ECONOMISCH ACTIEPLAN 2002-2006

Copyright © 2003 Gemeente Roosendaal Auteur Document nummer Document naam Status Editiedatum Versie 4.0 Concept Economisch Actieplan 2002-2006 Vastgestelde versie 2003 04-02-2003

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Distributielijst Zie begeleidende brief Projectleider Naam: René van Gastel Birgit Breugelmans-Vissers Kees Kools Datum: Paraaf: Versie historie Versie: 1.0 2.0 3.0 4.0 Opdrachtgever Naam: Jan Pelle Functie: wethouder

Datum: Paraaf:

Datum: 31-10-2002 28-11-2002 10-01-2003 04-02-2003

Verschil met voorgaande versie: Initiële conceptversie 2e conceptversie 3e conceptversie 4e versie (vastgesteld B&W)

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

2/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

INHOUDSOPGAVE
1. INLEIDING ...................................................................................................................................................... 5

1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6 1.7
2

AANLEIDING ................................................................................................................................ 5 BELANG ...................................................................................................................................... 5 DOELSTELLING ............................................................................................................................ 5 UITGANGSPUNTEN ....................................................................................................................... 5 STRUCTUUR ................................................................................................................................ 6 AFBAKENING ............................................................................................................................... 6 RESULTATEN OVERLEGRONDES ................................................................................................... 7 DOELSTELLING ............................................................................................................................ 9 (GEOPERATIONALISEERDE) SUBDOELSTELLINGEN ......................................................................... 9 ACTIEPLAN ECONOMISCHE BAROMETER. .................................................................................... 10 DOELSTELLING .......................................................................................................................... 12 (GEOPERATIONALISEERDE) SUBDOELSTELLINGEN ....................................................................... 12 ACTIEPLAN BEDRIJVENTERREINEN. ............................................................................................. 14 DOELSTELLING .......................................................................................................................... 18 (GEOPERATIONALISEERDE) SUBDOELSTELLINGEN ....................................................................... 18 ACTIEPLAN DETAILHANDEL......................................................................................................... 20 DOELSTELLING .......................................................................................................................... 22 (GEOPERATIONALISEERDE) SUBDOELSTELLINGEN ....................................................................... 22 ACTIEPLAN KANTORENMARKT .................................................................................................... 24 DOELSTELLING .......................................................................................................................... 26 (GEOPERATIONALISEERDE) SUBDOELSTELLINGEN ....................................................................... 26 ACTIEPLAN TOERISME-RECREATIE. ............................................................................................. 28 DOELSTELLING .......................................................................................................................... 32 (GEOPERATIONALISEERDE) SUBDOELSTELLINGEN ....................................................................... 32 ACTIEPLAN ARBEIDSMARKT. ....................................................................................................... 34 DOELSTELLING .......................................................................................................................... 38 (GEOPERATIONALISEERDE) SUBDOELSTELLINGEN ....................................................................... 38 ACTIEPLAN CITYMARKETING. ...................................................................................................... 40 DOELSTELLING .......................................................................................................................... 42 (GEOPERATIONALISEERDE) SUBDOELSTELLINGEN ....................................................................... 42 ACTIEPLAN UITVOERINGSKADER ................................................................................................. 44

EEN ECONOMISCHE BAROMETER VOOR ROOSENDAAL ....................................................................... 9

2.1 2.2 2.3
3

BEDRIJVENTERREINENBELEID ................................................................................................................ 12

3.1 3.2 3.3
4

DETAILHANDELSBELEID ........................................................................................................................... 18

4.1 4.2 4.3
5

KANTORENMARKTBELEID ........................................................................................................................ 22

5.1 5.2 5.3
6

TOERISTISCHE RECREATIEVE ONTWIKKELING..................................................................................... 26

6.1 6.2 6.3
7

ARBEIDSMARKTBELEID ............................................................................................................................ 32

7.1 7.2 7.3
8

CITYMARKETING......................................................................................................................................... 38

8.1 8.2 8.3
9

UITVOERINGSKADER. ................................................................................................................................ 42

9.1 9.2 9.3

BIJLAGE A RELEVANTE BELEIDSKADERS ..................................................................................................... 46 BIJLAGE B RELEVANTE BELEIDSVELDEN...................................................................................................... 48 BIJLAGE C BETROKKEN PARTIJEN ................................................................................................................. 50 BIJLAGE D GEBRUIKTE AFKORTINGEN. ........................................................................................................ 53 BIJLAGE E VERSLAG WERKBIJEENKOMST 1................................................................................................ 55 BIJLAGE F VERSLAG WERKBIJEENKOMST 2................................................................................................ 61
Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal 3/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

4/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

1. INLEIDING
1.1 Aanleiding

De gemeente Roosendaal heeft de behoefte om meer richting te geven aan haar activiteiten op het economische beleidsterrein. Daarbij is het van belang om een heldere positie in te nemen in het lokale, regionale en ook bovenregionale economische werkveld. Met de vaststelling van het collegeprogramma is concreet het startsein gegeven voor het opstellen van een nieuw economisch actieplan.

1.2

Belang

In 1998 heeft de nieuwe gemeente een start gemaakt met het formuleren van een beleidskader “Het Economisch Profiel van de gemeente Roosendaal”. In het beleidskader zijn de economische pijlers van Roosendaal verkend hetgeen heeft geresulteerd in een beleidsmatige keuze voor 5 speerpunten waaraan een scala van activiteiten is verbonden. Vier jaar na dato is het van belang dat dit beleidskader en de bijbehorende activiteiten worden getoetst aan de nieuwe ontwikkelingen, inzichten en prioriteiten. De landelijke tendensen (neergaande conjunctuur, toenemende werkloosheid, verslechterde internationale concurrentiepositie, afname netto besteedbaar inkomen) vormen extra aanleiding om actiever aan de slag te gaan. De gemeente gaat met dit concept Economische Actieplan in op de uitnodiging van de sociaaleconomische partners, die aandacht vragen voor de aanpak van kansen en bedreigingen. Ook de diverse prioritaire beleidsthema’s zoals aangereikt door het georganiseerde bedrijfsleven zijn meegenomen bij de totstandkoming van dit actieplan. Een meer dynamische rol van gemeente en bedrijfsleven en betere afstemming en samenwerking tussen beide partijen worden van groot belang geacht. Vooral de aanbevelingen in de recente nota “De sociaal-economische ontwikkeling in Roosendaal en het gemeentelijke beleid” (een samenwerkingsproject van MKB en Rabobank) vormen een goede basis voor een interactief uitvoeringproces. Het motto luidt dus: “Onderneem het samen!”.

1.3

Doelstelling

Het concept Economisch Actieplan plan heeft als algemene doelstelling: “het versterken van de lokale en regionale economie”. Als afgeleide hiervan kunnen de volgende (concrete) subdoelstellingen worden geformuleerd: de evaluatie en actualisatie van het gemeentelijke beleid; het inrichten van een interactief uitvoeringskader waarbinnen de verdere economische ontwikkeling samen met ondernemend Roosendaal en de regio vorm zal moeten krijgen; het formuleren van een monitor (economische barometer) op basis waarvan de lokale economie en de primaire doelstelling van dit actieplan bewaakt kunnen worden. Belangrijke algemene indicatoren daarbij zijn werkgelegenheid (in relatie tot werkloosheid), inkomen, bestedingen en investeringen.

1.4

Uitgangspunten

Bij het uitwerken van het concept Economische Actieplan worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: Besef dat samenwerking tussen alle partijen onontbeerlijk is. De gemeente streeft daarom naar een integrale aanpak van problemen vanuit een breed gedragen economisch beleid. Het is de wens van de Gemeente Roosendaal dat het georganiseerde bedrijfsleven zich vooral zal moeten richten op het behartigen van het collectieve economische belang. Ondernemers en ondernemersverenigingen zullen zich bewust moeten worden van het eigen belang in de meer collectieve aanpak. Vanuit dit besef is ook de verbreding en verbetering van de organisatie- en participatiegraad in de economische

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

5/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

ontwikkeling van Roosendaal een uitgangspunt om de collectieve ambities waar te kunnen maken. Denk en werk regionaal. De Roosendaalse economie staat niet op zichzelf, maar vormt vooral een belangrijk onderdeel van de regio; een regionale afstemming is derhalve van groot belang. Borchwerf II, maar ook de gemeentelijke actieve participatie in het SES en het RPA zijn voorbeelden van regionaal denken en werken. Streef naar een integrale aanpak van problemen. De gemeente zal zich “met de economische pet” vooral richten op het bieden van ruimte, middelen en randvoorwaarden voor de lokale en regionale economie. Vanuit sociaal oogpunt vormt het voorzien in voldoende werkgelegenheid nog steeds een belangrijke doelstelling. In toenemende mate leidt de situatie op de arbeidsmarkt tot de behoefte om werkgelegenheid en arbeidsmarkt (aanbod en vraag) beter op elkaar af te stemmen. Om meer maatwerk te kunnen leveren wordt een meer integrale aanpak (waarbij ook ruimtelijke, veiligheids- en milieudoelstellingen een expliciete plaats krijgen) nagestreefd.

1.5

Structuur

In hoofdstuk twee wordt de basis gelegd voor de totstandkoming van een economische barometer. Deze monitor zal uit moeten groeien tot een prominent beleidsinstrument en in toenemende mate een rol moeten gaan vervullen bij het maken van beleid en het stellen van prioriteiten. In hoofdstuk drie wordt ingegaan op de doelstellingen van het bedrijventerreinenbeleid en de daaruit voortvloeiende activiteiten. Hoofdstuk vier werkt de doelstellingen van het detailhandelsbeleid en de activiteiten verder uit. Hetzelfde gebeurt in hoofdstuk vijf voor het kantorenmarktbeleid. Hoofdstuk zes gaat vervolgens in op de doelstellingen van de toeristische recreatieve ontwikkeling en de bijhorende activiteiten. Daarmee zijn de dragers van de economische ontwikkeling in beeld gebracht. In de volgende hoofdstukken worden met name de instrumentele beleidsvelden beschreven vanuit de mogelijke impact voor de economische ontwikkeling. In hoofdstuk zeven wordt het arbeidsmarktbeleid verder uitgewerkt. Hierbij wordt ook ingegaan op de rol van het onderwijs en het belang van kennis en innovatie. Hoofdstuk 8 betreft een nog nader uit te werken beleid gericht op citymarketing. Tot slot wordt in hoofdstuk 9 het uitvoerings- en organisatiekader beschreven. De afsluitende paragrafen vormen tezamen het feitelijke actieplan. De activiteiten zijn zo concreet mogelijk benoemd. Voorts is er voor gekozen de activiteiten in een tabel te beschrijven aan de hand van de volgende kenmerken: operationele doelstelling concrete actie met evt. tussen- en eindresultaten planning in de tijd van deze resultaten instrumenten die moeten worden gebruikt om de resultaten te kunnen bepalen verantwoordelijke partijen. Daarbij is een onderscheid gemaakt tussen de projectmatige (in grijze kaders) en de reguliere activiteiten. In de bijlagen wordt ingegaan op een aantal algemene uitgangspunten en omgevingsfactoren. Zo beschrijft bijlage A de verschillende beleidskaders die als uitgangspunten (kunnen) dienen voor de verschillende vormen van beleid. Bijlage B beschrijft de verschillende beleidsvelden waar het economische beleid en de afgeleide beleidsvelden raakvlakken mee hebben. Bijlage C geeft een overzicht van alle betrokken partijen binnen het beleidsveld economische ontwikkeling. Bij het vaststellen en uitwerken van de activiteiten zullen de beleidskaders, raakvlakken met andere velden, de relevante actoren en ook het financierings- en organisatiekader definitief worden vastgesteld. Tot slot zijn ook de verslagen bijgevoegd van de interactieve bijeenkomsten die ter voorbereiding van deze nota hebben plaatsgevonden.

1.6

Afbakening

Dit actieplan richt zich vooral op de stad en bedrijventerreinen. Dat de aandacht slechts in beperkte mate uitgaat naar de dorpen en buitengebied wil echter niet zeggen dat hier geen economische belangen behartigd moeten worden! De aanwezigheid van economische functies zoals de agrarische sector, detailhandel, horeca en toerisme zijn zeker van belang voor de leefbaarheid van de kernen. Dit
Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal 6/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

economische belang vormt dan ook een belangrijk aandachtspunt binnen de reguliere werkzaamheden van economische zaken, als ook van het projectbureau wijkgericht werken van de gemeente Roosendaal. De landbouw en het toerisme in het buitengebied zijn bovendien volwaardige sectoren die een belangrijke bijdrage leveren in het totale economische functioneren van de regio. Deze beide sectoren zullen ruimschoots aan bod komen in het aparte regionale kader voor plattelandsvernieuwing “De Brabantse Delta” (de West-Brabantse variant van de reconstructie).

1.7

Resultaten overlegrondes

Op 8 november 2002 heeft een eerste bespreking van het concept economisch actieplan plaats gevonden. Bij deze bespreking waren naast gemeentelijke vertegenwoordigers, aanwezig vertegenwoordigers van BZW, MKB, K.v.K., FNV, SES, REWIN, OKR, ROF, OVB, contactgroep Majoppeveld en CWI. Tijdens de bijeenkomst is gereageerd op het concept. De reacties betroffen vooral opmerkingen en aanvullingen. In bijlage E is het uitgebreide verslag van deze bijeenkomst opgenomen.Dit overleg heeft er toe geleid dat de concepttekst is aangepast. Bovendien is het belang van onderwijs/ kennis en innovatie toegevoegd aan het hoofdstuk arbeidsmarktbeleid en is een nieuw hoofdstuk 9 “citymarketing” aan het actieplan toegevoegd. In bijlage F is het verslag op genomen van de terugkoppelingsbijeenkomst die plaatsvond op 11 december 2002. Door de aanwezige delegatie (bijna in dezelfde samenstelling) werd dit economisch actieplan breed ondersteund. Het advies om vooral in de tijd wat realistischer te plannen heeft geleid tot aanpassing van de planning. De behoefte aan meer integrale en interactieve visie-ontwikkeling is niet expliciet in dit actieplan opgenomen, maar zal in het kader van de nieuwe meer interactieve aanpak gemeentebreed onder de aandacht worden gebracht.

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

7/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

8/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

2 EEN ECONOMISCHE BAROMETER VOOR ROOSENDAAL
2.1 Doelstelling

Meten is weten is in veel gevallen een goed uitgangspunt, zo ook bij het Economisch beleid in het algemeen en bij het Economisch Actieplan in het bijzonder. De Gemeente Roosendaal streeft er naar de doelstellingen en activiteiten zo te formuleren dat deze ook kunnen worden gemeten. Dit heeft als voordeel dat ook daadwerkelijk kan worden bezien wat de resultaten van bepaalde activiteiten zijn en of doelstellingen worden gehaald. Als alle activiteiten op deze manier zijn geformuleerd ontstaat een set van indicatoren die uiteindelijk een economische barometer opleveren. Het beleid richt zich daarvoor primair op de volgende vragen: Hoe zou het economisch klimaat het beste gemeten kunnen worden? Welke indicatoren zijn belangrijk? Wat kan de gemeente meten en wat kan het bedrijfsleven meten, dan wel aanleveren? De economische barometer betreft een jaarlijkse schriftelijke rapportage van het college aan de gemeenteraad en de sociaal-economische partners.

2.2

(Geoperationaliseerde) subdoelstellingen

Het nieuwe beleidsinstrument de economische barometer richt zich vooralsnog op twee beleidsvragen: Hoe ontwikkelt de economie zich in Roosendaal in algemene zin? (subdoelstelling A) Voorzien moet worden in een overzicht van cijfers en trends (werkgelegenheid, werkloosheid, pendelstromen, gemiddeld besteedbaar inkomen, aantal starters, bedrijfssegmentering, enz.) die een beeld vormen van de huidige economische positie en de ontwikkeling daarvan. Het betreft vooral sturingsinformatie op basis waarvan het gemeentelijk beleid nader uitgewerkt en aangepast kan worden en bestuurlijk prioriteiten kunnen worden gesteld. In hoeverre is uitvoering gegeven aan dit Economische Actieplan? (subdoelstelling B) De barometer zal ook inzicht moeten geven in de al dan niet bereikte tussenresultaten. De voortgang van het EAP zal jaarlijks geëvalueerd worden en waar nodig moeten worden bijgesteld. Bij de jaarlijkse evaluatie worden ook de sociaal-economische partners betrokken.

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

9/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

2.3

Actieplan Economische Barometer.

Actienr. Doelstellingen
2A 2A-1 2A-2 2A-3 2B 2B-1 Evaluatie EAP Barometer economische ontwikkeling “cijfers en trends”

Actie’s

Planning

instrumen

Economisch Het ontwikkelen van een basisconcept voor de economische barometer Het verrichten van een nulmeting Jaarlijkse rapportage Economische barometer 2e kwartaal 2003 4e kwartaal 2003 Doorlopende actie m.i.v. 2003 (na afloop betreffende jaar) -

Diverse (on

Diverse (on EAP

Voortgangsrapportage EAP Evaluatiebijeenkomst met sociaaleconomische partners.

Jaarlijks 4e kwartaal m.i.v. 2004

EAP/ barom

2B-2

Jaarlijks 4e kwartaal m.i.v. 2004

EAP/ barom

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

10/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

11/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

3 BEDRIJVENTERREINENBELEID
3.1 Doelstelling

Het bevorderen van de werkgelegenheid blijft het centrale doel van het bedrijventerreinenbeleid. Met het aantrekken van bedrijven ontstaat immers direct en indirect nieuwe werkgelegenheid. Een goed productiemilieu en een gunstig ondernemersklimaat bevorderen ook de bedrijvigheid als zodanig en daarmee de economische groeikansen.

3.2

(Geoperationaliseerde) subdoelstellingen

In het Economisch Profiel van de Gemeente Roosendaal is het bedrijventerreinbeleid toegespitst op een tweetal subdoelstellingen: het aanscherpen van de relatie tussen industriële gronduitgifte en arbeidsmarktbeleid; het streven naar een optimaal bedrijventerreinenbeleid; van een kwantitatief aanbodgerichte ontwikkeling naar een ontwikkeling vanuit de vraagzijde gericht op kwaliteit. Anno 2002 vormen deze subdoelstellingen nog steeds de basis voor de operationalisering van het bedrijventerreinenbeleid voor de komende jaren. De subdoelstellingen laten zich vertalen in zes afgeleide, geoperationaliseerde doelstellingen. A. Integraal bedrijventerreinenbeleid. Het betreft de evaluatie en (her)formulering van beleidsuitgangspunten en -randvoorwaarden met betrekking tot bedrijventerreinen inzake duurzame (her)ontwikkeling, beheer, parkmanagement en uitgifte. B. (Her)ontwikkeling bedrijventerreinen. Het ontwikkelen van nieuw bedrijventerrein en het revitaliseren van bestaande bedrijventerrein om te kunnen voldoen aan de daaraan bestaande behoefte vanuit Roosendaal en de regio, direct gerelateerd aan de noodzaak om voldoende werkgelegenheid te scheppen en daardoor de economische positie van Roosendaal e.o. te versterken. C. Gerichte acquisitie en uitgifte. De acquisitie richten op het in standhouden van en het creëren van voldoende kwalitatieve werkgelegenheid, welke in evenwicht dient te zijn met het aanbod op de arbeidsmarkt. D. Verder doorvoeren parkmanagement op bedrijventerreinen. Het binnen Roosendaal komen tot één parkmanagement organisatie, waarbinnen de op te zetten vormen van parkmanagement op de diverse bedrijventerreinen kunnen worden ondergebracht. E. Verbetering productiemilieu. Het nastreven van optimale vestigingsvoorwaarden voor bedrijven, zowel op bestaande als op nieuwe bedrijventerreinen (ontsluiting, multi-modaliteiten bestemmingsplanbepalingen, openbaar vervoer, fietsverbindingen, etc.). F. Profilering als vestigingsplaats voor bedrijven (als onderdeel citymarketing). Het verstrekken van de benodigde informatie aan bedrijven om een goed beeld van Roosendaal te kunnen verschaffen als potentiële vestigingsplaats ( verbindingen, voorzieningen, wonen, recreatie, etc.). G. In standhouden accountmanagement bedrijven. Via het accountmanagement bedrijven een directe relatie in standhouden tussen gemeente en bedrijfsleven om wederzijdse vraag - en aanbodzijde op elkaar aan te laten sluiten.

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

12/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

13/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

3.3

Actieplan bedrijventerreinen.
Verantwoordelijke partijen

Actienr. Doelstellingen
3A 3A-1 Integraal bedrijventerreinenbeleid

Actie’s

Planning

Instrumenten

Bestuursopdracht/ plan van aanpak Integraal bedrijventerreinenbeleid Formuleren integraal bedrijventerreinenbeleid: Economisch belang intensief ruimtegebruik/ herstructurering/ revitalisering duurzame inrichting parkmanagement uitgiftebeleid milieubeleid bereikbaarheid startersbeleid (Her)ontwikkeling bedrijventerreinen Het ontwikkelen en realiseren van Borchwerf II Het ontwikkelen en realiseren van de uitbreiding van Majoppeveld

2004

Landelijk/ provinciaal beleid Economisch profiel

Gemeente (EZ (SBL))

3A-2

2004/ 2005

Landelijk/ provinciaal beleid Economisch profiel Ervaringen lopende projecten

Gemeente (EZ (SBL))/ OKR/ SEOR (zie 9.)

3B

Economisch profiel Project Borchwerf II TIPP Ontwikkelingsmaatschap pij Borchwerf (voortgangbespr: OKR) Gemeente (SOW) / stuurgroep (voortgangbespr: OKR/ stuurgr. DROM) Gemeente (SOW), Stuurgr. DROM (voortgangbespr: OKR) Gemeente (SOW) Stuurgr. DROB (voortgangbespr: OKR/ stuurgroep) Gemeente (SOW/ SBL) SEOR i/o Gemeente (SBL/ SOW) Stuurgr. DROM + DROB

3B-1

Lopend project (uitgifte per 2004)

3B-2

Lopend project (uitgifte per 2003)

Bestemmingsplan Majoppeveld STIREA / Brab. Herstructureringsmaatschappij/ budget gemeentebegroting TIPP/ budget gemeentebegroting

3B-3

Het (verder) revitaliseren van bestaand Doorlopende actie tot 2006 Majoppeveld Het revitaliseren van Borchwerf – West Het ontwikkelen en realiseren van een beperkte uitbreiding van bedrijventerrein in Wouw Verkenning optimale benutting ruimte bedrijventerreinen Start 2003 (doorlopende actie tot 2006) Start 2003 (realisatie 2006) Doorlopende actie
14/64

3B-4

3B-5 3B-6
Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

Bestemmingsplan Projectgroep DROM/ DROB tzt: int. bedrijventerreinenbeleid

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

3B-7 3C Gerichte acquisitie en uitgifte

Verkenning kwalitatief hoogwaardige omgeving bedrijventerreinen

Doorlopende actie

Projectgroep DROM/ DROB tzt: int. bedrijventerreinenbeleid Economisch profiel

Gemeente (SBL/ SOW) Stuurgr. DROM + DROB

3C-1

3C-2 3C-3 3C-4 3C-5 3C-6 3C-7 3D 3D-1 3D-2 3D-3 3D-4 Verder doorvoeren parkmanagement op bedrijventerreinen

ruimte bieden voor: al in Roosendaal gevestigde bedrijven die aan uitbreiding c.q. nieuwbouw toe zijn. Kleinere bedrijven (woonwerkkavels) Aandacht voor het aantal arbeidsplaatsen (per ha.) bij bedrijfsvestiging Aandacht voor kwalitatief hoogwaardige bedrijven Aandacht voor bedrijfshuisvesting starters Aandacht voor hoogwaardige werkgelegenheid

Doorlopende actie

Accountmanagement tzt: int. bedrijventerreinenbeleid

Gemeente (SOW + SBL) SEOR/ voortgang: OKR

Doorlopende actie Doorlopende actie Vanaf 2003 Doorlopende actie

Accountmanagement tzt: int. Bedrijventerreinenbeleid Accountmanagement tzt: int. Bedrijventerreinenbeleid Accountmanagement tzt: int. Bedrijventerreinenbeleid Accountmanagement tzt: int. bedrijventerreinenbeleid Middelen vanuit rijk Monitor (econ. Barometer) Economisch profiel

Gemeente (SOW + SBL) SEOR/ voortgang: OKR Gemeente (SOW ) REWIN/ SEOR/ Voortgang: OKR Gemeente (SOW) REWIN Voortgang: OKR Gemeente (SOW + SBL) SEOR/ voortgang: OKR Gemeente (SOW + CMSZ) SEOR/ voortgang: OKR Gemeente (SOW + CMSZ) SEOR/ voortgang: OKR e.a.

Vormgeven subsidietraject reïntegratie 2003 werklozen Meer inzicht krijgen in arbeidsmarkt (zie ook arbeidsmarktbeleid) Start 2003

Het invoeren van parkmanagement op Borchwerf II, Ontwikkelingsvisie duurzaam beheer Borchwerf Ontwikkelingsvisie duurzaam beheer Majoppeveld Ontwikkelingsvisie duurzaam beheer Recreatiepark De Stok

Voorbereiding in 2003 Doorlopende actie vanaf 2003 Doorlopende actie vanaf 2003 Doorlopende actie

Grondverkoop ontwikkelingsmaatschappij Borchwerf NOVEM subsidie Projectgroep DROB Subsidie UEB Projectgroep DROM Projectgroep De Stok

Gemeente (SOW) Voortgang: OKR Gemeente (SOW/ SBL) Stuurgroep DROB Gemeente (SOW/ SBL) Stuurgroep DROM Gemeente (SOW/ SBL) Ondernemers De Stok

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

15/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

3E 3E-1

Verbetering productiemilieu openbaar vervoer naar Borchwerf en Majoppeveld handhaven Relatie Borchwerf met station verbeteren (planvorming) Verplaatsen emplacement (voorbereiding/ haalbaarheid?) Bereikbaarheid Majoppeveld noord en zuid verbeteren. (planvorming) Relatie Borchwerf – Majoppeveld verbeteren (planvorming) Bestemmingsplan Majoppeveld in procedure brengen. Profilering als vestigingsplaats voor bedrijven (zie ook hoofdstuk citymarketing) Het actualiseren en uitbreiden van de internetsite van de gemeente Roosendaal en de bedrijvenpagina linken aan economische sites (bijv. van de REWIN) Het samenstellen van een brochure voor bedrijven die zich willen vestigen in Roosendaal. Het deelnemen aan de acquisitiecampagne voor West Brabant van NV REWIN WestBrabant. Doorlopend vanaf 2003 -

Economisch Profiel GVVP (2003) GVVP(2003)/ Masterplan SpoorHaven (2003) Project Borchwerf II (inrichtingsplan) GVVP (2003) Project Spoor-Milieu-Stad (SMS) Project Borchwerf II (inrichtingsplan) Bestemmingsplan Majoppeveld Project Majoppeveld (inrichtingsplan) Gemeente (SBL) Voortgang: OKR Gemeente (SBL/ SOW)/ projectteam Borchwerf II Voortgang: OKR NS/ min. VROM/ V&W/ EZ. Projectteams SMS/ BWII Gemeente (SBL/ SOW) Voortgang: OKR Gemeente (SBL/ SOW) Stuurgr. DROM

3E-2

2003

3E-3

2003-2004

3E-4 3E-5 3E-6 3F

2003 2003

Gemeente (SBL) GVVP (2003) Bestemmingsplan Borchwerf Zuid Voortgang: OKR Gemeente (SBL) Stuurgr. DROM Economisch Profiel

3F-1

accountmanagement

Gemeente (SOW) Voortgang: OKR

3F-2

2003

accountmanagement

Gemeente (SOW)

3F-3

Doorlopende actie

accountmanagement

Gemeente (SOW)

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

16/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

3G 3G-1 3G-2 3G-3

In standhouden accountmanagement bedrijven fulltime functie accountmanager bedrijven in standhouden Accountmanagement richten op nieuwe en bestaande bedrijven Aandacht voor startende ondernemingen Doorlopende actie Doorlopende actie

Economisch Profiel accountmanagement accountmanagement accountmanagement Gemeente (SOW) Gemeente (SOW) OKR Gemeente (SOW) Kamer van Koophandel./ OKR

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

17/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

DETAILHANDELSBELEID
4.1 Doelstelling

Het doel van het huidige detailhandelsbeleid is het versterken van de bestaande detailhandelsstructuur om het huidige voorzieningenpakket lokaal en regionaal meer toekomst te bieden. Het beleid is er op gericht het binnenstedelijk gebied met winkelvoorzieningen zo uit te rusten en in te richten dat aan de functie en status van een regionaal koopcentrum recht wordt gedaan. Binnen het beleid wordt gestreefd naar een concentratie van detailhandel non-food in de binnenstad en spreiding van de detailhandel food over de buurten en wijken. Deze concentratie moet leiden naar een compacte(re) kernwinkelstructuur van de binnenstad en een sterkere afbakening van het kernwinkelgebied. Buiten de binnenstad mag zich geen detailhandel non-food vestigen die concurreert met de binnenstad. Naast de binnenstad en de buurten en wijken, heeft Roosendaal een grootschalige winkelconcentratie, de woonboulevard. Het beleid op deze perifere locatie is er op gericht, de woonboulevard te moderniseren tot een volwaardige themacentrum “wonen” met de mogelijkheid tot toevoeging van aanverwante branches zoals tuincentra, witgoed, kamperen/ caravans/ motoren en automotive (fietsen, fiets– en autoaccessoires). Om de Roosendaalse winkelstructuur te complementeren biedt het bestaande beleid de mogelijkheid om grootschalige detailhandel, op een locatie nauw gerelateerd aan de binnenstad, te realiseren.

4.2

(Geoperationaliseerde) subdoelstellingen

In het Economisch Profiel van de Gemeente Roosendaal is het detailhandelsbeleid toegespitst op een drietal subdoelstellingen: A. het behoud van de binnenstad als (regionaal)winkelhart
Nadere toelichting parkeerbeleid. (mede n.a.v. bijeenkomst 8-11-2002). De ondernemers in de binnenstad maken zich zorgen over het parkeren in de stad; men stelt dat de concurrentiepositie als winkelhart hierdoor onder druk komt te staan. Op korte termijn zal vanuit deze zorg gekeken worden naar de bezettingsgraad van de parkeervoorzieningen. Voor het straatparkeren worden daarbij de gegevens van de PUP evaluatie gehanteerd; voor de garages en grootschalige parkeervoorzieningen wordt gebruik gemaakt van de nieuwe gegevens. Daarbij wordt zowel naar de piek als normale situatie gekeken. Het parkeerbeleid zal worden geëvalueerd met de ondernemers van de binnenstad. Uit de evaluatie van het PUP in 2001 is gebleken, dat de parkeercapaciteit van de binnenstad van Roosendaal voldoende is om de normale parkeervraag tegemoet te komen. Alleen op piekmomenten (vrijdagavond en enkele uren op zaterdag) blijkt de bezettingsgraad van met name sector 1 aan de hoge kant te zijn. Circa 90% van de beschikbare parkeerplaatsen is dan bezet. De evaluatie van het PUP bevestigt het huidige parkeerbeleid, dat niet gezocht dient te worden naar een structurele uitbreiding van de parkeercapaciteit, maar dat met name dient te worden ingezet op dubbelgebruik van (private) parkeercapaciteit tijdens piekmomenten. Hieronder wordt verstaan het bevorderen en benutten van parkeercapaciteit bij bedrijven in en aan de rand van de binnenstad; de lege plaatsen kunnen dan benut worden op koopavonden en zaterdagen. Dit werkt alleen goed bij een capaciteit van een redelijke omvang (> 75). De in gebruik name van de Mill-Hill garage (capaciteit van 200 plaatsen) vormt hiervan een goed voorbeeld. Een deel van deze parkeerplaatsen is permanent beschikbaar en een deel alleen op piekmomenten. Opgemerkt dient te worden, dat ten tijde van de evaluatie van het PUP alleen de “piekplaatsen” beschikbaar waren. Afgelopen najaar zijn nog eens ca. 100 permanente parkeerplaatsen toegevoegd. In de toekomst zal er ook voor het Liga-terrein naar gestreefd worden om onder de kantoren op het Liga-terrein een garage te realiseren die ook op piekmomenten voor bezoekers van de binnenstad kan worden ingezet. Naar verwachting kan hier een garage van ca. 150 plaatsen gerealiseerd worden.

B. verbetering van de distributieve verzorgingsstructuur C. monitoren van de distributieve structuur Anno 2002 vormen deze subdoelstellingen nog steeds de basis voor de operationalisering van detailhandelsbeleid voor de komende jaren.

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

18/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

19/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

4.3

Actieplan Detailhandel

Actienr. 4A

Doelstellingen Het behoud van de binnenstad als (regionaal) Winkelhart

Actie’s

Planning

Instrumenten Economisch Profiel Toeristisch-Recreatief Profiel

Verantwoordelijke partijen

Voortgang: ROF Gemeente (SBL/ SOW) Klankbord: ROF/ KvK/ MKB/ vertegenw. vastgoedsector/ vertegenw. grootwinkelbedr. Gemeente (SBL/ SOW) ROF/ Vereniging onroerend goed eigenaren Gemeente (SBL/ SOW) Winkeliers Nieuwe Markt Marktcommissie Gemeente (SBL) Parkeerbeheer ROF/ MKB Gemeente (SBL/ SOW), KvK ROF, MKB Gemeente (SBL/ SVG (SES, KvK, ROF, MKB) Gemeente (SBL/ SVG) ROF/ KvK/ SES KvK/ ROF Gemeente (SBL) Ondernemers/ winkeliersverenigingen/ KvK/ ROF Gemeente (SOW/ SBL) / ontwikkelaar

4A-1

Ontwikkelen van een visie op looproutes in de binnenstad Instellen van een accountfunctie Binnenstad/ opzetten van actief binnenstad management/ formuleren startersbeleid detailhandel Zoeken naar een tijdelijke locatie voor de weekmarkt en naar tijdelijke herhuisvesting van winkeliers gedurende de herontwikkeling van de Nieuwe Markt Behouden c.q.bevorderen van bereikbaarheid, ontsluiting en parkeren in de Binnenstad Onderzoeken de vestigingsmogelijkheden van grootschalige detailhandelsvestigingen, mede binnen het project SpoorHaven

2003(1 kwartaal) Budget economische ontwikkeling Subsidies (REAP) Budget economische ontwikkeling Project Nieuwe Markt Bestemmingsplannen Structuurschets Binnenstad Parkeerbeleid (PUP) Structuurschets Binnenstad GVVP Nota (perifere) detailhandel Masterplan SpoorHaven Bestemmingsplannen Detailhandelsbeleid Bestemmingsplannen budget economische ontwikkeling subsidies (REAP)

e

4A-2

2003/ 2004

4A-3

2003

4A-4 4A-5 4A-6 4A-7

Doorlopende actie 2003-2006

Verkennen reguleringsmogelijkheden via een grow/ 2003 (3e kwartaal)/ smartshopbeleid + implementatie 2004 Ontwikkelen van beleidslijnen omtrent “Vliegende winkels” Opstellen van een rapportage “Veilig Ondernemen in Roosendaal (uitgevoerd door KvK) Het weloverwogen (in relatie tot de binnenstad) bevorderen van de uitbreiding van de woonboulevard aan de Oostpoort 2003

4A-8

2003

4A-9

2003-2004

bestemmingsplan

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

20/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

4B

Verbetering van de distributieve structuur Formuleren van een toekomstvisie op de supermarktenstructuur in Roosendaal Uitwerken van de toekomstvisie op huidige supermarktenstructuur Onderzoek of het behoud van het aanbod van winkelvoorzieningen in de afzonderlijke kernen mogelijk is (voor zover de marktwerking in voorwaardenscheppende zin te beïnvloeden is) Actualiseren reclamebeleid Onderzoek ambulante handel Monitoren van de distributieve structuur Ontwikkelen structurele monitor distributieplanologie Nulmeting start monitor van de ambulante handel Start monitoren van de distributieve structuur van de binnenstad Start monitoren van de distributieve structuur van de wijken Start monitoren van de distributieve structuur van de voorzieningen in de kernen Herijken van de visie (monitor) op supermarkten in Roosendaal 2003 (3e kwartaal) 2006 2004 2004 2005 2006 Budget economische ontwikkeling ,, ,, ,, ,, ,, 2003 (1e + 2e kwartaal) budget economische ontwikkeling bestemmingsplannen Gem. detailhandelsbeleid Plannen investeringen derden Budget economische ontwikkeling Subsidies (REAP?) Budget economische ontwikkeling

Voortgang ROF Gemeente (SBL)/ superm. / KvK/ SES/ ROF/MKB/ Ondernemers- / winkeliersverenigingen Gemeente (SBL + SOW)/ supermarkten./ KvK/ SES/ ROF/ Vereniging onroerend goed eigenaren Gemeente (SBL)/ gebiedscommissie Brabantse Delta? Leefbaarheidsgroepen Gemeente (SBL/ SVG)/ supermarkten/ ROF/ KvK/ MKB Gemeente (SBL/ SVG)/ marktcommissies/ ROF Voortgang ROF Gemeente (SBL + O&I)/ ROF Gemeente (SBL/ SVG) Gemeente (SBL + O&I) Gemeente (SBL + O&I) Gemeente (SBL + O&I) Gemeente (SBL)

4B-1

4B-2

2003-2006

4B-3

2004

4B-4 4B-5 4C 4C-1 4C-2 4C-3 4C-4 4C-5

2004

2003 (2e + 3e kwartaal) Budget economische ontwikkeling

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

21/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

5 KANTORENMARKTBELEID
5.1 Doelstelling

Een duidelijk accent zal worden gelegd op het gericht bevorderen van de kantorensector als onderdeel van de totale economische ontwikkeling. Door het accentueren van de kantorenmarkt in Roosendaal wordt er verder invulling gegeven aan het creëren van een aantrekkelijke arbeidsmarkt met een gedifferentieerd werkgelegenheidsaanbod

5.2

(Geoperationaliseerde) subdoelstellingen

In het Economisch Profiel van de Gemeente Roosendaal is het kantorenmarktbeleid toegespitst op een speerpunt: “het nastreven van een accentuering van de kantorenmarkt in de centrumstad Roosendaal”. Anno 2002 vormt dit speerpunt nog steeds de basis voor de operationalisering van het kantorenmarktbeleid voor de komende jaren. Aan de verdere concretisering van het kantorenbeleid worden de volgende subdoelstellingen verbonden: A. De vaststelling en implementatie van het kantorenprogramma B. De (ruimtelijke en functionele) uitwerking van de hierin opgenomen kantorenlocaties C. Acquisitie t.b.v. uitgifte en ontwikkeling van de kantorenlocaties

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

22/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

23/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

5.3

Actieplan Kantorenmarkt

Actienr. 5A

Doelstellingen De vaststelling en implementatie van het kantorenprogramma

Acties’s

Planning

instrumenten

Verantwoordelijke partijen

5A-1

Beleidsnotitie kantorenprogramma Roosendaal vaststellen t.b.v. beleidsuitgangspunten: Gedifferentieerd aanbod (snelweglocatie – binnenstad / nieuwbouw – bestaande bouw) Kantorenconcentraties Bestuurlijke vaststelling Externe communicatie kantorenprogramma De (ruimtelijke en functionele) uitwerking van de hierin opgenomen kantorenlocaties Uitwerken functionele en ruimtelijke randvoorwaarden t.b.v. verbeteren van de vestigingsfactoren voor kantoren (bereikbaarheid, parkeren, kwaliteit omgeving, gunstig arbeidsaanbod, startersperspectief , voorzieningenaanbod (onderwijs), aantrekkelijke woonomgeving) Onderzoeken van de mogelijkheden tot het formuleren van flexibele “globale” bestemmingsplannen Globale inrichtingsplannen voor de verschillende locaties Voorbereiden locaties

2003 (1ekwartaal)

Economisch profiel Bestemmingsplannen

Gemeente (SBL)/ REWIN/ SES/ KvK/ provincie

5A-2 5A-3

2003(1 kwartaal) 2003

e

Economisch Business magazine Diverse media

Gemeente (SBL) Gemeente (SBL) / REWIN

5B

5B-1

budget economische ontwikkeling 2003(2e kwartaal) planologisch reserveren van + doorlopende kantorenlocaties activiteit

Gemeente (SBL/SOW) / REWIN SES (kantoorhoudende)ondernemers

5B-2 5B-3 5B-4

2003 (4e kwartaal) 2003 (3e kwartaal) p.m.

bestemmingsplannen

Gemeente (SBL ) Gemeente (SBL)/ provincie

bestemmingsplannen

Gemeente (SBL) Ontwikkelaars (?)

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

24/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

5C 5C-1 5C-2

Acquisitie t.b.v. uitgifte en ontwikkeling van de kantorenlocaties Profileren van Roosendaal als kantorenstad(als onderdeel citymarketing) Marktconforme ontwikkelings- en uitgiftestrategie m.i.v. 2003 (3e kwartaal) 2003 (2e kwartaal) Economisch Businessmagazine REWIN-projecten Budget economische ontwikkeling Subsidie (REAP) Gemeente (SOW)/ REWIN Gemeente (SBL/ SOW) / REWIN

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

25/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

6 TOERISTISCHE RECREATIEVE ONTWIKKELING
6.1 Doelstelling

Het recreatiebeleid is vooral gericht op de lokaal en regionaal aanwezige recreatiebehoefte en is vanuit die optiek geen economisch beleid. Een aantrekkelijk recreatieaanbod draagt echter wel bij aan een beter productiemilieu en levert interessante vestigingscondities voor bedrijven. Tegelijkertijd biedt de aanwezigheid van een aantrekkelijk recreatieproduct samen met andere voorzieningen (cultuur, vertier, sport, enz.) een betere kans voor toerisme en daarmee voor toeristisch-recreatieve bedrijvigheid. In die zin draagt de toeristisch-recreatieve sector direct en indirect bij aan de werkgelegenheidsdoelstelling. De gemeente kiest bij het begrip toerisme bovendien voor een brede insteek in de zin dat bijvoorbeeld ook het recreatief winkelen en uitgaan worden meegenomen. Het in stand kunnen houden van een hoogwaardig voorzieningenniveau is gebaat bij het toeristische uitgangspunt dat de bestedingen van de eigen bevolking elders relatief beperkt blijven en die van bezoekers aan de gemeente relatief hoog zijn.

6.2

(Geoperationaliseerde) subdoelstellingen

In het Toeristisch Recreatief Profiel wordt de nadruk gelegd op de profilering van Roosendaal als: winkelstad, als uitgaansstad en als zapperij waar van alles te doen is en te beleven valt. Daarnaast wordt aansluiting gezocht bij diverse andere thema’s. Uiteraard moet het toeristisch-recreatief product op basis van dit profiel verder ontwikkeld en uitgebouwd worden. De subdoelstellingen laten zich vertalen in zeven afgeleide, geoperationaliseerde doelstellingen. A. Toeristisch-Recreatieve profilering van Roosendaal. De toeristisch-recreatieve profilering van Roosendaal en de verdere uitwerking ervan implementeren in de lokale toeristische promotie. B. Productontwikkeling. De verdere toeristisch-recreatieve productontwikkeling van Roosendaal door het versterken van de belangrijkste recreatiegebieden in de gemeente. C. Aanpak verblijfsrecreatie. De productverbetering en verdere ontwikkeling van de verblijfsrecreatieve sector in de vorm van kwaliteitsbevordering van het bestaande aanbod en verdere differentiëring ervan ten behoeve van toename aantal toeristische overnachtingen. D. Integraal Horeca Beleid. Het tot stand brengen van een integraal horecabeleid, opdat een samenhangend beleid tot uitvoering wordt gebracht op zo mogelijk alle terreinen de horeca betreffende. E. Evenementennota, stroomlijning aanpak evenementen. Het tot stand brengen van een overzichtelijk en doelgericht evenementenbeleid dat enerzijds tegemoet komt aan de effectuering van economische en maatschappelijke belangen die aan evenementen worden toegekend en er anderzijds voor zorgt dat negatieve effecten zoveel mogelijk worden voorkomen of ingeperkt. F. Beleef ’t in Roosendaal. Profilering als groene recreatiegemeente, winkelstad, uitgaanscentrum, etc. (als onderdeel citymarketing). G. Accountmanagement binnenstad – inrichting lokale organisatiestructuur T&R. citymanagement 1-loket/ coördinatie horeca 1-loket/ coördinatie evenementen (her)inrichting lokale platform T&R

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

26/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

27/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

6.3

Actieplan toerisme-recreatie.

Actienr. 6A 6A-1 6A-2 6A-3 6A-4 6B

Doelstellingen Toeristisch-Recreatieve profilering van Roosendaal.

Actie’s

planning

Instrumenten Toeristisch-recreatief profiel + actieprogramma

Verantwoordelijke partijen

Overleg plegen met de lokale actoren over de verdere profileringmogelijkheden (zie citymarketing)

Start 2003 (3e kwartaal)

Gemeente (SBL)/ SPR/ SWP/ ROF Gemeente (SBL) / SPR/ SWP/ ROF Subsidiebudget Communicatiebudget Toeristisch-recreatief profiel + actieprogramma Gemeente (SBL)/ VVV-Roosendaal Gemeente (SBL/ MPOIC)/ Gemeente

De (specifieke) toeristische profileringdoelstelling afstemmen op de bredere profileringdoelstellingen vanuit Doorlopende actie citymanagement; Subsidieafspraken maken met de VVV-Roosendaal Het maken van een profileringsinstrument “Beleef ‘t in Roosendaal” met brede toepassingsmogelijkheden (ook voor derden). Productontwikkeling. Verdere ontwikkeling van Recreatiepark De Stok. - afronding invulling fase 1 door gerichte acquisitie toeristische bedrijven (en gronduitgifte) - het opplussen van het gebied met aanvullende recreatievoorzieningen - samen met de ondernemers uitwerken samenwerkings-mogelijkheden (o.a. promotie, parkmanagement en business-to-business product) Bevorderen leisurenontwikkelingen in SpoorHaven. - verdere uitwerking leisureachtige-planonderdelen SpoorHaven masterplan (concretisering is in afwachting van programmatische invulling) - planvorming (+ ontwikkeling?) passantenhaven (o.v.b.) Herontwikkeling Landgoed Wouwse Plantage. - afronding/ vaststelling ontwikkelingsperspectief - afsluiten intentieovereenkomst met betrokkenen - uitwerking planonderdelen (samen met initiatiefnemers, betrokkenen en belanghebbenden) - voorbereiding uitvoering/ planologische inbedding 2003 (2e kwartaal) 2004

6B-1

Doorstart 2003 Doorlopende actie (uitgifte +/- 2005)

Project De Stok REAP-subsidie

Gemeente (SOW/ SBL)/ ondernemers Stok/ SES West-Brabant

6B-2

2003-2004

Project SpoorHaven INTERREG??

Gemeente / SFB SES/ Ver. Vaarroute WBr.

6B-3

2003 (afronding perspectief/ tart planuitwerking)

Brabantse Delta Structuurvisie Plus TRAP-krediet

Gemeente (SBL)/ gem. BoZ Eigenaren landgoed/ SBNL/ Werkgroep Leefbaarheid Wouwse Plantage/ VVV

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

28/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

6B-4

6B-5

Opwaarderen toeristisch-recreatieve voorzieningen Visdonk. - opstellen en uitvoeren wandelpadenplan - opstellen ontwikkelingsperspectief (afstemming natuur- en recreatiefunctie) samen met betrokkenen en belanghebbenden Ontwikkeling van een regionaal fietsknooppuntensysteem. - plaatsen bewegwijzering - uitgifte bijbehorende fietskaart Aanpak verblijfsrecreatie

2003 (2e + 3e kwartaal)

TRAP-krediet

Gemeente (SBL)

2003 (2e t/m 4e kwartaal)

Interreg UEB (provincie) Toeristisch-recreatief profiel + actieprogramma

SES West-Brabant/ gemeenten (SBL) / VVV

6C 6C-1 6C-2 6C-3 6C-4 6C-5 6C-6 6D 6D-1

Ruimte bieden voor uitbreidingen, die noodzakelijk zijn Doorlopende activiteit voor bevordering kwaliteit en meer toeristische bedrijfsvoering van campings Ruimte bieden voor nieuwe vormen van verblijfsrecreatie (binnen de planologische mogelijkheden): minicampings, Doorlopende activiteit natuurkampeerterreinen, hoogwaardig hotel Overleg plegen met de verblijfsrecreatieve sector (betreffende ondernemers) Regionale afstemming Beleidsmatige randvoorwaarden stellen (implementatie Wet op de Openluchtrecreatie) Plan van Aanpak permanente bewoning Integraal Horeca Beleid De interactieve voorbereiding van een compacte horecanota (visie + beleidsagenda) 2003 (1e kwartaal) Start 2003 (3e kwartaal) 2003-2004 doorlopende activiteit 2004 2004 Wet op de Openluchtrecreatie Diverse wetten en jurisprudentie Conceptnota Op Weg naar een integraal horecabeleid

Gemeente (SBL) Gemeente (SBL) Gemeente (SBL)/ campingbedrijven SES/ gemeenten (SBL)/ regiocommissie/ KvK Gemeente (SBL)/ (SES?) Gemeente (SBL, SVG?) + burgerzaken)/ (SES?) Campingbedrijvben

Gemeente (SBL/, SVG, CMB, BS)/ KHN afd. Roosendaal/ diversen Gemeente (SBL/ SVG)/ KHN afd. Roosendaal/ diversen Gemeente (SBL/ SVG/ BS/ CMB)/ KHN afd. Roosendaal/ diversen

6D-2

6D-3

Verdere uitwerking en uitvoering geven aan de (beleids)aandachtspunten in de beleidsagenda Doorlopende activiteit (incl. stimulerende rol vanuit het economische perspectief) Vormgeven aan een structurele afstemming met de horecasector (inrichten van een werkorganisatie met een 2003 gemeentelijk aanspreekpunt en een regulier overleg met de horecasector)

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

29/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

6E

Evenementennota, stroomlijning aanpak evenementen Evaluatie en (waar nodig) aanpassing van het huidige beleidsinstrumentarium Verbeteren communicatie naar organisatoren (schrijven en uitgeven specifieke brochure) Verbeteren werkorganisatie (gemeentelijk aanspreekpunt) Formuleren heldere richtlijnen voor het faciliteren, ondersteunen en subsidiëren van evenementen Logistieke afstemming evenementen – jaarlijkse vaststelling evenementenkalender Aanwijzen (tijdelijk) evenementenlocaties Start 2002 (bestuursopdracht)

Toeristisch-recreatief profiel + actieprogramma Gemeente (SBL/ SVG/ CMB)/ SWP/ SPR/ VVV/ ROF/ Horeca/ MKB organisatoren e.a. Gemeente (SBL) / SWP/ SPR/ VVV/ Gemeente (SBL/ SVG) / organisatoren Gemeente (SBL/ SVG) Gemeente (SVG)/ SWP/ SPR/ VVV Gemeente (SBL)/ organisatoren

6E-1

6E-2 6E-3 6E-4 6E-5 6E-6

2003 (2e + 3e kwartaal) 2003 (4e kwartaal) 2003 (onderdeel brochure) + doorlopende activiteit Doorlopende activiteit 2003 (1e kwartaal)

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

30/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

31/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

7 ARBEIDSMARKTBELEID
7.1 Doelstelling

De gemeente Roosendaal streeft er naar om de beleidsvelden “economische zaken” en “sociale zaken” de komende jaren in toenemende mate te integreren. Vanuit deze optiek levert een weloverwogen arbeidsmarktbeleid niet alleen een bijdrage aan een beter economisch productmilieu maar ook aan de sociale doelstelling om het aantal uitkeringsgerechtigden verder terug te dringen.

7.2

(Geoperationaliseerde) subdoelstellingen

In het Economische Profiel voor de Gemeente Roosendaal richt de operationalisering zich met name op het aanscherpen van de relatie met de industriële gronduitgifte (subdoelstelling A) waarbij vooral wordt ingestoken op: fondsvorming voor het aantrekken van extra werkgelegenheid; selectieve acquisitie van arbeidsintensieve bedrijven; het transparant maken van de aanwezige arbeidsmarkt Het gemeentelijke beleid op het gebied van Sociale Zaken richt zich naast het bieden van sociale zekerheid (het verstrekken van (bijstandsuitkeringen) ook op sociale activering (de “uitstroom” van bijstandsgerechtigden naar betaald werk). Sociale activering (subdoelstelling B) draagt ook bij aan een betere arbeidsmarkt.
Op basis van de Wet Structuur Uitvoering Werk en Inkomen (SUWI) heeft de gemeente de verantwoordelijkheid voor het toe leiden van werklozen en werkzoekenden die een uitkering ingevolge de Algemene Bijstandwet ontvangen en voor het toe leiden naar werk van zogenaamde Niet-uitkeringsgerechtigden, ook wel Nuggers genoemd. Nuggers zijn mensen die op zoek zijn naar werk en geen inkomen uit werk of uitkering hebben (bijvoorbeeld vanwege inkomsten van de partner of inkomsten uit vermogen). Tevens heeft de gemeente de verantwoordelijkheid voor het leiden naar werk van mensen met een uitkering ingevolge de Algemene Nabestaandenwet (Anw-ers). Het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft een Tijdelijke Stimuleringsregeling in het leven geroepen om de gemeente te stimuleren klantmanagement in te voeren. Hierbij heeft de klant één aanspreekpunt binnen de afdeling Sociale Zaken. Klantmanagement wordt door het Ministerie gezien als een belangrijk instrument om uitstroom te bevorderen. Om voor deze gelden in aanmerking te komen diende de gemeente een resultaatsverplichting aan te gaan. Deze resultaatsverplichting houdt in dat de gemeente voor 1 januari 2005 met 1.578 klanten reïntegratietrajecten moet hebben afgesloten. In 2002 dienen hiervan 388 te zijn gestart. In 2003 en 2004 dient de gemeente jaarlijks 595 trajecten af te sluiten. Daarnaast dient de gemeente in de jaren 2002 t/m 2006 in het totaal 629 klanten uit te laten stromen van degene waarvoor een traject is afgesloten binnen de Tijdelijke Stimuleringsregeling. Voor 2002 houdt dit in dat 39 personen dienen uit te stromen. Dit aantal zal worden gehaald (thans 32 gerealiseerd). De gemeente Roosendaal heeft voorts in het kader van het Besluit in – en doorstroombanen (voorheen Melkertbanen) de beschikking gekregen over 122.7 arbeidsplaatsen van 32 uur. Daarnaast heeft de gemeente de beschikking over 93 Wiw-banen (voorheen banenpool en Jeugdwerkgarantieplan).

In de beleidspraktijk heeft een verbreding plaatsgevonden waarbij de nadruk meer komt te liggen op het matchen van vraag en aanbod (subdoelstelling C) waarbij de arbeidsmarkt medebepalend is geworden voor de economische groeimogelijkheden. Er is dan ook behoefte aan meer kennis om een passend en concreter sociaal-economische beleid te kunnen bepalen. Bij het matchen van vraag en aanbod is ook de opleiding en daarmee het onderwijs (subdoelstelling D) een bepalende factor. Een van de taken van het onderwijs is mensen zodanig toe te rusten dat zij een plek kunnen verwerven op de arbeidsmarkt, lokaal dan wel regionaal. Naast de algemene vorming die geboden wordt, is het gewenst dat opleidingen aansluiten bij de vraag op de arbeidsmarkt. Die afstemming vergroot de kansen op werk na de opleiding, biedt werkgevers zekerheid over het aanbod, leidt tot het beter kunnen invullen van stageplekken.

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

32/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Op twee niveaus, vmbo en mbo, worden opleidingen aangeboden. Vanuit die opleidingen wordt reeds grote inzet gepleegd om te komen tot de gewenste afstemming. Vooral door het scheppen van goede randvoorwaarden ( bijvoorbeeld een goede unielocatie voor het vmbo en het ROC) en het stimuleren van betrokken partijen (werkgevers, opleidingen en andere relevante partners) kan die samenwerking versterkt worden. Een hoge prioriteit heeft de koppeling van de opleidingen Zorg en Dienstverlening van het ROC aan de groeiende vraag naar personeel in deze sector. De werkgevers bieden stageplekken en reguliere werkgelegenheid aan. Beleidsmatig maakt dit onderwerp onderdeel dit van het Masterplan Wonen, Zorg en Welzijn. Dit is slechts één voorbeeld, maar wel een heel belangrijk voorbeeld. Op vele terreinen kunnen zo kansen benut worden. Naast opleidingscentra kunnen andere maatschappelijke partners een rol spelen ter verbetering van het functioneren van de arbeidsmarkt. Momenteel zijn er diverse regionale initiatieven in het onderwijsveld om te komen tot een afstemming tussen onderwijs en bedrijfsleven. Een goed voorbeeld hiervan is het initiatief van de organisatie iNDEX technocentrum om een Masterplan Technisch Beroepsonderwijs Midden- West-Brabant op te stellen. Dit Masterplan is een instrument om de afstemming tussen regionale technisch beroepsonderwijs en de regionale arbeidsmarkt te monitoren. Om tot een actief en doeltreffend arbeidsmarktbeleid te komen wordt momenteel gekozen voor een regionale aanpak Voortbouwend op de aanwezige onderwijsvoorzieningen als het vmbo en mbo is het gewenst te komen tot het binnenhalen van het hbo-niveau. Hiermee kunnen weer andere vragen uit de arbeidsmarkt ingevuld worden. Goed opgeleide mensen zijn vervolgens weer redenen voor bedrijven/ voorzieningen om zich in het Roosendaalse te willen vestigen. De aanwezigheid van kennis is vooral van belang voor de vestiging van kennisintensieve bedrijven die als een motor de economische structuur kunnen versterken. Het gaat daarbij vooral om onderzoeksinstellingen, onderwijsinstellingen, kennisintensieve diensten en kennisintensieve industrie. Deze kennisintensieve sector kent momenteel een aanzienlijke dynamiek. De gemeente sluit zich aan bij het streven van de NV-Rewin om de nog bescheiden rol van West-Brabant in deze om te buigen. Extra inspanningen zijn nodig om Roosendaal/ West-Brabant op de kaart te krijgen als goede vestigingsregio voor deze doelgroep. In het verlengde hiervan is het wenselijk om de economische relevantie van de sector Zorg en Dienstverlening te onderzoeken. Zorg en dienstverlening is de afgelopen decennia sociaal-economisch een belangrijke sector geworden, waarbinnen veel arbeidsplaatsen zijn gerealiseerd. Dankzij schaalvergroting van de instellingen is een aantal van de grootste werkgevers in Roosendaal in deze sector te vinden. Deze maatschappelijke partners kunnen derhalve ook een belangrijke bijdrage leveren aan de doelstellingen van het arbeidsmarktbeleid.

De zorg voor een adequaat arbeidsmarktbeleid, een evenwichtige economische ontwikkeling en een daarmee in de pas lopende werkgelegenheid vereist echter vooral een regionale aanpak (subdoelstelling E). De gemeente Roosendaal vertrouwt deze zorg mede toe aan het RPA WestBrabant en zet zich in voor een breed besef bij de West-Brabantse gemeenten dat samenwerking in deze een essentiële meerwaarde zal hebben. Het RPA zal het nut en de noodzaak steeds aan moeten tonen.

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

33/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

7.3

Actieplan arbeidsmarkt.
Verantwoordelijke partijen

Actienr. Doelstellingen
7A het aanscherpen van de relatie met de industriële gronduitgifte

Actie’s

Planning

Instrumenten

7A-1

Fondsvorming voor het aantrekken van extra werkgelegenheid selectieve acquisitie van arbeidsintensieve bedrijven het transparant maken van de aanwezige arbeidsmarkt sociale activering Klantmanagement Uitvoeren besluit in – en doorstroombanen Wiw-banen (voorheen banenpool en Jeugdwerkgarantieplan) Matchen van vraag en aanbod het verbeteren van arbeidsmarktinformatie en het analyseren daarvan: Vraagzijde (vacature, flankerende instrumenten om toetreding te bevorderen, werving, omscholingsmogelijkheden, stageplaatsen, enz.), Aanbodzijde (werkzoekenden bestanden, arbeidsreserve, opleidingsniveau, praktijkkennis, enz.), pendelstromen, enz.;

Doorlopende activiteit

Middelen vanuit rijk (financiële bijdrages voor de uitkeringsverstrekking en uitstroomsubsidie) Accountmanagement Databanken CWI + SZ

Gemeente (CMB / CMSZ/ SOW) , REWIN, CWI, RPA (SES) Gemeente (SOW/ CMB/ CMSZ), CWI, RPA (SES) Gemeente (O&I/ CMSZ) RPA (SES)

7A-2 7A-3 7B 7B-1 7B-2 7B-3 7C

Doorlopende activiteit 2003

Jaarlijkse tussenresultaat 2006 Doorlopende activiteit Doorlopende activiteit

Tijdelijke stimuleringsregel (min. V. SZW) Besluit in – en doorstroombanen Wet Inschakeling Werkzoekenden

Gemeente (CMSZ) Min. V. CMSZ Gemeente (CMSZ) Gemeente (CMSZ)

7C-1

Doorlopende activiteit

Diverse databanken Subsidie REAP (?)

Gemeente (CMB/ CMSZ; SOW/ SBL; O&I) ; CWI RPA (SES) RSEB

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

34/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

7C-2

7C-3

Organisatieplan: het verbeteren van de samenwerking (beleidsafstemming, prioriteitenstelling, gezamenlijke projectuitvoering en/ of inkooptrajecten) binnen de regio, maar ook op provinciaal en landelijk niveau. (De samenwerking met de zuiderburen ligt gelet op de ligging van WestBrabant en het reeds aanwezige grensverkeer voor de hand maar is vooralsnog nauwelijks ontwikkeld) Communicatieplan: het verbeteren van de communicatie: het toegankelijk maken van de informatie, het uitdragen van projecten, regelingen, activiteiten, etc. naar de specifieke doelgroepen met brochures, nieuwsbrief, website, enz.; het participeren in de landelijke Databank arbeidsmarktprojecten

2003 verder doorlopende activiteit

Gemeente (CMB/ CMSZ/ SOW/ SBL); RPA (SES) CWI

2003 verder doorlopende activiteit

Gemeente (CMB/ CMSZ/ SOW/ SBL); RPA (SES) CWI

7C-4

Doorlopende activiteit

Landelijke databank

Gemeente (CMSZ) / CWI

7C-5 Integreren onderwijs in arbeidsmarktbeleid

Het aangaan van overeenkomsten met individuele werkgevers Doorlopende activiteit t.b.v.reïntegratie van langdurig werklozen (arrangementen op maat)

Reïntegratiebudget

Gemeente (SOW/ CMSZ)

7D 7D-1 7D-2 7D-3 7D-4 7D-5

Scheppen van randvoorwaarden voor technisch en praktijkgericht onderwijs

2003 (huisvestingsplan) verder doorlopende activiteit

Gemeente (CMB/ SOW) Gemeente (CMB/ SOW) Gemeente (CMB/ SOW) Gemeente (CMB/ SOW) Gemeente (SOW)/ REWIN

Koppeling ROC opleiding zorg en dienstensector met arbeidsvraag van 2003 werkgevers in deze sector Inzichtelijk maken economische relevantie zorg en dienstensector 2004 (visie/ beleidsagenda/ werkorganisatie) Het binnenhalen van het hbo-niveau Streven naar vestiging van kennisintensieve bedrijven Doorlopende activiteit Doorlopende activiteit

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

35/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

7E

Regionale aanpak arbeidsmarktbeleid Nader vormgeven aan integrale benadering (EZ + SZ) het verder mobiliseren van sociale partners, captains of industry en andere relevante regionale spelers het actualiseren en accentueren van gedeelde belangen (behoefte aan kennis, inschakeling know-how, gedeelde verantwoordelijkheid reïntegratie) het leren van ervaringen uit het verleden het zelf profileren en uitdragen van het belang van een evenwichtig arbeidsmarktbeleid (met een goed instrumentarium, voldoende middelen (financieel, personeel) en daadkracht). Doorlopende activiteit Doorlopende activiteit Koppeling portefeuilles EZ+SZ Portefeuille arbeidsmarkt RPA Gemeenten, werkgevers- + werknemersorganisaties, RPA (SES) RPA (SES)

7E-1 7E-2

7E-3

RPA (SES)

7E-4

RPA (SES)

7E-5

RPA (SES)

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

36/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

37/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

8 CITYMARKETING
8.1 Doelstelling

Op basis van een doelgerichte citymarketing-strategie zal de komende jaren moeten worden ingezet op het behoud en de versterking van de marktpositie van Roosendaal. In populaire bewoordingen “Roosendaal moet op de kaart!”. De city-marketing zal verder reiken dan alleen het directe economische belang. City-marketing zal ook een belangrijke impuls moeten geven aan de dynamiek van de stad, de dorpen en het buitengebied en daarmee aan het voorzieningenniveau en de leefbaarheid.

8.2

(Geoperationaliseerde) subdoelstellingen

- Een belangrijke eerste stap (subdoelstelling A) betreft de vaststelling van het gewenste marketingsconcept. Vanuit een klantgerichte denkwijze zal het product Roosendaal in de duidelijke te onderscheiden onderdelen “verkocht” moeten worden. Het concept zal duidelijk aan moeten geven welke deelproducten, met welke marketingstechnieken, met welk beoogd effect en aan welke klant/ doelgroep worden aangeboden. Voor de continuïteit is het van belang dat niet het zoveelste nieuwe concept wordt gelanceerd maar dat de bestaande concepten als “Beleef ‘t in Roosendaal” worden geëvalueerd en vervolgens worden aangepast, aangescherpt en uitgebouwd tot een volwaardig marketingconcept. De gemeente wil dit concept graag in samenspraak met de sociaal-economische partners ontwikkelen. Om praktische redenen zal uit de gelederen een werkgroep geformeerd worden. - De logische vervolgstap (subdoelstelling B) betreft uiteraard de operationalisering. Dit betekent echter niet dat in afwachting van bovengenoemd concept geen citymarketing plaats zal vinden. De vigerende beleidskaders, m.n. het economische en het toeristisch-recreatieve profiel, bieden immers voldoende aanknopingspunten om te stad verder te promoten en verschillende marketingstechnieken uit te proberen. Voor de komende jaren worden vanuit de city-marketing ambitie de volgende operationele doelen gesteld:

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

38/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

39/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

8.3

Actieplan citymarketing.
Verantwoordelijke partijen

Actienr. Doelstellingen
8A de ontwikkeling en vaststelling van het gewenste marketingsconcept

Actie’s

planning

instrumenten
Gemeentelijke huisstijl en communicatieconcepten Toeristisch-recreatief profiel

8A-1

bestuursopdracht Incl. de instelling van een werkgroep citymarketing De nadere analyse en evaluatie van inmiddels minder of meer bekende en beproefde lokale marketings- , communicatie- en promotieconcepten (m.n. “Beleef ‘t in Roosendaal”). De (gezamenlijke) ontwikkeling van een krachtig marketingsconcept voor Roosendaal. Hiervoor moeten de volgende vragen beantwoord worden: - welke “klanten” of doelgroepen moeten worden bereikt? - welke producten zijn te onderscheiden en interessant/ van belang voor deze “klanten” of doelgroepen? - welke marketingstechnieken kunnen (en moeten) hierbij op welke wijze worden ingezet? - welke effecten worden hiermee concreet beoogd? de operationalisering van het citymarketingsconcept

2003 (2 kwartaal)

e

8A-2

2003 (3e + 4e kwartaal)

Gemeente (SBL/ CMB/ SOW/ MPOIC) SPR/ SWP/ VVV/ ROF/ MKB/ OKR Gemeente (SBL/ CMB/ SOW/ MPOIC) SPR/ SWP/ VVV/ ROF/ MKB/ OKR

8A-3

Start 2003 (4e kwartaal) Afronden 2004

Budgetten EZ/ T&R/ voorlichting

Gemeente (SBL/ CMB/ SOW/ MPOIC) SPR/ SWP/ VVV/ ROF/ MKB/ OKR

8B

8B-1

nieuw gemeentelijke business-magazine?. Dit betreft tevens een experiment om het huidige blad 2003 “Roosendaal Economisch” te vervangen door een ruimer opgezet economisch magazine

Gemeentelijk EZ-overleg

8B-2

Uitgifte van een nieuwe Roosendaal-brochure Verdere uitwerking van manifeste speerpunten in de Roosendaal promotie (o.a. RBC Roosendaal, Recreatiepark De Stok, winkelcentrum (Roselaar), maandagmarkt, logistiek en distributie, Draai van de Kaai, terrassen op de Markt, etc.)

2003

Gemeente (MPOIC e.a.)

8B-3

2003/ 2004

Gemeente en betreffende organisaties

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

40/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

8B-4 8B-5 8B-6

Nadere invulling evenementenbeleid; evenement als marketingsinstrument

2004

Evenementennota in wording T&R-profiel + budget Geraniumactie-subsidie Marketingsconcept in wording

Gemeente (SBL/ SVG) SPR/ SWP/ VVV/ ROF/ KHN/ organisatoren Gemeente (SBL/ CMW) Geraniumcomite’s (SWP) Gemeente/ werkgroep i/o

Voortzetten en verbreden van de geraniumacties in 2004 doorlopende actie de dorpen Implementatie van de uitvoeringsacties uit het te ontwikkelen marketingsconcept.
2005-2006

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

41/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

9 UITVOERINGSKADER.
9.1 Doelstelling

De in dit actieplan vermelde activiteiten kunnen alleen binnen de gestelde termijnen worden uitgevoerd als primair ook aan de organisatorische en financiële randvoorwaarden kan worden voldaan. De inrichting van een adequaat uitvoeringskader vormt derhalve een doel op zich. Het is daarbij van belang om de uitvoeringsomgeving niet te beperken tot de reikwijdte van de gemeente Roosendaal. De bij dit EAP betrokken sociaal-economische partners behoren tot de omgeving. Zij hebben immerts een direct belang bij een goede uitvoering van het plan. Bovendien is hun betrokkenheid, ervaring en know-how onontbeerlijk om van het EAP een succes te maken. Daarnaast is er behoefte om het uitvoeringsproces in een bredere platform-organisatie te monitoren.

9.2

(Geoperationaliseerde) subdoelstellingen

De inrichting van het uitvoeringsorganisatie richt zich vooral op: A) de herstructurering (verbetering, taakomschrijving en uitbreiding) van de interne organisatie; B) de totstandkoming en taakomschrijving van een plaatselijk sociaal economisch overleg Roosendaal (SEOR), zijnde een platform dat (mede op basis van de economische barometer) de voortgang van het actieplan bewaakt; C) de invulling van het benodigde financieringskader.

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

42/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

43/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

9.3

Actieplan uitvoeringskader
Verantwoordelijke partijen

Actienr. Doelstellingen
9A 9A-1 9A-2 de totstandkoming en taakomschrijving van een plaatselijk sociaal economisch overleg Roosendaal (SEOR), zijnde een platform dat (mede op basis van de economische barometer) de voortgang van het actieplan bewaakt de herstructurering (verbetering, taakomschrijving en uitbreiding) van de interne organisatie

Actie’s

Planning

instrumenten

Beschrijven en verdelen van taken, invullen grijze beleidsvelden en nieuwe 2002/ 2003 (1e kwartaal) beleidsambities werving 2003 (1e kwartaal)

Collegeprogramma EAP collegeprogramma

Gemeente (SBL/ SOW) Gemeente (SBL/ SOW/ P&O)

9B

9B-1 9B-2 9C 9C-1 9C-2 9C-3 de invulling van het benodigde financieringskader

Vormgeven externe organisatie 2003 (1e kwartaal) (SEOR) (structuur, voorzitter, secretariaat, etc.) Bemensen SEOR (vertegenwoordiging 2003 (1e kwartaal) gemeente en sociaal economische partners)

Gemeente/ SEOR i/o (= aanwezigen EAP-bijeenkomsten) Gemeente/ SEOR i/o (= aanwezigen EAP-bijeenkomsten)

Verdelen/ reserveren gemeentelijke budgetten Inzichtelijk maken mogelijke bijdragen vanuit projecten Inzichtelijk maken mogelijke subsidiebijdragen

EZ-budget T&R-budget Collegeprogramma

Gemeente (SBL/ SOW) Gemeente (SOW)

Diverse subsidiemogelijkheden

SES/ Gemeente e.a.

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

44/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

45/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

BIJLAGE A RELEVANTE BELEIDSKADERS
“Het Economisch Profiel van de Gemeente Roosendaal” en “het Toeristisch-Recreatief Profiel van de Gemeente Roosendaal” vormen de basis van het gemeentelijke economisch beleid. Het grensoverschrijvende en regionale karakter van dit beleid brengt met zich mee dat ook het provinciale (voornamelijk op bedrijventerreinen gerichte) beleid zoals verwoord in de nota “Ruimte maken voor kwaliteit” medebepalend is. Belangrijke beleidsaandachtspunten waar de provincie in dit kader op inzet zijn “revitalisering en herstructurering van bestaande bedrijventerreinen”, “nieuwe ruimte van grote kwaliteit”, “verbetering van de bereikbaarheid” en “bedrijfsverzamelgebouwen”. Dergelijke thema’s komen ook naar voren in de regionale aanpak zoals door SES West-Brabant beschreven in het “sociaal-economisch profiel West-Brabant”. De regionale basis voor een kwalitatief goed en concurrerend productiemilieu wordt vorm gegeven vanuit de thema’s infrastructuur, ruimte voor economische activiteiten, vitalisering bedrijventerreinen (en efficiënt ruimtegebruik), kennisinfrastructuur, (innovatief en offensief) ondernemersklimaat en arbeidsmarktbeleid. Bij de ontwikkeling van kantorenmarktbeleid en de detailhandelsfunctie zal gekeken moeten worden naar een optimale afstemming van het nieuwe integrale locatiebeleid en de vraag van de consument. In de recentelijk verschenen Vijfde Nota over de Ruimtelijke Ordening 2000/2020 “ Ruimte maken, ruimte delen” wordt een nieuw integraal locatiebeleid voor bedrijven en voorzieningen (waaronder kantoren) inclusief de detailhandel geïntroduceerd. Doelstelling van het nieuwe locatiebeleid is: een zodanige vestiging van bedrijven en voorzieningen dat een optimale bijdrage wordt geleverd aan de versterking van de vitaliteit van het stedelijke netwerk en de steden en dorpen. Daarbij valt op te merken dat buiten de nog vast te stellen rode contour rond bebouwde gebieden vestiging van bedrijven en voorzieningen niet is toegestaan. In dit nieuwe beleid is het de taak van provincies en gemeenten een afweging te maken tussen economie, bereikbaarheid en leefbaarheid en zo de beste locatie voor een bedrijf te bepalen. Dit beleid zal worden vastgelegd in streek –en bestemmingsplannen. Voor de binnenstad en de wijkcentra van Roosendaal zijn de beleidslijnen ten aanzien van de detailhandel vastgelegd in de nota “Het Economisch Profiel van de gemeente Roosendaal” (1998). In 1999 is er een distributieplanologisch onderzoek in de binnenstad uitgevoerd. Dit onderzoek is weergegeven in de rapportage “de detailhandel en functie van de binnenstad”(1999). De gegevens uit de rapportage zijn vervolgens verwerkt in “de Structuurschets Binnenstad”(2000). Het herijkte beleid voor de perifere(stadsranden) detailhandel is vastgelegd in “de beleidsnota (perifere) detailhandel Gemeente Roosendaal”(2002). Toerisme en recreatie houden als functies niet op bij de gemeentegrens. Een regionale aanpak zal meer gestalte moeten krijgen middels ontwikkelingskaders als: A. de Brabantse Buitensteden (op basis van de StuctuurvisiePlus van Bergen op Zoom en Roosendaal); B. de Brabantse Delta (door de gebiedscommissie die in het verlengde van de reconstructieproces invulling moet geven de revitalisering van het West-Brabantse zandgebied). Voorts biedt het provinciale beleid voldoende thema’s om vanuit het eigen gemeentelijke beleid op te anticiperen. Het vormgeven en uitvoeren van arbeidsmarktbeleid is als taak primair ondergebracht bij de afdeling Sociale Zaken. In dit kader wordt vooralsnog met name de beleidsmatige invalshoek economie beschouwd. In het Economische Profiel voor de Gemeente Roosendaal wordt (bij het speerpunt “het aanscherpen van de relatie tussen industriële gronduitgifte en arbeidsmarktbeleid”) ingezet op arbeidsmarktbeleid. Sinds de ingrijpende landelijke herinrichting van de uitvoering van de sociale zekerheid en de sturing van het arbeidsmarktbeleid (2000) wordt de nadruk vooral op een regionale aanpak gelegd. In West-Brabant is inmiddels het Werkplan RPA West-Brabant opgesteld dat een goede basis vormt voor deze regionale aanpak.

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

46/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

47/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

BIJLAGE B RELEVANTE BELEIDSVELDEN
In toenemende mate wordt het economische beleidsveld beïnvloed door: C. het ruimtelijke beleid; de toenemende druk op de ruimte vraagt niet alleen om een effectief (de juiste voorziening op de juiste plaats) en meer efficiënt ruimtegebruik, maar ook om kwalitatief (relatief) hoogwaardige inrichting van die ruimte; D. het milieu- en het veiligheidsbeleid; dit betreft o.a. het locatiebeleid, waarbij bedrijven afhankelijk van de milieucategorie al dan niet worden toegestaan en het beleid om milieuvriendelijk en vanuit duurzaamheiddoelstellingen te produceren; E. het arbeidsmarktbeleid; de huidige situatie op de arbeidsmarkt vraagt om een nadrukkelijke wederzijdse afstemming van de (nieuwe) werkgelegenheid en de (nog) beperkte mogelijkheden van de arbeidsmarkt. De dienstensector is nog relatief ondervertegenwoordigd in Roosendaal. Het aandeel kantoorwerkgelegenheid in de totale werkgelegenheid blijft hierdoor nog laag. Door meer nadruk te leggen op de dienstensector ontstaat er een aantrekkelijker arbeidsmarkt met een meer gedifferentieerd werkgelegenheidsaanbod; F. het verkeer –en vervoersbeleid; goede bereikbaarheid met auto, fiets en openbaar vervoer, voldoende parkeermogelijkheden en fietsenstallingen zijn van essentieel belang voor het goed functioneren van de binnenstad; G. het volkshuisvestingsbeleid; er is een toenemende belangstelling om in het centrum van de stad te wonen. Ook dienen de mogelijkheden bekeken te worden voor de realisatie van kantoren in combinatie met woningbouw. (woon- werkcombinaties); H. het toeristisch en recreatief beleid; er is een trend naar recreatief winkelen. De consument wil steeds meer verwend en verrast worden. Het standaard-winkelcentrum voldoet niet meer aan die behoefte; I. J. het veiligheidsbeleid; aspecten van sociale veiligheid spelen een grote rol bij het toekomstbeeld van de binnenstad als ”regionaal winkelhart”; het kantorenmarktbeleid; een relevante vestigingsplaatsfactor voor kantoren is het aanwezige voorzieningenniveau (waaronder winkels) in de directe omgeving van de vestigingsplaats.

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

48/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

49/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

BIJLAGE C BETROKKEN PARTIJEN
Bij de uitvoering van de activiteiten zijn diverse regionale en lokale partijen betrokken. REGIONAAL NIVEAU Op regionaal niveau nemen de volgende partijen deel aan het proces: A. SES West-Brabant zorgt voor de regionale coördinatie en de stroomlijning van de financieringsstromen. In deze rol is SES West-Brabant o.a. direct betrokken bij regionale samenwerkingsverbanden als het Regionaal Sociaal Economisch Beraad (RSEB), de NV REWIN West Brabant, het Regionaal Platform Arbeidsmarkt (RPA) en de Stuurgroep REAP (REgionaal ActiePlan) WestBrabant. Bovendien participeert SES West-Brabant in de Regionale Advies Commissie Recreatie & Toerisme (RAC R&T); B. Het Regionaal Sociaal-Economisch Beraad (RSEB) fungeert als een informatief overleg tussen overheid, bedrijfsleven en overige belangenorganisaties; C. Het acquireren van bedrijven en de (projectmatige) versterking van het productiemilieu behoren tot de kerntaken van de NV REWIN West-Brabant; D. De Stuurgroep REAP zorgt voor de jaarlijkse invulling en uitvoering van het regionaal stimuleringsprogramma waarmee men met provinciale middelen een impuls geeft aan de ontwikkeling van werk en de concurrentiekracht van bedrijven; E. De Kamer van Koophandel West-Brabant fungeert als adviseur en belangenbehartiger voor het bedrijfsleven in de regio en participeert vanuit deze rol in diverse samenwerkingsprojecten; F. In het Regionaal Platform Arbeidsmarktbeleid (RPA) West-Brabant zijn alle betrokkenen in de regio vertegenwoordigd: gemeenten, BZW (Brabant-Zeeuwse Werkgeversorganisatie), MKB (Midden- en Kleinbedrijf) West-Brabant, ZLTO (Zuidnederlandse Land- en TuinbouwOrganisatie), het CWI (Centrum voor Werk en Inkomen) en het UWV (Uitvoeringsorganisatie WerknemersVerzekeringen). In het RPA-overleg vindt de regionale afstemming plaats, worden beleid en concrete projecten ondersteund en de inzet van middelen gecoördineerd. In toenemende mate geschiedt dit in samenhang met het regionaal sociaal-economische beleid. G. Belangrijke gesprekspartners zijn ook de werknemers-, werkgevers- en specifieke regionale afdelingen van vak- en brancheorganisaties. De toeristisch-recreatieve ontwikkeling krijgt daarnaast op regionaal niveau gestalte via: H. de Regionale Advies Commissie Recreatie & Toerisme; hierin zijn naast gemeenten vertegenwoordigd: het toeristische bedrijfsleven, de VVV’s, het Brabants Bureau voor Toerisme en de Kamer van Koophandel. Het RAC R&T adviseert over de inhoud en de uitvoering van een regionaal toeristisch meerjarenprogramma en de inzet van middelen (o.a. aan SES WestBrabant); I. de regiocommissie Brabantse Delta; over de toekomstige organisatievorm wordt nog nagedacht; een belangrijk feit is wel dat de provincie nadrukkelijk insteekt op een een gebiedsgerichte aanpak; bij de revitalisering van het buitengebied vervult ook het toeristisch-recreatieve perspectief een belangrijke rol. LOKAAL NIVEAU Op lokaal niveau nemen de volgende partijen deel aan het proces (behoudens projectgerichte organisaties): J. de OndernemersKring Roosendaal (OKR); K. De afdeling beleid (SBL) van de gemeente Roosendaal is belast met de integrale afweging van deze economische doelstelling in relatie tot andere (m.n. ruimtelijke) beleidsdoelstellingen; L. Het accountmanagement bedrijven, het primaire aanspreekpunt voor bedrijven en belast met de gronduitgifte van bedrijventerreinen, is ondergebracht bij de afdeling Ontwikkeling (SOW) van de Gemeente Roosendaal; M. Vanuit de bedrijventerreinen zijn diverse contactgroepen en ondernemersverenigingen actief. N. De Roosendaalse Ondernemers Federatie (ROF); O. de VVV-Roosendaal; P. de Stichting Promotie Roosendaal; de Stichting Wouw Promotie; Q. de Koninklijke Horeca Nederland, afdeling Roosendaal. R. Op lokaal niveau zijn met name het Centrum voor Werk- en Inkomen en de gemeente Roosendaal (afdeling Sociale Zaken) de eerstverantwoordelijke instanties voor arbeidsmarktbeleid. Beide zijn inmiddels ondergebracht in hetzelfde gebouw. De krapte op de arbeidsmarkt heeft er toe geleid dat ook vanuit het lokale bedrijfsleven en vanuit “Economische Zaken” van de gemeente naar een

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

50/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

betere (integrale) afstemming van werkgelegenheidsbeleid en arbeidsmarktbeleid wordt gestreefd.

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

51/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

52/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

BIJLAGE D
BZW CMB CMSZ CMW CWI DROB DROM EAP EZ GVVP KHN KVK MKB MPOIC O&I OKR OVB P&O PUP REAP REWIN RPA RO ROC ROF RSEB SBH SBL SBNL SEOR SES SFB SOW SPR STIREA SUWI SVG SWP SZ T&R TIPP WIW

GEBRUIKTE AFKORTINGEN.

Brabant-Zeeuwse Werkgevers organisatie de afdeling Beleid van sector Cultuur en Maatschappij van de Gemeente Roosendaal de afdeling Sociale Zaken van sector Cultuur en Maatschappij van de Gem. R’daal de afdeling Wijkgericht werken van sector Cultuur en Maatschappij v/d Gem.R’daal Centrum voor Werk en Inkomen Duurzame Revitalisering Overleg Borchwerf Duurzame Revitalisering Overleg Majoppeveld Economisch ActiePlan Economische Zaken (gemeentelijk organisatieonderdeel v/d afdelingen SBL en SOW) Gemeentelijk Verkeer- en Vervoersplan Koninklijke Horeca Nederland (afdeling Roosendaal) Kamer van Koophandel West-Brabant Midden- en Kleinbedrijf (afdeling Roosendaal) de afdeling Personeel, Organisatie, Informatie en Communicatie van de sector Middelen van de Gemeente Roosendaal Onderzoek & Informatie (gem. organisatieonderdeel v/d afdeling MPOIC) Ondernemers Kring Roosendaal Ondernemers Vereniging Borchwerf Personeel & Organisatie (algemeen en als onderdeel afd. MPOIC) Parkeer Uitvoerings Plan Regionaal Economisch ActieProgramma Regionaal Werkgelegenheids Instituut (NV) Regionaal Platform Arbeidsmarktbeleid (West-Brabant) Ruimtelijke Ordening (gemeentelijk organisatieonderdeel van de afdeling SBL) Regionaal Opleidings Centrum (West Brabant) Roosendaalse Ondernemers Federatie Regionaal Sociaal-Economisch Beraad de afdeling Beheer van de sector Stadsontwikkeling en Beheer van de gem. R’daal de afdeling Beleid van de sector Stadsontwikkeling en Beheer van de gem. R’daal Stichting Beheer Natuur en Landelijke Gebieden Sociaal Economisch Overleg Roosendaal (i/o) Sociaal Economische Samenwerking West-Brabant Sociaal Fonds Bouwnijverheid de afdeling Ontwikkeling van de sector Stadsontwikkeling en Beheer v/d gem. R’daal Stichting Promotie Roosendaal StimuleringsRegeling Economische Activiteiten Wet Structuur Uitvoering Werk en Inkomen de afdeling Vergunningen van de Sector Stadsontwikkeling en Beheer v/d gem.R’daal Stichting Wouw Promotie Sociale Zaken (organisatieonderdeel van de sector Cultuur en Maatschappij) Toerisme en Recreatie (organisatieonderdeel van de afdeling SBL) Tender Investerings Programma Provincie Wet Inschakeling werkzoekenden

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

53/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

54/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

BIJLAGE E
Plaats: Genodigd/ aanwezig:

VERSLAG WERKBIJEENKOMST 1
economisch actieplan 8 november 2002
RBC stadion te Roosendaal

Bedrijf/ instantie CWI Roosendaal SES West-Brabant NV Rewin West-Brabant Kamer van Koophandel BZW BZW BZW MKB MKB FNV Zuidwest Nederland Ondernemersvereniging Borchwerf Ondernemersvereniging Borchwerf Ondernemersvereniging Borchwerf Ondernemersvereniging Borchwerf ROF OKR. Contactgroep Majoppeveld KvK KvK Gemeente Roosendaal: Burgemeester Wethouder Directeur Stadsontwikkeling en beheer Hoofd afdeling Sociale Zaken (CMSZ) Hoofd afdeling Beleid (SBL) Afdeling ontwikkeling (SOW) Hoofd afdeling ontwikkeling Afdeling beleid (SBL) Afdeling beleid (SBL)

Naam M. Köhle J.W. van der Werff P.P.H. Nijskens H. Dormans M.A.C. Mens K. Hielkema W.G. Hermans C. Dekkers J. Notenboom A. Dekker F. van der Groen J. Rentrop W. Vermeule J. Evers A. de Jong J.F.W.P. Landa J. van Lith J. Vromans MFA Hendrickx M. Marijnen, dagvoorzitter J. Pelle F. Boos H. Smits Th.J. de Munnik K. Kools K. Jongmans B. Breugelmans (verslaglegging) R. van Gastel (verslaglegging)

afkorting MK JW PN HD RM KH WH CD JN AD FG JR WV JE AJ JLa JLi JV MH MM JP FB HS TM KK KJ BB RG

1. Inleiding door burgemeester M. Marijnen. Na het verwelkomen van de aanwezigen is benadrukt dat de totstandkoming van een economisch actieplan onderdeel vormt van het inmiddels vastgestelde collegeprogramma. Ook de vele prikkels van buitenaf, m.n. het sociaal-economische verkenningsrapport van MKB/ RABO nodigden hiertoe uit. Gekozen is voor een interactief proces. De gemeente moet verantwoord keuzes kunnen maken en prioriteiten vast kunnen stellen. Om de vele belangen te kunnen wegen is het van belang om kennis te nemen van de standpunten en ervaringen van de aanwezige sociaal-economische partners. De gemeente wil hierover graag van gedachten wisselen; daarvoor is o.a. deze bijeenkomst georganiseerd. Het toegezonden “concept economisch actieplan 2002-2006” is vooralsnog niet meer dan een discussiestuk, een werkdocument waarvan het college zelfs nog geen kennis heeft genomen. Interactiviteit krijgt pas echt meerwaarde als het leidt tot een samenwerking en een “wij”-gevoel. Het actieplan zal op den duur een gezamenlijk plan moeten worden van gemeente en sociaaleconomische partners. Daarbij wordt ook een integrale benadering voorgestaan. Het feit dat de bestuurlijke portefeuilles sociale zaken en economische zaken bij dezelfde wethouder zijn ondergebracht biedt hierbij nieuwe (en overigens vrij unieke) kansen.

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

55/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

Het beoogde eindproduct het Economisch Actieplan moet geen opsomming worden van goede bedoelingen, maar vooral een weergave zijn van de (gezamenlijk) voortzetting van het economische ontwikkelingsproces. 2. Toelichting door wethouder J. Pelle Als nadere toelichting bij het reeds toegezonden concept-rapport worden nog een aantal uitgangspunten verwoord met de volgende strekking. Interactief betekent in dit geval dat sprake zal moeten zijn van een gezamenlijk communicatieproces van gemeente en sociaal-economische partners, waarbij de uitgangspunten van het beleid ter discussie worden gesteld en niet op voorhand zijn vastgesteld, waarbij onderkend wordt dat elke partner echter ook zijn of haar verantwoordelijk draagt. Het gaat niet om onderhandelen of concrete business-activiteiten; het gaat om leveren van kritiek, advies, debat, enz. om daarmee de benodigde know-how te mobiliseren. Een realistische kijk op de rol van de lokale overheid laat zien dat ze maar beperkte mogelijkheden heeft om te kunnen sturen, dat ze moet onderkennen dat de kracht van de markt groot is bij de vormgeving van de economie. Aan het Economisch Actieplan (EAP) moeten dan ook geen overdreven verwachtingen worden verbonden. De gemeentelijke rol betreft vooral: - het creëren van de voorwaarden (van publiek belang) voor economische activiteiten van de private sector; - het zorgdragen voor effectieve coördinatie; - het bevorderen van de dynamiek van het economische leven (stimuleren, ondersteunen en samenwerken). Het EAP zal vooral de hoofdlijnen schetsen in plaats van de details, actiegericht zijn in plaats van beleidsbepalend, en van abstract naar concreet moeten worden uitgewerkt. Tot slot wordt gewezen op het belang om over de grenzen van het eigen (bedrijfs)belang te participeren in dit interactieve proces. 3. Reactieronde + bespreking conceptrapport. Nadat de aanwezigen in een eerste ronde in de gelegenheid werden gesteld om te reageren op het rapport en de voorgestelde interactieve aanpak is de inhoud van het rapport per hoofdstuk voor reactie voorgelegd. De verschillende reacties zijn in de navolgende tekst per thema samengevat. De initialen verwijzen naar de herkomst van de opmerking. Waardering Door de aanwezigen wordt waardering uitgesproken voor het gemeentelijke initiatief. - Gewaardeerd wordt vooral het interactieve karakter. De zaken vooraf bespreken en afstemmen werkt beter dan achteraf gelegenheid geven om in te spreken (PN/ JW/ AD/ HD). Wel worden enige kanttekeningen geplaatst bij de korte termijnplanning, waardoor weinig terugkoppelingsgelegenheid met de achterban wordt geboden (FG). Geadviseerd wordt om niet in het korte tijdsbestek van14 dagen alle reacties te willen verwerken en terug te koppelen; dat zal de kwaliteit niet bevorderen (KH). - Ook t.a.v. de helderheid van de conceptnota wordt complimenten gegeven (PN/ AD/ KH/ HD). - Naast de interactieve en integrale aanpak wordt ook de regionale insteek onderkend (JW). - Het feit dat Roosendaal als eerste Sociale Zaken en Economie in één portefeuille heeft samengebracht verdient waardering vanwege het interessante perspectief ervan (HD). Ontbrekende thema’s. Ondanks de integrale benadering worden nog een paar belangrijke thema’s gemist. Van gemeentewege worden deze zeker onderkend; derhalve zal bezien worden hoe deze nog in de conceptnota verwerkt kunnen worden (MM). - Het bevorderen van kennis en innovatie in de regio is dermate van belang om als apart speerpunt opgenomen te worden (PN). De overheid kan een rol vervullen bij het stimuleren van technisch opleidingen (JW). - Het verdient aanbeveling om ook een duidelijke rol toe te kennen aan het onderwijs (PN/ JW). Hiervoor moeten ook contacten buiten Roosendaal gelegd worden. - Als belangrijk onderdeel van het arbeidsmarktbeleid zal ook de bijscholing van werkzoekenden een plaats moeten krijgen (PN/ JW). - Daarnaast zal de aandacht uit moeten gaan naar een actief startersbeleid ; elders is aangetoond dat starters aanzienlijk bijdragen in de dynamiek van het totale bedrijfsleven (JW).

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

56/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

-

Citymarketing komt wel naar voren als beleidsinstrument maar wordt nog niet uitgewerkt. Een profilering a la Tilburg met een duidelijke en herkenbare slogan als “moderne industriestad” wordt als voorbeeld aangereikt (AD).

Algemene adviezen en opmerkingen: - Een algemeen advies luidt “Roosendaal, tel je zegeningen” (PN). Hierbij wordt vooral gedoeld op de kracht van Roosendaal vanuit de beschikbaarheid van ruimte voor bedrijvigheid en de goede ligging en bereikbaarheid. Ook de kwaliteit van de omgeving (en het geheel van culturele en toeristisch-recreatieve kwaliteiten) vormt een belangrijke te onderkennen vestigingsfactor (JW) waarmee Roosendaal zich beter kan profileren. - Zet het initiatief van MKB/ Rabo om in een jaarlijkse economische barometer (PN). - In hoeverre moet vooruitlopend op het actieplan niet eerst een nieuwe visie ontwikkeld worden. Aan de hand van het voorliggende praatstuk zou in een tijdsbestek van zo’n half jaar gezamenlijk vorm gegeven kunnen worden aan een dergelijke visie (FG). - Er bestaat inmiddels een diep besef dat het structureel economisch niet goed gaat in Nederland. De gemeente kan er niet veel aan doen, maar zeker wel extra aandacht richten op verbeteringsmogelijken. - De (lokale) economie is een rijdende trein; de wereld staat niet stil; er zijn reeds vele projecten in uitvoering (of zouden dat moeten zijn); het is logisch om beleidsmatig hier op in te spelen en samenwerking te zoeken. Dit betekent vooral vertrouwen en commitment opbouwen en afspraken waarmaken! (RM). - In de nota wordt de nadruk gelegd op industrie- en koopstad Roosendaal. Desalniettemin is het van belang om de rest van de gemeente (en de daar aanwezige kwaliteiten) niet te vergeten door deze geheel buiten beschouwing te laten (KH). - De steeds verder oprukkende regelgeving en daarbij horende procedures mogen de economische ontwikkeling niet frustreren; lang lopende projecten worden bovendien met onverwachtse wendingen geconfronteerd (JV). Bedrijventerreinenbeleid. - De bevordering van werkgelegenheid als nadrukkelijke doelstelling wordt onderstreept (KH). - Bij het uitgiftebeleid moet ook het kostenaspect in de gaten gehouden worden (hanteer marktconforme/ aantrekkelijke grondprijzen) (PN). - Parkmanagement blijkt een breed gedragen beleidsaandachtspunt waaraan veel prioriteit wordt toegekend; wat is parkmanagement, wat verwacht iedereen ervan; is er een eenduidig beeld?? (MM). - De BZW heeft uitgewerkte opvattingen om tot acties te komen (zie de lopende projecten Borchwerf II en Borchwerf-west) (KH); het gaat daarbij vooral om een goede fasering en budgetvorming. - Geld is niet altijd het probleem; vooral het vinden en onderkennen van het gezamenlijke belang is een vereiste. Een integrale visie waarin groen, grijs en allerlei andere aspecten bijeen zijn gebracht is wenselijk en ook nodig om ondernemers over de drempel te krijgen (WV). Het gaat dus om het overtuigen van de voordelen van parkmanagement (MM). Men moet overtuigd zijn en/ of geloven in de besparing of het extra rendement om in parkmanagement te willen investeren (RM). - Zowel wat betreft de budgetvorming als de organisatie zou bezien kunnen worden of parkmanagement-projecten meer het karakter van “wijkgericht werken” moet krijgen (PN). Roosendaal hoeft het wiel in deze niet uit te vinden; vanuit Tilburg zijn in deze goede voorbeelden bekend (AD). - Parkmanagement is zeker een verantwoordelijkheid van de ondernemers; een inspanning van gemeentewege is (vanuit het algemene belang) echter zeer gewenst (FG). - Subsidies zijn medebepalend voor de snelheid en het succes (RM). - Een structurele oplossing moet gezocht worden in PPS-constructies waarin strategie, inhoud, organisatie en financiën worden vastgelegd (RM). - Vanuit REAP zijn/ worden verschillende projecten gefinancierd; er zal zeker kennisoverdracht plaatsvinden (HD). - Parkmanagement is monnikenwerk er zal echter een goede basis ontstaan als niet competatief wordt gedacht, er ook korte termijn resultaten kunnen worden geboekt en het belang breed is. Zorg als gemeente daarbij voor een duidelijk aanspreekpunt (PN). - Ook de kleine bedrijven op de oude bedrijventerreinen zijn gebaat bij de ondersteuning van parkmanagement-projecten (MH). Ook deze staan onder de aandacht van REWIN (PN). - Is een succesvolle samenwerking op zich geen zaak waarmee Roosendaal zich zou kunnen gaan profileren (MM)??
Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal 57/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

-

-

Er is een zeker spanningsveld tussen de behoefte aan kwaliteit op de bedrijventerreinen en de gewenste lage grondprijs (MM). - Durf in te zetten op kwaliteit en duurzaamheid; de inrichting zelf zal ook bijdragen aan de gewenste “smoel” en onderscheidend vermogen (WH). De kwaliteit van het industrieterrein is bovendien maatgevend voor de kwaliteit van de inrichting van de kavels en de gebouwen (JV). - Het kwaliteitsstreven is echter afhankelijk van de economische situatie. Soms moet worden ingeboet op kwaliteit om voldoende banen te kunnen creëren (KK). Kwaliteit is een goede ambitie; de eigen markt bepaalt echter de mogelijkheden. Omdat de vraag hier geringer is moet het kostenaspect in de gaten gehouden worden (PN). - Via REAP zijn goede subsidiemogelijkheden (overigens ook voor parkmanagement); omdat de probleemhouder zich veelal niet meldt zou de gemeente de initiatiefrol eerder op zich moeten nemen en het bewustwordingsproces op gang moeten brengen (JW). Revitalisering versus realisatie nieuwe bedrijventerreinen blijft een dilemma dat op zich een nadere beleidsverkenning verdient (PN). - Een gemeenschappelijke aanpak is hierbij van belang (KH). - De leegstand op de bedrijventerreinen verdient daarbij extra aandacht. Dit leidt immers tot verpaupering en vervolgens tot het vertrek van nog meer bedrijven. Een goede inventarisatie is hiervoor noodzakelijk (FG). In dit kader wordt gewezen op de business-scope van de REWIN en de in dat kader opgenomen actie (KK).

Kantorenbeleid. - De huidige praktijk vormt aanleiding om vooralsnog voorzichtig in te zetten op de kantorenmarkt (MM). Gemeente kan wel aanbod creëren maar is er überhaupt voldoende vraag (JP)? - Durf in te zetten op toplocaties voor kantoren (PN/ JW/ KH). Roosendaal mag/ moet ambities hebben en durven tonen m.b.t. kantoorontwikkeling. Zeker gelet op de enorme verschuiving naar (commerciële) dienstverlening die overal plaatsvindt. In de huidige permanent veranderende economie is een brede basis van belang voor de nodige stabiliteit. In Roosendaal kan een dergelijke verbreding plaatsvinden door meer in te zetten op de kantorenmarkt. Roosendaal is immers gunstig gelegen (PN). - Ruim baan geven aan de kantorenmarkt is ook van belang voor de werkgelegenheid voor m.n. schoolverlaters. De werkgelegenheid groeit nog steeds in deze sector! (JW). - Hierbij moet op de wederzijdse afhankelijkheid met de andere bedrijfssectoren gewezen worden (m.n. industrie en logistiek) (JW). De centen worden primair verdiend in de productie en de distributie. Op langere termijn kan kantoorontwikkeling volgen mits voldoende hoger opgeleiden in Roosendaal blijven of naar Roosendaal komen (MH). - Bepalend voor het succes is zeker ook de wijze waarop de ontwikkeling wordt ingezet. Een bepaalde flexibiliteit is daarbij van groot belang; al te stringente bestemmingsplannen zijn dus niet gewenst. De Parklaan in Etten-Leur is een goed voorbeeld. De ligging aan de snelweg is daarbij zeker van belang (JV). Het bestemmingsplan voor Borchwerf 2 is overigens een slecht voorbeeld omdat het dermate gedetailleerd is dat het op termijn frustrerend zal gaan werken (HD). - Vanuit de ligging wordt in West-Brabant ingezet op “Beneluxering”, waarbij gedoeld wordt op de kantorenmarkt op zoek naar een centraal kantoor in de beneluxlanden (PN). - Echter ook de opstelling van de provincie is (zeker tot heden) bepalend geweest voor de weinige ontwikkelingsmogelijkheden (KK). Ook in die richting zal Roosendaal zich beter moeten profileren (JW). Detailhandelsbeleid. - De ROF opent nieuwe website waarmee de detailhandel in Roosendaal bevorderd zal worden (AJ). - Hoge prioriteit moet worden toegekend aan het bieden van ruimere parkeergelegenheid in de binnenstad van Roosendaal. De ROF wil dit aandachtspunt expliciet aan de orde stellen (AJ). - Er zijn door ondernemers beweringen geuit dat hierdoor 20% van de klandizie verloren gaat naar Bergen op Zoom en Etten-Leur (AJ). Het betreft een schatting van winkeliers (Nieuwe Markt). Men constateert dat vooral op de topdagen (maandag, vrijdag en zaterdag) het parkeervolume tekortschiet. Winkeliers merken het in de omzet(AJ). Deze gevoeligheid hangt samen met de kwetsbaarheid van de regionale koopfunctie van Roosendaal. De regio is de extra boterham die weg dreigt te vallen voor Roosendaal (HD). - Het parkeren wordt telkens als “steen des aanstoots” naar voren geschoven (JP). Is dit niet dezelfde discussie van vroeger toen de binnenstad niet mocht worden afgesloten voor de auto (MM) ?

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

58/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

-

Oplossingen moeten niet altijd in de autobereikbaarheid en het parkeren worden gezocht; de aantrekkelijkheid van het aanbod is veel belangrijker (AD). Het is vooral belangrijk om samen aan de aantrekkelijkheid van de binnenstad te werken (KK/ WV). De huidige situatie van bijvoorbeeld de Nieuwe Markt draagt zeker niet bij aan die aantrekkelijkheid; er moet een kwaliteitsslag gemaakt worden waarbij niet per sé aan grandeur gedacht hoeft te worden (JP). - De Roosendaalse middenstand moet zelf geen negatief beeld naar buiten dragen, daarmee wordt de binnenstad niet gepromoot. De cijfers van Parkeerbeheer laten bovendien zien dat de garages alleen op korte piekmomenten op vrijdag en zaterdag volledig bezet zijn. Op korte termijn zal een beeld gevormd worden over de te nemen maatregelen (FB). Cijfers zeggen niet alles; mensen ervaren de situatie snel als “vol” (RM). Ook het klantonvriendelijke gedrag van parkeerbeheer zorgt voor klantenverlies (JN). De directeur parkeerbeheer (FB) nodigt de ROF (JN) uit voor een gesprek. De verbetering van veiligheid(sgevoel) vraagt om gezamenlijke aandacht (AJ). Met adequate bestemmingsplannen kunnen ongewenste ontwikkelingen in de binnenstad worden tegengegaan (HD). Het verdient aanbeveling om ook regionaal in te steken (AD/ HD). De regionale afstemming staat inmiddels op de agenda van het dagelijks bestuur van SES West-Brabant (JP). De vereniging van onroerend goed eigenaren is vaak de ontbrekende schakel (JW). -

Toeristisch-recreatief beleid. - De kracht van Roosendaal ligt niet in haar toeristische mogelijkheden (KH); hier moet dan ook geen prioriteit gelegd worden. - Toerisme en recreatie worden in de juiste proporties meegenomen in het EAP. Een regionale insteek en samenwerking met Bergen Op Zoom zijn daarbij van belang. Er zijn bovendien voldoende potenties om een aantrekkelijk product te kunnen maken (JP) - Daarbij wordt het begrip breed gehanteerd in de zin dat ook het recreatieve winkelen, de evenementen en de horeca worden beschouwd. Vanuit deze benadering vormt toerisme een belangrijk instrument ter bevordering van de aantrekkelijkheid van de binnenstad (JP). - Vanuit die optiek zal Roosendaal zwaarder in moeten zetten op de kwaliteit van de inrichting, beter onderhoud en een meer aantrekkelijke aankleding (WV). Dat geldt ook voor de in- en uitvalsvalswegen die er nu slecht uitzien (JR). - Bij de aanpak van de evenementen zouden de koopzondagen aangegrepen moeten worden om de stad meer te laten bruisen (bijvoorbeeld oor het organiseren van specifieke themadagen) en daarmee aantrekkelijker te maken (HD). Arbeidsmarktbeleid. - Het is van belang om EZ en SZ te koppelen en regionaal in te steken. De nieuwe kans om hierbij gemeentelijke middelen in te zetten moet worden aangegrepen. Een intergemeentelijke visie zal in deze in plaats moeten komen van het huidige beeld waarin elke gemeente op geheel eigen wijze met haar eigen problemen bezig is (AD). - Maak arrangementen (AD)! - Het is te overwegen om in deze een meer selectieve acquisitie te plegen bij bedrijfsvestiging (MH). - Een andere suggestie betreft de bevordering van betrokkenheid van het onderwijs bij werkloosheidsprojecten (MH). - Vanuit de gemeentelijke reïntegratieopdracht zal ook een beroep gedaan worden op de (ervaringen en arbeidsvraag van) werkgevers (JP). Reïntegratie steunt op hulp van werkgevers; vraag en aanbod moeten immers worden afgestemd, zowel financieel als niet-financieel. Ad-hoc matchen lukt echter niet; er zullen tijdig voorbereidingstrajecten in gang moeten worden gezet (dit is nu nog een spanningsveld). De mensen moeten op aanwezige werkgelegenheid kunnen worden voorbereid (HS). Het probleem van employability neemt toe. De aanpak vergt een anticyclisch denken; het organisatorisch vermogen is groot genoeg om er wat van te maken (AD). - Er ziiten nog veel werklozen/ werkzoekenden “in de bakken”. Inzetten op de dienstensector zou de bakken aanzienlijk kunnen legen (JK) - Het gaat niet alleen om de “kaartenbakken”; het is vooral van belang om veel meer te netwerken en samen op zoek te gaan naar synergie (JR). - De gemeente wil zo’n proces mobiliseren In regionaal perspectief wordt reeds gefocust op een te maken inhaalslag. Overleg tussen en met werkgevers en werknemers is van belang om tijdig te kunnen participeren op nieuwe ontwikkelingen die zich voor gaan doen (bijv. nieuwe bedrijfsvestiging op zoek naar specifiek personeel) (KK). Hoe eerder dergelijke info beschikbaar is des te eerder kunnen mensen worden voorbereid (HS). Deze inspanning zal nog verder gestructureerd moeten worden (JP).
Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal 59/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

-

Hierbij moet ook aan overleg tussen P&O functionarissen gedacht worden (PN). Het is jammer dat de kleinere bedrijven vaak nog “buiten spel” blijven (MH).

Overige opmerkingen: - Werknemers- en werkgeversorganisaties ontbreken nog in het actorenoverzicht (bijlage C) (AD). - Contactgroep Majoppeveld ook opnemen in actorenoverzicht (FG). 4. Vervolg. - Het idee was om het concept op basis van deze gedachtenuitwisseling aan te passen, terug te koppelen en daarna richting B&W te brengen om z.s.m. aan de slag te kunnen. Als hier behoefte aan is dan is de gemeente zeker bereid om eerst een verdiepingslag te maken (JP). - Dit betekent dat over 14 dagen een actieplan (geen beleidsplan en geen statisch stuk!) zal worden gepresenteerd waarin wordt aangegeven hoe de gemeente verder wil met de economische ontwikkeling (JP). - Het verzoek wordt gedaan om desalniettemin vroegtijdig te informeren ((FG) - Bij het vastleggen van voornemens en plannen zullen ook de verantwoordelijke partijen vermeld moeten worden (JN). - Aanbevolen wordt om te laten zien hoe de “de boodschap” is vertaald in het nieuwe concept; waarbij niet volstaan zal moeten worden met een “dat nemen we mee” (KH). 5. Slot De voorzitter (MM) stelt voor om derhalve over 14 dagen verder te praten en sluit af met de conclusie dat het een buitengewoon nuttige verkenning was.

SBL / R.v.Gastel

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

60/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

BIJLAGE F
Plaats: Genodigd/ aanwezig:

VERSLAG WERKBIJEENKOMST 2
economisch actieplan 11 december 2002
RBC stadion te Roosendaal

Bedrijf/ instantie NV Rewin West-Brabant Kamer van Koophandel Kamer van Koophandel Kamer van Koophandel Kamer van Koophandel Brabantse Zeeuwse Werkgevers Midden- en Klein Bedrijf, afd. Roosendaal Midden- en Klein Bedrijf, afd. Roosendaal Ondernemersverenging Borchwerf Ondernemersverenging Borchwerf Ondernemersverenging Borchwerf Ondernemersverenging Borchwerf Roosendaalse Ondernemers Federatie Roosendaalse Ondernemers Federatie Ondernemers Kring Roosendaal Ondernemers Kring Roosendaal Contactgroep Majoppeveld Contactgroep Majoppeveld Gemeente Roosendaal: Wethouder Directeur Stadsontwikkeling en beheer Hoofd afdeling Sociale Zaken (CMSZ) Hoofd afdeling Beleid (SBL) Hoofd afdeling Beleid (CMB) Hoofd afdeling Ontwikkeling )SOW) Afdeling ontwikkeling (SOW) Afdeling beleid (SBL) Bericht van verhindering: Brabantse Zeeuwse Werkgevers FNV Zuidwest Nederland CWI Roosendaal SES West-Brabant Gem. R’daal, Afdeling beleid (SBL) Kamer van Koophandel

Naam P.P.H. Nijskens H. Dormans J. Vromans M.F.A. Hendrickx J. de Rijk M.A.C. Mens C. Dekkers J. Notenboom F. van der Groen J. Rentrop W. Vermeule J. Evers A. de Jong B. Maas M.K. Malipaard J.G.F.W. van der Horst J. van Lith L. Stehouwer J. Pelle F. Boos H. Smits Th.J. de Munnik B. van Loon K. Jongmans K. Kools R. van Gastel (verslaglegging)

afkorting PN HD JV MH JRij RM CD JN FG JRe WV JE AJ BM MP JH JL LS JP FB HS TM BL KJ KK RG

K. Hielkema A. Dekkers M. Köhle J.W. van der Werff B. Breugelmans J. Schipper

KH AD MK JW BB JS

1. Opening/ inleiding door wethouder J.Pelle. Na het verwelkomen van de aanwezigen wordt kort ingegaan op de agenda. (Het MKB heeft voor de aanwezigen het eigen rapport “De sociaal-economische ontwikkeling van Roosendaal en het gemeentelijke beleid” uitgereikt). 2. Verslag vorige bijeenkomst. Het verslag is als bijlage opgenomen in het conceptactieplan. Paginagewijs wordt het voor reactie voorgelegd. Met de volgende aanpasingen wordt het verslag vastgesteld, - Bij de “algemene adviezen en opmerkingen” op pag.57 doelde JV (laatste opmerking) vooral op het meer van grof naar fijn ontwikkelen (JV).

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

61/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

-

Op pagina 60 staat dat de werkgevers- en werknemersorganisaties nog in het actorenoverzicht ontbreken. Vooralsnog zijn ze niet individueel benoemd (RM). Het actorenoverzicht zal worden aangepast (JP).

3. Toelichting op de aangebrachte wijzigingen en aanvullingen (door wethouder J.Pelle). De wethouder licht aan de hand van sheets de veranderingen in het EAP toe, die naar aanleiding van de vorige bijeenkomst zijn aangebracht. Het betrof een aantal veranderingen n.a.v. praktische tips (temporisering, tel je zegeningen, ruimte voor visieontwikkeling, economische barometer, verbeteren planologische procedures) waaraan tegemoet gekomen is. Ontbrekende thema’s als kennis/ innovatie, onderwijs, bijscholing werkzoekenden, startersbeleid en citymarketing hebben een plaats gekregen in de nieuwe conceptnota. Ook de verschillende inhoudelijke (discussie)punten die in de eerste bijeenkomst werden ingebracht (de principiële discussie over het uitgiftebeleid, de parkmanagement-problematiek, revitalisering versus nieuwe bedrijventerreinen, het inzetten op de kantorenmarkt, het parkeerbeleid in de binnenstad, de meer regionale aanpak (detailhandelsbeleid, arbeidsmarktbeleid)) hebben een duidelijke plaats gekregen in het EAP. 4. Reactieronde + bespreking 2e conceptrapport. In een vragenronde werden de aanwezigen in de gelegenheid gesteld om te reageren op het nieuwe conceptrapport. Algemene opmerkingen. - complimenten: de opmerkingen uit het vorige overleg zijn goed verwerkt (AJ, PN, LS, JRe) - praktisch plan vanwege de geeltjes (PN) - m.n. de interactie aanpak wordt gewaardeerd (GH, WV, MP, JV) - benieuwd naar het vervolg (AJ) - twijfels bij de haalbaarheid van de planning (middelen en capaciteit zijn niet onbeperkt; ook de bijdrage van de andere partijen is niet gegarandeerd); derhalve het advies om topprioriteiten te stellen en realistischer te plannen (PN, LS, FG, JRe, CD, JRij); wellicht is het mogelijk de actoren en ook de probleemhouder concreter te benoemen (LS), m.n. de rol van de ondernemersverenigingen mag best vaker genoemd worden (JRe); ook het MKB ontbreekt nog vaak in het actorenlijstje bij de acties (JN). reactie JP: de ambities moeten niet te snel opzij geschoven worden; een aantal projecten loopt al; er zal echter nog wel bezien worden hoe (in de tijd) nader prioriteiten gesteld kunnen worden; bovendien zal een onderscheid worden aangebracht tussen de projectmatige en de reguliere acties - het is van belang om het EAP gemeentebreed uit te zetten (organisatorisch/ planmatig); de uitvoering berust niet alleen bij economische zaken (HD) reactie JP: de brede ambtelijke vertegenwoordiging getuigt van de gemeentebrede aanpak. Nadere voorstellen en vragen: - pleidooi voor meer aparte positie voor onderwijs; nu erg gekoppeld aan arbeidsmarktbeleid (JV) - sommige acties zijn niet concreet gesteld (“aandacht voor”) of hebben een minder projectmatig karakter (“doorlopend”/ “start”/ etc.) (PN) - er wordt nergens melding gemaakt van het belang van een adequaat woningaanbod; vooral om hoger opgeleiden aan te trekken (CD) reactie TM: dit is onderdeel van woningbouwbeleid; gekozen is voor inbreiden en niet teveel uitbreiden; de woningbehoefte is in beeld (250 à 350 woningen/ jaar); de belangrijkste locaties zijn Kalsdonk, Laagveld en op de iets langere termijn SpoorHaven. - ook voor de kleinere bedrijven (evt. in combinatie met wonen) moet ruimte worden geboden. reactie KK: deze vraag is zeker bekend, als deze actie nog geen plaats heeft in de nota (acties 3B-1, 3B-4 en 3F-3?) zal deze als nog moeten worden opgenomen. - de nadruk van het actieplan moet liggen op de eerstvolgende jaren; jaarlijks zal het plan geëvalueerd en bijgesteld moeten worden; voorts zullen de eerste jaren gebruikt moeten worden om per speerpunt een nadere visie te ontwikkelen, m.n. voor het regionale koopcentrum, de bredrijventerreinen, de kantoren en het woon-werk-klimaat (JV, FG); wanneer visie SpoorHaven? (FG) reactie JP: het actieplan gaat in de tijd van concreet naar abstracter en zal als uitvoeringskader (in overleg) steeds bijgesteld kunnen worden; het actieplan is echter vooral uitwerkings- en uitvoeringskader van de reeds bestaande gemeentelijke visies als het economisch profiel; dat neemt overigens niet weg dat er zeker ruimte en bereidheid is om nader vorm te geven aan nog
Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal 62/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

-

-

-

-

-

ontbrekende, achterhaalde en abstracte visies. De visie op SpoorHaven (Masterplan) komt er overigens aan. er is behoefte aan een overall-visie m.b.t. de stad en de bedrijventerreinen die zo’n 10 à 15 jaar mee moet gaan die gedragen wordt door bewoners én ondernemers en minder gevoelig voor wisselende politiek; het bedrijfsleven heeft een stabiele koers nodig om ook de eigen bedrijfspolicy vaste bodem te geven (WV); het EAP is vooral een operationeel plan, dat neemt niet weg dat de waarom?-vraag wel moet worden ingevuld (RM). reactie FB: er zijn ruimtelijke visies als de StructuurvisiePlus en de Structuurschets voor de Binnenstad die gericht zijn op de lange termijn (2030) en met breed commitment zijn vastgesteld. Ook het Masterplan SpoorHaven richt zich op een termijn van ongeveer 20 jaar. ook gebiedsgerichte uitwerkingen verdienen in een vroegtijdig stadium een meer interactieve aanpak; vooral omdat hiermee meer win-win-situaties bewerkstelligd kunnen worden (WV). Het Masterplan SpoorHaven steunt weliswaar op de Structuurschets voor de Binnenstad, het zou echter goed zijn om ook hier de Hoe-vraag interactief in te vullen in overleg met het belanghebbende en geïnteresseerde bedrijfsleven; mogelijk dat het EAP een dergelijke bewustwording op gang kan brengen (RM). er is behoefte aan meer inzicht in een meer integrale presentatie van allerlei plannen (gekoppeld aan de eerder genoemde visie) (JRe, JN, JV). Als voorbeelden worden genoemd de AH-plannen die men in de krant moet lezen, SpoorHaven-plannen, etc. Inzicht in de plannenmakerij is vooral van belang om goed te kunnen anticiperen (JV). als een soort case wordt de vraag naar congres-/ hotelaccommodatie ingebracht; speelt bijvoorbeeld bij SpoorHaven (FB) reacties: is zeker wenselijk; geschiktheid van de locatie is erg belangrijk, de markt verandert echter wel snel (JV). Ontwikkelingen in de omgeving zijn medebepalend voor de marktruimte; de HSL-ontwikkeling levert in Breda een nadrukkelijke vraag naar congresruimte (PN). het subsidie-instrumentarium / financieringskader is niet nadrukkelijk beschreven (CD/ JV). reactie JP: voor zowel de reguliere activiteiten als de lopende projecten zijn middelen geregeld in de reguliere gemeentelijke begroting en de verschillende project-exploitaties; voor nieuwe projecten zal bij aanvang ook naar de financiële haalbaarheid gekeken moeten worden, daarbij zal ook een beroep gedaan worden op derden en bestaande subsidies als TIPP en REAP. reactie KJ: Citymarketing is bijvoorbeeld een nog nauwelijks geoperationaliseerde doelstelling; de kosten zijn dan ook nog moeilijk in te schatten; t.z.t. zal bij de concretisering van de acties in deze ook de financiering aangegeven en gevonden moeten worden.

Vooruitlopend op de inhoudelijke uitwerking/ inhoudelijke aanpassingen. • Pag. 9. Economische barometer • In hoeverre moeten hiervoor kwaliteitsnormen worden ontwikkeld (JL)? reactie RG: De barometer moet nog ontwikkeld worden. Roosendaal hoeft daarvoor het wiel niet uit te vinden; er zijn (o.a Breda) voldoende voorbeelden. De barometer moet echter geen arbeidsintensief doel op zich worden; het moet een praktisch instrument zijn om de economische ontwikkelingen te kunnen monitoren. Bovendien moet de barometer indicatoren bevatten waarmee de voortgang van het EAP geëvalueerd kan worden. Zowel het concept als de nulmeting moeten nog plaatsvinden. Het gaat echter niet om het behalen van een kwaliteitscertificaat. reactie JP: SES West-Brabant wil gezamenlijk optrekken en regionale ervaringen uitwisselen. • Ook bedrijven hebben hierin een rol (JL). pag. 13 formuleren uitgiftebeleid. • Het doel om hierbij in te steken op voldoende kwalitatieve werkgelegenheid heeft wel nuancering nodig. De praktijk laat zien dat je hier niet altijd bedrijven voor het uitkiezen hebt. (PN) pag. 13 verbeteren productiemilieu (m.n. infrastructuur). • voorkomen moet worden dat infrastructurele zaken tot een sluitpost verworden (bij de ontwikkeling van gebieden niet pas achteraf de infrastructuur regelen); aan- en afvoerstromen vinden nog steeds teveel door de woongebieden plaats; niet alleen plannen maken maar ook de benodigde budgetten regelen (JRij) reactie JP: In het project Borchwerf II en ook in andere projecten worden ook infrastructurele aspecten geregeld. Voorts zal het in de maak zijnde gemeentelijke verkeers- en vervoersplan (GVVP) het beleid in deze aangeven.

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

63/64

Project: Document:

Economische ontwikkeling Concept Economische Actieplan 2002-2006

Versie: Status:

4.0 Definitief

pag. 13 regionaal bedrijventerreinenbeleid? • De totstandkoming van een regionaal bedrijventerreinenbeleid wordt nog gemist (HD) reactie JP: In de Rolbeschrijving West-Brabant wordt voorzichtig regionale koers ingezet. Met name de koers van Breda is bepalend voor de mogelijkheden. pag. 19 nadere toelichting parkeerbeleid. • Tekstueel aanpassen: in plaats van “Het parkeerbeleid zal bovendien met de ondernemers van de binnenstad worden gecommuniceerd”: “Het parkeerbeleid zal worden geëvalueerd met de ondernemers van de binnenstad”. (HD) pag. 39 bijzondere aandacht voor citymarketing • “Als het gezamenlijk gaat, komt Roosendaal op de kaart!”(GH) pag. 43 het SEOR. • weinig belangstelling voor een SER-achtig orgaan waarin werkgevers en werknemers tot afspraken gedwongen worden (RM) reactie JP: zeker niet de bedoeling van het SEOR

• •

5. Hoe nu verder Het EAP zal naar aanleiding van de vele opmerkingen nog worden aangepast en in de nieuwe vorm begin 2003 aan het college moeten worden voorgelegd. Het EAP betreft niet zozeer een nieuw beleid, het is vooral een actieplan (Wat gaan we de komende tijd doen!). Mede op advies van dit beraad is de planning overigens wat naar achter verschoven. Na collegebehandeling (vaststelling) wordt het EAP aangeboden aan de raad. Afhankelijk van de reactie van de raad zal het plan definitief worden vastgesteld en kan formeel uitwerking gegeven worden aan het nieuwe uitvoeringskader. De wethouder vraagt de aanwezigen om advies inzake de nadere invulling en werkwijze van het voorgenomen Sociaal Economisch Orgaan Roosendaal (SEOR). Het SEOR is vooral bedoeld om de voortgang te bewaken en het EAP jaarlijks(?) te evalueren. Het EAP is immers een dynamisch werkdocument (JP). - In hoeverre is sprake van een verschuiving van vrijwillig en vrijblijvend naar verplichtend? (JRe) reactie JP: Gemeente wil draagvlak creëren; niemand wordt verplicht; juist vanuit de huidige informele setting kan naast de reguliere organisatie een goede bijdrage worden geleverd aan het benodigde draagvlak. - Is 1x per jaar bijeenkomen niet te weinig om het proces gaande te houden (JN)? reactie JP: stelt 2x per jaar voor. 6. Eindafspraak/ rondvraag/ slot (JP). Geconcludeerd wordt dat het EAP wordt ondersteund. Met name de prioritering verdient nog aandacht (dat is ook een afweging die het college zal moeten maken). Er is blijkbaar ook behoefte aan meer en interactieve visie-ontwikkeling; de strekking hiervan reikt verder dan het EAP. Een bijeenkomst om integraal over ontwikkelingsvisies te praten vraagt dan ook om een bredere aanwezigheid van het college. In de afsluitende rondvraag wordt geadviseerd niet teveel tijd te stoppen in het administratieve werk (PN). De wethouder stemt in met het verzoek (PN) om het uiteindelijke besluit en daarbij een overzicht van hetgeen er in 2003 zal gebeuren schriftelijk terug te koppelen en eind 2003 een eerstvolgende (evaluatie- + voortgangs)bijeenkomst te organiseren.

SBL / R. van Gastel

Copyright ©2002 Gemeente Roosendaal

64/64