A

B
C
D
E
F
G
H
I
J
K
L
M
N
O
P
Q
R
S
T
U
V
W
X
Y
Z
==================================
een man
een vrouw
een jongen
een meisje
een tafel
een boek
mannen
vrouwen
jongens
meisjes
tafels
boeken
de man
de vrouw
de jongen
het meisje
het boek
de tafel
de mannen
de vrouwen
de jongens
de meisjes
de tafels
de boeken
=========================================
ik ben een man.
ik ben een vrouw.
ik ben een jongen.
ik ben een meisje.

. u u u u bent bent bent bent een man een vrouw een jongen een meisje hij iseen man zij is een vrouw hij is een jongen zij is een meisje wij zijn mannen wij zijn vrouwen wij zijn jongens wij zijn meisjes jullie jullie jullie jullie zijn zijn zijn zijn mannen vrouwen jongens meisjes zij zijn mannen zij zijn vrouwen zij zijn jongens zij zijn meisjes ====================================== ik heb een tafel. hij hij hij hij heeft heeft heeft heeft een tafel een boek tafels boeken zij zij zij zij heeft heeft heeft heeft een tafel een boek tafels boeken wij wij wij wij hebben hebben hebben hebben een tafel een boek tafels boeken.jij bent een man jij bent een vrouw jij bent een jongen jij bent een meisje. ik heb een boek ik heb tafels ik heb boeken jij jij jij jij u u u u hebt hebt hebt hebt hebt hebt hebt hebt een tafel een boek tafels boeken een tafel een boek tafels boeken.

ik ben geen meisje. u u u u bent bent bent bent een man een vrouw een jongen een meisje hij is geen man zij is geen vrouw hij is geen jongen zij is geen meisje wij zijn geenmannen wij zijn geenvrouwen wij zijn geen jongens wij zijn geen meisjes jullie jullie jullie jullie zijn zijn zijn zijn geen mannen geenvrouwen geen jongens geen meisjes zij zijn geen mannen zij zijn geen vrouwen zij zijn geen jongens zij zijn geen meisjes. ================================= ik heb geen tafel. zij hebben een tafel zij hebben een boek zij hebben tafels zij hebben boeken. ik heb geen boek ik heb geen tafels ik heb geen boeken jij jij jij jij u u u u hebt hebt hebt hebt hebt hebt hebt hebt geen geen geen geen geen geen geen geen tafel boek tafels boeken tafel boek tafels boeken. ik ben geen vrouw.jullie jullie jullie jullie hebben hebben hebben hebben een tafel een boek tafels boeken. . jij bent geen man jij bent geen vrouw jij bent geen jongen jij bent geen meisje. ik ben geen jongen. ===================================== ik ben geen man.

================================== ik heb tafels en zij heeft een boek. jouw huis. dit is niet mijn huis. dat zijn boeken. zijn boek. dat is geen jongen. . het is een tafel ========================================== onze tafel jouw auto zijn pen ons boek. de tafel is niet hier de boeken zijn hier maar de tafels zijn niet hier.hij hij hij hij heeft heeft heeft heeft geen geen geen geen tafel boek tafels boeken zij zij zij zij heeft heeft heeft heeft geen geen geen geen tafel boek tafels boeken wij wij wij wij hebben hebben hebben hebben jullie jullie jullie jullie geen geen geen geen hebben hebben hebben hebben tafel boek tafels boeken. Nu ik heb geen boek. wir hebben die tafels. zij hebben tafels en boeken. de meisjes waren hier. Ik heb mijn auto. deze bo eken ========================================= dit zijn geen tafels. dit meisje is niet hier. geen geen geen geen tafel boek tafels boeken. Het meisje was daar we zijn niet hier. dit is een meisje. het is geen boek. hij had een boek. ik heb deze tafel. wij hebben niet onze auto's mijn huis mijn tafels uw boeken. jij hebt een tafel of een boek. zij hebben geen tafel zij hebben geen boek zij hebben geen tafels zij hebben geen boeken. haar huizen hun pennen dit zijn onze boeken. ================================================ deze man die man dit boek is hier. dat boek die jongens zijn hier. Een tabel is niet hier.

24. 1. . 41. 32. 6. 12.haar huis. 28. 40. 18. 3. hij heeft zijn pennen. 23. 15. 16. 17. 33. 2. 25. 9. 31. 30. 34. 4. 37. 36. 13. 29. 38. 26. 21. ============================================== wie ben ik? wiens boek? waar is mijn huis? waar zijn de pennen? wat is dat? hoeveel jongens en hoeveel meisjes? waarom is de auto hier? welk meisje en welke jongen? ======================================== het getal de getallen Welk getal is dit? 0. 19. 8. 35. 27. 39. 7. 10. 22. 14. 20. 11. 5.

48. 80. 95. 56. 68. 62. 49. 63. 87. 85. 44. 97. 72. 50. 52. 45. 93. 67. 57. 53. 54. 84. 91. 46. 75. 61. 89. 64. 47. 96. 70. 66. 79. 200. 94. 59. 58. 83. 73. 88. 74. 81. 86. 99. 60. 55. 65. 69. . 78. 43. 76. 100. 77. 71. 92.42. 90. 51. 98. 82.

7000. 700. 2000000. 9000. 1000000.300. 800. 10000. 100000. 8000. 5000. 6000. 200000. 400. 900. 50000. ====================================== de dag de dagen de maand de maanden het jaar de jaren de week de weken de ochtend de middag de avond de nacht de middernacht de middag morgen vandaag gisteren overmorgen eergisteren het weekend de weekdagen maandag dinsdag woensdag donderdag vrijdag zaterdag zondag januari februari maart april mei juni juli augustus . 3000. 2000. 4000. 1000. 600. 500.

acht uur. Het is tien april. zes uur. . Het Het Het Het Het is is is is is vijf over één. drie uur. kwart over één. ======================================= de tijd de seconde het uur de minuut Hoe laat is het? Het Het Het Het Het Het Het Het Het Het Het is is is is is is is is is is is één uur.september oktober november december het seizoen de seizoenen de winter de lente het voorjaar de zomer de herfst het najaar welke dag is het vandaag? welke dag is het morgen? welke dag was het gisteren ? de richting de richtingen noord noord-oost oost zuid-oost zuid zuid-west west noord-west rechts links rechtdoor Welke datum is het vandaag? Het is zes maart. tien over één. tien uur. negen uur. twee uur. zeven uur. vijf uur. elf uur. vier uur. twintig over één vijfentwintig over één .

vijfentwintig voor twee. Het is middernacht. Het is half één. Het is twaalf uur 's middags. is. is tien voor twee. ========================================== het weer het weerbericht Wat voor weer is het vandaag? wat is het weerbericht? wat is de temperatuur? het is graden Celsius Het is koud Het is mooi Het is heet Het is helder Het is ijzig Het is warm Het is windig Het is bewolkt Het is vochtig Het is mistig Het sneeuwt Het regent Het vriest ====================================== de kleur de kleuren oranje roze paars blauw geel rood zwart bruin grijs wit groen zilver goud licht donker ==================================== soms altijd nooit dikwijls gewoonlijk nu en maar . Het is half één ('s middags).Het Het Het Het Het Het is half twee. is kwart voor twee. is . is vijf voor twee.twintig voor twee .

of zeer heel hier daar ook veel een ander al misschien ==================================== het land de landen de nationaliteit het continent Afrika Afrikaan Afrikaanse Amerika Amerikaan Amerikaanse Argentinië Argentijn Argentijnse Azië Aziaat Oostenrijk Oostenrijker Oostenrijkse België Belg Belgische Brazili Braziliaan Braziliaanse China Chinees Chinese Denemarken Deen Deense Engeland Engelsman Engelse Europa Europeaan Frankrijk Fransman Française Duitsland Duitser Duitse Griekenland Griek Griekse Holland Hollander Hollandse India .

Indir Indische Italië Italiaan Italiaanse Japan Japanner Japanse Nederland Nederlander Nederlandse Noorwegen Noor / Noorse Polen Pool / Poolse Portugal Portugees Portugese Rusland Rus Russin Spanje Spanjaard Spaanse Zweden Zweed Zweedse Zwitserland Zwitser Zwitserse Verenigde Staten Amerikaan Amerikaanse de taal de talen Engels Frans duits Spaans Italiaans Russisch japanse chinees Koreaans nederlands Arabisch ================================== goed slecht hoog kort rijk arm dik dun groot lang klein .

makkelijk moeilijk sterk zwak boos kalm gelukkig triest interessant vervelend intelligent dom zwaar grappig uitstekend hardwerkend yong oud nieuw hard zacht moedig verlegen groot eerlijk oneerlijk mooi lelijk knap lui gevaarlijk spraakzaam prachtig wreed moe hongerig dorstig gehuwd ongehuwd jaloers trots schoon vies duur goedkoop =========================== over in boven voor na zonder met door tegen achter sinds tussen van uit .

zij gaat naar new york.onder tot aan bij ver op ik kom uit nederland. =================================== .