Ruimte voor vestiging van bedrijven in de gemeente Borger-Odoorn.

Notitie over bedrijventerreinen in gemeente Borger-Odoorn.

December 2001

1

In de beleidstoelichting is bij de begroting 1999 het voornemen opgenomen een notitie bedrijventerreinen op te stellen. Deze notitie moet o.a. inzicht geven in het huidige aanbod van bedrijventerreinen in de gemeente Borger-Odoorn, de vraagontwikkeling, de typering, de gewenste beleidsrichting en de uitbreidingsmogelijkheden. In deze notitie wordt op deze aspecten ingegaan.

2

Inhoud I Inleiding 1.1. Aanleiding 1.2. Een notitie bedrijventerreinen II Het bestaande aanbod en de vraagontwikkeling 2.1. Het bestaande aanbod in de gemeente Borger-Odoorn 2.2. De vraagontwikkeling III Typering van bedrijventerreinen 3.1. Inleiding 3.2. Licht industrieel bedrijventerrein 3.3. Gemengde bedrijventerreinen 3.4. Hoogwaardige bedrijventerreinen 3.3. Dag- en verblijfsrecreatieve bedrijventerreinen IV De gewenste beleidsrichting 4.1. De gewenste beleidsrichting 4.2. Het zandgedeelte 4.3. Het veengedeelte V Het bestaande aanbod, uitbreidingsmogelijkheden en nieuw te ontwikkelen bedrijventerreinen 5.1. Het bedrijventerrein De Drentse Poort te Nieuw-Buinen 5.1.1. Uitbreidingsmogelijkheden 5.2. Industrieterrein Nieuw-Buinen 5.2.1. Uitbreidingsmogelijkheden 5.3. Bedrijventerrein De Strengen te Borger 5.3.1. Uitbreidingsmogelijkheden 5.4. Bedrijventerrein Noorderkijl te 2e Exloërmond 5.4.1. Uitbreidingsmogelijkheden 5.5. Bedrijventerrein “De Kavelingen” (werknaam) te Valthermond 5.5.1. Uitbreidingsmogelijkheden 5.6. Het bedrijventerrein nabij N34 5.7. Het activiteitencentrum “Dunedain” Borger 5.8. Het toeristisch project Borger (Strijkijzer) 5.9. Vestigingsmogelijkheden binnen de lintbebouwing en op kruisingen 5.10. Vestigingsmogelijkheden in vrijkomende boerderijen 5.11. Overige terreinen 5.12. Afstemming van het aanbod op de vraag 5.13. Beheer bedrijventerreinen 5.14. Effecten op de werkgelegenheid VI Conclusies en aanbevelingen 6.1 Conclusies 6.2 Aanbevelingen Bijlagen

Blz 3 4 6

8

10

16 20

3

Hoofdstuk 1

Inleiding

1.1. Aanleiding In het kader van de gemeentelijke herindeling in de provincie Drenthe in 1997 is besloten de gemeenten Borger en Odoorn per 1 januari 1998 samen te voegen tot de gemeente BorgerOdoorn. In deze nieuwe gemeente bevindt zich een grote diversiteit van bedrijven. Ze zijn overwegend kleinschalig van karakter. Ruim 1100 (heel Drenthe: 23.794) daarvan zijn ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Een aantal van deze bedrijven is gevestigd op de in de gemeente aanwezige bedrijventerreinen: de Drentse Poort in Nieuw-Buinen, het Industrieterrein Nieuw-Buinen, het bedrijventerrein De Strengen te Borger, het bedrijventerrein Noorderkijl te 2e Exloërmond en het bedrijventerrein De Kavelingen in Valterhmond Oost. Het Industrieterrein in Nieuw-Buinen is al enige jaren geleden vol gebouwd. De beschikbare kavels van het bedrijven-terrein Noorderkijl zijn met name in de jaren 1996 en 1997 verkocht en de kavels van De Strengen zijn uitgegeven in de jaren 1998 t/m 2001. Dit geldt ook voor De Drentse Poort. Er zijn op dit moment geen kavels meer beschikbaar terwijl er veel vraag is naar lokaties waarop ( kleinschalige) bedrijven zich kunnen vestigen. Er zijn ook geen kavels meer beschikbaar waarop naast of aan het bedrijf het bouwen van een woning is toegestaan. Er moet dus “nee” worden verkocht. Het beperkt de groeimogelijkheden van met name de gevestigde bedrijven. Gewenste of noodzakelijke bedrijfsverplaatsing van lokale bedrijven of bedrijven uit de regio wordt door een gebrek aan geschikte lokaties belemmerd. Deze ontwikkeling heeft een negatief effect op de werkgelegenheid. Tegen verplaatsing van bedrijven naar de zogenaamde streekcentra, b.v. Emmen, Assen of Hoogeveen, zoals genoemd in het Provinciaal omgevingsplan (POP) bestaat weerstand: ondernemers van kleinschalige bedrijven voelen zich niet thuis op een grootschalig bedrijventerrein. Het gaat hierbij veelal om lokale, aan de kern gebonden en historisch gegroeide bedrijven. Tengevolge van de toenemende congestie in West- en Midden Nederland zal de vraag naar lokaties van bedrijven die zich in het Noorden willen vestigen alleen maar toenemen. Voorts zal het tekort aan bedrijventerreinen worden vergroot door de te verwachten positieve effecten op de economische ontwikkeling in het Noorden door de plannen die de provincie Drenthe in het kader van het Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN) ontwikkelt met inzet van o.a. zogenaamde Kompasgelden. 1.2. Een notitie bedrijventerreinen Om aan de vraag naar bedrijfslocaties te kunnen (blijven) voldoen zullen de bestaande bedrijventerreinen moeten worden uitgebreid of nieuwe worden ontwikkeld. De mogelijkheden en de gewenste beleidsrichting zijn in de voorliggende notitie met de titel “Ruimte voor de vestiging van bedrijven in de gemeente Borger-Odoorn” opgenomen. Ter onderbouwing van voorstellen tot uitbreiding en aanleg van nieuwe vestigingslokaties voor bedrijven wordt in hoofdstuk I, in algemene zin, ingegaan op bestaande aanbod en de vraagontwikkeling naar bedrijventerrein in de afgelopen jaren. In hoofdstuk III wordt inzicht gegeven in de typering van bedrijventerreinen en in hoofdstuk IV wordt de gewenste beleidsrichting aangegeven. In het laatste hoofdstuk V wordt specifiek ingegaan op de uitbreidingsmogelijkheden van het bestaande aanbod en nieuw te ontwikkelen bedrijventerreinen. De bedrijfsterreinen met een toeristisch-recreatief karakter zijn hierbij eveneens opgenomen. De reden daarvan is dat de sector recreatie en toerisme, naast landbouw, midden en kleinbedrijf, handel en industrie, een belangrijke economische drager vormt in de gemeente en een substantieel deel van de directe en indirecte werkgelegenheid genereert. De voorstellen zullen - in principe - moeten passen in het door de provincie in 4

december 1998 vastgestelde Provinciaal omgevingsplan (POP). De voorstellen tot uitbreiding zijn – indicatief - aangegeven op een plattegrond en als bijlagen toegevoegd.

5

Hoofdstuk II

Het bestaande aanbod en de vraagontwikkeling

2.1. Het bestaande aanbod in de gemeente Borger-Odoorn In de gemeente Borger-Odoorn is thans circa 42 ha. aan bedrijventerrein (zie bijlagen). Het grootste deel van het aantal hectaren is bestemd voor vestiging van zogenaamde gemengde bedrijven. De activiteiten van de bedrijven die zich op deze lokaties hebben gevestigd bestaan vooral uit bouwnijverheid, handel en distributie, transport en zakelijke dienstverlening. Het overige deel van het aantal hectaren wordt bezet door bedrijven die als lichtindustrieel kunnen worden aangemerkt. Bij bedrijventerreinen gaat het niet alleen om de kwantiteit maar ook om de kwaliteit van het (gewenste) aanbod. Bij de aanleg is zo veel mogelijk rekening gehouden met aspecten als goede bereikbaarheid, parkeermogelijkheden, aanwezigheid van voorzieningen in de directe omgeving, aanwezigheid van andere bedrijven en geschikte kavelgrootte. De vestigingskosten zijn relatief laag. Daarnaast wordt voor een vlotte afhandeling van vestigingsprocedures zorggedragen. Bekend is dat bedrijventerreinen op een zichtlokatie erg in trek zijn bij het bedrijfsleven. Deze lokaties zijn in de gemeente Borger-Odoorn slechts beperkt aanwezig. Verder is in de gemeente een aantal lokaties waar zich bedrijven hebben gevestigd met een toeristisch - recreatief karakter. In bestemmingsplannen staat aangegeven voor welke activiteiten de terreinen bedoeld zijn. De verschillende bedrijfsactiviteiten worden voor een belangrijk deel bepaald door de (in relatie met het bestemmingsplan) toegestane milieu categorieën. Dit geldt ook voor de geluidsbelasting. 2.2. De vraagontwikkeling In de periode 1995-1999 is in de provincie Drenthe gemiddeld circa 27 ha per jaar bedrijventerrein uitgegeven. In de gemeente Borger-Odoorn is over die periode gemiddeld circa 2 ha verkocht. In 2000 is , evenals in 1999, 2.3 ha verkocht. De vraag naar vestigingslokaties is over genoemde periode belangrijk toegenomen. Dit is met name een gevolg van de gunstige economische ontwikkeling. Daarnaast is er duidelijke sprake van een tendens dat bedrijven zich vestigen op bedrijventerreinen. Belangrijke overwegingen tot vestiging op een bedrijventerrein zijn de bereikbaarheid en de mogelijkheid tot uitbreiding. Het grootste deel van de lokaties is de laatste jaren verkocht aan bedrijven die al in de gemeente gevestigd waren. Verder is grond verkocht aan (verplaatste) bedrijven uit de regio en, meer uitzondering dan regel, aan nieuwe bedrijven die zijn verhuisd vanuit West-Nederland. De verplaatsing van bedrijvigheid uit deze gebieden naar het Noorden is van belang voor de groei van de werkgelegenheid in onze regio. Het is dus gewenst om aan deze bedrijven een vestigingsplaats te kunnen (blijven) bieden. Uit de geregistreerde bedrijfscontacten vanaf 1998 tot heden blijkt dat niet aan de vraag naar bedrijfslokaties kan worden voldaan. Het blijkt bijvoorbeeld dat vooral kleinere bedrijven uit de sectoren handel, bouw en industrie belangstelling hebben voor vestiging op een bedrijventerrein waarop een bedrijfswoning is toegestaan. Deze vraag is vooral afkomstig van het lokale bedrijfsleven en van het bedrijfsleven uit de regio. Voor deze lokaties is inmiddels een flinke wachtlijst ontstaan. Het is daarom voor de aan de lokale kern gebonden en historisch gegroeide bedrijvigheid van belang dat, naast lokaties voor de bedrijven uit de regio, in de gemeente voldoende ruimte voor vestiging beschikbaar is. Verder blijkt uit de registratie dat er vraag is naar lokaties waar bedrijven zich kunnen vestigen met een lichtindustrieel karakter. Vestigingsmogelijkheden voor dit type bedrijf zijn niet of nauwelijks aanwezig. Daarnaast blijkt er een tekort te zijn aan bedrijventerreinen met een hoogwaardig karakter, de zogenaamde zichtlokaties. Tenslotte blijkt dat er vraag is naar terreinen voor vestiging van bedrijven die zich 6

(gaan) richten op de sector recreatie en toerisme. Op grond van de toegenomen vraag kan worden aangenomen dat indien er voldoende aanbod zou zijn geweest gemiddeld meer bedrijfslokaties zouden zijn verkocht boven het huidige gemiddelde van 2,3 ha. De verwachting is dat, bij een gelijkblijvende economische ontwikkeling, de vraag naar bedrijventerreinen zich de komende jaren zal voortzetten. Deze verwachting is gebaseerd op het gemiddeld aantal (geregistreerde) keren per jaar dat door ondernemers is geïnformeerd naar vestigingsmogelijkheden en het gemiddeld aantal benodigde m2 bedrijventerrein. Er wordt met name gevraagd naar kavels ter grootte van gemiddeld circa 2.500 m2. Uitgaande van de gemiddelde verkoop van circa 2 ha per jaar en een gewenste constante voorraad van circa 8 ha ( berekend is: 4 x de gemiddelde jaarlijkse uitgifte over de jaren 1995 t/m 2000*) zou per jaar gemiddeld circa 10 ha constant beschikbaar moeten zijn. Om hier aan te kunnen voldoen zal in de jaren 2001-2006 circa 20 ha**bedrijventerrein moeten worden gerealiseerd. Deze notitie is er op gericht om hieraan te voldoen. In de loop van 2000 is hiermee reeds een begin gemaakt. * Uit (ontwerp) nota bedrijventerreinen provincie Drenthe 2001 ** (8ha cv+2 ha verk.)+(2ha x5 jr)

7

Hoofdstuk III

Typering van bedrijventerreinen

3.1. Inleiding De vestigingmogelijkheden op bedrijventerreinen kunnen worden afgebakend door aan de terreinen een typering te geven. Zo kan een bedrijventerreinen worden aangemerkt als licht industrieel, gemengd, hoogwaardig of zwaar industrieel. Bij de laatst genoemde gaat het om activiteiten van bedrijven die vallen in de milieucategorie 5 en 6 (Groene reeks/ VNG). Dit terreintype komt niet voor in de gemeente Borger-Odoorn en is ook niet gewenst. 3.2. Licht industrieel Bedrijventerreinen met de typering licht industrieel zijn in onze gemeente wel aanwezig. Om geluidhinder te voorkomen liggen deze terreinen op enige afstand van de woonbebouwing. Dit wordt aangegeven door een geluidzonering. Een licht industrieel terrein is niet het meest geschikte terreintype voor een zichtlokatie. Wanneer een dergelijke situatie zich voordoet moeten eisen aan de randbebouwing worden gesteld. Deze terreinen zijn in het bijzonder geschikt voor de vestiging van distributiebedrijven, in met name de relatief kleine bedrijven. Het zijn dikwijls familiebedrijven. Bij de planning en uitbreiding van dit type terrein moet daarom de mogelijkheid om een bedrijfswoning te bouwen worden ingepast, ondanks de beperkingen die dit met zich meebrengt. Deze terreinen zijn o.a. geschikt voor transportbedrijven, relatief grootschalig (groot)handelsbedrijven, op - en overslagbedrijven, productiebedrijven met veel transportbewegingen en ondersteunende dienstverleners. Het gaat daarbij om activiteiten in milieu categorie 1 tot en met 5 (Groene reeks/VNG). 3.3. Gemengde bedrijventerreinen Een ander type terrein is het zogenaamde gemengde bedrijventerrein. Dit type terrein is in onze gemeente overwegend aanwezig. Bij deze terreinen is het niet direct noodzakelijk afstand tot de woonbebouwing aan te houden. Bedrijven die weinig of geen milieuoverlast produceren moeten dan wel aan de randen worden gerealiseerd. Bij de planning van deze terreinen moet de mogelijkheid om een bedrijfswoning te bouwen worden ingepast, ondanks de beperkingen die dit milieutechnisch met zich meebrengt. Gemengde terreinen zijn in het algemeen geschikt voor onder andere (kleinschalige) groothandelsbedrijven, (schone) productiebedrijven, kantoorachtige en dienstverlenende bedrijven. Het gaat daarbij om activiteiten in milieu categorie 1 tot en met 4 (Groene reeks/VNG). 3.4. Hoogwaardige bedrijventerreinen Verder zijn er bedrijventerreinen waaraan een hoogwaardig karakter kan worden gegeven. Voor de hoogwaardige bedrijventerreinen is de omgeving erg belangrijk. Daarbij kan worden gedacht aan een hoogwaardige stedelijke of landelijke omgeving. Deze terreinen zijn gezien de hoge kwaliteit van de vormgeving van de bedrijfspanden en de representatieve openbare ruimte bij uitstek geschikt voor zichtlokaties. Ze zijn bestemd voor representatieve handels - en verkoopbedrijven, kantoorachtige en kennisintensieve bedrijven. Deze terreinen moeten zowel vanaf de hoofdassen als vanuit de centra goed bereikbaar zijn. Bij het bepalen van (nieuwe) lokaties moet gestreefd worden naar een selectieve ruimtelijke ontwikkeling. Dit om de aantrekkelijkheid van het landschap zoveel mogelijk te behouden. Er dient zoveel mogelijk te worden aangesloten bij plaatselijke economische zwaartepunten en potenties. Bij de inrichting moet gelet worden op landschappelijk inpasbaarheid, ruimtelijke kwaliteit met veel groen en beeldkwaliteit van de 8

bebouwing. 3.5. Dag - en verblijfsrecreatieve bedrijventerreinen Tenslotte treffen we in de gemeente een aantal lokaties aan waar dag - en verblijfsrecreatieve bedrijven zijn gevestigd. Ze kunnen bestemd zijn voor bedrijven gericht op het toerisme. Hierbij kan worden gedacht aan bedrijven met een (historisch) ambachtelijk karakter, musea of van andere bijzondere aard of voor kampeerterreinen, bungalowparken en dagattracties. Deze bedrijven liggen veelal in een omgeving met een hoge landschappelijke waarde. Uitbreidingen van bestaande lokaties zullen slechts afhankelijk van de landschappelijke waarde van het desbetreffende omringende gebied beperkt mogelijk zijn. Het zal hierbij vooral gaan om verbetering van de kwaliteit. Bij de aanleg van nieuwe lokaties moet gestreefd worden naar een selectieve ruimtelijke ontwikkeling. Dit om de aantrekkelijkheid van het landschap zoveel mogelijk te behouden. Er zal rekening moeten worden gehouden met de mogelijkheid tot inpassing in het landelijk gebied. Er zullen specifieke eisen moeten worden gesteld aan de inrichting van het terrein, de aard van de bedrijvigheid en bebouwing. Het zal niet alleen een bijdrage moeten leveren aan de versterking van de functies en de kwaliteit van de beoogde lokatie zelf maar ook van de functies van het aansluitende gebied en bestaande infrastructuur. Het is wenselijk om bij kwaliteitsinvesteringen, uitbreidingen en de aanleg van nieuwe lokaties de begrenzing van de mate van recreatiedruk op het omliggende gebied te betrekken.

9

Hoofdstuk IV

De gewenste beleidsrichting

4.1. De voorwaarden Bij het zoeken naar de best mogelijke lokaties is het aantrekkelijke landschap van de gemeente Borger-Odoorn een factor waarmee rekening gehouden moet worden. Het is van belang dit landschap te behouden en waardevolle gebieden met kenmerkende landschapsstructuren te ontzien. Het landschap biedt echter ook kansen bij de ontwikkeling van bedrijventerreinen. Een goede inpassing in het landschap kan bedrijventerreinen een specifieke meerwaarde geven. Het gaat dan met name om landschappelijke inpassing en beeldkwaliteit: het moet niet alleen leiden tot een verhoging van de kwaliteit/uitstraling van het gebied maar ook van het bedrijventerrein. Landschap en leefomgeving zijn factoren die een positieve uitstraling hebben op bedrijven die zich in de gemeente willen vestigen. De kwaliteit van deze lokaties kan worden gewaarborgd door nadrukkelijk aandacht te besteden aan een ruimtelijke inrichting en een goed beheer. Gebieden met hoge waarden van natuur, landschap, cultuurhistorie en of milieu dienen zo veel mogelijk te worden ontzien. Lokaties waar geen strijdigheid optreedt hebben dus de voorkeur. Bedrijvigheid moet zoveel mogelijk worden geclusterd. Nieuwe lokaties moeten zoveel mogelijk aansluiten op bestaande bedrijventerreinen en clusters. Door clustering van bedrijvigheid wordt aangesloten op de bestaande bestemmingsplannen, infrastructuur en de Wet milieubeheer. 4.2. Het zandgedeelte Het zandgedeelte van de gemeente is overwegend een gebied met een hoge landschappelijke waarde. Deze waarde legt beperkingen op. Om aan de vraag naar vestigingslokaties in dit gebied te kunnen voldoen en gelet op het streven de werkgelegenheid te bevorderen, zal niettemin, daar waar mogelijk, ruimte moeten worden gereserveerd voor bedrijfsvestigingen. Dit kan alleen indien de inpassing van vestigingsplaatsen zeer selectief en onder stringente voorwaarden plaatsvindt. Aan de aard van de te vestigen bedrijven zullen specifieke voorwaarden moeten worden gesteld om een goed evenwicht te bereiken tussen wonen, werken en recreëren. Qua aard van bedrijven kan gekozen worden voor de vestiging van kleinschalige milieuvriendelijke/ ambachtelijke of innovatieve bedrijven: bedrijven met een dienstverlenend en of toeristischrecreatief karakter. Vooral kennisintensieve bedrijven zijn geschikt. 4.3. Het veengedeelte De landschappelijke situatie in het veengebied legt minder beperkingen op voor de ontwikkelingen van bedrijventerreinen. Niettemin is het nodig om de uitbreiding goed in te passen in het landschap. Dit betekent dat er eisen aan de randbebouwing en ruimtelijke afronding naar de directe omgeving moeten worden gesteld opdat een optimale beeldkwaliteit van het bedrijventerrein wordt verkregen. Hierbij moet rekening worden gehouden met het veenkoloniale karakter (lintbebouwing, waterlopen etc.) van het gebied. Het zal het terrein een positieve meerwaarde geven. De kwaliteit van het terrein kan worden gewaarborgd door nadrukkelijk aandacht te besteden aan een goede inrichting en beheer. Door het ontbreken van beperkingen wordt in dit gebied de ontwikkeling van bedrijven met een industrieel karakter toegestaan. Bij licht industriële activiteiten kan worden gedacht aan ( de kleinere) distributiebedrijven, productiebedrijven of transportbedrijven. Bij dergelijke terreinen moet rekening gehouden worden met een goede ontsluiting. Om geluidhinder te voorkomen zal rekening moeten worden gehouden met eventueel in de buurt liggende woonbebouwing. Bij de planning van deze terreinen moet de mogelijkheid om bedrijfswoningen te bouwen worden 10

betrokken. Daarnaast liggen er mogelijkheden voor vestiging van bedrijven op (enkele) open plekken in de lintbebouwing en op lokaties waar thans min of meer een concentratie van bedrijven is gevestigd op belangrijke kruispunten. Aan de aard van de te vestigen bedrijven zullen specifieke voorwaarden moeten worden gesteld om qua milieuaspecten een goed evenwicht te vinden tussen wonen en werken.

11

Hoofdstuk V

Het bestaande aanbod, uitbreidingsmogelijkheden en nieuw te ontwikkelen bedrijventerreinen.

5.1. Het bedrijventerrein De Drentse Poort te Nieuw-Buinen Op initiatief van de Stichting Ontwikkeling Bedrijvenpark Nieuw-Buinen is het bedrijventerrein De Drentse Poort gerealiseerd. Dit bedrijvenpark ligt aan de N374 en is circa 8,4 ha groot. Een deel daarvan, 4,8 ha, wordt geëxploiteerd door de Stichting. Het andere deel, 3,6 ha, is in eigendom van de gemeente Borger-Odoorn. Om praktische redenen verzorgt de stichting ook de uitgifte van dit deel. Het bedrijventerrein wordt getypeerd als een gemengd bedrijventerrein. Het is bedoeld voor de vestiging van onder andere (lichte) industrie, (groot)handelsbedrijven, kleinschalige distributie, (schone) productiebedrijven, kantoorachtige bedrijven. Bedrijven die qua milieubelasting vallen binnen de categorie 1 tot en met 4. Vormen van (perifere) detailhandel zijn niet mogelijk. Het bouwen van een woning bij het bedrijf is niet toegestaan. Onder voorwaarden kan de gemeente vrijstelling verlenen.. Het bedrijventerrein wordt ontwikkeld als een eigentijds bedrijventerrein met een kwalitatief hoog karakter. Er wordt veel waarde gehecht aan de beeldkwaliteit van bedrijven die zich op dit terrein willen vestigen. De belangstelling van het bedrijfsleven voor de Drentse Poort is sinds 1998 belangrijk toegenomen. Door de ligging, aan de grens van de gemeente Stadskanaal, heeft het terrein een regionaal karakter. In 2001 zijn de laatste kavels (Drentse Poort) verkocht 5.1.1. Uitbreidingsmogelijkheden Een eventuele uitbreiding van de Drentse Poort zal moeten worden ingepast in de samen door de gemeente Borger-Odoorn en de gemeente Stadskanaal op te stellen toekomstvisie voor het grensstreekgebeid. Voor het gebied in noordwestelijke richting is begin 2001 is de Wet voorkeursrecht van toepassing verklaard. In 2001 is een begin gemaakt met de aankoop van gronden. Of in dat gebied ook ruimte zal worden gemaakt voor de inrichting van een woonwerkgebied als overgangsgebied naar wonen valt thans niet aan te geven. De toekomstvisie zal moeten aansluiten op de in het kader van de ontwikkeling van de Gronings-Drentse Veenkoloniën (cie Hoekstra) op te stellen plannen. Het bedrijventerrein zal in 2001 worden afgerond door het uit te breiden met 1,5 ha. 5.2. Industrieterrein Nieuw-Buinen Het Industrieterrein Nieuw-Buinen is circa 10 ha groot. Het terrein is een aantal jaren geleden al volledig uitgegeven. Het terrein wordt getypeerd als lichtindustrieel.. Het deel waarop voorheen de glasfabriek was gevestigd, wordt in 2001 gesaneerd. De inrichting van het industrieterrein vertoont weinig samenhang en maakt hier en daar een rommelige indruk. Deze situatie heeft een negatief effect op de beeldkwaliteit. Revitalisering van het terrein is daarom wenselijk. Het aansluitende gebied, gelegen in de gemeente Stadskanaal kan hierbij worden betrokken. Op het terrein hebben zich installatie - en schildersbedrijven, transportbedrijven, relatief grootschalige (groot) handelsbedrijven, op - en overslagbedrijven, productiebedrijven met veel transportbewegingen en ondersteunende dienstverleners gevestigd. Het gaat hierbij om bedrijfsactiviteiten die vallen in de milieucategorie 1 tot en met 4, waarbij een bedrijfswoning is toegestaan. In enkele gevallen kan vrijstelling worden verleend aan bedrijven die vallen in milieucategorie 5.

12

5.2.1. Uitbreidingsmogelijkheden Het industrieterrein Nieuw-Buinen kan in principe in zuidelijke en westelijke richting worden uitgebreid. De voorkeur gaat uit naar uitbreiding in westelijke richting met ruim 9,5 ha. De gemeente is geen eigenaar van de grond. De uitbreiding is niet gebonden aan landschappelijke beperkingen. Niettemin is het wenselijk om de uitbreiding goed in te passen in het landschap. Dit kan betekenen dat er eisen aan de randbebouwing en overgang naar de woningbouw aan het Zuiderdiep moeten worden gesteld opdat een optimale beeldkwaliteit van het bedrijventerrein wordt verkregen. Het zal het terrein een positieve meerwaarde geven. Om de kwaliteit van de uitbreiding te waarborgen zal met name aandacht moeten worden besteed aan verbetering van de beeldkwaliteit van het huidige bedrijventerrein. De uitbreiding zal tot gevolg hebben dat het aantal transportbewegingen zal toenemen. Een goede ontsluiting op de lokale infrastructuur is daarom van groot belang. Aanbevolen wordt de voorgestelde uitbreiding dezelfde typering te geven en een zelfde milieu categorieën toe te staan als op het bestaande terrein. De uitbreiding van het industrieterrein zal vooral een mogelijkheid tot vestiging moeten bieden voor lokale bedrijven. Dit neemt niet weg dat ook bedrijven uit de regio of elders uit land komen en substantieel van belang zijn voor de werkgelegenheid in de gemeente zich op dit terrein moeten kunnen vestigen. In 2001 wordt circa 1,5 ha grond gesaneerd waarop voorheen de glasfabriek heeft gestaan. Aan dit terrein wordt de typering gemengd bedrijventerrein gegeven. Er kunnen zich bedrijven vestigen die vallen in de milieucategorie 1 t/m 4. Op een deel van dit terrein is het toegestaan om een bedrijfswoning te bouwen. Daar het terrein grenst aan de gemeente Stadskanaal is niet alleen een goede ontsluiting wenselijk maar ook een goede aansluiting op het gebruik van het naastgelegen grondgebied van deze gemeente. Verwacht wordt dat zich op dit terrein een bandenservicebedrijf gaat vestigen. 5.3. Bedrijventerrein De Strengen te Borger Het bedrijventerreinen De Strengen is gelegen aan Nuisveen te Borger en is circa 2,7 ha groot. Het bestaande bedrijventerrein wordt getypeerd als gemengd. Het bouwen van een woning bij het bedrijf is, op een paar lokaties na, toegestaan. Het terrein is bedoeld voor kleinschalige bedrijven die vallen in de milieucategorie 1 tot en met 4. Er is, met name de laatste jaren, heel veel belangstelling geweest voor vestiging van bedrijven op deze lokatie, ook nadat de laatste kavels waren verkocht. Doordat het bedrijventerrein zich in een stadium van ontwikkeling bevindt is de beeldkwaliteit van het terrein niet optimaal. Het is van belang hieraan aandacht te besteden. Factoren die deze negatieve beeldkwaliteit veroorzaken moeten, in goed overleg met de desbetreffende ondernemers, worden weggenomen. 5.3.1. Uitbreidingsmogelijkheden In de structuurschets Borger-West is een uitbreiding van het bedrijventerrein De Strengen opgenomen van circa 3 ha in noordelijke richting (tussen de Strengenweg en Rolderstraat). De beoogde uitbreiding stuit echter op bezwaren van de provincie. Daarom wordt thans voor een uitbreiding geopteerd in zuidelijke richting (tussen de Strengenweg en de Schoonloërstraat). Een uitbreiding van circa 6 ha is mogelijk. De gronden en opstallen zijn inmiddels aangekocht door de gemeente. De beoogde uitbreidingen sluiten aan op een gebied met hoge landschappelijke waarden. Aan de uitbreiding zullen dus hoge eisen moeten worden gesteld voor wat betreft de inpassing in het landschap en de aard van de bedrijven die zich op de uitbreiding kunnen vestigen. Dit geldt ook voor de randbebouwing, opdat een optimale beeldkwaliteit van het 13

terrein wordt verkregen. Het is gewenst zorg te dragen voor een evenwichtige overgang van werken naar wonen en recreëren. De in de structuurschets aangegeven noordgrens van de uitbreiding moet in deze optie tevens eindgrens zijn. Een goede ontsluiting op de lokale infrastructuur is noodzakelijk. Aanbevolen wordt aan de uitbreiding dezelfde typering toe te kennen als het huidige bedrijventerrein en alleen bedrijven toe te staan die vallen in de milieucategorie 1 en 2. Om een goede overgang van werken wonen en recreëren te kunnen realiseren wordt aanbevolen om aan de aard van de vestiging van de bedrijven specifieke eisen te stellen. De voorkeur gaat uit naar bedrijven die uit de dienstverlenende of toeristisch sector komen. Deze bedrijven moeten milieuvriendelijk van aard zijn. Bij vestiging zou voorrang geven moeten worden aan lokale bedrijven. 5.4. Bedrijventerrein Noorderkijl te 2e Exloërmond Het bedrijventerrein Noorderkijl is gelegen aan het Noorderdiep. Het terrein is circa 2,3 ha groot. Er zijn geen kavels meer uitgeefbaar. Het bedrijventerrein wordt getypeerd als gemengd. Op het terreinen hebben zich bedrijven gevestigd die vallen in de milieucategorie 1 t/m 4: (lichte) industrie, (groot)handelsbedrijven, kleinschalige distributie, (schone) productiebedrijven, dienstverlenende bedrijven. Het bouwen van een bedrijfswoning is toegestaan. Het terrein is vooral bedoeld voor de vestiging van lokale bedrijven. De lokatie is daarnaast geschikt voor startende ondernemers. De beeldkwaliteit van het bedrijventerrein is goed. 5.4.1. Uitbreidingsmogelijkheden Het bedrijventerrein Noorderkijl kan in noord - oostelijke richting met circa 3 ha worden uitgebreid voor de vestiging van bedrijven (Noorderkijl II) en met circa 3,6 ha voor de vestiging van een nieuwe gemeentewerf, milieustraat en brandweerkazerne. Voor de uitbreiding is inmiddels grond aangekocht. De procedure tot wijziging van het bestemmingsplan loopt. De uitbreiding ven het bedrijventerrein is niet gebonden aan landschappelijke beperkingen. Niettemin is het wenselijk om de uitbreiding goed in te passen in het landschap. Dit kan betekenen dat er eisen aan de randbebouwing moeten worden gesteld opdat een optimale beeldkwaliteit van het bedrijventerrein wordt verkregen. Het is van belang de kwaliteit van het bedrijventerrein te blijven waarborgen door nadrukkelijk aandacht te besteden aan een goede inrichting en beheer. De uitbreiding zal tot gevolg hebben dat het aantal transportbewegingen zal toenemen. Een goede ontsluiting van het bedrijventerrein is dan ook noodzakelijk. Aan de uitbreiding ware dezelfde typering te geven en dezelfde milieucategorie toe te staan als voor het huidige terrein. Hierbij wordt opgemerkt dat het accent moet liggen op werken en minder op wonen. De uitbreiding is vooral bestemd voor het lokale bedrijfsleven, voor kleinschalige (ambachtelijke) bedrijven die op de huidige lokatie geen uitbreidingsmogelijkheden hebben, voor bedrijven aan huis die door groei genoodzaakt zijn hun bedrijfsactiviteiten te verplaatsen naar een bedrijventerrein en voor startende ondernemers. Het is gewenst om bij vestiging aan dergelijke bedrijven voorrang te geven boven bedrijven die uit de regio of elders uit het land komen. Er is een flinke wachtlijst van belangstellenden voor deze lokatie. 5.5. Bedrijventerrein “De Kavelingen” (werknaam) Valthermond Het (nieuw aan te leggen) bedrijventerrein “De Kavelingen” is gelegen aan de weg de Kavelingen die loopt van Valthermond naar Musselkanaal, vlak bij de grens van de gemeente Stadskanaal. Het terrein is circa 6 ha groot. Op een deel daarvan zal nog in 2001 een metaalbewerkingsbedrijf worden gevestigd. Het overige deel is nog in gebruik als landbouwgrond en heeft als bestemming bedrijventerrein. Bedrijven die vallen binnen de categorie 1 en 2, en voor een deel van het terrein t/m 4, kunnen zich er in principe vestigen. De aanleg van een ontsluitingsweg vanaf de weg de 14

Kavelingen is in voorbereiding. De aanleg van de overige benodigde infrastructuur hangt af van de vestiging van bedrijven. De ontwikkeling is niet gebonden aan landschappelijke beperkingen. Niettemin is het wenselijk dat de ontwikkeling goed wordt ingepast in het landschap. Dit kan betekenen dat er eisen aan de randbebouwing worden gesteld opdat een optimale beeldkwaliteit van het bedrijventerrein wordt verkregen. Het zal het terrein een positieve meerwaarde geven. Een goede ontsluiting vanaf de weg de Kavelingen naar het terrein en een verbindingsweg naar het bedrijventerrein Open Einde in Musselkanaal is noodzakelijk om een goede doorstroom van transportbewegingen te bevorderen, m.n. voor de op deze terreinen gevestigde bedrijven. Een goede verbinding tussen beide terreinen zal een positief effect hebben op de ontwikkeling van de bedrijvigheid in het gebied. Het is daarom gewenst om ter bevordering van de (sociaal) economische ontwikkeling dit (woon - en werk) gebied te revitaliseren: het gebied dat aansluit op het bedrijventerrein Open Einde tot aan de weg de Kavelingen, daar waar o.a. het transport - en overslagbedrijf Wever en het autobedrijf Albers zijn gevestigd. Met name de ontsluiting van het gebied vraagt aandacht. De realisatie van het bedrijventerrein is vooral bedoeld voor het bedrijfsleven uit de regio. Voor kleinschalige (ambachtelijke) bedrijven die op hun huidige lokatie geen uitbreidingsmogelijkheden hebben, voor bedrijven aan huis die door groei genoodzaakt zijn hun bedrijfsactiviteiten te verplaatsen naar een bedrijventerrein en voor startende ondernemers. Het is gewenst aan de vestiging van dergelijke ondernemers voorrang te geven boven bedrijven die elders uit het land komen. 5.5.1. Uitbreidingsmogelijkheden Uitbreiding van het bedrijventerrein De Kavelingen is in principe mogelijk in zowel oostelijke als westelijke richting. De mogelijke uitbreiding is echter thans niet opportuun. Het is wel gewenst dat de categorisering voor het gehele terrein wordt verruimd t/m categorie 4. 5.6. Het bedrijventerrein nabij N34 In het kader van de ontwikkelingsvisie Borger “Waterrand op het zand” is de structuurschets Borger-West opgesteld. In deze schets is langs de N34 ruimte gereserveerd voor de aanleg van een nieuw bedrijventerrein voor de vestiging van kantoren en dienstverlenende bedrijven. Er is in totaal circa 6,5 ha opgenomen. De desbetreffende gronden zijn aangekocht. De beoogde lokatie ligt op korte afstand van gebieden met hoge landschappelijke waarden Deze waarden stellen hoge eisen aan de inpassing en aard van de te vestigen bedrijven. Daarom wordt aanbevolen om dit terrein op een parkachtige wijze, passend in en aansluitend aan, de omgeving aan te leggen. Aan de randbebouwing zullen hoge eisen moeten worden gesteld opdat een optimale beeldkwaliteit van het terrein wordt verkregen. De typering hoogwaardig bedrijventerrein is hier op zijn plaats. Het terrein moet zowel vanaf de hoofdas N34 als vanuit het centrum van Borger goed bereikbaar zijn. Dit geldt ook voor het openbaar vervoer. Het terrein zal gelet op de gewenste hoogwaardige vormgeving van de bedrijfspanden en de representatieve openbare ruimte bij uitstek geschikt zijn voor zichtlokaties. Qua aard van bedrijven wordt in eerste aanleg gedacht aan kleinschalige op de toekomst gerichte bedrijven met een kennisintensief karakter i.c. informaticatechnologie. Daarnaast aan bedrijven met een dienstverlenend karakter. Bijvoorbeeld: een persbureau, een makelaar, een architect, een managementorganisatie of een organisatieadviesbureau, een accountantsbureau, een dierenarts. De combinatie werken en wonen moet mogelijk zijn. De rol van de woonfunctie is mede bedoeld om de kwaliteit van het gebied te stimuleren. De bebouwing moet goed aansluiten bij de (woon/zorg) functies die zijn toegekend aan (aangrenzend) gebied. Wonen, werken en recreëren moeten, en dat geldt overigens voor het hele gebied, verantwoord in elkaar overlopen en passen in het landschap. Duurzaam bouwen in een duurzaam te ontwikkelen gebied zal hierbij leidraad zijn. De ruimte is 15

niet alleen bedoeld voor het verplaatsen van lokale bedrijven maar moet ook mogelijkheden bieden voor nieuwvestiging. 5.7. Het Activiteitencentrum “Dunedain” te Borger Aansluitend op het bedrijventerrein De Strengen aan Nuisveen te Borger bevindt zich in oostelijke richting een terrein dat wordt begrensd door de Strengenweg. Hier bevindt zich het Activiteitencentrum Dunedain. Het is particulier terrein en is circa 1 ha groot. In de structuurvisie Borger-West is aan dit terrein een dagrecreatieve functie toegekend. De eigenaren van dit terrein/centrum hebben een plan ontwikkeld om de toeristisch-recreatieve functie te versterken door het plegen van een kwaliteitsinvestering. Het terrein ligt in een gebied met hoge landschappelijke waarden. De versterking van de functie zal goed moeten worden ingepast in het landschap. Aan de inrichting en bebouwing van het terrein zullen daarom hoge eisen moeten worden gesteld. Een goede aansluiting op de lokale infrastructuur is noodzakelijk. De plannen moeten passen binnen de ontwikkeling van de structuurschets Borger-West. Dit houdt in dat de plannen moeten aansluiten op de functies die zijn toegekend aan het aangrenzend gebied. 5.8. Het toeristisch project Borger Het terrein waarop het toeristisch project Borger is gepland, beter bekend als “het Strijkijzer” wordt begrensd door Nuisveen, de Rolderstraat en de Schoonloërweg. Het nieuw aan te leggen bedrijventerrein is circa 3,5 ha groot en particulier bezit. In de structuurschets Borger-West is aan dit terrein een dagrecreatieve functie toegekend. Een aantal ondernemers heeft het plan opgevat om de toeristisch-recreatieve functie te versterken door de realisatie van o.a. een aardewerkmuseum gekoppeld aan een ambachtelijke productie van aardewerk, een antiquariaat en een restaurant/hotel accommodatie (annex toeristisch service punt ten dienste van het ten westen van de N34 aan te leggen Natuurtransferium Borger). Het terrein ligt in een gebied met hoge landschappelijke waarden. De functieversterking zal goed moeten worden ingepast in het landschap. Aan de inrichting en bebouwing van het terrein zullen daarom hoge eisen moeten worden gesteld. Een goede aansluiting op de lokale infrastructuur is noodzakelijk. De plannen moeten passen binnen de ontwikkeling van de structuurvisie Borger-West. Dit houdt in dat de plannen moeten aansluiten op de functies die zijn toegekend aan aangrenzend gebied. 5.9. Vestigingsmogelijkheden binnen de lintbebouwing en op kruisingen. Het is wenselijk dat er een visie wordt ontwikkeld over de mogelijke vestiging van bedrijven binnen de lintbebouwing in het veengebied, op kruisingen b.v. daar waar een bepaalde concentratie van bedrijvigheid reeds aanwezig is. In het voorontwerp bestemmingsplan 2e Exloërmond bijvoorbeeld is hieraan invulling gegeven. Factoren die dergelijke ontwikkelingen belemmeren moeten voor zover wettelijk mogelijk worden weggenomen. 5.10. Vestigingsmogelijkheden in vrijkomende boerderijen Door de minder goede economische ontwikkeling van de agrarische sector worden boerderijen verkocht of komen leeg te staan. Het is daarom gewenst dat aan deze boerderijen een andere economische functie wordt toegekend. Factoren die een dergelijke ontwikkelingen belemmeren moeten voor zover wettelijk mogelijk worden weggenomen. 5.11. Overige terreinen Terreinen waarop een specifiek bestemmingsplan van toepassing is verklaard, zoals Noordvenen (Fasto) en Ellertshaar (Remix en Vos) en het Natuurtransferium Borger. Daarnaast ontwikkelt zich ten zuiden van Klijndijk (nabij de Hoofdweg en Slenerweg) een bijzonder bedrijventerrein 16

(circa 3 ha) waarop een diermedisch - en trainingscentrum en aanverwante zaken zijn gevestigd of zich kunnen vestigen. Deze terreinen zijn niet in deze nota opgenomen vanwege de bijzondere aard ervan. 5.12. Afstemming van het aanbod op de vraag Om het aanbod van bedrijventerreinen goed af te stemmen op de vraag is inzicht nodig in de uitgifte van terreinen en de nog beschikbare voorraad. Daarbij is met name informatie over de plaats van herkomst van de bedrijven en het type bedrijf waaraan grond is uitgegeven van belang. Dit geldt ook voor de gegevens die voortvloeien uit de bedrijfscontacten. Om bijvoorbeeld te weten aan welk type bedrijventerrein behoefte is wordt de aard van de bedrijvigheid geregistreerd. Naast inzicht in het kwantitatieve aanbod aan bedrijventerreinen is ook inzicht in de kwaliteit van belang. En goed inzicht in de vraag en het beschikbare aanbod maakt het mogelijk de ontwikkeling van nieuwe terreinen en uitbreiding van bestaande terreinen te faseren. Zichtlokaties bijvoorbeeld zijn aantrekkelijke lokaties. Het aantal zal echter beperkt blijven. Op basis van het verloop van de vraag, uitgifte van gronden etc. kan de visie over bedrijventerreinen in de gemeente vervolgens met intervallen van vier jaar, parallel aan het Provinciaal omgevingsplan, worden geactualiseerd. Het is dus wenselijk dat deze gegevens worden vastgelegd in een jaarlijks op te stellen notitie. 5.13. Beheer bedrijventerreinen Om samenwerking te bevorderen tussen bedrijven gevestigd op een bedrijventerrein en tussen deze bedrijven en de gemeente verdient het aanbeveling om per bedrijventerrein een samenwerkingsvorm te realiseren. Hierbij valt te denken aan de oprichting van een bedrijven(terrein)vereniging of een samenwerkingstructuur zoals parkmanagement. 5.14. Effecten op de werkgelegenheid Voor de berekening van de effecten op de werkgelegenheid wordt uitgegaan van 35 arbeidsplaatsen per hectare (bron: provincie Drenthe). Dit aantal is echter gebaseerd op de vestiging van alleen nieuwe bedrijven. Het blijkt echter dat het, voor wat de gemeente BorgerOdoorn betreft, vooral gaat om vestiging van reeds bestaande bedrijven. De huidige verhouding bedraagt thans ongeveer 60 % bestaande (lokale - en uit de regio afkomstige bedrijven) bedrijven en 40 % uit nieuwe (bedrijven die elders vandaan komen en starters). Op basis van deze verhouding kan het aantal arbeidsplaatsen worden berekend. In deze notitie wordt voorgesteld het aantal hectaren bedrijventerrein uit te breiden met in totaal circa 40 ha. Het aantal arbeidsplaatsen bedraagt dan 40 ha x 35 arbeidsplaatsen per ha = 1440. Daarvan kan 60 %, te weten 864 worden beschouwd als behoud van de werkgelegenheid bij de bestaande bedrijven en 40 %, te weten 576, worden beschouwd als nieuw te realiseren banen door nieuwvestigers

17

Hoofdstuk VI

Conclusies en aanbevelingen

Borger- Odoorn de komende jaren gemiddeld circa 20 ha bedrijventerrein moeten worden gerealiseerd. 2. De realisatie van bedrijventerreinen kan in principe plaatsvinden door: a. Uitbreiding van de volgende bestaande bedrijventerreinen
Nr 1 2 3 4 Naam bedrijventerrein en plaats Afronding de Drentse Poort te Nieuw-Buinen Industrieterrein Nieuw-Buinen De Strengen te Borger Noorderkijl te Exloërmond Typering Gemengd Lichtindustrieel Gemengd+ wonen Gemengd+wonen Uitbreiding ca 1,5 ha 9,5 ha 6,0 ha 4,5 ha

6.1. Conclusies Uit de in deze notitie behandelde hoofdstukken kunnen de volgende conclusies worden getrokken. 1. Om aan de vraag naar bedrijventerreinen te kunnen voldoen zal in de gemeente

b. Realisatie/inrichting van de volgende bedrijventerreinen
Nr 1 2 3 Naam bedrijventerrein en plaats Glaslaan te Nieuw-Buinen De Kavelingen te Valthermond-Oost N34" te Borger-West Typering Lichtindustrieel. Gemengd Hoogwaardig Aantal ha 1,5 ha 6,0 ha 6,5 ha

c. Realisatie/inrichting van de volgende bedrijventerreinen voor bedrijven met een toeristisch recreatief karakter
Nr 1 Naam bedrijventerrein en plaats “Dunedain” Borger-West “Het Strijkijzer” Borger-West Typering Gemengd/T&R Gemengd/T&R Aantal ha 1,0 ha 3,5 ha

3. Uitbreiding van bestaande of aanleg van nieuwe bedrijventerreinen dienen
a. b. c.

d.

Goed te worden ingepast in het landschap Goed aan te sluiten op de directe woonomgeving; te voldoen aan een optimale beeldkwaliteit. Om dit te bereiken dienen eisen te worden gesteld aan de randbebouwing. Om een geleidelijke overgang te creëren naar het woongebied kan bij bepaalde terreinen de bouw van een bedrijfswoning wenselijk zijn; te voldoen aan een goede inrichting en beheer. Dit om de kwaliteit van de aanleg/ uitbreiding te waarborgen en te behouden;

18

e. f.

te voldoen aan een goede infrastructuur zowel op het terrein als voor wat betreft de ontsluiting op de bestaande of aan te leggen infrastructuur. te voldoen aan eisen van duurzaamheid. Dit geldt voor zowel voor het bedrijventerrein zelf als voor bouwwerken.

3.1. Indien aanleg of uitbreiding van een bedrijventerrein plaatsvindt op het zandgedeelte van de gemeente dan dient met name rekening te worden gehouden met de kwetsbaarheid van het gebied. 4. Er dient een visie te worden ontwikkeld over de mogelijke vestiging van bedrijven binnen de lintbebouwing en op kruisingen van wegen in het veengebied. 5. Jaarlijks dient een overzicht te worden opgesteld over de uitgifte van - en de beschikbare terreinen, alsmede informatie over b.v. de plaats van herkomst van de bedrijven bij bedrijfsverplaatsing en de typen bedrijven waaraan grond is uitgegeven. Dit geldt ook voor de registratie van bedrijfscontacten. 6. Het verdient aanbeveling om te komen tot een beheersstructuur per bedrijventerrein (relatie-opbouw vestigers, bedrijven (terrein) vereniging, groen onderhoud e.d.). 7. Verkoop van gemiddeld 2 ha bedrijventerrein per jaar zal circa 70 ( 2 x 35 per ha.) arbeidsplaatsen per jaar op kunnen leveren.

19

6.2.

Aanbevelingen

1. Aanbevolen wordt om te besluiten a. b. c. d. Er naar te streven om de komende jaren circa 20 ha bedrijvenbedrijventerrein te realiseren in de gemeente Borger-Odoorn en daartoe de nodige voorbereidingen te treffen; voor de realisatie van de beoogde uitbreidingen/aanleg in de begroting jaarlijks de benodigde gelden te reserveren. de uitbreiding/aanleg van bedrijventerreinen zo veel mogelijk projectmatig te realiseren; voor elk project (zo nodig) een projectteam samen te stellen en een projectcoördinator en bestuurlijke trekker te benoemen;

2. Aan de realisatie van de beoogde uitbreiding/aanleg de volgende prioriteitsvolgorde te geven: 1. 2. 3. 4. 5. Afronding bedrijventerrein Glaslaan te Nieuw Buinen Uitbreiding Drentse Poort te Nieuw-Buinen Uitbreiding van het bedrijventerrein Noorderkijl te 2e Exloërmond De aanleg van het (nieuwe) bedrijventerrein De Kavelingen te Valthermond-Oost Realisatie van het bedrijventerrein “Het Strijkijzer” te Borger-West als dagrecreatieve voorziening voor de vestiging van bedrijven met een toeristisch recreatief karakter De verdere ontwikkeling van de dagrecreatieve voorziening Activiteitencentrum Dunedain te Borger-West Uitbreiding De Strengen te Borger De aanleg van het (nieuwe) bedrijventerrein “N34" te Borger-West voor de vestiging van kantoren en dienstverlenende bedrijven Uitbreiding Industrieterrein Nieuw-Buinen 1,5 1,5 4,5 6,0* 3,5* 2001/2002 2002 Totaal 7,5 ha 2002 2002/2003 2003

6. 7. 8. 9.

1,0* 6,0 6,5 9,5*

Totaal 10,5 Totaal 6,0 Totaal 6,5 Totaal 9,5

2003 2004 2005 2006

* Particulier eigendom

20

NB Met betrekking tot de prioriteitsvolgorde merken wij op dat de voorbereidingen voor de voorgestelde uitbreidingen in meer of mindere mate reeds in gang zijn gezet. Of de vermelde uitbreidingen/vestigingsmogelijkheden ook daadwerkelijk in de aangegeven jaren gerealiseerd worden hangt van veel factoren af. Bij een gemiddelde verkoop van 2 ha en een constante voorraad van 8 ha per jaar zal in 2007 geen uitbreiding nodig zijn. In dat jaar zal opnieuw moeten worden bezien of nieuwe mogelijkheden voor bedrijfsvesting in de jaren daarna noodzakelijk is. 6.3 Financiering
Om de aanbevolen uitbreidingen en inrichting van de bedrijventerreinen conform de planning te kunnen realiseren is het noodzakelijk hiervoor jaarlijks gelden aan te reserveren. Jaarlijks kunnen in principe op basis van de aangegeven prioriteiten de benodigde gronden worden aangekocht, de bestemming worden gewijzigd en het terrein bouwrijp worden gemaakt. Hierbij wordt opgemerkt dat realisatie conform de prioriteiten mede afhankelijk is van de mogelijkheden tot koop en prijsniveau van gronden. Op het moment dat wordt besloten om een bestemmingsplan te ontwikkelen kan de exploitatie worden opgenomen in het grondbedrijf. Hierbij geldt als uitgangspunt dat marktconforme prijzen worden gehanteerd en dat de exploitatie 100 % dekkend wordt opgezet. Voor de financiering van de afronding van het terrein aan de Glaslaan te Nieuw-Buinen zijn in de begroting 2001 reeds middelen gereserveerd. Dit geldt ook voor uitbreiding van het bedrijventerrein Noorderkijl te 2e Exloërmond. De financiering van de investeringskosten voor de realisatie van het bedrijventerrein het “Strijkijzer” te Borger (2002) zijn in hoofdzaak een private aangelegenheid en hangen samen met de investeringen voor het Natuurtransferium Borger. Dit geldt ook voor de verdere ontwikkeling van het bedrijventerrein De Kavelingen, het industrieterrein Nieuw-Buinen en de dagrecreatieve voorzieningen van het Activiteitencentrum Dunedain e.o. Om de ontwikkelings- en investeringskosten voor de overige in deze notitie vermelde bedrijventerreinen te kunnen financieren zal te zijner tijd een extra krediet moeten worden aangevraagd bij de gemeenteraad.

21

BIJLAGEN

Kaartmateriaal

22

Geraadpleegde literatuur
1. Bedrijventerreinen in Drenthe van de provincie Drenthe (november 1996 en ontwerp november 2001- 20015). 2. Bedrijventerreinen in Drenthe. Terreinuitgifte 1996. 3. Bedrijventerreinen in Drenthe “Steenpuisten of schoonheidsvlekken?” (dec. 1998). 4. Structuurplan Stadskanaal “De gemeente van straks” Stadskanaal in 2010. 5. Ontwikkelingsvisie Borger “Waterrand op het zand” (1998). 6. Structuurvisie Borger-West (1999) 7. Economisch beleidsplan Gemeente Emmen, fase 1. 8. Bedrijventerreinen in Drenthe, terreinuitgifte 1997 9. Drenthe in cijfers 2000

23