Gemeenten op weg naar Lansingerland

Door EDWIN CORNELISSE

B-DRIEHOEK - Politici in de B-driehoek mogen er blij mee zijn: eindelijk een onderwerp op de politieke agenda dat de bevolking in alle drie de dorpen op de been brengt.

De fusie per 1 januari van Bleiswijk, Bergschenhoek en Berkel en Rodenrijs is over twee maanden een feit. En over ruim twee weken mogen de inwoners van de drie dorpen een beslissende stap zetten in de toekomst van fusiegemeente Lansingerland. De weg ernaar toe is moeizaam geweest. Vergeleken met voorgaande fusies elders in het land waren de drie dorpen in de B-driehoek dan ook zeker geen middenmoters. Integendeel. De massale politieke betrokkenheid van de burgerij werd vaak beloond met boeiende vergaderingen. Soms zelfs met politiek theater van de bovenste plank. Zo sneuvelde het college in Bleiswijk op de fusie, kreeg de gemeenteraad daar een beetje spijt van en mochten burgemeester en wethouders daarom een paar weken later weer terugkomen. De fusie zorgde ook voor een opleving van het dorpsgevoel. Tegenstanders van de fusie - en die waren er in het begin legio - roemden het unieke karakter van de drie dorpen. Kleinschalig, vriendelijk, niet zo jachtig, nog met een menselijke maat, iedereen kent elkaar, veilig, groen. De argumenten waren talrijk en kwamen vaak recht vanuit het hart. Opvallend hierin was dat in de drie dorpen dezelfde argumenten voor het behoud van het eigen dorp werden aangedragen. En ook de conclusies waren gelijkluidend: het eigen dorpskarakter was onverenigbaar met dat van de andere twee beoogde fusiekandidaten. Deze houding is ongetwijfeld gevoed door de historie. Tussen Bergschenhoek en Berkel en Rodenrijs heerst nog steeds een onderhuidse rivaliteit die in sommige gevallen is terug te voeren op kerkstromingen. En Bleiswijkers moeten eigenlijk van beide andere gemeenten

niets hebben. De twee dorpen zijn voor veel inwoners van het kleinste dorp in de B-driehoek een voorbeeld hoe een plaats elke menselijke maat verliest als het explosief groeit. Het leek lange tijd onbegonnen werk om de drie dorpen in het bestuurlijk huwelijksbootje te krijgen. Instappers werden soms uitstappers. En andersom. Dat het bootje inmiddels vaart mét de drie trouwlustigen aan boord mag als een verdienste worden beschouwd van de kwartiermakers van de fusie. Het dreigement van de provincie (of de drie gemeenten fuseren zelf met alle vrijheid en naar eigen inzicht, of de provincie regelt het met alle gevolgen van dien) heeft waarschijnlijk bijgedragen aan het positief eindresultaat. Ellende verbroedert. Op 22 november zal blijken of de fusie wordt beloond met het vertrouwen van de bevolking. Dan kiezen de inwoners van de drie dorpen een nieuwe gemeenteraad. Als de bestaande partijen en voorstanders van de fusie (CDA, CU, VVD, PvdA, Leefbaar 3B) het merendeel van de stemmen binnenhalen, zit het wel goed met dat vertrouwen. Als fusietegenstanders en nieuwkomers (Partij tot behoud Huis de Haas, Fortuyn, Nieuw Rechts) het electoraat voor zich weten te winnen, raakt Lansingerland meteen verzeild in een merkwaardige situatie. De fusiegemeente krijgt dan een gemeenteraad die voor een groot deel bestaat uit raadsleden die tegen de fusie zijn. Dat heeft een voordeel: de Lansingerlanders zullen worden getrakteerd op politiek spektakel.
Algemeen Dagblad, 9 november 2006