Werklocaties Limburg 2005

Resultaten monitor Limburgse bedrijventerreinen en dienstenlocaties in 2005

Werklocaties Limburg 2005
Resultaten monitor Limburgse bedrijventerreinen en dienstenlocaties in 2005

Maastricht, juni 2006

Colofon
Uitgave: Provincie Limburg Postbus 5700 6202 MA Maastricht Tel.: +31 (0)43 389 99 99 Fax: +31 (0)43 361 80 99 Internet: www.limburg.nl Limburgerlaan 10 6229 GA Maastricht drs. R.J.P.J.B. Creemers R.C.M. Vaessens M.A. Etil Postbus 1016 Provincie Limburg, afd. Economische Zaken E-mail: postbus@prvlimburg.nl

6201 BA Maastricht E-mail: info@etil.nl

Tel.: +31 (0)43 388 39 55 Fax: +31 (0)43 388 48 60 Internet: www.etil.nl Foto’s:

Etil maakt deel uit van Universiteit Maastricht Holding bv Karen Beckers Fotografie Grafische vormgeving: www.vormaat.nl Druk:

Provincie Limburg

2

Werklocaties Limburg 2005

Voorwoord

In het coalitieakkoord “Limburg verlegt grenzen” stelt de Provincie Limburg zich ten doel te voorkomen dat knelpunten optreden in het aanbod van werklocaties (bedrijventerreinen en stedelijke dienstenterreinen). Het is van gifte en voorraad wordt duidelijk welke typen werklocaties in welke regio beschikbaar en wel of juist niet in trek zijn. Op basis hiervan kan actie worden ondernomen om op het juiste moment het juiste type terrein in een gebied te ontwikkelen. Op deze manier kan worden getracht te komen tot een meer marktgericht aanbod van werklocaties. De basisgegevens voor het monitoren van de werklocaties in Limburg worden samengebracht in het Regionaal seerd met gegevens van het afgelopen kalenderjaar. Daarvoor benadert Etil in opdracht van de Provincie Limburg belang dat het door de markt gewenste type werklocatie tijdig beschikbaar is. Met behulp van monitoring van uit-

Economisch Bedrijventerrein Informatie Systeem (REBIS) van de Provincie. Dit systeem wordt jaarlijks geactualiieder jaar alle terreinbeheerders (gemeenten, private partijen, projectontwikkelaars). De enquêteresultaten vormen niet alleen input voor REBIS, maar liggen ook ten grondslag aan de voorliggende rapportage over de bedrijventerrein¬ontwikkelingen 2005 in onze provincie. Vorig jaar zijn voor het eerst de grootschalige dienstenterreinen in betreffende de zogenaamde “eigen terreinen”; deze terreinen werden in het verleden, als gevolg van de specifiekantoorontwikkelingen, eventueel aangevuld met leisure- en onderwijsfaciliteiten. In 2005 is REBIS aangepast ke vestigingsvoorwaarden, niet in de voorliggende rapportage meegenomen. Het betreft de terreinen van Chemelot beeld gebracht. Dit specifieke segment omvat terreinen die ingericht zijn/worden voor grootschalige retail- en/of

in Sittard-Geleen en ZON Fresh Park (veilingterrein ZON) in Venlo. Vanaf 2005 worden deze terreinen in het kader van REBIS als (openbare) werklocaties beschouwd en worden zodoende meegenomen in de analyses. Dergelijke toe ingerichte werklocaties. vernieuwende elementen in de monitor zijn de opmaat naar een meer integrale benadering van alle specifiek daarWeten wat waar gebeurt, is immers de basis voor Ondernemend Limburg.

Martin Eurlings

Gedeputeerde Economische Zaken Provincie Limburg

Werklocaties Limburg 2005

3

4

Werklocaties Limburg 2005

Inhoud

VOORWOORD SAMENVATTING 1 INLEIDING

3 9 15 15

1.1 1.3 1.2

Rapportage ‘Werklocaties Limburg 2005’ REBIS achtergrondinformatie

15

1.4 2

Leeswijzer

REBIS-indeling

17 19 19

16

2.2

2.1

ALGEMEEN Achtergronden kantorenmarkt in Limburg Inleiding

2.2.1 Provinciaal kantorenbeleid; POL-aanvulling Diensten en Locaties 2.2.2 Aanbod en opname kantoren Achtergronden bedrijventerreinen in Limburg 2.3.2 Parkmanagement

19

2.3

20 23 24

19

2.3.1 Duurzame ontwikkeling van bedrijventerreinen 2.3.3 Veroudering en herstructurering

23

2.3.4 Nieuwe ontwikkelingsperspectieven 3 UITGIFTE Uitgifte 2005 in Limburg Inleiding

24 27

3.2

3.1

29 29 29

3.2.1 Uitgifte per regio 3.2.2 'Top 10' uitgifte

30 32 33

3.2.3 Uitgifte naar economische activiteit

3.2.4 Uitgifte naar investeringsmotief van bedrijven 3.3 3.2.5 Uitgifte naar categorie werklocaties Uitgifte 1997-2005 versus prognose 1997-2015 Verwachting uitgifte 2006 in Limburg

3.4

3.5

Uitgifte Limburg versus Nederland en omliggende regio's

38

36

35

41

43

Werklocaties Limburg 2005

5

4.2

4.1

4

VOORRAAD Voorraad per 31-12-2005 in Limburg Inleiding

45

45 45 48

4.2.1 Voorraadontwikkeling per regio

4.2.2 Voorraad; van restcapaciteit naar ‘vrije’ kavels 4.2.3 'Top 10' terstond uitgeefbare voorraad 4.2.4 Aanbieders van werklocaties 4.2.5 Voorraad naar ontsluitingswijze 4.2.6 Voorraad naar grootteklassen 4.3 Grondprijs 4.2.7 Voorraad naar categorie werklocaties Plannen per 31-12-2005

46

51

49

54 57

52 55

4.5 4.6

4.4

Aanbod bedrijfsonroerend goed op werklocaties 4.6.1 Limburg versus andere provincies

59

Voorraad Limburg versus Nederland en omliggende regio's

59

4.6.2 Limburg versus aangrenzend buitenland 5 VESTIGINGEN EN WERKGELEGENHEID Inleiding Werklocaties

61

61

63

5.1

67 67 68 67

5.4

5.3

5.2

Dynamiek en ontwikkeling

Werklocaties naar sectoren

69

LIJST VAN STATEN Staat 2.1 Staat 2.2 Staat 2.3 Staat 2.4 Staat 2.5 Staat 3.2 Staat 3.1

Planningsopgave Limburg kantoorruimte in m2 tot 2015 Kencijfers aanbod kantorenmarkt Limburg; 2004-2005 Gemeente top 5 aanbod kantoorruimte, per 31-12-2005 Herstructurering in Limburg naar regio, 31-12-2005

20

21

Gemeente top 5 transacties kantoorruimte, in 2005 Kencijfers uitgifte, 1996-2005 Uitgifte 'Top 10'-gemeenten Uitgifte 'Top 10'-werklocaties

22 29

21

25

Staat 3.4

Staat 3.3

Staat 3.5

Uitgifte werklocaties in Limburg, aantal bedrijven naar sector 2001-2005 Uitgifte werklocaties in Limburg, oppervlakte naar sector, 2001-2005 Uitgifte naar investeringsmotief, 2005 Uitgifte 2005 naar categorie werklocatie, in ha Kencijfers voorraad werklocaties, 2001-2005

34

33

32

Staat 3.6 Staat 3.7 Staat 3.8 Staat 4.1 Staat 4.2 Staat 4.3 Staat 4.4 Staat 4.5

35

36

Daadwerkelijke uitgifte 1997-2005 versus prognose 1997-2015, in ha Voorraad; van restcapaciteit naar vrije kavels, per 31-12-2005

37

45 49

39

Voorraad (terstond uitgeefbaar) 'Top 10' werklocaties, per 31-12-2005 Voorraad (terstond uitgeefbaar) 'Top 10' gemeenten, per 31-12-2005 Beschikbare oppervlakte werklocaties naar aanbieder, per 31-12-2005

48 50

6

52

Werklocaties Limburg 2005

Staat 4.6 Staat 4.7 Staat 4.8 Staat 4.9

Voorraad werklocaties naar ontsluitingswijze, per 31-12-2005

Aantal beschikbare kavels naar grootteklassen en regio, per 31-12 2005 Restcapaciteiten 31-12-2005 naar categorie werklocatie, in ha Grondprijs werklocaties in euro per m , eind 2005
2

53

Staat 4.10 Bestaand aanbod bedrijfsonroerendgoed op Limburgse werklocaties, eind 2003 - eind 2005 Staat 4.11 Bruto-oppervlakte en restcapaciteiten: Limburg in vergelijking met het aangrenzend Staat 5.1 en aangrenzend buitenland Dynamiek op werklocaties, 2004-2005

58

56

54

60

64

70

LIJST VAN FIGUREN

Figuur 3.1 Uitgifte van werklocaties in Limburg, 1991-2005

Figuur 3.2 Uitgifte (excl. zeehaventerreinen) in Nederland in 2004 en gemiddelde 1995-2004 Figuur 4.1 Totaal beschikbare oppervlakte in Limburg 1990-2005, per 31 december Figuur 4.2 Aantal jaren die een provincie nog vooruit kan, stand eind 2003 en 2004

30

47

42

Figuur 4.3 Totale beschikbare voorraad aan bedrijventerreinen per provincie, 1994-2004 Figuur 5.1 Werklocaties; vestigingen (A) en werkgelegenheid (B) in %, 2005

Figuur 4.4 Bedrijventerreinen en restcapaciteiten in Limburg en aangrenzend buitenland Figuur 5.2 Werklocaties; werkgelegenheidsontwikkeling naar type werklocatie in %, 2004-2005 Figuur 5.3 Werkgelegenheidsontwikkeling werklocaties naar sector in %, 2004-2005 LIJST VAN BIJLAGEN Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3

68

67

65

62

61

69

Kencijfers werklocaties; stand, per 31-12-2005 en uitgifte in 2005 Indeling Limburg naar de regio’s per 31-12-2005 REBIS-voorbeeld: Venray – Smakterheide en Keizersveld per 31-12-2005 Uitgegeven terreinen in ha, 2001-2005

72

Bijlage 4 Bijlage 5

Ruimtelijke spreiding werklocaties in Limburg

96

87

97

98

Werklocaties Limburg 2005

7

8

Werklocaties Limburg 2005

SAMENVATTING

De belangrijkste conclusies over de bedrijventerreinen en stedelijke dienstenterreinen in Limburg van het afgelopen jaar zijn op de eerste pagina’s van deze rapportage verkort weergegeven. In het kader van REBIS wordt sinds 2004 gesproken van werklocaties als verzamelnaam voor bedrijventerreinen en stedelijke dienstenterreinen. Venlo integraal in alle analyses meegenomen (zie paragraaf 1.3). Uitgifte in 2005 In 2005 lag de uitgifte van kavels op werklocaties op een niveau van 51 ha. Dit is het vierde achtereenvolgende jaar (2002: 77 ha, 2003: 49 ha, 2004: 70 ha) dat de uitgifte ruim onder het tienjarig gemiddelde lag van circa 98 ha. Daarnaast zijn in het afgelopen jaar het Chemelot-terrein in Sittard-Geleen en het veilingterrein ZON Fresh Park in

De uitgifte in Noord-Limburg is in 2005 met 21 ha geringer dan in het voorafgaande jaar (37 ha). Daarmee ligt de om beperkt (2004: 9 ha). Ook in deze regio lag de uitgifte op de helft van het tienjarig gemiddelde. In de Westelijke Mijnstreek lag de uitgifte bij 14 ha. Ondanks een toename ten opzichte van 2004 (11 ha) ligt de uitgifte nog onder 2005 met circa 3 ha iets hoger dan in 2004 (1 ha). In Maastricht & Mergelland speelt daarbij het voortdurend geringe aanbod in vooral de stadsregio Maastricht een problematische rol. Voor 2005 ziet de 'Top 10' uitgifte per gemeente er als volgt uit: Naam gemeente 1 (4) a (1) (2) Sittard-Geleen Venlo Venray Regio Westelijke Mijnstreek Noord-Limburg Noord-Limburg Uitgifte in 2005 in ha 11,14 Aantal uitgegeven kavels 7

uitgifte in deze regio op de helft van het tienjarig gemiddelde. De uitgifte in Midden-Limburg was met 10 ha wederhet tienjarig gemiddelde van 17 ha. In Parkstad Limburg nam de uitgifte vorig jaar sterk af tot 3 ha. Daarmee lag de uitgifte in 2005 duidelijk onder het tienjarig gemiddelde van 17 ha. De uitgifte in Maastricht & Mergelland is in

2 3 4 5 6 7 8 9 10

10,25

(10) (5)

(8)

Weert

Heerlen

Roermond

Parkstad Limburg Midden-Limburg Midden-Limburg

Midden-Limburg

8,35

12

2,99

5,07

6

Margraten Beek Helden

Echt-Susteren

2,58

7

5

Noord-Limburg

Westelijke Mijnstreek

Maastricht & Mergelland

2,47

5

1,37

1,68

2,26

7 4

5

3

a De cijfers tussen haakjes geven de klassering in de 'Top 10' van 2004 aan.
Werklocaties Limburg 2005

9

In 2005 verwierven 70 bedrijven een kavel. Daarmee is het aantal uitgegeven kavels ten opzichte van 2004 iets tienjarig gemiddelde van 150. De gemiddelde oppervlakte van de uitgegeven kavels nam in 2005 af tot circa 7.300 6.500 m2. m2. Ondanks de afname is de gemiddelde kavelgrootte in 2005 nog altijd groter dan het tienjarig gemiddelde van

afgenomen; en wel met 13 kavels oftewel met bijna 16%. Het aantal uitgegeven kavels ligt ruim de helft onder het

Ten opzichte van het voorgaande jaar is het aandeel aan industriële bedrijven uitgegeven kavels verder afgenomen; het aandeel is afgenomen van 16% in 2004 tot 10% in 2005. Ook het aandeel uitgegeven kavels aan transhet beperkt, toe van 36% tot 40%. port- en bouwbedrijven nam af. Daarentegen nam het aantal uitgegeven kavels aan bedrijven in de sector zakelijke dienstverlening toe van 16% tot 24%. Ook het aandeel van uitgegeven kavels aan handelsbedrijven nam, zij Tot en met 2001 was sprake van een relatief hoge uitgifte; de uitgifte tot en met 2001 was bijna 30% hoger dan geprognosticeerd. Daarbij dient opgemerkt te worden dat tot 2001 de economie gekenmerkt werd door een periode van hoogconjunctuur. In 2001 is de economische groei afgenomen, tot bijna een nul-groei in 2004. In 2005 caties. Het uitgifteniveau ligt in de laatste jaren onder de gemiddelde geprognosticeerde uitgifte per jaar; zo ook in 2005. De uitgifte van werklocaties in 2005 was met 51 ha voor het vierde opeenvolgende jaar lager dan de geprogbegint de economie zich voorzichtig te herstellen; dit komt echter nog niet tot uitdrukking in de uitgifte van werklonosticeerde uitgifte van gemiddeld 92 ha per jaar in de periode 1997-2015. De lagere uitgifte in 2005 heeft dan ook lag de daadwerkelijke uitgifte nog 15%, 7% en 2% boven de prognose. In 2005 is de index verder afgenomen tot geprognosticeerde uitgifte ligt.

tot gevolg dat de index (verhouding tussen prognose en realisatie) verder is afgenomen. In 2002, 2003 en 2004 onder 1; namelijk 0,95. Dat wil zeggen dat de daadwerkelijke gemiddelde uitgifte in de laatste 9 jaar onder de Voor 2006 verwachten we nog geen sterke toename van de uitgifte. Ondanks de eerste voorzichtige tekenen van herstel van de economie, leidt dat niet onmiddellijk tot een opleving van de grondverkopen. Ook bij een herstellende economie zullen bedrijven in beginsel eerst hun bestaande productiecapaciteiten benutten, vooraleer hun bedrijfsactiviteiten uit te breiden. Zelfs indien bedrijven willen investeren in nieuwe vestigingen of uitbreidingen zit tere nieuwe terreinen in 2006. Gezien de aantrekkende economie is het geboden die in ontwikkeling zijnde plancapaciteit in 2006/2007 voor de markt beschikbaar te krijgen. Beschikbare voorraad eind 2005 Sinds 1998 neemt de voorraad uitgeefbare grond op bedrijventerreinen en stedelijke dienstenterreinen in Limburg af. Tussen eind 1995 en eind 2005 is de restcapaciteit met 237 ha afgenomen van 1.051 ha eind 1995 tot 814 ha eind 2005. Dit is gelijk aan een afname van gemiddeld ruim 2% per jaar. Ook in 2005 heeft deze trend zich voortgezet. De restcapaciteit in Limburg is het afgelopen jaar met 30 ha oftewel met 4% afgenomen. De voorraad aan terstond uitgeefbare oppervlakte is in 2005 ten opzichte van 2004 daarentegen iets toegenomen van 434 ha tot 444 ha. Van de in Limburg per 31-12-2005 beschikbare voorraad bedrijventerreinen en stedelijke dienstenterreinen van veerd door geïnteresseerde bedrijven. De oppervlakte ‘vrije’ gronden omvat 362 ha, 37 ha meer dan eind 2004.

er enige tijd tussen beslissing en realisatie. De verwachting is dat de uitgifte in 2006 op het niveau van 60-70 ha

zal liggen. Deze beperkte groeiverwachting hangt ook samen met het nog in ontwikkeling zijn van een aantal gro-

814 ha was meer dan de helft, 444 ha, terstond uitgeefbaar. Van deze oppervlakte was 87 ha via opties gereserNaast de beschikbare voorraad kunnen bedrijven zich ook vestigen op reeds in het verleden uitgegeven kavels. Etil volgt sinds een jaar de ontwikkelingen op de bedrijfsonroerendgoedmarkt. Eind 2005 werden op de Limburgse

10

Werklocaties Limburg 2005

de markt aangeboden. Het zijn vooral bedrijfspanden. Voor het overige betrof het winkel- en kantoorpanden.

werklocaties circa 480 panden met een totale bedrijfsruimte van circa 881.400 m2 door bedrijfsmakelaars actief op

In Noord-Limburg is de voorraad verder afgenomen tot 164 ha eind 2005. De voorraad aan terreinen in MiddenLimburg is met 3 ha iets toegenomen tot 187 ha. De uitgifte in deze regio werd gecompenseerd door de opname van een tweetal nieuwe bedrijventerreinen (Oosttangent en Oosthoven in Roermond). In Zuid-Limburg is in de Westelijke Mijnstreek de voorraad afgenomen tot 253 ha. In Parkstad Limburg is de voorraad, als gevolg van de beperkte uitgifte en de toevoeging van een nieuwe uitbreidingslocatie (Emma in Heerlen), met 139 ha stabiel (inclusief bedrijventerrein Maastricht-Eijsden). gebleven. Ook in Maastricht & Mergelland is de voorraad met 71 ha stabiel gebleven ten opzichte van eind 2004 Slechts 27 (4%) van de in totaal ruim 600 nog beschikbare kavels is groter dan 5 ha. Dit aantal is geringer indien terstond en vrij beschikbaar. Op zes bedrijven¬terreinen zijn nog terstond en vrij beschikbare kavels groter dan 5 Trilandis in Heerlen (6 ha), Bedrijvenstad Fortuna in Sittard-Geleen (5 ha). Opgemerkt dient te worden dat bij met alsnog in kleinere verdeeld worden en omgekeerd.

alleen gekeken wordt naar het aantal terstond en vrij beschikbare kavels. Slechts zeven kavels groter dan 5 ha zijn ha uitgeefbaar: Industrial Park Swentibold in Sittard-Geleen (15 ha), Chemelot in Sittard-Geleen (twee kavels van name nieuwe terreinen de uiteindelijke perceelverdeling niet definitief is; grote percelen kunnen in een latere fase respectievelijk 10 en 5 ha), De Hulst II in Venray (7 ha), Melderlosche Weiden in Horst aan de Maas (7 ha),

Per 31-12-2005 ziet de 'Top 10'-voorraad per gemeente er als volgt uit: Naam gemeente 1 2 3 4 5 6 8 9 7 (1) a (3) (5) (4) (9) (6) Sittard-Geleen Venlo Regio Westelijke Mijnstreek Uitgifte in 2005 in ha 124,25* 55,16* 18,69 19,56 79,93 Aantal uitgegeven kavels 103,52* 39,57* 12,85 68,59

(2)

Heerlen

Horst aan de Maas Venray Roermond

Noord-Limburg

Parkstad Limburg Noord-Limburg

(7) (8) (10)

Helden

Echt-Susteren Kerkrade Weert

Noord-Limburg

Noord-Limburg

Midden-Limburg

18,79

10

Midden-Limburg

Parkstad Limburg

Midden-Limburg

16,12

17,05

16,09

12,09

15,31

13,91

14,84

16,09 9,98

9,72

a De cijfers tussen haakjes geven de klassering in de 'Top 10' per 31-12-2004 aan. (Venlo).

* Inclusief beschikbare restcapaciteit op de terreinen Chemelot (Sittard-Geleen) en ZON Fresh Park

Werklocaties Limburg 2005

11

Een (multi)modale ontsluiting of de nabijheid daarvan kan voor bedrijven een belangrijke vestigingsfactor zijn. De ha. Dit wil zeggen dat circa 32% van de nog beschikbare voorraad multimodaal is ontsloten; door middel van weg/spoor/vaarwater. Op te merken is dat dit niet betekent dat deze kavels ook een directe aansluiting hebben. De laatste jaren laat de ontwikkeling van de grondprijzen, ondanks een afnemende economische groei, in per vierkante meter.

voorraad terreinen die niet alleen over de weg maar ook via water en/of spoor bereikbaar is, bedraagt circa 259

Nederland en ook in Limburg een stijgende lijn zien. De prijs voor een vierkante meter bedrijventerrein is het afgelopen jaar in Limburg met 10% toegenomen tot gemiddeld 96 euro met een marge van gemiddeld 76 tot 116 euro

Eind 2005 waren verschillende studieconcepten voor uitbreiding van bestaande c.q. aanleg van nieuwe bedrijventerreinen bekend. In totaal bestaat in Limburg bijna 1.020 bruto ha aan plannen. Daarbij is op te merken dat het zowel gaat om plannen in de ontwikkeling alsook in de studiefase: - Noord-Limburg: Venlo (Trade Port Noord, bedrijvenpark Venlo Greenport), Venray (De Blakt); - Midden-Limburg: Echt (St. Joost), Weert (Kampershoek-Noord, uitbreiding Leuken-Noord); (Lanakerveld) en Eijsden (Panneslager). Vestigingen en werkgelegenheid Op de Limburgse werklocaties bevinden zich circa 6.800 bedrijven; dit is gelijk aan 11% van het totaal aantal bedrijfsvestigingen in Limburg. Het aantal arbeidsplaatsen bij deze vestigingen bedraagt in 2005 circa 180.000. Daarmee bevindt zich 35% van de totale Limburgse werkgelegenheid op werklocaties. Het aantal vestigingen op werklocaties is in de periode april 2004–2005 met bijna 2% toegenomen; dit is vergeentegen met 3% sterker af dan de gemiddelde werkgelegenheidsafname in Limburg (-2%). - Zuid-Limburg: Sittard-Geleen (Nedcar Yard), Beek (BMAA-Oost), Brunssum (uitbreiding Hendrik), Maastricht

lijkbaar met de gemiddelde toename in Limburg. Het aantal arbeidsplaatsen op werklocaties in Limburg nam daar-

12

Werklocaties Limburg 2005

Oppervlaktebalans werklocaties in Limburg, 31-12-2005 Bruto-oppervlakte 7.668 ha Infrastructuur- en openbare

groenvoorzieningen 1.503 ha Netto-oppervlakte 6.165 ha Uitgegeven oppervlakte (totaal) 5.351 ha

Uitgifte in 2005 51 ha

Sted. Dienstenterreinen: 1 ha Restcapaciteit 814 ha

Bedrijventerreinen: 50 ha

Bedrijventerreinen: 792 ha

Sted. dienstenterreinen: 22 ha

Bedrijventerreinen: 365 ha

Niet-terstond uitgeefbaar 370 ha

Sted. dienstenterreinen: 22 ha

Bedrijventerreinen: 426 ha

Terstond uitgeefbaar 444 ha

Sted. Dienstenterreinen: 18 ha Opties 82 ha

Bedrijventerreinen: 79 ha

Sted. Dienstenterreinen: 3 ha

Bedrijventerreinen: 347 ha

‘vrij’ en terstond uitgeefbaar 362 ha

Sted. Dienstenterreinen: 15 ha

De bovenstaande oppervlaktebalans is inclusief de grote terreinen van Chemelot (727 ha bruto) in Sittard-Geleen en ZON Fresh Park (142 ha bruto) in Venlo. Bron: Rebis, 2006.

Werklocaties Limburg 2005

13

14

Werklocaties Limburg 2005

Inleiding
1.1 Rapportage ‘Werklocaties Limburg 2005’ gifte van bedrijventerreinen en stedelijke dienstenterreinen in Limburg.

1

“Werklocaties Limburg” is de jaarlijkse monitorrapportage betreffende de ontwikkeling van het aanbod en de uit-

In deze rapportage worden de ontwikkelingen met betrekking tot de Limburgse werklocaties (bedrijventerreinen en stedelijke dienstenterreinen) in 2005 geanalyseerd. Deze basisgegevens vormen een onderdeel voor de landelijke uniforme enquête Bedrijventerreinen en Kantorenlocaties. Deze enquête is door het Ministerie van Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer (VROM) in 1978 opgestart. De Provincie Limburg besteedt deze enquête onder alle Limburgse gemeenten en relevante projectontwikkelaars reeds vanaf de start uit aan Etil. In het kader van de jaarlijkse monitor is het geografisch informatiesysteem REBIS1 middels kaarten en een vrain de voorliggende rapportage verwerkt. 1.2 REBIS achtergrondinformatie caties, onttrekkingen, uitbreidingen en kavelmutaties op kaart (en op een enquêteformulier) aan te geven. Hierdoor op de Limburgse werklocaties op kavelniveau worden geregistreerd2. Vanaf 1996 wordt aan gemeenten, projectontwikkelaars en ontwikkelingsmaatschappijen gevraagd nieuwe werklogenlijst geactualiseerd. Dit systeem is voor iedereen te raadplegen op de provinciale website onder www.limburg.nl/rebis. Ook zijn dit jaar weer gesprekken gevoerd met gemeenten en projectontwikkelaars. De resultaten zijn

wordt het duidelijk waar nog restcapaciteit zit en wat de kwaliteit ervan is, waarbij de ontwikkelingen c.q. mutaties In 1997 werd reeds geconcludeerd dat de gegevens kwalitatief beter zijn dan voorheen door ze op deze wijze te is gezet dat verdere verdieping noodzakelijk maakt. Evenals in de afgelopen jaren is getracht alle werklocaties bestand verder is verbeterd. Bijlage 5 bevat een voorbeeldkaart van een bedrijventerrein uit het REBIS-bestand.

verzamelen. Dat neemt niet weg dat voor het verkrijgen van de uiteindelijk gewenste kwaliteit, een proces in gang compleet met alle gewenste attributen ‘op kaart' te krijgen. Deze continue aandacht voor verdieping heeft ertoe geleid dat, ook in het elfde jaar van het verzamelen van bedrijventerreingegevens op kaart, de kwaliteit van het

Vanaf 2004 wordt voor het eerst onderscheid gemaakt tussen bedrijventerreinen en stedelijke dienstenterreinen. In het kader van de voorliggende actualisatie zijn in REBIS dus ook terreinen opgenomen met grootschalige retailen kantoorfuncties. Deels hebben ook bestaande bedrijventerreinen nu een andere label (stedelijk dienstenterrein). en stedelijke dienstenterreinen (zie paragraaf 1.3). In het kader van REBIS wordt vanaf 2004 gesproken van werklocaties als verzamelnaam voor bedrijventerreinen

1 2

REBIS = Ruimtelijk Economisch Bedrijventerreinen Informatie Systeem; dit is een geografisch informatiesysteem.

Daarbij wordt op kavelniveau de volgende gegevens bijgehouden: beschikbaarheid (terstond beschikbaar, niet-terstond beschikbaar, optie, uit bedrijfsnaam, economische activiteit en herkomst. Daarnaast worden voor de bedrijventerreinen verschillende kenmerken bijgehouden.

gegeven). Bij uitgifte bovendien: adres, uitgiftejaar, aard uitgifte (nieuwe vestiging, verplaatsing, uitbreiding), financiering (koop, huur, erfpacht),

Werklocaties Limburg 2005

15

Het REBIS-bestand is de bron voor ruimtelijke gegevens over werklocaties (bedrijventerreinen en stedelijke dienstenterreinen) in Limburg. In 2005 is een aantal wijzigingen doorgevoerd betreffende de definiëring van werklocaties. De wijzigingen hadden betrekking op een tweetal terreinen die in de voorgaande jaren niet als (openbaar) bedrijventerrein geregistreerd waren en zodoende ook niet in de vorige rapportages in de analyses meegenomen. Op deze terreinen zijn namelijk een aantal restricties van toepassing. De laatste jaren zijn deze bedrijventerreinen venterrein aangemerkt en in de voorliggende rapportage meegenomen. Op te merken is dat bepaalde restricties, ring zijn met terugwerkende kracht (betreffende jaarreeksen) verwerkt. 1.3 REBIS-indeling Het volgende schema laat de indeling van werklocaties in de verschillende categorieën zien: Werklocaties (7.668 ha bruto) Bedrijventerreinen (7.313 ha) Locale terreinen (1.346 ha) (landelijk gebied) Regionaal verzorgende terreinen (204 ha) (landelijk gebied) Functiespecifieke terreinen (1.710 ha) - chemie-cluster - agribusiness-cluster - automotive-cluster - logistiek-cluster - luchthaven-cluster Stedelijke bedrijventerreinen (2.614 ha) - Venlo - Venray - Roermond - Weert - Westelijke Mijnstreek - Parkstad Limburg - Maastricht Logistiek-industrieel bedrijventerrein (1.439 ha) - Noord-Limburg - Midden-Limburg - Zuid-Limburg
Werklocaties Limburg 2005

meer en meer voor de reguliere markt beschikbaar; daarom zijn vanaf 2005 beide terreinen als openbaar bedrijmet name betreffende veiligheid en doelgroep nog steeds van toepassing zijn. Het betreft de terreinen Chemelot in Sittard-Geleen en ZON Fresh Park in Venlo. Eventuele wijzigingen als gevolg van deze veranderende definië-

Stedelijke dienstenterreinen (355 ha) Stedelijke dienstenterreinen (K) (193 ha) (kantorenlocaties) Stedelijke dienstenterreinen (R) (162 ha) (grootschalige detailhandellocaties)

16

1.4 Leeswijzer Na de inleiding worden in hoofdstuk 2 van deze rapportage de algemene ontwikkelingen op bedrijventerreinen en stedelijke dienstenterreinen in 2005 aangegeven. In hoofdstuk 3 wordt de uitgifte van werklocaties in 2005 in die in andere provincies. De voorraadontwikkelingen van werklocaties in Limburg zijn in hoofdstuk 4 weergegeven. gaan op de vestigingen en werkgelegenheidsstructuren op de Limburgse terreinen. lingen.

Limburg nader geanalyseerd en vergeleken met voorgaande jaren. Ook wordt de uitgifte in Limburg vergeleken met Ook hier wordt de ontwikkeling in Limburg vergeleken met die in de rest van Nederland. In hoofdstuk 5 wordt ingeDe uitgifte- en voorraadgegevens zijn per terrein opgenomen in de bijlagen evenals de gehanteerde gebiedsinde-

Werklocaties Limburg 2005

17

18

Werklocaties Limburg 2005

Algemeen
2.1 INLEIDING

2

Dit hoofdstuk gaat eerst kort in op de achtergronden van de bedrijventerreinen- en kantoorontwikkeling in 2005. Er lingen die op het gebied van bedrijventerreinplanning een rol spelen, nader beschreven. 2.2 ACHTERGRONDEN KANTORENMARKT IN LIMBURG 2.2.1 Provinciaal kantorenbeleid; POL-aanvulling Diensten en Locaties Het nieuwe provinciale beleid (POL-aanvulling Diensten en Locaties) is in deze monitor geïntegreerd (zie paragraaf aantal bedrijventerreinen gesplitst en een aantal nieuwe locaties opgenomen. In het kader van REBIS wordt vanaf 2004 onderscheid gemaakt tussen: - Bedrijventerreinen o Kantoren (K) - Stedelijke Dienstenterreinen; met de volgende zwaartepunten: o Grootschalige Retail c.q. Detailhandel (R)

wordt eerst ingegaan op de ontwikkelingen in de kantorenmarkt. Vervolgens wordt een aantal (recente) ontwikke-

1.3). Als gevolg van de doorvertaling van het nieuwe beleid in de monitor is in het kader van de REBIS-monitor een

De Provincie wil de ontwikkeling van de dienstensector stimuleren door het bieden van voldoende en gevarieerde vestigingsruimte; zoveel mogelijk aansluitend bij de wensen van dienstverlenende bedrijven. Daarbij richt de Provincie Limburg zich met name op een aantal kansrijke sectoren binnen de zakelijke dienstverlening. Het accent van de dienstensector ligt in de stadsregio’s met hun stedelijke dynamiek. Diensten kunnen hier een plek vinden nale uitvoeringsprogramma’s. Er ligt tot 2015 een opgave om circa 600.000 m2 te ontwikkelen. in het centraal stedelijk gebied (binnensteden en stationslocaties) of op specifieke dienstenterreinen en in beperkte mate in woongebieden. De regio’s wordt gevraagd een programmering en fasering uit te werken in stadsregioIn Limburg zijn 15 stedelijke dienstenterreinen met een bruto perceeloppervlakte van 193 ha die gekenmerkt worden door een accent op kantoren. Naar schatting is op deze terreinen ca. 750.000 m2 aan kantoorruimte aanwezig. Ten opzichte van het totale kantoormetrage in de provincie Limburg bedraagt het aandeel kantoorruimte op in totaal circa 1,5 miljoen m2. In vergelijking met de aangrenzende Nederlandse regio’s Oost-Brabant en Arnhemstedelijke dienstenterreinen met een accent op kantoren circa 50%. Het huidige kantoorareaal in Limburg bedraagt Nijmegen is dit gering. Eindhoven heeft 1,2 miljoen m2 kantoren. De kantorenmarkt wordt daar in belangrijke mate door Philips beïnvloed. Ook Arnhem heeft een aanzienlijke kantorenmarkt (0,9 miljoen m2). De kantorenmarkt in Belgisch Limburg en Wallonië is vrij beperkt van omvang.

In het kader van de POL-aanvulling Diensten en Locaties is de behoefte aan kantoorruimte in de periode tot 2015 geprognosticeerd. De jaarlijkse nieuwbouwproductie in Limburg zal op grond daarvan zo’n 40.000 m2 moeten zijn bepaald door bij de kantoorbehoefte per regio tot 2015 een (frictie)leegstand van 5% (normaal voor een goed funcplanningsopgave per regio weergegeven en afgezet tegen de capaciteit van de harde plannen. om aan de vraag te voldoen. Die vraag bestaat voor tweederde uit vervangende kantoorruimte, de rest betreft nieuw aanbod om groei te kunnen faciliteren. De planningsopgave in de POL-aanvulling Diensten en Locaties is tionerende markt) op te tellen en het huidig aanbod daarop in mindering te brengen. In de volgende staat is de

Werklocaties Limburg 2005

19

Staat 2.1 Planningsopgave Limburg kantorenruimte in m2 tot 2015 Planningsopgave Maastricht 166.000 Capaciteit harde plannen 162.000

Heerlen/Parkstad Sittard-Geleen Venlo Roermond Venray

134.000 111.000 76.000 69.000

30.000

80.000

30.000

Weert-Nederweert

24.000 4.000

36.000

18.000

50.000

Limburg

584.000

406.000

Bron: Provincie Limburg; POL-aanvulling Diensten en Locaties, 2004. 2.2.2 Aanbod en opname kantoren Te concluderen valt dat de afgelopen jaren steeds meer nationale kantorenmonitors worden ontwikkeld. Daar er in het verleden bijzonder weinig gegevens beschikbaar waren over de kantorenmarkt in Limburg, is dit op het eerste gezicht een positieve ontwikkeling, ware het niet dat er tussen de verschillende monitors grote verschillen bestaan gegevens op regionale c.q. lokale schaal veelal ontbreken. De verschillen zijn zo groot dat er vaak zelfs tegentussen de aanbod- en opnamegegevens inzake de stedelijke kantorenmarkten in Limburg en dat gedetailleerdere strijdige conclusies worden getrokken. Slechts gedeeltelijk vloeit dit voort uit verschillen in definities en afbakeningen. Om op provinciaal en regionaal niveau gedetailleerdere uitspraken te kunnen doen over de kantorenmarkt koopt de provincie Limburg de BOG-monitor in. Deze bedrijfsonroerendgoedmonitor is door Etil ontwikkeld. Sinds ontwikkelingen op de vastgoedmarkt in beeld te brengen. Momenteel wordt in het kader van de BOG-monitor bij ruim 190 bronnen (met name in Limburg actief zijnde bedrijfsmakelaars) het bedrijfsonroerend goed in beeld aangeboden. 2004 bestaat deze registratie van vastgoedaanbod van bedrijfspanden in Limburg. Het commerciële vastgoedaan-

bod bij bedrijfsmakelaars wordt per kwartaal geactualiseerd. Hierdoor is het mogelijk aanbod-, transactie- en prijsgebracht. Er is betreffende het aantal vierkante meters geen ondergrens; geregistreerd wordt al het bedrijfsonroerend goed (winkel-, kantoor-, horeca- en overige bedrijfspanden) dat door bedrijfsmakelaars op de markt wordt Eind 2005 werden 450 kantoorpanden3 op de kantorenmarkt in Limburg aangeboden met een totale oppervlakte van circa 220.200 m2. In 2005 bedroeg de omvang van de transacties circa 112.600 m2, terwijl circa 128.800 m2 kantoorpanden op de markt beschikbaar kwamen voor verhuur c.q. koop; hierdoor is het aanbod van vierkante meters kantoorruimte in Limburg ten opzichte van eind 2004 met circa 8% toegenomen (+16.200 m2). In 2004 markt. bedroeg de toename nog 22%. De volgende tabel geeft de kencijfers weer betreffende de Limburgse kantoren-

3

Onder kantoorpanden vallen niet alleen panden, maar ook kantoorruimten (ruimten in kantoorpanden die als zelfstandige ruimte op de markt ten behoeve van bedrijfshuisvesting worden aangeboden).

20

Werklocaties Limburg 2005

Staat 2.2 Kencijfers aanbod kantorenmarkt Limburg; 2004-2005 31-12-2004 31-12-2005 Ontwikkeling in 2005

Absoluut

In %

Bestaand aanbod

Aantal panden:

Panden in ontwikkeling Transacties in 2005 Nieuw aanbod in 2005 Aanbodduur > 1 jaar Kantoorindex*

387

43

449

38

+62

40%

Gemiddelde huurprijs (vraagprijs) Oppervlakte in m2: Panden in ontwikkeling Transacties in 2005 Nieuw aanbod in 2005 Bestaand aanbod

110 euro

2,2

47%

324

262

-5

+16,0 67,7

-11,6 83,7

125 euro

2,4

203.900

92.700

220.100

74.200

+16.200

128.800

112.600

-18.500

-20,0 55,2 63,2

+8,0

* Kantoorindex: het bestaand aanbod ten opzichte van het aantal (bedrijfs-)vestigingen in Limburg in de commerciële dienstverlening (financiële, zakelijke en overige commerciële dienstverlening). Bron: BOG-monitor Limburg, 2006.

Het meeste aanbod is te vinden in de stedelijke gemeenten Maastricht, Heerlen, Roermond en Venlo. In deze gemeenten ligt het aanbod boven de 20.000 m2. In de gemeenten Weert en Sittard-Geleen ligt het aanbod nabij de overzicht van de top 5-ranking van de gemeenten met het grootste aanbod per 31 december 2005. Staat 2.3 Gemeente top 5 aanbod kantoorruimte, per 31-12-2005 Gemeente 1 2 3 4 5 Maastricht Heerlen Venlo Roermond Weert Regio Maastricht & Mergelland Parkstad Limburg Noord-Limburg Midden-Limburg kantoorpanden 98 Aantal Oppervlakte kantoorruimte in m2 65.254 10.000 m2. De top 5-gemeenten hebben een aandeel in het Limburgse aanbod van circa 81%. Staat 2.2 geeft een

Midden-Limburg

38

51

40

69

24.945

26.525

34.754

15.471

Bron: BOG-monitor, 2006.
Werklocaties Limburg 2005

21

Van de aangeboden kantoorpanden zijn zeven panden met een oppervlakte groter dan 2.500 m2. Het grootste deel toorpanden hebben een oppervlakte kleiner dan 100 m2 en 29% heeft een oppervlakte groter dan 500 m2. top 5-ranking van de gemeenten zien.

van het aanbod betreft panden met een kantoorruimte tussen 100 en 500 m2 (55%)4; 16% van de aangeboden kanDe omvang van de transacties in Limburg bedroeg in 2005 circa 112.600 m2. De volgende staat laat de opname

Staat 2.4 Gemeente top 5 transacties kantoorruimte, in 2005 Gemeente Regio kantoorpanden 66 31 Aantal Oppervlakte kantoorruimte in m2 49.385 10.002 4.986 9.711

1 2 3 4 5

Maastricht Heerlen Sittard-Geleen Roermond Weert

Maastricht & Mergelland Parkstad Limburg Midden-Limburg Westelijke Mijnstreek

38 20

18.126

Midden-Limburg

21

Bron: BOG-monitor, 2006. Nieuwbouwplannen kantoorruimte In Limburg staan diverse kantoorprojecten op de agenda; in totaal bestaat er eind 2005 voor circa 74.200 m2 kan-

toorruimte aan concrete plannen die door bedrijfsmakelaars al actief op de markt worden aangeboden. Het zijn

plannen die naar verwachting op korte termijn worden gerealiseerd. Het betreft met name plannen in Beek (37.000 delijk dienstenterrein Coriopolis.

Technoport Europe. In Heerlen betreft het met name plannen op de kantorenboulevard nabij het station en het steDaarnaast bestaan er nog grootschalige kantoorplannen voor de langere termijn. Te noemen zijn plannen voor 70.000 m2 in Randwyck en 150.000 m2 in het kader van de gebiedsontwikkeling Belvedere, 40.000 m2 in businesVenlo bestaan kantoorplannen; te noemen zijn plannen voor 23.000 m2 stationsgebied Roermond, 60.000 m2 op spark Geusselt in Maastricht. In Heerlen bestaan kantoorplannen voor 25.000 m2 in het ontwikkelingsgebied Stadspark Oranje Nassau, 45.000 m2 op Avantis en 33.000 m2 op Coriopolis. Ook in Roermond, Sittard-Geleen en Venray: 50.000 m2 op Centrum-Noord en 23.000 m2 op de Parallelweg/Statieberg in Weert en 18.000 m2 op de Hulst

m2) en Heerlen (13.000 m2). In Beek zijn de plannen geconcentreerd rond de luchthaven op het bedrijventerrein

bedrijvenstad Fortuna en 65.000 m2 op de Spoorzone Venlo. Tot slot de kleinere stedelijke gemeenten Weert en II in Venray.

Maastricht/Heerlen

Van één Limburgse kantorenmarkt is geen sprake. De belangrijkste kantoorsteden zijn Maastricht en Heerlen. prijs) in 2005 lagen in Maastricht bij circa 140 euro. Heerlen heeft een bijzondere structuur van een aantal zeer huurprijzen lagen in Heerlen in 2005 eveneens bij gemiddeld 140 euro.

Maastricht is een kantorenstad met een (inter)nationale betekenis. De Maastrichtse kantorenmarkt wordt gekenmerkt door gebruikers als overheidsdiensten en commerciële dienstverlening. De gemiddelde huurprijzen (vraaggrote gebruikers van nationale betekenis (ABP, CBS en DSM) met daarnaast vooral kleinere kantoorgebruikers. De

4

In de meeste monitors wordt als ondergrens 500 m2 gehanteerd.

22

Werklocaties Limburg 2005

Overige steden

Roermond, Venlo, Sittard-Geleen en Weert hebben een regionale kantorenmarkt met een sterk verzorgend karakter met een gemiddeld huurprijsniveau van circa 110 euro. 2.3 Achtergronden bedrijventerreinen in Limburg In deze paragraaf worden enkele actuele ontwikkelingen beschreven die relevant zijn als voorbeeld of als achterDaarnaast wordt ingegaan op de herstructureringsopgave op basis van een in de enquête gestelde extra vraag betreffende de noodzaak van herstructurering van bedrijventerreinen. 2.3.1 Duurzame ontwikkeling van bedrijventerreinen Het ontwikkelen van kwalitatief hoogwaardige bedrijventerreinen is al enige jaren in zwang. Gemeenten en ook particuliere ontwikkelaars proberen dit bij nieuwe terreinen steeds meer handen en voeten te geven. Echter, veelal heeft kwaliteit in deze alleen betrekking op uitstraling en functionaliteit. In die zin dat men poogt de visuele kwaliteit van een terrein te bevorderen door een parkachtige aanleg, het streven naar architectonisch betere en blijvestigen bedrijven hun in- en externe logistiek optimaal kunnen afhandelen. Dit om te snelle ‘veroudering’ van bedrijventerreinen tegen te gaan. zijn intrede. Dit betekent dat men naast optimalisering van uiterlijkheden en functionaliteiten probeert bepaalde vend representatieve bedrijfsgebouwen en het zodanig inrichten van de infrastructuur van een terrein dat de te Het ontwikkelen van kwalitatief hoogwaardige bedrijventerreinen vereist meer. Hier doet het begrip duurzaamheid aspecten te bundelen (bijvoorbeeld op het gebied van voorzieningen, parkeergelegenheid, beveiliging, groenbeheer, et cetera) om economische schaalvoordelen te combineren met ruimtewinst op kavelniveau; dit vanuit een het totale terrein te intensiveren. achterliggende filosofie om natuurlijke kwaliteiten maximaal te incorporeren op terreinniveau en ruimtegebruik voor Uitgaande van een bepaalde planningsopgave voor bedrijventerreinen kan dit eventueel ruimtebesparend werken. Daarbij moet wel rekening worden gehouden met het feit dat de planningsopgave nog steeds gebaseerd is op de behoefte van de 'traditionele' vestigers op bedrijventerreinen. Dit betekent dat nauwkeurig zal moeten worden verbetering van terreinen vestiging aldaar aantrekkelijker wordt. In het verleden is al gesignaleerd dat bepaalde bekeken wie er grond verwerft op bedrijventerreinen, zeker nu door visuele en intrinsieke (duurzame) kwaliteits'vreemde bedrijfstakken' (autobedrijven, detailhandel) zich ten dele vestigden op bedrijventerreinen. Nu er in het bedrijventerreinen zich uit te breiden naar andere typen van bedrijven (stadions, discotheken, muziekcentra, bioscopen, horeca, scholen, congresfaciliteiten, zakelijke diensten, et cetera). Om te kunnen anticiperen heeft de provincie inmiddels nieuw beleid ontwikkeld (POL-aanvulling Diensten en Locaties), waarin een nieuw type terrein een zekere schaalgrootte functioneel gescheiden van traditionele bedrijventerreinen tot ontwikkeling worden integraal tot ontwikkeling worden gebracht. kader van duurzame ontwikkeling een kwaliteitsverbetering kan optreden, lijkt de behoefte om zich te vestigen op grondinformatie bij het thema bedrijventerreinen en mogelijke toekomstige verschijningsvormen daarvan.

wordt onderscheiden: het stedelijk dienstenterrein. Op dit type terrein kunnen genoemde typen bedrijvigheid met gebracht. Op die stedelijke dienstenterreinen kunnen de versterkende en aanvullende elementen op gebied van grootschalige kantoren, retail en leisure (en op termijn eventueel aangevuld met onderwijs en zorg) separaat of

Werklocaties Limburg 2005

23

2.3.2 Parkmanagement Aandacht voor nieuwe terreinen is vanzelfsprekend, maar in het kader van verantwoord ruimtegebruik en kwaliteitsbeheersing is duurzaam beheer van bedrijventerreinen misschien nog wel belangrijker. Dit is een besef dat langzamerhand begint door te dringen. Is bij duurzame ontwikkeling directe ruimtewinst mogelijk, bij consequente toepassing van duurzaam beheer kan op termijn sprake zijn van indirecte ruimtewinst. Bedrijven zullen misschien minder snel de neiging hebben te verplaatsen als hun huidige locatie kwalitatief op niveau gehouden wordt. Bovendien worden vrijkomende kavels en bedrijfspanden gemakkelijker opgenomen door de markt. Het ruimtelijke manente aandacht, supervisie en management. Bij de grote terreinen en de particulier beheerde terreinen (zie ook

effect op termijn kan aanzienlijk zijn, aangezien bij de overgrote meerderheid van nieuw uit te geven bedrijfsgronnieuwe ontwikkelingsperspectieven) lijken de risico's van kwalitatieve 'downgrading' van de terreinen minder, gezien het imago-effect voor gemeenten bij de grote terreinen op hun grondgebied en het commerciële belang voor zich vooral voor bij de regionale en lokale terreinen. Vaak zijn ze te klein of te oud, liggen niet direct in het zicht (ook figuurlijk) of zijn er 'spontane' ongepaste ontwikkelingen opgetreden die functioneel beheer in de weg staan. vorm van publiekprivate samenwerking op te richten die meerdere terreinen omvatten, ook gemeentegrensoverde beheerders bij particuliere terreinen. Het risico van functionele veroudering en 'verslappende' aandacht doet Juist voor deze terreinen is de organisatie van duurzaam beheer belangrijk. Om een werkbaar schaalniveau te ver-

den blijkt te gaan om bedrijven die reeds in de regio/provincie gevestigd zijn. Het duurzaam beheren betekent per-

krijgen en expertise op te bouwen en te bundelen, zou het zinvol kunnen zijn om beheersmaatschappijen in de schrijdend. In de te kiezen beheersconstructie worden alleen de middelen samengebracht, het feitelijke managen/beheren van een groep bedrijventerreinen kan worden uitbesteed. Het beter organiseren van het beheer van noodzakelijk zijn. bedrijventerreinen kan ervoor zorgen dat op lange termijn minder revitaliseringstrajecten en nieuwe uitleggebieden

2.3.3 Veroudering en herstructurering Helaas is functionele veroudering van terreinen niet altijd te voorkomen. Revitalisering is dan noodzakelijk. Hoofddoel bij revitalisering is het weer geschikt maken van terreinen voor huidige en toekomstige vestigingseisen van bedrijven, gekoppeld aan integrale oplossingen voor ruimte- en milieuproblematiek. Na een geslaagde revitamogen overblijven voor bedrijven, namelijk alleen verplaatsen wanneer de groei van het bedrijf niet meer op de de druk op de bedrijventerreinenmarkt zal blijven bestaan. Ook in minder voorspoedige economische groeiscenario's ervaren bedrijven een planologische druk en een milieu- en veiligheidsdruk in geval van solitaire vestiging. lisering en daaraan gekoppeld een nieuwe beheersconstructie dient er een zodanig vestigingsklimaat op een terhuidige locatie is te faciliteren of wanneer er marktverschuivingen optreden. Op deze wijze kan via revitalisering indirect ruimtewinst worden geboekt. Een winst die op termijn onmisbaar lijkt te worden, gezien de verwachting dat rein te ontstaan dat bedrijven minder snel verhuizen. Ideaaltypisch zouden er nog maar twee verhuismotieven

Naast de indirecte ruimtewinst op termijn heeft revitalisering ook directe voordelen. Deze hebben meer betrekking op de kwalitatieve upgrading van een terrein, het delen van gemeenschappelijke voorzieningen door bedrijven en kostenreductie door gezamenlijke inkoop (energie, water, beveiliging, vervoersmanagement, et cetera). Daarnaast is er in beperkte mate misschien nog directe ruimtewinst te boeken door herschikking van individuele locaties op eigendomsverhoudingen beïnvloeden sterk de mate waarin de bestaande ruimte efficiënter kan worden verdeeld. te revitaliseren terreinen. Echter, de bestaande infrastructuur en verkaveling in combinatie met te respecteren

24

Werklocaties Limburg 2005

In de bedrijventerreinenmonitor zijn al enige jaren vragen opgenomen over herstructurering. Deze vragen hebben tot doel om in het kader van de herstructureringsopgave een eerste globaal inzicht te verkrijgen in het aantal relegegeven. vante bedrijventerreinen. Dit is een globaal inzicht omdat de uitkomsten geen conclusies toelaten over kwalitatieve aspecten of intensiteit van herstructurering c.q. revitalisering. In staat 2.5 zijn de uitkomsten cijfermatig weerStaat 2.5 Herstructurering in Limburg naar regio, 31-12-2005 1 Aantal bedrijventerreinen: Noord-Limburg Zuid-Limburg Midden-Limburg - Westelijke Mijnstreek - Parkstad Limburg - Maastricht & Mergelland Limburg 2 3 4 5 Totaal Veroudering a Abs. In %

57

33 76

10

22 15

2

8 5

2

1 4

1

34

24 18

10

2 3

1

1 3

5

3

1

2

3

105 50

72

64

14

31 24

19,4

48,4 22,9

30

25

14

3 7

28,0

10,0

28,0

166

47

15

7

6

241

69

28,6

Bruto oppervlakte in ha: Noord-Limburg Zuid-Limburg Midden-Limburg - Westelijke Mijnstreek - Parkstad Limburg - Maastricht & Mergelland Limburg

1.219

987

730

2.571

166

435

1.504 681 386

485

375

29 81

325

118 21

172 182 169

42

175

62 83

2.194

3.737 1.342

1.736 1.637 758

1.207

456 992 570 50

55,0

26,3 26,5 3,1

278 878

25

13

92

372

42,4

49,1

4.776

1.382

396

237

7.668

2.655

34,6

1 = het terrein is niet verouderd.

2 = het terrein is verouderd, herstructureringsplannen bestaan echter nog niet. 4 = het terrein wordt momenteel geherstructureerd. 5 = het terrein is na 1990 geherstructureerd. Bron: REBIS, 2006.

3 = het terrein is verouderd, er bestaan herstructureringsplannen, op te starten binnen drie jaar.

a Verouderingspercentage = kolom 2, 3 en 4 ten opzichte van het totaal.

Werklocaties Limburg 2005

25

In totaal is bijna 2.660 ha aan bedrijventerrein verouderd (verdeeld over 69 terreinen); dit is gelijk aan 35% van de totale oppervlakte aan werklocaties in Limburg. Het verouderingsaspect speelt met name in de regio Noord-Limburg; eind 2005 is 38% van het aantal terreinen en 55% van de bruto-oppervlakte ‘verouderd’. Het betreft in deze regio, naast 29 kleinere terreinen, de grote terreinen Venlo Trade Port en ZON Fresh Park. In de regio Midden-Limburg speelt het verouderingsaspect een geringere rol; 19% van de terreinen is ‘verouderd’ (aandeel bruto-oppervlakte 26%). Hierbij gaat het om twee grote terreinen (Roerstreek-Noord en Willem Alexander) en een 13-tal kleinere terreinen. In Zuid-Limburg speelt de verouderingsproblematiek bij 23% van de terreinen een rol; waarbij de problematiek voor de grote terreinen bepaald

wordt door Beatrixhaven (Maastricht), Dentgenbach (Kerkrade) en Hendrik (Brunssum). Daarnaast speelt in deze problematiek in de regio Maastricht & Mergelland vooral wordt bepaald door het bedrijventerrein Beatrixhaven (257 relevante bedrijventerreinen, meer verspreid. Het betreft in deze regio met name bedrijventerreinen in de vier stedelijke gemeenten. ha) in Maastricht. In de regio Parkstad Limburg is de verouderingsproblematiek, gezien het relatief grote aantal

regio het verouderingsaspect bij een 21-tal kleinere terreinen. Opgemerkt dient te worden dat de verouderings-

Voor 22 terreinen (1.270 ha) bestaan herstructureringsplannen die momenteel in uitvoering zijn of in de komende jaren worden uitgevoerd5. Van deze 22 terreinen wordt momenteel een zevental bedrijventerreinen met een brutooppervlakte van bijna 400 ha geherstructureerd; het betreft de terreinen: Noord-Limburg:

- De Flammert (Bergen) Midden-Limburg: Zuid-Limburg: - Roerstreek-Noord (Roermond) - De Horsel (Nuth) - De Geusselt (Maastricht) - Savelveld/Industrieweg (Weert) - Abdissenbosch (Landgraaf) - Speckholzerheide (Kerkrade)

Voor de overige 15 terreinen met een totale omvang van 880 ha bestaan plannen. Deze liggen met name in Noordreinen. Het betreft de bedrijventerreinen: Noord-Limburg: - IT Beringe (Helden)

Limburg. Ten opzichte van vorig jaar is het aantal plannen daarmee iets afgenomen; namelijk van 18 naar 15 ter-

- Spikweien (Arcen en Velden) - ZON Fresh Park (Venlo) - De Kruisberg (Kessel)

- IT Panningen (Helden) - Karreweg (Kessel) - Roversheide (Beesel) - Veegtes (Venlo)

Midden-Limburg: Zuid-Limburg:

- Willem Alexander (Roermond) - Wijngaardsweg (Heerlen) - Malberg (Maastricht) - Meerstraat (Meerssen)

- Kanaalzone 1 (Weert) - Beatrixhaven (Maastricht) - Borrekuil (Sittard-Geleen)

Daarnaast werd door de gemeenten eind 2005 aangegeven dat er 47 terreinen (met een totale omvang van circa 1.380 ha) verouderd zijn en waarvoor nog geen herstructureringsplannen bestaan.
5

In de afgelopen jaren zijn al de bedrijventerreinen Houserveld (Haefland) in Brunssum, De Breinder in Schinnen, Haven Stein en Paalweg in Stein, De Loop in Echt en Julia in Kerkrade geherstructureerd.

26

Werklocaties Limburg 2005

2.3.4 Nieuwe ontwikkelingsperspectieven Ten aanzien van het al decennia bestaande, klassieke ontwikkelingspatroon voor bedrijventerreinen (dit wil zeggen de gemeente die het initiatief neemt, een plan opstelt, de gronden aankoopt, het terrein bouwrijp maakt, de kavels verkoopt en aansluitend het onderhoud van de openbare wegen en groen voor haar rekening neemt) is in de laatste jaren het een en ander veranderd. Ook projectontwikkelaars en andere private partijen werpen zich op de ontwoordig meer samenwerking tussen diverse partijen bij de ontwikkeling van bedrijventerreinen. Zo werkt de de gemeente Heerlen een samenwerkingsverband met een projectontwikkelaar en een private investeerder. wikkeling van bedrijventerreinen. Diverse bedrijventerreinen (Noorderpoort Venlo, Bedrijvenstad Fortuna Sittard, ABT Ysselsteyn, Pannenberg en Julia Kerkrade) worden beheerd door een private partij. Ook ziet men tegenGemeente Heerlen samen met de Stadt Aachen bij de ontwikkeling van Avantis. Voor dit grensoverschrijdende

bedrijventerrein is zelfs een aparte organisatie opgezet. Bij een ander nieuw te ontwikkelen terrein (Trilandis) heeft Bij gemeenten ontstaat er meer en meer draagvlak voor het idee dat afstemming bij bedrijventerreinontwikkeling

noodzakelijk is. Een regionale ontwikkelingsmaatschappij kan een eerste concrete uitwerking daarvan zijn. Maar van, zijn voorbeelden om te komen tot meer regionale afstemming. Een voorbeeld van een regionale ontwikkeAmbt Montfort de bedrijventerreinen in deze gemeenten en is partij bij de ontwikkeling en uitgifte van een aantal nieuwe terreinen (EEP-terrein, Roerstreek-Zuid, Merum). Ook in de regio Parkstad Limburg wordt het bedrijventerreinmanagement in regionaal verband opgepakt.

ook platforms voor regionaal bedrijventerreinenoverleg en de discussie over bedrijfsregio’s in het verlengde daarlingsmaatschappij is REO-Midden-Limburg; deze organisatie beheert namens Roermond, Roerdalen, Haelen en

Een ander recent fenomeen is dat grote private ondernemingen zelf partij willen zijn bij verdere ontwikkeling van bedrijventerreinen nabij of op de eigen site en daarbij eventueel bereid zijn hun eigen grondpositie te heroverwegen. Te noemen zijn bijvoorbeeld Chemelot, ZON-Fresh Park en Solvay die met overheden (Provincie, gemeenten en/of ontwikkelingsmaatschappijen) proberen gezamenlijk (aangrenzende) gronden te ontwikkelen. Als indicatie van die heroverwegingen kunnen ook de interne verkopen van een aantal Limburgse bedrijven worden gezien. Er zijn bedrijven (met name grootschalige industriële productiefaciliteiten) die over ruim bemeten bedrijfskavels beschikken. Vaak betreft het strategische aankopen uit het verleden om mogelijke (ruimtelijke) groei op het eigen terrein te kunnen bewerkstelligen. Door technologische innovaties, andere organisatie van productie en het zich richten op de eigen of nieuwe kernactiviteiten blijkt die groeiende ruimtebehoefte niet of in verminderde mate te zijn opgetreden. Bij een aantal bedrijven ziet men een heroriëntatie ontstaan. Zo is het voormalige Philips-terrein in Sittard door de gemeente herontwikkeld. In Roermond heeft Solvay Chemie in 2000 een deel van haar restcahaar beheerorganisatie Chemelot BV in. DSM heeft namelijk haar bedrijventerrein van 730 ha ondergebracht in mingen, waaronder onder andere Sabic dat onderdelen van DSM heeft overgenomen. In het kader van het project ‘versterking chemiecluster’ onderzoeken DSM/Sabic/gemeente Sittard-Geleen/Provincie Limburg onder andere voor uitgifte beschikbaar. een aparte BV, Chemelot genaamd. Deze BV levert beheerdiensten aan alle op het terrein gevestigde ondernehoe de onbebouwde delen van de site beter benut kunnen worden. De potenties van mogelijke ‘interne grondverkopen’ zijn nu nog moeilijk te kwantificeren. Momenteel zijn kavels met een totale oppervlakte van circa 150 ha paciteit verkocht. Een bijzondere positie in Limburg ten aanzien van bedrijventerrein-ontwikkeling neemt DSM c.q.

Werklocaties Limburg 2005

27

28

Werklocaties Limburg 2005

Uitgifte
3.1 Inleiding

3

In dit hoofdstuk wordt de uitgifte van bedrijfskavels op zogenaamde werklocaties in Limburg, dat wil zeggen op

bedrijventerreinen en stedelijke dienstenterreinen, nader geanalyseerd. In tegenstelling tot de rapportages in de genomen. De grotere solitaire bedrijfslocaties van > 1 ha (bijvoorbeeld ENCI, Solvay) worden in dit hoofdstuk buiten beschouwing gelaten (op deze locaties is in principe geen sprake van uitgifte). Ook het Duits gedeelte van het Limburg. Op te merken is dat op het bedrijventerrein Avantis in 2005 een ‘grensoverschrijdende’ kavel van 0,35 ha gende rapportage buiten beschouwing gelaten. 3.2 Uitgifte 2005 in Limburg In 2005 zijn op de Limburgse (openbare) werklocaties (bedrijventerreinen en stedelijke dienstenterreinen) 70 onder het tienjarig gemiddelde van circa 98 ha per jaar. Door de lage uitgifte in de afgelopen jaren is het tienjarig gemiddelde de laatste jaren sterk afgenomen; in 2001 bedroeg het tienjarig gemiddelde nog 111 ha. Staat 3.1 Kencijfers uitgifte, 1996-2005 Jaar 1996 1997 1998 1999 2000 2001 2002 2003 2004 2005 10-jaarsgemiddelde Abs. Aantal kavels in %* -10,7 -5,1 Aantal werklocaties Abs. 66 46 61 in %* -7,6 Aantal gemeenten Abs. 34 34 38 in %* 0,0 Uitgegeven oppervlakte Abs. in %* -4,8 126 ha bedrijventerrein Avantis wordt buiten beschouwing gelaten; de rapportage gaat in op openbare werklocaties in

afgelopen jaren wordt in de rapportage van dit jaar de terreinen Chemelot en ZON Fresh Park in de analyses mee-

is uitgegeven; waarvan 0,18 ha in Nederland en 0,17 ha in Duitsland. Het ‘Duitse’ kaveldeel wordt in de voorlig-

kavels met een totale oppervlakte van bijna 51 ha uitgegeven. Ten opzichte van 2004 is de uitgifte afgenomen, namelijk met 18 ha (2004: 70 ha). De uitgifte lag in het afgelopen jaar, voor de vierde achtereenvolgende keer,

215 192 183 217 193

+0,5

173 107 66 83 70 150

+18,5

-20,2 -38,2 -38,3 -15,7

46

56

+21,7 -17,9

+35,3

54 44

+17,4

26

30

+10,5 -13,3 -21,1

120 ha 122 ha 98 ha

+25,8

36 45 36

-18,5 -18,2 -20,0

29

+25,0

21 22 16 28

27

+11,5 -22,2 -27,3 +4,8 -6,9

125 ha

132 ha 71 ha 49 ha 70 ha 51 ha 98 ha

+27,6

-19,7

+1,7

-46,2

+5,6

+42,9 -26,2

-30,3

49

* Ontwikkeling in % t.o.v. voorgaande jaar. Bron: REBIS, 2006.

Werklocaties Limburg 2005

29

3.2.1 Uitgifte per regio In twee van de vijf regio’s in Limburg is de uitgifte in 2005 sterk afgenomen. In Noord-Limburg nam de uitgifte af van 37 ha in 2004 tot 21 ha in 2005. Ook in Parkstad Limburg nam de uitgifte af, namelijk van 11 naar 3 ha. In de Westelijke Mijnstreek nam de uitgifte in beperkte mate toe van 11 tot 14 ha. Dit was ook het geval in de regio ha). In Midden-Limburg bleef de uitgifte in 2005 met 10 ha op een gelijk niveau als in 2004 (9 ha). Figuur 3.1 Uitgifte van werklocaties in Limburg, 1991-2005 150 125 100 75 50 25 0 Maastricht & Mergelland; ondanks een toename bleef de uitgifte in deze regio ook in 2005 met 3 ha laag (2004: 1

1991

1992

1993

1994

1995

1995

1996

1997

1998

1999

2000

2001

2002

2003

2004

Bron: REBIS, 2006.

=Noord-Limburg

=Midden-Limburg

=Zuid-Limburg

=Limburg

De uitgifte in de Limburgse regio’s wordt hierna nader geanalyseerd. Noord-Limburg De uitgifte in Noord-Limburg is in 2005 met 21 ha geringer dan in het voorafgaande jaar (37 ha). Daarmee ligt de uitgifte op de helft van het tienjarig gemiddelde van 39 ha. De meeste grond in Noord-Limburg is wederom uitgegeven in de gemeente Venlo (10 ha). Op de tweede plaats staat de gemeente Venray met 8 ha. In beide gemeenten is de uitgifte sterk afgenomen; in 2004 bedroeg de uitgifte in beide gemeenten respectievelijk 17 en 15 ha. Er genomen. Er werd in Venlo één zeer grote kavel van meer dan 5 ha uitgegeven. Daarnaast werd nog een viertal gegeven van 1 ha en groter: - Venray: Hulst II (2,84 ha) - Venray: Hulst II (1,69 ha) - Venlo: Trade Port West (6,11 ha) - Venray : Smakterheide II (1,50 ha)

zijn vorig jaar 27 kavels uitgegeven in Noord-Limburg; daarmee is het aantal kavels ten opzicht van 2004 iets toegrotere kavels (1-5 ha) uitgegeven; allen in de gemeente Venray. Er werden in totaal in de regio dus vijf kavels uit-

- Venray : Smakterheide II (1,28 ha).

30

Werklocaties Limburg 2005

Er werden echter ook kleinere kavels uitgegeven verspreid over de diverse werklocaties in de regio. Het betrof met name zeer kleine bedrijfskavels (<0,5 ha). Midden-Limburg

De uitgifte in Midden-Limburg in 2005 was, evenals in 2004, met 10 ha beperkt (2004; 9 ha) en het tienjarig gemiddelde (21 ha). De meeste grond, namelijk 5 ha, in de regio is uitgegeven in de gemeente Roermond. Op de ven. Er werden in totaal twee kavels uitgegeven van 1 ha en groter: - Roermond: Roerstreek-Zuid (3,91 ha) - Weert: Kampershoek (1,80 ha). Zuid-Limburg tweede en derde plaats staan de gemeenten Weert en Echt-Susteren; in beide gemeenten werd ruim 2 ha uitgegeven. In totaal zijn vorig jaar 18 kavels uitgegeven. De grootste kavel werd in de gemeente Roermond uitgege-

Voor het overige betrof het met name zeer kleine kavels (< 0,5 ha) op verschillende werklocaties in de regio. In Zuid-Limburg is de uitgifte in 2005 iets afgenomen tot 20 ha (2004: 23 ha). Daarmee ligt de uitgifte in 2005 ver onder het tienjarig gemiddelde van 38 ha. Het beeld voor deze regio wordt verder uitgesplitst naar de drie gewesten: Westelijke Mijnstreek, Parkstad Limburg en Maastricht & Mergelland. Westelijke Mijnstreek

ligt de uitgifte nog onder het tienjarig gemiddelde van 17 ha. De uitgifte had betrekking op een dertiental kavels op een achttal werklocaties. Er is in de regio in 2005 één zeer grote kavel uitgegeven (>5 ha). Daarnaast zijn er ook een tweetal middelgrote kavels (1-5 ha) uitgegeven. Er werden twee kavels uitgegeven van 1 ha en groter: - Sittard-Geleen: Industrial Park Swentibold (IPS) (7,93 ha) - Sittard-Geleen: Chemelot (2,76 ha) - Beek: Beeker Hoek (1,21 ha). Parkstad Limburg

In de Westelijke Mijnstreek lag de uitgifte in 2005 bij 14 ha. Ondanks een toename ten opzichte van 2004 (11 ha)

Voor het overige betrof het kleinere kavels verspreid over zeven werklocaties in de regio. In Parkstad Limburg was de uitgifte vorig jaar met 3 ha beperkt ten opzichte van 2003 (11 ha). Daarmee ligt de uitgifte ver onder het tienjarig gemiddelde (17 ha). In 2005 werden alleen kavels uitgegeven in de gemeente Heerlen werden alleen kleinere kavels uitgegeven; er werden geen kavels uitgegeven van 1 ha en groter. Maastricht & Mergelland op een viertal werklocaties. Er zijn in 2005 in deze regio slechts 6 kavels uitgegeven; in 2004 waren dit er 16. Er

In het gewest Maastricht & Mergelland is de uitgifte van gronden de laatste jaren bijna volledig stilgevallen. Na de uitgifte van 5 ha in 2000, bedroeg de uitgifte in 2001 en 2002 elk slechts 2 ha. In 2003 en 2004 is de uitgifte zelfs verder afgenomen tot 1 ha. In 2005 was sprake van een (beperkte) toename van de uitgifte tot 3 ha; met name als gevolg van uitgifte van één grote kavel op het bedrijventerrein ‘Aan de Fremme’ in Margraten ten behoeve van de steeds problematischer. Daar zou verandering in kunnen komen wanneer het bedrijventerrein Maastricht-Eijsden

uitbreiding van de Fruitveiling Zuid-Limburg. Het geringe aanbod aan werklocaties in en om Maastricht wordt voor de markt ter beschikking komt. De verwachting is dat in de loop van 2006/2007 de eerste kavels op dit terrein worden uitgegeven. Momenteel zijn de mogelijkheden voor bedrijven in en om Maastricht beperkt. Een andere oplossing zou het nieuwe terrein nabij Maastricht Aachen Airport kunnen zijn (MAA Oost). Hoewel het vliegveld den. Er zijn in 2005 in deze regio een zestal kavels uitgegeven. Er werd één kavel uitgegeven van 1 ha en groter: - Margraten: Aan de Fremme (1,80 ha). gelegen is in een ander gewest, kan het voor bedrijven die zich op Maastricht willen oriënteren een alternatief bie-

Werklocaties Limburg 2005

31

3.2.2 'Top 10' uitgifte De uitgifte in 2005 van 51 ha op 70 kavels heeft plaatsgevonden op 36 terreinen in 16 gemeenten. De uitgifte wordt Per werklocatie gekarakteriseerd door enerzijds uitgifte van enkele zeer grote kavels en anderzijds uitgifte van veel kleine kavels. Ieder jaar wordt een zogenaamde 'Top 10' samengesteld van Limburgse bedrijventerreinen en stedelijke dienstenterreinen met de hoogste uitgifte. Voor 2005 ziet die er als volgt uit: Staat 3.2 Uitgifte 'Top 10'-werklocaties Naam werklocatie Trade Port West Roerstreek Zuid Industrial Park Swentibold Gemeente Sittard-Geleen Uitgifte in 2005 in ha Aantal uitgegeven kavels 8,08 4,86 7,93 4 1

1 2 3

Venlo

4 (2)a De Hulst II 6 Chemelot De Berk

Roermond Venray Venray

5 (3) Smakterheide II 7 8 10 9 Aan de Fremme Kampershoek Beeker Hoek

4,53 3,49

4 2 1 3

Sittard-Geleen Margraten Weert Beek Echt-Susteren

2,26 1,95

2,76

2,12

4 2

6

a De cijfers tussen haakjes geven de klassering in de 'Top 10' van 2004 aan. Bron: REBIS, 2006.

1,41

2

In de top 10 lijst staan twee terreinen die ook vorig jaar in de ranking genoteerd waren (Smakterheide II en De Hulst II in Venray); de overige terreinen waren in 2004 niet in de Top 10 vertegenwoordigd. Het terrein met de grootste uitgifte in 2005 was Trade Port West; met name als gevolg van één grote uitgifte van ruim 6 ha. Op de tweede plaats staat het bedrijventerrein Industrial Park Swentibold (IPS) in Sittard-Geleen. Op dit bedrijventerrein heeft één grote uitgifte plaatsgevonden (bijna 8 ha) ten behoeve van een nieuw distributiecentrum voor Mitsubishi. De terreinen Smakterheide II, Kampershoek en Beeker Hoek zijn (nagenoeg) vol en zullen dus in de komende jaren uit de top-10 lijst verdwijnen. Een aantal terreinen (zoals Roerstreek-Zuid, Chemelot en De Berk) zullen als gevolg van hun beschikbare restcapaciteiten ook de komende jaren in de Top-10 ranking blijven verschijnen. Een aantal

terreinen met veel beschikbare oppervlakte zijn daarentegen niet in de top 10 genoteerd. Gezien de beschikbare ruimte op deze terreinen, zullen deze terreinen, zeker bij een economische opleving, de komende jaren hun opwachting maken in deze ranking. Dit geldt onder andere voor de bestaande bedrijventerreinen Trilandis en Avantis in Heerlen en nieuwe terreinen zoals Maastricht-Eijsden in Maastricht en Pannenweg-West in Nederweert. De werklocaties in de 'Top 10' namen ruim 39 ha voor hun rekening. Dit is minder dan de 49 ha in 2004. In vergelijking met 2004 is het aandeel in 2005 echter toegenomen van 71% tot 75%.

32

Werklocaties Limburg 2005

Per gemeente

Wanneer de uitgifte per gemeente wordt bezien, dan ziet de top 10 er als volgt uit: Staat 3.3 Uitgifte 'Top 10'-gemeenten Naam werklocatie 1 (4)a Sittard-Geleen 2 (1) Venlo 3 (2) Venray Regio Westelijke Mijnstreek in 2005 in ha 10,25 11,14 8,35 Uitgifte Aantal uitgegeven kavels 12 7

Noord-Limburg Noord-Limburg

4 (10) Roermond 5 (5) Heerlen 6 8 9 Weert

7 (8) Echt-Susteren Margraten Beek Helden

Midden-Limburg

Parkstad Limburg Midden-Limburg

Midden-Limburg

5,07

6

2,58

2,99 2,47

5

5

7 7

10

Westelijke Mijnstreek Noord-Limburg

Maastricht & Mergelland

1,37

1,68

2,26

5

3

4

a De cijfers tussen haakjes geven de klassering in de 'Top 10' van 2004 aan. Bron: REBIS, 2006. Dit jaar is niet Venlo nummer één in de top 10 van gemeenten, maar Sittard-Geleen; met name als gevolg van uitgifte op de bedrijventerreinen Industrial Park Swentibold (IPS) en Chemelot. Door de uitgifte op het bedrijventerVenray volgt op de derde plaats; met name als gevolg van uitgifte op De Hulst II en Smakterheide II. rein Trade Port West werd in 2005 toch de tweede plaats ingenomen door de gemeente Venlo. De gemeente De gemeente Sittard-Geleen zal waarschijnlijk ook in de komende jaren bovenin de top 10 terug te vinden zijn als gevolg van de restcapaciteiten op Chemelot en Industrial Park Swentibold. Daarnaast zijn in deze gemeente nog de jaren bovenin de top 10 te vinden zijn als gevolg van beschikbare restcapaciteiten op de Trade Port-terreinen (De Berk, gepland terrein Sint Joost op middellange termijn), Roermond (Roerstreek-Zuid), Weert (geplande terrestcapaciteiten voorhanden op Holtum-Noord en Bedrijvenstad Fortuna. Ook de gemeente Venlo zal in de komen(Trade Port Oost en de geplande terreinen Bedrijvenpark Venlo Greenport en Trade Port Noord). Dit geldt ook voor de gemeenten Venray (De Hulst II en het geplande terrein De Blakt), Heerlen (Trilandis, Avantis), Echt-Susteren reinen Kampershoek-Noord en uitbreiding Leuken-Noord) en Beek (gepland terrein MAA-Oost). 3.2.3 Uitgifte naar economische activiteit In 2000 werden nog 217 kavels aan bedrijven uitgegeven. Dit aantal is de laatste jaren gedaald tot 70 in 2005. geven kavels aan industriële bedrijven stabiel gebleven op ca. 16%; het aandeel lag een aantal jaar geleden nog Daarmee schommelt het aantal uitgegeven kavels de laatste jaren rond de 65 à 85. Het aantal uitgegeven kavels op 20-25%. Daarentegen nam het aantal uitgegeven kavels aan bedrijven uit de zakelijke dienstverlening sterk toe

ligt ruim 50% onder het tienjarig gemiddelde van 150. Ten opzichte van het voorgaande jaar is het aandeel uitgevan 11% in 2004 tot 24% in 2005. Deze toename ging met name ten koste van het aandeel uitgegeven kavels aan
Werklocaties Limburg 2005

33

bouwbedrijven. Ook het aandeel van de transportbedrijven nam af, zij het in beperktere mate. Het aandeel van uitgegeven kavels aan bedrijven uit de sector handel bleef redelijk stabiel. Staat 3.4 geeft een overzicht van het aantal uitgiften naar economische activiteit. Staat 3.4 Uitgifte werklocaties in Limburg, aantal bedrijven naar sector 2001-2005 Abs. Landbouw Industrie 2001 In % 0,6 24,3 Abs. 2002 In % Abs. 1 2003 In % Abs. 1,5 2004 2005 Totaal

In % Abs. -

In % 0,0 14,3 0,0 8,6 1,4

Abs. 2 101 61 1 3 1

In % 0,4

Winning delfstoffen Nutsbedrijven Handel

1 42

-

-

Bouwnijverheid Horeca

46 20 1

18

-

26,6 11,6 0,6

10,4

-

22 2

-

19,8 1,8

-

14 1 5 -

-

21,2 1,5 7,6 -

-

13 16 -

-

15,7 19,3 -

-

10 6 -

1

20,1 12,1 0,2 0,6

0,2

30 9 -

16

27,0 8,1 -

14,4

20 12

30,3 18,2

25 14

30,1 16,9

21 8

30,0 11,4 0,0

142 63

28,2 12,5

Vervoer-en-comm. Financiële-inst. Zakelijke-diensten Onderwijs

Overheidsdiensten Gezondheidszorg Overige-diensten Onbekend Totaal Bron: REBIS, 2006.

27 3 -

-

15,6 1,7 -

-

19 5 3 1 1

1

17,1 4,5 2,7 0,9 0,9

0,9

8 -

-

12,1 -

-

2

9

-

10,8 2,4 1,2

-

17 1 -

-

24,3 1,4 0,0

0,0

80 8 7

1

15,9 1,6 1,4

0,2

-

-

15 173

8,7 100,0

2

1,8

4

1 -

6,1

1,5 -

1

2

1 -

2,4

1,2 -

3

-

3

4,3

0,0

4,3

19 503

11

3

2,2

0,6

3,8

111

100,0

66

100,0

83

100,0

70

100,0

100,0

De verdeling van de uitgegeven oppervlakte over de verschillende sectoren laat een iets ander beeld zien. Terwijl het aandeel uitgegeven kavels aan industriële bedrijven stabiel bleef, nam de uitgegeven oppervlakte aan deze bedrijven verder af van 16% in 2004 tot 10% in 2005. Een aantal jaar geleden lag dit percentage nog op 25%. Daarnaast nam ook het aandeel van de handels- en transportbedrijven in de uitgegeven oppervlakte af tot resaandeel in 2004 van 16%. pectievelijk 28 en 18%. Daartegenover laat de zakelijke dienstverlening een toename zien tot 24%, tegenover een De gemiddelde oppervlakte van de uitgegeven kavels bedroeg in 2005 circa 7.300 m2. Ten opzichte van 2004 is de gemiddelde kavelgrootte afgenomen en ligt weer op het niveau van 2003 (2004: 8.400 m2, 2003: 7.500 m2 en 2002: de van 6.500 m2. 6.600 m2). Ondanks de afname is de gemiddelde kavelgrootte in 2005 nog altijd hoger dan het tienjarig gemiddel-

34

Werklocaties Limburg 2005

De volgende staat 3.5 geeft een overzicht van het aantal uitgegeven hectares naar economische activiteit. Staat 3.5 Uitgifte werklocaties in Limburg, oppervlakte in ha naar sector, 2001-2005 Abs. Landbouw Industrie 2001 In % 2,6 24,2 Abs. 2002 In % Abs. 0 2003 In % Abs. 0,3 2004

In % Abs. -

2005

In % -

Abs. 4

Totaal

In % 0,9

Winning delfstoffen Nutsbedrijven Handel

3 32

-

-

Bouwnijverheid Horeca

32 1 -

8

-

23,8 0,9 -

5,6

-

20 2

-

25,5 2,1 7,5 -

-

11 0 8 4

-

22,2 0,4 8,7 -

-

11 5 -

-

15,8 7,0 -

-

1 -

5

1,3 -

9,8

79 24 1 2

1

20,7 0,5 6,4

0,2

14 -

6

18,4

15,4

25

36,0 21,5 16,4 0,6 -

21 -

2

40,0 -

4,0

99 82

26,0 21,6 17,2 0,9 0,8 0,1 0,3

Vervoer en comm. Financiële inst. Zakelijke diensten Onderwijs

23 22 1

17,4 16,8 0,6 -

16 14 2 0

20,4 18,7 2,8 0,5

19 5 -

38,7 10,3 -

15 11 0 -

9 12 -

18,0 23,8 -

Overheidsdiensten

-

-

2

2,5

-

-

1

1,7

0 -

0,1 -

66 3 3

0

Overige diensten Onbekend Totaal

Gezondheidszorg

-

11

-

8,1

-

0

0

1

0,3 0,4

0,9

0

2 -

0,1

4,0 -

0 -

1

0,1 -

0,9

1

1

1,7

1,3

0 12

4

0,1

3,2

1,0

133

100,0

77

100,0

49

100,0

70

100,0

51

100,0

381

100,0

Bron: REBIS, 2006. 3.2.4 Uitgifte naar investeringsmotief van bedrijven De bedrijven die een kavel op een werklocatie kopen, kunnen op de volgende wijze naar investeringsmotief worden onderscheiden. Het kan gaan om een nieuwe vestiging. Dit betekent dat een bedrijf nieuw opgericht is (starter), ofwel van buiten de gemeente komt. Indien een bedrijfsvestiging een overplaatsing is, betreft het een (gedeelringsmotieven van de gevestigde bedrijven zien. telijke) verplaatsing van een bedrijf binnen één gemeente. Van een uitbreiding is sprake wanneer een reeds op een werklocatie gevestigd bedrijf overgaat tot extra grondaankoop op diezelfde werklocatie. Staat 3.6 laat de investe-

Van de 70 bedrijven die in 2005 kavels op werklocaties in Limburg verworven, betrof het in 16 gevallen een nieuwe vestiging, in 27 een verplaatsing en in 27 een uitbreiding. Kijkend naar het investeringsmotief zijn er ten opzichte van 2004 verschuivingen opgetreden in de verdeling. Het aandeel nieuwe vestigingen is afgenomen van 34% is het aandeel uitbreidingen sterk toegenomen van 21% tot 39%. naar 23%. Ook het aandeel verplaatsingen is afgenomen; namelijk van 45% in 2004 tot 39% in 2005. Daarentegen

Werklocaties Limburg 2005

35

Daarmee wijkt de investeringsstructuur betreffende het aandeel verplaatsingen en uitbreidingen af van het tienjarig gemiddelde (34-42-24). Binnen Limburg bestaan echter verschillen. Opvallend is het relatief grotere aandeel is het grote aandeel van verplaatsingen in Midden-Limburg (50%) en het grotere aandeel uitbreidingen in ZuidLimburg (44%) opvallend. Staat 3.6 Uitgifte naar investeringsmotief, 2005 Aantal Noord-Limburg Zuid-Limburg Nieuwe vestiging in ha Opp. Aantal 9 9 Verplaatsing Opp. 2,94 Aantal 10 11 1 6 Uitbreiding Opp. 5,13 Aantal 27 Totaal Opp. nieuwe vestigingen in Noord-Limburg (30%) ten opzichte van het beperkte aandeel verplaatsingen (33%). Verder

in ha

in ha

in ha

Midden-Limburg - Westelijke Mijnstreek - Parkstad Limburg Limburg - Maastricht & Mergelland

3

8 5

13,17 2,64 4,92

9

6,47

2

3 -

1,25

3,67 -

3

4 2

9,32

1,35

1,00

8,16 0,16

6 4

5,49

18

0,57

1,86 3,06

25 6

10,45

21,24

13 6

19,73 2,82

13,68 3,22

Bron: REBIS, 2006.

16

20,73

27

18,73

27

11,97

70

51,42

Het aantal in 2005 uitgegeven hectares naar investeringsmotief liet een iets ander beeld zien. Nieuwvestigers waren verantwoordelijk voor 40% van de ruimtevraag, verplaatsers voor 37% en bedrijven die hebben uitgebreid op de bestaande locatie, waren verantwoordelijk voor 23% van de grondaankopen. Betreffende het meerjarig gemiddelde (44-32-24) is op te merken dat in oppervlaktetermen het beeld redelijk vergelijkbaar is. 3.2.5 Uitgifte naar categorie werklocaties Vanaf 2004 is in het kader van REBIS sprake van werklocaties; daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen bedrijventerreinen en stedelijke dienstenterreinen. Daarmee wordt aangesloten bij indelingen die worden gehanteerd in het kader van het bedrijventerreinenbeleid (zie Provinciaal Omgevingsplan Limburg; POL), alsook het kantoren- en terrein in Sittard-Geleen en ZON Fresh Park in Venlo (veilingterrein ZON) in de analyses meegenomen. In deze staat 3.7 worden de werklocaties onderverdeeld in: - Bedrijventerreinen - Stedelijke bedrijventerreinen; - Logistiek-/industriële bedrijventerreinen; - Functiespecifieke bedrijventerreinen; - Stedelijke dienstenterreinen - Lokale bedrijventerreinen. - Regionaal verzorgende bedrijventerreinen; - Stedelijke dienstenterreinen gericht op kantoren (K) - Stedelijke dienstenterreinen gericht op retail (R) retailbeleid (zie POL-aanvulling Diensten en Locaties) van de Provincie Limburg. In 2005 zijn ook het Chemelotparagraaf wordt een overzicht gegeven van de uitgifte in 2005 naar de verschillende categorieën werklocaties. In

36

Werklocaties Limburg 2005

Bedrijventerreinen werklocaties Stedelijk terrein terrein 0,76 2,76 7,93 terreinen bedrijvenbedrijventerrein terreinen terrein (K) terrein (R) dienstenverzorgend bedrijven bedrijvendiensten- dienstenstedelijke Regionaal Lokaal Totaal Stedelijk Stedelijk Totaal

Stedelijke Dienstenterreinen

Totaal

Functie-

terrein

bedrijven-

specifiek

terrein

bedrijven-

industrieel

Logistiek-/

Automotive cluster 8,08

Agribusiness

0,76

Luchthaven cluster 4,03 0,96 2,17 2,17 4,87 5,07

Logistiek cluster

Chemie cluster

8,08

2,76

7,93

0,76

8,08

2,76

7,93

Noord-Limburg

Zuid-Limburg

Midden-Limburg

4,03

4,03 0,96 2,17 4,87 5,07

0,96

Roermond 2,82 0,96 5,13 19,05 5,13 0,94 2,22

Venray 5,07

Venlo 4,87

Westelijke Mijnstr.

Weert

Maastricht

Parkstad Limburg

2,82

2,22 0,94 0,96

0,14 0,92

0,22

0,36 0,92

2,58

1,86

2,82 0,96 1,44 1,44 6,57 50,14 1,06 0,22 1,28 6,57 51,42

Staat 3.7 Uitgifte 2005 naar categorie werklocatie (bedrijventerreinen/stedelijke dienstenterreinen), in ha

Werklocaties Limburg 2005

Landelijk gebied

Totaal

19,53

4,99

37

De categorieën bedrijventerreinen worden afgebakend op basis van het schaalniveau van het marktgebied en segment: - Stedelijk terrein: Stedelijk gebied (straal 8 tot 10 km) – modern gemengd, bedrijvenpark; opvang van kleinverlening. Bedrijven behoren een binding te hebben met het stedelijke gebied. schalige en middelgrote bedrijven en hoogwaardige bedrijvigheid in de sfeer van lichte productie, R&D en dienstnen zijn bedoeld voor grote industriële en transport- en distributiebedrijven. De nabijheid van transportassen, met name de directe ontsluiting op het autosnelwegennet, is van essentieel belang.

- Logistiek-/industrieel terrein: COROP-regio (straal 20 km) – gemengd plus, transport en distributie. Deze terrei- Functiespecifiek terrein: Een deel van de logistiek-/industriële terreinen is geografisch gebonden aan bestaande (Chemelot DSM/Sabic), agribusiness (Horst, veiling ZON), de logistieke knooppunten Venlo, Born, de luchthaven de in de analyses meegenomen. MAA. Chemelot en de veiling ZON worden vanaf 2005 geregistreerd als ‘openbaar bedrijventerrein’ en zodoen- Regionaal verzorgend terrein: Plattelandsregio – modern gemengd. Terreinen in het buitengebied met een ‘stu- Lokaal terrein: Plattelandsregio – modern gemengd. Dit zijn overige terreinen in het buitengebied. De categorieën stedelijke dienstenterreinen worden afgebakend op basis van de functie: Randwyck-Noord en Kantorenpark Noorderpoort). - Stedelijke dienstenterreinen (K): gericht op kantoren (zoals Kantorenpark Sittard, Kantorenboulevard Heerlen, - Stedelijke dienstenterreinen (R): gericht op retail (zoals Gardenz, Woonboulevard Heerlen, DOC Roermond en Nijmeegseweg). Het grootste deel, namelijk 38% (20 ha), van de totale uitgifte in 2005 vond plaats op bedrijventerreinen met een tienjarig gemiddelde ligt nabij 20%. Hierbij is op te merken dat de uitgifte in het kader van de automotive sector Geleen ten behoeve van een distributiecentrum voor Mitsubishi). Op een tweede plaats komt de uitgifte op stedespecifieke functiebestemming betreffende het clusterbeleid. Dit is beduidend meer dan in 2004 (9 ha, 13%). Het geheel voor rekening kwam van één uitgifte (8 ha op het bedrijventerrein Industrial Park Swentibold in Sittardlijke bedrijventerreinen (37%). Daarmee is het aandeel van deze terreinen in de uitgifte afgenomen ten opzichte van 2004 (2004: 44%). Het aandeel is vergelijkbaar met het tienjarig gemiddelde (38%). Ook op industrieel-/logistieke terreinen was de uitgifte lager dan het voorgaande jaar. Het aandeel bedroeg in 2005 10% tegenover 20% in uitgifte iets toegenomen van 4 ha in 2004 tot 5 ha in 2005. Hierdoor is ook het aandeel toegenomen van 6% naar 1 ha. Hierdoor is het aandeel locale terreinen in de uitgifte afgenomen van 10% in 2004 naar 3% in 2005 (het tienen Parkstad Limburg. In staat 3.7 zijn de verschillende categorieën gedefinieerd en afgebakend. 3.3 Uitgifte 1997-2005 versus prognose 1997-2015 In deze paragraaf wordt de daadwerkelijke uitgifte vanaf 1997 vergeleken met de geprognosticeerde uitgifte in de periode 1997-2015. De behoefteraming wordt in staat 3.8 tegenover de daadwerkelijke uitgifte gezet. Doordat de ten. In deze paragraaf zijn wijzigingen als gevolg van de nieuwe REBIS-indeling met terugwerkende kracht tevens vorige rapportages. 2004 en 17% gemiddeld over de laatste 10 jaar. Op regionaal verzorgende terreinen in het landelijk gebied is de 19%. Een afname was te zien bij locale bedrijventerreinen in het landelijk gebied; namelijk van bijna 7 ha naar ruim jarig gemiddelde bedraagt 13%). Op de stedelijke dienstenterreinen in Limburg is in 2005 ruim 1 ha uitgegeven; dit is minder dan de 4 ha in 2004. Er heeft alleen uitgifte plaatsgevonden op terreinen in het stedelijk gebied van Weert wende’ functie en terreinen ter compensatie van niet gewenste uitbreiding van lokale terreinen.

economische clusters. Het betreft de clusters automotive (NedCar, Industrial Park Swentibold), chemie

prognose uit 1997 gericht was op bedrijventerreinen, wordt in deze paragraaf op basis van de nieuwe REBIS-indeling alleen de bedrijventerreinen meegenomen; de stedelijke dienstenterreinen worden buiten beschouwing gelavoor de voorafgaande jaren doorgevoerd. Hierdoor wijken de uitgiftegegevens enigszins af van de gegevens uit de

38

Werklocaties Limburg 2005

In opdracht van de provincie Limburg hebben Etil en BCI in 1997 marktverkenningen uitgevoerd voor heel Limburg.

In deze marktverkenningen is de ruimtebehoefte bepaald voor bedrijventerreinen. Deze behoefteraming is gebaseerd op het BLM-model (BedrijfsLocatie Monitor) dat landelijk, in samenwerking met het Ministerie van EZ, het CPB en het bureau BCI, is ontwikkeld. Uitgegaan is van het toenmalige middenscenario van het CPB met een economische groei van 2,75% (EC-scenario). Daarbij is gebruik gemaakt van de zogenaamde locatievoorkeuren- en terreinquotiëntenmethode. Staat 3.8 Daadwerkelijke uitgifte 1997-2005 versus prognose 1997-2015, in ha
Uitgifte 1997-2015
1997 t/m 2004 2005 1997 t/m 2005 Gem. per jaar

Prognose 1997-2015
Totaal Gem. per jaar

Indexc
Index t/m 2004 Index t/m 2005

Stedelijk bedrijventerreina Venlo Venray Weert

29,6 24,0 42,2 34,8 97,4

2,2 4,9 2,2 5,1 2,8

31,8 28,8 44,5 39,9 100,2

3,5 3,2 4,9 4,4 11,1

85 50 75 70 150

4,7 2,8 3,9 4,2 8,3

0,8

Roermond Westelijke Mijnstreek Parkstad Limburg Maastricht

1,1 1,0 1,5

0,8 1,1 1,3 1,1 1,3

1,4

Totaal stedelijk bedrijvent. Logistiek-/industrieel terrein Noord-Limburg Zuid-Limburg Midden-Limburg Totaal logistiek-/ind. terrein Landelijke gebied Lokaal terrein

308,8

17,2

63,6

19,0

1,0

0,9

327,8

18,1

64,5

36,4

2,0

7,2

740

125

185

41,1

6,9

10,3

0,9

0,3

0,8

0,9

0,3

0,7

68,9 47,6

16,6

4,0 1,0

0,0

73,0 48,6

16,6

8,1 5,4

1,8

45

133,2

5,0

138,1

15,3

115

95

2,5 6,4

5,3

3,4 0,9

0,4

3,2 0,8

0,3

225

14,2

1,2

1,1

Regionaal verz. terrein

Totaal landelijk gebied Functiespecifiek terreinb Agribusiness Automotive cluster Chemie cluster Logistiek cluster

105,8

39,9

145,7

6,6

1,4

5,1

152,3

107,3

45,0

16,9

11,9

5,0

135

0

135

7,5

0,0

7,5

0,7 2,4

0,7 2,3

20,4 6,0 0,0

0,8

Totaal functiespecifiek terr. Totaal

Luchthaven cluster

126,2 153,4 741,0 0,8

8,1

2,8

7,9

21,1 8,7 7,9

2,3

19,5 50,1

0,0

134,3 172,9 791,2 0,8

14,9 19,2 87,9 0,1

1,0

0,9

50

310 0

170

60

590 1.660 92,2 1,02 0,95

Werklocaties Limburg 2005

39

a De stedelijke dienstenterreinen zijn in deze staat buiten beschouwing gelaten. Deze terreinen zijn specifiek ontwikkeld ten behoeve van detailhandel of kantoren en zijn zodoende niet in de prognoseberekeningen voor bedrijventerreinen opgenomen. ter heeft. b Een vergelijking zoals van de daadwerkelijke uitgifte versus de prognose is voor deze categorie bedrijventerreic Index = de daadwerkelijk gerealiseerde gemiddelde uitgifte per jaar gedeeld door de gemiddelde jaarlijkse nosticeerde uitgifte. Bron: REBIS, 2006. Tot en met 2001 was sprake van een relatief hoge uitgifte; de uitgifte tot en met 2001 was bijna 30% hoger dan geprognosticeerd. Daarbij dient opgemerkt te worden dat tot 2001 de economie gekenmerkt werd door een periode van hoogconjunctuur; met een economische groei hoger dan de verwachte groei tussen 1997-2015. In 2001 is de economische groei afgenomen, tot bijna een nul-groei in 2004. In 2005 herstelde de economie zich voorzichtig; dit komt echter nog niet tot uitdrukking in de uitgifte van bedrijventerreinen. Het uitgifteniveau ligt in de laatste jaren onder de gemiddelde geprognosticeerde uitgifte per jaar; zo ook in 2005. De uitgifte van bedrijventerreinen in 2005 was met circa 50 ha voor het vierde opeenvolgende jaar lager dan de geprognosticeerde uitgifte van gemiddeld 92 ha per jaar in de periode 1997-2015. De lagere uitgifte in 2005 heeft dan ook tot gevolg dat de index verder is afgenomen. In 2002, 2003 en 2004 lag de daadwerkelijke uitgifte nog 15%, 7% en 2% boven de prognose. In 2005 is de index verder afgenomen tot onder 1; namelijk 0,95. dat wil zeggen dat de daadwerkelijk gemiddelde uitgifte in De verwachting is dan ook dat de index in 2006 nog iets zal afnemen. Stedelijke bedrijventerreinen (index 1997-2005: 0,89)

nen weinig zinvol, omdat de uitgifte ten aanzien van deze economische clusters een specifiek planologisch karakgeprognosticeerde uitgifte (1997-2015). Bij een index van 1,0 is de gerealiseerde uitgifte gelijk aan de geprog-

de laatste 9 jaar nu 5% onder de geprognosticeerde uitgifte ligt. De verwachting is dat ook in 2006 de economische groei nog niet zo sterk zal zijn dat de uitgifte boven de geprognosticeerde jaarlijkse uitgifte van 92 ha uitkomt.

De uitgifte in 2004 lag met circa 31 ha op stedelijke bedrijventerreinen (segment: bedrijvenparken/modern is de gemiddelde uitgifte in de periode 1997-2005 lager dan de geprognosticeerde uitgifte voor de periode 1997-

gemengd) onder de geprognosticeerde uitgifte. Het indexcijfer is dan ook afgenomen tot 0,89 (t/m 2005). Daarmee 2015. Alleen in de stadsregio’s Venray en Roermond lag in 2005, met name als gevolg van grote uitgifte op bedrijventerrein De Hulst II en Roerstreek-Zuid, de uitgifte ruim boven de prognose. In deze regio’s nam de index dan stadsregio’s Parkstad Limburg en Maastricht ligt het indexcijfer met 0,7 respectievelijk 0,3 onder 1. Met name in Maastricht blijft de uitgifte op stedelijke terreinen achter bij de prognose. Dit is met name het gevolg ook toe tot 1,1. Ook in de stadregio’s Westelijke Mijnstreek en Weert is het indexcijfer hoger dan 1. Alleen in de van de beperkte aanwezigheid van beschikbare voorraad. Het is van groot belang om de huidige plannen betrefde ruimte beschikken als de economie weer zal aantrekken. Opvallend is de hoge uitgifte (ten opzichte van de prognose) in de afgelopen jaren in de regio’s Weert en Westelijke Mijnstreek. De vraag naar stedelijke terreinen in

fende de bedrijventerreinen Maastricht-Eijsden op korte termijn te realiseren. Hierdoor zal de regio over voldoendeze regio’s was duidelijk hoger dan verwacht. In de regio Weert heeft de sterke vraag naar stedelijke terreinen in met name de tweede helft van de jaren negentig geleid tot een krapte. In de laatste drie jaar is de uitgifte als gevolg bedrijventerreinen Kampershoek-Noord en Pannenweg-West op korte termijn worden gerealiseerd. van het geringe aanbod afgenomen. Ook in deze regio is het van belang dat de plannen voor de twee nieuwe

40

Werklocaties Limburg 2005

Logistiek-/industriële terreinen (index 1997-2005: 1,08)

De uitgifte van regionale logistiek-/industriële bedrijventerreinen (segment: transport en distributie, gemengd plus)

is in 2005 afgenomen tot 5 ha. Daarmee was de uitgifte in 2005 beduidend geringer dan de geprognosticeerde uitgifte. Het indexcijfer is dan ook afgenomen tot 1,08, tegenover 1,17 in het voorgaande jaar. Op te merken is dat wederom geen uitgifte plaatsgevonden op deze categorie bedrijventerreinen. Regionaal verzorgende en lokale terreinen (index 1997-2004: 2,26) het relatief hoge indexcijfer het gevolg is van de hoge uitgifte in de laatste jaren op terreinen in Noord-Limburg. In 2005 was de uitgifte in Noord-Limburg en Zuid-Limburg op deze terreinen erg laag. In Midden-Limburg heeft

De uitgifte op bedrijventerreinen in het landelijk gebied was in de afgelopen jaren beduidend hoger dan in de prognose is ingeschat. In 2005 lag de uitgifte met 6,5 ha onder de geprognosticeerde uitgifte van 7,5 ha. De index is beleid ten aanzien van bedrijventerreinen in het buitengebied met als doel een verdere aantasting van het buitenhierdoor dan ook afgenomen van 2,6 in 2003 tot bijna 2,3 in 2005. Bij terreinen in het landelijk gebied wordt onderscheid gemaakt tussen regionaal verzorgende terreinen en lokale terreinen. De Provincie voert een terughoudend gebied te voorkomen. In het kader van dit beleid zijn een aantal bedrijventerreinen aangewezen die de behoefte de functie en compensatie voor niet gewenste uitbreiding van lokale terreinen. De behoefte van het landelijk gebied als gevolg van de lage uitgifte van 5 ha (prognose 7,5 ha per jaar), de uitgifte op deze terreinen achterblijft bij de geprognosticeerde behoefte. In 2005 was ook de uitgifte op lokale terreinen met ruim 1 ha laag; zeker indien men dit vergelijkt met de gemiddelde jaarlijkse uitgifte van 12 ha vanaf 1997. Functiespecifieke terreinen aan bedrijventerreinen is dan ook geconcentreerd op de regionaal verzorgende terreinen. Uit staat 3.8 blijkt dat,

moeten opvangen (regionaal verzorgende terreinen). Het gaat daarbij om terreinen met een zekere eigen stuwen-

Een deel van de logistiek-/industriële terreinen is geografisch gebonden aan bestaande economische clusters. Het betreft de clusters automotive (NedCar), chemie (Chemelot), agribusiness (Hoogveld-Oost en Melderlosche Weiden in Horst, ZON-terrein in Venlo), de logistieke knooppunten Venlo (Trade Port West) en Born (Holtumzien van deze economische clusters een bijzonder planologisch karakter heeft. 3.4 Uitgifte Limburg versus Nederland en omliggende regio's De gegevens betreffende de landelijke uitgifte in 2005 zijn nog niet bekend. Om toch een inzicht te geven in het de 1995-2004 aan bedrijventerreinen in Limburg ten opzichte van andere provincies in Nederland. Uitgifte in 2004 landelijke uitgiftebeeld wordt hieronder kort ingegaan op de uitgifte in 2004 en de gemiddelde uitgifte in de perioNoord) en de luchthaven MAA. Deze terreinen nemen een aparte positie in ten aanzien van uitgifte en prognose.

Een vergelijking zoals in de andere categorieën bedrijventerreinen is weinig zinvol, omdat de reservering ten aan-

weer beperkt toegenomen. De toename bedroeg ten opzichte van 2003 circa +27 ha (+5%). Ondanks de toename 1.050 ha. In 2004 varieert de uitgifte van 18 ha in Noord-Holland tot 76 ha in Zuid-Holland (figuur 3.2). Op de tweeNoord-Brabant. Uit de gegevens blijkt dat de meeste hectaren met name in de zuidelijke en oostelijke provincies van het land (Noord-Brabant, Limburg, Gelderland en Overijssel) worden verkocht.
6

De uitgifte in Nederland bedroeg in 2004 circa 577 ha6. Daarmee is de uitgifte, na een aantal jaren van afname

was de uitgifte in 2004 voor het vierde opeenvolgende jaar, sinds 1995, weer onder het meerjarig gemiddelde van de plaats komt Overijssel met 75 ha. Limburg neemt in 2004 met een uitgifte van 65 ha de vierde plaats in; na

De gebruikte cijfers in deze paragraaf hebben alleen betrekking op bedrijventerreinen (exclusief stedelijke dienstenterreinen) en zijn exclusief

zeehaventerreinen. De zeehaventerreinen zijn te vinden in Groningen, Friesland, Noord-Holland, Zuid-Holland, Zeeland en Noord-Brabant. De reinen was 79 ha.

gemiddelde jaarlijkse uitgifte op de zeehaventerreinen in de laatste 10 jaar (1995-2004) bedroeg circa 112 ha. De uitgifte in 2004 op deze ter

Werklocaties Limburg 2005

41

1995-2004

De laatste 10 jaar (de periode 1995 tot en met 2004) kenmerkten zich door een hoge uitgifte van bedrijventerrei2004 bedroeg slechts 793 ha per jaar. De verschillen in de gemiddelde uitgifte 1995-2004 tussen de provincies in de uitgifte in deze periode 103 ha.

nen; met name in de tweede helft van de jaren negentig lag de gemiddelde uitgifte met gemiddeld 1.300 ha per Nederland zijn groot; variërend van 29 ha in Zeeland tot 197 in Noord-Brabant. In Limburg bedroeg de gemiddelFiguur 3.2 Uitgifte (excl. zeehaventerreinen) in Nederland in 2004 en gemiddelde 1995-2004 Zuid-Holland Noord-Brabant Gelderland Groningen Zeeland Limburg Overijsel

jaar hoog. In de laatste vijf jaar is de uitgifte echter sterk afgenomen; de gemiddelde uitgifte in de periode 2000-

Friesland Drenthe Utrecht

Noord-Holland

Flevoland

0

50

100

150 = 2004

200 = Gemiddelde 1995-2004

Bron: REBIS/IBIS, 2005.

42

Werklocaties Limburg 2005

3.5 Verwachting uitgifte 2006 in Limburg Voor 2006 verwachten we nog geen sterke toename van de uitgifte. De volgende redenen liggen aan de basis van deze verwachting. - In 2002 is de economische groei sterk afgenomen. Ondanks de tekenen van herstel van economie in 2005, is nog geen sprake van een sterke opleving van de economie. De verwachting is dat de economie in 2006 voor het

eerst sinds 2002 een duidelijke groei zal laten zien. Bedrijven zullen naar verwachting in 2006 echter nog terugaleer hun bedrijfsactiviteiten uit te breiden. Bovendien duurt de looptijd van een investeringstraject minimaal zes maanden.

houdend zijn met investeringen in nieuwvestigingen, verplaatsingen en/of uitbreidingen van hun bedrijfsactivitei-

ten. Ook bij een herstellende economie zullen bedrijven in beginsel eerst hun productiecapaciteiten benutten, voor- In Noord-Limburg zal de uitgifte in 2006, als gevolg van een geringer aantal opties en het ‘vol’ lopen van een aantal goedlopende terreinen (zoals Smakterheide II) naar verwachting niet sterk toenemen. Het wachten is op het beschikbaar komen van een aantal geplande terreinen (De Blakt in Venray en Trade Port Noord en Greenpark Venlo). In Midden-Limburg is de verwachting dat, door een aantal grotere opties op onder andere Roerstreek-Zuid

in Roermond en de uitbreidingslocatie van De Berk, de uitgifte in 2006 stabiel zal blijven. Op de geplande bedrijuitgifte in 2005, de uitgifte in 2006 weer zal toenemen. Het geplande bedrijventerrein Maastricht-Eijsden is in 2006 beschikbaar komen; in dat jaar zal dan ook de uitgifte in deze regio naar verwachting toenemen.

venterreinen Pannenweg-West, Leuken-Noord en Kampershoek-Noord in de regio Weert is de infrastructuur nog niet aangelegd en zijn de kavels nog niet uitgeefbaar. Ook in Zuid-Limburg is de verwachting dat, na de beperkte nog niet voor uitgifte beschikbaar, zodat de uitgifte in deze regio ook in 2006 naar verwachting beperkt zal blijven tot enkele kleinere kavels. Het bedrijventerrein Maastricht-Eijsden zal naar verwachting in 2007 voor uitgifte

Gezien de aantrekkende economie is het nu wel geboden de in ontwikkeling zijnde plancapaciteit van een aantal grotere nieuwe terreinen in de provincie daadwerkelijk voor de markt beschikbaar te krijgen in 2006 en 2007. De verwachting is dat de totale uitgifte in 2006 zich zal bewegen tussen de 60 en 70 ha.

Werklocaties Limburg 2005

43

44

Werklocaties Limburg 2005

Voorraad

4

4.1 Inleiding Dit hoofdstuk besteedt aandacht aan de beschikbare voorraad aan bedrijfskavels per 31-12-2005 op zogenaamde getypeerd. Hoewel vestiging er slechts onder bepaalde voorwaarden mogelijk is, krijgen deze terreinen via verwerklocaties in Limburg. Ook de terreinen Chemelot en ZON Fresh Park worden als ‘beschikbare voorraad’ kopen, erfpacht en co-siting meer en meer een ‘openbaar’ karakter. De grotere solitaire bedrijfslocaties van > 1 ha (bijvoorbeeld ENCI, Solvay) worden in dit hoofdstuk buiten beschouwing gelaten (op deze locaties zijn in principe geen restcapaciteiten voorhanden). Ook het Duits gedeelte van het bedrijventerrein Avantis wordt buiten beschoute van het bedrijventerrein Avantis nog restcapaciteiten (44 ha) beschikbaar zijn. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de omvang, eigendomsverhoudingen, ontsluitingswijze, bestemming, grootte en categorieën werklocaties, de gemiddelde grondprijzen en de voorraadpositie van Limburg ten opzichte van het landelijke beeld (paragraaf 3.4). 4.2 Voorraad per 31-12-2005 in Limburg Eind 2005 waren er in Limburg 107 werklocaties waarop in totaal nog 814 ha vrij was voor uitgifte: 33 terreinen met 164 ha uitgeefbare grond in Noord-Limburg, 25 terreinen met 187 ha uitgeefbare grond in Midden-Limburg en 49 keling van de beschikbare voorraad in Limburg wordt in de volgende staat samengevat. Staat 4.1 Kencijfers voorraad werklocaties, 2001-2005 Jaar Aantal kavels werklocaties Aantal gemeenten )
a

wing gelaten; de rapportage gaat in op openbare werklocaties in Limburg. Op te merken is dat op het Duits gedeel-

terreinen met 463 ha uitgeefbare grond in Zuid-Limburg (exclusief het Duitse deel Avantis van 44 ha). De ontwik-

Aantal

voorraad In ha

beschikbare

Totale

(incl. opties) In ha

uitgeefbaar

terstond

Waarvan

2001 2002 2003 2004 2005
a

617

564 563 640

107

105 105 108

40

37 37 37

934

901 872 844

402

436 452 434

628

107

36

814

444

Aantal gemeenten gecorrigeerd voor tussentijdse gemeentelijke herindelingen. Bron: REBIS, 2006.

Werklocaties Limburg 2005

45

Sinds 1998 neemt de voorraad uitgeefbare grond in Limburg af. In de laatste tien jaar is de restcapaciteit met 237 ha afgenomen van 1.051 ha eind 1995 tot 814 ha eind 2005. Dit is gelijk aan een afname van gemiddeld ruim 2% per jaar. Ook in 2005 heeft deze trend zich voortgezet. De restcapaciteit in Limburg is het afgelopen jaar met 30 opzichte van 2004 iets toegenomen; en wel met 10 ha oftewel met ruim 2%. 4.2.1 Voorraadontwikkeling per regio In Limburg neemt de beschikbare voorraad aan werklocaties (restcapaciteit) de laatste jaren steeds verder af. Ook dieptepunt aanbeland. Een aantal in uitvoering zijnde plannen kunnen daar op korte termijn (2006/2007) verandeeen deel van de in uitvoering zijnde plannen dit en volgend jaar leidt tot extra uitgeefbare capaciteit. De restcapaciteiten bedragen per regio: - Noord-Limburg: 164 ha (2004-2005: -18 ha, 10%); - Midden-Limburg: 187 ha (2004-2005: +4 ha, +2%); - Zuid-Limburg : 463 ha (2004-2005: -15 ha, -3%). Noord-Limburg in 2005 is de voorraad, in bijna alle Limburgse regio’s, verder afgenomen en is de beschikbare voorraad op een ring in brengen. Het is dan ook noodzakelijk in bijna alle regio’s (uitzondering: regio Parkstad) ervoor te zorgen dat ha oftewel met bijna 4% afgenomen. Daarentegen is de voorraad aan terstond uitgeefbare oppervlakte in 2005 ten

In Noord-Limburg zijn geen nieuwe werklocaties met restcapaciteiten aan de voorraad toegevoegd. Er is in 2005

één bedrijventerrein uit de voorraad verdwenen; op het bedrijventerrein Hagelkruis in de gemeente Horst aan de voorraad verder afgenomen tot 164 ha. In Noord-Limburg bestaan momenteel concrete plannen voor 370 ha bruto bruto) in Venlo, De Blakt (85 ha bruto) in Venray en De Brem (15 ha bruto) in Gennep. Midden-Limburg

Maas is in 2005 namelijk de laatste kavel uitgegeven. Door de uitgifte in 2005 van circa 21 ha is de beschikbare aan nieuwe werklocaties; te weten Trade Port Noord en Bedrijvenpark Venlo Greenport (195 respectievelijk 76 ha

In 2005 zijn een tweetal nieuwe werklocaties aan de voorraad toegevoegd; te weten de bedrijventerreinen Oosttangent (10 ha netto) en Oosthoven (ruim 1 ha netto) in de gemeente Roermond. Op het bedrijventerrein Roerstreek-Noord in Roermond is een kavel van bijna 3 ha hernieuwd beschikbaar gekomen voor uitgifte. Er is in raad in Midden-Limburg, ondanks een uitgifte van 10 ha in 2005, met ruim 3 ha toegenomen tot 187 ha. Er bestaan in de gemeente Echt-Susteren. Zuid-Limburg 2005 één bedrijventerrein uit de voorraad verdwenen; door de uitgifte van de laatste kavel op het bedrijventerrein Leuken-Noord zijn op dit bedrijventerrein geen kavels meer uitgeefbaar. Per saldo is de totale beschikbare voormomenteel concrete plannen voor 170 ha bruto nieuwe bedrijventerreinen en uitbreidingslocaties; te weten Kampershoek-Noord (70 ha bruto) en Leuken-Noord (10 ha bruto) in de gemeente Weert en St. Joost (90 ha bruto)

In Zuid-Limburg is de voorraad in 2005 afgenomen met bijna 15 ha tot 463 ha. Het beeld voor deze regio wordt verder uitgesplitst naar de drie gewesten: - Westelijke Mijnstreek, - Parkstad Limburg, - en Maastricht & Mergelland.

46

Werklocaties Limburg 2005

Westelijke Mijnstreek

In Zuid-Limburg zijn in de regio Westelijke Mijnstreek geen nieuwe terreinen met restcapaciteit aan de voorraad toegevoegd. Wel zijn een tweetal bedrijventerreinen als gevolg van uitgifte van de laatste kavel, uit de voorraad verdwenen; te weten Beeker Hoek in de gemeente Beek en Sanderboutlaan in de gemeente Stein. De voorraad is bruto). Dit nieuwe terrein zal in 2007 beschikbaar komen voor uitgifte. Parkstad Limburg in 2005, als gevolg van een uitgifte van 14 ha, afgenomen tot 253 ha. In deze regio bestaan momenteel concrete

plannen voor een nieuw bedrijventerrein ten oosten van de luchthaven, te weten Bedrijventerrein MAA Oost (95 ha

In Parkstad Limburg zijn geen nieuwe terreinen in de voorraad opgenomen. Wel is een uitbreidingslocatie van 2 ha aan de voorraad toegevoegd (bedrijventerrein Emma Heerlen). Gecombineerd met een uitgifte van ca. 3 ha is de te worden ontwikkeld voor uitbreiding van het bedrijventerrein Hendrik in Brunssum (40 ha bruto). Maastricht & Mergelland beschikbare voorraad in 2004 slechts afgenomen met 1 ha: van 140 ha tot 139 ha. In deze regio dienen plannen

In deze regio zijn geen nieuwe terreinen of uitbreidingslocaties in de voorraad opgenomen. Wel zijn op het bedrijventerrein Randwyck-Zuid in Maastricht en op het bedrijventerrein Gronsveld in Eijsden twee eerder uitgegeven kavels weer aan beschikbare voorraad toegevoegd. Hierdoor is de beschikbare voorraad in 2005, in combinatie met een beperkte uitgifte van 3 ha, slechts met 1 ha afgenomen tot bijna 71 ha. Figuur 4.1 Totaal beschikbare oppervlakte in Limburg 1990-2005, per 31 december

1.400 1.200 1.000 800 600 400 200 0

1989

=Noord-Limburg

1991

1993

=Midden-Limburg

1995

1997

1999

=Zuid-Limburg

2001

2003

=Limburg

2005

Bron: REBIS, 2006.

Werklocaties Limburg 2005

47

4.2.2 Voorraad; van restcapaciteit naar ‘vrije’ kavels De beschikbare voorraad is niet gelijk aan de oppervlakte vrij ter beschikking staande terreinen. Een gedeelte van de beschikbare voorraad is namelijk niet-terstond uitgeefbaar. Het kan zijn dat de gronden nog niet bouwrijp zijn stond uitgeefbaar is, is niet altijd zondermeer vrij beschikbaar. Op kavels kunnen namelijk opties liggen7. Het gemaakt of dat de infrastructuur nog niet is aangelegd. Ook het gedeelte van de beschikbare oppervlakte dat terinzichtelijk maken van bestaande opties op werklocaties is van groot belang bij het in beeld brengen van de daadwerkelijke ‘vrije’ oppervlakte aan gronden op werklocaties. Daarnaast geeft het een indicatie van de vraag c.q. uitgifte op korte termijn. Staat 4.2 geeft inzicht in het aantal opties op de nog beschikbare voorraad aan terstond uitgeefbare terreinen op 31-12-2005 en de nog ‘vrije’ oppervlakte in Limburg. Staat 4.2 Voorraad; van restcapaciteit naar vrije kavels, per 31-12-2005 RestNietcapaciteit terstond Totaal uitgeefbaar In ha In ha Terstond uitgeefbaar Waarvan: Opties In ha

‘Vrije’ kavels In ha . In % restcapaciteit 49,6 42,8

In ha

In % restcapaciteit 68,8 51,6

Midden-Limburg Zuid-Limburg - Westelijke Mijnstreek - Parkstad Limburg - Maastricht & Mergelland Limburg 31-12-2003 Limburg 31-12-2004 Limburg 31-12-2005

Noord-Limburg

164,18 462,82

187,22 252,75

207,82

113,31

49,48

114,70

139,28 70,79 872,99 844,02 814,22

107,49 39,13

255,00

73,91

38,6 52,6

23,42 48,42

14,67 26,02

91,28 211,75

59,25

32,2 43,0

100,15 9,59 450,21 433,93 443,61

145,26

68,2 15,2 51,6 51,4 54,5

16,60 5,79 76,06 86,51

119,24 83,54 8,97

58,5 11,6

61,20 422,78 410,09 370,61

108,57

374,15 325,36 362,27

42,9 38,5 44,5

7

Onder een optie wordt verstaan een, al dan niet tegen betaling, op schrift gestelde overeenkomst tussen grondeigenaar en kandidaat-koper waarin een bepaalde kavel voor een bepaalde tijd wordt gereserveerd.

48

Werklocaties Limburg 2005

Van de in Limburg per 31-12-2005 beschikbare voorraad werklocaties van 814 ha was meer dan de helft, 443 ha, vlakte is 87 ha via opties gereserveerd voor geïnteresseerde bedrijven. De oppervlakte ‘vrije’ gronden omvat 362 ha, 37 ha meer dan eind 2004. Evenals de totale terstond uitgeefbare oppervlakte is het aandeel (terstond uitgeefbare) ‘vrije’ kavels in Limburg eind 2005 toegenomen; en wel tot bijna 45% van de totale restcapaciteit. Met name in Parkstad Limburg is een groot deel van de terstond uitgeefbare terreinen vrij uitgeefbaar. Meer dan tijdige ontwikkeling van het nieuwe terrein Maastricht-Eijsden in Maastricht is daardoor van groot belang. Ook in terstond beschikbare kavels op peil te houden. 4.2.3 'Top 10' terstond uitgeefbare voorraad De terstond uitgeefbare oppervlakte bedraagt eind 2005 circa 444 ha op 107 werklocaties in 36 gemeenten. Per werklocatie Naast een 'Top 10’ uitgifte is ook een top 10 samengesteld van Limburgse werklocaties met de grootste terstond beschikbare oppervlakte. Voor eind 2005 ziet die er als volgt uit. Staat 4.3 Voorraad (terstond uitgeefbaar) 'Top 10' werklocaties, per 31-12-2005 Naam gemeente Regio Terstond beschikbare oppervlakte in ha 55,66 25,18 Oppervlakte vrije kavels 40,40 23,14

terstond uitgeefbaar. De terstond uitgeefbare oppervlakte is in 2005 iets toegenomen (+10 ha). Het aandeel is daardoor toegenomen tot bijna 55% (voor 2002 schommelde het aandeel tussen de 38 en 40%). Van deze opper-

de helft van de beschikbare voorraad is hier terstond en vrij uitgeefbaar. Daartegenover is in de regio Maastricht & Mergelland de situatie, als gevolg van de beperkte voorraad (terstond) uitgeefbare oppervlakte, dramatisch. De we bedrijventerreinen zoals Kampershoek-Noord, Pannenweg-West en St. Joost van groot belang om de voorraad Midden-Limburg zijn relatief weinig kavels terstond en vrij beschikbaar. In deze regio is de ontwikkeling van nieu-

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10

(1) a (2) (3) (5) (6)

Chemelot Avantis

Bedrijvenstad Fortuna Sittard-Geleen Trilandis Heerlen Venlo Heerlen Sittard-Geleen Sittard-Geleen

Sittard-Geleen

30,63

30,63

(8) (4) (9)

Industrial Park Swentibold Holtum-Noord

ZON Fresh Park

20,66

18,37

15,56

17,55

12,51

17,55 11,43 11,70 8,92

Melderlosche Weiden Horst aan de Maas De Hulst II Venray

Roerstreek Zuid

Roermond

14,46

16,44 11,70

11,22

11,22

a De cijfers tussen haakjes geven de klassering in de 'Top 10' per 31-12-2004 aan. Bron: REBIS, 2006.

Werklocaties Limburg 2005

49

De top 10-ranking is niet te vergelijken met de lijst uit de vorige rapportage; vanaf 2005 worden ook het Chemelot en ZON Fresh Park als (openbare) werklocaties in de analyses meegenomen. Op deze beide terreinen is relatief met terugwerkende kracht in de analyses opgenomen, zodat een juiste vergelijking met de voorgaande jaren gewaarborgd blijft. veel ruimte beschikbaar, waardoor beide terreinen onmiddellijk in de top 10-ranking verschijnen. De terreinen zijn

Het terrein met de grootste terstond beschikbare voorraad is Chemelot. Dit voor chemiegerelateerde bedrijven

bestemde terrein in Sittard-Geleen heeft bijna 56 ha terstond uitgeefbaar. Let wel, deze kavels zijn vrijwel uitsluitend bestemd voor chemiegerelateerde bedrijven. Op de tweede plaats staat het bedrijventerrein Bedrijvenstad Fortuna; eveneens gelegen in Sittard-Geleen. Dit terrein, waar nog bijna 31 ha terstond uitgeefbaar is, kent nog steeds aanloopproblemen. Op de derde plaats staat het grensoverschrijdende bedrijventerrein Avantis (Heerlendie actief zijn in de handel en transport van groente en fruit. Deze terreinen zullen ook de komende jaren in de 'Top

Aken) . Het bedrijventerrein Trilandis in Heerlen staat op een vierde plek. Het op de vijfde plaats staande ZON Fresh Park (Venlo) is bestemd voor bedrijven die gerelateerd zijn aan de veiling; het betreft met name bedrijven 10' terug te vinden zijn. Nieuw in de 'Top 10'-ranking is het bedrijventerreinen Industrial Park Swentibold (Sittard-

Geleen). Dit terrein is in 2005 beschikbaar gekomen als terstond uitgeefbaar. Op het terrein is zelfs al een eerste (grote) kavel uitgegeven ten behoeve van een distributiecentrum van Mitsubishi. Het terrein is bestemd voor bedrijde Maas als gevolg van teruggave van een zeer grootschalige kavel. De terreinen Trade Port West (Venlo) en De Berk (Echt-Susteren) bevinden zich als gevolg van uitgifte op deze terreinen niet meer in de voorraad top 10 ranking. ven uit het automotive cluster. Eveneens nieuw in de lijst is het bedrijventerrein Melderlosche Weiden in Horst aan

De werklocaties in de top 10 nemen 222 ha voor hun rekening. Dit is gelijk aan 50% van de totale terstond beschikbare voorraad in Limburg. Dit is een afname in vergelijking met het voorafgaande jaar (-9 ha respectievelijk –3%punten). Per gemeente

Wanneer de terstond uitgeefbare oppervlakte per gemeente wordt bezien, ziet de top 10 er als volgt uit. Staat 4.4 Voorraad (terstond uitgeefbaar) 'Top 10' gemeenten, per 31-12-2005 Naam gemeente 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 (1) a (2) (3) (5) (6) (4) (9) (7) (8) (10) Sittard-Geleen Heerlen Venlo Regio Westelijke Mijnstreek Terstond beschikbare oppervlakte in ha 124,25 55,16 79,93 Oppervlakte vrije kavels 103,52 39,57 68,59

Horst aan de Maas Roermond Venray Helden

Noord-Limburg

Parkstad Limburg Noord-Limburg

Echt-Susteren Kerkrade Weert

Noord-Limburg

Noord-Limburg

Midden-Limburg

18,69 17,05 16,12

19,56

12,85 15,31 12,09

18,79

Parkstad Limburg Midden-Limburg

Midden-Limburg

16,09

a De cijfers tussen haakjes geven de klassering in de 'Top 10' per 31-12-2004 aan. Bron: REBIS, 2006.

13,91

14,84

16,09 9,98

9,72

50

Werklocaties Limburg 2005

De gemeente met de grootste terstond beschikbare voorraad eind 2005 is, mede dankzij de restcapaciteiten op

Chemelot, de gemeente Sittard-Geleen. In deze gemeente is eind 2005 ruim 124 ha terstond uitgeefbaar. Op te merken is dat in de gemeente Sittard-Geleen een groot deel van de beschikbare voorraad bestemd is voor enerzijds chemiegerelateerde bedrijven (Chemelot-terrein; 56 ha) en anderzijds bedrijven uit het automotive cluster (Industrial Park Swentibold; 18 ha). Daarnaast spelen in de gemeente Sittard-Geleen ook de bedrijventerreinen te is een groot deel van de beschikbare voorraad (18 ha) te vinden op het bedrijventerrein ZON Fresh Park dat als gevolg van de uitgifte in 2005, een aantal plaatsen gezakt. Bedrijvenstad Fortuna en Holtum-Noord een belangrijke rol betreffende de terstond uitgeefbare oppervlakte. Op de tweede plaats staat Heerlen, net zoals vorig jaar. Op de derde plaats staat de gemeente Venlo. In deze gemeenbestemd is voor transport- en handelsbedrijven gerelateerd aan de goente- en fruitveiling. De gemeente Venray is, De gemeenten in de top 10-ranking nemen 376 ha voor hun rekening. Dit is gelijk aan 85% van de totale terstond 6 ha is toegenomen, is het aandeel van deze gemeenten in de totale beschikbare terstond uitgeefbare oppervlakte in Limburg onveranderd gebleven. 4.2.4 Aanbieders van werklocaties Gemeenten zijn van oudsher de belangrijkste aanbieders van werklocaties. Van de totale voorraad per 31-12-2005 in Noord-Limburg hebben gemeenten een groot aandeel van de nog beschikbare gronden in eigendom. in Limburg wordt nog slechts 38% door gemeenten aangeboden. Vorig jaar bedroeg het aandeel 39%. Met name Naast gemeenten zijn ook (semi)particuliere partijen actief bij het beheer en de ontwikkeling van werklocaties. Grouwels-Daelmans (Wolfskoul - Susteren), Janssen & De Jong Plancoördinatie (Noorderpoort - Venlo) en Meulen partijen beheren en exploiteren beiden een bedrijventerrein onder een gelijke naam. Beide terreinen zijn bestemd fruit. ven, beleggers). Enkele voorbeelden van projectontwikkelaars zijn 3W (Julia - Kerkrade en Trilandis - Heerlen),

beschikbare voorraad in Limburg. Alhoewel de terstond beschikbare voorraad in de genoemde tien gemeenten met

Daaronder vallen projectontwikkelaars, ontwikkelings- en acquisitiemaatschappijen en overige particulieren (bedrij(Bedrijvenstad Fortuna - Sittard). Daarnaast zijn er in Limburg twee grote particuliere bedrijven actief op het gebied

van bedrijventerreinenontwikkeling en –beheer; namelijk Chemelot BV en ZON Fresh Park Vastgoed. Deze twee voor bedrijfsactiviteiten die gerelateerd zijn aan enerzijds chemie en anderzijds handel en transport in groente en Ook de provinciale ontwikkelings- en acquisitiemaatschappij LIOF richt zich, in opdracht van de Provincie Limburg, Bedrijventerreinen BV'. Deze is intensief betrokken bij de ontwikkeling van de volgende terreinen: Avantis, BMAA

op het ontwikkelen van een aantal grote werklocaties. De activiteiten bestaan uit coördinatie en afstemming, mar(MADC, Maastricht Aachen Development Company) en Industrial Park Swentibold (ruimtelijke clustering van toe-

keting en financiële deelname. De aparte vennootschap die zich hiermee bezighoudt binnen het LIOF, is 'LIOF leveranciers van NedCar rond de vestiging in Born). Onder particulieren vallen ook organisaties die, gezamenlijk met gemeenten, verantwoordelijk zijn voor beheer en ontwikkeling van individuele werklocaties; zoals Avantis B.V. (Avantis) en GEM (Holtum-Noord). Met name in de Westelijke Mijnstreek heeft de groep ‘private aanbieders’ een groot aandeel van de nog beschikbare gronden in beheer. 2005.

Staat 4.5 geeft een beeld van de verhoudingen tussen de verschillende groepen aanbieders van werklocaties eind

Werklocaties Limburg 2005

51

Staat 4.5 Beschikbare oppervlakte werklocaties naar aanbieder, per 31-12-2005 Gemeente Abs. In % Regionale ontwikkelingsmaatschappij Abs. In % Particulier (o.a. projectontwikkelaars) In % 50,8 Totaal Abs.

Noord-Limburg Zuid-Limburg

Midden-Limburg - Westelijke Mijnstreek - Parkstad Limburg Limburg - Maastricht & Mergelland

80,70 143,29 86,55 61,29 310,56 33,84 48,16

49,2 46,2 31,0 44,0 13,4 68,0

81,28 81,28 -

-

43,4 10,0 -

83,48 319,51

Abs.

19,40

218,91 77,98 22,63

69,0

10,4 56,0 86,6 32,0

164,18 462,82

187,23 139,28 252,75 70,79

38,1

422,38

51,9

814,23

Er is in Limburg één regionale ontwikkelingsmaatschappij actief, namelijk REO Midden-Limburg. Deze organisatie is verantwoordelijk voor het beheer van bestaande en de ontwikkeling van nieuwe bedrijventerreinen in Roermond, van bedrijventerreinen voert deze organisatie uit in opdracht van de participerende gemeenten. Momenteel heeft nisatiestructuur in deze regio naar verwachting verschuiven van gemeentelijk beheer naar het beheer en ontwikkeling door een regionale ontwikkelingsmaatschappij. 4.2.5 Voorraad naar ontsluitingswijze Belangrijke vestigingsplaatsfactoren voor ondernemers zijn de bereikbaarheid en de ontsluiting van werklocaties. Naast een goede ontsluiting via het wegennet (bijvoorbeeld ligging aan autosnelweg) is voor bepaalde bedrijven ook ontsluiting via vaarwater en/of spoor van belang. Het feit dat een bedrijventerrein naast een wegontsluiting beschikbaar zijn met directe aansluiting op spoor en/of water. Het belangrijkste bij werklocaties aan spoor of water ben. In staat 4.6 is de voorraad werklocaties aangegeven met de verschillende ontsluitings¬mogelijkheden. over één of twee additionele ontsluitings¬modaliteiten beschikt, houdt niet automatisch in dat er ook nog kavels is dat er faciliteiten zijn voor overslag van de ene naar de andere modaliteit zonder dat die gebonden zijn aan een bedrijf. Daardoor wordt de noodzaak minder om per bedrijf een directe aansluiting op het spoor en/of water te hebAmbt Montfort, Haelen en Roerdalen (Zevenellen-terrein, Roerstreek-Zuid, Merum). Het beheer en ontwikkeling deze organisatie 43% van de beschikbare gronden in Midden-Limburg in beheer. In Parkstad Limburg bestaan momenteel plannen om te komen tot een regionale ontwikkelingsmaatschappij. In de komende jaren zal de orga-

52

Werklocaties Limburg 2005

Staat 4.6 Voorraad werklocaties naar ontsluitingswijze, per 31-12-2005 Weg Noord-Limburg Zuid-Limburg
- Westelijke Mijnstreek

luchthaven

Weg/

Weg/

spoor

Weg/ 1,77

Vaarwater

Weg/spoor/ Vaarwater 2,01

Totaal 164,18

Midden-Limburg

265,40 71,32

129,76

160,40 0,49 0,49 160,22 155,68 4,54

29,18

20,27

28,29

16,44

187,23

462,82

- Parkstad Limburg - Maastricht & Mergelland

134,74 59,34 555,56

8,82

16,44

139,28 70,79

252,75

11,45 0,49 160,22 51,22 46,74

Limburg Bron: REBIS, 2006.

814,23

Weg- en luchthavenontsluiting

Onder deze ontsluitingscategorie vallen werklocaties die direct ontsloten zijn via een (regionale) luchthaven en baar van circa 0,5 ha. Er bestaan plannen voor een nieuw bedrijventerrein ten oosten van de regionale luchthabegonnen worden met de aanleg en ontsluitingswerkzaamheden. Weg- en spoorontsluiting voorhanden. terrein, namelijk Businesspark Maastricht Aachen Airport. Op dit terrein is nog een beperkte oppervlakte beschik-

voor vestiging van luchthavengebonden bedrijven bedoeld zijn. In Limburg is dit van toepassing op één bedrijvenven; Businesspark Maastricht Aachen Airport Oost (BMAA Oost). Naar verwachting zal op korte termijn (2007)

In Zuid-Limburg zijn twee werklocaties met weg- en spoorontsluiting. Het betreft het bedrijventerreinen Chemelot in Sittard-Geleen en Julia in Kerkrade. Met name op het Chemelot-terrein zijn nog kavels met een spoorontsluiting Weg- en vaarwaterontsluiting

In Noord-Limburg heeft één bedrijventerrein met nog beschikbare voorraad naast een wegontsluiting tevens een enkele restkavels te vinden op het bedrijventerrein Kanaal Wessem-Nederweert in Heel. Daarnaast bestaan er revitaliseringsplannen voor het bedrijventerrein Willem-Alexander in Roermond (ontsloten via water). In ZuidLimburg ligt één bedrijventerrein met voorraad aan vaarwater; het bedrijventerrein Beatrixhaven in Maastricht. In totaal is 51 ha nog beschikbaar op werklocaties met een weg- en vaarwaterontsluiting. Weg-, spoor- en vaarwaterontsluiting ontsluiting via vaarwater, namelijk het Haven- en Industrieterrein Wanssum te Meerlo-Wanssum. Ook zijn nog

In Limburg liggen slechts enkele terreinen die over drie ontsluitingsmodaliteiten beschikken. De enige relevante werklocaties met weg-, spoor- en vaarwaterontsluiting waar nog beschikbare voorraad aanwezig is, zijn: Venlo baar op werklocaties met een weg-, spoor- en vaarwaterontsluiting. Trade Port in Venlo, Holtum-Noord in Born, de Haven Stein en Zevenellen in Haelen. In totaal is 47 ha nog beschik-

Werklocaties Limburg 2005

53

4.2.6 Voorraad naar grootteklassen De beschikbare voorraad kan verdeeld worden naar grootte van de afzonderlijke kavels. Staat 4.7 laat zien dat nog slechts enkele grotere kavels ter beschikking staan. Staat 4.7 Aantal beschikbare kavels naar grootteklassen en regio, per 31-12-2005 Situatie per 31-12-2005
<1 ha 1-5 ha 5-10 ha >10 ha Totaal <1 ha

Ontwikkeling 2004 – 2005 (in absolute aantallen)
1-5 ha 5-10 ha >10 ha Totaal

Restcapaciteit totaal Noord-Limburg Zuid-Limburg Midden-Limburg - Westelijke Mijnstreek - Parkstad Limburg Limburg - Maastricht & Mergelland

107 139 168

44

87 414

49 32

90

32 35

3 14 2

2 1 5 4 1 -

156

174 277 98 49

-13 -12 -6 -2

-4

+10 +4 -8

+1

-1 -5 -5 0 0

-2 0 0 0 -

0

42 166

10 1 3

13

130 607

-4 -29

-1 +6

-7 0

-25

-12 -18 -5 -2

7

19

8

-5

-2

-30

‘Vrij’ terstond beschikbare voorraad Noord-Limburg Zuid-Limburg Midden-Limburg - Westelijke Mijnstreek - Parkstad Limburg Limburg - Maastricht & Mergelland Bron: REBIS, 2006.

120 40 62

85

84

20

16 53 21

2

-

28

3

4 1

1

1 -

-

-

107

100 178 72 84

+11 +20 +10 +23 +8 -8

+6

0

+2

+5 +2

+1

-

-1

-1 0

+1

+1 -

-1

-

+11 +25 +12 -2

+10

289

18

89

4

6

-

1

-

385

22

+2

+11

+1

-1

-

+1

-

+34

+3

Slechts 27 (4%) van de in totaal ruim 600 nog beschikbare kavels zijn groter dan 5 ha. Dit aantal is geringer indien verdeeld over zes werklocaties, zijn terstond en vrij beschikbaar: - Industrial Park Swentibold in Sittard-Geleen (15 ha); - Chemelot in Sittard-Geleen (10 ha); - De Hulst II in Venray (7 ha); - Trilandis in Heerlen (6 ha); - Melderlosche Weiden in Horst aan de Maas (7 ha); - Bedrijvenstad Fortuna in Sittard-Geleen (5 ha); - Chemelot in Sittard-Geleen (5 ha).

alleen gekeken wordt naar het aantal terstond en vrij beschikbare kavels. Slechts zeven kavels groter dan 5 ha,

54

Werklocaties Limburg 2005

Opgemerkt dient te worden dat met name bij nieuwe werklocaties de uiteindelijke perceelverdeling niet definitief is; grote percelen kunnen in een latere fase alsnog in kleinere worden gesplitst. 4.2.7 Voorraad naar categorie werklocaties Vanaf 2004 is in het kader van REBIS sprake van werklocaties; daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen bedrijlyses meegenomen. In deze paragraaf wordt een overzicht gegeven van de beschikbare voorraad eind 2005 naar de verschillende categorieën werklocaties. Het grootste deel van de beschikbare voorraad op werklocaties in Limburg is te vinden op bedrijventerreinen; met name op de stedelijke bedrijventerreinen (34%) en de functiespecifieke bedrijventerreinen (32%). De industrieelgebied 13% van de restcapaciteit vertegenwoordigen. logistieke terreinen herbergen 17% van de totale beschikbare voorraad, terwijl bedrijventerreinen in het landelijk De resterende restcapaciteit (3%) wordt gecomplimenteerd door de stedelijke dienstenterreinen. De ruim 22 ha die al te vinden in Heerlen (Coriopolis en Stadspark Oranje Nassau) en Weert (Centrum-Noord). venterreinen en stedelijke dienstenterreinen. Vanaf 2005 zijn het Chemelot-terrein en ZON Fresh Park in de ana-

op deze kwalitatief hoogwaardige locaties voor kantoren en/of grootschalige retail nog beschikbaar zijn, zijn voor-

Werklocaties Limburg 2005

55

56
Stedelijke Dienstenterreinen werklocaties Stedelijk terrein 155,68 27,71 0,49 61,50 bedrijventerreinen verzorgend terrein terreinen terrein (K) terrein (R) dienstenbedrijven bedrijvendiensten- dienstenstedelijke Regionaal Lokaal Totaal Stedelijk Stedelijk Totaal Totaal terrein bedrijven155,68 27,71 0,49 61,50 17,55 71,53 2,48 17,55 54,83 28,33 28,33 74,39 79,52 79,52 49,98 29,19 26,85 16,69 27,12 26,85 16,69 27,12 68,05 71,53 0,26 0,00 49,98 29,19 0,00 0,00 0,00 2,01 74,39 54,83 4,50 0,00 0,26 0,00 0,00 12,02 107,85 791,87 0,71 0,65 0,00 2,48 16,69 5,15 2,22 27,38 68,05 0,00 14,24 2,01 34,34 26,85 51,99 0,71 107,85 19,50 2,87 22,37 814,23 55,53 88,63 279,04

Bedrijventerreinen

terrein

bedrijven-

specifiek

Functie-

terrein

bedrijven-

industrieel

Logistiek-/

Staat 4.8 Restcapaciteiten 31-12-2005 naar categorie werklocatie (bedrijventerreinen / stedelijke dienstenterreinen), in ha

Werklocaties Limburg 2005

Chemie cluster

Agribusiness

Landelijk gebied

Maastricht

Parkstad Limburg

Westelijke Mijnstreek

Weert

Roermond

Venray

Venlo

Zuid-Limburg

Midden-Limburg

Noord-Limburg

Automotive cluster

Luchthaven cluster

Logistiek cluster

155,68

61,50

27,71

17,55

0,49

68,05

71,53

2,48

Totaal

262,92

142,06

Bron: REBIS, 2006.

4.3 Grondprijs Van de totale investeringskosten bij een bedrijfsverplaatsing vormen de kosten voor de grond een relatief klein deel. Toch speelt deze vestigingsfactor een belangrijke (psychologische) rol bij de locatiekeuze van bedrijven. De gemiddelde prijs ten opzichte van het voorgaande jaar met circa 10% gestegen. De laatste jaren zijn de grondprijde prijs voor een vierkante meter respectievelijk 7%, 9 en 10. Limburg en de regio’s 2005) in Limburg bedraagt circa 96 euro9 met een gemiddelde marge van 76 euro tot 116 euro. Daarmee is de gemiddelde vierkante-meterprijs van de in REBIS geregistreerde werklocaties met restcapaciteiten (prijspeil 31-12zen sterk toegenomen. Sinds 2003 heeft echter een afvlakking van de groei plaatsgevonden. In 2001 en 2002 lag

de groei van de gemiddelde prijs nog boven de 20%; in 2003, 2004 en 2005 bedroeg de toename van de gemiddel-

Binnen Limburg bestaan enige verschillen tussen de regio's. Zo ligt de gemiddelde prijs in de Westelijke Mijnstreek en Parkstad Limburg met gemiddeld 108 euro en 102 euro boven het Limburgs gemiddelde. In deze regio’s hebben de bedrijventerreinen Bedrijvenstad Fortuna, Technoport Europe en Avantis een relatief grote invloed op de gemiddelde prijs. De prijs per vierkante meter bedrijventerrein is met 66 euro gemiddeld het goedkoopst in de regio respectievelijk 94 euro iets onder het Limburgs gemiddelde van 96 euro. Grondprijs naar soort werklocatie Maastricht & Mergelland. In Noord- en Midden-Limburg ligt de gemiddelde prijs per vierkante meter met 83 euro

De absolute geregistreerde minimum- en maximumprijs in Limburg ligt rond de 20 euro respectievelijk 200 euro. Op te merken is dat de prijs in grote mate bepaald wordt door de ligging en functie van het terrein. Zo ligt de gemiddelde prijs voor een vierkante meter op de stedelijke dienstenterreinen rond de 126 euro. Ook op de kwalitatief hoogwaardige bedrijvenparken (met veel groen, speciale aandacht voor uitstraling van gebouwen en omgete meter daarentegen beduidend lager (74 euro). Dit geldt ook voor werklocaties in het landelijk gebied (78 euro)

ving) liggen de prijzen met gemiddeld 132 euro hoog. Voor logistiek-/industriële terreinen ligt de prijs per vierkanOpvallend is de relatief hoge prijs voor functiespecifieke terreinen ten behoeve van het logistieke cluster (99 euro). Dit relatief hoge prijspeil wordt vooral bepaald door de hoge gemiddelde vierkante-meterprijs op Venlo Trade Port en Trade Port West in Venlo. Een beeld dat steeds vaker voorkomt, is differentiatie in prijs. Op een werklocatie wordt voor kavels die gunstig liggen (wat betreft bereikbaarheid en zichtlocatie) een hogere prijs gevraagd dan voor kavels die meer 'achteraf' liggen of kavels die een minder courante vorm hebben. Limburg versus Nederland; eind 2004

Eind 2004 lag de gemiddelde prijs in Limburg voor werklocaties met 86 euro onder het landelijk gemiddelde van maal hoger dan in Limburg.

98 euro per m2 kavel. Alleen de drie noordelijke provincies en Zeeland (variërend tussen 36 en 58 euro) hadden

een lagere gemiddelde grondprijs. De prijzen in de Randstad (Utrecht (189) en Zuid-Holland (197), zijn ruim twee-

9

de bedrijventerreinen waar nog restcapaciteiten voorhanden zijn; ‘volle’ en/of geplande terreinen worden dus buiten beschouwing gelaten. Op te merken is dat het om een indicatie gaat; de prijzen zijn veelal een onderhandelingsonderwerp.

en nog beschikbare kavels (totale beschikbare voorraad) per 31-12-2005, exclusief BTW. De prijsgegevens worden berekend op basis van bestaan-

De gemiddelde prijs is de gewogen (koop)prijs in euro per vierkante meter bedrijventerrein in Limburg op basis van de uitgifte van kavels in 2005

Werklocaties Limburg 2005

57

Limburg versus aangrenzend buitenland

De prijzen per vierkante meter van bedrijfskavels in het aangrenzende buitenland liggen lager dan in Nederland. In de Belgische regio’s zoals Limburg en Luik is het prijsniveau beduidend lager met een gemiddelde prijs van 30 à 40 euro. Ook in het Duitse deel van de Euregio Maas-Rijn (Stadt Aachen, Kreis Heinsberg, Kreis Aachen, Kreis vergelijken van cijfers dient te worden opgemerkt dat dit moeilijk is, omdat niet altijd van dezelfde definitie van het zieningen, vergunningen, belasting in het buitenland niet altijd in de grondprijs verdisconteerd. Staat 4.9 Grondprijs werklocaties in euro per m2 (excl. BTW), eind 2005 Min. prijs 71 82 75 88 Max. prijs 94 Gemiddeld 83 Duren en Kreis Euskirchen) liggen de prijzen gemiddeld bij 40 euro. De betere locaties in en rond de stad Aken

kennen echter in Duitsland vergelijkbare prijzen als in het stedelijke netwerk Zuid-Limburg: 75 tot 120 euro. Bij het begrip 'bouwrijp' wordt uitgegaan. Zo zijn bijvoorbeeld de kosten voor ontsluiting en/of aansluiting van nutsvoor-

Prijspeil naar regio Noord-Limburg Zuid-Limburg Midden-Limburg - Westelijke Mijnstreek - Parkstad Limburg - Maastricht & Mergelland Prijspeil naar categorie - agribusiness cluster - logistiek cluster

130

106

66

71

134 66

128

103

94

102 66

108

Functiespecifieke terreinen

65

73

104 120 86 80

Stedelijke terreinen Landelijk gebied

Logistiek-/industriële terreinen - lokale terreinen

78

79

73

89

62

132

105 74

99

74

Stedelijk dienstenterrein

- regionaal verzorgende terreinen - stedelijk dienstenterrein (K: kantoren) - stedelijk dienstenterrein (R: retail))

74

85

107

74 98

88

79

145

78

81

158

142 158

126

76

120 158

Prijspeil naar segment Bedrijvenpark Modern gemengd Gemengd plus Transport- en distributie

74

83 62

182 93 86

132 83 74

Stedelijk dienstenterrein Limburg Bron: REBIS, 2006.

107 76

79

145 116

120

126 96

99

58

Werklocaties Limburg 2005

4.4 Plannen per 31-12-2005 Eind 2005 waren verschillende plannen voor uitbreiding van bestaande c.q. aanleg van nieuwe werklocaties bekend. In Limburg bestaan in totaal ruim 1.000 ha bruto aan plannen. Daarbij is op te merken dat het zowel om

concrete plannen gaat met een hoge haalbaarheidsfactor alsook om plannen die nog in een studiefase zitten. Bij ‘Graetheide’, ‘Nedcar Yard’ en ‘Locht-Zuid’ zijn voorbeelden van grootschaligere plannen die niet ‘hard’ zijn.

een aantal plannen is echter de exacte grootte van het terrein en het jaar van eerste uitgifte nog niet bekend. Van

de ruim 1.000 ha bruto aan plannen voor werklocaties is circa driekwart als ‘hard’ te kwalificeren; het plan In Noord-Limburg bestaan concrete plannen voor nieuwe terreinen ter aanvulling op de 'Trade Port-familie', namelijk Trade Port Noord en Bedrijvenpark Venlo Greenport. De gemeente Venlo wil een deel van Trade Port Noord ontwikkelen ten behoeve van logistieke bedrijven en schone, lichte industrie. Een ander deel zal ‘campusachtig’ vorm gegeven worden ten behoeve van ICT-bedrijven en dienstverleners; dit zal in een ruim aan te leggen bos komen te liggen. Het bedrijvenpark Venlo Greenport zal ontwikkeld worden in relatie met de wereldtuinbouwtentoonstelling Floriade 2012. Verder bestaan er nog plannen in Venray (De Blakt). In totaal gaat het in Noord-Limburg om ruim 380 ha aan plannen. In Midden-Limburg bestaan momenteel plannen voor twee nieuwe bedrijventerreinen (Kampershoek-Noord in plannen.

Weert en een nieuw terrein bij het Ei van St. Joost tussen Echt en Maasbracht). Daarnaast bestaan er ook plannen om het bedrijventerrein Leuken-Noord uit te breiden in Weert. In Midden-Limburg gaat het om ruim 170 ha aan In Zuid-Limburg bestaan momenteel met name in de Westelijke Mijnstreek plannen voor een nieuw aan te leggen bedrijventerrein ten oosten van de luchthaven Maastricht Aachen Airport en plannen bij Nedcar (Nedcar Yard). Abdissenbosch in Landgraaf. In de regio Maastricht & Mergelland bestaan twee plannen; een nieuw bedrijventer(Panneslager). In Zuid-Limburg gaat het in totaal om circa 465 ha aan plannen. 4.5 Aanbod bedrijfsonroerend goed op werklocaties In het kader van bedrijfsvestiging is naast de beschikbare voorraad in principe ook het aanbod van bedrijfsonroerend goed op reeds in het verleden uitgegeven kavels van belang. Etil volgt sinds 2003 de ontwikkelingen op de bedrijfsonroerendgoedmarkt. Hierdoor zijn uitspraken mogelijk over het aanbod van bedrijfspanden op Limburgse werklocaties.

Daarnaast is DSM-Graetheide nog altijd gereserveerd ten behoeve van de uitbreidingsbehoefte van het chemiecluster. In Parkstad Limburg is een uitbreidingslocatie voorzien bij de bedrijventerreinen Hendrik in Brunssum en rein tegen de Belgische grens ten westen van Maastricht (Lanakerveld) en een nieuw bedrijventerrein in Eijsden

Werklocaties Limburg 2005

59

Staat 4.10 Bestaand aanbod bedrijfsonroerendgoed op Limburgse werklocaties; eind 2003 – eind 2005 31-12-2003 31-12-2004 31-12-2005 Gemiddelde Huurprijs (=vraagprijs) per m2 in euro 63

Winkelpanden

Aantal panden:

Kantoorpanden Bedrijfspanden Totaal

15 255 88

Oppervlakte in m2 Winkelpanden Kantoorpanden Bedrijfspanden Totaal

358

427

313

103

11

122 483

12

349

132 52 40

23.448

710.416

616.313

70.655

15.046

828.316

740.755

72.515

18.848 780.124 82.382

881.354

Bron: BOG-monitor Limburg, 2006. Eind 2005 werden op de Limburgse werklocaties ruim 480 (bestaande) panden met een totale bedrijfsruimte van derde van het totale aantal bedrijfspanden in Limburg op werklocaties werd aangeboden. Het aanbod is in de laatste jaren sterk toegenomen; in 2004 bedroeg de toename zelfs 19%. In 2005 is het aantal aangeboden panden toegenomen met 14%. De aangeboden oppervlakte laat eveneens een toename zien, zij het in geringere mate; respectievelijk 17% en 7. Naast het bestaande aanbod aan bedrijfsonroerendgoed wordt ook nog ‘gepland’ bedrijfsonroerendgoed op de markt aangeboden. Er worden op de Limburgse werklocaties, additioneel aan het bestaande aanbod nog ruim 40 geplande panden op de markt aangeboden, met een totale bedrijfsruimte van bijna 117.000 m2. De gemiddelde vraagprijs betreffende huurpanden, op basis van het aanwezige c.q. bestaande aanbod per 31-122005, bedraagt ca. 52 euro per m2. Tussen de verschillende typen van panden bestaan echter grote verschillen; zo kantoor- en winkelpanden. Het aanbod van ruim 480 panden op werklocaties betekent dat eind 2005 circa eenruim 881.000 m2 door bedrijfsmakelaars actief op de markt aangeboden. Het zijn vooral bedrijfspanden en beperkt

bedraagt de gemiddelde vraagprijs voor kantoorpanden ca. 132 euro terwijl de gemiddelde prijs voor bedrijfspanden ‘slechts’ 40 euro bedraagt.

4.6 Voorraad Limburg versus Nederland en omliggende regio's In deze paragraaf worden de Limburgse gegevens vergeleken met de ontwikkeling in Nederland als geheel en van de Euregio Maas-Rijn en de Euregio Rijn-Maas-Noord. andere Nederlandse provincies. Daarnaast wordt de Limburgse restcapaciteiten vergeleken met de restcapaciteiten die aanwezig zijn in de aangrenzende buitenlandse regio’s. Daarbij is het grensgebied afgebakend op basis

60

Werklocaties Limburg 2005

4.6.1 Limburg versus andere provincies De landelijke gegevens betreffende de aanwezige restcapaciteiten per 31 december 2005 zijn nog niet bekend. Om december 2004 aan bedrijventerreinen in Limburg ten opzichte van andere provincies in Nederland. Totale voorraad uitgeefbare bedrijventerreinen (exclusief zeehaventerreinen) toch een inzicht te geven in het landelijke beeld wordt hieronder kort ingegaan op de beschikbare voorraad per 31

Wanneer de totale beschikbare voorraad van bedrijventerreinen per 31 december 2004 van circa 9.000 ha wordt ruim 1% (-130 ha)10. De laatste jaren blijft de voorraad in Nederland stabiel, schommelend rond de 9.000 ha.

vergeleken met de afgelopen 10 jaar, blijkt voor Nederland als totaal de voorraad slechts te zijn afgenomen met Uit figuur 4.2 blijkt dat het aantal jaren waarmee men vooruit kan voor wat betreft de voorraad aan bedrijventercies als Zeeland, Groningen, Drenthe, Noord-Holland, Zuid-Holland en Utrecht zoveel terreinen in voorraad hebben dat men tien tot zeventien jaar vooruit kan, terwijl een provincie als Noord-Brabant nog niet voldoende heeft voor vijf jaar. Limburg kan nog acht tot negen jaar vooruit qua voorraad. Het spanningsveld is direct duidelijk wanhet kunnen verkopen van bouwrijpe gronden. Het wil nog wel eens voorkomen dat het bouwrijp maken van een neer men zich realiseert dat er een periode van minimaal zeven tot acht jaren mee gemoeid is voordat op een reinen, per provincie duidelijk verschilt. Op basis van de gemiddelde uitgifte in de laatste 10 jaar blijkt dat provin-

nieuw terrein de eerste gronden verkocht worden. Immers, die periode is nodig om te komen van eerste plan tot nieuw terrein, om wat voor reden dan ook, trager verloopt dan gepland. In de afgelopen jaren is duidelijk geworden dat juridische perikelen omtrent de ontwikkeling van bedrijventerreinen de realisatie van bedrijventerreinen dan die acht jaar vooruit kunnen, zullen de ideeën omtrent nieuwe en nog niet goedgekeurde plannen moeten inventariseren om te kunnen beoordelen of er al dan niet knelpunten kunnen gaan optreden. Figuur 4.2 Aantal jaren die een provincie nog vooruit kan, stand eind 2003 en 2004 ernstig kunnen vertragen. De ontwikkeling van de bedrijventerreinen Avantis, Trilandis, Roerstreek-Zuid en Maastricht-Eijsden zijn in meer of mindere mate voorbeelden hiervan. Dus provincies die minder of net iets meer

Bron: IBIS/REBIS, 2006.

10

De hier gebruikte voorraadcijfers zijn exclusief zeehaventerreinen. Per 31-12-2004 was er in Nederland nog een voorraad zeehaventerreinen van ongeveer 1.400 ha. Deze was verdeeld over Groningen, Friesland, Zuid-Holland, Zeeland en Noord-Brabant.

Werklocaties Limburg 2005

61

Het beeld in de afgelopen 10 jaar (1994-2004) betreffende de voorraadontwikkeling verschilt aanzienlijk per provincie, namelijk van een stijging in de provincies: - Utrecht: - Zeeland: - Flevoland: - Overijssel - Drenthe +48%, oftewel +204 ha; +58%, oftewel +151 ha; +30%, oftewel +141 ha; +30%, oftewel +307 ha, +12%, oftewel +114 ha;

- Zuid-Holland - Gelderland: - Friesland: - Limburg

+23%, oftewel +138 ha; + 4%, oftewel +27 ha; -15%, oftewel -109 ha; -18%, oftewel -81 ha; -30%, oftewel -283 ha; -33%, oftewel -511 ha.

tot een daling in de provincies: - Groningen: - Noord-Holland: - Noord-Brabant:

-21%, oftewel -227 ha;

Ook in de periode eind 2003 – eind 2004 verschilt de voorraadontwikkeling aanzienlijk per provincie. In Utrecht en Zeeland is de voorraad in 2004 sterk toegenomen (+58% respectievelijk +48%, oftewel +150 ha en +200 ha). Ook in de provincie Zuid-Holland nam de voorraad met 30% (+310 ha) sterk toe. In Noord-Brabant, Noord-Holland en in minder mate in Limburg, Groningen en Friesland, nam de beschikbare oppervlakte in 2004 af. Figuur 4.3 Totale beschikbare voorraad aan bedrijventerreinen per provincie, 1994-2004

Opmerking: De zwarte kolom is voorraad per 31-12-2004, de overige kolommen van links naar rechts 19942003. Peildatum: 31 december. Bron: VROM/IBIS, 2005.

62

Werklocaties Limburg 2005

4.6.2 Limburg versus aangrenzend buitenland de komende jaren te versterken. Een van de randvoorwaarden om dit proces succesvol te doen verlopen is dat er De Provincie Limburg en de L6 organisaties11 hebben de ambitie om de concurrentiekracht van het bedrijfsleven

zowel in kwalitatieve en kwantitatieve zin voldoende werklocaties voorhanden zijn. Bij het versterken van de concurrentiekracht wordt uitdrukkelijk ingezet op grensoverschrijdende samenwerking met kennisinstellingen en innomische activiteiten eveneens grensoverschrijdend wordt gedacht en gehandeld. In het thema Ondernemend verende bedrijven. Het is dus voor de hand liggend dat er op het terrein van het creëren van ruimte voor econoLimburg uit het coalitieakkoord van de Provincie Limburg 2003-2007 wordt uitdrukkelijk gesproken over het ‘wegwerken’ van grenzen. Vergelijkbare gegevens grensoverschrijdend geven een basis voor internationale afstemming. In het verleden waren gegevens betreffende bedrijventerreinen in euregionaal kader echter slechts beperkt voorhanden. De L6 organisaties hebben, in samenwerking met regionale partijen12, Etil eind 2004 opdracht gegeNoord te verzamelen en bijeen te brengen13. ven om gegevens over werklocaties c.q. bedrijventerreinen in de Euregio Maas-Rijn en de Euregio Rijn-Maas-

Op basis van bestaande monitoringsystemen zijn in beide Euregio’s 1.030 bedrijventerreinen met een bruto oppervlakte van in totaal ca. 33.000 ha aanwezig; waarvan ruim 5.700 ha aan restcapaciteiten. vergelijking opgenomen. Nederlands Limburg: In de Provincie Limburg zijn bijna 230 werklocaties met ruim 800 ha rest-capaciteiten in de Belgisch Limburg: In Belgisch Limburg (265 bedrijventerreinen) bedraagt de beschikbare voorraad circa 2.040 ha. baar. Op deze circa 40 terreinen bedraagt de beschikbare voorraad circa 430 ha. 200 aanwezige bedrijventerreinen bijna 1.400 ha. Provincie Luik: Voor de regio Luik zijn slechts beperkt gegevens beschikbaar. Alleen voor de regionaal belangrijke bedrijventerreinen, die door de regionale ontwikkelingsmaatschappij Spi+ worden beheerd, zijn gegevens beschikDuitse deelregio Euregio Maas-Rijn – Regio Aken: In de regio Aken bedraagt de beschikbare voorraad op de circa

Duitse deelregio Euregio Rijn-Maas-Noord: Voor de Duitse grensregio grenzend aan Noord- en Midden-Limburg zijn voor 20 van de in totaal 27 gemeenten gegevens beschikbaar. Voor deze gemeenten bedraagt de beschikbare voorraad op ruim 300 bedrijventerreinen circa 1.000 ha.

11 12 13

L6-organisaties: MKB-Limburg, LIOF, LWV, LLTB, KvK Limburg Noord, KvK Zuid-Limburg.

Provincie Limburg NL (REBIS), Agit mbH (regio Aken), GOM (Provincie Limburg B), Spi+ (Provincie Luik).

Voor een juiste interpretatie van de gegevens zijn de volgende opmerkingen van betekenis. De gegevens betreffende de Duitse deelregio van de Euregio Rijn-Maas-Noord ontbreken deels; gegevens over deze regio betreffen 20 van 27 gemeenten. Ook voor de gemeente Heinsberg in deze regio opgenomen bedrijventerreinen zijn alleen grootschalige terreinen die actief door de regionale ontwikkelingsmaatschappij Spi+ worgio van de Euregio Rijn-Maas-Noord is de peildatum 31-12-2002. de Duitse deelregio van de Euregio Maas-Rijn ontbreken gegevens. Verder zijn de gegevens betreffende de provincie Luik niet compleet; de in den beheerd. Voor de meeste regio’s is de peildatum 31-12-2004; voor Belgisch Limburg is de peildatum 01-04-2005 en voor de Duitse deelre-

Werklocaties Limburg 2005

63

Staat 4.11 Bruto-oppervlakte en restcapaciteiten: Limburg in vergelijking met het aangrenzend buitenland Aantal bedrijventerreinen Arr. Hasselt Arr. Huy 6 Belgisch grensgebied 95 72 2 14 54 Bruto oppervlakte 5.233 88 3.432 1.193 12.467 1.213 1.104 49 580 Restcapaciteiten 1.030 796 218 142 2.470 250 253 69 3

Arr. Liege22

628

Arr. Maaseik Arr. Verviers Totaal

1.352

195

Arr. Tongeren Arr. Waremme Duits grensgebied Kreis Aachen Kreis Düren Kreis Kleve Kreis Euskirchen Kreis Heinsberg Kreis Viersen Kreis Neuss

265 41 50

59 33 23

1.341 2.307 890 449

1.484

365

364

Kreisfreie Stadt Aachen Kreisfreie Stadt Krefeld Totaal

32

85

100 79

1.226 1.022 1.512

162 176

401 119

Kreisfreie Stadt Mönchengladbach 35 Limburg

197

537

12.548

2.355 179 136

Noord-Limburg

Midden-Limburg

53 47

Westelijke Mijnstreek Maastricht en Mergelland Totaal Totaal Parkstad Limburg

67

2.001 1.314 822

31 29

1.848

1.940

184

321 71

227 1.029

7.926 32.941

891

5.716

Bron: Etil; Euregionale bedrijventerreinenkaart 2005.

64

Werklocaties Limburg 2005

De volgende kaart geeft voor de Provincie Limburg en de aangrenzende regio’s per gemeente inzicht in de verdeling van de beschikbare restcapaciteiten. Figuur 4.4 Bedrijventerreinen en restcapaciteiten in Limburg en aangrenzend buitenland

Opmerking: Voor de gearceerde gemeenten zijn geen gegevens beschikbaar. Bron: Etil, 2005.

Werklocaties Limburg 2005

65

66

Werklocaties Limburg 2005

Vestigingen en werkgelegenheid
5.1 Inleiding

5

Een groot gedeelte van de Limburgse werkgelegenheid is te vinden op bedrijventerreinen en stedelijke dienstenheidsstructuren en -ontwikkelingen op de Limburgse werklocaties. De analyse heeft betrekking op de Limburgse werklocaties; dat wil zeggen zowel bedrijventerreinen als ook stedelijke dienstenterreinen. In tegenstelling tot de voorgaande rapportages zijn in de voorliggende rapportage het Chemelot-terrein en ZON Fresh Park meegenomen in de analyses. 5.2

terreinen. Daarom wordt in dit vijfde en laatste hoofdstuk specifiek ingegaan op de vestigingen- en werkgelegen-

Werklocaties

In het kader van REBIS wordt onderscheid gemaakt tussen bedrijventerreinen en stedelijke dienstenterreinen. In totaal zijn er in Limburg circa 6.800 vestigingen die op werklocaties gevestigd zijn, hetgeen overeenkomt met 11% dit is gelijk aan 35% van het totaal aantal arbeidsplaatsen in Limburg. van het totale aantal vestigingen in Limburg. Deze vestigingen bieden in 2005 werk aan circa 180.000 personen;

Figuur 5.1 Werklocaties; vestigingen (A) en werkgelegenheid (B) in %, 2005

Bron: Etil, Vestigingenregister Limburg 2005

Werklocaties Limburg 2005

67

Vestigingen 2004-2005: +2%

Ten opzichte van 2004 is het aantal vestigingen op werklocaties met circa 110 vestigingen toegenomen; dit staat gelijk aan een toename van bijna 2%. Daarmee is de toename van het aantal vestigingen gelijk aan de gemiddelde vestigingentoename in Limburg. Tussen de verschillende soorten van werklocaties bestaan echter verschillen. De toename was bijzonder groot op stedelijke dienstenterreinen; hier nam het aantal vestigingen toe met bijna 7%, tegenover een toename van 1% op bedrijventerreinen. Werkgelegenheid 2004-2005: -3%

De werkgelegenheid laat echter ten opzichte van 2004 een afname zien. Het aantal arbeidsplaatsen op werklocaties nam namelijk met 5.600 personen, oftewel met 3%, af. Daarmee is de werkgelegenheidsafname op werklocaties groter dan gemiddeld in Limburg (-2%). Ook ten aanzien van de werkgelegenheidsontwikkeling bestaan verschillen naar type werklocatie. Terwijl op bedrijventerreinen de werkgelegenheid met ruim 4% afnam, nam de werkontwikkeling in de periode 2004-2005 voor de verschillende soorten werklocaties zien. gelegenheid op stedelijke dienstenterreinen juist met bijna 4% toe. De volgende figuur laat de werkgelegenheids-

Figuur 5.2 Werklocaties; werkgelegenheidsontwikkeling naar type werklocatie in %, 2004-2005

Bron: Etil, Vestigingenregister Limburg 2005.

5.3 Werklocaties naar sectoren Figuur 5.3 geeft de werkgelegenheidsstructuur weer naar sector voor de Limburgse werklocaties. De grootste secis niet de industriële sector het grootst, maar met 22% de zakelijke dienstverlening. tor gelegen op de Limburgse werklocaties, in termen van werkgelegenheid, is met 39% de sector ‘industrie’. Op bedrijventerreinen bedraagt het werkgelegenheidsaandeel van de industrie 47%. Op stedelijke dienstenterreinen De werkgelegenheidsafname op de werklocaties wordt voornamelijk veroorzaakt door de werkgelegenheidsdaling sen verloren gegaan. Daarnaast lieten ook de sectoren handel (-800), transport (-750) en bouwnijverheid (-300) sectoren op werklocaties weergegeven.

in de sector ‘industrie’ (-5%). In de periode 2004-2005 zijn in deze sector op werklocaties ca. 3.700 arbeidsplaateen werkgelegenheidsafname zien. In de volgende figuur is de werkgelegenheidsontwikkeling in de verschillende

68

Werklocaties Limburg 2005

Figuur 5.3 Werkgelegenheidsontwikkeling werklocaties naar sector in %, 2004-2005

Bron: Etil, Vestigingenregister Limburg, 2005. 5.4 Dynamiek en ontwikkeling De bedrijvendynamiek op werklocaties is beduidend groter dan gemiddeld in Limburg. De totale dynamiek bedraagt voor 2004-2005 in totaal 60,714; namelijk: - oprichtingen - opheffingen - vestiging op werklocaties 4,7% 4,8% 1,5% 3,1% 21,3% 25,3%

- vertrek vanaf werklocaties

- bedrijven met werkgelegenheidstoename - bedrijven met werkgelegenheidsafname

Oprichtingen en opheffingen (natuurlijke groei)

Het aantal tussen 2004 en 2005 opgerichte bedrijven c.q. vestigingen op werklocaties bedroeg circa 320 (4,8%). 1,8%. Het aantal opgeheven bedrijven c.q. vestigingen in 2004-2005 bedroeg 270 (4,7%)15. Dit ging gepaard met

Dit percentage ligt duidelijk onder het Limburgse gemiddelde van 8,7%. De daaraan verbonden werkgelegeneen werkgelegenheidsverlies van 4.800 banen (2,6%). Het werkgelegenheidsverlies op werklocaties als gevolg werkgelegenheidssaldo als gevolg van oprichtingen en opheffingen bedroeg (-3.340 banen oftewel -1,8%).

heidstoename bedroeg 1.460 banen (0,8%). Ook dit percentage ligt ruim onder het Limburgse gemiddelde van van bedrijfsopheffingen lag daarmee iets onder het Limburgse gemiddelde van 2,9%. Het aantal oprichtingen was

ongeveer even groot als het aantal opheffingen; per saldo nam het aantal vestigingen met vijf toe (+0,1%). Het

14

De totale dynamiek wordt berekend als optelsom van het percentage oprichtingen, opheffingen, vestigers, vertrekkers en aantal bedrijven met een werkgelegenheidstoename en -afname. Opheffingen: aantal vestigingen die zijn opgeheven. Het betreft niet alleen faillissementen, maar ook opheffingen als gevolg van het ontbreken van opvolgers en/of het ‘vrijwillig stoppen’.

15

Werklocaties Limburg 2005

69

Inkomende en uitgaande verhuisbewegingen (migratiesaldo)

In 2004-2005 hebben circa 210 bedrijven van elders in Limburg zich op een werklocatie gevestigd (3,1%).

Daartegenover vertrokken ruim 100 bedrijven naar andere locaties in Limburg (1,5%). Dankzij deze verhuisbewetrek van 1.570 banen naar elders en de komst van 3.250 banen van elders. Ontwikkeling bij bestaande vestigingen

gingen nam het aantal vestigingen op werklocaties toe met circa 110 (1,6%). Deze verhuisbewegingen hadden tot

gevolg dat de werkgelegenheid op de werklocaties toenam met circa 1.680 banen (+0,9%); bestaande uit het ver-

In 2004-2005 is op de Limburgse werklocaties bij 1.420 vestigingen (21%) de werkgelegenheid toegenomen. meer grotere bedrijven zijn gelegen, is de vestigingendynamiek bij bestaande bedrijven op werklocaties groter dan banen (-2,1%) afgenomen; bestaande uit een toename van 8.890 (4,8%) en een afname van 12.830 banen ( 6,9%).

Daartegenover is de werkgelegenheid bij 1.680 vestigingen (25%) afgenomen. Doordat op werklocaties relatief gemiddeld in Limburg. Bij kleinere vestigingen met een of twee arbeidsplaatsen zal het aantal arbeidsplaatsen minder snel veranderen dan bij grotere vestigingen. De werkgelegenheid bij bestaande bedrijven is in totaal met 3.940

Het inkomende vestigingssaldo was in de periode 2004-2005 onvoldoende om het verlies aan arbeidsplaatsen, als gevolg van een negatief natuurlijke groei en het verlies aan arbeidsplaatsen bij bestaande bedrijfsvestigingen, te compenseren.

Staat 5.1 Dynamiek op werklocaties, 2004-2005 Absoluut Stand april 2004 Oprichting Opheffing Saldo Vestiging Vertrek Saldo 6.655 +320 -315 +5

Vestigingen

In %

Absoluut

Werkgelegenheid

In %

185.620 +4,8 +0,1 -1,5 -4,7 +1.460 -3.340 -1.570 -4.800 +0,8 -1,8 -0,8 -2,6

+210 +105 1.420 1.680 +110 6.765 -105

+3,1 +1,6 21,3 25,3 +1,7

+3.250 +1.680 +8.890 -12.830 -3.940 -5.600 180.020

+1,7 +0,9 +4,8 -2,1 -3,0 -6,9

Werkgelegenheidstoename Werkgelegenheidsafname Saldo

reeds gevestigde bedrijven (a) reeds gevestigde bedrijven (a) Eindsaldo Stand april 2005

(a) Betreft bedrijven die zowel april 2004 alsook april 2005 op werklocaties waren gevestigd. Opmerkingen:- vestigingen afgerond op vijftallen; Bron: Etil, Vestigingenregister Limburg 2005. - werkgelegenheid afgerond op tientallen (fulltime, parttime en uitzendkrachten).

70

Werklocaties Limburg 2005

Bijlagen

Werklocaties Limburg 2005

71

Bijlage 1

Kerncijfers werklocaties; stand per 31-12-2005 en uitgifte in 2005

72

Werklocaties Limburg 2005

Werklocaties Limburg 2005

73

74

Werklocaties Limburg 2005

Werklocaties Limburg 2005

75

76

Werklocaties Limburg 2005

Werklocaties Limburg 2005

77

78

Werklocaties Limburg 2005

Werklocaties Limburg 2005

79

80

Werklocaties Limburg 2005

Werklocaties Limburg 2005

81

82

Werklocaties Limburg 2005

Werklocaties Limburg 2005

83

84

Werklocaties Limburg 2005

Werklocaties Limburg 2005

85

86

Werklocaties Limburg 2005

Bijlage 2

Uitgegeven terreinen in ha, 2001-2005

Werklocaties Limburg 2005

87

88

Werklocaties Limburg 2005

Werklocaties Limburg 2005

89

90

Werklocaties Limburg 2005

Werklocaties Limburg 2005

91

92

Werklocaties Limburg 2005

Werklocaties Limburg 2005

93

94

Werklocaties Limburg 2005

Werklocaties Limburg 2005

95

Bijlage 3

Indeling Limburg naar de regio’s per 31-12-2005

96

Werklocaties Limburg 2005

Bijlage 4

Ruimtelijke spreiding werklocaties in Limburg

Bron: REBIS, 2006

Werklocaties Limburg 2005

97

Bijlage 5

REBIS-voorbeeld: Venray - Smakterheide en Keizersveld per 31-12-2005

Bron: REBIS, 2006

98

Werklocaties Limburg 2005

Werklocaties Limburg 2005

99

100

Werklocaties Limburg 2005