Revitaliseringsplan Latenstein

Plan - en projectuitwerking voor de revitalisering van het bedrijventerrein Latenstein te Tiel

Definitief

Gemeente Tiel Ondernemers CoÓperatie Tiel Oost NV Kamer van Koophandel Rivierenland

Grontmij Arnhem, 26 januari 2005

@ Grontmij

12010332, rev. 3

Verantwoording

Titel Projectnummer Documentnummer Revisie Datum

: : : : :

Revitaliseringsplan Latenstein 171853 12010332 3 26 januari 2005

Auteur(s) e-mail adres Gecontroleerd gecontro Paraaf gecontroleerd Goedgekeurd goedge Paraaf goedgekeurd

: : : : : :

ir. M.T.P.Jongmans, drs. M.A.H. Schoppink michiel.jongmans@grontmij.nl drs. M.A.H.Schoppink

drs. H.J.Zwartbol

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 2 van 55

Inhoudsopgave
1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6 2 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5 2.6 2.7 2.8 2.9 2.10 2.11 2.12 2.13 2.14 3 3.1 3.2 3.3 3.4 4 4.1 4.2 5 5.1 5.2 6 6.1 6.2 7 7.1 7.2 7.3 Inleiding.........................................................................................4 Introductie ...................................................................................4 Plangebied....................................................................................4 Sociaal-economische context ........................................................4 Aanleiding en projectbeschrijving.................................................5 Doelstelling ..................................................................................5 Leeswijzer.....................................................................................6 Kader .............................................................................................7 Inleiding .......................................................................................7 Beleidskader .................................................................................7 Duurzaamheid .............................................................................8 Bodem & Archeologie ................................................................10 Cultuurhistorie...........................................................................11 Water & riolering .......................................................................11 Openbaar groen..........................................................................12 Verkeer.......................................................................................12 Openbare verlichting ..................................................................13 Proceduremanagement ...............................................................13 Parkmanagement & Beheer ........................................................14 Tiel Oost Productie.....................................................................15 Revitalisering als dynamisch proces............................................16 De organisatie van plan naar uitvoering .....................................16 Revitaliseringsprojecten Latenstein ..............................................18 Inleiding .....................................................................................18 Overzicht knelpunten vs. kansen ................................................18 Visie met ambitie ........................................................................19 Deelprojecten Algemeen.............................................................28 Deelgebied West...........................................................................35 Inleiding .....................................................................................35 Deelprojecten West ....................................................................38 Deelgebied Centraal .....................................................................42 Inleiding .....................................................................................42 Deelprojecten Centraal...............................................................44 Deelgebied Oost ...........................................................................47 Inleiding .....................................................................................47 Deelprojecten Oost.....................................................................49 Doorkijk realisatie........................................................................53 Inleiding .....................................................................................53 Realisatiestrategie ......................................................................53 Van masterplan naar uitvoering .................................................53

Bijlage 1 Kaart Latenstein, inclusief straatnamen Bijlage 2 Duurzaamheidsschema Bijlage 3 Overzicht vergunningen

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 3 van 55

1

Inleiding

1.1

Introductie

Het revitaliseringsplan voor Latenstein is het kerndocument van het revitaliseringstraject en een onderdeel van de integrale planvorming en de totale ontwikkelingen omtrent het bedrijventerrein. Om een indruk te krijgen van de inhoud van het plan en de rapportage wordt in dit eerste hoofdstuk een beknopte beschrijving gegeven van de belangrijkste aspecten.
1.2 Plangebied

Het te revitaliseren plangebied is in onderstaand figuur weergegeven door de rode begrenzing. Binnen dit gebied bevindt zich bedrijventerrein Latenstein, het oudste bedrijventerrein van de gemeente Tiel en daarom ook relatief dichtbij de Tielse binnenstad gelegen aan de zuidkant van de A15 en ten noorden van de rivier de Waal en ten westen van het Amsterdam-Rijnkanaal.

Latenstein

Vijverterrein

Situering Latenstein en Vijverterrein

Voor een uitgebreid overzicht van het plangebied en de bijbehorende straatnamenkaart wordt verwezen naar bijlage I.
1.3 Sociaal-economische context

Het terrein met een oppervlakte van ongeveer 30 hectare biedt ruimte aan circa 100 bedrijven met in totaal ca. 800 werknemers. Voor het overgrote deel betreft het MKB-bedrijven. Veel van de bedrijven kennen een lange historie op het terrein. Meer nog dan op Kellen, en zeker op Medel, zitten op Latenstein geboren en getogen Tielse ondernemers en een aantal daarvan wonen er ook. De ligging van het terrein, de historie en de sociale relatie maken Latenstein tot een integraal onderdeel van Tiel Oost.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 4 van 55

Inleiding

1.4

Aanleiding en projectbeschrijving

Zoals al in de Startnotitie (november 2004) aangegeven, is begin jaren ‘90 een revitaliseringsplan opgesteld. Onderdelen daarvan zijn in de loop der jaren opgepakt. De huidige planvorming is geen herhaling van zetten, maar een actualisatie (vernieuwing, verbetering en aanvulling) van alle beschikbare gegevens, gecombineerd met huidige inzichten en met inpassing van lopende initiatieven. Het spreekt daarbij voor zich dat de behoefte aan revitalisering steeds sterker is geworden. Waar ruim 10 jaar geleden al de eerste structurele knelpunten zichtbaar werden, is de huidige situatie nog urgenter. Zowel bij de toenmalige bestuurlijke en beleidsmatige partners (gemeente Tiel, Oost NV, KvK), als de Ondernemers Coöperatie Tiel (OCT) leeft sterk de wens om een geactualiseerd beeld van de revitalisering met zo concreet mogelijke uitwerkingsvoorstellen te verkrijgen. Latenstein heeft een belangrijke economische functie voor de gemeente Tiel, in het bijzonder met het oog op de werkgelegenheid. Voor de toekomst is het van belang dat deze blijft gehandhaafd en waar mogelijk wordt versterkt. Hiervoor is een kwaliteitsslag nodig. Uit enquêtes onder de bedrijven en interviews met betrokkenen blijkt een duidelijke wens aanwezig om samen met de gemeente de schouders onder de gewenste kwaliteitsslag te zetten en het terrein een duidelijke kwalitatieve opwaardering te geven. Hiertoe worden ook afspraken gerekend over het toekomstige beheer en onderhoud van het terrein. Een tijdige revitalisering en een goede organisatie van het beheer en onderhoud versterkt de economische positie van het terrein en draagt bij aan het behoud van werkgelegenheid.

Impressie huidig bedrijventerrein

De kwaliteitsslag moet voor een deel gezocht worden in fysieke maatregelen die op en rond het terrein genomen kunnen worden. Voor een ander deel zit de kwaliteitsslag in helder beleid ten aanzien van beeldkwaliteit en ruimtelijke ordening een aanverwante zaken.
1.5 Doelstelling

De belangrijkste doelstelling van het project is het creëren van een integrale kwaliteitsverbetering van Latenstein. Het gaat hierbij om het scheppen van voorwaarden om ook op lange termijn een goed functionerend bedrijventerrein met economisch gezonde bedrijven voor Tiel te behouden. Tevens wordt gestreefd naar het verbeteren van de mogelijkheden om gewenste ontwikkelingen te stimuleren en ongewenste ontwikkelingen tegen te gaan.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 5 van 55

Inleiding

1.6

Leeswijzer

In hoofdstuk twee wordt het kader beschreven waarbinnen het project zich beweegt. Hierbij wordt de nadruk gelegd op de beleidsmatige en bestuurlijke randvoorwaarden, maar uiteraard zullen ook aspecten als duurzaamheid en parkmanagement worden toegelicht. In het hierop volgende hoofdstukken 3 t/m 6 wordt ingezoomd op de huidige stand van zaken van Latenstein in het algemeen en per onderscheiden deelgebied. Hoofdstuk drie is een weergave van de projecten die gelden voor het gehele bedrijventerrein. In hoofdstuk vier tot en met zes is voor alle drie de deelgebieden een projectenoverzicht opgesteld, waarmee duidelijk wordt welke knelpunten en problematiek aan de orde is (het ambitieniveau van de te revitaliseren projecten is hier aan gekoppeld). Tenslotte is in hoofdstuk zeven een doorkijk opgesteld naar de realisatiestrategie. Dat wil zeggen dat in grote lijnen wordt ingegaan op de organisatie, planning en financiën van de revitalisering.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 6 van 55

Kader

2

Kader

2.1

Inleiding

In dit hoofdstuk draait het in het bijzonder om de randvoorwaarden die van belang zijn voor het revitaliseringsplan. Het gaat hier voornamelijk om het overheidsbeleid, specifieke procedures, maar ook zaken als parkmanagement, duurzaamheid, bodem en water. Al deze onderwerpen worden afzonderlijk besproken en vormen samen het kader waarbinnen de revitalisering van bedrijventerrein Latenstein kan plaatsvinden.
2.2 Beleidskader

Provinciaal De Provincie Gelderland voert een beleid waarbij bestaande bedrijventerreinen zo goed mogelijk benut dienen te worden voor het accommoderen van de vraag naar ruimte voor bedrijvigheid. Het initiatief van de gemeente en het bedrijfsleven om het terrein te revitaliseren en daar waar nuttig en noodzakelijke functies te herschikken wordt dan ook gesteund. Verder moet aandacht geschonken worden aan een duidelijk profiel voor het bestaande bedrijventerrein, een duidelijk doorgevoerde segmentering en het intensiveren van het ruimtegebruik. In het beleid komt verder naar voren dat bij revitalisering de nadruk dient te worden gelegd op representativiteit, kwaliteit en investeringen op eigen terrein. Gelders Stedelijk Ontwikkelingsbeleid (GSO) De provincie participeert met de gemeenten Arnhem, Nijmegen, Apeldoorn, Doetinchem, Ede, Harderwijk, Zutphen en Tiel in het project Gelders Stedelijk Ontwikkelingsbeleid. Zij hebben allemaal te maken met de stedelijke problematiek en vervullen een belangrijke functie in hun regio. Vanuit deze gedachte heeft de Provincie Gelderland ook aan de gemeente Tiel een bedrag toegekend waarvan een gedeelte door de gemeente zal worden ingezet voor het bedrijventerrein Latenstein. Gemeente Tiel De gemeente Tiel participeert in het revitaliseringsproces. Door deze rol in het proces heeft de gemeente automatisch kenbaar gemaakt de revitalisering van Latenstein te ondersteunen binnen haar mogelijkheden. Dit is nog eens onderstreept doordat de startnotitie inmiddels door het college van B&W op 2 december 2004 is vastgesteld. De gemeente heeft dit verder versterkt door middel van de toekenning van een gedeelte van de GSO-gelden. Binnen de gemeente wordt op een veelheid van beleidsterreinen beleid ontwikkeld. Op het vlak van bijvoorbeeld gemeentelijke groenstructuur en welstand is in beleidsstukken expliciet aandacht voor het bedrijventerrein Latenstein. Daar waar nuttig, noodzakelijk en mogelijk wordt in dit plan expliciet aandacht besteed aan de gemeentelijke voornemens. Maar nog niet al het beleid is al uitgekristalliseerd. Dit revitaliseringsplan loopt op bijvoorbeeld de punten wegen en verkeer en riolering vooruit op beslissingen die nog genomen moeten worden. Wellicht dat met het revitaliseringsplan ervaringen kunnen worden opgedaan die elders benut kunnen wor-

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 7 van 55

Kader

den. Daar waar voorstellen financiële consequenties kunnen hebben, zullen de voorstellen in dit plan met terughoudendheid gepresenteerd worden en een sober en functioneel karakter hebben. Een belangrijk beleidsdocument om op deze plaats expliciet te noemen betreft de Detailhandelsnota (momenteel in voorbereiding). De Detailhandelsnota geeft aan dat op Latenstein enkele solitair gevestigde grootschalige aanbieders in de doe-het-zelf-, keuken- en tuinbranche aanwezig zijn, die ook planologisch (bestemmingsplan) ingekaderd zijn. De ontwikkelingen op het terrein van Sloopbedrijf Duijts sluiten hierop aan, waardoor Latenstein zich in de toekomst nog meer kan profileren als een volwaardige perifere detailhandelslocatie. Omdat de locatie aansluit bij het huidige aanwezige aanbod, blijft de detailhandelsstructuur in Tiel intact. Tevens ligt Latenstein op niet al te grote afstand van het centrum waardoor uitwisseling met het centrum van Tiel mogelijk is. De revitaliseringsopgave van het totale industrieterrein Latenstein krijgt hiermee een enorme impuls.
2.3 Duurzaamheid

In verband met de gestelde beleidseisen, subsidiemogelijkheden en bovenal de wil om de kwaliteit van het bedrijventerrein te verhogen, loopt gedurende het gehele planproces en door alle ontwikkelingen, visies en voornemens als een rode draad het begrip ‘duurzaamheid’. ‘Duurzaamheid’ is een breed begrip en kan op de meest uiteenlopende zaken worden toegepast. Met betrekking tot de revitalisering van het bedrijventerrein zijn verschillende thema’s te onderscheiden waarvoor een duurzame aanpak mogelijk is. Op deze plaats wordt voor het bedrijventerrein in zijn geheel een algemene visie op duurzaamheid geschetst op een abstract niveau. In de hoofdstukken drie tot en met zes zal dit niveau zich detailleren voor de verschillende deelprojecten. Per deelproject wordt specifiek aangegeven welke duurzaamheidsthema’s van belang zijn en hoe hiermee kan worden omgegaan. In bijlage II is een schema opgenomen waarin alle duurzaamheidsthema’s zijn beschreven, waardoor het mogelijk is een algemeen beeld te vormen van duurzaamheid op bedrijventerreinen en de bijbehorende problematiek en mogelijkheden. Alvorens het begrip duurzaamheid te koppelen aan het bedrijventerrein Latenstein is het van belang in te gaan op een tweetal begrippen: Duurzame Ontwikkeling
Een proces van verandering waarbij het ontginnen van hulpbronnen, het richten van investeringen en het sturen van technologische ontwikkelingen en institutionele aanpassingen met elkaar in harmonie zijn; en waarbij zowel de tegenwoordige als de toekomstige mogelijkheden worden vergroot om aan menselijke behoeften te voldoen.1

Duurzaam Bedrijventerrein
Samenwerking tussen bedrijven onderling en met overheden op bedrijventerreinen, gericht op het verbeteren van het (bedrijfs-) economisch resultaat, de vermindering van de milieubelasting en een efficiënter ruimtegebruik.2

1 2

“Our common future”, Brundtland-rapport, VN, 1987 “Duurzame bedrijventerreinen. Handreiking voor het management van bedrijven en overheid”, uitgave Ministerie van Economische Zaken, 1998

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 8 van 55

Kader

In het overkoepelende duurzaamheidsschema is aangegeven welke duurzaamheidsthema’s kunnen spelen. In de verdere uitwerking en uitvoering van het revitaliseringsplan kan dit verder worden uitgewerkt, bijvoorbeeld op welk niveau een thema moet worden ingezet. Moet een bedrijf individueel worden aangesproken3, is er een collectief te vormen4 of is de inrichting van het terrein5, het ontwerp, mede verantwoordelijk? Er bestaan kansen voor de volgende thema’s: • Stromenmanagement – energie, water, afval Hierbij gaat het in het bijzonder om het beperken en controleren (monitoren) van het energie – en watergebruik en de hoeveelheden afval. Gebruik van duurzame energiebronnen is hierbij een onderwerp. • Verkeer en vervoer Verkeer en vervoer in relatie tot duurzaamheid heeft voornamelijk betrekking op het monitoren van de verkeersstromen, het inrichten van de weg overeenkomstig de functie van de weg en het waarborgen van de verkeersveiligheid. • Efficiënt ruimtegebruik Met efficiënt ruimtegebruik wordt in deze context met name een relatie gelegd met parkeren en de parkeergelegenheid, meervoudig ruimtegebruik (stapelen, schakelen) en flexibel ruimtegebruik. • Leefomgeving Duurzaamheid en leefomgeving op het bedrijventerrein heeft betrekking op de veiligheid, hinder (geluid, stank), de ruimtelijke kwaliteit en werkgelegenheid (economische waarde). • Parkmanagement Het begrip parkmanagement wordt verderop in dit hoofdstuk nader toegelicht. Centraal staat het behouden en vergroten van de terreinkwaliteit en het creëren van een optimaal terreinbeheer. De nadruk van Parkmanagement ligt bij de samenwerking tussen de Latensteinse bedrijven, het OCT en de gemeente Tiel. • Duurzaam bouwen (niet in schema) Wat betreft duurzaam bouwen (materiaalgebruik, flexibel bouwen, etc.) kan worden geconcludeerd dat het zoveel mogelijk moet worden toegepast, indien zich kansen (nieuwbouw/verbouw) voordoen. De gemeente Tiel heeft hiervoor ook beleid ontwikkeld. • Keurmerk Veilig Ondernemen (KVO, niet in schema) Een apart item betreft veiligheid op het terrein. Het KVO is een werkwijze voor een gezamenlijke aanpak van veiligheidsmaatregelen in de openbare ruimte. Uitgangspunt is een duurzame samenwerking tussen ondernemers,
3

Verandering arbeidsomstandigheden; Verminderen van energie, water en grond – en hulpstoffenverbruik (stromenmanagement); Goede en praktische manier van afvalmanagement. 4 Uitwisseling van energie, grondstoffen en water; Gezamenlijk gebruik van utilities en bedrijfsfuncties; Collectieve preventie, inzameling en afvoer van afvalstoffen; Combineren van vervoer van goederen en personen. 5 Intensiever gebruik van de ruimte; Nutsvoorzieningen met hoog rendement; Bedrijfsgerichte commerciële voorzieningen; Multimodaal transport en hoogwaardig openbaar vervoer.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 9 van 55

Kader

gemeente, politie, brandweer en andere belanghebbende partijen met als doel een veilig bedrijventerrein: ondernemers en klanten moeten zich veilig voelen. Een effectief niveau van beveiliging komt tot stand door het met elkaar in verband brengen van technische, elektronische, planologische, bouwkundige en organisatorische maatregelen.
2.4 Bodem & Archeologie

Met betrekking tot de bodemsituatie op Latenstein kan worden geconcludeerd dat de verwachting bestaat dat bij herontwikkeling van bepaalde gebiedsdelen bodemverontreiniging onderdeel uit zal maken van de planproblematiek. Waar momenteel de verontreinigingen uit bestaan en specifiek zijn gesitueerd is niet geheel bekend. In het kader van toekomstige ontwikkelingen is het van belang dit wel in kaart te brengen. Archeologie en bodemgesteldheid Uit bureauonderzoek blijkt dat Latenstein volgens de Indicatieve Kaart Archeologische Waarden (IKAW) een hoge indicatieve verwachtingswaarde heeft. Met andere woorden: het gebied staat vanuit archeologisch oogpunt bekend als stedelijk gebied met archeologische waarde. Bij toekomstige ontwikkelingen behoort archeologisch onderzoek minimaal tot het standaard planproces behoort, waarbij de kans op het aantreffen van archeologische waarden in het gebied hoog is. Dit betekent dat voorafgaand aan sloop-, bouw- een aanlegwerkzaamheden er eerst een archeologisch inventariserend onderzoek moet plaatsvinden door een daartoe bevoegd archeologisch bureau. Dit bureau kan adviseren over aard en omvang van het uiteindelijk uit te voeren archeologisch onderzoek, mede gelet op de sloop van bebouwing en bodemverstoringen die al hebben plaatsgevonden in het verleden.

Latenstein

Hoog

Middelhoog
IKAW-kaartbeeld van Latenstein Hoge verwachtingswaarde

Laag

Middelhoge verwachtingswaarde Lage verwachtingswaarde

Archeologie is verbonden met een aantal werkzaamheden en ingrepen die in het plan worden genoemd, onder meer hergebruik van vrijkomende gronden,

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 10 van 55

Kader

waterberging, nieuwbouw, riolering, etc. Archeologie maakt deel uit van de ruimtelijke onderbouwing van het bestemmingsplan en moet ook opgenomen worden op de plankaart en in de regelgeving. Voorgesteld wordt om voor het gebied een inventariserend onderzoek uit te voeren om de voorgenomen planontwikkeling archeologisch te toetsen. Daarmee ontstaat inzicht in de verstoringen in het gebied en is het eerder mogelijk plannen bij te sturen of aan te passen.
2.5 Cultuurhistorie

Latenstein is het oudste bedrijventerrein van Tiel en bovendien over een relatief langere periode ontwikkeld (jaren ’40 tot jaren ’70). Het stratenpatroon en een deel van de (woon-)bebouwing hebben een cultuurhistorische waarde. De cultuurhistorische kenmerken zijn door de gemeente geïnventariseerd, aangegeven op de cultuurhistorische waardenkaart en genoteerd in een catalogus. Zo'n aspect zou kansen kunnen bieden ten aanzien van de structuur en inrichting van het gebied. Hierbij speelt ook de aansluiting, overgang en relaties met het omliggende gebied.
2.6 Water & riolering

Met het oog op een in de toekomst goed functionerend bodem- en watersysteem op het bedrijventerrein is allereerst inzicht nodig in de bodemopbouw, de grondmechanische en (geo)hydrologische eigenschappen. Tezamen met de gegevens over de aanwezige bedrijfsactiviteiten en het totale oppervlak verharding kan advies worden gegeven over onder meer de behandeling van hemelwater, de waterkwaliteit, de rioleringsopzet, de hergebruiksmogelijkheden van vrijkomende gronden en de ontwatering van het terrein. Bij de uitwerking van concrete maatregelen wordt ten aanzien van de behandeling van hemelwater uitgegaan van de voorkeursstrategie: “vasthouden - bergen – afvoeren”. Ten aanzien van de waterkwaliteit geldt de drietrapsstrategie: “voorkomen - scheiden – zuiveren” als vertrekpunt. Gezien de waterstanden op het bedrijventerrein Latenstein behoort het vasthouden niet tot de mogelijkheden. De oplossing moet dan ook gezocht worden in het bergen en afvoeren.

Hoewel wateroverlast niet evident aanwezig is, zijn er signalen dat het aspect water in de toekomst problemen kan geven. In zijn algemeenheid bestaat de verwachting dat de frequentie en de hoeveelheid neerslag in de toekomst zal toenemen. Dit betekent een grotere druk op het waterbergend vermogen van Latenstein dat momenteel grotendeels bestaat uit de rioleringscapaciteit. Daaraan gekoppeld bestaan vraagtekens over de staat van onderhoud van het rioleringsstelsel dat tenminste 30 tot 40 jaar oud is.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 11 van 55

Kader

Tenslotte zal de bebouwingsgraad op het aanpalende ‘Vijverterrein’ in de komende jaren fors toenemen, hetgeen een verdere vergroting van de druk op de waterberging in de omgeving betekend. Gevoegd bij de relatief hoge grondwaterstand (nabijheid Waal, Amsterdam-Rijnkanaal) betekent dit dat veel zorg moet uitgaan naar het toekomstig watersysteem. Eén van de projecten binnen TSOB II is de reconstructie van het Ooij. Binnen deze reconstructie is onder meer opgenomen: rioolvervanging, afkoppeling bestaand gebied en oplossen van kwelproblemen. Om dit uit te voeren moet waterberging en –afvoer plaatsvinden. Ook bij de opstelling van de herontwikkelingsplannen van het Vijverterrein zijn het water – en rioleringsaspect belangrijke aandachtspunten geweest. Inmiddels is voor het te herontwikkelen Vijverterrein een nieuw rioleringsplan en waterhuishoudingsplan opgesteld. Het is dan ook aan te bevelen eventuele toekomstige ontwikkelingen op Latenstein en het Ooij hierop aan te sluiten.
2.7 Openbaar groen

De gewenste richting van de groene vormgeving van Latenstein staat aangegeven in de Nota van Uitgangspunten Groenbeheer en het Groenstructuurplan. Deze plannen zijn beiden momenteel gereed om door de gemeente bestuurlijk geaccordeerd te worden. In de Nota van Uitgangspunten Groenbeheer staat opgenomen dat Latestein mede door het relatief veel wonen gezien moet worden als woonomgeving. De maatvoering van het terrein beidt mogelijkheden voor "vergroening", bijvoorbeeld door middel van het aanbrengen van bloeiende haagranden of strakke hagen tussen weg en voetpad, met waar mogelijk kleinere bomen. Dit zal de leefbaarheid ten goede komen. Gestreefd wordt naar een groenere overgangszone tussen woongebieden en het woonwerkgebied; tussen Latenstein en de Wijk Oost – Het Ooy. Het gewenste onderhoudsbeeld is vertaald in de Nota Onderhoudskwaliteit openbaar groen. In het beeldkwaliteitsplan wordt hieraan nader aandacht geschonken. De Nota Onderhoudskwaliteit, met financiële consequenties, dient nog te worden geaccordeerd door de gemeenteraad. Vooruitlopend op deze besluitvorming wordt in dit revitaliseringplan uitgegaan van het gewenste onderhoudsbeeld zoals beschreven in deze nota. De te realiseren groenere inrichting dient zoveel mogelijk voorwaarden te scheppen om het gewenste beeld te kunnen garanderen.
2.8 Verkeer

Een van de belangrijkste aandachtsgebieden bij de revitalisering van Latenstein is het verkeer, zowel vrachtverkeer als autoverkeer en voorzieningen voor de fiets en het openbaar vervoer. De externe ontsluiting van Latenstein voor het vrachtverkeer is matig. Ook op het terrein zelf kan de verkeersstructuur op onderdelen verbeterd worden. Het terrein is met het openbaar vervoer bereikbaar via buslijn 45 (elke half uur – halte aan de Grotebrugse Grintweg). Zowel qua route als qua ritintensiteit vormt het openbaar vervoer geen aantrekkelijk alternatief voor het autogebruik van en naar Latenstein. Het bedrijventerrein Latenstein als zodanig en de samenstelling van het bedrijvenbestand vormen onvoldoende basis om een systeem van collectief vervoer op te zetten. Tenslotte zijn op het terrein geen apart gelegen fietspaden aanwezig en de toegangswegen voorzien niet in een vrij gelegen fietspaden. Op dit moment bestaat onvoldoende aanleiding om voor dergelijke ingrepen te pleiten.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 12 van 55

Kader

Een belangrijk kader in het gemeentelijke beleid voor verkeer op Latenstein vormt CROW-publicatie 192, met daarin opgenomen richtlijnen voor 30kilometerzones in gebieden waar ‘verblijven’ de hoofdfunctie is. Verder geldt het gemeentelijke categoriseringsplan uit 1998 als uitgangspunt, waarin het gehele bedrijventerrein als 30-kilometer zone is opgenomen.
2.9 Openbare verlichting

De openbare verlichting op Latenstein is ongeveer 30 tot 35 jaar oud. Destijds zijn armaturen met lage druk natriumlampen geïnstalleerd. Deze lampen zijn verouderd en worden bij nieuwe verlichting niet meer gebruikt. Bij herprofilering van de wegen is de kans groot dat de lichtmasten moeten worden verplaatst. Bovenstaande vormt de reden om voor te stellen bij revitalisering de openbare verlichting aan te passen aan de huidige richtlijnen volgens de NPR 13201-1. Voor het verbeteren van de (sociale) veiligheid zal i.v.m. een goede kleurherkenning gekozen worden voor wit licht i.p.v. oranje licht.
2.10 Proceduremanagement

Voor het uitvoeren van de revitaliseringsprojecten op het bedrijventerrein is het vaak noodzakelijk een groot aantal juridische procedures te doorlopen. In de volgende paragrafen wordt nader ingegaan op de inhoud van de procedures en de benodigde onderzoeken. Het bestemmingsplan Het huidige basisbestemmingsplan voor Latenstein stamt uit 1988, waarop diverse partiële herzieningen hebben plaatsgevonden. Zowel geredeneerd vanuit het belang van de kwaliteitsslag als vanuit de eenduidigheid voor de ondernemers, wordt geadviseerd het bestemmingsplan integraal te herzien en in overeenstemming te brengen met de beleidsvoornemens uit dit revitaliseringsplan. Door het bestemmingsplan aan te passen kan een actueel beeld worden gegeven van de (gewenste) bestemmingen op het terrein, kunnen zaken als parkeren op openbaar gebied en wijzigingen in verkeerssituaties worden vastgelegd en kan een koppeling gelegd worden met het nieuwe beeldkwaliteitsplan. Een actueel bestemmingsplan biedt de gemeente optimale sturingsmogelijkheden voor thans te voorziene projecten en toekomstige ontwikkelingen op het terrein. Het aspect ‘wonen’ op het bedrijventerrein vormt een bijzonder punt van aandacht. In de planologische regeling is het onderscheid tussen ‘bedrijfswoning’ en ‘woning van derde’ essentieel voor het wel of juist niet toegestaan zijn van bepaalde bedrijfscategorieën. Vergunningen Naast de Wet op de Ruimtelijke Ordening is het noodzakelijk om per project na te gaan welke wet – en regelgeving van toepassing is op de situatie en welke vergunningen en of ontheffingen nodig zijn voor bouw- en aanlegactiviteiten en het in gebruik hebben van de beoogde eindfuncties. Afstemming en Integratie Het bestemmingsplan en de verschillende vergunningenprocedures hebben een duidelijke samenhang. Vaak is een bestemmingsplan het toetsingskader voor het verlenen van vergunningen.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 13 van 55

Kader

2.11

Parkmanagement & Beheer

De afgelopen decennia is de kwaliteit van het bedrijventerrein Latenstein sluipenderwijs achteruitgegaan. De onderhoudstoestand van de openbare ruimte is het gemiddelde niveau van onderhoud binnen de gemeente Tiel. Dit onderhoud is afgestemd op de beschikbare financiële middelen. Op een aantal individuele kwaliteitsverbeteringen na voelde niemand zich direct geroepen om hieraan iets te doen. Het resultaat hiervan is dat de gemeente samen met de ondernemers momenteel een grote inhaalslag moeten maken om de kwaliteit te verbeteren. Deze verbetering heeft o.a. tot doel: • het opwaarderen van de stedelijke kwaliteit van het gebied; • het komen tot een betere duurzame economische benutting van het gebied met aanvullende functies voor de rest van Tiel; • het verbeteren van de verkeerskundige ontsluitingen van het gebied.

Menukaart parkmanagement
Ontwikkelings management Utility management Facility management - veiligheid en beveiliging - gebouwen onderhoud - afvalinzameling afvaldepot - logistiek en vervoersTerreinbeheer management - catering, kinderopvang, sport en - parkeren - wegen en riolering - bewegwijzering - groenvoorziening - verlichting - straatmeubilair recreatie - W- en E-installatie onderhoud - bancaire, post en vergadervoorzieningen - industriewater leverantie - benutting / hergebruik proces (afval) water - afvalwaterbehandeling - gezamenlijke energievoorziening - benutting rest warmte of -koude - afvalverwerking - wasstraat wagen park - telecom / multi media - kennisuitwisseling - uitvoering regionaal sociaaleconomisch beleid - public affairs - oprichten startersinnovatiecentrum - bedrijfsinnovatie

Vestigings management - promotie en PR - intermediar (tijdelijke) bedrijfsruimte - aantrekken nieuwe bedrijven - “ruilverkaveling” - leaseconcepten

Toename organisatiegraad

Diversificatie takenpakket

Voor behoud van kwaliteit en het vroegtijdig signaleren van knelpunten is een goede communicatie en samenwerking een belangrijke voorwaarde. De afgelopen decennia ontwikkelde het bedrijfsleven in Tiel zich sterk en al gauw werd het belang van overleg en samenwerking onderkend. De vereniging Industrieel Contact Tiel (ICT) werd opgericht voor de grote industriële bedrijven. En in 1995 startte de Stichting Beveiliging Bedrijventerreinen Tiel (SBBT) haar activiteiten op het gebied van gezamenlijke beveiliging van bedrijventerreinen.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 14 van 55

Kader

Om niet alleen de belangen van de grote industriële bedrijven te behartigen maar de belangen van alle ondernemers op de bedrijventerreinen in Tiel is de ICT in 2002 opgegaan in de Ondernemers Coöperatie Tiel (OCT). De OCT streeft naar samenwerking. Door samen in te kopen, samen te organiseren en samen te werken, vergroten de leden van de OCT hun efficiëntie, verlagen zij hun kosten en verbeteren zij hun samenwerking met lokale en regionale overheden. Initiatieven komen beter van de grond, problemen worden sneller opgelost en kansen worden eerder benut. Van meet af aan wil de OCT haar leden het directe voordeel van samenwerking laten ondervinden, want alleen wanneer voor iedereen de voordelen helder zijn, blijft het hogere doel - het scheppen van een duurzaam werkklimaat - bereikbaar. Samen met de gemeente Tiel en de Kamer van Koophandel Rivierenland is de OCT ook de initiator van het opstellen van het Revitaliseringplan Latenstein. Onder het begrip “parkmanagement” zal de OCT samen met andere partijen de belangen van haar leden en de algemene belangen van het goed economisch functioneren van de bedrijventerreinen in Tiel behartigen. Op het bedrijventerrein Latenstein zijn nog niet veel ondernemers lid van het OCT. Belangrijk is dat in de komende jaren ook de ondernemers op Latenstein het belang van overleg en samenwerking inzien en lid worden. Hierdoor ontstaan goede garanties dat de kwaliteit die met het revitaliseringsproject zal worden verbeterd ook voor de toekomst wordt veiliggesteld. Dit heeft het positieve effect dat het ook op de langere termijn goed ondernemen blijft op Latenstein en dat daarmee de werkgelegenheid en de waarde van het vastgoed behouden blijft.
2.12 Tiel Oost Productie

Het revitaliseren van industrieterrein Latenstein is onderdeel van het Tiels Stedelijk Ontwikkelingsbeleid (TSOb II). Hierin krijgen Latenstein en de problematiek in de aangrenzende woonwijk Tiel Oost extra aandacht. In het kader van de extra aandacht voor de woonwijk Tiel Oost wordt de Tiel Oost Productie (TOP) ‘op de planken’ gezet. Tiel Oost Productie: creëert een podium voor plannen van bewoners voor verbetering van de leefbaarheid en de sociale cohesie in hun wijk met behulp van de Tiel Oost Methode; investeert in de wijk in afstemming en integraliteit met andere activiteiten en plannen binnen de Gemeente Tiel; investeert in de wijk in afstemming met activiteiten en plannen van alle ‘Producenten’ in Tiel Oost. Voor dat laatste is het Producententeam in het leven geroepen, waarin woningcorporaties, scholen, algemeen maatschappelijk werk en thuiszorg, de politie, het welzijnswerk, de gemeente en de GGD hun plannen voor de komende jaren met elkaar uitwisselen en op elkaar afstemmen. Doel is om in een vroeg stadium afstemming en meerwaarde te bereiken, zodat activiteiten elkaar gaan versterken en partijen waar mogelijk gezamenlijk optrekken. Dit kan zowel in financieel opzicht, als in termen van energie en tempo van ontwikkelingen, winst op gaan leveren. Doel is om van Tiel Oost een vitaal gebied te maken, waar bewoners en ondernemers het gevoel hebben dat de buurt of het terrein van hen is. En een wijk waar zowel bewoners als organisaties en bedrijven hun verantwoordelijkheid voor de leefbaarheid van de buurt kennen en nemen.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 15 van 55

Kader

2.13

Revitalisering als dynamisch proces

Bij revitalisering en herstructurering van een bedrijventerrein bestaan in feite drie niveaus waarop ingrepen mogelijk zijn: op individueel bedrijfsniveau; op niveau van clusters van bedrijven; op (deel)terreinniveau. In het vervolg van dit plan worden voorstellen gelanceerd om de gewenste kwaliteitsslag gestalte te geven. De ingrepen en projecten in dit plan hebben in de meeste gevallen betrekking op (deel)terreinniveau of clusters van bedrijven. Te denken valt bijvoorbeeld aan het herschikken van functies, het optimaliseren van ruimtegebruik, infrastructurele ingrepen of voorstellen om de beeldkwaliteit aan te pakken. Ingrepen op het niveau van individuele bedrijven komen sporadisch voor en betreffen veelal grotere bedrijven of bedrijven op een bijzondere locatie. Ten aanzien van ingrepen op bedrijfsniveau is nog een belangrijk onderscheid van belang: ingrepen die voortvloeien uit initiatieven op terreinniveau, zoals het herschikken van functies op het terrein, of ingrepen die op initiatief van de bedrijven zelf plaatsvinden. Deze laatste categorie is het meest ongrijpbaar en hoeft op zich geen enkele directe relatie te hebben met de revitalisering. Toch kunnen deze ingrepen wel degelijk van zeer groot belang zijn voor het succes van de revitalisering. Te denken valt aan investeringen van bedrijven in hun vastgoed en of in hun bedrijfsprocessen en op de beslissing van bedrijven om naar elders te verhuizen. Bedrijven kunnen legio redenen hebben om dergelijke beslissingen te nemen, zonder dat revitalisering daarbij een punt van overweging is. De revitalisering kan voor bedrijven echter ook de aanleiding vormen om dergelijke beslissingen bewust eerder te nemen, bijvoorbeeld doordat bedrijven zich gaan bezinnen op de toekomstige positie op het terrein . De revitalisering kan ook leren van de beslissingen die individuele bedrijven nemen. Dit ‘leren’ kan als uiterste consequentie hebben dat bijsturing plaatsvindt van het ingezette proces. Monitoring van de beslissingen bij individuele bedrijven, voor zover bedrijven bereid zijn inzicht te verschaffen in hun beweegredenen, kan hierbij een hulpmiddel zijn. In het licht van bovenstaande past de constatering dat revitalisering een continu en dynamisch proces is, dat op elk willekeurig moment beïnvloed kan worden, bijvoorbeeld door beslissingen op individueel bedrijfsniveau. Anderzijds laten individuele bedrijven zich op hun beurt weer beïnvloeden door beslissingen op (deel)terreinniveau. Voor het begeleiden van dit dynamische proces is het noodzakelijk om een goed functionerende communicatiestructuur tussen gemeente en bedrijfsleven op te zetten, c.q. in stand te houden. Dit moet er voor zorgen dat betrokken partijen in een zo vroeg mogelijk stadium op de hoogte zijn van alle relevante beleids- en bedrijfsbeslissingen, zodat hierop in het belang van de kwaliteitsslag op Latenstein passend gereageerd of zelfs geanticipeerd kan worden.
2.14 De organisatie van plan naar uitvoering

De communicatiestructuur maakt onderdeel uit van de voor het project gewenste organisatie van de uitvoering en de rol van parkmanagement op het terrein. De organisatie van de uitvoering moet gekenmerkt worden door heldere afspraken over projecten, planning, verantwoordelijkheden en budgetten, alsmede over het kanaliseren van informatiestromen.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 16 van 55

Kader

De gemeente speelt hierin een belangrijke rol, maar ook het bedrijfsleven. Wederzijds vertrouwen tussen deze twee entiteiten en continuïteit in de uitvoering is van doorslaggevend belang voor het de slagingskans van het project. Bij de uitvoering van projecten zal het beschikbaar zijn van voldoende financiële middelen een belangrijke rol spelen. Weliswaar heeft de gemeente voor de revitalisering van Latenstein middelen gereserveerd, maar de kwaliteitsslag als geheel zal gelet op de verwachte looptijd van het project (5-10 jaar) een veel hoger bedrag vergen. Daarmee is niet gezegd dat de gemeente al deze lasten moet dragen. Investeringen op individueel bedrijfsniveau zijn een verantwoordelijkheid van het individuele bedrijf. Afstemming van investeringen van (individuele) bedrijven met de investeringen van de gemeente in bijvoorbeeld het openbaar gebied kunnen daarbij tot besparingen leiden (efficiency). Voor het organiseren van de uitvoering kan gedacht worden aan een projectbureau of een herstructureringmaatschappij. Maar ook de beoogde parkmanagementorganisatie kan hierin een rol spelen. Naar onze opvatting is echter niet zozeer de vorm waarin de uitvoering gegoten wordt doorslaggevend, maar wel de mate van helderheid van de afspraken over de verdeling van taken, verantwoordelijkheden en het genereren van aanvullende budgetten. Naarmate betrokken partijen meer bereid zijn om over hun eigen grenzen heen te kijken, over uitvoering van projecten goede afspraken te maken en over en weer verantwoordelijkheid te nemen, is de organisatievorm minder doorslaggevend voor het uiteindelijke succes. In hoofdstuk 7 wordt hierop teruggekomen.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 17 van 55

3

Revitaliseringsprojecten Latenstein

3.1

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt een begin gemaakt met het uitwerken van concrete projecten. Dit gebeurt in eerste instantie op basis van een aantal geconstateerde knelpunten en kansen. Uit dit overzicht kunnen deelprojecten worden gedestilleerd, die elk afzonderlijk kunnen worden toegelicht. In het vervolg van hoofdstuk 3 zijn de deelprojecten uitgewerkt die betrekking hebben op het gehele plangebied. In de hoofdstukken 4 tot en met 6 zijn de deelprojecten uitgewerkt per onderscheiden deelgebied. Ieder deelgebied is dus weergegeven in een apart hoofdstuk.
3.2 Overzicht knelpunten vs. kansen

In de onderstaande tabel is een overzicht weergegeven van enerzijds de belangrijkste knelpunten & problemen en anderzijds de ambities en mogelijkheden op Latenstein. Dit is een samenvatting van de tabel weergegeven in de startnotitie.
Knelpunten & Problemen • Parkeerproblematiek • Routing vrachtverkeer • Bewegwijzering • Onderhoud openbaar gebied / • Ruimtelijke uitstraling • Leegstand op het terrein / braakliggende gronden • Ontbreken brievenbus • Onduidelijke segmentering • Wegprofielen en verkeersveiligheid • Wonen op Latenstein • Onduidelijke entree Latenstein • Openbaar vervoer • Ruimere bestemming volumineuze detailhandel, inclusief sportdoeleinden (o.a. fitness) • Kwaliteit groen en water verbeteren (inclusief riolering /afkoppeling) • Intensivering ruimtegebruik • Parkmanagement Ambities & Kansen • Herontwikkeling aantal (bedrijfs)kavels • Hoogwaardig kwalitatief en duurzaam bedrijventerrein met een heldere segmentering van functies en ruimtegebruik, waarbij de openbare ruimte een positieve en aantrekkelijke uitstraling heeft. • Collectieve samenwerking tussen bedrijfsleven en overheid, waarbij op basis van private en publieke initiatieven een opwaardering en instandhouding van het terrein wordt bewerkstelligd.

Van bovengenoemde punten zijn er een aantal die niet als apart project worden geformuleerd, maar waarvoor wel in het kader van de verdere uitvoering aandacht moet zijn.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 18 van 55

Revitaliseringsprojecten Latenstein

Het betreffen de volgende zaken: • Plaatsen van een brievenbus (overleg met TPG-post); • Routering openbaar vervoer en zo mogelijk aanpassen ritfrequentie (overleg met exploitant buslijn); • Bewegwijzering op Latenstein (in overleg met ondernemers huidige systeem evalueren en desgewenst nieuw systeem opzetten) of aansluiting zoeken bij het bewegwijzeringssysteem voor Medel. Voor Latenstein als geheel kan bovenstaande tabel worden vertaald in een aantal algemene deelprojecten: • Beeldkwaliteit; • Opwaarderen openbare ruimte; • Opwaarderen infrastructuur; • Externe ontsluiting; • Waterberging en riolering. Deze ‘algemene’ projecten zijn voor een belangrijk deel ook kaderstellend voor de in hoofdstuk 4 tot en met 6 onderscheiden (deel)projecten. Het oppakken en uitvoeren van de projecten in de vervolghoofdstukken betekent als het ware automatisch dat de beeldkwaliteit, de kwaliteit van de openbare ruimte, de wegenstructuur en de riolering worden verbeterd. Tenslotte verdient nog één aspect op deze plaats bijzondere aandacht, zonder dat hiervan in de revitalisering een apart thema wordt gemaakt of als deelprojecten wordt geformuleerd. Het gaat hier om de functie ‘wonen’ op Latenstein. Nagenoeg over het gehele terrein zijn woningen gesitueerd. Een deel van de woningen dateert uit een periode dat er nog geen bedrijventerrein, of niet in zijn huidige verschijningsvorm, aanwezig was. In het revitaliseringsplan en de uitwerking daarvan (denk aan bestemmingsplan) dient met de aanwezigheid van woningen rekening te worden gehouden.
3.3 Visie met ambitie

Alvorens de diverse deelprojecten op Latenstein te benoemen wordt in deze paragraaf beknopt ingegaan op het gewenste toekomstbeeld van het plangebied. Het revitaliseringsplan schetst een hoog ambitieniveau, althans hoger dan wat in Tiel gebruikelijk is voor bestaande bedrijventerreinen. Dit ambitieniveau moet nog worden omgezet in kosten, zodat in een overleg met belanghebbenden uiteindelijk een haalbaar scenario met bijbehorende kwaliteitsniveau kan worden vastgesteld. Uitgangspunt hierbij is dat het kwaliteitsniveau past bij de plannen van de gemeente Tiel en functioneel is voor Latenstein. In aansluiting op de startnotitie kan geconcludeerd worden dat de problematiek op Latenstein in 5 algemene thema’s kan worden verdeeld. Dit betekent automatisch dat ook de ambities en mogelijkheden op Latenstein zich tot deze thema’s verhouden. Het gaat hierbij om de volgende thema’s: A. B. C. D. E. De functieverdeling op het terrein (segmentering); De kwaliteit van de openbare ruimte; Infrastructurele aspecten en de verkeerskundige kwaliteit; Beeldkwaliteit van de ondernemingen en private gebieden; Waterberging, groenelementen en riolering.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 19 van 55

Revitaliseringsprojecten Latenstein

Deze thema’s hebben allen hun specifieke knelpunten en aandachtsgebieden. Echter, in de uitvoering komen veel zaken weer bij elkaar. Zo zijn voor verschillende projectsheets wegprofielen gemaakt. In deze profielen komen verschillende thema’s bij elkaar. De profielen hebben betrekking op zowel de kwaliteit van de openbare ruimte als de kwaliteit van de aanpalende private terreinen. Op diverse plaatsten wordt gerefereerd aan het aspect beeldkwaliteit. In dit plan wordt hierover slechts in algemene woorden gesproken. In het beeldkwaliteitsplan wordt meer in detail ingegaan op beeldkwaliteit.
3.3.1 Functieverdeling op het terrein (segmentering)

Voor de ruimtelijke functieverdeling op Latenstein wordt de volgende verdeling voorgesteld:

NUON

Vijverterrein

Deelgebied West; Volumineuze detailhandel met wonen Deelgebied Centraal; gemengd bedrijventerrein met wonen Deelgebied Oost; gemengd bedrijventerrein Bijzondere functies(s) – Bijzondere woonbestemming Water & Groen

Het bedrijventerrein Latenstein wordt in hoofdzaak opgedeeld in drie deelgebieden. Deze verdeling is gebaseerd op de aanwezige karakteristieken en reeds bekende toekomstige ontwikkelingen op het terrein. De beschrijving is gericht op de toekomstige functie(s) van de deelgebieden. • Deelgebied West: volumineuze detailhandel met wonen In dit deelgebied voert volumineuze detailhandel de boventoon, al dient ook ruimte te blijven voor andere bedrijvigheid tot maximaal milieucategorie 2. De solitair gevestigde grootschalige aanbieders aanwezig in o.a. de doe-hetzelf-, keuken- en motorbranche, vormen nu geen eenheid richting consument. Gezien de ligging van het gebied in de nabijheid van het centrum en tegen de rand van de woonomgeving met een redelijke ontsluitingstructuur vanaf de

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 20 van 55

Revitaliseringsprojecten Latenstein

rijksweg A15, liggen er voldoende mogelijkheden voor dit gedeelte van Latenstein om zich in de toekomst meer te profileren als een volwaardige perifere detailhandelslocatie. De revitaliseringsopgave van het totale bedrijventerrein Latenstein krijgt hiermee een enorme impuls. Planologisch zijn deze mogelijkheden aanwezig (binnenplanse vrijstelling). In overleg met belanghebbende partijen zal worden bekeken of de vestiging van grootschalige en volumineuze detailhandel rondom o.a. het thema ‘wonen’ gerealiseerd kan worden. De ambitie is kwaliteit in producten en uitstraling. Optimale bediening van de consument en voldoende parkeerruimte moeten de ingrediënten zijn om deze formule succesvol te maken. Indien de ontwikkelingen in deelgebied west verlopen als voorgesteld, is het zaak de vestigingsmogelijkheden op de ander bedrijventerreinen in Tiel voor volumineuze detailhandel rondom het thema wonen te beperken. Het gebied mag geen directe concurrentie opleveren voor de Tielse binnenstad en de aldaar aanwezige reguliere detailhandel, maar dient hier aanvullend op te zijn. Met name in de branche van de woninginrichting bestaat nog voldoende distributieve ruimte. Momenteel wordt de detailhandelsvisie van de gemeente Tiel geactualiseerd. Hierin wordt nader ingegaan op de mogelijkheden van verruiming van de branches binnen de volumineuze detailhandel en het voorkomen van branchevervaging. De beeldkwaliteit in West wordt gekoppeld aan en afgestemd op de meest dominante functie in het gebied, de volumineuze detailhandel. Het deelgebied West vormt de ‘Poort van het terrein’ en de kwaliteit van het gebied moet deze functie ondersteunen. Door de gunstige ligging van Deelgebied West is dit gebied ook geschikt voor andere functies (zoals fitnesscentra, welness, dansschool), waarvan het wenselijk is dat deze in de nabijheid van de woonomgeving zijn gelegen, goed bereikbaar zijn en over voldoende parkeerfaciliteiten beschikken. Deze functies hebben geen negatieve gevolgen voor de bestaande structuur en kunnen in belangrijke mate bijdragen aan een intensivering van het ruimtegebruik door o.a. gebruikmaking van de aanwezige parkeervoorzieningen en bevorderen de sociale veiligheid op het bedrijventerrein. In deelgebied West is sprake van de aanwezigheid van bestaande woningen, voor het merendeel met de functie bedrijfswoning. Zolang deze woningen de functie van bedrijfswoning behouden (d.w.z. direct gekoppeld zijn aan een aldaar gevestigd bedrijf) levert dat vanuit planologische overwegingen geen problemen op met betrekking tot de toegestane milieucategorieën. Een bijzondere plaats wordt ingenomen door het NUON-terrein. Noch uit de contacten met NUON, noch uit de contacten met de gemeenten is de indruk ontstaan dat op korte termijn ontwikkelingen plaatsvinden die het verplaatsen van de activiteiten betekenen. Het terrein en de aanwezige functie worden voorshands als gegeven beschouwd. • Deelgebied Centraal: gemengd bedrijventerrein met wonen In deze zone is een verscheidenheid aan bedrijven aanwezig. Langs de Oude Medelsestraat zijn tevens een behoorlijke hoeveelheid woningen gelegen, die deels de functie van bedrijfswoning hebben. Deze combinatie van wonen en werken kan in principe de toekomst bestendigd worden, waarbij ten aanzien van de milieucategorisering categorie 3 het maximum is en waarbij uitbreiding van het fenomeen ‘burgerwoning’ zoveel mogelijk voorkomen moet worden. Parkeren vormt in dit deelgebied een bijzonder aandachtspunt. De beeldkwaliteit in dit deelgebied hoeft minder hoogwaardig te zijn dan in deelgebied West, maar door de combinatie van wonen en werken kent het wel zijn eigen specifieke karakter.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 21 van 55

Revitaliseringsprojecten Latenstein

• Deelgebied Oost: gemengd bedrijventerrein In deze zone is eveneens een verscheidenheid aan bedrijvigheid aanwezig, waaronder enkele grotere bedrijven. Wat betreft de milieucategorisering wordt uitgegaan van categorie 1 tot en met 3, met de mogelijkheden voor ontheffing voor categorie 4 waar dat nuttig, noodzakelijk en mogelijk is. Ten aanzien van de aanwezige woningen wordt voorgesteld de mogelijkheden te bezien of in de toekomst inperking van de woonfunctie mogelijk is. Aangrenzend aan deelgebied Oost is het Vijverterrein gelegen. Dit terrein is eveneens in een aantal deelgebieden opgedeeld. Het deel direct grenzend aan Latenstein is bestemd voor bedrijvigheid, al dan niet in combinatie met bedrijfswoningen. De door de initiatiefnemers voorgestane beeldkwaliteit is beduidend hoger dan de bestaande beeldkwaliteit in deelgebied Oost. Waar mogelijk wordt in de zone grenzend aan het Vijverterrein aangehaakt op de beeldkwaliteit van het Vijverterrein. • Bijzondere woonfunctie In dit gebied bevinden zich een woonwagenlocatie met 10 standplaatsen en een tweetal bedrijvenlocaties waarop dienstwoningen zijn toegestaan. Het gebied ligt vrij excentrisch ten opzichte van Latenstein, maar is qua ligging direct gerelateerd aan de opwaardering van Latenstein en de activiteiten op het Vijverterrein. Op de woonwagenlocatie zijn een aantal bewoners met bedrijfsactiviteiten actief. Het gaat dan o.a. om handel in oud ijzer en banden. Zij hebben mogelijk belangstelling om hiermee meer bedrijfsmatig verder te gaan. Dit is op de woonwagenlocatie niet mogelijk. De gemeente heeft momenteel geen concrete plannen om in kwalitatief en kwantitatief opzicht iets met de woonwagenlocatie te doen. Voor de woonwagenlocaties in Tiel wordt een woonwagenbeleid opgesteld. Eventuele toekomstige plannen zullen voortvloeien uit dit beleid. Op de twee bedrijvenlocaties, gelegen aangrenzend en ten noorden van de woonwagenlocatie, mogen bedrijfsmatige activiteiten plaatsvinden in combinatie met wonen. Momenteel wordt het meest noordelijk gelegen terrein in hoofdzaak gebruikt voor wonen. De gemeente vindt dit een ongewenste situatie en heeft hiervoor een handhavingstraject in gang gezet. In de toekomst moet dit terrein gebruikt gaan worden conform de voorwaarden van het vigerende bestemmingsplan. • Water en groen Dit deel van het terrein heeft reeds een gecombineerde functie water (zeer beperkt) en groen. Mogelijk dat dit gebied in de nabije toekomst meer ruimte kan bieden aan waterberging. Voor de berging en afvoer van regenwater van het Vijverterrein bestaan vergevorderde plannen om een deels in verval geraakte watergang vanaf het Vijverterrein achter langs het woonwagenkamp en parallel langs het Amsterdam-Rijnkanaal geschikt te maken. Een verdere verbreding van de watergang en het toevoegen van een grotere waterberging in het deelgebied ‘water en groen’ kan aanvullende bergingsmogelijkheden bieden voor Latenstein. Bij grootschalige (her)ontwikkelingen binnen Latenstein, dienen binnen de planvorming oplossingen gezocht te worden voor het bergen van regenwater afkomstig van verhard oppervlak.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 22 van 55

Revitaliseringsprojecten Latenstein

• Wonen op Latenstein Op Latenstein zijn van oudsher woningen aanwezig. De hoeveelheid woningen verschilt echter per deelgebied. Zo kent deelgebied West vooral woningen die tot een bedrijf behoren (bedrijfswoningen). Ontwikkeling van het gebied als zone met volumineuze detailhandel wordt niet gehinderd door de aanwezigheid van deze bestaande woningen, mits de functie van de woningen blijft zoals die is. Zodra de woningen de functie van burgerwoning krijgen, vormen ze een potentiële belemmering. Deelgebied Centraal heeft op onderdelen een duidelijke woonfunctie, met name langs de Oude Medelsestraat. In tegenstelling tot andere delen van Latenstein is hier in veel gevallen sprake van burgerwoningen. Dit levert in een beperkt aantal gevallen problemen op in relatie tot omliggende bedrijvigheid. Voor deze situaties wordt voorgesteld om hiervoor zowel planologisch als in de sfeer van milieuvergunningen passende oplossingen te zoeken (maatwerk) die rekening houden met de belangen van de bewoners, maar tevens recht doen aan de kernfunctie van Latenstein, namelijk bedrijventerrein. Deelgebied Oost biedt momenteel eveneens (beperkte) ruimte aan de functie wonen. Gelet op het karakter van dit deelgebied (grotere en zwaardere bedrijven) is wonen veel minder gewenst, zeker als het gaat om burgerwoningen. Beperking van de woonfunctie dient overwogen te worden als bedrijvigheid hierdoor belemmerd wordt. Voorgesteld wordt dat het bestemmingsplan expliciet ingaat op het thema wonen. Per deelgebied moet duidelijk worden aangegeven waar binnen het gebied een woonfunctie aanwezig is en wat de status van deze woningen is. Tevens moet het nieuwe bestemmingsplan verdere uitbreiding van de woonfunctie binnen elk deelgebied verhinderen om toename van problemen in de toekomst te voorkomen.
3.3.2 Kwaliteit openbare ruimte

De openbare ruimte op bedrijventerrein Latenstein verdient een kwalitatieve opwaardering. Zoals het terrein er nu bijligt, voldoet het qua uitstraling en onderhoudsniveau niet aan de wensen. De huidige situatie van het onderhoud van de openbare ruimte is een weerspiegeling van het onderhoudsniveau in geheel Tiel. Voor de openbare wegen ligt dit bijvoorbeeld lager dan het niveau zoals dat wordt voorgesteld in de richtlijnen van het CROW. De matige representativiteit van het bedrijventerrein is een door alle partijen geconstateerd probleem. In de revitalisering krijgt de herinrichting van de openbare ruimte een hoge prioriteit. Dit zal voornamelijk worden vormgegeven door de herinrichting van de wegprofielen in relatie tot de aanwezige groenstructuur en parkeren. De herinrichting zal sober en functioneel zijn, met het zoveel mogelijk respecteren van de bestaande eigendomsverhoudingen tussen publieke en private gronden. Het beeldkwaliteitsplan geeft hiervoor inrichtingssuggesties die in de uitvoeringsfase verder gedetailleerd moeten worden. In de opwaardering van de openbare ruimte moet ook expliciet aandacht worden besteed aan het onderwerp openbare veiligheid. Inrichting en verlichting moeten voorkomen dat onveilige plekken op het terrein ontstaan. De gewenste kwaliteitsslag mag geen eenmalige investeringsactie zijn. Om voor de langere termijn de gewenste kwaliteit te kunnen handhaven (conform het CROW niveau), zal naast een gezamenlijke verantwoordelijkheid (overheid en gebruikers/eigenaren) ook de gemeentelijke inspanning geïntensiveerd

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 23 van 55

Revitaliseringsprojecten Latenstein

moeten worden. Naar verwachting zal het jaarlijkse onderhoudsbudget moeten worden aangepast. Zoals gezegd zijn de voorstellen zijn nog niet uitgekristalliseerd. Dit revitaliseringsplan loopt vooruit op beslissingen omtrent de kwaliteit van de openbare ruimte in Tiel die nog genomen moeten worden. Wellicht dat met het revitaliseringsplan ervaringen kunnen worden opgedaan die elders benut kunnen worden. Daar waar voorstellen financiële consequenties kunnen hebben, zullen de voorstellen in dit plan met terughoudendheid gepresenteerd worden.
3.3.3 Infrastructurele aspecten en verkeerskundige kwaliteit

Het bedrijventerrein Latenstein ligt aan de oostzijde van de kern Tiel. Het bedrijventerrein wordt omsloten door de A15 / spoordijk, het AmsterdamRijnkanaal, de Wethouder Schootslaan / Latensteinseweg en de Grote Brugse Grintweg. De bedrijven op het terrein en de bijbehorende verkeersklassen kunnen in twee categorieën worden ingedeeld: • Industriële bedrijven aan de oostzijde van het terrein met een hoog transportvolume (vooral zware vrachtauto’s); • Lichte bedrijvigheid (veel volumineuze detailhandel) in het midden en aan de westzijde van het terrein met een lager transportvolume (bevoorradingsverkeer), maar met meer verkeersbewegingen van bezoekers. De verkeerskundige ontsluiting van het terrein vindt plaats vanaf de Grote Brugse Grintweg. Deze weg is aangewezen als gebiedsontsluitingsweg, met in principe een snelheidsregime van 50 km/h. Tijdelijk is de snelheid teruggebracht tot 30 km/h. Voor de periode 2005-2006 is een herinrichting van deze weg voorzien. Alle overige wegen op het bedrijventerrein zijn erftoegangswegen. In de figuur hieronder is onderscheid gemaakt naar de relevante gebiedsontsluitingswegen (dikke blauwe lijnen) en erftoegangswegen (dunne groene lijnen).

Verkeersstructuur Latenstein

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 24 van 55

Revitaliseringsprojecten Latenstein

Op de erftoegangswegen op het terrein wordt gemotoriseerd verkeer en (brom)fietsverkeer gemengd afgewikkeld op de rijbaan. Er zijn geen aparte voorzieningen voor fietsverkeer. Ondanks het feit dat op het terrein alleen erftoegangswegen zijn gelegen, zijn twee typen wegprofielen wenselijk: wegen voor een hoog transportvolume en wegen voor een laag transportvolume. De Bulkweg, de Buitenbulkweg en de Latensteinserondweg worden aangewezen t.b.v. een hoog transportvolume. De aanwezige rijbaan is hiervoor toereikend (7,00 m). Ook moet in het kader van Duurzaam Veilig worden gekeken naar de dimensionering van de bochten en kruispunten. De overige wegen in het gebied voldoen qua breedte aan de passeermogelijkheid van een personenauto en een vrachtauto (6,00 m).

Route hoogtransport volume

Conform CROW-publicatie 192 zou voor geheel Latenstein het 30 kilometerregiem kunnen worden ingevoerd. Dit vergt ingrepen in het wegprofiel in de vorm van snelheidsbeperkende maatregelen. Bij de verdere uitwerking wordt in overweging gegeven om voor de route Bulkweg – Buitenbulkweg – Latensteinserondweg het 5- kilometer-regiem te handhaven. Het profiel is op dit regiem toegesneden en de doorstroming is er bij gebaat. De hoeveelheid restruimte naast de rijbaan is afhankelijk van de beschikbare breedte in de openbare ruimte (kadastraal gemeente Tiel). De totale straatbreedte is per straat verschillend. De bestemming van restruimte is afhankelijk van de plaatselijk aanwezige functies. In straten waar relatief veel woningen zijn, wordt voorgesteld aan de zijde van de woningen een trottoir aan te leggen (1,50 m). Het gaat hierbij vooral om de Oude Medelsestraat en de Wethouder Schootslaan / Medelsestraat. In de andere straten zijn in principe geen trottoirs nodig. Mogelijk dat bij een toename van de volumineuze detailhandel in deelgebied West behoefte ontstaat aan voorzieningen voor voetgangers langs de Lutterveldweg. Verder kan plaatselijk behoefte zijn aan extra parkeervoorzieningen. Voor alle straten in het gebied geldt dat het onderscheid tussen openbaar gebied en particulier terrein vaak onduidelijk is. Voorgesteld wordt de scheiding tussen openbaar en particulier terrein goed zichtbaar te maken. Bij fysieke erfafscheidingen is dit meestal wel duidelijk. Ter plaatse van uitritten wordt bij voorkeur gewerkt met verschillende verhardingssoorten en kleuren.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 25 van 55

Revitaliseringsprojecten Latenstein

Tenslotte kan in de uitvoeringsfase bezien worden of op Latenstein één of meer hondentoiletten gerealiseerd kunnen worden, teneinde de overlast door uitwerpselen voor bezoekers in de detailhandelszone te beperken. Parkeren Uitgangspunt is dat zowel werknemers (personenauto’s) als bezoekers (personenauto’s en vrachtauto’s) op de eigen terreinen van bedrijven parkeren. Aanvullend zijn er beperkte voorzieningen om in openbaar gebied te parkeren. In de praktijk blijkt dat er ook veelvuldig op openbaar terrein wordt geparkeerd op plekken waar dat niet de bedoeling is. Overlast voor doorgaand verkeer en voor aanwezige bedrijven is vaak het gevolg. Om de sterkere verkeersfunctie van de vrachtwagenroute Bulkweg – Buitenbulkweg – Latensteinserondweg te benadrukken, mag er op deze wegen niet meer worden geparkeerd (parkeerverbod instellen). Het parkeren moet hier op eigen terrein plaatsvinden. Indien de wegprofilering dit toestaat en de specifieke situatie hier om vraagt kunnen langs deze wegen stallingsparkeervakken worden aangelegd naast de rijbaan. Met andere woorden, als de aanleg van parkeerplaatsen langs de openbare weg bepaalde parkeerproblemen oplost, valt realisatie te overwegen en in samenspraak met de betrokken partij(en) (gemeente Tiel, ondernemers) uitgewerkt. In principe kunnen alle andere wegen op dezelfde wijze worden beoordeeld. Indien de parkeerfunctie niet meer op eigen terrein kan worden opgelost bestaat de mogelijkheid om in samenwerking en samenspraak met de betrokken partijen parkeervoorzieningen te creëren. De oplossing kan gezocht worden op openbaar terrein, waarbij in het dwarsprofiel rekening wordt gehouden met langsparkeervakken (waar mogelijk aan beide zijden van de weg), maar ook elders in het gebied. Tenslotte dient in dit kader opgemerkt te worden dat indien in overleg tussen partijen afspraken zijn gemaakt over parkeeroplossingen en deze ook daadwerkelijk zijn gerealiseerd, overlast door parkeren op daarvoor niet bestemde plaatsen niet langer acceptabel is.
3.3.4 Beeldkwaliteit ondernemingen en bedrijfskavels

De geplande en toekomstige (her)ontwikkelingen van bedrijfskavels en bedrijfspanden krijgen een kwaliteitskader door het opstellen van een beeldkwaliteitsplan. Dit beeldkwaliteitsplan geeft richtlijnen voor de realisatie van nieuwe bebouwing en de inrichting van particulier terrein en openbaar gebied. De volumineuze detailhandelszone rond de Bulkweg en de Lutterveldweg dient een kwalitatief hoogwaardige uitstraling te hebben. De entree van het terrein wordt een aantrekkelijke combinatie van werken en commerciële activiteiten. In het beeldkwaliteitsplan zal dit verder en gedetailleerd worden vastgelegd. Het beeldkwaliteitsplan biedt ook de mogelijkheid om bedrijven die (op dit moment) niet actief bezig zijn met de revitalisering van Latenstein en met opwaardering van hun eigen onderneming, te stimuleren ‘mee te gaan’ in de algehele kwaliteitsverbetering van het terrein. Geattendeerd wordt op de relatie van het Beeldkwaliteitsplan (gekoppeld aan bestemmingsplan) en de Welstandsnota Tiel 2004. Als de Welstandsnota voor dit gebied moet worden aangepast zal dit tijdig door de gemeente moeten worden opgepakt, in verband met de lange procedure die hiermee gemoeid is.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 26 van 55

Revitaliseringsprojecten Latenstein

Het beeldkwaliteitsplan zal een mix zijn van ‘mooi en aansprekend’ waar het kan (bijvoorbeeld deelgebied West) en sober en functioneel waar het moet (bijvoorbeeld inrichting openbare wegen).
3.3.5 Waterberging, groenelementen en riolering

Het nagenoeg afwezig zijn van oppervlaktewater in het gebied voor berging van regenwater kan wellicht ondervangen worden door het (deels) omzetten van groenelementen in waterpartijen, bijvoorbeeld in het deelgebied ‘water en groen’. Hierdoor kan mogelijk een deel van het dakoppervlak afgekoppeld worden, waardoor de riolering minder belast wordt. Naar het zich nu laat aanzien zal de afvoer van regenwater via de riolering echter een rol blijven spelen, vanwege gebrek aan ruimte voor regenwaterberging in oppervlaktewater. Als alternatief kunnen ondergrondse voorzieningen dienen, mits daarvoor geschikte plekken beschikbaar zijn en de kosten in verhouding staan tot het probleem en de gekozen oplossing(en). Nader onderzoek is aanbevolen. Het rioleringsstelsel is rond 1960 aangelegd als gemengd stelsel en bestaat in hoofdzaak uit ongewapend betonnen buizen. Op dit moment vindt onderzoek plaats naar de staat van onderhoud van het stelsel. De verwachting is dat, gelet op de leeftijd van het stelsel, vooral lokale reparaties en in beperkte mate grotere ingrepen nodig zijn. Verder bestaat het voornemen twee overstorten te sluiten en twee andere om te bouwen naar interne overstorten. Tevens moet op basis van capaciteitsberekeningen het riool van de Oude Medelsestraat worden vergroot. Tenslotte zal in verband met de te verwachten toename van regenval in de komende decennia, gezocht moeten worden naar aanvullende mogelijkheden voor afkoppeling van dakoppervlak. Voorgesteld wordt noodzakelijke ingrepen aan de riolering en het realiseren van afkoppeling wat betreft uitvoering te combineren met de aanpak van wegen en het openbaar gebied. Dit brengt kostenvoordelen met zich mee en beperkt de overlast van werkzaamheden voor bedrijven en bewoners.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 27 van 55

Revitaliseringsprojecten Latenstein

3.4

Deelprojecten Algemeen 3.4.1 Beeldkwaliteit - Latenstein

Projectsheet Situatie (knelpunt / mogelijkheid)

De beeldkwaliteit op bedrijventerrein Latenstein is zeer wisselend. Een aantal bedrijven heeft momenteel al een moderne en kwalitatief hoogwaardige uitstraling, maar dit geldt zeker niet voor alle ondernemingen. Gezien de geplande ontwikkelingen is de verwachting gerechtvaardigd dat in de nabije toekomst een aantal bedrijfskavels herontwikkeld wordt. Het voor Latenstein opgestelde beeldkwaliteitsplan zal worden gebruikt om sturing te geven aan het realiseren van een kwalitatief hoogwaardige uitstraling van het terrein.

Omschrijving

Herontwikkelingen van bestaande percelen moeten aan een bepaald beeldkwaliteitsniveau voldoen én afzonderlijke bedrijven kunnen worden gestimuleerd om de representativiteit van hun perceel te verhogen.

Aandachtspunten

-

-

Het beeldkwaliteitsplan dient gekoppeld te worden aan het bestemmingsplan; De beeldkwaliteit is tevens gerelateerd aan de voorstellen voor de herinrichting van de openbare ruimte, de wegprofielen en het onderhoudsniveau van het openbaar groen. Er dient een koppeling plaats te vinden tussen het beeldkwaliteitsplan en de welstandsnota. De welstandsnota en de daarin vastgelegde uitgangspunten zijn immers leidend. De nagestreefde beeldkwaliteit is niet afdwingbaar als de welstandsnota niet voorziet in de gekozen beeldkwaliteit. Verbeteren van de werk – en leefomgeving; Waarborgen van de beeldkwaliteit en representativiteit van het bedrijventerrein; Invloed op stijl, imago en uitstraling van continuïteit van de Tielse bedrijvigheid.

Duurzaamheidsaspecten

-

Organisatie

Het beeldkwaliteitsplan wordt vastgesteld door de gemeente Tiel. De daadwerkelijke beeldkwaliteitsveranderingen zijn voor de verantwoordelijkheid van de ondernemers zelf. Particulier initiatief voor realiseren beeldkwaliteit. De kosten voor het doorvoeren van het beeldkwaliteitsplan zijn voor de gemeente Tiel (handhaving). Beeldkwaliteitsplan: 2005 Doorvoeren beeldkwaliteit op Latenstein: gedurende gehele looptijd van het project

Kosten

Planning

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 28 van 55

Revitaliseringsprojecten Latenstein

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 29 van 55

Revitaliseringsprojecten Latenstein

Projectsheet Situatie (knelpunt / mogelijkheid)

3.4.2

Opwaarderen openbare ruimte - Latenstein

Door de bedrijven, de OCT en de andere betrokken partijen in het revitaliseringstraject is aangegeven dat de staat van onderhoud van de openbare ruimte onvoldoende is. Het is dan ook vanzelfsprekend dat in navolging op de plannen om een beeldkwaliteitsplan op te stellen ook voorstellen te doen ter verbetering van de openbare ruimte. Het opwaarderen van de openbare ruimte op bedrijventerrein Latenstein. Op sommige plaatsen op Latenstein (bijv. Latensteinseweg, Latensteinse Middenweg en G. Stoutweg) laat de kwaliteit van het straatbeeld te wensen over. In het kader van de revitalisering en de opwaardering van het terrein is het dan ook van belang dit te verbeteren. De nadruk ligt hierbij in het bijzonder op de overgang tussen private en publieke terreinen. Heldere wegprofielen, groene elementen, opheffen overlast door parkeren, veiligheid en verlichting staan centraal. Het opwaarderen van de openbare ruimte hangt sterk samen met het beeldkwaliteitsplan en de opwaardering van de wegprofielen. Gezamenlijk vormen deze drie aspecten de kern van de algemene projecten op Latenstein; Het opwaarderen van de groenstructuur kan gecombineerd worden met bijvoorbeeld het aanbrengen van parkeervoorzieningen. Verbeteren van de werk – en leefomgeving; Waarborgen van de representativiteit van het bedrijventerrein; Invloed op stijl, imago en uitstraling van continuïteit van de Tielse bedrijvigheid.

Omschrijving

Aandachtspunten

-

Duurzaamheidsaspecten

-

Organisatie Kosten Planning

De eerste verantwoordelijkheid ligt bij de gemeente Tiel P.M. Wordt opgenomen in strategienota

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 30 van 55

Revitaliseringsprojecten Latenstein

Projectsheet Situatie (knelpunt / mogelijkheid)

3.4.3

Opwaarderen infrastructuur - Latenstein

Op een aantal plaatsen zal de infrastructurele situatie van Latenstein dienen te wijzigen. Het betreft hier de routing van het vrachtverkeer, de algemene ontsluitingsstructuur, de staat van een aantal wegprofielen en het parkeren. Voor de inrichting van de openbare wegen is CROW-publicatie 192 van grote invloed. Bijna voor alle wegen op het bedrijventerrein Latenstein geldt dat ze niet of onvoldoende aan de eisen voldoen die tegenwoordig aan wegen op bedrijventerreinen worden gesteld. Te denken valt aan het ontbreken van: Onderscheid tussen publiek en privaat terrein; Passende profielbreedte; Eenduidig materiaalgebruik in het openbare gebied; Een eenduidige manier van parkeren (eigen terrein vs. openbaar gebied); Overzicht op kruispunten en heldere voorrangssituaties; Duurzaam veilige inrichting en verlichting van het gebied. Al met al is een algehele opwaardering van de Latensteinse infrastructuur een vereiste voor een succesvolle revitalisering.

Omschrijving

Aandachtspunten

-

Riolering; Bodem; Parkeren; Beeldkwaliteit. Representativiteit leef – en werkomgeving; Verkeersveiligheid; Parkeernormering; Optimalisering ruimtegebruik;

Duurzaamheidsaspecten

Organisatie Kosten Planning

Gemeente Tiel P.M. Wordt opgenomen in de strategienota

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 31 van 55

Revitaliseringsprojecten Latenstein

Projectsheet Situatie (knelpunt / mogelijkheid)

3.4.4

Externe ontsluiting – Latenstein

Door een aantal bedrijven is tijdens een bedrijfsinformatieavond geopperd om vanaf Kellen een extra ontsluitingsweg te creëren onder de A15 en het spoor door. Hierdoor is het wellicht mogelijk de routing van het vrachtverkeer te optimaliseren en een aantal thans zwaar belaste wegen en kruispunten te ontzien. In het voorgestalde tracé is een zogeheten stamlijn (enkelspoor) aanwezig. Tevens wordt het tracé deels gebruik voor de ontsluiting van de sluizen in het Amsterdam-Rijnkanaal. Een andere mogelijkheid betreft de laan van Westroijen. Voor bedrijvenventerrein Westroijen wordt momenteel de mogelijkheid onderzocht de laan van Westroijen door te trekken naar de Grote Brugse Grintweg. Op deze manier ontstaat een snelle verbinding met de afrit van de A15. Het kruispunt Grote Brugse Grintweg – Bulkweg blijft hiermee wel zwaar belast.

Omschrijving

Momenteel komt vrijwel al het verkeer het terrein binnen via de Bulkweg. Vooral voor zware vrachtauto’s (en evt. ook het bevoorradingsverkeer) is er een alternatieve ontsluiting denkbaar: via de A15-onderdoorgang naast het Kanaal, via de verlengde Kellenseweg (in de toekomst opgenomen in de 30 kilometer-zone), naar de A15 (zie onderstaande figuur). Deze extra ontsluiting van het terrein levert een aantal verkeerskundige voordelen op: het zware verkeer hoeft niet meer het hele bedrijventerrein door over, de bestaande ontsluiting via de Bulkweg wordt ontlast en de doorstroming op de Grote Brugse Grintweg (en dus de bereikbaarheid van de volumineuze detailhandel) wordt verbeterd. Dit laatste betreft ook een gedeeltelijke scheiding van (zwaar) vrachtverkeer en intensief personenautoverkeer. De nieuwe verbinding kan aansluiten in het verlengde van de Oude Medelsestraat of indirect op de Latensteinse Rondweg. Onderzoek naar de kansen voor deze alternatieve ontsluiting wordt dringend aanbevolen. Het doortrekken van de Laan van Westroijen maakt het mogelijk op een snelle manier via de Bulkweg de A15 (afslag 33) te bereiken. De vraag is echter of de huidige functie van het bedrijventerrein Westroijen en de samenstelling van het bedrijvenbestand gebaat is bij deze ontwikkeling, vorral gelet op vrachtverkeer. Bovendien maakt deze doortrekking een aanpassing van het kruispunt Grote Brugse Grintweg – Bulkweg des te noodzakelijker (zie ook paragraaf 4.2.1).

Aandachtspunten

-

Relatie met Amsterdam-Rijnkanaal en bedrijventerrein Kellen; De wooneenheden aan het einde van de oude Medelsestraat; Grondeigendommen (voormalig Sulzer); Relatie met onderzoek naar geschikt maken route voor recreatieve fiets- en wandelroute Relatie met plannen voor het bedrijventerrein Westroijen; Aanpak kruispunt Grote Brugse Grintweg – Bulkweg. Representativiteit leef – en werkomgeving; Verkeersveiligheid; Optimalisering ruimtegebruik.

Duurzaamheidsaspecten

-

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 32 van 55

Revitaliseringsprojecten Latenstein

Organisatie Kosten Planning

Gemeente Tiel i.s.m. particulieren, Rijkswaterstaat en NS/ProRail P.M. Wordt opgenomen in de strategienota

1 2

1

2

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 33 van 55

Revitaliseringsprojecten Latenstein

Projectsheet Situatie (knelpunt / mogelijkheid)

3.4.5

Waterberging, groenelementen en riolering – Latenstein

De voorziene klimaatveranderingen, de bestaande geohydrologische situatie en de hoge bebouwings – en verhardingsgraad noodzaken voor de toekomst aanvullende waterberging in of aansluitend op Latenstein te realiseren . Latenstein kent nauwelijks oppervlaktewater, behoudens watergangen aan de oostzijde van het terrein en langs de spoordijk. Infiltratie van regenwater is eveneens geen optie, gelet op de hoge grondwaterstanden. Het rioleringssysteem is circa 40 jaar oud. Onderzoek loopt naar de staat van onderhoud. Lokale reparaties en meer ingrijpend onderhoud liggen in de lijn der verwachtingen. Op onderdelen is de capaciteit ontoereikendheid. Het vergroten van de mogelijkheden voor berging van regenwater in oppervlaktewater in of aansluitend op het plangebied Latenstein is een opgave voor de komende jaren. Gelet op de beperkt beschikbare ruimte moeten creatieve oplossingen worden gezocht, mede in relatie tot bestaande groenelementen op en rond Latenstein. Beperkte ruimte, mogelijk in eigendom derden; Staat van onderhoud en capaciteit bestaande riolering; Afkoppelen van hemelwater van het gemengd riool. Waterberging in relatie tot klimaatverandering; Waterberging in relatie tot groenelementen; Rioolbeheer.

Omschrijving

Aandachtspunten

Duurzaamheidsaspecten

Organisatie

Gemeente Tiel i.s.m. Waterschap en eigenaren gronden op en rond Latenstein. P.M. Wordt opgenomen in de strategienota

Kosten Planning

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 34 van 55

4

Deelgebied West

4.1

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt gedetailleerd ingegaan op de revitalisering van deelgebied West. In de onderstaande figuur is het deelgebied weergegeven. Zoals reeds eerder aangegeven kan het westelijk gedeelte van Latenstein worden getypeerd als een zone met ruime kansen voor volumineuze detailhandel, inclusief ABC-activiteiten. Bij vestiging en versterking van deze functie wenst de gemeente Tiel concurrentie met de binnenstad te voorkomen. De voorzieningen op Latenstein zijn bedoeld als aanvulling op het aanbod in het centrum van Tiel.

Deelgebied West

Zoals zichtbaar in bovenstaand figuur zijn de belangrijke toegangs- en ontsluitingswegen tot Latenstein onderdeel van deelgebied West. Het gebied vormt dan ook het ‘gezicht’ van Latenstein. Dit betekent onder andere dat aan de beeldkwaliteit en representativiteit van zowel de publieke als de private gebieden extra aandacht moet worden besteed.

Herontwikkelingsplannen Duijts Sloopwerken

De verplaatsing van het bedrijf Duijts Sloopwerken vormt een belangrijke randvoorwaarde en aanjager voor de revitalisering van deelgebied West.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 35 van 55

Deelgebied West

In combinatie met de plannen voor de nieuwe gemeentewerf (onderzocht wordt of verplaatsing van de gemeentewerf naar elders ook een optie is), de herontwikkeling van het oude Gamma-terrein en de ontwikkeling van locatie Velders / Het boedelcentrum. Deze vier ontwikkelingen tezamen beslaan een oppervlakte van ruim 4 hectare (ca. 13% van oppervlakte Latenstein) en bieden volop kansen om de beeldkwaliteit en representativiteit sterk te verbeteren. Dit betekent een enorme impuls voor de rest van Latenstein. In de onderstaande figuur is de locatie van het te herontwikkelen gebied weergegeven. Een bijzonder aandachtspunt betreft parkeren. In deze planvorming moet voldoende parkeergelegenheid worden opgenomen. Bijzondere aandacht vraagt ook het ontsluitingprobleem in de Lutterveldsedwarsweg dat op bepaalde momenten van de week (vaak op woensdagochtend) ontstaat door geparkeerde vrachtwagens voor het lossen van goederen t.b.v. van de Kwantum en de Gamma. Ook de G. Stoutweg kent parkeerproblematiek (deelgebied Centraal), als gevolg van de aanwezigheid van een sportschool. Mogelijk dat een bedrijfsverplaatsing vanaf de G. Stoutweg naar de nieuwe ontwikkeling een oplossing kan bieden.

Locatie Duijts Sloopwerken, Gemeentewerf, Boedelcentrum Velders en Gamma-terrein

Naast veel volumineuze detailhandel is in deelgebied West ook bestaande woningbouw en bedrijvigheid in lage milieucategorieën aanwezig (maximaal categorie 2). Deze combinatie is goed mogelijk. Als laatste aandachtspunt kan worden vermeld dat in het zuidwesten van Latenstein een elektriciteitsstation van de NUON is gevestigd. Momenteel zijn nog geen voornemens voor een eventuele verplaatsing bekend. Mocht dit in de toekomst toch gebeuren dan lijkt een invulling die aansluit op het karakter van deelgebied West een voor de hand liggende keuze bij herontwikkeling van het gebied.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 36 van 55

Deelgebied West

De deelprojecten worden in de navolgende paragrafen toegelicht. Het gaat hierbij om: • Verkeersoplossing kruispunt Grote Brugse Grintweg – Bulkweg; • Aanpak bochten en kruispunten Bulkweg en Buitenbulkweg; • Wegprofiel Lutterveldweg; • Herontwikkeling Latenstein noordwest.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 37 van 55

Deelgebied West

4.2

Deelprojecten West 4.2.1 Verkeersoplossing kruispunt Grote Brugse Grintweg Bulkweg

Projectsheet

Situatie (knelpunt / mogelijkheid)

Momenteel wordt Latenstein hoofdzakelijk ontsloten via het kruispunt Grote Brugse Grintweg - Bulkweg. Op deze plaats is de situatie onoverzichtelijk en laat de verkeersveiligheid te wensen over. Als onderdeel van de revitalisering zal aandacht uitgaan naar oplossingen voor deze kruising. Hierbij komt dat, aangezien het kruispunt als het ware ‘het gezicht’ van Latenstein is, ook de beeldkwaliteit van de ontsluiting te wensen overlaat. Het kruispunt met de Bulkweg wordt bij voorkeur vormgegeven door middel van een rotonde. Gezien de beperkte aanwezige ruimte is daar mogelijk onvoldoende ruimte voor. Een goed alternatief is een vormgeving als voorrangskruispunt met waar mogelijk voorsorteervakken. Het realiseren van deze verkeersoplossing kan niet los worden gezien van andere infrastructurele maatregelen op het terrein, zoals bijvoorbeeld de routing van vrachtverkeer en/of bewegwijzering. In paragraaf 3.4.4 wordt ook een alternatieve ontsluiting gepresenteerd. Het ruimtegebruik van de infrastructurele oplossing moet passen binnen het gebied. Mocht hiervoor aankoop van gronden nodig zijn, dan dient hiervan de haalbaarheid onderzocht te worden; Bij het realiseren van de werkzaamheden moet aansluiting worden gezocht bij het materiaalgebruik en de vormgeving zoals deze voor het gehele terrein wordt gekozen; Relatie leggen met onderzoek naar doortrekken Laan van Westroijen naar Grotebrugse Grintweg, waardoor goede ontsluiting op A15 ontstaat. Verkeersdoorstroming Grote Brugse Grintweg; De relatie met bedrijventerrein Kellen. Representativiteit leef – en werkomgeving; Verkeersveiligheid / Duurzaam Veilig; Optimalisering ruimtegebruik. Verbetering bereikbaarheid.

Omschrijving

Aandachtspunten -

-

-

-

DuurzaamheidsAspecten -

Organisatie Kosten Planning

Gemeente Tiel P.M. 2005-2006

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 38 van 55

Deelgebied West

Projectsheet Situatie (knelpunt / mogelijkheid)

4.2.2

Aandacht bochten / kruispunten Bulkweg en Buitenbulkweg

De Bulkweg fungeert als hoofdontsluitingsweg met een hoog transportvolume van vrachtverkeer. Dit vraagt om ruime bochten in een voldoende breed wegprofiel en overzichtelijke kruispunten. Momenteel kenmerkt de Bulkweg zich door problemen ten aanzien van deze twee kenmerken. Vooral de bocht ter hoogte van de gemeentewerf en de kruisingen met de Lutterveldweg en de Oude Medelsestraat.

Omschrijving

De Bulkweg, de Buitenbulkweg en de Latensteinserondweg worden aangewezen t.b.v. een hoog transportvolume, waarbij de rijbaan voldoende ruim moet zijn opgezet voor vrachtverkeer in twee rijrichtingen. Ook moet er in de bochten rekening worden gehouden met voldoende bochtverbreding waarbij vooral aandacht moet worden besteed aan de krappe bochten in de Bulkweg. Kruispunten moeten voldoende overzichtelijk zijn. Het realiseren van deze verkeersoplossing kan niet los worden gezien van andere infrastructurele maatregelen op het terrein, zoals bijvoorbeeld de routing van vrachtverkeer en/of bewegwijzering; Het ruimtegebruik van een infrastructurele oplossing moet passen binnen het gebied. Het zou dus kunnen dat aankoop van gronden benodigd is; De aanpassing van de bocht Bulkweg en het kruispunt met de Lutterveldweg kan tegelijk plaatsvinden met de herontwikkeling van Latenstein noordwest. Aangezien in dit gebied op een tal van plaatsen een herinrichting van de private kavels plaatsvindt, kan dit gecombineerd worden met de herinrichting van het openbaar gebied; Eventuele aanpassingen van de ondergrondse infrastructuur (riool); Ontsluiting van de gemeentewerf en de nieuwe volumineuze detailhandelszone. Representativiteit leef – en werkomgeving; Duurzaam veilig; Optimalisering ruimtegebruik;

Aandachtspunten

-

-

Duurzaamheidsaspecten -

Organisatie Kosten Planning

Gemeente Tiel, i.s.m. particulieren P.M. Wordt opgenomen in de strategienota

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 39 van 55

Deelgebied West

Projectsheet Situatie (knelpunt / mogelijkheid)

4.2.3

Wegprofiel Lutterveldweg

Momenteel is de kwaliteit van de Lutterveldweg onvoldoende. Tijdens de inventarisatiefase is door diverse partijen aangegeven dat op het gebied van parkeren, verkeersveiligheid en de staat van onderhoud maatregelen nodig zijn. Voorgesteld wordt om het profiel van de Lutterveldweg in het geheel te vernieuwen,met aandacht voor afmetingen, functiescheiding, parkeren en de relatie met het openbaar groen en erfafscheidingen. Vernieuwing van het gehele profiel van de Lutterveldweg. Hierbij zal rekening worden gehouden met: de toekomstige functie-eisen van de weg, en het onderscheid tussen deze functies. Hier gaat het om de wegbreedte, scheiding tussen rijbanen, voetpaden en parkeervakken. de scheiding tussen private en publieke gronden en de mogelijkheid om ook de openbare ruimte langs de weg te verbeteren. Het ruimtegebruik van een infrastructurele oplossing moet passen binnen het gebied. Het zou dus kunnen dat aankoop van gronden benodigd is. De aanpassing van een gedeelte van de Lutterveldweg kan tegelijk plaatsvinden met de herontwikkeling van Latenstein noordwest. Aangezien in dit gebied op een tal van plaatsen een herinrichting van de private kavels plaatsheeft, kan dit gecombineerd worden met de herinrichting van het openbaar gebied. Tegelijk met de opwaardering van het wegprofiel is het aan te bevelen, indien nodig, een vernieuwing van het rioolstelsel door te voeren. Routing vrachtverkeer en bewegwijzering Representativiteit leef – en werkomgeving; Verkeersveiligheid / Duurzaam Veilig; Optimalisering ruimtegebruik;

Omschrijving / Maatregelen

Aandachtspunten -

-

Duurzaamheidsaspecten -

Organisatie Kosten Planning

Gemeente Tiel P.M. Wordt opgenomen in de strategienota

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 40 van 55

Deelgebied West

Projectsheet Situatie (knelpunt / mogelijkheid)

4.2.4

Locatieontwikkeling noordwest

Het gebied aan de noodwestzijde van Latenstein langs de entreeroute van het gehele bedrijventerrein, is weinig aantrekkelijk. De gemeentewerf is verouderd en voldoet samen met de naastgelegen corsoloods niet meer aan de gewenste functionele en beeldkwaliteit. Aan deze zijde van de Bulkweg liggen tevens gronden braak (toekomstige locatie Velders, c.q. boedelcentrum). Het terrein van de firma Duijts draagt mede door de aard van de activiteiten niet bij aan een hoogwaardige uistraling van het gebied. Samen met het tegenovergelegen oude Gammaterrein (verouderde bebouwing en leegstand) is er dus voldoende reden om het gehele gebied in één keer te herontwikkelen. Voor het noordwesten van Latenstein geldt dat diverse herontwikkelingsplannen in voorbereiding zijn. De gemeente Tiel gaat ter plaatse van de huidige gemeentewerf nieuwbouw plegen (onderzocht wordt of verplaatsing van de gemeentewerf ook een optie is). De naastgelegen corsoloods zal door middel van groen visueel aan het zicht worden onttrokken en op de hoek van de Bulkweg en de Buitenbulkweg wordt nieuwbouw gerealiseerd. Aan de overzijde van de Bulkweg liggen de gronden van de firma Duijts die in het geheel herontwikkeld worden na verplaatsing van dit bedrijf naar de locatie Sulzer (elders op Latenstein). Deze verplaatsing is een randvoorwaarde voor de totale herontwilleling. Voor het Gamma-terrein wordt door de eigenaar nog gezocht naar een passende herontwikkeling. De herontwikkeling van het gehele gebied samen, dat circa 40.000 m2 beslaat, is een enorme kans voor het revitaliseringsproject. Hiermee ontstaat een impuls voor de rest van het terrein om mee te gaan in de vernieuwingsen verbeteringsslag.

Omschrijving

Aandachtspunten

-

-

Herontwikkeling van het gebied heeft door haar entreefunctie een sterke uitstraling op het totale terrein. Afstemming van de herontwikkelingsplannen met het beeldkwaliteitsplan is van groot belang; Herontwikkeling van het gebied kan gecombineerd worden met de herstructurering van het openbare terrein. Te denken valt zowel aan de aanpassingen van de bochten als het oppakken van de wegprofielen. Verbeteren van de woon- en werkomgeving; Waarborgen van de representativiteit van het terrein; Intensief ruimtegebruik; Invloed op stijl, imago en uitstraling van continuïteit van de Tielse bedrijvigheid.

Duurzaamheidsaspecten

-

Organisatie Kosten Planning

Particulier initiatief P.M. (Particulier en de gemeente Tiel) Wordt opgenomen in de strategienota

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 41 van 55

5

Deelgebied Centraal

5.1

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt gedetailleerd ingegaan op de revitalisering van deelgebied Centraal. In de onderstaande figuur is het deelgebied weergegeven.

Deelgebied Centraal

Het belangrijkste structuurbepalende element in deelgebied Centraal is de Oude Medelsestraat. Deze, van oudsher, woonstraat is in de loop der jaren aan beide kanten ingebouwd in het omliggende bedrijventerrein. Dit heeft een mix opgeleverd van wonen en werken, waarbij met name aan de oostkant van de straat nog veel woningen gesitueerd zijn. Het bedrijvengedeelte ten noorden van de Buitenbulkweg is onderdeel van deelgebied Centraal, maar is door zowel functie als situering niet geheel vergelijkbaar met het gebied tussen de G.Stoutweg en de Latensteinseweg. Het betreft het eigendom van één bedrijf.

Deelgebied Centraal – Noord & Zuid

Ondanks de tweedeling is er toch voor gekozen beide gebieden onderdeel te laten uitmaken van deelgebied Centraal. Dit wordt voornamelijk verklaard door het karakter van de bedrijvigheid en het feit dat een eventuele nieuwe

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 42 van 55

Deelgebied Centraal

externe ontsluiting (zie hoofdstuk 3) de grootste consequenties heeft voor dit deelgebied. Dit is dan ook een extra aandachtspunt in de toekomstige uitwerking van de revitaliseringplannen. Overigens zal de aandacht vanuit de revitalisering zich voornamelijk richten op de Oude Medelsestraat en de beeldkwaliteit van het zuidelijk gebied rond de Buitenbulkweg, de Polderweg en de G. Stoutweg. Locatie Sulzer - Braakliggende gronden Het noordelijke deel van deelgebied Centraal wass eigendom van één bedrijf, de fa. Sulzer. Recent is bekend geworden dat de activiteiten in zijn geheel verplaatst zullen worden naar elders en dat het eigendom is verworven door de fa. Duijts. Dit maakt een herontwikkeling van de locatie in het kader van de revitalisering mogelijk. In deze herontwikkeling zou plaats moeten zijn voor een beeldbepalend element dat zichtbaar is vanaf de A15 en dat kan dienen als visitekaartje voor Latenstein en ‘entree’ vanaf de A15 voor bedrijvig Tiel. Het vertrek van de fa. Sulzer biedt eveneens kansen voor het realiseren van een nieuwe externe ontsluiting. Aandachtspunt hierbij is de aanwezigheid van de nabijgelegen woningen.

A15

Braakliggende grond Centraal

Alternatieve ontsluiting Latenstein

Beeldkwaliteit Polderweg /G. Stoutweg / Oude Medelsestraat Door het huidige materiaalgebruik, de staat van onderhoud en de gebouwontwerpen laat de beeldkwaliteit in diverse gevallen te wensen over. Om een duurzame kwalitatieve ontwikkeling in het gebied te waarborgen dienen randvoorwaardelijke maatregelen genomen te worden. Aan de hand van het op te stellen beeldkwaliteitsplan wordt de gewenste kwaliteit van het gebied vast gelegd. Herontwikkeling van gebouwen of terreinen moeten aan een bepaald beeldkwaliteitsniveau voldoen en afzonderlijke bedrijven kunnen worden gestimuleerd de representativiteit van hun perceel te verhogen. Dit geldt voor zowel de woningen als de bedrijfsvestigingen in het gebied.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 43 van 55

Deelgebied Centraal

5.2

Deelprojecten Centraal 5.2.1 Wegprofiel G. Stoutweg

Projectsheet Situatie (knelpunt / mogelijkheid)

Tijdens de inventarisatiefase is aangegeven dat op het gebied van parkeren, de verkeersveiligheid en de staat van onderhoud de G. Stoutweg dient te worden verbeterd. Voorgesteld wordt om het profiel van de G. Stoutweg in het geheel te vernieuwen met aandacht voor afmetingen, functiescheiding, parkeren en de relatie met het openbaar groen en erfafscheidingen. Met name het aanwezige fitnesscentrum levert een grote parkeerdruk op. Op diverse plaatsen op het terrein, maar vooral in de G. Stoutweg is een parkeerprobleem geconstateerd. Het is dan ook aan te bevelen een nieuwe parkeeroplossing te integreren in het te verbeteren wegprofiel. Dit wegprofiel dient te voldoen aan de voorgeschreven wegbreedte bij het huidige en toekomstige gebruik. Ook voor de G. Stoutweg geldt dat de scheiding tussen openbaar en particulier terrein goed zichtbaar moet zijn. Ter plaatse van uitritten wordt bij voorkeur gewerkt met verschillende verhardingssoorten en –kleuren. Mogelijk biedt de ontwikkeling van de locatie Duijts kansen voor verplaatsing van het aanwezige fitnesscentrum en/of samenwerking met andere soortgelijke activiteiten. Gezien de kwantitatieve behoefte aan parkeren is de G. Stoutweg niet de aangewezen locatie voor het fitnesscentrum. Het is de vraag of de voorgestelde maatregelen kunnen worden uitgevoerd op gemeentelijke gronden. Kennis van de actuele eigendomsverhoudingen is dan ook van belang. Bij het realiseren van de werkzaamheden moet aansluiting worden gezocht bij het materiaalgebruik en de vormgeving zoals deze voor het gehele terrein wordt gekozen; Herontwikkeling van het gebied kan, indien nodig gecombineerd worden met de herstructurering van de riolering; Routing vrachtverkeer. Representativiteit leef – en werkomgeving; Verkeersveiligheid / Duurzaam Veilig; Optimalisering ruimtegebruik.

Omschrijving

Aandachtspunten -

-

Duurzaamheidsaspecten -

Organisatie Kosten Planning

Gemeente Tiel P.M. Wordt opgenomen in de strategienota

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 44 van 55

Deelgebied Centraal

Projectsheet Situatie (knelpunt / mogelijkheid)

5.2.2

Profiel Oude Medelsestraat

Net als voor de G. Stoutweg geldt dat ook het profiel van de Oude Medelsestraat niet meer voldoet aan de huidige functie-eisen. Er is een onduidelijke scheiding tussen de diverse functies zoals parkeren en de eigenlijke weg en ook de staat van het wegdek en de gehele representativiteit van deze toch beeldbepalende doorgaande weg voldoet niet meer aan het gewenste toekomstbeeld. Het parkeren rond het bowlingcentrum/tennishal vormt een apart aandachtspunt. Het gehele profiel van de Oude Medelsestraat wordt vernieuwd. Hierbij zal rekening worden gehouden met: de toekomstige functie-eisen van de weg, en het onderscheid tussen deze functies. Hier gaat het om de scheiding tussen rijbanen, voetpaden en parkeervakken. de scheiding tussen private en publieke gronden en de mogelijkheid om ook de openbare ruimte langs de weg te verbeteren. De maatregelen kunnen mogelijk niet geheel uitgevoerd worden op gemeentelijke gronden. Kennis van de actuele eigendomsverhoudingen is dan ook van belang; Bij het realiseren van de werkzaamheden moet aansluiting worden gezocht bij het materiaalgebruik en de vormgeving zoals deze voor het gehele terrein wordt gekozen; De relatie met de plannen voor de hoofdontsluitingsstructuur van het bedrijventerrein moet goed in beeld worden gebracht; Herontwikkeling van het gebied, kan indien nodig, gecombineerd worden met de herstructurering van de riolering; Overleg bowlingcentrum/tennishal en schietvereniging over benutting parkeervoorzieningen. Routing vrachtverkeer. Representativiteit leef – en werkomgeving; Verkeersveiligheid / Duurzaam Veilig; Optimalisering ruimtegebruik; Duurzaam waterbeheer.

Omschrijving

Aandachtspunten -

-

Duurzaamheidsaspecten -

Organisatie Kosten Planning

Gemeente Tiel P.M. Wordt opgenomen in de strategienota

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 45 van 55

Deelgebied Centraal

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 46 van 55

6

Deelgebied Oost

6.1

Inleiding

In dit hoofdstuk wordt gedetailleerd ingegaan op de revitalisering van deelgebied Oost. In de onderstaande figuur is het deelgebied weergegeven

Deelgebied Oost

Deelgebied Oost wordt in het bijzonder gekenmerkt door de, in vergelijking met de andere deelgebieden, wat grotere bedrijven met een gemiddeld hogere milieucategorie. Daarnaast kan het deelgebied omschreven worden als een rommelig en matig onderhouden gebied, waarbij zowel de openbare ruimte als het gemiddelde private kavel aan kwaliteit te wensen over laat, uitzonderingen daargelaten. In bovenstaand figuur is overigens niet alleen het bedrijvengedeelte gearceerd weergegeven, maar ook de locatie van het woonwagenkamp is aangegeven. In dit gebied bevinden zich een woonwagenlocatie met 10 standplaatsen en een tweetal bedrijvenlocaties waarop dienstwoningen zijn toegestaan. Het gebied ligt vrij excentrisch ten opzichte van Latenstein, maar is qua ligging direct gerelateerd aan de opwaardering van Latenstein en de activiteiten op het Vijverterrein.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 47 van 55

Op de woonwagenlocatie zijn een aantal bewoners met bedrijfsactiviteiten actief. Het gaat dan o.a. om handel in oud ijzer en banden. Zij hebben mogelijk belangstelling om hiermee meer bedrijfsmatig verder te gaan. Dit is op de woonwagenlocatie niet mogelijk. De gemeente heeft momenteel geen concrete plannen om in kwalitatief en kwantitatief opzicht iets met de woonwagenlocatie te doen. Voor de woonwagenlocaties in Tiel wordt een woonwagenbeleid opgesteld. Eventuele toekomstige plannen zullen voortvloeien uit dit beleid. Op de twee bedrijvenlocaties, gelegen aangrenzend en ten noorden van de woonwagenlocatie, mogen bedrijfsmatige activiteiten plaatsvinden in combinatie met wonen. Momenteel wordt het meest noordelijk gelegen terrein in hoofdzaak gebruikt voor wonen. De gemeente vindt dit een ongewenste situatie en heeft hiervoor een handhavingstraject in gang gezet. In de toekomst moet dit terrein gebruikt gaan worden conform de voorwaarden van het vigerende bestemmingsplan. Aangrenzend aan deelgebied Oost is het Vijverterrein gelegen. Dit terrein is eveneens in een aantal deelgebieden opgedeeld. Het deel direct grenzend aan Latenstein is bestemd voor bedrijvigheid, al dan niet in combinatie met bedrijfswoningen. De door de initiatiefnemers voorgestane beeldkwaliteit is beduidend hoger dan de bestaande beeldkwaliteit in deelgebied Oost. Dit betekent vrijwel automatisch dat de beeldkwaliteit en de uitstraling van de zuidkant van deelgebied Oost moet verbeteren. Want het is namelijk vooral het zuiden van het deelgebied waarvoor een revitalisering hard nodig is.

Invloed Vijverterrein op Latenstein zuidoost

Een ander belangrijk aandachtspunt voor deelgebied Oost is de waterhuishouding. Door de ligging bij de dijk en de hoogte van de grondwaterstand is kwelwater een regelmatig voorkomend probleem aan deze kant van het terrein. Bij de aanpak van de wegprofielen en de openbare ruimte is het dan ook aan te bevelen extra aandacht te besteden aan de waterproblematiek en daar waar nodig een verbeteringsvoorstel te doen. Aanhaken bij de ideeën die voor het Vijverterrein zijn ontwikkeld, ligt voor de hand.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 48 van 55

6.2

Deelprojecten Oost 6.2.1 Heroriëntatie woonfunctie Latensteinseweg

Projectsheet Situatie (knelpunt / mogelijkheid)

Langs de Latensteinseweg zijn tal van woningen gelegen met op het achterterrein een verscheidenheid aan bedrijfsbebouwing. De verscheidenheid aan woon- en bedrijfsbebouwing geeft een onoverzichtelijk beeld van het gebied. Van een ruimtelijke en kwalitatieve eenheid is geen sprake. Een heroriëntatie op de woonfunctie wordt aanbevolen, mede in relatie tot de herontwikkeling van het Vijverterrein, indien de woningen niet langer als bedrijfswoning worden gebruikt. Bij de actualisatie van het bestemmingsplan is de bestaande woonbebouwing een apart aandachtspunt. Het feitelijk wegbestemmen van de woonfunctie (dus het geven van een andere bestemming aan de bestaande woonbebouwing dan een woonbestemming) is slechts mogelijk indien binnen de plantermijn (10 jaar) gegarandeerd is dat de woonfunctie ook daadwerkelijk zal verdwijnen. De bestaande woningen vallen dan bij inwerkingtreding van het bestemmingsplan onder het overgangsrecht. Indien het verdwijnen van de woonfunctie binnen de plantermijn niet gegarandeerd kan worden, is een andere bestemmingsplanmethodiek mogelijk, namelijk de zogenaamde ‘afsterfregeling’. Hoewel de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State niet meer akkoord gaat met een afsterfconstructie waarbij de oorspronkelijke bestemming van rechtswege vervalt, is het nog wel mogelijk om met gebruik van de wijzigingsbevoegdheid ex artikel 11 WRO, de woonbestemming om te zetten in een bedrijfsbestemming zodra de woonfunctie vrijvalt. De relatie met het Vijverterrein; Langdurige procedures; Planschade Intensief communicatietraject met betrokkenen; Het ontstaan van de mogelijkheid om eventuele bedrijfsverplaatsingen vanuit andere plaatsen op het terrein te stimuleren. Representativiteit leef – en werkomgeving; Optimalisering en intensivering van het ruimtegebruik.

Omschrijving

Aandachtspunten Duurzaamheidsaspecten Organisatie -

De gemeente Tiel dient bestemmingsplantechnisch de voorwaarden scheppen om wonen in de toekomst niet meer mogelijk te maken in het gebied. De ontwikkeling naar een aantrekkelijk vestigingsgebied met bedrijfsbebouwing welke past binnen het beeldkwaliteitsplan is echter een private aangelegenheid. Gemeente Tiel Wordt opgenomen in de strategienota

Kosten Planning

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 49 van 55

Projectsheet Situatie (knelpunt / mogelijkheid)

6.2.2

Braakliggende gronden Latensteinse rondweg

Aan de Latensteinse rondweg ligt een aantal kavels die gekenmerkt worden door leegstand van bebouwing, verwaarlozing van bebouwing of die in het geheel niet benut worden. Om het zuidoosten van Latenstein nieuw leven in te blazen een aan te sluiten bij de ontwikkeling van het Vijverterrein, zijn het juist deze kavels die heringericht, herontwikkeld of opgeknapt dienen te worden. Op het moment dat de braakliggende terreinen worden herontwikkeld, betekent dit een enorme impuls voor het terrein zelf en de directe omgeving. Dit uit zich in het bijzonder in de beeldkwaliteit van het terrein. Hoe minder verwaarloosde en braakliggende terreinen, hoe meer economische potentie het terrein uitstraalt. Het betreffen gronden in uitgegeven in erfpacht of privé-eigendom. De eigenaar (gemeente of particulier) moeten het initiatief nemen; De (her-)ontwikkeling dient aan te sluiten op de gewenste beeldkwaliteit; Vijverterrein. Verbeteren van de leef- en werkomgeving; Waarborgen en verbeteren van de representativiteit van het terrein; Invloed op stijl, imago en uitstraling van continuïteit van de Tielse bedrijvigheid.

Omschrijving

Aandachtspunten

Duurzaamheidsaspecten

-

Organisatie Kosten Planning

Particulier initiatief ondersteund door gemeente Tiel PM Wordt opgenomen in de strategienota

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 50 van 55

Projectsheet Situatie (knelpunt / mogelijkheid)

6.2.3

Profiel Latensteinse weg / - rondweg / -middenweg

De wegprofielen van de Latensteinseweg, de Latensteinserondweg en de Latensteinse Middenweg voldoen niet meer aan de huidige functie-eisen. Er is een onduidelijke scheiding tussen de diverse functies en ook de kwaliteit van het wegdek is matig tot slecht. Het gehele profiel van de drie straten wordt vernieuwd. Hierbij zal rekening worden gehouden met: de toekomstige functie-eisen van de weg, en het onderscheid tussen deze functies. Hier gaat het om de scheiding tussen rijbanen, voetpaden en parkeervakken. de scheiding tussen private en publieke gronden en de mogelijkheid om ook de openbare ruimte langs de weg te verbeteren. Wegdekverbeteringen; momenteel vertoont het wegdekken op diverse plaatsen tekenen van gebrek aan kwaliteit. De maatregelen kunnen mogelijk niet geheel uitgevoerd worden op gemeentelijke gronden. Kennis van de actuele eigendomsverhoudingen is dan ook van belang; Bij het realiseren van de werkzaamheden moet aansluiting worden gezocht bij het materiaalgebruik en de vormgeving zoals deze voor het gehele terrein wordt gekozen; De relatie met de plannen voor de hoofdontsluitingsstructuur van het bedrijventerrein moet goed in beeld worden gebracht; Herontwikkeling van het gebied, kan indien nodig, gecombineerd worden met de herstructurering van de riolering; Routing vrachtverkeer. Representativiteit leef – en werkomgeving; Verkeersveiligheid / Duurzaam Veilig; Optimalisering ruimtegebruik;

Omschrijving

Aandachtspunten -

-

Duurzaamheidsaspecten -

Organisatie Kosten Planning

Gemeente Tiel P.M. Wordt opgenomen in de strategienota

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 51 van 55

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 52 van 55

7

Doorkijk realisatie

7.1

Inleiding

In het laatste hoofdstuk van het revitaliseringsplan voor Latenstein wordt een doorkijk gegeven naar de realisatiestrategie die in de volgende fase van het project wordt opgesteld. Hierin zijn de diverse deelprojectvoorstellen uitgewerkt, financieel onderbouwd en in de tijd uitgezet. Ook wordt gekeken naar een stuk organisatie van de uitvoering en afspraken die hierover gemaakt kunnen en moeten worden. Daarnaast wordt extra aandacht geschonken aan de toepassing van parkmanagement en de implementatie van de diverse duurzaamheidsaspecten.
7.2 Realisatiestrategie

De realisatiestrategie zal zich richten op: • Uitwerking projecten die in het revitaliseringsplan worden geaccordeerd in kosten en opbrengsten, haalbaarheid en draagvlak; • Planning / Programmering (tijd en geld) van activiteiten en projecten; • Financiering onrendabele top van de revitalisering; • Organisatorische vormgeving uitvoering; • Betrekken van zittende bedrijfsleven bij oplossingen.
7.3 7.3.1 Van masterplan naar uitvoering Programmeren

Het programmeren van projecten en activiteiten is een belangrijk aspect in het revitaliseringstraject. Voor het uiteindelijke succes van de revitalisering is het uiterst belangrijk dat de revitaliseringsplannen zo snel mogelijk in concrete projecten en resultaten worden omgezet. Revitalisering is een kwestie van lange adem. Niet alles kan tegelijk worden gerealiseerd, maar de aandacht moet wel blijvend bij het project betrokken worden. Korte termijn successen zijn belangrijk om op de lange termijn ook te slagen. Zichtbare activiteiten en aanwijsbare voortgang moeten dit bewerkstelligen. Ook de ondernemers spelen hierin een belangrijke rol. Bedrijven plegen investeringen, mogelijk uitgelokt door de revitalisering. Deze investeringen kunnen een vliegwiel vormen in de programmering, zeker als bedrijven contact zoeken met elkaar en met de overheid om de bedrijfsinvestering in de tijd gezien af te stemmen met investeringen van anderen.
7.3.2 Financieren

De gemeente Tiel is een belangrijke partij, en daarmee ook een belangrijke financier, voor projecten die rechtstreeks invloed hebben op de kwaliteit van het openbaar gebied. Maar de gemeente is niet de enige. Het kan en mag niet zo zijn dat na afronding van het adviestraject de gemeente Tiel als enige overblijft om de uitvoering van de revitalisering te trekken. Daarvoor zijn noch de menskracht, noch de financiën toereikend. De plannen vragen ook om rechtstreekse input van andere partijen.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 53 van 55

Van de kant van de ondernemers op het terrein mag worden verwacht dat zij een belangrijke bijdrage leveren. Zij zijn de belangrijkste gebruikers van het terrein en de revitalisering is gericht op hun toekomst. Bedrijven leveren een bijdrage door te investeren in eigen kavel, na te denken over eventuele verplaatsing of door deel te nemen aan parkmanagement. De financiële bijdrage vanuit het bedrijfsleven valt in het kader van de realisatiestrategie slechts zeer beperkt te berekenen. Investeringen in beeldkwaliteit, intensivering van ruimtegebruik, deelname in parkmanagement of specifieke duurzaamheidsmaatregelen op individuele bedrijfskavels zijn moeilijk, zo niet onmogelijk van tevoren te berekenen, al was het maar door het ontbreken van inzicht in individuele ambities. Ook zijn er teveel individueel bepaalde factoren in het spel. Wel zijn op onderdelen kostenindicaties te geven die bedrijven kunnen helpen bij het bepalen van hun eigen revitaliseringstraject. In dit kader is het van belang te constateren dat revitalisering op het eerste gezicht een geweldige kostenpost lijkt, zonder directe baten. Echter, indien bedrijven de denkslag maken dat revitaliseringsingrepen onderdeel kunnen uitmaken van voorgenomen investeringsprogramma’s, met bijbehorende afschrijvingstermijnen, dan wordt de discussie veel meer van bedrijfseconomische aard. En investeren in het eigen onroerend goed levert een waardevermeerdering op, weliswaar op papier, maar in bedrijfseconomische zin toch interessant. Dit vergt wel afstemming en samenwerking tussen bedrijven, bijvoorbeeld op straatniveau. Hoe meer bedrijven meedoen, hoe zichtbaarder het positieve effect wordt en daarmee het totale effect op de waarde van het onroerend goed. Voor de gemeente geldt min of meer hetzelfde principe. Ook daar kunnen noodzakelijke investeringen onderdeel gemaakt worden van reguliere beheerprogramma’s. (Meerjaren)Begrotingen kunnen hierop specifiek worden afgestemd. Een tweede mogelijkheid betreft het eenmalig berekenen en vervroegd inzetten van de meeropbrengst uit de OZB die het gevolg is van de revitalisering. De meeropbrengst is op zich grofmazig te berekenen, uitgaande van de huidige situatie en het nader vaststellen van een aantal uitgangspunten omtrent de revitaliseringsinspanningen op het terrein. Tenslotte kan de gemeente in overleg met o.a. de provincie Gelderland bezien of aanvullend op de GSO-gelden, nog andere subsidiemogelijkheden op de revitalisering kunnen worden ingezet.
7.3.3 Organiseren

Praten over bovenstaande vraagt ook uitspraken over het organiseren van één en ander. In ieder geval moet de afstemming tussen de gemeentelijke inspanningen en de inspanningen van het bedrijfsleven geregeld worden. De vraag of dit ook vertaald moet worden in een aparte organisatie (juridische entiteit) waarin de gemeente en het bedrijfsleven participeren, wordt in dit revitaliseringsplan nog niet beantwoord. Wel zijn een paar zaken te overwegen. In ieder geval moet in de organisatie van de uitvoering duidelijk worden wie waarvoor verantwoordelijk is, zowel qua planning en aansturing, als qua financiering. Verder moet de organisatie zorgdragen voor het zoveel mogelijk uitbannen van ‘freeriders’, dat wil zeggen bedrijven en instanties die niet meebetalen aan, maar wel profiteren van, de revitalisering. Tenslotte moet de organisatie borg staan voor een goede communicatie en het bewaken, of beter gezegd handhaven, van het draagvlak.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 54 van 55

In het proces moeten één of meerdere herkenbare ‘trekkers’ een rol spelen. Zij moeten zorgdragen voor het tijdig mobiliseren van bedrijven om aan te haken bij investeringen in het openbaar gebied. Of andersom: de overheid attenderen op bedrijfsinvesteringen, met het oogmerk de overheid te laten aanhaken met investeringen in het openbaar gebied. Over de plek en functie van de ‘trekkers’ worden afspraken gemaakt in het kader van de realisatiestrategie. Een lichte vorm van samenwerken betreft het sluiten van een convenant tussen de overheid en het (georganiseerde) bedrijfsleven. Iedere partij committeert zich aan het uitvoeringsprogramma en voert met behoud van elke eigen verantwoordelijkheid en in eigen beheer de taken en werkzaamheden uit die zijn toebedeeld. In een overlegstructuur wordt de voortgang besproken en de afspraken zonodig gewijzigd of aangevuld. Een verdergaande vorm van samenwerking betreft het opzetten van een gezamenlijke projectorganisatie (projectbureau), waarbij voor het programmeren en organiseren van de uitvoering mensen vanuit de overheid en het bedrijfsleven worden samengebracht. Het projectbureau heeft geen eigen juridische status en zaken worden uitgevoerd onder verantwoordelijkheid van één of meerdere participerende partijen. Partijen financieren de projecten overeenkomstig de gemaakte afspraken (op papier vastgelegd). Nog een stap verder gaat het oprichten van een aparte juridische entiteit voor het uitvoeren van het revitaliseringsproject waarbij de deelnemende partijen financiën en zeggen schap inbrengen en de organisatie als het ware de opdracht geven de klus te klaren. Dergelijke constructies, zeker als sprake is van participatie van publieke en private partijen, vergen veel voorbereiding en heel veel wederzijds vertrouwen. Voor een dergelijke constructie is een zekere balans in (formele) macht en financiële belangen noodzakelijk. In het kader van de realisatiediscussie moeten keuzes voor de uitvoeringsorganisatie gemaakt worden. Vanuit het belang van de revitalisering de uitvoering effectief en efficiënt zijn. Hoe ingewikkelder de organisatie, hoe meer tijd en geld in organisatorische zaken gaat zitten, ten koste van de uitvoering. Binnen het OCT bestaan vergevorderde plannen voor een professionele parkmanagementorganisatie. Mogelijk dat deze organisatie een rol kan spelen bij de uitvoering van de revitaliseringsplannen. Wel moet bedacht worden dat de parkmanagementorganisatie betrekking heeft op meer bedrijventerreinen dan Latenstein alleen, terwijl in dit revitaliseringsproces het belang van Latenstein prioriteit heeft.

@ Grontmij

12010332, rev. 3 blad 55 van 55

Bijlage 1 Kaart Latenstein, inclusief straatnamen

@ Grontmij

12010332, rev. 3

Bijlage 1 Kaart Latenstein, inclusief straatnamen

@ Grontmij

12010332, rev. 3

Bijlage 2 Duurzaamheidsschema

@ Grontmij

12010332, rev. 3

Bijlage 2 Duurzaamheidsschema

Energie
Eis / voorwaarde
Beperken energiegebruik

Duurzaamheidsmaatregel

Toelichting, aandachtspunten

Consequenties voor of spanning met

Instrumenten

- Optimalisatie bedrijfsproces (schoner produceren) - Hergebruik van restenergie

- Collectieve warmtelevering / gebruik - Terreinverlichting

Energiebesparingsonderzoek (energiescan) Energie-extensivering Benutten restwarmte/koudebenutting Afspraken tussen onderlinge bedrijven Hoogrendementinstallaties Collectief inkoopverdrag, contractering energiemarkt, Inclusief percentage groenestroom Zuinig en efficiënt verlichtingsplan bv. zonnecollectoren, windenergie Voorschrijven BAT-processen in bedrijven Uitwisseling warmte via warmtepompen en uiwisselingsnet Buffering warmte of koude in de bodem (aquifer) Papier, hout, vergistingsprocessen

Clustering, bedrijfsverzamelgebouw

Wet Milieubeheer BP Milieuscans in uitgiftevoorwaarden Milieuvergunning / convenant

Lopende individuele contracten, afstemming energie- Beheer / Parkmanagement leveranciers. Sociale veiligheid, verkeersveiligheid Beheer / Parkmanagement

Stimuleren gebruik duurzame energiebronnen

Innovatieve technieken

- Efficiënte inzet fossiele brandstoffen - Toepassen windenergie / zonnecollectoren - Toepassen Bio-energie - Toepassen warmte uit asfalt

Hoge kosten Locatiekeuze vaak buiten terrein Indeling openbare ruimte, oriëntatie (zuiden) Innovatieve technieken

BP Milieuscans in uitgiftevoorwaarden Milieuvergunning / convenant BP , bebouwingshoogten en afstanden BP BP, Bestek / uitvoering

Afval
Eis / voorwaarde
Beperking hoeveelheid afval

Duurzaamheidsmaatregel

Toelichting, aandachtspunten

Consequenties voor of spanning met

Instrumenten

- Doorlichting van het bedrijfsproces - Industriële ecologie - Collectief afvalmanagement

Efficiëntie van de productie, hergebruik Hergebruik van reststoffen Gericht op preventie en hergebruik Lokale benutting voor opwekking energie Glas, papier, chemisch afval Afvalinzameling via een collectief contract tussen bedrijven / parkmanagementorganisatie en afvalinzamelaars. Gezamenlijke inzamelpunten, afvalbeheersinstallatie

Verandering traditionele werkwijze

Milieuvergunning, convenant

Monitoren afvalstromen

- Afvalscheiding - Collectief afvalinzameling

Verandering traditionele werkwijze, lopende individuele contracten en afstemming met afvalinzamelaars

Milieuvergunning, convenant

@ Grontmij

12010332, rev. 3

Bijlage 2 (vervolg 1)

Verkeer en vervoer
Eis / voorwaarde
Monitoren verkeer en vervoer en mobiliteitsstromen

Duurzaamheidsmaatregel
- Parkeernorm - Parkeren boven rangeerhof - Centrale parkeervoorziening - Volgtijdelijk gebruik van parkeerruimte (overdag personeel en weekend vrachtwagens) - Vervoersmanagement (begin met postcodeonderzoek bij uitgifte) - (Hoogwaardig) Openbaar vervoer - Collectief personenvervoer (personeelsbusjes) - Faciliteren carpoolen - Langzaam verkeer`routes (bij voorkeur vrijliggend) - Optimaliseren goederenvervoer: optimale (regionale) afstemming beladingsgraad, regionale vervoerscoördinatie voor het bundelen van goederenstromen - Centrale fietsvoorzieningen (douches, beveiligde stalling, reparatiewerkplaats) - Laad en loscode, situering laad- en losfunctie

Toelichting, aandachtspunten

Consequenties voor of spanning met
Intensief ruimtegebruik, bebouwingspercentage Innovatieve bouwwijze Verkaveling Soms overlap van gebruik Parkeernorm/ parkmanagement / fietsvoorzieningen Collectief personenvervoer, parkeernorm HOV, parkeernorm, vervoermanagement Parkeernorm Efficiënt ruimtegebruik Onderlinge afstemming bedrijven

Instrumenten
BP BKP BP BP Uitgifte (onderzoek/bedrijfscan) Beheer / parkman. BP, overleg openbaar vervoerder BP, beheer / parkmanagement BP BP BP, Convenant

Goede busverbinding, Bushaltes op loopafstand

Parkeernorm Gezamenlijke voorziening en voor parkeren, laden en lossen, centrale wachtplaats voor vrachtwagens om blokkeren van wegen met wachtende wagens te voorkomen Verkavelingsplan

BP, Bouwvergunning BP, Parkeerverboden

- Gezamenlijk servicestation (tankstation, wasplaats & onderhoudsgarage) - Bewegwijzeringssysteem - Multimodaaloverslagpunt

Verkavelingsplan eenduidig bewegwijzeringsysteem voor het bedrijventerrein Overslag van goederen tussen verschillende modaliteiten (water, weg en spoor)

BP Parkmanagement

Afhankelijk van segmentering bedrijventerrein

BP

Bevorderen verkeersveiligheid

Divers: Eenrichtingswegen, Duurzaam veilig principes Beperken aantal inritten, Voorkomen rangeren, laden/lossen en parkeren op de rijbaan

Verkavelingsplan en lokaliseren parkeerplaatsen

BP, BKP, Bouwvergunning Parkeerverboden

@ Grontmij

12010332, rev. 3

Bijlage 2 (vervolg 2)

Bodem, Water en Groen
Eis / voorwaarde
Monitoren van bodem, water en groen

Duurzaamheidsmaatregel
- Toepassen gesloten grondbalans / benutten bodempotentie

Toelichting, aandachtspunten
Partiële/selectieve ophoging Cunettenmethode Bestemming afstemmen op draagkracht bodem en grondwaterpeil

Consequenties voor of spanning met
Archeologische waarden

Instrumenten
BP, Bestek

- Bouwen op verontreinigde grond binnen milieuhygiënische voorwaarden - Vermijden archeologisch waardevolle locaties

Flexibiliteit, angst voor mogelijke emissies Aanvullend archeologisch onderzoek Kruipruimtevrij bouwen in archeologisch waardevolle gebieden. Speciale funderingstechnieken toepassen in arch. waardevolle gebieden Verbeterd gescheiden stelsel met afkoppeling "schone" neerslag Tweede watersysteem met opslag en distributie van hemelwater en grijswater voor laagwaardige toepassingen (proceswater, sanitair, bluswater) Ondergronds bouwen Meerlaags bouwen

BP, Bestek BP Bouwvergunning Aanlegvergunning

- Riolering - Grijs watersysteem

Ruimtebeslag voor opvang hemelwater Afstemming leidingbeheerders

BP, Rioleringsplan/Bestek BP, Milieuvergunning, Convenant

- Infiltratie hemelwater door beperken verhard oppervlak en toepassen permeabele verharding - Gezamenlijke blusvoorziening (sprinkler) op basis van oppervlaktewater - Waterbesparing - Zuivering op locatie

- Benutten natuurlijke potenties waterlopen

Opslag van hemelwater ten behoeve van sprinklerinstallatie Waterbesparende voorzieningen binnen bedrijven/bedrijfsprocessen toepassen Zuivering van vuilwaterstromen op het bedrijventerrein/kavel voor laagwaardige toepassing (proceswater, sanitair, bluswater) Natuurvriendelijke oevers en duikers Peil afstemmen op ecologische functie Breng een ecologische netwerk aan Breng variatie in groen- en waterelementen Maak gebruik van gradiënten Maak gebruik van inheemse vegetatie Geconcentreerd groen (met min. oppervlakte) i.p.v. snippergroen Pas gevelbegroeiing toe Bevorder muurplanten Toepassen vegetatiedaken Bevorder gelegenheid voor broeden (nestelvoorzieningen) en verblijven Beheer afstemmen op ecologische functie (maairegime)

Afhankelijk van aantal vervoersbewegingen op het BP, Bouvergunning/Convenant oppervlak i.v.m. mogelijke vervuiling Relatie met geschakelde gebouwen en sprinklerinstal- BP, Bouwvergunning latie Innovatieve bouwwijzen/installaties BP, Bouvergunning/Convenant Afstemming met zuiveringsschap BP , Rioleringsplan Milieuvergunning/Convenant BP, Groen/Waterplan

Ecologische functie versus water(af)voerende functie. Groter ruimtebeslag bij natuurvriendelijke oevers

- Groenstructuur

Watersysteem, beeldkwaliteit

BP, Groen/Waterplan

Beeldkwaliteit en houding ondernemers Arbeidsintensief beheer nodig om onkruid te verwijderen

BP, Beheer/Parkmanagement BP, Beheer/Parkmanagement

- Introduceer een meer ecologisch beheer - Geen bestrijdingsmiddelen openbaar groen

@ Grontmij

12010332, rev. 3

Bijlage 2 (vervolg 3)

Leefomgeving
Eis / voorwaarde
Garanderen van de veiligheid van de leefomgeving

Duurzaamheidsmaatregel
- Bevorderen sociale veiligheid en voorkomen criminaliteit

Toelichting, aandachtspunten
Gezamenlijke bewakingsdienst op het terrein en samenwerkingsprotocol met brandweer en politie Open inrichtingsstructuur Preventieve maatregelen

Consequenties voor of spanning met
Verlichting en beveiliging

Instrumenten
Beheer / parkmanagement

- Beperken brand – en explosiegevaar

Voorschriften en regelgeving en ivm bijvoorbeeld de gezamenlijke blusregeling

BBSB, BP, Beheer / parkmanagement Nationaal milieubeleidsplan BP Milieuvergunning BP, BKP, Uitgifte

Voorkomen en beperken van emissies naar lucht, bodem en water

- Interne en externe milieuzonering - clustering

Beperken hinder t.o.v. gevoelige functies en onderlin- Flexibiliteit in plan en uitgifte wordt beperkt ge hinder Clusteren van bedrijven teneinde ruimte te winnen en bedrijfsprocessen af te kunnen stemmen en industriële netwerken tot stand te brengen. Clustering verhoogt ook de beheersbaarheid van de desbetreffende bedrijven.

Waarborgen van de ruimtelijke kwaliteit (ook: behoud van natuur en landschappelijke waarden)

- Selectiever omgaan met categorie 1 en 2 bedrijven

- Waarborgen van de beeldkwaliteit

BP Minder milieubelastende bedrijvigheid kan goed met Bedrijven willen niet altijd in woonwijk vestigen andere functies worden gecombineerd (de vitale wijk, (angst voor bezwaren / klachten en beperking in bedrijfsvoering). Ook bewoners kunnen soms bedencomplete stad) kingen hebben. Tevens afhankelijk van de grootte van het bedrijf. - Invloed op architectuur, stijl, ontwerp, terreininrich- De ontwerper en de gebruiker. Het bedrijf moet func- BP, Welstand, Parkmanagement / Beheer tioneel zijn en tegelijk ook een bepaalde uitstraling ting, groenstructuur, etc hebben. - Stedenbouwkundige structuur afstemmen op natuurlijk systeem en biotopen. - Waardevolle gebieden aansluiten op het buiten gebied (stepping stones, groene corridors)
- Groen op bedrijventerreinen relateren aan ecologische structuur in omgeving

- instandhouden / verbeteren aanwezige natuur

- Behouden, versterken, vernieuwen regio-identiteit Rekening houden met werkgelegenheid, onderwijs en zorg - divers

- Kunstmatige ingrepen aan gebouw delen: - Reliëf in wanden, grasdaken, vleermuis – en vogelbehuizing. - Corridorbeplanting creëren voor ecologische verbindingen - in beplanting veel beschutting voor dieren opnemen - rekening houden met structuren en patronen Bereidheid om te participeren aan collectieve voorzieningen. Door collectieve voorzieningen is er een hogere kwali- Terreininrichting; denk aan: teit haalbaar voor gezonde arbeidsverhoudingen Kinderopvang, fitnessruimte, horecafaciliteiten, getussen werkgevers en werknemers zondheidsdienst, sportvoorzieningen, etc.

BP Koppeling met groenstructuurplan Aanlegvergunningenstelsel Gebruiksvoorschriften Regels mbt afstanden en hoogten Gronduitgifteovereenkomst

BP BP, parkmanagement / beheer

@ Grontmij

12010332, rev. 3

Bijlage 2 (vervolg 4)

Efficiënt ruimtegebruik
Eis / voorwaarde
Stimuleren van meervoudig ruimtegebruik

Duurzaamheidsmaatregel
- Bouwen in meerdere lagen

Toelichting, aandachtspunten
bv. hanteren min. Bouwhoogten

Consequenties voor of spanning met
Hoge gebouwen hebben meer impact op de omgeving, meerlaags bouwen kan tot hogere bouwkosten leiden, ook sterk afhankelijk van segment Hogere bouwkosten, grondwaterpeil, archeologische waarden, arbo-eisen Brandveiligheid en groenstructuur in openbaar gebied en niet op eigen terrein. Bedrijven kunnen zich niet met een bedrijfspand profileren Hogere bouwkosten

Instrumenten
BP, BKP, Grondprijs, Bouwvergunning

- Ondergronds bouwen - Schakelen van bedrijfsgebouwen - Bedrijfsverzamelgebouwen met gezamenlijke voorzieningen - Stapelen van functies

Beneden maaiveld functies realiseren Koppelen van (bedrijfsgebonden) bedrijven op het maaiveld (twee-onder-een-kap)

BP, Bouwvergunning, convenant BP, BKP, Bouwvergunning BP, BKP, Bouwvergunning BP, BKP, Bouwvergunning

- Hanteren min. Bebouwingspercentage - Hanteren Floor Space Index (minimale maat) - Limiteren strategische reserve

- Gezamenlijke voorzieningen voor laden en lossen (rangeerhof) - Benutten milieuzones - Optimale benutting vierde dimensie (tijd) door functiemenging en verlenging (werk)tijden - Optimale benutting vijfde dimensie (functie) door functiemenging binnen dezelfde werktijden - Bouwen op verontreinigde grond binnen milieuhygiënische randvoorwaarden Stimuleren van flexibel ruimtegebruik - Verticale uitbreidingsruimte

Situeren van kantoren, opslag en parkeren op andere bedrijfsgebouwen of boven rangeerhoven, parkeerruimtes en infrastructuur Percentage van gebouwde voorzieningen Verhouding oppervlakte bedrijfsvloeroppervlak en oppervlakte kavel Limiet te stellen aan % strategische reserve en een gebruiksplicht over een bepaalde termijn vast te stellen. Ook mogelijk: gezamenlijke reservecapaciteit voor uitbreiding in ruimtelijk plan waarbij tijdelijk gebruik van gezamenlijke reserveruimte mogelijk is. Meerdere bedrijven maken gebruik van hetzelfde rangeerterrein Benutten van zones nabij/onder/op (hoogspannings)leidingen en (spoor)wegen Bijvoorbeeld onderwijs of sport in vergaderruimten na normale werktijden m2-gebruik in combinatie tot de functie. Tegelijkertijd het bundelen van meerdere functies in één of meerdere ruimten

Parkeervoorzieningen Sterk gebonden aan bepaald segment Verkavelingsplan

BP BP, bouwvergunning, convenant Uitgiftevoorwaarden

Verkavelingsplan Veiligheidsvoorschriften en zakelijk recht Beveiliging Beveiliging

BP BP Parkmanagement Parkmanagement

Voorschriften en regelgeving

BP, bouwvergunning

- Flexibel bouwen, duurzaam bouwen

- Verkaveling (flexibel verkavelen)

- Ruimtereservering voor aanvullende ondergrondse infrastructuur

Bij de bouw van het bedrijfspand dakconstructie dimensioneren op toekomstige uitbreiding in de hoogte Bedrijfspand is voor meerdere doeleinden bruikbaar. Toepassen technieken voor flexibel en demontabel bouwen Rekening houden met uitbreidingsmogelijkheden en opsplitsen in kleinere eenheden bij ontwerp. Kavelgrootte en – vorm afstemmen op ander gebruik strategische reserve of bij vestiging van nieuw bedrijf (aanvullend op bestaande bebouwing) Ondergronds infrastructuur voor grijswaternet of tussen een aantal bedrijven uitwisseling van stromen (warmte, stoffen, water)

Hogere bouwkosten bij start (is voldoende kapitaal aanwezig) Innovatief bouwen i.p.v. traditioneel bouwen

BP, Bouwvergunning

BP, BKP, Bouwvergunning

Flexibiliteit in uitgifte

BP, BKP

Afstemming met leidingbeheerders

BP

@ Grontmij

12010332, rev. 3

Bijlage 2 (vervolg 5)

Beheer / Parkmanagement Duurzaamheidsmaatregel
Eis / voorwaarde
Het behouden c.q. vergroten van de - Terreinbeheer terreinkwaliteit en het creëren van een optimaal terreinbeheer - Facilitymanagement

Toelichting, aandachtspunten
Parkeren, bewegwijzering, verlichting, straatmeubilair, inrichting private buitenruimte, beheer en onderhoud private en openbare buitenruimte

Consequenties voor of spanning met
Wordt soms als (te) vernieuwend concept ervaren

Instrumenten
Gronduitgifte

- Utilitymanagement - Ontwikkelingsmanagement

Beveiliging, gebouwonderhoud en schoonmaak, afvalinzameling afvaldepot, vervoersmanagement, inkoop/verhuur van materialen, catering, kinderopvang, sport/recreatie, shoppingservice, winkels, bancaire, post en vergadervoorziening, flexibele kantoorruimte, intermediair samenwerking in bedrijfsmiddelen.
Afvalwatermanagement, ICT, energiemanagement, watermanagement, afvalmanagement Kennisuitwisseling, bedrijfsinnovatie, starters-, innovatie-, kenniscentrum, uitvoering regionaal sociaaleconomisch beleid, public affairs, arbeid/personeelsontwikkeling, bemiddeling Promotie & PR, (tijdelijke) bedrijfsruimten (intermediair), ruilverkaveling, aantrekken nieuwe bedrijven, leaseconcepten Centraal aanspreekpunt bij bedrijven realiseren)

Wordt soms als (te) vernieuwend concept ervaren

Gronduitgifte

Wordt soms als (te) vernieuwend concept ervaren Wordt soms als (te) vernieuwend concept ervaren

Gronduitgifte Gronduitgifte

- Vestigingsmanagement

Wordt soms als (te) vernieuwend concept ervaren

Gronduitgifte

- Verplicht lidmaatschap aan beheerorganisatie / bedrijventerreinvereniging

- Parkmanagementorganisatie met parkmanager

Organisatie die zorgdraagt voor het beheer van het bedrijventerrein (in verschillende gradaties mogelijk)

Wordt soms als (te) vernieuwend concept ervaren ondernemers krijgen soms het idee dat zij iets verplicht krijgen opgelegd, waarom zij helemaal niet hebben gevraagd Wordt soms als (te) vernieuwend concept ervaren

Gronduitgifte

Gronduitgifte

@ Grontmij

12010332, rev. 3

Bijlage 2 (vervolg 6)

Diversen
Eis / voorwaarde
Diversen

Duurzaamheidsmaatregel

Toelichting, aandachtspunten

Consequenties voor of spanning met

Instrumenten
BP , bestek Beheer/Parkmanagement Milieuvergunning BP, Milieuvergunning BP Uitgiftebeleid, -voorwaarden, -criteria

- ICT-infrastructuur aanleggen - Bevorderen sociale veiligheid en voorkomen criminaliteit - Gespreide werktijden in dienstverlening - Minimaal twee ploegendiensten in groothandel, productie en logistiek - Combinatie wonen en werken voor zover geen beperkingen voor de bedrijven - Breng flexibiliteit in het bestemmingsplan Globale bestemmingen, vrijstellingen, wijzigingsbevoegdheden dubbelbestemmingen - Gronduitgifteprotocol - Matchmaking vertreklocatie De (on)mogelijkheden van de vertreklocatie van het bedrijf betrekken bij de gronduitgifte (package deal: nieuwe kavel koppelen aan eisen vertreklocatie) Grondprijs afhankelijk stellen van type kavel en af- Inzetten grondprijs als instrument hankelijk stellen van duurzaamheid-smaatregelen Met uitgifte in erfpacht is meer (privaatrechtelijke) zeggenschap over gebruik van gronden mogelijk - Uitgifte in erfpacht

Verlichting en beveiliging Innovatieve aanpak Overlast gedurende avond- en nachtperiode Bewoners en bedrijven kunnen bedenkingen hebben Duurzaamheidsmaatregelen mogen niet in het gedrang komen Looptijd van gronduitgifteprocedure Vraagt tijd, geduld, takt en inzet

Uitgiftevoorwaarden

Uitgiftevoorwaarden Wijziging eigendomssituatie t.o.v. traditionele uitgifte Uitgiftevoorwaarden Parkeren en groenstructuur Wijziging eigendomssituatie t.o.v. traditionele uitgifte. Bestemming overige gronden is aandachtspunt BP, Uitgifte(voorwaarden)

- Alleen de footprint uitgeven

@ Grontmij

12010332, rev. 3

Bijlage 3 Overzicht vergunningen

@ Grontmij

12010332, rev. 3

Bijlage 3 Overzicht vergunningen

Activiteit/ toekomstige functie Bouwactiviteiten
Oppervlaktewater Dempen watergangen In bodem/water brengen oppervlaktewater Lozen bronneringswater Aansluiten riolering Graafwerkzaamheden Verwerking verontreinigde grond Slopen opstallen

Van toepassing zijnde wet

Vergunningsplicht

Procedure termijn

Bevoegd gezag

Wet op de waterhuishouding en Waterschapswet Ontgrondingenwet Wbb Gemeentewet + Bouwverord. Tiel ’03

Keurontheffing

Max. 3 mnd

Waterschap Rivierenland

Ontgrondingsmelding Ontgrondingsvergunning Sloopvergunning

6 mnd

GS

12 weken + 6 weken na verdaging

Gemeente Tiel

Verharding verwijderen

Gemeentewet

Besluit opheffen openbare wegen en APV ontheffing Aanlegvergunning

8 weken

Gemeente Tiel

Aanleg verharding

Wro

Besluit best. Open. Weg (als het goed is in BP geregeld)

4 weken (behoudens aanhouding) 3 mnd

Gemeente Tiel

Wegenwet Verwijderen begroeiing In werking hebben van een bouwterrein en/of pompen Bronneren/bemalingen Lozing bronneringswater Bouwactiviteiten Grondwaterwet Wet verontreiniging oppervlaktewateren Woningwet Bouwvergunning Melding GW onttrekking Lozingsvergunning Gemeentewet/Boswet Wet milieubeheer Wm-vergunning Kapvergunning

Gemeente Tiel Gemeente Tiel Gemeente Tiel Provincie Gelderland Waterschap Rivierenland Gemeente Tiel

4 mnd 6 mnd 3 mnd 6 mnd 12 weken + 6 weken na verdaging

Aansluiten (bouw)wegen Aanvoer bouwstoffen Leidingwerk Rioleringen Gas- en waterleidingen Bouwwerken t.b.v leidingen Kabelwerk Telecommunicatie

Wegenverkeerswet/Gemeentewet Meldingen krachtens Bouwstoffenbesluit Wvo Belemmeringewet privaatrecht Woningwet Wro Telecommunicatiewet

Gemeentelijke ontheffing meestal via APV Bsb-melding

8 weken 8 weken

Gemeente Tiel Gemeente Tiel

Lozingsvergunnning Opleggen gedoogplicht Melding/bouwvergunning Vrijstellingsbesluit Registratie, vergunning, melding Overeenstemming

max. 6 mnd 1 mnd 1 mnd 4 mnd 2-3 mnd

Gemeente Tiel Private partijen Gemeente Tiel Gemeente Tiel (grond) eigenaar en beheerder kabel

Overig kabel- en leidingenwerk

Privaatrecht (BW)

(grond) eigenaar en beheerder kabel

@ Grontmij

12010332, rev. 3