nipo het marktonderzoekinstituut Postbus 247 1000 ae Amsterdam Grote Bickersstraat 74 Telefoon (020) 522 54 44 Fax (020) 522

53 33 E-mail info@nipo.nl Internet http://www.nipo.nl

Handboek

Monitor Bedrijven en Instellingen 2002

ir. J. Visser, drs. R. Frederikse, drs. E. Hermans

Z1296 | 1 augustus 2002

Alle in dit document vermelde gegevens zijn strikt vertrouwelijk. Publicatie en inzage aan derden, geheel of gedeeltelijk, is zonder toestemming van het nipo beslist niet toegestaan. © nipo Amsterdam | iso 9001_rapned.dot

Inhoud
Inleiding 1 1.1 1.2 1.2.1 1.3 1.3.1 1.4 2 2.1 2.1.1 2.1.2 2.1.3 2.2 2.2.1 2.2.2 3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.4.1 3.4.2 4 5 5.1 5.2 5.2.1 5.3 5.4 6 6.1 6.2 6.3 Opbouw en samenstelling van de steekproeven De onderzochte sectoren Samenstelling van de steekproef De populatie-exercitie Disproportionele stratificatie Steekproefontwerp per sector Weging van de resultaten De vragenlijst Ontwikkeling van de vragenlijst Desk research Expert-interviews Pilotsessie Modulaire opzet Basismodule Sector-specifieke vragen Het veldwerk Gebruikte methode van datacollectie Selectie en benadering van respondenten Aankondigingsbrief Uitvoering van het veldwerk Onderzoekslooptijd Gemiddelde gespreksduur Respons Methodologische verantwoording De gebruikte toets Gepresenteerde cijfers Berekening van de totaalschattingen Statistische marges Een aantal rekenvoorbeelden Rapportage Beschrijvend rapport Handboek Databestand Bijlagen Overzicht indeling van branches binnen sectoren 1 3 3 3 4 5 6 7 8 8 8 8 8 8 9 9 10 10 10 10 11 11 11 12 17 17 17 17 18 18 20 20 21 21

1

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Amsterdam | 1 augustus 2002

2 3 4 5 6

Populatie- en steekproefaantallen Lijst van experts Samenstelling Begeleidingscommissie Vragenlijst Aankondigingsbrief

Inhoud figuren en tabellen 1 2 3 4 5 6 7 8 9 Aantal wegingsfactoren per sector (voorbeeld) Gemiddelde gespreksduur Respons en non-respons Netto respons per sector Meldingsgedrag respondenten en weigeraars naar sector Meldingsgedrag respondenten en weigeraars naar bedrijfsgrootte Formules voor het vaststellen van de statistische marges Populatie aantallen naar grootteklasse (wp staat voor werkzame personen) Steekproef aantallen per sector 7 11 13 14 15 15 18 25 26

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Amsterdam | 1 augustus 2002

Inleiding
Informatie voor beleid op het gebied van criminaliteitsbeheersing De intensiteit, de aard en ook de kwaliteit van de inspanningen op het gebied van veiligheidszorg en criminaliteitsbeheersing zijn in de afgelopen twee decennia ingrijpend veranderd. Het accent in de veiligheidszorg en criminaliteitsbeheersing lag aanvankelijk vooral op het publieke domein en de individuele burger als slachtoffer. De afgelopen jaren is ook in het bedrijfsleven het besef gegroeid dat criminaliteit en onveiligheid een bedreiging vormen voor een gezonde bedrijfsvoering. Ook zijn ondernemers er meer en meer van doordrongen geraakt dat zij ook zelf een verantwoordelijkheid hebben bij de aanpak daarvan. Overheid en bedrijfsleven slaan nu steeds vaker de handen ineen om een gezamenlijke aanpak van criminaliteit en onveiligheid te ontwikkelen. Om te weten waar dit beleid zich op zou moeten richten, is veel informatie nodig over de huidige criminaliteits- en veiligheidssituatie van bedrijven en instellingen. Ontwikkeling van de Monitor Bedrijven en Instellingen In opdracht van de ministeries van Justitie en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is twee jaar terug een pilot gehouden van de ‘Monitor Bedrijven en Instellingen’ (MBI) in drie sectoren. Deze pilot is uitgevoerd door NIPO Consult in samenwerking met onderzoeks- en adviesbureau ES&E. Middels deze pilot is een basisvragenlijst uitgewerkt en een onderzoeksopzet ontwikkeld. De ministeries van Justitie en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties zijn nu aangevangen met het periodiek uitvoeren van de monitor. Dit jaar heeft de eerste meting plaatsgevonden onder bedrijven en instellingen in de elf sectoren van het Nederlandse bedrijfsleven en de Nederlandse publieke sfeer. De elf sectoren zijn: • • • • • • • • • • • Landbouw, jacht en bosbouw, visserij; Industrie; Bouwnijverheid; Detailhandel en autoreparatie; Groothandel; Horeca; Vervoer, opslag en communicatie; Financiële instellingen en zakelijke dienstverlening; Openbaar bestuur en onderwijs; Gezondheids- en welzijnszorg; Cultuur, recreatie en overige dienstverlening.

Met behulp van de Monitor Bedrijven en Instellingen dient een betrouwbaar beeld te ontstaan van status en trends in de criminaliteits- en veiligheidssituatie, de praktijk van de veiligheidszorg in alle sectoren in Nederland en de rol die de politie daarbij speelt.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |1

De meting van 2002 is een nulmeting. Dit betekent dat de resultaten in de loop der jaren, wanneer de monitor vaker zal zijn uitgevoerd, meer reliëf krijgen door de mogelijkheid trends te kunnen vaststellen. Gebruikers Naast de Ministeries van Justitie en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is er een aantal partijen die belang hebben bij de resultaten van de MBI: • bedrijven, instellingen en koepelorganisaties: de MBI biedt zicht op de criminaliteitsproblemen in de eigen sector, een overzicht van de eigen inspanningen en die van de politie. Daarnaast kan de MBI bedrijven en instellingen mobiliseren voor een gezamenlijke aanpak van veiligheidsproblemen; • politiekorpsen: de ontwikkeling en implementatie van de MBI is een actiepunt in het Beleidsplan Nederlandse politie; • gemeenten: gemeenten vervullen een belangrijke rol bij de handhaving van veiligheid. Zij zijn bovendien vaak nauw verbonden met non-profit organisaties en spelen een belangrijke rol als locatiehouder voor bedrijven; • andere ministeries: op departementaal niveau biedt de monitor beleidsinformatie, zowel over de ontwikkeling van criminaliteit als over de inspanningen van de politiekorpsen en van bedrijven en instellingen. Het handboek Het belangrijkste doel van de MBI is het verschaffen van een betrouwbaar beeld van de criminaliteitssituatie bij bedrijven en instellingen. Daarnaast willen de ministeries andere partijen stimuleren om activiteiten te ontplooien op het gebied van criminaliteitspreventie. Het uitvoeren van aanvullend onderzoek op dit terrein kan hierbij behulpzaam zijn. De gebruikte methodiek van de MBI kan als hulpmiddel dienen bij de opzet van onderzoek. Om deze reden geven wij in dit handboek een uitgebreide beschrijving van de door ons uitgevoerde werkzaamheden.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |2

1

Opbouw en samenstelling van de steekproeven

1.1

De onderzochte sectoren

De onderstaande elf sectoren zijn in het onderzoek betrokken: • • • • • • • • • • • Landbouw, jacht en bosbouw, visserij; Industrie; Bouwnijverheid; Detailhandel en autoreparatie; Groothandel; Horeca; Vervoer, opslag en communicatie; Financiële instellingen en zakelijke dienstverlening; Openbaar bestuur en onderwijs; Gezondheids- en welzijnszorg; Cultuur, recreatie en overige dienstverlening.

In bijlage 1 staat een overzicht van de branches die wij binnen elke sector hebben onderscheiden. Daarbij zijn wij onder meer uitgegaan van de Business Monitor van het NIPO. Bij de indeling van de sectoren en branches hebben de volgende criteria een rol gespeeld: • Omvang van de branche (uitgedrukt in aantal vestigingen) • Mate waarin branches bij elkaar passen, qua: Ø Aard van de werkzaamheden; Ø Mogelijke bedrijfslocatie;

1.2

Samenstelling van de steekproef

Op basis van de steekproefuitkomsten moeten valide uitspraken kunnen worden gedaan over afzonderlijke sectoren, en binnen een bepaalde sector over de verschillende branches, regio’s en bedrijfsgrootten waaruit de sector is opgebouwd. Om een steekproef te kunnen samenstellen, op basis waarvan valide uitspraken over een gehele sector gedaan kunnen worden, is inzicht nodig in de opbouw van deze sector. Er zijn in Nederland geen bestanden voorhanden met exacte gegevens over de omvang en samenstelling van de markt voor bedrijven en instellingen, die kunnen worden gebruikt om een adequate steekproef te trekken. Beschikbare bestanden, waaronder het Handelsregister, het Landelijk Informatie Systeem voor Arbeidsplaatsen en vestigingen (LISA) en bestanden van commerciële adressenleveranciers, zijn voor andere doeleinden aangelegd dan het verrichten van

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |3

onderzoek en daardoor vaak onvolledig en vervuild met achterhaalde en onjuiste gegevens. Dit is voor het NIPO aanleiding geweest om in 1984 te starten met de Business Monitor. De Business Monitor is een grootschalig telefonisch onderzoek waarvoor jaarlijks van 20.000 bedrijfsvestigingen een groot aantal bedrijfseconomische gegevens wordt vastgelegd (waaronder: omzet, bedrijfsresultaat, personeelsomvang en personeelsontwikkelingen, et cetera). De informatie uit de Business Monitor gebruikt het NIPO om voor bedrijven in de diverse sectoren van het bedrijfsleven bestaanskansen te bepalen. Met deze bestaanskansen berekent het NIPO in opdracht van onder andere het ministerie van Economische Zaken de werkelijke omvang en samenstelling van het Nederlandse bedrijfsleven. Het resultaat van deze ‘populatie exercitie’ wordt in brede kring beschouwd als de meest adequate beschrijving van het Nederlandse bedrijfsleven en behalve door verschillende ministeries gebruikt door onder andere KPN Telecom, Rabobank, ABN Amro en de grote verzekeraars. 1.2.1 De populatie-exercitie In de Business Monitor worden bij de populatieschatting de volgende stappen gezet: • schatting van de bestaanskansen; • berekening populatie. Schatting van de bestaanskansen Om de omvang van de populatie te kunnen inschatten wordt vastgesteld of op het adres van inschrijving inderdaad sprake is van economische activiteiten. Bedrijven die aan Business Monitor meewerken en voldoen aan de criteria bestaan uiteraard. Voor bedrijven en instellingen waar geen gesprek tot stand is gekomen ligt dat anders. Deze adressen worden in een aantal groepen verdeeld: Non-respons waaruit met zekerheid het wel dan niet bestaan kan worden afgeleid: Bestaande bedrijven: • weigeringen; • respondent afwezig; • geen toestemming hoofdkantoor. Niet-bestaande bedrijven: • bedrijf opgeheven; • slapende BV.

Non-respons waaruit niet met zekerheid het wel dan niet bestaan kan worden vastgesteld: Inschrijvingen die niet zijn bereikt: • informatietoon; • telefoonnummer onjuist; • bedrijf niet op adres.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |4

Van de inschrijvingen die niet zijn bereikt wordt via diverse ingangen (naam bedrijf, vestigingsadres) naar het juiste telefoonnummer gezocht en door middel van een telefonische controle vastgesteld of achter de inschrijving een economisch actief bedrijf of instelling schuilgaat. Op basis van deze controle worden voor iedere combinatie van branche en grootteklasse bestaanskansen uitgerekend. Berekening van de populatie De gevonden bestaanskansen worden vervolgens gebruikt in een aantal rekenkundige bewerkingen, die tot de uiteindelijke populatieschatting leiden. Die rekenkundige bewerkingen kunnen in de volgende stappen worden onderverdeeld: 1. De steekproef wordt gewogen naar het aantal inschrijvingen op basis van de oorspronkelijke KvK-gegevens van branche en grootteklasse (input). 2. Door vermenigvuldiging met bestaanskansen wordt een gecorrigeerde populatie verkregen. 3. Beoordeling onwaarschijnlijke verschuivingen. Van alle inschrijvingen die van activiteit zijn veranderd en / of waar een afwijking van 3 of meer grootteklassen wordt geconstateerd (extreme groei, krimp), wordt vastgesteld of op hetzelfde adres meer inschrijvingen zijn geregistreerd. Blijkt de geregistreerde activiteit / grootteklasse bij een andere inschrijving te horen, wordt het oorspronkelijke steekproefadres vervangen door de andere inschrijving. 4. Vervolgens vindt een correctie plaats voor het aantal inschrijvingen en wordt, op basis van de in werkelijkheid geregistreerde omvang en activiteit (output), opnieuw een tabel geproduceerd waarin grootteklasse (werkzame personen) en branche tegen elkaar zijn uitgezet. Dit levert de uiteindelijke populatie-tabel op. 5. Voor categorieën die (ook na corrigerende maatregelen tijdens het veldwerk) niet of niet in voldoende mate in de steekproef zijn vertegenwoordigd, vindt een correctie plaats door in de populatie-tabel een aantal virtuele elementen op te nemen. Het aantal virtuele elementen is primair gebaseerd op het aantal inschrijvingen bij de Kamer van Koophandel in deze cellen. Secundair op andere informatiebronnen zoals het LISA-bestand, CBS etc. 6. Tot slot wordt het aantal vestigingen via een vaste afrondingsinstructie afgerond. Door het zetten van deze stappen ontstaat een betrouwbaar beeld van de daadwerkelijke omvang van de markt.

1.3

Disproportionele stratificatie

De structuur van de zakelijke markten wordt gekenmerkt door een scheve verdeling: er zijn heel veel kleine bedrijven en instellingen en relatief weinig grote ondernemingen. Ook de verdeling over sectoren en branches is ongelijkmatig. Om over de afzonderlijke sectoren, subbranches en regio’s betrouwbare en valide uitspraken te kunnen doen, is het nodig om disproportioneel te stratificeren. Disproportionele stratificatie houdt in dat, om voldoende waarnemingen te realiseren, gecorrigeerd wordt voor penetratiecijfers. Bepaalde categorieën

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |5

(bijvoorbeeld: grote ondernemingen) worden in de steekproef welbewust opgehoogd en in andere categorieën (bijvoorbeeld bedrijven met 1 werkzame persoon) worden, naar rato van het aantal bedrijven in de populatie, minder interviews gerealiseerd. In de analyse wordt hier uiteraard voor gecorrigeerd door te herwegen naar de werkelijke samenstelling van de populatie. Indien wij niet disproportioneel zouden stratificeren, zou dit tot gevolg hebben dat in een sector de meeste interviews plaatsvinden bij bedrijven of instellingen met vijf of minder medewerkers en slechts enkele interviews worden gehouden met bedrijven of instellingen met meer dan vijftig medewerkers. Voor betrouwbare analyses is het echter noodzakelijk voldoende waarnemingen per segment te hebben. 1.3.1 Steekproefontwerp per sector Het gewenste detail- en betrouwbaarheidsniveau wordt bereikt door een netto steekproef van in totaal 5.000 vestigingen. In bijlage 2 zijn tabellen opgenomen die de steekproeven voor de afzonderlijke sectoren bevatten. De tabellen tonen: 1) de populatie van de gehele sector; 2) de steekproef, gestratificeerd naar branche, grootteklasse en politieregio. De aantallen zijn, op drie sectoren na, samengesteld op basis van de populatiecijfers afkomstig uit de populatie-exercitie. De populatiecijfers van de sector Landbouw, jacht, bosbouw en visserij zijn afkomstig van het CBS. De gegevens van de sectoren openbaar bestuur en onderwijs en de gezondheids- en welzijnszorg zijn afkomstig uit het LISA-bestand.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |6

1.4

Weging van de resultaten

Om uitspraken naar sector, grootteklasse of regio te kunnen doen, is de steekproef disproportioneel gestratificeerd op sector, grootteklasse en regio. Dit heeft als consequentie dat in de analysefase een correctie nodig is voor de mate waarin bepaalde bedrijven of instellingen in de populatie voorkomen (herwegen). Pas na deze correctie is het mogelijk op basis van de MBI uitspraken te doen over criminaliteit (aantallen, bedragen) in de gehele sector of bepaalde delen (regio’s, branches, grootteklassen) van de sector. Om de herweging te kunnen uitvoeren en de steekproef-resultaten te kunnen projecteren op de gehele populatie, zijn betrouwbare cijfers over de omvang en samenstelling van de populatie nodig. De resultaten worden herwogen op basis van de populatiecijfers afkomstig uit de hierboven beschreven populatie-exercitie. De resultaten worden herwogen op drie dimensies tegelijkertijd: sector, grootteklasse en politieregio. De computer berekent wegingsfactoren die aan de resultaten worden toegekend, zodanig dat na weging de randtotalen op deze drie dimensies overeenkomen met de populatiecijfers uit de populatie-exercitie. Voor elke sector worden de bestaande categorieën per dimensie met elkaar gecombineerd. Voor iedere mogelijke combinatie (voor elke cel) wordt vervolgens een aparte wegingsfactor berekend. Als voorbeeld geven we in onderstaande tabel het aantal wegingsfactoren dat dit oplevert voor de sectoren bouwnijverheid en vervoer, opslag en communicatie.

1 | Aantal wegingsfactoren per sector (voorbeeld)

Sector

Combinaties

Aantal wegingsfactoren

Bouwnijverheid Vervoer, opslag en communicatie

5 grootteklassen x 25 politieregio’s x 5 branches 5 grootteklassen x 25 politieregio’s x 4 branches

625 500

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |7

2

De vragenlijst

2.1

Ontwikkeling van de vragenlijst

In 2000 is de basisvragenlijst voor de MBI ontwikkeld. Deze basisenquête is het startpunt geweest voor de ontwikkeling van de vragenlijst voor de MBI-meting in 2002. De basisvragenlijst is voor elke sector aangepast en waar nodig aangevuld om te voorzien in sectorspecifieke kenmerken. De middelen die zijn ingezet bij de ontwikkeling van de basis- en sectorspecifieke enquêtes zijn: deskresearch, expertinterviews en een pilotsessie. 2.1.1 Desk research Aan de hand van deskresearch is vastgesteld wat de belangrijkste ontwikkelingen zijn op het gebied van criminaliteitsbeheersing, preventie en veiligheid en aan welke sectorspecifieke issues aandacht besteed moet worden. Gebruikte bronnen voor het deskresearch zijn: literatuur, internet, en de expertise die binnen NIPO op het gebied van criminaliteit en veiligheid aanwezig is. 2.1.2 Expert-interviews Naast desk-research hebben wij voor het ontwikkelen van de sectorspecifieke aanpassingen sector- en criminaliteitsexperts geraadpleegd. Deze experts zijn veelal werkzaam bij een overkoepelende branche-organisatie en hebben daardoor een goed overzicht over de gehele sector. De experts hebben de basisvragenlijst bekeken en hun opmerkingen en suggesties voor sectorspecifieke aanpassingen gegeven. Een lijst met de namen van de geraadpleegde experts is opgenomen in de bijlagen. 2.1.3 Pilotsessie Voordat de vragenlijst het veld inging, is deze uitvoerig getest in een pilotsessie. Tijdens deze pilotsessie is de vragenlijst gecontroleerd op technische onvolkomenheden en is vastgesteld of de vragenlijst aansluit bij de belevingswereld van de respondent. Tevens is vastgesteld of de vragenlijst kan worden afgenomen binnen het maximum van 15 minuten vraagtijd. Dit blijkt voor alle alle sectoren het geval te zijn.

2.2

Modulaire opzet

Bij de vragenlijst is gebruik gemaakt van een modulaire opzet. De vragenlijst is verdeeld in verschillende vragenblokken die zijn verdeeld naar onderwerp. Een aantal vragenblokken is dusdanig relevant, dat deze blokken altijd moeten worden opgenomen in het onderzoek: de basisvragenlijst. Daarnaast is een aantal vragen opgenomen die specifiek zijn voor de sector. Dit zijn de sector-specifieke vragenblokken. De basisvragenlijst en een overzicht van de sectorspecifieke aspecten zijn opgenomen in de bijlagen. Alle gegevens worden verzameld op vestigingsniveau en hebben betrekking op de 12 maanden voorafgaand aan de veldwerkperiode.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |8

2.2.1 Basismodule De basisvragenlijst bestaat uit de volgende vraagblokken: 1. 2. 3. 4. Screening / achtergrondkenmerken Preventieve maatregelen door bedrijven en instellingen Incidenten en delicten Tevredenheid over de politie bij melding / aangifte van delicten

Vraagblok 3 gaat in op een aantal veel voorkomende vormen van criminaliteit: inbraak, diefstal, vernielingen, fraude, computercriminaliteit en geweldsdelicten. Daarnaast wordt het slachtofferschap van overige vormen van criminaliteit in kaart gebracht. De basismodule is opgenomen in de bijlagen. 2.2.2 Sector-specifieke vragen Hoewel de basisvragenlijst dekkend blijkt voor de meeste vormen van criminaliteit, is bij elke sector een aantal sectorspecifieke vragen toegevoegd aan de basismodule. Een weergave van de sectorspecifieke aspecten voor alle sectoren is opgenomen in de bijlagen.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |9

3

Het veldwerk

3.1

Gebruikte methode van datacollectie

Voor het verzamelen van de benodigde informatie is gebruik gemaakt van de methode van computergestuurd telefonisch onderzoek.

3.2

Selectie en benadering van respondenten

Definitie onderneming en instelling Het NIPO hanteert voor bedrijfsvestiging een definitie die vergelijking met andere onderzoeken mogelijk maakt en lege BV’s en inschrijvingen om louter fiscaal / juridische redenen uitsluit. Volgens deze definitie is er sprake van een bedrijfsvestiging indien minimaal één persoon zich ten minste 15 uur per week bezighoudt met economische activiteiten die leiden tot een jaaromzet van € 22.689,(ƒ 50.000,-) of meer. Wij spreken van een instelling indien tenminste één medewerker voor 15 uur of meer per week in loondienst is. Respondenten De gesprekken zijn gehouden met de directeur / eigenaar / bedrijfsleider of, bij grotere bedrijfsvestigingen of instellingen, met de functionaris die verantwoordelijk is voor criminaliteitsbeheersing en bedrijfsbeveiliging.

3.3

Aankondigingsbrief

Aankondigingsbrief Een week voor de start van het telefonische veldwerk van elke sector is een aankondigingsbrief verstuurd aan de respondenten. Deze aankondigingsbrief geeft informatie over de achtergronden, het doel en het belang van het onderzoek en verzoekt de respondent om medewerking. De aankondigingsbrief is bedoeld als responsverhogende maatregel. De brief werd verstuurd uit naam van de ministeries van Justitie en van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. In de aankondigingsbrief staat het telefoonnummer van het NIPO vermeld waar bedrijven en instellingen met vragen over het onderzoek terecht kunnen. Dit telefoonnummer was gedurende het onderzoek dagelijks van 9.00 uur tot 17.45 uur bemand. De aankondigingsbrief is opgenomen in de bijlagen.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |10

3.4

Uitvoering van het veldwerk

3.4.1 Onderzoekslooptijd Het veldwerk van de MBI heeft plaatsgevonden van begin februari tot eind april 2002. In totaal zijn 5.141 bedrijven en instellingen op vestigingsniveau telefonisch ondervraagd over de criminaliteits- en veiligheidssituatie gedurende de 12 maanden voorafgaand aan het onderzoek. Het veldwerk vond overdag tijdens kantooruren plaats. Wanneer een respondent afwezig was, probeerde de enquêteur een afspraak te maken. Er zijn maximaal vijf contactpogingen gedaan op verschillende tijdstippen. 3.4.2 Gemiddelde gespreksduur Het uitgangspunt voor de gemiddelde gespreksduur was maximaal 15 minuten. Bij dit maximum zijn de additionele, sector-specifieke vragen inbegrepen.

2 | Gemiddelde gespreksduur

Sector Landbouw, jacht- en bosbouw, visserij Industrie Bouwnijverheid Detailhandel en autoreparatie Groothandel Horeca Vervoer, opslag en communicatie Financiële en zakelijke dienstverlening Openbaar bestuur en onderwijs Gezondheid- en welzijnszorg Cultuur, recreatie, overige dienstverlening Totaal Bron: NIPO, 2002

Gemiddelde gespreksduur (afgerond op hele minuten) 11 13 13 15 13 13 13 13 15 15 13 13

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |11

4

Respons

Dit hoofdstuk beschrijft de procedures die zijn gevolgd om de kwaliteit van de respons te controleren. Ofschoon de methodes van steekproeftrekking het gevaar van selectiviteit zoveel mogelijk beperken, blijkt in de onderzoekspraktijk echter dat regelmatig sprake is van (enige vorm van) selectieve respons. Deze selectieve respons vertekent de uitkomsten van een onderzoek. Hoe lager de respons, des te groter de kans op een selectieve respons. De bereidwilligheid om mee te werken aan een onderzoek hangt van vele factoren af, maar wordt deels bepaald door de betrokkenheid bij en de interesse in het onderwerp. Hoe groter de interesse in en betrokkenheid bij een bepaald onderwerp, hoe groter de kans op deelname aan een onderzoek hierover. Degenen die geïnteresseerd zijn in een bepaald onderwerp gedragen zich vaak niet alleen in onderzoek, maar ook in werkelijkheid anders dan niet geïnteresseerden. De centrale vraag is of dit ook opgaat voor de Monitor Bedrijven en Instellingen. Het antwoord op deze vraag is afhankelijk van de hoogte van de respons enerzijds en de aard van de respons anderzijds. Bij beide zaken staan we hieronder stil. NIPO heeft tijdens het telefonische veldwerk nauwkeurig geregistreerd om welke redenen bedrijven en instellingen deelname aan het onderzoek hebben geweigerd. Indien mogelijk is van bedrijven en instellingen die deelname aan het interview weigerden, vastgesteld of zij in de afgelopen twaalf maanden bij de politie melding hebben gedaan van criminaliteit (dit heeft immers mogelijk invloed op de bereidheid tot deelname). Dit gegeven en de non-responsmotieven zijn betrokken in de nonresponsanalyse die na afloop van het veldwerk is uitgevoerd. In deze analyse worden tevens relevante inschrijvingskenmerken (sector, bedrijfsgrootte, regio) van nietresponderende bedrijven en instellingen vergeleken met het profiel van bedrijven die wel medewerking verlenen.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |12

Hoogte respons Aan de Monitor Bedrijven en Instellingen meting 2002 hebben 5.141 vestigingen van bedrijven of instellingen meegewerkt. Hiervoor zijn in totaal 13.874 vestigingen benaderd. Onderstaande tabel geeft een overzicht van zowel de respons als de nonrespons.

3 | Respons en non-respons

Absoluut Geslaagd Niet geslaagd: Geen gehoor/ in gesprek/ antwoordapparaat Weigering persoon ziek/afwezig Weigering te druk/geen tijd Weigering principieel Overige weigeringen Totaal Bron: NIPO, 2002 2.471 1.641 2.881 1.468 272 13.874 5.141

Procentueel (%) 37

18 12 21 11 2 100

Wanneer we de categorie “geen gehoor / in gesprek / antwoordapparaat” buiten beschouwing laten, kijken wij alleen naar de bedrijven met wie een daadwerkelijk contact is gerealiseerd: in totaal 11.403 bedrijven. Van deze bedrijven hebben er 5.141 meegewerkt en 6.262 geweigerd. Als we het aantal geslaagde gesprekken vergelijken met het aantal weigeraars, dan bedraagt het slagingspercentage bij de bedrijfsvestigingen 45%. Dit percentage is zeer goed te noemen voor business to business onderzoek. Respons per sector Bij de netto respons per sector valt op dat een aantal sectoren een zeer hoge respons halen. Dit zijn het openbaar bestuur en onderwijs (62%), cultuur, recreatie en overige dienstverlening (53%) en de horeca (50%). De sectoren landbouw (40%), de bouwnijverheid (40%), gezondheids- en welzijnszorg (39%) en transport en communicatie (38%) halen een respons die relatief laag is ten opzichte van het gemiddelde van dit onderzoek. Deze sectoren werken vaak niet mee aan het onderzoek uit tijdgebrek. Desalniettemin zijn de responspercentages van deze sectoren ten opzichte van business-to-business onderzoek in het algemeen goed te noemen.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |13

4 | Netto respons per sector

Totaal Openbaar bestuur en onderwijs Cultuur, recreatie, overige dienstverlening Horeca Financiele instellingen en zakelijke dienstverlening Detailhandel en auto(reparatie) Industrie Groothandel Bouwnijverheid Landbouw, jacht-, bosbouw, visserij Gezondheids- en welzijnszorg Transport en communicatie 0 10

45 62 53 50 47 46 44 43 40 40 39 38 20 30 40 50 60 70 %

Bron: NIPO, 2002

Respons per bedrijfsgrootte en regio Bij de netto respons per bedrijfsgrootte valt op dat eenmanszaken een lagere respons dan gemiddeld hebben (32%), hoewel nog steeds normaal te noemen voor business-tobusiness onderzoek. De respons in het westen van het land blijft wat achter ten opzichte van het gemiddelde (41%). Ook hier is het responspercentage nog steeds goed te noemen. Aard van de respons De hoogte van de respons - 45% is zeer goed voor business to business onderzoek geeft geen aanleiding om op voorhand ernstige selectiviteit te verwachten. Om te kunnen vaststellen of deze veronderstelling terecht is, is een vergelijking gemaakt tussen het meldingsgedrag van bedrijven die aan het onderzoek deelnamen en bedrijven die deelname weigerden. Aan deze laatste groep bedrijven (weigeraars) is gevraagd of zij in de afgelopen 12 maanden bij de politie melding hebben gemaakt van criminaliteit tegen de vestiging. Van de vestigingen die een antwoord konden of wilden geven op deze vraag is dit antwoord vergeleken met de meldingscijfers van bedrijven die wel aan het onderzoek deelnamen.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |14

5 | Meldingsgedrag respondenten en weigeraars naar sector

Totaal Openbaar bestuur en onderwijs Detailhandel en auto(reparatie) Horeca Transport en communicatie Gezondheids- en welzijnszorg Groothandel Bouwnijverheid Cultuur, recreatie, overige dienstverlening Industrie Landbouw, jacht-, bosbouw, visserij Financiele instellingen en zakelijke dienstverlening

15

27 27 26 39 33 31 30 26 26 25 23 Respondenten Weigeraars 61

15 15 13 13 15 13 9 7 12 0 10 17 16 20 30

40

50

60

70 %

Bron: NIPO, 2002

Ook voor bedrijfsgrootte zijn de meldingspercentages vergeleken van de weigeraars die een antwoord konden of wilden geven op deze vraag met de meldingscijfers van bedrijven die wel aan het onderzoek deelnamen.

6 | Meldingsgedrag respondenten en weigeraars naar bedrijfsgrootte

1 wp
Resp weig

2-4 wp
Resp weig

5-9 wp
Resp weig

10-19 wp
resp weig

20-49 wp
resp weig

50-99 wp
resp weig

100+ wp
resp weig

Melding

14

10

28

10

39

18

49

19

58

31

67

26

77

35

Bron: NIPO, 2002

Voor zowel bedrijfsgrootte als voor sector zien we dat de meldingspercentages van de bedrijven die wel meededen aan het onderzoek steeds hoger liggen dan die van de weigeraars. Wat betekent dit voor de aard van de respons? Bij het interpreteren van de aard van de respons spelen twee factoren een rol: 1. herinneringseffecten van de deelnemende bedrijven 2. het meldingspatroon van sectoren en bedrijfsgrootten onderling

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |15

Herinneringseffecten van de deelnemende bedrijven Een mogelijke reden voor de hogere meldingscijfers van de respons is het feit dat deze bedrijven een uitgebreide vragenlijst beantwoorden over de hen overkomen criminaliteit. Spontaan zullen veel bedrijven niet meteen denken aan graffiti of vernielingen, dan wel computervirussen of zelfs maar inbraak1. Deze soorten criminaliteit passeren alle de revue en worden aan de respondent voorgelegd en stimuleren zo zijn herinnering. De non-responderende bedrijven beantwoorden alleen een algemene vraag of zij melding hebben gedaan van criminaliteit. Het merendeel van de delicten die veel impact hebben gehad op de onderneming door hun ernst dan wel de hoogte van de schade, zullen deze bedrijven zich waarschijnlijk wel herinneren. Het is echter aannemelijk dat zij hierdoor de bovengenoemde ´minder zware´ delicten over het hoofd zien. Bij het interpreteren van de meldingscijfers nemen wij daarom aan dat het meldingsgedrag van de zwaardere delicten voor de non-respons grotendeels overeenkomt met dat van de respons. De non-respons laat daarentegen waarschijnlijk veel meldingen van lichte criminaliteit onbedoeld achterwege. Dit herinneringseffect leidt ertoe dat we de hogere meldingscijfers van de respons interpreteren niet zozeer als een overschatting van de repons, maar als een onderschatting van de non-respons. Onderlinge patronen Tenslotte vertoont het meldingsgedrag van de sectoren en bedrijfsgrootten onderling hetzelfde patroon voor de respons als voor de non-respons. Ook bij de weigeraars doen grotere bedrijven vaker melding dan kleinere bedrijven. Ook het meldingsgedrag van de verschillende sectoren vertoont hetzelfde beeld voor de respons als voor de non-respons. Conclusie Samenvattend stellen we vast dat de hoogte van de respons geen aanleiding geeft tot het vermoeden van selectiviteit. De aard van de respons is minder eenvoudig te interpreteren. Op basis van de bovenstaande bevindingen hebben wij echter de indruk dat de Monitor Bedrijven en Instellingen een goed beeld geeft van de criminaliteits- en veiligheidssituatie onder Nederlandse bedrijven en instellingen. Om deze reden hebben wij besloten niet corrigerend te wegen voor verschillen in aangiftegedrag tussen responderende en weigerende bedrijfsvestigingen.

1

Dit blijkt ook uit de vele telefonische reacties die wij hebben ontvangen naar aanleiding van de aankondigingsbrief. Veel bedrijven zijn van mening dat ´zij nooit wat te maken hebben met criminaliteit´ en vragen zich daarom af of zij wel relevant zijn voor het onderzoek. Na toelichting dat criminaliteit ook vernielingen of inbraak kan inhouden, zeggen veel bedrijven hun medewerking alsnog toe.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |16

5

Methodologische verantwoording

5.1

De gebruikte toets

De verschillen tussen resultaten zijn statistisch getoetst met behulp van de z-toets. Wanneer er sprake is van significante verschillen (bij een 95% betrouwbaarheidsniveau), wordt daaraan in het rapport aandacht besteed. In de andere gevallen kan men aannemen dat de verschillen vanuit statistisch oogpunt onvoldoende betekenisvol zijn om te vermelden, of buiten het bestek vallen van huidige opzet van de MBI (het rapporteren van kerncijfers).

5.2

Gepresenteerde cijfers

In de rapportage worden de volgende uitkomsten vermeld: • penetratiecijfers / percentages (bijvoorbeeld: 5% van de bedrijven is getroffen door inbraak in gebouwen); • gemiddelden (gemiddelde frequenties, gemiddelde bedragen). Naast percentages en gemiddelden worden schattingen van de volgende ‘totalen’ gepresenteerd: • totale (schade)bedragen voor de gehele sector; • het totaal aantal keer dat een bepaald delict is voorgekomen in de gehele sector; • het totaal aantal meldingen van een bepaald delict voor de gehele sector. 5.2.1 Berekening van de totaalschattingen De schattingen van de totalen komen als volgt tot stand: 1) we nemen de ongewogen bedragen of aantallen voor elk individueel bedrijf of instelling; 2) om te voorkomen dat onwaarschijnlijk lage of hoge opgaven het beeld verstoren, worden de 5% hoogste en 5% laagste opgaven (de zogenaamde uitschieters) buiten de beoordeling gelaten; 3) de opgaven ‘weet niet’ en ‘geen antwoord’ worden ook buiten beschouwing gelaten (missing values); 4) deze ‘geschoonde’ bedragen of aantallen worden driedimensionaal gewogen naar bedrijfsgrootte, sector en regio. Het gewicht dat bij de weging aan een bedrag of aantal wordt toegekend, bepaalt hoe zwaar de waarde meetelt in het uiteindelijke gemiddelde bedrag of gemiddelde aantal. 5) deze gemiddelde uitkomsten worden vermenigvuldigd met de populatie-omvang afkomstig uit de Business Monitor, om tot een totaalbedrag of totaalaantal te komen.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |17

5.3

Statistische marges

De resultaten in dit onderzoek zijn steekproefuitkomsten. Dit betekent dat we rekening moeten houden met zekere statistische marges rondom de gepresenteerde uitkomsten. Bij elke uitkomst geldt, gegeven de spreiding in de antwoorden en het aantal ondervraagde bedrijven, een betrouwbaarheidsmarge. Dit betekent dat de werkelijke waarde – met een betrouwbaarheid van 95%- tussen de grenzen van die marge zal liggen. Voor het vaststellen van de marges hanteren wij de volgende formules:

7 | Formules voor het vaststellen van de statistische marges

Penetratie-cijfers / percentages: Gemiddelden (frequenties, bedragen): Totalen (bedragen, aantallen):

1,96 * √ {(p(1-p))/n} 1,96 * SE 1,96 * N * SE

In deze formules worden de volgende symbolen gebruikt: p: het aangetroffen percentage n: de steekproefomvang SE: de standaardfout van het gemiddelde2 N: de populatie-omvang

5.4

Een aantal rekenvoorbeelden

De ongewogen steekproefgroottes worden in deze rapportage steeds vermeld. Met de behulp van deze steekproefgrootte en de bovengenoemde formules (uitgezonderd de formules die de standaardfout bevatten), kunnen de bijbehorende marges worden berekend. Hieronder staat een aantal voorbeelden van hoe dergelijke marges kunnen worden berekend. De getallen in de rekenvoorbeelden zijn fictief. Percentages Voorbeeld: 5% van de bedrijven en instellingen is getroffen door inbraak in gebouwen. De hierbij behorende statistische marge bedraagt: 0,05 +/- 1,96 * √ {(0,05 * (1-0,05))/1010} = 0,05 +/- 0,013 Dit wil zeggen dat met 95% zekerheid mag worden aangenomen dat het percentage in de hele onderzoekspopulatie tussen 3,7% en 6,3% zal liggen.

2

De standaardfouten zijn niet opgenomen in de rapportages. De formule voor het berekenen

van de standaardfout is: SE = s / √ n. Hierbij is s = de steekproefstandaarddeviatie.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |18

Gemiddelden Voorbeeld 1: gemiddelde frequentie De gemiddelde frequentie van inbraak in gebouwen is 1,6 keer. De hierbij behorende statistische marge bedraagt: 1,6 +/- 1,96 * 0,158 = 1,6 +/- 0,3 Dit wil zeggen dat met 95% zekerheid mag worden aangenomen dat de frequentie in de hele onderzoekspopulatie tussen de 1,3 en 1,9 zal liggen. Voorbeeld 2: gemiddelde schade De gemiddelde directe schade als gevolg van inbraak is € 9.000. De hierbij behorende statistische marge bedraagt: 9.000 +/- 1,96 * 1,34 = 9.000 +/- 2.626 Dit wil zeggen dat met 95% zekerheid mag worden aangenomen dat de gemiddelde directe schade in de hele onderzoekspopulatie tussen de 6.376 en 11.626 zal liggen. Totalen Voorbeeld 1: totaal aantal delicten Het totaal aantal inbraken in gebouwen wordt geschat op 4.629. De statistische marge hierom bedraagt: 4.629 +/- 1.96 * 54.743 * 0.0008 = 4.629 +/- 900 Dit betekent dat met 95% zekerheid mag worden aangenomen dat het totaal aantal inbraken in gebouwen in de hele populatie tussen 3.729 en 5.529 ligt. Voorbeeld 2: totale directe schade De totale directe schade als gevolg van inbraak wordt geschat op 70.586.000. De statistische marge hierom bedraagt: 70.586.000 +/- 1.96 * 54.743 * 195 = 70.586.000 +/- 20.923.000 Dit betekent dat met 95% zekerheid mag worden aangenomen dat de totale directe schade als gevolg van inbraak in de hele populatie tussen 49.663.000 en 91.509.000 ligt. Voorbeeld 3: totale schade (direct + indirect) De totale schade berekenen wij door de totale directe schade en de totale indirecte schade bij elkaar op te tellen. Voorbeeld: De totale schade als gevolg van inbraak komt op 70.586.000 + 30.163.000 = 100.749.000 gulden. De statistische marge hierom bedraagt: 100.749.000 +/- 1.96 * 54.743 * 306 = 100.749.000 +/- 32.832.662 Dit betekent dat met 95% zekerheid mag worden aangenomen dat de totale schade als gevolg van inbraak in de hele populatie (afgerond) tussen 67.916.000 en 133.582.000 ligt.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |19

6

Rapportage

De uitkomsten van het onderzoek spelen een belangrijke rol bij de ontwikkeling en evaluatie van beleid dat is gericht op criminaliteitsbeheersing bij bedrijven en instellingen. De gebruikswaarde van de MBI is voor een belangrijke mate afhankelijk van de wijze waarop verslag wordt gedaan van de uitkomsten. Een objectieve, overzichtelijke en toegankelijke presentatie van de resultaten is daarbij van vitaal belang. De rapportage van de Monitor Bedrijven en Instellingen bestaat uit de volgende onderdelen: 1) beschrijvend rapport en tabellenboek; 2) handboek; 3) databestand De schriftelijke rapportages zijn steeds in conceptvorm aan de begeleidingscommissie aangeboden ter beoordeling en goedkeuring. Het uiteindelijke rapportageformat is in overleg met de opdrachtgever vastgesteld. Deze afzonderlijke rapportages lichten wij hieronder kort toe.

6.1

Beschrijvend rapport

Het rapport beschrijft de verschillen tussen sectoren, grootteklassen en regio’s. Zoals overeengekomen met de opdrachtgevers is gekozen voor een beschrijvende weergave van de criminaliteits- en veiligheidsituatie. Diepgaande analyses van de onderliggende oorzaken van de beschreven situaties vallen op dit moment buiten het bestek van de rapportage. De delicten vormen de spil van de het rapport. Per delict wordt een aantal zaken behandeld: voorkomen, frequentie, schade, aangiftegedrag, et cetera. Waar mogelijk en relevant worden uitspraken gedaan over sectoren, branches binnen sectoren, bedrijfsgrootte of regio. Het rapport bevat een ‘management summary’ waarin de hoofdlijnen van de resultaten worden gepresenteerd. In deze samenvatting zijn de parameters voor de verschillende delicten (voorkomen, schade, etc.) naast elkaar gezet zodat verschillen tussen delicten zichtbaar worden. De titels van hoofdstukken en paragrafen zijn als conclusies geformuleerd. De lezer kan door het doornemen van de inhoudsopgave snel een beeld krijgen van de belangrijkste conclusies en bevindingen. Het rapport bevat een bijlage met een uitgebreid responsverslag en beschrijving van de resultaten die de uitgevoerde non-respons analyses hebben opgeleverd. Bij het rapport hoort een tabellenrapport. Het tabellenrapport bevat een selectie van de resultaten van de analyses die de basis vormen van deze rapporten.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |20

6.2

Handboek

In dit handboek worden de voor dit onderzoek uitgevoerde werkzaamheden beschreven. Hierbij schenken wij onder andere aandacht aan de procedures voor steekproeftrekking, de uitvoering en verantwoording van het veldwerk, de vragenlijst, de verwerking van de gegevens en de analyses die zijn toegepast.

6.3

Databestand

De opdrachtgever krijgt de beschikking over een gedocumenteerd databestand dat de antwoorden bevat van de voor de Monitor Bedrijven en Instellingen geënquêteerde bedrijven en instellingen, alsmede hulpvariabelen (wegingsfactoren, schaalscores) en een codeboek. Het databestand is zodanig dat een daartoe gekwalificeerd persoon zelfstandig de door het projectteam uitgevoerde analyses kan reproduceren en aanvullende analyses kan uitvoeren.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |21

Bijlagen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |22

Bijlage 1

Overzicht indeling van branches binnen sectoren

Landbouw, jacht, bosbouw en visserij • Akker- en tuinbouw • Fokkerijen en kwekerijen van dieren • Dienstverlening t.b.v. de landbouw • Jacht, bosbouw en visserij Industrie • Voedings- en genotmiddelen / textiel, kleding, leer • Hout en meubel • Papier en grafisch • Basismetaal, metaalprodukten • Delfstofwinning, procesindustrie / machine, electrotechnisch, transportmiddelen • Overig Bouwnijverheid • Burgerlijke en Utiliteitsbouw • Grond-, water- en wegenbouw • Afwerking • Installatie • Klusbedrijven Detailhandel en autoreparatie • Autodetailhandel • Autoreparatie • Voedings- en genotmiddelen • Algemeen assortiment • Drogisterij, parfumerie/kleding • IJzerwaren, d-h-z-, bouwmaterialen/woningtextiel, meubelen, huishoudelijke apparatuur • Bloemen, planten/ reparatie / pedicures, kappers, foto-ateliers • Overig artikelen / apothekers, bezinestations Groothandel • Grondstoffen, halffabrikaten • Machines, transpormiddelen • Voedings- en genotmiddelen, landbouwproducten en dieren • Meubelen, huishoudelijke artikelen / kleding, textiel papierwaren, overig Horeca • Restaurants • Cafés • Hotels, pensions / overig

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |23

Vervoer, opslag en communicatie • Goederenwegvervoer • Tram- en taxibedrijven • Zeevaart / Vemen en pakhuizen • Communicatiebedrijven Financiële en zakelijk dienstverlening • Assurantiebemiddeling / exploitatie en handel onroerend goed / accountants, administratiekantoren • Architecten, ingenieurs • Reclame- en economische adviesbureaus • Reisbureaus, advocaten • Bank- en verzekeringswezen Openbaar bestuur en onderwijs • Overheid • Onderwijs Gezondheids- en welzijnszorg • Ziekenhuizen • Zorginstellingen • Maatschappelijke dienstverlening • Huisartsen / Tandartsen • Overige vrije medische beroepen Cultuur, recreatie en overige dienstverlening • Cultuur, media, recreatie, sportaccomodaties • Schoonmaken, wasserijen, overig • Verhuur, veilingen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |24

Bijlage 2

Populatie- en steekproefaantallen

8 | Populatie aantallen naar grootteklasse (wp staat voor werkzame personen)

1 wp 80845 14100 26000 49800 20900 6000 6900 74845

2-4 wp 18235 14300 18900 77400 28400 24700 10200 37265 1835

5-9 wp 2410 7300 7100 25000 10400 8100 8440 7840 2665

10-19 wp 1085 5400 4500 8500 6000 3100 2650 4255 4960 3485 1600 45535

20-49 wp

50-99 wp 610

100+ wp

totaal 103185

Landbouw, jacht- en bosbouw, visserij* Industrie Bouwnijverheid Detailhandel en autoreparatie Groothandel Horeca Vervoer, opslag en communicatie Financiële instellingen en zakelijke dienstverlening Openbaar bestuur en onderwijs** Gezondheid- en welzijnszorg** Cultuur, recreatie, overige dienstverlening Totaal

4400 3400

1700 2010 5440

1900

49100 61910 166140

4100 1490 2880 2695 3830 2745 960

1370

71170 43390 31070 885 1550 1390 128745 16435 42745 43270 5765 752260

1595 1310 1970

10700 21300 311390

16530 13800 261565

6585 4600 85540

33420

9045

* = Bron: CBS ** = Bron: LISA

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |25

9 | Steekproef aantallen per sector

Sector Landbouw, jacht- en bosbouw, visserij

Sub-branche

Per sector 400

Per subbranche

Akker- en tuinbouw Fokkerijen en kwekerijen van dieren Dienstverlening t.b.v. de landbouw Jacht, Bosbouw en Visserij Industrie Voedings- en genotmiddelen/Textiel, kleding, leer Hout en meubel Papier en grafisch Basismetaal, metaalprodukten Delfstofwinning, procesindustrie/ Machine, electrotechnisch, transportmiddelen Overige Bouwnijverheid Burgerlijke en utiliteitsbouw Grond-, water- en wegenbouw Afwerking Installatie Klusbedrijven Detailhandel en autoreparatie Auto-detailhandel Auto-reparatie Voedings- en genotmiddelen Algemeen assortiment Drogisterij, parfumerie/Kleding Ijzerwaren, d-h-z, bouwmaterialen/Woningtextiel, meubelen, huishoudelijke apparatuur Bloemen, planten/Reparatie (excl. garages)/Pedicures, kappers, foto-ateliers Overige artikelen/Apothekers, benzinestations Groothandel Grondstoffen, halffabrikaten Machines, transportmiddelen Voedings- en genotmiddelen/Landbouwproducten en dieren Meubelen, huishoudelijke artikelen / Kleding, textiel, papierwaren, overig 400 700 500 400

100 100 100 100 75 75 75 75 75 75 100 100 100 100 100 100 100 100 100 75 75 75 75 100 100 100 100

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |26

Horeca Restaurants Cafés Hotels, pensions/Overig Vervoer, opslag en communicatie; Goederenwegvervoer Tram- en taxibedrijven Zeevaart/Vemen en pakhuizen Communicatiebedrijven Financiële instellingen en zakelijke dienstverlening Assurantiebemiddeling/exploitatie en handel onroerend goed/accountants, administratiekantoren Architecten, ingenieurs Reclame- en economische adviesbureaus Reisbureaus, advocaten Bank- en verzekeringswezen Openbaar bestuur en onderwijs Overheid Onderwijs Gezondheids- en welzijnszorg Ziekenhuizen Zorginstellingen Maatschappelijke dienstverlening Huisartsen/Tandartsen Overige vrije medische beroepen Overige dienstverlening Cultuur, media, recreatie, sportaccomodaties Schoonmaken, Wasserijen, Overig Verhuur, veilingen

300 100 100 100 400 125 125 75 75 500 100

100 100 100 100 500 150 350 500 100 100 100 100 100 400 150 150 100

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |27

Bijlage 3

Lijst van experts

Landbouw: Industrie: Bouwnijverheid: Detailhandel: Groothandel: Horeca: Vervoer, opslag en communicatie: Financiële en zakelijke dienstverlening: Openbaar bestuur / onderwijs: Gezondheids- en welzijnszorg: Cultuur, recreatie, overige dienstverlening: Algemeen expert criminaliteit:

Dhr. L. Zwinkels, Westelijke Land- en Tuinbouw Organisatie (WLTO) Dhr. Jaarsma, adjunct-directeur Metaalunie Dhr. P.J.M.W. Clerx, Algemeen Verbond Bouwbedrijf (AVBB) Dhr. H. van der Geest / Dhr S. Veenstra, projectgroep Aanpak Winkelcriminaliteit, Platform Detailhandel.nl Dhr. mr. M. Wals, Nederlands Verbond van de Groothandel (NVG). Dhr. M. Stillebroer, Bedrijfsschap voor de Horeca. Mevr. D.D. Gevers Deynoot-De Booy, EVO en Mevr. H. Minderman, Transport en logistiek Nederland (TLN). Dhr. A.H. Westerman, Verbond van Verzekeraars Mevr. J. Meijer, Bve-Raad Mevr. R. Peeters, LUMC Dhr. D.J. Verstand, RECRON Dhr. J. Korpel, Eysink Smeets & Etman

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |28

Bijlage 4

Samenstelling Begeleidingscommissie

Naam Dhr. prof. dr. H. Hummels, voorzitter Mw. drs. J.W. Plaisier Mw. mr. M.B.M. Sourbag Mw. drs. G.M.M. de Wit Dhr. mr. drs. H.K. Klamer Dhr. mr. J. A. Lam Dhr. J.J. Geerdink

Organisatie Universiteit Nyenrode WODC, Ministerie van Justitie Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties Ministerie van Justitie Stichting Beroepsmoraal en Misdaadpreventie MKB Nederland Politie Regio Drenthe

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |29

Bijlage 5

Vragenlijst

Basisvragenlijst Screening / achtergrondkenmerken
Bij non-response (weigering), vragen: 0. Mag ik u toch nog één vraag stellen. Heeft u in de afgelopen 12 maanden één of meer keren bij de politie melding gemaakt van criminaliteit tegen de vestiging? • • • • Ja, …. Keer Nee Weet niet Geen antwoord

Alle gegevens worden verzameld op vestigingsniveau. 1.1 Kunt u mij zeggen hoeveel personen er op dit moment gewoonlijk 15 uur of meer per week bij deze vestiging werkzaam zijn? De eigenaar(s)/directeur(en) en eventuele meewerkende gezinsleden, mits 15 uur of meer per week werkzaam, dienen ook meegerekend te worden. • geen EXIT 1 persoon 2 - 4 personen 5 - 9 personen 10 - 19 personen 20 - 49 personen 50 - 99 personen 100 en meer personen weet niet geen opgave 1.2 Wat is de belangrijkste activiteit die wordt uitgeoefend in of vanuit deze vestiging? Is dat ......... • • Sectorspecifieke lijst Geen van deze:

EXIT

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |30

1.3 Wat is uw functie in deze vestiging? • • • • • • • • • Eigenaar Directeur Echtgeno(o)t(e) van de directeur Financieel directeur Hoofd financiële afdeling Financiële controleur Bedrijfsleider Nog anders, namelijk ...... Geen opgave

1.4 Kunt u aangeven hoeveel uw omzet over 2001 bedraagt, exclusief BTW? • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen

1.5 (ENQ: Indien de ondervraagde de exacte omzet vermeldt eerst de miljoenen intikken, dan de duizendtallen.) In gulden: In euro: ...... miljoenen ...... duizendtallen ...... miljoenen ...... duizendtallen

1.6 Indien de ondervraagde niet direct de exacte omzet vermeldt: Kunt u het misschien dan bij benadering aangeven? Is de omzet hoger of lager dan … gulden/euro? • • • • • hoger lager exact wil niet (meer) zeggen weet niet (exacter)

(De computer laat volgens een getrapt systeem nu telkens vervolgvragen op het scherm komen. De omzetklasse wordt op deze wijze zo nauwkeurig mogelijk vastgesteld met het stellen van een beperkt aantal (maximaal 5) vragen. Op basis van het aantal werkzame personen wordt de hoogte van de omzet bepaald waarmee wordt begonnen. Bij een groot aantal werkzame personen zal de omzet in de eerste vraag hoog zijn en bij een klein aantal werkzame personen zal de omzet in de eerste vraag veel lager zijn.)

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |31

1.7 Kunt u de aard van de huidige locatie van deze vestiging aanduiden? Ik lees u een aantal mogelijkheden op. Is dit een ......... • • • • • • • • • • Kantorencomplex Handelscentrum of bedrijfsverzamelgebouw Winkelcentrum Bedrijfs- of industrieterrein Afzonderlijk kantoorgebouw of bedrijfspand Bedrijf in woonhuis <Sectorspecifieke antwoordmogelijkheden> Anders, namelijk ...... Weet niet Wil niet zeggen

1.8 Is deze vestiging gevestigd in het centrum van een stedelijke agglomeratie, aan de rand van een stedelijke agglomeratie of buiten een stedelijke agglomeratie? • • • • • • in het centrum van een stedelijke agglomeratie aan de rand van een stedelijke agglomeratie buiten een stedelijke agglomeratie anders, namelijk ...... weet niet wil niet zeggen

1.9 Beschikt de vestiging over een eigen, van de openbare weg afgescheiden terrein / bedrijfsterrein? We bedoelen daarmee ook bijvoorbeeld parkeerterreinen. • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen 1.6 1.7

1.10 Heeft de vestiging eigen bedrijfswagens of wagens die namens het bedrijf zijn geleasd of andere transportmiddelen? • • • • Ja Nee Weet niet Geen antwoord

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |32

1.11 Wordt er in de vestiging gebruik gemaakt van één of meer computers? • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen 1.12 2.1 2.1 2.1

1.12 Zijn deze computers via telefoon- of andere lijnen, bijvoorbeeld internet, verbonden met computers buiten de vestiging? • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen

Preventieve maatregelen door bedrijven en instellingen
2.1 Onder criminaliteit verstaan wij voorvallen zoals inbraak, diefstal, vernieling, fraude, overvallen en geweldsdelicten. Is criminaliteit voor de vestiging over het algemeen een ernstig probleem, enigszins een probleem of geen probleem? • • • • • Ernstig Enigszins Geen probleem Weet niet Wil niet zeggen

2.2 Zijn bij de vestiging maatregelen getroffen ter voorkoming van criminaliteit, zoals alarmering, beveiliging op deuren en ramen, inhuren van beveiliging, advisering, deelname aan projecten of zijn hiervoor bepaalde afspraken gemaakt? • • • • Nee Ja Weet niet Wil niet zeggen 2.3 2.2.1 2.3 2.3

2.2.1 Welke maatregel of maatregelen zijn er getroffen? Enq.: meerdere antwoorden zijn mogelijk Enq.: niet voorlezen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |33

Signalering • Alarm stil • Alarm luid • Extra verlichting • Plaatsing camera’s / infraroodbeveiliging • TV-circuit • Inhuren beveiligingsdienst / nachtwaker / nachtportier • (Waak) hond • Apparatuur of artikelen gemerkt • Spiegels Toegang pand • Extra sloten • Extra zwaar hang- en sluitwerk • Hekwerken • Rolluiken voor de ramen • Vandalisme bestendige deuren • Elektronische deuren • Inbraakvrij plexiglas • Plaatsen traliehekwerk Procedures • Instructie van personeel • Hanteren sleuteldiscipline (registratie wie sleutels leent) • Stellen van huisregels waaraan iedereen zich moet houden • Controleren van het personeel (bijvoorbeeld tassencontrole) • Toegangscontrole • Cursussen personeel • Zwarte lijst / weren van verdachte klanten • Maatregelen om alcoholgebruik te beperken Anders • Meer personeel • Coatings tegen graffiti • Het plaatsen van obstakels om de gevel of de pui te beschermen • Collectieve beveiliging samen met andere bedrijven • Administratieve controles • Beveiliging van bedrijfsgegevens en/of computerbestanden • Anders, namelijk.. • Weet niet • Wil niet zeggen 2.2.2 Kunt u een schatting geven van de kosten van de in de afgelopen 12 maanden genomen maatregelen ter voorkoming van criminaliteit? Het kan daarbij gaan om

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |34

éénmalige investeringskosten, maar ook om doorlopende kosten, bijvoorbeeld die van een abonnement op een meldkamer. • • • • …..gulden/ …..euro Weet niet Wil niet zeggen 2.3 2.3 2.2.2.1 2.3

2.2.2.1 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven?
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. minder dan 1.000 gulden 1.001 – 2.000 gulden 2.001 – 3.000 gulden 3.001 – 4.000 gulden 4.001 – 5.000 gulden 5.001 – 10.000 gulden 10.001 – 20.000 gulden 20.001 – 30.000 gulden 30.001 – 40.000 gulden 40.001 – 50.000 gulden 50.001 of meer gulden weet niet wil niet zeggen minder dan 450 euro 451 – 900 euro 901 – 1360 euro 1361 - 1820 euro 1821 - 2270 euro 2271 - 4540 euro 4541 - 9080 euro 9081 - 13610 euro 13611 - 18150 euro 18151 - 22690 euro 22690 of meer euro

2.3 Wordt de door het personeel geconstateerde criminaliteit bij de bedrijfsleiding gemeld? Is dat … Enq: lees op • • • • • • Altijd Meestal Soms (Bijna) nooit Weet niet Wil niet zeggen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |35

2.4 Wordt de geconstateerde criminaliteit die tegen de vestiging wordt gepleegd op de één of andere manier binnen de vestiging bijgehouden of geregistreerd? Enq.: hiermee bedoelen we of de vestiging zelf bijhoudt of er criminaliteit wordt gepleegd tegen de vestiging (niet of de vestiging zelf aangifte doet, dit komt in een latere vraag ter sprake). • • • • • Ja 2.4.1 Nee, criminaliteit komt nauwelijks voor 2.5 Nee, geconstateerde criminaliteit wordt niet geregistreerd 2.5 Weet niet 2.5 Wil niet zeggen 2.5

2.4.1 Op welke manier? Enq: niet oplezen • • • • • • • Registratiesysteem Wij houden de aangiften bij Wij houden verzekeringsclaims bij Anders, namelijk.. Criminaliteit wordt niet geregistreerd Weet niet Wil niet zeggen

Advisering
2.5 Is de vestiging in de afgelopen 12 maanden geadviseerd op het terrein van criminaliteit en onveiligheid? Bijvoorbeeld advies hoe u diefstallen kunt voorkomen of advisering over alarmering. Enq: het maakt niet uit door wie men is geadviseerd: politie, gemeente, een beveiligingsbedrijf of anderen. • Ja 2.5.1 • Nee 2.6 • Weet niet 2.6 • Wil niet zeggen 2.6

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |36

2.5.1 Ik lees u nu een aantal terreinen voor waarop er advies gegeven kan worden. Kunt u mij voor elk item zeggen of de vestiging hierop is geadviseerd? Enq: lees op • • • • • • • • • • Voorkomen diefstal door eigen personeel Voorkomen diefstal door derden Elektronische beveiliging van de vestiging Preventie vandalisme Preventie graffiti Preventie fraude Preventie overval Openbare ordeproblemen / groepen jongeren / junks Beveiliging van bedrijfsgegevens of computerbestanden Veiligheid van het personeel (bedreiging / beroving / mishandeling van werknemers) • Anders, namelijk … Restcategorie • Weet niet • Wil niet zeggen 2.5.2 Wie heeft het laatste advies verstrekt? Enq: niet oplezen, meerdere antwoorden mogelijk • • • • • • • • • • • Ondernemersvereniging/organisatie Vertegenwoordiger gemeente Verzekeringsfirma / vertegenwoordiger verzekering Beveiligingsbedrijf Ander extern bureau / ander particulier bedrijf De politie Hoofdkantoor / beveiligingsexpert van de vestiging zelf Branche-organisatie Anders, namelijk ... Weet niet wil niet zeggen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |37

Deelname aan projecten
2.6 Heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden ook meegewerkt aan één of meer projecten op het gebied van bestrijding van criminaliteit, openbare orde en beveiliging? • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen 2.6.1 3.1 3.1 3.1

2.6.1 Welk(e) project(en) was / waren dat? Enq lees op. Enq; meerdere antwoorden mogelijk • • • • • • Beveiligingsproject gebouw Beveiligingsproject omgeving Project vandalisme Project criminaliteitspreventie algemeen Project graffiti bestrijding Andere projecten, namelijk …

Restcategorie indien geen enkel item ja: • Heeft niet meegewerkt 3.1 • Weet niet • Wil niet zeggen 2.6.2 Door wie werd het laatste project waaraan u heeft deelgenomen georganiseerd? Enq: niet oplezen Enq: meerdere antwoorden mogelijk • • • • • • • Politie Gemeente Buurtvereniging bedrijven Branchevereniging Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |38

Incidenten en delicten
Inbraken
Enq. Ik ga u nu een aantal vragen stellen over inbraken in bedrijfsgebouwen en/of bedrijfswagens of andere transportmiddelen. 3.1 Heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met een of meer inbraken in vestigingsgebouwen <onder selectie van vraag 1.10 ja (in het bezit van bedrijfs- of leasewagens): of bedrijfswagens of andere transportmiddelen>? Enq: eigen bedrijfswagens of andere transportmiddelen of leasewagens van het bedrijf • • • • Nee Weet niet Wil niet zeggen Ja 3.2 3.2 3.2 3.1.1

3.1.1 Hoe vaak is er ingebroken in gebouwen? • • • • 0 maal .. Maal Weet niet Wil niet zeggen 3.1.2 3.1.2 3.1.2 3.1.2

Onder selectie van vraag 1.10 ja (in het bezit van bedrijfs- of leasewagens) 3.1.2 Hoe vaak is er ingebroken in bedrijfswagens of andere transportmiddelen? Enq: eigen bedrijfswagens of andere transportmiddelen of leasewagens van het bedrijf • • • • 0 maal .. Maal Weet niet Wil niet zeggen 3.1.3 3.1.2.1 3.1.3 3.1.3

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |39

3.1.2.1 Vond bij het laatste geval de inbraak in de bedrijfswagen of een ander transportmiddel plaats op eigen bedrijfsterrein, binnen de gemeente, elders in Nederland of in het buitenland? • • • • • • - eigen terrein - binnen de gemeente - elders in Nederland - buitenland Weet niet Wil niet zeggen

3.1.3 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de vestiging als gevolg van inbraken in de afgelopen 12 maanden heeft geleden ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering. Enq: het gaat zowel om inbraak in gebouwen als in auto’s Enq: Het gaat om de directe schade is de directe (bruto) kosten die zijn gemaakt voor vervanging, reparatie en dergelijke ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering en ongeacht indirecte schade zoals omzetderving of niet op tijd kunnen leveren. Enq. Bedrag noteren in hele guldens of in hele euro’s • • • • ….. gulden ….. euro Weet niet Wil niet zeggen 3.1.3.2 3.1.3.2 3.1.3.1 3.1.3.1

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |40

3.1.3.1 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven?
14. 15. 16. 17. 18. 19. 20. 21. 22. 23. 24. 25. 26. minder dan 1.000 gulden 1.001 – 2.000 gulden 2.001 – 3.000 gulden 3.001 – 4.000 gulden 4.001 – 5.000 gulden 5.001 – 10.000 gulden 10.001 – 20.000 gulden 20.001 – 30.000 gulden 30.001 – 40.000 gulden 40.001 – 50.000 gulden 50.001 of meer gulden weet niet wil niet zeggen minder dan 450 euro 451 – 900 euro 901 – 1360 euro 1361 - 1820 euro 1821 - 2270 euro 2271 - 4540 euro 4541 - 9080 euro 9081 - 13610 euro 13611 - 18150 euro 18151 - 22690 euro 22690 of meer euro

3.1.3.2 Wat is naar schatting de indirecte financiële schade die de vestiging als gevolg van inbraken in de afgelopen 12 maanden heeft geleden? Bijvoorbeeld omzetderving of vertraging in levering. Enq. Bedrag noteren in hele guldens of euro’s • • • • …. gulden ….. euro Weet niet Wil niet zeggen 3.1.4 3.1.4 3.1.3.3 3.1.3.3

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |41

3.1.3.3 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen:
27. 28. 29. 30. 31. 32. 33. 34. 35. 36. 37. 38. 39. minder dan 1.000 gulden 1.001 – 2.000 gulden 2.001 – 3.000 gulden 3.001 – 4.000 gulden 4.001 – 5.000 gulden 5.001 – 10.000 gulden 10.001 – 20.000 gulden 20.001 – 30.000 gulden 30.001 – 40.000 gulden 40.001 – 50.000 gulden 50.001 of meer gulden weet niet wil niet zeggen minder dan 450 euro 451 – 900 euro 901 – 1360 euro 1361 - 1820 euro 1821 - 2270 euro 2271 - 4540 euro 4541 - 9080 euro 9081 - 13610 euro 13611 - 18150 euro 18151 - 22690 euro 22690 of meer euro

3.1.4 Was bij het laatste geval van inbraak de dader of vermoedelijke dader een onbekend, een klant, een personeelslid, een leverancier, criminele organisatie of is dit onbekend? • • • • • • • • • Onbekend Klant/opdrachtgever Vast personeelslid Ingehuurd personeelslid Leverancier Een criminele organisatie Anders, nl…… Weet niet Wil niet zeggen

3.1.5 Heeft een medewerker van de vestiging in de afgelopen 12 maanden bij de politie melding gemaakt van inbraak? • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen 3.1.6 3.1.8 3.1.8 3.1.8

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |42

3.1.6 Hoe vaak heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden melding van inbraak gedaan bij de politie? • • • --- maal Weet niet Wil niet zeggen 3.1.7 3.1.7 3.1.7

3.1.7 Op welke manier heeft de vestiging de laatste maal de politie van de inbraak op de hoogte gesteld? Enq: niet oplezen • • • • • • • • • • • Telefonisch Op het politiebureau Proces-verbaal opgemaakt Gestandaardiseerd aangifteformulier Er kwam een agent langs Via het alarmsysteem Via de bedrijfsbeveiligingsdienst Elektronische aangifte (via e-mail) Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen

Voor de vestigingen die geen melding hebben gemaakt van het delict 3.1.8 Ik noem u nu een aantal redenen die voor de vestiging van toepassing zouden kunnen zijn om geen melding te doen. Welke waren voor de vestiging van toepassing Enq: lees op • • • • • • • • • • • • • Verzekering dekt de schade toch niet (ook niet met melding/aangifte) Verzekering vergoedt de schade ook zonder melding/aangifte De schade was te klein om melding/aangifte te doen (binnen eigen risico) Er was daarvoor geen tijd De politie doet er toch niets aan De vestiging heeft het probleem zelf aangepakt Ontevredenheid over de manier waarop de politie de laatste aangifte heeft behandeld Het risico van negatieve publiciteit / een slechte naamsbekendheid Het risico uit de verzekering te worden gezet Angst voor represailles / wraakacties door de dader Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2 3.2

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |43

Diefstal
Enq. Ik ga u nu iets vragen over diefstal bij de vestiging. 3.2 Heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met diefstal van bijvoorbeeld materialen of andere artikelen uit vestigingsgebouwen <onder selectie van vraag 1.10 ja (in het bezit van bedrijfs- of leasewagens): of bedrijfswagens of andere transportmiddelen> ? Indien er in de vestiging (ook) sprake was van inbraak, oplezen: Enq: Het gaat daarbij niet om de gestolen goederen bij een inbraak. • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen 3.2.1 3.3 3.3 3.3

3.2.1 Hoe vaak zijn uit de bedrijfsgebouwen materialen of andere artikelen gestolen? • • • • 0 maal … maal Weet niet Wil niet zeggen

Onder selectie van vraag 1.10 ja (in het bezit van bedrijfs- of leasewagens) 3.2.2 Hoe vaak zijn er in de afgelopen 12 maanden bedrijfswagens of andere transportmiddelen gestolen? • • • • 0 maal … maal Weet niet Wil niet zeggen 3.2.3 3.2.2.1 3.2.2.1 3.2.2.1

3.2.2.1 Vond de laatste diefstal van een bedrijfswagen of een ander transportmiddel op het eigen bedrijfsterrein plaats, binnen de gemeente, elders in Nederland of in het buitenland? • • • • • • - eigen terrein - binnen uw gemeente - elders in Nederland - buitenland Weet niet Wil niet zeggen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |44

Onder selectie van vraag 1.10 ja (in het bezit van bedrijfs- of leasewagens) 3.2.3 Hoe vaak zijn er in de afgelopen 12 maanden goederen uit bedrijfswagens of andere transportmiddelen gestolen? • • • • 0 maal … maal Weet niet Wil niet zeggen 3.2.4 3.2.3.1 3.2.3.1 3.2.3.1

3.2.3.1 Vond de laatste diefstal van goederen uit een bedrijfswagen of een ander transportmiddel op het eigen bedrijfsterrein plaats, binnen de gemeente, elders in Nederland of in het buitenland? • • • • • • - eigen terrein - binnen uw gemeente - elders in Nederland - buitenland Weet niet Wil niet zeggen

3.2.4 Wat is naar schatting de totale directe financiële schade die de vestiging als gevolg van diefstal in de afgelopen 12 maanden heeft geleden, ongeacht het bedrag dat eventueel door de verzekering is uitbetaald? Enq: Het gaat om de directe schade, is de directe (bruto) kosten die zijn gemaakt voor vervanging, reparatie en dergelijke ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering en ongeacht indirecte schade zoals omzetderving of niet op tijd kunnen leveren. Enq. Bedrag noteren in hele guldens of in euro’s • ……. gulden 3.2.4.2 • .…….euro 3.2.4.2 • Weet niet 3.2.4.1 • Wil niet zeggen 3.2.4.1

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |45

3.2.4.1 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven?
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. minder dan 1.000 gulden 1.001 – 2.000 gulden 2.001 – 3.000 gulden 3.001 – 4.000 gulden 4.001 – 5.000 gulden 5.001 – 10.000 gulden 10.001 – 20.000 gulden 20.001 – 30.000 gulden 30.001 – 40.000 gulden 40.001 – 50.000 gulden 50.001 of meer gulden weet niet wil niet zeggen minder dan 450 euro 451 – 900 euro 901 – 1360 euro 1361 - 1820 euro 1821 - 2270 euro 2271 - 4540 euro 4541 - 9080 euro 9081 - 13610 euro 13611 - 18150 euro 18151 - 22690 euro 22690 of meer euro

3.2.4.2 Wat is naar schatting de indirecte financiële schade die de vestiging als gevolg van diefstal in de afgelopen 12 maanden heeft geleden? Bijvoorbeeld omzetderving of vertraging in levering. Enq. Bedrag noteren in hele guldens of euro’s • • • • …. gulden ….. euro Weet niet Wil niet zeggen 3.2.5 3.2.5 3.2.4.3 3.2.4.3

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |46

3.2.4.3 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven?
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. minder dan 1.000 gulden 1.001 – 2.000 gulden 2.001 – 3.000 gulden 3.001 – 4.000 gulden 4.001 – 5.000 gulden 5.001 – 10.000 gulden 10.001 – 20.000 gulden 20.001 – 30.000 gulden 30.001 – 40.000 gulden 40.001 – 50.000 gulden 50.001 of meer gulden weet niet wil niet zeggen minder dan 450 euro 451 – 900 euro 901 – 1360 euro 1361 - 1820 euro 1821 - 2270 euro 2271 - 4540 euro 4541 - 9080 euro 9081 - 13610 euro 13611 - 18150 euro 18151 - 22690 euro 22690 of meer euro

Aan iedereen stellen die bij vraag 3.2 aangegeven heeft dat ze met diefstal te maken hebben gehad. “Was er bij het laatste geval van diefstal sprake van een vorm van geweld tegen een medewerker van de vestiging?” • Ja door naar 3.2.5 • Nee door naar 3.2.5 • Weet niet door naar 3.2.5 • Wil niet zeggen door naar 3.2.5 3.2.5 Was bij het laatste geval van diefstal de dader of vermoedelijke dader een onbekend, een klant, een personeelslid, een leverancier, een criminele organisatie of is dit onbekend? • • • • • • • • • Onbekend Klant/opdrachtgever Vast personeelslid Ingehuurd personeelslid Leverancier Een criminele organisatie Anders, nl……. Weet niet Wil niet zeggen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |47

3.2.6 Heeft een medewerker van de vestiging in de afgelopen 12 maanden bij de politie melding gemaakt van diefstal? • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen 3.2.7 3.2.9 3.2.9 3.2.9

3.2.7 Hoe vaak heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden melding van diefstal gedaan bij de politie? • • • --- maal Weet niet Wil niet zeggen 3.2.8 3.2.8 3.2.8

3.2.8 Op welke manier heeft de vestiging de laatste maal de politie van de diefstal op de hoogte gesteld? Enq: niet oplezen • • • • • • • • • • • Telefonisch Op het politiebureau Proces-verbaal opgemaakt Gestandaardiseerd aangifteformulier Er kwam een agent langs Via het alarmsysteem Via de bedrijfsbeveiligingsdienst Elektronische aangifte (via e-mail) Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |48

Voor de vestigingen die geen melding hebben gemaakt van het delict 3.2.9 Ik noem u nu een aantal redenen die voor de vestiging van toepassing zouden kunnen zijn om geen melding te doen. Welke waren voor de vestiging van toepassing Enq: lees op • • • • • • • • • • • • • Verzekering dekt de schade toch niet (ook niet met melding/aangifte) Verzekering vergoedt de schade ook zonder melding/aangifte De schade was te klein om melding/aangifte te doen (binnen eigen risico) Er was daarvoor geen tijd De politie doet er toch niets aan De vestiging heeft het probleem zelf aangepakt Ontevredenheid over de manier waarop de politie de laatste aangifte heeft behandeld Het risico van negatieve publiciteit / een slechte naamsbekendheid Het risico uit de verzekering te worden gezet Angst voor represailles / wraakacties door de dader Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen 3.3 3.3 3.3 3.3 3.3 3.3 3.3 3.3 3.3 3.3 3.3 3.3 3.3 3.3

Vernieling
Enq. Ik ga u nu enkele vragen stellen over vernielingen. 3.3 Heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met opzettelijke vernieling van bedrijfsgebouwen, bedrijfswagens of andere transportmiddelen of andere eigendommen? Denk daarbij bijvoorbeeld aan dingen stukmaken, brandstichting of het aanbrengen van graffiti. • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen 3.3.1 3.4 3.4 3.4

3.3.1 Hoe vaak ging het daarbij om dergelijke vernielingen van bedrijfsgebouwen? • • • • 0 maal …maal Weet niet Wil niet zeggen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |49

Onder selectie van vraag 1.10 ja (in het bezit van bedrijfs- of leasewagens) 3.3.2 Hoe vaak ging het daarbij om vernieling, brandstichting of het aanbrengen van graffiti aan bedrijfswagens of andere transportmiddelen? • • • • 0 maal .. Maal Weet niet Wil niet zeggen 3.3.3

3.3.2.1 Vond het laatste geval van vernieling van een bedrijfswagen of een ander transportmiddel plaats op het eigen terrein, in de gemeente, elders in Nederland of in het buitenland? • • • • • • Eigen terrein Binnen uw regio Elders in Nederland Buitenland Weet niet Wil niet zeggen

3.3.3 Wat is naar schatting de totale directe financiële schade die de vestiging als gevolg van vernieling, brandstichting en graffiti in de afgelopen 12 maanden heeft geleden, ongeacht het bedrag dat eventueel door de verzekering is uitbetaald? Enq: Het gaat om de directe schade, is de directe (bruto) kosten die zijn gemaakt voor vervanging, reparatie en dergelijke ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering en ongeacht indirecte schade zoals omzetderving of niet op tijd kunnen leveren. Enq: exclusief de eventuele schade die verband houdt met inbraken Enq. Het bedrag noteren in hele guldens of euro’s • • • • ….. gulden ….. euro Weet niet Wil niet zeggen 3.3.3.2 3.3.3.2 3.3.3.1 3.3.3.1

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |50

3.3.3.1 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven?
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. minder dan 1.000 gulden 1.001 – 2.000 gulden 2.001 – 3.000 gulden 3.001 – 4.000 gulden 4.001 – 5.000 gulden 5.001 – 10.000 gulden 10.001 – 20.000 gulden 20.001 – 30.000 gulden 30.001 – 40.000 gulden 40.001 – 50.000 gulden 50.001 of meer gulden weet niet wil niet zeggen minder dan 450 euro 451 – 900 euro 901 – 1360 euro 1361 - 1820 euro 1821 - 2270 euro 2271 - 4540 euro 4541 - 9080 euro 9081 - 13610 euro 13611 - 18150 euro 18151 - 22690 euro 22690 of meer euro

3.3.3.2 Wat is naar schatting de indirecte financiële schade die de vestiging als gevolg van vernieling, brandstichting en graffiti in de afgelopen 12 maanden heeft geleden? Bijvoorbeeld omzetderving of vertraging in levering. Enq. Bedrag noteren in hele guldens of euro’s • • • • …. gulden ….. euro Weet niet Wil niet zeggen 3.3.4 3.3.4 3.3.3.3 3.3.3.3

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |51

3.3.3.3 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven?
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. minder dan 1.000 gulden 1.001 – 2.000 gulden 2.001 – 3.000 gulden 3.001 – 4.000 gulden 4.001 – 5.000 gulden 5.001 – 10.000 gulden 10.001 – 20.000 gulden 20.001 – 30.000 gulden 30.001 – 40.000 gulden 40.001 – 50.000 gulden 50.001 of meer gulden weet niet wil niet zeggen minder dan 450 euro 451 – 900 euro 901 – 1360 euro 1361 - 1820 euro 1821 - 2270 euro 2271 - 4540 euro 4541 - 9080 euro 9081 - 13610 euro 13611 - 18150 euro 18151 - 22690 euro 22690 of meer euro

3.3.4 Was bij het laatste geval van vernieling de dader of vermoedelijke dader een onbekend, een klant, een personeelslid, een leverancier, een criminele organisatie of is dit onbekend? • • • • • • • • • Onbekend Klant/opdrachtgever Vast personeelslid Ingehuurd personeelslid Leverancier Een criminele organisatie Anders, nl…… Weet niet Wil niet zeggen

3.3.5 Heeft een medewerker van de vestiging in de afgelopen 12 maanden bij de politie melding gemaakt van vernieling? • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen 3.3.6 3.3.8 3.3.8 3.3.8

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |52

3.3.6 Hoe vaak heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden bij de politie melding gedaan van vernieling? • • • --- maal Weet niet Wil niet zeggen 3.3.7 3.3.7 3.3.7

3.3.7 Op welke manier heeft de vestiging de laatste maal de politie van de vernieling op de hoogte gesteld? Enq: niet oplezen • • • • • • • • • • • Telefonisch Op het politiebureau Proces-verbaal opgemaakt Gestandaardiseerd aangifteformulier Er kwam een agent langs Via het alarmsysteem Via de bedrijfsbeveiligingsdienst Elektronische aangifte (via e-mail) Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen

Voor de vestigingen die geen melding hebben gemaakt van het delict 3.3.8 Ik noem u nu een aantal redenen die voor de vestiging van toepassing zouden kunnen zijn om geen melding te doen. Welke waren voor de vestiging van toepassing Enq: lees op • • • • • • • • • • • • • Verzekering dekt de schade toch niet (ook niet met melding/aangifte)3.4 Verzekering vergoedt de schade ook zonder melding/aangifte De schade was te klein om melding/aangifte te doen (binnen eigen risico) Er was daarvoor geen tijd De politie doet er toch niets aan De vestiging heeft het probleem zelf aangepakt Ontevredenheid over de manier waarop de politie de laatste aangifte heeft behandeld Het risico van negatieve publiciteit / een slechte naamsbekendheid Het risico uit de verzekering te worden gezet Angst voor represailles / wraakacties door de dader Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen

3.4 3.4 3.4 3.4 3.4 3.4 3.4 3.4 3.4 3.4 3.4 3.4 3.4

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |53

Fraude
Enq. Ik ga u nu enkele vragen stellen over fraude 3.4 Is de vestiging in de afgelopen 12 maanden geconfronteerd met fraude? Daarmee bedoelen we bijvoorbeeld het vervalsen van contracten, het indienen van valse declaraties door het eigen personeel of het sturen van valse facturen door klanten of toeleveranciers? • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen 3.4.1 3.5 3.5 3.5

3.4.1 Hoe vaak heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met fraude door mensen van buiten de onderneming, zoals klanten en toeleveranciers? Bijvoorbeeld door het knoeien met rekeningen of het vervalsen van contracten. • • • • 0 maal .. Maal Weet niet Wil niet zeggen

3.4.1.1 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de vestiging als gevolg van fraude door mensen van buiten de onderneming in de afgelopen 12 maanden heeft geleden, ongeacht het bedrag dat eventueel door de verzekering is uitbetaald? Enq: Het gaat om de directe schade, is de directe (bruto) kosten die zijn gemaakt voor vervanging, reparatie en dergelijke ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering en ongeacht indirecte schade als gevolg van het niet kunnen nakomen van aangegane verplichtingen. Enq. Het bedrag noteren in hele guldens of euro’s • • • • ….. gulden ….. euro Weet niet Wil niet zeggen 3.4.1.3 3.4.1.3 3.4.1.2 3.4.1.2

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |54

3.4.1.2 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven?
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. minder dan 1.000 gulden 1.001 – 2.000 gulden 2.001 – 3.000 gulden 3.001 – 4.000 gulden 4.001 – 5.000 gulden 5.001 – 10.000 gulden 10.001 – 20.000 gulden 20.001 – 30.000 gulden 30.001 – 40.000 gulden 40.001 – 50.000 gulden 50.001 of meer gulden weet niet wil niet zeggen minder dan 450 euro 451 – 900 euro 901 – 1360 euro 1361 - 1820 euro 1821 - 2270 euro 2271 - 4540 euro 4541 - 9080 euro 9081 - 13610 euro 13611 - 18150 euro 18151 - 22690 euro 22690 of meer euro

3.4.1.3 Wat is naar schatting de indirecte financiële schade die de vestiging als gevolg van fraude door mensen van buiten de onderneming in de afgelopen 12 maanden heeft geleden? Bijvoorbeeld omzetderving of vertraging in levering. Enq. Bedrag noteren in hele guldens of euro’s • • • • …. gulden ….. euro Weet niet Wil niet zeggen 3.4.2 3.4.2 3.4.1.4 3.4.1.4

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |55

3.4.1.4 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven?
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. minder dan 1.000 gulden 1.001 – 2.000 gulden 2.001 – 3.000 gulden 3.001 – 4.000 gulden 4.001 – 5.000 gulden 5.001 – 10.000 gulden 10.001 – 20.000 gulden 20.001 – 30.000 gulden 30.001 – 40.000 gulden 40.001 – 50.000 gulden 50.001 of meer gulden weet niet wil niet zeggen minder dan 450 euro 451 – 900 euro 901 – 1360 euro 1361 - 1820 euro 1821 - 2270 euro 2271 - 4540 euro 4541 - 9080 euro 9081 - 13610 euro 13611 - 18150 euro 18151 - 22690 euro 22690 of meer euro

3.4.2 Hoe vaak is er in de afgelopen 12 maanden door het personeel gefraudeerd, bijvoorbeeld door het indienen van valse declaraties of het overschrijven van bedrijfsgeld naar de eigen rekening? • 0 maal • .. Maal • Weet niet • Wil niet zeggen 3.4.3 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de vestiging als gevolg van fraude door het eigen personeel in de afgelopen 12 maanden heeft geleden, ongeacht het bedrag dat eventueel door de verzekering is uitbetaald? Enq: Het gaat om de directe schade, is de directe (bruto) kosten die zijn gemaakt voor vervanging, reparatie en dergelijke ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering en ongeacht indirecte schade zoals het niet kunnen nakomen van aangegane verplichtingen. Enq. Het bedrag noteren in hele guldens of euro’s • • • • …. gulden …..euro Weet niet Wil niet zeggen 3.4.3.2 3.4.3.2 3.4.3.1 3.4.3.1

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |56

3.4.3.1 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven?
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. minder dan 1.000 gulden 1.001 – 2.000 gulden 2.001 – 3.000 gulden 3.001 – 4.000 gulden 4.001 – 5.000 gulden 5.001 – 10.000 gulden 10.001 – 20.000 gulden 20.001 – 30.000 gulden 30.001 – 40.000 gulden 40.001 – 50.000 gulden 50.001 of meer gulden weet niet wil niet zeggen minder dan 450 euro 451 – 900 euro 901 – 1360 euro 1361 - 1820 euro 1821 - 2270 euro 2271 - 4540 euro 4541 - 9080 euro 9081 - 13610 euro 13611 - 18150 euro 18151 - 22690 euro 22690 of meer euro

3.4.3.2 Wat is naar schatting de indirecte financiële schade die de vestiging als gevolg van fraude door eigen personeel in de afgelopen 12 maanden heeft geleden? Bijvoorbeeld omzetderving of vertraging in levering. Enq. Bedrag noteren in hele guldens of euro’s • • • • …. gulden ….. euro Weet niet Wil niet zeggen 3.4.5 3.4.5 3.4.3.3 3.4.3.3

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |57

3.4.3.3 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven?
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. minder dan 1.000 gulden 1.001 – 2.000 gulden 2.001 – 3.000 gulden 3.001 – 4.000 gulden 4.001 – 5.000 gulden 5.001 – 10.000 gulden 10.001 – 20.000 gulden 20.001 – 30.000 gulden 30.001 – 40.000 gulden 40.001 – 50.000 gulden 50.001 of meer gulden weet niet wil niet zeggen minder dan 450 euro 451 – 900 euro 901 – 1360 euro 1361 - 1820 euro 1821 - 2270 euro 2271 - 4540 euro 4541 - 9080 euro 9081 - 13610 euro 13611 - 18150 euro 18151 - 22690 euro 22690 of meer euro

3.4.5 Was bij het laatste geval de van fraude de dader of vermoedelijke dader een onbekend, een klant, een personeelslid, een leverancier, een criminele organisatie of is dit onbekend? • • • • • • • • • Onbekend Klant/opdrachtgever Vast personeelslid Ingehuurd personeelslid Leverancier Een criminele organisatie Anders, nl….. Weet niet Wil niet zeggen

3.4.6 Heeft een medewerker van de vestiging in de afgelopen 12 maanden bij de politie melding gemaakt van fraude? • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen 3.4.7 3.4.9 3.4.9 3.4.9

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |58

3.4.7 Hoe vaak heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden bij de politie melding van fraude gedaan? • • • --- maal Weet niet Wil niet zeggen 3.4.8 3.4.8 3.4.8

3.4.8 Op welke manier heeft de vestiging de laatste maal de politie van de fraude op de hoogte gesteld? Enq: niet oplezen • • • • • • • • • • • Telefonisch Op het politiebureau Proces-verbaal opgemaakt Gestandaardiseerd aangifteformulier Er kwam een agent langs Via het alarmsysteem Via de bedrijfsbeveiligingsdienst Elektronische aangifte (via e-mail) Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen

Voor de vestigingen die geen melding hebben gemaakt van het delict 3.4.9 Ik noem u nu een aantal redenen die voor de vestiging van toepassing zouden kunnen zijn om geen melding te doen. Welke waren voor de vestiging van toepassing Enq: lees op • • • • • • • • • • • • • Verzekering dekt de schade toch niet (ook niet met melding/aangifte)` Verzekering vergoedt de schade ook zonder melding/aangifte De schade was te klein om melding te doen (binnen eigen risico) Er was daarvoor geen tijd De politie doet er toch niets aan De vestiging heeft het probleem zelf aangepakt Ontevredenheid over de manier waarop de politie de laatste aangifte heeft behandeld Het risico van negatieve publiciteit / een slechte naamsbekendheid Het risico uit de verzekering te worden gezet Angst voor represailles / wraakacties door de dader Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen 3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 3.5 3.5

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |59

Computercriminaliteit
Enq. Ik ga u nu enkele vragen stellen over computercriminaliteit Deze vragen worden alleen gesteld indien er computers in het bedrijf aanwezig zijn (vraag 1.11 ja) 3.5 Heeft de vestiging in de afgelopen twaalf maanden te maken gehad met criminaliteit waarbij gebruik werd gemaakt van een computer? • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen 3.5.1 3.6 3.6 3.6

3.5.1 Ging het daarbij om…… (Enq.: lees op. Meer antwoorden mogelijk) • • • • • • • Een computervirus Inbraak in of misbruik van gegevensbestanden Sabotage of wijziging van programmatuur Sabotage of onbruikbaar maken van pc’s, netwerken of mainframes Een andere vorm van computercriminaliteit Weet niet Wil niet zeggen

3.5.2 Hoe vaak heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met computercriminaliteit? • • • • 0 maal … maal Weet niet Wil niet zeggen

3.5.3 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de vestiging als gevolg van computercriminaliteit in de afgelopen 12 maanden heeft geleden ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering. Enq: Het gaat om de directe schade, de directe (bruto) kosten die zijn gemaakt voor vervanging, reparatie en dergelijke ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering en ongeacht indirecte schade die is veroorzaakt door bijvoorbeeld het niet kunnen nakomen van aangegane verplichtingen.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |60

Enq. Bedrag noteren in hele guldens / euro • • • • ….. gulden ….. euro Weet niet Wil niet zeggen 3.5.3.2 3.5.3.2 3.5.3.1 3.5.3.1

3.5.3.1 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven?
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. minder dan 1.000 gulden 1.001 – 2.000 gulden 2.001 – 3.000 gulden 3.001 – 4.000 gulden 4.001 – 5.000 gulden 5.001 – 10.000 gulden 10.001 – 20.000 gulden 20.001 – 30.000 gulden 30.001 – 40.000 gulden 40.001 – 50.000 gulden 50.001 of meer gulden weet niet wil niet zeggen minder dan 450 euro 451 – 900 euro 901 – 1360 euro 1361 - 1820 euro 1821 - 2270 euro 2271 - 4540 euro 4541 - 9080 euro 9081 - 13610 euro 13611 - 18150 euro 18151 - 22690 euro 22690 of meer euro

3.5.3.2 Wat is naar schatting de indirecte financiële schade die de vestiging als gevolg van computercriminaliteit in de afgelopen 12 maanden heeft geleden? Bijvoorbeeld omzetderving of vertraging in levering. Enq. Bedrag noteren in hele guldens of euro’s • • • • …. gulden ….. euro Weet niet Wil niet zeggen 3.5.4 3.5.4 3.5.3.3 3.5.3.3

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |61

3.5.3.3 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven?
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. minder dan 1.000 gulden 1.001 – 2.000 gulden 2.001 – 3.000 gulden 3.001 – 4.000 gulden 4.001 – 5.000 gulden 5.001 – 10.000 gulden 10.001 – 20.000 gulden 20.001 – 30.000 gulden 30.001 – 40.000 gulden 40.001 – 50.000 gulden 50.001 of meer gulden weet niet wil niet zeggen minder dan 450 euro 451 – 900 euro 901 – 1360 euro 1361 - 1820 euro 1821 - 2270 euro 2271 - 4540 euro 4541 - 9080 euro 9081 - 13610 euro 13611 - 18150 euro 18151 - 22690 euro 22690 of meer euro

3.5.4 Was bij het laatste geval van computercriminaliteit de dader of vermoedelijke dader een onbekend, een klant, een personeelslid, een leverancier, een criminele organisatie of is dit onbekend? • • • • • • • • • • Onbekend Klant/opdrachtgever Vast personeelslid Ingehuurd personeelslid Leverancier Een criminele organisatie Virus-verspreider Anders, nl …… Weet niet Wil niet zeggen

3.5.5 Heeft een medewerker van de vestiging in de afgelopen 12 maanden bij de politie melding gemaakt van computercriminaliteit? • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen 3.5.6 3.5.8 3.5.8 3.5.8

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |62

3.5.6 Hoe vaak heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden bij de politie melding gedaan van computercriminaliteit? • • • --- maal Weet niet Wil niet zeggen 3.5.7 3.5.7 3.5.7

3.5.7 Op welke manier heeft de vestiging de laatste maal de politie van de computercriminaliteit op de hoogte gesteld? Enq: niet oplezen • • • • • • • • • • • Telefonisch Op het politiebureau Proces-verbaal opgemaakt Gestandaardiseerd aangifteformulier Er kwam een agent langs Via het alarmsysteem Via de bedrijfsbeveiligingsdienst Elektronische aangifte (via e-mail) Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen

Voor de vestigingen die geen melding hebben gemaakt van het delict 3.5.8 Ik noem u nu een aantal redenen die voor de vestiging van toepassing zouden kunnen zijn om geen melding te doen. Welke waren voor de vestiging van toepassing: Enq: lees op • • • • • • • • • • • • • Verzekering dekt de schade toch niet (ook niet met melding/aangifte) 3.6 Verzekering vergoedt de schade ook zonder melding/aangifte 3.6 De schade was te klein om melding/aangifte te doen (binnen eigen risico) 3.6 Er was daarvoor geen tijd 3.6 De politie doet er toch niets aan 3.6 De vestiging heeft het probleem zelf aangepakt 3.6 Ontevredenheid over de manier waarop de politie de laatste melding/aangifte 3.6 heeft behandeld 3.6 Het risico van negatieve publiciteit / een slechte naamsbekendheid 3.6 Het risico uit de verzekering te worden gezet 3.6 Angst voor represailles / wraakacties door de dader 3.6 Anders, namelijk ... 3.6 Weet niet 3.6 Wil niet zeggen 3.6

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |63

Geweldsdelicten
Enq. Ik ga u nu een aantal vragen stellen over geweldsdelicten. 3.6 Heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met één of meer geweldsdelicten tegen het personeel? Met geweldsdelicten bedoelen we bijvoorbeeld mishandeling, bedreiging en dergelijke. . • • • • Nee Weet niet Wil niet zeggen Ja 3.7 3.7 3.7 3.6.1

Nieuwe vraag Stellen aan iedereen die bij 3.6 heeft aangegeven met geweldsdelicten te maken te hebben gehad. “Om welk(e) delict(en) ging het?” (Meer antwoorden mogelijk) • Mishandeling door naar 3.6.1 • Bedreiging door naar 3.6.1 • Afpersing door naar 3.6.1 • Overval, beroving door naar 3.6.1 • Zedendelict (aanranding, verkrachting) door naar 3.6.1 • Anders, namelijk ……….. door naar 3.6.1 • Weet niet door naar 3.6.1 • Wil niet zeggen door naar 3.6.1

3.6.1 Hoe vaak heeft de vestiging te maken gehad met geweldsdelicten? • • • • 0 maal .. Maal Weet niet Wil niet zeggen

3.6.2 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de vestiging als gevolg van geweldsdelicten in de afgelopen 12 maanden heeft geleden ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering? Enq: Het gaat om de directe schade, is de directe (bruto) kosten die zijn gemaakt voor vervanging, reparatie en dergelijke ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering en ongeacht indirecte schade zoals omzetderving of niet op tijd kunnen leveren. Enq. Bedrag noteren in hele guldens of in hele euro’s

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |64

• • • •

….. gulden ….. euro Weet niet Wil niet zeggen

3.6.2.2 3.6.2.2 3.6.2.1 3.6.2.1

3.6.2.1 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven?
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. minder dan 1.000 gulden 1.001 – 2.000 gulden 2.001 – 3.000 gulden 3.001 – 4.000 gulden 4.001 – 5.000 gulden 5.001 – 10.000 gulden 10.001 – 20.000 gulden 20.001 – 30.000 gulden 30.001 – 40.000 gulden 40.001 – 50.000 gulden 50.001 of meer gulden weet niet wil niet zeggen minder dan 450 euro 451 – 900 euro 901 – 1360 euro 1361 - 1820 euro 1821 - 2270 euro 2271 - 4540 euro 4541 - 9080 euro 9081 - 13610 euro 13611 - 18150 euro 18151 - 22690 euro 22690 of meer euro

3.6.2.2 Wat is naar schatting de indirecte financiële schade die de vestiging als gevolg van geweldsdelicten in de afgelopen 12 maanden heeft geleden? Bijvoorbeeld omzetderving of vertraging in levering. Enq. Bedrag noteren in hele guldens of euro’s • • • • …. gulden ….. euro Weet niet Wil niet zeggen 3.6.3 3.6.3 3.6.2.3 3.6.2.3

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |65

3.6.2.3 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven?
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. minder dan 1.000 gulden 1.001 – 2.000 gulden 2.001 – 3.000 gulden 3.001 – 4.000 gulden 4.001 – 5.000 gulden 5.001 – 10.000 gulden 10.001 – 20.000 gulden 20.001 – 30.000 gulden 30.001 – 40.000 gulden 40.001 – 50.000 gulden 50.001 of meer gulden weet niet wil niet zeggen minder dan 450 euro 451 – 900 euro 901 – 1360 euro 1361 - 1820 euro 1821 - 2270 euro 2271 - 4540 euro 4541 - 9080 euro 9081 - 13610 euro 13611 - 18150 euro 18151 - 22690 euro 22690 of meer euro

3.6.3 Was bij het laatste geweldsdelict de dader of vermoedelijke dader een onbekend, een klant, een personeelslid, een leverancier, een criminele organisatie of is dit onbekend? • • • • • • • • • Onbekend Klant/opdrachtgever Vast personeelslid Ingehuurd personeelslid Leverancier Een criminele organisatie Anders, nl…… Weet niet Wil niet zeggen

3.6.4 Heeft een medewerker van de vestiging in de afgelopen 12 maanden bij de politie melding gemaakt van een geweldsdelict? • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen 3.6.5 3.6.7 3.6.7 3.6.7

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |66

3.6.5 Hoe vaak heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden bij de politie melding gemaakt van een geweldsdelict? • • • --- maal Weet niet Wil niet zeggen 3.6.6 3.6.6 3.6.6

3.6.6 Op welke manier heeft de vestiging de laatste maal de politie van het geweldsdelict op de hoogte gesteld? Enq: niet oplezen • • • • • • • • • • • Telefonisch Op het politiebureau Proces-verbaal opgemaakt Gestandaardiseerd aangifteformulier Er kwam een agent langs Via het alarmsysteem Via de bedrijfsbeveiligingsdienst Elektronische aangifte (via e-mail) Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen

Voor de vestigingen die geen melding hebben gemaakt van het delict 3.6.7 Ik noem u nu een aantal redenen die voor de vestiging van toepassing zouden kunnen zijn om geen melding te doen. Welke waren voor de vestiging van toepassing Enq: lees op • • • • • • • • • • • • • Verzekering dekt de schade toch niet (ook niet met melding/aangifte) Verzekering vergoedt de schade ook zonder melding/aangifte De schade was te klein om melding/aangifte te doen (binnen eigen risico) Er was daarvoor geen tijd De politie doet er toch niets aan De vestiging heeft het probleem zelf aangepakt Ontevredenheid over de manier waarop de politie de laatste aangifte heeft behandeld Het risico van negatieve publiciteit / een slechte naamsbekendheid Het risico uit de verzekering te worden gezet Angst voor represailles / wraakacties door de dader Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen 3.7 3.7 3.7 3.7 3.7 3.7 3.7 3.7 3.7 3.7 3.7 3.7 3.7 3.7

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |67

Andere vormen van criminaliteit
Vervolgens wil ik graag van u weten of de vestiging te maken heeft gehad met andere vormen van criminaliteit. 3.7 Is de vestiging slachtoffer geworden van één of meer nog niet genoemde delicten? Enq: het gaat niet om inbraak, diefstal, vernieling (brandstichting of graffiti), fraude, computercriminaliteit of een geweldsdelict. • • • • Nee Ja Weet niet Wil niet zeggen 4.1 3.7.1 4.1 4.1

3.7.1 Wat is het laatst voorgevallen delict? • Antwoord, namelijk …………………… • Weet niet • Wil niet zeggen 3.7.2 Hoe vaak is <naam ander delict1> in de afgelopen 12 maanden gebeurd? • • • • 0 maal .. Maal Weet niet Wil niet zeggen

3.7.3 Was er in de afgelopen 12 maanden nog een ander niet genoemd delict? • • • • ja nee Weet niet Wil niet zeggen 3.7.3.1 3.7.4

3.7.3.1 Om welk delict ging het? • Antwoord, namelijk …………………… • Weet niet • Wil niet zeggen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |68

3.7.3.2 Hoe vaak is <naam ander delict2> in de afgelopen 12 maanden gebeurd? • • • • 0 maal .. Maal Weet niet Wil niet zeggen

Toelichting: de vragen 3.7.5, 3.7.5.1, 3.7.5.2, 3.7.5.3, 3.7.6, 3.7.7, 3.7.8, 3.7.9 en 3.7.10 worden afzonderlijk gesteld voor elk overig delict met een maximum van 2 delicten. 3.7.5 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de vestiging als gevolg van <overig delict 1/ overig delict 2> in de afgelopen 12 maanden heeft geleden, ongeacht het bedrag dat eventueel door de verzekering is uitbetaald? Enq: Het gaat om de directe schade, is de directe (bruto) kosten die zijn gemaakt voor vervanging, reparatie en dergelijke ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering en ongeacht indirecte schade zoals omzetderving of niet op tijd kunnen leveren. Enq. Het bedrag noteren in hele guldens of euro’s • • • • …. gulden …..euro Weet niet Wil niet zeggen 3.7.5.2 3.7.5.2 3.7.5.1 3.7.5.1

3.7.5.1 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven?
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. minder dan 1.000 gulden 1.001 – 2.000 gulden 2.001 – 3.000 gulden 3.001 – 4.000 gulden 4.001 – 5.000 gulden 5.001 – 10.000 gulden 10.001 – 20.000 gulden 20.001 – 30.000 gulden 30.001 – 40.000 gulden 40.001 – 50.000 gulden 50.001 of meer gulden weet niet wil niet zeggen minder dan 450 euro 451 – 900 euro 901 – 1360 euro 1361 - 1820 euro 1821 - 2270 euro 2271 - 4540 euro 4541 - 9080 euro 9081 - 13610 euro 13611 - 18150 euro 18151 - 22690 euro 22690 of meer euro

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |69

3.7.5.2 Wat is naar schatting de indirecte financiële schade die de vestiging als gevolg van <overig delict 1/ overig delict 2> in de afgelopen 12 maanden heeft geleden? Bijvoorbeeld omzetderving of vertraging in levering. Enq. Bedrag noteren in hele guldens of euro’s • …. gulden 3.7.6 • ….. euro 3.7.6 • Weet niet 3.7.5.3 • Wil niet zeggen 3.7.5.3 3.7.5.3 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven?
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13. minder dan 1.000 gulden 1.001 – 2.000 gulden 2.001 – 3.000 gulden 3.001 – 4.000 gulden 4.001 – 5.000 gulden 5.001 – 10.000 gulden 10.001 – 20.000 gulden 20.001 – 30.000 gulden 30.001 – 40.000 gulden 40.001 – 50.000 gulden 50.001 of meer gulden weet niet wil niet zeggen minder dan 450 euro 451 – 900 euro 901 – 1360 euro 1361 - 1820 euro 1821 - 2270 euro 2271 - 4540 euro 4541 - 9080 euro 9081 - 13610 euro 13611 - 18150 euro 18151 - 22690 euro 22690 of meer euro

3.7.6 Was bij het laatste geval van deze andere vormen van criminaliteit de dader of vermoedelijke dader een onbekend, een klant, een personeelslid, een leverancier, een criminele organisatie of is dit onbekend? • Onbekend • Klant/opdrachtgever • Vast personeelslid • Ingehuurd personeelslid • Leverancier • Een criminele organisatie • Anders, nl…… • Weet niet • Wil niet zeggen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |70

3.7.7 Heeft een medewerker van de vestiging in de afgelopen 12 maanden bij de politie melding gemaakt van <overig delict 1/ overig delict 2>? • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen 3.7.8 3.7.10 3.7.10 3.7.10

3.7.8 Hoe vaak heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden bij de politie melding gedaan van <overig delict 1/ overig delict 2>? • • • --- maal Weet niet Wil niet zeggen 3.7.9 3.7.9 3.7.9

3.7.9 Op welke manier heeft de vestiging de laatste maal de politie van <overig delict 1/ overig delict 2> op de hoogte gesteld? Enq: niet oplezen • • • • • • • • • • • Telefonisch Op het politiebureau Proces-verbaal opgemaakt Gestandaardiseerd aangifteformulier Er kwam een agent langs Via het alarmsysteem Via de bedrijfsbeveiligingsdienst Elektronische aangifte (via e-mail) Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen

Voor de vestigingen die geen melding hebben gemaakt van het delict 3.7.10 Ik noem u nu een aantal redenen die voor de vestiging van toepassing zouden kunnen zijn om geen melding te doen. Welke waren voor de vestiging van toepassing Enq: lees op • • • • • • Verzekering dekt de schade toch niet (ook niet met melding/aangifte) Verzekering vergoedt de schade ook zonder melding/aangifte De schade was te klein om melding/aangifte te doen (binnen eigen risico) Er was daarvoor geen tijd De politie doet er toch niets aan De vestiging heeft het probleem zelf aangepakt 4.1 4.1 4.1 4.1 4.1 4.1

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |71

• • • • • • •

Ontevredenheid over de manier waarop de politie de laatste aangifte heeft behandeld Het risico van negatieve publiciteit / een slechte naamsbekendheid Het risico uit de verzekering te worden gezet Angst voor represailles / wraakacties door de dader Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen

4.1 4.1 4.1 4.1 4.1 4.1 4.1 4.1

Tevredenheid over politie bij melding/aangifte
Vragen die vallen onder 4 worden alleen gesteld indien één of meer keer melding gedaan van één van de delicten uit het gehele vorige blok 3 Selectie 3.1.5 code 1 of 3.2.6 code 1 of 3.3.5 code 1 of 3.4.6 code 1 of 3.5.5 code 1 of 3.6.4 code 1 of 3.7.7 code 1. Enq: Ten slotte wil ik u een aantal vragen stellen over uw tevredenheid over de manier waarop de politie uw meldingen van criminaliteit heeft afgehandeld. 4.1 Bent u over het algemeen tevreden of ontevreden over de manier waarop de politie de melding of aangifte van delict(en) afhandelt? • • • • • • • Zeer tevreden Tevreden Niet tevreden / niet ontevreden Ontevreden Zeer ontevreden Weet niet Wil niet zeggen 4.2 4.2 einde 4.3 4.3 einde einde

4.2 Op welke punten bent u tevreden over de politie? Enq; niet oplezen, meerdere antwoorden mogelijk • • • • • • • • • Snelheid Geheimhouding Preventie Kennis van zaken Probleemoplossend vermogen van de politie Daders zijn gepakt Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |72

4.3 Op welke punten bent u ontevreden over de politie? Enq: niet oplezen, meerdere antwoorden mogelijk • • • • • • • • • • • De geheimhouding Lange wachttijden bij politiebureau De politie liet de dader weer vrij Geen zichtbaar resultaat Niet serieus genomen De politie deed niets / had geen tijd Van de aangifte is geen preventieve werking uitgegaan De politie heeft geen kennis van zaken Anders, namelijk ..., Weet niet Wil niet zeggen

Dat was mijn laatste vraag. Hartelijk dank voor uw medewerking!

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |73

Sectorspecifieke aanpassingen Landbouw
Tekstuele aanpassingen Sommige vragen maken deel uit van de basisvragenlijst, maar worden gedeeltelijk toegesneden op een bepaalde sector. Het gaat dan om het maken van aanpassingen in de formulering van de vraag, dan wel in de antwoordcategorieën. Het gedeelte van de vraag dat is aangepast aan de sector, staat <vet> weergegeven. Screening / achtergrondkenmerken 1.2 Wat is dan de belangrijkste activiteit die wordt uitgeoefend in of vanuit dit bedrijf/deze vestiging? Is dat ......... • Akker- of tuinbouw • Veehouderij of fokkerij van dieren • Dienstverlenend bedrijf ten behoeve van de landbouw • Jacht, bosbouw, of visserijbedrijf • Geen van deze 1.7 Kunt u de aard van de huidige locatie van deze vestiging aanduiden? Ik lees u een aantal mogelijkheden voor. Is dit een… • Schrappen: kantorencomplex, winkelcentrum

1.9 Beschikt de bedrijfsvestiging over een eigen, van de openbare weg afgescheiden terrein / bedrijfsterrein? We bedoelen daarmee ook bijvoorbeeld parkeerterreinen <(opslag)loodsen, kassen, stallen, werven, etc.> 1.10 Heeft het bedrijf eigen bedrijfswagens, wagens die namens het bedrijf zijn geleasd, < tractoren, schepen of andere transportmiddelen>? Preventieve maatregelen door bedrijven en instellingen 2.2 Zijn bij de bedrijfsvestiging <of op landerijen/teeltoppervlakten> maatregelen getroffen ter voorkoming van criminaliteit, zoals alarmering, beveiliging op deuren en ramen of < het plaatsen van hekwerken>? Advisering door politie en anderen 2.5.1 Ik lees u nu een aantal terreinen voor waarop advies gegeven kan worden. Kunt u mij voor elk item zeggen of de bedrijfsvestiging hierop is geadviseerd? Antwoordcategorie toevoegen: • Voorkoming diefstal op landerijen/de teeltoppervlakten

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |74

Incidenten en delicten 3.2 Heeft de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met diefstal van bijvoorbeeld <gereedschappen, machines>, materialen of andere artikelen>? 3.2.1 Hoe vaak zijn uit de bedrijfsgebouwen <gereedschappen, machines>, materialen of andere artikelen gestolen? 3.2.2 Hoe vaak zijn er in de afgelopen 12 maanden bedrijfswagens < of andere transportmiddelen> gestolen? 3.2.2.1 Vond de laatste diefstal van een bedrijfswagen < of een ander transportmiddel> op het eigen bedrijfsterrein plaats, binnen de gemeente, elders in Nederland of in het buitenland? 3.2.3 Hoe vaak zijn er in de afgelopen 12 maanden goederen uit bedrijfswagens <of uit andere transportmiddelen> gestolen? 3.2.3.1 Vond de laatste diefstal van goederen uit een bedrijfswagen <of uit een ander transportmiddel> op het eigen bedrijfsterrein plaats, binnen de gemeente, elders in Nederland of in het buitenland? 3.3 Heeft de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met opzettelijke vernieling van bedrijfsgebouwen, <landerijen/de teeltgronden>, bedrijfswagens, <andere transportmiddelen > of andere eigendommen? Denk daarbij bijvoorbeeld aan dingen stukmaken, brandstichting of het aanbrengen van graffiti.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |75

Specifiek toegevoegde vragen
De volgende vragen worden alleen voor de relevante sector toegevoegd, en maken geen deel uit van de basisvragenlijst. Preventieve maatregelen door bedrijven en instellingen Onder selectie van vraag 1.2 code 1 en 2 2.2.2.2 Welk percentage daarvan is uitgegeven aan maatregelen op landerijen/de teeltoppervlakten? • ……% • Weet niet • Wil niet zeggen Vragen over frequentie en locatie van delicten op de landerijen / de teeltoppervlakten Onder selectie van vraag 1.2 code 1 en 2 3.1.2.1 Hoe vaak daarvan is er op de landerijen / de teeltoppervlakten ingebroken in bedrijfswagens of andere transportmiddelen (op basis van filter ‘visserijbedrijf’: of schepen)? • 0 maal • .. Maal • Weet niet • Wil niet zeggen 3.2.1.1 Hoe vaak zijn er van de landerijen/de teeltoppervlakten machines, gereedschappen, materialen of andere artikelen gestolen? • 0 maal • … maal • Weet niet • Wil niet zeggen 3.2.1.2 Hoe vaak zijn er op de landerijen/de teeltoppervlakten opbrengsten van gewassen gestolen? • 0 maal • … maal • Weet niet • Wil niet zeggen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |76

3.3.2.1 Hoe vaak is er op de landerijen / de teeltoppervlakten sprake geweest van vernieling van bedrijfswagens of andere transportmiddelen? • 0 maal • .. Maal • Weet niet • Wil niet zeggen 3.3.2.b Hoe vaak is er in de afgelopen 12 maanden sprake geweest van vernieling van gewassen op landerijen / teeltoppervlakten? • … 0 maal • … maal • Weet niet • Wil niet zeggen

Industrie
Tekstuele aanpassingen
Sommige vragen maken deel uit van de basisvragenlijst, maar worden gedeeltelijk toegesneden op een bepaalde sector. Het gaat dan om het maken van aanpassingen in de formulering van de vraag, dan wel in de antwoordcategorieën. Het gedeelte van de vraag dat is aangepast aan de sector, staat <vet> weergegeven. Screening / achtergrondkenmerken 1.2 Wat is dan de belangrijkste activiteit die wordt uitgeoefend in of vanuit dit bedrijf/deze vestiging? Is dat … • • • • • • Voedings- en genotmiddelen, textiel-, kleding- of leerindustrie Hout- of meubelindustrie Papier- of grafische industrie Metaal-industrie Delfstofwinning, procesindustrie, machine-, electrotechnische- of transportmiddelenindustrie of overig Geen van deze

Incidenten en delicten 3.2 Heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met diefstal van bijvoorbeeld machines, goederen, gereedschappen, uitgestalde artikelen of bedrijfswagens?

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |77

3.2.1 Hoe vaak zijn uit de gebouwen materialen of machines gestolen die nodig zijn voor het bedrijfsproces?

Bouwnijverheid
Tekstuele aanpassingen
Sommige vragen maken deel uit van de basisvragenlijst, maar worden gedeeltelijk toegesneden op een bepaalde sector. Het gaat dan om het maken van aanpassingen in de formulering van de vraag, dan wel in de antwoordcategorieën. Het gedeelte van de vraag dat is aangepast aan de sector, staat <vet> weergegeven. Screening / achtergrondkenmerken 1.2 Wat is dan de belangrijkste activiteit die wordt uitgeoefend in of vanuit dit bedrijf/deze vestiging? Is dat ......... • Burgerlijke en utiliteitsbouw (B&U) • Grond- water, wegenbouw (GWW) • Afwerking (schilders, stukadoors, enz.) • Installatiebedrijf • Klussenbedrijf • Geen van deze

Preventieve maatregelen door bedrijven en instellingen 2.2 Zijn bij de bedrijfsvestiging <of op de bouwplaats> maatregelen getroffen ter voorkoming van criminaliteit, zoals alarmering, beveiliging op deuren en ramen, inhuren van beveiliging of zijn hiervoor bepaalde afspraken gemaakt? 2.2.1 Welke maatregel of maatregelen zijn er getroffen? Bij de antwoordcategorieën: Toegang pand / <bouwplaats> Advisering door politie en anderen 2.5.1 Ik lees u nu een aantal terreinen voor waarop er advies gegeven kan worden. Kunt u mij voor elk item zeggen of de bedrijfsvestiging hierop is geadviseerd? Antwoordcategorieën toevoegen: • Voorkoming diefstal op de bouwplaats • Voorkoming vernielingen op de bouwplaats

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |78

Incidenten en delicten Bij elk delict: Was bij het laatste geval van <delict> de dader of vermoedelijke dader een onbekende, een klant, een personeelslid, <een onder- of nevenaannemer>, een leverancier of een criminele organisatie? • Onbekende • Klant/opdrachtgever • Vast personeelslid • Ingehuurd personeelslid • <Onderaannemer/nevenaannemer> • Leverancier <(toeleverancier, installateur/schoonmaker)> • Een criminele organisatie • Weet niet • Wil niet zeggen 3.2 Heeft de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met diefstal van bijvoorbeeld <gereedschappen>, materialen of andere artikelen>? 3.2.1 Hoe vaak zijn uit de bedrijfsgebouwen <gereedschappen>, materialen of andere artikelen> gestolen? 3.3 Heeft de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met opzettelijke vernieling, brandstichting of het aanbrengen van graffiti aan bedrijfsgebouwen, <de bouwplaats>, bedrijfswagens of andere eigendommen? Denk daarbij aan dingen stukmaken, brandstichting of het aanbrengen van graffiti.

Specifiek toegevoegde vragen
De volgende vragen worden alleen voor de relevante sector toegevoegd, en maken geen deel uit van de basisvragenlijst. Preventieve maatregelen door bedrijven en instellingen 2.2.2.2 Welk percentage daarvan is uitgegeven aan maatregelen op de bouwplaats? • ……% • Weet niet • Wil niet zeggen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |79

Incidenten en delicten Bij alle delicten toevoegen na de inventarisatie van de financiële schade: Heeft u deze schade geheel of gedeeltelijk kunnen verhalen op een (of meer) hoofaannemer(s)? • Ja, geheel verhaald • Ja, gedeeltelijk verhaald • Nee, niet verhaald • Weet niet • Geen antwoord

Vragen over frequentie en locatie van delicten op de bouwplaats 3.1.2.1 Hoe vaak daarvan is er op de bouwplaats ingebroken in bedrijfswagens? • 0 maal • .. Maal • Weet niet • Wil niet zeggen 3.2.1.1 Hoe vaak zijn de afgelopen 12 maanden van de BOUWPLAATS gereedschappen, materialen of andere artikelen gestolen? • 0 maal • … maal • Weet niet • Wil niet zeggen 3.3.1.1 Hoe vaak is er in de afgelopen 12 maanden sprake geweest van vernieling, brandstichting, of graffiti op de bouwplaats? • • • • 0 maal … maal Weet niet Wil niet zeggen

3.6.1.1 Hoe vaak daarvan hebben geweldsdelicten op de bouwplaats plaatsgevonden? • • • • 0 maal … maal Weet niet Wil niet zeggen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |80

Detailhandel en autoreparatie
Tekstuele aanpassingen
Sommige vragen maken deel uit van de basisvragenlijst, maar worden gedeeltelijk toegesneden op een bepaalde sector. Het gaat dan om het maken van aanpassingen in de formulering van de vraag, dan wel in de antwoordcategorieën. Het gedeelte van de vraag dat is aangepast aan de sector, staat <vet> weergegeven. Screening / achtergrondkenmerken 1.2 Wat is dan de belangrijkste activiteit die wordt uitgeoefend in of vanuit dit bedrijf/deze vestiging? Is dat ......... • • • • • • • • • Drogisterij, parfumerie of kledingzaak IJzerwaren, doe-het-zelf-zaak, bouwmaterialen, woningtextiel, meubelen, huishoudelijke apparatuur Bloemen en planten, reparatie (niet auto!), pedicure, kapsalon, fotoatelier Apotheek, benzinestation, overige non-food artikelen Verkoop van voedings- of genotmiddelen Algemeen assortiment Auto-detailhandel Auto-reparatie Geen van deze

Preventieve maatregelen door bedrijven en instellingen 2.2.1 Welke maatregel of maatregelen zijn er getroffen? Antwoordcategorie toevoegen • Detectiepoortjes bij uitgang Incidenten en delicten 3.2 Heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met diefstal van bijvoorbeeld machines, goederen, uitgestalde artikelen of bedrijfswagens? Het gaat hier om diefstal van zaken van de vestiging en niet van klanten 3.2.1 Hoe vaak zijn uit de gebouwen materialen of machines gestolen die nodig zijn voor het bedrijfsproces?

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |81

Specifiek toegevoegde vragen
Incidenten en delicten Extra blok vragen over overvalcriminaliteit 3.7 Heeft de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met één of meer overvallen op vestigingsgebouwen <onder selectie van vraag 1.10 ja (in het bezit van bedrijfs- of leasewagens): of bedrijfswagens>? Enq: eigen bedrijfswagens of leasewagens van het bedrijf • • • • Nee Weet niet Wil niet zeggen Ja 3.8 3.8 3.8 3.7.1

3.7.1 Hoe vaak heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met een overval? • • • • 0 maal .. Maal Weet niet Wil niet zeggen

3.7.2 Wat was het doelwit van de laatste overval? Enq: lees op • Verkoopartikelen • Kassa • Geldkluis • Geldtelling / kasopmaak • Intern geldtransport • Extern geldtransport • Anders, namelijk…… 3.7.3 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de bedrijfsvestiging als gevolg van overvallen in de afgelopen 12 maanden heeft geleden ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering. Enq: Het gaat om de directe schade, is de directe (bruto) kosten die zijn gemaakt voor vervanging, reparatie en dergelijke ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering en ongeacht indirecte schade zoals omzetderving of niet op tijd kunnen leveren.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |82

Enq. Bedrag noteren in hele guldens of in hele euro’s • • • • ….. gulden ….. euro Weet niet Wil niet zeggen 3.7.3.2 3.7.3.2 3.7.3.1 3.7.3.1

3.7.3.1 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven? Was het meer of minder dan …? 1 2 3 4 5 meer minder exact wil niet (meer) zeggen weet niet (exacter)

3.7.3.2 Wat is naar schatting de indirecte financiële schade die de bedrijfsvestiging als gevolg overvallen in de afgelopen 12 maanden heeft geleden? Bijvoorbeeld omzetderving of vertraging in levering. Enq. Bedrag noteren in hele guldens of euro’s • • • • …. gulden ….. euro Weet niet Wil niet zeggen 3.7.4 3.7.4 3.7.3.3 3.7.3.3

3.7.3.3 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven? Was het meer of minder dan …? 1 meer 2 minder 3 exact 4 wil niet (meer) zeggen 5 weet niet (exacter)

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |83

3.7.4 Was bij het laatste geval van een overval de dader of vermoedelijke dader een onbekende, een klant, een personeelslid, een leverancier of een criminele organisatie? • • • • • • • • • Onbekende Klant/opdrachtgever Vast personeelslid Ingehuurd personeelslid Leverancier Een criminele organisatie Anders, nl…… Weet niet Wil niet zeggen

3.7.5 Heeft een medewerker van de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden bij de politie melding gemaakt van een overval? • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen 3.7.6 3.7.8 3.7.8 3.7.8

3.7.6 Hoe vaak heeft de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden melding van een overval gemaakt bij de politie? • • • …. maal Weet niet Wil niet zeggen 3.7.7 3.7.7 3.7.7

3.7.7 Op welke manier heeft de bedrijfsvestiging de laatste maal de politie van de inbraak op de hoogte gesteld? Enq: niet oplezen • Telefonisch • Op het politiebureau • Proces-verbaal opgemaakt • Gestandaardiseerd aangifteformulier • Er kwam een agent langs • Via het alarmsysteem • Via de bedrijfsbeveiligingsdienst • Elektronische aangifte (via e-mail) • Anders, namelijk ... • Weet niet • Wil niet zeggen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |84

Voor de vestigingen die geen melding hebben gemaakt van het delict 3.7.8 Ik noem u nu een aantal redenen die voor de bedrijfsvestiging van toepassing zouden kunnen zijn om geen melding te doen. Welke waren voor de bedrijfsvestiging van toepassing Enq: lees op • • • • • • • • • • • • • Verzekering dekt de schade toch niet (ook niet met melding/aangifte) Verzekering vergoedt de schade ook zonder melding/aangifte De schade was te klein om melding/aangifte te doen (binnen eigen risico) Er was daarvoor geen tijd De politie doet er toch niets aan De bedrijfsvestiging heeft het probleem zelf aangepakt Ontevredenheid over de manier waarop de politie de laatste aangifte heeft behandeld Het risico van negatieve publiciteit / een slechte naamsbekendheid Het risico uit de verzekering te worden gezet Angst voor represailles / wraakacties door de dader Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8

Andere vormen van criminaliteit Bij vragen over soort delict: schrappen: overval

NB: blok ‘Andere vormen van criminaliteit’ wordt nummer 3.8

Groothandel
Tekstuele aanpassingen
Sommige vragen maken deel uit van de basisvragenlijst, maar worden gedeeltelijk toegesneden op een bepaalde sector. Het gaat dan om het maken van aanpassingen in de formulering van de vraag, dan wel in de antwoordcategorieën. Het gedeelte van de vraag dat is aangepast aan de sector, staat <vet> weergegeven.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |85

Screening / achtergrondkenmerken 1.2 Wat is dan de belangrijkste activiteit die wordt uitgeoefend in of vanuit dit bedrijf/deze vestiging? Is dat groothandel in….. • • • • • Grondstoffen, halffabrikaten Machines, transportmiddelen Voedings- en genotmiddelen, landbouwproducten of dieren Meubelen, huishoudelijke artikelen, kleding, textiel, papierwaren, overig Geen van deze

Preventieve maatregelen door bedrijven en instellingen Advisering 2.5.2 Wie heeft het laatste advies verstrekt? Enq: niet oplezen, meerdere antwoorden mogelijk Antwoordcategorie toevoegen: • Hoofdkantoor Incidenten en delicten 3.2 Heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met diefstal van bijvoorbeeld machines, goederen, uitgestalde artikelen of bedrijfswagens? 3.2.1 Hoe vaak zijn uit de gebouwen materialen of machines gestolen die nodig zijn voor het bedrijfsproces?

Specifiek toegevoegde vragen Geen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |86

Horeca
Tekstuele aanpassingen
Sommige vragen maken deel uit van de basisvragenlijst, maar worden gedeeltelijk toegesneden op een bepaalde sector. Het gaat dan om het maken van aanpassingen in de formulering van de vraag, dan wel in de antwoordcategorieën. Het gedeelte van de vraag dat is aangepast aan de sector, staat <vet> weergegeven. Screening / achtergrondkenmerken 1.2 Wat is dan de belangrijkste activiteit die wordt uitgeoefend in of vanuit dit bedrijf/deze vestiging? Is dat een… • Café • Restaurant • Hotel, pension, overig • Geen van deze 1.7 Kunt u de aard van de huidige locatie van deze vestiging aanduiden? Ik lees u een aantal mogelijkheden op. Is dit een ......... Toevoegen aan antwoorden: recreatiecentrum Preventieve maatregelen door bedrijven en instellingen 2.2.1 Welke maatregel of maatregelen zijn er getroffen? Bij Toegang pand toevoegen: detectiepoortjes bij ingang Bij Anders toevoegen: - maatregelen om alcoholgebruik bij personeel te beperken - maatregelen om alcoholgebruik bij gasten/bezoekers te beperken - Inhuren van portiers. Advisering 2.5.1 Ik lees u nu een aantal terreinen voor waarop er advies gegeven kan worden. Kunt u mij voor elk item zeggen of de bedrijfsvestiging hierop is geadviseerd? Bullet 2: Voorkoming diefstal door derden: derden vervangen door gasten/bezoekers Antwoordcategorie toevoegen: • Preventie criminaliteit tegen gasten / bezoekers

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |87

Deelname projecten 2.6.1 Welk(e) project(en) was / waren dat? Enq lees op. Enq; meerdere antwoorden mogelijk Antwoordcategorieën toevoegen: • Veiligheidsscan van Bedrijfsschap voor horeca en catering • Project “Veilig uitgaan” Incidenten en delicten Bij elk delict: Was bij het laatste geval van <delict> de dader of vermoedelijke dader een onbekende, een <gast of bezoeker>, een personeelslid, een leverancier of een criminele organisatie? • Onbekende • <Gast/bezoeker> • Vast personeelslid • Ingehuurd personeelslid • Leverancier • Een criminele organisatie • Anders, nl…… • Weet niet • Wil niet zeggen 3.2 Heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met diefstal van bijvoorbeeld machines, goederen, uitgestalde artikelen of bedrijfswagens? Het gaat hier om diefstal van zaken van de vestiging en niet van gasten of bezoekers. 3.2.1 Hoe vaak zijn uit de gebouwen materialen of machines gestolen die nodig zijn voor het bedrijfsproces? 3.2.2 Hoe vaak zijn er in de afgelopen 12 maanden bedrijfswagens gestolen? Het gaat hierbij niet om diefstal van auto’s van gasten / bezoekers. 3.2.3 Hoe vaak zijn er in de afgelopen 12 maanden goederen uit bedrijfswagens gestolen? Het gaat hierbij niet om diefstal van goederen uit auto’s van gasten / bezoekers.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |88

3.2.4 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de vestiging als gevolg van diefstal in de afgelopen 12 maanden heeft geleden, ongeacht het bedrag dat eventueel door de verzekering is uitbetaald, (op basis van filter toevoegen): en ongeacht schade als gevolg van diefstal van bezittingen van gasten / bezoekers. 3.3 Heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met opzettelijke vernieling, brandstichting of het aanbrengen van graffiti aan gebouwen, bedrijfswagens of andere eigendommen? Denk daarbij aan dingen stukmaken, brandstichting of het aanbrengen van graffiti. Het gaat hierbij om vernielingen gericht tegen de vestiging en niet tegen gasten / bezoekers. 3.3.3 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de vestiging als gevolg van vernieling, brandstichting of het aanbrengen van graffiti in de afgelopen 12 maanden heeft geleden, ongeacht het bedrag dat eventueel door de verzekering is uitbetaald, (indien onderwijs): en ongeacht schade als gevolg van vernieling van bezittingen van gasten/bezoekers. 3.4 Is de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden geconfronteerd met fraude. Daarmee bedoelen we bijvoorbeeld het vervalsen van contracten of het indienen van valse <bonnen> door het personeel? 3.4.1 Hoe vaak heeft de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met fraude door mensen van buiten de onderneming, zoals < gasten/bezoekers > en toeleveranciers? Bijvoorbeeld door het vervalsen van contracten. 3.4.2 Hoe vaak is er in de afgelopen 12 maanden door het personeel gefraudeerd, bijvoorbeeld door het indienen van valse declaraties?

Specifiek toegevoegde vragen
De volgende vragen worden alleen voor de relevante sector toegevoegd, en maken geen deel uit van de basisvragenlijst. Extra blok vragen over overvalcriminaliteit 3.7 Heeft de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met één of meer overvallen op vestigingsgebouwen <onder selectie van vraag 1.10 ja (in het bezit van bedrijfs- of leasewagens): of bedrijfswagens>?

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |89

Enq: eigen bedrijfswagens of leasewagens van het bedrijf • • • • Nee Weet niet Wil niet zeggen Ja 3.8 3.8 3.8 3.7.1

3.7.1 Hoe vaak heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met een overval? • • • • 0 maal .. Maal Weet niet Wil niet zeggen

3.7.2 Wat was het doelwit van de laatste overval? Enq: lees op • Verkoopartikelen • Kassa • Geldkluis • Geldtelling / kasopmaak • Intern geldtransport • Extern geldtransport • Anders, namelijk…… 3.7.3 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de bedrijfsvestiging als gevolg van overvallen in de afgelopen 12 maanden heeft geleden ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering. Enq: Het gaat om de directe schade, is de directe (bruto) kosten die zijn gemaakt voor vervanging, reparatie en dergelijke ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering en ongeacht indirecte schade zoals omzetderving of niet op tijd kunnen leveren. Enq. Bedrag noteren in hele guldens of in hele euro’s • • • • ….. gulden ….. euro Weet niet Wil niet zeggen 3.7.3.2 3.7.3.2 3.7.3.1 3.7.3.1

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |90

3.7.3.1 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven? Was het meer of minder dan …? 1 2 3 4 5 meer minder exact wil niet (meer) zeggen weet niet (exacter)

3.7.3.2 Wat is naar schatting de indirecte financiële schade die de bedrijfsvestiging als gevolg van overvallen in de afgelopen 12 maanden heeft geleden? Bijvoorbeeld omzetderving of vertraging in levering. Enq. Bedrag noteren in hele guldens of euro’s • • • • …. gulden ….. euro Weet niet Wil niet zeggen 3.7.4 3.7.4 3.7.3.3 3.7.3.3

3.7.3.3 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven? Was het meer of minder dan …? 1 meer 2 minder 3 exact 4 wil niet (meer) zeggen 5 weet niet (exacter) 3.7.4 Was bij het laatste geval van inbraak de dader of vermoedelijke dader een onbekende, een klant, een personeelslid, een leverancier of een criminele organisatie? • • • • • • • • • Onbekende Klant/opdrachtgever Vast personeelslid Ingehuurd personeelslid Leverancier Een criminele organisatie Anders, nl…… Weet niet Wil niet zeggen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |91

3.7.5 Heeft een medewerker van de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden bij de politie melding gemaakt van een overval? • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen 3.7.6 3.7.8 3.7.8 3.7.8

3.7.6 Hoe vaak heeft de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden melding van een overval gemaakt bij de politie? • • • …. maal Weet niet Wil niet zeggen 3.7.7 3.7.7 3.7.7

3.7.7 Op welke manier heeft de bedrijfsvestiging de laatste maal de politie van de overval op de hoogte gesteld? Enq: niet oplezen • • • • • • • • • • • Telefonisch Op het politiebureau Proces-verbaal opgemaakt Gestandaardiseerd aangifteformulier Er kwam een agent langs Via het alarmsysteem Via de bedrijfsbeveiligingsdienst Elektronische aangifte (via e-mail) Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |92

Voor de vestigingen die geen melding hebben gemaakt van het delict 3.7.8 Ik noem u nu een aantal redenen die voor de bedrijfsvestiging van toepassing zouden kunnen zijn om geen melding te doen. Welke waren voor de bedrijfsvestiging van toepassing Enq: lees op • • • • • • • • • • • • • Verzekering dekt de schade toch niet (ook niet met melding/aangifte) Verzekering vergoedt de schade ook zonder melding/aangifte De schade was te klein om melding/aangifte te doen (binnen eigen risico) Er was daarvoor geen tijd De politie doet er toch niets aan De bedrijfsvestiging heeft het probleem zelf aangepakt Ontevredenheid over de manier waarop de politie de laatste aangifte heeft behandeld Het risico van negatieve publiciteit / een slechte naamsbekendheid Het risico uit de verzekering te worden gezet Angst voor represailles / wraakacties door de dader Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8

Extra blok vragen over criminaliteit gericht tegen gasten / bezoekers Ik wil het nu met u hebben over criminaliteit die tegen uw gasten / bezoekers is gericht. 3.8 Heeft de vestiging / de instelling de afgelopen 12 maanden te maken gehad met criminaliteit die tegen gasten / bezoekers was gericht? • ja • nee • weet niet • geen antwoord 3.8.1 Wat is het laatst voorgevallen delict? • inbraak in auto van gasten / bezoekers • diefstal van de auto van gasten • diefstal uit de auto van gasten • diefstal van bezittingen van gasten (exclusief diefstal van bezittingen uit de auto) • vernielingen aan bezittingen van gasten • bedreiging • beroving • mishandeling

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |93

• • • •

aanranding / verkrachting anders, nl... weet niet geen antwoord

3.8.2 Hoe vaak is <delict> in de laatste 12 maanden gebeurd? • 0 maal • .... maal • weet niet • geen antwoord 3.8.3 Was bij <delict> de dader of vermoedelijke dader een onbekende, een gast of bezoeker, een personeelslid, een leverancier of een criminele organisatie? • • • • • • • • • Onbekende Gast/bezoeker Vast personeelslid Ingehuurd personeelslid Leverancier Een criminele organisatie Anders, nl…… Weet niet Wil niet zeggen

Andere vormen van criminaliteit Bij vragen over soort delict: Schrappen: overval NB: blok ‘Andere vormen van criminaliteit’ wordt nummer 3.9

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |94

Vervoer, Opslag en Communicatie
Tekstuele aanpassingen
Sommige vragen maken deel uit van de basisvragenlijst, maar worden gedeeltelijk toegesneden op een bepaalde sector. Het gaat dan om het maken van aanpassingen in de formulering van de vraag, dan wel in de antwoordcategorieën. Het gedeelte van de vraag dat is aangepast aan de sector, staat <vet> weergegeven. Screening / achtergrondkenmerken 1.2 Wat is dan de belangrijkste activiteit die wordt uitgeoefend in of vanuit dit bedrijf/deze vestiging? Is dat ......... • Vervoer over land (personen- of goederenvervoer over de weg, vervoer per spoor, vervoer via pijpleidingen) • Vervoer over water (bijv. binnenvaart, zeevaart) • Vervoer door de lucht • Dienstverlening ten behoeve van het vervoer (laden, lossen, opslag, overslag, expediteurs, bevrachters, overige dienstverlening voor het vervoer) • Post- en koeriersdiensten • Telecommunicatie (incl. internetproviders) • Geen van deze: 1.9 Beschikt de bedrijfsvestiging over een eigen, van de openbare weg afgescheiden terrein / bedrijfsterrein? We bedoelen daarmee ook bijvoorbeeld parkeerterreinen, hangars, werven, loodsen, remises, etc.. Preventieve maatregelen door bedrijven en instellingen 2.2.2 Kunt u een schatting geven van de kosten van de in de afgelopen 12 maanden genomen maatregelen ter voorkoming van criminaliteit < bij de bedrijfsvestiging >? Advisering door politie en anderen 3.3 Ik noem een aantal terreinen waarop de bedrijfsvestiging geadviseerd zou kunnen worden. Kunt u aangeven op welke terreinen de bedrijfsvestiging behoefte heeft aan advisering? Antwoordcategorieën toevoegen: • Preventie vandalisme in of aan de transportmiddelen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |95

Voorkoming diefstal van of uit de transportmiddelen

Incidenten en delicten 3.1 Heeft de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met een of meer inbraken in vestigingsgebouwen <onder selectie van vraag 1.10 ja (in het bezit van bedrijfs- of leasewagens):> bedrijfswagens <onder selectie van vraag 1.10.1 a ja (in het bezit van andersoortige transportmiddelen> of de andere transportmiddelen >? 3.1.2 Hoe vaak is er ingebroken in bedrijfswagens <of andere transportmiddelen>? Enq: eigen bedrijfswagens of leasewagens van het bedrijf of andere transportmiddelen zoals schepen, treinen, bussen, vliegtuigen, etc. 3.1.2.2 Vond bij het laatste geval de inbraak in de bedrijfswagen <of het andersoortige transportmiddel> plaats op het eigen bedrijfsterrein, binnen de gemeente, elders in Nederland of in het buitenland? Bij elk delict: Was bij het laatste geval van <delict> de dader of vermoedelijke dader een onbekende, een klant, een personeelslid, <een onder- of nevenaannemer>, een leverancier of een criminele organisatie? Antwoordcategorie toevoegen: • <Onderaannemer/nevenaannemer> 3.2 Heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met diefstal van bijvoorbeeld machines, goederen, uitgestalde artikelen of bedrijfswagens? 4.2.1 Hoe vaak zijn uit de gebouwen materialen of machines gestolen die nodig zijn voor het bedrijfsproces? Onder selectie van vraag 1.10 ja (in het bezit van bedrijfs- of leasewagens) < of vraag 1.11 a ja (in het bezit van andersoortige transportmiddelen)> 3.2.2 Hoe vaak zijn er in de afgelopen 12 maanden bedrijfswagens < of andere transportmiddelen> gestolen?

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |96

3.2.2.1 Vond de laatste diefstal van een bedrijfswagen < of een ander transportmiddel> op het eigen bedrijfsterrein plaats, binnen de gemeente, elders in Nederland of in het buitenland? Onder selectie van vraag 1.10 ja (in het bezit van bedrijfs- of leasewagens) < of vraag 1.10.1 ja (in het bezit van andersoortige transportmiddelen)> 3.2.3 Hoe vaak zijn er in de afgelopen 12 maanden goederen uit bedrijfswagens <of uit andere transportmiddelen> gestolen? 3.2.3.1 Vond de laatste diefstal van goederen uit een bedrijfswagen <of uit een ander transportmiddel> op het eigen bedrijfsterrein plaats, binnen de gemeente, elders in Nederland of in het buitenland? 3.3 Heeft de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met opzettelijke vernieling van bedrijfsgebouwen, bedrijfswagens, andere transportmiddelen of andere eigendommen? Denk daarbij bijvoorbeeld aan dingen stukmaken, brandstichting of het aanbrengen van graffiti. 3.3.2 Hoe vaak ging het daarbij om dergelijke vernielingen van bedrijfswagens of andere transportmiddelen? 3.3.2.1 Vond het laatste geval van vernieling, brandstichting of graffiti aan een bedrijfswagen of aan een ander transportmiddel plaats op het eigen terrein, in de gemeente, elders in Nederland of in het buitenland? 3.4 Is de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden geconfronteerd met fraude? Daarmee bedoelen we bijvoorbeeld het vervalsen van contracten, vrachtbrieven of andere documenten; het indienen van valse declaraties door het eigen personeel; het sturen van valse facturen door klanten, toeleveranciers of onderaannemers; of douanefraude zoals het ontduiken van accijnzen en invoerrechten. 3.4.1 Hoe vaak heeft de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met fraude door mensen van buiten de onderneming, zoals klanten, toeleveranciers of onderaannemers? Bijvoorbeeld door het knoeien met rekeningen of het vervalsen van documenten.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |97

3.7 Is de bedrijfsvestiging slachtoffer geworden van één of meer nog niet genoemde delicten? U kunt hierbij denken aan bijvoorbeeld afpersing of een overval < maar ook aan verkeersdelicten (een verkeersongeval met een bedrijfswagen/voertuig waarbij de schuldige doorreed).> 3.7.1 Wat is het laatst voorgevallen delict? Extra antwoordcategorieen: • <Verkeersdelict> • <zwartrijden / niet-betalende passagiers> • <smokkel (van drugs/mensen/afval/gestolen voertuigen/accijnsgoederen)> • <andere geweldpleging zoals bekogelen met stenen, beschieten, etc.> • <corruptie / informatielekken> Bij elk delict: Is er in de afgelopen 12 maanden door de bedrijfsvestiging <in Nederland> bij de politie aangifte gedaan van <delict>? Bij elk delict: Ik noem u nu een aantal redenen die voor de bedrijfsvestiging van toepassing zouden kunnen zijn om geen aangifte te doen <bij de Nederlandse politie>. Welke waren voor de bedrijfsvestiging van toepassing? Bij elk delict: Hoe vaak heeft de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden aangifte gedaan bij de <Nederlandse> politie? Bij elk delict: Op welke manier heeft de bedrijfsvestiging de laatste maal de <Nederlandse> politie van de inbraak op de hoogte gesteld? 3.2 Heeft de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met diefstal van bijvoorbeeld <machines, goederen, uitgestalde artikelen of bedrijfsvoertuigen>? 3.2.1 Hoe vaak zijn uit de bedrijfsgebouwen materialen of machines gestolen die nodig zijn voor het productieproces?

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |98

3.2.3 Hoe vaak zijn er in de afgelopen 12 maanden goederen uit bedrijfswagens <of uit andere transportmiddelen van de bedrijfsvestiging> gestolen? 4.2.3.1a Vond de laatste diefstal uit een bedrijfswagen of uit andere transportmiddelen van de bedrijfsvestiging op het eigen bedrijfsterrein plaats, binnen de gemeente, elders in Nederland of in het buitenland? 4. Tevredenheid over politie bij aangifte Bij elke vraag waar het woord politie vermeld staat, wordt aangegeven dat het om de Nederlandse politie gaat.

Specifiek toegevoegde vragen
De volgende vragen werden alleen voor de relevante sector toegevoegd, en maken geen deel uit van de basisvragenlijst. Screening / achtergrondvragen 1.10.1 Heeft de bedrijfsvestiging de beschikking over andersoortige transportmiddelen, bijvoorbeeld schepen, bussen, vliegtuigen of treinen? • • • • • • • • Schepen Bussen Vliegtuigen Treinen Anders nl. …….. Nee, geen beschikking over andere transportmiddelen Weet niet Wil niet zeggen

1.13 Heeft de bedrijfsvestiging de afgelopen 12 maanden gebruik gemaakt van onderaannemers (bijvoorbeeld ondervervoerders)? • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |99

Preventieve maatregelen door bedrijven en instellingen 2.2b Zijn er bij of aan de transportmiddelen maatregelen getroffen ter voorkoming van criminaliteit, zoals alarmering, beveiliging aan de transportmiddelen, inhuren van beveiliging of zijn hiervoor bepaalde afspraken gemaakt? • • • • Nee Ja Weet niet Wil niet zeggen 2.3 2.2.1b 2.3 2.3

2.2.1b Welke maatregel of maatregelen zijn er getroffen voor de transportmiddelen? Enq: meerdere antwoorden zijn mogelijk Enq: niet voorlezen • • • • • • • • • Signalering Alarm stil Alarm luid Tags Chips Startblokkering Ultrasoon sensoren Hellingshoekdetector Transportmiddelen gemerkt

Toegang tot de transportmiddelen / (hangar, loods, etc.) • Extra sloten • Extra zwaar hang- en sluitwerk • Hekwerken • Rolluiken voor de ramen • Vandalisme bestendige deuren • Elektronische deuren • Inbraakvrij plexiglas • Plaatsen traliehekwerk • Extra verlichting • Plaatsing camera’s / infraroodbeveiliging • Inhuren beveiligingsdienst / nachtwaker / nachtportier • (Waak)hond • Spiegels Procedures • Instructie van personeel • Hanteren sleuteldiscipline (registratie wie sleutels leent)

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |100

• • • • • •

Stellen van huisregels waaraan iedereen zich moet houden Controleren van het personeel (bijvoorbeeld tassencontrole) Toegangscontrole Cursussen personeel Zwarte lijst / weren van verdachte klanten Maatregelen om alcoholgebruik te beperken

Anders • Meer personeel • Coatings tegen graffiti • Collectieve beveiliging samen met andere bedrijven • Administratieve controles • Beveiliging van bedrijfsgegevens / computerbestanden • • • Anders, namelijk.. Weet niet Wil niet zeggen

2.2.2b Kunt u voor de transportmiddelen een schatting geven van de kosten van de in de afgelopen 12 maanden genomen maatregelen ter voorkoming van criminaliteit ? Het kan daarbij gaan om éénmalige investeringskosten, maar ook om doorlopende kosten, bijvoorbeeld die van een abonnement op een meldkamer. (Enq.: Excl. BTW) • • • • …..gulden …..euro Weet niet Wil niet zeggen

Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven? Was het meer of minder dan …? (Enq.: Excl. BTW) • • • • • meer minder exact wil niet (meer) zeggen weet niet (exacter)

Incidenten en delicten Bij alle delicten toegevoegd na de inventarisatie van de directe financiële schade: Heeft u deze schade geheel of gedeeltelijk kunnen verhalen op een (of meer) handelspartners, bijvoorbeeld een onderaannemer, de verzender of de ontvanger een onderaannemer, de verzender of de ontvanger?

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |101

• • • • •

Ja, geheel verhaald Ja, gedeeltelijk verhaald Nee, niet verhaald Weet niet Geen antwoord

Financiële en zakelijke dienstverlening
Tekstuele aanpassingen
Sommige vragen maken deel uit van de basisvragenlijst, maar worden gedeeltelijk toegesneden op een bepaalde sector. Het gaat dan om het maken van aanpassingen in de formulering van de vraag, dan wel in de antwoordcategorieën. Het gedeelte van de vraag dat is aangepast aan de sector, staat <vet> weergegeven. Screening / achtergrondkenmerken 1.2 Wat is dan de belangrijkste activiteit die wordt uitgeoefend in of vanuit dit bedrijf/deze vestiging? Is dat ......... • Bank- of verzekeringswezen • Assurantiebemiddeling, accounts- en administratiekantoren, exploitatie en handel onroerend goed • Architectenbureau, ingenieursbureau • Reclame- en economische adviesbureau • Reisbureau, advocatenkantoor • Geen van deze Deelname aan projecten 2.6.1 Welk(e) project(en) was / waren dat? Enq lees op. Enq; meerdere antwoorden mogelijk Antwoordcategorieën toevoegen: • Project fraudebestrijding • Project computercriminaliteit Incidenten en delicten Bij elk delict: Was bij het laatste geval van <delict> de dader of vermoedelijke dader een onbekende, een personeelslid, < een tussenpersoon/agent >, een leverancier of een criminele organisatie?

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |102

• • • • • • • • •

Onbekende Vast personeelslid Ingehuurd personeelslid Tussenpersoon/agent Leverancier Een criminele organisatie Anders, nl…… Weet niet Wil niet zeggen

3.4 Is de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden geconfronteerd met fraude. Daarmee bedoelen we bijvoorbeeld het vervalsen van contracten <of overschrijvingsformulieren> door het personeel of door derden.

Specifiek toegevoegde vragen
De volgende vragen worden alleen voor de relevante sector toegevoegd, en maken geen deel uit van de basisvragenlijst. Incidenten en delicten Extra blok vragen over overvalcriminaliteit 3.7 Heeft de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met één of meer overvallen op vestigingsgebouwen <onder selectie van vraag 1.10 ja (in het bezit van bedrijfs- of leasewagens): of bedrijfswagens>? Enq: eigen bedrijfswagens of leasewagens van het bedrijf • • • • Nee Weet niet Wil niet zeggen Ja 3.8 3.8 3.8 3.7.1

3.7.1 Hoe vaak heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met een overval? • • • • 0 maal .. Maal Weet niet Wil niet zeggen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |103

3.7.2 Wat was het doelwit van de laatste overval? Enq: lees op • Verkoopartikelen • Kassa • Geldkluis • Geldtelling / kasopmaak • Intern geldtransport • Extern geldtransport • Anders, namelijk…… 3.7.3 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de bedrijfsvestiging als gevolg van overvallen in de afgelopen 12 maanden heeft geleden ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering. Enq: Het gaat om de directe schade, is de directe (bruto) kosten die zijn gemaakt voor vervanging, reparatie en dergelijke ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering en ongeacht indirecte schade zoals omzetderving of niet op tijd kunnen leveren. Enq. Bedrag noteren in hele guldens of in hele euro’s • • • • ….. gulden ….. euro Weet niet Wil niet zeggen 3.7.3.2 3.7.3.2 3.7.3.1 3.7.3.1

3.7.3.1 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven? Was het meer of minder dan …? 1 2 3 4 5 meer minder exact wil niet (meer) zeggen weet niet (exacter)

3.7.3.2 Wat is naar schatting de indirecte financiële schade die de bedrijfsvestiging als gevolg van overvallen in de afgelopen 12 maanden heeft geleden? Bijvoorbeeld omzetderving of vertraging in levering.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |104

Enq. Bedrag noteren in hele guldens of euro’s • • • • …. gulden ….. euro Weet niet Wil niet zeggen 3.7.4 3.7.4 3.7.3.3 3.7.3.3

3.7.3.3 Enq: Indien de respondent niet direct de exacte kosten vermeldt, vragen: Kunt u het misschien bij benadering aangeven? Was het meer of minder dan …? 1 meer 2 minder 3 exact 4 wil niet (meer) zeggen 5 weet niet (exacter) 3.7.4 Was bij het laatste geval van een overval de dader of vermoedelijke dader een onbekende, een klant, een personeelslid, een leverancier of een criminele organisatie? • • • • • • • • • Onbekende Klant/opdrachtgever Vast personeelslid Ingehuurd personeelslid Leverancier Een criminele organisatie Anders, nl…… Weet niet Wil niet zeggen

3.7.5 Heeft een medewerker van de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden bij de politie melding gemaakt van een overval? • • • • Ja Nee Weet niet Wil niet zeggen 3.7.6 3.7.8 3.7.8 3.7.8

3.7.6 Hoe vaak heeft de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden melding van een overval gemaakt bij de politie? • • • …. maal Weet niet Wil niet zeggen 3.7.7 3.7.7 3.7.7

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |105

3.7.7 Op welke manier heeft de bedrijfsvestiging de laatste maal de politie van de overval op de hoogte gesteld? Enq: niet oplezen • • • • • • • • • • • Telefonisch Op het politiebureau Proces-verbaal opgemaakt Gestandaardiseerd aangifteformulier Er kwam een agent langs Via het alarmsysteem Via de bedrijfsbeveiligingsdienst Elektronische aangifte (via e-mail) Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen

Voor de vestigingen die geen melding hebben gemaakt van het delict 3.7.8 Ik noem u nu een aantal redenen die voor de bedrijfsvestiging van toepassing zouden kunnen zijn om geen melding te doen. Welke waren voor de bedrijfsvestiging van toepassing Enq: lees op • • • • • • • • • • • • • Verzekering dekt de schade toch niet (ook niet met melding/aangifte) Verzekering vergoedt de schade ook zonder melding/aangifte De schade was te klein om melding/aangifte te doen (binnen eigen risico) Er was daarvoor geen tijd De politie doet er toch niets aan De bedrijfsvestiging heeft het probleem zelf aangepakt Ontevredenheid over de manier waarop de politie de laatste aangifte heeft behandeld Het risico van negatieve publiciteit / een slechte naamsbekendheid Het risico uit de verzekering te worden gezet Angst voor represailles / wraakacties door de dader Anders, namelijk ... Weet niet Wil niet zeggen 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8 3.8

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |106

Andere vormen van criminaliteit Bij vragen over soort delict: Schrappen: overval NB: blok ‘Andere vormen van criminaliteit’ wordt nr 3.8

Openbaar bestuur/onderwijs
Tekstuele aanpassingen
Sommige vragen maken deel uit van de basisvragenlijst, maar worden gedeeltelijk toegesneden op een bepaalde sector. Het gaat dan om het maken van aanpassingen in de formulering van de vraag, dan wel in de antwoordcategorieën. Het gedeelte van de vraag dat is aangepast aan de sector, staat <vet> weergegeven. Algemeen • Overal wordt gesproken van de vestiging of de instelling. Screening / achtergrondkenmerken 1.2 Aard van de activiteiten: • Overheidsinstelling • Onderwijsinstelling 1.3 Wat is uw functie in dit bedrijf/deze instelling? Extra antwoordcategorie: • Voorzitter / bestuurslid 1.4 Kunt u aangeven hoeveel uw omzet of uw begroting over 2001 bedroeg, exclusief BTW? • In gulden: ...... miljoenen ...... duizendtallen • In euro: ...... miljoenen ...... duizendtallen Preventieve maatregelen door bedrijven en instellingen 2.2 Zijn bij de vestiging maatregelen getroffen ter voorkoming van criminaliteit, zoals alarmering, beveiliging op deuren en ramen, het plaatsen van hekken, het inhuren van beveiliging of zijn hiervoor bepaalde afspraken gemaakt?

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |107

2.2.2 Kunt u een schatting geven van de kosten van de in de afgelopen 12 maanden genomen maatregelen ter voorkoming van criminaliteit gericht tegen de vestiging? Het kan daarbij gaan om éénmalige investeringskosten, maar ook om doorlopende kosten, bijvoorbeeld die van een abonnement op een meldkamer. (Enq.: Excl. BTW) Advisering 2.5.1 Ik lees u nu een aantal terreinen voor waarop er advies gegeven kan worden. Kunt u mij voor elk item zeggen of de vestiging hierop is geadviseerd? Enq: lees op Indien ‘onderwijs’ bij vraag 1.2: • Preventie criminaliteit tegen leerlingen Deelname aan projecten 2.6.1 Welk(e) project(en) was / waren dat? Enq lees op. Enq; meerdere antwoorden mogelijk Extra antwoordcategorieen: • <(indien onderwijs:) preventie criminaliteit tegen leerlingen> Incidenten en delicten 3.1.2 Hoe vaak is er ingebroken in bedrijfswagens? (Indien onderwijs): Het gaat hierbij niet om inbraken in auto’s van leerlingen of bezoekers. 3.1.3 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de vestiging als gevolg van inbraken in de afgelopen 12 maanden heeft geleden ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering? (Indien onderwijs:) Enq.: het gaat hierbij om inbraak waar de vestiging / de instelling slachtoffer van is geworden, en niet om inbraak in bijv. auto’s van leerlingen of bezoekers. Bij elk delict: Was bij het laatste geval van <delict> de dader of vermoedelijke dader een onbekende, <indien onderwijs: een leerling of bezoeker>, een klant, een personeelslid, een leverancier of een criminele organisatie? Extra antwoordcategorieën indien onderwijs: • Leerling • Bezoeker

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |108

3.2 Heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met diefstal van bijvoorbeeld materialen of andere artikelen? Indien onderwijs: Het gaat hier om diefstal van zaken van de vestiging en niet van leerlingen of bezoekers. Onder selectie van vraag 1.10 ja (in het bezit van bedrijfs- of leasewagens) 3.2.2 Hoe vaak zijn er in de afgelopen 12 maanden bedrijfswagens gestolen? (Indien onderwijs): Het gaat hierbij niet om diefstal van auto’s van leerlingen of bezoekers. Onder selectie van vraag 1.10 ja (in het bezit van bedrijfs- of leasewagens) 3.2.3 Hoe vaak zijn er in de afgelopen 12 maanden goederen uit bedrijfswagens gestolen? (Indien onderwijs): Het gaat hierbij niet om diefstal uit auto’s van leerlingen of bezoekers. 3.2.4 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de vestiging als gevolg van diefstal in de afgelopen 12 maanden heeft geleden, ongeacht het bedrag dat eventueel door de verzekering is uitbetaald, (indien onderwijs): en ongeacht schade als gevolg van diefstal van bezittingen van leerlingen/bezoekers. 3.3 Heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met opzettelijke vernieling, brandstichting of het aanbrengen van graffiti aan gebouwen, bedrijfswagens of andere eigendommen? Denk daarbij aan dingen stukmaken, brandstichting of het aanbrengen van graffiti. (Indien onderwijs:) Het gaat hierbij om vernielingen gericht tegen de vestiging / de instelling en niet tegen leerlingen of bezoekers. 3.3.3 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de vestiging als gevolg van vernieling, brandstichting of het aanbrengen van graffiti in de afgelopen 12 maanden heeft geleden, ongeacht het bedrag dat eventueel door de verzekering is uitbetaald, (indien onderwijs): en ongeacht schade als gevolg van vernieling van bezittingen van leerlingen/bezoekers.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |109

Specifiek toegevoegde vragen
De volgende vragen worden alleen voor de sector cultuur, recreatie en overige dienstverlening toegevoegd, en maken geen deel uit van de basisvragenlijst. Incidenten en delicten Extra vragen over criminaliteit gericht tegen leerlingen De vragen in deze module worden alleen gesteld aan onderwijsinstellingen. Ik wil het nu met u hebben over criminaliteit die tegen uw leerlingen is gericht. 3.7 Heeft de vestiging / de instelling de afgelopen 12 maanden te maken gehad met criminaliteit die tegen leerlingen was gericht? • ja • nee • weet niet • geen antwoord 3.7.1 Wat is het laatst voorgevallen delict? • inbraak in auto van leerlingen • diefstal van de auto van leerlingen • diefstal van bezittingen van leerlingen (exclusief diefstal van bezittingen uit de auto) • vernielingen aan bezittingen van leerlingen • bedreiging • beroving • mishandeling • aanranding / verkrachting • anders, nl... • weet niet • geen antwoord 3.7.2 Hoe vaak is <delict> in de laatste 12 maanden gebeurd? • 0 maal • .... maal • weet niet • geen antwoord

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |110

3.7.3 Was bij <delict> de dader of vermoedelijke dader een onbekende, een leerling, een bezoeker, een personeelslid, een leverancier of een criminele organisatie? • • • • • • • • • • Onbekende Leerling Bezoeker Vast personeelslid Ingehuurd personeelslid Leverancier Een criminele organisatie Anders, nl…… Weet niet Wil niet zeggen

NB: blok ‘Andere vormen van criminaliteit’ wordt nummer 3.8

Gezondheids- en welzijnszorg
Tekstuele aanpassingen
Sommige vragen maken deel uit van de basisvragenlijst, maar worden gedeeltelijk toegesneden op een bepaalde sector. Het gaat dan om het maken van aanpassingen in de formulering van de vraag, dan wel in de antwoordcategorieën. Het gedeelte van de vraag dat is aangepast aan de sector, staat <vet> weergegeven. Algemeen • Overal wordt gesproken van de vestiging of de instelling. Screening / achtergrondkenmerken 1.2 Wat is dan de belangrijkste activiteit die wordt uitgeoefend in of vanuit deze vestiging? Is dat ......... • Ziekenhuis • Zorginstelling • Maatschappelijke dienstverlening • Huisarts, tandarts • Overige vrij medische beroep

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |111

1.3 Wat is uw functie in dit bedrijf/deze instelling? Extra antwoordcategorie: • Voorzitter / bestuurslid 1.4 Kunt u aangeven hoeveel uw omzet of uw begroting over 2001 bedroeg, exclusief BTW? • In gulden: ...... miljoenen ...... duizendtallen • In euro: ...... miljoenen ...... duizendtallen Preventieve maatregelen door bedrijven en instellingen 2.2 Zijn bij de vestiging maatregelen getroffen ter voorkoming van criminaliteit, zoals alarmering, beveiliging op deuren en ramen, het plaatsen van hekken, het inhuren van beveiliging of zijn hiervoor bepaalde afspraken gemaakt? 2.2.2 Kunt u een schatting geven van de kosten van de in de afgelopen 12 maanden genomen maatregelen ter voorkoming van criminaliteit gericht tegen de vestiging? Het kan daarbij gaan om éénmalige investeringskosten, maar ook om doorlopende kosten, bijvoorbeeld die van een abonnement op een meldkamer. (Enq.: Excl. BTW) Advisering 2.5.1 Ik lees u nu een aantal terreinen voor waarop er advies gegeven kan worden. Kunt u mij voor elk item zeggen of de vestiging hierop is geadviseerd? Enq: lees op Antwoordcategorie toevoegen: • Preventie criminaliteit tegen patiënten/cliënten Deelname aan projecten 2.6.1 Welk(e) project(en) was / waren dat? Enq lees op. Enq; meerdere antwoorden mogelijk Extra antwoordcategorieen: • Preventie criminaliteit tegen patiënten/cliënten> Incidenten en delicten 3.1.2 Hoe vaak is er ingebroken in bedrijfswagens? (Indien onderwijs): Het gaat hierbij niet om inbraken in auto’s van patiënten/cliënten of bezoekers.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |112

3.1.3 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de vestiging als gevolg van inbraken in de afgelopen 12 maanden heeft geleden ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering? Enq.: het gaat hierbij om inbraak waar de vestiging / de instelling slachtoffer van is geworden, en niet om inbraak in bijv. auto’s van patiënten/cliënten of bezoekers. Bij elk delict: Was bij het laatste geval van <delict> de dader of vermoedelijke dader een onbekende, een patiënt/cliënt, een bezoeker, een personeelslid, een leverancier of een criminele organisatie? Antwoordcategorieën toevoegen: • Patiënt/cliënt • Bezoeker 3.2 Heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met diefstal van bijvoorbeeld medische of andere apparatuur, medicijnen, materialen of andere artikelen? Het gaat hier om diefstal van zaken van de vestiging en niet van patiënten/cliënten of bezoekers. Onder selectie van vraag 1.10 ja (in het bezit van bedrijfs- of leasewagens) 3.2.2 Hoe vaak zijn er in de afgelopen 12 maanden bedrijfswagens gestolen? Het gaat hierbij niet om diefstal van auto’s van patiënten/cliënten of bezoekers. Onder selectie van vraag 1.10 ja (in het bezit van bedrijfs- of leasewagens) 3.2.3 Hoe vaak zijn er in de afgelopen 12 maanden goederen uit bedrijfswagens gestolen? Het gaat hierbij niet om diefstal uit auto’s van patiënten/cliënten of bezoekers. 3.2.4 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de vestiging als gevolg van diefstal in de afgelopen 12 maanden heeft geleden, ongeacht het bedrag dat eventueel door de verzekering is uitbetaald, (indien onderwijs): en ongeacht schade als gevolg van diefstal van bezittingen van leerlingen/bezoekers. 3.3 Heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met opzettelijke vernieling, brandstichting of het aanbrengen van graffiti aan gebouwen,

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |113

bedrijfswagens of andere eigendommen? Denk daarbij aan dingen stukmaken, brandstichting of het aanbrengen van graffiti. (Indien onderwijs:) Het gaat hierbij om vernielingen gericht tegen de vestiging / de instelling en niet tegen patiënten/cliënten of bezoekers. 3.3.3 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de vestiging als gevolg van vernieling, brandstichting of het aanbrengen van graffiti in de afgelopen 12 maanden heeft geleden, ongeacht het bedrag dat eventueel door de verzekering is uitbetaald, (indien onderwijs): en ongeacht schade als gevolg van vernieling van bezittingen van patiënten/cliënten of bezoekers. 3.4 Is de bedrijfsvestiging in de afgelopen 12 maanden geconfronteerd met fraude? Daarmee bedoelen we bijvoorbeeld het vervalsen van contracten, het indienen van valse declaraties door het eigen personeel of het indienen van valse recepten door patiënten/cliënten?

Specifiek toegevoegde vragen
De volgende vragen worden alleen voor de relevante sector toegevoegd, en maken geen deel uit van de basisvragenlijst. Incidenten en delicten Bij elk delict: Indien vermoedelijke dader patiënt/cliënt: Is <delict> verklaarbaar door een gedragsstoornis bij de patiënt/cliënt? • Ja • Nee • Weet niet • Wil niet zeggen

Extra vragen over criminaliteit gericht tegen patiënten/cliënten. Ik wil het nu met u hebben over criminaliteit die tegen uw patiënten/cliënten is gericht. 3.7 Heeft de vestiging / de instelling de afgelopen 12 maanden te maken gehad met criminaliteit die tegen patiënten/cliënten was gericht? • ja • nee • weet niet • geen antwoord

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |114

3.7.1 Wat is het laatst voorgevallen delict? • inbraak in auto van patiënten/cliënten • diefstal van de auto van patiënten/cliënten • diefstal van bezittingen van patiënten/cliënten (exclusief diefstal van bezittingen uit de auto) • vernielingen aan bezittingen van patiënten/cliënten • bedreiging • beroving • mishandeling • aanranding / verkrachting • anders, nl... • weet niet • geen antwoord 3.7.2 Hoe vaak is <delict> in de laatste 12 maanden gebeurd? • 0 maal • .... maal • weet niet • geen antwoord 3.7.3 Was bij <delict> de dader of vermoedelijke dader een onbekende, een patiënt/cliënt, een bezoeker, een personeelslid, een leverancier of een criminele organisatie? • • • • • • • • • • Onbekende Patiënt Bezoeker Vast personeelslid Ingehuurd personeelslid Leverancier Een criminele organisatie Anders, nl…… Weet niet Wil niet zeggen

NB: blok ‘Andere vormen van criminaliteit’ wordt nummer 3.8

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |115

Overige dienstverlening (Cultuur, Recreatie, Sport, etc. )
Tekstuele aanpassingen
Sommige vragen maken deel uit van de basisvragenlijst, maar worden gedeeltelijk toegesneden op een bepaalde sector. Het gaat dan om het maken van aanpassingen in de formulering van de vraag, dan wel in de antwoordcategorieën. Het gedeelte van de vraag dat is aangepast aan de sector, staat <vet> weergegeven. Algemeen • Overal wordt gesproken van het bedrijf / de vestiging of de instelling. • Behalve in de aparte module over criminaliteit tegen gasten, wordt overal waar het om criminaliteit / delicten gaat, vermeld dat het om criminaliteit tegen de vestiging gaat. Bij bedrijven/instellingen die te maken hebben met gasten of bezoekers, krijgt de enqueteur de volgende tekst in beeld: “Het gaat hierbij niet om criminaliteit gericht tegen gasten of bezoekers.“ Screening / achtergrondkenmerken 1.2 Wat is de belangrijkste activiteit die wordt uitgeoefend in of vanuit dit bedrijf/deze instelling? Is dat ......... (De enquêteur leest alleen de vetgedrukte tekst op. Daaronder staan voorbeelden om de enquêteur te helpen de vestiging in te delen.) Milieudienstverlening • afvalinzameling en –behandeling • afvalwaterinzameling en –behandeling • sanering. Werkgevers-, werknemers-, beroepsorganisaties; levensbeschouwelijke en politieke organisaties; overige ideële organisaties e.d. • bedrijfs-, werkgevers- en beroepsorganisaties • werknemersorganisaties • levensbeschouwelijke organisaties en politieke organisaties • overige ideële organisaties • hobbyclubs. Cultuur, sport en recreatie • activiteiten op het gebied van film en video • radio en televisie • overig amusement en kunst • pers- en nieuwsbureaus, journalisten • culturele uitleencentra, openbare archieven (bibliotheken), musea, dieren- en plantentuinen, natuurbehoud • sport(accommodaties) • overige recreatie (waaronder ook loterijen en kansspelen)

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |116

Verhuurbedrijf, veiling Schoonmaakbedrijf, wasserij Overige dienstverlening • uitvaartverzorging; crematoria, mortuaria en begraafplaatsen • overig Geen van deze: EXIT 1.3 Wat is uw functie in dit bedrijf/deze instelling? Extra antwoordcategorie: • Voorzitter / bestuurslid 1.4 Kunt u aangeven hoeveel uw omzet of uw begroting over 2001 bedraagt, exclusief BTW? 1.7 Kunt u de aard van de huidige locatie van deze vestiging aanduiden? Ik lees u een aantal mogelijkheden op. Is dit een ......... Extra antwoordcategorieën: • Sportaccommodatie (sporthal, zwembad, sportveld, jachthaven, etc.) • Recreatieterrein (camping, bungalowpark, etc.) 1.9 Beschikt de vestiging over een eigen, van de openbare weg afgescheiden terrein? We bedoelen daarmee ook bijvoorbeeld parkeerterreinen. (Enq. Ook sporthallen / sportterreinen / zwembaden / begraafplaatsen / camping / etc.) Preventieve maatregelen door bedrijven en instellingen 2.2a Zijn bij de vestiging <(op basis van filter toevoegen: en het terrein> maatregelen getroffen ter voorkoming van criminaliteit, zoals alarmering, beveiliging op deuren en ramen, het plaatsen van hekken, het inhuren van beveiliging of zijn hiervoor bepaalde afspraken gemaakt? 2.2.1a Welke maatregel of maatregelen zijn er getroffen bij de vestiging? Extra / aangepaste antwoordcatergorieen: • Bij grote kasopnames meerdere personen laten tekenen • Collectieve beveiliging samen met andere bedrijven / instellingen

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |117

2.2.2 Kunt u een schatting geven van de kosten van de in de afgelopen 12 maanden genomen maatregelen ter voorkoming van criminaliteit gericht tegen de vestiging? Het kan daarbij gaan om éénmalige investeringskosten, maar ook om doorlopende kosten, bijvoorbeeld die van een abonnement op een meldkamer. (Enq.: Excl. BTW) Advisering 2.5.1 Ik lees u nu een aantal terreinen voor waarop er advies gegeven kan worden. Kunt u mij voor elk item zeggen of de vestiging hierop is geadviseerd? Enq: lees op Extra antwoordcategorie voor bedrijven/instellingen die te maken hebben met gasten/bezoekers: • Preventie criminaliteit tegen gasten / bezoekers Deelname aan projecten 2.6.1 Welk(e) project(en) was / waren dat? Enq lees op. Enq; meerdere antwoorden mogelijk Extra antwoordcategorie: • <(op basis van filter toevoegen:): preventie criminaliteit tegen gasten / bezoekers> 2.6.2 Door wie werd het laatste project waaraan u heeft deelgenomen georganiseerd? Enq: niet oplezen Enq: meerdere antwoorden mogelijk Extra antwoordcategorieën: • De vestiging / de instelling zelf • De eigenaar van het pand

Incidenten en delicten 3.1.2 Hoe vaak is er ingebroken in bedrijfswagens? (Voor die bedrijven / instellingen die te maken hebben met gasten of bezoekers): Het gaat hierbij niet om inbraken in auto’s van gasten of bezoekers. 3.1.3 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de vestiging als gevolg van inbraken in de afgelopen 12 maanden heeft geleden ongeacht het bedrag dat is teruggekregen van de verzekering? (Op basis van filter toevoegen:)

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |118

Enq.: het gaat hierbij om inbraak waar de vestiging / de instelling slachtoffer van is geworden, en niet om inbraak in bijv. auto’s van bezoekers.

Bij elk delict: Was bij het laatste geval van <delict> de dader of vermoedelijke dader een onbekende, <een gast/bezoeker>, een klant, een personeelslid, een leverancier of een criminele organisatie? Extra antwoordcategorie: • Gast / bezoeker 3.2 Heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met diefstal van bijvoorbeeld machines, goederen, uitgestalde artikelen of bedrijfswagens? Op basis van filter toevoegen: Het gaat hier om diefstal van zaken van de vestiging en niet van gasten of bezoekers. 3.2.1 Hoe vaak zijn uit de gebouwen materialen of machines gestolen die nodig zijn voor het bedrijfsproces? 3.2.2 Hoe vaak zijn er in de afgelopen 12 maanden bedrijfswagens gestolen? (Op basis van filter toevoegen) Het gaat hierbij niet om diefstal van auto’s van gasten / bezoekers. 3.2.3 Hoe vaak zijn er in de afgelopen 12 maanden goederen uit bedrijfswagens gestolen? (Op basis van filter toevoegen): Het gaat hierbij niet om diefstal van goederen uit auto’s van gasten / bezoekers. 3.2.3 Wat is naar schatting de directe financiële schade die de vestiging als gevolg van diefstal in de afgelopen 12 maanden heeft geleden, ongeacht het bedrag dat eventueel door de verzekering is uitbetaald, (op basis van filter toevoegen): en ongeacht schade als gevolg van diefstal van bezittingen van gasten / bezoekers. 3.3 Heeft de vestiging in de afgelopen 12 maanden te maken gehad met opzettelijke vernieling, brandstichting of het aanbrengen van graffiti aan gebouwen, bedrijfswagens of andere eigendommen? Denk daarbij aan dingen stukmaken, brandstichting of het aanbrengen van graffiti. Op basis van filter toevoegen:: Het gaat hierbij om vernielingen gericht tegen de vestiging / de instelling en niet tegen gasten / bezoekers.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |119

Tevredenheid over de politie 4.2 Op welke punten is de vestiging ontevreden over de politie? Enq: niet oplezen Enq: meerdere antwoorden mogelijk Aangepaste antwoordcategorie: • De politie heeft geen kennis van zaken / geen kennis van deze sector

Specifiek toegevoegde vragen
De volgende vragen werden alleen voor de sector cultuur, recreatie en overige dienstverlening toegevoegd, en maken geen deel uit van de basisvragenlijst. Screening / achtergrondkenmerken (Filter: deze vraag wordt alleen gesteld aan bedrijven met hoofdactiviteit cultuur, sport of recreatie.) 1.9a Is het vestigingsterrein afgesloten voor gasten of bezoekers, of is het vrij toegankelijk te betreden? • • • • • • Afgesloten Vrij toegankelijk voor gasten / bezoekers Vrij toegankelijk voor iedereen Anders, nl. …. Weet niet Geen opgave

1.11 Heeft de vestiging / de instelling te maken met gasten of bezoekers, anders dan bijvoorbeeld toeleveranciers? • Ja • Nee • Weet niet • Geen antwoord

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |120

Incidenten en delicten Extra blok vragen over criminaliteit gericht tegen gasten / bezoekers De vragen in deze module worden alleen gesteld aan bedrijven / instellingen die eerder hebben aangegeven te maken te hebben met gasten / bezoekers. Ik wil het nu met u hebben over criminaliteit die tegen uw gasten / bezoekers is gericht. 3.7 Heeft de vestiging / de instelling de afgelopen 12 maanden te maken gehad met criminaliteit die tegen gasten / bezoekers was gericht? • ja • nee • weet niet • geen antwoord 3.7.1 Wat is het laatst voorgevallen delict? • inbraak in auto van gasten / bezoekers • diefstal van de auto van gasten / bezoekers • diefstal uit de auto van gasten / bezoekers • diefstal van bezittingen van gasten / bezoekers (exclusief diefstal van bezittingen uit de auto) • vernielingen aan bezittingen van gasten / bezoekers • bedreiging • beroving • mishandeling • aanranding / verkrachting • anders, nl... • weet niet • geen antwoord 3.7.2 Hoe vaak is <delict 1> in de laatste 12 maanden gebeurd? • 0 maal • .... maal • weet niet • geen antwoord

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |121

3.7.3 Was bij <delict> de dader of vermoedelijke dader een onbekende, een gast of bezoeker, een personeelslid, een leverancier of een criminele organisatie? • • • • • • • • Onbekende Gast/bezoeker Vast personeelslid Ingehuurd personeelslid Leverancier Een criminele organisatie Weet niet Wil niet zeggen

NB: blok ‘Andere vormen van criminaliteit’ wordt nummer 3.8

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |122

Bijlage 6

Aankondigingsbrief

Geachte mevrouw, mijnheer, Criminaliteit, onveiligheid en overlast zijn zaken waarmee ieder bedrijf of elke instelling in Nederland te maken kan krijgen. Politie, Justitie, branche-organisaties en ook de bedrijven zelf, hebben een belangrijke verantwoordelijkheid om criminaliteit te voorkomen en te bestrijden. Voor een goede gezamenlijke aanpak van de problemen is harde informatie nodig over aard en omvang van criminaliteit in het bedrijfsleven. Deze informatie is op dit moment niet structureel voorhanden. Daarom hebben het Ministerie van Justitie en het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties opdracht gegeven aan het NIPO om onderzoek te verrichten naar de gevolgen van criminaliteit en onveiligheid voor het bedrijfsleven en instellingen alsmede de beoordeling van het optreden van de politie. Alle economische sectoren van het Nederlandse bedrijfsleven worden onderzocht. Het onderzoek, de Monitor Bedrijven en Instellingen (MBI), zal elke twee jaar worden uitgevoerd. De Monitor Bedrijven en Instellingen is een aanvulling op de Politiemonitor Bevolking. De Politiemonitor Bevolking geeft een bruikbaar overzicht van de criminaliteit en onveiligheid waarmee de Nederlandse burger wordt geconfronteerd. De MBI is een vergelijkbare bron voor informatie over het slachtofferschap van Nederlandse bedrijven en instellingen. De resultaten zullen openbaar worden gemaakt zodat ook het bedrijfsleven en de instellingen hiervan kunnen profiteren.

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |123

Binnenkort kunt u door het NIPO worden gebeld – of iemand anders binnen het bedrijf, die op de hoogte is van de situatie van de onderneming op het gebied van criminaliteit en veiligheid - om telefonisch een aantal vragen te beantwoorden. De vragen zijn vastgesteld na overleg met vertegenwoordigers van branche-organisaties en inhoudelijke specialisten. Het interview duurt ongeveer 15-20 minuten en kan plaatsvinden op een moment dat u het beste schikt. Door uw medewerking kan beter worden bepaald hoe criminaliteit tegen bedrijven en instellingen het beste aangepakt kan worden. Wij hopen dat uw organisatie bereid is mee te werken aan het onderzoek. Indien u vragen heeft over dit onderzoek, verzoeken wij u contact op te nemen met het NIPO, mevr. R. Frederikse (tel. 020 – 5225.478, e-mail r.frederikse@nipo.nl).

Hoogachtend, De Minister van Justitie, voor deze, de directeur ad interim van het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum,

dr. P.J.J.M. van Loon

Z1296 | Monitor Bedrijven en Instellingen 2002 | © nipo Consult Amsterdam | 1 augustus 2002 |124