You are on page 1of 6

Katholieke Hogeschool Leuven

Departement Lerarenopleiding
Professionele bachelor in onderwijs: lager
onderwijs
Campus Heverlee
Hertogstraat 17 ! "##1 Heverlee
$el% #1& "7' &## ( )a* #1& +# 7# 7
Campus Diest
,eerstandsplein - ( "-.# Diest
$el% #1" "' #& .# ( )a* #1" "" '+ #1
P/0)1223041L1 567H1L0/ 34 H1$ 04D1/,382:
L691/ 04D1/,382
LESONTWERP
datum indienen
(in te vullen door stagementor)
naam 2ofie :erhaegen
0 )LLL1; 1
0 )LLL1; -%-
2tudietraject!
begeleider
school : <t 2jibke leergebied : ,iskunde
klas en leerjaar : +
de
leerjaar onderdeel : =etend rekenen
aantal leerlingen : -" lesonderwerp : 9ewicht: kg en g
datum >data? : -#@11@A1" lestijden : van tot uur
van tot uur
van tot uur
VOORTAAK : door leerlingen tegen de lesdatum mee te brengen materiaal of uit te voeren
opdracht%
@
AANVRAAG MATERIAAL STAGESCHOOL
@
BRONNEN : handboekenB naslagwerkenB documentatie van partnerschool of medestudenten
>in te vullen volgens 6P6!sCsteem?%
93825/17H$2 3%B :3491/H01$2 :%B 3L=6:3/$6 /%B DD2!L1P0431=3 $%B Rekensprong Plus 4
werkboekB :an 3nB -"!-+
93825/17H$2 3%B :3491/H01$2 :%B 3L=6:3/$6 /%B DD2!L1P0431=3 $%B Rekensprong Plus 4
correctiesleutelB :an 3nB 1&-!1&"
SITUERING IN DE EINDTERMEN/LEERPLANNEN : pagina en omschrijving om te situeren
wat het leerplan voorschrijft
=/1: /eferentiematen kennen en gebruiken >bijv% 1kg is het gewicht van een doos
klontjessuikerB E?
=/1. >aBb?: /esultaten van metingen en berekeningen leFen en noteren
a? met 1 maateenheid >ongeveer 1kg?
b? met meer dan 1 maateenheid >1kg 1-'g?
=/-a: =et de gekende standaardmaateenheden in betekenisvolle situaties herleidingen
uitvoeren: tussen de hoofdeenheid en de afgeleide eenheden >bijv% 1kg G 1###g?
=/&1: ,eten dat het resultaat van een gewichtsmeting uitgedrukt kan worden in kilogram of
daarvan afgeleide maateenhedenB en daarbij de term gewicht gebruiken%
=/&": Het gewicht van allerlei gebruiksvoorwerpen bepalen en een bepaald gewicht afwegen%
1$
-%1 kennen de belangrijkste grootheden en maateenheden met betrekking tot lengteB
oppervlakteB inhoudB gewicht >massa?B tijdB snelheidB temperatuur en hoekgrootte en Fe kunnen
daarbij de relatie leggen tussen de grootheid en de maateenheid%
-%- kennen de sCmbolenB notatiewijFen en conventies bij de gebruikelijke maateenheden en
kunnen meetresultaten op veelFijdige wijFe noteren en op verschillende wijFe groeperen%
-%" kunnen veel voorkomende maten in verband brengen met betekenisvolle situaties%
-%7 met de gebruikelijke maateenheden betekenisvolle herleidingen uitvoeren%
LEERDOELEN : noteer de essentiHle lesdoelen% /angschik Fe volgens de lesfasering en geef met
een passend sCmbool aan of Fe cognitief >7?B dCnamisch!affectief >D6?B sociaal >2? of
psCchomotorisch >P=? Fijn%
! De leerlingen kunnen de maateenheden voor gewicht%
! De leerlingen noemen enkele referentiematen op die Fe nog kennen% >vb: pak Fout?
! De leerlingen kunnen schatten >op de hand wegen? hoeveel bepaalde voorwerpen wegen
door te vergelijken met referentiematen%
! De leerlingen kennen de relatie tussen kg en g% >1kg G 1###g?
ONDERWIJSLEERMIDDELEN
Lkr brengt mee:
! 1 personenweegschaal
! + weegschalen >" van FichFelfB 1 van de school?
! ' appels
! ' brikjes fruitsap van -# cl
! enkele courante voorwerpen uit de klas
Lln:
! werkboek /ekensprong Plus p-"!-+
9efotokopieerde >invul?teksten die gebruikt worden in functie van de les steeds in twee
e*emplaren bijvoegen >IIn blanco en IIn ingevuld?%
BEGINSITUATIE EN VERANTWOORDING VAN HET DIDACTISCH HANDELEN: gebaseerd op
>1? vakdidactiekB >-? ontwikkelingspsCchologieB >"? didactische principesB >+? leerpsCchologie
Dit is in feite een herhalingsles% 6lles wat de leerlingen tijdens de vorige jaren over kg en g
geleerd hebbenB wordt in deFe les herhaald% Je moeten deFe kunnen noterenB ook met meer dan
IIn maateenheid >bv% 1kg -##g?% De maateenheid <tonA hebben de leerlingen nog niet geleerd%
Dit is voor na de kerstvakantie%
,e starten de les klassikaalB met het schatten van het gewicht van een leerling% ,e noteren
enkele schattingen op het bord% Hierna mag deFe leerling op de personenweegschaal gaan staan
en Fijn gewicht afleFen% ,e bespreken de maateenheid die we gebruikenB kg: kilogramB en of dit
het precieFe gewicht van hem is% De leerlingen leiden Felf af dat hij@Fij waarschijnlijk iets minder
weegt door de schoenen en kleren die hij@Fij nu draagt%
Hierna bespreken we de relatie tussen kg en g% Dit is leerstof dat de leerlingen al kennen% ,e
Foeken nog enkelen referentiematen om in de volgende opdracht te gebruiken% De leerlingen
sommen er enkelen op% 3k heb er ook enkele meegebracht Fodat de leerlingen dit eens kunnen
wegen% DeFe worden vooraan in klas op een tafeltje geplaatst% 3n hun werkboek worden ook nog
enkele voorbeelden gegeven van referentiematen%
! 1en doos klontjessuikerB een pak Fout@bloem G 1kg
! 9ewicht van - paperclips G 1g
! 9ewicht van een krijtje G 1#g
! 1 klontje suiker G 'g
Hierna was het belangrijk dat Fe wisten wat deFe hoeveelheden concreet betekenen% 3k heb de
leerlingen dus in groepjes verdeeld% 1lke rij >er Fijn " rijen in de klas? krijgt - voorwerpen
waarvan Fij het gewicht moeten schatten% 1r Fijn ongeveer leerlingen per rij% Dus er Fijn +
leerlingen per voorwerp beFig% Je proberen om de beurt te schatten hoeveel het voorwerp weegt%
Hierna bespreken Fe dit in hun groep Fodat Fe tot een goede schatting komen% ,anneer de "
rijen klaar Fijn mogen Fe de voorwerpen wegen met een weegschaal% >ik voorFie voldoende
weegschalen in de klas? De resultaten noteren Fe in hun werkboek% 0p deFe manier kunnen Fe na
- voorwerpen al een beter beeld krijgen op het schatten en Fal het de volgende keer nog iets
beter gaan% De voorwerpen schuiven een rij op en Fe herhalen de opdracht%
Hierna werken de leerlingen samen in de groepjes die gevormd Fijn door mijn mentor% DeFe
groepjes Fijn opgebouwd uit sterke en minder sterke leerlingen Fodat Fij elkaar kunnen helpen%
De leerlingen rekenen in deFe oefening uit welk gewicht Dlrik moet dragen%
AANDACHTSPUNT VOOR DEZE LES : facultatief in te vullen
Concretierin!: 6utomatiseren van het gebruik van <kgA en <gA%
BORDSCHEMA : een werkelijkheidsgetrouwe weergave met kleuren rekening houdend met de
beschikbare ruimteB screenshots van de belangrijkste stappen op het digibord
6ren: "& kg G kilogram
g G gram
 1kg G 1###g
 Kkg G '##g
 Lkg G -'#g
0ef 1 p -"
' appels:
een boek:
een boekentas:
een perforator:
een bordenwisser:
' brikjes fruitsap:
1kg: doos suikerklontjesB pak Fout
1g: - paperclips
1#g: een krijtje
'g: 1 klontje suiker of 1 vel 6+ papier
Le!"n! #gestructureerde fasering met doelgerichte titels?
$iming Lesgang en Leerinhouden Didactische
werkvormen
=ateriaalgebruik
0rganisatie
A $% In&ei'in!( De &eer&in!en )*nnen +et !e,ic+t -"n
een &eer&in! c+"tten%
1 leerling komt vooraan in de klas en de anderen proberen
het gewicht van deFe leerling te schatten%
! Hoeveel denken jullie dat lln X weegt?
De leerlingen geven antwoord%
! aarom denk je dat !ij"#ij #oveel weegt?
3k weeg Foveel >E kg?B en lln ; is groter@kleiner dan mijB
dus hij@Fij Fal iets meer@minder wegen%
Hierna mag deFe leerling op de personenweegschaal gaan
staan en Fijn gewicht afleFen%
$ %ln X weegt dus #oveel&
$ elke maateen!eid gebruiken we?
kg: kilogram
$ 's dit !et precie#e gewic!t van !em"!aar?
4een: iets minder: klerenB schoenen worden mee gewogen
Klassikaal
Lkr schrijft enkele
schattingen aan bord
en hierna Fijn
werkelijk gewicht M de
maateenheid
=ateriaal:
! personenweegschaal
1-A .% Kern( De &eer&in!en /enoe0en "n'ere
0""teen+e'en 1 en)e&e re2erentie0"ten
$ elke maateen!eid kennen jullie nog buiten kg?
g: gram G eenheid van gewicht
$ at is de relatie tussen kilogram en gram?
1 kg G 1###g
 2Cmbolen <gA en <kgA worden Fonder punt geschrevenN
$ elke re(erentiematen voor gewic!t ken je?
1kg: gewicht van een doos suikerklontjesB pak Fout@bloem
'##g: fles water
1##g: Fakje snoep
1#kg: een emmer water
1#g: Fakje vanillesuiker
>Dit Fouden mogelijke antwoorden kunnen Fijn%?
1nkele gewichten@voorwerpen laten doorgaan in de klas
Fodat leerlingen dit aanvoelen%
.%$ S3nt+ee( oe2 . 4 .5 In-*&&en -"n 'e t"/e&(
o06etten -"n )! n""r !%
7 Hier moet je de maateen!eden van kg om#etten naar g&
0L9
Lkr noteert dit op het
bord%
Lkr noteert de relatie
tussen kg en g op het
bord%
Lkr toont de volgende
referentiematen en
deFe worden vooraan
op een tafeltje
geplaatst%
=ateriaal:
! doos suikerklontjes
! pak Fout@bloem
! krijtjes
! paperclips
! gewichten
Le!"n! #gestructureerde fasering met doelgerichte titels?
$iming Lesgang en Leerinhouden Didactische
werkvormen
=ateriaalgebruik
0rganisatie
ie kan dit oplossen?
1kg G 1###g
Kkg G '##g
Lkg G -'#g
! elke andere re(erentiematen kan je !ier nog vinden?
1kg G een doosje klontjessuikerB verpakking bloem@Fout
1#g G 1 krijtjeB - 6+ papierenB 1#g vanille suiker
1gG - paperclips
! vanillesuiker
! - 6+ papieren
"#A 5% Ver,er)in!
5%$ Het !e,ic+t -"n een -oor,er4 c+"tten en +iern"
,e!en 0et 'e ,ee!c+""&( oe2 $ 4 .5 #in !roe48e9
2chat het gewicht van de gegeven voorwerpen%
Hierna worden de voorwerpen nauwkeurig gewogen en
noteren de leerlingen de resultaten%
1lke rij krijgt - voorwerpen om mee te beginnen en de
leerlingen proberen het gewicht te schatten% Hierna worden
de voorwerpen gewogen en gaan Fe hun schattingen
vergelijken% >Jo Fal het schatten de volgende keer beter
gaan?
Hierna worden de voorwerpen doorgegeven%
/ij 1: ' appels en een boek
/ij -: boekentas en een perforator
/ij ": bordenwisser en ' brikjes fruitsap
$ Hoe !eb je de resultaten bepaald"berekend?
9ebruik maken van eerder gewogen voorwerpen om te
vergelijken% 9aan vergelijken met voorwerpen waarvan we
het gewicht al kennen%
7ontroleren van de resultaten aan het bord:
 5espreek de verschillende notatiewijFen >vb: 1kg
-##gB 1-##g?
5%. Oe2 5 4 .: #!roe4,er)9
De leerlingen werken samen in hun vaste groepjesB die
gevormd Fijn door mijn mentor% DeFe groepjes Fijn
opgebouwd uit sterke en minder sterke leerlingen Fodat Fij
elkaar kunnen helpen%
De leerlingen rekenen uit welk gewicht Dlrik moet dragen%
:erbetering klassikaal aan het bord%
De lln komen samen
aan de voorste
banken van hun rij%
Hier proberen Fe het
gewicht te schatten
van hun voorwerpen%
0ngeveer lln per rij%
1lke rij heeft -
voorwerpen om te
wegenB dus Fe kunnen
per + lln
samenwerken%
=ateriaal:
! min% + weegschalen%
! de voorwerpen:
appelsB perforatorB
boekB boekentasB
brikjes fruitsap en een
bordenwisser
2amen overlopen aan
het bord%