1$$$ ADHD/ AANDACHTUITVAL EN HYPERACTIVITEIT SYNDROOM/ 2$$$ 3$$$ ADHD/ ATTENTION DEFICIT AND HYPERACTIVITY SYNDROME/ 4$$$verwijderenvan ADHD

.NE 5$$$ Prevalentie: Wie: Gemiddelde leeftijd: Mediane leeftijd: Rassen: Regio: Landen: 6$$$ 7$$$ 8$$$ 9$$$ 10$$$ Prognose: Beste prognose: Slechtste prognose: Gemiddelde ziekteduur: Mediane overleving: 5 jaarsoverleving: Mortaliteit: nee 11$$$ 12$$$ 13$$$ # 3types: DSM4 aandachttekort overweegt: geen aandacht voor details, moeilijk aandacht vasthouden, taken niet organiseren, vergeetachtigheid, amnesie hyperactiviteit overweegt: onrustig bewegen met handen of voeten, vaak opstaan in klas, aan eens stuk doorpraten, anderen verstoren of onderbreken gecombineerde type Folia 2002/29/7 14$$$ 15$$$ 16$$$ 17$$$ 18$$$ 19$$$ 20$$$ 21$$$ 22$$$ 23$$$

24$$$ 25$$$ $$$ $$$ $$$ $$$ $$$ $$$

..1 Definitie: AHDH is gekenmerkt door onmogelijkheid van behouden van aandacht, moduleren van activiteit, matigen van impulsieve acties. NEJM 2005/352/165 M Rappley, Michigan Klassificatie: gecombineerd aandachttekort, hyperactiviteit, impulsief: 80% van ptn vooral aandachttekort: 10 a 15% hyperactiviteit en impulsief: 5% NEJM 2005/352/165 M Rappley, Michigan 3types: DSM4 aandachttekort overweegt: geen aandacht voor details, moeilijk aandacht vasthouden, taken niet organiseren, vergeetachtigheid hyperactiviteit overweegt: onrustig bewegen met handen of voeten, vaak opstaan in klas, aan eens stuk doorpraten, anderen verstoren of onderbreken gecombineerde type Folia 2002/29/7 Voorkomen: alle ptn foetus, neonati, kind, adolescent, vrouwen, mannen, ouderen 10jarigen, 20jarigen, 30jarigen, 40jarigen, 50jarigen, 60jarigen, 70jarigen, 80jarigen, 90jarigen Bekende persoonlijkheden met ADHD: Winston Churchill Bill Clinton Thomas Jefferson Woodrow Wilson Abraham Lincoln Dwight Eisenhower John F Kennedy Benjamin Franklin Lady Eleanor Roosevelt

Robert Kennedy Napoleon Bonaparte Anwar al Sadat George Patton Albert Einstein Werner von Braun Thomas Edison Graham Bell Ludwig von Beethoven Walt Dysney Henri Ford J Rockfeller Randolph Hurst John Lennon Socrates Galileo Gallilei Isaac Newton Leonardo da Vinci Pablo Picasso Salvador Dali Steven Spielberg Jules Verne Ernest Hemingway Bart Peeters Semper 2005 9 Additieven: natriumbenzoaat: E111: De ouders merken een toename hyperactiviteit ivm geen additieven, indezelfde mate bij gewone kinderen als bij hyperactiviteitkinderen. Test Gezondheid 2004 10 Arch Dis Child 2004/89/ USA: Prevalentie: 3 a 7% meisjes<jongens van 1/9 a 1/2,5 NEJM 2005/352/165 M Rappley, Michigan België: Bij kinderen op schoolleeftijd 3 a 7% Artsenkrant 2004 9 22 Nederland: prevalentie 3 a 5%

Folia 2002/29/7 Duitsland: Medikinet: 100.000 kinderen nemen Medikinet voor ADHD DT 2004 9 1 Incidentie: Prevalentie: Geografisch: Populatie: Locatie: Risicofactoren: eclampsie lange partusduur antepartumbloeding tabakgebruik in de zwangerschap: multivariate analyse, onafhankelijke risicofactor geboortegewicht -2,5kg: relatieve risico 2x, onafhankelijke risicofactor DeSpecialist 2006 11 Buitelaar, UMC Nijmegen laag partusgewicht <1000gram schedeltrauma loodintoxicatie NEJM 2005/352/165 M Rappley, Michigan Transmissie: Prognose: Bij 50 a 70% van de gevallen blijven de symptoom(en) bestaan tijdens de adolescentie en op volwassen leeftijd. Artsenkrant 2004 9 22 IACAPAP Bij meeste kinderen chronisch met klachten bij meeste adolescenten en bij 20 a 50% van volwassenen Folia 2002/29/7 Pathogenese:

Kost/Kostenbaten analyse: ..2 S.: O.: voedingsproblemen scdre onwillekeurige bewegingen scdre nicotineabstinentie scdre lethargie scdre neurologisch lijden scdre Aandachtuitval: snel afgeleid, snel verveeld moeite met dingen afmaken van de ene op de ander activiteit overgaan geen overzicht over hoofdzaken en bijzaken slecht kunnen plannen, organiseren, kiezen slechts kort kunnen lezen, alleen concentratie kunnen opbrengen als het onderwerp erg interessant is moeite met luisteren, met informatie tot zich door te laten dringen zich verliezen in details of overmatig precies zijn eindeloos uitstellen moeite met formulieren invullen, instructies begrijpen, dingen onthouden twijfelen vergeetachtig vaak dingen kwijt zijn chaotisch zijn Hyperactiviteit: moeite met stilzitten altijd bezig zijn steeds even moeten lopen om wat te pakken een gevoel van innerlijke rusteloosheid friemelen niet goed kunnen ontspannen op een rustige manier druk praten Impulsiviteit: dingen eruit flappen anderen in de rede vallen ongeduldig zijn doen zonder nadenken: te veel geld uitgeven, gokken stelen, impulsieve vreetbuien.. impulsief relaties en banen aangaan of verbreken. TG 2005/61/1445 S Stes, Den Haag,

Onoplettendheid: concentratiestoornissen: Aandachtstoornissen: hyperactiviteit: kunnen niet stil zitten, onderbreken de conversatie impulsiviteit: antwoorden op vraag voor volledig geformuleerd, wachten hun beurt niet af gedragstoornissen leermoeilijkheden sociale problemen addictie verwondingen en verkeersongevallen: 2 a 4x meer vroegtijdig school verlaten bij 35% verlies van eigenwaarde drugsgebruik: 2x gestegen risico diefstallen bij 43% tov 15% in controlegroep agressief gedrag bij 22% ivm 2% in controlegroep wapenbezit bij 18% versus 2% in controlegroep echtscheidingen 3 a 5x frequenter Artsenkrant 2004 9 22 impulsiviteit concentratiezwakte Folia 2002/29/7 buikpijn zweten hoofdpijn insomnie moeheid epistaxis DS 2003 1 10 www.ntvg.nl Comorbiditeit bij ADHD volwassenen: 1. dependentie en ethylabuses: lifetimeprevalentie 17 a 36% 2. dependentie en abusese andere medicatie: lifetimeprevalentie 0 a 30% 3. antisociale persoonlijkheidsstoornis, borderlinepersoonlijkheidsstoornis 0 a 33% 4. gedragstoornissen 3 a 33% 5. oppositionele gedragstoornissen: 19 a 53% 6. majeure depressie: lifetimeprevalentie 8 a 50% 7. dysthymie: 17 a 35% 8. hypomanie en manie: lifetimeprevalentie 4 a 13% 9. cyclothymie: 25% 10. angststoornissn: 4 a 53% 11. leerstoornissen: 38 a 42% 12. stotteren: 3 a 18% TG 2005/61/1445 S Stes, Den Haag,

autoaccidenten: Tieners met ADHD hebben 4x meer kans op autoaccidenten en 5x meer kans op fouten dan hun leeftijdgenoten zonder ADHD. volwassenen met ADHD hebben 2x meer kans op autoaccidenten en 5x meer kans op inleveren rijbewijs. Artsenkrant 2005 11 29 T.O.: Labo: sedimentatie gestegen scdre NMR: fNMR: methyfenidaat heeft meetbaar effect in stoptaak en mentale interferentie niet op rechter inferieure prefrontale cortex doch wel op gyrus cingulatus en striatum. DeSpecialist 2006 11 Erfelijkheid: Chromosonen: DAT1gen: Dopaminetransporter1gen: Receptorgen DRD4 DRD5: meta analyse+ met oddsratio 1,2 a 1,5 DeSpecialist 2006 11 ..3 inslaapstoornissen frequent ontwaken niet uitgeslapen slaperigheid overdag minder bewegingen tijdens slaap. CINP 2004 Parijs medicatiebijwerkingen: bij HCM: plotse sterfte met methylfenidaat, amfetamine, atomoxetine bij 0,2 0,5/100.000ptnjaren NEJM 2006/354/2297 S Scharstein, Arlington ..4 S.pyogenes infectie = beta hemolytische streptokokkoken groepA pyogenes infectie = beta hemolytische streptocockoken groepA NTG 2002/146/954 J Kaan leerstoornissen oppositional defiant disorder gedragstoornissen

angststoornissn, obsessieve compulsieve stoornis, posttraumatische stress stoornis depressie bipolaire stoornis tics aanpassingsstoornissen NEJM 2005/352/165 M Rappley, Michigan ..5 Leeftijd: Medicatie op basis van methylfenidaat / Concerta / Rilatine en van atomoxetine / Strattera is gebruik voorzien ten vroegste vanaf de leeftijd van 6jaar Folia 2007 12 Gebruik van ADHD medicatie: 1. methylfenidaat kan een depressie maskeren 2. atomexetine kan de symptoom(en) van ADHD verbeteren bij kinderen en adolescenten met comorbiditeit zoals ticsstoornis en autismespectrumstoornis 3. atomexetine wordt gemetaboliseerd door CYP2D6 en bij 7% van de ptn zeer traag wordt afgebroken = trage metaboliseerden zodat de halfwaardetijd geen 4uur maar 20uur bedraagt Folia 2007 12 Medicatie: methylfenidaat amfetamine / dextroamfetamine atomexetine sinds 2002 modafinil dextromamfetaminesulfaat dexmethylfenidaat metamfetamine HCL pemoline NEJM 2006/354/2637 S Okie, Algoritme voor ADHD therapie: Diagnose: ontwikkeling, familie, sociaal standaard lijsten voor gedrag overweeg mentale stoornis klinisch onderzoek voor uitsluiten genetische afwijkingen Therapie: management ADHD als chronisch lijden doelstellingen opstellen met akkoord van kind, familie, school medicatie emt stimulantia als syptoomcontrole, monotherapie gedragstherapie voor ouder kind onenigheden en persisterende oppositiegedrag Gewenste therapie en uitkomst: verbeterde relatie met ouders, leerkrachten, vrienden

disruptive gedrag verminderen verbeteren van kwaliteit en efficiëntie voor beëindigen van school en meer werk voleindigd verbeteren van zorg voor zichzelf en uitvoeren van leeftijdspecifieke activiteiten eigenwaarde gestegen verbeterde veiligheid : oversteken straat, bij volwassenen blijven in openbare instellingen, risicogedrag vermindert NEJM 2005/352/165 M Rappley, Michigan AAP AACAP ESCAP Hyperkinetisch kind: Vooral medicatie Artsenkrant 2004 9 22 Voedsel: Voeding en Dieet: omega3vetzuur(en): Bijna 90% reageert vertoont beterschap, >50% verbeterde ADHDscore met >20% en bij 43% steeg leervermogen met >20% DT 2006 9 8 TDA/H EPA = eicosapentaeenzuur: aanwezig in visolie gedurende 3maanden gebruiken vooraleer methylfenidaat te gebruiken. Ook carnitine heeft significant effect op ADHD. Semper 2005 9 Eliminatiediëten: Effect van voedseladditieven op hyperactiviteit is controversieel, wel proefperiode van 3 a 4weken aangeraden. Artsenkrant 2004 9 14 Arch Dis Child 2004/89/506 P Eigenmann, The Lancet 2004/364/ Bij 62% reactie met gedragverbetering van >50% op Connerslijst en op ARS (ADHD rating scale). Bij 10/15 van ptn verbetering op school volgens leerkrachten. Dieet bestond uit rijst, kalkoen, peer en sla gedurende 2weken. NTG 2002/146/2543 L Pelser, Eindhoven niet gerandomiseerd Eigen ervaring met curry bij jonge kind die voorbijgande hyperactiviteit veroorzaakt (Barbara Boie) 2004 9 16 Uitsluitend rijst, kalkoen, peer, sla onbeperkt en beperkt maïs, appels, tarwe, honine; Resultaat: Bij 66 a 70% beterschap DT 2004 9 1 Rita Bollaert DS 2003 1 10 educatie gedragtherapie Folia 2002/29/7 Medicatie: 1ekeuzetherapie:

methylfenidaat: Rilatine: Concerta: Metadate: Focalin: Methypatch: relatieve contraindicaties: hypertensie depressie drugsgebruikers ethylabuses stuipen tics contraindicaties: <6jarigen hartlijden en vaatlijden glaucoom hyperthyroïdie Gilles de la Tourette syndroom Dosis: 5mg 1 a 2x/24uur, 's ochtend en middag opdrijven met 5 a 10mg tot max. 60mg/dag in 3 doses optimaal 0,3 a 0,7mg/kg/dosis bij <25kg:bij <25kg: dagdosis <35mg effect 3 a 4uur. Dexamfetamine: contraindicaties: <3jarigen hartlijden en vaatlijden glaucoom hyperthyroïdie Folia 2002/29/7 Dextroamfetamine: dexedrin: adderall: 5 a 10mg/24uur tot 5 a 20mg/24uur Atomoxetine: Strattera 10 a 25mg/24uur start tot 18 a 60mg/24uur Bupropion: Wellbutrin: 100 a 150mg/24uur tot 150 a 300mg/24uur NEJM 2005/352/165 M Rappley, Michigan Resultaat Adderall: Effectief op autoaccidenten bij tieners en volwassenen met ADHD De Huisarts 2005 12 1 Atomoxetine: efficiëntie bij kinderen en volwassenen met ADHD Veilig bij kinderen met angst, depressie, tics, Gilles de la Tourette syndroom Bijwerkingen enkel vermagering in begin. Groei -0,4cm lager in 3jaar follow up. Indicaties: intolerantie methylfenidaat

angst op de voorgrond groot risico dependentie DeSpecialist 2006 11 2ekeuzetherapie: 3ekeuzetherapie: Experimenteel: Concerta: Janssen Cilag: Resultaat: grotere symtoomverbetering dan met atomexetine tot 3weken na start van therapie en grotere respons met 57% versus 41%. Artsenkrant 2004 10 8 1 inname per dag met 12uur werking Artsenkrant 2004 9 22 Dosis: met laagste dosis beginnen 18mg/24uur en optitreren naar max. 54mg/24uur Artsenkrant 2004 10 8 Bijwerkingen: hoofdpijn 30% insomnie 20% anorexie 19% buikpijn 11% tics 8,8% Artsenkrant 2004 10 8 Stabieler dan Rilatine ? Strattera: Eli Lilly: Resultaat: effectief op rijvaardigheid bij volwassenen van 22 a 60jaar De Huisarts 2005 12 1 DT 2004 9 1 Tonsillectomie: 50% van de kinderen met ADHD die tonsillectomie ondergingen, meestal voor slaapapneusyndroom, vertoonden na 1jaar geen ADHD meer. Bij 28% van de ptn die tonsillectomie ondergingen vertoonden ADHD en 7% bij de controlegroep, na de tonsillectomie geen verschil meer. Chest Physians 2006 5 , R Chervin, prospectieve RCTrial ..6 ..7 ADHD criteria:

A. Ofwel (1) of (2) (1) Aandachttekort: 6 of >6 van volgende symptoom(en) voor >6maanden in die mate dat ze wijzen op slechte adaptatie of inconsistent met ontwikkelingniveau: 1. aandachttekort voor details en maakt fouten door zorgeloosheid 2. aandachttekort behouden 3. schijnt niet te luisteren 4. schijnt niet te volgen met uitleg 5. moeilijkheden om taken te organiseren 6. vermijdt taken die langdurige aandacht vragen 7. verliest dingen nodig voor activiteiten 8. vlug afgeleid door externe stimuli 9. vaak vergeetachtig bij dagelijkse activiteiten (2) Hyperactiviteit en impulsiviteit: 6 of >6 van volgende symptoom(en) van hyperactiviteit of impulsiviteit voor >6maanden in de mate van sleche adaptatie of inconsitent met ontwikkelingsniveau: 1. fidgets met handen of voeten of squirms in stoel 2. verlaat stoel vaak in de klas of andere plaatsen waar blijven zitten geboden is 3. loopt veel rond of klimt veel 4. heeft het moeilijk rustige activiteiten 5. is vaak "on the go" of "aangedreven door motor" 6. spreekt veel 7. geeft vlugge antwoorden voor de vraag beëindigd is. 8. heeft moeite met afwachten van eigen beurt 9. onderbreekt vaak of intrusie Symptoom(en) die impairment veroorzaken: bij <7jaar op 2 of >2 plaatsen: thuis, school, werk komt niet voor bij ontwikkelingsstoornissen, schizofrenie, andere psychose vertonen geen andere mentale aftakeling: stemmingsstoornissen, angststoornissn. NEJM 2005/352/165 M Rappley, Michigan B. Sommige hyperactiviteit impulsieve of aandachttekort symptoom(en) die impairment veroorzaken waren aanwezig bij <7jarigen C. Sommmige impairment door de symptoom(en) is aanwezig in 2 of meer settings: vb. school of werk en thuis D. Er moet duidelijke evidentie zijn van klinische significante impairment in sociale , academische of beroepsfunctioneren. E. De symptoom(en) komen niet exclusief voor in de loop van een pervasieve ontwikkelingsstoornis, schizofrenie, psychose en niet beter verklaard door andere mentale stoornissen zoals stemmingsstoornissen, angststoornissn, dissocitiatieve stoornissen, persoonlijkheidsstoornis. NEJM 2006/354/2637 S Okie, ..8 ..9

Klinische controles: Om de 3 a 4maand: bloeddruk polsslag lengte Folia 2002/29/7 Labocontroles: Investigaties: LIT: 2006 7 13 ADHD 83 2004 6 7 ADHD 54 aandacht*hyperacti vw380 2002 7 13 ADHD 35 attendio*deficit*hyperacyt,aandachtuitval*hyperacti AANDACHTUITVAL/ AGRESSIE/ ALGORITME/ AMFETAMINES/ AMNESIE/ GEGENERALISEERDE ANGSTSTOORNIS/ ANOREXIE/ ANTIDEPRESSIVA/ Astma bronchiale/ ASTMA NNO/ Bronchi(aal)lijden/ BUIK/ BUIKPIJN/ Cefaclor/ Chronische moeheidSSYNDROOM/ CHRONISCH/ COMPULSIE/ CONCENTRATIESTOORNISSEN/ DEPRESSIE/ Drugsgebruiker i.v/ ELI LILLY/ EMOTIES/ Erfelijk/ ETHYLISME/ GEDRAGStoornissen EN EMOTIONELE Stoornissen/ GLAUCOOM/ GROEISTOORNISSEN/ HAND/ HARDHOREND/ Hartlijden/

Hartlijden en vaatlijden/ Hersenlijden/ Hersentumor/ HOOFDPIJN/ HYPERACTIVITEIT/ HYPERTENSIE/ Hyperthyroïdie/ INSOMNIE/ INTOXICATIE/ Kind/ Kindertumoren/ Laag partusgewicht/ LEERSTOORNIS/ Lethargie/ LOODVERGIFTIGING/ INTOXICATIES MAOremmers/ MENTALE retardatie/ Mentale stoornis/ Metas VAN ONBEKENDE OORSPRONG/ Moeheid/ Neurologisch lijden/ Nicotineaddictie/ Onrust/ Onwillekeurige bewegingen/ Gedragstoornis/ Psychose/ Retardatie/ RITALIN/ SCHIZOFRENIE/ SPRAAKSTOORNIS/ STREPTOCOC/ STRESS/ S.PYOGENES/ STUIPEN/ Sympaticomimetica/ FRONTALE KWAB SYNDROOM/ GILLES DE LA TOURETTE SYNDROOM Velohartfacies syndroom/ Thyroïdlijden/ Thyroïdreceptorresistentie/ TICS/ TRICYCLISCHE ANTIDEPRESSIVA/ Tumor/ Vaatlijden/ Voedingsproblemen/ Voedsel/

VOETEN/ Voetlijden/ VRUCHTEN/ WWW/ Lijden/ ZWANGERSCHAP/ Zweten/

LIT: 2006 4 19 www www.zitstil.be www.parnassia.nl SLOTTEKST