You are on page 1of 27

Paul Mason & Randi Kreger

Leven met een
borderliner
Een praktische gids
tweede editie

Oorspronkelijke titel: Stop Walking on Eggshells: Taking Your Life Back
When Someone You Care About Has Borderline Personality Disorder –
Second edition, Oakland, CA: New Harbinger Publications Inc., 2010.
Uitgegeven door: Uitgeverij Nieuwezijds, Amsterdam
Vertaling: Marjolijn Stoltenkamp, Amsterdam en
Marijke van der Horst, Tuk
Zetwerk: CeevanWee, Amsterdam
Omslag: Marjo Starink, Amsterdam
© 2010, 2011, Paul T. Mason en Randi Kreger
© Nederlandse vertaling 2011, Uitgeverij Nieuwezijds
© Illustratie omslag: Herwolt van Doornen
isbn 978 90 5712 305 4
nur 770

Bij de productie van dit boek is gebruikgemaakt van papier dat het keurmerk van de Forest Stewardship Counsil (fsc) mag dragen. Bij dit papier
is het zeker dat de productie niet tot bosvernietiging heeft geleid.
Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt door middel van druk, fotokopie, microfilm, geluidsband, elektronisch of op welke andere wijze ook en evenmin in een retrieval system
worden opgeslagen zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de
uitgever.
Hoewel dit boek met veel zorg is samengesteld, aanvaarden schrijver(s)
noch uitgever enige aansprakelijkheid voor schade ontstaan door eventuele fouten en/of onvolkomenheden in dit boek.

Woord vooraf

Meer dan 400.000 exemplaren zijn er al van de Engelstalige versie van
dit boek verkocht sinds het in 1998 verscheen. En als het zo doorgaat,
wordt de half miljoen binnen afzienbare tijd gehaald. En dat is nog
niet alles. Dit boek is inmiddels in zo veel talen vertaald, dat ik het niet
meer kan bijhouden.
Toen Paul Mason en ik dit boek schreven, kostte het ons moeite
om informatie te vinden waar familieleden iets aan zouden hebben.
Op America Online (aol) en op een online nieuwsgroep over persoonlijkheidsstoornissen spraken een paar mensen over de borderlinepersoonlijkheidsstoornis (bps). We vonden slechts twee boeken voor
leken. Nu wemelt het op het internet van de informatie en heb je een
hele boekenkast nodig voor alle boeken over bps die bij uitgevers zijn
verschenen. En dan hebben we het nog niet eens over alle e-boeken en
boeken die in eigen beheer zijn uitgegeven door mensen die direct of
indirect met de stoornis hebben geworsteld.
Wat is er toch gebeurd? Van alles. Onderzoekers kregen de mogelijkheid om door middel van hersenscans de verschillen tussen gewone
hersenen en de hersenen van mensen met bps te bekijken. Daarop
volgden nieuwe medicijnen en uit onderzoek rollen steeds meer gegevens die verklaren waarom mensen met bps denken, voelen en doen
zoals ze doen. Vooruitstrevende behandelaars ontwikkelden vernieuwende behandelmethoden die resultaten begonnen op te leveren. Belangenbehartigers richtten organisaties op en begonnen aan te dringen
op meer aandacht en budget voor onderzoek.
Maar ook de eerste editie van ons boek Leven met een borderliner

8

Leven met een borderliner

was, samen met mijn website en mijn internetsteungroep Welcome to
Oz, een belangrijke factor in de toenemende bewustwording rond
bps. Mensen die het boek hadden gelezen, raakten op het internet
met elkaar in gesprek; mensen met bps en hun familieleden zetten
websites op en vormden groepen omdat ze iets te zeggen hadden en
zich op andere plekken niet gehoord voelden. Mensen die voorheen
geïsoleerd waren, kwamen met elkaar in contact. Tussen 1995 en 2008
groeide mijn lotgenotengroep op het internet, Welcome to Oz, van
twaalf naar zestienduizend leden.
Het succes van het boek (en later ook het bijbehorende werkboek)
maakte bovendien aan uitgevers duidelijk dat boeken over bps het
goed deden. Vandaar de plotselinge stortvloed aan titels. De buitenlandse uitgaven brachten de informatiestroom in andere landen op
gang. In 2008 gaf ik (Randi Kreger), op uitnodiging van de Japanse
uitgever van ons boek, een aantal presentaties voor familieleden van
mensen met bps in Tokio.
Maar het is niet enkel rozengeur en maneschijn. Het ontbreekt veel
behandelaars nog aan essentiële kennis, met name met betrekking tot
het stellen van de diagnose bij kinderen en jongeren met symptomen
van bps en de behandeling van deze groep. Een ander probleem is het
fundamentele gebrek aan inzicht in het feit dat borderline-gedrag zich
kan uiten op talloze manieren die door behandelaars in de geestelijke
gezondheidszorg lang niet altijd worden opgemerkt of herkend als tekenen van bps.
Niet alleen in de buitenwereld, maar ook voor mijn coauteur en
mij persoonlijk is er een hoop veranderd. Een paar jaar na het verschijnen van dit boek, schreef ik Het borderliner werkboek: praktische strategieën voor het omgaan met iemand met een borderline-persoonlijkheidsstoornis. In dit werkboek was ruimte voor heel veel voorbeelden en
beschrijvingen, en door er zelf mee aan de slag te gaan, krijgen lezers
meer inzicht in zichzelf en kunnen ze de informatie toepassen op hun
eigen leven.
Onlangs is er weer een nieuw boek van mij verschenen, De borderline-gids – omgaan met een borderline-persoonlijkheidsstoornis. Dit bevat
een helder programma, bestaand uit vijf ‘actiestappen’ die familieleden
helpen om zich van schuldgevoelens te bevrijden en er aan de hand
van concrete oplossingen aan te werken om zich beter te voelen, vaste
patronen te doorbreken, gehoord te worden en vol vertrouwen grenzen te stellen. Zoals duidelijk zal worden, heb ik een aantal onderdelen

Woord vooraf

9

uit dat boek in deze nieuwe uitgave verwerkt. De twee boeken vullen
elkaar goed aan, doordat ze elk een andere invalshoek bieden. Familieleden hebben alle hulp nodig die ze kunnen krijgen!
Paul Mason, mijn coauteur, is een andere weg ingeslagen. Hij is nu
hoofd zorgmanagement van de locatie All Saints van zorginstelling
Wheaton Franciscan Healthcare in Racine, Wisconsin (vs). In deze
functie heeft Paul de leiding over de afdeling geestelijke gezondheidszorg en verslavingszorg, die drie klinische en zes poliklinische behandelprogramma’s biedt voor volwassenen, kinderen en gezinnen in het
zuidoosten van Wisconsin.
Zijn drie kinderen, die net naar de basisschool gingen toen ons
boek voor het eerst in de winkels lag, zijn nu 13, 17 en 18 jaar. Hij is nog
altijd gelukkig getrouwd met Monica, die, naast de zorg voor hun
drukke gezin, een kleine praktijk voor volwassenen en partnerrelatietherapie heeft in Racine.
Wij hopen dat u veel profijt zult hebben van deze nieuwe uitgave.

Inhoud

inleiding
deel 1

Intieme vreemden: over het ontstaan van dit boek

Borderline-gedrag begrijpen
1

Op eieren lopen: lijdt iemand die je dierbaar is
aan de borderline-persoonlijkheidsstoornis?
2 De innerlijke wereld van de borderliner:
hoe de stoornis wordt gedefinieerd
3 Inzicht in chaos: borderline-gedrag begrijpen
4 Leven in een snelkookpan: wat het gedrag van BP ’s
doet met niet-BP ’s
deel 2

17

25
38
68
88

Je leven weer in eigen hand nemen
5 Zelf veranderen
6 Je situatie begrijpen: grenzen stellen en vaardigheden
ontwikkelen
7 Duidelijk en met zelfvertrouwen voor je behoeften
uitkomen
8 Een noodplan opstellen
9 Kinderen tegen borderline-gedrag beschermen

105
130
158
184
202

16

deel 3

Leven met een borderliner

Speciale problemen oplossen
10 Wachten tot je de volgende schoen naar je hoofd
krijgt: je kind met BPS
11 Leugens, geruchten en beschuldigingen:
lastercampagnes
12 Wat nu? Beslissingen nemen over de relatie

bijlagen
A Oorzaken en behandeling van BPS
B Mindfulness
C Meer informatie
Literatuur

227
242
254
269
275
279
291

Inleiding
Intieme vreemden:
over het ontstaan van dit boek

Er is vast iets mis met me.
Dat was de enige verklaring die ik voor zijn gedrag kon bedenken.
Waarom was hij op het ene moment zo lief en maakte hij me het volgende moment uit voor alles wat lelijk was? Waarom zei hij dat ik begaafd en geweldig was en schreeuwde hij vervolgens dat ik waardeloos
was en de oorzaak van al zijn problemen? Als hij echt zoveel van me
hield als hij zei, waarom voelde ik me dan zo gemanipuleerd en machteloos? En hoe kon iemand die zo intelligent en goed opgeleid was,
zich soms zo volslagen irrationeel gedragen?
Als ik erover nadacht, wist ik dat ik niets had gedaan waardoor ik
het verdiende om zo te worden behandeld. Maar na een paar jaar ging
ik zijn kijk op de werkelijkheid accepteren, namelijk dat er aan mij iets
mankeerde en dat het eigenlijk allemaal mijn eigen schuld was. Zelfs
nadat de relatie was verbroken, kwam er geen einde aan mijn wantrouwen en mijn gebrek aan zelfrespect. Daarom ging ik in therapie.
Na enkele maanden onthulde mijn therapeute iets over mijn exvriend dat mijn leven – en dat van vele anderen – drastisch zou veranderen: ‘Het gedrag dat je beschrijft is zeer kenmerkend voor iemand
met een borderline-persoonlijkheidsstoornis’, zei ze. ‘Ik kan geen diagnose stellen, want ik heb hem nooit ontmoet. Maar op basis van wat jij
vertelt, lijkt hij zeker aan de criteria te voldoen.’
Borderline-persoonlijkheidsstoornis? Ik had er nog nooit van gehoord. Ze raadde me aan I Hate You – Don’t Leave Me van Jerold Kreisman te lezen. Dat deed ik en ik ontdekte dat het verwarrende gedrag
van mijn vriend beantwoordde aan zeven van de negen criteria van de

18

Leven met een borderliner

borderline-persoonlijkheidsstoornis (bps) uit de ‘bijbel’ van psychologen en psychiaters, de Diagnostic and Statistical Manual (DSM ). Vijf
criteria zijn voldoende om de diagnose te kunnen stellen.
Ik wilde meer te weten komen over wat de stoornis met mij had gedaan, want ik wilde erachter zien te komen hoe ik daarvan kon herstellen. Ik kon echter maar twee boeken over bps voor leken vinden en
die boden eerder een gepopulariseerde uitleg van de stoornis dan praktische zelfhulp voor familieleden.
Daarom besloot ik zelf een zelfhulpboek te gaan schrijven. Omdat
in de Verenigde Staten zes miljoen mensen aan bps lijden (in Nederland zijn dat er naar schatting honderdduizend), berekende ik dat er
ten minste achttien miljoen familieleden, partners en vrienden moesten zijn (in Nederland ongeveer driehonderdduizend) die zichzelf –
net als ik – de schuld gaven van gedrag dat weinig met hen te maken
had.
Een vriendin, die wist dat ik het boek samen met een gekwalificeerde behandelaar wilde schrijven, raadde me aan contact te zoeken
met een collega van haar, Paul Mason. Paul werkte al tien jaar als psychotherapeut in klinische en ambulante behandelvormen met borderliners en hun familieleden. Zijn onderzoek naar subtypen van bps was
in een gerenommeerd tijdschrift gepubliceerd. Bovendien had hij diverse lezingen over het onderwerp gegeven voor het gewone publiek
en voor behandelaars.
Net als ik was Paul er vast van overtuigd dat vrienden, partners en
familieleden van mensen met bps er dringend behoefte aan hebben
om te weten dat ze niet alleen staan. ‘Familieleden vertellen me dat ze
op een emotioneel slagveld leven en gewoon niet meer weten hoe ze
moeten reageren,’ zei hij.
Paul begon onderzoek voor het boek te doen en zocht in de vakliteratuur naar relevante artikelen. Veel onderzoeken bespraken de problemen rond de behandeling van borderliners, die door sommige behandelaars worden gezien als claimende en lastige cliënten die slechts
langzaam – of helemaal niet – herstellen. Hoewel de artikelen wel
technieken voor het omgaan met mensen met bps beschreven voor
goed opgeleide behandelaars, die de cliënt met bps slechts één uur per
week zien, werd in de meeste artikelen stilzwijgend voorbijgegaan aan
de behoeften van onopgeleide familieleden, die zeven dagen per week
met de persoon te maken hebben.
In onderzoeken waarin ‘het gezin’ wel aan bod kwam, ging het vrij-

Inleiding

19

wel altijd over het gezin van herkomst van de persoon met bps. Ze
richtten zich op het bepalen van de rol die het ouderlijk milieu van de
patiënt had gespeeld bij de ontwikkeling van de stoornis. Met andere
woorden: de onderzoeken gingen over gedrag dat anderen tegenover
de persoon met bps hadden vertoond en niet zozeer over gedrag dat
die persoon zelf tegenover anderen vertoonde.
Terwijl Paul zich in vaktijdschriften verdiepte, begon ik tientallen
professionele behandelaars te interviewen over wat de niet-bp (partner, vriend of familielid van iemand met bps of kenmerken daarvan)
kan doen om zijn of haar leven weer in eigen hand te nemen, om niet
meer ‘op eieren te lopen’ en toch steun te blijven geven aan de persoon
die hem of haar dierbaar is. Voor een deel waren dit bekende onderzoekers op het gebied van bps en voor een ander deel waren het plaatselijke behandelaars die mij door vrienden waren aanbevolen.
Er stond me een verrassing te wachten. Hoewel de borderline-persoonlijkheidsstoornis per definitie een negatieve uitwerking heeft op
mensen die een relatie hebben met iemand met de stoornis, werden de
meeste professionele behandelaars met wie ik sprak – enkele opmerkelijke uitzonderingen daargelaten – zo volkomen in beslag genomen
door de behoeften van hun cliënten met bps dat hun adviezen aan
niet-bp’s maar weinig voorstelden. Maar ik ging door met interviewen
en onze kennis nam toe.
Paul en ik brachten essentiële informatie aan het licht voor mensen
die geven om iemand met bps. Maar we hadden nog geen boek; nog
niet die gedetailleerde, ondersteunende gids die we wilden schrijven.
Toen deed het internet zijn intrede.
Bij mijn nieuwe computer, die ik had gekocht ten behoeve van
mijn bedrijf voor public relations, marketing en tekstschrijven, zat een
diskette voor America Online (aol). Ik was benieuwd naar het internet en installeerde het programma.
Ik ontdekte een complete wereld waarvan ik het bestaan voorheen
niet kende. Nieuwsgroepen en discussiefora op aol zijn eigenlijk gigantische lotgenotengroepen. De mensen die ik daar tegenkwam – zowel bp’s als niet-bp’s – bleven niet zitten wachten tot professionele behandelaars met antwoorden kwamen. Ze wisselden strategieën en
inhoudelijke informatie uit en boden emotionele steun aan intieme
vreemden die precies begrepen wat ze doormaakten.
Ik begon met het lezen van de berichten die honderden bp’s en
niet-bp’s de afgelopen jaren op aol hadden geplaatst. Ik stuurde e-

20

Leven met een borderliner

mails naar mensen die kort geleden een bericht hadden geplaatst en
vroeg hun om aan ons onderzoek deel te nemen. De meesten van hen
deden dat en waren blij dat er eindelijk iemand was die zich bezighield
met de behoefte aan meer informatie over bps.
Terwijl we heen en weer mailden, begon ik de grootste zorgen van
familieleden, partners en vrienden te inventariseren. Vervolgens vroeg
ik mensen met bps naar hun gezichtspunt. Wanneer niet-bp’s bijvoorbeeld over hun machteloosheid ten overstaan van de woede van iemand met bps spraken, vroeg ik de bp’s om te beschrijven wat ze tijdens een woede-uitbarsting dachten en voelden en hoe anderen
daarop het beste konden reageren.
Aanvankelijk vertrouwden de mensen met bps me niet, maar na
verloop van maanden kregen ze meer vertrouwen in me en onthulden
ze hun diepste gevoelens over zichzelf, waarbij ze de ongelooflijke ellende beschreven die de stoornis met zich meebrengt. Velen van hen
vertelden me afschuwelijke verhalen over seksueel misbruik, zelfverwonding, depressie en pogingen tot zelfdoding. ‘Als je bps hebt, voelt
het echt alsof je constant in een hel leeft,’ schreef een vrouw. ‘Pijn,
woede, verwarring. De ene minuut niet weten hoe je je de volgende
zult voelen. Verdriet, omdat ik de mensen van wie ik houd pijn doe.
Heel af en toe voel ik me helemaal gelukkig, en vervolgens maak ik me
daar ongerust over. Dan verwond ik mezelf. Vervolgens schaam ik me
daarvoor. Ik heb het gevoel dat mijn leven een eindeloos “Hotel California” is, waar ik alleen uit kom door er definitief uit te stappen.’
Sommige therapeuten hadden weinig hoop dat mensen werkelijk
van bps konden genezen. Maar bij aol en op het internet ontmoette
ik veel mensen die flink vooruit waren gegaan door een combinatie
van therapie, medicijnen en emotionele steun. De tranen sprongen me
soms in de ogen vanwege hun blijdschap over het feit dat ze zich voor
het eerst in hun leven normaal voelden. En ik begreep voor het eerst
hoe de borderliner in mijn eigen leven moet hebben geleden. Gedrag
waar ik indertijd niets van begreep, begon nu betekenis te krijgen.
Voor de eerste keer drong het echt tot me door dat al die jaren van
niet-uitgelokte emotionele aanvallen eigenlijk niets met mij te maken
hadden. Ze kwamen waarschijnlijk voort uit zijn eigen schaamte en
zijn intense angst in de steek te worden gelaten. Door de ontdekking
dat ook hij een slachtoffer was, veranderde mijn woede deels in mededogen.
De verhalen van familieleden op het internet waren al even afschu-

Inleiding

21

welijk. Partners vertelden me dat hun man of vrouw schadelijke en gênante leugens over hen rondstrooiden, of zelfs valse aanklachten over
mishandeling indienden. Liefhebbende, verbijsterde ouders van kinderen die de diagnose bps kregen, gaven al hun spaargeld uit om hun
kinderen te helpen, alleen om impliciet of expliciet te worden beschuldigd van misbruik en mishandeling.
Volwassen kinderen van bp’s spraken over hun nachtmerrieachtige
jeugd. Een man zei: ‘Zelfs mijn lichamelijk functioneren kreeg kritiek.
Mijn moeder, die bps had, beweerde dat ik niet goed at, liep, sprak,
dacht, zat, rende, plaste, niesde, hoestte, lachte, bloedde of hoorde.’
Broers en zussen van bp’s vertelden dat ze moesten knokken om de
aandacht van hun ouders en bang waren dat hun eigen kinderen de
stoornis ook zouden krijgen.
Met behulp van vrijwilligers die ik op de discussiefora vond, richtte
ik een website op over bps (www.bpdcentral.com) en organiseerde ik
op het internet een lotgenotengroep voor niet-bp’s, genaamd Welcome to Oz. Veel mensen ontdekten tot hun verbijstering dat er een heleboel anderen waren met dezelfde ervaringen, terwijl zij dachten dat
ze de enige waren. Zo waren er bijvoorbeeld drie leden van Welcome
to Oz die vertelden dat zich op het vliegveld heftige ruzies hadden
voorgedaan. En vier leden zeiden dat de bp in hun leven dagenlang
woedend op hen was geweest om iets wat ze in zijn of haar dromen
hadden gedaan.
Paul en ik begonnen heel langzaam wat structuur aan te brengen in
deze immense hoeveelheid informatie. We ontwikkelden een systeem:
ik bracht ideeën en suggesties te berde, gebaseerd op discussies op het
internet, en gaf ze aan Paul, die ze bestudeerde, uitwerkte en in een
theoretisch kader plaatste.
Daarnaast deed Paul op basis van zijn onderzoek aanbevelingen,
die ik vervolgens bewerkte en verspreidde onder de leden van Welcome to Oz voor hun commentaar vanuit het ‘echte leven’. We stonden
allebei versteld van de technologie: door slechts een toets in te drukken, konden we via het internet feedback krijgen van honderden mensen over de hele wereld.
Wanneer we beiden tevreden waren over ons werk, legden we het
voor aan collega’s van Paul, andere professionele behandelaars en bekende onderzoekers op het vlak van bps die al jarenlang patiënten met
bps en hun familieleden begeleidden. Zij bevestigden dat hun patiënten en familieleden tegen dezelfde problemen aanliepen als onze corres-

22

Leven met een borderliner

pondenten op het internet. Om nog beter te kunnen instaan voor de
juistheid van onze gegevens vroegen we dr. Edith Cracchiolo, hoogleraar psychologie op het Cerritos College te Norwalk in Californië, een
enquête te houden onder de niet-bp’s in onze internetsteungroep.
Natuurlijk zijn we er niet in geslaagd iedereen tevreden te stellen.
Toen ik voor het eerst overwoog het boek te schrijven, snapte ik niet
waarom dat nooit eerder was gedaan. Maar na een paar maanden werken aan het project was dat me helemaal duidelijk. De borderline-persoonlijkheidsstoornis is een controversieel, complex onderwerp. Alleen al het opstellen van een definitie heeft iets weg van in de regen
geblinddoekt en met je blote handen een vis vangen. Theorieën over
het ontstaan van de borderline-persoonlijkheidsstoornis zijn er genoeg, maar bewezen zijn ze niet. En over de behandeling wordt door
gerenommeerde onderzoekers heftig gedebatteerd.
Het meest frustrerend was het gebrek aan erkenning van bps door
de geestelijke gezondheidszorg en dus ook door het grote publiek. Volgens de American Psychiatric Association (apa) komt bps bijna even
vaak voor als schizofrenie en bipolaire stoornissen samen. Toch gaven
de meeste behandelaars die we hebben geïnterviewd aan dat hun opleiding hen er niet voldoende op had voorbereid deze ingewikkelde
stoornis te diagnosticeren en behandelen. Sommige hadden maar een
of twee colleges over het onderwerp bijgewoond.
Het schrijven van dit boek was even moeilijk in emotionele zin als
uitdagend in intellectuele zin. Veel mensen met bps voegden aan hun
antwoorden op mijn vragen een verhulde of expliciete dreiging met
zelfdoding toe. Elke dag ontving ik ten minste één wanhopig bericht
van iemand die zojuist het bestaan van bps had ontdekt via www.bpdcentral.com en om raad vroeg over hoe het nu verder moest.
Het resultaat van onze drie jaar durende inspanning is het boek dat
je nu in je handen houdt. Het is niet het laatste woord over dit onderwerp. Het is nog maar een begin. We hopen dat het inspireert tot
nieuw onderzoek, behandelaars helpt hun cliënten voor te lichten,
steun en troost biedt aan familieleden en vrienden en hoop geeft dat
mensen met bps beter kunnen worden. Maar we hopen vooral dat het
boek jou – en talloze anderen met jou – helpt om uit de emotionele
achtbaan te stappen waar je in hebt gezeten sinds er in jouw leven iemand met bps verscheen.
– Randi Kreger

DEEL 1

Borderline-gedrag begrijpen

1
Op eieren lopen:
lijdt iemand die je dierbaar is aan
de borderline-persoonlijkheidsstoornis?

Na vijftien jaar huwelijk wist ik nog steeds niet wat ik verkeerd
deed. Ik zocht in bibliotheken, raadpleegde artsen, sprak met behandelaars, las artikelen en praatte met vrienden. Vijftien jaar lang
heb ik mezelf vragen gesteld en me zorgen gemaakt en hechtte ik
te veel geloof aan wat ze over me zei. Ik twijfelde aan mezelf en
had veel verdriet zonder te weten waarom.
Toen vond ik op een dag eindelijk de antwoorden op het internet. Ik begon te huilen van opluchting. Al kan ik mijn dierbare borderliner niet zover krijgen dat ze toegeeft hulp nodig te hebben, ik
begrijp in ieder geval eindelijk wat er gaande is. Het is niet mijn
schuld. Nu weet ik de waarheid.
– uit de internetsteungroep Welcome to Oz op
www.bpdcentral.com

Is dit boek iets voor jou?
– Bezorgt iemand die je dierbaar is je heel veel pijn?
– Merk je dat je verbergt wat je denkt of voelt, omdat je bang bent
voor de reactie van de ander of omdat openheid gewoon de vreselijke ruzie of de gekwetste gevoelens die erop volgen niet waard is?
– Heb je het gevoel dat alles wat je zegt of doet, wordt verdraaid en
tegen je wordt gebruikt? Krijg jij kritiek en beschuldigingen te verduren voor alles wat er mis is met de relatie, ook al is dat logisch gesproken onzin?

26

Leven met een borderliner

– Ben je het mikpunt van heftige, gewelddadige of irrationele woedeaanvallen, afgewisseld door volkomen normaal en liefdevol gedrag? Gelooft niemand je wanneer je uitlegt dat dit gebeurt?

Heb je het gevoel dat de persoon die je
Voel je je gemanipuleerd, klem gedierbaar is jou ofwel als volkomen goed ofwel
zet en soms zelfs belogen? Heb je
als volkomen slecht ziet, met niets daartushet gevoel dat je slachtoffer bent
senin? Komt het voor dat er geen rationele
van emotionele chantage?
aanleiding voor die omschakeling is?
– Ben je bang in de relatie om dingen te vragen, omdat je te horen
zult krijgen dat je te veeleisend bent of dat er iets mis met je is? Heb
je het gevoel dat jouw behoeften niet van belang zijn?
– Geeft de ander af op jouw visie of wordt die ontkend? Heb je het
gevoel dat zijn of haar verwachtingen ten aanzien van jou voortdurend veranderen, zodat je nooit iets goed kunt doen?
– Word je beschuldigd van dingen die je nooit hebt gedaan of gezegd? Voel je je verkeerd begrepen en merk je dat de ander je niet
gelooft wanneer je dat probeert uit te leggen?
– Word je vaak gekleineerd? Als je probeert de relatie te verbreken,
probeert de ander je daar dan van te weerhouden door middel van
tactieken variërend van liefdesverklaringen en beloften om te veranderen, tot impliciete of expliciete dreigementen? Verontschuldig
je zijn of haar gedrag of probeer je jezelf ervan te overtuigen dat alles in orde is?
Heb je ja geantwoord op veel van deze vragen, dan hebben we goed
nieuws voor je: je bent niet gek aan het worden, het is niet jouw schuld
en je bent niet de enige. Mogelijk heb je deze ervaringen net als meer
mensen omdat iemand in je naaste omgeving eigenschappen heeft die
verband houden met de borderline-persoonlijkheidsstoornis (bps).
Hier volgen drie waargebeurde verhalen van mensen die hebben
ontdekt dat iemand in hun omgeving aan de stoornis leed. Net als alle
voorbeelden in dit boek zijn de verhalen gebaseerd op het materiaal
van de internetsteungroepen, al hebben we veel details veranderd om
de anonimiteit van de betrokken personen te waarborgen.
Het verhaal van John, getrouwd met een vrouw met BPS
Getrouwd zijn met iemand met BPS betekent dat je de ene minuut
in de hemel bent en de volgende in de hel. De stemmingen van
mijn vrouw veranderen met de seconde. Ik loop op eieren om het

1 • Op eieren lopen

27

haar naar de zin te maken en te voorkomen
Denk je nu: ‘Ik had geen idee dat
dat we ruzie krijgen omdat ik te vroeg, te
iemand anders hetzelfde meesnel, op de verkeerde toon of met de vermaakte’?
keerde gezichtsuitdrukking spreek.
Zelfs wanneer ik precies doe wat ze vraagt, wordt ze nog razend op me. Op een dag droeg ze me op met de kinderen ergens
heen te gaan, omdat ze een tijdje alleen wilde zijn. Maar toen we
weggingen, gooide ze de sleutels naar mijn hoofd en beschuldigde
ze me ervan dat ik zo’n hekel aan haar had, dat ik het niet kon verdragen met haar onder één dak te vertoeven. Toen de kinderen en
ik uit de bioscoop terugkwamen, deed ze alsof er niets gebeurd
was. Ze vroeg zich af waarom ik nog steeds ontdaan was en zei tegen me dat ik er moeite mee had mijn woede los te laten.
Zo is het niet altijd geweest. Voor we trouwden, hadden we een
onstuimige, sprookjesachtige verkeringstijd. Ze verafgoodde me en
zei dat ik in allerlei opzichten volmaakt voor haar was. De seks was
ongelooflijk. Ik schreef liefdesgedichten en kocht dure cadeaus
voor haar. We verloofden ons na vier maanden en een jaar later waren we getrouwd en maakten we een peperdure droomhuwelijksreis. Maar direct na de bruiloft begon ze onbenulligheden te gebruiken om bergen kritiek over me uit te storten, me te
ondervragen en me pijn te doen. Ze verweet me dat ik voortdurend
naar andere vrouwen verlangde en wees op verzonnen ‘voorbeelden’ om haar beweringen kracht bij te zetten. Ze voelde zich bedreigd door mijn vrienden en begon ze af te stoten. Ze zei lelijke
dingen over mijn bedrijf, mijn verleden, mijn waarden, mijn trots, ja
eigenlijk alles wat met mij te maken had.
Toch is ze zo nu en dan weer ‘de oude’, de vrouw die van mij
hield en mij de geweldigste man ter wereld vond. Zij is nog steeds
de slimste, grappigste en meest sexy vrouw die ik ken en ik ben nog
steeds smoorverliefd op haar. De relatietherapeut denkt dat mijn
vrouw mogelijk BPS heeft, maar mijn vrouw houdt vol dat ik degene
ben die de relatie verziekt. Ze vindt de theraJe bent niet gek aan het worden,
peut waardeloos en wil niet meer naar hem
het is niet jouw schuld en je bent
toe. Hoe kan ik ervoor zorgen dat ze de hulp
niet de enige.
krijgt die ze zo dringend nodig heeft?

28

Leven met een borderliner

Het verhaal van Larry, ouder van een kind met BPS
Toen Rick, onze geadopteerde zoon, anderhalf jaar oud was, wisten we dat er iets met hem aan de hand was. Hij was humeurig,
huilde veel en krijste soms wel drie uur achtereen. Toen hij twee
was, had hij diverse driftbuien per dag, die soms uren duurden. Onze dokter zei alleen maar: ‘Zo zijn jongens nu eenmaal.’
Toen Rick zeven was, vonden we een briefje in zijn kamer waarop stond dat hij een eind aan zijn leven zou maken als hij acht
werd. Zijn leerkracht verwees ons naar een psychiater, die ons vertelde dat hij meer structuur en een consequentere aanpak nodig
had. We probeerden het met belonen, liefdevol maar streng zijn en
zelfs verandering van zijn eetpatroon. Maar niets hielp.
Toen Rick pas op de middelbare school zat, loog hij, stal hij, spijbelde hij en had hij onbeheersbare woedeaanvallen. Hij kwam in
aanraking met de politie toen hij een zelfmoordpoging deed, zichzelf begon te verwonden en dreigde ons te vermoorden. Hij belde
telkens de kindertelefoon als we hem voor straf naar zijn kamer
stuurden. Onze zoon manipuleerde zijn leraren, zijn familieleden en
zelfs de politie. Hij kon bijzonder gewiekst zijn en mensen volkomen inpakken met zijn gevatheid, knappe uiterlijk en gevoel voor
humor. Iedere therapeut was ervan overtuigd dat zijn gedrag onze
schuld was. En wanneer ze zijn bedrog doorzagen, weigerde hij terug te gaan. Geen enkele nieuwe therapeut nam de tijd zijn dossier
door te lezen, dat inmiddels centimeters dik was.
Ten slotte belandde hij, na een leraar te hebben bedreigd, in
een centrum voor kortdurende therapeutische behandeling. We
kregen afwisselend te horen dat hij ADHD had of aan een posttraumatische stress-stoornis leed, veroorzaakt door een of ander onbekend trauma. Een van de psychiaters zei dat hij leed aan ‘een depressie met een psychotische stoornis’. En van heel veel mensen
kregen we te horen dat hij gewoon een rotjongen was. Na vier opnames deelde onze verzekeringsmaatschappij ons mee dat de kosten niet meer vergoed zouden worden. In de inrichting werd gezegd dat hij te ziek was om naar huis te gaan. En de plaatselijke
psychiaters adviseerden ons om ons door de rechtbank uit de ouderlijke macht te laten zetten. Op de een of andere manier vonden
we een andere inrichting, waar voor het eerst de diagnose ‘borderline-persoonlijkheidsstoornis’ werd gesteld. Hij kreeg allerlei medicijnen, maar men zei dat er weinig hoop was dat hij zou herstellen.

1 • Op eieren lopen
Rick slaagde er ondanks alles in om zijn eindexamen te halen en
naar een hogeschool te gaan, wat uiteindelijk op een ramp uitliep.
Hij heeft nu ongeveer de rijpheid van een jongen van achttien, al is
hij drieëntwintig. Het volwassen worden heeft wel iets geholpen,
maar hij is nog steeds bang om in de steek te worden gelaten, kan
geen langdurige relaties onderhouden en heeft in twee jaar tijd vier
baantjes versleten. Zijn vrienden komen en gaan, want hij kan erg
bazig, onhebbelijk, manipulatief en dwars zijn. Dus hij is voor financiële en emotionele steun van ons afhankelijk. Hij heeft niemand
anders meer.
Het verhaal van Ken, zoon van iemand met BPS
Mijn moeder hield alleen op bepaalde voorwaarden van me. Als ik
niet deed wat er van me werd verwacht – klusjes of zo –, ging ze tegen me tekeer, snauwde ze me af en zei ze dat ik een verschrikkelijk kind was dat nooit vrienden zou maken. Maar wanneer ze liefde
nodig had, werd ze hartelijk, knuffelde ze me en zei ze dat we het
zo goed konden vinden samen. Je kon haar stemmingen nooit
voorspellen.
Mijn moeder werd nijdig als ze vond dat iemand anders te veel
van mijn tijd en energie in beslag nam. Ze was zelfs jaloers op
Snoopy, onze hond. Ik dacht altijd dat ik iets verkeerd deed, of dat
ik zelf verkeerd was.
Ze probeerde iets beters van me te maken door me voortdurend te vertellen hoe ik moest veranderen. Mijn haar zat niet goed,
er was iets mis met mijn vrienden, mijn tafelmanieren en mijn houding. Ze overdreef en loog om haar beweringen te rechtvaardigen.
Als mijn vader protesteerde, maakte ze zich daar met een handgebaar vanaf. Ze moest en zou gelijk hebben. Al die jaren probeerde
ik aan haar verwachtingen te voldoen. Maar als ik dat deed, veranderden ze weer. En ook al kreeg ik jarenlang bijtende kritiek te verduren, ik raakte er nooit aan gewend. Ik vind het nog steeds moeilijk mensen dichtbij te laten komen. Ik kan niemand volledig
vertrouwen, zelfs mijn vrouw niet. Als ik me sterk met haar verbonden voel, zet ik me schrap voor de onvermijdelijke afwijzing die, zo
denk ik, zeker zal komen. En als ze dan niets doet waarop ik het etiket ‘afwijzing’ kan plakken, stoot ik haar zelf op de een of andere
manier af. Dan word ik bijvoorbeeld boos op haar om iets onbenul-

29

30

Leven met een borderliner

ligs. Verstandelijk begrijp ik wat er gebeurt, maar ik voel me niet in
staat er iets aan te doen.

De intensiteit van borderline-gedrag
Mensen met bps hebben dezelfde emoties als andere mensen. Ze doen
vaak dezelfde dingen die andere mensen doen. Het verschil is dat zij:
– dingen intenser ervaren;
– extremer gedrag vertonen;
– moeite hebben hun emoties en gedrag te reguleren.
bps leidt niet tot fundamenteel ander gedrag, maar wel tot gedrag dat
naar uitersten neigt.

Onderzoekers bedachten de term ‘borderline’ in de eerste helft
van de twintigste eeuw, omdat ze meenden dat mensen die
gedrag vertoonden dat we tegenwoordig met bps in verband
brengen zich op de grens tussen een neurose en een psychose bevonden. Deze opvatting wordt sinds de jaren zeventig als achterhaald beschouwd, maar de term is blijven bestaan.

Als je erachter komt dat het BPS is
Mensen die houden van iemand met de borderline-persoonlijkheidsstoornis, zijn doorgaans verbijsterd als ze horen dat er mogelijk bps
ten grondslag ligt aan het grillige, kwetsende en verwarrende gedrag
van de persoon. Ze vragen zich vaak af waarom ze niet eerder van bps
hebben gehoord, vooral wanneer ze al hulp hebben gezocht in de geestelijke gezondheidszorg.
Waarom horen we zo weinig over BPS ?

Helaas wordt bps niet altijd herkend, zelfs niet door psychologen of
psychiaters. Er zijn verschillende factoren die dit kunnen verklaren.

1 • Op eieren lopen

31

1. De American Psychiatric Association heeft bps pas in 1980 officieel erkend en opgenomen in de Diagnostic and Statistical Manual
(DSM , 1994), een standaardhandboek voor de diagnose en behandeling van psychiatrische stoornissen. Veel behandelaars zien tekenen van bps over het hoofd omdat ze simpelweg niet genoeg over
de stoornis weten.
2. Sommige behandelaars zijn het niet eens met de informatie in de
DSM en enkele geloven zelfs niet dat bps bestaat. Sommige wijzen
de diagnose van de hand, omdat er te veel onder valt of omdat ze
het een ‘prullenbakdiagnose’ voor moeilijke patiënten vinden.
3. Sommige behandelaars vinden de diagnose bps zo stigmatiserend
dat ze patiënten een dergelijk etiket niet willen geven uit angst dat
ze de verschoppelingen van de geestelijke gezondheidszorg zullen
worden. Ook schrijven veel behandelaars bps wel als officiële diagnose in het dossier van de patiënt, maar bespreken deze niet met de
patiënt zelf. Of ze noemen de diagnose wel kort, maar geven er
geen uitleg bij.
Wel of niet vertellen?

Nu je dit boek leest, wil je misschien dolgraag over bps praten met de
persoon die er volgens jou aan lijdt. Dat is begrijpelijk. Horen dat deze
stoornis bestaat, kan een ingrijpende ervaring zijn waardoor veel verandert. In je fantasie zie je voor je dat de persoon je dankbaar is en zich
naar de therapeut haast om zijn of haar demonen de baas te worden.
Helaas verloopt het in werkelijkheid
Geen enkele beroemdheid heeft
meestal anders. Van familieleden hebben we
ooit toegegeven aan de stoornis te
vaak gehoord dat hun geliefde in plaats daarlijden (hoewel de sensatiepers en
van reageerde met woede, ontkenning en een
biografieën er uitgebreid over spestortvloed van kritiek. Vaak beschuldigen
culeren), maar vele vertonen wel
mensen met kenmerken van bps hun famide kenmerken. Problemen als eetlieleden ervan dat zij degenen zijn met de
stoornissen, huiselijk geweld, aids
stoornis.
en kanker treden pas op de voorMaar het kan ook anders lopen: de pergrond in ons nationale bewustzijn
soon met kenmerken van bps schaamt zich
als iemand die beroemd is erdoor
zo en voelt zich zo wanhopig dat hij of zij
wordt getroffen.
probeert zichzelf iets aan te doen. Of de in-

32

Leven met een borderliner

formatie wordt gebruikt om verantwoordelijkheid voor het gedrag van
zich af te schuiven: ‘Ik kan er niets aan doen, ik heb borderline.’
Zoek hulp van een gekwalificeerde therapeut

Dit is een uiterst ingewikkelde kwestie. Stort je er niet overhaast in.
Bespreek je gedachten met een gekwalificeerde therapeut die ervaring
heeft met het behandelen van mensen met bps. Over het algemeen
verdient het de voorkeur dat de betrokkene informatie over bps krijgt
van een therapeut, en niet van jou. Als het om een volwassene gaat die
al in therapie is, zal de therapeut vanwege het beroepsgeheim waarschijnlijk niet met jou over bps praten. Je
Je kunt mensen niet dwingen hun
kunt je zorgen echter wel met de therapeut
gedrag te willen veranderen. Tenbespreken.
slotte gaat het voor mensen die
De kans bestaat dat andere mensen in het
aan de stoornis lijden niet slechts
leven van de persoon ook reageren met ontom ‘gedrag’, maar om mechaniskenning en beschuldigingen, vooral de leden
men waarmee ze zich hun hele levan diens gezin van herkomst: moeder, vader,
ven staande hebben gehouden.
broers en zussen. Bedenk dat het niet jouw
– John M. Grohol,
taak is om anderen ergens van te overtuigen.
klinisch psycholoog
Mensen moeten er aan toe zijn om iets te leren.

De uitzondering
Er bestaan een paar situaties waarin je het onderwerp BPS voorzichtig zou kunnen bespreken met iemand die volgens jou de
stoornis heeft:
– Als de persoon actief op zoek is naar antwoorden op de vraag
waarom hij of zij zich zo voelt.
– Als jullie elkaar niet de schuld geven van de situatie.
– Als je het gesprek op een zorgvuldige, liefdevolle manier kunt
voeren en de ander ervan kunt verzekeren dat je van plan bent
gedurende een jarenlange behandeling bij hem of haar te blijven. (Beloof dit echter niet te snel. De belofte doen en die
vervolgens verbreken kan erger zijn dan helemaal niets beloven.)

1 • Op eieren lopen

33

Als jij het wel weet en de ander niet

Misschien krijg je nog meer het gevoel dat je op eieren loopt als jij wel
weet dat de diagnose bps tot de mogelijkheden behoort, en de ander
niet. Zo zegt Sam dat hij er niet met zijn vrouw, Anita, over kan praten
dat ze mogelijk bps heeft en dat ze daarom geen verantwoordelijkheid
neemt voor haar gedrag en klaagt dat ze altijd het ‘slachtoffer’ is. Over
therapie beginnen is duidelijk niet aan de orde. Hij heeft bovendien
het gevoel dat hij oneerlijk is, want hij gebruikt een apart postadres
om informatie over bps te ontvangen.
Sinds ik heb ontdekt dat BPS bestaat, ben ik milder en meer meelevend geworden, maar het contact is nog steeds even frustrerend. Soms heb ik het
gevoel dat ik word bedolven onder de enorme hoeveelheid informatie die
ik heb ingewonnen.
– Wesley

Jij bent de enige die, in overleg met een deskundige behandelaar
met ervaring in het behandelen van bps, kan besluiten hoe je
het het beste kunt aanpakken. In bijlage A vind je informatie
over het kiezen van een therapeut.

Blijf niet steken in de diagnose

In plaats van in te gaan op de diagnose, kun je de ander ook helpen in
te zien dat in iedere relatie beide personen verantwoordelijkheid dragen voor de gang van zaken. (Misschien heb je het gevoel dat de bp
verantwoordelijk is voor alle problemen, maar zet dat voorlopig even
opzij.) Je boodschap zou moeten zijn dat, wanneer zich problemen
voordoen in een relatie, beide partners eraan moeten werken om die
op te lossen.
Als de bp niet in staat lijkt samen te werJe boodschap zou moeten zijn dat,
ken aan de relatie, zou je je kunnen concenwanneer zich problemen voordoen
treren op het aangeven van grenzen (hoofdin een relatie, beide partners eraan
stuk 6). Zoals we nog zullen uitleggen, is je
moeten werken om die op
verzoek jouw grenzen te respecteren niet afte lossen.
hankelijk van het inzicht van de ander in de

34

Leven met een borderliner

stoornis of in zijn of haar bereidheid toe te geven dat daar sprake van
is.
Bedenk dat het niet zeker is dat de ander bps heeft. En ook al is dat
wel zo, dan hoeft dat zijn of haar gedrag nog niet volledig te verklaren.
Verplaats je aandacht van het zoeken naar mogelijke oorzaken van het
gedrag van de ander naar het oplossen van problemen die daaruit
voortkomen.

Zo gebruik je dit boek
In dit boek staat een enorme hoeveelheid informatie. Lees langzaam
en probeer niet alles tegelijk in je op te nemen. Het is de bedoeling dat
je de informatie met kleine beetjes tegelijk verwerkt.
Lees dit boek stap voor stap

We raden je aan dit boek vanaf het begin tot het einde te lezen en er
niet zomaar wat in te grasduinen. De kennis die je in het ene hoofdstuk verzamelt, heb je bij het volgende hoofdstuk nodig. Dit geldt
vooral voor deel 2. We herhalen een aantal basisconcepten in verschillende hoofdstukken om je te helpen ze te integreren in een nieuwe manier van denken over jezelf en jullie relatie.
Begrijp de terminologie

We hebben enkele nieuwe termen en definities bedacht om dit boek
leesbaarder te maken.
Niet-borderliner (niet- BP )

De term ‘niet-borderliner’ (niet-bp) staat niet voor ‘persoon die geen
bps heeft’, maar is een korte aanduiding voor een ‘familielid, partner,
vriend of vriendin, of andere persoon die te maken heeft met het gedrag van iemand met bps’. Niet-bp’s kunnen in allerlei relaties staan
tot iemand met bps. Onder de niet-bp’s die we hebben geïnterviewd,
waren ook tantes, neven, nichten en collega’s van mensen met bps.
Niet-bp’s vormen een uiteenlopende groep mensen die op verschillende manieren door mensen met bps worden beïnvloed. Sommige
niet-bp’s bieden de mensen met bps in hun leven veel steun; andere

1 • Op eieren lopen

35

mishandelen hen verbaal of lichamelijk. Niet-bp’s kunnen zelf ook
psychische problemen hebben, zoals een depressie, verslaving, aandachtstekortstoornis of borderline-persoonlijkheidsstoornis.
Sommige mensen met bps zijn seksueel, lichamelijk en emotioneel mishandeld door hun ouders of andere verzorgers. Andere
hebben heel goede ouders die zich volledig hebben ingezet voor
het vinden van de een goede therapie voor hun kind. De ouders
die wij hebben geïnterviewd, horen thuis in de laatstgenoemde
categorie. Het zijn geen volmaakte ouders (wie van ons is dat
wel?), maar ze hebben hun kind niet mishandeld. Wanneer we
het over ouders hebben, bedoelen we dus gewone ouders, die gewone fouten maken.

Borderliner ( BP )

In dit boek gebruiken we de term ‘borderliner’ (bp) voor ‘een persoon
bij wie de diagnose borderline-persoonlijkheidsstoornis is gesteld of
die lijkt te beantwoorden aan de definitie van bps in de diagnostische
criteria van de DSM-IV-TR (2004) van de American Psychiatric Association.
bps wordt vaak onjuist gediagnosticeerd en gaat nogal eens samen met andere psychische problemen. Als jouw bp door diverse psychologen en psychiaters is behandeld, is het heel goed mogelijk dat die allemaal een andere mening hebben ten aanzien
van de diagnose. Als er geen officiële diagnose is gesteld, heb je
er misschien moeite mee de persoon borderliner te noemen.
Laat je er daardoor echter niet van weerhouden alle informatie te
verzamelen die je nodig hebt om je leven te verbeteren.

Een diagnose hoort niet gesteld te worden op basis van informatie uit
een boek. Een diagnose kan uitsluitend worden gesteld door een psycholoog of psychiater die ervaren is in het beoordelen en behandelen
van mensen met bps. Misschien zul je nooit zeker weten of degene die
je dierbaar is werkelijk bps heeft. De persoon kan weigeren zich door

36

Leven met een borderliner

een psychiater of psycholoog te laten onderzoeken en zelfs volledig
ontkennen dat hij of zij problemen heeft. Of de persoon gaat wel in
behandeling bij een therapeut, maar kiest ervoor de diagnose niet aan
jou mee te delen.
Bedenk dat dit boek over jou gaat en niet over de bp. Jij hebt er
recht op hulp te zoeken. En als je wordt geconfronteerd met de
gedragspatronen die op de voorgaande bladzijden zijn genoemd,
kun je baat hebben bij de strategieën in dit boek, of de diagnose
bps nu is gesteld of niet.

‘Borderliner’ versus ‘persoon met

BPS ’

Sommige psychologen en psychiaters geven de voorkeur aan de term
‘persoon met bps’. Zij vinden dat iemand een ‘borderliner’ noemen,
impliceert dat de persoon niets meer is dan de diagnose. Deze behandelaars vinden dat de langere aanduiding ‘persoon met bps’ altijd zou
moeten worden gebruikt.
Hoewel wij het er mee eens zijn dat de term ‘persoon met bps’
minder stigmatiserend is dan het woord ‘borderliner’, is het ons doel
een boek te schrijven dat niet alleen van respect getuigt voor mensen
met een psychische stoornis, maar ook leesbaar en beknopt is. Om de
complexe interacties tussen bp’s en niet-bp’s te onderzoeken, moeten
we vaak onderscheid tussen hen maken, soms meerdere malen binnen
een zin. Veelvuldig gebruik van de langere aanduiding zou dit boek
moeilijk leesbaar maken, daarom kiezen we er toch vaak voor ‘borderliner’ of ‘bp’ te gebruiken. Bovendien staat bp ook voor iedereen bij
wie de diagnose niet officieel is gesteld, maar die wel de kenmerken
van bps vertoont.
Denk aan ons uitgangspunt

Al lezend kun je de indruk krijgen dat wij de persoon met bps verantwoordelijk houden voor alle problemen in de
Alleen al het lezen van dit boek
relatie, maar eigenlijk hebben we het helekan je het gevoel geven dat je de
maal niet over de relatie als geheel. We conpersoon waarvan je houdt vercentreren ons in feite alleen op het omgaan
raadt, maar dat is niet terecht.
met borderline-gedrag.

1 • Op eieren lopen

37

In het werkelijke leven hebben relaties vele facetten. Honderden
factoren die niets met bps te maken hebben, oefenen er invloed op
uit. Die factoren bespreken we niet, omdat ze buiten het bestek van dit
boek vallen.
De bp is verantwoordelijk is voor vijftig procent van de relatie
en de niet-bp is verantwoordelijk voor de andere helft. Tegelijkertijd zijn beiden voor honderd procent verantwoordelijk voor
hun eigen vijftig procent.

Geef de moed niet op

bps is waarschijnlijk de minst begrepen psychiatrische diagnose. En
de grootste misvatting is dat mensen met bps nooit beter kunnen
worden, zelfs niet een beetje. In werkelijkheid kunnen medicijnen ertoe bijdragen dat depressiviteit, stemmingswisselingen en impulsiviteit
verminderen. Empirisch onderzoek heeft aangetoond dat bepaalde
therapievormen effectief zijn. We hebben veel herstelde bp’s ontmoet
die niet langer de dwingende behoefte voelen zichzelf te verwonden,
die tevreden zijn met zichzelf en die met vreugde liefde geven en ontvangen.
Maar stel nu dat de bp hulp en behandeling weigert? Ook dan hoef
je de moed niet op te geven, want al kun je de persoon met bps niet
veranderen, je kunt jezelf wel veranderen.
De grootste misvatting is dat menDoor je eigen gedrag te onderzoeken en je
sen met BPS nooit beter kunnen
manier van doen aan te passen, kun je uit de
worden, zelfs niet een beetje.
emotionele achtbaan stappen en je leven
weer in eigen hand nemen.