Naam: ………………………………………

1. Enkele dierenvraagjes: Waar of niet waar?

1) Een krab heeft 10 poten. • waar • niet waar 2) Olifanten zijn bang voor muizen. • waar • niet waar 3) Een inktvis heeft blauw bloed. • waar • niet waar 4) Spinnen hebben geen bloed. • waar • niet waar 5) Een mier kan ook ruiken met haar voelsprieten. • waar • niet waar 6) Het zoemende geluid dat bijen voortbrengen wordt veroorzaakt door hun vleugels. • waar • niet waar 7) Koeien moeten een kalfje baren voordat ze melk kunnen produceren. Een koe die niet gekalfd heeft, zal dus geen melk kunnen geven. • waar • niet waar 8) Een octopus heeft twee harten. • waar • niet waar 9) Alleen vrouwelijke wespen steken. • waar • niet waar 10) Vlinders proeven met hun poten. • waar • niet waar 11) Dolfijnen slapen met één oog open. • waar • niet waar 12) Niet alleen de vacht van de tijger is gestreept. Ook de huid onder zijn vacht is gestreept. • waar • niet waar 13) Een giraf maakt zijn oren schoon met zijn meer dan veertig cm lange tong. • waar • niet waar 14) Alle dieren zijn kleurenblind. • waar • niet waar 15) Een haan moet zijn nek helemaal strekken om te kunnen kraaien. • waar

2

• • •

niet waar waar niet waar

16) Een koe kan wel een trap op gaan, maar niet trap af.

2. Plaats bij elke foto of het gaat om een zoogdier, insect,
weekdier, schaaldier, vogel, reptiel, amfibie, schaaldier of spin.

3

3. dierenweetjes:

Biologen ven de Amerikaanse marine hebben het allerkleinste zeepaardje ter wereld ontdekt. Het beestje verborg zich tussen het koraalrif diep in de Floreszee vlakbij één van de kleinste Sundaeilanden voor de kust van Indonesië. Het nieuwe zeepaardje is ongeveer twaalf millimeter lang, gemeten van zijn snuit tot aan het puntje van zijn staart. Dat is kleiner dan vingernagels van mensen.

Afrikaanse grijze papegaaien en Amazone papegaaien de beste praters zijn.

Als je een ijsbeer scheert (wat je beter niet kunt doen), zie je dat hij eigenlijk zwart is. Als je een tand van een ijsbeer doorzaagt (wat je ook beter niet kunt doen), zie je jaarringen. Dan kun je dus tellen hoe oud hij is. Als je verdwaalt op de noordpool en je vindt een dode ijsbeer, eet dan niet de lever. Die is zo giftig dat je er dood van gaat. Als je verdwaalt op de noordpool en een levende ijsbeer vindt jou, dan heb je pech. IJsberen zien een mens als prooi.

4. dierenraadsels:

1. Ik ben een dik en vuil dier. Raak ik mijn kop kwijt, dan kun je me
drinken. Wat ben ik? _________________

2. Deze haan is al erg oud en heeft al veel van zijn veren verloren.
Wil je weten hoe oud? Tel dan alle cijfers apart bij elkaar op! _______________________________________________

3. Ik ben een nuttig dier. Geef mij een letter meer en ik word een
lekkernij. Wat ben ik? ______________________________

4. Ik ben een dier. Raak ik mijn kop kwijt, dan ben ik niet kort.
Wat ben ik? ____________________________________

4

5. Welk dier zit verborgen in DSARDIROME ? ________________ 6. Welke dier zit verborgen in de volgende zin:
Toos lakt haar geboetseerde beeldje. _____________________

7. Ik ben een dier. Raak ik mijn kop kwijt, dan ben ik honderd jaar oud.
Wat ben ik? ____________________________

5. Verbind de juiste eigenschappen bij de juiste dierengroep:

insecten water. schaaldieren weekdieren zoogdieren spinnen amfibieën reptielen vogels vissen    

Halen met kieuwen zuurstof uit het Leven in het water.

Kunnen meestal vliegen. Ei met harde schaal wordt bebroed.

  

Hebben speciale klieren. Hebben 4 paar poten.

Hebben drie paar poten. Hun lijf bestaat uit drie delen. hebben een zacht en week lijf. Hebben vaak een uitwendige schelp. Worden door de moeder gezoogd. Er zijn zeker 4000 soorten. Hebben veel poten Hebben een harde schaal.  Leven dicht Dikkopjes

 

 . 

bij het water met kieuwen Ademen met

 longen Nakomelingen komen uit eieren

5

6. enkele spelletjes: een woordzoeker:

Met de letters die overblijven kan je een heel kort zinnetje vinden!

Los de rebussen op :

6

-ORL

P=V

P=G

R=L

-OWS

-N

-R

-N

UI=IJ

7

7. een kleurplaat

8. mopjes:
* Een man staat poeder in zijn tuin te strooien. Zijn nieuwsgierige buur vraagt: "Waarom strooit u poeder in uw tuin?" "Aah," zegt de andere man, "dat is om de olifanten weg te houden." Waarop de buurman zegt:"Maar hier zitten toch geen olifanten!" Waarop de buurman zegt:"Goed poeder hé!" * Er zitten twee papegaaien in een kooi. Zegt de ene tegen de andere:"Pff, het is hier warm!" Waarop de andere antwoord:"Zal ik de kooi even open zetten?" * Waarom is een schaap blij als hij kan lopen? Omdat hij vroeger 'lam' is geweest! * Wat krijg je als je een kangoeroe en een olifant kruist? Hele grote gaten in Australië. *Een meisje loopt met haar hond over straat. Roept een vrouw opeens: "Weg met die hond! Weg! Ik voel zo een vlo over mijn been kruipen!" Het meisje trekt aan de riem van haar hond en zegt geschrokken: "Snel... Bello! Weg! Die dame zit onder de vlooien!" *Marietje, waarom jankt je hond zo? Hij is lui. Maar waarom jankt hij dan? Hij zit op een cactus en hij is te lui om er af te komen. *Een giraf komt terug in de dierentuin. 'wat kijk je chagrijnig?' vraagt de bewaker. 'Vind je 't gek?" zegt de giraf: 'ik kom net bij de kapper vandaan. Alleen m'n nek uitscheren: 1.500 euro!" *Er lopen twee muizen door de woestijn. Als er opeens een vleermuis overvliegt, zegt de ene: "kijk, dat is mijn broer. Die werkt bij de luchtmacht." *Een muggenmoeder zegt tegen haar kinderen: "Als jullie vandaag zoet zijn, gaan we morgen naar het blote mensenstrand." *Er lopen twee koeien in de wei. Zegt de ene koe tegen de andere: "BOE"! Zegt de andere koe: "Ha, ha, ik had je allang gezien." *Er lopen twee katten door de woestijn, zegt de ene kat tegen de andere kat: "Grote kattenbak is dit." *Twee regenwormen komen elkaar tegen. Vraagt de ene regenworm aan de andere: "Wat is er aan de hand? Je kijkt zo somber." Antwoordt de andere regenworm: "Mijn man moest vanmorgen mee uit vissen!" *Twee slangen kruipen door de woestijn. Vraagt de ene slang aan de andere: "Zijn wij giftig?" "Ja, hoezo?" Antwoord de andere slang: "Oh, ik heb net op mijn tong gebeten?" *Er zitten twee vliegen op een kaal hoofd. Zegt de ene vlieg tegen de andere: "Weet je nog, hier speelden we vroeger verstoppertje."