LESVOORBEREIDINGSFORMULIER

NAAM STUDENT

Irene van Doornik

STUDENTNUMMER

1664144

KLAS

1B

STAGESCHOOL

St. Aloysius

STAGEBEGELEIDER

Marijke

STAGEGROEP

5

DATUM

5-10-2014

VAK / ONDERWERP

Muziek

VOORBEREIDING
Omcirkelen:

Dit is een leerkracht/ gedeeltelijk leerkracht-gedeeltelijk leerling/ leerling gestuurde les.
Dit is een zelfontworpen / methode / combinatie les.

DOELEN VOOR DE LEERLINGEN
DOEL(EN)
+ Welk type doel; kennis en
inzicht, vaardigheid of attitude
gerelateerd?

Vaardigheid, het gaat om het kunnen zingen van het liedje “De droomboom”

+ Wat moet deze les opleveren Aan het einde van de muziekles kunnen de leerlingen het liedje “De droomboom”
zelfstandig zingen.
(product, specifiek en
meetbaar)?
+ Welk gedrag wil ik oproepen/ Ik wil dat de leerlingen tijdens de les actief mee doen en in de luisterhouding zitten.
wat moeten de ll tijdens de les
oefenen of ervaren
(procesdoel)?
LESSPECIFIEKE BEGINSITUATIE
KENNIS / VAARDIGHEDEN
+ Wat weten en/of kunnen de
leerlingen al?

De kinderen hebben al eerder een muziekles gehad. Ze hebben 1 keer in de week
muziekles. Ze kennen het nummer niet.

+ Van welke vakspecifieke
theorie, didactiek, leerlijnen
maak ik gebruik?

Klank: De klankhoogte is niet heel hoog. Er komen geen grote sprongen in klankhoogte
voor. Het zijn korte klanken. Het liedje zing je eerst zachtjes en je bouwt het langzaam
op.
Betekenis: dromen, snoepjes en bomen.

ONDERWIJSBEHOEFTEN
+ Wat zijn de pedagogische en
didactische

De leerlingen hebben structuur nodig. Ze moeten weten wat we deze les gaan doen.

Cursusjaar 2014-2015 versie 31-08-2014

onderwijsbehoeften van de
groep?
+Indien van toepassing: Wat
zijn specifieke individuele
onderwijsbehoeften?

Sommige kinderen hebben ADD. Deze kinderen vinden het moeilijk om hun aandacht
erbij te houden. Hiermee moet ik rekening houden door ze vaker bij de les te roepen.

BELEVING
+ Op welke ervaringen kan ik
aansluiten?
+ Actualiteit (leefwereld)
+ Betrokkenheid

Ik kan aansluiten bij de kinderen door het te hebben over dromen die zij hebben.

MATERIALEN
MATERIALEN
+ Wat moet ik klaarleggen,
Ik moet het liedje via internet klaar hebben staan. Ook wil ik het eerste couplet en
welke leermiddelen gebruik ik? refrein op papier hebben zodat de kinderen die mee kunnen zingen en de rest uit het
hoofd leren.
+ Op welke manier laat ik de
materialen de lesinhoud
ondersteunen.
Het liedje ondersteund mijn les omdat de kinderen mee kunnen zingen met de karaoke
+ Welke methoden, bronnen
versie.
gebruik ik. (APA)?

Cursusjaar 2014-2015 versie 31-08-2014

LESOPBOUW
TIJD
-Min
INLEIDING
+ Verwachtingen / doelen
duidelijk maken

KERN
Houd rekening met:
LESSTOF
+ Welke informatie komt
aan bod, in welke
volgorde en aan wie?
+ Hoe maak ik de lesstof
toegankelijk en
overzichtelijk?
+ Welke vragen stel ik en
aan wie?
+ Heb ik goed voor ogen
wat ik met deze les wil
bereiken?
+ Pendelen tussen
leerstof, leerling en
leefwereld.
WERKVORMEN
+ Welke werkvormen kies
ik en voor wie?
+ Hoe zorg ik voor
voldoende variatie in
werkvormen?

ACTIVITEIT

Vorm

Wat doe ik? Wat doen de leerlingen?

ISK

Ik vertel aan de kinderen dat we vandaag het liedje “De
droomboom” gaan leren. Ik vraag wie er wel eens droomt en wat
ze dan dromen. Zijn het leuke of minder leuke dromen? Wat zou je
het liefst willen dromen? Bijvoorbeeld dat je in een land komt waar
alles van snoep is of dat je een vogel bent en kan vliegen.

Ik zing eerst het hele lied voor. Wanneer ik zing zijn zij stil en
moeten heel goed luisteren en kijken voor het eerste couplet en
refrein op hun blad.
Ik vertel dat de refreinen allemaal hetzelfde zijn. Ik zing het refrein
een keer voor, waarna ik het met de kinderen samen zing. Daarna
mogen ze het alleen proberen. Als ze het refrein onder de knie
hebben zing ik het eerste couplet voor. Daarna zingen we hem
samen totdat ze hem onder de knie krijgen. Als dat zo is zingen we
eerst het refrein, dan het couplet en als laatste weer het refrein.
Het tweede en derde couplet leer ik stap voor stap aan. Eerst zing
ik ze voor. Daarna kunnen ze tot: “zo heel gewoon” meezingen.
Het laatste stukje zing ik dan en daarna zingen zij het.
Als ze het heel lastig vinden om de tekst te onthouden kan ik de
tekst op het bord zetten waardoor ze mee kunnen zingen.

Tijdens het zingen zitten de kinderen op hun eigen plek.

GROEPS
MANAGEMENT
+ Wat kan ik al voorzien
en hoe reageer ik daarop
+ Beurtverdeling
+ Pakken en opruimen
materialen

Als leerlingen niet mee doen dan zeg ik er wat van. Ik wil dat ze
actief mee doen.

Cursusjaar 2014-2015 versie 31-08-2014

+ Regels, afspraken

De kinderen kennen de regel dat je niet mag lopen tijdens een les.

KLAAR / NIET KLAAR
+ Wat kan een leerling
doen als hij klaar / niet
klaar is?

AFSLUITING

Als afsluiting zingen we het hele lied samen.

+ Hoe bespreek ik de les
na?
+ Hoe controleer ik of
leerlingen de doelen
hebben bereikt?
+ Hoe evalueer ik de les
met de leerlingen?

Ik vraag hoe de kinderen de les vonden gaan. Wat ging er goed?
Wat kan volgende keer beter? Wat vond je van het liedje?

OVERGANG
+ Hoe zorg ik voor een
overgang naar de
volgende les?

De kinderen zitten al klaar voor de volgende les. De nummers 1
laat ik de bladen bij mij brengen.

Cursusjaar 2014-2015 versie 31-08-2014