You are on page 1of 20

Rom.

8, 1-11 preek NGKO 7-6-2015


Aan tafel

Klik Gast aan tafel?


Ik had eerst gast aan tafel als thema uitgezocht.
maar als je gast aan tafel zegt, zeg je het eigenlijk niet goed.
Das een foute titel.
En dat wil ik proberen duidelijk te maken aan de hand van dit
bijbelgedeelte.
Toch past de uitdrukking gast aan tafel wel veel beter bij ons
gevoel.
Ja, ik denk dat een heel aantal van ons zelfs,
als het om het avondmaal gaat,
zich nogal eens onwelkome gasten voelen.


We vinden onszelf gewoon niet goed genoeg.
Regelmatig spreek ik mensen uit ons midden die zich zo voelen.
Laatst nog vertelde iemand me:
Vroeger ging je bij ons echt niet zomaar aan het avondmaal,
je keek wel uit, daar moet je wel heel zeker van zijn.
En dat zijn niet alleen de ouderen, ook jongeren worstelen daarmee:
er is altijd wel een reden te bedenken waarom ik niet goed genoeg
ben schreef iemand laatst nog,
om uit te leggen waarom hij niet eerder belijdenis deed.
Een jongere dus
Dat gevoel je niet goed genoeg weten- is al heel oud.
In het spreken van het oudste gemeentelid in de gemeente van
Dokkum
kon je twintig jaar is het alweer geleden- de echo daarvan terug
horen.


Deze broeder van ver in de negentig schakelde van het Fries over in
het Nederlands, toen hij de predikant van de gereformeerde kerk
van Holwerd citeerde aan het begin van de vorige eeuw:
Ik zie met deernis aan hoevelen van u niet aan tafel aangaan.
Een droevige echo uit het verleden.
Ja als dat zo leeft onder velen van ons,
dan is gast aan tafel wel het hoogst haalbare.
Ja, voor een heel aantal zelfs dat nog niet!
Die zien zichzelf als onwelkome gasten aan de tafel van de Heer.
Dat sluit naadloos aan bij de uitroep van Paulus aan het einde van
het vorige hoofdstuk:
Ik wl het goede wel, maar het goede doen kan ik niet (Rom
7:18 NBV)
24 Wie zal mij, miserable mens, redden uit dit bestaan dat
beheerst wordt door de dood? (Rom 7:24 NBV)


Daar klinkt ontreddering in door.
Maar Paulus geeft ook antwoord op die haast wanhopige vraag:
25 God zij gedankt, door Jezus Christus, onze Heer (Rom 7:25
NBV)
Er is dus meer

Klik De realiteit van onze mindset

Ik wl het goede wel, maar het goede doen kan ik niet (Rom 7:18
NBV).
Intussen is dat wel waar h.
Op zoveel vlakken waar.
Wat kun je worstelen met jezelf!
Om bijvoorbeeld een medegemeentelid lief te willen hebben,
maar dat zo moeilijk te vinden.
Omdat dit in de praktijk valt zo tegenvalt.
Want zijn woorden raken je opnieuw,
en zijn daden bevreemden je weer.


En je voelt je liefde wegsijpelen in onmacht.
Hem liefhebben vraagt meer van je dan je kunt geven.
Het wel willen maar niet kunnen,
het geeft onze machteloosheid goed weer.
Want kon je maar zeggen dat je het niet wist.
Dan ben je te verontschuldigen.
Maar wie met de God omgaat weet het heel vaak heel goed.
Naarmate je Hem langer kent zelfs steeds beter.
Uitgaande van de tien geboden wordt er een heel nieuwe manier
van leven zichtbaar.
En de Heer Jezus vult dat vervolgens verder voor ons in.
Wie wandelen met God, zoals wij hier, weten het vaak heel goed.
Het is als een lamp die steeds feller is gaan branden.
Je gaat steeds beter zien wat de bedoeling is.
Maar die dus ook steeds scherpere schaduwen werpt in ons leven
Het goede zie ik, wil ik, maar ik kan het eenvoudig niet.


Dat is een realiteit die zich steeds weer aan ons opdringt.
En dat maakt je verlegen als de uitnodiging voor de tafel klinkt.
Ja en daar zit Hij dan Het licht der wereld
Want er is zoveel niet goed gegaan.

Zelfs dat wat je niet wilde verkeerd doen.


Ik wl het goede wel, maar het goede doen kan ik niet (Rom
7:18 NBV).
O ja!
Er zullen er hier ook anderen zijn.
Ja maar, teken je het zo niet te zwart?
24 Wie zal mij, miserable mens, redden uit dit bestaan dat
beheerst wordt door de dood? (Rom 7:24 NBV)
Klinkt hen wellicht wat zwaar in hun oren.
In de orthodox gereformeerde traditie tilt men misschien zwaar
aan schuld,


daarbuiten steeds minder.
Dat het soms niet goed gaat, nou ja.
We begrijpen het allemaal wel van elkaar.
Dat is een ander levensgevoel.
We maken allemaal fouten, nou ja.
Je ne regrette rien, zong de Franse zangeres Edit Piaf.
Nee, helemaal nergens van
nee, ik heb nergens spijt van
Noch van het goede wat me is overkomen,
noch van het slechte
Dat alles is me om het even
Nee, helemaal nergens van
nee, ik heb nergens spijt van
Het is ons overkomen, we voelen onszelf niet direct zo schuldig
We begrijpen het allemaal, zulke dingen gebeuren nu eenmaal,
het overkomt je
En voor je het weet hoor je iemand zeggen:


God zal me wel begrijpen.
Nou, als je met de Heer omgaat, leer je langzamerhand dat Hij je
doorheeft.
Maar ook dat hij je kwaad, het kleine en het grote, niet begrijpt.
Wist je het dan niet?, zal Hij ons vragen
Had je geen enkele keus?
Ja ik wist het wel en had de keuze wel, zul je moeten zeggen.
Maar ik kon het niet opbrengen.
Lieve broers en zussen, God begrijpt zo weinig van ons kwaad,
het kleine en het grote,
dat Hij zijn Zoon vroeg voor dat kwaad te sterven,
Hij liet de drinkbeker niet aan zijn Zoon voorbij gaan.
Dat moet je nooit vergeten!
-dat is een ongelooflijk hoge prijsHij kan het er niet bij laten zitten, dat weet je gewoon.


God begrijpt ons kwaad niet, nooit!
En de emotionele uitroep van Paulus:
24 Wie zal mij, miserable mens, redden uit dit bestaan dat
beheerst wordt door de dood? (Rom 7:24 NBV)
is heel passend.
We moeten onder invloed van onze samenleving niet gemakkelijk
over ons kwaad, onze zonde en ons tekort gaan doen.
God wil dat niet!
En Hij begrijpt het ook niet
Naarmate je Hem beter leert kennen, ga je dat steeds meer zien.
In onze ogen bevindt onze God en Vader zich in een verscheurende
spagaat.
Verscheurd tussen zijn rechtvaardigheid en zijn liefde

Klik Een nieuwe werkelijkheid


25

God zij gedankt, door Jezus Christus, onze Heer (Rom 7:25 NBV)

10

Maar daarin klinkt iets nieuw door!


Dus wie in Christus Jezus zijn, worden niet meer veroordeeld
(8,1)
Hoe kan dit dan?
Ziet God mijn kwaad, zonde en tekort niet meer? Ja!
Ziet God mijn kwaad, zonde en tekort, door de vingers? Nee!
De richtlijnen van onze God voor ons leven blijven bestaan!
Ja zelfs in de scherpe belichting van onze Heer Jezus Christus.
En op zichzelf zijn en blijven ze voor mij heel confronterend.
En voor jullie ook
Je zou eigenlijk
Ja!
Maar er is nog iets dat we vaak niet zien.
Iemand die we vaak niet zien.
Vandaag was je gast aan zijn tafel.
Onze Heer Jezus Christus.


En Hij maakte ons samen duidelijk:
Wat jullie niet konden, heb Ik gedaan:
afgerekend met jullie zonde.
Mijn lichaam en bloed waren nodig om dat te kunnen.
Kom bij me zitten, Dan maak Ik je het nog eens duidelijk.
Mijn lichaam en bloed voor jullie.
Broers en zussen, we denken dan al snel.
Ja dat is mooie gedachte, maar het blijft nog buiten mijn leven.
Net zoals het me niet lukt de richtlijnen van God te volgen.
Blijf ik het maar niet begrijpen,
hoe Hij me dan toch aan tafel kan blijven accepteren.
Immers ik blijf kwaad doen, en blijf mijn naaste en dus ook mijn
Heer tekort doen
Maar broers en zussen, het is anders dan wij het ervaren.
We mogen niet slechts een keer in de twee maanden bij Hem nou
vooruit vooruit- aan tafel als we ons best doen.
Hij is een permanente gast aan onze tafels thuis.

11


In de Geest, wonen (9) God de Vader en zijn Zoon in onze levens.
De Geest is immers die van de Vader en de Zoon (10)
Hij woont in onze levens al zo lang dat je Hem geen gast meer kan
noemen.
De Heer Jezus en zijn Vader zijn onze huisgenoten.
Wel eens iemand bij je in huis gehad?
Had die invloed op je huiselijk leven?
Nou h. Je ziet ineens de rommel weer liggen en die wil je
opruimen.
Je zegt toch maar even niet precies wat je ervan denkt.
Je matigt je toon.
De Schepper van het universum woont in je leven (11)
Dat is een realiteit (9) Hij is er.
En dan gebeurt het wonder.
Onder invloed van zijn (hun) aanwezigheid ga je je zonden zien.
-Het wordt dus eerst veel erger-.

12


Maar onder invloed van zijn aanwezigheid ga je ook veranderen.
Je natuur verandert (7) staat hier: je mindset.
Je manier van denken en van zien.
De frisse wind van de Geest waait als een voorjaarswind door het
bos van je leven, en ruimt de rommel op.
Je gaat het niet alleen anders zien, maar je begint ook anders te
leven.
Onder de invloed van de Geest kan dat ook.
Hij is een formidabele kracht, als je Hem toelaat.
De vraag is ook: Wil je dat!
Hoe dat werkt?
Ik kan het jullie niet uitleggen.
Je kunt dit niet beredeneren. je moet dit ervaren.
Dit is ervaringswijsheid.
De Geest van onze grote God woont in je leven,
Hij oefent invloed op je mindset (je natuur) uit.

13


En wat je uit jezelf niet lukte.
Kan onder zijn leiding en vanwege zijn invloed wel.
Hoe dat werkt?
Misschien wel net zoals het met Klik Weijt Moltmaker werkte.
Weijt was al een oude man toen ik klein was.
Anders dan de anderen,
Hij woonde in een steegje achteraf tussen de huizen in een soort
miniboerderijtje. Een klein arbeidershuisje met een kleine stal.
Van Weit heb ik liefde voor dieren geleerd.
Hij had een pony en klein wagentje,
hij maaide gras van de bermen en veldjes en dat ging in zijn
karretje mee naar huis.
Voor zijn pony
Wij mochten ook mee.

14


Zoals Weit met zijn pony omging,!
Teder en liefdevol.
Zo leerde hij mij wat dierenliefde was.
Dat kun je niet uitleggen dat moet je zien.
Zo werkt het ook met de Geest in je leven.
Zijn aanwezigheid verandert je
Terwijl jij worstelt met het kwaad, je zonde en je tekort.
En je aarzelt of je wel aan het avondmaal zult gaan.
Zit hij gewoon nog steeds aan jouw keukentafel en blijft bij je.
Want Hij blijft van je houden.
Hij blijft je trouw.
Accepteert je met al je zonden en tekort toch. wel
Klik Hij is als de vader die geduldig op je zit te wachten,
als jij veel te laat en aangeschoten thuiskomt.
Je had hem niet gezien, maar daar zit hij toch in het donker aan
tafel.

15


Je denk even dat hij kwaad wordt, want dit vindt hij niet goed.
Nee dit vindt hij niet goed!
Toch zegt Hij alleen maar: gelukkig je bent thuis
Ga maar gauw naar boven.
Morgen praten we verder.
en dan besef je dat zijn liefde groter is dan zijn boosheid.
en je neemt je voor het nooit weer te doen,
Om je vader niet.
Zo leer je wat liefde is, uit ervaring!
De Geest reist met je mee en ervaart alles wat jij ervaart.
Het kwaad, het grote en het kleine, de zonde en het tekort.
En je pogingen om dat gemeentelid lief te hebben die mislukken.
Genoeg om Hem diep bedroefd te maken.
Wat doen we de Geest soms toch aan!

16

17

Maar toch zit Hij iedere avond weer aan je keukentafel op je te


wachten
Want Hij houdt te veel van je om je los te laten
maar ook teveel om je te laten zoals je bent.
En als je zijn invloed toelaat, begin je te veranderen.
Je bent nog sterfelijk, maar de Geest geeft je leven (8)
Dat is een wonder.
een wonder om te ervaren
God houdt je niet alleen van een afstandje zijn richtlijnen voor het
leven voor,
maar komt Zelf in je leven wonen,
En gaat met je onderweg,
Zodat je onder zijn leiding en invloed- leert doen wat Hij wil.
dat wat de wet van ons eist. (4)
In de levens van de Romeinen aan wie Paulus schreef was dat zo.


Waren ze al zondeloos? Nee!
Maar ze lieten zich wel leiden door de Geest.
En veranderden onder zijn invloed
U leeft niet (meer) zo., schrijft Paulus.
Ze hebben de Geest van Jezus de leiding gegeven.

Klik Gast aan tafel


Zo is het dus meestal andersom dan wij denken.
Niet wij zijn gast aan zijn tafel,
maar Hij is Gast aan de onze.
permanente Gast.
onder alle omstandigheden.
Hij leeft dus altijd met ons mee
veel dichterbij dan wij denken.
En Hij doordringt ons samen van die nieuwe werkelijkheid.
Als Hij ons brood en wijn geeft,

18

19

Geen eenmalige overbrugging van de afstand, maar het zichtbaar


worden van de werkelijkheid: zo is het altijd.
-Hij laat ons ervarenwat Hij allang voor ons deed.
met de zonde afrekenen in ons zondige menselijke bestaan. (3)
Om ons opnieuw van de belofte te doordringen.
Dat had Hij al eens beloofd:
23 Jezus antwoordde: 'Wanneer iemand mij liefheeft zal hij
zich houden aan wat ik zeg, mijn Vader zal hem liefhebben en
mijn Vader en ik zullen bij hem komen en bij hem wonen.
(Joh. 14,23)
Daarom ,voel je niet langer een ongenode gast.
Maar een genodigde met wie de Geest onderweg is.
En geef Hem, de Geest, de leiding,
je zult eens zien wat dat kan veranderen.


Amen.

20