You are on page 1of 5

NR.

12
23 FEBRUARI
2014

onafhankelijk universiteitsblad
Hans van Lint:

Kilometerheffing
was een goed plan
Bezoek aan Texel

Reality check
voor studenten
A big question

The role of
religion on
campus

Wormenwasserij

VOOR
AL UW
RIOOLSLIB

ENGLISH PAGES
SEE PAGE 28

Tekst: Jos Wassink


Fotos: Sam Rentmeester
Illustratie: Genevieve Rietveld

Delta

TU Delft

WONDERLIJKE
WORMPJES
In het waterlab experimenteert biotechnoloog
Steef de Valk met tubifex wormen. De draadvormige
beestjes kunnen de hoeveelheid rioolslib bij de
afvalwaterzuivering met de helft terugbrengen.
Hoe het werkt snapt niemand.

ls ir. Steef de Valk de


wormen uit hun container haalt, lijkt het
wel een propje donker
slijm dat hij in zijn handen heeft.
"Dat doen ze altijd als ze gestrest
zijn", zegt hij. "Dan gaat ze met zijn
allen op een kluitje zitten." Temperatuurschok, beweging, oppakken - allemaal dingen waar tubifex
wormpjes niet blij mee zijn.
Waar de draadvormige beestjes
wel goed tegen kunnen, is chemische vervuiling. Tegenover insecticide of zware metalen geven
ze geen krimp. Binnen bepaalde
grenzen natuurlijk. Deze wormpjes komen uit rivierslib in Polen
omdat onze rivieren te schoon zijn
voor tubifex; ze worden dan verdrongen door andere beestjes.
Promovendus De Valk heeft het
kluitje wormen in een glazen potje
gedaan en roert behoedzaam door
het water. "Chemisch zijn ze heel
sterk, maar ze hebben een fragiel lichaam." En inderdaad - de
wormpjes die vrijkomen uit de
kluit zijn hooguit een millimeter
dik en een centimeter lang. Ze zijn
rood van kleur omdat ze net als
wij een soort hemoglobine in het
bloed hebben. Zuurstof halen ze
uit het water met hun rondzwie-

pende staartjes terwijl ze aan de


andere kant stukjes rioolslib naar
binnen werken. Mjammie. Na
een paar minuten zijn de wormen
weer naar elkaar toe gekropen en
vormen ze drie kluwens. Ik weet
ook niet waarom, maar ze vinden
het gewoon lekker om bij elkaar te
zitten.
De Valk is niet de enige die zich
verwondert over wormen. Charles
Darwin ging hem al voor. In het
boek dat hij er in 1881 over schreef
vroeg hij zich af: Zouden er nog
andere dieren zijn die zo'n belangrijke rol gespeeld hebben in de historie van de wereld als deze nederige en georganiseerde schepsels?

SCHAALMODEL
De rechthoekige glazen bak waar
De Valk zijn experimenten in doet
is een schaalmodel van een 125
kubieke meter grote tank die tussen 2007 tot 2013 bij de rioolwaterzuiveringsinstallatie van Wolvega
heeft gestaan. TU-alumnus ir.
Jelmer Tamis was er als biotechnoloog bij betrokken. In zijn eindrapport uit 2010 voor de Stichting
toegepast Onderzoek Waterbeheer
(Stowa) meldt hij dat wormen in
twee jaar tijd daar 193 ton afvalslib
(gemeten als droge stof) van de

aangeboden 303 ton hadden afgebroken. Afbraak van het slib is van
groot economisch belang ongeveer de helft van de operationele
kosten van een waterzuiveringsbedrijf gaat op aan de afvoer van
het slib naar verbrandingsovens.
Tamis vatte de resultaten van de
praktijkproef samen: een wormenreactor kan makkelijk aan het zuiveringsproces worden toegevoegd
(zie infographic pagina 10/11); de
reactor levert een afbraak tussen
de 60 en 70 procent. Dankzij betere vergisting en biogasproductie
levert het proces meer energie dan
het kost. Dat klinkt allemaal heel
positief, maar er blijft iets knagen:
niemand begrijpt precies hoe de
wormen zoveel materiaal kunnen
afbreken. En als je het proces niet
precies snapt, kun je het ook moeilijk optimaliseren.

INEENSTORTING
Onderzoek naar slib door wormen
begon meer dan dertig jaar geleden naar aanleiding van een toevallige observatie van een afstudeeronderzoek aan de universiteit
Wageningen. Dat begon met vrij
zwemmende wormen en later ook
met soorten die zich aan een oppervlak hechten, zoals ook tubifex

dat doet. Onderzoekers meldden


enorme slibafbraak, soms wel 75
procent, maar de stabiliteit van
de populatie bleek steeds een probleem. Sinds tien jaar vindt veel
onderzoek plaats in China onder
leiding van professor Yuang-song
Wei (Research Center for Eco-Environmental Science) die de techniek in 2001/2002 heeft geleerd tijdens zijn werk als postdoc bij TNO.
Ook in Wolvega heeft men in het
begin geworsteld met de wormenpopulaties. De kolonie (Aulophorus) groeide de eerste weken van
2007 hard en voorspoedig, waarna
de populatie in week zeven in elkaar stortte. Ook werd Aulophorus
door een andere wormensoort
(Lumbriculus) verdrongen.
Het duurde even tot men doorhad
hoe de populatie van wormen gemanaged moest worden om de cyclus van groei en ineenstorting om
te buigen naar een stabiele populatie. De populatie dient daarvoor
beheerd te worden qua dichtheid,
leeftijd en wormen/slibverhouding.

Lees verder op pagina 11

Actief Slib Proces, verblijftijd slib - 10 dagen

Riool
Delft & omstreken
250.000 m3 per dag
Beluchting
Ontwatering

Transport & Slibverbanding


Indikker

WORMEN ETEN

Wormen zijn een bron


van eiwit, maar als ze met
rioolslib gekweekt worden, mogen ze niet in de
voedselketen belanden.
Anders is het met wormen
(Lumbriculus) die met stoffen uit de voedingsindustrie gekweekt worden. Die
wormen zijn een prima
alternatief voor het weinig
duurzame vismeel dat nu
als vis- en veevoer gebruikt
wordt. Dr. Hellen Elissen is
met de technologie voor
wormenkweek vanuit Wetsus het start-up bedrijfje
Tailtec begonnen. Ze ontwikkelt kweekreactors
op maat waarin wormen
optimaal kunnen groeien
op organische resten van
de voedingsindustrie. Dat
kan een alternatief zijn
voor insectenkweek. Hellen
Elissen (milieutechnologie
WUR, 2007) is in gesprek
met klanten voor een eerste
productie-installatie.

Temperatuurschok, beweging, oppakken - allemaal dingen waar tubifex wormpjes niet blij mee zijn. "Als de wormen gestrest zijn gaan ze met
zijn allen op een kluitje zitten", aldus ir. Steef de Valk.

Delta

Biogas

11

TU Delft

Bezinktank haalt ruim 95% van het slib uit het water
Ontsmetting

Biovergister
20 - 30 dagen
35 - 50% slibafbraak

Water
retour
zee

Luchttoevoer
Wormenreactor
Verblijftijd 2 dagen
Reductie 20- 30%

GR-Artworks 2015

We zijn te knijperig in Nederland, de


Chinezen lopen er straks mee weg
Vervolg van pagina 9
Om het moeilijker te maken: ook
plotselinge veranderingen van
temperatuur, voeding en stroming
kan de wormen van slag brengen.
Uiteindelijk slaagde men erin bij
de waterzuivering van het Wetterskip (waterschap) een stabiele
wormenreactor te bedrijven die tot
2013 in gebruik is geweest. De slibafbraak in 2007 was 66 procent, en
in 2008 werd 61 procent gehaald.
Na 2013 is de reactor afgebroken
vanwege uitbreiding van de installaties op het terrein in Wolvega.

INVLOED
Terug in het Delftse waterlab, waar
Steef de Valk goed bekend is met
de Friese reactor hij liep er stage
bij Tamis. De Delftse wormen (tubifex) leven op roosters die aan een
kant van de testreactor in het rioolwater hangen. Het voedsel krijgt
De Valk van de afvalwaterzuiveringsinstallatie Harnaschpolder.
Het zwarte water zit in een goed
afgesloten jerrycan. De proefreactor heeft een middenscheiding
en bestaat uit twee gescheiden
helften die identiek zijn, op de

aanwezigheid van de wormen na.


Zo kan hij precies meten wat de invloed van de wormen is. Want daar
waren in Wolvega al vragen over
gerezen: waren de wormen verantwoordelijk voor de onverklaarbare
afbraak, waren het de bacterin in
hun darmen of was het een enzym
dat n van de partijen aanmaakte? De Valk: We weten dat wormen de afbraak versnellen en dat
ze tijdens de vergisting de productie van biogas verhogen doordat
ze zelf uiteenvallen in de vergister.
Maar wat is de verklaring in termen van enzymen? Als we dat weten, kunnen we het enzym maken
met een gemodificeerde bacterie.
Als je dat enzym toevoegt tijdens
de vergisting ben je ook klaar.
Het is nog onduidelijk wie het afbraakenzym produceert. Dat kan
de worm zijn, maar misschien zijn
het ook bacterin in het darmstelsel van de worm die het produceren. Bovendien gaat het misschien wel om een hele reeks van
enzymen. Het onderzoek is een
puzzel, stelt De Valk, die de komende tijd meer duidelijkheid wil
krijgen over welke bacterin in het
spel zijn door genetische tests uit

te voeren. Door RNA-fragmenten


uit het afvalwater te vergelijken
met een database hoopt hij te achterhalen welke bacterin kenmerkend zijn voor de wormenreactor.

KATALYSATOR
Dat klinkt wanhopig, vindt Jelmer Tamis, die nu zelf ook als promovendus aan de TU verbonden
is en de laatste hand legt aan zijn
proefschrift over bioplastics. Ik
zie daar helemaal niks in. Vergelijk
gewoon het verschil met en zonder
wormen en je ziet dat de afbraak
met wormen tien keer zo snel gaat.
Wormen zijn katalysator voor de
afbraak. Al is het mechanisme dan
niet bekend, er is wel wat aan de
hand. Als je wat zinnigs wilt doen,
moet je een grote reactor bouwen.
Als je fundamenteel onderzoek
wilt doen, kun je uitzoeken hoe het
werkt. Ik ben zelf meer van de toepassing.
In zijn verslag voor Stowa staat een
nieuw ontwerp van een fullscale
wormenreactor (inhoud zeshonderd kubieke meter) die als een
ring om een bezinkingstank ligt.
De investering voor de installatie werd geraamd op 700 duizend

euro. Daarnaast moest er


een vergister komen. Voor
het Wetterskip was dat een
brug te ver, zegt voorlichter
Michiel Zijlstra desgevraagd.
Het was goedbeschouwd
nog een experiment. Als
bedrijven er in mee hadden
willen investeren, dan hadden we het overwogen. Daar
zijn we niet uitgekomen, en
als besteding van publiek
geld vonden we het te
fors.
Tamis vindt het nog
steeds jammer dat
het zo gelopen is. We
zijn gewoon te knijperig in Nederland. We
rekenden voor dat de
investering zich in drie
jaar terugverdient door
besparingen op de slibafvoer en energieproductie. De Chinezen hoeven
daar niet lang over te denken. Die lopen er straks mee
weg. <<
Lees ook Stowa-rapport: Slibafbraak door Oligochaeten, 2010. Vrij
toegankelijk op internet.