Projectnr. | 60.

826 januari | 2007

XL-BUSINESSPARK
TWENTE

OP HOOFDLIJNEN

beeldkwaliteit

XL-Businesspark
beeldkwaliteit
SAB Arnhem
Postbus 479 6800 AL Arnhem T 026 - 357 69 11 F 026 - 357 66 11 I www.sab.nl

OP HOOFDLIJNEN
Projectnr. | 60.826 januari | 2007

INHOUD
0 1 2 3 4 5 6 7
Algemeen ................. 5 De Etalage.................8 De Poort...................16 Het Lint....................22 De Kade....................28 Het Erf.....................36 Het Venster................42 De Corridor................48 Integrale beeldeisen.....54

3

4

ALGEMEEN
[0]
Algemeen De Provincie Overijssel heeft in haar nota Ruimte voor Bedrijvigheid (1997) de wens uitgesproken om voldoende ruimte te creëren om de provinciale economie nieuwe impulsen en kansen te geven. In de nota wordt de noodzaak tot een intensievere regionale samenwerking benadrukt. Ondermeer gezien de toenemende internationalisering van de regio Twente, is hier de ontwikkeling van het regionale bedrijventerrein Twente, XL-Businesspark, uit voortgekomen. Bestemmingsplan en Beeldkwaliteitsplan Voorafgaand aan het voorliggende Beeldkwaliteitsplan is er een MER en een Bestemmingsplan opgesteld, waarin de stedenbouwkundige planopzet reeds bepaald is. Doel van het Bestemmingsplan is het juridisch-planologisch kader te geven voor de ontwikkeling van het XL-Businesspark. Hierin staan al uitspraken die zeer nauw verwand zijn met de gewenste beeldkwaliteit, zoals het toegestaan bebouwingspercentage, de maximale (of minimale) bouwhoogte, rooilijnen etcetera. Het Beeldkwaliteitsplan vormt als het ware de nadere uitwerking van en aanvulling op deze opzet, waar bijvoorbeeld ook eisen aan kleur- en materiaalgebruik gesteld worden. Ligging en begrenzing plangebied Het XL-Businesspark zal aan de zuidzijde van Almelo ontwikkeld worden. De noordzijde wordt begrensd door de A35 en de verlengde A35. Aan de westzijde vormt de zijtak van het Twentekanaal de grens. Aan de zuidzijde wordt het bedrijventerrein begrensd door het natuurontwikkelingsgebied de Doorbraak en aan de oostzijde door de bermsloot langs de Maatkampsweg. XL Gelegen langs deze snelweg en het knooppunt is dit een uitstekende zichtlocatie waar bedrijven zich kunnen etaleren. De in dit plan genoemde beeldkwaliteitseisen streven naar een bij het gebied en de functies passende kwaliteit en eigen identiteit. Het imago van het bedrijventerrein wordt bepaald door het thema XL, oftewel: groot en grootschalig. Voor het gehele bedrijventerrein geldt dat er vooral ruimte geboden wordt aan grootschalige bedrijven en bedrijven met een grote ruimtebehoefte. Hierbij valt zelfs te denken aan kavels van 4 ha. Het betreft met name bedrijven uit de transport-, productieen distributiesector. De conceptgedachte van XL komt nader tot uitdrukking in de vormgeving en architectuur van de gebouwen, maar ook in de inrichting van de openbare ruimte en de reclame-uiting. Het nieuw te ontwikkelen bedrijventerrein is vooral ook een Regionaal bedrijventerrein. Met de inrichting van de openbare ruimte wordt aangesloten op het typisch Twentse landschap met beukenhagen, eikenlanen, houtwallen en solitaire bomen als linde, kastanje, beuk en walnoot. Op het bedrijventerrein wordt gezocht naar een mogelijke locatie voor drie windmolens. Ze zullen voor de benodigde energie op het terrein zorgen en daarnaast het thema XL nader ondersteunen met hun reusachtige gestalte. Deelgebieden De stedenbouwkundige opzet zoals bepaald in het Bestemmingsplan en de inrichtings-MER onderscheidt een aantal deelgebieden. Deze komen in dit Beelkwaliteitsplan-op-hoofdlijnen stuk voor stuk aan bod. In het Beeldkwaliteitsplan-op-kavelniveau vindt de nadere uitwerking hiervan plaats per kavel. De verschillende deelgebieden zijn deels te onderscheiden vanwege de randen waar ze aan grenzen, de omgeving waar ze op aansluiten. Zo heeft een deelgebied grenzend aan de snelweg een heel ander voorkomen dan een deelgebied grenzend aan een natuurontwikkelingsgebied. En voor bedrijven langs de hoofdentree van een bedrijventerrein gelden andere eisen dan bedrijven die wat meer “achteraf” gelegen zijn. Kortom, de ligging en de randen (omgeving) bepalen de te onderscheiden deelgebieden die op de kaart op de volgende bladzijde staan. Met name name langs de snelweg bestaat de mogelijkheid voor bedrijven zich van hun beste kant te laten zien. De overgang van het bedrijventerrein naar de snelweg wordt gevormd door een parkachtig landschap, waarbij langs de gehele linie hagen en schanskorven voor een eenduidig beeld zorgen. Daarachter hebben de gevels van

5

de bedrijven steeds een ander uiterlijk, maar vormen met hun lange aaneengesloten wanden toch een ruimtelijke eenheid. Naast deze snelwegzone is nog een aantal gebieden te onderscheiden. Dat is allereerst de zone gelegen langs de Doorbraak: een natuurontwikkelingsgebied met een nieuw gegraven beek. Deze ecologische verbindingszone zorgt tevens voor een groene buffer tussen het bedrijventerrein en de kern Bornerbroek. De bedrijven in dit gedeelte van het plangebied kijken uit op het natuurgebied. Een confrontatie tussen de natuur en de harde wanden van grote loodsen moet voorkomen worden, zodat hier specifieke beeldkwaliteitseisen gelden. Het gehele bedrijventerrein wordt opgeknipt door twee groene wiggen. Deze groene wiggen hebben het onderliggende landschap en de historische routes als basis en zijn verbonden met het natuurontwikkelingsgebied de Doorbraak. Binnen de meest westelijke wig is een fietspad gelegen. De groene wiggen sluiten aan op het thema lint enerzijds en het thema (Twents) erf anderzijds en hebben daarmee elk een eigen karakter. De bedrijven zijn hier minder grootschalig dan bijvoorbeeld langs de snelwegzijde en kennen elk eigen beeldkwaliteitseisen, zodat bedrijven en landschap optimaal tot hun recht komen. Naast een gebied gelegen langs het kanaal in het westen van het plangebied, worden ook het entreegebied en de zone langs de hoofdontsluiting als deelgebied onderscheiden, met elk een eigen sfeer en functie.

De bijbehorende beeldkwaliteitseisen staan steeds per facet beschreven, als het ware inzoomend van een hoog schaalniveau naar een lager schaalniveau. Allereerst wordt een algemene beschrijving van het deelgebied gegeven, waarna de algemene terreininrichting volgt (situering en oriëntatie). Vervolgens wordt nader ingegaan op de architectuur van het gebouw (materiaal, gevelindeling etc.). Tot slot komt de overgang van openbaar naar privé aan bod (erfafscheidingen). Naast dit Beeldkwaliteitsplan-op-hoofdlijnen zal er per tranche een uitwerking op kavelniveau plaatsvinden. Deze uitwerkingen vormen als het ware de “spelregels” waaraan de ondernemer moet voldoen. Toetsing Bij een grotere stedenbouwkundige opgave als de ontwikkeling van het bedrijventerrein XL-Businesspark is het wenselijk een supervisor aan te stellen. De supervisor heeft als taak om als continue factor tijdens de uitwerking van het plan toezicht te houden op de architectonische en stedenbouwkundige kwaliteiten zoals deze in het Beeldkwaliteitsplan (en Bestemmingplan) zijn opgenomen. Hij is gesprekspartner voor de ontwerper en de opdrachtgever, begeleidt de opdrachtgever bij de architectenselectie, de architect bij de uitwerking van deelprojecten en zorgt voor de coördinatie van het plan- en bouwproces. Daarnaast zorgt hij ook voor overleg met de Welstandscommissie, die verantwoordelijk is voor de laatste toetsing.

Representatief Het begrip “representativiteit” komt in dit beeldkwaliteitsplan een aantal keer aan bod. Het houdt hier steeds in dat aandacht gegeven wordt aan de gevelindeling, dat er geen opslag van goederen plaatsvindt, dat parkeren uit het zicht gebeurt en dat laaddocs aan die zijde afwezig zijn. Kortom, zodra een zijde als representatieve gevel wordt aangeduid, dient voorkomen te worden dat een achterkant-situatie ontstaat. De entreepartijen zijn indien mogelijk naar de Corridor gericht.

Zonering Op naaststaande kaart staan de verschillende deelgebieden aangeduid. Sommige kavels zullen binnen 2 deelgebieden vallen: percelen gelegen langs de snelweg bijvoorbeeld hebben zowel met de bij de Etalage behorende beeldkwaliteitseisen als bij de Corridor behorende eisen te maken. In het Beeldkwaliteitsplan-op-kavelniveau staan per kavel de kwaliteitseisen nader omschreven. Het Bestemmingsplan bepaalt zaken als bouwhoogte en bebouwingspercentage.

Verkaveling De verkaveling op de deelgebiedenkaart is indicatief (de zonering niet). Per ontwikkelingsfase zal een nadere uitwerking plaatsvinden van het verkavelingsplan, afgestemd op de dan geldende behoefte. De kavels in de groene wiggen (Lint en Erf) zullen kleiner zijn dan in de overige deelgebieden.

6

Reclame Voor het gehele terrein geldt dat reclame niet is toegestaan. De naamgeving vindt in bepaalde zones op de gevel plaats. Verlicht of bewegend niet toegestaan.

Horizontaliteit Het begrip “horizontaliteit” betekent in dit beeldkwaliteitsplan: De gebouwen zijn breder dan hoog en vormen een sterke wand. Het gaat dus vooral om de bouwmassa. Binnen de gevel is wel geleding mogelijk (architectuur).

[1]DE

ETALAGE
hoofdentree langs de H.R.Holstlaan

snelweg A35

[2]DE

POORT
[3]HET

LINT
groene wig deelt bedrijventerrein op in deelgebieden zichtlocatie langs de snelweg A35 de hoofdas van het bedrijventerrein, hoofdontsluiting

Twentekanaal (zijtak naar Almelo)

[4]DE

KADE

groene wig deelt bedrijventerrein op in deelgebieden

[5]HET

ERF
[6]HET

VENSTER

[7]DE

CORRIDOR

de Doorbraakzone, een natuurontwikkelingsgebied, zorgt voor een groene buffer naar Bornerbroek

7

DE ETALAGE
[1]
(de ~ (v.), ~s) 1 uitstalkast voor een raam => uitstalraam, vitrine

< westelijk deel

oostelijk deel >

Gelegen langs de A35 ten zuiden van Almelo bevindt zich de zichtzone van het bedrijventerrein. Deze zichtzone vormt letterlijk de Etalage! De bedrijven die hier gelegen zijn (voornamelijk grootschalige productie- en distributiebedrijven), kunnen zich optimaal van hun beste kant laten zien en zich etaleren richting de snelweg. Ze vertellen de passanten op de snelweg wat het RBT inhoudt, namelijk een grootschalig en hoogwaardig bedrijventerrein dat de identiteit van XL uitdraagt. Karakter gebied Het voorterrein van het oostelijk deel van de Etalage bestaat uit een parkachtige zone. Het westelijk deel is direct aan het water gelegen en ligt lager ten opzichte van de snelweg (talud van het knooppunt en de brug over het Twentekanaal). De Etalage wordt doorsneden door het toekomstig knooppunt met de H. Roland Holstlaan en de groene wiggen van de Pastoor Ossestraat en de Wolbeslanden. Ondanks deze doorsnijdingen wordt gestreefd naar een eenduidig beeld langs de A35 waar grootschaligheid (XL) voorop staat. Type bedrijven De grootschaligheid komt allereerst tot uitdrukking in de grootte van de kavels. De kavels in deze zone zijn alle rond de twee hectare en groter. De te verwachten bedrijven, voornamelijk in de productie- en distributiesector, zullen met hun grote bouwmassa’s het grootschalige karakter van XL ondersteunen. Situering en oriëntatie Lange gevels begeleiden de snelweg en zorgen dankzij plaatsing in een vaste rooilijn voor een

sterke wandwerking. De bedrijven zijn op de snelweg gericht zonder daar ook hun entree-partij te hebben, deze is namelijk aan de hoofdaszijde (corridor) gelegen. Het is wel mogelijk aan deze zijde het parkeren (voor personenauto’s) op te lossen, mits dit onder een bladerdak en achter hagen of schanskorven aan het zicht onttrokken wordt. Architectuur Grote gebaren in de architectuur ondersteunen de grootschaligheid, zoals een bij de schaal passende detaillering en een beperkt aantal verschillende type materiaal- en kleurgebruik per gebouw. Om een levendig beeld te verkrijgen is geleding van de gevel door wisselend materiaalof kleurgebruik, een lichte verspringing van de rooilijn of in de hoogte en dergelijke gewenst. De grootschaligheid komt verder tot uiting in de uitsluitend platte daken, die voor een maximale horizontale werking zorgen, waarbij enkele hoogte-accenten of accenten met hellende dakvlakken wel toegestaan zijn om bijvoorbeeld de achter de gevel gelegen functie te accentueren (het kantoorgedeelte kan zo bijvoorbeeld aangeduid worden: form follows function). Omdat zichtbaarheid en representativiteit in de Etalage voorop staat, is opslag van goederen alleen intern of achter een, in het gebouw mee ontworpen, wand toegestaan. Laaddocs bevinden zich aan de zijkanten van de gebouwen en zijn niet naar de snelwegzijde gericht. Naamaanduiding Ook voor de naamaanduiding geldt het thema XL:

de bedrijven kunnen hun naam groot op de gevel etaleren (in de gevel mee ontworpen) en daarnaast maken groot uitgevoerde, landmark-achtig objecten, deel uit van de groenzone, waarmee de bedrijven het product waarvoor ze staan laten zien. Overgang openbaar - privé Het terrein gelegen tussen de bedrijfspercelen en de snelweg wordt gevormd door een watergang met daarlangs een parkachtige zone: grasbermen met solitaire bomen en enkele boomgroepen. In het westelijk deel ontbreekt een groenzone en zijn de percelen direct aan het water gelegen. In het oostelijk deel zorgt een glooiende oeverlijn voor een boeiend en wisselend beeld, terwijl de bedrijfspanden erachter een harde rechte wand vormen. Deze parkzone vormt als het ware de “voortuin” van het bedrijventerrein. De overgang van perceel naar parkzone wordt gemarkeerd met iets teruggelegen hagen of met schanskorven die juist, als een vesting, het landschap insteken. Achter deze hagen en schanskorven kan geparkeerd worden onder een bladerdak. De steeds terugkerende elementen van schanskorven en beukenhagen zorgen voor een eenduidig beeld langs de gehele A35. Daarnaast zorgt een beplanting van eiken op de zijdelingse erfgrenzen voor een geleding langs de A35. Er worden als het ware kamers gevormd waarbinnen de bedrijven zich bevinden. De bomen en hagen zijn karakteristiek voor het Twentse landschap en de Twentse erven: (inlandse) eiken, kastanjes, lindes, walnoten en beuken en beukenhagen.

eta·la·ge

8

TYPERING

SITUERING EN ORIËNTATIE
[1] [2]

GEVELINDELING
[3] [4]

Een verspringende rooilijn verbeeldt te weinig de grootschaligheid en heeft geen sterke wandwerking. Etalage: staat model voor het XL-businesspark. XL: Grootschaligheid! Representatief. De bouwmassa geeft vooral uiting aan de grootschaligheid. Gezien het type bedrijvigheid kunnen grote hallen verwacht worden. Ritme en gelede gevels passend bij de schaal van de A35 met voldoende afwisseling om eentonigheid te voorkomen. Dus niet als [1]. Door licht verspringende rooilijn of hoogte-accenten [2], toevoeging van elementen [3], of gevelindeling door raampartijen, wisselend materiaal- of kleurgebruik ontstaat een boeiend en afwisselend beeld.

Een vaste rooilijn geeft een eenduidig beeld en heeft een sterke wandwerking, wat de XL-identiteit versterkt.

Representatieve gevel aan snelwegzijde. Naaststaande foto is een mooi voorbeeld waarbij de entree niet persé aan de voorzijde hoeft te zijn.

Naaststaande foto is een mooi voorbeeld van een gelede gevel door wisseling van materiaalgebruik en toevoeging van architectonische elementen.

9

ARCHITECTUUR
Detaillering: Bij de schaal passen detaillering, grote gebaren. Dus geen over-detaillering zoals naaststaande foto. ....maar juist grote stevige gebaren.

Dakvorm: Platte daken om een optimale horizontale werking te verkrijgen als begeleiding van de snelweg. Hoogteaccenten of accenten met hellende dakvlakken wel toegestaan om bijvoorbeeld de kantoorfunctie te markeren.

Materiaal- en kleurgebruik: Om de grootschaligheid te benadrukken en een overdetaillering te voorkomen het materiaal en/of kleurbegebruik beperken tot maximaal 3 kleuren / materiaaltypes per gebouw per perceel. Hoogwaardig en modern materiaalgebruik.

Naaststaande foto geeft goed weer dat een beperkte wisseling tussen kleur en materiaal een mooie gelede gevel oplevert. Kantoorfunctie onderscheidt zich van de opslag. Ook functies als een trappenhuis, kantine, liftschacht etc. kunnen aanleiding zijn om geleding in de gevel aan te brengen.

Form follows function! Hiervan is Grolsch een mooi voorbeeld: de verschillende functies (productie, distributie etc.) zijn in samenhang ontworpen.

Naamaanduiding: in de gevel mee ontwerpen. Ondernemer profileert zich zo naar de snelwegzijde. Groot: verwijzing naar het XL-concept.

10

Groot uitgevoerde objecten als reclame (het product waar het bedrijf voor staat) verbeelden het XL-concept. Geplaatst in de groenzone/kade langs de snelweg. Juist deze objecten maken het onderscheid t.o.v. andere bedrijventerreinen en zorgen voor identiteit en herkenbaarheid. Daarom hogere eisen gesteld aan materiaal, massa, locatie. Beelden op dezelfde wijze uitgevoerd, het onderwerp varieert: in wit materiaal, maximaal bxl=7x7m en h=7m.

OVERGANG OPENBAAR - PRIVÉ
Het gebied langs de A35 bestaat uit een afwisselend beeld van water en grasbermen met solitaire bomen en boomgroepen. Terugkerende elementen zijn (beuken)hagen en schanskorven, die een spel met elkaar spelen door steeds iets te verspringen. Het westelijk deel verschilt van het oostelijk deel doordat de bedrijfspercelen hier direct aan het water gelegen zijn. Door een eenheid in materialen, namelijk schanskorven als kademuur, ontstaat echter toch een eenduidig beeld als voorterrein van de Etalage. De zijdelingse perceelsgrenzen worden met eiken ingeplant. Er ontstaan a.h.w. kamers langs de A35 waarbinnen de bedrijven gelegen zijn. Het maaiveld van de snelweg ligt hier hoger dan in het oostelijk deel door het talud van het knooppunt en de brug over het Twentekanaal (zijtak naar Almelo).

westelijke zone

Harde kade d.m.v. schanskorven. Hierachter parkeren mogelijk, onder bladerdak.

< westelijk deel

oostelijk deel >

Bij het oostelijk deel bevindt zich tussen de watergang en de bedrijfspercelen een brede groene zone bestaand uit grasbermen met solitaire bomen en boomgroepen. De watergang kent hier in tegenstelling tot het westelijk deel een glooiende oeverlijn, zodat een mooi contrast ontstaat met de harde wand van de bedrijfsgebouwen erachter. Ook hier spelen de hagen en schanskorven een spel door steeds licht te verspringen. De schanskorven steken iets verder het landschap in, terwijl de hagen iets terug gelegen zijn. De bedrijven kunnen in het oostelijk deel voor 2 opties kiezen: een haag of schanskorven. Om hun perceel te markeren dient langs de héle perceelsgrens één optie uitgevoerd te worden. Ook hier worden de zijdelingse perceelsgrenzen met eiken ingeplant.

oostelijke zone [optie 1]

Harde rand d.m.v. schanskorven. Hierachter parkeren mogelijk. Voordeel: ruimtewinst (5m)

oostelijke zone [optie 2]

Teruggelegen (beuken) haag. Eerste 5m wordt met gras ingericht als onderdeel van de parkzone.

11

< westelijk deel

oostelijk deel >

grens uitgeefbaar

var. watergang langs snelweg, harde kade aan zijde bedrijventerrein

Var. (zie BP) mogelijkheid voor parkeren, achter schanskorven, onder bladerdak

uitgeefbaar terrein, zie BPkaart

bebouwingsvrije zone, 75m uit as dichtstbijzijnde rijbaan. Dit is tevens de verplichte rooilijn.

12

verplichte rooilijn, 75m uit as dichtstbijzijnde rijbaan (zie BP)

bomen (eiken) op de zijdelingse perceelsgrenzen vormen kamers waarin zich de bedrijven bevinden.

13

< westelijk deel

oostelijk deel >

grens uitgeefbaar terrein, zie BP

var. watergang langs snelweg, glooiende oeverlijn

var. groene zone langs snelweg, grasbermen met solitaire bomen en boomgroepen hierin ruimte voor landmarkachtige sculptures van de erachter gelegen bedrijven

5m 2 opties, zie schema

10 - 20 m (zie BP)

14

bebouwingsvrije zone, 75m uit as dichtstbijzijnde rijbaan. Dit is tevens de verplichte rooilijn.

verplichte rooilijn, 75m uit as dichtstbijzijnde rijbaan (zie BP)

bomen (eiken) op de zijdelingse perceelsgrenzen vormen kamers waarin zich de bedrijven bevinden.

mogelijkheid voor parkeren, achter hagen, onder bladerdak

uitgeefbaar terrein, zie BP

oostzijde A35

de etalage / profiel
15

DE POORT
[2]
1 doorgang in een muur, tussen huizen enz. 2 hoofdingang van een terrein, gebouw 3 [aardr.] bergpas 4 [comp.] verbinding met de centrale verwerkingseenheid, bv. t.b.v. randapparatuur

Via de Poort komt men het bedrijventerrein binnen. De Henriëtte Roland Holstlaan maakt deel uit van de stedelijke as van Almelo en deze eindigt op de hoofdas van het bedrijventerrein. Het is de enige toegangsweg van het XL Businesspark en vormt daarom het visitekaartje. De Poort is voor bedrijven de uitgelezen hoogwaardige vestigingsplaats waar ze zich kunnen laten zien. Het vormt niet alleen een zichtlocatie vanaf de hoofdentree, maar ook vanaf de snelweg en het knooppunt zullen de bedrijven goed zichtbaar zijn. De snelweg A35 is, via het nieuw aan te leggen knooppunt, optimaal bereikbaar. Karakter gebied De Poort dient een gebied met stedelijke allure te worden. De hogere bebouwingsdichtheid, het bouwen op een vaste rooilijn en hoogwaardige architectuur zullen dit bewerkstelligen. Type bedrijven Binnen de Poort is ruimte gereserveerd voor hoogwaardige bedrijven binnen de logistieke, distributie- en productiesector. Situering en oriëntatie De bouwmassa’s van de bedrijven komen op een vaste rooilijn te staan. Zo ontstaat er een sterke wandwerking langs de H.R.Holstlaan. Aan deze zijde bevindt zich ook de representatieve gevel. Om de entree goed te begeleiden wordt de bebouwing samengesteld ontworpen (dus per bedrijfsperceel geen losse gebouwen, maar in samenhang vormgegeven).

Opslag van goederen is alleen intern toegestaan (of achter in de gevel mee ontworpen wanden) en parkeren dient zoveel mogelijk uit het zicht te gebeuren, waarbij een groen bladerdak voor een vriendelijker beeld zorgt. Architectuur Door extra aandacht te besteden aan de architectuur van de gevels, ontstaat een hoogwaardige entree van het bedrijventerrein XL. Ritme en geleding staan daarbij voorop: wisselend materiaal- en kleurgebruik, accentuering van de verschillende functie binnen het gebouw (kantine, trappenhuis, kantoorgedeelte), hoogteaccenten. Er wordt gekozen voor hoogwaardig materiaalgebruik (staal, hout, glas), met een terughoudend kleurgebruik (geen felle knallende kleuren). De H.R. Holstlaan wordt beëindigd en geaccentueerd middels een bijzonder gebouw, een landmark. Dit gebouw dient een slanke bouwvorm te hebben, sculptuurachtig, met een maximale hoogte van 25m. Modern materiaalgebruik als glas en staal in combinatie met bijvoorbeeld hout moeten het gebouw een opvallende verschijningsvorm geven. Het gebouw oriënteert zich naar de hoofdas en de H.R. Holstlaan, maar ook de zijde aan de Doorbraak dient een representatief karakter te hebben. Hier mogen dus geen gesloten, blinde gevels en laaddocs. Gevelopeningen als vensters, waar zich bijvoorbeeld het kantoorgedeelte, een kantine, een trappenhuis etc. bevindt bieden uitzicht op de natuur van de nieuwe beek,

weiden en bosschages van de Doorbraak. Het terrein rondom de landmark krijgt een groene invulling als aansluiting op dit ten zuiden ervan gelegen natuurgebied en het ernaast gelegen bestaande erf. Een beukenhaag markeert de perceelsgrenzen en enkele solitaire bomen en boomgroepen als (zomer)eik, linde, kastanje en walnoot vormen de erfbeplanting. Naamaanduiding De naamaanduiding mag in de gevel mee ontworpen worden. Deze is niet verlicht of bewegend. Reclame is niet toegestaan. Overgang openbaar - privé De H.R. Holstlaan wordt, indien de ruimte dit toelaat, begeleid door een forse eikenlaan. Op de erfgrenzen zorgen beukenhagen voor een groene afscheiding. Eventueel noodzakelijke hekwerken worden achter de verplichte voorgevelrooilijn geplaatst.

poort (de ~, ~en)

16

TYPERING
Hoogwaardige bedrijven langs de hoofdentree van het bedrijventerrein XL. Intensief. Hoogwaardige uitstraling.

SITUERING EN ORIËNTATIE
Rooilijn: Er wordt gekozen voor een vaste rooilijn om een zo sterk mogelijke wandwerking te hebben langs de hoofdentree van het bedrijventerrein.

GEVELINDELING
[1] [2] [3] [4]

Ritme en gelede gevels passend bij de schaal van de A35 met voldoende afwisseling om eentonigheid te voorkomen. Dus niet als [1]. Door licht verspringende rooilijn of hoogte-accenten [2], toevoeging van elementen [3], of gevelindeling door raampartijen, wisselend materiaal- of kleurgebruik ontstaat een boeiend en afwisselend beeld.

Een verspringende rooilijn verbeeldt te weinig de grootschaligheid en heeft geen sterke wandwerking.

Een vaste rooilijn geeft een eenduidig beeld en heeft een sterke wandwerking, wat de XL-identiteit versterkt.

17

ARCHITECTUUR
Detaillering: Bij de schaal passen detaillering, grote gebaren. Dus geen over-detaillering zoals naaststaande foto. ....maar grote gebaren met bijzondere aandacht voor detail.

Dakvorm: Dakvorm is vrij. Hoogteaccenten of accenten met hellende dakvlakken toegestaan om bijvoorbeeld de kantoorfunctie te markeren. De bedrijven kunnen zich in de zone van de Poort optimaal laten zien.

Materiaal- en kleurgebruik: Uitgesproken, hoogwaardig en modern materiaalgebruik als staal, glas, hout, donker baksteen. Kleurgebruik terughoudender, geen felle kleuren.

Naaststaande foto geeft goed weer dat een beperkte wisseling tussen kleur en materiaal een mooie gelede gevel oplevert. Het trappenhuis is hier verbijzonderd.

Landmark: Opvallend, sculptuurachtig gebouw als beëindiging van de stedelijke as. Klein bouwvlak. Rest groene invulling met erfbeplanting van eik, linde, kastanje, noot als boomgroepen en solitairen. Beukenhaag markeert de perceelsgrenzen. Bijzonder en hoogwaardig materiaalgebruik (hout, staal, glas etc.).

18

OVERGANG OPENBAAR - PRIVÉ
Op de perceelsgrens begeleiden beukenhagen de H.R.Holstlaan. De eerste 6m blijven bebouwingsvrij. Parkeren achter de rooilijn achter haag.

De eerste 3m van het perceel wordt als grasberm ingericht. Hierlangs een beukenhaag, met daarachter evt. een hek in gedempte kleuren.

Indien hekwerken noodzakelijk: deze achter de verplichte voorgevelrooilijn geplaatst op 8m uit de perceelsgrens, achter beukenhagen. Gedempt kleurgebruik.

19

Grens uitgeefbaar.

Hoogte bedrijfsgebouwen > 10 m < 25 m (vrijstelling < 30 m)

indien hekwerken noodzakelijk, deze geplaatst achter de verplichte voorgevelrooilijn op 8m uit de perceelsgrens

vaste rooilijn parkeren en opslag niet toegestaan

watergang

drie rijbanen (toegangsweg)

20

Grens uitgeefbaar.

Hoogte bedrijfsgebouwen > 10 m < 25 m (vrijstelling < 30 m)

var. grasberm met eiken, indien mogelijk

dubbele rijbaan

+/- 7.00 m vaste rooilijn grasberm met eiken (bomen parkeren en opslag niet 1e orde), indien mogelijk toegestaan

indien hekwerken noodzakelijk, deze geplaatst achter de verplichte voorgevelrooilijn op 8m uit de perceelsgrens

Mogelijk profiel, afhankelijk van kabels en leidingen en benodigde aantal rijbanen.

21

HET LINT
[3]
(de ~ (v.) 1 vrijwel aaneengesloten bebouwing langs hoofdwegen

Het deelgebied ‘het Lint’ is gelegen langs de Pastoor Ossestraat, die zal blijven fungeren als lokale ontsluitingsweg tussen Bornerbroek en Almelo. Het bedrijventerrein wordt niet op de Pastoor Ossestraat ontsloten, maar de bedrijven zullen vanaf de P. Ossestraat wel zichtbaar zijn. Karakter gebied Het Lint vormt één van de groene wiggen die het gehele bedrijventerrein opknippen in een aantal deelgebieden. De sfeer is er groener en kleinschaliger dan op het overig bedrijventerrein. De bedrijven binnen het Lint zullen het voormalige lint, zoals dat zich ontwikkeld heeft nabij Bornerbroek, als referentiekader hebben. Landelijkheid, beslotenheid door erfbeplanting en boomgroepen, afwisseling in bebouwingsvormen maken het Lint een bijzondere vestigingsplaats voor de wat kleinere bedrijven. Type bedrijven De kavels gelegen langs de P. Ossestraat zijn wat kleiner van formaat dan bijvoorbeeld de kavels langs de Etalage, maar ook hier betreft het voornamelijk bedrijven uit de sectoren transport, distributie en productie. Situering en oriëntatie De bedrijven presenteren zich naar de Pastoor Ossestraat, zonder aan deze zijde de entree te hebben. Met bijvoorbeeld raampartijen, gevelopeningen, wisselend materiaalgebruik ed. ontstaat een boeiend beeld langs de P. Ossestraat. De bedrijven zullen als het ware door

het groen heen schemeren. Opslag en laaddocs zijn aan deze zijde niet toegestaan. Architectuur Kenmerkend voor het Lint zijn de verticale geleding en de individualiteit van de bebouwing. Dit komt bij de bedrijfsbebouwing tot uitdrukking door een minimale afstand tussen de bebouwing en een maximaal vullingspercentage van de rooilijn te hanteren. De individualiteit wordt benadrukt door ruimere eisen te stellen aan het kleur en materiaal-gebruik. De verticale geleding kan benadrukt worden door binnen de gevel bijvoorbeeld wisselend materiaal te gebruiken, raampartijen toe te voegen en te verspringen met de gevelrooilijn, of te werken met deelvolumes. Naamaanduiding De naamaanduiding mag op bedekte wijze in de gevel mee ontworpen worden, in onopvallende kleuren en niet te groot lettergebruik. Verlichte of bewegende aanduidingen zijn niet toegestaan. Ook reclameuitingen zijn niet toegestaan. Overgang openbaar - privé Behalve door de individualiteit van de bebouwing wordt het landelijk karakter versterkt door de eikenbeplanting op de zijdelingse erfgrenzen. Om het groene karakter langs de P. Ossestraat te versterken worden de eerste 5m van de uit te geven percelen groen ingericht met boomgroepen, bijvoorbeeld eiken, kastanjes, lindes, beuken.

lint·be·bou·wing

22

TYPERING
In het Lint zijn de wat kleinschaliger kavels te vinden. Individualiteit in een groene setting staat hier voorop.

SITUERING EN ORIËNTATIE
Om de kenmerkende individualiteit van de lintbebouwing door te zetten is er geen vaste rooilijn vereist. Juist de wisselende positie van de gevels zorgt voor een boeiend beeld aansluitend op het landelijk karakter van het oude lint. Bij voorkeur is de bebouwing langs de P. Ossestraat hoger dan breed zodat de verticaliteit beïnvloed wordt, maar door de geringe bouwhoogte zal dit niet overal haalbaar zijn. Door architectonische trucjes kan de bouwmassa wel smaller aandoen, door bijvoorbeeld inspringen van de gevel, hoge smalle raampartijen, of het werken met deelvolumes. Verticaliteit staat voorop. Verticale geleding in de bouwmassa aan de P.Ossestraat. Bouwvolume is bij voorkeur hoger dan breed. Maar verticaliteit is ook te bereiken door verspringing van de gevel, hoogte-accenten, smalle raampartijen etc.

GEVELINDELING

23

ARCHITECTUUR
Representatieve gevel langs de Pastoor Ossestraat, zonder dat zich aan deze zijde de entree bevindt. Het bedrijf heeft de mogelijkheid zich te presenteren in deze kwalitatief hoogwaardige zone. Door geleding van de gevel, gevelopeningen, wisseling materiaal- en kleurgebruik etc. ontstaat het gewenste afwisselend beeld. Verticaliteit door smalle bouwvolumes, gevelopeningen en deelvolumes.

Dakvorm: vrij, om individualiteit te versterken.

Materiaal- en kleurgebruik: sober en terughoudend passend bij landelijk karakter. Ruimere eisen om individualiteit te versterken.

24

OVERGANG OPENBAAR - PRIVÉ
Langs de P. Ossestraat ligt de rooilijn op minimaal 10m vanaf de perceelsgrens. De eerste 5m wordt groen ingericht met bijvoorbeeld eik, beuk, linde etc. en inheemse heesters. De uit boomgroepen bestaande erfbeplanting zorgen voor een besloten landelijk karakter langs de P. Ossestraat.

VIADUCT
Het Lint, de P. Ossestraat, zal een doorgaande verbinding blijven vormen naar Boernerbroek en zal niet fungeren als ontsluiting voor het bedrijventerrein. De Corridor zal middels een viaduct over de P. Ossestraat heen steken. De taluds van het viaduct maken deel uit van het groene karakter van het Lint. De brug zelf dient transparant en licht te zijn en qua materialisering aan te sluiten op de bebouwing langs het Lint, dus sober en natuurlijk ogend materiaal - en kleurgebruik, bijv. een houtachtige constructie.

>10m

Boomgroepen en/of bomenrijen tussen bedrijven onderling, waardoor individualiteit en landelijk karakter versterkt wordt. Soort: eiken.

De Pastoor Ossestraat moet in het beeld een doorgaande groene as opleveren. Dus een transparante brugconstructie waar het groen door heen schemert en groene taluds met boomgroepen.

25

grens uitgeefbaar terrein, zie BP

bebouwingshoogte max. 10m

>10.00m bebouwingsvrij vanuit de perceelsgrens, groen in te richten

var. ruimte voor kabels en leidingen, hier geen bomen, bebouwing of watergangen, deze zone wel uitwisselbaar met ernaast gelegen watergang. Profiel kan dus nog wijzigen.

watergang

bestaand profiel P.Ossestraat met vrijliggende fietspaden, indien kabels en leidingen het toelaten laanbeplanting van eiken toepassen

26

Pastoor Ossestraat

groene wig oost
bebouwingshoogte max. 10m

grens uitgeefbaar terrein, zie BP

bestaande watergang

var. groenzone zorgt voor besloten sfeer langs Pastoor Ossestraat, doorzichten op de bedrijven

var. watergang met natuurlijke oevers

>10.00m bebouwingsvrij vanuit de perceelsgrens, groen in te richten

27

DE KADE
[4]
(de ~, ~n/~s) 1 beschoeide of gemetselde oeverstrook, waaraan de sche pen kunnen aanleggen => ka, kaai, wal

Het Twentekanaal (zijtak naar Almelo) vormt de westelijke begrenzing van het bedrijventerrein. Het hier gelegen deelgebied ‘de Kade’ is vooral interessant voor bedrijven die goederen per schip laten vervoeren. De bedrijven kunnen zich optimaal langs het kanaal presenteren en zijn ook op bepaalde plaatsen vanaf de snelweg zichtbaar. Karakter gebied Ook langs het kanaal staat het concept van XL voorop, met grote bouwvolumes die het kanaal begeleiden en voor een horizontale wandwerking zorgen. De bedrijven hebben direct toegang tot een eventuele laad- en loskade en daarmee heeft de kanaalzone een dynamisch karakter. Indien er geen behoefte aan een kade blijkt te bestaan, blijft de huidige beplanting van populieren behouden. Deze laanbeplanting is waardevol vanwege de aanwezige vleermuisroute.In dat geval vormen deze populieren een transparant scherm naar de bedrijven toe, waarachter de bedrijven zich presenteren. Type bedrijven Vanwege de aanwezigheid van een laad- en loskade, zullen zich hier vooral bedrijven vestigen die gebruik maken van vervoer over water. Oriëntatie en situering Langs het kanaal staat een sterke wandwerking (begeleiding van het kanaal) voorop. Middels een vaste rooilijn wordt dit bewerkstelligd. Zonder dat de bedrijven aan deze zijde hun entrees hebben, dient ook hier aandacht besteed te worden aan de architectuur van de gevels. Uit veiligheidsoverwegingen geldt langs het kanaal een obstakelvrije zone van 20m nodig. De opslag van goederen vindt uit het zicht plaats en

dus intern of tussen de bebouwing achter een in het gebouw mee ontworpen wand. Op de kruising van de A35 en het kanaal is een accent mogelijk: het gebouw kan hier langs de snelwegzijde tot aan de plint in het water staan. Architectuur Het dynamische karakter van de kanaalzone wordt ondersteund in de architectuur van de gebouwen door gebruik van moderne, hoogwaardige materialen als staal en glas. Een gladde, strakke uitstraling staat hier voorop. Door geleding aan te brengen in de gevels door bijvoorbeeld wisseling van materiaal- of kleurgebruik, accentuering van het kantoorgedeelte, verbijzondering van trappartijen en dergelijke, ontstaat een afwisselend en boeiend beeld. Om de horizontaliteit te benadrukken zijn de daken plat en kiest elk bedrijf voor een vaste bouwhoogte (dus over de hele lengte van het gebouw één hoogte, geen wisselingen) of wordt met deelvolumes gewerkt volgens het principe “form follws function” (Grolsch). Naamaanduiding De naamaanduiding wordt op de gevel mee ontworpen, passend bij de gladde en strakke uitstraling van de Kade en het thema XL. Overgang openbaar - privé Een deel van de kanaalzone wordt voorzien van een kade. Hier vormt de kade de erfgrens en zijn de gebouwen goed zichtbaar. Daar waar de kade ontbreekt vormt een groenzone de overgang tussen openbaar en privé. Grasbermen en een transparant groen scherm van populieren zorgt voor een open afscherming van de bedrijven.

ka·de

28

TYPERING
Hoogwaardige bebouwing; watergebonden (vervoer over water); dynamisch en modern, grootschalig.

SITUERING EN ORIËNTATIE
[1] [2]

GEVELINDELING
[3] [4]

te weinig wandwerking, te weinig horizontaliteit Ritme en gelede gevels passend bij de schaal van het kanaal met voldoende afwisseling om eentonigheid te voorkomen. Dus niet als [1]. Door licht verspringende rooilijn of hoogte-accenten [2], toevoeging van elementen [3], of gevelindeling door raampartijen, wisselend materiaal- of kleurgebruik ontstaat een boeiend en afwisselend beeld.

wandwerking, horizontaliteit, als verbeelding van XL-imago Langs het Twentekanaal wordt horizontaliteit nagestreefd om het XL-karakter te versterken. Een sterke wand van bebouwing begeleidt het kanaal. Horizontale geleding ter begeleiding van het kanaal.

Voorbeeld van een in de gevel mee-ontworpen wand, waarachter parkeren of opslag van goederen mogelijk is. Hierdoor sterke wandwerking.

29

ARCHITECTUUR
Detaillering: Bij de schaal passen detaillering, grote gebaren. Dus geen over-detaillering zoals naaststaande foto. ....maar juist grote stevige gebaren.

Dakvorm: Platte daken om een optimale horizontale werking te verkrijgen als begeleiding van het kanaal.

Naamaanduiding: in de gevel mee ontwerpen. Verfraaiing van de gevel. Groot: verwijzing naar het XL-concept.

Materiaal: moderne materialen als glas, keramiek, staal. Moderne, gladde, strakke, dynamische uitstraling (dus geen gestapeld materiaal als baksteen).

30

OVERGANG OPENBAAR - PRIVÉ
Laad- en loskade: Inkassing: 16,4m. 10m vrij t.b.v. het plaatsen van scheepvaartaanduidingen. Obstakelvrije zone: 20m.

<

<>

51m

20m 16,4m
>

<

> <>

10m

Ter plaatse waar zich geen kade bevindt of als er geen behoefte aan een kade blijkt te bestaan, zorgen bomen (populieren) voor begeleiding van het kanaal. Achter het transparante scherm zijn de bedrijven zichtbaar.

31

20m obstakelvrije zone kade 16,4m inkassing

18m bebouwing max. 10m hoog

32

met kade

kanaalzone
grens uitgeefbaar

Hoogte bedrijfsgebouwen max. 15m

var. bebouwing max. 15m hoog bebouwingspercentage < 80%

rooilijn > 3m uit perceelsgrens. In te richten als grasberm

met loswal

33

grens uitgeefbaar

30m groenzone indien geen bedrijven met kade grasberm met bomen (populier); behoud bestaande bomen

>5m rooilijn vanuit de perceelsgrens

34

zonder kade

kanaalzone
grens uitgeefbaar

< 20m bebouwing max. 10m hoog

var. bebouwing max. 15m hoog bebouwingspercentage < 80%

rooilijn > 3m uit perceelsgrens. In te richten als grasberm

zonder loswal

35

HET ERF
[5]
(het ~, erven) 1 huis met de erbij behorende grond

Twee groene wiggen dringen diep het XL-Businesspark binnen en vormen zo een verbinding met het buitengebied en de Doorbraak. Deze groene wiggen vormen min of meer de schaalsprong tussen de aanwezige bebouwing en landschap en de toekomstige bebouwing van het XLBusinesspark. Eén van deze groene wiggen is het Erf. Uitgangspunt voor het gewenste ruimtelijk beeld in deze groene zone is de aanwezigheid van een cultuurhistorisch erf, Erve ‘t Wolbert, en de historische route van de Wolbeslanden. Karakter gebied Het Erf wordt gekenmerkt door een parkachtige setting met daarin de bedrijven als paviljoens. Het karakter dient aan te sluiten op het omringende landschap en groengebied. Het regionale aspect van het bedrijventerrein komt hier tot uitdrukking door de inrichting van het erf en de losse setting van gebouwen. De erfbeplanting bestaat uit (zomer)eiken, houtwallen en solitaire bomen als beuk, walnoot, linde en kastanje. Langs het Erf bevindt zich de doorgaande fietsroute richting de Doorbraak. Type bedrijven De aard van dit deel van het XL-businesspark is kleinschaliger dan het overige bedrijventerrein. Het Erf is vooral bedoeld voor bedrijven uit de categorieën 1 t/m 3. Oriëntatie en situering Het Erf kent een laag bebouwingspercentage (maximaal 35%) en een groene uitstraling. Om de groene uitstraling optimaal te garanderen

vindt opslag van goederen intern plaats. Ook het parkeren dient intern of ondergronds opgelost te worden. Om aan te sluiten op de landelijke sfeer van het omliggende gebied, is er geen vaste rooilijn. De gebouwen staan in een losse setting in het park, waarbij elk bedrijf z’n gebouwen wel zoveel mogelijk clustert (groepeert) en samengesteld of in samenhang ontwerpt (eenheid in materiaal- en kleurgebruik, eenheid in dakvorm etc.). Architectuur De bebouwing sluit aan op het karakter van Erve ’t Wolbert. Hierbij kan gedacht worden aan hellende dakvlakken en bijzondere dakvormen en gebruik van natuurlijk ogende materialen en kleuren. Naast de natuurlijk ogende materialen dient het materiaalgebruik duurzaam en hoogwaardig te zijn, bijvoorbeeld een combinatie van hout met moderne materialen als staal en glas, waarbij het materiaal hout de boventoon voert. Naamaanduiding Reclame en naamaanduidingen zijn niet toegestaan. Kleine borden in bedekte kleuren en van hoogwaardig, natuurlijk ogende materialen bevatten de bedrijfsinformatie. Overgang openbaar - privé Juist het beeld van de parkachtige setting met daarin de bedrijven staat voorop. Harde erfafscheidingen als hekwerken zijn op het Erf dan ook niet wenselijk. Erfbeplanting, bestaande uit bijvoorbeeld eik, kastanje, linde, walnoot, maar ook bloesembomen, geven het Erf het groene karakter.

erf

36

TYPERING
Kleinschaliger bedrijven als paviljoens in een parkachtige setting. Een van de groene wiggen die het XL-Businesspark opdelen. Het Twentse erf staat model.

SITUERING EN ORIËNTATIE
Bouwmassa: omdat het groene erf, de gebouwen in een parkachtige setting, voorop staat, zijn de bouwmassa’s beperkt van omvang. Een vaste rooilijn geeft een te strak beeld Parkeren: omdat het groene erf, de gebouwen in een parkachtige setting, voorop staat, moet parkeren intern of ondergronds / halfverdiept opgelost worden.

De wisselende rooilijn is een verwijzing naar het Twentse erf: een losse setting van gebouwen in een groene omgeving. Rooilijn: Er is geen vaste rooilijn. De juist verspringende rooilijn en daarmee gepaarde losse setting verwijst naar het Twentse erf.

Positie bebouwing: gegroepeerd en niet verspreid over het perceel. In samenhang ontworpen.

Groenzone: de gebouwen staan als paviljoens in een groene parkachtige setting. Voor dit gehele gebied bij voorkeur één ontwerp maken.

37

ARCHITECTUUR
De Twentse boerderij vormt de referentie voor de toekomstige bedrijfsbebouwing van het RBT, wat betreft materiaalgebruik en dakvorm. Paviljoenbebouwing in een groene parkachtige setting. De gebouwen zijn te gast in het omliggende landschap.

Dakvorm: Hellende dakvlakken of bijzondere dakvormen verwijzen naar de Twentse boerderij. Geen platte daken toegestaan.

Materiaalgebruik: Hoogwaardige, duurzame materialen, kwalitatief hoogwaardige uitstraling.

38

Natuurlijke materialen (bijvoorbeeld hout of baksteen). Een combinatie met glas en staal is ook mogelijk zolang het natuurlijk materiaalgebruik de boventoon voert.

Kleurgebruik: Gedempt kleurgebruik. Grijze of bruine tinten.

OVERGANG OPENBAAR - PRIVÉ
Het parklandschap zorgt voor een kwalitatief hoogwaardige vestigingsplaats. Markering van de zijdelingse perceelsgrenzen onderbreekt, zodat een open en doorgaand landschap ontstaat waarin de gebouwen als het ware “te gast” zijn. De voorzijde wordt gemarkeerd middels een beukenhaag welke typisch is voor het Twenste landschap.

Naaststaande zit-elementen kunnen een waardevolle toevoeging zijn in de parkachtige ruimte als verblijfsplek.

39

bebouwingshoogte max. 10m

>10.00m bebouwingsvrij vanuit de perceelsgrens

ondergronds parkeren of parkeren in onderste laag; bedrijven staan in parkachtige setting, verspreid in het landschap

>10.00m bebouwingsvrij vanuit de perceelsgrens

40

wolbeslanden
grens uitgeefbaar terrein, zie BP grens uitgeefbaar terrein, zie BP bebouwingshoogte max. 15m

HOOFDAS 3.50 m fietspad

4.50 m berm met beukenhaag en eiken (bomen 1e orde)

4.00m rijbaan

3.00m grasberm (kabels en leidingen, verlichting)

4.00m rijbaan

4.50 m 2.00m berm met beu- voetkenhaag en eiken pad (bomen 1e orde)

25.50m (profiel Bestemmingsplan)

>12.00m <20.00m parkeren mogelijk bij rooilijn van min. 13m; perceelsgrens gemarkeerd met beukenhaag; entreepartij mag 3m naar voren springen om zo geaccentueerd te worden en de gevel te onderbreken

indien hekwerken noodzakelijk, deze geplaatst achter de verplichte voorgevelrooilijn

41

HET VENSTER
[6]
(het ~, ~s) 1 opening in een gebouw waardoor het daglicht naar binnen kan, meestal afgesloten met een ruit 2 [muz.] rechthoekige opening aan de voorzijde van een fluit 3 [biol.] opening in het labyrint van het oor 4 deel van een computerbeeldscherm waarin gegevens kunnen worden weergegeven of ingevoerd => window

De zone, gelegen aan de zuidzijde van het XL-Businesspark, is het Venster. De bedrijven in deze zone kijken uit op de nieuw gegraven beek en natuurgebied De Doorbraak. De aanleg van deze beek is nodig om het water in Twente meer ruimte te geven, waterlast en verdroging te voorkomen en vormt tevens een ecologische verbinding tussen Noordoost Twente en de Sallandse Heuvelrug. Een doorbraak dus voor waterbeheer, landbouw en natuur. Tevens zal dit natuurgebied een buffer vormen tussen het bedrijfsterrein en de kern Bornerbroek. Karakter gebied De bedrijven die zich in het deelgebied van het Venster vestigen, staan aan de natuurzone. Daarom zullen de bedrijfshallen een terughoudende verschijningsvorm moeten hebben en zich niet opdringen aan de natuur en recreatie. Extra aandacht voor de overgang van het bedrijventerrein naar het natuurgebied is van belang. Type bedrijven In de zone ‘het Venster’ bevinden zich grote kavels waarop zich bedrijven uit de milieucategorieën 3, 4 en 5 kunnen vestigen. Ook hier zullen het met name bedrijven uit de grootschalige productie-, distributie- en logistieke sector zijn. Oriëntatie en situering Langs de Doorbraak geldt een overgangszone waar de bouwhoogte en het bebouwingspercentage beperkt is, om zo een geleidelijke overgang te creëren. Daarnaast dient de be-

bouwing een zekere afstand te behouden vanaf de plangrens. De representatieve gevel bevindt zich vooral aan de hoofdaszijde, maar ook aan de achterzijde is het van belang dat hier geen achterkantsituaties ontstaan. Architectuur Om de Doorbraak zoveel mogelijk tot z’n recht te laten komen, stellen de bedrijfsgebouwen zich terughoudend op en hebben gedempte kleuren en een eenvoudige hoofdvorm. Hoge, blinde gevels zijn echter niet gewenst. Door accenten in de gevel aan te brengen in de vorm van gevelopeningen (vensters), ontstaat een meer menselijke maat. Deze “vensters” kunnen bijvoorbeeld de kantine of een trappenhuis markeren en bieden zo mooi uitzicht op de beek en aangrenzende weides en verzorgen tevens sociale controle aan deze rustige zijde van het RBT. Naamaanduiding Geen of beperkte naamaanduiding in de gevel aan de Doorbraakzijde, geen verlichte of bewegende naamaanduidingen. Reclame is niet toegestaan. Overgang openbaar - privé De overgang van bedrijfsterrein naar de Doorbraak wordt zoveel mogelijk op een natuurlijke manier opgelost. Door middel van een flauw talud, begroeid met bomen en struiken, wordt een besloten karakter gecreëerd in de Doorbraak en wordt het bedrijfsterrein min of meer afgeschermd, zodat de bedrijfshallen geen harde rand vormen naar hun omgeving.

Eventuele hekwerken mogen niet zichtbaar zijn. Het talud wordt, waar mogelijk en in overleg, aangelegd in het openbaar gebied (dus niet op uitgeefbare grond). Gedeeltelijk kan dit binnen de plangrens waar in het Bestemmingsplan de aanduiding Groenvoorzieningen II staat en gedeeltelijk buiten het plangebied, maar dan in overeenstemming met het Waterschap Regge Dinkel en de Provincie Overijssel. Waar de recreatieve fietsroute direct langs het bedrijventerrein loopt, vormt een houtwal op de perceelsgrens een groen scherm. Indien bedrijven zich nog meer willen profileren en presenteren kan met de bedrijfshal door de wal “heen geprikt” worden (bijvoorbeeld door een kantine of kantoorgedeelte als een “venster” in de grondwal op te nemen). Het talud kan dan als het ware over het gebouw doorlopen middels een grasdak.

ven·ster

42

TYPERING
Grote kavels waar met name bedrijven uit de grootschalige productie-, distributie- en logistieke sector zich zullen vestigen. Van hieruit kijkt men via ‘vensters’ over de Doorbraak uit. De bedrijven staan bijna met hun voeten in het nieuw aan te leggen natuurgebied. De bebouwing dient minimaal 3m uit de perceelsgrens te staan en minimaal 25m uit de plangrens. Achter het talud is parkeren mogelijk, mist voldoende uit het zicht. Maar het bedrijf kan er ook voor kiezen zich extra te profileren en de grondwal door laten lopen tot tegen het gebouw, waardoor het gebouw a.h.w. door het talud heen prikt.

SITUERING EN ORIËNTATIE

GEVELINDELING
Representatieve gevel langs de Doorbraakzijde: dat wil zeggen: aandacht voor de architectuur en verschijningsvorm: geen blinde gevels, geen opslag, parkeren zoveel mogelijk uit het zicht, geen laaddocs. Vensters of gevelopeningen, waarachter bijvoorbeeld een trappenhuis, kantoorgedeelte of kantine bieden uitzicht op de Doorbraakzone en zorgen voor geleding van de gevel.

Voorbeeld van een verbijzondering van een trappenhuis, waardoor geleding van de gevel.

43

ARCHITECTUUR
Gevel: geen hoge blinde gevels, maar aandacht voor geleding van de gevel.

Dakvlak: Bedrijven hebben een eenvoudige verschijningsvorm om zich niet op te dringen aan de Doorbraak.

Hellend dakvlak ook mogelijk indien bedrijf zich meer wenst te profileren. Dan integratie in landschap middels grasdaken, waardoor het landschap a.h.w. doorloopt.

Kleur- en materiaalgebruik: Terughoudend kleur- en materiaalgebruik zodat de bedrijven niet dominant aanwezig zullen zijn in de Doorbraakzone.

Natuurlijke, donkere tinten als bruin, grijs.

Geen of beperkte naamaanduiding in de gevel aan de Doorbraakzijde. Geen verlichte of bewegende naamaanduidingen. Reclame niet toegestaan.

44

OVERGANG OPENBAAR - PRIVÉ
Harde confrontatie tussen bebouwingswand en landschap voorkomen.

Een grondlichaam van ongeveer 2.5m hoog, met daarop een meidoornhaag en begroeiing van struiken en boomgroepen zorgt voor een geleidelijke overgang van het landschap naar het bedrijventerrein. Eventuele hekken mogen niet zichtbaar zijn vanuit de Doorbraakzone. Indien de bedrijven zich meer naar de Doorbraak willen profileren en iets bijzonders willen doen, bestaat de mogelijkheid de grondwal door te trekken tot tegen de gevel. Het gebouw “prikt” dan a.h.w. door de grondwal heen. Met grasdaken kan het landschap dan nog doorgezet worden over het gebouw heen.

Meidoornhaag als afscherming.

Waar het fietspad direct aan het bedrijfsterrein grenst zorgt een haag met bomensingel (eik) op de perceelsgrens voor een groene afscheiding.

De Doorbraak bestaande uit een nieuw te graven beek, waterpartijen, ruige weiden met natuurlijke vegetatie en boomgroepen .

45

var. Doorbraakzone, natuurontwikkeling door aanleg nieuwe beek, met aangrenzende ruige weilanden; tegelijk buffer tussen Bornerbroek en bedrijfsterrein

46

grens uitgeefbaar

var. talud met begroeiing van struiken en boomgroepen zorgt voor afscherming en zachte overgang van bedrijfsterrein naar Doorbraakzone; deze is deels binnen het plangebied aan te leggen (Groenvoorzieningen II Bestemmingsplan) en deels buiten het plangebied in overleg met Waterschap en Provincie.

> 3m bebouwingsvrij (mogelijkheid voor parkeren maar wel uit het zicht!)

zone van 50m vanaf perceelsgrens bebouwing max. 10m hoog bebouwingspercentage < 70%

var. bouwhoogte 15m bebouwingspercentage < 80%

47

DE CORRIDOR
[7]
1 gang in een gebouw 2 strook land tussen twee territoria waardoor ver voer van goederen/personen plaatsvindt

Het gehele bedrijventerrein wordt ontsloten via één weg: de oostwest gerichte hoofdas, de Corridor. Gedeeltelijk volgt deze de oude route van de Wolbeslanden. De Corridor is enkel via de H.R. Holstlaan toegankelijk en heeft geen doorgaande ontsluitingsfunctie, behalve voor het langzaamverkeer. Nabij het kanaal wordt de optie om in de toekomst de as door te zetten naar de overzijde van het kanaal opengehouden. Omdat alle verkeersbewegingen van bijvoorbeeld transport en distributie, werknemers en bezoekers én een gedeelte van de recreatieve fietsroute via de Corridor zullen gaan, speelt ook hier representativiteit van de bedrijven een rol. De bedrijven kunnen zich ook hier van hun beste kant laten zien, zij het in mindere mate dan langs de snelweg. Karakter gebied De Corridor vormt de hoofdas van het XL-businesspark: al het bestemmingsverkeer maakt gebruik van deze as. De Corridor vormt als het ware de ruggegraat van het bedrijventerrein. Een eenduidige inrichting staat daarom ook voorop. Type bedrijven Omdat de Corridor zich over het hele bedrijventerrein van oost naar west begeeft, zal de Corridor meerdere deelgebieden doorsnijden. Daar waar de Corridor de groene wiggen van het Lint en het Erf doorsnijdt zullen de bedrijven kleinschaliger van aard zijn, dan waar de hoofdas de zuidelijke grens vormt van de percelen gelegen langs de snelweg. Kortom: de aard van de bedrijven zal wisselen. Het profiel

van de hoofdas echter zal over de gehele linie gelijk zijn en daarom herkenbaar. Oriëntatie en situering Het kenmerk van de Corridor zijn de harde wanden. Op het XL-businesspark worden de wanden van de Corridor gevormd door de gevels van de bedrijfsgebouwen. Het is daarom van belang dat de bedrijfsgebouwen niet helemaal achteraan op het terrein bevinden, maar de steeds licht van richting veranderende as begeleiden. De rooilijn bevindt zich binnen een vaste marge. De bedrijven presenteren zich met hun entrees naar de hoofdas en verzorgen daarmee het gewenste representatieve karakter, maar ook een stukje imago en herkenbaarheid. Architectuur De entreepartij aan de Corridorzijde zorgt voor een verfraaiing van de gevel door deze te markeren met bijvoorbeeld een hoogteaccent, verspringing van de gevel, afwijkend materiaal- en of kleurgebruik. Net als langs de snelwegzijde geldt ook hier dat de detaillering moet passen bij de schaal van de gebouwen en aan moet sluiten bij het imago van XL, dus grote gebaren. Naamaanduiding De naamaanduiding mag in de gevel mee ontworpen worden. Deze is niet verlicht of bewegend. Reclame is niet toegestaan. Overgang openbaar - privé Het verloop van de Corridor wordt naast

de gevelwanden ook versterkt door strakke (beuken)hagen en grote bomen (eiken). Door dit strakke patroon van een grasberm tussen de rijbanen, (brede) hagen langs de rijbanen, het fiets- en voetpad en langs de bedrijfspercelen en ten slotte de laan van grote eiken, ontstaat langs de héle Corridor een eenduidig en continue beeld, passend bij het XL-imago. Ter hoogte van de inritten of toegangswegen wordt de beukenhaag onderbroken om de naamborden te plaatsen.

cor·ri·dor (de ~ (m.), ~s)

48

TYPERING
De Corridor vormt de hoofdas, de ruggegraat van het XL-Businesspark. Langs de hele Corridor een eenduidig beeld, begeleid door hagen en grote bomen. Hierlangs hebben de bedrijven hun entrees. De bedrijven vormen de Corridor met hun gevels. Rooilijn: De bebouwing dient zoveel mogelijk de hoofdas te begeleiden en een zo sterk mogelijke wandwerking te hebben. De horizontale bouwmassa benadrukt de XL-identiteit en zorgt zo voor een eenduidig beeld langs de hoofdontsluiting. De voorgevelrooilijn dient zich daarom binnen een bepaalde marge te bevinden (tussen de 10 en 20m).

SITUERING EN ORIËNTATIE
[1]

GEVELINDELING
[2] [3]

Een verspringende rooilijn verbeeldt te weinig de grootschaligheid en heeft geen sterke wandwerking. Ritme en gelede gevels door entreepartij en/of kantoorfuncties te markeren en accentueren door verspringing van de rooilijn [1], hoogteaccenten [2] of wisseling van kleur- en materiaalgebruik [3].

Een “vaste” rooilijn binnen een bepaalde marge geeft een eenduidig beeld en heeft een sterke wandwerking, wat de XL-identiteit versterkt. Entreepartij kan naar voren springen. Hagen op de perceelsgrenzen zijn kermerkend voor de Corridor en worden onderbroken waar naambord geplaatst kan worden ter hoogte van toegangsweg. Achter in de gevel mee ontworpen wanden kunnen goederen eveneens opgeslagen worden.

49

ARCHITECTUUR
Detaillering: Bij de schaal passende detaillering, grote gebaren. Dus geen over-detaillering zoals naaststaande foto. .... maar juist grote stevige gebaren, waarbij de entree bijvoorbeeld verbijzonderd wordt.

Dakvorm: Platte daken om een optimale horizontale werking te verkrijgen als begeleiding van de Corridor.

Hoogteaccenten of accenten met hellende dakvlakken wel toegestaan om bijvoorbeeld de entreepartij of kantoorfunctie te markeren.

Materiaal- en kleurgebruik: Om de grootschaligheid te benadrukken en een overdetaillering te voorkomen het materiaal en/of kleurbegebruik beperken tot maximaal 3 kleuren / materiaaltypes per gebouw per perceel. Hoogwaardig en modern materiaalgebruik.

50

OVERGANG OPENBAAR - PRIVÉ
Langs de Corridor wordt van oost naar west een eenduidig beeld nagestreefd. Hagen en grote bomen begeleiden de hoofdas en zorgen voor een helder profiel van de openbare ruimte.

Een beukenhaag markeert de perceelsgrens en ondersteunt zo de eenheid van de openbare groene ruimte.

Achter deze haag parkeren mogelijk, mits onder een bladerdak.

Nabij inritten en toegangswegen wordt de beukenhaag onderbroken voor het naambord.

Eventuele hekwerken worden achter de voorgevelrooilijn geplaatst. Hekwerken worden bij voorkeur gezamenlijk ingekocht zodat eenheid ontstaat over het hele terrein. Grijze spijlenhekken, achter een beukenhaag.

51

Grens uitgeefbaar.

indien hekwerken noodzakelijk, deze geplaatst achter de voorgevelrooilijn

52

2.00m 4.50 m 4.00m entreepartij mag >10.00m <20.00m voetgrasberm met rijbaan 3m naar voren rooilijn pad eiken (bomen 1e springen om zo parkeren mogelijk; orde) geaccentueerd perceelsgrens gemarkeerd met te worden en de beukenhaag gevel te onderbreken

Grens uitgeefbaar.

Hoogte bedrijfsgebouwen max. 15m.

3.00m grasberm (kabels en leidingen, verlichting)

4.00m rijbaan

4.50 m grasberm met eiken (bomen 1e orde)

3.50 m fietspad

25.50m (profiel Bestemmingsplan)

>10.00m <20.00m entreepartij mag rooilijn 3m naar voren parkeren mogelijk; springen om zo perceelsgrens gemarkeerd met geaccentueerd beukenhaag te worden en de gevel te onderbreken

indien hekwerken noodzakelijk, deze geplaatst achter de voorgevelrooilijn

53

Hagen op de overgang van openbaar naar privé. Een versterking van de groenstructuur en tevens begeleiding van de weg en afscherming van het parkeren.

integrale beeldeisen
Voor het gehele gebied zijn dit beukenhagen als verwijzing naar het Twentse landschap. Op overgang naar de Doorbraak: meidoornhaag Langs de interne ontsluitingswegen is de eerste 3m van het perceel als grasberm ingericht. Hierlangs een beukenhaag. Grote bomen begeleiden de hoofdas; groot gebaar ter begeleiding van bedrijfspanden. Het gebruik van gebiedseigen soorten, namelijk eiken, versterkt de identiteit van het plangebied.

Langs snelwegzijde: Reclame-uiting: grote gebaren als verwijzing naar het thema XL, d.m.v “land-art” en productvergroting van 7m hoog. Breedte maximaal 7m. Uitgevoerd in wit materiaal en geplaatst in de parkzone, maakt daar deel van uit. De erachter gelegen bedrijven verschieten steeds “van kleur”, terwijl de parkzone met de objecten voor een eenheid zorgt.

Stijlvol en hoogwaardig materiaalgebruik voor erfafscheiding. Maximaal 2.5m hoog. Gedempte kleuren. Hekwerken geplaatst achter een beukenhaag.

54

Openbare wegen uitvoeren in asfalt; inritten uitvoeren in grootschalig materiaal, bijvoorbeeld beton- of stelconplaten, als verwijzing naar XL. Eenduidig voor het gehele terrein. Stijlvolle, hoogwaardig materialen bij inrichting openbare ruimte. Eenduidig voor het gehele terrein.

Trottoirs uitvoeren in grootschalig materiaal, bijvoorbeeld beton- of stelconplaten, als verwijzing naar XL. Eenduidig voor het gehele terrein.

Thema “groot” of XL. o.a. in: * de bouwmassa’s * de architectuur (grote gebaren) * het groen (grote bomen) * de reclame (groot op de gevel, grote landmarkachtige objecten) * het profiel van de Corridor (strak en helder) * materialisering van bijv. de inritten

Aan snelwegzijde de bedrijfsnaam of het product groot integreren in gevel als verwijzing naar het thema XL.

55

XL-Businesspark
beeldkwaliteit
SAB Arnhem Frombergdwarsstraat 54 6814 DZ Arnhem

januari | 2007 projectnummer | 60826