VERVANGENDE OPDRACHT ABSENTIE DRAMALES 2

:
SAMENVATTING KIJK OP SPEL - HFD. 1: “Drama inhoudelijk” pp. 9-26
1.1 Wat is drama?
Het is aardig lastig om drama te definiëren. Het doel van drama is het verwerven van inzicht in
de functie en betekenis van het eigen dramatische product en dat van anderen. “Drama heeft
dezelfde kenmerkende eigenschappen als elk ander kunstvak: verbeelding, vormgeving en inzicht
(beschouwen oftewel 'het kijken naar de bevordering van inzicht') en discussie oproepen.” Je
leert drama beter te begrijpen als je ermee bezig bent.

Dramatische verbeelding, definiëren we hier als 'verbeelding ten dienste van een
dramatisch product', het gaat hier om innerlijke beelden. Het hangt samen met fantasie
en creativiteit.
Dramatische vormgeving, wil zeggen: de wijze waarop het spel wordt gepresenteerd.
Ook de vormgeving binnen drama is ontleend aan het theater en kan bepalend zijn
voor het lesverloop, dus het spelplezier, de helderheid van het spel, het kijkplezier, en
dergelijke.
Dramatisch inzicht, door het dramatisch inzicht te vergroten in wat het vak nu precies
inhoudt, krijgt het kind meer aanknopingspunten om zijn eigen functioneren binnen de
dramales in te schatten, zijn kijk op de werkelijkheid te vernieuwen en zich daardoor
verder te ontwikkelen.
Discussie oproepen: het is bij dramatisch inzicht niet zozeer van belang om de
waarheid te achterhalen, als wel om juist vraagtekens bij die waarheid te durven zetten
en vanuit een combinatie van kennis en gevoel tot interpretaties te komen. Door
middel van richtinggevende vragen discussie oproepen en binnen die discussie aan
meningsvorming doen, om zo tot nieuwe inzichten te komen.
o Samen vormen deze punten de ingrediënten van drama.

De driedeling van de Kennisbasis Dans en Drama bestaat uit:
1) Drama als cultuurgoed;
2) Drama als didactisch hulpmiddel voor leerinhouden van andere vakken;
3) Drama als pedagogisch middel.
Drama als vak kenmerkt zich en distantieert zich van anderen doordat het een procesgerichte
karakter kent. Dit is bijvoorbeeld belangrijk omdat kinderen een veilige omgeving nodig
hebben om tot drama over te kunnen gaan, dit komt door een speldrempel.
1.2 Waarom drama op de pabo?
Enerzijds om het vak te leren geven om inzicht te krijgen in de kenmerken en de
begeleidingsaspecten ervan. Anderzijds om je persoonlijke professionaliteit te vergroten. Het
beroep van leerkracht houdt in dat je kinderen uitdaagt, dingen aan ze duidelijk maakt,
verhalen vertelt, instructies geeft, orde houdt, een band met ze krijgt en ze bovenal weet te
motiveren om plezier in het leren te krijgen.
Verder is het nodig om de aankomende docent een persoonlijke professionaliteit mee
te geven, juist omdat de persoon van de leerkracht zo bepalend wordt gezien.
Je hoort vaak dat je 'bij drama een stukje van jezelf laat zien' – maar hoe gaat dat dan
precies? Hoe leer je jezelf beter kennen als je op de pabo de rol van een ander speelt? Bij
drama zet je dus niet zozeer een maker op, je zet een masker af. Dat afzetten van hert masker
confronteert je met jezelf, met je competenties en die waaraan je nog moet werken. Zo komt
de deur open te staan naar persoonlijke professionalisering met betrekking tot
informatieoverdracht.

Drama op de pabo om non-verbaliteit te stimuleren. Verschillende
wetenschappelijke onderzoeken wijzen uit dat, afhankelijk van de boodschap, nonverbale communicatie (lichaamstaal) tussen de 65% en 93% van onze communicatie
bepaalt. Non-verbale communicatie verraadt je ware gevoelens. Door met dramatisch
spel bezig te zijn, dat spel gezamenlijk te bekijken en ook achteraf te bespreken, krijg je
meer inzicht in het effect van non-verbaliteit. Het effectief communiceren zit hem
verder in de heldere instructie, zonder zogenaamde ruis. Door gericht met spel bezig te
zijn en binnen de dramales ook aan het beschouwen van drama aandacht te besteden, o
ontstaat inzicht in die non-verbaliteit en positie die je zelf hierin inneemt. Binnen de
dramales krijg je de ruimte om dit op ervaringsniveau te onderzoeken, zodat je er
spelenderwijs achterkomt waar jouw eigen sterke en minder sterke punten liggen.
Uiteindelijk gaat het om evenwichtig communiceren.
De statusleer van Keith Johnstone gaat over improvisatietechnieken om spontaniteit
te vergroten. Daarbij heb je hoge- en lagestatussignalen.

1.3 Fantasie, creativiteit en zelfvertrouwen
Zowel op procesgericht als op productgericht niveau draait het bij drama veelal om de drie
kernwoorden: fantasie, creativiteit en zelfvertrouwen, maar ook onderling zijn deze begrippen
nauw verweven en versterken ze elkaar wederzijds. Creativiteit wil doorgaans zeggen 'iets
concreets doen' met je fantasie, en daartoe is zelfvertrouwen nodig.

Fantasie: een ander woord voor fantasie is verbeeldingskracht. Fantasie vereist vrijheid
van denken, een denken dat los staat van de kaders en invloeden die gelden in de
wereld van de volwassenen.
Creativiteit: creativiteit is de persoonlijke wijze waarop een gevoel, gedachte, begrip of
fantasie wordt geconcretiseerd. Productgerichte creativiteit vereist een bepaalde
technische vaardigheid, zodat een inhoud daadwerkelijk zo wordt vormgegeven dat
deze overkomt en voor anderen te begrijpen en te interpreteren is.
Zelfvertrouwen: om nieuwe dingen te creëren moet je allereerst geloven dat je tot
zoiets in staat bent. Je moet niet bang zijn om fouten te maken, maar vertrouwen in
jezelf hebben. In dit proces is positieve bevestiging vanuit je omgeving buitengewoon
belangrijk, en dan nog het liefst nog van iemand in wiens deskundigheid je gelooft.

1.4 Geschiedenis van het vak drama
De term 'drama' stamt uit de Griekse oudheid en dat betekent van origine handeling,
verrichting, bewuste daad. Bij drama wordt men dan ook uitgedaagd om van de stoel af te
komen en actief bezig te zijn.
Sinds de Wet op de Basisschool uit 1984 is het een officieel vak: spel en bevordering van het
taalgebruik. Hierdoor werd het ook een vak op de Pabo.
Eigen mening/ervaring over drama
Drama betekent voor mij,’’durven’’. Als ik me in een groep veilig genoeg voelde kon ik me vrijer
voelen en maakte me niet zoveel uit als er om mij werd gelachen. Gelukkig is dat nooit
gebeurd. Ik vind dat ik door drama bewuster ben omgegaan met mijn lichaamstaal. Voor een
groep staan en praten. Een stuk opener ben. Misschien wel de grootste motivatie; het werkte
voor mij erg ontspannend. Ik voelde dat de spanning verdween en ik even plezierig met mijn
klasgenootjes kon lachen. Nu ik zelf ervaring heb met drama geven op een basisschool, groep
3 ga ik bewuster om met drama. Het is niet zomaar spelletje spelen. Er zit een hele
gedachtegang achter. En dan nog te denken dat er zoveel werkvormen zijn om in te zetten…