schreeuwen moord en brand. Wat verklaart hun uitgesproken weerzin van homoseksualiteit?

onderscheiding van de International Gay and Lesbian Human Rights Commission (IGLHRC). Tutu dicht zijn kerk een ‘buitengewone obsessie’ met homoseksualiteit toe. Hij vergelijkt homohaat met apartheid. ‘Mensen worden veroordeeld voor iets waar ze niets aan kunnen doen: hun etniciteit, hun huidskleur of hun seksuele voorkeur.’

dienstplichtigen

impotentie

Desmond Tutu is lange tijd stil als hem deze vraag gesteld wordt. ‘Wat mij opvalt is dat deze kerkleiders wonen in landen waar honger, armoede, oorlogen, corruptie en onderdrukking heersen. Ik denk dat veel mensen, in het zicht van deze enorme problemen, een soort ‘impotentie’ voelen. Onmacht. Ze kunnen er weinig aan veranderen en daarom zoeken ze iets waarvan ze denken dat het wél oplosbaar is. Fundamentalisme groeit in tijden van verwarring en homoseksualiteit is dan een voor de hand liggend doelwit’. Hoe denkt Tutu er zelf over? De voormalig aartsbisschop lacht aanstekelijk. `Ik geloof niet dat God zo geobsedeerd is met de genitale activiteiten van mannen en vrouwen. Als God homofobisch is, is dat niet de God die ik aanbid.’ Tutu is sinds zijn pensionering in 1996 een ambassadeur voor moeilijke zaken geworden. Voor zijn steun aan campagnes voor vrijheid van seksuele oriëntatie, kreeg hij in 2008 een

Is kerkelijk Afrika homofoob? Komt het enige tegengeluid van een eigenzinnige aartsbisschop in het uiterste zuiden van Afrika die, zo beweren critici, eigenlijk ‘on-Afrikaanse uitlatingen’ doet, en die het contact met de Afrikaanse realiteit verloren heeft? Trevor Mwamba, de aartsbisschop van Botswana, bestrijdt die voorstelling van zaken. Hij denkt dat het gros van de Afrikanen wel wat beters te doen heeft dan zich zorgen te maken om homoseksualiteit. In zijn minikantoor naast de Anglicaanse kerk in het centrum van Gaborone noemt hij net als Tutu de sociale en economische problemen in veel Afrikaanse landen. ‘Dát zijn de thema’s die wij belangrijk vinden en die onze prioriteiten bepalen.’ Bij de benoeming van de Amerikaan Gene Robinson, is niet gekeken naar zijn seksuele voorkeur, maar naar zijn kwaliteit als bisschop, stelt Mwamba. ‘Amerikaanse conservatieven zagen zijn benoeming echter als een grote nederlaag. Nu willen ze Afrika in hun strijd tegen homoseksualiteit betrekken, al was het maar vanwege het grote aantal gelovigen hier. Alleen al Nigeria telt zo’n 17 miljoen Anglicanen, Amerika nog geen 3 miljoen.’ Wie de Afrikaanse kerk meekrijgt, versterkt dus zijn positie. De Afrikaanse bisschoppen van Nigeria, Oeganda en Kenia – degenen die het meest van zich laten horen – kwalificeert Mwamba als ‘dienstplichtigen’ in een Amerikaanse oorlog.

uit de kast

Terug in Kaapstad, de standplaats van deken Rowan Smith. In de jaren 70 wist zelfs zijn familie niet dat hij homo was. Smith was anti-

‘Zij hadden de Bijbel en wij het land. Maar toen we na het bidden onze ogen openden, hadden zij het land en wij de Bijbel’
apartheidsactivist. Zijn familie steunde hem in die strijd en dat wilde Smith niet op het spel zetten. Pas toen het democratische Zuid-Afrika een grondwet aannam die homo’s gelijke rechten garandeerde, vertelde hij dat hij homoseksueel was. Smith: ‘Nu wilde ik vrij zijn als zwarte èn als homoseksuele Zuid-Afrikaan.’ Op een avond in 1994 keek hij, samen met zijn acht broers en zusters, naar een discussieprogramma over de grondwet, en verzuchtte: ‘Ze hebben het over mij’. Een week later vertelde hij het aan zijn aartsbisschop, Desmond Tutu. ‘Toen ik gevraagd werd om in de kathedraal te preken over het homohuwelijk sprak ik over ‘erkenning van onze relaties’. De volgende dag stond in het commentaar van een krant: ‘Zei de deken: wij?’ Ik heb toen een interview gegeven en kwam helemaal uit de kast.’ Ook Smith relativeert de Anglicaanse ‘obsessie’. ‘Het is een totale misvatting om te denken dat de huidige scheiding der geesten iets te maken heeft met wat Gene Robinson in bed doet. Het gaat erom wie in deze kerk de macht heeft. Amerikaans geld en grote aantallen Afrikaanse gelovigen zijn kundig aaneengesmeed.’ Canada te ‘disciplineren’. Toen dit niet gebeurde en er ook in de daarop volgende jaren weinig aan de conservatieve lobby werd toegeven, besloten 271 orthodoxe bisschoppen om niet deel te nemen aan de Lambeth Conferentie in 2008, de belangrijke Anglicaanse bisschoppenvergadering die elke tien jaar wordt gehouden. Op een alternatieve bijeenkomst in Jeruzalem, de Global Anglican Future Conference, besloten de deelnemers om zich – vooralsnog binnen de kerk – te organiseren als voorstanders van een orthodoxe interpretatie van de Bijbel. Ze vormden een eigen bestuursraad. De leidende rol van Canterbury, waar aartsbisschop Williams zetelt, erkenden ze niet langer. Veel Afrikaanse bisschoppen hebben, ondanks de Amerikaanse regie, het gevoel deel te nemen aan een opstand tegen de ‘westerse dominantie’ in hun kerk. De Anglicaanse kerk kwam immers ooit in het kielzog van het Britse koloniale bestuur naar Afrika. Tutu vatte die geschiedenis als volgt samen: ‘Toen de missionarissen naar Afrika kwamen, hadden zij de Bijbel en wij het land. Ze zeiden ‘laat ons bidden’. We sloten onze ogen. Toen we ze openden, hadden wij de Bijbel en zij het land.’ Er is dus nog een appeltje te schillen met het Westen. Waarom zou een Engelsman de baas moeten zijn, vraagt de Oegandese bisschop Niringye zich retorisch af. Zijn collega Orombi, de aartsbisschop van Kampala, kondigde in de

krant ‘het einde van de lange nacht van Britse hegemonie’ aan. ‘Oeganda is na Nigeria de grootste Anglicaanse Provincie in de wereld. Het is duidelijk dat de jongere kerken van het Anglicaans Christendom zullen bepalen wat het betekent om Anglicaan te zijn’, aldus Orombi.

Vaagheid

Misschien is het verlangen om de Anglicaanse kerk te positioneren als een ‘zuivere kerk’ ook een gevolg van de strijd tussen het christendom en de islam in Afrika. Volgens de Zuid-Afrikaanse moslimtheoloog Farid Esack weten moslims feilloos de Achilleshiel van de christenen te vinden. ‘De morele vaagheid en onzekerheid, die zo kenmerkend is voor kerken in het Westen, wordt christenen vaak in het gezicht gesmeten. Vooral in landen zoals Nigeria, Tanzania, Ghana, waar veel moslims en christenen leven, is die polemiek heftig. Dat zal zeker meespelen als orthodoxe Afrikaanse bisschoppen homo’s weer eens tot Kop van Jut uitroepen.’ Montreal, zomer 2007. Robinson geeft een toespraak op een conferentie over homoseksualiteit en mensenrechten en krijgt een staande ovatie. De Afrikaanse conferentiegangers juichen het hardst. Volgens een Kameroenese deelnemer zorgt de kwestie Robinson ervoor dat homoseksualiteit hoog op veel Afrikaanse agenda’s staat. ‘Dan komen er ook negatieve reacties naar boven, dat hoort erbij. Maar het dwingt andere bisschoppen weer om het voor homoseksuelen op te nemen. Al weet ik niet hoe gelukkig we moeten zijn met het verweer dat homoseksualiteit eigenlijk een non issue is in vergelijking met armoede en corruptie...’

opstand

Na de benoeming van Robinson eisten de conservatieven in 2004 van aartsbisschop Williams, die de Anglicaanse kerk vanuit Engeland leidt, om de homovriendelijke kerken in de VS en

madeleine maurick is journalist en therapeut. met Bart luirink werkt zij aan een Boek over homoseksualiteit in afrika dat in de loop van 2009 wordt gepuBliceerd. dit artikel kwam mede tot stand dankzij een financiële Bijdrage van hivos.

zam africa magazine 02/2009 51

Lezersaanbiedingen
Tim Butcher

Bloedrivier

FOAM

iSBn 9789046804766 Uitgeverij nieuw amsterdam Journalist Tim Butcher maakte in opdracht van The Daily Telegraph in 2000 dezelfde reis naar de congo als ontdekkingsreiziger Henry morton Stanley in 1870 (die ooit in opdracht van dezelfde krant reisde). Tegen inlevering van deze bon ontvangt u tot 31 augustus 2009 M4,- korting bij de erkende boekhandel. actienummer: 901-63548 normale prijs: M22,50 zam-prijs: M18,50

Guy Tillim / Avenue Patrice Lumumba

modernistische architectuur in landen als congo en mozambique staan centraal in deze foto’s van de zuid-afrikaan guy Tillim. Tot 30 augustus te zien in fotomuseum fOam in amsterdam, zie www. foam.nl voor meer info. Tegen inlevering van deze bon ontvangt u tot 30 augustus het tweede toegangskaartje gratis. niet geldig in combinatie met andere kortingen.

Gratis kaartje van ZaM

4 euro kortinG van ZaM

John Collins

iSBn 9789068327489 KiT Publishers De muziek van de nigeriaanse popster fela Kuti, zijn verbanning en arrestatie, de Kalakuta republic, zijn harem van 27 vrouwen, alles komt aan de orde in dit boek. Tegen inlevering van deze bon ontvangt u tot 31 augustus 2009 M2,50 korting bij de erkende boekhandel. actienummer: 901-65818 normale prijs: M24,50 zam-prijs: M22,00

Fela Kuti - Kalakuta Notes

Sara Tavares

Xinti

2,50 kortinG van ZaM

Sunshine Soul. Kaap-Verdiaanse gitaarloopjes. angolese ritmes en zwoele Portugese zang. Sara Tavares toert momenteel door europa, zie voor tourdata www. worldconnection.nl/saratavares Win een exemplaar van haar nieuwe cd door uw naam en adres voor 1 juli te sturen naar actie@zam-magazine.nl

Win één van de vijf Cd’s

een abonnement op zam voor q 25,– per jaar www.zam-magazine.nl
52 zam africa magazine 02/2009

Afrika is hier

Marissa Moorman

Intonations. A Social History of Music and Nation in Luanda, Angola
iSBn 9780821418239, Ohio University Press muziek speelde een grote rol in de onafhankelijkheidsstrijd van angola. Dit boek geeft een overzicht en bevat ook een cD met de belangrijkste (en mooiste) voorbeelden. Bij Black label krijgt u 10% korting op deze titel. Bezoek www.blacklabel.be of bestel direct op info@blacklabel onder vermelding van de zam-actie. normale prijs: M28,50, zam prijs: M25,50

3 euro kortinG van ZaM

REBELLE

Win kaartjes van ZaM

Museum Moderne Kunst Arnhem
Tegen inlevering van deze bon ontvangt u de tweede toegangskaart gratis voor de voorstelling van vrijdag 10 juli, 21.00 in Theater Bellevue. Kaartjes zijn alleen te koop aan de kassa van de Stadsschouwburg amsterdam. niet geldig in combinatie met andere kortingen.

Julidans

Faso Danse Théâtre met Babemba

choreograaf en danser Serge aimé coulibaly uit Burkina faso heeft een heel eigen danstaal, die zijn oorsprong vindt in afrika. zie voor meer informatie www.julidans.nl

Ken jij een rebelle? neem je oma, moeder, zus, vriendin of dochter mee naar de tentoonstelling reBeLLe. Kunst en feminisme 19692009. zie ook www.mmkarnhem.nl Win vrijkaartjes voor 2 personen door uw naam en adres voor 1 juli te sturen naar actie@zam-magazine.nl. geldig t/m 23 augustus 2009.

(advertentie)

Gratis kaartje van ZaM

Meschac Gaba: Museum of Contemporary African Art & More

Museum De Paviljoens

Gratis kaartje van ZaM

De twaalf zalen van het museum van meschac gaba (Benin) zijn voor het eerst samen te zien. Tot en met 9 augustus 2009 in museum De Paviljoens in almere. Op vertoon van deze bon gratis toegang voor 2e persoon. Op zondag de hele dag gratis rondleidingen. museumkaart is geldig. zie www.depaviljoens.nl

zam africa magazine 02/2009 53

audouin Mouand

zam africa magazine 02/2009 55

Naam Baudouin mouanda Geboren 1981, congo-Brazzaville Opleiding rechten aan de Université marien ngouabi in Brazzaville. zijn vader stond erop dat hij een ‘fatsoenlijk’ vak zou leren. Specialiteit fotografie Bijnaam Photouin. Deze naam kreeg mouanda al tijdens zijn schooltijd, toen hij altijd met een camera om zijn nek liep. Van leerkrachten tot potloden tot de Wc’s - alles legde hij tot in detail vast op de gevoelige plaat. Achtergrond Veel werk van mouanda draait om de nasleep van de verwoestende burgeroorlog die jarenlang in congo-Brazzaville woedde. Hiphop et société in Brazzaville is een levendige hiphop-cultuur ontstaan. Overal zijn optredens in vervallen fabriekshallen en kapotgebombardeerde gebouwen. Veel rappers zijn hoog opgeleid, en hun teksten zijn vaak diepgaande verhandelingen over de problemen waarmee ze te maken hebben. ze worden ook wel poètes dans la cité genoemd. Parijs Vorig jaar werd mouanda door de franse ambassade uitgenodigd om in Parijs een foto-opleiding te volgen. Daar werd hij door franse congolezen regelmatig uitgenodigd voor feestjes. mouanda werd getroffen door de prachtig gekleurde kleding die op deze feesten de norm was, en maakte er een serie van: Sapologie. Prijzen Het werk van mouanda heeft verschillende prijzen gewonnen, waaronder de eerste prijs van de Academie des Beaux Arts in Kinshasa. Ook behoorde hij tot de winnaars in de prestigieuze fotowedstrijd van het franse tijdschrift Paris Match. Ander werk Om zijn brood te verdienen heeft mouanda in zijn woonplaats Kinsoundi een fotostudio waar hij onder andere portretten en bruiloftsreportages maakt. Website Veel werk van mouanda is te zien op www.afriqueinvisu.org. Foto’s in zwart-wit uit de serie Hip Hop & Société, foto’s in kleur uit La Sapologie Met dank aan Afrique in Visu. 56 zam africa magazine 02/2009

cV

zam africa magazine 02/2009 57

58 zam africa magazine 02/2009

Kan er nog twijfel aan bestaan? Wie ontgaat het nog dat hele stammen Afrikaanse kunstenaars vormgeven aan hun dromen, op doek, in installaties, met nieuwe media? Hun woede vertalen in romans en essays? Hun fantasie op hol laten slaan in theater en muziek, in mode en design? Vrij denken in fotografie en journalistiek? Wie ontgaat het nog? Kijk naar Lagos, Nairobi, Bamako, New York, Harare, Khartoum, Amsterdam, Brussel, Kinshasa, Dar es Salaam, Parijs, Addis Abeba, Dakar, Berlijn en Ouagadougou. Afrika is overal.
Ja, er bestaat nog twijfel. De artistieke renaissance, waaraan zoveel Afrikaans talent vormgeeft, ontgaat nog hele stammen moderne mensen, ook zij die zichzelf graag als kosmopoliet afficheren. Hoe hard het talent ook schreeuwt, DE DOOFHEID REGEERT. Terwijl de lezers van dit tijdschrift in de afgelopen jaren een parade van creatieve hemelbestormers aan zich voorbij zag trekken, domineert in onze media en de gevestigde instellingen van kunst en cultuur nog vaak de zielige Afrikaan, die niet beter weet en op onze liefdadigheid is aangewezen. Als er al Afrikanen meedoen. Het tij keert. Hier en daar is de deur inmiddels op een kier gezet en zetten Afrikanen hun eerste schreden op ‘onze’ markt. We vieren dat litaraire meestervertellers als Chimamanda Ngozi Adichie (Nigeria) en Petinah Gabbah (Zimbabwe) nu ook in Nederland uitgegeven (gaan) worden. Dat musea van de moderne kunst in Almere en Arnhem het werk van Meshac Gaba (Benin), Wangechi Mutu (Kenia) en ander toptalent tentoonstellen. Met Beelden XXL, twee zestien pagina’s tellende katernen, mede mogelijk gemaakt door een bijdrage van de Mondriaan Stichting, wil ZAM dit jaar zijn guerrilla tegen blikvernauwing extra kracht bijzetten. Naast een uitgebreid portret van een Afrikaanse kunstenaar – dit jaar de al genoemde Wangechi Mutu – bevat ‘XXL’ een artistiek commentaar, reviews van exposities, nieuws en aandacht voor de Afrikaanse ‘passanten’ die ons land aandoen. Smullen, dus!

be e l de n
zam africa magazine 02/2009 59

passanten
5 vragen aan
Lucfosther Diop (1980) VisuaL arts stuDies, YaounDé uniVersiteit
De jonge Kameroense kunstenaar LucFosther Diop is voor twee jaar resident artist aan de Rijksakademie in Amsterdam. Wat doe je? Ik teken, schilder, maak video-art, collages en installaties. Wat wil je met je kunst uitdrukken? Ik ben een extreem gesloten, verlegen persoon. Dat geslotene geldt ook voor Kameroen. Mijn regering doet altijd heel geheimzinnig. Er is geen democratie, de verkiezingen geven nooit de echte stemming onder de bevolking weer. Ik wil met mijn kunst transparantie creëren, openheid, licht. Werk dat ademt. Ik gebruik als achtergrond vaak materiaal dat uit open mazen bestaat. Daarmee probeer ik iets van de verstikking op te heffen, ook in mijzelf. Je hebt meegedaan aan festivals en groepstentoonstellingen in landen als China, Indonesië, Frankrijk en Duitsland. Zo jong en nu al beroemd! Je hebt die Rijksakademie helemaal niet nodig… Nee, ik ben niet beroemd. Het is heel makkelijk om aan die festivals mee te doen. Je kunt je vaak gewoon aanmelden. Ik ben ook helemaal niet in die landen geweest. Ik heb geen agent. (Lacht). Nóg niet. Wat verwacht je van je tijd aan de Rijksakademie? Dat ik er dé grote namen uit de wereld van kunstenaars en curatoren kan ontmoeten, dat ik beter word, concurrerend. Dat ik overal in de wereld gevraagd word als kunstenaar. Wil je straks terug naar Kameroen, of blijf je liever in Europa? Dat is moeilijk te zeggen. Europa is interessanter omdat er meer galeries zijn, meer kunstvoorzieningen. In Afrika kun je veel meer inspiratie opdoen. Maar ja, om daar door te breken heb je geluk nodig.
fenneken Veldkamp

60 zam africa magazine 02/2009

commentaar

Bitch Please - Belgium tapestry cloth and embroidery thread, 2009. Athi Patra Ruga / Courtesy of whatiftheworld gallery.

zam africa magazine 02/2009 61

portret

FEMME VILEINE
EEn ontmoEting mEt WangEchi mutu

De Keniaanse Wagnechi Mutu is een van de belangrijkste Afrikaanse kunstenaars van het moment. Met haar collages schept ze een bizarre wereld vol vrouwenbeelden.
tekst: rob perrée, foto’s: chris sanDers/WWW.chris-sanDers.com

62 zam africa magazine 02/2009

zam africa magazine 02/2009 63

‘Ik ben er helemaal niet op tegen dat mijn werk wordt opgenomen in een feministische tentoonstelling. Jullie steken wat dat betreft je hoofd in het zand. You are in denial. Jullie denken dat het niet meer nodig is, dat de rechten van de vrouw inmiddels zijn geregeld. Omdat dat bij jullie misschien het geval is. Ik kom uit een land waar dat nog lang niet zo is. In Kenia bezitten de mannen alle rechten. De vrouwen bevinden zich in een ondergeschikte positie. Datzelfde ontkenningsgedrag hebben jullie als het over de rassenproblematiek gaat. Ook daarbij houden jullie de ogen gesloten voor de realiteit. Die zaken liggen veel gevoeliger dan jullie vaak denken.’ Het is de enige keer dat er lichte irritatie doorklinkt in de stem van Wangechi Mutu. Ik had haar gevraagd of ze het niet vervelend vond dat haar werk in het Museum voor Moderne Kunst in Arnhem binnen een feministische context wordt gepresenteerd. Het is de enige keer dat ons gesprek verandert van een uiterst aangename en interessante uitwisseling van gedachten in een enigszins formeel interview waarbij ik de vragen stel en zij zich geroepen voelt antwoord te geven. Mijn ontmoeting met Wangechi Mutu ging bijna niet door. Een paar weken eerder was haar dochtertje geboren en ‘dat vroeg alle tijd en aandacht’. Het geven van een interview zou onder dergelijke omstandigheden wat problematisch worden. Pas toen ik haar verzekerde dat ik er geen enkel bezwaar tegen had dat ze haar aandacht zou verdelen tussen haar dochtertje en mij, vond ze het goed dat ik kwam. Als het kind tijdens ons lange gesprek wéér om haar borst bedelt en opnieuw een schone luier moet hebben, kan Wangechi het niet laten om me te pesten met mijn getoonde begrip. ‘Je hebt er zelf om gevraagd. Jij zei dat je het niet erg vond. Ik heb je gewaarschuwd.’ Ze lacht er aanstekelijk bij. brownstone Wangechi Mutu woont in Bedford Stuyvesant, een wijk in Brooklyn. Als ik in New York ben is dat ook mijn thuishaven. Het is traditioneel een buurt waar vrijwel uitsluitend zwarte Amerikanen wonen. Er is veel werkloosheid en veel verborgen armoede. ‘s Zomers speelt het leven zich grotendeels op straat af. Veel vertier is er niet. Een paar kinderspeelplaatsen. Restaurants, koffieshops en winkels zijn verworvenheden van ‘de stad’. Iedere hoek van de straat heeft wel zijn grocery store. Zo’n kruidenierswinkeltje waar je

‘Ik houd er niet van om dingen te maken die mensen van me verwachten’

alles en niks kunt krijgen. Er zijn tientallen kerken en kerkjes, vaak van voor ons onduidelijke origine. Afsplitsingen van afsplitsingen. Soms bepaalt een dominee in zijn eentje een geloofsrichting. De laatste jaren verandert de wijk. De huizen in Manhattan zijn zo duur geworden, dat steeds meer blanken hun toevlucht zoeken tot wijken als Bed Stuy. Ze brengen de stadse geneugten met zich mee. Er zijn nu een internetcafé, een heus hotel met vier kamers en een paar echte restaurants die meer dan kippenboutjes serveren. Een paar jaar geleden heeft de eerste boekwinkel zijn deuren geopend. Het aanbod beperkt zich overigens tot boeken van zwarte schrijvers. Wangechi Mutu voelt zich thuis in deze wijk. Ze woont in een Brownstone, een ruim honderd jaar oude patriciërswoning opgetrokken uit bruinrode zandsteen. Een stenen trap voor de deur. Typerend voor de buurt. Ze bewoont het souterrain en de bovenste verdiepingen. De opgetilde begane grond fungeert als atelier. Het is een grote, uitgebroken ruimte waarvan alle wanden bedekt zijn met werken, werken in wording, knipsels, prentbriefkaarten en andere beeldbronnen. Kasten en tafel gaan schuil onder vergelijkbaar materiaal. Potjes, scharen, penselen en kwasten zorgen voor de completering van de stillevens. In een zijkamertje staan rollen papier en plastic. Op een klein tafeltje prijken twee computers. Geeltjes en andere aantekeningen liggen er omheen. Achter me twee kasten vol kunstboeken. Voor me een kast waarin Wangechi haar catalogi en andere publicaties over haar werk bewaart. In deze ruimte wordt gewerkt, dat is duidelijk. Een inspirerende omgeving waarin de assistente van de kunstenaar af en toe wat verloren rondloopt. Ik heb kennelijk haar werkplek in beslag genomen. Wangechi Mutu is geboren in Nairobi, Kenia. Ze komt uit een, qua normen en waarden, traditioneel gezin waarin de vader de toon zet en de regels bepaalt. De lagere school volgt ze in haar geboortestad. Daarna krijgt ze de kans om naar een internationale school in Wales te gaan. Niet omdat ze thuis veel geld hebben, maar omdat ze daarvoor op grond van haar prestaties wordt uitverkozen. ‘Ik was daardoor al vroeg omringd door kinderen uit allerlei landen en van allerlei rassen. Ik heb daar nooit moeite mee gehad.’ Die school is geen reguliere middelbare school. Er is veel aandacht voor maatschappelijke zaken en er wordt veel tijd ingeruimd voor creatieve vakken. Wangechi ontdekt wat ze wil worden dankzij een

64 zam africa magazine 02/2009

misguided Unforgivable Hierarchies, 2005. ink, acrylic, collage, contact paper on mylar. courtesy of Susanne Vielmetter los angeles projects. foto: Joshua White.

65

Nederlandse docent: ‘Ik ben gek genoeg zijn naam vergeten, maar die man was zo enthousiast en zo gedreven. Hij had oog voor het talent dat kennelijk in me zat. Hij liet me voor het eerst kennismaken met kunst. Ik wist daar op dat moment niets van.’ ArbeidersklAsse Na die opleiding gaat Wangechi nog een paar jaar terug naar haar vaderland, waar ze allerlei baantjes heeft. Ze loopt onder andere stage in een fort op Lamu Island, in het noordoosten van het land. Dat zou door twee Zweden moeten worden omgebouwd tot een kunstmuseum. De eeuwenoude locatie speelde tot 1873 een grote rol in de slavenhandel. ‘Eigenlijk was het zonde om een dergelijk gebouw met een dergelijke geschiedenis te veranderen in een kunstmuseum.’ Ze komt er al snel achter dat kunstenaar worden in Kenia vrijwel onmogelijk is. Het betekent in feite dat je gedwongen bent allerlei voorwerpen te maken voor toeristen. Ze heeft op zich niets tegen arts & crafts, maar ze ziet zichzelf niet gelukkig worden bij een dergelijk vooruitzicht. ‘Voor het soort kunst dat ik wide maken is in mijn land weinig of geen belangstelling. Bovendien ontbreekt het aan goede, moderne kunstopleidingen. ‘ Tegen de zin van haar vader in – ‘hij vond het niet nodig dat mijn zusje en ik gingen studeren’ – besluit ze uit te kijken naar een geschikte kunstacademie in het buitenland. Ze komt uiteindelijk bij de Verenigde Staten uit, omdat dat land de ruimste mogelijkheden biedt als het over beurzen voor buitenlanders gaat. ‘Een geweldige kans natuurlijk, maar ik kwam wel opeens van de middenklasse in de arbeidersklasse terecht. Ik was een arme kunstenaar. Bovendien maakte ik van de ene dag op de andere deel uit van een minderheid. Dat was ik evenmin gewend. Ik realiseerde me opeens dat ik een land was binnen gedrongen waar ik niet thuishoorde, dat niet van mij was.’ De beslissing om het land te verlaten had overigens niet alleen een artistieke reden. Wangechi Mutu had probemen met de generatie van haar ouders, die zich schikten naar de regels en de wetten van de Britse overheerser, die ‘probeerden het net zo goed te doen als de Engelsen’. Maar ze was ook kritisch over de zwarte regeringen die het na de onafhankelijkheid hadden laten afweten en die in feite voor een andere vorm van onderdrukking zorgden. Met name in haar tienerjaren heerste er in Kenia een sfeer van ‘ fearful silence’, waarin

mensen onmogelijk voor hun mening uit konden komen. In 1993 verhuist ze naar New York. Het eerste deel van haar opleiding volgt ze aan Cooper Union for the Advancement of the Arts and Science in die stad. Daarna gaat ze naar Yale University School of Art in New Haven. Al in 1997 is ze één van de deelnemers aan de tweede Biënnale van Johannesburg. Een veelbelovend begin van een loopbaan die uiterst succesvol zou worden. In de afgelopen vier jaar heeft ze solotentoonstellingen in het Miami Art Museum (2005), het San Francisco Museum of Modern Art (2005), de Kunsthalle Wien (2008) en het Museum of Contemporary Art San Diego (2009). Het is opmerkelijk dat de groeiende belangstelling voor haar werk zich niet vertaalt in een dikke knipselmap met uitgebreide reviews uit de belangrijke kranten en de vaktijdschriften. Meestal zijn het kleine artikelen, die bovendien niet altijd juichend van toon zijn. Roberta Smith, een belangrijke criticus van de New York Times, had in 2006 nog ‘mixed feelings’ toen ze haar werk voor het eerst zag in een galerietentoonstelling. De Village Voice noemde haar een jaar later zuinigjes een ontdekking. De Los Angeles Times is in 2008 wel positief. De krant zegt dat ze een ‘stunning form’ geeft aan ‘the interconnectedness of just about everything’. Ze noemt haar tentoonstelling ‘a five room extravaganza’. Tussen de regels door geeft Wangechi een verklaring voor de gereserveerde opstelling van de pers. De vrouwen die ze in haar werk portretteert zijn enerzijds verleidelijk, aan de andere kant ‘voelen veel kijkers zich ongemakkelijk als ze ernaar kijken’. Ze heeft het idee dat veel mannen de straat zouden oversteken als ze dat soort vrouwen in het echt tegen zouden komen. Een andere mogelijke verklaring is dat haar werk niet voldoet aan het verwachtingspatroon dat veel mensen van Afrikaanse kunst hebben. Wangechi is niet de ongetrainde of outsider-kunstenaar die voortborduurt op een traditie van volkskunst en veredelde handvaardigheid. Dat ze daarnaast het lef heeft beelden uit de populaire media her te gebruiken, pornobeelden zelfs, maakt haar status in de serieuze kunstwereld er niet beter op. schreeuwen In het begin van haar loopbaan maakt ze vooral tekeningetjes. Figuratieve afbeeldingen van vrouwen, uitgevoerd in eenvoudige, zwarte omtreklijnen, altijd met een enigszins macabere toets. Figuren komen

‘Ik kan eerlijk gezegd helemaal niet zo goed tekenen en schilderen’

66 zam africa magazine 02/2009

op onmogelijke plaatsen uit andere figuren, het bloed vloeit rijkelijk, bepaalde delen van de lichamen zijn ‘afgehakt’ of uitvergroot. Vaak schrijft ze er tekstjes bij. Die geven inzicht in haar motieven. ‘Ik heb het recht om te schreeuwen. Ik heb het recht zelfs als ik niet weet wat voor recht.’ En: ‘Ik heb zo hard geprobeerd om vilein te zijn.’ Soms stelt ze daarin de vragen die zich ook aan de kijker opdringen, bijvoorbeeld: ‘Waarom teken je nooit mannen?’ Al snel stapt ze over op collages en recentelijk ook op ruimtelijke installaties. Collages waren populair bij veel Dada-kunstenaars in de jaren twintig van de vorige eeuw (bijvoorbeeld Hannah Höch, Kurt Schwitters, Théodore Fraenkel en John Heartfield). Het was een medium dat brak met traditionele uitingsvormen, zoals Dada nadrukkelijk wilde breken met het verleden. Bovendien leent de collage zich bij uitstek voor engagement. Höch bijvoorbeeld kon er haar feministische ideeën ruimschoots in kwijt. Ook de bekende zwarte Amerikaanse kunstenaar Romare Bearden zou er om die reden vanaf de jaren zestig gebruik van maken. Met zijn collages kon hij op een impliciete manier de Civil Rights Movement steunen. Bestaande beelden uit de media gingen naadloos op in zijn politiek gekleurde verhaal. Als ik haar vraag of ze door deze mensen is beïnvloed begint ze te lachen. ‘Natuurlijk ken ik al die namen die je noemt en natuurlijk heb ik bewondering voor die mensen en ben ik door hen beïnvloed, maar dat ik met collages ben gaan werken heeft vooral een heel praktische reden. Collages, zeker de kleintjes die ik in begin maakte, kun je overal en altijd maken. Je hebt er weinig ruimte voor nodig. Je kunt het tussendoor doen. Dat was belangrijk, want ik had niet altijd de ruimte die ik nu heb. Ik leidde een nogal nomadisch bestaan. Bovendien, ik kan eerlijk gezegd helemaal niet zo goed tekenen en schilderen.’ Haar eerste collages zijn op papier. Ze haalt het materiaal uit advertenties in modebladen, uit pornografietijdschriften en allerlei ander gedrukt materiaal waarin vrouwen staan afgebeeld die voldoen aan de verwachtingspatronen van mannen, vooral blanke mannen. Het worden pin ups die ver van haar eigen opvattingen verwijderd zijn, maar die pijnlijk precies beantwoorden aan het gangbare beeld. Ze vult de fotofragmenten met waterverf aan tot volledige vrouwen die er, ook al zijn ze samengesteld uit verknipte en verminkte foto’s, toch

lekker en geil uitzien. ‘Je moet de collage ook in die context zien. Het beeld dat mannen van de vrouw hebben, met name de Afrikaanse vrouw, is een constructie. Het is een combinatie van wat we zijn en wat zij denken of willen dat we zijn. Daar sluit het medium collage mooi op aan. Maar je mag de collages niet zien als kritiek op de massamedia die mij het materiaal leveren. Op kranten, tijdschriften en al die andere beeldleveranciers. Daar ben ik niet echt mee bezig.’ De naaktheid van haar figuren heeft nog een andere achtergrond. Ze verwijst tevens naar de kolonisten en bekeerders die de naaktheid van de Afrikanen associeerden met primitief, wild, niet beschaafd, iets om je voor te schamen. De verontwaardiging en woede daarover maakt dat Wangechi Mutu er nu met een haast duivels plezier mee provoceert. GrAce Jones Ooit ontdekte ze mylar. Dat is synthetisch materiaal, een soort buigzaam plastic. Het is wit van kleur maar schijnt een beetje door. Het heeft als eigenschap dat het verf langzaam en moeizaam laat intrekken. Dat geeft verf de mogelijkheid om zijn eigen weg te gaan. Die eigenschap fascineert Wangechi, want daarmee kan ze het toeval in haar werk brengen. Zo veranderen haar vrouwen van pin ups in sterke vrouwen, in strijders, overwinnaars, in types als Josephine Baker en Grace Jones. Vrouwen die mannen bang maken. Die de strijd aangaan met macho-mannen. Die hun land hebben verlaten en zichzelf opnieuw hebben moeten uitvinden. Vrouwen die personificaties zijn van alles wat (zwarte) vrouwen aangaat en waar (zwarte) vrouwen tegenaan lopen: seksualiteit, plezier, maar ook hebzucht, kolonialisme en racisme. Op scherpe hoge hakken, met klauwen als voeten, met dodelijke wapens in hun handen, met de uiterlijke kenmerken van een vogelverschrikker, met snelle motoren onder hun voeten. Op het eerste gezicht feestelijk uitgedost, maar de uitdossing bestaat uit allerlei agressieve details die de benaming feestelijk nauwelijks verdienen. Dat intimiderende effect wordt soms versterkt door de afmeting van de werken. Wangechi durft nu ook wat het formaat betreft flink uit te pakken. De vrouwen overdonderen letterlijk. Omdat ze mylar gebruikt, kan ze de bestaande beeldfragmenten aanvullen met dotten waterverf, die met scherpe randjes zijn opgedroogd. Soms zijn ze nauwelijks te onderscheiden van de borsten en de eikels waarmee ze

Vrouwen veranderen in types als Josephine Baker en Grace Jones

zam africa magazine 02/2009 67

68

Links: Adult female sexual organs, 2005. Collage, packing tape, fur on found medical illustration paper. Courtesy of Susanne Vielmetter Los Angeles Projects. Van links naar rechts van boven naar beneden: Complete prolapsus of the uterus, 2005 Glitter, collage, ink on found medical illustration paper Courtesy of Susanne Vielmetter Los Angeles Projects Uterine catarrh, 2005 Glitter, collage on found medical illustration paper Courtesy of Susanne Vielmetter Los Angeles Projects Cancer of the uterus, 2005 Glitter, collage, fur on found medical illustration paper Courtesy of Susanne Vielmetter Los Angeles Projects Foto’s: Joshua White

69

omgeven worden. Ze vermengen zich niet. Ze laten zich een beetje sturen, maar gaan ook hun eigen gang. Zo sluiten ze op een verrassende manier aan op de inhoud. Meestal hebben de afgebeelde vrouwen geen uitgesproken omgeving. Door de ruimte om de vrouwen leeg te laten, maakt Wangechi de vrouwen – en daarmee de problematiek – universeel, al zijn het onmiskenbaar vrouwen met een donkere huidskleur. ‘Natuurlijk. Dat kan moeilijk anders. Ik ben een Afrikaanse vrouw. Die erfenis draag ik met me mee.’ De laatste jaren maakt Wangechi ook ruimtelijke installaties. Als ik daarnaar vraag reageert ze aanvankelijk alsof ze zelf ook niet precies weet hoe die haar werk zijn binnen geglipt. Alsof ze een eigen leven leiden, dat de kunstenaar nog niet helemaal onder controle heeft. Even later geeft ze alsnog een mogelijke verklaring. ‘Ik houd er niet van om dingen te maken die mensen van me verwachten. Hoe bekender je wordt, hoe meer dat probleem speelt. Ik heb ook geen zin om rekening te houden met de markt. Als je dat doet ga je kopje onder. Ik wil gewoon de dingen maken die me na staan en die me bezighouden.’ lichtend voorbeeld Dat laatste speelt bijvoorbeeld een grote rol bij de installatie die ze in november 2008 in New Orleans maakt, in het kader van de biënnale ‘Prospect1’. Ze kiest voor de 9th Ward als locatie. Dat is de wijk die door de orkaan Katrina het zwaarst is getroffen, waar de meeste slachtoffers zijn gevallen, waar de arme zwarte bevolking woont. Daar zet ze een zwart geverfde, houten constructie van een huis neer. In het midden van dat open huis plaatst ze een eenvoudige, eveneens zwarte schommelstoel. Verder niets. Een niet mis te verstaan statement. Ze vertelt me ter plaatse – het is de eerste keer dat ik haar ontmoet – het verhaal achter het werk. De installatie is bedoeld als een eerbetoon aan de vrouw die 35 jaar op die plek heeft gewoond. ‘Ze was een belangrijk figuur in de buurt. Ze had de ramp overleefd en zelfs haar huis stond er nog. Het moest wel opgeknapt worden. Door ambtenarij en pesterij van de verzekeringsmaatschappijen was ze uiteindelijk toch gedwongen de stad te verlaten. Ze had zelf het geld niet om haar huis weer bewoonbaar te maken.’ ‘s Avonds is het huis verlicht. Om het nog meer tot een eerbetoon te maken en om het letterlijk een lichtend voorbeeld te laten zijn.

Woede is ook de ondertoon van de installaties waarbij ze de muren van een museumzaal transformeert in een soort menselijke huiden waar kogels bloedige gaten in hebben geslagen. Ze hangt vanaf het plafond flessen wijn neer. Omgekeerd. De rode vloeistof druppelt op de vloer en de verschaalde lucht neemt langzamerhand bezit van de ruimte. Een dergelijke installatie maakt ze in de staat Texas waar ze geconfronteerd wordt met gewelddadige grensconflicten en met allerlei grove vormen van milieuvervuiling. Tijdens ons hele gesprek houd ik een gevoel van verbazing, verwarring soms. Wangechi’s verhalen laten aan duidelijkheid weinig te wensen over. Ze zijn soms pijnlijk, ze zijn altijd vervuld van grote betrokkenheid en engagement, maar ze worden op een gelijkmatige, geduldige, vriendelijke, haast relativerende manier verteld door een vrouw die ogenschijnlijk volledig in balans is met zichzelf, die intens geniet van haar jonge moederschap en die zich oprecht verwondert over het groeiende succes dat ze met haar werk heeft. Wijzend op haar kind: ‘Ze was niet gepland, maar ik ben er erg blij mee. Ik heb net de voorbereidingen voor een aantal belangrijke tentoonstellingen afgerond. Ik kan nu tijd aan mijn dochtertje besteden. Ze kwam op het goede moment.’ De assistente van Wangechi handelt nog een aantal zakelijke dingen met me af. Zelf heeft ze al afscheid genomen. ‘Zij moet nu echt naar bed. Het is mooi geweest.’ Buiten wil het nog steeds niet warm worden. De sneeuw blijft hardnekkig het straatbeeld bepalen.
Rob PERRéE iS kUnStHiStoricUS, geSpecialiSeerd in eigentiJdSe afro-amerikaanSe en afrikaanSe kUnSt. HiJ iS HoofdredacteUr Van kunstBeeld en Werkt alS freelance ScHriJVer en tentoonStellingmaker.

De beelden zijn nauwelijks te onderscheiden van de borsten en de eikels die er omheen staan

Tot en met 23 augustus is er werk van Wangechi Mutu te zien in het Museum voor Moderne Kunst Arnhem, tijdens de tentoonstelling ‘Rebelle, kunst en feminisme 1969-2009’ www.mmkarnhem.nl

70 zam africa magazine 02/2009

Untitled, 2008, ink, acrylic, collage, contact paper on mylar. courtesy of Susanne Vielmetter los angeles projects. foto: Bill orcutt

zam africa magazine 02/2009 71

reviews
‘museum of contemporary african art’
vAn meschAc GAbA Meschac Gaba (Benin, 1961) presenteerde de eerste zaal van zijn ‘Museum of Contemporary African Art’ in 1997 bij zijn eindpresentatie op de Rijksakademie in Amsterdam. Twaalf jaar later kunnen we eindelijk voor het eerst door zijn volledige museum rondstappen. Twaalf zalen die al afzonderlijk in verschillende landen te zien zijn geweest. Muziek, mode, architectuur en religie (je kunt tarotkaarten laten lezen!) komen aan bod. De ene zaal staat in open verbinding met de andere, typerend voor de thema’s in Gaba’s werk: uitwisseling van mensen, culturen, en, heel belangrijk: geld. Hij gebruikt munten en bankbiljetten om sieraden van te maken, die te koop zijn in de ‘Museumwinkel’, een onderdeel van de totaalinstallatie. Geld gebruikt Gaba ook om grote schaakstukken mee te beplakken (de euro’s spelen tegen de dollars), om witte tweedehands kleding een opknapbeurt mee te geven of om er een piano mee te versieren waar bezoekers op mogen spelen. Hoe het Westen en Afrika elkaar zien is ook zo’n terugkerend thema, en dat wordt met veel ironie gebracht. In de ‘Humanist Space’, buiten, staan de transportfietsen die in 2002 tijdens de grote kunstmanifestatie Documenta 11 ook al gehuurd konden worden. Met de opbrengst zamelt Gaba, die al jaren in Nederland woont, geld in ‘voor Afrika’. Gaba reflecteert op de veronderstelde tegenstelling tussen kunst en commercie, tussen kunst en het leven, en tussen westerse en niet-westerse kunst. Al doende maakt hij zijn belangrijkste punt: hij is een kunstenaar die hedendaagse kunst maakt. (Fenneken Veldkamp) T/m 9 augustus www.depaviljoens.nl www.museumofcontemporaryafricanart.com
foto: gert Jan Van rooiJ

O

William Kentridge

nder de titel ‘Five Themes’ is in maart in San Francisco de reis begonnen van een grote overzichtstentoonstelling van het werk van de Zuid-Afrikaanse kunstenaar William Kentridge (1955). Via Fort Worth, Palm Beach, New York, Wenen en Jeruzalem komt de tentoonstelling uiteindelijk, in 2011, in het Stedelijk Museum in Amsterdam terecht. Te zien zijn tekeningen, installaties, settings voor opera’s en vooral zijn inmiddels beroemde animatiefilmpjes. Alles in de voor hem zo typerende stijl: schetsmatig, afwisselend tekening en collage en vrijwel alles in zwart wit. De meeste indruk maken nog steeds de filmpjes die Kentridge over Zuid-Afrika na de afschaffing van de apartheid heeft gemaakt. Over de veranderingen daar, maar ook over de hardnekkige armoede en de toenemende criminaliteit. De emoties die die verhalen oproepen worden versterkt door de ruwe, houterige en ogenschijnlijk onhandige stijl die hij hanteert. Verre van Hollywood, rechtstreeks van de straat. In zijn ‘Soho and Felix’ filmpjes, over een zakenman en zijn gevoelige alter ego, wordt een ander aspect van Kentridges werk zichtbaar: het navrante gevoel voor humor waarmee hij de ‘moderne’ maatschappij bekijkt. Hoe hij werkt, wat voor middelen en bronnen hij gebruikt wordt zichtbaar gemaakt in een grote installatie ‘Artist in the Studio’. Van alle kanten komen de beelden op je af. Als animatie, als diaprojectie en als videofilm. Je komt letterlijk ogen tekort. Het is een perfecte illustratie van de intensiteit en het enthousiasme waarmee Kentridge te werk gaat. De laatste jaren wordt Kentridge vaker uitgenodigd om een opera van changementen en decors te voorzien. Zijn laatste productie, ‘The Nose’ van Shostakovich, is als installatie in de tentoonstelling opgenomen. Bij de tentoonstelling is een prachtige catalogus uitgegeven en een dvd waarop zijn animatiefilmpjes staan. (Rob Perrée)

Van 11 juli tot 27 september in Modern Art Museum, Fort Worth Van 7 november tot 17 januari 2010 in het Norton Museum of Art in West Palm Beach. Van 28 februari tot 17 mei 2010 in het MoMA in New York Van 30 oktober 2010 tot 30 januari 2011 in het Albertina in Wenen. Van 5 maart tot 29 mei 2011 in het Israel Museum in Jeruzalem Van 7 juli tot 2 oktober 2011 in het Stedelijk Museum in Amsterdam.

meschac gaba, diamant indigènes (2008). courtesy lumen travo gallery.

72 zam africa magazine 02/2009

© 2008 William kentridge; foto: JoHn HodgkiSS/coUrteSY tHe artiSt

History of the main complaint (still), 1996; 35mm animated film transferred to video, 5:50 min.; collection of the artist, courtesy marian goodman gallery, new York, and goodman gallery, Johannesburg. History of the main complaint (still), 1996; 35mm animated film transferred to video, 5:50 min.; collection of the artist, courtesy marian goodman gallery, new York, and goodman gallery, Johannesburg. a lifetime of enthusiasm (still), from the installation i am not me, the horse is not mine, 2008; eight-channel video projection, dVcam and HdV transferred to video, 6:01 min.; collection of the artist.

>

In Disgrace, de prachtige, ietwat conventionele verfilming van J.M. Coetzee’s gelijknamige boek, speelt John Malkovitch de gesoigneerde professor David Lurie, een man van middelbare leeftijd die het leven voor elkaar lijkt te hebben. Een man die in bad luistert naar klassieke muziek terwijl hij een sigaar rookt. Een goedgeklede gentleman die zijn hand niet omdraait voor avances naar zijn studentes. Een intellectuele, blanke Zuid-Afrikaan die geniet en leeft in splendid isolation van wat er daadwerkelijk in zijn land gebeurt. Totdat een van zijn affaires uit de hand loopt en Lurie de universiteit moet verlaten. Hij zoekt rust bij zijn dochter op het platteland. In het stof rond haar boerderij speelt het echte drama zich vervolgens af. Het is de worsteling van vader en dochter met de betekenis van wat hen daar overkomt die in de film centraal staat. De grote abstracte vragen van schuld en boete, schaamte en vernedering presenteren zich in de hulpeloze dialogen en interacties tussen vader en dochter. De natuurlijke afstandelijkheid en intellectuele ironie van Malkovitch contrasteert daarbij mooi met het intense spel van Jessica Haines, die zijn hardwerkende, pragmatische dochter speelt. Het verhaal van Coetzee verkent het voorstellingsvermogen van de kijker. Slapende honden worden met liefde wakker gemaakt; de vragen die we niet willen stellen worden op een schrijnende manier gesteld. Disgrace van regisseur Steve Jacob is geen intellectuele film, maar na afloop tolt het hoofd van de kijker van de onoplosbare vragen en dilemma’s. De film presenteert op intense en ingenieuze wijze de centrale morele vragen van het Zuid-Afrika van na de apartheid. Is vergeving vragen niet te makkelijk voor de blanken? Gaat het niet om wat ze vervolgens aan daden doen? Hoeveel goede wil is eigenlijk nodig voor succesvol samenleven van blank en zwart in Zuid-Afrika? En waar ligt de grens tussen incasseringvermogen en zelfdestructie? In de film staan deze zware vragen het verhaal echter nooit in de weg. De strak geschoten scènes en korte dialogen zorgen voor een dwingend verloop. De hoofdpersonen moeten handelen, of ze nu kunnen of niet. ‘Zuid-Afrika is nu eenmaal wat het is’, vat de dochter krachtig samen. Wie J.M.Coetzee in de documentaire ‘Over de Schoonheid en de Troost’ van Wim Kaizer heeft gezien, weet dat er bij hem weinig te lachen valt. Dat geldt ook voor deze film. De troost zit voor de kijker verstopt in de prachtige muziek van Antony Partos en Graeme Khoene. Voor de hoofdpersonen rest een vrijpartij op de vloer van het hondenasiel en een kopje thee. Troost uit een klein, warm kopje thee, dat is waar je het blijkbaar mee moet doen in Zuid-Afrika. (Jacob Boersema)
www.a-film.nl

disgrace

3gat

> >

>> >

zam africa magazine 02/2009 73

aDriaan
Die Liebe zu Afrika
n het provinciestadje X zag ik een man met een enorme wollen rastamuts voorbijgaan. Hij was zwart en dat viel op tussen al die blozende Oost-friese koppen. Of was het zijn eenzaamheid die in het oog sprong? Want het leek wel of hij in een gloeiende cirkel liep – een vuur dat voorbijgangers met een bocht om hem heen deed lopen. Hij had moeilijke voeten, gezwachteld in opengesneden tennisschoenen. moeilijke tanden ook, een paar stompjes restten nog. maar hij lachte er niet minder om. in zichzelf. ik liep achter hem aan, uit nieuwsgierigheid, zo veel kleur was ik tijdens mijn leesreis door de Duitse provincie niet tegengekomen. mijn voeten zochten het ritme van zijn voeten – onopvallend, als een volleerde schaduw. De moeilijke voeten stopten bij een kiosk. De eigenaar hield een pakje sigaretten op, bood er een aan. een aansteker ging over en weer. rook kringelde op onder het afdak. zwijgende handelingen – hadden ze meer gedaan. ik treuzelde bij het krantenrek en snoof de geur van broeierige muts en dreadlocks op. Van zo dichtbij leek de man minder oud dan zijn trage stappen deden vermoeden. Hij had zelfs een jongensachtig gezicht, zonder enige plooi. Peuken werden in de goot gemikt, een tweede sigaret uitgedeeld – maar niet aangestoken. Daarna diepte de rastaman met moeite een paar munten uit z’n broekzak op en kocht een krant. Hij vervolgde zijn weg. richting rivier, langs de terrassen waar dagjesmensen een glas dronken. maar de rasta ging er niet zitten. niemand die naar hem opkeek, alsof hij er dagelijks liep. Onzichtbaar op weg naar nergens. in gedachte 74 zam africa magazine 02/2009

van Dis Zwerf hond

had ik hem al aangesproken, maar ik ben geen held in zulke dingen. misschien moest ik hem de weg vragen, alleen om zijn stem te horen. en terwijl ik zo aarzelde, draaide hij zich om en keek me onderzoekend aan. ik sloeg een zijstraat in. nog dezelfde avond, na mijn lezing, tijdens het gebruikelijke kaas-en-wijnsouper in de plaatselijke boekhandel, sprak ik mijn verbazing uit over het geringe aantal zwarte mensen in het straatbeeld van het stadje. ik had er maar één gezien. (Hoezo? Was ik de Braziliaan dan niet tegengekomen, een muzikant op doortocht aan wie de dochter van de bakker was blijven hangen, en de Kongolees uit België – ober in het naburige kasteelhotel. Twee zwarten, verder kwam de tafel niet (het motje van de bakkersdochter niet meegerekend). en kenden ze de rastaman? Ja, allemaal. ‘Kort na de hereniging daagde hij op’, zei Jozef, de lokale dichter aan tafel. ‘Hij studeerde wiskunde in Oost-Berlijn, tien lange koude jaren, en toen is er een draadje in zijn hoofd geknapt.’ Verbazing alom. Hoe kwam Jozef daarbij? Van de Kongolese ober gehoord. ‘nee, hij is een muzikant’, zei een pottenbakster. Hij speelde vroeger in nachtclubs over de hele wereld. ze had hem liedjes op de brug horen zingen – heel treurig. in welke taal? Dat was ze vergeten. een journaliste had hem vorige zomer aan de kust gezien, leurend met een mand vol namaak gucci-tassen. een angolees was het. Vreselijke dingen had ie meegemaakt. martelingen. Landgenoten die landgenoten de ogen uitlepelden. Tongen afsneden. Hij had zo veel gezien dat ie zweeg.

Ik liep achter hem aan, uit nieuwsgierigheid, zo veel kleur was ik tijdens mijn leesreis door de Duitse provincie niet tegengekomen.
Hoe wist ze het dan? Dat verhaal hing boven zijn hoofd. Ook de anderen vulden zijn leven in. Bootvluchteling, nigeriaanse oplichter, een gedeserteerde amerikaanse militair. We genoten van het spel. geen van mijn tafelgenoten had met de rasta gesproken. zo uitnodigend was zijn door rot en rook aangevreten lach nu ook weer niet. ‘moeten we ons schamen?’ vroeg Jozef. Onzin. maar daar liet hij me niet mee wegkomen. Jozef, de onbegrepen dichter, woonde in een verstikkend gat, maar ík was een man van de wereld. (mijn tafelgenoten knikten me bewonderend toe. Of was het haat?) ‘U hebt natuurlijk veel zwarte vrienden?’ ik had ja kunnen zeggen. maar hoeveel zwarte gezichten zaten er onder mijn vrienden toen ik laatst een prijs kreeg en in het dankwoord sprak over engagement en zuid-afrika? niet een. ik biechtte het op. Waarom ik me dan zo druk over zwarte mensen maakte? ‘misschien omdat ik bij die kleur wil horen’, zei ik… als kind al. mijn eerste neger zag ik in het Tropenmuseum. ik was negen jaar oud. Hij droeg verhalen voor in een zijzaaltje, gekleed in een afrikaans hemd. Prachtig vond ik het. De man, het hemd, zijn verhalen. ik wist wat bruine mensen waren. mijn halve familie was bruin. maar deze zwarte man was echter. mooier. zijn verhalen dwongen meer respect af dan die dolle kampavonturen in de koloniën. De neger uit het Tropenmuseum sprak over armoe, onrecht en discriminatie. Over mensen die apart moesten reizen, niet met blanken naar dezelfde school mochten. Helden waren het. zielige helden voor wie je wou opkomen. een nobeler strijd dan de verloren oorlog van thuis. misschien kon ik ook held worden… ‘egoïsme dus’, zei Jozef. een conclusie die de tafel te ver ging. iedereen die zijn hart aan de goede kant droeg, was toch begaan met afrika. niet met één mens, dorp of streek, maar met het hele dampende continent van 54 landen en 900 miljoen inwoners die niks anders deden dan maagden besnijden, aan vreselijke ziektes creperen, verhongeren, elkaar de kop in slaan en emigreren. De volken daar zuchtten onder hun corrupte leiders. Oorlog en apartheid hadden van veel mannen verkrachters gemaakt. maar wijs dat die afrikanen waren! We konden nog heel wat van ze leren: respect voor de ouderen, en oor en oog voor de natuur… een nieuwe kaas werd aangesneden, de zoveelste fles ging rond en de gastheerboekhandelaar nam zich voor de rastaman de volgende keer bij een lezing uit te nodigen. een voornemen waar we op dronken. De volgende morgen liep ik nog even langs de kiosk om een krant voor onderweg te kopen. Of meneer soms wist waar de rastaman vandaan kwam? geen idee. ruim vijf jaar klant – een vriend zelfs – maar nooit een woord gewisseld. Vijf jaar! ‘men dient een vreemdeling in zijn waarde te laten.’

colofon
zam africa magazine kunst, cultuur, politiek, fotografie, journalistiek in en uit Afrika jaargang 13, nummer 2 m 6,95 zomer 2009 ZAM Africa Magazine is een uitgave van Stichting ZAM-net en verschijnt vier keer per jaar ISSN: 1876-1127 abonnementen Een abonnement op ZAM kost 25,- per jaar bij machtiging (35,- voor het buitenland) Het abonnement geldt tot wederopzegging abonneeservice (voor vragen en adreswijzigingen) Postbus 364, 3500 AJ Utrecht, 030-2306901, abonnementen@zam-magazine.nl Grafisch ontwerp Patrick Hoogenberg, Mieke van Weele, Curve BNO Uitgever Ingeborg van Beek Redactie Bart Luirink (hoofdredacteur), Katelijn Nieuwenhuyzen (bureauredactie), Nicole Segers (art director), Anton Stolwijk (eindredacteur) aan dit nummer werkten mee Beeld Charles Heiman, Guy Tillim, Martin Waalboer, Fabian Hickethier, Baudouin Mouanda, Athi Patra Ruga, Chris Sanders, Joshua White, Wangechi Mutu, William Kentridge, John Hodgkiss, LucFosther Diop, Bill Orcutt, Meshac Gaba, James Kamawira, Jasper de Beijer, Ross Hillier, Marlene Dumas, Optimal Energy, Bos Theaterproducties, Balthazar Faye, Barbara Kerkhof, Gert Jan van Rooij, Strut Records, Warner Music, Nic Bothma, Ellen Elmendorp Tekst Fenneken Veldkamp, Rob Perrée, Jacob Boersema, Floor Milikowski, Evelien Hoekstra, Janhuib Blans, Adriaan van Dis, Uche Nduka, Vamba Sherif, Rukmini Callimachi, Richard Hengeveld, Bram Posthumus, Ingeborg van Beekum, Evelien Groenink, Jason Moyo, Nikiwe Bikitsha, Pieter van Twisk, Paula Akugizibwe, Prudence Mbewu, Madeleine Maurick Drukwerk Thieme MediaCenter Nijmegen adres Postbus 16711 1001 RE Amsterdam Tussen de Bogen 66 1013 JB Amsterdam 020-5318497 advertentiereserveringen en opvragen tarieven adverteren@zam-magazine.nl ZAM Africa Magazine wordt mede mogelijk gemaakt dankzij steun van Stichting Democratie en Media, Hivos, Hivos/NCDO Cultuurfonds, Stichting Uleput, Allen & Overy, Mondriaan Stichting, Prins Claus Fonds, Africaserver.nl, Paul van der Poel Administraties, De Giftkikker. Coverfoto: Baudouin Mouanda

zam africa magazine 02/2009 75

Nog geen lid van ZAM?

Schande!

Afrika is groot

en ZAM nu ook. Met de extra dikke ZAM blijf je op de hoogte. Word lid voor maar e25 per jaar. Neem (of schenk) een abonnement en ontvang twee vrijkaartjes voor de nieuwe film Disgrace met John Malkovich en een exemplaar van het gelijknamige boek van Coetzee. Het verhaal van een blanke professor wiens beschermde leventje wordt verstoord door geweld op het Zuid-Afrikaanse platteland.

TORONTO INTERNATIONAL FILM FESTIVAL 2008
INTERNATIONAL CRITICS’ AWARD (FIPRESCI)

www.a-film.nl

3gat

Ga naar www.zam-magazine.nl of bel 030-2306901 ZAM is hét onafhankelijke platform van Afrikaans talent – van journalisten, fotografen en schrijvers. ZAM wordt gemaakt in nauwe samenspraak met ruim 300 medewerkers daar en hier. ZAM bericht over kunst en cultuur, politiek, handel en reizen.