38 | DiEnstvErlEning / parkmanagement > beleid

bedrijventerrein november 2007

Het strategisch niveau

Het managen van belangen
Romy Jochems beeld Walter van Kalsbeek

Een goede samenwerking tussen het bedrijfsleven, de gemeente en andere overheden is belangrijk voor de kwaliteit van een bedrijventerrein. Want pas als de juiste mensen op de juiste plek zitten, bereik je positieve effecten op de lange termijn. Maar wie zijn die juiste mensen? Wat betekent voor hen kwaliteitswinst, en hoe krijg je hen op de juiste plek? Verschillende deskundigen aan het woord. Anke Mariën is beleidsadviseur voor Bedrijventerreinen en Milieu bij de Kamer van Koophandel (Oost)-Brabant (vestiging Eindhoven). Volgens haar zouden ondernemers en gemeente veel meer moeten en kúnnen samenwerken. Maar tussen overheid en bedrijfsleven wil het nog wel eens botsen, Casus 1: de rietvelden-de Vutter in ’s-Hertogenbosch ‘Dezelfde belangen’
Hans Bierens, van 1996 tot 2007 projectmanager en directeur van de ondernemersvereniging Samenwerkingsverband RIVU en betrokken bij de revitalisering van bedrijventerrein de Rietvelden-de Vutter: ‘de Rietvelden is een oud en gemengd bedrijventerrein, waar herstructurering relevant werd. de overtuiging dat het terrein écht moest worden aangepakt, vormde de eerste noodzaak voor gemeente en bedrijfsleven om met elkaar om tafel te gaan. Veel agendapunten, zoals groenbeheer, parkeren en bewegwijzering, bleken op gemeentelijk en bedrijventerreinniveau in elkaar te grijpen. dus toen eenmaal het eerste contact was gelegd en het bedrijfsleven zag dat de gemeente hun wensen serieus nam, ontstond er iets positiefs. en dat sloeg aan tot op het niveau van de ez-Rijksnota Milieu en economie. een ander gemeenschappelijk belang betrof het ontbreken van een goed crisisbeheersingsmodel. Samen met de brandweer

dat weet iedereen. Welke rol kan parkmanagement hier in spelen? Mariën: ‘Ook zónder parkmanagement wordt een bedrijventerrein gemanaged. De afweging parkmanagement als middel in te zetten is puur economisch: de samenwerking moet meer opleveren dan het kost, maar die “winst” kan voor alle betrokkenen anders zijn, afhankelijk van de belangen. Het gaat erom dat je goed kijkt en luistert. Ontdek wie er waar belang heeft. Betrek ondernemers vanaf het eerste begin. En leer elkaar stap voor stap kennen. Daarbij is het belangrijk om het profiel van een bedrijventerrein te analyseren. Vooral als je de problemen structureel wilt aanpakken. Op een industrieel terrein, bijvoorbeeld, hebben ondernemers niet zo zeer belang bij een aantrekkelijke uitstraling, maar veeleer bij geluidsruimte, risicocontouren en bereikbaarheid. Daarvoor
en de afdeling Milieu werken we tot op heden aan de verdere opschaling van het toen opgestelde model. de bij aanvang opgerichte werkgroepen zijn inmiddels geëvolueerd tot gethematiseerde projectgroepen waarin, naast vertegenwoordigers van de gemeente, relevante specialisten vanuit de bedrijven deelnemen. de samenstelling van een groep kan per onderwerp – ruimtelijke ordening, beveiliging – verschillen. zo krijg je de juiste persoon op de juiste plek. en dat bevordert kennis- en informatie-uitwisseling én creëert betrokkenheid, want bedrijven denken vanaf het allereerste moment mee. dit leidt tot een afname van ergernissen, meer begrip wederzijds en procedurele tijdbesparing. Maar: er móet eerst een vertrouwensbasis zijn. die ontstaat vaak bij de eerste stap: het opknappen van de infrastructuur door de gemeente. Vervolgens zien gemeente en bedrijfsleven belang in goede samenwerking en dan kan je écht verder kijken. Want we willen allemaal de kwaliteit van het bedrijventerrein hoog houden.’

bedrijventerrein | 39

Quickscan Parkmanagement kan de kwaliteit van een bedrijventerrein tot grote hoogte stuwen. Maar daarvoor geldt wel een aantal voorwaarden. Zo moeten overheden en ondernemers goed samenwerken. Om elkaar te vertrouwen, moet je ook elkaars belangen kennen.

hebben ze de gemeente nodig én kan de gemeente profiteren van de kennis en ervaring van de ondernemers.’ Bedrijventerreinen hebben dus geen eenduidig belang bij parkmanagement. Hoe zit dit bij de gemeenten? ‘Dat is ook niet eenduidig. Het hoofd Groenbeheer heeft belang bij efficiënt gebruik van budget en menskracht; de economische afdeling is geïnteresseerd in meer werkgelegenheid en een goede concurrentiepositie, terwijl de afdeling Milieu de risico- en geluidscontouren wil beheersen. Parkmanagement moet een positief verlengstuk zijn van het eigen instrumentarium. Want het wordt pas verankerd als er voordeel is.’ een goede samenwerking tussen de gemeente en de ondernemers op een bedrijventerrein lijkt dus vanzelfsprekend, maar lukt vaak niet goed. waarom niet? ‘Het gebeurt regelmatig dat er bij de aanvang van een project niet goed naar het profiel van een terrein wordt gekeken. In het verlengde daarvan wordt vaak de wethouder of directeur gevraagd of zij willen deelnemen. Maar zij zijn niet per se diegenen met de belangen of uitvoeringsinstrumenten.’ en diegenen zijn niet gemakkelijk te betrekken? ‘Moeilijke terreinen zijn bijvoorbeeld terreinen waar én hele grote én hele kleine bedrijven zitten. Zij hebben verschillende belangen waar het bijvoorbeeld de opstart van gezamenlijke inkoop betreft. De kleintjes hebben überhaupt weinig belang bij inkoop dankzij hun volume, en de grotere zijn gebonden aan afspraken van het moederbedrijf. De bedrijven daar

Casus 2: Overkoepelend parkmanagement in Bergen op Zoom ‘Het cultuurverschil’
Klaas Hielkema, onafhankelijk voorzitter overkoepelende Stichting Parkmanagement, waarin ook de wethouder van ez, brandweer, politie en de voorzitters van de ondernemersverenigingen TnP, LMM en oVoM deelnemen: ‘de moeilijke bereikbaarheid over en weer vormde hier de zogenaamde gemeenschappelijke vijand. daarbij was er aan beide kanten behoefte om de bedrijventerreinen aantrekkelijker te maken. dat moet je ook zien in de context van economische groei, die hier wordt gestimuleerd door de realisatie van een outlet in de regio, een college van “doeners” en vooral de op handen zijnde aanleg van de A4 tussen Rotterdam en Antwerpen. Hierin vinden alle participanten hun gemeenschappelijk belang. er zijn dus voorwaarden aanwezig die de noodzaak voor én de kans op succesvolle samenwerking verhogen. Vertrouwen is het grote toverwoord, maar dat komt te voet en gaat te paard. Als voorzitter, ik noem mezelf ook wel het oliemannetje, moet je het vertrouwen bewaken. de spanningen die er zijn, moet je deels accepteren, want op een stadskantoor denkt men nu eenmaal anders dan in een bedrijfsdirectie. Praten is de oplossing, ook over de vooroordelen. die beeldvorming van enerzijds de gemeente als zijnde streng, bureaucratisch en fanatiek, en anderzijds de ondernemers als zijnde potentiële fraudeurs, ja, die bestaat. Maar als de drempel om elkaar te leren kennen eenmaal wordt genomen, dan merk je dat dat beeld verdwijnt. Schouwrondes zijn hiertoe een uitstekend middel. Vooral op uitvoerend niveau plukken we de vruchten. de zaken die men rapporteert, zijn vaak bij een volgende ronde aangepakt. een stoeptegel recht gelegd, een brandmelder tevoorschijn gehaald. dat kan omdat de lijnen korter zijn, en dat werkt stimulerend.’

40 | DiEnstvErlEning / parkmanagement > beleid

bedrijventerrein november 2007

FACtS & FigUreS
Meer info >> Samenwerkingsverband riVU, ’s-Hertogenbosch www.rivu.nl >> Stichting parkmanagement, Bergen op Zoom via www.bergenopzoom. nl/bedrijvigheid/ bedrijventerreinen >> Coöperatie parkmanagement, Boxtel www. parkmanagementboxtel.nl

tussen in zouden eventueel kunnen overstappen, mits zij genoeg vertrouwen hebben, en het voor hen gemakkelijk en veilig wordt gemaakt. Daar moet je dus veel moeite voor doen en dat kost tijd, energie, geld. Goede procesondersteuning is hierbij essentieel, zodat degenen die hun nek uitsteken niet zelf de postzegels staan te plakken, maar hun ervaring, contacten en visie kunnen inzetten. Optimaal parkmanagement heeft dus iets te bieden voor alle categorieën bedrijven en voor alle gemeentelijke afdelingen.’ duurzaam parkmanagement floreert bij kennisdeling. Hoe stimuleer je zoiets? ‘Dat kan klein beginnen. Bijvoorbeeld door af te spreken dat je eens per half jaar een gezamenlijke schouwronde doet. Ondernemers en ambtenaren wandelen dan zij aan zij over het terrein, door de straten, en benoemen wat er zou moeten gebeuren. Zo leren ze elkaar kennen. De ondernemer hoort waar de ambtenaar tegen aanloopt en de ambtenaar leert dat de ondernemer heus niet enkel op snel winstbejag is belust. Die beeldvorming in de kiem smoren, dat is feitelijk stap één. Daarna, als je wat stappen verder bent, en bij elkaar aan tafel zit, dan moeten er direct afspraken worden gemaakt over waar wiens verantwoordelijkheid ligt. Het hebben van een “gemeenschappelijke vijand” helpt daarbij.’ wat levert duurzaam parkmanagement de gemeente al met al op? ‘Veel. De inspraakprocedures worden verkort, er wordt meer gebiedsgericht gekeken, de gemeente verkrijgt de juiste actuele kennis en – misschien wel het allerbelangrijkst – ze weet te bereiken wat met de eigen instrumenten niet zou kunnen. Maar dit succes kent voorwaarden. De gemeente moet zich realiseren dat ondernemers waardevolle kennis en ervaring hebben, maar dat een juiste procesbegeleiding noodzakelijk is om het te ontsluiten. Voor ondernemers komt het er immers bij, ze runnen primair hun bedrijf.’

Casus 3: de Coöperatie parkmanagement in Boxtel ‘De aanwezige krachten’
Hans van dooremalen, afkomstig uit het bedrijfsleven, voert samen met de ambtelijke bedrijfscontactfunctionaris het dagelijks bestuur van de Coöperatie Parkmanagement: ‘Samen met de bedrijfscontactfunctionaris bewaak ik in de eerste plaats op strategisch niveau het reilen en zeilen op het bedrijventerrein. We kozen daarbij voor een model dat specifiek is voor de situatie hier in Boxtel. daar komt uit voort dat we actieve stichtingen hebben op het gebied van veiligheid en personeel, het PdC, opgericht door de aanwezige krachten in het veld. daardoor hebben we een groot draagvlak en dat is een belangrijke voorwaarde, want bedrijven moeten bereid zijn om tijd en mensen ter beschikking te stellen. In Boxtel is de gemeente bovendien voor vijftig procent eigenaar van de coöperatie, en dat vergroot het belang. nu de revitalisering echt noodzakelijk wordt, heeft de gemeente zelf de ondernemers gevraagd deel te nemen in een werkgroep. Kijk, dat is nu een duurzame benadering, echt ons beste resultaat. Het biedt kans om als ondernemers input te geven aan gemeentelijk beleid. Het grootste voordeel dat we daaruit halen is misschien wel dat je als ondernemers de ambtelijke werkwijze van binnen uit leert kennen. die is inderdaad zo bureaucratisch als nodig, maar je leert tenminste hoe de procedures lopen. en daar doe je je voordeel mee. Het bedrijfsleven zou de gemeente beter in de gaten moeten houden en kansen moeten herkennen. Het is een risico dat “de politiek” een andere weg bewandelt dan gepland, maar dat risico verklein je enkel door goede basisplannen. gemeente en ondernemers spreken nu eenmaal een andere taal. en er heersen vooroordelen, die niet zomaar zijn te overbruggen. Maar als beide zijden willen, én de noodzaak voelen, kom je een heel eind.’

Sign up to vote on this title
UsefulNot useful