B EDRIJVIG

beleid

3
n ovember 2006

Kansen aan de Kust Voetbal wordt weer leuk in Den Haag Wetenschappelijk onderzoek de maatschappij in
Magazine over het economisch beleid van de provincie Zuid-Holland

Inhoud
‘Kies een duidelijk profiel’ Kansen aan de kust >

4

8

Voetbal wordt weer leuk > in Den Haag

Wetenschappelijk onderzoek de maatschappij in >

12
Colofon

Bedrijvig Beleid vernieuwd! Nederland innovatief
6 en 7 december 2006

3

Uitgever: provincie Zuid-Holland, afdeling Economische Zaken Redactie: Irina van der Wal, Manon Moonen, Mark van de Velde, Erik Vredebregt

7

Realisatie: Maters & Hermsen Ontwerp: Haagsblauw Concept + Vormgeving Fotografie: Provincie Zuid-Holland, afdeling Communicatie

We zijn behoed voor een doolhof’
‘Een project uit 'KennisVouchers/KennisCommissarissen’

11

Tweegesprek
Herstructurering bedrijventerreinen in Zuid-Holland: in gesprek met Asje van Dijk en Ton Rijerkerk

Druk: Quantes, Rijswijk

14

Barometer
De Kantorenmarkt in Zuid-Holland

17

Redactieadres: Redactie Bedrijvig Beleid (kamer A458) Afdeling Economische Zaken Provincie Zuid-Holland Postbus 90602, 2509 LP Den Haag Telefoon 070 441 7123 Fax 070 441 7821 Abonnementen Bedrijvig Beleid wordt kosteloos toegezonden op naam aan een geselecteerde doelgroep. Een gratis abonement kan aangevraagd worden per e-mailadres: i.vander.wal@pzh.nl Oplage: 2000

Stelling
Detailhandelbeleid: Maakt de provincie de goede keuzes?

20

BedrijvigBeleid | 2

ISSN: 1385-6162

Bedrijvig beleid vernieuwd!
Beste lezer,
U hebt nu de vernieuwde Bedrijvig Beleid in handen. Met deze uitgave wil de provincie Zuid-Holland haar partners - zoals bedrijfsleven, Kamers van Koophandel, onderwijs- en onderzoeksinstellingen en medeoverheden - informeren over alles wat de provincie onderneemt op het gebied van economisch beleid: voornemens én resultaten. Maar dat niet alleen: in Bedrijvig Beleid leest u ook over actuele economische ontwikkelingen, samenwerkingsmogelijkheden en innovatie in Zuid-Holland. We willen u met Bedrijvig Beleid op een onderhoudende manier informeren, zodat u niet alleen op de hoogte bent, maar hopelijk ook geïnspireerd! In 2003 maakte dit college de versterking van de economische structuur in Zuid-Holland tot een van de belangrijkste prioriteiten. Dat moest ook wel, want het ging niet goed. Het Bruto Regionaal Product stagneerde, de werkloosheid steeg tot bijna 175.000 en de uitgifte van nieuwe bedrijfsterreinen liep terug. Sindsdien is er veel gebeurd. Het bedrijfsleven bond de strijd aan met de recessie en de internationale economie leefde weer op. Ook heeft de publieke sector actie ondernomen om de voorwaarden te verbeteren waaronder ondernemerschap kan gedijen. Het resultaat: Zuid-Holland kon van alle provincies vorig jaar de grootste werkgelegenheidsgroei en het hoogste ondernemersvertrouwen op haar conto schrijven. Werkgelegenheid in Zuid-Holland bevindt zich voor ruim de helft op bedrijventerreinen. Daarom wil het college dat er voor het eind van de collegeperiode 500 hectare bedrijventerrein wordt vernieuwd en 500 hectare nieuw aangelegd; dat staat voor ongeveer 35.000 arbeidsplaatsen. En dat gaat lukken: de meter staat nu op respectievelijk 700 en 300 hectare. Met drie universiteiten, tien HBO-instellingen, talloze onderzoeksinstellingen en grote bedrijven bestaat er een unieke kennisinfrastructuur in Zuid-Holland: een sterke voorwaarde voor innovatie. Kennis moet naar de markt stromen. Daaraan werkt de Kennisalliantie en daarvoor zetten we ‘instrumenten’ in als innovatietenders, het Informatiepunt Technostarters, kennisvouchers, Kennismakelaars, de MKB-match en het jaarlijkse Kennisfestival. Tel daarbij op dat er in de afgelopen drie jaar ruim 200 bijeenkomsten met bedrijven zijn georganiseerd om kennis uit te wisselen en innovatieve toepassingen te genereren. Ruimtelijke concentreren we innovatie op enkele ‘hotspots’, waar zich clusters van bedrijven en kennisinstellingen ontwikkelen. Zoals het Biosciencepark Leiden (nu al in de Europese top-5 van biotechparken!) en Scienceport Holland aan de A13 tussen Delft en Rotterdam. Beide zijn grote scienceparks: 100 tot 150 hectare. De relatie onderwijs-arbeidsmarkt moet beter. Ondernemerszin zou bijvoorbeeld binnen het onderwijs hogere ogen mogen gooien. En als die prikkels aanslaan, verdienen starters nog betere hulp bij hun eerste schreden op het ondernemerspad. Daarnaast moet de uitval uit het onderwijs verminderen. Daaraan werken inmiddels drie Regionale Platforms voor Arbeidsmarkt met projecten die de schooluitval bestrijden en de doorstroming en meer praktijkgestuurd beroepsonderwijs bevorderen. Ik wil maar zeggen: op allerlei manieren zetten we de schouders onder een sterk en innovatief Zuid-Holland. Daar doet u toch ook aan mee?
J.W.A. van Dijk, gedeputeerde ruimtelijke en economische ontwikkeling Provincie Zuid-Holland 3 | BedrijvigBeleid

Advies aan kustgemeenten:

‘Kies een duidelijk profiel’
De Zuid-Hollandse kust moet veiliger worden, maar ook aantrekkelijker. Dat was de belangrijkste conclusie van het congres Kansen aan de Kust dat op 1 september plaatsvond. Stedenbouwkundige Robert Broesi onderzocht in opdracht van de Provincie Zuid-Holland hoe zes internationale regio’s hun kust hebben ingericht en ziet kansen voor Nederland.
Wat is er mis met de Zuid-Hollandse kust? ‘Op langere termijn is de kust niet veilig genoeg, omdat het klimaat verandert en de zeespiegel stijgt. Daar komt bij: Nederland staat met haar rug naar de kust. Behalve Den Haag liggen alle grote stedelijke gebieden in het binnenland. De badplaatsen zijn niet goed bereikbaar. Daar is bewust voor gekozen, omdat de duinen vanwege de natuur altijd is beschermd. De duinen zijn voor een groot deel minder toegankelijk, omdat het ook waterwingebieden zijn. Recent onderzoek van de Stichting Recreatie toont bovendien aan dat er 23.000 hectare te weinig groene recreatieruimte is in de Zuidvleugel, waarvan 6000 hectare in het gebied tussen Rotterdam, Hoek van Holland en Den Haag.’ Dat is nogal wat… ‘Inderdaad. Dit alles is het gevolg van het feit dat Nederland de kust altijd primair heeft gezien als verdediging. Terwijl het een uniek stuk natuur is waar je gebruik van moet maken.’

BedrijvigBeleid | 4

En dat gaat nu veranderen? ‘Als Zuid-Holland slim is wel. In de Zuidvleugel zitten zes zwakke plekken in de kust. Die moeten sowieso aangepakt worden. Die gelegenheid zouden provincie, gemeenten en private partijen moeten aangrijpen om ook andere problemen op te lossen. Anders gaan we het verliezen van de buitenlandse concurrentie. Mensen trekken van oudsher graag naar de kust. Maar ze willen wel goede faciliteiten als ze daar zijn. Buitenlandse steden investeren in mooie woningen, winkels en voorzieningen. En als je dan voor habbekrats daar naartoe kunt vliegen, is de keuze natuurlijk snel gemaakt. Zonde als de Zuidvleugel niet haar kansen grijpt. Om internationale bedrijven in de Zuidvleugel aan te trekken, moeten daarom de badplaatsen worden aangepakt. Meer ruimte voor groene recreatie kun je creëren door extra kust te ontwikkelen. Zandsuppletie is een goede manier: zo versterk je de zwakke plekken en tegelijkertijd verbreed je het kustgebied.’ Je hebt onderzoek gedaan naar zes internationale regio’s, onder meer Barcelona, Kopenhagen en Liverpool. Wat kan ZuidHolland van deze steden leren? ‘Het is heel belangrijk om keuzes te maken. Alle regio’s die ik heb onderzocht werken met zogenoemde profielen. Daarmee definieer je de kust: wat voor soort mensen wil je aantrekken? En wat voor voorzieningen heb je nodig om ze daadwerkelijk naar die plek te trekken? Barcelona koos voor een strook culturele

concentratie in de stad. Bij Girona ligt een strook voor het massatoerisme met bijvoorbeeld grote appartementencomplexen en goedkope eettentjes. De zuidkant richt zich juist op de locale bevolking. Liverpool heeft van een heel stuk strand een enorm pretpark gemaakt. Verderop komen golfers juist weer aan hun trekken. Niet ieder stukje kust heeft voor elk wat wils, maar de totale kust biedt wel voor iedereen mogelijkheden. De Nederlandse kust blinkt uit in middelmatigheid, er is geen duidelijke keuze gemaakt.’ Voor welk profiel zou je zelf gaan? ‘Er komt een enorme grijze golf aan. Komende tien a twintig jaar gaan heel veel mensen met pensioen. Die hebben geld, dus ik zou mikken op deze groep. Aantrekkelijke woningen, (zorg)voorzieningen en volop mogelijkheden om te wandelen en te fietsen.’ Hoe gaat Zuid-Holland dat realiseren? ‘Daar kom je op een heikel punt, want om een aantrekkelijke kust te creëren, moet er samengewerkt worden. En dat heeft ZuidHolland nog nooit gedaan op dit vlak. Gemeenten waren altijd zelf verantwoordelijk als het gaat om de inrichting van de stedelijke kant van hun stuk kust. Het Rijk moet zorgen voor de veiligheid. Om de aantrekkelijkheid te vergroten zie ik een centrale taak weggelegd voor de provincie. >

’De Nederlandse kust blinkt uit in middelmatigheid, er is geen duidelijke keuze gemaakt.’

Stedenbouwkundige Robert Broesi

5 | BedrijvigBeleid

Lenie Dwarshuis

Adjiedj Bakas

Congres
Elco Brinkman Op 1 september jl. waren in Noordwijk bijna 300 deelnemers aanwezig bij het congres ‘Kansen aan de kust’. Bedrijvig Beleid noteerde de volgende uitspraken: ‘Het is niet de topman, maar de vrouw van de topman die bepaalt waar ze wil wonen. En dus waar het bedrijf zich zal vestigen.’
Lenie Dwarshuis, Gedeputeerde van de provincie

Die heeft de contacten, kan gemeentes op één lijn krijgen en zorgen voor een afstemming van accommodatie en recreatiemogelijkheden. Iedereen moet aanhaken, ook private partijen.’ Stel dat partijen in Zuid-Holland inderdaad de handen ineen slaan. Op welke termijn kunnen we de eerste resultaten verwachten? ‘Niet alles kan en moet tegelijkertijd. Extra land creëren heeft heel veel voordelen, zeker omdat er nu te weinig groen is. Maar dat kost heel veel tijd. Om een robuust kustlandschap te realiseren door middel van dynamische kustontwikkeling, kost zeker dertig jaar. In de tussentijd kunnen we andere dingen doen. Recreatiemogelijkheden kun je heel snel realiseren, en meer parkeergelegenheid kan ook op vrij korte termijn. Voor bijvoorbeeld de herontwikkeling van badplaatsen moet je meer tijd nemen, omdat je daarin cruciale beslissingen moet nemen.’ Is er hoop voor de Zuid-Hollandse kust? ‘Als ik afga op wat er de afgelopen jaren gebeurd is niet. Maar de laatste tijd krijg ik een sprankje hoop. Met name de partijen in de Zuidvleugel hebben de intentie om samen op te trekken.’ ■

Zuid-Holland

‘Ouderen een eigen plekje, jongeren een eigen strand. In Italië bestaat al een ‘burqua-beach’.’
Riet Bakker, landschapsarchitecte en stedenbouwkundige

‘De overheid maakt te weinig gebruik van de kennis, kunde en investeringsmogelijkheden van het bedrijfsleven. Schakel ze in en maak er gebruik van.’
Elco Brinkman voorzitter Bouwend Nederland

‘Kwaliteit, daar is behoefte aan. Politici en beleidsmakers hebben hun mond vol over kwaliteit, maar als puntje bij paaltje komt…’ Jelke Jan de With, lid van de Commissie Tielrooij.
De Commissie Tielrooij is vorig jaar ingesteld om advies uit te brengen over de waterhuishoudkundige inrichting van Nederland

‘Bij het ontwerpen van een gebouw hoef je je maar één ding af te vragen: zou die Chinees of Japanner voor dit gebouw gefotografeerd willen worden? Over 25 jaar wordt Nederland overspoeld door een nieuwe Aziatische middenklasse.’
Adjiedj Bakas, Trendwatcher

‘Laat de kust een tijd onder verantwoordelijkheid van het ministerie van OCenW vallen’
Adriaan Geuze, Landschapsarchitect West 8

BedrijvigBeleid | 6

Agendavoorstel:

Nederland Innovatief op 6 en 7 december
Een platform voor succesvol ondernemen: dat willen onder andere Kennisalliantie Z-H en de provincie Zuid-Holland bieden met het evenement Nederland Innovatief. De jaarlijkse beurs vindt dit keer plaats in Dordrecht en bestrijkt twee dagen.

H

et evenement toont belangrijke ontwikkelingen op het gebied van innovatie: Klein en groot MKB, technostarters of uitvinders: voor iedere doelgroep biedt Nederland Innovatief een programma op maat. Er zijn workshops, stands, sprekers en informatiepakketten over bijvoorbeeld productontwikkeling, marktontwikkeling, financiering, efficiency, netwerken, bescherming en procesverbetering. Het is de bedoeling dat een bezoeker aan Nederland Innovatief het evenement verlaat met tal van innovatieve, praktische oplossingen en mogelijkheden voor het verbeteren van het ondernemingsrendement. Op de eerste dag, 6 december 2006, is er voor genodigden een Innovatiedebat en een Innovatiediner bij het Octrooicentrum in Rijswijk (ZH). Op de tweede dag, 7 december, vindt in Dordrecht de

ondernemers- en kennisbeurs plaats (zie kader) met workshops, lezingen en tientallen stands met innovatieve producten. Op deze dag wordt ook de felbegeerde ID-NL Jaarprijs uitgereikt voor de beste uitvinding van het jaar. Dit evenement wordt georganiseerd met medewerking van het InnovatiePlatform; minister-president Balkenende zal dan ook aanwezig zijn.

is de ‘kelder onder een kas’: een oplossing om overtollig water op te vangen en te kunnen hergebruiken, zonder dat het dure ruimte opslokt. Uit een andere alliantie kwam de ‘kunststofwarmtewisselaar’ voort: een efficiënt alternatief om te koelen in de chemie en de warmte te hergebruiken in gevallen waar het nu vanwege vervuiling en corrosie door vloeistoffen en gassen een probleem oplevert. Ook in gebieden als Scheepvaart, ICT & Telecom, Internationaal Recht, Composieten, Nanotechnologie, Sensortechnologie en Water- en Deltatechnologie werden diverse allianties opgericht.

Kennisalliantie Z-H Nederland organiseert Innovatief 2006 samen met de Gemeente Dordrecht, Octrooiencentrum Nederland, Samenwerking Stichting Innovatiecentrum ID-NL, De zogenoemde vier O’s – onderde Nederlandse Orde van nemer, onderzoek, onderwijs en Uitvinders en het Innovatie overheid – bij elkaar brengen, Platform. De provincie Zuidzodat er banden allianties ontHolland is een van de hoofdsponstaan en gezamenlijk commerciële soren. Meer informatie over het innovaties worden opgezet: dat is evenement is te vinden op de bedoeling van de Kenniswww.nederlandinnovatief.nl en alliantie Z-H, mede-organisator www.kennisalliantie.nl. Lidmaatvan Nederland Innovatief. In drie schap van de Kennisalliantie Z-H is jaar tijd bracht deze organisatie al gratis. Via de website is het mogeveel partijen bij elkaar in uiteenlijk om in te schrijven als ‘kennis’ lopende projecten. Een voorbeeld van de Alliantie. ■

De Ondernemers- en kennisbeurs
• • • • • • Wanneer: donderdag 7 december 10:00-17:00 uur Waar: businesspark Amstelwijck, Dordrecht Voor wie: MKB-ondernemers, onderzoek- en kenniswerkers, beleidsbepalers Grootte: 5.000 m2 beursvloer Capaciteit: 1.500 bezoekers Prijs: 20 euro (dagkaart bij voorinschrijving)

Speciaal voor de tweede dag van Nederland Innovatief wordt een indrukwekkend tentenpark gebouwd aan de randweg van Dordrecht en de A16. Voor meer informatie ga naar www.nederlandinnovatief.nl

7 | BedrijvigBeleid

Voetbal wordt weer leuk in Den Haag
‘Publieksvriendelijk en veilig.’ Die kernwoorden komen telkens terug bij de presentatie van het geavanceerde veiligheidssysteem voor het nieuwe stadion van ADO Den Haag. Het plezier bij het voetbalpubliek staat voorop. Niet voor niets spreken de ontwikkelaars over het ‘Happy Crowd’-concept. De provincie Zuid-Holland draagt haar steentje bij in de vorm van een flinke subsidie.

H
REPORTAGE

et nieuwe stadion is nog in aanbouw. Naast het Prins Clausplein wordt hard gewerkt aan een accommodatie die plaats biedt aan 15.000 voetballiefhebbers. Let wel: liefhebbers, geen raddraaiers. Die laatste groep heeft het imago van de club in het verleden soms flinke schade bezorgd. ADO Den Haag doet er daarom van alles aan om aan die situatie een einde te maken. In het huidige stadion is dat om verschillende redenen niet altijd eenvoudig, maar in het nieuwe onderkomen gaan alle registers open. De voetbalclub werkt aan een nieuw, baanbrekend veiligheidssysteem, samen met TNO en een aantal bedrijven uit de provincie.

Sciencefiction Biometrie, Radio Frequency Identification (RFID), beeldsensoren, datasets. Wie deze termen hoort, denkt eerder aan sciencefiction dan aan een voetbalstadion. De technologie die in het nieuwe stadion toegepast gaat worden, is zó vooruitstrevend dat er in Europa geen vergelijkbaar veiligheidssysteem te vinden is. Het werkt zo. Iedere supporter die een wedstrijd wil bezoeken, moet zelf zijn kaartje komen afhalen. Zijn of haar gegevens worden, in combinatie met een pasfoto, vastgelegd. Bij het toegangspoortje wordt gebruik gemaakt van geautomatiseerde gezichtsherkenning om de identiteit van de toeschouwer te bevestigen.

BedrijvigBeleid | 8

Na deze snelle identificatie weet de club precies welke fans de tribunes bevolken. Supporters die eerder voor problemen hebben gezorgd, krijgen vervolgens extra aandacht van de veiligheidsmedewerkers. Het doel van al deze maatregelen is helder. Gedeputeerde Asje van Dijk (Ruimtelijke en Economische Ontwikkeling): ‘We willen allemaal dat een vader met zijn kind met plezier een wedstrijd kan bezoeken. Voetbal moet weer fun worden.’ Geen enkele supporter wordt bij voorbaat uitgesloten. ‘Iedereen is welkom, zolang de regels maar nageleefd worden’, vertelt commercieel directeur André Brand van ADO Den Haag. ‘Onze ambitie is om met dit systeem de pakkans voor herrieschoppers te verhogen naar 99%’. Om die ambitie waar te maken wordt het stadion uitgerust met hoogwaardige geluid- en beeldsensoren. Daardoor is het een stuk makkelijker om ‘foute’ spreekkoren te herkennen en om mensen die zich misdragen te identificeren. Met eventueel een stadionverbod als gevolg. Rendement Het bijzondere aan de ontwikkeling van het Happy Crowd-concept is de samenwerking tussen bedrijven, wetenschappelijke instellingen en de overheid (politie, gemeente en provincie). Voor alle partijen betekent het dat (financiële) risico’s gepaard gaan met ongekende kansen op het gebied van veiligheid, technologie en economische ontwikkeling. Dit is precies de reden dat de provincie heeft besloten om een subsidie toe te kennen van 488.700 euro. Ebo Bos is als senior beleidsmedewerker bij Economische Zaken nauw betrokken bij het behandelen van dergelijke subsidieaanvragen. ‘Deze aanvraag kwam eigenlijk als een verrassing. De meeste partijen komen bij ons terecht via de Kennisalliantie, maar ADO heeft geheel op eigen initiatief aan deze subsidieronde deelgenomen.’ En met succes. ‘Dit project was bij uitstek geschikt om voor een subsidie in aanmerking te komen. Alle betrokken partijen – overheid, bedrijven en wetenschappelijke instellingen – zijn in de provincie gevestigd. Wij willen graag de kenniseconomie in Zuid-Holland stimuleren.

Asje van Dijk: ‘We willen allemaal dat een vader met zijn kind met plezier een wedstrijd kan bezoeken’

TNO en de betrokken bedrijven laten zien dat Nederland een enorme expertise heeft opgebouwd op het gebied van internationaal recht, vrede en veiligheid. Dat is een sterk punt van onze economie en daar moeten we gebruik van maken’, aldus Bos. ‘De ontwikkeling van dit systeem kan, als het een succes wordt, veel geld en werkgelegenheid genereren. Kennis levert dus uiteindelijk ook economisch rendement op.’ >
Gedeputeerde Van Dijk overhandigd cheque aan commercieel directeur ADO Den Haag Brand

9 | BedrijvigBeleid

Andé Brand loopt door nieuw controle poortje

Ebo Bos

Bij ADO Den Haag is de subsidie in elk geval met gejuich ontvangen. ‘Deze bijdrage is voor ons een godsgeschenk!’ Koos van Woerden werkte voorheen bij TNO en is na zijn pensionering bij ADO aangesteld als projectleider voor het Happy Crowd-concept. ‘Toen wij de aanvraag indienden, waren onze plannen al helemaal klaar. We zouden er sowieso mee aan de slag gaan. Door het geld van de provincie hebben we echter veel meer armslag. Bovendien is deze steun een signaal in de goede richting. Het hele project is nu een perfect voorbeeld van publiek-private samenwerking. Alle betrokken partijen zijn trots dat ze aan dit project deelnemen.’ Van Woerden is blij met de werkwijze van de provincie. ‘De hele aanvraagprocedure is heel snel en efficiënt verlopen. Het is buitengewoon goed dat de overheid bij wil dragen aan het stimuleren van bedrijvigheid in deze regio. Op deze manier kunnen we bovendien samen iets doen aan de hoge maatschappelijke kosten van veiligheid bij voetbalwedstrijden.’

Koos van Woerden: ‘Het is buitengewoon goed dat de overheid bij wil dragen aan het stimuleren van bedrijvigheid in deze regio’

Succes De plannen van ADO Den Haag en de andere betrokken partijen zijn ambitieus. Zal de toegepaste technologie deze hooggespannen verwachtingen waar kunnen maken? Koos van Woerden: ‘Ik ben er van overtuigd dat het technisch mogelijk is om aan al onze wensen te voldoen. Natuurlijk gaat het om een systeem dat “in ontwikkeling” is. Als het stadion klaar is, wordt het in gebruikgenomen. Het eerste jaar beschouwen we dan als een soort ‘proefjaar’, waarin eventuele kinderziektes overwonnen moeten worden. TNO zal in het nieuwe stadion een “fieldlab” opzetten. Dit betekent dat de prestaties van alle toepassingen nauwgezet gevolgd zullen worden. Na een jaar moet alles naar behoren functioneren.’ De plannen worden in dit stadium ook voorgelegd aan juristen. Zij geven adviezen met betrekking tot privacywetgeving in Nederlands en Europees verband. De verwachting is namelijk dat het systeem – bij bewezen succes – gretig aftrek zal vinden bij andere clubs, in binnenén buitenland. Als het veiligheidssysteem inderdaad een succes blijkt, zullen veel betrokken partijen daar van profiteren. De provincie zou zo’n ontwikkeling met genoegen gadeslaan, zegt Ebo Bos. ‘Wij willen aan mensen laten zien dat subsidies effect hebben. Kenniseconomie is een term die niet voor iedereen even duidelijk is, maar op deze manier kunnen we het tastbaar maken.’ ■

BedrijvigBeleid | 10

‘We zijn behoed voor een doolhof’
Brands Structural Products ontwikkelde een nieuwe hars die kan worden toegepast in de bouw. Maar waar laat je zo’n nieuwe hars testen en certificeren? Advies van een kenniscommissaris bood uitkomst.
Hans Struik

H

et in Stellendam gevestigde Brands Structural Products levert grondstoffen voor onder meer de composiet verwerkende industrie. Het gaat om stoffen zoals harsen en glasvezels die worden toegepast in de (boten)bouw. Voortdurend is het bedrijf bezig met het ontwikkelen van nieuwe producten. “Onlangs hebben we een hars ontwikkeld die kan worden toegepast in de huizen- en kantoorbouw”, vertelt directeur Hans Struik. “Onze klanten kunnen die hars gebruiken om een paneel of gevelplaat te maken. Het voordeel is dat dit hars vriendelijker is voor mens en milieu dan veel andere harsen. Bovendien kunnen onze klanten met dit hars andere structuren maken, waardoor nieuwe decoratiemogelijkheden ontstaan.” Eisen De gebruikte materialen moeten echter brand-

werend zijn en aan milieueisen voldoen; daarnaast gelden er in de bouw nog veel andere veiligheidsnormen. Veel bouwbedrijven willen daarom alleen met producten werken die uit-ente-na gekeurd zijn en specifieke keurmerken hebben. Struik: ‘Om de kansen van onze nieuwe hars te vergroten, zochten we een instelling die dit hars zou kunnen certificeren. We wisten echter niet waar we daarvoor terecht konden. Syntens, met wie ik al eerder contact had gezocht, wees ons op het project Kenniscommissaris. Via Syntens kwamen we in contact met Jan Breen van TNO Industrie & Techniek die onze kenniscommissaris werd. Jan wist volgens welke methodes onze harsen getest konden worden. Ook hielp hij ons te onderzoeken waaraan de bouwsector nu echt behoefte heeft. Tot slot verwees hij ons naar het KIWA-keuringsinstituut, dat certificaten afgeeft.’ Proefpanelen Dankzij het project Kenniscommissaris heeft Brands Structural Products zelf proefpanelen kunnen laten ontwikkelen. Die zullen binnenkort worden getest. ‘Door zelf panelen te maken en te testen, denken we klanten sneller van het nut van onze innovatie te kunnen overtuigen’, verduidelijkt Struik. ‘Zonder dit project hadden we misschien producten ontwikkeld waaraan de bouw helemaal geen behoefte heeft. En zonder de sturing van de kenniscommissaris waren we misschien in een doolhof beland in onze zoektocht naar de juiste testmethodes.’ Hans Struik kijkt tevreden terug op de samenwerking met Jan Breen. ‘Maar echt tevreden kan ik natuurlijk pas zijn als de innovatie succesvol in de markt is geïntroduceerd.’ ■
Bron: Syntens, Rutger Vahl

PROJECT IN DE PRAKTIJK

Kennis krijgen met coupon of commissaris
Ondernemers in Zuid-Holland met een behoefte aan specialistische kennis die ze zelf niet in huis hebben, kunnen deze inkopen met een speciale voucher of de hulp inroepen van een KennisCommissaris. Met deze twee initiatieven wil de provincie de Zuid-Hollandse economie naar een hoger niveau brengen. Zij doen dit in samenwerking met Syntens, een innovatienetwerk voor ondernemers. De KennisCommissarissen zijn wetenschappers van TNO en de Zuid-Hollandse universiteiten; zij stelden zich op verzoek van de provincie beschikbaar om ondernemers met innovatieplannen te begeleiden. Ook de KennisVouchers, ter waarde van 3.000 euro, zijn bedoeld als steun in de rug voor vernieuwende ondernemers: hiermee kunnen zij kennis inkopen bij Zuid-Hollandse kennisinstellingen.

11 | BedrijvigBeleid

Wetenschappelijk onderzoek de maatschappij in
Kennis van de wetenschap doorsluizen naar markten en maatschappij: een ontwikkeling die in Nederland steeds hoger op de agenda prijkt. Maar gemakkelijk gaat dat nog niet altijd. Aan hoogleraar Ouderengeneeskunde van het LUMC, Rudi Westendorp, ligt het in ieder geval niet.

M

edicijnen om langer gezond te kunnen leven. Misschien is dit over een paar jaar geen fabeltje meer. De wetenschappers van het onderzoek naar langlevendheid denken er namelijk over om hun geworven kennis in een bedrijf toe te passen. Gerontoloog Rudi Westendorp (47) is één van de onderzoekers. Westendorp werkt als hoogleraar Ouderengeneeskunde aan het Leids Universitair Medisch Centrum en bestudeert gezonde mensen van negentig jaar en ouder. Dit moet leren hoe iedereen gezond ouder kan worden. ‘In ons onderzoek zijn we op een punt aangekomen dat we onze kennis willen doorgeven aan maatschappelijke partners. We weten nu

dat de stofwisseling het lichaam op verschillende manieren kan beschadigen, waardoor er ziekten optreden. Door onze informatie over die processen door te sijpelen aan het bedrijfsleven hopen we dat er producten ontwikkeld kunnen worden waardoor mensen langer gezond kunnen blijven.’ ‘Mijn collega professor Hoeijmakers is bijvoorbeeld al zo ver. Hij bestudeert kort- en langlevendheid bij muizen. Met de kennis uit dit onderzoek is onlangs het bedrijf DNage opgericht. Met een subsidie van het Netherlands Genomics Initiative onderzoeken we nu hoe we onze muizen- en mensenstudies nader tot elkaar kunnen laten komen.’

BedrijvigBeleid | 12

Vergaren ‘Ik merk de laatste tijd steeds vaker dat onderzoekers de verworven kennis uit willen venten. In het verleden kwam deze gedachte minder vaak op. Dit komt door de verschillen van de “ivoren torens” van de universiteit, de “innoverende” bedrijven en de “suffe’” ambtenaren. Drie niet samenwerkende partijen, maar de laatste tijd begint de communicatie tussen de drie op gang te komen.’ ‘Gelukkig maken wetenschappers hun kennis steeds vaker transparant zodat dit toepasbaar wordt voor private partners. De subsidie van het ministerie van Economische Zaken voor onderzoek met een zogeheten valorisatie-aspect draagt hier zeker aan bij. Dat is onderzoek dat, kort gezegd, voor de maatschappij uitgenut kan worden en te gelde kan worden gemaakt.’ ‘Helaas is het nog niet altijd gemakkelijk om een private partner te vinden, niet veel bedrijven durven vroeg te investeren in universitaire kennis. Venture capitalists durven het risico soms wel aan en zijn bereid om in ons te investeren. Daarom is het mooi dat er nu toch ook bedrijfmatigheid ontstaat zoals op het Bio Science Park in Leiden, waar de helft van het aantal bioscience-bedrijven van Nederland is gevestigd.’ Partners ‘We moeten in de toekomst overigens niet gaan doorslaan. Er is ook een belang dat deze partijen apart van elkaar functioneren.

Universiteiten vergaren ten slotte het beste kennis wanneer je hen niet teveel in de weg staat. Als wetenschapper weet je waar je heen wilt, maar onderweg vind je vaak iets anders. Kennis blijf daarom soms in de toren van de universiteit. Er is vooraf niet af te dwingen welke kennis vergaard wordt, maar de maatschappelijke partners proberen dit vaak wel.’ ‘Op dit moment zijn er al bedrijven die investeren in ons onderzoek. Unilever participeert bijvoorbeeld in het onderzoek “Lang leven”. Zij dromen natuurlijk van een botertje waar mensen honderd mee worden. Mocht in de loop van het onderzoek blijken dat mensen langer leven door een bepaald apparaat te gebruiken in plaats van een voedingssupplement, dan trekken zij zich waarschijnlijk terug. Maar dan kunnen wij misschien wel weer te rade gaan bij een bedrijf als Philips. Dat zal de toekomst leren.’ ■

Rudi Westendorp, Hoogleraar Ouderengeneeskunde van het LUMC.

Premier op bezoek

P

remier Balkenende bracht eind augustus een werkbezoek aan onder meer het Bio Science Park in Leiden, waar bedrijven gevestig zijn die zich richten op life sciences, een belangrijke economische pijler van Zuid-Holland. De premier werd begeleid door gedeputeerde Van Dijk van ruimtelijke en economische ontwikkeling in de provincie Zuid-Holland. De premier liet weten dat hij gefascineerd was door de dynamische ontwikkelingen op het park en de manier waarop kennisinstellingen en bedrijven in de Zuid-Hollandse gemeente elkaar opzoeken en samenwerken Hoogleraar Ouderengeneeskunde Rudi Westendorp sprak tijdens het bezoek over de aanpak van (gezondheids-)problemen die vergrijzing met zich meebrengt.

OPINIE
13 | BedrijvigBeleid

Bedrijventerreinen staan nooit niet op de agenda. Eén hardnekkige klacht is ook nog niet verstomd: hun lelijkheid. Volgens gedeputeerde Asje van Dijk zien de klagers de voornaamste functies van deze terreinen over het hoofd: ondernemen en geld verdienen. Directeur Regiostimulering van de Kamer van Koophandel Haaglanden, Ton Rijerkerk, heeft een aantal praktische oplossingen om de bezwaren te temperen.

twee
ook ruimte voor zijn. Ik zie dat veel gemeenten kiezen voor meer woningbouw, daaraan wordt ook meer verdiend, en dat is soms hard nodig om de dure herstructurering van bedrijventerreinen te kunnen betalen. Dat begrijp ik natuurlijk ook.’ Wat kan de provincie doen? Rijerkerk: ‘De kosten en baten op dit vlak zou door verevening tussen gemeenten kunnen worden opgelost. De provincie kan daarin het voortouw nemen. Verder denk ik dat de provincie ook meer mag afdwingen dat er op regionaal niveau wordt samengewerkt, nu zijn dat toch nog vaak mooie woorden.’ Van Dijk: ‘De provincie helpt gemeenten intussen wel in kaart te brengen wat de uitdagingen zijn. Daar krijgen ze dan subsidie voor. Daarnaast stelt de provincie procesmanagers beschikbaar. Die kunnen de plannen helpen ten uitvoer te leggen. Bijvoorbeeld als er

Herstructurering bedrijventerreinen in Zuid-Holland:

‘Bij 700 hectare gaat de spa de grond in’
Wat is het grootste probleem in ZuidHolland met de bedrijventerreinen? Van Dijk: ‘De herstructurering van bestaande bedrijventerreinen. Dat is een heel complexe opgave, vanwege de vele actoren, zoals gemeenten, ondernemers en projectontwikkelaars. Tegelijk is het duur en moet je die revitalisering integraal benaderen: ook de kwaliteit van het landschap en de bereikbaarheid horen er bij.’ Rijerkerk: ‘Ja en daarbij komt, dat sommige gemeenten de neiging hebben om de zorg voor bedrijventerreinen door te schuiven naar de buurgemeente of het stadsgewest. Zonder daarmee duidelijke afspraken te maken. Zo blijft de verantwoordelijkheid in de mist hangen. Verder richten veel gemeenten zich op ‘high tech’ bedrijven, terwijl er ook aandacht nodig is voor de gewone bedrijven, ik bedoel de timmerwerkplaatsen, drukkerijen, en “gewonere” productiebedrijven. Daar moet

BedrijvigBeleid | 14

gesprek
geschoven moet worden. Samen met de gemeenten hebben we per regio een werkagenda opgesteld. Dat houdt in dat we top-10 van aan te pakken bedrijventerreinen hebben vastgesteld, gekoppeld aan een tijdsbestek. Wethouders zijn er voor verantwoordelijk. Dus: er zijn rugnummers uitgedeeld. Dit moet dan dus ook terugkomen in de meerjaren begrotingen van gemeenten. Ondertussen hebben we bij 700 hectare de herstructurering financieel rond en is de spa de grond in, of gebeurt dat binnenkort. Los daarvan, als provincie koppelen we geld uit het provinciale Ontwikkelingsfonds Bedrijventerreinen aan de rijksmiddelen van EZ, de zogeheten Topper-regeling. Ook hebben we een methode ontwikkeld, Decor, waarmee gemeenten stapsgewijs hun problemen met bestaande terreinen kunnen aanpakken.’ Wat willen de ondernemers? Van Dijk: ‘Ik hoor ze altijd over de bereikbaarheid. Verder willen ondernemers dat er op de lokale arbeidsmarkt voldoende goede medewerkers te vinden zijn en dat je er kan goed wonen in de buurt.’ Hoe zit het met de lelijkheid van de bedrijventerreinen waar vaak over wordt geklaagd? Rijerkerk: ‘Ja dat hoor je vaak. Wat dan wel eens wordt vergeten, is dat de bedrijventerreinen vaak bedoeld zijn als geluidsbuffer tussen bebouwing en snelwegen. Bovendien krijgen gemeenten meer geld in het laatje als de gebouwen op een zichtlocatie staan. Ik denk dat als gemeenten daar vanaf zien en je plaatst bomen voor de bedrijven, dan zou je al veel problemen kunnen oplossen. In Duitsland liggen de bedrijventerreinen trouRijerkerk: ‘Overigens, als er geherstructureerd wens vaak met de korte kant naar de weg, in wordt, betekent dat automatisch dat er ook plaats van met de lange kant zoals in ondernemers moeten verkassen. Daarvoor is Nederland, dat scheelt natuurlijk ook al heel dan wel een concreet beleid nodig, die revita- veel. En je kan natuurlijk op de zichtlocaties lisering mag de ondernemer natuurlijk niet architectonische eisen stellen. Zou ik dan op extra kosten jagen. De provincie maar ook weer niet gaan doen op het midden van de de Kamer van Koophandel kunnen daarin bedrijventerreinen.’ > bemiddelen, om overheid en ondernemer bij elkaar te brengen.’

Rijerkerk: ‘De provincie mag ook meer afdwingen dat er op regionaal niveau wordt samengewerkt’

15 | BedrijvigBeleid

De VROM-raad introduceert de term ‘werklandschappen’, dat zijn landschappen waar het ook goed toeven is voor mensen, terwijl er gewerkt wordt. Van Dijk: ‘Ik vind het een mooie metafoor, maar dat is slechts één functie van de bedrijventerreinen, de belevingswaarde. Het gaat wat mij betreft veel minder om dat je plezierig voelt bij het flaneren over een weg door een bedrijventerrein. Die zijn er in de eerste plaats om te ondernemen en geld te verdienen. Ik zou graag de functionaliteit ervan voorop willen stellen. Het is geen recreatiebos.’

‘Segmentatie’ wordt vaak genoemd om bedrijventerreinen meerwaarde te geven en succesvol te maken? Mee eens? Van Dijk: ‘Ja dat lijkt me een goed idee. Een weiland omploegen, een straat aanleggen en dan kavels gaan uitdelen: dat is er natuurlijk niet meer bij. Bedrijventerreinen kunnen het best een duidelijk profiel hebben. Klanten en toeleveranciers op hetzelfde terrein zou natuurlijk ook goed zijn.’

Van Dijk: ’Ook de kwaliteit van het landschap en de bereikbaarheid horen erbij’

Rijerkerk: ‘Dat komt op mij wat theoretisch over. Bedrijven staan in relatie tot de gehele wereld, moet je niet allemaal op je eigen bedrijventerreintje voor elkaar willen krijgen. Is er te veel concurrentie tussen gemeenWat wel werkt is als je mensen met elkaar in ten over grondprijzen, zoals de VROM-raad contact kan brengen met thematisch ingerichconstateert? Bedrijven verlaten dan terrei- te terreinen. In Den Haag heb je instellingen nen, die daardoor leegstand laten zien en op het gebied van internationaal recht, mogelijk verloederen. Rijswijk heeft z’n aardolie en chemie en Van Dijk: ‘Vraag ik me af. Het lijkt mij niet. Leiden kent een cluster lifesciences.’ In Zuid-Holland bestaat schaarste, dus het zou dan ook dom zijn. Die schaarste kun je Van Dijk: ‘Dat laatste is natuurlijk een heel trouwens wel gebruiken om kwaliteitseisen mooi voorbeeld, waar bijvoorbeeld ook nog te stellen, zoals ten aanzien van duurzaam een hotel, sportparken en een campus bijkobouwen of dubbel grondgebruik of andersmen om de aantrekkelijkheid nog verder te zins.’ vergroten. In de toekomst komt daar d Technopolis in Delft nog bij, een Research & Rijerkerk: ‘Nee, ik geloof dat evenmin. In Development-terrein met een oppervlakte van Groningen kost de grond 70 euro per vierkan- 120 hectare. Vorig jaar ging de spa de grond te meter, in Zuid-Holland meer dan 200 euro. in, een project met een looptijd van twintig Ligging ten opzichte van de klanten en de jaar. Voor de Hoekse Waard bestaan ook goede arbeidsmarkt zijn voor een ondernemer erg plannen, waar het bedrijventerrein landschapbelangrijk. Om een paar tientjes per vierkan- pelijk wordt ingepast, er vervoersfaciliteiten te meter gaat het niet.’ bestaan en er over de veiligheid goed is nagedacht. Dat zijn onze voorbeeldprojecten.’ ■

BedrijvigBeleid | 16

De kantorenmarkt in Zuid-Holland:

Hang naar kwaliteit
De provincie werkt aan een vernieuwd provinciaal kantorenbeleid. Dat moet partijen en regio’s bij elkaar brengen en bijdragen aan het verminderen van de
De provincie zint op mogelijkheden om dit aan te pakken. Snelweg De totale kantorenvoorraad in Zuid-Holland heeft inmiddels een omvang van ongeveer hoge leegstand in kantorenland. dertien miljoen vierkante meter, waarvan e ziet ze overal op Zuid-Hollandse ruim driekwart ligt in de Haagse en kantoorgebouwen: borden met ‘Te Huur’. Rotterdamse regio’s. Stec deelt de kantoren in Leegstand van kantoren is een groot zeven types in. Die zijn gebaseerd op het soort probleem en de provincie wil deze kwestie locatie waar een kantoor zit. (Zie kader ‘Wat is graag oplossen met alle betrokken partijen. jouw type?’). De leegstand blijkt vooral geconMaar hoe doe je dat? Dat blijkt nog niet zo centreerd in verouderde kantoorgebouwen op eenvoudig. In juni bracht adviesbureau Stec bedrijventerreinen, bij knooppunten in het een rapport uit met aanbevelingen daarvoor. regionale openbaar vervoer en aan de snelweg. Het belang staat natuurlijk buiten kijf: Ondanks de lege kantoorruimtes staat er voor een gezonde kantorenmarkt is belangrijk de periode tot 2020 genoeg ontwikkelplannen ‘Nu vist iedereen voor een goed vestigingsklimaat en daar- in Zuid-Holland, in totaal gaat het zelfs om vier mee voor verdere economische groei in miljoen vierkante meter kantoorruimte. De in dezelfde vijver. Zuid-Holland. Maar de laatste jaren zijn helft staat voor de komende vier jaar op het dus veel kantoorgebouwen in de provin- programma en de andere helft in de tien jaar Dat is niet handig’ cie leeg komen te staan: gemiddeld ruim daarna. Als dit allemaal wordt uitgevoerd, 12% en dat is meer dan wenselijk. neemt de totale kantorenvoorraad in de >

J

Grafiek 1 | Vraag en aanbod van kantoorlocaties naar type locatie in Zuid-Holland, 2020
x 1000 m2 bruto vloer oppervlak (BVO)
2.000

1.500

BAROMETER

1.000

500

0
Grootstedelijke toplocaties Binnenstedelijke centrumlokaties Randstedelijke OV knooppunten Regionale OV knooppunten Snelweglocaties Kantoorlocaties op bedrijventerreinen Kantoorlocaties in woonwijken

Minimum vraag variant

Maximum vraag variant

Aanbod

Bron: STEC Groep, analyse kantorenmarkt Zuid-Holland

17 | BedrijvigBeleid

Esther Geuting

provincie toe met dertig procent. Onderzoekster Esther Geuting van Stec Groep: ‘De markt, bijvoorbeeld de beleggers en ontwikkelaars, willen meer kwaliteit. Dat is de optelsom van zaken als: hoe bereikbaar is het kantoor - per auto en per trein -, hoe ziet de omgeving eruit, welke voorzieningen zijn er vlakbij en welke bedrijven van naam en faam zitten er ook. Die optelsom zie je bijvoorbeeld bij Centraal Station in Rotterdam. De vraag naar kantoorruimte richt zich vooral op dit soort gebieden. Consequentie: als veel verouderde, leegstaande kantoren niet worden omgebouwd of gesloopt, de leegstand onveranderd hoog zal blijven.’

Manon Moonen

Het meest gewild zijn moderne kantoren dichtbij grote stations en de binnenstad. Die hebben uitstraling en liggen in een omgeving met wonen, werken en voorzieningen. Voorwaarde is wel dat deze kantoren ook goed bereikbaar zijn met de auto en openbaar vervoer.’ ‘Verder kan de afstemming tussen de regio’s in onze provincie veel beter. Nu weet stad X weinig van het kantorenbeleid van stad Y en dat is natuurlijk niet handig. Wij als provincie willen stimuleren dat ze hun plannen beter op elkaar afstemmen.’ ‘Daar komt bij dat plannenmakers hebben vaak niet scherp genoeg voor ogen hebben welke doelgroep ze eigenlijk willen hebben in Profiel hun kantorengebied. Hierdoor vissen ze alleManon Moonen, beleidsmedewerker Kantoren, maal in dezelfde vijver. Het zou beter zijn als is nauw betrokken bij het opstellen van de ze elk een duidelijk profiel hebben, zodat ze nieuwe provinciale aanpak. Zij ziet een aantal elkaar juist mooi aanvullen.’ forse hobbels. ‘Dat begint al bij de afstemming tussen vraag en aanbod, zoals Stec die consta- Rondom het station teert. Niet alleen wat kwantiteit betreft, maar Met alleen afstemming tussen projectontwikdus vooral de kwaliteit. Er is bijvoorbeeld veel kelaars, beleggers, gemeenten en regionale aanbod van kantoren op plekken die niet samenwerkingsverbanden zijn we er nog niet meer de kwaliteit hebben die de markt wil. volgens Moonen. Het kantorenbeleid moet ook

Grafiek 2 |

Aanbod nieuwbouwprogrammering van kantorenlocaties naar type locatie in Zuid-Holland, 2020

Grootstedelijke toplocaties Binnenstedelijke centrumlocatie Randstedelijke OV-knooppunten Regionale OV-knooppunten Snelweglocaties Kantoorlocaties op bedrijventerreinen Kantoorlocaties in woonwijken

20%

3% 18%

24%

19%

9%
Bron: STEC Groep, analyse kantorenmarkt Zuid-Holland

8%

BedrijvigBeleid | 18

passen binnen bredere langetermijnplannen. ‘Bijvoorbeeld de Stedenbaan, een programma waarin we regionale treinverbindingen in Zuid-Holland flink gaan verbeteren en de gebieden rondom de betrokken stations veel meer gaan gebruiken voor allerlei functies. Daarin passen moderne, goed bereikbare kantoren natuurlijk prima.’ Wat is de status van het provinciale kantorenbeleid op dit moment? Moonen: ‘De gemeenten en regio’s geven binnenkort hun reactie op het onderzoeksrapport van Stec.’ Als de reacties bekeken zijn volgt er overleg met elke afzonderlijke regio, eerst ambtelijk en dan bestuurlijk. ‘Liefst nog eind 2006 willen we een bondige beleidsnotitie uitbrengen waarin we aangeven waar we naar toe gaan met ons provinciale kantorenbeleid. Die notitie zou dan mooi de basis kunnen zijn voor het meerjarenprogramma van het nieuwe college, dat gekozen wordt na de provinciale verkiezingen in maart 2007. Je ziet, je bent zo een paar maanden verder, maar we moeten er vaart achter zetten want de problematiek is ernstig en actueel.’

De Zuid-Hollandse kantorenmarkt. Wat is jouw type?
Welk kantoortype • Toplocatie • Binnenstedelijke centrumlocatie • Randstedelijk OV-knooppunt • Regionaal OV-knooppunt • Snelweglocatie • Op bedrijventerrein • In woonwijken Waar (onder andere) Rondom Den Haag CS en Rotterdam CS Kop van Zuid, diverse dorpskernen Rotterdam Alexander, Rijswijk Plaspoelpolder Zoetermeer Centrum, Delft Zuid Goudse Poort, Forepark, Rotterdam Airport Ypenburg West, Leiden Noord Vele woonwijken in diverse steden.

Meer informatie is te vinden op de website van de provincie Zuid-Holland, inclusief het rapport van de Stec Groep. Kijk op: www.pzh.nl/thema/economie_en_werk/decor/kiezenvoorkwaliteit.jsp

Grafiek 3 |

Totale vraag en aanbod nieuwbouwprogrammering van kantoorlocaties in Zuid-Holland, 2010 en 2020

x 1000 m2 bruto vloer oppervlak (BVO)

3500 3000

BAROMETER

2500 2000 1500 1000 500 0

2010
Vraag Nieuwbouw programma

2020

Bron: STEC Groep, analyse kantorenmarkt Zuid-Holland

19 | BedrijvigBeleid

Terughoudend, zo kan het nieuwe provinciebeleid voor de detailhandel omschreven worden. Dynamiek in de detailhandel moet volgens de provincie zoveel mogelijk binnen het bestaande winkelaanbod plaatsvinden. De vestiging van nieuwe, regionale winkelcentra wordt dan ook niet gesteund, voornamelijk omdat grootschalige centra de fijnmazige winkelstructuur van de provincie kunnen ontwrichten. Tegelijk staat de provincie beleidsverantwoordelijkheid af. Winkelcentra met een oppervlakte tot tweeduizend vierkante meter vallen voortaan onder de verantwoording van de gemeenten. Voorheen lag de grens bij duizend vierkante meter.

Nieuwe plannen voor provinciale detailhandel

Maakt de provincie de goede keuzes?
Onlangs stelde de provincie een nieuwe Structuurvisie Detailhandel vast. Hierin staat beschreven hoe Zuid-Holland in de komende jaren ontwikkelingen in de detailhandel wil sturen. De belangrijkste conclusies? De provincie wil een actieve regie voeren over belangrijke regionale ontwikkelingen, maar tegelijk gemeenten meer verantwoordelijkheid geven voor lokale winkelcentra. Wat vinden marktpartijen hiervan?
Frans Visser, ruimtelijk adviseur Hoofdbedrijfschap Detailhandel: ‘De kern van de Structuurvisie is volgens mij het beschermen van het winkelaanbod in binnensteden en wijken, door uitbreiding in perifere gebieden te beperken. Ik ben blij dat de provincie hier veel werk van maakt. Gemeenten staan onder constante druk van projectontwikkelaars om toestemming te geven voor het bouwen van nieuwe centra, voornamelijk aan de rand van gemeenten. Absoluut gezien blijft er altijd een markt voor winkels in de binnensteden, maar ze verliezen wel marktaandeel aan de perifere winkelgebieden. Dat de provincie de verantwoordelijkheid voor centra tot tweeduizend vierkante meter bij gemeenten legt, is volgens mij een manier om hoofdzaken van bijzaken te scheiden. De provincie gaat uiteindelijk over de regionale invloed van winkels. Bovendien was de oude norm uit de tijd, vanwege de schaalvergroting van winkels.’ Gerrit Sluiskes, adviseur locatiebeleid bij MKB-Nederland: ‘De provincie voert al bijna twintig jaar een actief detailhandelbeleid en wat ons betreft heeft Zuid-Holland een voorbeeldfunctie voor andere provincies en voor gemeenten. Twee jaar geleden nog was ik op verzoek van Asje van Dijk op een expertmeeting. De mening over dit provinciebeleid was eigenlijk unaniem positief: het beleid zou in grote lijnen gecontinueerd kunnen worden. Deze structuurvisie zie ik als een aanpassing aan de eisen van de tijd en aan de voorwaarden die de Nota Ruimte stelt. Dat de provincie een actief beschermingsbeleid voert ten aanzien van de binnensteden vind ik een goede zaak. Ons schrikbeeld is de situatie in Frankrijk, waar hypermarché’s de winkels in de binnenstad de nek om hebben gedraaid. Dankzij het tot dusver gevoerde beleid is een dergelijke dreiging niet reëel.’

STELLING

Herman Loykens, oprichter en directieadviseur van Retail Management Center: ‘Een provinciebeleid voor perifere winkelgebieden is absoluut noodzakelijk. Een stad zonder “werkende” binnenstad is namelijk niks, en als het aan de gemeenten ligt, worden er ongebreideld perifere winkelgebieden aangelegd. In de nieuwe Structuurvisie wordt de indruk gewekt dat de provincie zich terugtrekt en meer macht aan de gemeenten geeft, maar volgens mij is dat slechts wisselgeld. Zodra het gaat om de perifere gebieden, wil de provincie alles kunnen bepalen. Omdat veel gemeenten volgens mij lijden aan een gebrek aan bestuurlijke kwaliteit, vind ik dat een goede zaak.’

BedrijvigBeleid | 20