&

in relatie tot kanker

GEZONDE LEEFSTIJL VOEDING

Lize Baarspul

Vereniging voor Biologisch-Dynamische Landbouw en Voeding
Voeding kan onze gezondheid ondersteunen. Met name voeding met veel levenskracht heeft een stimulerende werking op ons immuunsysteem. Levensmiddelen uit de biologisch-dynamische landbouw en veeteelt hebben deze kwaliteit. De biologisch-dynamische boer gaat uit van de samenhang tussen mens, dier, plant en kosmos. Hij heeft respect voor de eigenheid van elk gewas en dier. Daarom levert deze vorm van landbouw ons vitale, volwaardige en smaakvolle groenten, fruit, granen, zuivel en vlees die ons geven wat we nodig hebben. Kies daarom voor voeding van biologisch-dynamische kwaliteit, herkenbaar aan het Demeter keurmerk. En wordt lid van de BD-Vereniging om uw kennis over gezonde landbouw en voeding te vergroten. De BD-Vereniging organiseert inspirerende rondleidingen en verdiepende lezingen op biologisch-dynamische boerderijen, waar u aan kunt deelnemen. Voor 35 euro bent u lid en ontvangt u 5 x per jaar het ledenblad Dynamisch Perspectief met achtergrondartikelen en actuele onderwerpen.

www.bdvereniging.nl info@bdvereniging.nl tel. 0343-531740

nsulent : dintgjsdcsoberoep ! o tuurevn eigen i Na e e
en Cursussen oplei

KERHOeF! E A AYBEingen die er toe do n KR d

EEK KR A AYB

ontstaan urvoedin van de robemen en de natu rom is het beroep ondheidsp sen vinden binn a a Gez ensstijl. D n de toekomst! eer men e oorde lev Steeds m n verantw elangrijk voor nu om ee leiden op lent b het gaat gsconsu n te bege g viseren e urvoedin ad betrekkin natu ensen te eeld met g leer je m atroon. Bijvoorb k oo leidin gsp ng, maar -jarige op en voedin oor rminderi In deze 3 hun leefdie daarv wichtsve kken d van of ge het gebie ie. Alle va basiskennis, leefwijze llerg ezondere che iekte of a tot een g k als medis aat om z . Maar oo n bod, zo eer het g wann ische men aa chnieken rekste zijn ko ie, biolog sp olog belangrijk r, diëtetiek en ge fenomen stisch oli ee , zoals vakken h voedingsl een bredere visie medische ldbeeld, en met vakk n were , mens- e landbouw dervoeding. consulten kin krijgt de bekeken, onsulent ingsc ars. tuurvoed verzekera eerde na ktekosten afgestud Een este zie e oor de m vergoed d jkse maandeli ats in 10 dag tot inden pla v id De lessen jaar van vrijdagm ber 2007. er 21 septem lokken p b anaf middag v zaterdag of kijk op brochure l, ook voor onze rend! voor een nspire of.n Bel rlijk i ybeekerh cursussen. 5 natuu ww.kraa hslaan 2 w n en Diederic pleidinge en andere o Drieberg 3971 PA 65 fax 53 38 1 29 25 / erhof.nl (0343) 5 tel. beek fo@kraay erhof.nl e-mail: in raaybeek www.k

eft? mak en he daarmee te ieuwe richting? alles wat k je een n oeding en ebied? Zoe gezondheid. ij natuurv thuis b n op dit g Voel je je ensen aan ontwikkele k je met m ag verder oontes. sulent wer Wil je gra scon dingsgew urvoeding onde voe r ongez tieven als Als natu vaak doo g alterna

ERHOF

© Magnolia, praktijk voor persoonlijke & spirituele ontwikkeling email: lizebaa@zonnet.nl Tekst: Met medewerking van: Vormgeving: Drukwerk: Uitgave: Lize Baarspul, diëtiste/voedingstherapeute dr. sc. Jan Diek van Mansvelt, bioloog voor landbouw, landschap en voeding Gouda Media Groep B.V. Luma Stolwijk juni 2007

De brochure is te bestellen bij de uitgever, de Gouda Media Groep B.V., door overmaking van het verschuldigde bedrag op rekeningnummer 10.73.30.253 bij de Rabobank te Gouda onder vermelding van het aantal brochures. Het telefoonnummer van de Gouda Media Groep is 0182-322456. Prijs: € 7,95 inclusief 19% btw en verzend- en administratiekosten. Niets uit deze brochure mag worden overgenomen op welke wijze dan ook. Het auteursrecht wordt uitdrukkelijk voorbehouden.

5

Inhoud:
Inleiding Hoe kunnen we ons immuunsysteem versterken? Aanvullende behandelmethoden Ritme en gezondheid Wat kunnen we nog meer zélf doen? Onze levensmiddelen en de voedingskwaliteit Onze levensmiddelen en hun werking in ons lichaam Het zuur-base-evenwicht De darmflora herstellen Fyto-oestrogenen en kanker Gezonde balans tussen warmte en koude Een gezonde ademhaling van cel tot psyche Nawoord Samenvatting 7 8 9 10 11 13 14 18 19 20 21 26 27 28

6

Inleiding
Voor ons welzijn is een gezonde leefstijl onmisbaar. Dat wil zeggen: een gezonde voeding, voldoende lichaamsbeweging, niet roken, ritmisch leven, aanhoudende stress en vermoeidheid thuis en op het werk vermijden en liefst ook een gezond milieu en een levend landschap om ons heen. Dit geeft al aan dat we zelf heel wat kunnen doen om te zorgen dat we gezond blijven. Toch is het goed ons te realiseren dat een gezonde leefstijl geen garantie biedt dat we nooit ziek zullen worden. Evenmin dat we altijd en volledig zullen genezen. Gezond of ziek zijn hangt van veel factoren af en is niet los te zien van ieders persoonlijkheid. Kanker is een verzamelnaam voor veel verschillende soorten ziektebeelden. Bij het ontstaan van kanker spelen meestal zowel erfelijkheidsfactoren (aanleg) als omgevingsinvloeden een rol. Lichaamscellen kunnen door familiaire aanleg gevoelig zijn om zich kankerachtig te ontwikkelen. Ook uiterlijke factoren zoals chemische stoffen, denk aan milieuvervuiling en roken, kunnen op termijn kankerverwekkend zijn, maar ook overdadige voeding of te vet en ongezond eten en te veel zonlicht. Daarnaast is onze psychische aanleg, onze predispositie, een belangrijke factor in onze gezondheid. Dit verklaart waarom de ene mens onder nagenoeg dezelfde omstandigheden wel ziek wordt en de ander niet. Wanneer we kanker hebben is het belangrijk dat te accepteren en zelf werkzaam bij de behandeling betrokken te zijn en blijven. In deze brochure vindt u algemene richtlijnen hoe u een gezonde voeding kunt samenstellen en welke accenten u kunt leggen als u (een aanleg voor) kanker heeft. Daarnaast staat hierin in grote lijnen beschreven wat u zelf kunt doen om uw gezondheid te bevorderen of, als u ziek bent, uw afweersysteem te activeren en te versterken. Ook is globaal aangegeven wat u zonodig kunt doen om uw eetlust te stimuleren. De informatie in deze brochure is nadrukkelijk niet bedoeld als een specifiek persoonlijk (voedings)advies voor wie dan ook. Tevens willen we uitdrukkelijk vermelden dat deze brochure evenmin bedoeld is om bezoek aan arts of specialist te vervangen. En tot slot, als u een persoonlijk voedingsadvies of bereidingsadviezen nodig heeft, is een consult bij een diëtist of natuurvoedingsconsulent aan te raden.

7

Hoe kunnen we ons immuunsysteem versterken?
Ons immuunsysteem, de natuurlijke afweer van ons lichaam, speelt een essentiële rol bij het ontstaan van kanker. Een sterk en actief afweersysteem kan een belangrijke bijdrage leveren bij het voorkomen van deze chronische ziekte. En naast de preventie ook bij het behandelen en overwinnen van veel soorten kanker. Daarom is het van groot belang dat u uw immuunsysteem probeert te activeren en te versterken. Dit kunt u op verschillende manieren doen. Dat is allereerst door een gezonde mineralenrijke voeding te gebruiken. Mineralen en spoorelementen zijn essentieel voor onze stofwisseling. Daarnaast is voldoende vet van goede kwaliteit belangrijk. Een goede voedingstoestand verhoogt uw weerstand. Met een goede voeding kunt u zich beter gaan voelen. Bovendien zorgt een goede voedingstoestand er voor dat u, wanneer u ziek bent, een kankerbehandeling beter aankunt. We weten ook dat ondervoeding en overvoeding een rol kunnen spelen bij het ontstaan van kanker als u aanleg heeft om die ziekte te krijgen. Daarom is het in dit kader ook zeer aan te raden om voor een goed lichaamsgewicht te zorgen. De darm en darmflora spelen een belangrijke rol bij ons immuunsysteem. Wanneer we gezond zijn hebben we een vrij stabiel patroon van darmbacteriën die kenmerkend is voor de betreffende persoon. Bij ziekte, na het gebruik van antibiotica of wanneer we langdurig ongezonde voeding hebben gegeten, is onze darmflora meestal verstoord. Met specifieke voedingsmaatregelen kunnen we bijdragen aan het herstel van de balans in de darm. Uit onderzoek en ervaring weten we dat we onze weerstand kunnen versterken door innerlijk actief te blijven en niet bij de pakken te gaan neerzitten. En door ritmisch te leven en de dingen die we doen met liefdevolle aandacht, met hart en ziel te doen. Ook het wandelen in de natuur en daar inspiratie uit halen ervaren steeds meer mensen als een activiteit die ons gezond maakt. Daarnaast is het belangrijk om u positief betrokken te voelen bij uw eigen welzijn, u daar zelf verantwoordelijk voor te voelen en uzelf actief op te stellen. Een groeiend aantal mensen raakt er van overtuigd dat ook in de gezondheidszorg de hele mens centraal dient te staan en niet alleen een gezond of ziek lichaam. Daarom worden bij zowel kankerpatiënten als hun behandelaars holistische behandelmethoden steeds populairder.

8

Aanvullende behandelmethoden
Er komt steeds meer belangstelling voor de positieve effecten van deze holistische, ook wel complementair genoemde behandelmethoden. Dit zijn behandelwijzen die op hun effectiviteit en veiligheid zijn getoetst en als aanvulling op de reguliere gezondheidszorg worden toegepast. Ze zijn er veelal op gericht de zelfwerkzaamheid en het zelfherstellend vermogen van de patiënt aan te spreken en te stimuleren. Inmiddels hebben ze hun toegevoegde waarde duidelijk bewezen. Uitgangspunt hierbij is de visie dat de mens een lichaam, ziel en geest heeft die (min of meer) een eenheid vormen. Lichaam, gevoelens en emoties, zintuigindrukken en denken zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden en beïnvloeden elkaar wederzijds. Met andere woorden: als mens die kan denken, voelen en handelen en die een biografie, een persoonlijke levensloop heeft, zijn we veel méér dan alleen een gezond of ziek lichaam. Naast een holistisch of spiritueel mensbeeld staan de eigen verantwoordelijkheid en de eigen ontwikkeling van de patiënt centraal. Een positieve en actieve levensinstelling heeft een goede invloed op onze weerstand en onze gezondheid. Een positieve en actieve levensinstelling heeft een goede invloed op onze weerstand en onze gezondheid. Naast homeopathische of antroposofische medicamenteuze therapie en/of acupunctuur, hebben veel mensen profijt van gesprekstherapie, uitwendige therapieën zoals (ritmische) massage en badtherapie, kunstzinnige therapieën en voedings- en dieettherapie. Verder kunnen ontspannings- en visualisatieoefeningen en meditatie, rustgevende natuurgeluiden of muziek, het gebruik van kleuren of van stimulerende of juist rustgevende geuren behulpzaam zijn. Sinds enkele jaren geeft ook de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) als aanbeveling om de complementaire zorg te bevorderen.

9

Ritme en gezondheid
Alle biologische processen in ons lichaam hebben een ritmisch verloop. Denk aan de manier waarop we omgaan met ons dag- en nachtritme, ons waak- en slaapritme en het ritme van onze afbraak- en opbouwprocessen respectievelijk overdag en ’s nachts. Ook onze spijsvertering en stofwisselingsprocessen hebben een eigen ritme. De verschillende ritmen samen noemen wij onze biologische klok. Een goed functionerende biologische klok is heel belangrijk voor onze gezondheid. Aan de andere kant weten we dat het innerlijk ritme bij mensen met kanker vaak is verstoord. Daarom is aan te raden zoveel mogelijk een ritmische dagindeling aan te houden. Dat werkt zowel preventief (het voorkomen van ziekte) als curatief (bijdragen aan de genezing). Niet alleen wij mensen maar ook planten en dieren hebben biologische processen die gekoppeld zijn aan het 24-uurs-ritme van de aarde. De manier waarop planten worden geteeld en dieren worden gevoed, gehuisvest en gefokt, hebben direct invloed op hun gezondheid en hun weerstand. We weten dat landbouwhuisdieren uit de bio-industrie veel zwakker zijn dan hun soortgenoten op biologische (EKO) en met name op biologisch-dynamische (BD-Demeter) bedrijven. De laatstgenoemde bedrijven kennen de strengste regels wat betreft het dierenwelzijn, de bodemgezondheid en het milieu. Ook biologisch geteelde voedingsgewassen (EKO en BD), die volgens hun eigen innerlijk ritme, hun eigen ‘aard’ hebben kunnen kiemen, groeien en afrijpen, zijn meestal gezonder en sterker dan gewassen uit de chemisch-industriële landbouw. Dit komt onder meer tot uiting in een betere houdbaarheid van de producten en een sterker aroma, dus een betere geur en smaak. We kunnen stellen dat een natuurvriendelijke landbouw, die rekening houdt met biologische processen, zowel de uiterlijke kwaliteit (vorm, kleur, gaafheid) als de innerlijke kwaliteit (aroma, houdbaarheid, vitaliteit) van onze levensmiddelen garandeert. Belangrijk pluspunt is ook dat plant en dier niet door technisch ingrijpen genetisch veranderd zijn. We weten immers nog niet wat de effecten hiervan op lange(re) termijn zijn op de gezondheid van mens, plant en dier en op het ecosysteem. De biologische landbouw is bovendien milieuvriendelijk en kostenbesparend voor de samenleving als geheel. De biologisch-dynamische landbouw is een spirituele landbouw die gebaseerd is op geesteswetenschappelijke inzichten die de natuurwetenschappelijke inzichten wezenlijk aanvullen en verrijken. In deze landbouwmethode speelt het begrip kwaliteit een centrale rol. Met het woord ‘dynamisch’ wordt aangeduid dat de onzichtbare krachten
10

in de natuur als realiteit worden ervaren en dat daar zoveel mogelijk mee wordt gewerkt. Het is eigenlijk vanzelfsprekend dat alleen gezonde bodems, planten en dieren gezonde levensmiddelen kunnen produceren die ons werkelijk voeden!

Wat kunnen we nog meer zélf doen?
Kies voor levend en ‘levenskrachtig’ voedsel Voor onze voeding hebben wij plantaardige en dierlijke levensmiddelen nodig die in de levende natuur zijn ontstaan. Producten van ‘levenskrachtige’ planten die onder zo optimaal mogelijke omstandigheden met hun levensprocessen stoffen uit de bodem en de lucht hebben samengevoegd tot voedingssubstanties die voor ons onmisbaar zijn. Daarnaast dierlijke levensmiddelen die afkomstig zijn van gezonde, ‘vitale’ dieren. Levensmiddelen van biologische kwaliteit hebben dan ook zondermeer de voorkeur. Deze zijn te herkennen aan het keurmerk EKO. Producten uit de biologisch-dynamische landbouw dragen bovendien het kwaliteitskeurmerk Demeter. Van nature eten we geen levenloze stoffen, geen minerale voeding. Zout (natriumchloride) is het enige mineraal dat wij in pure vorm opnemen. Het komt onze gezondheid ten goede als we maar heel weinig zout eten. Kies voor levend en ‘levenskrachtig’ voedsel Neem de tijd om te eten en drinken Het is belangrijk dat u niet gehaast eet en drinkt. Dan kunt u zich ontspannen wat een goede invloed heeft op de spijsverteringsorganen. U kunt dan ook met meer aandacht eten en ervan genieten. Voedsel dat u met plezier en smaak eet of drinkt wordt beter verteerd dan voedsel dat u tegenstaat. Eten is tevens een sociaal culturele activiteit. Tijdens de maaltijd kunnen we anderen ontmoeten en met hen communiceren wat de gezelligheid kan verhogen en de eetlust stimuleren. Als u snel vermoeid bent, is het beter dat het niet te druk voor u is, want dat kan averechts werken. Het eten wordt aantrekkelijker als het in een prettige sfeer en omgeving smaakvol wordt opgediend. Hierbij spelen kleuren een belangrijke rol. Een vrij ‘kleurloze’ maaltijd met bijvoorbeeld bloemkoolsoep, witte rijst, venkel, witlofsalade en yoghurt toe zal ons niet erg aanspreken en zal onze vertering dan ook niet bevorderen. Hoe gezond elk van die producten op zich ook is. Naast een kleurrijke maaltijd en een passende garnering kunnen gekleurde servetten en een vaasje met bloemen op tafel het eten veraangenamen.

11

Verdeel de maaltijden ritmisch over de dag Door ritmisch verdeeld over het verloop van de dag iets te eten en drinken kunnen we het ritmisch leven ondersteunen. Zonodig om de 1 of 2 uur iets drinken of eten, al is het maar een biscuitje, kan ook een goed ritme zijn. Bovendien is het vaak minder vermoeiend als u geregeld iets eet dan als u een paar grote(re) maaltijden per dag neemt. Als u weinig zin in eten heeft, kan regelmatig een kleinigheid eten uw eetlust stimuleren. Voldoende drinken, goed verdeeld over de dag, is heel belangrijk, niet alleen om het vochtverlies aan te vullen maar ook om afvalstoffen uit te scheiden. In de eerste plaats water. Verder zijn naast of in plaats van het dagelijkse kopje koffie, vooral theesoorten zoals kruiden- en bloesemtheeën en groene thee aan te raden. Ook bron- of mineraalwater is een goede keuze en naar wens groente- of vruchtensap. Alcohol kunt u beter vermijden. Wat te doen bij misselijkheid Ook bij misselijkheid kan het heel plezierig zijn kleine hoeveelheden goed verdeeld over de dag te eten of drinken. Indien u snel misselijk bent, kan uw maag veel voedsel tegelijk niet goed verdragen. Ook producten die makkelijk gasvorming geven of volumineus zijn, zijn dan geen goede keuze. Het is dan extra belangrijk dat u er op let voldoende te drinken, goed verdeeld over de dag, omdat het vochtverlies ook over de dag verdeeld plaatsvindt. Als u door ziekte een aversie heeft tegen etensluchtjes en geurige warme gerechten en daar misselijk van wordt, dan kunt u toch een gezonde maaltijd samenstellen. Een broodmaaltijd met kaas, een kleine portie rauwkostsalade of een slaatje van koude groente en een glas vruchtensap of karnemelk of melk is een goed alternatief voor de warme maaltijd. Leer luisteren naar uw lichaam Het kan een grote hulp zijn als u leert luisteren naar uw lichaam: waar heb ik behoefte aan, wat vind ik lekker, wat ‘valt’ goed en wat verkeerd? Wel of geen vlees en vis? Veel mensen vragen zich af of vlees en vis aan of af te raden zijn. Hier is in zijn algemeenheid geen antwoord op te geven. We kunnen een vegetarische voeding heel goed op een verantwoorde manier samenstellen en veel mensen voelen zich daar prettig bij. Maar voor sommigen zijn vlees en vis in hun menu welkom omdat die licht verteerbaar zijn. Vlees en vis zijn als het ware ‘voorverteerd’ plantaardig voedsel. Het dier heeft aan het levensmiddel een kwaliteit toegevoegd. Toch kunnen we stellen dat vleesvoeding weliswaar lichter verteerbaar is dan plantaardige voeding maar dat dit niet altijd gunstig hoeft te zijn. Dit spoort met de ervaring dat als we ergens moeite voor moeten doen we er kracht voor terugkrijgen.
12

Denk er maar aan hoe lichaamsbeweging je spieren sterker kan maken. Ons lichaam wordt door het verteren van een plantaardige voeding meer gestimuleerd en versterkt dan door een voeding met vlees. Aan de andere kant is het niet verstandig om vlees en vis uit uw dagmenu weg te laten als u er toch plezier aan beleeft of behoefte aan heeft. Eet u dan een kleine portie en steeds goed doorbakken vlees, bij voorkeur rundvlees, kip of kalkoen. Of neem een kleine portie milieuvriendelijke vis. Dogmatisch en fanatiek met voeding omgaan is eerder ziekmakend dan dat het u goed doet. Zo kunt u beter ook geen producten eten die u eigenlijk niet lust maar waarvan u denkt of gehoord heeft dat ze ‘gezond’ zijn. Ook dit werkt meestal averechts. Als u uw voedselkeuze en voedingsgewoonte wilt veranderen is het overigens heel plezierig als anderen, familie, huisgenoten en/of vrienden u daarbij steunen.

Onze levensmiddelen en de voedingskwaliteit
De meeste mensen eten een variatie aan plantaardige levensmiddelen zoals groenten, vruchten, granen en graanproducten en noten en zaden. Afhankelijk van de leeftijd, de voedingsgewoonte, de behoefte, de smaakvoorkeur, de verteringsmogelijkheden en de verkrijgbaarheid kunnen we dat aanvullen met dierlijke levensmiddelen zoals melk en melkproducten, ei, vlees of vis. We staan er meestal niet zo bij stil hoe bijzonder het is dat plantaardige en dierlijke levensmiddelen juist die voedingsstoffen bevatten die voor ons onmisbaar zijn, zoals eiwitten, vetten, koolhydraten, vitamines, mineralen en biologisch actieve stoffen zoals antioxidanten. En dat ons maagdarmkanaal precies is afgestemd op het verteren van die producten. We ontdekken de laatste jaren steeds meer facetten van de voedingskwaliteit. Afhankelijk van de levensvisie en het innerlijk beeld van de onderzoeker worden ook begrippen als levenskracht, vitaliteit en heelheid van producten bij het onderzoek betrokken. We vermoeden steeds meer dat voedsel ons niet alleen belangrijke ‘informatie’ geeft over zaken die weegbaar, meetbaar, telbaar en te analyseren zijn maar ook over immateriële aspecten zoals de ‘eigenheid’ en de gezondheid, de vitaliteit van plant en dier. En in welke landstreek, in welk seizoen en onder welke leefomstandigheden het organisme is gegroeid en zich heeft ontwikkeld. Het zal veel uitmaken of dat harmonisch is gebeurd of met stress, in zonlicht of met kunstlicht, in een plant- of dier-eigen omgeving of massaal en anoniem achter gesloten deuren. Het maakt ook veel uit of we te maken hebben met levensmiddelen die op een harmonische manier in de natuur zijn ontstaan. Of met producten die door de voedingsmiddelenindustrie vanuit biochemische modellen bedacht en met kunstmatige methoden gemaakt zijn.

13

Onze levensmiddelen en hun werking in ons lichaam
Alles wat leeft volgt ritmische processen die volgens de specifieke ordening van het betreffende organisme verlopen. Ritmisch leven, volgens het eigen innerlijk ritme, is helend en geeft kracht. A-ritmisch, ongeregeld leven maakt zowel mens, dier als plant zwak en ziek. Levensprocessen zijn ritmische processen die zich in de tijd afspelen en ritmische processen zijn in wezen gezond makend. Vanuit dit oogpunt is het logisch dat we voor het behoud en het herwinnen van onze gezondheid ‘levenskrachtige’ levensmiddelen nodig hebben die op een harmonische manier in de natuur zijn ontstaan. Plantaardige levensmiddelen In de eerste plaats zijn dat plantaardige levensmiddelen. Vergeleken met een ‘gewone’ plant is bij de veredeling van onze voedingsgewassen per soort gewas steeds naar een speciale ontwikkeling gestreefd, waarbij telkens de nadruk op één deel van de plant is gelegd. Dat plantendeel werd daardoor eetbaar en (beter) verteerbaar. Niet in het minst omdat die voedingsgewassen in dat proces ook meer zoete en aromatische stoffen zijn gaan vormen, waardoor ze nu extra aantrekkelijk en smakelijk zijn om te eten. Die speciale plantendelen zijn bij wortelgewassen zoals peen, pastinaak en schorseneer de wortel, bij blad- en stengelgewassen zoals sla, spinazie, kool en prei het blad of de stengel en bij vrucht- of zaaddragende planten zoals appel, peer of granen de vruchten of het zaad.

Daarbij heeft een wortelgewas met zijn sterk ontwikkeld worteldeel, een andere kwaliteit dan een bladgewas met zijn weelderige, malse bladeren of krop en ook een andere kwaliteit dan een sappige zoete vrucht of een zaad. Het gaat hierbij immers om verschillende plantendelen die zich sterk ontwikkeld hebben, waarbij het voedingsgewas steeds op een andere manier is omgegaan met de invloeden vanuit de aarde en de omgeving. Door die heel specifieke ontwikkeling zullen onze uiteenlopende voedingsgewassen ons bij de spijsvertering elk op een verschillende manier ‘aanspreken’ en stimuleren.Ook alle blad- en stengelgewassen op zich zullen ons iets heel eigens ‘te vertellen’ hebben al naar gelang de plantenfamilie waaruit ze afkomstig zijn en de manier waarop ze blad en stengel veranderd hebben ten opzichte van de wilde voorouder. Dit zal net zo gelden voor de verschillende vruchten en zaden die wij eten en de diverse wortelgewassen.

14

Daarbij is het opmerkelijk dat bij de wortelgewassen zomerpeen, winterpeen en rode biet het verdikte wortelgedeelte van de plant, die doorgaans donker van kleur is, een oranje of karmijnrode kleur heeft gekregen die je normaal gesproken bij bloemen of vruchten ziet. Bovendien smaken ze zoetig. Hierdoor zullen deze wortelgewassen in vergelijking tot bijvoorbeeld de wittige pastinaak en donkergekleurde schorseneer er nog weer een extra kwaliteit bij hebben gekregen. In die zin dat ze meer licht- en warmtekwaliteiten in zich zullen hebben opgenomen dan de ‘kleurloze’ wortelgewassen. Knolselderij neemt hierbij een speciale plaats in: daar is het eetbare gedeelte geen verdikte wortel maar een verdikt deel van de stengel dat vlak boven de grond zit. Toch wordt deze stengelknol in de voedingskunde tot de wortelgewassen gerekend. Aardappel en tomaat Aardappelen en tomaat kunt u beter niet te veel eten. Dit zijn, evenals aubergine en paprika, cultuurplanten uit het geslacht Nachtschadegewassen (familie van de Solanaceae). Daarnaast behoren tabak en de veel giftiger planten als belladonna en doornappel tot de Nachtschadefamilie. De extracten van deze drie gewassen worden sterk verdund als geneesmiddelen gebruikt.

Typisch voor aardappelen is dat het feitelijk verdikte stengeldelen, knollen zijn die zich als wortels ‘gedragen’. Ze hebben geen zelfdragende stengel en vertonen ook geen bladmetamorfose voorafgaande aan de vruchtvorming. Daaraan kun je zien dat ze niet die sterke vormkrachten en licht- en warmtekwaliteiten hebben zoals peen, rode biet en granen. Rijst, gierst, spelt, tarwe, gerst, haver, rogge, maïs etc., die we ook in pizza’s, macaroni, spaghetti, hartige taarten kunnen verwerken, zijn goede alternatieven. Dit wil niet zeggen dat u aardappelen helemaal moet vermijden. Als ze goed geteeld zijn en tot een smakelijk gerecht zijn verwerkt brengen ze afwisseling in het menu. Maar elke dag aardappelen eten is af te raden als u (een aanleg voor) kanker heeft. In groene plekken van een aardappel en in en rondom de ‘ogen’ kan het lichte gif solanine zitten. Deze plekken moeten royaal worden weggesneden. Tomaten hebben een sterk verkoelende werking. Voor veel mensen zijn tomaten daardoor heerlijke frisse producten in de warme zomermaanden. Voor kankerpatiënten, die vaak kouwelijk zijn, is tomaat ook om die reden af te raden.

15

Paddestoelen Tot slot nog een opmerking over paddestoelen. Paddestoelen missen de stapsgewijze ontwikkeling van de bloeiende planten die zaad vormen. Deze bereiken hun hogere ontwikkeling door vele stengelknopen en de daaruit te voorschijn komende bladeren. Dankzij bladgroenkorrels, het chlorofyl, kunnen bladeren assimileren en voedsel vormen. Tenslotte komen deze hogere planten tot bloem-, vrucht- en zaadvorming. De bloeiwijze van de paddestoel, dat wat we eten, bijvoorbeeld de champignon, ontspringt direct uit het witte schimmeldradenstelsel in de bodem: het mycelium. Paddestoelen zijn gezwel- en sponsachtige schimmels die uit woekerende levensprocessen zijn ontstaan. Doordat paddestoelen bladgroenkorrels missen en daardoor niet kunnen assimileren, moeten ze organisch materiaal van andere levende organismen opnemen. In de natuur zijn ze onmisbaar voor de afbraakprocessen van afgestorven planten en dieren. Maar in een voeding bij (een aanleg voor) kanker, een ziekte die ook gekenmerkt wordt door woekerende processen, horen paddestoelen vanuit bovengenoemde gezichtspunten niet thuis. Dan zijn juist voedingsmiddelen met licht- en warmtekwaliteiten en sterke vormkrachten nodig zoals zomerpeen, winterpeen, rode biet en granen. Zo zijn er bij al onze voedingsgewassen en ook bij de kruiden en medicinale gewassen steeds meer bijzonderheden te ontdekken. We kunnen leren waarnemen en ervaren dat er een onzichtbare werkelijkheid is achter de zichtbare werkelijkheid en dat die evenzeer een werking op ons heeft. Er gaat dan letterlijk en figuurlijk een wereld voor ons open. In de antroposofische geneeskunde zijn deze gezichtspunten nauwkeurig uitgewerkt en vertaald in specifieke en praktische voedings- en dieetadviezen. Dierlijke levensmiddelen Naast plantaardige levensmiddelen vullen we onze voeding naar wens en mogelijkheden aan met dierlijke levensmiddelen zoals melk en melkproducten, ei, vlees of vis. We hebben al gezien dat plantaardige voeding ons innerlijk meer activeert dan dierlijke levensmiddelen. Dierlijke levensmiddelen spelen echter wel degelijk een belangrijke rol in ons dagmenu. Ook de verschillende dierlijke levensmiddelen, die op zo’n geheel eigen manier in de natuur zijn ontstaan, hebben in ons lichaam elk een andersoortige werking. Die specifieke eigenheid van deze levensmiddelen komt onder meer tot uiting in het soort eiwit. Bijvoorbeeld melk-, ei-, vlees- en viseiwit verschillen sterk van elkaar. Vlees en vis zijn uitgesproken dierlijke producten: hierbij gaat het om de lichaamssubstantie, het vlees van dieren. Ze zijn over het algemeen licht verteerbaar maar er zijn meer aspecten die de voedingskwaliteit van deze producten mede bepalen. Bijvoorbeeld spelen de aard van het dier, de wijze waarop het dier is gehouden, de kwaliteit van zijn voeding, de manier waarop het dier is geslacht en de verwerking van het vlees een rol. Als u graag vlees(waren) eet, kies dan bij voorkeur vlees van biologisch16

dynamische of biologische herkomst. Wild, rood vlees, orgaanvlees, varkensvlees en gerookte producten worden voor kankerpatiënten afgeraden. Vissen zijn gewervelde dieren die in zoet of zout water leven. Ze hebben veel minder vast vlees dan warmbloedige landdieren. Vis is lichter verteerbaar dan vlees. Eet bij voorkeur kleine porties en milieuvriendelijke, dus duurzame vis. Weekdieren zoals mossel en oester die zich in een schelp ontwikkelen en schaaldieren zoals kreeft, behoren tot de ongewervelde dieren. Ze staan op een lager ontwikkelingsniveau dan vissen en kunnen niet veel bijdragen aan een gezonde voeding. Net als de chlorofylloze paddestoelen hebben ze kwalitatief gezien geen hoge voedingswaarde. Ei heeft een nog minder compacte substantie dan vlees. Het is makkelijk te verteren, mits het bereid is en niet te hard is gekookt. Met het oog op besmetting (salmonella-bacteriën) is het verstandig eieren te verhitten voor ze gegeten worden. Melk tenslotte is een vloeibare substantie die in het levensproces van het dier is gevormd en oorspronkelijk is bedoeld als voeding voor het jonge dier. Melk staat wat het soort eiwit betreft tussen dierlijke en plantaardige levensmiddelen in. Als we van melk zure melkproducten maken zoals karnemelk, yoghurt, kwark en dergelijke, blijken die over het algemeen lichter verteerbaar te zijn geworden dan de oorspronkelijke melk. Ze hebben een gunstige invloed op de zuurgraad van het maagmilieu. Door het zuur wordt het melkeiwit al voor een deel in fijne vlokken verdeeld, waardoor deze producten makkelijker verteerbaar zijn dan ‘zoete’ melk. Daarnaast wordt het koolhydraat melksuiker voor een (groot) deel omgezet in melkzuur. Melkzure melkproducten hebben een gunstige invloed op de darmflora. We kunnen ook zoete melkproducten eten zoals vla en pap. Ook deze hebben hun waarde. Kaas is een geconcentreerd zuivelproduct waarvan we niet te veel moeten eten. Naast koemelk is er ook geitenmelk, paardenmelk en ezelinnenmelk te krijgen. Al naar gelang de smaak en een eventueel bijkomende aandoening zoals koemelkallergie, kunnen deze producten een goed alternatief zijn. Al onze levensmiddelen zijn op een heel eigen manier ontstaan en in hun soort uniek. Het zijn geen kant en klaar bouwpakketten waar we naar believen aan kunnen sleutelen zonder de voedingskwaliteit geweld aan te doen. Vanuit dit gezichtspunt kunnen vitaminen uit een potje in kwalitatief opzicht niet gelijkwaardig zijn aan de vitaminen die in hun natuurlijke samenhang in onze voedingsmiddelen zitten. We zijn dus het meest gebaat bij een gevarieerde voeding met levensmiddelen van hoogwaardige biologisch (dynamisch)e kwaliteit.

17

Het zuur-base-evenwicht
In de chemie van ons lichaam en in de natuur, vinden we onder andere zuren en basen, die wat hun karakter betreft polair zijn. In ons bloed en andere lichaamsvloeistoffen moeten die zuren en basen telkens weer in een bepaald evenwicht worden gebracht. Het zijn onze nieren, longen en huid die een belangrijke rol spelen bij het in stand houden van dat zuur-base-evenwicht. Bij onze stofwisselingsprocessen worden voortdurend zuren gevormd terwijl er aan de andere kant een bepaalde zuurgraad gehandhaafd dient te worden. Het teveel aan zuren komt in ons bloed terecht. Voor onze gezondheid moet ons bloed echter licht basisch zijn. Ons lichaam moet het teveel aan zuren dus kunnen uitscheiden. Nu blijkt het zo te zijn dat we zuren veel moeilijker uitscheiden dan basen. Om ons lichaam te ontlasten en te ondersteunen zijn we gebaat met een voeding die niet sterk zuurvormend is. Dit wil niet zeggen dat zuurvormende voedingsmiddelen slecht zouden zijn en basevormende voedingsmiddelen goed. We hebben beide soorten nodig. Het gaat om de juiste verhouding. Er wordt wel gesteld dat we er goed aan doen dagelijks viermaal zoveel basevormende levensmiddelen te eten als zuurvormende producten. Zuurvormend Onze moderne voeding bevat echter vaak naar verhouding veel zuurvormende producten. Dit zijn vooral de compacte vochtarme eiwitrijke levensmiddelen zoals vlees, vis, ei, noten, soja en andere peulvruchten, pinda’s, kaas en kwark en ook geraffineerde graanproducten zoals witbrood. Verder gehard en verhit vet, geraffineerde suiker, chocolade en (vooral sterke zwarte) koffie, zwarte thee en alcohol. Behalve een zuurvormende voeding werken ook aanhoudende stress, te weinig lichaamsbeweging en de milieuvervuiling zuurvormend op ons lichaam. Mensen met een verzuurd lichaam kunnen last krijgen van verteringsstoornissen, migraine, jicht, vermoeidheid en slaapproblemen. Vrijwel neutraal werken volkoren graanproducten en ook amandelen, hazelnoten en roomboter. Basevormend Basevormend zijn producten die vochtrijk zijn en veel mineralen en spoorelementen bevatten, zoals de meeste groenten en vruchten, uitgezonderd asperges, spruitjes, artisjok en vossenbessen. Verder melk en (dik)vloeibare zure melkproducten en melkzuurproducten op basis van groente of graan. Om de basevormende werking te behouden moeten we ons voedsel zorgvuldig
18

bereiden. Als we groente fijnsnijden en vervolgens én in veel water wassen en ook nog te lang koken, dan gaan er via het was- en kookwater veel mineralen en spoorelementen verloren. Daardoor gaat de basevormende werking van die groenten voor een aanmerkelijk deel verloren. Dus: kórt koken in weinig water, stomen of roerbakken. En rauwkost eten. Verschillende onderzoeken hebben aangetoond dat ons lichaam veel makkelijker stoffen opneemt uit bereide groente; aan de andere kant levert goed bereide rauwkost ons mineralen en hittegevoelige vitamines die bij het bereiden gedeeltelijk verdwijnen. Door de groente met vet te omhullen, dus rauwkost te vermengen met een dressing en bij het bereiden groente te roerbakken, kunnen we zoveel mogelijk voorkomen dat vitaminen en mineralen verloren gaan. Volkoren graanproducten gecombineerd met rauwkost of bereide groente of vruchten(sap) werken basevormend. Zure vruchten zoals citrusfruit bevatten veel vruchtenzuren. Deze organische zuren werken net als melkzuur in een gezond lichaam basevormend. Toch moeten we met citroen(sap) terughoudend zijn. Citroenzuur is een sterk werkend vruchtenzuur. Wanneer we daar te veel van gebruiken, kan het ons belasten en jicht- of reumatische klachten geven. Kies de voeding waarbij u zich het prettigst voelt, die het best bij u past Vegetarische voeding Uit onderzoek is gebleken dat de zuurgraad van het bloed van mensen die een vegetarische voeding gebruiken met royaal groente en fruit over het algemeen licht basisch is. Dat kan verklaren waarom vegetariërs gezonder zijn dan mensen die veel vlees eten en weinig plantaardige producten. Dit wil niet zeggen dat vlees en vis zondermeer af te raden zijn. Wel is het verstandig de hoeveelheid te beperken. Kies dus de voeding waarbij u zich het prettigst voelt, die het best bij u past.

De darmflora herstellen
De darm en darmflora spelen een belangrijke rol bij ons immuunsysteem. Met specifieke voedingsmaatregelen kunnen we bijdragen aan het herstel van de balans in de darm als deze is verstoord. • Dagelijks melkzuurgefermenteerde producten eten of drinken is een goed begin. Dat kunnen zure melkproducten zijn zoals karnemelk, yoghurt, biogarde en andere melkproducten die met specifieke melkzuurbacteriën zijn gefermenteerd. Daarnaast zijn er melkzuurgefermenteerde groente(sappen) en een melkzuurdrank gemaakt op basis van zuurdesembrood, brooddrank. Als u brooddrank te zuur
19

vindt kunt u die aanlengen met (mineraal)water, wat appel(dik)sap of ander vruchtensap, of zoeten met honing. • Een royale portie bereide groente en bij voorkeur ook een kleine portie rauwkost helpen ook voor het op peil houden en herstellen van de darmflora. • Het is aan te raden naast groente royaal fruit te nemen, bij voorkeur dagelijks tenminste twee vruchten, verdeeld over de dag. • Ook volkoren graanproducten zijn een goede keuze in de vorm van brood, volkoren deegwaren, rijst of dergelijke. Denkt u daarbij ook aan spelt en speltproducten. Spelt is een tarwesoort die niet zo ver doorgekweekt is als tarwe. Als volkoren graanproducten u spijsverteringsklachten geven zoals gasvorming neemt u dan broodsoorten of andere graanproducten die lichter verteerbaar zijn zoals (licht geroosterd) bruinbrood, beschuit, toost en knäckebröd. • Tot slot is het belangrijk het accent te leggen op mineralenrijke basevormende producten en zuurvormende voedingsmiddelen te beperken.

Fyto-oestrogenen en kanker
Er wordt regelmatig aangeraden soja(producten) te eten in verband met de mogelijk beschermende werking van fyto-oestrogenen bij hormoongevoelige soorten kanker zoals borstkanker. Wat zijn fyto-oestrogenen? Mensen en dieren hebben hormonen. Sommige planten hebben stoffen die qua chemische structuur en werking op hormonen lijken. Het vrouwelijk geslachtshormoon oestrogeen wordt steeds meer in verband gebracht met onder andere borstkanker. Oestrogenen zouden bij deze aandoening een beschermende werking hebben. Nu zijn er bij verschillende planten stoffen gevonden met een vergelijkbare chemische structuur als die van oestrogenen, de zogenaamde fyto-oestrogenen. Deze stoffen lijken eenzelfde soort werking in ons lichaam te hebben als oestrogenen. Maar veel moet nog worden onderzocht. Wel is bekend dat borstkanker minder vaak voorkomt in Aziatische landen als China en Japan waar relatief veel soja wordt gegeten. Ook het feit dat in Azië veel minder prostaat- en darmkanker voorkomt wordt voor een belangrijk deel in verband gebracht met de sojaconsumptie. Maar meer factoren zullen een rol spelen, want niet alleen de voeding, ook de leefstijl in Azië verschilt in meerdere opzichten van die in het westen. Soja bevat naar verhouding veel fyto-oestrogenen. Maar ook andere peulvruchten, granen zoals rogge, haver, spelt, tarwe en gerst, oliehoudende zaden en noten en enkele vruchten en groenten, zijn goede bronnen voor deze stoffen. Hoewel nog veel onderzoek nodig is, lijkt het zinvol regelmatig voedingsmiddelen te eten die veel fyto-oestrogenen bevatten, vooral ook omdat deze producten tevens veel andere waardevolle stoffen bevatten.

20

Naast een royaal gebruik van groenten en fruit gaat de voorkeur uit naar granen en oliehoudende zaden en noten. Deze hebben door hun groeiwijze meer licht- en warmte-kwaliteiten kunnen opnemen dan peulvruchten.

Peulvruchten behoren tot de familie van de vlinderbloemigen. Deze planten zijn vaak klim- of slingerplanten: ze tonen weinig stevigheid in de stengel en zoeken bij het klimmen steun aan andere planten of slingeren over de grond. Tussen de bladeren groeien peulen met dikke eiwitrijke zaden die over het algemeen vrij zwaar verteerbaar zijn. Denk aan kapucijners, bruine en witte bonen en sojabonen. Zij hebben niet die stralende, naar de zon gerichte groeiwijze zoals granen. Dit wil niet zeggen dat ze in onze voeding helemaal vermeden dienen te worden, maar enige terughoudendheid is op zijn plaats. Als u peulvruchten wilt eten, hebben de lichter verteerbare soorten zoals linzen, groene erwten en spliterwten de voorkeur. Mocht u toch sojabonen willen eten, kiest u dan zeker voor biologische kwaliteit. Biologische sojabonen zijn niet genetisch gemodificeerd. Peulvruchten kunnen we overigens lichter verteerbaar maken door tijdens of na het bereiden gedroogde of verse kruiden en specerijen toe te voegen. Aan tafel kunt u er wat zuurs bij eten zoals appelmoes, een salade met een zure dressing, zilveruitjes of augurken. Ook kunt u gare peulvruchten zeven en tot een smakelijke gebonden soep verwerken.

Gezonde balans tussen warmte en koude
De verhouding tussen warmte en koude speelt een centrale rol bij gezondheid en ziekte. We voelen ons het prettigst bij een lichaamstemperatuur van ongeveer 37 graden. Deze kan wat oplopen als we lichamelijk actief zijn of ergens enthousiast voor worden, ergens warm voor lopen. En als we ziek zijn kan ons lichaam koorts gebruiken om ons afweersysteem te activeren. We kunnen ook van buitenaf door (medische) warmtebehandelingen ons immuunsysteem aanspreken en stimuleren. Eten en drinken zijn onmisbaar voor het in stand houden van onze warmtehuishouding. Daarbij gaat het allereerst om de warmtekwaliteit van onze levensmiddelen: hoe zijn ze geproduceerd of ontstaan? De warmtekwaliteit bepaalt mede de innerlijke kwaliteit van onze voeding, naast de eerdergenoemde aspecten aroma, houdbaarheid en vitaliteit.

21

Daarnaast gaat het om de warmtetoestand van ons voedsel: eten we verwarmd voedsel of rauwkost? Dit is, naast de eerdergenoemde vorm, kleur en gaafheid, ook een aspect van de uiterlijke voedingskwaliteit. Zowel de landbouwmethode als bereidingswijze van levensmiddelen kunnen de innerlijke én uiterlijke kwaliteit van onze voeding verhogen. Warmte en koude in de voeding 1. Licht en warmte Levensmiddelen zoals graan, groente, fruit, noten en ook kruiden die op een harmonische manier in het zonlicht hebben kunnen groeien en afrijpen, hebben licht en warmte in zich opgenomen. Ook melk en eieren van gezonde dieren bevatten relatief veel licht. Verschillende wetenschappelijke onderzoeken wijzen in die richting. De licht- en warmtekwaliteiten van onze levensmiddelen zullen vervolgens onze licht- en warmteprocessen stimuleren en zo bijdragen aan onze gezondheid en weerstand. 2. Bereiding en samenstelling Naast de warmtekwaliteit speelt ook de warmtetoestand van onze gerechten een grote rol. Het is niet om het even of we warm of koud voedsel nuttigen. Warme dranken en gerechten verwarmen ons innerlijk, geven ons een behaaglijk gevoel. Deze ‘vallen’ beter, zijn beter verteerbaar, ook als ze alleen op lichaamstemperatuur zijn gebracht, dan uitgesproken koude gerechten. Deze doen onze maag samentrekken. Bij rauwkost moeten we als het ware eigen innerlijke warmte toevoegen om deze te kunnen verteren. Om die reden kunnen we, zeker wanneer we ziek zijn, ons lichaam met het eten van (te veel) rauwkost overvragen. Verder weten we uit ervaring dat een slecht samengestelde voeding het ons moeilijk kan maken een aangename lichaamstemperatuur te behouden. Een onnodig streng vetarme voeding bijvoorbeeld kan ons op den duur ‘koud’ maken. We hebben vet van goede kwaliteit nodig, niet te veel, maar ook niet te weinig. Allereerst de plantaardige vetten zoals onverhitte koudgeperste plantaardige oliën zoals zonnebloem-, olijf-, maïskiem-, sesam- en saffloerolie. De eerstgenoemde oliën gebruiken we niet alleen onverhit door dressings maar ook graag bij roerbakken, fruiten of bakken. Behalve saffloerolie bevat vooral lijnzaadolie in hoge mate meervoudig onverzadigde vetzuren. Daardoor heeft deze olie een kwaliteit die in de richting van dieetolie gaat. Hij wordt daarom in kleine flesjes verkocht. U kunt van deze olie dan ook beter niet meer dan 1 of 2 eetlepels per dag gebruiken en altijd onverhit. Bijvoorbeeld vermengd door kwark of rauwkostsalade. Lijnzaadolie heeft wel een uitgesproken smaak.

22

Naast de plantaardige oliën vormen noten en zaden, vers, geroosterd of als pasta een goede vetbron en ook roomboter is een goed soort vet. Roomboter is te verkiezen boven margarine. Gebruik geen margarine met gehard vet of sterk verhit vet. Deze bevatten zogeheten transvetzuren die ongezond voor ons zijn. 3. Toevoegen van warmte Een goede voedselbereiding is onlosmakelijk verbonden met een gezonde voeding. Met onze kookkunst kunnen we een brug slaan tussen de voedingsmiddelen en ons lichaam. Met het toevoegen van warmte zetten we als het ware het natuurlijke rijpingsproces van de plant op een kunstmatige manier voort. Het rijpingsproces gaat verder maar dan op een ander niveau. Dit moet zorgvuldig gebeuren. Het voedsel mag niet worden ‘dood ge-kookt’. We leven niet van wat we éten, maar van wat we vertéren kunnen en in ons lichaam kunnen verwérken. a. Warmtebronnen in de voedselbereiding Voor onze voedselbereiding gebruikten we vroeger houtvuur en daarna kolen. In onze tijd hebben we de keuze uit apparaten die een verschillende soort warmte leveren: gas, elektriciteit, infrarode straling (halogeen), wrijvingswarmte (inductie) en stralingswarmte (magnetron). Bij de voedselbereiding willen we graag van buitenaf warmte toevoegen aan datgene wat we willen bereiden. Hoe behoedzaam we dit ook doen het is onvermijdelijk dat we daarmee iets verstoren. Aan de andere kant maken we de producten zo beter verteerbaar. Dit is heel belangrijk. We leven immers niet van wat we éten, maar van wat we vertéren kunnen en in ons lichaam kunnen verwérken. Na houtvuur en kolen zou gaswarmte de voedingkwaliteit het minst geweld aandoen. Er zijn nog onvoldoende of geen onderzoeksresultaten bekend om iets te kunnen zeggen over de halogenen en de inductie als warmtebronnen maar over de magnetron is al wél veel bekend. De magnetron wordt veelvuldig gebruikt, ook in ziekenhuizen. Met de magnetron wordt in de producten en gerechten zelf door interne wrijving warmte met geweld opgewekt. Wetenschappelijk onderzoek heeft voorlopig aangetoond dat hierdoor het voedingsmiddel chaotisch wordt en de innerlijke structuur wordt aangetast. Het sterke vermoeden neemt toe dat voedsel bereid in de magnetron niet alleen direct na het eten, maar ook op langere termijn een ongunstige uitwerking op ons heeft. Vooral mensen met (aanleg voor) kanker wordt afgeraden voedsel in de magnetron te bereiden. Af en toe een gerecht hierin even opwarmen zou minder schadelijk zijn.

23

b. Warmte en aromastoffen Door ons voedsel te verwarmen wordt het toegankelijk(er) voor onze spijsvertering: het wordt gaar en aromatische stoffen komen vrij. Er ontstaat smaak, de smaak verandert of wordt intenser. Zonder een goede geur, smaak en verteerbaarheid van de producten kan er nooit sprake zijn van een goede voeding. Nu kunnen we ons voedsel op verschillende manieren verwarmen, elk met hun specifieke effecten. We kunnen bijvoorbeeld warmte toevoegen door levens-middelen in water te verhitten. Denk aan bouillon trekken, koken, stomen, stoven, smoren (in eigen sap gaar laten worden), braden in vet met wat vocht en bakken. Binnenin het brood bijvoorbeeld, vindt als het ware een soort kookproces plaats. Aan de buitenkant vormt zich een korst, geroosterd, met een bruine kleur en aromatische stoffen. We kunnen ons voedsel ook met oliën of andere vetten verhitten door ze te roerbakken, te fruiten of te bakken, zoals graankoekjes, ei, vlees of vis. Met de verschillende bereidingstechnieken veranderen we de voedingsmiddelen. c. Warmte en de waterhuishouding We kunnen ook warmte toevoegen om vocht aan voedsel te onttrekken waardoor het langer houdbaar wordt. Graanproducten, noten en zaden kun je roosteren, waarbij kleur- en smaakveranderingen optreden. Zuidvruchten kunnen we bijvoorbeeld drogen. Van gedroogde vruchten zijn vervolgens weer heerlijke compotes te maken door water toe te voegen. Tot slot gebruiken we warmte om voedsel te conserveren. Dankzij deze techniek kunnen we de houdbaarheid van producten verlengen. d. Het gebruik van kruiden Bij de bereiding van zowel verwarmd voedsel als rauwkost gebruiken we graag kruiden. Deze verrijken, mits goed toegepast, onze voeding en maken deze beter verteerbaar en aromatischer. Met een goede kwaliteit kruiden kunnen we ook licht- en warmtekwaliteiten aan onze voeding toevoegen. Aromatische kruiden maken het gebruik van (kruiden)zout vaak overbodig. Toch is het motto: overdaad schaadt. 4. Toevoegen van kou Bij het conserveren van onze producten wordt steeds vaker een koudebehandeling toegepast. Door diepvriezen worden levensmiddelen langer houdbaar. Hoewel de techniek van diepvriezen steeds beter is geworden, lijkt deze manier van conserveren de innerlijke kwaliteit negatief te beïnvloeden, met name van groente en fruit. Na het ontdooien bederft het voedsel relatief snel. Mocht diepvriezen voor u om praktische redenen toch een uitkomst zijn dan kunt u nog altijd om wille van de voedingskwaliteit het beste producten van biologisch-(dynamisch)e kwaliteit invriezen.

24

5. Het bereiden van rauwkost Bij de vertering van verwarmde voeding wordt ons lichaam iets ontnomen, wat we bij het verteren van rauwkost zelf moeten doen. Dit volledig zelf verteren kost ons meer kracht dan voor de vertering van verwarmd of voorverwarmd voedsel nodig is. In die zin kan het eten van rauwkost als extra uitdaging versterkend op ons lichaam werken. De keerzijde van de medaille is dat we ons lichaam met rauwkost eten ook kunnen overvragen. We kunnen last krijgen van oprispingen, maagklachten, winderigheid, diarree, vermoeidheid en soms maakt het ons koud. a. Productkeuze Dit neemt niet weg dat het eten van de geschikte rauwkostproducten juist ook bij kanker zinvol kan zijn. U doet er goed aan dan eerst goed na te gaan hoe het een en andere product bij u aanslaat. Op grond daarvan kunt u dan een juiste keuze maken: worteltjes, een bladgroente of fruit. Wortelgewassen zijn meestal zwaarder verteerbaar dan bladgewassen, vruchtgroenten zoals komkommer en fruit. b. Dressing Aan rauwkost voegen we een (verwarmende) dressing toe van bijvoorbeeld koudgeperste olie, kruiden, eventueel mosterd en kruiden- of appelazijn. Er zijn veel manieren om een verwarmende dressing te maken die de rauwkost tegelijkertijd beter verteerbaar maakt. Kruiden zijn daarbij onmisbaar. Bij rauwkost van meer ‘compacte’ groentesoorten zoals peen, rode biet, venkel of kool laten we de dressing graag eerst wat in het gerecht trekken voordat we dat opdienen, omdat daardoor de smakelijkheid en verteerbaarheid worden verhoogd. Zachte kwetsbare bladgroente daarentegen vermengen we pas vlak voor het opdienen met een dressing zodat de groente door het zuur uit de dressing niet verflenst. Het is aan te raden rauwkost eerst op kamertemperatuur te brengen, niet te grote porties tegelijk te eten en goed te kauwen. c. Melkzuurgroenten U kunt ook een salade maken van melkzuurgefermenteerde groenten. Dit zijn groenten die houdbaar zijn gemaakt met behulp van melkzuurgisting door melkzuurbacteriën die van nature op groenten van goede kwaliteit zitten. Zuurkool is hier het meest bekende voorbeeld van. Ook rode biet, peen en andere groentesoorten kunnen door melkzuurgisting zijn geconserveerd. Ze zijn hierdoor voorbewerkt en daardoor beter verteerbaar. Daarnaast hebben ze een gunstige werking op onze darmflora en stimuleren ze onze spijsvertering en stofwisselingsprocessen.

25

d. Bij spijsverteringsproblemen voorzichtig zijn met rauwkost Bij ziekte, aanhoudende misselijkheid, vermoeidheid en stress kunnen we meestal minder goed verteren en spijsverteringsklachten hebben. Ook veel jonge kinderen en ouderen kunnen nog niet of niet meer goed verteren. Voor hen is geregeld rauwkost eten meestal geen goede keuze. We kunnen ons lichaam overigens wel ‘leren’ rauwkost te verteren. We kunnen dan met vers groentesap of melkzuurgefermenteerde groentesap beginnen. Dit met kleine slokjes drinken en als dat goed gaat overgaan op kleine porties zachte rauwkost van bijvoorbeeld eerst malse bladgroente. Ook wat het eten van rauwkost betreft zullen we onze eigen grenzen moeten leren kennen.

Een gezonde ademhaling van cel tot psyche
Een goede ademhaling is belangrijk voor onze gezondheid. Daarbij is vooral een goede uitademing essentieel om de afbrekende stressgevoelens los te laten. Ook onze ‘psychische ademhaling’ dient gezond te zijn. Dat wil zeggen dat we onszelf de ruimte moeten geven onze gevoelens en emoties te uiten. We moeten durven huilen en durven lachen. Als we onze emoties opkroppen, verstikken we onszelf op den duur. Daarnaast is een gezonde celademhaling van ons lichaamsweefsel onontbeerlijk voor ons welzijn. In een gezonde cel met een normale stofwisseling vindt oxidatie plaats. Dat wil zeggen dat stoffen zich met zuurstof verbinden en volledig verbranden volgens het menselijk verbrandingsproces. In kankerweefsel is de celademhaling geremd. Daar overheerst door een verstoorde stofwisseling een onvolledige verbranding waardoor het weefsel verstikt. Wanneer onze stofwisselingsprocessen geactiveerd worden, zal dat een positieve uitwerking hebben op de celademhaling van ons lichaamsweefsel. Een gevarieerd samengestelde voeding met plantaardige levensmiddelen van hoogwaardige biologisch (dynamisch)e kwaliteit kan ons daarbij helpen. Meer specifiek de eerder genoemde melkzuurproducten zoals zure melkproducten, melkzuurgefermenteerde groente(sappen) en een melkzuurdrank gemaakt op basis van graan, in de vorm van zuurdesembrood. Verder, mits deze u geen spijsverteringsklachten geven, zwavelhoudende producten zoals koolsoorten, radijs, rammenas, mosterd, mierikswortel, prei en ui.

26

Nawoord
Heel in het algemeen gesteld wordt ons immuunsysteem steeds zwakker en gevoeliger naarmate we ouder worden en naarmate de samenleving zich van de natuur vervreemdt. Het wordt steeds minder vanzelfsprekend dat we gezond blijven en na ziekte weer ‘beter’ worden. Daarnaast wordt de roep om vraaggestuurde zorg, die beantwoordt aan de wensen van de patiënt of cliënt, steeds luider. Veel mensen willen af van de zogeheten aanbodgestuurde zorg die lang de boventoon heeft gevoerd. Complementaire zorg is hierop het antwoord. Een goede voeding is onontbeerlijk voor het behoud van onze gezondheid en voor herstelprocessen bij ziekte. Daarom hebben we een gevarieerde voeding nodig met levensmiddelen van hoogwaardige biologisch (dynamisch)e kwaliteit en geen industriële, chemische producten die onze spijsvertering en stofwisseling eerder belasten en verzwakken dan stimuleren en versterken. Bedenk echter wel dat u uw lichaam niet tot gezondheid kunt dwingen, ook niet met een goede voeding. Een gezonde voeding is niet los te zien van een gezonde leefstijl. Ook door gezonde leefgewoonten kunnen we ons zelfherstellend vermogen ondersteunen en stimuleren. Er wordt door het land verspreid steeds meer aan lifestyle-coaching en lifestyle-cursussen gedaan. Deze brochure heeft als doel bij deze inzichten aan te sluiten en bij te dragen aan de bewustwording. Bedenk echter wel dat u uw lichaam niet tot gezondheid kunt dwingen, ook niet met een goede voeding.

27

Samenvatting
Algemeen: Om uw gezondheid te bevorderen, of in het geval u kanker heeft om uw afweersysteem te activeren en te versterken, is het goed om bij voorkeur biologisch (dynamisch) e producten te kiezen. • Biologisch-dynamische producten zijn te herkennen aan zowel het EKO-keurmerk als het kwaliteitskeurmerk Demeter. • Biologische producten hebben alléén het EKO-keurmerk. • Door seizoensproducten uit de streek waar u woont te eten, helpt u uzelf om u in het hier en nu thuis te voelen, te aarden. Door daarnaast producten uit andere streken te eten voedt u uw wereldburgerschap. • Natuurvoedingswinkels hebben een ruim assortiment van verse en bewerkte / geconserveerde producten. Verder zijn steeds meer producten verkrijgbaar in de supermarkt, groentespeciaalzaken en op boerenmarkten en tuinderijen (bijvoorbeeld via abonnementen zoals Pergola). Meer specifiek: • Gebruik bij voorkeur verse producten, met name als het groente en fruit betreft. Besteed veel aandacht aan de verse seizoensproducten uit ons land c.q. uw woonstreek. • Kies een gevarieerde, veelzijdig samengestelde voeding die rijk is aan mineralen en spoorelementen en die bij u past. • Eet royaal groente zowel bereid als in de vorm van rauwkost en drink naar wens groentesap. • Eet royaal fruit, bij voorkeur vers, naar wens ook in de vorm van vruchtensap en eventueel als compote (appelmoes en tutti frutti). • Gebruik volkoren graanproducten of naar wens lichter verteerbare varianten zoals gebuild of bruin- of witbrood. Denkt u daarbij aan speltbrood. Spelt is niet zo ver doorgekweekt als tarwe. Naast gistbrood is er zuurdesembrood. Verder zijn knäckebröd, beschuit, toost en muesli of pap uitstekende keuzes.

28

• Eet bij de warme maaltijd tenminste een paar keer in de week rijst, gierst of ander graan, goed gaar gekookt en niet te zwaar verteerbaar. Daarnaast zijn er veel producten in de handel waarin granen zijn verwerkt zoals pizza, volkoren deegwaren als macaroni, spaghetti. Eet bij voorkeur niet iedere dag aardappels. • Gebruik kruiden om uw voeding te verrijken, beter verteerbaar en/of aromatischer te maken. Het gebruik van zout wordt dan vaak overbodig. • Drink bij voorkeur, naast (bron)water, kruiden- en bloesemtheeën, groene thee of looizuurarme zwarte thee. • Eet af en toe noten en zaden zoals zonnebloempitten, sesamzaad en pijnboompitten mits u die goed kunt verteren: vers of geroosterd, of in de vorm van pasta. • Kies koudgeperste plantaardige oliën zoals bijvoorbeeld olijf- of zonnebloemolie. Varieert u zo veel mogelijk en gebruik deze vooral ook onverhit bijvoorbeeld in dressings. Denkt u ook aan lijnzaadolie, maximaal 2 eetlepels per dag, onverhit en bijvoorbeeld door kwark of rauwkostsalade vermengd. • Zuivelproducten vullen zowel groenten als granen belangrijk aan. Er is een gevarieerd assortiment te koop. Denkt u naast ‘zoete’ melk vooral ook aan de zure melkproducten die met specifieke melkzuurbacteriën zijn gefermenteerd. Daarnaast is kaas een goede keuze, maar eet er niet te grote porties van. Naast zuivel op basis van koemelk zijn er producten op basis van geitenmelk en schapenmelk te koop. Op speciale adressen ook paarden- en ezelinnenmelk. • Roomboter is een uitstekende vetbron. Deze is te verkiezen boven margarine. Beperk echter de hoeveelheid. • Gebruik geen margarine met gehard vet en geen sterk verhit vet. Deze bevatten zogeheten transvetzuren die ongezond voor ons zijn. • Eet naar wens en behoefte een ei. Zeker als u geen vlees of vis eet kan ei een goede aanvulling zijn op uw dagmenu. • Als u graag peulvruchten eet, kies dan bij voorkeur de soorten die niet te zwaar verteerbaar zijn zoals linzen, groene erwten en spliterwten. Door een juiste bereiding kunt u ze lichter verteerbaar maken. Wees aan de andere kant toch terughoudend met peulvruchten en zeker de zwaar verteerbare soorten zoals kapucijners, bruine en witte bonen en sojabonen. Biologische sojabonen zijn niet genetisch gemodificeerd.

29

• Als u voor vlees kiest beperk u dan zoveel mogelijk tot rundvlees, kip en kalkoen. Eet bij voorkeur geen grote porties en ook niet iedere dag vlees. • Als u een liefhebber van vis bent kies dan milieuvriendelijke vis. Eet geen grote porties en liever ook niet iedere dag vis. • Gebruik geen sterk geraffineerde producten zoals kristalsuiker. Er zijn veel goede alternatieven te vinden zoals rietsuiker, honing, stropen, siropen en ook heerlijke gelei en jams. • Vermijd paddestoelen en alcohol en eet liever ook geen tomaat. • Eet geen rood vlees, wild en orgaanvlees en geen gerookte producten en schaal- en schelpdieren. • Eet bij voorkeur geen diepvriesproducten. Dit geldt vooral voor groente en fruit. • Vermijd voedsel uit de magnetron.

30

Literatuur
Gezond lekker eten Basiskookboek voor volwaardige voeding De Jong, V. en Kelling, I., Uitgeverij Christofoor, Zeist, 2002 Vier de seizoenen, de mooiste recepten van Odin Odin Estafette Associatie C.V., 2006 www.odin.nl De natuurlijke keuken De nieuwe manier van gezond koken Könemann, ISBN 3-89508-544-8 Het grote vegetarische kookboek Könemann, ISBN 3-89508-552-9 Dynamisch Perspectief Ledenblad van de Vereniging voor Biologisch-Dynamische Landbouw en Voeding (zie voor BD / EKO verkooppunten de adressenlijst op de website) www.bdvereniging.nl Vruchtbare Aarde Tweemaandelijks cultuurtijdschrift over voedingskwaliteit, gezondheid, relatie mens – natuur, kunst etc. www.vruchtbareaarde.nl Gezichtspunten Brochures op het gebied van de gezondheidszorg, geschreven vanuit een antroposofische visie www.gezichtspunten.nl

31

Adressen en websites met diverse links
Federatie Antroposofische Gezondheidszorg Utrechtseweg 62, 3704 HE Zeist, tel. 030 – 6945544 www.antropozorg.nl Antroposana, patiëntenvereniging voor antroposofische gezondheidszorg Stationsplein 6, 3818 LE Amersfoort, tel. 033 - 4226542 www.antroposana.nl Nederlandse Vereniging van Diëtisten werkzaam vanuit de Antroposofie (NVDA) Voor een persoonlijk voedings- of dieetadvies Tel. 0575 – 512379, e-mail: dssnijder@hetnet.nl Vereniging voor Biologisch-Dynamische Landbouw en Voeding Postbus 236, 3970 AE Driebergen, tel. 0343 - 531740 www.bdvereniging.nl Louis Bolk Instituut, natuurwetenschappelijk onderzoek Hoofdstraat 24, 3972 LA Driebergen, tel. 0343 - 517814 www.louisbolk.nl Kraaybeekerhof, opleidingen, cursussen en trainingen Postbus 17, 3970 AA Driebergen, tel. 0343 - 512925 www.kraaybeekerhof.nl Vereniging voor Natuurvoedingsconsulenten, voor voedings- en bereidingsadviezen Tel. 0522 - 242671 www.natuurvoedingsconsulent.nl Biologica, ketenorganisatie voor biologische landbouw en voeding Postbus 12048, 3501 AA Utrecht, tel. 030 – 2339970 www.biologica.nl

32

DE TERREINGENEESKUNDE VAN H.C. MOOLENBURGH

Wordt u ook lid?
Keuzevrijheid is een groot goed. Wij willen zelf onze huisarts of tandarts kiezen en zelf bepalen gezondheidszorg. Antroposana komt op voor de belangen van iedereen die gebruik wil maken van deze vorm van gezondheidszorg. Zij is gesprekspartner voor o.m. overheid, verzekeringsmaatschappijen en organisaties in de gezondheidszorg. Antroposana zet zich ervoor in dat wij ook in

Wat is het doel van Antroposana?
De doelstellingen van de vereniging zijn: het behartigen van de belangen van wie gebruik wenst te maken van behandeling. Hierbij hebben de toegankelijkheid, beschikbaarheid en het behoud van deze zorg prioriteit. het bevorderen van kennis over ziekte en gezondheid ook vanuit antroposolevenswijze. Daarnaast ook het geven van inzicht in de gezondheidszorg in het algemeen. het ondersteunen van nieuwe vormen van lotgenotencontact.

Antroposana-polis
Verzekeren doe je met en voor elkaar

Ook beschikbaar:

Lid worden, of meer informatie?
Aanmelden kan via de website www.antroposana.nl. Of bel: 033 422 65 42 (ma t/m vr van 9.00 tot 13.00 uur) Stationsplein 6, 3818 LE Amersfoort.

Demeter, gezondheid!

Planten groeien naar hun aard en natuur

Dieren krijgen respect en liefde

Landschap en cultuur voeden de schoonheid

Door boeren met groene vingers en een gouden hart

Demeter, het keurmerk voor de biologisch-dynamische landbouw en voeding heeft het beste met u voor. www.demeter-bd.nl