Masterplan LadonkNieuw

Masterplan
Duurzame Revitalisering Bedrijventerrein Ladonk (LadonkNieuw) te Boxtel

Boxtel, mei 2000
Projectmanagement LadonkNieuw (Boxtel) Postbus 258, 5280 AG Boxtel
Tel: 0411 617198 / fax: 0411 617106 / Mobiel: 06 21536457 e-mail: projectman.ladonknieuw@12move.nl

Pro 00-08

Pagina 1 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Samenvatting
Het bedrijventerrein Ladonk ligt aan de westzijde van Boxtel. De 1e fase van het terrein dateert van de jaren 50. Vervolgens is het 2e gedeelte eind jaren 70 en het 3 e, eind jaren 90 ontwikkeld. Het omvat circa 110 hectare bruto. Op het terrein zijn 120 bedrijven gevestigd met in totaal circa 6000 arbeidsplaatsen. Sinds enige jaren functioneert de plaatselijke actieve Werkgeversvereniging Boxtel (WeB). Een vereniging die ondermeer ook de gemeenschappelijke bewaking van het bedrijventerrein Ladonk heeft opgepakt. In nauwe samenspraak met de gemeente is begin 1999, mede in het kader van het in voorbereiding zijnde project Integraal Waterbeheer, besloten om samen met de Kamer van Koophandel Oost-Brabant en de provincie Noord-Brabant te komen tot een meer integrale aanpak: duurzame revitalisering. Bedrijven op een bedrijventerrein zoeken bij duurzame revitalisering gezamenlijk naar kansen om ruimtelijke en milieuknelpunten aan te pakken, waarbij tevens getracht wordt om kostenbesparingen te realiseren en te komen tot een betere concurrentiepositie. In april 1999 ondertekenden de WeB, de gemeente Boxtel, de Kamer van Koophandel Oost-Brabant en de provincie Noord-Brabant een intentieverklaring om het project Duurzame Revitalisering Bedrijventerrein Ladonk, kortweg LadonkNieuw, te starten. In deze verklaring zijn de uitgangspunten vastgelegd voor verdere samenwerking in het project, hetgeen dient uit te monden in het Masterplan LadonkNieuw. In dit Masterplan worden de door bedrijven aangegeven kansen en de mogelijkheden nader in beeld gebracht en voorstellen gedaan om te komen tot daadwerkelijke benutting van die kansen. In het najaar van 1999 is door het projectmanagement een eerste verkenning verricht van deze mogelijkheden aan de hand van een schriftelijke enquête onder de bedrijven. De respons was goed: 55 % van de bedrijven, die 74 % van het aantal werknemers representeren, namen deel aan de enquête. Het bij de start opgestelde Plan van aanpak voorzag erin, dat vervolgens nader diepgaander onderzoek zou plaatsvinden aan de hand van een aantal bedrijfsbezoeken. Eind 1999, voorjaar 2000 zijn daartoe door de BedrijfsMilieudienst Oost-Brabant (BMD) een veertigtal bedrijfsbezoeken afgelegd. Daarbij is nader gesproken over de mogelijkheden tot samenwerking en de bereidheid om deel te nemen aan de verdere aanpak van de duurzame revitalisering. Het draagvlak voor de verdere uitwerking van LadonkNieuw is daardoor nog eens nader onderstreept. De stuurgroep heeft besloten om naast de twee reeds ingestelde werkgroepen, te komen tot het formeren van totaal vijf werkgroepen. De stuurgroep heeft daarbij advies gekregen van de projectgroep. Besloten is om de bestaande organisatiestructuur met stuurgroep en projectgroep te handhaven. Daarnaast weet men er zich van verzekerd dat, ook in financiële zin, het projectmanagement voor de komende 2 jaar kan worden voortgezet. Voor de communicatie zal onder meer het reeds gestarte Nieuwsbulletin LadonkNieuws worden voortgezet.

Pro 00-08

Pagina 2 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Project Duurzame Revitalisering Bedrijventerrein Ladonk (LadonkNieuw) Stuurgroep LadonkNieuw

Projectgroep LadonkNieuw Projectmanager LadonkNieuw

werkgroep Infrastructuur

werkgroep Autobedrijven

werkgroep Utilities & Milieu

werkgroep Facilities

werkgroep Inrichting, beheer & onderhoud

De onderwerpen die door de verschillende werkgroepen, voornamelijk bemenst door de bedrijven, zullen worden uitgewerkt zijn hieronder schematisch weergegeven. Werkgroep Infrastructuur Onderwerpen Verbetering bereikbaarheid (noord- en zuidzijde); (Her)inrichting bestaande infrastructuur in relatie tot project Integraal Waterbeheer alsmede klankbordfunctie voor dit waterbeheer project; Ontwikkeling van een beeldkwaliteitsplan Segmentering / herstructurering bestaande bedrijventerrein incl. (her)invulling van vrijkomende locaties en geluidszonering; Duurzame ontwikkeling nieuwe bedrijventerrein Vorst; Ontwikkeling collectieve parkeervoorziening. Samenwerking bij inkoop van diensten en producten (o.a. afval, banden); Samenwerking op het gebied van faciliteiten (gemeenschappelijk gebruik resp. inzet); Ideeën en wensen met betrekking tot de inrichting en (mogelijke) clustering van autobedrijven op bedrijventerrein Vorst. Bedrijfsmilieustation en collectieve inzameling / hergebruik van afvalstoffen; Servicepunt milieubesparing en preventie, uitwisseling milieu informatie, alsmede bedrijfsnoodplannen; Gezamenlijke verwerking afvalwater en /of hergebruik van Bwater (industriewater); Benutting restwarmte c.q. gebruik van koude / warmte opslag; Gezamenlijke inkoop en optimalisatie gebruik van elektriciteit, gas en water; Collectieve bodeminformatiebeheer, aanpak bodembescherming en –sanering; Efficiënter gebruik perslucht;

Autobedrijven

Utilities & Milieu

-

Pro 00-08

Pagina 3 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Facilities -

Collectieve bestrijding en preventie van brand en calamiteiten (overall noodplan). Collectieve inkoop van goederen en diensten (bijv. brandstof, brandbestrijdingsmateriaal (incl. keuring), catering, copy en reproductie, kantoor- en computerbenodigdheden, lease, travel, verzekeringen, uitzendbureau's); Gezamenlijke opleidingen en trainingen; De creatie van werkervaringsplaatsen; Gemeenschappelijk gebruik van kinderopvang; Gemeenschappelijk gebruik van Arbo-diensten. Verbetering presentatie bedrijventerrein (implementatie aan de hand van een beeldkwaliteitsplan) Beheer en onderhoud bedrijventerrein (o.a. groen, reiniging, zwerfvuil); Gezamenlijke inkoop van diensten in relatie tot het beheer en onderhoud van het bedrijfsterrein; Mogelijkheden gemeenschappelijk gebruik (bedrijfs)restaurant- en vergaderfaciliteiten; Optimalisering infrastructuur en dienstverlening telecommunicatie (incl. collectieve inkoop); Uitbreiding beveiliging (in samenspraak met aanwezige Stichting); Verkeersveiligheid; Bewegwijzering op en naar het bedrijventerrein; Vervoersmanagement en openbaar vervoer; Efficiency verbetering vervoer over de weg; Mogelijkheden vervoer van goederen per spoor.

Inrichting, beheer en onderhoud -

In het Masterplan zijn voorts de afspraken over taakverdeling en werkwijze voor stuur- en projectgroep alsmede de werkgroepen nog eens vastgelegd. Het Masterplan is medio mei gepresenteerd aan de ondernemers in Boxtel. Alle leden van de Werkgeversvereniging Boxtel en op het bedrijventerrein Ladonk gevestigde ondernemers ontvangen een exemplaar van het Masterplan.

Pro 00-08

Pagina 4 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Voorwoord
Vanaf het voorjaar van 1999 is binnen het project Duurzame Revitalisering Bedrijventerrein Ladonk door alle betrokken partners, ondernemersvereniging Werkgeversvereniging Boxtel (WeB), gemeente Boxtel, Kamer van Koophandel Oost Brabant, provincie Noord-Brabant, energiek en voortvarend gewerkt aan de verdere uitbouw van het project. Een project dat, getuige de enthousiaste medewerking en ondersteuning van het bedrijfsleven en de gemeente, op een groeiende draagvlak mag rekenen bij de gevestigde ondernemers. De Werkgeversvereniging Boxtel en de energieke inzet en vasthoudendheid van enige bestuursleden van deze vereniging hebben daaraan een belangrijke bijdrage geleverd. Daarbij kon ook dankbaar gebruik gemaakt worden van en aangesloten worden op de open en coöperatieve houding en werkwijze, die bestuurlijke en ambtelijk bij de gemeente Boxtel is aangetroffen. De inspirerende ervaringen die elders, met name in het Brabantse, zijn opgedaan hebben een belangrijke bijdrage geleverd aan de voortgang van het project. Ervaringen waarvan, dankzij de inbreng van de Kamer van Koophandel Oost-Brabant en het Projecten Innovatie Team (PIT), dankbaar in het project gebruikt gemaakt konden worden. Met het project en de huidige stand daarvan wordt aangesloten op de actuele ontwikkelingen op landelijk en provinciaal niveau. Na de aandacht en de ontwikkeling die de woonomgeving al enige jaren heeft meegemaakt en nog meemaakt, is nu ook de zorg voor het leef- en verblijfklimaat voor bedrijven in het vizier gekomen. De technologische en innovatieve ontwikkelingen en effecten van globalisering maken het noodzakelijk bestaande bedrijventerreinen te moderniseren en toe te rusten op deze nieuwe ontwikkelingen. Gevestigde bedrijven, die vaak hun klantenkring en medewerk(st)ers uit de directe omgeving betrekken, moeten zich voor het economisch functioneren van een goede thuisbasis verzekerd weten. Een thuisbasis, die beschikt over een adequate infrastructuur (boven- en ondergronds) en waarop ondernemers milieubewust hun goederen en diensten kunnen produceren en aanbieden. Met een project als LadonkNieuw worden voor de Boxtelse situatie hiertoe belangrijke aanzetten gegeven. Bovendien wordt bij de ontwikkeling en inrichting van een nieuw bedrijventerrein Vorst, direct in de nabijheid van Ladonk, rekening gehouden met de ervaringen vanuit dit project. Wij zijn verheugd te kunnen stellen dat met dit Masterplan een gedegen verkenning van de kansen en mogelijkheden is gemaakt. Het plan biedt een solide basis om, in samenhang met het reeds gestarte project Integraal Waterbeheer en de ontwikkeling van een bedrijventerrein Vorst, de komende tijd tot realisering van (deel)projecten te komen. Projecten die niet alleen kunnen bijdragen aan een verbetering van het ondernemersklimaat en de concurrentiepositie van het Boxtelse bedrijfsleven en daarmee de werkgelegenheid, maar ook een bijdrage kunnen leveren aan het milieu en een efficiënter ruimtegebruik.

Pro 00-08

Pagina 5 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Alle aspecten van duurzaamheid krijgen derhalve de aandacht, waardoor naast de huidige, ook toekomstige generaties hun voordeel kunnen hebben. De positieve medewerking van alle betrokken partners in het project biedt een garantie voor het behalen van de doelstellingen. Het gaat erom, in een evenwichtige benadering van milieu, economie en ruimte te komen tot een optimale afstemming met tastbare resultaten op alle deelgebieden. Wij vertrouwen erop dat LadonkNieuw in deze opzet zal slagen.

Boxtel, mei 2000

Stuurgroep Duurzame Revitalisering Ladonk

G.J. Hexspoor, J.A.M. van Homelen, Mr. W.W.M. van Hattum, Drs. A. Mariën – Meuffels,

Werkgeversvereniging Boxtel (WeB), voorzitter gemeente Boxtel, burgemeester Kamer van Koophandel Oost-Brabant provincie Noord-Brabant / PIT

Pro 00-08

Pagina 6 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Inhoudsopgave
0 00 1. Samenvatting Voorwoord Inhoudsopgave Inleiding 1.1 Duurzame Revitalisering 1.2 Het bedrijventerrein Ladonk 1.3 De voorgeschiedenis Het enquêteresultaat Uitwerking enquêteresultaat door bedrijfsbezoeken Overzicht kansen Het vervolg 5.1 De organisatiestructuur 5.2 De stuurgroep 5.3 De projectgroep 5.4 Werkgroepen 5.5 Het projectmanagement 5.6 De financiering De volgende stappen

2. 3. 4. 5.

6.

Pro 00-08

Pagina 7 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

1.

Inleiding

Bedrijfsleven en overheden zoeken naar mogelijkheden om economische groei, versterking van de concurrentiekracht van het bedrijfsleven en toename van de werkgelegenheid te combineren met een verdere afname van de milieubelasting. Deze strategie wordt aangeduid met duurzame ontwikkeling. Het proces vraagt om een integrale aanpak van economie en milieu. Gedurende het traject blijkt dat ook “ruimte” een onlosmakelijk onderdeel van dit integrale proces uitmaakt. Een proces waarbij de rol van het bedrijfsleven zelf essentieel is. Het uitgangspunt is winst op alle beleidsterreinen. In het ruimtelijk-economisch en in het milieubeleid van de provincie Noord-Brabant is een gebiedsgerichte benadering, als een kansrijke optie aangeduid om duurzame ontwikkeling te realiseren. Zeker op het niveau van bedrijventerreinen liggen goede kansen om tegelijkertijd economische, milieuhygiënische en ruimtelijke voordelen te behalen. Een goede samenwerking tussen de bedrijven op een bedrijventerrein en de overheden is daarvoor een essentiële voorwaarde. De aanpak van bedrijven op een bedrijventerrein om gezamenlijk te zoeken naar kansen om milieuproblemen aan te pakken en daarbij tevens lagere kosten en een versterking van de (concurrentie)positie realiseren, wordt aangeduid als duurzame revitalisering van een bedrijventerrein. De Werkgeversvereniging Boxtel (WeB), de gemeente Boxtel, de provincie Noord-Brabant en de Kamer van Koophandel voor Oost-Brabant hebben in het voorjaar van 1999 besloten om de kansen te gaan onderzoeken van een duurzame revitalisering voor het bedrijventerrein Ladonk te Boxtel. Kortweg LadonkNieuw genoemd. Uit het onderzoek is gebleken, dat er zeker kansen zijn. Dit Masterplan geeft aan op welke terreinen. Tevens worden voorstellen geformuleerd voor realisatie. Op basis van de elders met dit proces opgedane ervaringen bestond een algemene verkenning van de mogelijkheden voor revitalisering. Deze mogelijkheden zijn aan de hand van een in het najaar van 1999 gehouden enquête onder de bedrijven op het bedrijventerrein in kaart gebracht. Daarnaast zijn landelijke ontwikkelingen meegenomen. Ten behoeve van het onderzoek is aan de hand van de uitgevoerde enquête een notitie gemaakt. Daarin zijn de resultaten van de enquête weergegeven. De resultaten worden in hoofdstuk 2 van dit Masterplan kort samengevat. Vervolgens zijn 40 bedrijven geïnterviewd om de haalbaarheid van de kansen verder te onderzoeken en aan te vullen met andere ideeën. Hiervan is een aparte notitie verschenen. Dat wordt in hoofdstuk 3 samengevat. Beide notities vormen de bouwstenen voor dit Masterplan. De kern van het Masterplan heeft de volgende tweedeling: • De kansen voor duurzame revitalisering (hoofdstuk 4) • Een advies over de verdere aanpak (hoofdstuk 5) De geformuleerde kansen voor duurzame revitalisering vergen een nadere studie, voordat ze operationeel gemaakt kunnen worden.

Pro 00-08

Pagina 8 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Het advies voor de verdere aanpak gaat in op de noodzakelijke organisatie om de projecten daadwerkelijk te realiseren. Daarbij moeten de kansen vooral niet uit het oog verloren worden.

1.1. Duurzame revitalisering
Duurzame revitalisering heeft primair als doel het bevorderen van een optimaal gebruik van grondstoffen, energie en water door samenwerking tussen bedrijven. Daarnaast kan de verwerking van afval- en reststoffen en afvalwater worden verbeterd. Mobiliteitsvraagstukken zijn daarbij beter oplosbaar en mogelijke overlast kan beter beheerst worden. Ook wordt versterking van bedrijfsmilieuzorg mogelijk door kennisoverdracht. Een aandachtspunt bij duurzame revitalisering is segmentering. Een juiste locatie van bedrijven en voorzieningen kan mogelijke kansen versterken. Bij bestaande terreinen betekent dit vaak een complexe en tijdrovende herstructurering. Dit mag geen reden zijn om de mogelijkheden van segmentering en herstructurering niet te onderzoeken. Naast milieuhygiënische voordelen, spelen economische en financiële aspecten een belangrijke rol. Het uitgangspunt is een win-win aanpak. Hierbij hebben bedrijven economische voordelen bij een gezamenlijke aanpak van de milieuproblemen. De economische voordelen kunnen tot uiting komen in directe financiële winst, zoals lagere kosten bij de afvalverweking, innovatie van processen of grotere efficiency van utilities en voorzieningen. Ook imagoverbetering, versterking van de concurrentiepositie en verbeteringen bij transport van goederen zijn economische voordelen. Eveneens kan een stijging van de waarde van onroerend goed optreden. Uitgangspunt in het proces is dat bedrijven zelf primair over de kennis beschikken om (deel)projecten op hun haalbaarheid te onderzoeken en ook daadwerkelijk te realiseren. De relevantie van duurzame revitalisering voor de bedrijven op een bedrijventerrein is evident. Maar ook voor overheden is een dergelijke aanpak belangrijk: deze biedt mogelijkheden om de omschakeling te maken van strikt regulerend naar makelende en schakelende rol, waarbij tevens een integratie mogelijk is van de diverse beleidsterreinen en –instrumenten. De overheid kan bij deze processen ook haar kennisdragende rol inzetten. Daar waar mogelijk kan ook aansluiting gezocht worden bij onderwijsinstituten (universiteit, hbo, mbo) om in samenwerking met het bedrijfsleven een betere voedingsbodem te realiseren voor (deel)projecten op het gebied van economie, milieu en ruimte. Van de zijde van de rijksoverheid is de afgelopen jaren ondersteuning geboden in de vorm van de nota Milieu en Economie (juli 1997) en de Handreiking Duurzame Bedrijventerreinen (maart 1999). Tevens is meerjarig een subsidieregeling Duurzame Bedrijventerreinen gestart. De Kamer van Koophandel kan bij dit project invulling geven aan haar wettelijke taak van de bevordering van de economische belangen voor het regionale bedrijfsleven en aan haar positie als intermediair voor bedrijven richting overheden. Daarnaast kunnen de Kamers ondersteunend werken bij het opzetten van een betere samenwerking tussen bedrijven onderling.
Pro 00-08 Pagina 9 van 38 mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

In de vorm van het Projecten Innovatie Team (PIT) wordt in Noord-Brabant ondersteuning verleend aan processen om te komen tot duurzame revitalisering. In het PIT werken het Sociaal Economisch Overleg Brabant (SEOB), Kamer van Koophandel, Midden en Kleinbedrijf (MKB), provincie Noord-Brabant en Brabantse Ontwikkelings Maastchappij (BOM) samen. Het PIT kan met de opgedane ervaring hulp bieden voor het starten en onderhouden van het proces. Bovendien beschikt het PIT door haar ervaring bij andere bedrijfsterreinen in Noord-Brabant over een sterk netwerk, waarin gebruik gemaakt kan worden van de elders opgedane ervaring met (deel)projecten.

1.2

Het bedrijventerrein Ladonk

Het bedrijventerrein Ladonk is gesitueerd aan de westzijde van Boxtel en omvat circa 110 hectare bruto. Op het terrein zijn circa 120 bedrijven gevestigd met in totaal circa 6.000 arbeidsplaatsen. Het is te typeren als een bedrijventerrein met een bovenlokaal karakter behorende bij een groeiklasse 3 kern. Het bedrijventerrein is in verschillende fases gedurende de loop der jaren uitgegroeid. De eerste fase dateert van de jaren 50. Het tweede gedeelte is eind jaren 70 ontwikkeld. In de jaren 90 is een derde fase gerealiseerd. Uit de cijfers met betrekking tot de ontwikkeling van bedrijvigheid in Noord-Brabant blijkt dat de gemeente Boxtel tot de sterkst groeiende gemeente in de provincie behoort. Circa 14.000 mensen vinden in de gemeente hun emplooi. Uit het feit dat de helft hiervan niet in de gemeente zelf woont, blijkt wel de bovenlokale functie die Boxtel op werkgelegenheidsgebied vervult. In de aanloop naar het revitaliseringsproces is reeds een eerste discussie gestart over de revitalisering van het terrein. Dit vond plaats in het kader van het door de gemeente Boxtel gestarte onderzoek naar de herstructurering / ombouw van het rioolstelsel. In de jaren 1993, 1995 en 1998 ontstonden bij hoogwater ook problemen in het stroomgebied van de Dommel. Hierdoor ontstond ook op het bedrijventerrein Ladonk wateroverlast met aanzienlijke schades. Dit heeft uiteindelijk geresulteerd in een project Integraal waterbeheer, waarvoor in 1999 door de gemeente in het kader van de zogenaamde IRMA-regeling subsidie is aangevraagd en gekregen. Doel van dit project integraal waterbeheer is het wegnemen van de volgende ongewenste effecten van de waterlast: Afvoer van regenwater draagt rechtstreeks bij aan een hoge piekafvoer via de Dommel op de Maas; Bij hevige regenval treden overstortingen van het rioolstelsel op, die de piekbelasting versterken en het oppervlaktewater verontreinigen; Het direct afvoeren van regenwater naar het oppervlaktewater leidt tot verlaging van de grondwaterstand (verdroging); Het schone regenwater wordt onnodig vervuld met afvalwater, waarna het weer gezuiverd moet worden op de rioolzuiveringsinstallatie (rwzi). In december 1999 is de uitvoering van het project Integraal Waterbeheer Bedrijventerrein Ladonk gestart. Dit project behelst een investering van circa Fl. 13 mln. Hierop is een subsidie van Fl. 1,0 mln. van de Europese Unie verkregen. De voorbereiding van het integraal waterbeheer project vormde voor de WeB aanleiding om bij de gemeente aan te dringen op een verbreding van het project naar duurzame
Pro 00-08 Pagina 10 van 38 mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

revitalisering. In die voorbereiding is in opdracht van de gemeente een enquête uitgevoerd die in teken stond van de herziening van het riool en de infrastructuur. Het terrein is feitelijk het enige bedrijventerrein binnen de gemeente Boxtel, waar van oudsher de plaatselijke en regionaal gebonden bedrijven zich hebben gevestigd. Met de aanleg van de zuidelijke ontsluitingsweg (de Keulsebaan) is na een zeer lange procedure een adequate ontsluiting gerealiseerd naar de Nederlandse hoofdwegenstructuur (A2). Voorheen kon de ontsluiting uitsluitend aan de noordzijde plaatsvinden via de interne wegenstructuur in Boxtel en via een dubbele spoorwegovergang over de lijnen Utrecht – Eindhoven en Tilburg – Eindhoven. De Nederlandse Spoorwegen (NS) heeft in het kader van Rail 21 besloten om de tot dan toe gelijkvloerse kruising van beide spoorlijnen om te bouwen tot een ongelijkvloerse. Mede in het licht van deze ombouw en de beleidslijn bij NS om gelijkvloerse bewaakte spoorwegovergangen te beperken en zonodig te vervangen door ongelijkvloerse kruisingen, staat het voortbestaan van de ontsluiting van het bedrijventerrein aan de noordzijde ter discussie. Het bedrijventerrein is overigens direct aan het spoorwegemplacement en het NS station Boxtel gelegen. Het bedrijventerrein beschikt aan haar zijde over een directe voetgangersverbinding met het NS-station. In de toekomstige ruimtelijke ontwikkeling van Boxtel is een nieuw bedrijventerrein Vorst voorzien. Dit nieuwe terrein van 20 ha, sluit aan de noordzijde aan bij het bedrijventerrein Ladonk en ligt tussen de spoorlijn ’s-Hertogenbosch – Eindhoven en de woonkern Lennisheuvel. Op dit moment is hiervoor een ontwerpbestemmingsplan in voorbereiding, waarbij de ontwikkeling nadrukkelijk in samenhang met het project LadonkNieuw wordt gezien. De recente studie van de Kamer van Koophandel Oost-Brabant (oktober 1999) “ Inventarisatie behoefte bedrijventerrein gemeente Boxtel” heeft nog eens de behoefte aan bedrijventerreinen voor de korte en lange termijn aangetoond. Indicatief wordt daarin een terreinbehoefte van circa 22 ha aangegeven. Op Ladonk zijn bovendien enkele bedrijven uit een zwaardere milieucategorie gevestigd (categorie 5), die een aanzienlijk ruimtebeslag kennen. In dat verband wordt binnen dit project gekeken naar een lange termijn oplossing voor ook deze bedrijven. Recent heeft een, in opdracht van de provincie, door het ETIN uitgevoerde studie uitgewezen dat in het bijzonder in de regio Noordoost-Brabant nu en in de komende jaren een tekort bestaat voor de vestiging van zware bedrijvigheid.

1.3

De voorgeschiedenis

In de gemeente Boxtel vindt alle geruime tijd samenwerking plaats tussen de bedrijven. Na aanvankelijk te zijn gestart als de Kring Boxtel van De Brabants Zeeuwse Werkgeversvereniging (BZW) is in 1997 besloten, deze kring om te buigen naar een Werkgeversvereniging Boxtel (WeB). Daarin hebben zich naast ondernemers gevestigd op het bedrijventerrein Ladonk, ook andere in Boxtel gevestigde ondernemers zich aangesloten bij de plaatselijke werkgeversvereniging. Naast de “business to business” staat de uitwisseling van ervaringen hoog in het vaandel. Bovendien wordt zij in een vroeg stadium geraadpleegd bij gemeentelijke besluiten. De werkgeversvereniging heeft de bewaking van het terrein gezamenlijk opgepakt. Van de op Ladonk gevestigde bedrijven is ca. 80% lid van de WeB.
Pro 00-08 Pagina 11 van 38 mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Deze vereniging organiseert maandelijks (thema)bijeenkomsten. In het voorjaar van 1999 hebben de Werkgeversvereniging Boxtel (WeB) en de gemeente Boxtel besloten in samenwerking met de Kamer van Koophandel en Fabrieken voor OostBrabant en de provincie Noord-Brabant (via Projecten Innovatie Team) het project Duurzame Revitalisering Bedrijventerrein Ladonk (kortweg LadonkNieuw) te starten. Daartoe hebben zij samen op 15 april 1999 een intentieverklaring onderschreven (bijlage 1). Daarmee is feitelijk een start gemaakt met het project om te komen tot het thans voorliggende Masterplan. De samenwerkende partijen hebben afgesproken in de projectuitvoering nadrukkelijk aan te sluiten op de wensen en belevingswereld van de gevestigde bedrijven. Vanuit dit oogpunt en het feit dat bij het project het belang van alle belanghebbende partijen gediend moet zijn (win-win situatie), was het van belang bij de start van het proces inzicht te krijgen in de nu levende c.q. potentieel aanwezige behoeften van de op het bedrijventerrein gevestigde bedrijven. In de 2e en 3e fase van het project is hierin voorzien. Daarbij is ook gebruik gemaakt worden van de elders reeds op revitaliseringsgebied opgedane kennis en ervaringen. In de 2e fase zijn de wensen en behoeften van het bedrijfsleven aan de hand van een schriftelijke enquête geïnventariseerd (hoofdstuk 2). In 3e fase hebben aanvullende mondelinge bedrijfsgesprekken plaatsgevonden om te komen tot een nadere verdieping van mogelijkheden (hoofdstuk 3). Deze informatie is voor het op te stellen van het Masterplan. Daarbij is en wordt aansluiting gezocht met het lopende IRMA-project en de ontwikkeling van het nieuwe bedrijventerrein Vorst. In dit Masterplan zijn de kansen en mogelijkheden voor de 4e fase aangegeven (hoofdstuk 4 en 5). Gelet op de gelijktijdige ontwikkeling van het IRMA-project en de voorbereidingen om te komen tot een ontwerpbestemmingsplan voor het nieuwe bedrijventerrein Vorst, direct aansluitend op Ladonk, is er voor gekozen deze projecten met het project Ladonk af te stemmen en te coördineren. Door de Stuurgroep c.q. de projectgroep is daarom besloten om, vooruitlopend op de uitkomsten van het Masterplan, een eerste werkgroep “Infrastructuur” te starten. Daarmee is tevens ingehaakt op de door de gemeente gestarte discussie “Boxtel boeit: Samen op weg naar 2010”. Een discussie, over de toekomst visie van Boxtel voor de komende tien jaar, die in april 2000 is begonnen met een startdocument. Naast individualisering en informatie- en communicatietechnologie wordt daarin ook schaarste en meer aandacht voor duurzaamheid vermeld als een van de trends en ontwikkelingen die nu al spelen en waarschijnlijk ook de komende jaren van invloed zijn op de gemeente. Bovendien wordt ingespeeld op de lopende discussie binnen het gemeentelijk verkeer en vervoerbeleid over het project “tien spoorwegovergangen”. Een project van de Nederlandse Spoorwegen, waarbij zij er naar streeft om het aantal ongelijkvloerse kruisingen met de spoorlijnen tot een minimum te beperken door de aanleg van viaducten en tunnels voor het kruisende gemotoriseerde verkeer. In de werkgroep vormen aspecten als bereikbaarheid, segmentering en herstructurering een belangrijk onderdeel. In de aanloop naar de revitaliseringsproces was door de gemeente Boxtel reeds een onderzoek gestart naar de herstructurering / ombouw van het rioolstelsel. In dat kader

Pro 00-08

Pagina 12 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

was ook een enquête gehouden onder de op Ladonk gevestigde ondernemers (bijlage 2). Dit heeft, zoals eerder aangegeven, uiteindelijk geresulteerd in het project Integraal Waterbeheer, Bij de daadwerkelijk realisering van de (riolerings)werken zal mede aan de hand van de resultaten van het project Ladonk Nieuw ook een hernieuwde inrichting van openbare ruimte en de infrastructuur worden meegenomen. Hiervoor is door de gemeente Boxtel eind 1999 in het kader van het Uitvoeringsprogramma Economisch Beleid 2000 een subsidieaanvraag voor het project “Revitalisering Bedrijventerrein Ladonk” ingediend. Een project waarvan de totale projectkosten geraamd zijn op Fl. 1.883.000,-- (incl. btw). Begin mei 2000 heeft het provinciale bestuur besloten voor dit project een éénmalige subsidie te verlenen van maximaal Fl. 750.000,-- (incl. btw). Hiervan is Fl. 250.000,-aangevraagd en bestemd voor de kosten van het projectmanagement voor de komende twee jaar (juni 2000 – mei 2002). Tevens is in deze totale projectkosten mede in relatie tot het project Integraal Waterbeheer Ladonk, de uitvoering van activiteiten ter verbetering van de infrastructuur op het bedrijventerrein voorzien, die vanuit dit Masterplan worden aangedragen. Voor de uitvoering van die infrastructurele activiteiten , voortvloeiend en aanvullend op het project Integraal waterbeheer is een subsidie van Fl. 500.000,-toegewezen. Door de aanwezige samenwerking tussen bedrijven onderling en de goede contacten tussen bedrijven en overheid is een goede basis voor duurzame revitalisering aanwezig. Partijen kennen en vertrouwen elkaar en er is sprake van wederzijds respect en erkenning van elkaars verantwoordelijkheden en belangen. De voorbereidingen om te komen tot dit Masterplan hebben geleerd, dat dit belangrijke voorwaarden zijn. Bij het proces van duurzame revitalisering zijn spanningen tussen het gemeenschappelijk belang en individueel belang niet altijd te vermijden. Doordat partijen elkaar kennen en respecteren, worden spanningen beter beheersbaar en oplosbaar. Plannen worden in een vroegtijdig stadium in een open overleg met elkaar besproken.

Pro 00-08

Pagina 13 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

2.

Het enquêteresultaat

In de 2e fase van het proces zijn • De planologische mogelijkheden van het bedrijventerrein; • De reeds geïnventariseerde wensen / behoefte van het bedrijfsleven In beeld gebracht. Tevens is gebruik gemaakt van de resultaten van de in het kader van de ombouw van de riolering eind 1998 / begin 1999 beschikbaar gekomen gegevens. Verwezen wordt naar bijlage 3. Aanvullend aan deze reeds beschikbare informatie is in het najaar van 1999 een schriftelijke enquête uitgevoerd onder het bedrijfsleven om meer specifiek inzicht te krijgen in de levende wensen en gedachten. In de vraagstelling is ook de interesse gepeild over de samenwerkingsmogelijkheden op diverse gebieden, zoals onder meer: Economische wensen en belemmeringen; Ruimtelijke knelpunten en uitbreidingsbehoeften; Transport en logistiek (opslagfaciliteiten); Collectieve parkeervoorzieningen; Collectief vervoer werknemers; Energie (gas, elektriciteit, warmte); Afvalinzameling; Telecommunicatie; Tank- en (truck)wasvoorziening met stallingsfaciliteiten voor vrachtwagens; (Groen)onderhoud. De resultaten van de enquête, die in het najaar van 1999 is gehouden onder circa 120 bedrijven, zijn vastgelegd in een notitie "enquêteresultaat onder Boxtelse bedrijven". Van 62 bedrijven (55%) zijn de ingevulde enquêteformulieren ontvangen, wat representatief is voor 72 % van de werknemers op Ladonk. Uit de enquête is af te leiden dat bij een groot aantal bedrijven een aantal projecten kansrijk wordt geacht. Het gaat daarbij om de volgende (deel)projecten: Grondstoffen, energie en afvalstoffen • Collectieve inzameling van afvalstoffen; • Bedrijfsmilieustation; • Benutting van restwarmte; • Gezamenlijk inkoop van elektriciteit, gas, water; • Een servicepunt voor milieubesparing en preventiemogelijkheden (incl. cursussen bedrijfsinterne milieuzorg); • Levering van B-water (industriewater); • Efficiency verbetering gebruik van perslucht; • Gezamenlijke verwerking van afvalwater. Bereikbaarheid / Mobiliteit • Verbetering bereikbaarheid aan noordzijde bedrijventerrein van en naar de A2; • Bewegwijzering (onder meer vanaf A2); • Vervoersmanagement (o.a. betering bereikbaarheid openbaar vervoer);

Pro 00-08

Pagina 14 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

• • •

Collectieve parkeervoorziening (personen- en vrachtwagens); Efficiency verbetering vervoer over de weg; Mogelijkheden vervoer per spoor.

Inrichting en voorzieningen • Herstructurering /segmentering; • Beheer en onderhoud bedrijventerrein (o.m. reinigen wegen en paden, verwijdering zwerfvuil); • Presentatie bedrijventerrein (o.a. open opslag); • Uitbreiding beveiliging; • Collectieve aanpak bodembescherming en – sanering; • Collectieve bestrijding en preventie van brand en calamiteiten; • Collectieve inkoop van telecommunicatievoorzieningen; • Samenwerking tussen autobedrijven; • Uitwisseling van milieu-informatie; • Een facilitypoint ( o.a. bedrijfsrestaurant- en vergaderfaciliteiten); • Gezamenlijk gebruik van Arbo-diensten; • Gezamenlijke inkoop van groenonderhoud; • Gezamenlijke creatie van werkervaringsplaatsen; • Gezamenlijk gebruik van kinderopvang.

Pro 00-08

Pagina 15 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

3.

Uitwerking enquêteresultaat door bedrijfsbezoeken

In de 3e fase van het project, waarmee in december 1999 een start is gemaakt, hebben aan de hand van de eerste resultaten van de schriftelijke enquête de bedrijfsbezoeken plaatsgevonden. Deze bedrijfsbezoeken zijn, in opdracht van de stuurgroep, uitgevoerd door een extern adviesbureau: de BedrijfsMilieuDienst (BMD) Oost-Brabant. De bedrijfsbezoeken hebben een inventarisatie van gegevens opgeleverd die overigens niet uitputtend is, maar wel representatief. Er zijn 41 bedrijven benaderd voor een bedrijfsbezoek. Met 37 daarvan (90 %) hebben de adviseurs van de BMD Advies OostBrabant een gesprek gevoerd. Vier bedrijven hebben laten weten geen belangstelling voor een verder gesprek te hebben vanwege tijdgebrek of beperkte mogelijkheden voor de eigen situatie. De door de BMD uitgebrachte rapportage bevat een weergave van de interviews met bedrijven, die geselecteerd zijn op grond van potentie, spreiding en – in de enquête aangegeven - belangstelling. De samenstelling van de selectie geeft een representatief beeld van de mogelijkheden tot verdere uitwerking van de duurzame revitalisering in projecten of werkgroepen. Een groot aantal van de bezochte bedrijven heeft tijdens het bezoek aangegeven te willen participeren in een werkgroep waarin het onderwerp wordt besproken waar hun belangstelling naar uitgaat. De BMD geeft daarbij aan dat zij ervan overtuigd zijn dat er een aantal succesvolle projecten kan worden gestart waarin de deelname van bedrijven een essentieel onderdeel is. Samengevat hebben de bedrijfsbezoeken, deels in aansluiting op de enquête, aangegeven dat de navolgende aspecten in de verdere voortgang van het project LadonkNieuw aandacht verdienen. Daarbij zijn de aspecten geclusterd naar een aantal items, waarvoor naar het advies van de BMD, ook afzonderlijke werkgroepen zouden kunnen worden gevormd. Infrastructuur § Onderzoek en advisering naar verbetering van zuidelijke ontsluiting via Keulsebaan § Klankbord voor project “Integraal Waterbeheer” en bijbehorende voorzieningen en -ontwikkelingen. § Onderzoek naar verbetering van verkeerveiligheid voor bepaalde kruisingen en voor fietsers § Onderzoek en klankbord voor realisering van een noordelijke ontsluiting van het industrieterrein met ongelijkvloerse overweg(en) § Algehele begeleiding van infrastructuur in de gemeente Boxtel Energie en Utilities § Gezamenlijke inkoop en optimalisatie van nutsvoorzieningen; § Hergebruik van energie, eventueel met behulp van warmte / koudeopslag bij slachterij / vleesverwerking / vrieshuis; § Hergebruik reststoffen en gezamenlijke afvoer bedrijfsafval en gevaarlijk afval; § Opzet / gebruik van milieuvoorzieningen ten behoeve van bedrijventerrein Ladonk;.

Pro 00-08

Pagina 16 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

§ §

Bodeminformatiebeheer en service ten aanzien van monitoring ten behoeve van voorschriften Wet Milieubeheer; Informatiepunt ten aanzien van uitwisseling milieugegevens en bedrijfsnoodplannen.

Autocluster § Mogelijkheid van verplaatsing van diverse autobedrijven naar een gezamenlijke locatie op nieuwe bedrijventerrein De Vorst; § Opzet van parkeervoorziening / garage met wasstraat en brandstofpunt ten behoeve van garagebedrijven met hergebruik van warm water afkomstig van naburige bedrijven; § Onderzoek naar samenwerking op gebied van afvalinzameling en –afvoer; § Collectieve voorzieningen op gebied van opleiding en training, bedrijfsmiddelenkeuring, lidmaatschappen, milieuaspecten en –advisering, ecommerce; § Eventueel uitgebreid met tanken voor personeel ven gehele bedrijventerrein. Planologische indeling, (her)inrichting, beheer § Beleidsvisie ten aanzien van ontwikkeling en invulling van het bedrijventerrein; § Onderzoek naar verplaatsingmogelijkheden van afvalverwerkende bedrijven naar een speciale locatie; § Hergebruik van mogelijk vrijkomende autobranche locaties; § Verplaatsing van bedrijfswoningen buiten het bedrijventerrein; § Sturing van verwerving en uitgifte van vrijkomende terreinen en gebouwen;. § Beïnvloeding van gemeentelijke plannen, die raakvlakken hebben met dan wel bedreigingen vormen voor het bedrijventerrein. Voorzieningen § Onderzoek naar telematicavoorzieningen en –ontwikkelingen; § Zonering en indeling van het bedrijventerrein, o.a. geluidszonering; § Groenstructuur, fiets en looproute, onderhoud wegen, riolering etc.; § Gezamenlijke voorzieningen /opleiding / training ten behoeve van brand en calamiteiten; § Gezamenlijke opzet van bedrijfsfaciliteiten t.b.v. kinderopvang, Arbo-diensten;

Pro 00-08

Pagina 17 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

4.

Overzicht kansen

Bij het enquêteresultaat (hoofdstuk 2) zijn meerdere kansrijke projecten gesignaleerd. Bij de uitwerking hiervan (hoofdstuk 3) zijn deze ideeën nader getoetst. Op grond van beide onderzoeken komt de projectgroep tot projecten, die op korte termijn opgepakt kunnen worden en kansen voor de langere termijn. Bij de projecten voor de korte termijn realiseert de projectgroep zich, dat sommige projecten een langere realisatietermijn vragen. Dit vanwege de technische complexiteit, het benodigde draagvlak en de financiële aspecten. Duidelijke voorbeelden zijn de projecten “ontsluiting noordzijde” en “segmentering en herstructurering”. Vanwege het belang van deze projecten voor het bedrijventerrein en het milieu adviseert de projectgroep een start te maken met deze onderwerpen. Zij vraagt de in hoofdstuk 5 genoemde werkgroepen deze onderwerpen mee te nemen. In onderstaande opsomming zijn een aantal in willekeurige volgorde een aantal kansrijke (deel)projecten aangegeven. Projecten • • • • • • • • • • • • • • Segmentering / herstructurering / planologie; Duurzame ontwikkeling nieuwe bedrijventerrein Vorst; Verbetering bereikbaarheid (incl. noordelijke ontsluiting en interne structuur); Klankbordfunctie ten aanzien project Integraal waterbeheer; Samenwerking telecommunicatie voorziening; Bewegwijzering; Collectieve parkeervoorziening; Samenwerking autobedrijven; Bedrijfsmilieustation en collectieve inzameling / hergebruik afvalstoffen; Samenwerking milieuzorg en calamiteitenbestrijding; Gezamenlijke inkoop van nutsvoorzieningen (elektriciteit, gas, water); Hergebruik restwarmte en water; Samenwerking vrachtwagenvervoer; Vervoersmanagement (incl. openbaar vervoer).

Uit de enquête is ook gebleken dat een aantal bedrijven hun interesse hebben aangegeven om te verplaatsen naar het nieuwe bedrijventerrein Vorst, waaronder zijn een groot aantal autobedrijven. Deze interesse kan worden aangegrepen om met de betreffende bedrijven gezamenlijk en de gemeente samen te zoeken naar een uit een oogpunt van economie, milieu en ruimte optimale invulling. Daarbij kan gedacht worden aan het realiseren van enige voorzieningen, die door de betrokken te vestig bedrijven niet ieder afzonderlijk behoeven te worden gerealiseerd. Vooruitlopend op het uitbrengen van het vaststellen van het Masterplan is door de stuuren projectgroep reeds actie ondernomen om te komen tot een werkgroep Autobedrijven. Tijdens een bijeenkomst op 12 april 2000 waarbij alle autobedrijven c.q. bedrijven die aan aan autobedrijven gelieerde activiteiten verrichten waren uitgenodigd, is uit de

Pro 00-08

Pagina 18 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

aanwezigen een werkgroep Autobedrijven geformeerd. Deze werkgroep heeft begin mei reeds een startbijeenkomst gehad.

Pro 00-08

Pagina 19 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

5. 5.1

Het vervolg De organisatiestructuur

De centrale vraag is welke structuur noodzakelijk is, zodat de (deel)projecten ook daadwerkelijk van start gaan en de kansen zichtbaar blijven of worden. De projectgroep is van mening, dat mede gezien de ervaringen elders, het verdere werk het beste door de belanghebbende partijen (meestal bedrijven in samenwerking met de gemeente) zelf kan worden opgepakt. Het draagvlak en de kans van slagen is dan het grootst. Geadviseerd wordt de (deel)projecten onder te brengen bij de werkgroepen, waarin belanghebbenden vertegenwoordigd (ondernemers en gemeente) zijn. Uitgangspunt van de deelnemers in deze werkgroepen is dat zij een inspanningsverplichting aangaan om de realiseerbaarheid van (deel)projecten te onderzoeken. De fase, waarin de suggesties en ideeën zijn gedaan, lenen zich niet voor het aangaan van een resultaatverplichting. De uitkomsten van de (deel)projecten zijn vervolgens in beginsel beschikbaar / bruikbaar voor alle ondernemers. In een aantal deelprojecten zullen derhalve ook de ondernemers van die niet op Ladonk gevestigde zijn kunnen gebruik maken van de uitkomsten van het project. Dit zal met name gelden voor die onderdelen waarbij geen directe relatie aanwezig is met de geografische ligging van het betreffende bedrijf. Aan de werkgroepen wordt daarom ook gevraagd om de definitieve haalbaarheid van projecten te onderzoeken en de mogelijke realisatie ter hand te nemen. Ook kan binnen de werkgroepen nader van gedachte gewisseld worden over de kansen voor de middellange en lange termijn. Voor het proces is het van belang om gelijktijdig (deel)projecten op te pakken die, zowel op korte termijn als op middellange termijn succesvol kunnen zijn. Successen op korte termijn kunnen immers bijdragen aan het voortvarend aanpakken van die projecten die naar hun aard een langere voorbereidingstijd vragen. Een structuur van losse werkgroepen is niet voldoende en heeft de volgende nadelen: Het risico dreigt, dat mogelijkheden voor wederzijdse versterking geen of onvoldoende aandacht krijgen; Kansen op andere aandachtsgebieden komen of blijven minder goed in beeld; De werkgroepen hebben secretariële ondersteuning nodig, die per (deel)project minder doelmatig kan worden ingevuld; Het realiseren van (deel)projecten kan bestuurlijke ondersteuning of draagvlak behoeven. Daarom wordt voorgesteld om naast het functioneren van een stuurgroep en een projectgroep, de positie van de projectmanager te handhaven gedurende het proces. De organisatie van het project Duurzame Revitalisering Bedrijventerrein Ladonk, kortweg LadonkNieuw, kent gedurende het gefaseerde proces de volgende organen: Stuurgroep Projectgroep Werkgroepen Projectmanager

Pro 00-08

Pagina 20 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Deze worden achtereenvolgens in de komende paragrafen kort behandeld. Daarbij is tevens een voorstel opgenomen om te komen tot een aantal werkgroepen met een pakket van onderwerpen, die de moeite waard zijn om verder op hun realiseerbaarheid te toetsen.

Project Duurzame Revitalisering Bedrijventerrein Ladonk (LadonkNieuw) Stuurgroep LadonkNieuw

Projectgroep LadonkNieuw Projectmanager LadonkNieuw

werkgroep Infrastructuur

werkgroep Autobedrijven

werkgroep Utilities & Milieu

werkgroep Facilities

werkgroep Inrichting, beheer & onderhoud

Afbeelding 1: organisatieschema project LadonkNieuw

Uitgangspunt bij de bezetting van de werkgroepen is dat de gevestigde ondernemers vanuit hun kennis en ervaring met de eigen bedrijfsprocessen, bereid zijn ter zake deskundige medewerk(st)ers in te zetten. Afhankelijk van de aard van de activiteiten in de werkgroepen wordt ook directe participatie vanuit de andere in het project deelnemende partijen gevraagd. Van gemeentelijke zijde gaat het daarbij met name over de kennis, deskundigheid en ervaring op de verschillende (deel)projecten naar de lokale situatie. Vanuit de gemeente is de bereidheid uitgesproken naar de aard van de activiteiten direct facultatief te participeren in de werkgroepen. Op gemeentelijk niveau vervult de bedrijfscontactfunctionaris voor deze gemeentelijke inbreng een spilfunctie. Bij Kamer en provincie / PIT gaat het daarbij veelal om de inbreng van kennis en ervaringen, die elders zijn opgedaan.

5.2

De stuurgroep

De stuurgroep heeft tot taak: q Het realiseren van het noodzakelijk draagvlak bij overheden, bedrijven, nutsbedrijven en het waterschap; q Het ondersteuning verlenen aan de projectgroep, projectmanager en de in te stellen werkgroepen bij het verkrijgen van subsidies en financiële middelen; q Het bestuurlijk afstemmen bij een genuanceerde en flexibele toepassing van wet- en regelgeving op het gebied van milieu en ruimtelijke ordening en het verlenen van vereiste medewerking; q Besluitvorming over de permanente structuur voor de organisatie van het proces duurzame revitalisering voor en door het bedrijfsleven. q De bewaking van het totaal beschikbare budget voor het project (financiële eindverantwoordelijkheid).

Pro 00-08

Pagina 21 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Samenstelling De aan het project deelnemende instanties zijn ieder voor zich bestuurlijk vertegenwoordigd in de stuurgroep, te weten: § De voorzitter van de Werkgeversvereniging Boxtel (WeB), voorzitter; § De burgemeester van de gemeente Boxtel; § Één vertegenwoordiger van de Kamer van Koophandel Oost-Brabant; § Één vertegenwoordiger van de provincie Noord-Brabant, resp. PIT. Ook nemen als adviseurs deel aan de stuurgroepvergaderingen: § De voorzitter van de projectgroep; § De projectmanager. Het secretariaat van de stuurgroep berust bij de WeB. Voor een overzicht van de samenstelling van de stuurgroep wordt verwezen naar bijlage 3. Werkwijze De stuurgroep, die tenminste twee maal per jaar bijeenkomt, ontvangt regelmatig een rapportage van de werkzaamheden van de projectgroep. De stuurgroep krijgt bovendien die beslissingen voorgelegd waarover de projectgroep niet in unanimiteit heeft kunnen beslissen. De besluitvorming in de stuurgroep vindt in beginsel eveneens plaats op basis van unanimiteit. Bij uitzondering zal besluitvorming plaatsvinden bij meerderheid van stemmen.

5.2

De projectgroep

De projectgroep heeft tot taak: q Coördinerend, monitorend en signalerend te opereren in de richting van de stuurgroep; e q Klankbord functie te vervullen voor de in de 4 fase aan de hand van dit Masterplan in te stellen werkgroepen en desgewenst gerichte ondersteuning te bieden bij concrete (deel)projectvoorstellen; q Zicht houden op kansen, die wellicht nu nog niet operationeel te maken zijn, maar niet uit het oog mogen worden verloren; q De aansturing van de projectmanager; q De verantwoordelijkheid voor het budget van het projectmanagement; q Het aandragen van voorstellen om te komen tot een permanente structuur voor de organisatie van het proces van duurzame revitalisering voor en door het bedrijfsleven. Samenstelling In de projectgroep zijn in de deelnemende partijen als volgt vertegenwoordigd: § Één vertegenwoordiger van de Werkgeversvereniging Boxtel (WeB); § Twee vertegenwoordigers van het op het bedrijventerrein gevestigde bedrijfsleven; § Één vertegenwoordiger van de Kamer van Koophandel Oost-Brabant; § Één ambtelijke vertegenwoordiger van de provincie Noord-Brabant, resp. Projecten Innovatie Team (PIT); § Één ambtelijke vertegenwoordiger van de gemeente Boxtel, aangevuld met de bedrijfscontactfunctionaris van die gemeente. Het voorzitterschap van de projectgroep berust bij de Kamer van Koophandel. Het secretariaat berust bij de Werkgeversvereniging Boxtel (WeB). De projectmanager neemt functioneel deel aan de projectgroepvergaderingen.

Pro 00-08

Pagina 22 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Voor een overzicht van de samenstelling van de projectgroep wordt verwezen naar bijlage 4. In de 4e fase, de fase na het Masterplan, kan het noodzakelijk zijn om de samenstelling van de projectgroep nader te bezien teneinde een directe koppeling te realiseren tussen de projectgroep en de werkgroepen. In de projectgroep zullen vertegenwoordigers van de in te stellen werkgroepen plaatsnemen. De projectgroep vergadert tenminste met een frequentie van eens in de zes weken en zo dikwijls als zij dit nodig en noodzakelijk acht. Voor een overzicht van de samenstelling van de projectgroep wordt verwezen naar bijlage 4. Werkwijze Beslissingen binnen de projectgroep worden met unanimiteit genomen. In die gevallen dat de projectgroep niet tot een unanieme beslissing kan komen, wordt het voorstel ter besluitvorming zo spoedig mogelijk voorgelegd aan de stuurgroep. Zo worden aanvragen voor subsidie, teneinde de schijn van belangenverstrengeling c.q. concurrentievervalsing te vermijden, door de werkgroepen ter accordering aan de projectgroep voorgelegd. Indien de betreffende subsidievoorwaarden dit toestaan zal de aanvraag en afwerking van subsidietoekenning op voordracht van de werkgroep plaatsvinden via de projectgroep. Om diezelfde redenen wordt aan de hand van een rapportage van de nog in te stellen werkgroep uitdrukkelijk na afronding van de ontwerpfase van een (deel)project stil te staan bij de samenstelling van de betreffende werkgroep De financiële projectadministratie en die van het projectmanagement is ondergebracht bij de Kamer van Koophandel Oost-Brabant.

5.3

De werkgroepen

Binnen het project gaan in de 4e fase, naast de reeds ingestelde werkgroepen Infrastructuur en Autobedrijven, een aantal werkgroepen functioneren die tot taak hebben na een verdere verkenning tot de daadwerkelijke invulling en uitvoering van de (deel)projecten te komen. Dit omvat onder meer: q Het verrichten van haalbaarheidsstudies; q Het bijeenbrengen van belanghebbenden; q Het opstellen van gedetailleerde (deel)projectvoorstellen; q Het regelen van de benodigde financiering; q De voorbereiding voor het aanvragen van subsidies; q Het verkrijgen van mogelijk benodigde vergunningen; q De uitvoering van (deel)projecten. Ook zal de coördinerende en afstemmende rol voor de verder ontwikkeling en realisering van het IRMA-project en het nieuwe bedrijventerrein samen met de bedrijven in de werkgroepen gestalte krijgen. De bemensing van de werkgroepen zal met name plaatsvinden vanuit het bedrijfsleven. Afhankelijk van de aard van de activiteiten wordt voor de duur van die activiteiten directe participatie van de gemeente gevraagd. De bedrijfscontactfunctionaris van de gemeente vervult hierbij een spilfunctie. Desgewenst kan ook de andere partners binnen het project resp. Kamer van Koophandel, provincie Noord-Brabant / Projecten Innovatie Team een beroep worden gedaan.
Pro 00-08 Pagina 23 van 38 mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

De werkgroepen maken bij aanvang van hun werkzaamheden een Plan van aanpak (o.a. met inschatting doorloop tijd) en leggen dit voor aan de projectgroep. Bij de werkwijze van de werkgroepen wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de gebruikelijke projectfasering (initiatief-, definitie-, ontwerp-, voorbereidingfase, realisatie en nazorg, zie bijlage 7). De verschillende doorlopen fases voor realisering van (deel)projecten worden ieder afgerond met een tussen- resp. eindrapportage aan de projectgroep. De werkgroepen dienen, met de bedoeling belangverstrengeling / concurrentie te voorkomen, uitdrukkelijk bij de afronding van de definitiefase stil te staan bij de samenstelling van de werkgroep. Zij dienen hierover ook aan de projectgroep expliciet te rapporteren. In de loop van de 4e fase kunnen in (deel)project namelijk projectbelangen en individuele bedrijfsbelangen met elkaar in het gedrang komen. De belanghebbende / belangstellende bedrijven hebben bij de enquête en de daarop volgende gesprekken reeds kenbaar gemaakt deel te willen nemen in de werkgroepen. Mede aan de hand daarvan zullen de werkgroepen worden bemenst. Het secretariaat van de werkgroepen wordt verzorgd door de projectmanager, waardoor coördinatie, afstemming integratie tussen de stuurgroep, projectgroep en andere werkgroepen is gewaarborgd. Voorgesteld wordt, inclusief de reeds bestaande werkgroepen Infrastructuur en Autobedrijven, de volgende werkgroepen met het bijbehorende takenpakket te formeren. Bij de toedeling van taken zijn keuzes gemaakt. Op een aantal onderdelen raken de activiteiten van de werkgroepen elkaar, zodat een noodzakelijke afstemming tussen de activiteiten van de werkgroepen zal moeten plaatsvinden. Hierin is voorzien in de taken van projectgroep en projectmanagement. Werkgroep Infrastructuur Verbetering bereikbaarheid (noord- en zuidzijde); (Her)inrichting bestaande infrastructuur in relatie tot project Integraal Waterbeheer alsmede klankbordfunctie voor dit waterbeheerproject; Ontwikkeling van een beeldkwaliteitsplan; Segmentering / herstructurering bestaande bedrijventerrein incl. (her)invulling van vrijkomende locaties en geluidszonering; Duurzame ontwikkeling nieuwe bedrijventerrein Vorst; Ontwikkeling collectieve parkeervoorziening. Voor de samenstelling van de werkgroep wordt verwezen naar bijlage 5. Werkgroep Autobedrijven Samenwerking bij inkoop van diensten en producten (o.a. afval, banden); Samenwerking op het gebied van faciliteiten (gemeenschappelijk gebruik resp. inzet); Ideeën en wensen met betrekking tot de inrichting en (mogelijke) clustering van autobedrijven op bedrijventerrein Vorst. Voor de samenstelling van de werkgroep wordt verwezen naar bijlage 6.

Pro 00-08

Pagina 24 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Werkgroep Utilities en Milieu Bedrijfsmilieustation en collectieve inzameling / hergebruik van afvalstoffen; Servicepunt milieubesparing en preventie, uitwisseling milieu informatie, alsmede bedrijfsnoodplannen; Gezamenlijke verwerking afvalwater en /of hergebruik van B-water (industriewater); Benutting restwarmte c.q. gebruik van koude / warmte opslag; Gezamenlijke inkoop en optimalisatie gebruik van elektriciteit, gas en water; Collectieve bodeminformatiebeheer, aanpak bodembescherming en –sanering; Efficiënter gebruik perslucht; Collectieve bestrijding en preventie van brand en calamiteiten (overall noodplan).

Werkgroep Inrichten, beheer en onderhoud Verbetering presentatie bedrijventerrein (implementatie aan de hand van een beeldkwaliteitsplan); Beheer en onderhoud bedrijventerrein (o.a. groen, reiniging, zwerfvuil); Gezamenlijke inkoop van diensten in relatie tot het beheer en onderhoud van het bedrijfsterrein; Mogelijkheden gemeenschappelijk gebruik (bedrijfs)restaurant- en vergaderfaciliteiten; Optimalisering infrastructuur en dienstverlening telecommunicatie (incl. collectieve inkoop); Uitbreiding beveiliging (in samenspraak met aanwezige Stichting); Verkeersveiligheid; Bewegwijzering op en naar het bedrijventerrein; Vervoersmanagement en openbaar vervoer; Efficiency verbetering vervoer over de weg; Mogelijkheden vervoer van goederen per spoor.

Werkgroep Facilities Collectieve inkoop van goederen en diensten (bijv. brandstof, brandbestrijdingsmateriaal (incl. keuring), catering, copy en reproductie, kantooren computerbenodigdheden, lease, travel, verzekeringen, uitzendbureau’s.); Gezamenlijke opleidingen en trainingen; De creatie van werkervaringsplaatsen; Gemeenschappelijk gebruik van kinderopvang; Gemeenschappelijk gebruik van Arbo-diensten.

Naar de aard van de goederen en diensten – niet strategisch – bestaat de mogelijkheid om ook op andere vlakken de mogelijkheden van collectieve inkoop te bezien. Hiervoor zou specifiek de op het bedrijventerrein aanwezige kennis met betrekking tot inkoop gebundeld moeten worden. Wat de aspecten die meer te maken hebben met personeelszaken, kan gebruik gemaakt worden van de ervaring bij het reeds aanwezige overleg dat tussen personeelsfunctionarissen van een aantal grote bedrijven plaatsvindt.

Pro 00-08

Pagina 25 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

5.4

Het projectmanagement

De projectmanager wordt door de projectgroep, gehoord de leden van stuurgroep, aangewezen. Hij heeft de volgende taken: q De onderlinge afstemming tussen stuurgroep en projectgroep, projectgroep en werkgroepen; q De ondersteuning en dagelijkse begeleiding van de werkgroepen; q Het bewaken van de kansen en de voortgang; q Het initiëren van nieuwe mogelijkheden; q Het creëren van het noodzakelijke draagvlak; q Het verkennen van subsidiekansen; q De opstelling van de begroting van het projectmanagement; q Het secretariaat van de stuurgroep en de projectgroep en de in de 4e fase te formeren werkgroepen. Voor de administratieve taken wordt hij ondersteund door de Werkgeversvereniging Boxtel (WeB). Verantwoording De projectmanager is verantwoording schuldig aan de projectgroep. Voor de dagelijkse gang van zaken is de voorzitter van de projectgroep aanspreekpunt. Vanaf 1 mei 1999 functioneert de heer drs. J.A.W.M. (Hans) Bierens, directeur van de Stichting RiVu, als projectmanager van het project LadonkNieuw, gedurende 1 dag in de week. Daarbij kan hij gebruik maken van de ervaring die is en wordt opgedaan bij het project Duurzame Revitalisering Bedrijventerrein De Rietvelden / De Vutter / Veemarktkade te ’s-Hertogenbosch, waar hij eveneens het projectmanagement voor de Stichting RiVu verzorgt.

5.5

De financiering

Zoals in voorgeschiedenis aangegeven (hoofdstuk 1.3) heeft het project reeds een drietal fases doorlopen te weten: intentieverklaring (1e fase), enquête onder bedrijven (2e fase), bedrijfsbezoeken (3e fase). Het nu voorliggende Masterplan vormt feitelijk het eindpunt van de 3e fase alsmede het startpunt voor de 4e. Eerder gemaakte kosten (2e & 3e fase) De kosten voor de 2 e en 3e fase (tot juni 2000) waren Fl. 310.500,--. De eigen bijdrage, in de orde van grootte van fl. 160.500,= is ingebracht door de participanten, te weten de Werkgeversvereniging Boxtel (WeB), de op Ladonk gevestigde bedrijven, de gemeente Boxtel, de provincie Noord-Brabant / PIT alsmede de Kamer van Koophandel OostBrabant. De resterende financiën zijn geleverd door de gemeente Boxtel (Fl. 75.000,=) en de gehonoreerde subsidie in het kader van het Programma Duurzame Bedrijventerreinen (DBT) 1999 van ministerie Economische Zaken (Fl. 75.000,=). De Novem heeft van het ministerie de taak toebedeel gekregen om voor de uitvoering van deze regeling zorg te dragen. Voor de vervolgfase (4e fase) is eind 1999 een plan van aanpak 2000 – 2002 opgesteld, teneinde direct aansluitend aan het uitkomen van het Masterplan een doorstart te kunnen maken.

Pro 00-08

Pagina 26 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

4e Fase (na het Masterplan) Voor de fase vier lopend vanaf juni 2000 – mei 2002, zijn de volgende kosten voorzien. Daarbij wordt een onderscheid gemaakt in de volgende kostenposten: a. Kosten voor projectmanagement; b. Projectgebonden kosten; c. Algemene kosten voor de stuurgroep, projectgroep en werkgroepen. Ad. a. kosten projectmanagement De kosten voor het projectmanagement voor de gehele periode van twee jaar bedragen naar schatting fl. 250.000,--. Detachering projectmanager, 1 dag / week, ad. fl. 25.000,-- / jaar Secretariële ondersteuning, ad. fl. 10.000,-- / jaar Administratie, ad. fl. 10.000,-- / jaar Publiciteit / p.r., ad. fl. 15.000,-- / jaar Ondersteuning uitvoering (extern adviesbureau’s), ad. fl. 65.000,--/jaar Totaal Fl. 50.000,-20.000,-20.000,-30.000,-130.000,-Fl. 250.000,--

Voor de dekking van de kosten voor het projectmanagement, exclusief de algemene kosten (zie c) voor de periode van twee jaar is niet tevergeefs een beroep gedaan op de provinciale middelen binnen het Uitvoeringsprogramma Economisch Beleid (UEB) 2000. Met de kosten van ondersteuning uitvoering worden met name de kosten gemaakt worden om het projectmanagement te ondersteunen. Ad b. projectgebonden kosten De projectgebonden kosten in de 4e fase moeten worden opgebracht door de belanghebbende bedrijven en organisaties: zij die een zakelijk belang hebben bij de realisatie van projecten. Hierdoor ontstaat ook een direct commitment bij de deelnemende bedrijven. Onder de projectgebonden kosten vallen onder meer de kosten van haalbaarheidsstudies en investeringen. De kansen voor het verkrijgen van subsidies bij onder meer NOVEM zullen er (deel)projecten moeten worden verkend. Over de procedure om te komen tot aanvragen van subsidies is een en ander in de besluitvormings- en takenstructuur binnen het project geregeld. Voor het project Integraal waterbeheer berust de verantwoordelijkheid en de – aanzienlijke – financiële inspanning primair bij de gemeente Boxtel. Dit geldt eveneens vanuit de publiekrechterlijk verantwoordelijkheid voor het realiseren van het bestemmingsplan van het nieuwe bedrijventerrein Vorst.

Ad c. algemene kosten De algemene kosten voor de stuurgroep, projectgroep en werkgroepen worden gedragen door de deelnemende partijen zelf. Het gaat hierbij voornamelijk om tijdsinzet van de deelnemers aan stuur-, en project- en werkgroepen. Indicatie gaat het daarbij om de inzet van de Kamer van Koophandel, provincie / Projecten Innovatie Team, Gemeente, WeB en in de werkgroep deelnemende bedrijven. In totaal gaat het op jaarbasis daarbij om een inzet van 150 dagen. Uitgaande van een dagtarief van gemiddeld fl. 1.500,-- vertegenwoordigd deze inbreng van met name de

Pro 00-08

Pagina 27 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

bedrijven een totaal bedrag van fl. 225.000,-- op jaarbasis. Over de aangegeven periode van twee jaar betekent dit derhalve een inzet van ca. fl. 450.000,--.

Pro 00-08

Pagina 28 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

6.

De volgende stappen

In de 4e fase van het proces – na het Masterplan - in de jaren 2000 – 2002 zijn de activiteiten voorzien die moeten leiden tot het definitief vormgeven van de potentiële (deel)projecten, gericht op de uiteindelijke realisering. Deze uitwerking vindt plaats in een aantal werkgroepen, waarin de meest belanghebbende bedrijven zitting zullen nemen. Doel van deze fase tot 2001 is gelijktijdig te komen tot: • De realisering van een aantal (deel)projecten, die op relatief korte termijn tot succes kunnen leiden; • De integrale aanzet voor een aantal projecten die tot een daadwerkelijke herstructurering / segmentering en duurzame revitalisering van het bedrijventerrein leiden. E.e.a. in samenhang met het project Integraal waterbeheer en de ontwikkeling van een nieuw duurzaam bedrijventerrein Vorst; • Een blijvende organisatiestructuur (een vorm van park management), om het proces, gedragen door het bedrijfsleven – ook in financiële zin - te kunnen voortzetten. Bij de uitvoering van deze fase is, mede gelet op de ervaringen met soortgelijke projecten elders, de procesmatige ondersteuning in de vorm van projectmanagement onontbeerlijk. Daarnaast zal zo veel mogelijk gebruik gemaakt worden van de bij de bedrijven zelf aanwezige kennis, ervaring en know how. Bij de samenstelling van werkgroepen zal hiermee rekening worden gehouden. Facultatief zal naar de aard van de activiteiten een directe participatie van de gemeente worden gevraagd (zie ook hoofdstuk 5.1). De projectmanager zal na vaststelling van het Masterplan, aan de hand van de resultaten van de enquête en de bedrijfsbezoeken en in overleg met leden van de stuur- en projectgroep een voorstel formuleren voor de bemensing van de werkgroepen. Gestart wordt daarbij met de werving van de voorzitters van de werkgroepen. Het streven is deze werkgroepen nog vóór de zomer 2000 operationeel te hebben. De werkgroepen zullen vervolgens aan de hand van een nadere onderbouwing de realisering van (deel)projecten ter hand nemen. Verwachting is dat, mede aan de hand van de opgedane ervaringen elders, de eerste projecten tegen het eind van 2000 / begin 2001 kunnen worden gerealiseerd. Uiteraard kennen de (deel)projecten die een relatie hebben met het project Integraal waterbeheer en het bestemmingsplan Vorst een langere doorlooptijd. Een deel van de tijd zal overigens ook tijdens het proces gestoken moeten worden in de communicatie teneinde het draagvlak van de potentiële projecten te creëren en te verbreden. Communicatie in de richting van de betrokkenen blijft een belangrijk aandachtspunt. In de 4e fase zal daarom gebruik gemaakt worden van het in de 2e fase van het proces ontwikkelde informatiebulletin, dat periodiek verschijnt met berichten over de voortgang van het proces, de (deel)projecten en de ervaringen van projecten elders. Communicatie blijft essentieel, mede omdat de uit het proces voortkomende activiteiten / (deel)projecten uiteindelijk beschikbaar zijn voor alle op het bedrijventerrein gevestigde ondernemers. Naast het informatiebulletin zal gebruik gemaakt worden van free publicity. Ervaringen met soortgelijke projecten leren dat gedurende de aanloopfase van duurzame ontwikkelingsprocessen samen met bedrijfsleven de steun van de overheid niet gemist kan worden. Daar waar noodzakelijk en / of wenselijk zal dan ook – in lijn met de onderschreven intentieverklaring - een beroep op de deelnemende partners (m.n. gemeente) gedaan worden.
Pro 00-08 Pagina 29 van 38 mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Tijdens deze fase dient ook de basis gelegd te worden om tot een structurele structuur van het duurzame revitalisering proces voor en door het bedrijfsleven te komen. Boxtel, 12 mei 2000 Stuurgroep LadonkNieuw
Daarbij ondersteund door: de projectgroep LadonkNieuw; de projectmanager LadonkNieuw (drs J.A.W.M. Bierens)

Bijlage(n):
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. Intentieverklaring project Duurzame Revitalisering; Een greep uit de enquêteresultaten september / oktober 1998; Adresgegeven leden van de stuurgroep; Adresgegeven leden van de projectgroep. Adresgegevens leden werkgroep Infrastructuur Adresgegevens leden werkgroep Autobedrijven Aanbevolen werkwijze voor de werkgroepen;

Pro 00-08

Pagina 30 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Bijlage 1

Pro 00-08

Pagina 31 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Bijlage 2

Een greep uit de enquêteresultaten (september / oktober 1998)
Het gemeentebestuur van Boxtel heeft begin 1998 een opdracht verstrekt aan het bureau Witteveen +Bos om een plan voor de ombouw van de riolering op het bedrijventerrein Ladonk op te stellen. In het kader van dat plan is in september / oktober 1998 een enquête afgenomen bij de bedrijven en huishoudens op het bedrijventerrein. Doel daarvan was: ♦ Inzicht te krijgen in de riolering op particulier terrein om zodoende de benodigde maatregelen en kosten tot ombouw tot een verbeterd gescheiden rioolstelsel te kunnen bepalen; ♦ De mogelijkheden tot gebruik van regenwater in productieprocessen en de mogelijkheid tot infiltratie van regenwater; ♦ De wensen en klachten van de bedrijven en huishoudens ten aanzien van de andere infrastructuur op het bedrijventerrein. Van de 125 gevestigde bedrijven en 15 huishoudens zijn in het kader van de enquête 98 bedrijven (78%) en 10 huishoudens (66%) bezocht, waarvan er uiteindelijk 94 bedrijven (75%) en 9 huishoudens (60%) de enquête hebben ingevuld. Daaruit is ondermeer af te leiden dat: relatief veel bedrijven / huishoudens reeds beschikken over een gescheiden rioolstelsel (69 bedrijven en 2 woningen); infiltratie van regenwater niet geschikt lijkt vanwege de aanwezige dakbedekking (bitumen) c.q. het materiaal voor de afvoer (zinken dakgoten en regenpijpen); 25 tal bedrijven potentieel hergebruik van regenwater tot de mogelijkheden behoort: besparing 10%; 17 bedrijven een groot aantal parkeerplaatsen tekort komt: minimaal te kort 189 plaatsen; 8 bedrijven een tekort aan parkeerplaatsen voor eigen vrachtwagens hebben: te kort van 55 plaatsen; 9 bedrijven een tekort aan parkeerplaatsen voor vrachtwagens van derden: tekort van 23 plaatsen; 7 bedrijven behoefte hebben aan een gezamenlijke overnachtings- / kortparkeervoorziening; 90% van de geënquêteerde bedrijven het onderhoud aan de rijweg zeer goed tot redelijk ervaart; 88% van de geënquêteerde bedrijven het functioneren van de openbare verlichting zeer goed tot redelijk ervaart; 22% van de geënquêteerde bedrijven de verkeersveiligheid matig tot slecht beoordeeld; 69% van de werknemers met de auto naar het werk komt (21% fiets, 8% openbaar vervoer); 76% aangeeft de representativiteit van het bedrijventerrein (zeer) belangrijk te vinden. Daarnaast is een aantal knelpunten gesignaleerd, zoals: Parkeren van vrachtwagens op de openbare weg; Knelpunten ten aanzien van de breedte van de wegen, m.n. Mijlstraat, het Hemelrijk en Havervelden; Het ontbreken van fietspaden; Verbetering bewegwijzering naar het bedrijventerrein vanaf de A2;
Pro 00-08 Pagina 32 van 38 mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

-

Het ontbreken van extra lichtmasten nabij hun bedrijf; Het niet kunnen beschikken over een aansluiting op de centrale antenne.

Voorts geeft de enquête aan dat er een behoefte is aan 98.350 m2 bedrijfsterrein, terwijl is aangegeven dat er binnen afzienbare tijd slechts 28.450 m2 ruime vrij zal komen.

Pro 00-08

Pagina 33 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Bijlage 3

Adresgegevens leden Stuurgroep Duurzame Revitalisering Ladonk
Naam bedrijf
Werkgeversvereniging Boxtel (WeB) Gemeente Boxtel

Adres
Postbus 258 Markt 1 / PB 10.000 Wal 20 / PB 735 Pettelaarpark 10

Postcode
5280 AG 5281 AT / 5280 DA / 5600 AS Eindhoven 5216 PD Den Bosch / 5600 AS Eindhoven 5222 AM Den Bosch 5280 AG

Contactpersoon
Dhr G.J. Hexspoor, voorzitter Dhr J.A.M. van Homelen, burgemeester Dhr mr. W.W.M. van Hattum voorzitter PIT c.q. een vertegenwoordiger

Telefoon
0411 – 61 71 01 0411 – 65 52 58 040 – 232 39 36 073 – 681 23 10

Fax
0411 – 61 71 06 0411 – 65 53 42 040 – 246 40 03 073 – 680 68 03 040 – 246 40 03 073 – 621 86 95 0411 – 61 71 06

Kamer van Koophandel OostBrabant Projecten Innovatie Team (provincie Noord-Brabant) Kamer van Koophandel OostBrabant Projectmanagement Duurzame Revitalisering Ladonk Secretariaat stuurgroep Duurzame Revitalisering Ladonk

Wal 20 / PB 735 Docterskampstr 2, kamer 018 PB 258

Dhr ing. C. de Kok, 040 – voorzitter projectgroep 232 39 23 Dhr drs. J.A.W.M. Bierens, projectmanager Mevr. M. Lips, secretariaat 073 – 621 86 95 0411 – 61 71 91

Pro 00-08

Pagina 34 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Bijlage 4

Adresgegevens leden projectgroep Duurzame Revitalisering Ladonk
Naam bedrijf
Kamer van Koophandel OostBrabant WeB

Adres
Wal 20 / PB 735 Kempseweg 4

Postcode
/ 5600 AS Eindhoven 5281 TH 5281 LJ 5280 AA 5281 AT / 5280 DA 5281 AT / 5280 DA 5216 PD Den Bosch 5222 AM Den Bosch 5280 AG

Contactpersoon
Dhr ing. C. de Kok, voorzitter Dhr L.C.M. van de Langenberg Dhr M.A.J.A. van de Sande Dhr G. Posthumus Mevr drs. B. Bakkes Dhr Chr. Franssen, bedrijfscontactman Mevr drs. A. Mariën Meuffels Dhr drs. J.A.W.M. Bierens, projectmanager Mevr. M. Lips, secretariaat

Telefoon
040 – 232 39 23 0411 – 61 04 80 0411 – 68 29 83 0411 – 65 31 36 0411 – 65 53 13 0411 – 65 53 90 073 – 680 68 83 073 – 621 86 95 0411 – 61 71 91

Fax
040 – 246 40 03 0411 – 61 04 81 0411 – 68 32 68 0411 – 65 31 58 0411 – 65 52 25 0411 – 65 52 25 073 – 680 68 03 073 – 621 86 95 0411 – 61 71 06

Unigar Autocenter van Mijlstraat 39 de Sande Van Geel Systems BV PB 22 Gemeente Boxtel (RO) Markt 1 / PB 10.000 Gemeente Boxtel (RO) Markt 1 / PB 10.000 Project Innovatie Team Pettelaarpark 10 (PIT) / Provincie Noord-Brabant Projectmanagement Docterskampstr 2, Duurzame kamer 018 Revitalisering Ladonk Secretariaat PB 258 projectgroep Duurzame Revitalisering Ladonk

Pro 00-08

Pagina 35 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Bijlage 5

Adresgegevens leden werkgroep Infrastructuur
Naam bedrijf
WeB Dumeco Boxtel

Adres
Kempseweg 4

Postcode
5281 TH 5281 RM / 5280 AA 5281 RS / 5280 AA 5281 LJ 5281 AT / 5280 DA 5216 PD Den Bosch 5222 AM Den Bosch 5280 AG

Contactpersoon
Dhr L.C.M. van de Langenberg, voorzitter Dhr. H. Ruys Dhr. P.W.H.M. van den Broek Dhr M.A.J.A. van de Sande Mevr drs. B. Bakkes Mevr drs. A. Mariën Meuffels Dhr drs. J.A.W.M. Bierens, projectmanager Mevr. M. Lips, secretariaat

Telefoon
0411 – 61 04 80 0411 – 65 85 55 0411 – 61 76 17 0411 – 68 29 83 0411 – 65 53 13 073 – 680 68 83 073 – 621 86 95 0411 – 61 71 91

Fax
0411 – 61 04 81 0411 – 68 31 94 0411 – 61 76 00 0411 – 68 32 68 0411 – 65 52 25 073 – 680 68 03 073 – 621 86 95 0411 – 61 71 06

Boseind 10 / PB 1 Christian Salvesen Van Salmstr. 64 Boxtel PB 45 Unigar Autocenter van Mijlstraat 39 de Sande Gemeente Boxtel (RO) Markt 1 / PB 10.000 Project Innovatie Team Pettelaarpark 10 (PIT) / Provincie Noord-Brabant Projectmanagement Docterskampstr 2, Duurzame kamer 018 Revitalisering Ladonk Secretariaat PB 258 projectgroep Duurzame Revitalisering Ladonk

Pro 00-08

Pagina 36 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Bijlage 5

Adresgegevens leden werkgroep Autobedrijven
Naam bedrijf
Autobedrijf van den Brandt BV Autobedrijf Bekkers Auto Boseind BV Autobedrijf van Oorschot BV Bandenbedrijf van Esch vof Strik auto’s Unigar Autocenter van de Sande Projectmanagement Duurzame Revitalisering Ladonk Secretariaat projectgroep Duurzame Revitalisering Ladonk

Adres
Bosscheweg 36 Boxtelseweg 57 Ladonkseweg 34 Vendelstraat 6 Tongeren 16 –18 Mijlstraat 56a Mijlstraat 39 Docterskampstr 2, kamer 018 PB 258

Postcode
5281 AK 5298 VB Liempde 5281 RN 5298 CZ Liempde 5282 JH 5281 LM 5281 LJ 5222 AM Den Bosch 5280 AG

Contactpersoon
Dhr. F. van den Brandt, voorzitter Dhr. J. Bekkers Dhr. Ing. J. Vervoorn Dhr van Oorschot Dhr. T.H.J. van Esch Dhr. A.P.M. Strik Dhr M.A.J.A. van de Sande Dhr drs. J.A.W.M. Bierens, projectmanager Mevr. M. Lips, secretariaat

Telefoon
0411 – 68 81 64 0411 – 63 26 67 0411 – 67 76 77 0411 – 63 15 88 0411 – 67 26 33 0411 – 67 84 67 0411 – 68 29 83 073 – 621 86 95 0411 – 61 71 91

Fax
0411 – 68 49 75

0411 – 67 49 08 0411 – 63 26 36 0411 – 67 28 88 0411 – 68 54 47 0411 – 68 32 68 073 – 621 86 95 0411 – 61 71 06

Pro 00-08

Pagina 37 van 38

mei 2000

Masterplan LadonkNieuw

Bijlage 7
Aanbevolen werkwijze voor de werkgroepen i.r.t. de fasering van de verschillende deelprojecten: Initiatieffase (Idee) § Nadere concretisering van ideeën § Eerste globale resultaatomschrijving § Schets van af te leggen traject § Onderzoek en vastleggen van wat niet tot het project hoort Definitiefase (Wat) Analyse van het probleem met vastleggen van: § Randvoorwaarden § Functionele eisen § Operationele eisen § Ontwerpbeperkingen Ontwerpfase (Hoe) Op basis van programma van eisen alternatieve oplossingen ontwikkelen om de beste oplossing te kiezen op basis voor de technische realisatie Voorbereidingsfase (Hoe te maken) § Vastleggen van werkwijze en/of procedures § Eventuele werkinstructie Realisatiefase (Doen) Nazorgfase (Instandhouden) N.B. Elke fase vormt een min of meer afgrond geheel en eindigt met een concreet besluit. Dat is het moment dat geformuleerde voorstellen getoetst worden aan de eerder gemaakte afspraken. Bovendien moet worden vastgelegd hoe de volgende fase wordt aangepakt.

Pro 00-08

Pagina 38 van 38

mei 2000