You are on page 1of 5

Hoofdstuk 4 De Eerste Wereldoorlog

§ 4.1 Aanleiding en oorzaken van de Eerste Wereldoorlog


- Kroonprins van Oostenrijk-Hongarije, Frans Ferdinand, en zijn vrouw Sophie komen in 1914
in Sarajevo. Gavrilo Princip schoot op het stel, hij wilde aandacht vestigen op zijn droom van
een Groot-Servië, ten koste van Oostenrijk-Hongarije. De moord was de aanleiding tot de
oorlog.

Stap voor stap


Oostenrijk-Hongarije dacht dat Servië erachter zat, uit angst voor een reactie van Rusland zocht O-H
steun bij Duitsland. Ze kregen hierop een ‘blanco cheque.’ Rusland zocht hulp bij Frankrijk en O-H
waarschuwde Servië. Tsaar Nicolaas II mobiliseerde meteen zijn legers. O-H en Duitsland verkeerden
in oorlog met Servië, Frankrijk, Rusland en Engeland.

Oorzaak I: Nationaliteitsprobleem en tegenstellingen in Oost-Europa


Minderheden met dezelfde cultuur wilden onafhankelijkheid dus Turkse Rijk, Rusland en O-H hadden
nationaliteitsproblemen. Serviërs kregen om 4 redenen steun van Rusland:
- Russische taal is ook Slavische taal
- Rusland was ook christelijk (orthodox)
- Concurrentie met O-H en Turkije op de Balkan en over de toegang tot de Zwarte Zee
- Frustratie over de Balkancrisis en de 2 Balkanoorlogen
Voor O-H gold het volgende:
- Afrekenen met zelfstandige Servië, o.a. uit angst voor Servische nationalisten in O-H
- Twist met Rusland over de Balkan uitvechten
- Voorkomen van uiteenvallen van het rijk, (Hongaars deel en Oostenrijks deel)

Oorzaak II: Modern imperialisme en nationalisme


Frans nationalisme werd versterkt na nederlaag in 1870.
De Turken beheersten een flink deel van het Midden-Oosten, maar werkelijk waren de Engelsen en
Fransen hier de baas. Het Suezkanaal was Brits bezit en Noord-Afrika was Spaans bezit.
In de 19e eeuw veroverden steeds meer Europese landen gebieden in Afrika en Azië, in race om
koloniën.  Gevoel dat Europese volkeren beter en beschaafder waren dan buiten Europa. Engeland
en Frankrijk vinden elkaar in de Triple Entente.
Modern imperialisme speelde ook grote rol:

Oorzaak III: Wapenwedloop en militarisme


Koloniën veroveren kan alleen met grote legers en goede marine.  Wapenwedloop
Duitsland gebruikte hun staal uit de nieuwe industrie voor moderne marineschepen, kanonnen en
vervoersmiddelen. Engelsen voerden de wapenwedloop ter zee (zeer sterke marine.) In 1906 kwam het
1e moderne Engelse slagschip: Dreadnought (onvernietigbaar) Al snel kwamen ook Duitse schepen
aan bod. Wapenwedloop tussen Duitsland en Engeland brak nu los.
Oplossing van kwetsbaarheid van grondsoldaten was het inzetten van kanonnen, deze werden steeds
krachtiger. Moesten per trein vervoerd worden, omdat ze te zwaar waren. Ook de aanleg van
spoorwegen kreeg een link met de wapenwedloop.
Rusland en Frankrijk verhoogden de uitgaven aan wapens met 80%, ze kozen voor lichte kanonnen en
snel inzetbare infanterie.
België bouwde forten langs de Maas en Sambre, om Franse en Duitse aanvallen te verdedigen.
MilitarismeMilitaire macht was belangrijk voor een land.

Oorzaak IV: De bondgenootschappen


Voor 1914 ontstonden de politieke verbonden Triple Entente en Triple Alliantie. De Geallieerden
(Engeland, Frankrijk en Rusland) en de Centralen (Duitsland, O-H en Turkije) stonden tegen over
elkaar.
Ook de bondgenootschappen van vóór de oorlog vormen een oorzaak van de oorlog.
Ene kant: handig, meteen hulp bij een aanval
Andere kant: als 1 van de coalitieleden aangevallen werd, moesten de anderen wel volgen.

Von Schlieffenplan en Plan XVII


Kaiser  Von Schlieffenplan uit: eerst afrekenen met Frankrijk en dan alle troepen naar het oosten om
Rusland aan te pakken.
Franse legercommandant Joffre  Plan XVII: val de Duitsers meteen aan en verleg zo de oorlog naar
Duits grondgebied door een snelle en grootschalige aanval via Elzas en Lotharingen. Zwakte 
Franse leger kon alleen maar aanvallen met lichte bewapening, vanwege de snelheid.

Internationale solidariteit?
Sociaaldemocratische partijen in Duitsland, Frankrijk en Engeland stemden voor oorlog 
nationalisme

§4.2 Verloop van de oorlog


Russische troepen drongen Pruisen binnen na de oorlogsverklaring van Duitsland (1 aug. 1914) De
Duitsers vielen via België Frankrijk aan. Een snelle korte oorlog en afgelopen zou het zijn. Omdat
Duitsland België aanviel, verklaarde Engeland ook de oorlog aan Berlijn.

Van Grote Oorlog tot wereldoorlog


Er werden vanuit Europa troepen overgebracht naar de koloniën. Er vochten Britse soldaten uit India
mee en Franse soldaten uit Senegal.
Australische en Canadese legereenheden kwamen uit de Engelse gebiedsdelen.
Buiten Europa werd ook gevochten: Engeland in Midden-Oosten <-> Turkije
De duikbotenoorlog verspreidde zich over bijna de hele wereldzeeën. De Amerikanen deden in 1917
ook mee en Japanse troepen in het Verre Oosten.  Wereldoorlog

Tweefrontenoorlog
De Duitse generaals waren in lijn met het Von Schlieffenplan op weg naar Parijs. Ze wilde eerst met
de Fransen aan het Westfront afrekenen. Doordat het een Tweefrontenoorlog, kwamen de Centralen er
midden in te zitten.
In het oosten vochten opperbevelhebber Von Hindenburg en generaal Ludendorff met de Russen: ze
verrasten de Russen bij het Oost-Pruisische Tannenberg (27-30 aug. 1914) Duitsers namen beslag op
meer dan 500 kanonnen van de Russen. Ook verloren zij bij de Masurische Meren.
In 1915 lag de Duits-Russische frontlinie al ver in Russisch grondgebied. Vanaf okt. 1914 mengden
ook de Turken zich in de strijd. Ze kregen 2 dreadnoughts van Duitsland en beschoten Odessa en
Sebastopol.  Rusland moest dus ook op Turkse aanvallen letten.
Franse generaal Joffre begon een tegenoffensief aan de rivier de Marne in Noord-Frankrijk en aan de
IJzer in België. In 1915 kwam de oorlog aan het Oost- en Westfront tot stilstand. (bron 6 blz. 41)
Het Westfront probeerde in 1916 een doorbraak te forceren Duitsers belegerden de vestingstad
Verdun voor 6 maanden. Hierna barstte de Slag aan de Somme los (veel doden.)

Oorlog en revolutie
Italië werd overgehaald om mee te doen aan de kant van de Geallieerden in 1915 en viel O-H aan.
Engelse geheime agenten stookten Arabieren en Turken tegen elkaar op minder troepen vrijmaken
voor de strijd in Europa.
Lenin kwam de revolutie tegen de tsaar leiden. Er brak een burgeroorlog uit tussen de Roden en meer
democratische en tsaargezinde Witten, terwijl het land nog steeds in oorlog was met de Duitsers. 
Koninklijke familie uitgemoord, Rusland gaf op. Bij de vrede van Brest-Litovisk stond Lenin een
groot deel van Europees-Rusland af.
Duitse troepen allemaal naar het Westfront, VS mengt zich in de strijd en Duitsland kon hier niet tegen
op. Eerste Wereldoorlog afgesloten met het Verdrag van Versailles in 1919.

§4.3 Oorlogsvoering
Totale oorlog
De Franse burgers werden direct bij de oorlog betrokken door de slag aan de Marne in 1914. Het
verschil tussen burger en militair vervaagde. Vrijwel heel Europa had 2 of 3 jarig dienstplicht. Ook
vrijwilligers trokken ten strijde. Bijv. bij het Vlaamse Ieper begonnen grote groepen Duitse
vrijwilligers een aanval. Doordat bij deze strijd het Britse beroepsleger halveerde, keerden ze terug en
kregen nieuwe vrijwilligers  menging beroeps en vrijwilligers  Britse burgers direct bij oorlog
betrokken.
De spoorwegen waren de belangrijkste transportmiddelen in de oorlog. Door de industriële revolutie
werd de vuurkracht ook steeds sterker. België en Frankrijk verdedigden zich door vestingen te
bouwen. Door de Duitse wapens werden deze allemaal vernietigd.

Loopgraven
Van de Kanaalkust tot de Zwitserse grens lagen loopgraven. WO I werd loopgravenoorlog. Vlaamse
loopgraven waren gemaakt van zandzakken en prikkeldraad. Onderling waren ze verbonden voor het
vervoer van munitie, voedsel en soldaten. Achter de loopgraven werden toevoerwegen en
telegraafpalen aangelegd.
De loopgravenoorlog liep vast  mitrailleurs en kanonnen maakten aanvallen vrijwel onmogelijk.
Officieren joegen hun soldaten allemaal de dood in door ze toch te laten aanvallen.

Vliegtuig en tank / Vlammenwerpers en gifgas / Zeeblokkade


Eerste werden vliegtuigen gebruikt voor verkenningsvluchten, later voor bombardementen.
Vliegeniers werden beroemde oorlogshelden. Later werden ook zeppelins gebruikt om steden aan te
vallen.
De Holt Caterpillar Tractor was een vlammenwerper en liep op rupsbanden, hij kon dwars door
prikkeldraad en had geen last van mitrailleurvuur en kon over loopgraven heen. Ze werden tanks
genoemd. Op 22 april 1915 kwam een nieuwe Duitse aanval op het gebied rond Ieper. Gifgas werd
hier gebruikt, wel afhankelijk van de windrichting.
De Engelse vloot hield de Duitse vloot vanaf het begin in eigen havens. Zo onderhielden de Engelsen
een zeeblokkade vanuit hun Schotse basis. Talloze duikboten maakten de zeeën onveilig.

§4.4 Economie en oorlog


Duitsland kwam in de problemen door de zeeblokkade, ze hadden weinig voorraden voedsel etc.
Daarom werd de hele economie in dienst gesteld van de oorlog, een oorlogseconomie. Ministeries,
grote bedrijven en vakbonden werkten samen onder visie van militairen.
Duitsland kreeg een geleide economie i.p.v. de vrij kapitalistische economie. Regeringen leenden
geld, de inflatie werd opgejaagd. Belastingen, rente en aflossingen gingen omhoog. De diensplicht
zorgde voor gebrek aan arbeiders. Arbeiders en technici die voor de oorlogsproductie nodig waren,
kregen vrijstelling van dienst of mochten niet als vrijwilliger meevechten.  Stimulering zware
industrie. Minder ontwikkelde landen zoals Servië, Rusland en Turkije hielden deze manier van
werken niet vol  invloed op hun succes in de oorlog.

Vrouwen
Bij het gebrek aan mannen, werden er steeds meer vrouwen ingezet. Veel gingen i.p.v. productiewerk,
verpleegkunde aan het front doen. Net als de Krimoorlog bevorderde WO I de vrouwenemancipatie
en de versnelde invoering van vrouwenkiesrecht.

Duikboten en schaarste
Een tekort aan grondstoffen en voedsel werd bevorderd door onbeperkte duikbotenoorlog. De
Geallieerde landen profiteerden van de deelname van de VS (1917) aan de oorlog. Export van wapens
en voedsel in de VS steeg enorm. Aan het einde van de oorlog hadden veel Europese landen schulden
aan de VS.

§4.5 Soldaten in de oorlog


De meeste boeken, verslagen etc. die na en tijdens de oorlog verschenen waren gekleurd: eigen leed
werd geëtaleerd. Na de oorlog sprak men van een ‘verloren generatie’, veel gesneuvelden in de oorlog.
In de loopgravenoorlog werden honderdduizenden soldaten gedood voor maar enkele honderd meter
terrein.
Bij de Slag aan de Somme (1916) ondernamen de Engelsen eerst een hevig bombardement over de
hoofden van de eigen infanterie heen. Omdat de infanterie te haastig was en onder vuur kwam te
liggen, ging het mis. De geallieerde soldaten liepen recht op het vuur af van de Duitsers of renden zich
vast in het prikkeldraad. Systematisch werden de gewonden afgevoerd uit de 1e linies. Van de
nattigheid in de loopgraven rotten je voeten, longontsteking, dysenterie en buikloop putten de soldaten
uit. Er werd veel zelfmoord gepleegd in die tijd. Veel veteranen bleven in tehuizen wonen, ze waren zó
verminkt, dat ze niet meer op straat durfden.

Gemotiveerd
Dat soldaten toch naar het front gingen, kwam vooral door het nationalisme en de theorie van Darwin.
De propaganda zei dat twijfel aan de oorlog, verraad was. Door al het militarisme ontstond er een
oorlogscultuur. Dit hield in: de vijand was zwart, eigen vaderland wit en alleen oorlog was een
oplossing.
De Fransen waren extra gemotiveerd vanwege hun nederlaag van Elzas en Lotharingen. Russen waren
vernederd door de snelle bezetting van het westelijk deel van hun land. Engelsen voelden zich
bedreigd in hun belangen op zee en in de kolonies.

Muiterij en revolutie
Muiterijen werden heviger naarmate de oorlog vorderde en de ellende aan het thuisfront toenam. De
Fransen soldaten staakten in 1917. Er werd verder weinig aan gedaan. Wegens muiterij en desertie
werden veel soldaten geëxecuteerd. In 1917 riepen de aanhangers van Lenin dat de soldaten moesten
ophouden met de oorlog. Toen de bolsjewisten o.l.v. Lenin en Trotzki aan de macht kwamen, streefde
Lenin naar een wapenstilstand.

§4.6 Burgers en oorlog


In het Westfront ontstond veel schade aan landschap, gebouwen, wegen en spoorwegen. Ieper werd
plat gebombardeerd. Toen Duitsland België binnenviel in 1914, waren de bruggen over de Maas al
gesaboteerd. Ze voerden executies uit onder de bevolking en brandden hele dorpen plat 
‘verkrachting van België’
Volgende de Geneefse Conventie (1864) en de Haagse Vredesconferenties (1899) waren dit
oorlogsmisdaden. Veel Belgen vluchtten Nederland in.

Gedwongen arbeid en schaarste / Rode Kruis


Burgers uit bezette landen werden gedwongen te werken. Zo kwamen Belgen, Russen, Serven en
Roemenen in Duitsland. Ze werden als slaven behandeld. Ook de honger zorgde voor veel zieken. Wat
er aan gezondheidszorg was, ging naar de frontlinies voor de gewonde soldaten. Toen kwam de
Spaanse griep. Het Amerikaanse leger nam deze ziekte mee naar Europa. De Spaanse pers maakte dit
als 1e bekend, daarom de Spaanse griep.
Het Rode Kruis, opgericht door Henri Dunant, werd een professionele organisatie. Vanuit Zwitserland
had het overal toegang. In 1917 kreeg het de Nobelprijs voor de Vrede.

§4.7 Pers en propaganda


Duitsland meende dat de oorlog tegen de Duitse cultuur was gericht. Ze zagen ook het gevaar van de
vrije pers. De kranten konden de publieke opinie sterk beïnvloeden. Journalisten pasten uit
vaderlandsliefde zelfcensuur toe. Ze wisten dat foto’s van gewonden niet goed waren. Brieven van
soldaten werden hierdoor een belangrijke bron. De brieven werden onder censuur geplaatst. Ze
vormden de basis voor de geruchten over de gruwelijkheden van de tegenstander.  Bevordering
agressieve oorlogscultuur. De Engelse propaganda richtte zich vooral op de Ieren.
De revolutie in Rusland zorgde voor de keuze: voor of tegen de tsaar, maar dan wel een tsaar die de
oorlog tegen Duitsland leidde. Je vijand haten werd normaal. Volgens sommige historici waren de
propaganda en de agressieve oorlogscultuur een oorzaak van de oorlog.
§4.8 Gevolgen van de oorlog
In november 1918 kwam er ook aan het Westfront een einde aan de oorlog. De Duitse keizer trad af en
de soldaten keerden terug naar huis. Militaire leiding en de keizer vonden het beter dat de nieuwe
regering van sociaaldemocraten en liberalen de overgave van Duitsland moesten regelen. Het leger
voelde zich verraden, alsof er een dolk in de rug gestoken werd dolkstootlegende

The winner takes it all


Woodrow Wilson, Amerikaanse president kwam in 1919 in Parijs. Hij had in zijn
veertienpuntenplan een vredesprogramma opgesteld. Democratie en zelfbeschikkingsrecht waren de
belangrijkste. Elk volk had hier recht op. Europese landen moesten onderlinge verdragen sluiten en er
zou een Volkenbond gesticht worden. Deze kon optreden als scheidsrechter tussen landen. Op 28 juni
1919 bij de Vrede van Versailles speelde de VS voor het eerst een belangrijke rol bij het regelen van
Europese zaken.
De Franse minister Georges Celemenceau eiste wraak. O-H en Turkije verloren en dankzij het
nationalisme vielen beide rijken uit elkaar. (bron 20)
Versailles had de minderhedenproblematiek niet opgelost. De conferentie in Versailles was een
overleg van de Geallieerden onderling. O-H en Duitsland, de verliezers, mochten niet meepraten. De
nieuwe Duitse Weimarrepubliek moest wel: Duitsland had zich overgegeven en stond alleen in de
internationale politiek. Uiteindelijk bezetten de Fransen het Ruhrgebied
(1923) en legden de zware industrie stil.
Duitsland erkende bij het Verdrag van Locarno (1925) uit vrije wil de opgelegde westgrenzen en met
Frankrijk en België sprak ze af dat ze elkaars grenzen respecteerden Weimarrepubliek telde weer
mee. Ze deed mee met het Briand Kellogg Pact (1928), waarin vele landen beloofden conflicten niet
meer door oorlog voeren op te lossen. Duitsland mocht ook lid worden van de Volkenbond.

Wonden likken of wraak nemen


Wilson keerde teleurgesteld terug. Amerika werd geen lid van de Volkenbond en trok zich terug.
Mening over oorlogvoeren was veranderd. Veel keerden zich tegen de oorlog  weinig militaire
dienst  pacifisme.
In 1922 werd in Den Haag een permanent Hof van Justitie opgericht om oorlogen te voorkomen.
Landen konden hier hun geschillen aan voorleggen.
Geallieerde soldaten graven wit kruis (goeden)
Centrale soldaten graven  zwart kruis (slechten)

Opnieuw: donkere wolken


Ultrarechtse groepen in Duitsland  tegen democratie, tegen Verdrag van Versailles, tegen
Weimarrepubliek. Regering waren verraders van het echte Duitsland. Hetzelfde geldt voor de grotere
conservatieve partijen.
In 1923 pleegde Hitler een staatsgreep, mislukt. Mein Kampf  nationaalsocialisme, heersende
ideologie na 1933 in Duitsland.
In de Sovjet-Unie kwam een totalitair systeem. Ook het communisme wil alleen zichzelf zaligmakend
en wil het in alle onderdelen van de maatschappij doordringen. Geen individuele vrijheid, vrije
verkiezingen, onderdrukking door politie en leger en volstrekt geen persvrijheid.
In Italië kwam een fascistische partij o.l.v. Benito Mussolini aan de macht.

Bladzijde 49, bron 20!!!